T21.02000 Nota van zienswijzen
Tekst van het document
18 september 2018 bij het ontwerpbestemmingsplan). Gemeentelijke beantwoording Deze minimale afstand van 10 meter tot de erfgrens van de derde bouwlaag van de beoogde nieuwbouw appartementen aan de zijde van Willem-Alexanderlaan is op de Verbeelding juridisch geborgd door het opnemen van een bouwvlak. 31. Ontsluiting en parkeren (par 2.2.4) - verkeersbewegingen Het verkeer aan de Laan van Romen en aan de Rodenrijseweg is de laatste jaren enorm toegenomen. Op dit moment rijden er ter hoogte van de Rodenrijseweg 7, 9 en 11 ruim 6000 auto's per etmaal (en maximaal gemeten: 6200). Dit zijn al 3500 à 3700 auto's per etmaal méér dan de norm (die ligt volgens de gemeente rond de 2500 auto's). Daarbij komt dat volgens het verkeersbeleidsplan 'Lansingerland beweegt 2020' op deze wegen er idealiter niet meer dan 4.000 motorvoertuigen per etmaal rijden. Tevens zijn veel nieuwe parkeerplaatsen en wooneenheden voorzien in het ontwerpbestemmingsplan en dat trekt nog meer auto's aan. Het blijkt overduidelijk dat er eerder minder motorvoertuigen dan meer motorvoertuigen deze wegen dienen te passeren aangezien de huidige norm nu al ruimschoots wordt overschreden zal de gemeente ervoor moeten zorgen dat het aantal motorvoertuigen naar beneden moet worden gebracht op de wegen aan de Laan van Romen en de Rodenrijseweg.
79
Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen op dit onderdeel naar de thematische beantwoording over verkeer en parkeren. 32. Ontsluiting en parkeren (par 2.2.4) - ontsluiting Een belangrijk aspect voor de gemeente met betrekking tot de herontwikkeling is het realiseren van een verkeersveilige ontsluiting. De parkeerplaatsen van de woningen behorend bij de Maalderij zijn in de toekomstige situatie te bereiken via een inrit aan de Rodenrijseweg. In het ontwerpbestemmingsplan is aangegeven dat men het perceel van Treurniet weer kan verlaten via de uitrit aan de Laan van Romen. Deze uitrit wordt gecombineerd met een uitrit van Slagerij Jan de Rooij (hierna te noemen: de Slagerij). Op dit moment dient de benoemde uitrit in het ontwerpbestemmingsplan thans als in- en uitrit van de Slagerij. Deze in- en uitrit van de Slagerij ligt ook op het perceel van de Slagerij. Navraag leert dat er geen medewerking wordt verleend aan een uitrit voor de locatie Treurniet. Indieners vragen zich af op welke wijze de bewoners van de herontwikkeling locatie Treurniet dat perceel weer verlaten? Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen op dit onderdeel naar de thematische beantwoording over verkeer en parkeren. 33. Ontsluiting en parkeren (par 2.2.4) - ambitiedocument Het Ambitiedocument geeft aan dat het binnenterrein kwaliteit aan het woonmilieu dient toe te voegen.
Op het binnenterrein zijn in het ontwerpbestemmingsplan 18 parkeerplaatsen en rijroutes naar die parkeerplaatsen toegevoegd, die de nodige uitlaatgassen uitstoten wat negatieve gevolgen heeft voor het woonmilieu. Indieners vragen zich af op welke manier gaat de kwaliteit van het woonmilieu, ook voor omwonenden (zoals indieners) wel gehandhaafd of verbeterd worden? Gemeentelijke beantwoording De huidige bestemming van het perceel Treurniet staat een mengvoerderbedrijf toe met geluids- en geuroverlast voor de omgeving. Het wijzigen van de bestemming naar wonen vergroot het woon- en leefklimaat voor omwonenden. Het aantal verkeersbewegingen naar de parkeerplaatsen op maaiveld is beperkt. De aanwezigheid van parkeerplaatsen en rijroutes staat daarnaast niet in de weg aan een groene inrichting van het perceel. 34. Ontsluiting en parkeren (par 2.2.4) – verkeersrapportage achterhaald In het ontwerpbestemmingsplan wordt een achterhaald verkeersrapport uit 2018 gebruikt. Er is namelijk een recenter verkeersrapport genaamd 'Berkel Oost' en dat dateert uit 2019. Indieners zijn van mening dat deze meest recente rapportage door de gemeente toegepast dient te worden op dit ontwerpbestemmingsplan. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen op dit onderdeel naar de thematische beantwoording over verkeer en parkeren. Beide verkeersonderzoeken worden als bijlage bij de Toelichting opgenomen. 35.
Parkeergarage – ambitiedocument groenzone en onbebouwd De parkeergarage ligt in de groenzone die onbebouwd dient te blijven en de parkeergarage ligt tegen de erfgrens van het perceel Rodenrijseweg 11. Uit het Ambitiedocument blijkt zelfs dat als er een derde laag met kap of een terug liggende vierde laag wordt toegestaan, deze lagen tenminste 10 meter van de erfgrens gepositioneerd moeten zijn. Deze voorwaarde troffen indieners echter niet aan in het ontwerpbestemmingsplan. De gemeente dient deze voorwaarde toe te voegen in het beoogde bestemmingsplan als de gemeente een derde en/of vierde bouwlaag toestaat. Overigens zien indieners liever dat de gemeente in het geheel geen derde of vierde bouwlaag toestaat.
80
In de groenzone mogen geen woningen maar ook geen parkeergarage toegestaan worden, omdat deze groenzone onbebouwd dient te blijven. Tevens dient de parkeergarage - dat wordt gezien als bijgebouw - qua grootte ondergeschikt te zijn aan het hoofdgebouw. Met andere woorden, het bovenliggende gebouw is maatgevend voor de vorm, diepte en inhoud van de ondergrondse parkeergarage. In het ontwerpbestemmingsplan wordt hier volledig aan voorbijgegaan. Sterker nog de vorm, diepte en inhoud is vele malen groter dan het bovenliggende gebouw, zonder dat hier een aanwijsbare valide reden voor is. De gemeente dient de afmetingen van de parkeergarage terug te brengen tot de redelijkerwijs noodzakelijke proporties. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen op dit onderdeel naar de thematische beantwoording over het ambitiedocument. Deze minimale afstand van 10 meter tot de erfgrens is op de Verbeelding juridisch geborgd door het opnemen van een bouwvlak. De parkeergarage wordt onder de grond gerealiseerd en gaat daarmee niet ten koste van de groene inrichting van het perceel. Uit het ambitiedocument volgt niet dat een ondergrondse parkeergarage geen grotere oppervlakte mag beslaan dan de bovengrondse gebouwen. Vanuit ruimtelijk oogpunt heeft het juist ook de voorkeur om het parkeren uit het zicht te organiseren. 36.
Parkeergarage – ophoging maaiveld (RHDHV) De afspraak tussen gemeente, ontwikkelaar en bewoners is dat een eventuele parkeergarage volledig ondergronds zal worden gebouwd zonder ophoging van het bestaande maaiveld (zie verslag van de bijeenkomst d.d. 6 juli 2018 op het gemeentehuis tussen gemeente, ontwikkelaar en omwonenden). Gezien de grote hoogteverschillen in het plangebied, en de daarmee gepaard gaande beoogde egaliseringswerkzaamheden, zijn in voorliggend ontwerpbestemmingsplan twee verschillende hoogtevlakken aangewezen. In de afspraak tussen vorengenoemde partijen is afgesproken dat ter bescherming van het bestaande talud van de veendijk en aansluiting bij de omliggende percelen het bestaande grondprofiel gehandhaafd blijft zonder vergaande egaliseringswerkzaamheden. Elke wijziging die tijdelijk of permanent in een wijziging van de grondwaterstand leidt is niet toegestaan. Het peil van -2,74m tot tegen de Maalderij is niet mogelijk en niet toegestaan conform de huidige wet- en regelgeving. Sterker nog, het is onmogelijk omdat dit ligt beneden de huidige grondwaterstand. De gemeente dient daarom aan indieners te bevestigen dat (als deze garage er al moet komen) alleen een volledig ondergrondse parkeergarage wordt toegestaan zonder enige ophoging van het bestaande maaiveld, zodat de totale bouwhoogte van het gehele gebouwencomplex binnen aanvaardbare proporties blijft.
Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen op dit onderdeel naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). 37. Parkeergarage – ambitiedocument – onbebouwde grond Het perceel gelegen aan de Rodenrijseweg 9 te Berkel en Rodenrijs bestaat uit een woning; achter de woning is een groot deel onbebouwde grond en dit dient onbebouwde grond te blijven, zo blijkt uit het Ambitiedocument van de gemeente (bijlage 1 bij het ontwerpbestemmingsplan). In het ontwerpbestemmingsplan is echter een parkeergarage getekend op de onbebouwde grond en dit is in strijd met het Ambitiedocument. Een parkeergarage is een gebouw en het is een bouwwerk. Op en in onbebouwde grond hoort geen gebouw, dus ook geen garage. De gemeente dient dit onderdeel in lijn te brengen met de weten regelgeving en het Ambitiedocument. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen op dit onderdeel naar de thematische beantwoording over het ambitiedocument. De wens om achter de woning Rodenrijseweg 9 een groot deel onbebouwd te laten blijven, heeft te maken met het doorzicht vanaf de Rodenrijseweg. Een ondergrondse garage heeft hier geen effect op en is daarom toegestaan. Het ambitiedocument bevat overigens geen verbod om ondergronds te bouwen. 81
38. Parkeergarage – ambitiedocument – afstand tot perceelsgrenzen Conform het Ambitiedocument dient alle nieuwe bebouwing minimaal 3 meter, hierbij is geen uitzondering gemaakt tussen ondergronds- of bovengrondse nieuwbouw, uit de omliggende perceelsgrenzen te worden gerealiseerd. Uit het ontwerpbestemmingsplan blijkt dat de parkeergarage tegen de erfgrens van Rodenrijseweg 11 aan ligt en dit is niet toegestaan. De gemeente dient het bestemmingsplan op dit onderdeel aan te passen. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen op dit onderdeel naar de thematische beantwoording over het ambitiedocument. De ligging van de parkeergarage wordt aangepast in het bestemmingsplan, deze komt op grotere afstand te liggen van het perceel Rodenrijseweg 11. 39. Parkeergarage – grondwaterstand De geplande parkeergarage verhardt het terrein alleen al met 1500 m2, waardoor de kwaliteit van wonen onacceptabel afneemt. Tevens brengt dit grote gevolgen met zich mee voor de grondwaterstand. De gemeente dient duidelijkheid te geven over dit onderwerp. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen op dit onderdeel naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). 40. Parkeergarage - ontsluiting - locatie in -en uitrit ontbreekt De exacte locatie van de in- en uitrit van de parkeergarage is niet te vinden op de plankaart.
Gemeentelijke beantwoording De Verbeelding maakt voldoende duidelijk waar de gebouwen komen en waar de verkeersafwikkeling plaats gaat vinden. De exacte locaties van de in- en uitritten van de parkeergarage zijn niet wezenlijk van invloed op de verkeerstechnische gevolgen. 41. Parkeergarage - grondwaterstromen tekst ontwerpbestemmingsplan versus rapport RHDHV Er wordt in het ontwerpbestemmingsplan aangegeven dat er geen horizontale- en verticale grondwaterstromingen plaatsvinden. In het rapport met betrekking tot het bodemonderzoek staat dat vanwege meerdere aanwezige watergangen, bebouwing en drainages de stromingsrichting niet éénduidig is vast te stellen. Hieruit kan worden geconcludeerd dat er wel grondwaterstromingen plaatsvinden. Hier dient zorgvuldig mee omgegaan te worden door de gemeente aangezien dit gevolgen heeft voor de grondwaterstand en of wij als bewoners droge voeten houden. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen op dit onderdeel naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). 42. Parkeergarage – verzoek om ontwerp en te nemen maatregelen In het ontwerpstemmingsplan staat dat het rapport van Royal Haskoning d.d. 17 februari 2020 uitgaat van een aantal conclusies en aanbevelingen (blz. 41 ontwerpbestemmingsplan).
Waar is het ontwerp voor de te nemen maatregelen van de negatieve effecten ten gevolgen van barrièrewerking op de parkeerkelder in dit bestemmingsplan? De beantwoording van de zienswijze van het voorontwerpbestemmingsplan is maar liefst 4 keer uitgesteld omdat er onderzoek gedaan moest worden naar de effecten van de parkeergarage. Wij verwachten daarom dan ook dat nu het ontwerp met de te nemen maatregelen is bijgevoegd. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen op dit onderdeel naar de thematische beantwoording over water/bodem (bijlage 1). In de Regels wordt een voorwaardelijke verplichting opgenomen, waardoor de gemeente mitigerende maatregelen kan verbinden aan de omgevingsvergunning in relatie tot de waterhuishouding en ter bescherming van de omliggende percelen. 82
43. Parkeergarage – verzoek informatie maatvoering In het rapport van Royal Haskoning staat dat in overleg met de architect de meest recente gegevens en maatvoering van de parkeerkelder als uitgangspunten zijn genomen (blz. 40 ontwerpbestemmingsplan). Wij ontvangen graag de gegevens en maatvoering die hiervoor zijn gebruikt. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen op dit onderdeel naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). In het rapport van Royal Haskoning d.d. 17 februari 2020 is op pagina 1 en 2 weergegeven en beschreven op basis van welke uitgangspunten het onderzoek is uitgevoerd. Hier is onder andere de maatvoering van de kelderbak zichtbaar en is beschreven dat voor de ontgravingsdiepte een vloerpeil van de parkeerkelder van NAP -2,7 m is aangehouden. 44. Parkeergarage – hoogteverschil terrein Indieners hebben navraag gedaan bij de opsteller van het rapport van Royal Haskoning, over het feit dat indieners met de woning ongeveer 1,5 meter lager liggen ten opzichte van de Maalderij. Vreemd genoeg was de opsteller hiervan niet op de hoogte. Bij ons is hierdoor de indruk gewekt dat er niet een juiste voorstelling van zaken is gedaan. Dit belangrijke feit van hoogteverschil heeft invloed op de bodem en grondwaterstromingen.
Alvorens een bestemmingplan wordt vastgesteld, dient Royal Haskoning eerst de beschikking te krijgen over de juiste informatie en de gelegenheid te krijgen een deugdelijk nieuw rapport op te stellen, dat als basis kan dienen voor verdere besluitvorming. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen op dit onderdeel naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). 45. Parkeergarage – bouwkuip versus ontwerpbestemmingsplan In het rapport van Royal Haskoning staat in figuur 16 'Overzicht panden in de omgeving van de bouwkuip met het bouwjaar volgens BAG' een tekening van de zogeheten 'bouwkuip'. Echter is deze bouwkuip in het rapport van Royal Haskoning anders (in)getekend dan de ondergrondse parkeergarage zoals die in het ontwerpbestemmingsplan staat. Op welke manier verklaart de gemeente dit en wat zijn de juiste afmetingen van de beoogde ondergrondse parkeergarage en van de bouwkuip? Hoe wordt hiermee omgegaan in de verdere procedure aangezien òf het ontwerpbestemmingsplan is van foutieve informatie uitgaan òf Royal Haskoning heeft verkeerde informatie ontvangen met alle gevolgen van dien. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen op dit onderdeel naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). 46.
Parkeergarage – bouwkuip ingetekend op perceel slager Tevens staat de bouwkuip ingetekend conform figuur 16 (zie punt 42) op het perceel (zie Kadaster) van de Slagerij. Navraag leert dat de Slagerij hiervoor geen toestemming geeft. Op welke manier gaat dit worden opgelost? Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen op dit onderdeel naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1).
83
47. Parkeergarage – barrièrewerking grondwateroverlast/onderlast In het rapport van Royal Haskoning staat dat het volgende aspect speelt: "Nadat de parkeerkelder is aangelegd zal de kelder een zekere mate van barrièrewerking gaan geven voor het grondwater. Dit kan resulteren in eventueel grondwateroverlast en/of onderlast voor de omgeving. Deze barrièrewerking zal ook al optreden tijdens de uitvoering, op het moment dat de damwandkuip wordt aangelegd waarbinnen de parkeergarage wordt aangeleverd". Het bestemmingsplan dient zodanig aangepast te worden dat de hier beschreven overlast en schade niet kan plaatsvinden. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen op dit onderdeel naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). 48. Parkeergarage – netto hogere grondwaterstand - wateroverlast Tevens staat in het rapport van Royal Haskoning: "Na herinrichting van de locatie is netto sprake van minder verhard oppervlak en dus ook minder rechtstreekse afvoer van regenwater naar riolering op oppervlaktewater. Dit resulteert naar verwachting in netto hogere grondwaterstanden op de locatie met eventuele grondwateroverlast als gevolg”. Dit brengt met zich mee dat indieners als direct omwonenden, met dien verstande dat wij ook nog 1,5 meter lager liggen ten opzichte van de Maalderij, met wateroverlast te maken krijgen.
De gemeente dient ervoor te zorgen dat deze wateroverlast bij de direct omwonenden wordt voorkomen. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen op dit onderdeel naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). 49. Parkeergarage – advies Waterschap Waar is het rapport van het Waterschap met haar advies over de te nemen maatregelen naar aanleiding van de ondergrondse parkeergarage? Gemeentelijke beantwoording In hoofdstuk 5 van de Toelichting behorende bij het ontwerpbestemmingsplan is uitgebreid aandacht besteed aan het aspect water (watertoets). Het waterschap heeft het (voor)ontwerpbestemmingsplan incl. de bijbehorende rapportage(s) ontvangen en getoetst. Dit heeft voor wat betreft het ontwerpbestemmingsplan aanleiding gegeven voor een advies in de vorm van een zienswijze van het waterschap (zie hierna zienswijze 17). Het waterschap adviseert borging in de regels van het bestemmingsplan van de mitigerende maatregelen om de mogelijke negatieve effecten van de aan te leggen parkeerkelder op de waterhuishouding. In de Regels wordt een voorwaardelijke verplichting opgenomen, waardoor de gemeente mitigerende maatregelen kan verbinden aan de omgevingsvergunning in relatie tot de waterhuishouding en ter bescherming van de omliggende percelen. 50.
Parkeergarage – uitlaatgassen Op welke wijze worden de uitlaatgassen van de auto's in de parkeergarage afgevoerd? Dit onderdeel ontbreekt volledig in het ontwerpbestemmingsplan. Indieners als direct omwonenden hebben er belang bij om vooraf te weten op welke manier dit is bedacht en of er rekening met indieners is gehouden. Gemeentelijke beantwoording De parkeergarage wordt uitgerust met een mechanisch ventilatiesysteem. Daarbij moet aan de eisen van het Bouwbesluit worden voldaan. De exacte uitvoering hiervan vindt plaats in de volgende fase van de ontwikkeling, namelijk bij de vergunningverlening. Een nadere regeling hierover in het bestemmingsplan is niet aan de orde.
84
51. Parkeergarage – verkeersveiligheid in-en uitrijden /voetgangers Indieners vragen zich af waar het verkeerskundige rapport is voor de hellingbaan van de parkeergarage (in verband me het in- en uitrijden en de voetgangers)? Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen op dit onderdeel naar de thematische beantwoording over verkeer en parkeren. Hierin is een toelichting opgenomen over de verkeersafwikkeling. De technische uitvoering van de hellingbaan wordt beoordeeld in het kader van de aanvraag omgevingsvergunning. Gelet op de afstand van de parkeergarage tot aan de weg is het goed mogelijk een geschikte hellingbaan te realiseren. 52. Waarde - Archeologie In het Ambitiedocument staat dat vrijwel het hele plangebied van Treurniet de dubbelbestemming archeologie heeft. Uit de archeologische beleidskaart van de gemeente Lansingerland (kaart 4 'Archeologie': beleid) blijkt dat dit gebied een hoge archeologische verwachtingswaarde heeft. Uit de aangeleverde stukken bij het ontwerpbestemmingsplan blijkt dat de ontwikkelaar nog steeds een verkeerde kaart gebruikt, namelijk de beleidskaart die zich richt op het gebied Terpstraat en niet op het gehele plangebied Treurniet. Indieners vragen de gemeente deze fout van de ontwikkelaar te (laten) herstellen en om passende maatregelen te (laten) nemen voor deze hoge archeologische waarde.
Daarnaast ontbreekt nog steeds (dat was ook al het geval bij het voorontwerpbestemmingsplan) de beleidskaart van het volledige plangebied van Treurniet. Indieners verzoeken de gemeente vriendelijk om deze toe te voegen aan het beoogde plan. Tevens vernemen indieners graag op welke wijze de toetsing gaat plaatsvinden of inmiddels heeft plaatsgevonden aangezien in het plangebied grote grondverstorende werkzaamheden, onder ander: de ondergrondse parkeergarage, zijn voorzien. De gemeente dient indieners het rapport daarover te doen toekomen. Gemeentelijke beantwoording In 2013 was er nog een oudere versie van de gemeentelijke archeologische verwachtingskaart van kracht (namelijk die van augustus 2012), die toen verwerkt is in het vigerende bestemmingsplan. Dat resulteerde in de dubbelbestemmingen ‘Waarde – Archeologe 2’ en ‘Waarde – Archeologie 3’. Momenteel is de gemeentelijke archeologische verwachtingskaart uit 2016 de meest recente; hiervan is dan ook verslag gedaan in hoofdstuk 6 ‘Archeologie en cultuurhistorie’ in de toelichting van het bestemmingsplan. Daarin is alleen nog maar de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 2’ van toepassing binnen (een heel klein deel van) het plangebied. De begrenzing van de digitale archeologische verwachtingskaart is exact overgenomen in het bestemmingsplan.
Hier zijn vooralsnog geen grondverstorende werkzaamheden voorzien, maar mocht dat in de toekomst wijzigen dan is dit juridisch geborgd doordat de genoemde dubbelbestemming in de Regels is opgenomen. 53. Bodemkwaliteit – nader onderzoek Uit het ontwerpbestemmingsplan blijkt dat er enkel een verkennend bodemonderzoek in 2014 heeft plaatsgevonden en dat er binnen het plangebied Treurniet diverse verontreinigingen zijn aantroffen, het is zelfs plaatselijk bekend dat er asbest en olie in de grond zit omdat er voor Treurniet een brandstofstation op deze locatie aanwezig was. Destijds bestond er nog geen verplichting om een vloeistofdichte vloer c.q. lekbak aan te brengen. Hierdoor zijn jarenlang chemicaliën de grond in gegaan waardoor de bodem en waarschijnlijk ook het grondwater vervuild zijn geraakt. Het is een feit van algemene bekendheid dat vanuit pomp- en tankstations gevaarlijke stoffen in de bodem en/of het grondwater konden lekken, bijvoorbeeld polycyclische aromatische koolwaterstoffen. In de toelichting bij het ontwerpbestemmingsplan wordt aangegeven dat gezien de uitkomsten van het verkennende onderzoek nader bodemonderzoek noodzakelijk is en dat er mogelijk belemmeringen aanwezig zijn voor de voorgenomen herontwikkelingsplannen. Hier kan niet omheen worden gegaan.
Voordat de gemeente medewerking verleent aan een bestemmingsplanwijziging die de bouw van nieuwe woningen mogelijk maakt, dient eerst nader bodemonderzoek verricht te worden en dienen de bodemen grondwaterverontreinigingen deugdelijk onderzocht en gesaneerd te worden. 85
De bestemmingsplanwijziging en omgevingsvergunning voor bouwen dienen geweigerd te worden zolang de sanering niet voltooid is. Gemeentelijke beantwoording Een oud(er) bodemonderzoek kan aan een besluit ten grondslag worden gelegd zolang zich geen relevante ontwikkelingen in of direct rondom het plangebied hebben voorgedaan. Sinds het onderzoek uit 2014 hebben zich geen relevante ontwikkelingen voorgedaan, zodat een nieuw onderzoek ter bepaling van de stand van zaken, de uitvoerbaarheid van het plan en het vervolg niet noodzakelijk is. In het kader van de vergunning voor bouwen geldt, na sloop, eventueel de voorwaarde tot nader onderzoek en eventueel sanering. Het is niet ongebruikelijk dat, in geval van bestaande bebouwing, nader bodemonderzoek plaatsvindt nadat de sloop van deze bebouwing heeft plaatsgevonden. Bovendien geldt dat een vergunning voor bouwen op grond van de wet niet in werking treedt zolang het benodigde nadere bodemonderzoek niet is uitgevoerd, geen saneringsplan is goedgekeurd, dan wel geen BUS-melding is ingediend. Er heeft in april 2021 een actualisatie van het vooronderzoek uit 2014 plaatsgevonden. Dit is als bijlage van de Toelichting opgenomen. Geconcludeerd wordt dat er geen redenen zijn om aan te nemen dat een verslechtering heeft plaatsgevonden van de bodemkwaliteit in de periode 2014 – 2021. 54.
Bodemkwaliteit – medewerking burgemeester en wethouders Hier komt bij dat in de 'Regels behorend bij het ontwerpbestemmingsplan' is opgenomen dat Burgemeester en Wethouders slechts hun medewerking verlenen aan een wijziging van het huidige bestemmingsplan als voldaan wordt aan de onderzoeksverplichting op diverse onderdelen waaronder in ieder geval de bodemkwaliteit. Gemeentelijke beantwoording Indieners verwijzen naar de voorwaarden die worden gesteld aan een algemene wijzigingsbevoegdheid (standaardbepaling) als opgenomen in artikel 11 van het voorliggende bestemmingsplan. Deze wijzigingsbevoegdheid geeft de bevoegdheid aan het college om het voorliggende (nieuwe) bestemmingsplan in de toekomst te kunnen te wijzigen voor een beperkt aantal zaken, te weten toevoegen/verwijderen van de archeologische-dubbelbestemming en de aanleg van leidingen. 55. Bodemkwaliteit – onderzoek uit 2014 Indieners zien dat bij dit ontwerpbestemmingsplan een kopie is toegevoegd van het verkennende bodemonderzoek van Van der Helm Milieubeheer d.d. 21 augustus 2014. Wij zijn erg geschrokken van vorengenoemd rapport en de verontreinigingen die (toen al) zijn gevonden, hoewel het slechts een verkennend onderzoek was: onder andere maar niet uitsluitend: minerale olie, asbest(!), koper, lood, zink, PAK's (kankerverwekkend), verontreinigd grondwater, puin en koolas.
Wij zijn nu bijna 6 jaar verder sinds het betreffende bodemonderzoek en vernemen graag of dit onderzoek thans nog voldoet aan de huidige wet- en regelgeving? De gemeente dient te waarborgen dat er een zorgvuldige bodemsanering gaat worden uitgevoerd. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen naar de beantwoording van zienswijze 53. 56. Waterhuishouding – watertoets en watervergunning Indieners maken zich grote zorgen om de waterhuishouding omdat de locatie Treurniet ligt op een dijklichaam aan de Rodenrijse Vaart (waterkering langs de Rodenrijse Vaart die essentieel is voor de waterhuishouding in onze regio) en de woning van indieners zich bevindt op een lager gelegen gedeelte, namelijk 1,5 meter lager dan het plangebied en dit blijkt niet uit het 86
ontwerpbestemmingsplan, van hetzelfde dijklichaam. Dit betreft een complex gebied en hierbij dient het Hoogheemraadschap betrokken te worden die een zogeheten watertoets uitvoert. De watertoets is namelijk het proces van vroegtijdig informeren, adviseren en beoordelen van de waterhuishoudkundige aspecten in ruimtelijke plannen en besluiten. Uitvoering van deze watertoets betekent dat de gemeente en waterbeheerder samenwerken bij het uitwerken van ruimtelijke plannen zodat problemen in het gebied zelf en de omgeving worden voorkomen. De watertoets is verplicht gesteld in het Besluit Ruimtelijke Ordening en hiermee verplicht voor alle ruimtelijke plannen en besluiten. Door de zienswijze van indieners op het voorontwerpbestemmingsplan heeft de gemeente en/of ontwikkelaar inmiddels contact gehad met het Hoogheemraadschap. De gemeente dient ons te informeren hoe het een en ander ervoor staat met betrekking tot de watervergunning. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen naar de beantwoording van zienswijze 49. Voor zover werkzaamheden plaatsvinden in de beschermingszone van het dijklichaam, is in bepaalde omstandigheden een watervergunning vereist van het Hoogheemraadschap. Er is op dit moment nog geen watervergunning aangevraagd. Het Hoogheemraadschap zal de vergunning(aanvraag) conform de daarvoor geldende eisen publiceren. 57.
Waterhuishouding – watertoets en watervergunning Indieners hebben inmiddels begrepen van het Hoogheemraadschap dat de gemeente naar aanleiding van hun zienswijze op het ontwerpbestemmingsplan contact heeft gezocht met het Hoogheemraadschap. Het Hoogheemraadschap heeft de gemeente geïnformeerd dat de parkeergarage invloed kan hebben op het (af)stromend water, dit kan met maatregelen worden gecompenseerd. In het ontwerpbestemmingsplan staan zowel de voorgeschreven maatregelen van het Hoogheemraadschap die de ontwikkelaar dient te nemen en op een juiste manier dient te dimensioneren niet opgenomen als vereiste voor het realiseren van de parkeergarage. De gemeente dient de gestelde eisen van het Hoogheemraadschap te volgen en juridisch te laten vastleggen indien er al een parkeergarage zal worden gerealiseerd. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen naar de beantwoording van zienswijze 49. 58. Advies Hoogheemraadschap – juridisch borging maatregelen Hierbij komt dat de gemeente in de 'Nota van inspraak d.d. 10 maart 2020' een korte conclusie heeft opgenomen over het advies van het Hoogheemraadschap. In deze korte conclusie is de gemeente te weinig genuanceerd geweest door te zeggen dat het Hoogheemraadschap geen effecten ziet op de omliggende percelen.
Het Hoogheemraadschap zien die namelijk wel maar zij geven ook aan dat die negatieve effecten door compenserende maatregelen voorkomen kunnen worden. Deze nuance is zéér belangrijk. De gemeente dient, zoals het Hoogheemraadschap ook aan de gemeente heeft verzocht, het toepassen van die zeer belangrijke maatregelen juridisch vast te leggen zodat de ontwikkelaar de maatregelen op de juiste wijze uitvoert. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen naar de beantwoording van zienswijze 49. 59. Watertoets – maatregelen juridisch vastleggen in notariële akte Uit het ontwerpbestemmingsplan blijkt dat het watertoets-proces in het kader van het bestemmingsplan bijna is afgerond. De definitieve afronding moet nog plaatsvinden doordat de gemeente op een juiste manier invulling/vervolg geeft aan alle maatregelen uit het rapport van Royal Haskoning. Daarnaast dienen ook al deze maatregelen juridisch vastgelegd te worden in een notariële akte. Wanneer kunnen indieners deze akte van de gemeente en de informatie over de definitieve afronding van de watertoets tegemoet zien?
87
Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen naar de beantwoording van zienswijze 49. Aan de omgevingsvergunning en eventuele watervergunning worden de relevante voorschriften gekoppeld. Hiermee is het publiekrechtelijk geborgd en bestaat er geen noodzaak dit ook privaatrechtelijk (notarieel) vast te leggen. 60. Watergang De Wildert en duiker Aangezien er op het terrein Treurniet ook een duiker ligt in het water De Wildert (achter de loods op de locatie Treurniet) en een lange watergang richting Rodenrijse Vaart aanwezig is, is het volgens indieners van groot belang dat hier nauwkeurig onderzoek naar wordt gedaan omdat hier volgens de regels niet mag worden gebouwd (zie ook het huidige bestemmingsplan). Indieners vragen zich af hoe het kan zijn dat er een ontwerpbestemmingsplan wordt ingediend zonder dat er naar het achter gelegen terrein is gekeken? Het ontwerpbestemmingsplan zal ook op dit onderdeel aangepast moeten worden door de gemeente. Gemeentelijke beantwoording De gemeente heeft Royal Haskoning gevraagd nader onderzoek te doen naar de afwatering van het perceel Treurniet via De Wildert. Dit onderzoek wordt als bijlage van de Toelichting van het bestemmingsplan opgenomen. In de Regels wordt een voorwaardelijke verplichting opgenomen voor extra waterberging op het perceel Treurniet. 61.
Grondwaterstroming In het ontwerpbestemmingsplan wordt beweerd dat er in het plangebied geen grondwaterstroming bestaat tot een diepte van 13,04 meter onder het bestaande maaiveld. Deze bewering klopt niet met de werkelijkheid. Met behulp van peilbuizen is gebleken dat er wel degelijk ondergrondse waterbewegingen zijn in het plangebied. Deze meetgegevens zijn toegezonden aan de projectleider van de gemeente. Bovendien is het een feit van algemene bekendheid dat grondwater stroomt, evenals oppervlaktewater en eventuele grondwaterverontreiniging. In het bijzonder stroomt grondwater door zandlagen die in het plangebied aanwezig zijn. Volgens de Wet van Darcy stroomt grondwater in de richting waar het waterniveau lager is. De Actuele Hoogtekaart Nederland laat zien dat de noordwestzijde van de Treurniet-locatie (kern van de dijk) hoger ligt dan de zuidoostelijke zijde (polderzijde), waar zich onze woning bevindt. Aangezien de verkeerde veronderstelling in het ontwerpbestemmingsplan (dat er geen grondwaterstroming zou zijn) grote invloed heeft op de ondergrondse parkeergarage dient hier zorgvuldig onderzoek naar gedaan te worden. Welke concrete maatregelen gaat de ontwikkelaar nemen om natte voeten bij omwonenden te voorkomen? De gemeente dient te waarborgen dat dit ook daadwerkelijk zal plaatsvinden.
Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen op dit onderdeel naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). 62. Rapport RHDHV - onjuiste informatie gebruikt In het rapport van Royal Haskoning (blz. 2) zijn ten behoeve van het onderzoek door Royal Haskoning een aantal gegevens aangeleverd. Het is onbekend wie die gegevens heeft aangeleverd? Echter een van deze gegevens betreft het stuk genaamd '2018-01-30 K007 180130 Herontwikkeling Treurniet locatie V8 A1 200 WI v8.pdf’. Dit betreft een achterhaald stuk aangezien het ontwerp van Treurniet dateert van juli 2018. Ook in dit opzicht is niet de juiste informatie verstrekt aan Royal Haskoning, zodat de besluitvorming rond het bestemmingsplan niet op deugdelijke informatie berust en dus niet voldoet aan de eisen van de Algemene wet bestuursrecht. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen op dit onderdeel naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1).
88
63. Rapport RHDHV – exacte gegevens bouwplan nog niet bekend Indieners stellen vast dat in het rapport van Royal Haskoning het volgende staat: "Exacte ontgravingsdiepten en de locatie van poeren, funderingsbalken en een eventuele liftschaft zijn nog niet bekend”. Hoe kan het dat er een ontwerpbestemmingsplan wordt ingediend waarin deze gegevens nog niet duidelijk zijn? Voordat een (ontwerp)bestemmingsplan vastgesteld kan worden, moet eerst de juiste informatie worden verwerkt door Royal Haskoning in haar rapport en dan moet de besluitvorming opnieuw plaatsvinden Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen op dit onderdeel naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). 64. Rapport RHDHV – onvoldoende concreet voor bepalen uitvoerbaarheid Een andere belangrijke opmerking in het rapport van Royal Haskoning is (blz. 2): "Opgemerkt wordt dat bovenstaande uitgangspunten een voorlopige status hebben. Naarmate meer details van het plan bekend zijn, dient het advies hierop te worden aangepast". Met andere woorden, de essentiële gegevens voor de parkeerkelder, zoals maar niet uitsluitend: voorlopig ingeschat vloerpeil, dikte groenlaag, dikte dak parkeerkelder, hoogte parkeerkelder, dikte vloer parkeerkelder, maximaal ontgravingsniveau, werkruimte rondom kelderbak, zijn nog niet duidelijk volgens ingenieursbureau Royal Haskoning.
Echter schrijft de gemeente vervolgens over de parkeerkelder en het rapport van Royal Haskoning: "De algemene conclusie is gerechtvaardigd dat op het onderdeel waterhuishouding de ontwikkeling van woningbouw op de locatie Treurniet uitvoerbaar is, zonder effecten op de omliggende percelen". Deze conclusie van de gemeente is ongerechtvaardigd. Het bestemmingsplan kan in deze vorm niet worden vastgesteld, omdat de voorbereiding onvoldoende is geweest. Op deze manier weten zowel de gemeente als de omwonenden niet waar zij aan toe zijn en dat terwijl de wethouder heeft toegezegd dat het onderzoek zorgvuldig en volledig moet worden uitgevoerd. Deze zorgvuldigheid en volledigheid zien wij wederom niet terugkomen. De gemeente dient ervoor te zorgen dat er eerst een onafhankelijk rapport komt waarin definitieve en correcte uitgangspunten zijn verwerkt. Bij de voorbereiding van een besluit vergaart het bestuursorgaan namelijk de nodige kennis omtrent de relevante feiten en de af te wegen belangen. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen op dit onderdeel naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). 65. Rapport RHDHV - verzoek ontvangst input onderzoek De architect heeft voorlopige gegevens versterkt aan Royal Haskoning (pagina 2 van het rapport).
Indieners ontvangen graag de onderbouwing van die gegevens en de bestanden die zijn gebruikt ten behoeve van het onderzoek die Royal Haskoning. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen op dit onderdeel naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). Stukken die door Royal Haskoning zijn gebruikt kunnen via de ontwikkelaar worden opgevraagd. 66. Watergang De Wildert – maatregelen tegen overstroming In het ontwerpbestemmingsplan (blz. 43) is ten onrechte opgenomen dat een juiste waterstand in de sloot De Wildert blijvend is geborgd via de overstort. Dit is niet juist omdat indieners in voorliggende jaren en ook in 2018 en 2019 hebben gebeld met de gemeente, specifiek met de afdeling 'Beheer en Onderhoud' en daarbij hebben verteld dat het water van de sloot De Wildert overstroomde in de achtertuin bij zware regenval. De gemeente dient de juiste maatregelen hiervoor te treffen. Bij de voorbereiding van een besluit vergaart het bestuursorgaan de nodige kennis omtrent de relevante feiten en de af te wegen belangen. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen naar de beantwoording van zienswijze 60. 89
67. Toevoegen waterberging op locatie Tevens wordt aangegeven (blz. 43) dat de mogelijkheden om waterberging toe te voegen op de locatie bij de uitwerking van het bouwplan nader worden onderzocht. Het voorontwerpbestemmingsplan dateert van 26 maart 2019. Inmiddels zijn indieners bijna één jaar verder, een jaar waarin de ontwikkelaar en gemeente onderzoeken hebben gedaan en nog steeds is het ontwerpbestemmingsplan op diverse punten, waaronder het hiervoor beschreven punt, incompleet. Waarom is deze informatie niet beschikbaar het ontwerpbestemmingsplan? Indieners willen van de gemeente deze volledige en correcte informatie tegemoet zien. Bij de voorbereiding van een besluit vergaart het bestuursorgaan tenslotte de nodige kennis omtrent de relevante feiten en de af te wegen belangen. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen naar de beantwoording van zienswijze 60. 68. Onderhoud watergang - vragen Indieners stellen dat er ook plotseling een passage is toegevoegd aan het ontwerpbestemmingsplan, (blz. 43) die niet voorkwam in het voorontwerp: "De aanliggende perceeleigenaren zijn verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van de aan het plangebied grenzende watergang. In het bestemmingsplan is rekening gehouden met de benodigde onderhoudsstrook van 1,5 m".
Dit roept bij indieners de volgende vragen op: • Welke perceeleigenaren worden hier bedoeld? • Welke watergang wordt hier bedoeld? • Waaruit blijkt dat de aanliggende perceeleigenaren verantwoordelijk zijn voor het beheer en onderhoud van de aan het plangebied grenzende watergang? • Wat is de verantwoordelijk van het Waterschap hierin? • Wat is de verantwoordelijkheid van de perceeleigenaar hierin? • Wat is de verantwoordelijkheid van de gemeente hierin? Gemeentelijke beantwoording Deze passage is toegevoegd naar aanleiding van de vooroverlegreactie van het Hoogheemraadschap Delfland op het voorontwerpbestemmingsplan (zie bijlage 22 van de Toelichting). Dit betreft watergang De Wildert. Deze watergang is in eigendom van de gemeente. De gemeente is verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud hiervan. Wij passen de tekst in de Toelichting hierop aan. 69. Rapport RHDHV – analysecertificaat kwaliteitsbeheerder In het rapport van Royal Haskoning staat aangegeven dat er een analysecertificaat aan de waterkwaliteitsbeheerder voorgelegd dient te worden.
Indieners vernemen graag of dat is gebeurd, wat de reactie is geweest van de waterkwaliteitsbeheerder en naar aanleiding daarvan welke acties er zijn ondernomen? Indien dit niet is gebeurd, vernemen wij graag waarom niet en wanneer dat gaat gebeuren? Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). 70. Rapport RHDHV – onopgeloste stoffen voor lozing op riool In het rapport van Royal Haskoning staat: "Wel is het aantal mg/L aan onopgeloste stoffen voor directe lozing op een schoonwaterriool te hoog". De gemeente dient ervoor zorg te dragen dat dit niet meer voorkomt. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen op dit onderdeel naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1).
90
71. Rapport RHDHV - waterpeil De Wildert fluctueert Royal Haskoning geeft met betrekking tot het waterpeil aan dat de sloot aan de ander kant van het perceel, parallel aan de vaart, een hoger waterpeil heeft dan het bovengenoemd vastgesteld peil. Daarbij komt dat het waterpeil in deze sloot (restant van de Wildert) driemaal is opgemeten (Van der Helm in 2016: NAP -3,73 m, Geosonda in 2019: NAP -3,71 m en NAP -4,13 m). De metingen van Geosonda (met een verschil van circa 0,4 m) zijn op dezelfde dag uitgevoerd. Dit geeft aan dat er grote verschillen in het waterpeil zijn geconstateerd in 3 jaar tijd. Dit kan ermee te maken hebben dat er al het nodige is nieuw gebouwd in Berkel Centrum. Op welke wijze gaat de ontwikkelaar om met deze waterpeilen en de te ontwikkelen nieuwbouw? Uit het rapport blijkt namelijk dat het e.e.a. met elkaar samenhangt en daar kan niet zondermeer aan voorbij worden gedaan door de gemeente en de ontwikkelaar. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). 72. Rapport RHDHV – waterpeil sloot Royal Haskoning geeft aan dat: "het water in de sloot voedt mogelijk het grondwater". Deze constatering had door de eigenaar bevestigd kunnen worden aangezien hij met zijn bedrijf belang heeft bij deze sloot. Deze sloot zorgt er namelijk voor dat de houten palen onder de Maalderij niet droog komen te staan.
Hoe kan het zijn dat dit niet duidelijk is voor Royal Haskoning? Voordat een (ontwerp)bestemmingsplan vastgesteld kan worden, moet eerst de juiste informatie worden verwerkt door Royal Haskoning in haar rapport en dan moet de besluitvorming opnieuw plaatsvinden. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). 73. Rapport RHDHV – ontgravingswijze vastleggen in bestemmingsplan Tevens geeft Royal Haskoning aan: "stijghoogte onder het evenwichtsniveau NAP -4,9 m. Als de stijghoogte in het watervoerende pakket tijdens de uitvoering hoger is dan NAP -4,9 m bestaat er gevaar dat de bouwputbodem openbarst". Waarom wordt dit risico genomen? Welke activiteiten gaan er plaatsvinden om het openbarsten van de bouwputbodem niet te laten plaatsvinden? Daarbij wordt door Royal Haskoning ook aangegeven dat om evenwichtssituatie te behouden en het opbarstrisico te voorkomen, is de volgende ontgravingswijze van groot belang: • De laatste 2 à 3 decimeter van de deklaag in de bouwkuip dient in stroken ontgraven te worden. • Direct nadat een strook tot maximaal NAP -7,1 m ontgraven is, dient de grondverbetering van zand in de betreffende strook te worden aangebracht. • Pas nadat de openliggende strook is aangevuld met de grondverbetering van zand, mag begonnen worden met de ontgraving van de volgende strook.
Indieners stellen dat deze ontgravingswijze dient als voorwaarden te worden gesteld in het ontwerpbestemmingsplan aangezien dit van groot belang is. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). Aanvullend merken we op dat voornoemde onderwerpen de uitvoering van het plan betreffen, zodat deze in de uitvoeringsfase aan de orde komen. Nadere voorwaarden op deze punten in het bestemmingsplan is niet aan de orde. 74. Rapport RHDHV – panden zonder fundatie In het rapport van Royal Haskoning staat: “De oude bebouwing langs de Rodenrijseweg kan zowel op houten palen of op staal staan. Droogstand van eventueel aanwezige houten palen wordt door de geringe invloed van de tijdelijk bemaling en de afstand van de panden tot de bouwkuip niet verwacht". Er zijn ook panden langs de Rodenrijseweg die géén fundatie hebben, daarover wordt niet gesproken. Er dient door de gemeente zorgvuldig met deze panden te worden omgegaan.
91
Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). Zie ook de beantwoording van zienswijze 73. 75. Rapport RHDHV - damwand Royal Haskoning heeft het volgende uitgangspunt (helaas weer geen feit): "Bij de berekening is ervan uitgegaan dat de damwand overal in het slot staat en tot voldoende diepte is aangebracht. Is dit niet het geval, dan wordt aangenomen dat herstellende maatregelen (bijvoorbeeld injectie) worden uitgevoerd". Waarop is dit uitgangspunt gebaseerd? Tevens wordt er een aanname gedaan voor herstellende maatregelen, echter komt hierover niets terug in het ontwerpbestemmingsplan. De gemeente dient hierover duidelijkheid te verschaffen. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). Zie ook de beantwoording van zienswijze 73. 76. Rapport RHDHV – consequenties diepere aanleg In hoofdstuk 4 van het rapport van Royal Haskoning wordt geschreven: "dat bij een aanlegniveau van de constructie op NAP -6,8 m, indien de grondverbetering van zand op de juiste manier wordt aangelegd (zie paragraaf 42), geen spanningsbemaling benodigd is. Indien het ontgravingsniveau uiteindelijk dieper wordt dan in dit advies voorzien, dan dient mogelijk toch een (beperkte) spanningsbemaling uitgevoerd te worden".
Dit zijn wederom diverse aannames die worden gedaan bij het hoofdstuk "Consequenties diepere aanleg" aangezien er meerdere malen gesproken wordt over 'indien'. Vervolgens komt hierover niets terug in het ontwerpbestemmingsplan. De gemeente dient duidelijkheid te geven over de feitelijke omstandigheden en de daaraan verbonden consequenties voor een diepere aanleg. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). Zie ook de beantwoording van zienswijze 73. 77. Rapport RHDHV – verwachtingen i.p.v. feiten Royal Haskoning spreekt in haar gehele rapport over 'verwachtingen' er wordt totaal niet gesproken over feiten en daadwerkelijke gebeurtenissen. Verwachtingen brengen een onzekere factor met zich mee en dat op een zéér essentieel onderdeel binnen dit gehele particuliere bouwplan. Het is onacceptabel dat er gehoopt wordt dat alles goed gaat, dit is vragen om grote (water)ellende. De gemeente dient met feiten te onderbouwen dat er een goed uitvoerbaar bouwplan ligt in dit kwetsbare dijklichaam. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). 78.
Rapport RHDHV – bouwkuip in beschermingszone waterkering In paragraaf 6.4 'Effect op waterkering' van Royal Haskoning staat: "Op basis van de legger van Hoogheemraadschap van Delfland (zie Figuur 15) valt een klein gedeelte van de bouwkuip binnen de beschermingszone van de waterkering langs de Rodenrijse Vaart". Indieners zien het akkoord van het Hoogheemraadschap van Delfland tegemoet waaruit blijkt dat zij ermee akkoord gaan dat de ontwikkelaar de bouwkuip plaatst binnen de beschermingszone van de regionale waterkering langs de Rodenrijse Vaart. Indien het Hoogheemraadschap van Delfland niet akkoord gaat met het plaatsen van de betreffende bouwkuip in de beschermingszone vernemen indieners een volledige reactie hoe dit punt (op een andere wijze) gaat worden verwerkt in het bouwplan van Treurniet.
92
Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). 79. Rapport RHDHV – borging voorkomen effecten op naburige percelen Royal Haskoning schrijft in hoofdstuk 7 'Barriérewerking kelderbak toekomstige situatie' het volgende: "De toekomstige parkeerkelder zal naar verwachting zorgen voor hogere grondwaterstanden aan de stroomopwaartse zijde en lagere grondwaterstanden aan de stroomafwaartse zijde van de parkeerkelder. Deze effecten zullen in ieder geval optreden op het eigen perceel, maar mogelijk ook op naburige percelen". In het ontwerpbestemmingsplan wordt hierover niet gesproken terwijl dit een essentieel onderdeel is voor de toekomstige situatie. De gemeente dient te waarborgen dat de effecten niet optreden op de naburige percelen. Het is van groot belang dat dit juridisch goed wordt vastgelegd tussen de partijen. Wij zien deze juridische vastlegging als direct omwonenden graag tegemoet. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). In de Regels wordt een voorwaardelijke verplichting opgenomen, waardoor de gemeente mitigerende maatregelen kan verbinden aan de omgevingsvergunning in relatie tot de waterhuishouding en ter bescherming van de omliggende percelen. 80. Rapport RHDHV – overbelasting sloot De Wildert Paragraaf 7.4 b (blz.
32) van Royal Haskoning "Aanleg drainage langs de noordoost- en zuidwestzijde van het perceel. Afvoer van drainagewater naar oppervlaktewater" (dit is de Wildert). Het lijkt erop dat de Royal Haskoning zich niet bewust is van het feit dat het water vanuit de Terpstraat en de Laan van Romen via een tyleenslag ook aangesloten is op de duiker van de sloot De Wildert. Daarbij komt dat bij hevige regenval het water overstroomt uit de sloot De Wildert. Hierover hebben indieners de afgelopen jaren als bewoners al diverse meldingen gemaakt bij de gemeente, de afdeling Beheer & Onderhoud. Hieruit blijkt dat de sloot De Wildert thans al is overbelast. Tevens wordt deze sloot met de omschreven maatregelen door Royal Haskoning nog meer overbelast. De gemeente dient erop toe te zien dat deze overbelasting wordt opgelost. Als dat namelijk niet gebeurd houden indieners als bewoners die rechtstreeks achter de sloot De Wildert wonen geen droge voeten, omdat onze woning ruim 1 meter lager ligt dan de sloot De Wildert en het een feit van algemene bekendheid is dat water naar het laagste punt stroomt. De gemeente dient erop toe te zien dat er oplossende maatregelen worden getroffen. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen naar de beantwoording van zienswijze 60. 81.
Rapport RHDHV – afvoersituatie onduidelijk In hoofdstuk 8 van het rapport van Royal Haskoning staat: "Hoe de afvoersituatie vanaf de locatie naar het omringende oppervlaktewater- en rioleringssysteem momenteel precies is, is nog onduidelijk". Het is onwerkelijk dat er een ontwerpbestemmingsplan ter inzake wordt neergelegd terwijl er wederom een essentieel onderwerp niet duidelijk is. Hoe kan dit gebeuren? De gemeente dient hierover duidelijkheid te geven en dit te verwerken in het (ontwerp)bestemmingsplan. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1).
93
82. Rapport RHDHV – schuren onderwater – maatregelen uitwerken In figuur 20 'Berekende verhoging grondwaterstanden toekomstige situatie, k = 5 m/dag. Links: gemiddelde grondwateraanvulling. Rechts: extreme grondwateraanvulling' van het rapport van Royal Haskoning geeft geen juiste weergave van de huidige bebouwde situatie. De schuur van indieners en ook de schuren van de buren en de uitbouw van de buurman van indieners zijn niet ingetekend in dit figuur. Hetgeen betekent dat deze schuren volledig onder water komen te staan als je naar de toekomstige situatie kijkt waarbij geen maatregelen zijn genomen door de ontwikkelaar. Het is daarom van belang dat dit op een juiste wijze wordt aangepast en de te nemen maatregelen worden uitgewerkt in het (ontwerp)bestemmingsplan. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). 83. Rapport RHDHV – oppervlakte parkeerkelder In tabel 8 van het rapport van Royal Haskoning 'Verdeling oppervlakten toekomstige situatie' staat aangegeven dat op perceel 6248 de oppervlakte van de kelder 928 m2 gaat zijn en op perceel 2159 gaat de oppervlakte van de kelder 405 m2 zijn.
Waarom is het totale oppervlakte van de kelder niet in deze tabel weergeven (de andere totale oppervlakte zijn wel weergegeven)? Als indieners de 2 oppervlaktes van de kelder bij elkaar optellen dan komen zij uit op een totale oppervlakte van 1.333 m3 voor de kelder. In het ontwerpbestemmingsplan staat: "Het ruimtebeslag van de parkeerkelder bedraagt maximaal 1.500 m 2”. De gemeente dient duidelijkheid te geven over hoeveel m2 de parkeerkelder daadwerkelijk zijn Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). 84. Rapport RHDHV – afwatering In hoofdstuk 8 van het rapport van Royal Haskoning staat: "wat betreft berging kunnen extra maatregelen genomen worden om de belasting van hemelwater op oppervlaktewater en riolering verder terug te dringen, om eventuele toekomstige overlast op de locatie zelf zoveel mogelijk te voorkomen, de leefbaarheid van de appartementen te verhogen en de afwatering van het perceel te verbeteren". Aangezien de locatie Treurniet met nieuw te ontwikkelen appartementen en de parkeerkelder een enorme invloed hebben van hemelwater op oppervlaktewater en riolering op de directe omgeving ontbreken hier de extra maatregelen voor deze omgeving.
De gemeente dient duidelijkheid te geven over welke extra maatregelen er voor de directe omgeving worden genomen door de ontwikkelaar en op welke wijze die maatregelen gaan worden vastgelegd. Bij de voorbereiding van een besluit vergaart het bestuursorgaan de nodige kennis omtrent de relevante feiten en de af te wegen belangen. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen naar de beantwoording van zienswijze 60. 85. Rapport RHDHV – constructietekeningen ontbreken In hoofdstuk 10 van het rapport van Royal Haskoning wordt aangegeven: "Zodra de constructietekeningen beschikbaar zijn dienen de uitgangspunten in dit advies gecontroleerd te worden. Met name de maximale aanlegdiepte en het maximale ontgravingsniveau zijn van groot belang". Hoe kan het gebeuren dat er een advies ligt zonder dat constructietekeningen beschikbaar zijn gesteld? Er wordt door Royal Haskoning aangegeven dat de maximale aanlegdiepte en het maximale ontgravingsniveau van groot belang zijn. Voordat een (ontwerp)bestemmingsplan vastgesteld kan worden, moet eerst de juiste informatie worden verwerkt door Royal Haskoning in haar rapport en dan moet de besluitvorming opnieuw plaatsvinden.
94
Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). 86. Rapport RHDHV – vergunningplicht Tevens wordt in hoofdstuk 10 van het rapport van Royal Haskoning aangegeven: "Mogelijk is de onttrekking vergunningsplichtig in verband met de samenhang met werkzaamheden binnen (een gedeelte van) de beschermings- en kernzone van een waterkering. Gecontroleerd dient te worden of de afmetingen van de beschermings- en kernzone van de waterkering correct staan weergeven in de legger van Hoogheemraadschap Delfland”. De gemeente dient volgens indieners op te nemen in het (ontwerp)bestemmingsplan of de onttrekking vergunningplichtig is en indien dat het geval is wanneer die vergunningen worden aangevraagd. De gemeente dient te controleren of de afmetingen van de beschermings- en kernzone van de waterkering correct staan weergeven in de legger van Hoogheemraadschap Delfland. Tevens dient de gemeente ook dit punt op te nemen in het (ontwerp)bestemmingsplan. Bij de voorbereiding van een besluit vergaart het bestuursorgaan de nodige kennis omtrent de relevante feiten en de af te wegen belangen. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). De beschermingszone staat correct weergegeven op de Verbeelding van het bestemmingsplan. 87.
Rapport RHDHV – definitieve rapportage? Royal Haskoning geeft aan dat er nog een definitieve rapportage komt. Waarom is er geen definitief rapport op dit gebied toegevoegd aan het ontwerpbestemmingsplan? Wederom wordt de rechtszekerheid aangetast omdat indieners in het ongewisse worden gelaten over wat er gaat gebeuren op het gebied van de totale waterhuishouding en de omgeving. De gemeente dient het bestemmingsplan niet eerder goed te keuren dan dat alle feiten duidelijk zijn en op basis van definitieve rapportages zoals is toegezegd door de wethouder. Bij de voorbereiding van een besluit vergaart het bestuursorgaan namelijk de nodige kennis omtrent de relevante feiten en de af te wegen belangen. Gemeentelijke beantwoording Wij concluderen dat in voldoende mate duidelijkheid bestaat over hetgeen door het bestemmingsplan mogelijk wordt gemaakt en dat de effecten hiervan voldoende in beeld zijn gebracht. Aanvullend verwijzen wij naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). 88. Rapport RHDHV – bevestigen uitgangspunten door gemeente Aangezien het gehele rapport door Royal Haskoning voorzien is van uitgangspunten, aanbevelingen en mogelijke maatregelen is het van belang dat: • Dit ook de uitgangspunten zijn van de ontwikkelaar. • De aanbevelingen worden overgenomen door de ontwikkelaar, en • De mogelijke maatregelen ook daadwerkelijk worden uitgevoerd.
Als er namelijk één uitgangspunt niet klopt dan kloppen de daaraan verbonden maatregelen ook niet. De gemeente dient te bevestigen dat de uitgangspunten van de Royal Haskoning ook de uitgangspunten zijn van de ontwikkelaar in zijn bouwplan. Indieners vragen de gemeente om de uitgangspunten, aanbevelingen en de te nemen maatregelen volledig uit te werken in het (ontwerp)bestemmingsplan zodat dit voor alle partijen duidelijk is. Bij de voorbereiding van een besluit vergaart het bestuursorgaan de nodige kennis omtrent de relevante feiten en de af te wegen belangen.
95
Gemeentelijke beantwoording Wij concluderen dat het rapport van Royal Haskoning in afdoende mate aansluit bij hetgeen door het bestemmingsplan wordt mogelijk gemaakt. Voor wat betreft de effecten vanwege de gewijzigde parkeerbak verwijzen naar de thematische beantwoording over water (bijlage 1). 89. Rapporten – bijlagen zijn verouderd Bij het ontwerpbestemmingsplan zijn bijlagen gevoegd die volgens indieners niet te rijmen zijn met het ontwerpbestemmingsplan dat nu voor goedkeuring voorligt. Er zitten allemaal oude tekeningen en afmetingen bij. In het akoestisch rapport bijvoorbeeld worden zelfs geen gegevens van de huidige (verkeers)situatie opgenomen. Om tot een goede vergelijking te komen zijn de huidige gegevens nodig, graag zien indieners die tegemoet. Gemeentelijke beantwoording Door indieners wordt niet aangegeven welke tekeningen en afmetingen verouderd zijn. Het bestemmingsplan moet inzicht moet geven in de uitvoerbaarheid van de beoogde ontwikkeling. Om die reden worden adviezen ingewonnen en waar nodig onderzoeken uitgevoerd. Op basis van deze adviezen en onderzoeken concluderen wij dat de voorgestelde herontwikkeling uitvoerbaar is. Uitvoerbaar betekent niet dat er in het kader van de verdere uitwerking van de herontwikkeling en uiteindelijk bij de vergunningaanvraag geen nadere onderzoeken moeten worden uitgevoerd en overlegd.
Indien het uiteindelijke bouwplan afwijkt van eerdere versies, dient hiervoor aanvullend te worden aangetoond dat er geen nadelige effecten optreden. Uitvoerbaar betekent ook niet dat niet op onderdelen (mitigerende) maatregelen zouden moeten worden genomen. In bijlage 1 van het akoestisch rapport is aangegeven dat van actuele verkeersgegevens wordt uitgegaan. 90. Rapporten – niet opgesteld door onafhankelijke deskundige Daarbij komt dat de rapporten die zijn bijgevoegd als bijlage niet zijn opgesteld door een onafhankelijke deskundige maar door een partij-adviseur, namelijk van de projectontwikkelaar. De gemeente dient de rapporten te (laten) updaten - door onafhankelijke deskundigen — zodat die in lijn zijn met de aanvraag waarvoor nu een ontwerpbestemmingsplan ter goedkeuring ligt. Indieners zien deze stukken graag nog tegemoet. Gemeentelijke beantwoording De adviseurs die door de ontwikkelaar zijn ingeschakeld zijn allemaal onafhankelijke en deskundige partijen. De gemeente heeft geen reden aan de uitkomsten te twijfelen. Bovendien zijn de milieuonderzoeken op verzoek van de gemeente beoordeeld door milieudienst DCMR en het rapport van Royal Haskoning door het Hoogheemraadschap Delfland. 91.
Klimaatadaptatie - ambitiedocument Er wordt aangegeven dat de klimaatadaptie wordt vormgegeven door een afname van verharding oftewel bestrating en vervangen wordt door: meer groen op straatniveau en een groen dak. Indieners kunnen deze opmerking niet plaatsen aangezien de Verbeelding laat zien dat bijna 90% woonbestemming wordt aangevraagd en slechts een kleine gedeelte bestemming Tuin. De gemeente dient dit in lijn te brengen met de hierover gestelde randvoorwaarden in het Ambitiedocument. Gemeentelijke beantwoording Wij verwijzen op dit onderdeel naar de thematische beantwoording over het ambitiedocument. 92. Duurzame gebiedsontwikkeling - EPC- energieneutraal bouwen Het ontwerpbestemmingsplan dient ook te voldoen aan de richtlijn "Duurzame gebiedsontwikkeling (T17.38476)". Daarnaast dient deze nieuwbouw op de Treurniet locatie te voldoen aan diverse wetten en regels, zoals het Bouwbesluit, de EPC-eisen en het verplichte energielabel. Ook moeten vanaf 1 juli 2020 alle nieuwe gebouwen in Nederland energie neutrale gebouwen zijn. Aangezien hier immers