CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

T21.02004 Bestemmingsplan, bijlagen deel 2

Gemeenteraad 30 september 2021, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan 'Woningbouwlocatie Treurniet' (zienswijzen in ibabs map persoonsgegevens)24.241 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Bestemmingsplan “Woningbouwlocatie Treurniet”

Bijlagenboek Deel B

30 september 2021

Vast te stellen

Deel B

Inhoudsopgave van het bijlagenboek

Deel A Bijlage 1

Stedenbouwkundig ambitiedocument, d.d. 28 januari 2014

Bijlage 2

Mer-aanmeldnotitie, Rho Adviseurs voor leefruimte, d.d. 19 april 2018

Bijlage 3

Mer-beslissing gemeente Lansingerland, d.d. 1 juni 2019

Bijlage 4

Schetsplan Locatie Treurniet, Van Wilsum Van Loon, d.d. 10 juli 2018

Bijlage 5

Memo omtrent paardenhouderij, DCMR, d.d. 18 juli 2018

Bijlage 6

Brief aan de commissie Ruimte, d.d. 18 september 2018

Bijlage 7

Duurzaamheidsmaatregelen, 13 december 2018

Bijlage 8

Aanvullend onderzoek veldinventarisatie vleermuizen en vogels, Adviesbureau Mertens, d.d. februari 2019

Bijlage 9

Akoestisch onderzoek, KuiperCompagnons, d.d. 2 maart 2020

Deel B Bijlage 10

Bezonningsstudie, KuiperCompagnons, d.d. 17 februari 2020

Bijlage 11

Bodemonderzoek, Van der Helm Milieubeheer, d.d. 21 augustus 2014 (incl.

Bijlage 12

Milieuonderzoek Slagerij de Rooij, KWA bedrijfsadviseurs, d.d 13 februari 2020

Bijlage 13

Integraal advies DCMR inzake milieuaspecten in het plan, d.d. 25 februari 2020

Bijlage 14

Geohydrologische studie Treurniet, Royal Haskoning , d.d. 17 februari 2020

Bijlage 15

Onderzoek stikstofdepositie, Rho Adviseurs voor de leefruimte, d.d. 24 oktober 2019, (inclusief oplegnotitie d.d. 12 april 2021)

Bijlage 16

Nota inspraak en overleg (incl. staat van wijzigingen)

Bijlage 17

Onderzoek afwatering hemelwater omgeving locatie Treurniet, Royal Haskoning, d.d. 20 oktober 2020

Bijlage 18

Contra-onderzoek: Invloed akoestisch ruimtebeslag Gildeslager Jan de Rooij op woningbouwlocatie Treurniet, Adromi Groep, d.d. 21 december 2020 (inclusief beoordeling DCMR)

Bijlage 19

Verkeersnotitie Berkel Centrum West, SWECO, d.d. 25 april 2018

Bijlage 20

Verkeersonderzoek Berkel Centrum Oost, Gemeente Lansingerland, d.d. 3 juli 2019

Bijlage 21

Nota van beantwoording zienswijzen (incl. staat van wijzigingen)

Bijlage 22

Vooroverlegreactie, zienswijze en toetsingsadvies Hoogheemraadschap van Delfland

oplegnotitie actualiserend onderzoek d.d. 16 april 2021)

Bijlage 10 Bezonningsstudie, KuiperCompagnons, d.d. 17 februari 2020

Bezonningsstudie Woningbouwlocatie Treurniet te Berkel en Rodenrijs d.d. 17 februari 2020 werknummer: 618.156.70

Colofon

1. Inleiding

Betreft Locatie

Bestemmingsplan “Woningbouwlocatie Treurniet”; bezonningsstudie Rodenrijseweg 7-9 te Berkel en Rodenrijs

Deze bezonningsstudie is opgesteld voor de te realiseren bebouwing aan de Rodenrijseweg te Berkel en Rodenrijs. Het doel van deze studie is het inzichtelijk maken van eventuele gewijzigde schaduwval in de omgeving ten gevolge van de toekomstige herontwikkeling van de Maalderij en twee nieuwe appartementengebouwen aan de Rodenrijseweg 7-9.

Werknummer

618.156.70

Projectleider Mevrouw J.M. Verweij Opgesteld door De heer T. van Westrenen Mevrouw F.M. Fresen Datum

17 februari 2020

2. Leeswijzer De bezonningsstudie start met deze inleiding, waarna in hoofdstuk twee de verschillende scenario’s worden besproken. Hoofdstuk 3 ziet vervolgens op de gehanteerde data. Vervolgens is in hoofdstuk 4 het juridisch kader en normstelling opgenomen. Hoofdstuk 5 is de bezonningsstudie, waarbij de twee verschillende scenario’s worden met elkaar worden vergeleken. Tot slot wordt in hoofdstuk 6 een korte conclusie gegeven. Scenario’s Om inzichtelijk te maken in hoeverre de herontwikkeling en de twee nieuwe appartementengebouwen tot eventuele schaduwhinder leiden, is deze bezonningsstudie opgesteld. In deze bezonningsstudie is een vergelijking gemaakt tussen twee scenario’s: 1. de vigerende situatie: het vigerend bestemmingsplan op basis van het optimaal benutten van de bouwmogelijkheden; 2. de bestaande situatie: de feitelijke bebouwing in de huidige situatie; 3. de nieuwe situatie: de toekomstige ontwikkeling van de Maalderij en de twee appartementengebouwen, op basis van het voorgestelde bestemmingsplan. Feitelijk gezien is in de bestaande situatie lager gebouwd dan de vigerende situatie toestaat.

Scenario 1 – vigerende situatie

Scenario 2 – feitelijke situatie

Scenario 3 – nieuwe situatie

Het eerste scenario gaat uit van hetgeen het vigerende bestemmingsplan maximaal toelaat. Twee ruime bouwvlakken (zie onderstaande afbeelding) zijn opgenomen, die geheel bebouwd kunnen worden. Door in deze bezonningsstudie beide bouwvlakken geheel te benutten, is uitgegaan van de maximale bouwmogelijkheden.

In het tweede scenario is de feitelijke, bestaande situatie opgenomen, waarbij niet volledig gebruik is gemaakt van de (maximale) planologische mogelijheden die het vigerende bestemmingsplan biedt. Het betreft de bestaande Maalderij met aangebouwen, de fabriek en de achtergelegen loods.

In het derde scenario is het voorgestelde bestemmingsplan opgenomen, dat is gebaseerd op het concept-bouwplan. Uit wordt gegaan van de optopping van de Maalderij aan de Rodenrijseweg met 2 bouwlagen, en de bouw van twee appartementencomplexen met 3 tot 4 bouwlagen aan de Laan van Romen.

Afbeeldingen: doorsnede feitelijke situatie: langs - dwars - gevelopbouw achterzijde

Afbeeldingen: doorsnede concept bouwplan: langs - dwars - gevelopbouw achterzijde

Op basis van de vigerende rechten is een maximale bouwhoogte van 19 meter voor het voorste deel langs de Rodenrijseweg mogelijk. Het achterste deel van het bouwvlak kent een maximale bouwhoogte van 8 meter.

Afbeelding: uitsnede bestemmingsplan: de twee bouwvlakken van de vigerende situatie aan de Rodenrijseweg 7-9

3. Data De bezonningsstudie bestaat uit afbeeldingen waarbij de schaduw veroorzaakt door de bebouwing aan de Rodenrijseweg 7-9 geprojecteerd wordt op de woningen en tuinen in de omgeving. In de afbeeldingen is de planologische situatie rood gekleurd, de bestaande situatie wit, en zijn de Maalderij en de appartementengebouwen in de nieuwe situatie geel gekleurd. In bijlage 1 behorende bij deze bezonningsstudie zijn de afbeeldingen opgenomen op de maatgevende dag, namelijk 19 februari. De afbeeldingen zijn opgenomen voor de volgende tijdstippen: 7:52, 8:21, 8:51, 10:06, 10:51, 11:21, 12:36, 13:21, 13:51, 15:06, 16:21 en 17:36 uur.

4. Juridisch kader en normstelling Met betrekking tot de juridische aspecten in relatie tot de bezonningsstudie kan het volgende worden vermeld. Er wordt onderscheid gemaakt tussen bezonning en daglichttoetreding. Bezonning is het rechtstreeks opvallende zonlicht. Daglicht is het geheel van zonlicht, zowel rechtstreeks, diffuus als gereflecteerd. In relatie tot bezonning geldt geen wettelijke normstelling. Door de vijf grootste gemeenten (Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht en Eindhoven) wordt echter regelmatig overlegd over dit onderwerp. Er is een criterium opgesteld, welke als volgt luidt: ‘Ten minste twee mogelijke bezonningsuren per dag voor de gevels van woningen, in de periode van 19 februari tot 21 oktober’. Deze norm wordt ook wel de ‘lichte TNO-norm ‘genoemd. 19 februari is daarbij maatgevend; als op deze dag aan de norm wordt voldaan, zal dat ook in de overige maanden (tot en met 21 oktober) het geval zijn. De ‘zware TNO-norm’, die in principe zelden wordt gehanteerd, gaat uit van het volgende: ‘Ten minste drie mogelijke bezonningsuren per dag voor de gevels van woningen, in de periode van 21 januari tot 22 november’. Dit houdt in dat ramen direct beschenen dienen te worden door zonlicht.

5. De bezonningsstudie In dit hoofdstuk worden de scenario’s uit hoofdstuk 2 en de data uit hoofdstuk 3 gebruikt. Voor de data is de schaduwwerking op de maatgevende dag, namelijk 19 februari, inzichtelijk gemaakt. Op alle overige dagen in het jaar zal de schaduwwerking beperkter zijn dan in dit rapport is geconcludeerd. De uitgebreide bijbehorende afbeeldingen worden op de volgende pagina’s weergegeven.

6. Conclusies Huidige mogelijkheden planologische situatie ten opzichte van het voorgestelde bestemmingsplan Volgens de ‘Lichte TNO-norm’ dient er minimaal 2 uur direct zonlicht te vallen op de gevels van woningen op de maatgevende kalenderdag 19 februari. De bezonning is hier beoordeeld voor deze datum alleen. Zouden we de bezonning in de hoogzomer beoordelen dan werpt de Treurniet-locatie in de ochtend tot een uur of 10 schaduw op de naastgelegen panden ten zuidwesten. Hier wordt de bezonning door het lagere bouwvolume in het nieuwe bestemmingsplan een stuk gunstiger. Roderijsenweg 11 kan al om 07:00 uur in de zon komen te liggen. In dit onderzoek behandelen we echter zoals aangegeven de meer maatgevende wintersituatie van 19 februari. De zon komt 19 februari om 07:51 uur op in het zuidoosten en werpt zijn schaduw naar het noordwesten. De schaduw van de Treurniet-locatie valt in de vroege ochtend tot 10:00 uur op de woningen ten zuiden en zuidwesten.

In de toekomstige situatie is dit al vanaf 09:00 uur niet meer het geval. Dit betekent dat Roderijseweg 9 en 11 (positie A) in de toekomstige situatie meer direct zonlicht kunnen verwachten dan in de huidige situatie. De woningen ten noordwesten, aan de Warmoezerij 82-92 (positie B) ondervinden geen veranderingen in de schaduwwerking als gevolg van de gewijzigde stedenbouwkundige invulling van de Treurniet-locatie. Richting het noordwesten wordt in de ochtend een schaduw geworpen op de bebouwing aan de overkant van het water. Dit betreft met name het pand van Gemeentewerf 1 (positie C). Voor dit pand hebben we voor de duidelijkheid het model ook voorzien van zijn gevelopeningen. In de huidige situatie ontvangt dit pand van 9:36u tot 11:51u schaduw van de bebouwing op de Treurniet-locatie. Kijken we vervolgens naar de nieuwe situatie, dan valt dit pand een kwartier langer in de schaduw: tot 12:06 uur. De zon draait drie uur later om 15:06 weg van deze gevel. Zowel in de bestaande als nieuwe situatie wordt voor Gemeentewerf 1 voldaan aan de ‘Lichte TNO norm’. Richting het noordoosten valt de schaduw vanaf 14:51 uur op de gevel van het wooncomplex aan de Terpstraat (positie D). Dit gebouw is doorlopend tot zonsondergang in meer of mindere mate beschaduwd.

Het nieuwe bestemmingsplan werpt minder schaduw op deze locatie omdat het hoge gebouwvolume, met een hoogte van 19 meter, een belangrijk deel kleiner is geworden. Dit pand ontvangt ruim meer dan het minimum van 2 uur direct zonlicht per dag; namelijk ca. 6 uur. De woningen ten zuidoosten aan de Willem-Alexanderlaan (positie E) ondervinden helemaal geen schaduw als gevolg van de Treurniet-locatie. Voor het pand van Slagerij De Rooij, Roderijseweg 5, direct ten noorden van de Treurniet-locatie (positie F), geldt dat deze in de huidige situatie zeer ongunstig is gelegen en vrijwel de gehele dag in de schaduw van de Maalderij ligt. In het nieuwe plan krijgt deze locatie meer zon. Echter betreft het hier geen woonbestemming en valt in het kader van de bezonning om deze reden buiten de beoordeling. Feitelijke situatie ten opzichte van het voorgestelde bestemmingsplan Hoewel juridisch gezien de maximaal planologische mogelijkheden relevant zijn, is het voor de bewoners in de directe omgeving van de Treurniet-locatie ook relevant om de feitelijke, bestaande situatie te vergelijken met de maximale bebouwingsmogelijkheden die het voorgestelde bestemmingsplan biedt. De navolgende conclusies vergelijken de bezonning in de bestaande situatie met de situatie wanneer de volledige bebouwingsmogelijkheden van het voorgestelde bestemmingsplan worden benut.

De conclusies zijn getrokken voor verschillende ‘posities’ van woningen in de omgeving, zoals aangegeven in de afbeeldingen op de rechterpagina. Daarbij dient te worden opgemerkt dat de schaduwwerking hierbij worst-case inzichtelijk is gemaakt (zie paragraaf 5). Positie A: Rodenrijseweg 9-11 Deze panden gaan er in de nieuwe situatie niet op achteruit. Sloop van bestaande opstallen op de Treurniet-locatie zal zorgen voor meer zon op de gevel en de kavels van Roderijsenweg 9-11. Al vroeg op de dag, om 09:06 uur, ontvangen deze adressen geen schaduw meer van de nieuwbouw of bestaande bouw. Ook in de namiddag treden geen verschillen op. Positie B: Warmoezerij 82-92 Deze woningen liggen op ongeveer 50 meter afstand van de bouwlocatie en liggen vroeg op de dag in de schaduw van de Treurniet-locatie. In de huidige situatie is om 09:51 uur die schaduw weggedraaid. In de toekomstige situatie is deze schaduw om ongeveer 10:10 weggedraaid. Dit betekent een afname van circa 20 minuten aan mogelijke zoninval. Deze woningen vangen op de achtergevels ongeveer 5 uur zon in de nieuwe situatie, veel meer dan het minimum van 2 uur zoals gesteld in de ‘lichte norm’.

Positie C: Gemeentewerf 1 In de huidige situatie is de zuid-oostgevel door schaduw belemmerd van 10:06 tot 11:36, dit is anderhalf uur lang en in de toekomstige situatie is dit van 10:06 tot 12:10; Ruim een half uur langer schaduw, in plaats van een kwartier als de planologische situaties met elkaar worden vergeleken. Voor dit adres betekent dit op 19 februari, dat de nieuwe situatie circa 5 mogelijke bezonningsuren krijgt, in plaats van 5,5 uur mogelijke bezonningsuren in de feitelijke situatie. Dit is wel nog ruim meer dan het minimum van 2 uur zoals gesteld in de lichte TNO norm. Positie D: Wooncomplex Terpstraat Dit woonblok ontvangt in de nieuwe situatie vanaf 14:51 uur schaduw. Dit is een half uur eerder dan in de huidige situatie. Tot zonsondergang ontvangt dit complex vervolgens schaduw van zowel bestaande als nieuwe bebouwing op de Treurniet-locatie. Dit gebouw ondervindt op de zuidwestgevels een mogelijke verminderde zoninval van 5,5 uur in de bestaande situatie, naar 5 uur in de nieuwe situatie. Fragmentarische bezonning na 14:51 is daarbij buiten beschouwing gelaten.

Afbeelding: 3D model feitelijke, bestaande situatie

Legenda Positie A - Rodenrijseweg 9-11 Positie B - De Warmoezerij 82-92 Positie C - Gemeentewerf 1 Positie D - Wooncomplex Terpstraat Positie E - Willem-Alexanderlaan 2-12 Positie F - Rodenrijseweg 5, Slagerij Jan de Rooij

Positie E: Willem-Alexanderlaan 2-12 De woningen ten zuidoosten aan de Willem-Alexanderlaan ondervinden geen schaduw als gevolg van de Treurnietlocatie. Er vindt geen verandering plaats in de zonuren. Positie F: Rodenrijsenweg 5. Slagerij Jan de Rooij Dit betreft een winkelfunctie en valt voor deze rapportage daarom buiten beschouwing. Echter, als we naar de nieuwe situatie kijken, blijken de panden op deze plek meer zon te ontvangen door de sloop van diverse opstallen op de Treurniet-locatie.

Afbeelding: maximale bebouwingsmogelijkheden voorgesteld bestemmingsplan

UTC+1, 8:51

UTC+1, 8:21

UTC+1, 07:51

Vigerende situatie

Feitelijke situatie

Toekomstige situatie

UTC+1, 11:21

UTC+1, 10:36

UTC+1, 10:06

Vigerende situatie

Feitelijke situatie

Toekomstige situatie

UTC+1, 13:51

UTC+1, 13:21

UTC+1, 12:36

Vigerende situatie

Feitelijke situatie

Toekomstige situatie

UTC+1, 17:36

UTC+1, 16:21

UTC+1, 15:06

Vigerende situatie

Feitelijke situatie

Toekomstige situatie

Bijlage 11 Bodemonderzoek, Van der Helm Milieubeheer, d.d. 21 augustus 2014 Oplegnotitie actualiserend onderzoek, Van der Helm Milieubeheer, d.d. april 2021

VanderHelm Milieubeheer B.V. Nobelsingel 2 2652 XA Berkel en Rodenrijs

Treurniet Wonen B.V. t.a.v. de heer N. Treurniet Buitenhavenweg 132 3113 BE SCHIEDAM

Onze referentie: Betreft: Datum: Behandeld door:

T 010 249 24 60 F 010 249 24 70 I www.vdhelm.nl E info@vdhelm.nl BIC RABONL2U IBAN NL56 RABO 0354 4306 45 K.v.K. 27233428 B.T.W. nr. NL8009.49.481.B01

PRBE20210511 Oplegnotitie actualiserend vooronderzoek 16 april 2021 Ing. A.A. Heijboer

Geachte heer Treurniet, Hierbij ontvangt u onze oplegnotitie actualiserend vooronderzoek betreffende het terrein aan de Rodenrijseweg 7-9 te Berkel en Rodenrijs. Tenzij anders door u aangegeven, worden geen rapporten verzonden aan derden.

Kwaliteitsborging Onderhavig onderzoek is uitgevoerd in overeenstemming met het kwaliteitssysteem van VanderHelm Milieubeheer B.V. Dit kwaliteitssysteem is gecertificeerd conform de norm ISO 9001:2015. VanderHelm Milieubeheer B.V. heeft geen financiële en/of juridische belangen bij onderhavige onderzoekslocatie. Meest recente bodemonderzoek In 2014 is op de locatie een verkennend milieukundig bodemonderzoek uitgevoerd (VanderHelm Milieubeheer B.V. met kenmerk TRBE140498, d.d. 21-8-2014). Het vooronderzoek (wat onderdeel is van het verkennend onderzoek) is uitgevoerd conform de NEN 5725 en het verkennend milieukundig bodemonderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5740.

Oplegnotitie actualiserend vooronderzoek Rodenrijseweg 7-9 te Berkel en Rodenrijs Projectcode: PRBE20210511

1

M I L I E U B E H E E R

Aanleiding en doelstelling Aanleiding tot onderhavige werkzaamheden is de voorgenomen herinrichting (van huidige situatie naar woningbouw). De doelstelling van onderhavig onderzoek is het actualiseren het in 2014 uitgevoerde vooronderzoek alsmede het inzichtelijk maken van de benodigde milieuhygiënische stappen om de locatie geschikt te maken voor de voorgenomen woningbouw incl. onderkeldering.

Actualisatie vooronderzoek Ten behoeve de actualisatie van het vooronderzoek (zie hoofdstuk 2 van het verkennend milieukundig bodemonderzoek (VanderHelm Milieubeheer B.V. met kenmerk TRBE140498, d.d. 21-8-2014)) zijn onderstaande bronnen (opnieuw) geraadpleegd. Indien relevant zijn wijzigingen weergegeven. Tabel 1: Actualisatie vooronderzoek Onderwerp

April 2014

April 2021

Beschrijving locatie

De onderzoekslocatie bestaat uit diverse fabriekshallen, een kantoor en een winkel. Inpandig is de locatie voorzien van betonvloeren. Het buitenterrein is verhard met stelconplaten en klinkers. Ten noordwesten van de onderzoekslocatie bevindt zich de Rodenrijseweg en hierna de Rodenrijse Vaart, ten noordoosten de Laan van Romen, ten zuiden en ten westen bevinden zich woningen. Tijdens de locatie-inspectie zijn op het maaiveld geen verdachte plekken, zoals verzakkingen, ophogingen, verkleuringen (inclusief olie-water reacties), brandplekken, zichtbare bijmengingen en/of asbestverdachte materialen geconstateerd.

Er zijn geen relevante wijzigingen die een invloed hebben (gehad) op de bodemkwaliteit.

Historische kaarten

Ten behoeve van het historisch onderzoek zijn de onderstaande historische kaarten geraadpleegd, daarbij is onder andere aandacht besteed aan de bestemming, (eventuele) aanwezigheid van (gedempte) watergangen, opstallen en toegangswegen. Op kaarten uit 1904, 1939, 1968 en 1981 is te zien dat ter plaatse van de onderzoekslocatie langs de Rodenrijseweg bebouwing staat. Dit betreft grotendeels de huidige situatie.

Er zijn geen relevante wijzigingen die een invloed hebben (gehad) op de bodemkwaliteit.

Informatie eigenaar

Treurniet Mengvoeders B.V. is sinds 1903 gevestigd aan de Rodenrijseweg. In 1931 werd een deel van de huidige opzet, kantoor en fabriek, opgeleverd. In 1967 is een tweede fabriek gebouwd. De bedrijfsactiviteiten bestaan momenteel uit de opslag van en in het verleden uit het fabriceren van diermengvoeders. Op de locatie worden diverse grondstoffen en eindproducten opgeslagen. Op het buitenterrein bevindt zich een weegbrug, een afgifte pomp en inpandige opslag van olie. In het verleden zijn er op de locatie twee branders en een bovengrondse olietank aanwezig geweest. In het verleden zijn de garageboxen welke achter het kantoorpand waren gesitueerd gesloopt en zijn de asbesthoudend platen vermoedelijk onder de klinkerverharding begraven. Uit de door de opdrachtgever aangeleverde rapportage van een eerder uitgevoerd bodemonderzoek (uitgevoerd door BMA Milieu met als kenmerk NEN.20040010, d.d. 17 juni 2014) blijkt dat verdeeld over de onderzoekslocatie matige tot sterke verontreinigingen zijn aangetroffen met koper, lood, zink, PAK en minerale olie.

Over de periode na 2014 geeft de opdrachtgever de volgende informatie: ‘In 2013 zijn 2 sojaolietanks en 1 dieselolietank verwijderd. Hierover is DCMR in januari 2018 geïnformeerd. Tevens is DCMR op de hoogte gebracht van het energieverbruik. In oktober 2018 is bij DCMR een verzoek ingediend om de milieuvergunning voor het produceren van diervoeders in te trekken, wat in juli 2019 is gebeurd. In deze periode tussen 2014 en 2021 hebben uitsluitend handelsactiviteiten plaatsgevonden in onze opslagloodsen nabij de weegbrug. Deze activiteiten betreffen groothandelen kleinhandel. De groothandel betreft vooral bulktransport, waarvan onze Treurniet producten met onze specifieke samenstellingen, meteen van de productielocatie De Samenwerking in Haastrecht direct naar de bulkklant wordt bezorgd. Er worden wekelijks 2 à 3 vrachten stukgoederen/zakgoed bij onze klanten bezorgd, dit betreft een mengeling van groot- en kleinhandel. Deze auto heeft een Kooiaap. In de fabriek, waar we vroeger produceerden, gebeurt in feite niets. Soms worden er machines weg gesloopt. Ik heb er wel veel rondleidingen/presentaties gegeven’. Er hebben geen incidenten plaatsgevonden. De bedrijfsactiviteiten in de periode 2014-2021 hebben geen (negatieve) invloed gehad op de bodemkwaliteit van de locatie.

Oplegnotitie actualiserend vooronderzoek Rodenrijseweg 7-9 te Berkel en Rodenrijs Projectcode: PRBE20210511

2

Onderwerp Informatie gemeente Lansingerland

April 2014

April 2021

Uit de Bodemkwaliteitskaart (3B-gemeenten, CSO, 04.K030, 07-06-2005) blijkt dat de onderzoekslocatie is gelegen in Zone 1. Zone 1 wordt gekenmerkt door de oude lintbebouwing. De menselijke activiteiten concentreerden zich tot circa 1930 in deze gebieden. Het gebied wordt gekenmerkt door een ‘willekeurige’ afwisseling tussen woonbebouwing en bedrijvigheid. Het gebied is nooit integraal opgehoogd. Als gevolg van de langdurige menselijke activiteiten komen matig verhoogde gehalten van metalen voor. Deze zone kenmerkt zich door een hoge variabiliteit in gehalten.

Volgens de Bodemkwaliteitskaart (gemeente Lansingerland, CSO, 11.K088, 11-07-2013) is de onderzoekslocatie gelegen in deelgebied (Lint)bebouwing voor 1930. De bodemkwaliteitszone van de bovengrond (00,5 m-mv) betreft B1 Lintbebouwing en bedrijven en de bodemkwaliteitszone van de ondergrond (0,5-2,0 m-mv) betreft O4 Lintbebouwing en bedrijven. Volgens de bodemfunctieklassenkaart is de onderzoekslocatie gelegen in functieklasse Wonen. Volgens de ontgravingskaart bovengrond (0-0,5 m-mv) is de ontgravingsklasse van de bovengrond klasse Industrie en volgens de ontgravingskaart ondergrond (0,5-2,0 m-mv) is de ontgravingsklasse van de ondergrond klasse Wonen. Volgens de toepassingskaart bovengrond (0-0,5 m-mv) is de toepassingsklasse van de bovengrond klasse Wonen en volgens de toepassingskaart ondergrond (0,5-2,0 m-mv) is de toepassingsklasse van de ondergrond eveneens klasse Wonen.

Oplegnotitie actualiserend vooronderzoek Rodenrijseweg 7-9 te Berkel en Rodenrijs Projectcode: PRBE20210511

3

Onderwerp

April 2014

April 2021

Bodemloket

Op en in de directe omgeving van de onderzoekslocatie zijn de volgende bodemonderzoeken uitgevoerd: Nulsituatieonderzoek (Mol, 03824B, d.d. 25 juni 2001): Op twee van de onderzochte deellocaties zijn concentraties aangetroffen boven de tussenwaarde; ter plaatse van de aanwezige en voormalige afgifte pomp is in de ondergrond zintuiglijk minerale olie waargenomen en is analytisch een sterke verontreiniging met minerale olie aangetoond. Ter plaatse van de voormalige brander is in de grond een matig verhoogd gehalte koper aangetoond. Verder zijn er maximaal lichte verontreinigingen aangetroffen in de grond en in het grondwater. Historisch onderzoek Rodenrijseweg 5 t/m 43 (BMA Milieu, Hist.20030194, d.d. 12-11-2003): Uit het historisch onderzoek blijkt dat de bedrijfsactiviteiten bestaan uit het fabriceren van menvoeders. Er worden op de locatie diverse grondstoffen en eindproducten opgeslagen. Buiten bevindt zich een weegbrug. Tevens bevinden zich op de locatie; een bovengrondse HBO-tank in lekbak. In het verleden was hier een ondergrondse olietank aanwezig; huidige en voormalige afgifte pomp; inpandige opslag van olie; twee voormalige branders (locatie niet duidelijk). Verkennend onderzoek (BMA Milieu, NEN.200440010, d.d.

17-06-2004): Tijdens het onderzoek van zijn op drie plaatsen concentraties aangetroffen boven de tussenwaarde (voor situatietekening zie bijlage 1); ter plaatse van boring 9 is een sterke verontreiniging met PAK aangetroffen in het traject 0,7 - 1,0 m-mv (in een puin- en slakkenhoudende grondlaag); ter plaatse van boring Pb 10 is een matige verontreiniging met koper en lood geconstateerd in het traject 0,5 - 0,9 m-mv (in een sterk puinhoudende grondlaag); ter plaatse van boring Pb 2 is een matige verontreiniging met lood en zink geconstateerd in het traject 0,5 - 0,8 m-mv (in een matig koolashoudende grondlaag). Verder zijn in relatief veel boringen (1 - 6, 9 - 11, 19, 22, 23, 24) bodemvreemde bijmengingen aangetroffen (met name puin/koolas). Deze zijn niet allemaal geanalyseerd dus waarschijnlijk zijn meer locaties matig tot sterk verontreinigd met zware metalen en PAK. Ter plaatse van en rondom boring 4 is zintuiglijk olie waargenomen in het opgeboorde materiaal. Analytisch is maximaal een lichte verontreiniging met olie geconstateerd ter plaatse van deze zintuiglijke olieverontreiniging. Verder is het grondwater maximaal licht verontreinigd. Provincie Zuid-Holland heeft het onderzoek, in het kader van de BSB-operatie, beoordeeld (kenmerk 20724610, d.d. 26-06-2008).

Met het toenmalige gebruik van de locatie zijn er naar verwachting geen actuele risico's als gevolg van de verontreiniging. Een eventuele spoedige bodemsanering om reden van gezondheid van mens of aantasting van milieu is niet aan de orde. Het nader onderzoek kan op een later moment worden uitgevoerd, samen met andere werkzaamheden op of in de grond.

Op bodemloket zijn van de locatie geen gegevens meer beschikbaar.

Oplegnotitie actualiserend vooronderzoek Rodenrijseweg 7-9 te Berkel en Rodenrijs Projectcode: PRBE20210511

4

Onderwerp

April 2014

April 2021

DCMR

Op dcmr.gisinternet.nl zijn de volgende bodemonderzoeksrapporten bekend: Mol (2001) BMA (2003) BMA (2004) VanderHelm (2014) Al deze onderzoeken worden in onderhavige rapportage beschreven. Tevens is het eerdergenoemde besluit van de Provincie Zuid-Holland uit 2008 bekend. Daarnaast wordt aangegeven dat er meerdere bovengrondse tanks aanwezig zijn: 10.000 liter - overig 7.500 liter - diesel 6.000 liter - overig 10.000 liter - overig 40.000 liter - overig Verder wordt melding gemaakt van een Intrekkingsbesluit omgevingsvergunning (12-72019).

Wetgeving

Sinds 2 juli 2020 zijn de landelijke richtlijnen met betrekking tot maximale gehalten PFAS in toe te passen grond opnieuw vastgesteld. Het is de plicht van de toepasser van grond- of baggerspecie om aan te tonen dat de toe te passen grond of baggerspecie aan deze normen voldoet. Op basis van beschikbare data in het archief van VanderHelm Milieubeheer B.V. en het feit dat de locatie al jaren lang verhard en bebouwd is, wordt verwacht dat de concentraties PFAS op onderhavige locatie voldoen aan de normen voor de functieklasse Wonen.

Conclusie Geconcludeerd wordt dat op basis van de uitgevoerde actualisatie er geen redenen zijn om aan te nemen dat een verslechtering heeft plaatsgevonden van de bodemkwaliteit in de periode 2014 - 2021. Milieuhygiënische vervolgstappen In het kader van de voorgenomen herinrichting van de locatie dient, zoals ook aangegeven in het bodemrapport, nog nader onderzoek te worden uitgevoerd naar de eerder aangetroffen verontreinigingen met PAK en zware metalen in de grond en naar de aanwezigheid van asbest in de grond middels het graven van proefsleuven. Daarnaast wordt aanbevolen het verwijderen van de voormalige (diesel)tanks nogmaals aan DCMR door te geven. Dit rapport mag uitsluitend in haar geheel worden vermenigvuldigd of aan derden verstrekt. Wij gaan er vanuit u hiermee van dienst te zijn geweest. VanderHelm Milieubeheer B.V. Berkel en Rodenrijs, 16 april 2021

Ing. A.A. Heijboer

Oplegnotitie actualiserend vooronderzoek Rodenrijseweg 7-9 te Berkel en Rodenrijs Projectcode: PRBE20210511

5

VERKENNEND MILIEUKUNDIG BODEMONDERZOEK AAN DE RODENRIJSEWEG 7/9 TE BERKEL EN RODENRIJS

Opdrachtgever: Plaats:

Treurniet Mengvoeders B.V. Berkel en Rodenrijs

Adviesbureau: Plaats:

VanderHelm Milieubeheer B.V. Berkel en Rodenrijs

Projectcode:

Versie

Definitief

Datum

21-08-2014

Verantwoording

Projectleider

Dhr. M.H.A. den Duijn

Kwaliteitscontrole

Dhr. Ir. H.P.A. van Koppen

Teamleider

Dhr. Ing. A.A. Heijboer

TRBE140498

INHOUDSOPGAVE

1. INLEIDING.......................................................................................................................................... 3 2. VOORONDERZOEK .......................................................................................................................... 5 2.1 HUIDIGE SITUATIE ............................................................................................................................... 5 2.2 HISTORISCH ONDERZOEK .................................................................................................................... 6 2.3 GEOLOGIE EN HYDROLOGIE ................................................................................................................ 7 3. HYPOTHESE ..................................................................................................................................... 8 4. VELDONDERZOEK ........................................................................................................................... 9 4.1 AANPAK EN UITVOERING ..................................................................................................................... 9 4.2 BESPREKING VAN WAARNEMINGEN TIJDENS HET VELDWERK................................................................. 9 5.

LABORATORIUMONDERZOEK EN TOETSING ............................................................................ 11 5.1 TOETSINGSCRITERIA ......................................................................................................................... 11 5.2 GETOETSTE ANALYSERESULTATEN .................................................................................................... 11 6. EVALUATIE ONDERZOEKSRESULTATEN ................................................................................... 13 7. CONCLUSIES, AANBEVELINGEN EN OPMERKINGEN ............................................................... 14 LITERATUURLIJST

BIJLAGEN: 1. INFORMATIE VOORONDERZOEK 2. VELDWAARNEMINGEN 2. BOORPROFIELEN 2B. FOTOGRAFISCHE WEERGAVE 3. PARAMETERS 4. RESULTATEN ANALYSES 5. TOETSINGSTABELLEN ANALYSERESULTATEN 5A. TOETSINGSTABELLEN ANALYSERESULTATEN GROND(WATER)MONSTERS 6. LOKALE SITUATIEKAART SITUATIESCHETS TERREIN 7.

Verkennend milieukundig bodemonderzoek Rodenrijseweg 7/9 te Berkel en Rodenrijs Projectcode: TRBE140498

2

1. INLEIDING VanderHelm Milieubeheer B.V. te Berkel en Rodenrijs heeft van de heer Treurniet, namens Treurniet Mengvoeders, de opdracht ontvangen voor het uitvoeren van een verkennend milieukundig bodemonderzoek op de locatie aan de Rodenrijseweg 7/9 te Berkel en Rodenrijs. Aanleiding: Aanleiding tot dit onderzoek is de voorgenomen eigendomsoverdracht van de onderzoekslocatie. Doelstelling: Doelstelling van het onderzoek is het, middels een steekproef, bepalen van de algemene bodemkwaliteit met het oog op de voorgenomen eigendomsoverdracht. Kwaliteitsborging Onderhavig onderzoek is uitgevoerd in overeenstemming met het kwaliteitssysteem van VanderHelm Milieubeheer B.V. Dit kwaliteitssysteem is door Lloyd’s Register Quality Assurance gecertificeerd conform de norm ISO 9001:2008. De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd onder certificaat van de BRL SIKB 2000 (Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem en waterbodemonderzoek) en de huidige versie van de Protocollen 2001 (Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen) en 2002 (het nemen van grondwatermonsters. VanderHelm Milieubeheer B.V. is voor deze beoordelingsrichtlijn gecertificeerd door Lloyd’s Register Quality Assurance onder nummer 660770 en erkend door Agentschap NL. Het bodemonderzoek is verricht op basis van de NEN 5740.

Het vooronderzoek is conform de NEN 5725 uitgevoerd. Het laboratoriumonderzoek is uitgevoerd door ALcontrol Laboratories te Rotterdam. ALcontrol is geaccrediteerd volgens de door de Raad voor Accreditatie gestelde criteria voor testlaboratoria conform NEN-EN-ISO/IEC 17025:2005 onder nummer L028. Met deze kwaliteitsborging in de vorm van parafering op de eerste pagina van deze rapportage, verklaart de projectleider dat alle medewerkers de kritische functies ‘veldwerkzaamheden’ en ‘monstername’ onafhankelijk van de opdrachtgever hebben uitgevoerd conform de eisen van de BRL SIKB 2000 (Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem en waterbodemonderzoek). VanderHelm Milieubeheer B.V. heeft geen financiële en/of juridische belangen bij de onderzoekslocatie van dit project.

Verkennend milieukundig bodemonderzoek Rodenrijseweg 7/9 te Berkel en Rodenrijs Projectcode: TRBE140498

3

Leeswijzer De rapportage is verder opgebouwd uit de volgende hoofdstukken: Hoofdstuk 2

Vooronderzoek In deze fase zijn, voor zover mogelijk en voor zover relevant, gegevens verzameld over: - de huidige situatie - de historie - de geologie en hydrologie

Hoofdstuk 3

Hypothese

Hoofdstuk 4

Veldonderzoek In dit hoofdstuk staat wanneer en hoe het veldwerk heeft plaatsgevonden. Tevens worden de waarnemingen tijdens het veldwerk beschreven.

Hoofdstuk 5

Laboratoriumonderzoek en toetsing Aan de hand van de waarnemingen tijdens het veldwerk wordt bepaald welke monsters, en op welke stoffen, deze monsters geanalyseerd worden. De analyseresultaten van de geselecteerde monsters worden getoetst aan de vigerende normen.

Hoofdstuk 6

Evaluatie onderzoeksresultaten In dit hoofdstuk worden de onderzoeksresultaten nader toegelicht.

Hoofdstuk 7

Conclusies, (aanbevelingen) en opmerkingen De rapportage wordt afgerond met een formulering van conclusies, (aanbevelingen) en opmerkingen.

Literatuurlijst

In de literatuurlijst wordt een overzicht van de geraadpleegde bronnen weergegeven.

Verkennend milieukundig bodemonderzoek Rodenrijseweg 7/9 te Berkel en Rodenrijs Projectcode: TRBE140498

4

2. VOORONDERZOEK 2.1 HUIDIGE SITUATIE Het vooronderzoek is uitgevoerd conform NEN 5725 (standaard), in de navolgende paragrafen zijn de resultaten weergegeven. Tabel 2.1: Basisgegevens Algemeen Opdrachtgever: Eigenaar/gebruiker: Onderzoekslocatie: Oppervlakte onderzoekslocatie: Kadastrale aanduiding: RD-coördinaten: Soort onderzoek: Voormalig en huidig gebruik: Toekomstig gebruik: Omschrijving UBI: (D)UBI code:

Treurniet Mengvoeders B.V. Dhr. N. Treurniet Rodenrijseweg 7/9 te Berkel en Rodenrijs 3.000 m2 Gemeente: Berkel en Rodenrijs, sectie B, nummers 2159 en 6248 X = 92.385 en Y = 445.323 Verkennend milieukundig bodemonderzoek Mengvoeder groothandel Wonen Afgewerkte olietank (ondergronds) 631247 UBI-klasse: 6

Beschrijving locatie De volgende informatie is afkomstig van de locatie-inspectie (d.d. 1 april 2014): De onderzoekslocatie bestaat uit diverse fabriekshallen, een kantoor en een winkel. Inpandig is de locatie voorzien van betonvloeren. Het buitenterrein is verhard met stelconplaten en klinkers. Ten noordwesten van de onderzoekslocatie bevindt zich de Rodenrijseweg en hierna de Rodenrijse Vaart, ten noordoosten de Laan van Romen, ten zuiden en ten westen bevinden zich woningen. Tijdens de locatie-inspectie zijn op het maaiveld geen verdachte plekken, zoals verzakkingen, ophogingen, verkleuringen (inclusief olie-water reacties), brandplekken, zichtbare bijmengingen en/of asbestverdachte materialen geconstateerd. De waarnemingen tijdens de locatie-inspectie komen overeen met de verkregen historische informatie (zie paragraaf 2.2).

Verkennend milieukundig bodemonderzoek Rodenrijseweg 7/9 te Berkel en Rodenrijs Projectcode: TRBE140498

5

2.2 HISTORISCH ONDERZOEK Ten behoeve van het historisch onderzoek zijn de onderstaande historische kaarten geraadpleegd, daarbij is onder andere aandacht besteed aan de bestemming, (eventuele) aanwezigheid van (gedempte) watergangen, opstallen en toegangswegen. Op kaarten uit 1904, 1939, 1968 en 1981 is te zien dat ter plaatse van de onderzoekslocatie langs de Rodenrijseweg bebouwing staat. Dit betreft grotendeels de huidige situatie. Informatie eigenaar (d.d. 9 april 2014) Treurniet Mengvoeders B.V. is sinds 1903 gevestigd aan de Rodenrijseweg. In 1931 werd een deel van de huidige opzet, kantoor en fabriek, opgeleverd. In 1967 is een tweede fabriek gebouwd. De bedrijfsactiviteiten bestaan momenteel uit de opslag van en in het verleden uit het fabriceren van diermengvoeders. Op de locatie worden diverse grondstoffen en eindproducten opgeslagen. Op het buitenterrein bevindt zich een weegbrug, een afgifte pomp en inpandige opslag van olie. In het verleden zijn er op de locatie twee branders en een bovengrondse olietank aanwezig geweest. In het verleden zijn de garageboxen welke achter het kantoorpand waren gesitueerd gesloopt en zijn de asbesthoudend platen vermoedelijk onder de klinkerverharding begraven. Uit de door de opdrachtgever aangeleverde rapportage van een eerder uitgevoerd bodemonderzoek (uitgevoerd door BMA Milieu met als kenmerk NEN.20040010, d.d.

17 juni 2014) blijkt dat verdeeld over de onderzoekslocatie matige tot sterke verontreinigingen zijn aangetroffen met koper, lood, zink, PAK en minerale olie. Informatie gemeente Lansingerland (d.d. 29 november 2011) Uit de Bodemkwaliteitskaart (Bodemkwaliteitskaart 3B-gemeenten, CSO, 04.K030, 07-06-2005) blijkt dat de onderzoekslocatie is gelegen in Zone 1. Zone 1 wordt gekenmerkt door de oude lintbebouwing. De menselijke activiteiten concentreerden zich tot circa 1930 in deze gebieden. Het gebied wordt gekenmerkt door een ‘willekeurige’ afwisseling tussen woonbebouwing en bedrijvigheid. Het gebied is nooit integraal opgehoogd. Als gevolg van de langdurige menselijke activiteiten komen matig verhoogde gehalten van metalen voor. Deze zone kenmerkt zich door een hoge variabiliteit in gehalten Bodemloket (d.d. 9 april 2014) Op en in de directe omgeving van de onderzoekslocatie zijn de volgende bodemonderzoeken uitgevoerd: Nulsituatieonderzoek (Mol, 03824B, d.d.

25 juni 2001) Op twee van de onderzochte deellocaties zijn concentraties aangetroffen boven de tussenwaarde: ter plaatse van de aanwezige en voormalige afgifte pomp is in de ondergrond zintuiglijk minerale olie waargenomen en is analytisch een sterke verontreiniging met minerale olie aangetoond; ter plaatse van de voormalige brander is in de grond een matig verhoogd gehalte koper aangetoond; Verder zijn er maximaal lichte verontreinigingen aangetroffen in de grond en in het grondwater. Historisch onderzoek Rodenrijseweg 5 t/m 43 (BMA Milieu, Hist.20030194, d.d. 12-11-2003) Uit het historisch onderzoek blijkt dat de bedrijfsactiviteiten bestaan uit het fabriceren van menvoeders. Er worden op de locatie diverse grondstoffen en eindproducten opgeslagen. Buiten bevindt zich een weegbrug. Tevens bevinden zich op de locatie: een bovengrondse HBO-tank in lekbak. In het verleden was hier een ondergrondse olietank aanwezig; huidige en voormalige afgifte pomp; inpandige opslag van olie; twee voormalige branders (locatie niet duidelijk).

Verkennend milieukundig bodemonderzoek Rodenrijseweg 7/9 te Berkel en Rodenrijs Projectcode: TRBE140498

6

Verkennend onderzoek (BMA Milieu, NEN.200440010, d.d. 17-06-2004) Tijdens het onderzoek van zijn op drie plaatsen concentraties aangetroffen boven de tussenwaarde (voor situatietekening zie bijlage 1): ter plaatse van boring 9 is een sterke verontreiniging met PAK aangetroffen in het traject 0,7 - 1,0 m-mv (in een puin- en slakkenhoudende grondlaag); ter plaatse van boring Pb 10 is een matige verontreiniging met koper en lood geconstateerd in het traject 0,5 - 0,9 m-mv (in een sterk puinhoudende grondlaag); ter plaatse van boring Pb 2 is een matige verontreiniging met lood en zink geconstateerd in het traject 0,5 - 0,8 m-mv (in een matig koolashoudende grondlaag). Verder zijn in relatief veel boringen (1 - 6, 9 - 11, 19, 22, 23, 24) bodemvreemde bijmengingen aangetroffen (met name puin/koolas). Deze zijn niet allemaal geanalyseerd dus waarschijnlijk zijn meer locaties matig tot sterk verontreinigd met zware metalen en PAK. Ter plaatse van en rondom boring 4 is zintuiglijk olie waargenomen in het opgeboorde materiaal. Analytisch is maximaal een lichte verontreiniging met olie geconstateerd ter plaatse van deze zintuiglijke olieverontreiniging. Verder is het grondwater maximaal licht verontreinigd. Provincie Zuid-Holland heeft het onderzoek, in het kader van de BSB-operatie, beoordeeld (kenmerk 20724610, d.d. 26-06-2008).

Met het toenmalige gebruik van de locatie zijn er naar verwachting geen actuele risico's als gevolg van de verontreiniging. Een eventuele spoedige bodemsanering om reden van gezondheid van mens of aantasting van milieu is niet aan de orde. Het nader onderzoek kan op een later moment worden uitgevoerd, samen met andere werkzaamheden op of in de grond. 2.3 GEOLOGIE EN HYDROLOGIE Tabel 2.2: Bodemopbouw en geohydrologie Locatie en ligging:

Dikte en opbouw deklaag:

De onderzoekslocatie ligt binnen de bebouwde kom van Berkel en Rodenrijs. Het maaiveld ligt circa 2 meter onder NAP. De deklaag heeft een dikte van elf meter dik en bestaat uit zandige klei met veenlaagjes. Het watervoerend pakket heeft een dikte van twintig meter en bestaat hoofdzakelijk uit matig fijn tot en met matig grof zand. Het doorlatend vermogen (kD) van dit pakket bedraagt circa 550 m2/dag.

Horizontale (freatische) grondwaterstroming:

Vanwege meerdere aanwezige watergangen, bebouwing en drainages is de stromingsrichting niet éénduidig vast te stellen.

Verticale grondwaterstroming:

Infiltratie

Milieu- of grondwaterbeschermingsgebied:

Nee

Verkennend milieukundig bodemonderzoek Rodenrijseweg 7/9 te Berkel en Rodenrijs Projectcode: TRBE140498

7

3. HYPOTHESE Op basis van het vooronderzoek zijn de volgende hypotheses opgesteld: -

ter plaatse van de voormalige bovengrondse olietank, de voormalige en huidige afgifte pomp en de inpandige olie opslag is de bodem (grond en grondwater) verdacht op het voorkomen van verontreinigingen met olieproducten;

-

de bodem ter plaatse van de voormalige garages is verdacht op het voorkomen van asbest;

-

de bodem (grond en grondwater) van het overige terrein is verdacht op het voorkomen van verontreinigingen met zware metalen, PAK en minerale olie.

Op basis van bovenstaande hypotheses is besloten het verkennend milieukundig bodemonderzoek ter plaatse van de voormalige tank, afgifte pomp en olie opslag te verrichten conform strategie VEP (strategie voor een verdachte locatie). De grondmonsters zijn geanalyseerd op 9 zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), PAK, PCB's en minerale olie (standaardpakket grond). De grondwatermonster zijn geanalyseerd op aromatische verbindingen en minerale olie. Op het overig terrein wordt onderzoek verricht conform strategie VED-HE (strategie voor een verdachte locatie). De grondmonsters zijn geanalyseerd op 9 zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), PAK, PCB's en minerale olie (standaardpakket grond). De grondwatermonsters zijn geanalyseerd op 9 zware metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), aromatische verbindingen, chloorkoolwaterstoffen en minerale olie (standaardpakket grondwater).

Verkennend milieukundig bodemonderzoek Rodenrijseweg 7/9 te Berkel en Rodenrijs Projectcode: TRBE140498

8

4. VELDONDERZOEK 4.1 AANPAK EN UITVOERING Het veldwerk (verrichten van de boringen en het plaatsen van de peilbuizen) is uitgevoerd op 2 juni 2014 door de heer F. Hogervorst van VanderHelm Milieubeheer B.V. De watermonstername heeft op 17 juni 2014 plaatsgevonden en is uitgevoerd door de heer J. Berk van VanderHelm Milieubeheer B.V. De uitgevoerde werkzaamheden zijn weergegeven in tabel 4.1. De locaties van de verrichte boringen en de geplaatste peilbuizen zijn weergegeven op de situatieschets in bijlage 7. Tabel 4.1: Verrichte veldwerkzaamheden Deellocatie en oppervlakte A

2

Overig terrein (circa 3.000 m )

Verrichte werkzaamheden 11 boringen tot 0,5 à 1,0 m-mv en

Boorpuntnummer/ proefsleufnummer 010-020

2 boringen tot 2,0 m-mv en

006 en 007

1 boring met peilbuis en

001

1 proefsleuf

AS01

B

Voormalige bovengrondse olietank 1 boring met snijdende (< 10 m2) peilbuis

002

C

Voormalige en huidige afgifte pomp 2 boringen tot 0,5 m-mv (circa 50 m2) 2 boringen met peilbuis

008 en 009

Inpandige olie opslag (10 m²)

005

D

1 boring met peilbuis

003 en 004

Protocol en strategie NEN 5740 VED-HE (Tabel 9)

NEN 5740 VEP (Tabel 5) NEN 5740 VEP (Tabel 5) NEN 5740 VEP (Tabel 5)

4.2 BESPREKING VAN WAARNEMINGEN TIJDENS HET VELDWERK De resultaten van het lithologisch onderzoek en de zintuiglijk bodemvreemde bijmengingen worden in de boorbeschrijvingen in de bijlage weergegeven. De bodemlagen, waarin zintuiglijk bodemvreemde bijmengingen zijn aangetroffen, worden aangeduid met een zwart driehoekje. In tabel 4.2 is een samenvattend overzicht van de resultaten van de waarnemingen tijdens het veldwerk opgenomen. Tabel 4.2: Samenvattend overzicht waarnemingen tijdens het veldwerk Boring Diepte boring Traject Grondsoort (m -mv) (m -mv) 001 2,80 0,40 - 1,00 Zand 1,00 - 1,80 Klei 1,80 - 2,00 Klei

002

2,50

003

2,10

004

2,80

005

4,00

2,00 - 2,30 0,50 - 0,70 1,60 - 2,00 0,30 - 0,60

Klei Zand Klei Zand

0,60 - 1,10

Klei

0,30 - 0,50 0,50 - 0,90 1,30 - 1,60 1,60 - 2,00 0,30 - 0,80 1,00 - 1,20 3,40 - 4,00

Zand Zand Klei Veen Zand Veen Klei

Waargenomen bijzonderheden zwak puinhoudend matig slibhoudend matig slibhoudend, zwak glashoudend, zwak puinhoudend slib matig puinhoudend matig kolengruishoudend, resten puin matig kolengruishoudend, zwak puinhoudend, brandstofgeur matig puinhoudend, matig kolengruishoudend, sterke olie-water reactie brandstofgeur zwak puinhoudend resten planten resten planten matig kolengruishoudend, matig puinhoudend zwak puinhoudend zwak veenhoudend

Verkennend milieukundig bodemonderzoek Rodenrijseweg 7/9 te Berkel en Rodenrijs Projectcode: TRBE140498

9

Boring 006

Diepte boring (m -mv) 2,00

007 010 014 016 019

2,00 0,50 1,10 0,90 0,56

Traject (m -mv) 0,30 - 0,60 0,60 - 0,90 1,40 - 1,50 0,30 - 0,60 0,10 - 0,50 0,10 - 0,60 0,30 - 0,40 0,30 - 0,55

020

1,30

0,55 - 0,56 0,30 - 0,80

Grondsoort

Waargenomen bijzonderheden

Zand Zand Klei Zand Zand Zand Zand Zand

Zand

zwak puinhoudend, zwak koolashoudend zwak puinhoudend zwak koolashoudend zwak puinhoudend, zwak grindhoudend zwak wortelhoudend matig puinhoudend zwak puinhoudend, matig afvalhoudend matig asbesthoudend, zwak puinhoudend, matig houthoudend gestaakt op asbesthoudende platen sterk puinhoudend

Ter plaatse van boring 019, bij voormalige garage, is onder de klinkers een zandlaag aangetroffen gevolgd door asbestplaten. Op deze locatie is een proefsleuf gegraven, AS01, en is een mengmonster, MM1, samengesteld van het asbestverdachte zand. Tijdens de grondwatermonstername op 17 juni 2014 zijn de volgende waarden gemeten: Tabel 4.3: Overzicht metingen tijdens monstername Peilbuis Filterdiepte Grondwaterstand (m -mv) (m -mv) P001 1,50 - 2,50 0,77 P002 0,30 - 1,30 0,47 P003 1,10 - 2,10 0,32 P004 1,10 - 2,10 0,52 P005 3,00 - 4,00 0,66

pH (-) 7,2 7,0 6,9 7,2 6,9

EC (µS/cm) 2400 2550 2680 4620 2750

Verkennend milieukundig bodemonderzoek Rodenrijseweg 7/9 te Berkel en Rodenrijs Projectcode: TRBE140498

Troebelheid (NTU) 24,9 139,0 53,0 12,1 37,5

10

5. LABORATORIUMONDERZOEK EN TOETSING 5.1 TOETSINGSCRITERIA Ter toetsing van de hypotheses zijn monsters voor analyse geselecteerd en bij ALcontrol B.V. aangeleverd. In de tabellen 5.1 en 5.2 is te zien welke grond(meng)monsters en grondwatermonsters zijn geanalyseerd. De analyseresultaten van de geanalyseerde grond(water)monsters zijn getoetst met behulp van Botova (versie 1.5) aan de richtlijnen zoals beschreven in de "Regeling bodemkwaliteit" (Staatscourant 20 december 2007) en de "Circulaire Bodemsanering per 1 juli 2013". In de tabellen 5.1 en 5.2 worden de resultaten van de toetsing weergegeven. De (volledige) toetsingstabellen zijn opgenomen in de bijlagen. De originele analyserapporten van het laboratorium zijn te vinden in de bijlagen. In de bijlagen worden de verschillende verontreinigingsparameters beschreven. Om de mate van verontreiniging in de tekst weer te geven, wordt gebruik gemaakt van de volgende terminologie: Niet verontreinigd: Licht verontreinigd:

Matig verontreinigd: Sterk verontreinigd:

concentratie kleiner dan of gelijk aan de achtergrond- of streefwaarde; concentratie groter dan de achtergrond- of streefwaarde maar kleiner dan of gelijk aan de tussenwaarde (de tussenwaarde betreft het rekenkundig gemiddelde van de achtergrond/streef- en interventiewaarde); concentratie groter dan de tussenwaarde maar kleiner dan of gelijk aan de interventiewaarde; concentratie groter dan de interventiewaarde.

Asbestonderzoek bodem Voor asbest in grond, puin en puingranulaat geldt een restconcentratienorm van 100 mg/kg d.s. gewogen (de gewogen asbestconcentratie is de serpentijnasbestconcentratie vermeerderd met 10 maal de amfiboolconcentratie) (Bron: Productenbesluit Asbest - 17 december 2004). 5.2 GETOETSTE ANALYSERESULTATEN Tabel 5.1: Overzicht toetsingsresultaten van de geanalyseerde grond(meng)monsters Deellocatie Analyse Deelmonsters Analysepakket Toetsingsresultaat monster <AW >AW >T Voormalige 002-B 002 (0,50 - 0,70) Standaardpakket koper, lood, bovengrondse tank nikkel, zink en minerale olie Voormalige en 003-B 003 (0,30 - 0,60) Standaardpakket Kobalt, koper, huidige afgifte pomp kwik, lood, molybdeen, nikkel, zink, PAK en minerale olie 003-C 003 (0,60 - 1,10) Minerale olie minerale olie Inpandige opslag 005-B 005 (0,30 - 0,80) Standaardpakket kobalt, kwik, koper nikkel, zink, PAK en minerale olie Overig terrein 006-B 006 (0,30 - 0,60) Standaardpakket kobalt, koper, lood, nikkel molybdeen en en zink PAK Overig terrein

014-A

014 (0,10 - 0,60)

Standaardpakket

001-E

001 (1,80 - 2,00)

Standaardpakket

Verkennend milieukundig bodemonderzoek Rodenrijseweg 7/9 te Berkel en Rodenrijs Projectcode: TRBE140498

>I

lood

koper, lood, zink, PCB en minerale olie koper, kwik, lood en minerale olie

11

Deellocatie

Analyse monster

Deelmonsters

Analysepakket

Overig terrein

M01

003 (1,10 - 1,60) 004 (1,60 - 2,00) 005 (1,20 - 1,70) 006 (1,50 - 2,00) 007 (1,00 - 1,50)

Standaardpakket

Toetsingsresultaat <AW

>AW koper, kwik, lood en molybdeen

>T

>I

>T

>I

Toelichting tabel < AW voldoet aan de achtergrondwaarde > AW overschrijdt de achtergrondwaarde >T overschrijdt de tussenwaarde >I overschrijdt de interventiewaarde Tabel 5.2 Overzicht toetsingsresultaten van de geanalyseerde grondwatermonsters Deellocatie Analyse Traject Analysepakket Toetsingsresultaat monster (m -mv) <S >S Voormalige P002 0,30 - 1,30 Aromaten en minerale olie naftaleen bovengrondse tank Voormalige en P003 1,10 - 2,10 Aromaten en minerale olie xylenen huidige afgifte pomp P004 1,10 - 2,10 Aromaten en minerale olie naftaleen Inpandige olie P005 3,00 - 4,00 Standaardpakket barium en opslag zink Overig terrein P001 1,50 - 2,50 Standaardpakket barium en benzeen Toelichting tabel <S voldoet aan de streefwaarde >S overschrijdt de streefwaarde >T overschrijdt de tussenwaarde >I overschrijdt de interventiewaarde Tabel 5.3: Overzicht van het kwantitatief op asbest geanalyseerde mengmonster Omschrijving AnalyseNummer Gewogen Gewogen monster asbestconcentratie asbestconcentratie (fractie > 16 mm) (fractie < 16 mm) Proefsleuf * **

MM1

AS01

niet aangetroffen**

93 mg/kg d.s.

Bepalingsgrens*

n.v.t.

Totale gewogen asbestconcentratie (fractie > 16 mm + fractie < 16 mm) 93 mg/kg d.s.

Indien analytisch geen asbest is aangetoond, is, conform de NEN 5707, de bepalingsgrens vermeld. In het mengmonster van de grond is geen fractie >16 mm aangetroffen, in de bodem zijn wel asbesthoudende platen aangetroffen.

Verkennend milieukundig bodemonderzoek Rodenrijseweg 7/9 te Berkel en Rodenrijs Projectcode: TRBE140498

12

6. EVALUATIE ONDERZOEKSRESULTATEN Onderstaand wordt een evaluatie weergegeven van de onderzoeksresultaten: Grond Voormalige bovengrondse tank Ter plaatse van boring 002 (nabij boring 1 uit het onderzoek van BMA) zijn in de bovengrond zijn maximaal lichte verontreinigingen geconstateerd. Dit komt overeen met de resultaten van het onderzoek van BMA. Voormalige en huidige afgifte pomp Ter plaatse van boring 003 is een matige verontreiniging met olie geconstateerd in het traject 0,6 - 1,1 mmv (in een matig puin- en kolengruishoudende grondlaag met sterke olie/waterreactie). In het onderzoek van BMA zijn ter plaatse van de voormalige pomp maximaal lichte verontreinigingen gemeten. In de bovengrond zijn maximaal lichte verontreinigingen geconstateerd. Inpandige olie opslag Ter plaatse van boring 005 (boring 11 uit het onderzoek van BMA) is een sterke verontreiniging met lood aangetroffen en een matige verontreiniging met koper in het traject 0,3 - 0,8 m-mv (in een matig puin- en kolengruishoudende grondlaag). Verder zijn maximaal lichte verontreinigingen aangetroffen. De verontreinigingen komen overeen met het onderzoek van BMA waar ook verhoogde concentraties zijn aangetroffen in de grond waar bijmeningen zijn aangetroffen.

Overig terrein Ter plaatse van boring 006 (nabij boring 9 uit het onderzoek van BMA) is een matige verontreiniging met lood, nikkel en zink geconstateerd in de zwak puin- en koolashoudende bovengrond. Verder zijn in de boven- en ondergrond maximaal lichte verontreinigingen aangetroffen. De verontreinigingen komen overeen met het onderzoek van BMA waar ook verhoogde concentraties zijn aangetroffen in de grond waar bijmeningen zijn aangetroffen. Ter plaatse van de zuidelijke zijde van de locatie heeft zich een garage bevonden welke ter plaatse gesloopt is. Het materiaal bevindt zich onder de klinkerverharding en een zandlaag. Van het zand is een monster genomen voor analyse op asbest. Uit deze analyse blijkt dat de concentratie asbest onder de 100 mg/kg d.s. ligt (93 mg/kg d.s.). Grondwater In de grondwatermonsters zijn maximaal lichte verontreinigingen geconstateerd. “Geval van ernstige bodemverontreiniging” Wanneer de gemiddelde concentratie in de grond van een verontreinigende parameter in 25 m³ en/of de gemiddelde concentratie in het grondwater van een verontreinigende parameter in 100 m³ bodem, de interventiewaarde van die parameter overschrijdt, is er sprake van een "geval van ernstige bodemverontreiniging" en dus een saneringsnoodzaak in het kader van de Wet Bodembescherming (Wbb).

Verkennend milieukundig bodemonderzoek Rodenrijseweg 7/9 te Berkel en Rodenrijs Projectcode: TRBE140498

13

7. CONCLUSIES, AANBEVELINGEN EN OPMERKINGEN Op de locatie aan de Rodenrijseweg 7-9 te Berkel en Rodenrijs is door VanderHelm Milieubeheer B.V. in opdracht van de heer Treurniet, namens Treurniet Mengvoeders, een verkennend milieukundig bodemonderzoek uitgevoerd conform de NEN 5740. De aanleiding tot het onderzoek is de voorgenomen eigendomsoverdracht van de onderzoekslocatie met de doelstelling of het bepalen van de algemene bodemkwaliteit met het oog op de voorgenomen eigendomsoverdracht. Conclusies Geconcludeerd wordt dat er milieukundig mogelijk aandachtspunten zijn voor de voorgenomen transactie; Ter onderbouwing van bovenstaand wordt tevens geconcludeerd dat: -

uit het onderzoek van BMA en het onderhavige onderzoek is gebleken dat er in de bodem over het gehele terrein bodemvreemde bijmengingen aanwezig zijn. De aard varieert van afvalhoudend, slakkenhoudend, puinhoudend, kolengruishoudend en glashoudend. De gradatie verschilt tussen zwak tot sterke bijmengingen. De bijmengingen komen op verschillende dieptes voor tot plaatselijk 2,0 m-mv;

-

tijdens het onderzoek van Ingenieursbureau Mol, BMA Milieuadvies en het onderhavige onderzoek matige tot sterke verontreinigingen met zware metalen, minerale olie en/of PAK zijn geconstateerd. Deze verontreinigingen zijn vermoedelijk deels te relateren aan de hierboven genoemde bodemvreemde bijmengingen;

-

aangezien de hierboven genoemde bodemvreemde bijmengingen over de hele locatie voorkomen en dat dit materiaal matig tot sterk verontreinigd is met zware metalen en/of PAK is er mogelijk sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging omdat het volume 3 criterium van 25 m sterk verontreinigde grond wordt overschreden;

-

voor de olie verontreiniging geen saneringsplicht geldt vanuit de Wet Bodembescherming aangezien geen sterke verontreiniging met olie is geconstateerd. Het is wel raadzaam om bij herontwikkeling van het terrein (naar de bestemming wonen) de verontreiniging te verwijderen;

-

de grond met bodemvreemde bijmengingen verdacht is op het voorkomen van asbest. In het grondmengmonster ter plaatse van de voormalige garage is een concentratie onder de interventiewaarde geconstateerd. Er zijn in de grond ook asbestplaten aangetroffen. Indien deze ook geanalyseerd worden zal de concentratie vermoedelijk boven de interventiewaarde uitkomen.

Aanbevelingen Aanbevolen wordt na de geplande sloop van een deel van de panden nader (asbest)onderzoek te verrichten door middel van proefsleuven. Tevens wordt nader onderzoek aanbevolen naar de verontreiniging met zware metalen en PAK. In verband met de aanwezige bebouwing is nader onderzoek op dit moment lastig uitvoerbaar. Opmerkingen Volledigheidshalve moet gemeld worden dat onderhavig milieukundig bodemonderzoek, zoals ieder milieukundig onderzoek, steekproefsgewijs is uitgevoerd en een momentopname betreft. De hergebruikmogelijkheden van eventueel aan en af te voeren grond en/of bouwstof dient in overleg met het bevoegd gezag en conform het Besluit Bodemkwaliteit (partijkeuring) te worden bepaald. De hergebruikmogelijkheden van de grond zijn in onderhavig onderzoek niet bepaald.

Verkennend milieukundig bodemonderzoek Rodenrijseweg 7/9 te Berkel en Rodenrijs Projectcode: TRBE140498

14

Tenslotte wordt opgemerkt dat de toetsende en handhavende taak uiteindelijk bij het bevoegd gezag (DCMR namens de gemeente Lansingerland) ligt. Dit rapport mag uitsluitend in haar geheel worden vermenigvuldigd of aan derden verstrekt. Behandeld door: Mw. L. Roskes

Verkennend milieukundig bodemonderzoek Rodenrijseweg 7/9 te Berkel en Rodenrijs Projectcode: TRBE140498

15

LITERATUURLIJST Onderstaande literatuur is, indien van toepassing, geraadpleegd bij de totstandkoming van onderhavig rapport. -

NEN 5717 Bodem - Waterbodem - Strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader onderzoek (november 2009);

-

NEN 5720 Bodem - Waterbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend onderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van waterbodem en baggerspecie (november 2009);

-

NEN 5725 Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader onderzoek (januari 2009);

-

NEN 5740 Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond (januari 2009);

-

NEN 5707 Bodem - Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem en partijen grond (mei 2003);

-

NEN 5897 Monsterneming en analyse van asbest in onbewerkt bouw- en sloopafval en recyclinggranulaat (december 2005);

-

NTA 5727 Bodem - Monsterneming en analyse van asbest in waterbodem en baggerspecie (augustus 2004);

-

BRL SIKB 2000 Beoordelingsrichtlijn veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek (versie 5, 12 december 2013);

-

Protocol 2001 Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen (versie 3.2, 12 december 2013);

-

Protocol 2002 Het nemen van grondwatermonsters (versie 4, 12 december 2013);

-

Protocol 2003 Veldwerk bij milieuhygiënisch waterbodemonderzoek (versie 1.1, 12 december 2013);

-

Protocol 2018 Locatie-inspectie en monsterneming van asbest in bodem (versie 3.1, 12 december 2013);

-

Circulaire Bodemsanering 2009, zoals gewijzigd op 3 april 2012;

-

Ministerie van VROM, Leidraad Bodembescherming, Den Haag, SDU;

-

Productenbesluit Asbest 2005 Directoraat-Generaal Milieu (Ministerie van VROM), kenmerk BWBR0017778;

-

Besluit asbestwegen Wms, Ministerie van VROM, 8 september 2000;

-

Regeling Bodemkwaliteit, Staatscourant, 20 december 2007, Nr. 247;

-

Gezamenlijk bodemsaneringsbeleid, Provincie Zuid-Holland en gemeenten Den Haag, Dordrecht, Leiden, Rotterdam en Schiedam, 2013;

-

NTA 5755 Bodem – Landbodem – Strategie voor het uitvoeren van nader onderzoek – Onderzoek naar de aard en omvang van bodemverontreiniging (juli 2010);

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=6169e4d2-88f8-4772-ae22-df5ccfd6ff42