[I25.20345] Advies van de Adviesraad Sociaal Domein op de actualisatie van de Regiovisie Jeugdhulp Rijnmond 2026-2030
Tekst van het document
Aan het college van burgemeester en wethouders van Lansingerland Postbus 1 2650 AA Berkel en Rodenrijs Ons kenmerk: ASD25.B.007 Betreft: Advies op de actualisatie van de Regiovisie Jeugdhulp Rijnmond.
Lansingerland, 6 oktober 2025 Geacht college, Op 25 juli 2025 ontving de ASD de aanvraag om een reactie en advies met betrekking tot de actualisatie van de Regiovisie Jeugdhulp Rijnmond. Bij ons advies geven we, na lezing van het eerste concept van het 'Hoofdlijnenbericht over de actualisatie van de Regiovisie Jeugdhulp Rijnmond', eerst een algemene reactie. Daarna zullen we specifiek ingaan op uw verzoek om een advies te geven op enkele concrete vragen. Inhoudelijke reactie op het hoofdlijnenbericht Elk kind hoort op te groeien in zijn eigen gezin TENZIJ, en uiteraard is tijdige en passende ondersteuning daarbij nodig voor een aantal kinderen en hun gezin. In zijn algemeenheid valt het de ASD op dat de richting waarin deze actualisatie zich begeeft een goede ontwikkeling is maar de vraag roept zich wel op wat er nu werkelijk anders is in deze actualisering behalve de constatering dat het recht op jeugdhulp moet worden gerelativeerd en dat het uitgangspunt moet zijn om passende hulp te bieden waarbij 'gewoon goed genoeg' is. Deze richting is al langer bekend en ingezet (ook in de meest recente wijziging van de verordening sociaal domein/ reikwijdte jeugdhulp) Het is dus goed dat dit in deze actualisatie scherper en duidelijker omschreven wordt. Wij vragen ons af waar we nu eigenlijk staan, 10 jaar na de invoering van deze decentralisatie.
Zoals in het hoofdlijnen bericht geschetst wordt - en wat al jaren bekend is - zijn hulpbehoeften en kosten vanaf dat moment alleen maar toegenomen. De ASD vraagt zich af of datgene wat in de afgelopen jaren in beweging is gezet wel de goede richting was. Alleen een aanscherping zal niet voldoende zijn en de ASD is dan ook bijzonder geïnteresseerd in de uitwerking van de actualisatie in een nog op te stellen uitvoeringsprogramma. Over de pedagogische basis en het belang van een netwerk De ASD is blij dat uit de actualisatie duidelijk wordt dat het versterken van de pedagogische basis wenselijk is. De sterke pedagogische basis is o.i. de basis om te kunnen afschalen naar minder hoog specialistische zorg, dus focus hierop is belangrijk. Binnen deze pedagogische basis is het absoluut noodzakelijk dat er sprake is van een netwerk. In de tekst wordt meerdere keren het eigen netwerk aangehaald. Een van de problemen van deze tijd is juist dat die netwerken er vaak niet meer zijn, of door de problemen in een gezin juist kleiner worden, als de problemen groter worden. De ASD vraagt zich af of er naast tijdelijke hulp ook hulp wordt ingezet op de langere termijn voor het gezin in het vinden en onderhouden van dat 'blijvend sterk netwerk' om het gezin heen.
En wat, als het huidige netwerk onderdeel van het probleem is? De ASD vraagt speciaal aandacht voor de situatie waarin betrokkenen geen of een zeer beperkt netwerk hebben en/ of dit ook niet kunnen opbouwen. In dit verband zal bij een nadere uitwerking aandacht moeten zijn voor concrete ondersteuning in dit soort situaties. Daarnaast moet ervoor gewaakt worden dat 'het netwerk' - overigens net als 'de sterke lokale wijkteams' - gezien gaan worden als de oplossing voor alles.
Over de ervaringsdeskundige De ASD denkt dat er daarnaast nog iets toegevoegd mag worden aan de vaak genoemde professionals, namelijk de ervaringsdeskundigen die de problemen snappen, voelen en de goede taal spreken. Deze ervaringsdeskundigen zien we nu in de actuele tekst niet of nauwelijks terugkomen. We zijn blij om tijdens de beeldvormende avond van 1 oktober j.l. te horen over initiatieven in Rotterdam om ervaringsdeskundigen te betrekken bij de actualisatie van de regiovisie. Onze vraag is of er in Lansingerland plannen zijn om te komen tot een samenwerking met ExpEx (afkorting voor Experienced Experts), een organisatie in Rotterdam, bestaande uit een divers samengesteld team van jongeren tussen 16 en 30 jaar die hard werken aan een verandering en structurele verbetering van de jeugdhulp. Over de rol van het onderwijs Bij de versterking van die pedagogische basis is een goede relatie en samenwerking met het onderwijs van primair belang. In dat kader is het niet verstandig om in de tekst rond dit thema een voorbeeld op te nemen waarbij de aanpassing van de omgeving wordt gekoppeld aan aanpassingen in de klas als oplossing voor problemen. Het lijkt de ASD verstandig deze passage niet op te nemen maar dit onderwerp met het onderwijs te bespreken. Bij het netwerk wordt ook 'school' genoemd. Dit lijkt de ASD wat lastig.
Immers, het onderwijs wordt, hopen wij, onderdeel van de stevige lokale teams. Daarbij staat school dan meer aan de kant van de afbouwende jeugdhulp, dan aan de kant van het blijvende netwerk van het gezin. De school heeft natuurlijk een luisterend oor voor ouders (in sommige gevallen met opvoedtips), er is een JOS medewerker en er is steun voor leer- en ontwikkelingsproblemen voor het kind, maar de school is nooit een 'echt' onderdeel van het netwerk van een gezin. Via school kunnen gezinnen wel andere contacten opdoen (bijvoorbeeld op het schoolplein), die onderdeel kunnen worden van het netwerk. We verwijzen ook naar voorbeelden in de regio waarbij scholen die ontbijt en activiteiten na school aanbieden zo veel meer onderdeel zijn van het netwerk of de buurt. De ASD onderschrijft de belangrijke rol die het onderwijs bij de jeugdhulp vervult. Onze contacten met schoolbesturen en het onderwijsveld laten echter zien dat er bij dit gremium nog steeds een achterstand in informatie bestaat betreffende de wijze waarop regionaal en lokaal vorm wordt gegeven aan jeugdhulp. Het noodzakelijke bestuurlijke overleg tussen gemeente en schoolbesturen richt zich vooral op het jaarlijkse verplichte OOGO-overleg en dan vooral op het gebied van onderwijshuisvesting.
We zijn blij te vernemen dat er sinds kort hernieuwd invulling wordt gegeven aan het overleg in de vorm van de Lokaal Educatieve Agenda (LEA) maar ook hier zal de focus veel meer moeten komen te liggen op de aansluiting tussen onderwijs en jeugdhulp. Over de noodzaak van samenwerking Wij vragen ons af wat de vele malen benoemde samenwerking tussen de verschillende domeinen eigenlijk in de weg staat. Waar staan we nu en welke concrete stappen worden er straks genomen? Hebben we nu eigenlijk wel voldoende zicht op oorzaken van hulpvragen en de instroom van jongeren. Ook bij een stabiele vraag blijven de kosten immers stijgen. Een voortgaande systematische analyse van oorzaken en de zoektocht naar mogelijkheden om kostenstijgingen te beperken moeten dus onverminderd en met kracht worden doorgezet. Over de stevige lokale teams De noodzaak van deze teams wordt op meerdere plaatsen in het hoofdlijnenbericht genoemd. Recent heeft de ASD de adviesvraag ontvangen over de dóórontwikkeling van een lokaal team sociaal domein, waaronder de toegang. Gelukkig wordt hiermee iets meer duidelijk over de wijze waarop het college hier richting en invulling aan wil gaan geven. Wij zullen hier op korte termijn een reactie op geven. Vooruitlopend op ons advies vragen wij ons nu reeds af of de gemeente in dit kader over voldoende professionele menskracht beschikt.
De ASD hoopt dat de behandeling van de voorstellen voor de doorontwikkeling van het lokale team en de brede reactie (van maatschappelijke partners en de gemeenteraad) hierop snel verdere duidelijkheid zal geven betreffende een aantal uitvoeringstaken waarbij vooral de inrichting prioriteit zou verdienen. Hierbij is het van groot belang dat er nu reeds wordt geïnvesteerd op deskundigheid en kwaliteit van betrokken gemeentelijke beleidsadviseurs en de 'toekomstige' behandelaars. Zoals hiervoor al aangegeven zou de inzet van ervaringsdeskundigen wat ons betreft een belangrijke overweging kunnen zijn. Over het voorveld Datzelfde geldt voor de domein overstijgende samenwerking en het enorme belang van het 'voorveld'. Preventie, een lokaal team, bestaanszekerheid, maatschappelijke ondersteuning en het versterken van basisvoorzieningen zijn van doorslaggevend belang bij het realiseren van de genoemde doelen. De ASD constateert op tal van deze
gebieden nog tal van knelpunten in Lansingerland zoals het ontbreken van een goede en actuele sociale kaart van alle hulpverleners waarmee bijvoorbeeld door huisartsen goed kan worden doorverwezen. De onlangs georganiseerde netwerkbijeenkomst is een mooi initiatief om hier de nodige stappen in te gaan zetten maar laat tegelijk ook zien waar nog lacunes bestaan. De ASD is blij tijdens de eerdergenoemde beeldvormende avond te horen dat er in de komende periode meer structureel informatiebijeenkomsten belegd gaan worden met alle partners uit dat voorveld. Wij adviseren hierbij dat dit gebeurt onder leiding van een goed ingelezen gespreksleider. Wij begrijpen dat dit in andere GRJR-gemeenten reeds actief gebeurt. Over inkoop en aanbesteding Een goede en noodzakelijke brede samenwerking wordt heel moeilijk wanneer in een nieuwe ronde van aanbesteding nieuwe (en nog onbekende) partners worden gecontracteerd. Zeker wanneer dit over de brede groep van mensen (in alle leeftijden en met een diversiteit van problemen) weer opnieuw een zoektocht is naar aanbieders die in hun werkwijze goed aansluiten bij de ingeslagen veranderingen.
De ASD vraagt zich af of een pilot een goed idee zou zijn: Geef een ondersteuner een budget (á la PGB) om in te zetten zoals dat bij het gezin past en geef daarbij vrijheid om op te bouwen en af te schalen wanneer de ondersteuner en het gezin dat wenselijk vinden. Het meebewegen van aanbieders zou misschien zo kunnen optimaliseren. De ASD is een groot voorstander van het model waarbij één persoon de regie in handen heeft. Specialisten moeten ingeschakeld worden waar nodig maar een regisseur (bij voorkeur vanuit een lokaal team of vanuit de directe omgeving/pedagogische basis) is de contactpersoon en is als zodanig ook eindverantwoordelijk. Wij lezen in de laatste alinea dat pas in 2029 de nieuwe inkoop ingaat. De ASD vraagt zich hierbij af of dit betekent dat pas dan deze actualisatie in de praktijk gebracht gaat worden? Wat moeten/zouden de huidige aanbieders hier nu al mee kunnen? Dat met betrekking tot de nieuwe inkoopperiode de term 'aan de vooravond' wordt genoemd zonder concreet jaartaal voelt voor ons wat apart. Immers, 2029 voelt niet als 'vooravond'. Over data Het is goed om te lezen dat beschikbare data beter en meer grondig geanalyseerd en ingezet moeten worden om inzicht te krijgen wat werkt en waar knelpunten liggen. Dit sluit goed aan bij de conclusies van de rekenkamer in haar rapportage 'Samen op zoek naar zicht'.
Positief is de professionalisering van contractbeheer en besluitvorming en het verzamelen van info ten aanzien van resultaten en kosten. De ASD vraagt zich hierbij af wie nu welke gegevens verzamelt en hoe deze worden beheerd. Gemeenteraden hebben te weinig info om hun controlerende taak uit te voeren. Het is niet voor niets dat de Rekenkamer wijst op een noodzakelijke verbetering op het sturen op resultaten waarbij gemeenten juist formeel de taak en middelen moeten geven om sturingsinfo te verzamelen en regioanalyses uit te voeren. De vraag die rond dit thema bij ons wordt gesteld is welke data nu eigenlijk al beschikbaar zijn en hoe nu reeds sturing plaatsvindt? Gevraagde reactie op de concrete vragen
1. Kan de ASD zich vinden in de ambitie van de actualisatie van de regiovisie, namelijk "Rijnmond is een regio waar kinderen en jongeren zoveel mogelijk zonder jeugdhulp opgroeien, maar waar passende ondersteuning zo thuis nabij mogelijk beschikbaar is wanneer dat echt nodig is."? De ASD kan zich vinden in deze ambitie. Dit uitgangspunt is echter niet nieuw. Al in de beginjaren '70 van de vorige eeuw was dit het motto bij de jeugdbescherming en in alle jaren daarna zien we dit terugkomen in de vele interdepartementale rapporten met dezelfde uitgangspunten, soms net wat anders geformuleerd. T oen heette het 'Hulp zo kort, zo dichtbij en zo licht mogelijk' en nu dus 'Nabij en passend'. Maar de ASD vraagt zich af waar nu die actualisering in zit? In het hoofdlijnenbericht missen we veel concrete stappen om deze ambitie te gaan realiseren en daarnaast wordt - terecht - een opmerking gemaakt dat er een schaarste is aan middelen en personeel. Bovendien gaat het niet alleen om nabij en passend maar ook snel en direct. Wij begrijpen dat veel van deze vragen zullen worden uitgewerkt in een nog op te stellen uitvoeringsplan. De ASD vraagt zich af of zij nog een adviesvraag hiervoor zal ontvangen?
2. Hoofdstuk 5 gaat over de verbeteringen die nodig zijn in de regio. Herkent de ASD deze verbeterpunten? De benoemde verbeterpunten worden door ons zeker herkend maar zoals al eerder aangegeven niet voor het eerst. Daarbij hebben we al eerder in onze reactie opgemerkt dat op dit moment in Lansingerland de samenwerking met alle partners rond de pedagogische basis nog een flinke intensivering verdient. Juist dat blijvend sterke netwerk om het gezin heen is van evident belang maar hiervoor zullen nog veel stappen gezet moeten worden. Over contacten met het voorveld (huisartsen, welzijnsvoorzieningen en onderwijs) hebben we al de nodige opmerkingen
gemaakt, evenals de inzet van ervaringsdeskundigen. Daarbij vragen we ons ook af of de gemeentelijke organisatie rond jeugdhulp op dit moment voldoende in staat is om de sterke regierol en opdrachtgeverschap te kunnen vervullen. Er lijkt nu iets meer duidelijkheid te komen over de richting waarin de vorming van de sterke wijkteams zal worden ingezet. Een nadere bestudering zal duidelijk moeten maken of deze richting voldoende zal zijn om de genoemde verbeterpunten 1 tot en met 4 te realiseren. Voor deze verbeterpunten zijn stevige lokale teams immers een voorwaarde. Dat zou wat de ASD betreft nadrukkelijker aangegeven kunnen worden. In de inleiding wordt het lokale team wel als randvoorwaarde genoemd maar zonder die lokale teams gaan de verbeterpunten niet lukken. Het verbeterpunt met betrekking tot het benutten van data en grondige analyse zou sterker neergezet kunnen worden met gebruikmaking van de aanbevelingen van de Rekenkamer. Met betrekking tot de samenwerking moet duidelijk zijn dat deze rondom het kind en het gezin moet plaatsvinden en niet rond organisaties en aanbod. De uitgesproken verwachtingen in hoofdstuk 6 spreken ons bijzonder aan maar het vereist hier een ingrijpende cultuurwijziging. Dit vereist een veel concretere uitwerking op actieniveau dan de algemene formuleringen die nu in het hoofdlijnenbericht worden genoemd.
We zien ook in dit kader het uitvoeringsprogramma met interesse tegemoet. Tenslotte moeten we ervoor waken dat de opgesomde verbeteringen wel echte verbeteringen zijn en niet alleen omdat ze mede als doel hebben de financiële beheersbaarheid te bevorderen. Dan worden het al snel bezuinigingen.
3. Een verandering in deze actualisatie ten opzichte van de vorige regiovisie is de specifieke aandacht voor het voorkomen van uithuisplaatsingen en uitschoolplaatsingen. Kan de ASD zich vinden in deze aanscherping? De ASD vindt het belangrijk dat er meer aandacht komt voor het voorkomen van uithuisplaatsingen (onderdeel van de hulpverleningsketen en hiervoor verantwoordelijke organisaties/instituten zoals Veilig Thuis en de Raad voor de kinderbescherming). We kunnen niet helemaal duiden waarom dit in één adem wordt genoemd met het voorkomen van uitschoolplaatsingen. Daarbij is het volgens ons belangrijk dat er bij dit onderwerp duidelijk zicht moet zijn/komen op de oorzaken en data op het gebied van in /door/uitstroom van leerlingen, voortijdig schoolverlaten en schoolverzuim. In dit kader herhalen wij de belangrijke rol van het onderwijs en de interventies die nog nodig zijn om de aansluiting bij de jeugdhulp te realiseren. We hopen dat een intensivering van het bestaande overleg in het kader van de Lokaal Educatie Agenda hieraan zal bijdragen. Daarbij is de ASD ook geïnteresseerd in het door de wethouder al eerder toegezegde eerste Jaarverslag Leerplicht sinds enkele jaren en een mogelijke duiding van cijfers in dit verband.
We zien graag uw reactie tegemoet. Met vriendelijke groet, Adviesraad Sociaal Domein Lansingerland Marijke Bovens, voorzitter ASD Lansingerland Postbus 295 2650 AG Berkel en Rodenrijs