CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

[I22.06732] Accountantsverslag 2021

Commissie Algemeen Bestuur 8 juni 2022, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Vaststellen jaarstukken 202111.163 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Accountantsverslag 2021 Gemeente Lansingerland

CONCEPT De controle is grotendeels afgerond. Er staan nog wel een aantal vragen en controlewerkzaamheden open. Voornaamste is de afwikkeling van de SiSa-bijlage, afwikkeling jeugd, mutaties grondexploitaties. Nog te ontvangen is het correctie-verzocht en aan de hand daarvan beoordelen of onderstaande correct is verwerkt. -

OAK verkeerd geboekt (opblazen exploitatie). Voorzieningen ‘nog te maken kosten grondexploitaties’ naar BIE. Tekort OAK Wilderszijde staat onder overlopende passiva -> naar voorzieningen. De voorziening OAK Wilderszijde is 700K te laag. Bevindingen voortgezette controle.

Aan de gemeenteraad van de gemeente Lansingerland Postbus 1 2650 AA BERKEL EN RODENRIJS

Onderwerp Accountantsverslag 2021 Datum 16 mei 2022 Kenmerk 312019015.22.163

Geachte leden van de gemeenteraad, Wij hebben de controle van de jaarrekening 2021 van uw gemeente afgerond. De jaarrekening van gemeente Lansingerland is opgesteld onder verantwoordelijkheid van het college van burgemeester en wethouders. Met dit accountantsverslag informeren wij u over onze belangrijkste controlebevindingen. Op 9 mei 2022 hebben wij dit accountantsverslag afgestemd met uw concerncontroller, de teammanager financiën en de portefeuillehouder financiën. Wij bespreken dit accountantsverslag op 23 mei 2022 met de Begeleidingscommissie Accountantscontrole (BAC). Bij de jaarrekening 2021 hebben wij op DATUM een goedkeurende controleverklaring afgegeven voor zowel het aspect getrouwheid als voor het aspect rechtmatigheid. Ons accountantsverslag is bedoeld om u te ondersteunen in de beoordeling van de jaarrekening 2021. De bevindingen en beschouwingen in dit verslag komen voort uit onze controlewerkzaamheden en diverse besprekingen die wij met uw medewerkers hebben gevoerd. Voor de goede orde vermelden wij dat uw controlerende taak uiteraard verder gaat dan uitsluitend het financieel getinte perspectief vanuit de accountantscontrole. Wij maken u erop attent dat voor dit accountantsverslag een beperkte verspreidingskring geldt. Het accountantsverslag is uitsluitend bestemd voor de gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders.

Wij geven u toestemming om dit accountantsverslag (zonder de persoonlijke handtekening) te publiceren via de agenda’s van de raadscommissies en de gemeenteraad.

Met vriendelijke groet, Publieke Sector Accountants B.V.

Was getekend: W. Kalkman RA

Publieke Sector Accountants B.V. is ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel te Utrecht onder nummer 69411409.

Inhoudsopgave

Contact

Contact.................................................................... 2

De volgende personen kunnen benaderd worden bij vragen met betrekking tot dit accountantsverslag:

1. Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij ... 4

Wouter Kalkman Tel: 06 – 2127 2977 Ralf van Hattem Tel: 06 – 1234 5175

2. Financiële positie en resultaat ............................. 9 3. Bevindingen eindejaarscontrole......................... 15 4. Interne beheersing ............................................ 27 5. Overige aangelegenheden ................................. 32 6. Verplichte tabel SiSa .......................................... 40

312019015.22.163- 2

1.

Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij

312019015.22.163- 3

1. Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij Reikwijdte van de controle

Met de opdrachtbevestiging van 20 juli 2021 (kenmerk 312019015.21.201) heeft u ons de opdracht gegeven tot het controleren van de jaarrekening 2021. De reikwijdte van onze controle staat omschreven in deze opdrachtbevestiging. Er is gedurende het verloop van de controle op geen enkele wijze sprake geweest van een beperking in de reikwijdte van onze controle. De doelstelling van de controle is het afgeven van een controleverklaring bij de jaarrekening van gemeente Lansingerland. In dit accountantsverslag geven wij een toelichting op de bevindingen naar aanleiding van de controle. Onze controle wordt verricht in overeenstemming met Nederlands recht, waaronder de Nederlandse Controlestandaarden en de beleidsregels toepassing Wet normering topinkomens (WNT). Tijdens de uitvoering van de oorspronkelijke controleplanning hebben zich geen wijzigingen van materieel belang in de reikwijdte voorgedaan. Wij achten de reikwijdte van onze controle voor 2021 voldoende voor de doelstelling van onze controle.

Materialiteitsbepaling is overeenkomstig het vastgestelde controleprotocol

De wijze waarop wij de materialiteit bepaald hebben, sluit aan op de door de gemeenteraad op 23 december 2021 vastgestelde controleprotocol en normenkader. De maximaal toe te passen marges voor de accountantscontrole zijn vastgelegd in het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (het Bado). De bij onze controle van de jaarrekening 2021 toegepaste goedkeuringstoleranties bedragen derhalve:

Bron: jaarrekening 2021 Goedkeuringsmaterialiteit

Fouten

Onzekerheden € 2.590.000

€ 7.770.000

De gemeenteraad heeft in het controleprotocol de rapporteringstolerantie vastgesteld op € 100.000.

312019015.22.163 - 4

Onze aanpak is gericht op risico’s

Voor de jaarrekeningcontrole 2021 onderkennen wij een aantal risico’s en aandachtspunten, die een verhoogd (bruto) risico met zich mee (kunnen) brengen op een materiële fout in uw jaarrekening en die een mogelijke impact op de bedrijfsvoering kunnen hebben. De risico’s en aandachtspunten zijn hieronder weergegeven. Opname van een risicogebied of aandachtspunt in deze opsomming betekent niet dat er sprake is van risico’s die zich daadwerkelijk voordoen, maar zijn enkel bedoeld om aan te geven dat wij hier tijdens onze controle (extra) aandacht aan hebben besteed. Risico’s voor deze jaarrekening ▪ Bestaan en waardering van activa als gevolg van schattingselementen (inschatting van levensduur en restwaarden). ▪ De waardering en risico inschatting met betrekking tot lopende grondexploitaties, inclusief de geldende regels rondom het tussentijds winstnemen. ▪ Verwerking van reservemutaties als gevolg van wijzigingen in de Kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV in 2018. ▪ De verantwoording en waardering van voorzieningen (personeelsvoorzieningen) in relatie tot de aanwezigheid van actuele beheerplannen en andere onderbouwingen. ▪ Uw fiscale positie in het kader van de vennootschapsbelasting (Vpb). ▪ “Management override of controls”.

Dit betreft de mogelijkheid die het management heeft om specifieke controlemaatregelen te omzeilen, bijvoorbeeld door memoriaalboekingen of het schattingsproces. De specifieke aandacht voor dit risico is voorgeschreven vanuit de controlerichtlijnen en is niet uniek voor Lansingerland. ▪ De naleving van de (Europese) aanbestedingsregels. ▪ Risico’s en onzekerheden in het sociaal domein, waaronder prestatielevering Wmo. ▪ De actualiteit van de gevoerde administratie(s), gericht op de betrouwbaarheid van de (tussentijdse) informatievoorziening. Risico’s voor de komende jaarrekeningen ▪ De voortgang en status van de (noodzakelijke en gewenste) verbeteringen met betrekking tot de kwaliteit van de interne beheersing in relatie tot de af te geven collegeverklaring rechtmatigheid (2022). ▪ De follow-up ten aanzien van eerder gerapporteerde aandachtspunten vanuit de interne en externe controle. ▪ De kwaliteit van de IT-beheersomgeving. Het inschatten als significant risico is inherent aan deze posten en is niet direct een gevolg van verwachte leemten in de interne beheersing van uw gemeente. Ook is sprake van inschattingen van bruto risico’s, alvorens eventuele beheersmaatregelen zijn genomen. Ter voorkoming van een materiële fout in de jaarrekening heeft u voor bovenstaande risicogebieden beheersmaatregelen getroffen.

Wij hebben ons bij de controle gericht op de opzet en het bestaan van de door u ingerichte beheersingsomgeving, die deze risico’s moeten verkleinen. Voor een toelichting op een aantal onderkende risico’s en aandachtpunten verwijzen wij naar het hoofdstuk ‘belangrijke bevindingen’. Daarnaast verwijzen wij u naar onze bevindingen in het hoofdstuk ‘Interne beheersing’.

312019015.22.163- 5

De baten en lasten, alsmede Op basis van uw controleprotocol en normenkader hebben wij de naleving van het financieel rechtmatigheidskader voor uw gemeente gecontroleerd. Hierbij zijn geen materiële bijzonderheden geconstateerd. balansmutaties, zijn (materieel) rechtmatig Op het programma 2. Sociaal Domein, 5. Kwaliteit openbare ruimte en 7. Grondzaken is sprake van een overschrijding van de begroting (lasten). Deze begrotingsrechtmatigheidsfouten werken niet door in ons rechtmatigheidsoordeel. Er is geen sprake van overschrijdingen op investeringskredieten die hoger zijn dan het met het college afgesproken grensbedrag van € 100.000. Wel hebben wij onrechtmatigheden geïdentificeerd bij de naleving van de aanbestedingswet. Deze onrechtmatigheden zijn ook intern gesignaleerd. Wij gaan hier elders in dit verslag nader op in. Onze conclusie is derhalve dat de baten en lasten, alsmede de balansmutaties, in materiele zin rechtmatig zijn in de jaarrekening 2021.

De jaarrekening voldoet aan het BBV

Significante verslaggevingsgrondslagen en de toepassing hiervan zijn belangrijk voor de presentatie van de financiële positie en de baten en lasten van gemeente Lansingerland. Daarnaast vereisen zij van het college van burgemeester en wethouders het toepassen van oordeelsvorming ten aanzien van moeilijke, subjectieve en complexe posities, die vaak – vanwege de noodzaak om inschattingen te moeten maken over het effect van zaken – inherent onzeker zijn. De belangrijkste verslaggevingsgrondslagen van gemeente Lansingerland zijn uiteengezet in de jaarstukken 2021 in onderdeel ‘Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling’. Wij hebben het door het college van burgemeester en wethouders toegepaste proces voor belangrijke verslaggevingsgrondslagen geëvalueerd en hebben gegevensgerichte controlewerkzaamheden uitgevoerd. Wij hebben de toepassing van de juiste methodiek, de aannames, de berekeningen en de consistente toepassing van de betrokken modellen en/of de van toepassing zijnde financiële verslaggeving beoordeeld. Wij zijn van mening dat de verslaggevingsgrondslagen en de toegepaste inschattingen redelijk zijn en consistent zijn gebruikt: de jaarstukken voldoen aan het BBV (Besluit begroting en verantwoording).

Geïdentificeerde fouten in de jaarstukken

Naar aanleiding van onze jaarrekeningcontrole resteren er ongecorrigeerde afwijkingen. Door ons gerapporteerde bevindingen zijn niet materieel (dus hebben geen invloed op de strekking van onze controleverklaring). De overige bevindingen zijn naar onze mening van belang voor uw beoordeling van de jaarstukken en de verdere kwaliteitsverbetering van de administratieve organisatie en interne beheersing. Voor de (niet materiële) fouten en tekortkomingen in de jaarstukken verwijzen wij u naar de diverse onderdelen van dit rapport.

312019015.22.163- 6

Goedkeurende controleverklaring voor getrouwheid en rechtmatigheid

Wij zijn van oordeel dat de jaarrekening 2021 van gemeente Lansingerland een getrouw beeld geeft van het eigen vermogen op 31 december 2021 en het resultaat over 2021. Voorts zijn wij van oordeel dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties over 2021 in alle van materieel belang zijnde aspecten tot stand zijn gekomen in overeenstemming met de in de relevante wet- en regelgeving opgenomen bepalingen, zoals opgenomen in het normenkader (vastgesteld door de gemeenteraad d.d. 23 december 2021). Hierbij geldt als voorwaarde dat de door ons gecontroleerde jaarrekening ongewijzigd door de gemeenteraad wordt vastgesteld. Wij verzoeken u derhalve ons een door voorzitter en de griffier ondertekend besluit van de vastgestelde jaarrekening te verstrekken. Mochten nog wijzigingen worden aangebracht in de definitieve versie van de jaarrekening dan dienen wij deze te beoordelen alvorens onze controleverklaring hierbij mag worden opgenomen.

312019015.22.163- 7

2.

Financiële positie en resultaat

312019015.22.163- 8

2. Financiële positie en resultaat De vermogenspositie van uw gemeente neemt in absolute zin af

In het Bbv, de verslaggevingsregels voor gemeenten, wordt een duidelijk onderscheid gemaakt tussen resultaatbepaling en resultaatbestemming. Alle baten en lasten dienen via het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening te lopen. Er mogen geen baten of lasten rechtstreeks in het eigen vermogen (dat bestaat uit de algemene reserve en de bestemmingsreserves) worden gemuteerd. De mutaties in het eigen vermogen vinden plaats door middel van de resultaatbestemming. Het gerealiseerd totaalsaldo van baten en lasten in 2021 bedraagt € 7,9 miljoen nadelig. Per saldo is tussentijds € 10,6 miljoen aan de reserves onttrokken, zodat het uiteindelijk gerealiseerde resultaat over 2021 € 2,7 miljoen voordelig bedraagt. Dit resultaat is afzonderlijk vermeld onder het eigen vermogen in de balans.

Eigen vermogen (in € 1.000.000)

2021

2020

2019

Eigen vermogen per 1 januari

256,4

113,8

115,1

Tussentijdse resultaatbestemming

-/-10,6

138,2

0,5

2,7

4,5

-/-1,8

Totaal (‘gerealiseerd saldo van baten en lasten’)

-/- 7,9

142,7

-/- 1,3

Eigen vermogen per 31 december

248,5

256,4

113,8

Gerealiseerd resultaat

De tussentijdse resultaatbestemming bestaat uit de stortingen in en onttrekkingen uit de reserves, in overeenstemming met de besluiten van uw gemeenteraad. De omvang van het eigen vermogen bedraagt ultimo 2021 55,3 % van het balanstotaal (op 1 januari 2020: 54,6% van het balanstotaal). In de toelichting op balans bij het onderdeel eigen vermogen van de jaarrekening geeft het college een nadere toelichting op de mutaties in het eigen vermogen over het jaar 2021. Wij verwijzen u naar deze toelichting.

312019015.22.163- 9

Als signaalwaarde voor de solvabiliteitsratio geldt volgens de VNG een percentage van 20%. Bij een solvabiliteitsratio lager dan 20% bevindt de gemeente zich op glad ijs. In de begroting 2021 heeft de gemeenteraad de solvabiliteit bepaald op 56%. De solvabiliteit in de jaarrekening 2021 komt uit op 55% en is derhalve 1 procentpunt lager dan begroot. Ter vergelijking hebben wij de solvabiliteit van een aantal gemeenten opgenomen. Daaruit blijkt dat de solvabiliteit van uw gemeente per 31 december 2021 boven het gemiddelde van Nederland ligt. Ter vergelijking over 2020: Gemeente Nederland Zuid-Holland Gemeenten met 50.000 tot 100.000 inwoners Leidschendam-Voorburg Pijnacker-Nootdorp Zuidplas

Solvabiliteit 2020 37% 45% 29% 60% 52% 25%

Bron: www.waarstaatjegemeente.nl

Resultaat 2021 is beïnvloed door reservemutatie(s)

Het feitelijke saldo van baten en lasten in een jaar wordt weergegeven als het gerealiseerde totaalsaldo van baten en lasten. Daarnaast kent de gemeente ook het gerealiseerde resultaat. Dit is het gerealiseerde totaalsaldo van baten en lasten plus of min de tussentijdse resultaatbestemmingen. Deze bestemmingen bestaan uit in de loop van het jaar gedane onttrekkingen uit reserves minus de tussentijdse stortingen in reserves. De stortingen dan wel onttrekkingen aan reserves vinden plaats op basis van de door u genomen besluiten. Het gerealiseerde resultaat is dus mede het gevolg van de bestuurlijke besluitvorming. Concreet betekent dit voor uw gemeente het volgende: De exploitatie over 2021 laat een gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten van € 7,9 miljoen nadelig zien, ten opzichte van een begroot (na wijziging) nadelig saldo van € 13,1 miljoen. Dit is een voordeel van € 5,2 miljoen. Het gerealiseerde voordelig resultaat ad € 2,7 miljoen (na reservemutaties) is afzonderlijk op de balans onder het eigen vermogen opgenomen. In de jaarstukken wordt op diverse plaatsen een nadere toelichting gegeven op de totstandkoming van het resultaat en worden de verschillen tussen de begroting (na wijziging) en de gerealiseerde baten en lasten verklaard. Wij verwijzen u naar deze toelichtingen.

312019015.22.163- 10

Exploitatieresultaat (in € 1.000.000) Totale baten

190,8

Totale lasten

198,8

Gerealiseerde saldo van baten en lasten nadelig

7,9

Af: stortingen in reserves

60,7

Bij: onttrekkingen aan reserves

71,3

Saldo mutaties reserves, per saldo onttrekking

10,6

Gerealiseerd resultaat (voordelig)

2,7

Het nadelige exploitatieresultaat 2021 (vóór bestemming) is mede ontstaan na een aantal incidentele baten en lasten. Door het effect van de incidentele baten en lasten buiten beschouwing te laten, ontstaat meer inzicht in de reguliere baten en lasten. Het inzicht in de reguliere baten en lasten is van belang, omdat het een betere indicatie geeft van de toekomstige baten en lasten, overigens zonder rekening te houden met beleidswijzigingen. In de toelichting op het overzicht van baten en lasten is eveneens inzicht in de incidentele baten en lasten gegeven. Kortheidshalve verwijzen wij u naar deze uiteenzetting.

Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit Het college van vanwege ingeschatte risico’s. De beschikbare weerstandscapaciteit heeft het college bepaald op € 89,4 miljoen. In de paragraaf burgemeester en weerstandsvermogen en risicobeheersing heeft het college een opsomming gegeven van ingeschatte risico’s. Deze cumuleren voor wethouders kwalificeert het 2021 tot een bedrag van € 39,9 miljoen. Op basis van deze kwantificering constateert het college dat het beschikbare weerstandsvermogen als weerstandsvermogen voldoende is. De verhouding tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde ruim voldoende om de weerstandscapaciteit in de jaarrekening is 2,2. onderkende risico’s af te Wij verwijzen u voor de onderkende risico’s en de kwantificering daarvan naar de paragraaf Weerstandsvermogen en kunnen dekken risicobeheersing. Overigens merken wij hierbij op dat deze cijfers niet aan accountantscontrole of een beoordelingsopdracht zijn onderworpen.

312019015.22.163- 11

Voor meer gedetailleerde informatie over uw weerstandspositie verwijzen wij u naar paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing van uw jaarstukken 2021.

312019015.22.163- 12

3.

Bevindingen eindejaarscontrole

312019015.22.163- 13

3. Bevindingen eindejaarscontrole Oplevering was ruim voldoende

Bij de start van de controle op 4 april 2021 waren de concept jaarstukken gereed. De oplevering van de onderbouwende stukken was vrijwel volledig. Belangrijke zaken die niet gereed en of beschikbaar waren betroffen: -

De onderbouwingen van de SiSa-bijlage;

Desalniettemin hebben wij op 4 april 2021 een goede start kunnen maken met de jaarrekeningcontrole. Wij hebben bij de controle van de jaarrekening de volledige en constructieve medewerking van uw organisatie gehad.

Grondexploitaties

Een belangrijke post in de jaarrekening van de gemeente Lansingerland betreft de voorraden (grondexploitaties). Door de schattingscomponenten die samenhangen met de waardering van de grondexploitaties, besteden wij hier tijdens de controle bijzondere aandacht aan. De risico’s voor de grondexploitaties zijn in essentie terug te brengen tot de zogenoemde vijf P’s: • •

•

• •

Planning: is de tijdsplanning van de projecten afgestemd op de (on)mogelijkheden in de markt. Immers, de marktbehoefte bepaalt welke projecten op welk moment te realiseren zijn. Programmering: in de afgelopen jaren hebben economische ontwikkelingen geleid tot belangrijke wijzigingen in woningbehoefte en vraag naar bedrijventerrein. Is er een kritische analyse van de ‘mix’ van aanbod van bedrijventerrein en woningen (huur, koop, vrije kavels, appartementen, etc.) in de projecten, in relatie tot de huidige marktvraag in de gemeente? Prijs: de verkoopprijzen van woningen zijn momenteel enorm hoog. Hoe vertaalt dit zich in grondprijzen en wat zijn de verwachtingen op de (middel-)lange termijn, bijvoorbeeld door ontwikkelingen in de hypotheekrente(aftrek) en de COVID19 crisis. Plankosten: zijn de geraamde kosten die voor de grondexploitaties gemaakt moeten worden realistisch. U kunt hierbij denken aan de totstandkoming van de ramingen van bijvoorbeeld civieltechnische werken en interne plankosten. Parameters: zijn de gehanteerde kosten- en opbrengstenindexaties in lijn met de actuele marktontwikkelingen en zijn de renteparameter en disconteringsvoet in overeenstemming met de voorschriften in het BBV.

De grondexploitaties zijn door uw gemeente voor de jaarrekening 2021 opnieuw doorgerekend (geactualiseerd), en waar nodig heeft het college de verwachtingen bijgesteld, waarmee tevens is beoordeeld of het onderhanden werk in de jaarrekening op een juiste wijze is gewaardeerd en of er mogelijk een (aanvullende) verliesvoorziening moet worden getroffen.

312019015.22.163 - 15

In exploitatie genomen gronden De totale boekwaarde van de in exploitatie genomen bouwgronden per 31 december 2021 bedraagt € 108,5 miljoen. Uw gemeente heeft een aantal projecten waarop forse positieve resultaten worden verwacht en een aantal projecten waarbij sprake is van verliezen. In 2021 is er per saldo € 4,4 miljoen winst genomen (2020: € 3,4 miljoen) op basis van de ‘percentage of completion methode’. Deze winsten komen hoofdzakelijk voort uit het bedrijventerrein Oudeland (€ 2,5 miljoen) en de woningbouwprojecten Parkzoom (€ 1,0 miljoen) en Wilderszijde (€ 1,3 miljoen). In 2021 zijn bij een aantal projecten de verwachte resultaten op de projecten veranderd ten opzichte van 2020. Hierdoor zijn bij een aantal projecten de verliesvoorzieningen gemuteerd en eerder genomen winsten terug genomen. Vooral op het project Westpolder/Bolwerk is de voorziening toegenomen met € 1,7 miljoen, dit wordt voornamelijk veroorzaakt door kosten die hoger uitvallen dan verwacht. De onzekerheden die met de resultaten van grondexploitaties samenhangen ontstaan doordat de waardering (en daarmee de te nemen winsten en verliezen) gebaseerd zijn op schattingen. De omvang van de in de toekomst nog te realiseren opbrengsten en kosten is hier een belangrijk factor in.

In de huidige portefeuille van bouwgronden in exploitatie verwacht uw gemeente de komende jaren nog € 164,8 miljoen (2020: € 74,6 miljoen) aan kosten te maken en moet er nog € 304 miljoen (2020: € 173 miljoen) aan opbrengsten te realiseren. Deze mutaties ten opzichte van 2020 worden veroorzaakt doordat de grondexploitatie Wilderszijde in 2021 door de gemeenteraad is vastgesteld. Hierdoor is dit project vanaf de jaarrekening 2021 in deze omvang onderdeel van de bouwgronden in exploitatie in de jaarrekening. Veruit de meeste kosten en opbrengsten zijn dan ook nog te realiseren binnen het project Wilderszijde (112,4 miljoen te realiseren kosten en 175,3 miljoen te realiseren opbrengsten). Ook de projecten Oudeland en Westpolder-Bolwerk blijven omvangrijke projecten. Bij Oudeland moet er nog € 20,5 miljoen aan kosten en € 53 miljoen aan opbrengsten worden gerealiseerd. Bij Westpolder/Bolwerk is dit € 9 miljoen aan kosten en € 61 miljoen aan opbrengsten. De risico’s die samenhangen met de nog te realiseren opbrengsten zijn overigens deels afgedekt doordat bij Westpolder/Bolwerk het grootste deel van de opbrengsten vastliggen in overeenkomsten met ontwikkelaars. Ook bij het project Oudeland is sprake dat er veel animo is voor de aangeboden kavels; in 2021 is er voor € 7,1 miljoen aan verkopen gerealiseerd.

Ook de vooruitzichten bij het project Wilderszijde zijn volgens het college positief. Gezien het stadium van dit project zijn er echter nog veel onzekerheden. Wij adresseren de stand van zaken en de onzekerheden rondom dit project separaat in dit accountantsverslag. Wij hebben vastgesteld dat de uitgangspunten die zijn gehanteerd bij de waardering van de grondexploitaties aanvaardbaar zijn. Wel constateren wij een aantal zaken die wij graag bij u onder de aandacht brengen. Looptijd van projecten De resterende looptijd van de projecten in het actuele MPG is over het algemeen korter dan 10 jaar. Projecten met een langere looptijd worden als risicovoller aangemerkt, omdat de onzekerheden toenemen naarmate de looptijd langer is. Denk hierbij bijvoorbeeld aan onvoorziene ontwikkelingen op de woningmarkt, waardoor de resultaten op de lange termijn anders uitvallen dan bij het actualiseren van het MPG kon worden voorzien. In het verleden was Oudeland het enige project met een looptijd langer dan 10 jaar. Doordat de uitgifte van kavels binnen dit project sneller verloopt dan verwacht, is de looptijd van dit project zowel in het MPG 2021 als in het MPG 2022 ingekort met 3 jaar respectievelijk 4 jaar. Naar verwachting wordt het project Oudeland in 2029

312019015.22.163- 16

afgerond, de looptijd is daarom in het actuele MPG korter dan 10 jaar. Wilderszijde is het enige project dat momenteel een iets langere looptijd heeft dan 10 jaar en zal naar verwachting in 2032 worden afgesloten. Bij de overige projecten valt het op dat bij de actualisatie van het MPG de looptijd van projecten regelmatig wordt verlengd. Wij hebben hierbij het onderstaande overzicht opgesteld:

Soort

Mutatie looptijd Mutatie looptijd MPG 2021 vs MPG MPG 2022 vs MPG 2020 2021

Meerpolder

+ 1 jaar

+ 0 jaar

Centrum

+ 1 jaar

+ 1 jaar

Westpolder/Bolwerk

+ 1 jaar

+ 2 jaar

Oudeland

- 3 jaar

- 4 jaar

Leeuwenhoekweg

+ 1 jaar

+ 0 jaar

Wilderszijde

+ 0 jaar

n.v.t.

Groenzoom RvR

+ 1 jaar

+ 1 jaar

Landscheidingspark Horeca

+ 1 jaar

+ 1 jaar

Het verlengen van de looptijd heeft een effect op met name de toe te rekenen rente en de plankosten. Uiteraard kan het altijd zo zijn dat een project vanwege onvoorziene omstandigheden moet worden verlengd. Vanwege de trend in de verlenging van de looptijd van projecten zijn er mogelijk ook andere oorzaken, waaronder planningsoptimisme. Wij vragen uw aandacht hiervoor. BTW-afspraken Westpolder/Bolwerk Bij het project Bolwerk/Westpolder heeft de gemeente de afspraak gemaakt dat de gemeente haar kosten zal verhalen via een financieel voorschrift bij de omgevingsvergunning. Op grond van dit financieel voorschrift voldoen de woningkopers binnen dit project het kostenverhaal aan de gemeente. De gemeente heeft hierover met de belastingdienst afgesproken dat de gemeente geen BTW verschuldigd is over dit kostenverhaal. De risico’s die hiermee samenhangen heeft de gemeente in de jaarrekening bij de toelichting op de balans opgenomen. Een van de risico’s is dat de gemeente alsnog voor de BTW wordt aangeslagen indien de exploitatiebijdragen de maximaal verhaalbare kosten overstijgen. Parameters Bij de actualisatie van de grondexploitaties is de gehanteerde rekenrente juist berekend op basis van de voorschriften van de commissie BBV; dit is ook correct verwerkt in de jaarrekening 2021. Wel is er in het MPG 2022 (tekstueel) een onjuist percentage genoemd.

Dit heeft cijfermatig geen effect, wij hebben begrepen dat dit in het definitieve MPG zal worden aangepast. Voor de 312019015.22.163- 17

stijging (indexatie) van de lasten is meerjarig (vanaf 2025-2031) 2% gehanteerd. Voor de opbrengstenstijging woningbouw en bedrijventerrein wordt meerjarig (vanaf 2025-2031) ook een percentage van 2% gehanteerd. Op de korte termijn (2022-2024) liggen de indexaties voor stijging van kosten en opbrengsten iets hoger (2% - 4%). De gehanteerde parameters liggen in lijn met de actuele marktontwikkelingen. Oudeland Via de brief aan de gemeenteraad d.d. 9 december 2021 (kenmerk U21.06625) heeft het college u geïnformeerd over de realisatie van het parkeerterrein binnen het project Oudeland. In deze brief is aangegeven dat de realisatie en verhuur van dit terrein een aantal financiële wijzigingen kent. Tevens is opgenomen dat in de grondexploitatie geen verkoopopbrengst of jaarlijkse huurinkomsten zijn opgenomen. Wij zijn van mening dat de door het college voorgestelde verwerkingswijze om de ontwikkeling van het parkeerterrein te activeren onder de materiele vaste activa (na raadsbesluit) in overeenstemming is met het BBV. Wij wijzen u erop dat het resultaat op het project Oudeland door de uitname van de kosten van het parkeerterrein zal verbeteren. In de jaarrekening 2022 zal dit resulteren in een extra winstname op dit project. Wilderszijde Bij raadsbesluit d.d. 23 december 2021 (registratienummer BR2100111) heeft u de gebiedsexploitatie Wilderszijde geopend.

Het project Wilderszijde heeft een lange voorgeschiedenis binnen uw gemeente. Binnen de gebiedsexploitatie Wilderszijde is er sprake van zowel gronden die in het bezit zijn van uw gemeente als gronden die in bezit zijn van (één of meer) ontwikkelaars. Op basis van het BBV dienen deze gebieden te worden gesplist in de jaarrekening. Enerzijds is hierbij sprake van een faciliterend deel, dit gedeelte is in eigendom van een ontwikkelaar. Uw gemeente heeft hierbij een anterieure overeenkomst afgesloten waarbij sprake is van kostenverhaal (uw gemeente verhaalt de faciliterende kosten op de ontwikkelaar). Uw gemeente verantwoordt dit gedeelte normaal gesproken onder de vorderingen indien sprake is van verhaalbare kosten die nog afgerekend moeten worden. Anderzijds is er het gedeelte waarbij de gemeente zelf de gronden in eigendom heeft. Dit gedeelte wordt verantwoord onder de bouwgronden in exploitatie (onder de voorraden in de balans). Omdat de kosten voor dit project voor de gehele gebiedsexploitatie als geheel geraamd zijn, heeft uw gemeente op basis van een verdeelsleutel (op basis van vierkante meters) de relevante componenten toegerekend aan deze 2 onderdelen. De volledige gebiedsexploitatie kent een positief resultaat. In de splitsing ontstaat er een positief resultaat op de grondexploitatie en een verlies op het faciliterende deel.

Het verlies op het faciliterende deel is verantwoord onder de voorzieningen in uw jaarrekening 2021. Het project ‘Wilderszijde’ onder de bouwgronden in exploitatie betreft dus niet de gehele gebiedsexploitatie. De inhoudelijke ontwikkeling van het project Wilderszijde is nog niet volledig uitgewerkt. Wel zijn wij van mening dat er een solide grondslag ligt voor de waardering van dit project op basis van de gemaakte proefverkaveling. Tevens heeft uw gemeente de uitgangspunten van de grondexploitatie extern laten toetsen via een second opinion en zijn ook de civiel technische ramingen door een extern bureau opgesteld. Het resultaat op de grondexploitatie ‘Wilderszijde’ bedraagt € 28,9 miljoen positief op eindwaarde. Op basis van de ‘percentage of completion-methode’ (POC-methode) is in 2021 € 1,3 miljoen van deze winst verwerkt in de jaarrekening 2021. Daarnaast is sprake van een verlies op het faciliterende deel van € 5,6 miljoen. Op basis van het BBV moeten voorzienbare

312019015.22.163- 18

verliezen direct worden verwerkt in de jaarrekening. Uw gemeente heeft deze last daarom verwerkt in de jaarrekening 2021. U vindt deze ook terug onder de voorzieningen in de balans. Uiteraard kent het project Wilderszijde nog veel onzekerheden. Enerzijds door de looptijd van het project en anderzijds doordat de uitwerking van de grondexploitatie is gebaseerd op een proefverkaveling. Het ligt voor de hand dat de werkelijke verkaveling en de daarmee samenhangende kosten en opbrengsten en daarmee het resultaat afwijken van hetgeen in de huidige grondexploitatie is opgenomen. Wij vinden het van belang om hier uw aandacht op te vestigen. Tevens hebben wij begrepen dat het college de risico’s heeft ingerekend bij de bepaling van het weerstandsvermogen. Zoals voorgaand toegelicht heeft uw gemeente de gebiedsontwikkeling Wilderszijde om administratieve redenen moeten splitsen in een ‘actieve ontwikkeling’ en een ‘faciliterende ontwikkeling’. Op basis van de gehanteerde verdeelsleutel ontstaat er op basis van de grondslagen van het BBV een verlies op het faciliterende deel en een positief resultaat op de actieve ontwikkeling. In het verleden hoefde uw gemeente dit nooit op deze manier te benaderen, omdat Wilderszijde nog uit exploitatie was genomen.

De bijdrage van de ontwikkelaar op basis van de anterieure overeenkomst werd vooral gezien als een exploitatiebijdrage in de totale gebiedsontwikkeling. Achteraf is het ingewikkeld om de kosten exact toe te rekenen aan de deelgebieden, omdat enerzijds de werkzaamheden in het gebied als geheel worden uitgevoerd en niet per deelgebied en het project Wilderszijde al heel lang loopt (sinds eind jaren ’90 vorige eeuw), anderzijds is de actuele situatie niet meer gelijk aan het moment waarop de anterieure overeenkomst werd afgesloten door gewijzigde invulling van het bestemmingsplan. De splitsing van de deelgebieden op basis van vierkante meters is vooral gekozen om praktische redenen om op een goede manier invulling te geven aan de verslaggevingsregels. Daarnaast was sprake van planschade voor de ontwikkelaar, die is ‘verrekend’ met de exploitatiebijdrage. Hierdoor ontstaat een administratief tekort op de anterieure overeenkomst, omdat de netto exploitatiebijdrage veel lager is dan de administratief toegerekende kosten. Door deze op grond van het BBV ‘verplichte’ manier van presenteren van het resultaat op de AOK kan er een juridische discussie ontstaan rondom ongeoorloofde staatssteun aan de betreffende ontwikkelaar. Wij vinden het van belang om u hierop te wijzen.

Europese aanbestedingen

Het normenkader voor de rechtmatigheidscontrole bevat onder andere de Europese aanbestedingswetgeving. Bij onze jaarrekeningcontrole hebben wij aan de hand van een door uw gemeente uitgevoerde crediteurenanalyse (spendanalyse) gecontroleerd of de Europese aanbestedingswetgeving gedurende het boekjaar 2021 is nageleefd. Op basis van de spendanalyse constateren wij dat voor 4 dossiers de Europese aanbestedingsregels niet zijn nageleefd. Wij merken op dat de bevindingen grotendeels zijn geconstateerd door uw gemeente en grotendeels voortkomen uit financiële beheershandelingen van voor 2021. De onrechtmatigheidsfout komt uit op een bedrag van € 600.000 (in 2020 € 647.000). Het betreft de volgende inkopen: Soort

Rechtmatigheidsfout

312019015.22.163- 19

Support

€ 50.000

Onderhoud

€ 184.000

ICT Software

€ 366.000

Totaal

€ 600.000

Wij nemen dit bedrag mee in onze foutenevaluatie.

Waardering aandelen Stedin

Uw gemeente heeft in 2021 preferente aandelen Stedin aangeschaft. Naast deze aandelen heeft uw gemeente sinds jaren reguliere aandelen Stedin in bezit. Deze aandelen zijn in de jaarrekening 2021 net als in voorgaande jaren voor een bedrag van € 572.000 verantwoord onder de financiële vaste activa (deelnemingen). Het BBV schrijft voor (art. 63 lid 1 en 65 lid 1) dat financiële vaste activa tegen kostprijs dan wel duurzame lagere waarde gewaardeerd dienen te worden. Indien geen sprake is van een duurzaam lagere waarde blijft de waardering dus gelijk aan het voorgaande jaar. In 2021 zijn er geen indicaties voor een duurzaam lagere waarde, het bedrag waarvoor deze aandelen op de balans staan is daarom gelijk aan 2020. Ondanks dat hechten wij er waarde aan om ‘oude’ balansposities periodiek te hertoetsen aan externe (betrouwbare) controle-informatie. Bij de uitvoering van de jaarrekeningcontrole hebben wij begrepen dat de gemeente de verkrijgingsprijs niet meer kan onderbouwen aan de hand van de controle-informatie uit het verleden. Wij zijn daarom genoodzaakt om uit gaan van de waarde in de jaarrekening(en) van voorgaande jaren bij de controle van de waarde van deze aandelen.

Ten onrecht ophogen van de baten en de laten in de exploitatie

Bij de controle is geconstateerd dat interne doorbelastingen administratief niet correct (bruto) zijn verwerkt. Het bedrag dat met deze onjuiste doorbelastingen samenhangt bedraagt € 288.000. Het effect van deze verwerkingswijze is dat zowel de baten als de lasten in de jaarrekening 2021 te hoog zijn verantwoord. Dit heeft daarom geen effect op het resultaat. Aangezien zowel de baten als de lasten te hoog zijn, nemen wij dit bedrag mee in onze foutenevaluatie. Uw gemeente heeft er voor gekozen om op basis van deze constatering de jaarrekening niet te corrigeren, omdat dit ook op deze (onjuiste) wijze in begroting 2021 is verwerkt. Wij hebben begrepen dat uw gemeente dit vanaf de begroting 2022 (en jaarrekening 2022) zal corrigeren in de administratie.

Naast de controle op de rechtmatige totstandkoming van de baten, lasten en balansmutaties in de jaarrekening 2021, hebben wij de Begrotingsrechtmatigheid is adequaat toegelicht in de begrotingsrechtmatigheid gecontroleerd. jaarrekening 312019015.22.163- 20

De toe te passen normen voor dit begrotingscriterium zijn gebaseerd op artikel 189, 190 en 191 van de Gemeentewet en moet door de gemeenteraad zelf nader worden ingevuld en geconcretiseerd. Dit gebeurt door middel van de begroting en via de verordening op het financieel beheer ex artikel 212 van de Gemeentewet. Het systeem van budgetbeheer en -bewaking moet waarborgen dat de baten en lasten binnen de begroting blijven en dat belangrijke wijzigingen of dreigende overschrijdingen tijdig worden gemeld aan de gemeenteraad, zodat deze tijdig (binnen het begrotingsjaar) een besluit kan nemen. Een systeem met onvoldoende waarborgen voor tijdige melding aan de gemeenteraad van budgetoverschrijdingen heeft het risico in zich dat inbreuk wordt gemaakt op het budgetrecht van de gemeenteraad. Het begrotingscriterium is verder verfijnd en uitgewerkt in de Kadernota van de Commissie BBV. Een belangrijk uitgangspunt is dat het overschrijden van de begroting altijd onrechtmatig is, maar niet in alle gevallen hoeft te worden meegewogen in het accountantsoordeel. Essentieel is dat de gemeenteraad nadere regels kan stellen wanneer kostenoverschrijdingen die worden gecompenseerd door direct gerelateerde opbrengsten (1), kostenoverschrijdingen passend binnen het beleid (2) en kostenoverschrijdingen bij openeinderegelingen (3) moeten meewegen bij het oordeel van de accountant.

In die gevallen dat de gemeenteraad geen nader beleid stelt, geldt het uitgangspunt dat deze kostenoverschrijdingen door de accountant niet worden betrokken bij de beslissing of al dan niet een goedkeurende controleverklaring kan worden afgegeven. Deze kostenoverschrijdingen moeten dan wel goed herkenbaar in de jaarrekening zijn opgenomen. Daarnaast moet de accountant deze kostenoverschrijdingen – waarvan het college in de jaarrekening moet aangeven dat de gemeenteraad deze nog dient te autoriseren – in het verslag van bevindingen aan de orde stellen. Extra lasten die zijn gemaakt omdat extra opbrengsten daarvoor de ruimte bieden, terwijl deze extra lasten niet direct zijn gerelateerd aan de extra opbrengsten en waarbij de gemeenteraad nog geen besluit heeft genomen over de aanwending van deze extra opbrengsten, zijn onrechtmatig en tellen mee in het oordeel van de accountant. Dit is bij uw gemeente overigens niet aan de orde. Begrotingsafwijkingen werken niet door in de controleverklaring In totaal heeft uw gemeente € 189,2 miljoen aan lasten begroot na wijziging (excl. reservemutaties), tegenover € 199 miljoen aan werkelijke lasten in 2021. Dit is in totaal een overschrijding van € 9,8 miljoen (5,2%). Aan baten had uw gemeente een bedrag van € 176,1 miljoen begroot na wijziging, tegenover € 191,2 miljoen aan werkelijke baten in 2021.

Het gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten komt daarmee op € 7,3 miljoen nadelig. In het kader van de begrotingsrechtmatigheid moet gekeken worden naar de lastenoverschrijdingen op het niveau waarop de gemeenteraad de begroting autoriseert. In uw geval is dat op programmaniveau, waarbij er sprake is van hogere lasten op de programma’s: -

Sociaal domein (P4) ad € 0,7 miljoen; Kwaliteit openbare ruimte (P5) ad € 5,4 miljoen en; Grondzaken (P7) ad € 10,0 miljoen. 312019015.22.163- 21

Naast overschrijdingen van lasten op deze programma’s en overschrijding op het onderdeel algemene dekkingsmiddelen, zijn ook op onderdelen meer baten gerealiseerd dan begroot. Over de baten rapporteren wij in deze paragraaf niet, omdat dit geen onderdeel uitmaakt van het criterium begrotings-rechtmatigheid zoals de richtlijnen voorschrijven. De overschrijdingen op de lasten zijn onrechtmatig, maar tellen niet mee in het oordeel van de accountant. De begrotingsrechtmatigheid omvat ook de overschrijdingen op investeringskredieten. Hieruit blijkt dat er geen overschrijdingen hebben plaatsgevonden op individuele kredieten die groter zijn dan € 100.000. Binnen deze grens mag het college op basis van de financiële verordening 2017 afwijkingen binnen kredieten realiseren zonder dat dit vooraf dient te worden gemeld aan de gemeenteraad. Derhalve zijn alle afwijkingen rechtmatig tot stand gekomen. Wij verwijzen voor een inhoudelijke en meer specifieke analyse van de begrotingsafwijkingen naar de toelichtingen die zijn opgenomen in de jaarrekening en in paragraaf Bedrijfsvoering, waarin een analyse van de (begrotings-)afwijkingen en de begrotingsrechtmatigheid 2021 is opgenomen.

In beperkte mate sprake van te betalen vennootschapsbelasting

Uitgangspunt in uw jaarrekening is dat in beperkte mate sprake is van activiteiten die onder de vennootschapsbelastingplicht vallen. De aangiften tot en met 2020 zijn inmiddels ingediend. Het college verwacht dat ook voor 2021 geen sprake zal zijn van een vennootschapsbelastinglast, mede op basis van het advies van een extern adviseur. Overigens adviseren wijzen wij u om bij nieuwe en gewijzigde activiteiten dit standpunt blijvend te actualiseren. Hieronder valt ook een periodieke toets of het grondbedrijf door de ondernemerspoort gaat. Over het boekjaar 2021 is deze toets uitgevoerd.

Wet normering topinkomens (WNT)

De Wet normering topinkomens (WNT) is in werking getreden met ingang van 1 januari 2013. De WNT regelt niet alleen de openbaarmaking van topinkomens in de publieke en semipublieke sector, maar stelt ook maxima aan de hoogte van de bezoldiging van topfunctionarissen en tevens aan de ontslagvergoedingen. Met ingang van 1 januari 2013 is bij wet vastgelegd dat rechtspersonen of organisaties die volledig of in aanzienlijke mate uit publieke middelen zijn gefinancierd beloningen van topfunctionarissen openbaar dienen te maken, ook als deze de in de wet gestelde maximale bezoldiging over 2021 van € 209.000 niet te boven gaat. Daarnaast dienen gemeenten het salaris openbaar te maken van overige medewerkers (inclusief – wanneer aan bepaalde voorwaarden is voldaan – ingehuurd personeel) die een bezoldiging ontvangen boven deze norm. Ten slotte stelt de WNT een aantal overige eisen, zoals een maximale ontslagvergoeding voor topfunctionarissen van € 75.000. In 2021 is voor geen van de topfunctionarissen en overige medewerkers sprake van een overschrijding van de grensbedragen.

312019015.22.163- 22

Bij de controle van de WNT-verantwoording 2021 stelden wij vast dat er sprake was van (zichtbare) interne controle op de opgestelde WNT-verantwoording. In het kader van de WNT attenderen wij u er op dat u de plicht heeft om uiterlijk 1 juli 2022 uw WNT-verantwoording over het kalenderjaar 2021 via internet op een algemeen toegankelijke wijze openbaar te maken. Indien op grond van andere op de verantwoordelijke van toepassing zijnde regelgeving of een besluit een later tijdstip waarop het financieel verslaggevingsdocument openbaar moet worden gemaakt geldt, is die latere datum de uiterlijke datum van openbaarmaking.

Fouten en onzekerheden WMO Zorg in natura (ZIN) en Jeugd (lokaal)

Het vaststellen dat de prestaties in het kader van de Wmo Zorg in natura (ZIN) zijn geleverd wordt normaliter vastgesteld via de verantwoording van Wmo Zorg in natura van de zorginstelling. Bij deze verantwoordingen is op basis van het controleprotocol Wmo boven de € 125.000 een controleverklaring van de accountant van de zorginstelling toegevoegd. De accountant stelt onder andere vast dat de zorg is geleverd. Bij de geleverde onder de grens van € 125.000 wordt hierover geen zekerheid verkregen via gecontroleerde productieverantwoordingen . Ook komt het voor dat er geen (goedkeurende) controleverklaring wordt aangeleverd via de zorgleverancier. Hierdoor resteren er in het kader van de uitvoering van de WMO en Jeugdwet onzekerheden, deze zijn hieronder opgenomen: Wmo Onzekerheden i.v.m. afwezigheid controleverklaring bij lasten groter dan € 125.000

€ 686.974

Onzekerheden i.v.m. niet getoetste prestatielevering bij lasten kleiner dan € 125.000

€ 282.657

Totale onzekerheid WMO

€ 969.631

Jeugd Onzekerheden i.v.m. afwezigheid controleverklaring bij lasten groter dan € 125.000

€ 138.033

Onzekerheden i.v.m. niet getoetste prestatielevering bij lasten kleiner dan € 125.000

€ 517.118

Totale onzekerheid Jeugd

€ 655.151

Als peildatum voor de bepaling van de omvang van de onzekerheden is 13 mei 2022 gehanteerd, mogelijk zijn er na deze datum nog aanvullende controleverklaringen ontvangen waardoor de gerapporteerde onzekerheid lager uit zou kunnen vallen.

312019015.22.163- 23

De totale onzekerheid is op basis van bovenstaande € 1,6 miljoen. Dit valt binnen onze goedkeuringstolerantie.

Geen fouten en onzekerheden met betrekking tot de SiSabijlage

Op grond van het Besluit accountantscontrole decentrale overheden, artikel 5, lid 4, rapporteren wij in dit accountantsverslag over de fouten en onzekerheden van de specifieke uitkeringen die in 2021 onder SiSa vallen. Wij doen dit met een tabel, die ook opgenomen moet worden als er geen fouten of onzekerheden geconstateerd zijn. Per regeling is hierin aangegeven of, en zo ja welke financiële fouten of onzekerheden zijn geconstateerd. Wij hebben deze tabel in de bijlage opgenomen.

M&O beleid niet specifiek vastgesteld

In de nota verwachtingen accountantscontrole d.d. 31 januari 2022 is opgenomen dat de accountant verplicht is de opzet van het misbruik en oneigenlijk gebruik (hierna: M&O) beleid inzake de TOZO-regeling te toetsen. Uw gemeente heeft de uitvoering van de Tozo-regeling uitbesteed aan het Regionaal Bureau Zelfstandigen (RBZ). Wel voert uw gemeente overige regelingen in het kader van de participatiewet zelfstandig uit. Bij de controle is vastgesteld dat bij uw gemeente geen sprake is van specifiek en vastgesteld beleid op het gebied van M&O. Wel hebben wij vastgesteld dat uw gemeente maatregelen heeft getroffen op het gebied van M&O. Wij hebben vastgesteld dat uw gemeente beschikt over een ‘intern controleplan 2021’. Onderdeel hiervan is het werkprogramma interne controle sociaal domein. Op basis van dit werkprogramma is de rechtmatigheid van de verstrekkingen in het kader van de inkomensregelingen getoetst. Tevens besteed uw organisatie aandacht aan de afwikkeling van IB-signalen. Via onze managementletter hebben wij hierover het volgende gerapporteerd: “Wij hebben begrepen dat uw organisatie maandelijks de IB-signalen van inlichtingenbureau verwerkt. Uiteraard is dit een belangrijke maatregel om tijdig bij te sturen en de rechtmatigheid van uitkeringen te borgen.

De IB-signalen worden via een automatische koppeling ingelezen in de uitkeringenadministratie en indien van toepassing wordt er een werkproces aangemaakt. Wij hebben navraag gedaan naar de zichtbare afwikkeling van IB-signalen en begrepen dat de afwikkeling werkprocessen onvoldoende ‘bij’ is. De ontvangen IB-signalen zijn daarom voor ons onvoldoende zichtbaar en tijdig afgewikkeld.” Uw gemeente had bij de controle per jaareinde opvolging gegeven aan deze bevinding. Tijdens de interim-controle zijn wij de follow-up inhoudelijk beoordelen.

Pas het stelsel van baten en lasten goed toe

In voorgaande jaren hebben wij uw aandacht gevraagd voor nagekomen kosten die betrekking hebben op het voorgaande boekjaar. De levering van de prestatie is bepalend voor het jaar waarin de lasten verantwoord moeten worden. Wij hebben u geadviseerd scherper toe te zien op de juiste toerekening van de lasten aan de boekjaren. Tevens hebben wij u geadviseerd om ook in het financiële beleid spelregels vast te leggen bij welke bedragen een factuur gesplitst moet worden en dus in de juiste verslaggevingsperiode moeten worden verantwoord om beter te voldoen aan het stelsel van baten en lasten. Uw gemeente heeft actie ondernomen op deze bevindingen en adviezen.

312019015.22.163- 24

Ondanks deze acties(s) hebben wij bij onze controle vastgesteld dat er in de administratie 2022 kosten zijn verantwoord, die thuis horen in het boekjaar 2021. In totaal gaat dit om een bedrag van € 215.000, uw gemeente heeft hiervan € XXXX gecorrigeerd, het restant ad. € XXXX hebben wij meegenomen in de foutenevaluatie. Het goed toerekenen van lasten aan het juiste boekjaar blijft daarom een aandachtspunt.

312019015.22.163- 25

4.

Interne beheersing

312019015.22.163- 26

4. Interne beheersing Kernboodschappen interim- Op 8 november 2021 hebben wij de managementletter 2021 aan u verstrekt. Deze managementletter is besproken met de directie, de wethouder Financiën en de Begeleidingscommissie Accountantscontrole (BAC). Hieronder treft u de managementsamenvatting controle aan.

312019015.22.163- 27

Rechtmatigheidsverantwoording

In de meicirculaire 2018 heeft het ministerie van BZK aangegeven dat met ingang van het boekjaar 2022 het college van burgemeester en wethouders (hierna: het college) zelf een rechtmatigheidsverantwoording bij de jaarrekening moet afgeven. Tot en met de jaarrekening 2021 geeft de accountant bij de jaarrekening van uw gemeente een controleverklaring af, met daarin een oordeel over de getrouwheid en rechtmatigheid. Dat tweede oordeel, over de rechtmatigheid, verdwijnt naar verwachting vanaf de jaarrekening 2022. Het ministerie van BZK heeft via de nieuwsbrief IBI (nummer 103, juni 2021) aangegeven dat de introductie van de rechtmatigheidsverantwoording uitgesteld wordt tot in ieder geval de jaarrekening 2022. Dit betekent dat vanaf dan onze controleverklaring alleen een oordeel over de getrouwheid van de jaarrekening (inclusief de rechtmatigheidsverantwoording die door het college in de jaarrekening wordt opgenomen) bevat. In onze managementletter zijn wij ingegaan op wat dit allemaal voor uw gemeente betekent. De belangrijkste punten hebben wij hierna samengevat en, waar noodzakelijk, aangevuld met recente ontwikkelingen: ▪

Vanaf het verslagjaar 2022 moet het college zichzelf over rechtmatigheid verantwoorden. In de jaarrekening dient daartoe de rechtmatigheidsverantwoording te worden opgenomen. In de paragraaf bedrijfsvoering kan een uitgebreidere toelichting op rechtmatigheidsbevindingen door het college worden gegeven: o Voor de rechtmatigheidsverantwoording heeft de commissie BBV een modeltekst ontwikkeld. Met dit verplichte model moet het college zich verantwoorden over de rechtmatigheid, eventuele afwijkingen en onduidelijkheden. Relevant hiervoor is de “verantwoordingsgrens”. Dit is het bedrag, dat ligt tussen 0% en 3% van de lasten, inclusief toevoegingen aan reserves, waarboven afwijkingen in de rechtmatigheidsverantwoording moeten worden gerapporteerd door het college. Fouten en onduidelijkheden (zie verderop in dit onderdeel) worden niet bij elkaar opgesteld. o In de paragraaf Bedrijfsvoering moet vervolgens een toelichting worden gegeven op de afwijkingen en de maatregelen die het college neemt om deze in de toekomst te voorkomen. Een rapporteringsgrens kan gebruikt worden om geconstateerde fouten die onder de verantwoordingsgrens vallen toch inzichtelijk te maken voor de gemeenteraad. De gemeenteraad zou bijvoorbeeld kunnen bepalen dat deze afwijkingen door het college moeten worden vermeld in de paragraaf Bedrijfsvoering.

Door deze laatste afwijkingen in de paragraaf Bedrijfsvoering te rapporteren, informeert het college de gemeenteraad over de kwaliteit van de interne beheersing en de uitkomsten daarvan. Meer hierover kunt u ook lezen in de Notitie Bedrijfsvoering van de commissie BBV. Wij hebben niet vastgesteld dat de gemeenteraad een rapporteringsgrens heeft vastgesteld, wel is dit in een eerder stadium in de BAC besproken.

▪

Een belangrijke wijziging met betrekking tot het normenkader is dat vanaf 2022, wanneer de wetswijziging wordt aangenomen, het normenkader expliciet door de gemeenteraad moet worden vastgesteld. Wij adviseren u daar rekening mee te houden.

▪

De Commissie BBV heeft inmiddels de herziene kadernota uitgebracht (Kadernota rechtmatigheid 2022), waarin zij haar visie geeft over de invulling van het begrip rechtmatigheid in de rechtmatigheidsverantwoording. Het doel is uiteindelijk dat uw gemeente zelfstandig de in de Kadernota rechtmatigheid 2022 benoemde rechtmatigheidscriteria (het begrotingscriterium, het M&O312019015.22.163- 28

criterium en het voorwaardencriterium) afdekt. De Kadernota rechtmatigheid 2022 is daarmee vooral een belangrijk document voor de gemeenteraad en het college van decentrale overheden geworden. In paragraaf 1.4 van de kadernota is een tiental stellige uitspraken gedaan en zijn zeven aanbevelingen gedaan. Deze worden in de kadernota verder uitgewerkt. Deze stellige uitspraken en aanbevelingen kunnen u helpen bij de verdere implementatie van de rechtmatigheidsverantwoording binnen uw gemeente. Een aantal van deze stellige uitspraken en aanbevelingen willen wij graag onder de aandacht brengen: o De kadernota 2022 introduceert het begrip ‘onduidelijkheden’. Dit begrip geeft aan dat er situaties zijn waarin het ook voor het college niet duidelijk is of er rechtmatig gehandeld is. Deze moeten dan worden toegelicht en worden gewogen door het college. o In de Kadernota wordt ook ingegaan op de toepassing van tolerantiegrenzen, afwijkingen en de weging hiervan. Deze begrippen zijn vooral van belang voor uw intern controleplan. o De commissie adviseert ook fraude door eigen medewerkers toe te lichten in de paragraaf Bedrijfsvoering. Hierover heeft de commissie BBV in de Notitie Bedrijfsvoering meer geschreven. o De invoering betekent eveneens dat de verordeningen 212, 213 en het normenkader moeten worden geactualiseerd. Ook moeten afspraken worden gemaakt of herzien met de accountant.

Hierbij moet u vooral denken aan de scope van de interne controle (getrouwheid versus rechtmatigheid), de documentatie van de uitgevoerde interne controles en de planning van de interne controle. U beschikt over een Intern Controleplan 2021, deze moet voor 2022 geactualiseerd worden. Het intern controleplan, de daarin opgenomen risicoanalyse en de tijdige uitvoering van de geplande interne controles, zijn belangrijke randvoorwaarden om in 2023 een rechtmatigheidsverantwoording op te kunnen stellen met betrekking tot boekjaar 2022 o Bij aan derden uitbestede werkzaamheden is het belangrijk als gemeente zelf zekerheid te krijgen over de rechtmatigheid. De wijze waarop dat kan is in de Kadernota uitgewerkt. Uw gemeente heeft overigens in dit verband geen werkzaamheden aan derden uitbesteed. Wij adviseren u overigens om (voor zover u dit nog niet heeft gedaan) kennis te nemen van de Kadernota rechtmatigheid 2022. Deze kadernota kan ondersteunend zijn aan het verder vormgeven aan de invulling van de rol van verschillende actoren binnen uw gemeente. Wij zien de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording als een uitgelezen kans om de interne beheersing daarmee op een nog hoger niveau te krijgen. Hiernaast hebben wij de wijzigingen samengevat en gevisualiseerd. Een goede onderbouwing van de rechtmatigheidsverantwoording is ons gedeeld belang.

De accountant moet straks immers verklaren dat de door het college afgegeven rechtmatigheidsverantwoording getrouw is. Wij zijn als uw accountant dus in belangrijke mate afhankelijk van de (interne controle) werkzaamheden van het college. Uiteraard maken wij hier graag gebruik van en willen wij graag samen optrekken om tot een goede invulling van de rechtmatigheidsverantwoording te komen. De jaarlijkse beoordeling van het intern controleplan van het college, de door haar uitgevoerde risicoanalyse en de beoogde interne controle aanpak zullen wij diepgaand met elkaar bespreken. Een belangrijke verandering ten opzichte van voorgaande jaren is, dat wij dit vooral vroegtijdig, meer concreet in het eerste of tweede kwartaal willen doen. Het doel is uiteindelijk dat uw gemeente geheel 312019015.22.163- 29

zelfstandig de 3 rechtmatigheidscriteria, begrotingscriterium, M&O-criterium en voorwaardencriterium, afdekt en dat wij door goede afspraken aan de voorkant kunnen volstaan met een marginale review achteraf. Dan is het in onze optiek logisch dat wij vroeg in het jaar met elkaar in gesprek zijn. De manier waarop u nu de interne controle uitvoert, biedt hiervoor een goede basis. Wij adviseren u de noodzakelijk vervolgstappen te zetten. In dit kader hebben wij eerder de volgende elementen benoemd: besluitvorming gemeenteraad (verantwoordingsgrens, rapporteringsgrens, tolerantie en normenkader) voorbereiden; uitwerking rechtmatigheidscriteria, in kaart brengen relevante wet- en regelgeving, uitvoeren risicoanalyse (wat kan er misgaan en wat is de impact hiervan), relevante beheersmaatregelen identificeren en het bepalen van gegevensgerichte detailcontroles (afdekken restrisico) en opstellen van werkprogramma’s waar nodig.

312019015.22.163- 30

5.

Overige aangelegenheden

312019015.22.163- 31

5. Overige aangelegenheden Geen meningsverschil met het college van burgemeester en wethouders

Er zijn geen meningsverschillen met het college van burgemeester en wethouders geweest en er waren geen beperkingen bij de uitvoering van onze controle. Naar onze mening is ons bij de uitvoering van onze controleopdracht door het college en de medewerkers van uw gemeente de volledige medewerking verleend en hebben wij volledige toegang tot de benodigde informatie gehad.

Bevestigingen van het college van burgemeester en wethouders ontvangen

Wij hebben namens het college van burgemeester en wethouders een ondertekende schriftelijke bevestiging bij de jaarrekening ontvangen d.d. DATUM.

Naleving van wet- en regelgeving

Wij hebben geen kennis van te rapporteren omstandigheden in verband met het niet-naleven van wet- en regelgeving met uitzondering van de bevindingen die elders in het rapport zijn opgenomen ten aanzien van met name EU-aanbestedingen.

Betrouwbaarheid en continuïteit van de automatiseringsomgeving

Onze jaarrekeningcontrole is gericht op het geven van een oordeel omtrent de jaarrekening zelf en is niet primair gericht op het doen van uitspraken omtrent de betrouwbaarheid en de continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking als geheel of van onderdelen daarvan. Onze bevindingen daaromtrent raken dan ook slechts die onderdelen die wij onderzocht hebben in het kader van de jaarrekening, wat wil zeggen dat wij ter zake geen volledigheid pretenderen. Uit de door ons uitgevoerde werkzaamheden zijn geen bijzonderheden gebleken waarop wij u via deze rapportage willen attenderen.

Geen aanwijzingen van fraude

In Nederland is de accountant wettelijk verplicht om alle ontdekte fraudegevallen te rapporteren aan het management van de organisatie. Wij merken op dat onze controle niet specifiek is ingericht op het ontdekken van fraude. De accountant is wel verantwoordelijk voor het betrekken van frauderisico’s in de planning en uitvoering van zijn controleopdracht. Wij hebben een fraudediscussie gevoerd met het controleteam en met het financieel management en de directie van de gemeente Lansingerland, waarbij wij de nadruk hebben gelegd op de vermoedens van materiële onjuistheden als gevolg van fraude in de jaarstukken. Van het management en directie hebben wij de bevestiging ontvangen dat er geen onregelmatigheden zijn

312019015.22.163- 32

geconstateerd waarbij het management of werknemers die een belangrijke rol spelen bij de maatregelen van interne beheersing of anderen in het geval dat de fraude van materieel belang kan zijn op de jaarrekening, zijn betrokken. Tevens hebben wij zelfstandig werkzaamheden uitgevoerd die gericht waren op het risico van het ‘omzeilen’ van de interne beheersingsmaatregelen door het management te detecteren. Wij hebben specifieke controles uitgevoerd op memoriaalboekingen en schattingen en hebben significante en ongebruikelijke transacties met behulp van gegevensanalyses onderzocht. Hoewel wij op grond van de controle- en overige standaarden een kritische houding moeten hebben ten opzichte van risico’s van fraude in de jaarrekening, merken wij op dat onze controle niet specifiek is gericht op het ontdekken hiervan. Tijdens de uitvoering van onze controle van de jaarrekening 2021 hebben wij geen aanwijzingen verkregen dat er sprake is geweest van fraude. Tot slot merken wij op dat het college beschikt over een geactualiseerde en geformaliseerde frauderisicoanalyse. Deze is eind 2021 ook in de BAC besproken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=73e4adc0-7ef8-4a17-bfc9-ba1726a6e137