T21.00151 technische vragen CU Kadernota 2022 GRJR
Tekst van het document
FORMULIER BEANTWOORDING TECHNISCHE VRAGEN TER VOORBEREIDING COMMISSIE BESPREKING
Betreft commissie Samenleving
14 januari 2021
Nummer en naam agendapunt:
Zienswijze kadernota GRJR 2022, 6a
Vraag van (fractie en cie lid invullen)
Paul Lieverse, CU
Vraag:
1. Hier en daar wordt verwezen naar de nog te bespreken Regiovisie. Hoe verhoudt die Regiovisie zich tot de inhoudelijke punten in deze Kadernota? 2. In de Kadernota komen taakstellingen aan bod van aanzienlijke bedragen. Er worden enkele mogelijke maatregelen genoemd, en quickwins. Wat zijn de mogelijkheden daarvan getalsmatig (qua bedragen)? 3. Aangegeven wordt dat de transformatie vertraagd is door de coronacrisis. Hoe groot is de invloed daarvan op de te behalen taakstelling?
Beantwoording:
1.
Hier en daar wordt verwezen naar de nog te bespreken Regiovisie.
Correct, daarmee wordt aangegeven dat deze visie ook kaderstellend zal zijn voor de volgende begroting van de GRJR. 2.
Hoe verhoudt die Regiovisie zich tot de inhoudelijke punten in deze Kadernota?
De doorwerking van de Regiovisie zal met name in de inkoop en aanbesteding voor 2023 en verder te zien zijn, die in 2021 en 2022 wordt voorbereid in lijn met de Regiovisie. De uitvoeringskosten worden in de begroting 2022 opgenomen, het resultaat zal vooral in de begroting 2023 en verder doorwerken. Daarnaast is er ruimte voor inkoopexperimenten in 2022 waar in de begroting 2022 rekening moet worden gehouden. 3.
In de Kadernota komen taakstellingen aan bod van aanzienlijke bedragen. Er worden enkele mogelijke maatregelen genoemd, en quickwins.
Er is een maatregelenpakket vastgesteld tegelijk met de
begroting 2021. Dat pakket gaat uit van jaarlijks 1% kostenreductie oplopend tot 4% in 2024 ten opzichte van de begroting 2020. De Kadernota grijpt terug op dat plan. 4.
Wat zijn de mogelijkheden daarvan getalsmatig (qua bedragen)?
De beoogde opbrengsten zijn genoemd in de Kadernota op p. 37 in de tabel onderaan onder het kopje “Nog toe te wijzen taakstelling”. De beoogde opbrengst is vanaf 2021 €2,7 miljoen, in 2022 oplopend naar €5,4 miljoen structureel (afgezien van indexatie en autonome groei). De maatregelen hiervoor zijn ingevuld. Voor 2023 en 2024 wordt een verder oplopende opbrengst geraamd tot €8,1 miljoen resp. €11,2 miljoen (idem). De maatregelen hiervoor moeten nog worden ingevuld. 5.
Aangegeven wordt dat de transformatie vertraagd is door de coronacrisis. Hoe groot is de invloed daarvan op de te behalen taakstelling?
De besparingsmaatregelen betreffen vooral lokale transformatieplannen die indirect van invloed zijn op de kosten voor de specialistische jeugdhulp die regionaal is georganiseerd. Denk aan vernieuwende samenwerking met huisartsen waardoor hun verwijsgedrag wordt beïnvloed of een meer intensieve samenwerking bij complexe casuïstiek. Vanwege de coronapandemie is het risico aanwezig dat de verwachte indirecte doorwerking van de maatregelen pas later zal optreden. Maar corona kan ook anderszins invloed hebben op de inzet van jeugdhulp, waardoor de effecten nog niet zijn in te schatten.