CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

[BV25.0123] Verslag CIE Samenleving d.d. 4 dec 2025

Commissie Samenleving 5 februari 2026, gemeente LansingerlandBij agendapunt: Vaststelling verslag vorige vergadering11.309 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

VERSLAG Commissie Samenleving BV25.0123

Datum vergadering : 4 december 2025

Aanwezig in de raadszaal Commissieleden Leefbaar 3B : Marjolein Gielis, Leon Erwich WIJ Lansingerland : Jan Alsemgeest, Abdelkarim Afalah CDA : Dave Bergwerff, Arnold Oosterlaan VVD : Marloes Draak, Eric Kampinga D66 : Ronald van der Stad, Sander Smolders CU : Paul Lieverse, Annette Molenaar-Van der Beek GroenLinks : Selgei Gabin, PvdA : Valmir Xhemaili, Sonnie Biharie, Hamid Azzouzi VOOR Lansingerland : Burgemeester Wethouders

: : Leon Hoek, Titia Cnossen

Voorzitter Commissiegriffier

: Matthijs Machielse : Sander van Iperen, Rianne Kokke

Afwezig VOOR Lansingerland : Petrine van Olst CDA : Nelleke Nouman-Quist VVD : Boris Wezenberg GroenLinks : Marko Ruijtenberg, Manon van Splunter PvdA : Valmir Xhemaili, Hamid Azzouzi

1. Opening en mededelingen voorzitter De voorzitter: Goedenavond, dames en heren. Het is 4 december, 20:00 uur, tijd voor onze maandelijkse commissie Samenleving. Hartelijk welkom aan alle geïnteresseerden op de publieke tribune, adviesraad Sociaal Domein aanwezig. Hartelijk welkom, kijkers thuis, wethouders, ambtenaren en natuurlijk ook een hartelijk welkom aan alle commissieleden. Fijn dat u hier vanavond weer bij ons bent. U ziet naast mij een iets ander gezicht. Onze vaste griffier is natuurlijk wel aanwezig, maar we geven vanavond de heer Sander van Iperen een kans om ons goed te ondersteunen. Dank daarvoor. Dat gaat helemaal goed komen. Ik kan u melden dat wij inmiddels ook acht partijen aanwezig hebben in deze raadzaal en wij gaan beginnen met de vergadering. 2. Inspreker(s) De voorzitter: Agendapunt 2, de insprekers. Die hebben zich niet gemeld deze avond.

1/19

3. Vaststelling verslag vorige vergadering De voorzitter: We gaan gelijk door naar agendapunt 3, het vaststellen van het verslag van de vorige vergadering. Dat gaat dan om de commissievergadering van 13 november. Daar zijn geen opmerkingen op binnengekomen. Ik zie voorzichtig al iemand schudden, geen opmerkingen. Kunnen we dat verslag dan ook vaststellen? Dat is het geval, dan is dat verslag vastgesteld. 4. Vaststelling agenda en inventarisatie rondvragen De voorzitter: Gaan we over naar agendapunt 4, het vaststellen van de agenda. We hebben voor vanavond één bespreekpunt over de doorontwikkeling van het Lokaal Team. Geen andere punten. Gaan we het met deze agenda doen? Ook dat is het geval. 5. Bespreekpunten 5.a Concept uitgangspuntennotitie Doorontwikkeling Lokaal Team De voorzitter: Dan gaan we gauw door naar agendapunt 5, die bespreekpunten. De concept uitgangspuntennotitie voor de doorontwikkeling van het Lokaal Team staat vanavond op de agenda. Het college vraagt daarbij om uw op- en aanmerkingen, uw input, waarna het college daarmee verder kan. Het college heeft daartoe zeven uitgangspunten opgesteld die gebruikt gaan worden voor de doorontwikkeling van het Lokaal Team. Daar kunt u natuurlijk primair op reageren, maar u mag het zo breed maken als u wilt. Zolang het maar over het Lokaal Team gaat. Dat gezegd hebbende wil ik graag de eerste termijn openen.

Ik zie dat mevrouw Molenaar graag het woord wil. Dat is geen punt van orde, mevrouw Molenaar? Nee. Dan gaan we de eerste termijn starten met u, van de ChristenUnie. U heeft het woord. Eerste termijn Mevrouw Molenaar-Van der Beek: Dank u wel, voorzitter. Ik vind het inderdaad fijn om af te mogen trappen, bij deze. We hebben het in deze commissie al langere tijd over de komst van een Lokaal Team om zo de toegang tot de zorg te verbeteren en om te zorgen dat de hulp daar terecht komt waar dat nodig is. Als ChristenUnie staan we daar helemaal achter. In de beeldvorming van 19 november kwam naar voren dat er al heel veel en goed over nagedacht is. Met de ondersteuning van de VNG ook. De noodzaak van het inrichten van een Lokaal Team wordt breed gevoeld, zowel in het gemeentehuis als daarbuiten. In onze fractie kwam dan ook de vraag naar voren of de invoering niet sneller kan. De voorbereiding duurt al best een poosje. Er is al heel veel wel duidelijk. Een langere periode van onduidelijkheid in een soort tussenfase lijkt ons niet goed. We roepen het college op om door te pakken en waar mogelijk te versnellen, zodat in 2026 al begonnen kan worden met de nieuwe aanpak. Bij het crisisteam Wmo is gebleken dat het al goed kan werken. We zijn heel benieuwd hoe andere fracties daar tegenaan kijken. Aandachtspunten die we bij de inrichting willen meegeven, dat zijn de volgende.

De casusregisseur die heeft een cruciale rol. Die moet door goede en ervaren mensen worden ingevuld. Met oog voor de in te schakelen hulp of expertise, het overzicht over de verschillende werkvelden en goed contact met de hulpvragers. Een hele belangrijke functie. Het volgende punt, het Lokaal Team moet zichtbaar zijn in de samenleving. Niet alleen in het gemeentehuis, maar ook op scholen, op ontmoetingsplekken voor ouderen en jongeren en in zorgcentra. Binnen onze eigen fractie hebben we dat wel eens genoemd, ga maar op safari. Ga naar buiten. Ga kijken. Het volgende punt, kwetsbare wijken of kwetsbare personen moeten voor de

2/19

gemeente goed in beeld zijn. Dat zijn groepen of personen die hulp vaak niet zo makkelijk zelf kunnen vinden. Ongelijke en gerichte behandeling waar nodig. Zoals in de samenlevingsvisie we ook met elkaar hebben afgesproken. Dan nog een punt, het mandaat om over hulp te beslissen moet ook goed geregeld worden met de organisaties buiten het gemeentehuis. Vereenvoudiging van regels waar mogelijk kan daar ook misschien bij helpen. Daar roepen we ook toe op. Het volgende, wees zuinig op de aanwezige expertise in de gemeente en bij de ketenpartners. Pas die expertise goed in, in de nieuwe inrichting. Ten slotte, maar zeker ook wel heel belangrijk, de inwoner die hulp nodig heeft, die staat centraal. De inrichting van het Lokaal Team moet daaraan dienstbaar zijn. Bij al deze punten en bij de oproep om te versnellen, realiseren we ons ook heel goed dat dit een verandering is die heel veel vraagt van de organisatie en van de mensen die er werken. Naast de oproep om te versnellen, ook de oproep om duidelijke keuzes te maken. Goede werkafspraken, duidelijke regels, heldere communicatie. Zodat zowel inwoners als medewerkers weten waar ze aan toe zijn. Maar ook om de goede medewerkers met alle expertise en ervaring vast te houden in Lansingerland. Dat vinden we ook een heel belangrijk punt. De consequenties voor financiën, budgetten, bemensing en wachtlijsten zijn nog niet duidelijk.

Dat bleek ook in de beeldvorming al. Wat onze fractie betreft is dat geen belemmering om nu al door te pakken. Dat was onze bijdrage. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Molenaar. Wie mag ik dan in deze eerste termijn het woord geven? Dat is de heer Erwich van Leefbaar 3B. De heer Erwich: Dank u wel, voorzitter. Inwoners verwachten maar één ding, duidelijkheid. Geen gedoe, geen kastje naar de muur, maar snelle en menselijke hulp. Daar staat Leefbaar 3B voor. Eigen inwoners op één, minder bureaucratie en hulp dichtbij. De richting die het college kiest met één Lokaal Team, meer samenwerking en meer preventie, dat begrijpen we. We hebben wat dat betreft wel een kanttekening. Ook wij willen tempo maken, maar dan wel op een manier die werkt voor onze organisatie en voor de inwoners. Voorzitter, dan een paar vragen aan de wethouder. Waarom is deze verandering nodig en wat levert het de inwoners precies op? Daar heb ik nog niet echt veel op kunnen vinden. Wat gaat straks echt anders of beter dan nu? Creëren we juist hiermee niet opnieuw een extra laag in het ambtelijk apparaat? Want dat gaat recht tegen ons DNA in. We willen geen nieuwe structuren, maar juist minder. Als dat leidt tot meer coördinatoren, managers of overlegtafels, dan denken wij dat het misgaat. Daarnaast, één groot team kan centraal en te anoniem worden.

We willen herkenbare gezichten in de nabijheid en in eigen wijken. Ook het mandaat is nog onduidelijk en te vaag. Wie beslist wat? Hoe snel wordt hulp ingezet? Hoe voorkomen we dat medewerkers naar elkaar moeten bellen voordat er iets gebeurt? Zonder helder mandaat ontstaat vertraging en juist de bureaucratie die we niet willen. Voorzitter, ik wil nog één punt benoemen dat ons echt zorgen baart. We horen signalen dat sommige scholen weinig oog lijken te hebben voor armoede, sociale zorgen of voor thuissituaties die aandacht vragen. Dat is zorgelijk, want juist die scholen zijn vaak de plek waar problemen het eerst zichtbaar worden. Als we het echt sneller en beter willen ondersteunen, dan moet die samenwerking met scholen en verenigingen steviger en bewuster worden. Daarnaast is er een financieel risico. Het college vraagt nu om een richting, maar financieel kader komt pas in 2026. Taken kunnen bij de gemeente komen te liggen zonder dat daar voldoende middelen of capaciteit tegenover staat. Dan lopen de wachttijdens op en komen inwoners weer in de onzekerheid. Dat mogen we niet laten gebeuren. Voorzitter, Leefbaar 3B ziet duidelijk kansen, maar ook kanttekeningen.

We willen geen extra lagen, geen groei van het ambtelijk apparaat, dorpsgerichte teams zichtbaar en bereikbaar, helder mandaat zodat de inwoners snel geholpen worden, een kloppende financiële onderbouwing en zonder nieuwe risico's.

3/19

De voorzitter: Mijnheer Erwich, ik ga u onderbreken voor een interruptie van mevrouw Molenaar. Mevrouw Molenaar-Van der Beek: Dank u wel. Ik heb een vraag aan Leefbaar. In de beeldvorming werd heel duidelijk gesproken over één Lokaal Team. Ik hoor u nu over meerdere Lokale Teams. Is dat ook een voorstel om het dan toch anders te doen? De voorzitter: Mijnheer Erwich. De heer Erwich: Nee, dan hoort u me niet goed. Het gaat gewoon om hetzelfde Lokaal Team. Dat is er één, maar ze moeten wel lokaal te vinden zijn. Dat vinden wij. Waar was ik gebleven? We zien kansen, maar ook kanttekeningen. We willen geen extra lagen. Die had ik al geroepen. Dorpsgerichte teams, zichtbaar en bereikbaar. Helder mandaat, zodat inwoners snel geholpen worden. En kloppend financiële onderbouwing zonder nieuwe risico's. Versnellen kan wat ons betreft prima, maar wel verantwoord. Met helder mandaat, eenvoud in de organisatie en zichtbaarheid in onze drie dorpen. Daar zit de echte winst voor de inwoners. We denken graag mee aan een sterk Lokaal Team. Mits die praktisch, dichtbij en zonder onnodige bureaucratie wordt ingericht. Voor ons staat de inwoner op één. Daar willen we het graag bij houden. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Erwich. Dan in deze eerste termijn mevrouw Biharie, PvdA. Mevrouw Biharie: Dank u wel, voorzitter.

Mevrouw Molenaar en de heer Erwich hebben al een paar punten goed benoemd. Dank daarvoor. Waarvoor ik dank wil uitspreken voor de input vanuit de adviesraad Sociaal Domein met hun adviezen en vragen naar het college. De beeldvorming met de afvaardiging vanuit de VNG vond ik vanuit de PvdA-fractie heel informatief en gaf meer inzicht op dit agendapunt over de Lokale Teams. In februari 2025 was een bijeenkomst in het Wolfert schoolgebouw hier tegenover het gemeentehuis waar een wethouder uit Pijnacker aanwezig was, waar zij al aan de slag zijn met de Lokale Teams, wijkteams, noemen ze het daar. Onze portefeuillehouder, wethouder Hoek, was daar. Toen heb ik de vraag gesteld, hoe ziet u dat in Lansingerland en hoe gaat u dat aanpakken? Wethouder Hoek gaf mee, ik ga daarnaar kijken. We zijn bijna een jaar verder. VNG gaf aan dat in sommige gemeenten dat ook al is opgepakt. Zoals mevrouw Molenaar zei, snelheid is niet altijd goed, maar in dit geval lopen er in verschillende gemeenten zulke Lokale Teams. Mijn vraag aan de wethouder is, wat voor tijdsbestek, concreet, denkt men, we hebben over 2027. Is er een mogelijkheid, laat ik het zo formuleren, om dat te starten in 2026? Tijdens de beeldvorming hebben we in aparte kamers met de afgevaardigde van VNG en de wethouder en alle beleidsadviseurs gesproken.

Heb ik ook de vraag gesteld over capaciteit, over financiën en over de deskundigheid bij onze medewerkers, om dit voor elkaar te krijgen. Mij is toen verteld dat er over het algemeen voldoende kennis in huis is, wat scholing betreft, deskundigheid. Dan vraag ik me af, wat let ons om het tijdspad om echt actief aan slag te gaan, te vervroegen, naar voren te halen? Ik hoor graag van de wethouder hoe hij hierover in staat. Dan heb ik een vraag over de casusregisseur. Hoe ziet hun taak er concreet uit, wat betreft regie? Hoe is die verantwoordelijkheid nu, want we gaan richting uitvoering, gewaarborgd? En wat wordt anders, hoe het nu is en straks in de Lokale Teams? Het zijn korte vragen, maar ik heb dat even, voorzitter. Hoeveel casus, vraag ik me af, heeft een regisseur straks op zijn en haar bureau? Gezien ook de wachtlijsten en de werkdruk en de administratieve rompslomp, wat echt moet verminderen, zoals de heer Erwich van Leefbaar 3B benoemde. Vervolgens heb ik een opmerking over een woord gebruikt op pagina 2, voorlaatste alinea, in de uitgangsnotitie. De casusregisseur krijgt meer overwegingsmacht. Het woord macht. Gezien in het verleden en huidige recente casus en de toeslagenaffaire en het vertrouwen van hulpbehoevende hulpvragers. Ik zou aan de

4/19

wethouder ter overweging willen meegeven, het woord overwegingsmacht anders in te vullen. Het woord macht, mijns inziens, van mijn fractie, hoort niet in een stuk. Daar wil ik het voor nu bij laten. Dank u. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Biharie. Dan ga ik door naar de heer Bergwerff van het CDA. De heer Bergwerff: Voorzitter, bedankt voor het woord. Beetje last van mijn keel, vergeef me dat. De voorzitter: Bij deze vergeven, mijnheer Bergwerff. De heer Bergwerff: Dat is heel vriendelijk van u. Het gaat hier over de doorontwikkeling van de stevige Lokale Teams. Allereerst, fijn dat we hier al met de visie zo ver zijn in Lansingerland. Het is essentieel om in controle te zijn en daarmee het creëren van een toekomstbestendige, integrale en herkenbare toegang voor onze inwoners met zorgvragen. Laat ik gelijk ingaan op die zeven uitgangspunten. De drie waarden uit het richtinggevend kader van de VNG zien we hier wel duidelijk terug. Zorg dichtbij, integraal organiseren en mandaat geven aan de professionals, of in dit geval dan aan de casushouders. Punt één is denk ik het meest sprekende, overkoepelende. Het doel is daar cliënten minder bureaucratie te laten ervaren. Ik denk dat dat een heel mooi uitgangspunt is. De casushouder in dadelijk nieuwe vorm blijft structureel aangesloten bij de cliënt. Deze casushouder vormt ook de veilige basis van de cliënt.

Professionals zelf in dienst nemen. Zij worden onderdeel van die wijkteams. Zo kunnen de casushouders sneller schakelen en lijkt het proces efficiënter te zijn, aldus ook het advies van de VNG. Voor verdere specifieke kennis en gevallen kan er altijd ingehuurd worden. Maar je blijft zo als organisatie flexibel op die manier. Inhoudelijk zijn wij als CDA het ons ontzettend eens met de uitgangspunten en ook de doorontwikkeling van deze team zoals nu voorgesteld. Maar let wel op, geef de huidige partners waar we nu mee samenwerken, die aan de poort staan, wel een hele goede afwikkeling. Zorg voor een goede overdracht als wij dadelijk taken als gemeente zelf gaan organiseren. Dan heb ik gelijk een vraag aan de wethouder. Leefbaar 3B gaf aan dat zij niet wensen dat er meer verruiming komt van het ambtelijk apparaat of uitbreiding. Maar volgens mij met dit plan kom je daar niet onderuit. We gaan mensen zelf, volgens mij, in dienst nemen wat we nu aan derden uitbesteden. Die wil ik even heel concreet vragen aan het college. De doorontwikkeling zal een fors project zijn, aan de voorkant moeten scherpe keuzes gemaakt worden. Dat heeft effect uiteindelijk op de uitvoering. Onze zorg zit hem echt in die praktische dingen, waar we het volgend jaar over gaan hebben. Hoe gaan we tijdig capaciteit vergroten? Hoe vinden we die professionals? Dat is niet makkelijk in deze tijd.

Het gaat hier ook om goede inrichting, bedrijfsvoering. Er zal best een extra manager komen, er zal best misschien een teamleider bij komen. Daar hebben wij best begrip voor. Communiceer goed naar de huidige partners en zorg dat er een goede overdracht plaatsvindt. In 2026 spreken we over het financieel kader. Dat wordt echt een interessant gesprek, denk ik. Neem hier, dan geef ik alvast al onze visie daarop, neem duidelijke KPI’s mee. Oftewel, kom met concrete doelstellingen, maar ook hoe we die kunnen toetsen, hoe we kunnen beoordelen. Dat is voor ons, denk ik, als raad heel belangrijk, maar dat stukje regie is, denk ik, voor de interne organisatie hier ook heel belangrijk. Want het zal een heel groot project worden. Dan even reageren op de ChristenUnie. Fijn dat de ChristenUnie creatief nadenkt met het uitstapje van, kan het niet sneller? Dat zou natuurlijk heel fijn zijn, maar wij als CDA denken toch, het college heeft het op deze manier nu voorgesteld. Als het sneller had gekund, hebben wij het idee, dan hadden ze dat wel gedaan. Wij willen natuurlijk graag dat het sneller kan, maar niet ten koste van de effectiviteit of de zorgvuldigheid. Wij vragen aan het college, wat is hun advies hierop? Ze zijn waarschijnlijk

5/19

al van plan om erop te reageren, dat komt helemaal goed uit. Daar laat ik hem even bij. Dank u wel. De voorzitter: Ging uitstekend, mijnheer Bergwerff, met uw keel. Dat is geen interruptie, mevrouw Draak? Dan heeft u het woord. VVD. Mevrouw Draak: Dank u wel, voorzitter. De doorontwikkeling van ons Lokaal Team. Ik vind het wel grappig om te horen dat tot nu toe al best wel veel verschillende invalshoeken zijn. Ik heb er zelf vanuit de VVD wel een tijdje over gedaan om te begrijpen wat hier nu precies voor ligt. Zoals ik het heb geconcludeerd, willen we toewerken naar een lokale hulpverlening voor alle leeftijdsgroepen tegelijk met één ingang. Waarbij alles wat nu in meerdere loketjes is verdeeld, volgens mij, achter de schermen bij elkaar één team wordt. Waar natuurlijk verschillende expertises in zullen blijven. Dat vind ik op zichzelf een hele goede ontwikkeling. Ik heb helemaal niet, zoals het CDA net zegt, het idee dat dat per definitie meer mensen zal opleveren aan de ambtenarenkant. Ik denk juist dat het een behoorlijke transitie zal zijn voor de interne organisatie, omdat je naar een hele andere werkwijze toe gaat. Ik vind de uitgangspunten die worden gekozen heel goed. Ik begrijp eerlijk gezegd ook voor een heel groot deel het tijdspad. Alleen als je kijkt naar dat het eind volgens het tijdspad wat wordt voorgesteld eind 2028 pas helemaal draait.

Voor iets wat in mijn ogen zoveel efficiëntie oplevert en zoveel gemak voor onze inwoners, omdat ze maar door één toegangspoort hoeven om daarna aan de achterkant de juiste hulp te krijgen. Dan vraag ik me samen met de ChristenUnie af of dat op de een of andere manier niet wat compacter kan worden voorgesteld? Dit mag natuurlijk niet ten koste gaan van zorgvuldigheid. Maar wat mij bijvoorbeeld heel erg aanspreekt in de nieuwe aanpak is dat er meer zeggenschap en beslissingsmogelijkheden komen voor de individuele casusregisseur of het Lokaal Team zelf. Mevrouw Biharie van PvdA maakt zich dan zorgen over het woord macht. Ik kan me voorstellen dat dat wat ongelukkig gekozen is. Je moet natuurlijk op het moment dat je ambtenaren een bepaalde beslissingsbevoegdheid geeft zorgen dat het afwegingskader hartstikke helder is. Maar dan juich ik alleen maar toe dat één persoon, één gezin bij zich neemt en gewoon zorgt dat het daar goed voor gaat. Dat is een bruggetje naar iets anders wat ik mis in dit plan. We hebben het over één Lokaal Team. In de beeldvorming heb ik al horen zeggen dat Lansingerland te klein is voor wijkteams. Maar op de een of andere manier zou ik er toch wel voor voelen om drie teams te maken voor iedere kern.

Omdat het mij lijkt dat hoe dichterbij je een hulpverleningscasus bij iemands werk als ambtenaar maakt, dat je dan veel meer zelf, veel meer denkt, dit is mijn gezin, dit is mijn dorp, ik wil dat het daar goed geregeld wordt. Op het moment dat je straks tachtigduizend Lansingerlanders in één team stopt, dan zeg ik het even heel oneerbiedig, dan maak ik me zorgen dat juist de afstand te groot wordt in plaats van kleiner. Volgens mij zit de winst voor onze inwoners in een korter lijntje. Ten eerste naar de ingang en daarna naar de casusregisseur. Ik ben echt benieuwd hoe de wethouder daarnaar kijkt. De hamvraag is wat de VVD betreft, is er enige manier om dit te versnellen als blijkt dat er voldoende draagvlak in deze commissie en straks in de raad is om voor deze aanpak te gaan? Er zijn voldoende gemeenten die dit al doen. Zorgvuldigheid moet er zijn. Maar als je het leest denk je, waarom doen we dit nog niet? Dat is niet flauw bedoeld. Het klinkt allemaal zo logisch en goed. Kunnen we daar op de een of andere manier voort mee maken? Dat is de belangrijkste vraag. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Draak. Dan ga ik, denk ik, aan uw overkant naar mevrouw Gabin van GroenLinks. Mevrouw Gabin: Dank u wel, voorzitter. GroenLinks ziet ook waardevolle richtinggevende keuzes.

Maar omdat dit document juist bedoeld is om de koers te bepalen, willen wij nu ook punten meegeven aan het college om op een constructieve manier bij te kunnen dragen.

6/19

Allereerst de tijdslijn. Het is al eerder benoemd door partijen. Wij begrijpen dat dit een meerjarige ontwikkeling is. Maar de huidige planning met echte veranderingen pas vanaf 2027, 2028, doet onvoldoende recht aan de urgentie die in de stukken zelf wordt genoemd. De druk op inwoners en professionals is nu heel groot. GroenLinks vraagt daarom in de uitwerking te verduidelijken welke onderdelen al in 2025 en in 2026 concreet kunnen we verbeteren. Daar valt te denken aan versterken aan basishulp, herkenbare toegang, noem het maar op. Ambitie betekent niet alleen goed richten, maar ook sneller doen wat vandaag al kan, wat ons betreft. Daar sluiten wij ook graag aan bij de ChristenUnie. De VVD had het over, het staat bekend dat wij een voorstander zijn van wijkteams. De VVD had aangegeven, wat nou als we kerngerichte aanpak hanteren? Wij zien graag wat de wethouder hiervan vindt en te zeggen heeft. Ons tweede punt, het eerste contact. De kwaliteit van de toegang valt of staat met de deskundigheid van degene die het eerste gesprek voert. De gemeente die inzet op een sterk professioneel eerste contact, zoals Veendam, laten zien dat dit leidt tot mindere wachttijden en minder onnodige doorverwijzingen. De ASD heeft dit ook benoemd in hun stuk. Voor GroenLinks is dit een belangrijk punt.

Deskundigheid aan de voorkant bepaalt of we licht kunnen helpen waar dat kan en zwaar waar dat moet. Wat ons betreft vragen wij het college daarom om dit als een harde randvoorwaarde mee te nemen in het uitvoeringsplan. Het eerste contact moet sterk genoeg zijn om ondersteuning snel, zorgvuldig en mensgericht op gang te brengen. Ons derde punt gaat over de toegankelijkheid. Wij zien in de notitie dat digitale bereikbaarheid wordt genoemd. Dat is logisch en ook nodig. Vooral in de digitale wereld waarin we leven. Maar voor GroenLinks staat vast dat digitale toegang nooit de hoofdroute naar ondersteuning mag zijn. Veel inwoners die ondersteuning nodig hebben, kunnen digitaal niet goed meekomen. Zij hebben juist baat bij nabijheid, herkenbare gezichten en laagdrempelige manieren om binnen te komen. Dit geldt in het bijzonder voor kwetsbare inwoners, mensen met een beperkte taalvaardigheid, ouderen, inwoners met psychische kwetsbaarheid. Maar ook mensen met een migratieachtergrond. Voor deze groepen kan digitale ingang juist een drempel vormen. Juist zij moeten de gemeente eenvoudig kunnen bereiken op manieren die aansluiten bij hun eigen leefomgeving. Tot slot, doorzettingsmacht. Daar had mevrouw Biharie ook een punt over. Het is een goede stap dat het Lokaal Team mandaat krijgt bij multiproblematiek. Maar dat mandaat moet veilig en zorgvuldig worden ingericht.

Professionals mogen niet alleen komen te staan in risicovolle besluitvorming. Wij vragen daarom om doorzettingsmacht juist altijd te verbinden aan multidisciplinaire aanpak. Maar ook met duidelijke juridische kaders en bescherming voor medewerkers. Alleen dan werkt dit instrument in het belang van zowel inwoners als professionals. Dit zijn de punten die GroenLinks graag wil meegeven. We hopen dat het ook betrokken wordt bij de verdere uitwerking. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Gabin. Dan gaan we eerst naar de heer Van der Stad, D66. Dan komt u zo meteen, mijnheer Afalah. Mijnheer Van der Stad, D66. De heer Van der Stad: Dank u wel. We zijn positief gestemd met het voorliggende. Het is illustratief aan, het kan wel. De mouwen opstropen en strijden aan wat je wilt bereiken. Beoogd wordt de praktische forse wijziging qua werkstructuur in het toegangsportaal. Dit gaat alle toegangspartners, de gemeente, maar ook de zorgenafnemers, zeker inwoners, raken. Veranderende datasystemen, werkvormen, communicatielijnen, verantwoordelijkheden en niet onbelangrijk, een andere mindset. Je zal er maar aan staan, want dit vraagt wat van je organisatie en die van je partners. Maar die uitdaging moeten we gewoon aangaan voor een betere zorg. Gelukkig, de meeste actoren waar we het straks mee gaan doen, zijn reeds actief in het huidige toegangsportaal en het zijn bekenden van ons.

Samenwerken straks betekent samenwerken nu aan die invulling van straks. Alhoewel het een nieuwe uitgangspuntennotitie betreft, wordt er niet iets wezenlijk nieuws verwacht. Dat klinkt wellicht gek, maar de zeven uitgangspunten zijn te vergelijken met alle zaken die

7/19

we al jaren beogen te bereiken. We willen laagdrempelig, middels casushouderschap, snel passende zorgen bieden. Sinds 2013 praten we al over het organiseren van keukentafelgesprekken om passende hulp te bieden aan wie ondersteuning vraagt. Maar ook om te bespreken wat sociale netwerk dan kan betekenen om de zelfredzaamheid te bevorderen en om potentieel multiproblematiek in kaart te brengen. Een zogenoemde integrale benadering. We begrijpen dat het in de uitvoering van het toegangsportaal beter kan om die gewenste doelen te bereiken. Zoals op de beeldvormende avond al werd besproken, willen we niet meer het estafettestokje doorgeven waar het huidige systeem op blijft terugstuiten. We willen als gemeente nu zelf de regie gaan nemen en casussen blijven volgen. We willen dichter op het gezin, alleenstaanden en ouderen gaan zitten en een andere houding en commitment aannemen. Een stukje deprivatisering werd het genoemd. D66 ondersteunt het voeren van een regierol, de inwoners centraal en één Lokaal Team, van harte. Ook het normaliseren in ogenschouw nemend. Bij dit laatste de kanttekening makend dat passende zorg echt altijd geboden moet worden en dat lokale zorg een pre is, maar geen must als dit nadelig is voor de afnemer. De regierol naar ons toe trekken benodigd echter andere vaardigheden bij de gemeente en een verschuiving van verantwoordelijkheden binnen het toegangsportaal.

Bij de selectie van personeel, aantrekken en behouden van expertise moeten we daar nu al rekening mee houden. Aansturen op verandering. Vraag en duw je straks in de voorbereiding niet te veel op je eigen of andere organisaties? Wordt hier rekening mee gehouden en wordt dit op enige wijze bespreekbaar gemaakt in de keten? Hoe ga je daar dan mee om? Het voorstel van de ChristenUnie voor een versneld traject spreekt ons aan aan de ene kant, maar schrikt ons aan de andere kant af. De voordelen van behoud van expertise onderkennen we. Klein en flexibel beginnen. Bijvoorbeeld met een eerste kernteam en al lerende het nieuwe werkproces uitrollen, spreekt ons ook aan. Maar zijn de juridische zaken en datasystemen er dan ook al klaar voor? Zit je niet al te snel op roloverstijgende vlakken waardoor te snel iedereen al betrokken wordt en is het dan nog te managen? Moet je dan nu ook al niet de financiële middelen hebben om sturing te kunnen bieden c.q. hetgeen theoretisch pas beschikbaar komt na een uitgewerkt plan? En een akkoord van de raad uiteraard. Min of meer is dat ook hetgeen dat de ChristenUnie, denk ik, voorziet, maar dan zonder direct te benoemen dat we de nodige financiën direct beschikbaar willen stellen. Wat ons betreft mogen er al stappen gemaakt worden naar logica. Met het idee dat we sneller zorg wellicht kunnen bieden of zwaardere zorgafnamen kunnen voorkomen.

Zoals de ChristenUnie zojuist ook aangaf, de inwoner moet centraal staan. We willen graag meedenken en staan open hoe dit verwezenlijkt kan worden in het proces. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van der Stad. Dan tot slot in deze eerste termijn kom ik weer bij u, mijnheer Afalah, WIJ Lansingerland. U heeft het woord. De heer Afalah: Dank u wel, voorzitter. WIJ Lansingerland staat volledig achter de uitgangspuntennotitie die hier voor ons ligt. Dit is niet zomaar een beleidsstuk, maar een kans om echt verschil te maken voor onze inwoners. Vooral voor diegenen die het meest kwetsbaar zijn. Het is een stap naar een gemeente waarin niemand tussen wal en schip valt. De essentie van deze notitie is helder. Het opzetten van één Lokaal Team dat dichtbij onze inwoners staat. Een team dat niet alleen regels uitvoert, maar mensen begrijpt. Dit is niet iets abstracts, maar een praktische oplossing voor een probleem dat we allemaal kennen, versnippering en te grote afstand binnen de hulpverlening. Met de oprichting van een Lokaal Team, waarin we problemen integraal aanpakken, dichtbij de mensen om wie het gaat, kunnen we de versnippering en afstand verkleinen. Volgens mij kan daar niemand tegen zijn. Onze inwoners hebben nu hulp nodig. Hoe langer we wachten, hoe groter de problemen worden.

Daarom sluiten wij ons aan bij de ChristenUnie om dit proces te versnellen daar waar het kan. Uiteraard als iedereen ook mee kan komen daarin zonder dat er problemen ontstaan. Laten we niet te veel hangen in plannen, maar overgaan tot actie.

8/19

Een goed functionerend Lokaal Team staat of valt met voldoende capaciteit. We moeten helder krijgen hoeveel casushouders en andere professionals nodig zijn om maatwerk te bieden en om overbelasting te voorkomen bij deze mensen. Dit is cruciaal voor de kwaliteit en de continuïteit. Hoe zorgen we ervoor dat deze expertise ook behouden blijft? WIJ Lansingerland vindt het ongelooflijk belangrijk dat er bijvoorbeeld bij een gezin niet constant iemand anders de regie voert en dat ze meer dezelfde gezichten blijven zien. Ik hoorde wat mensen zeggen dat er geen extra mensen of wat dan ook moeten worden aangenomen. Ik denk dat het misschien best zou kunnen, dat is in ieder geval de ervaring bij andere wijkteams of Lokale Teams elders in het land, dat je in het begin best meer mensen binnen de organisatie krijgt. Omdat je gewoon die expertise die je mist, heb je gewoon nodig. Lijkt mij niet raar om dan die mensen ook binnen zo'n team te halen. Want dat gaat ergens anders weer vanaf. Leefbaar 3B begon daar ook over. Het team moet zichtbaar en toegankelijk zijn. Daarbij denken wij ook, wij zijn wel voorstander van één Lokaal Team. Omdat je anders als je te veel teams, zoals wat VVD net zei over drie teams, dat je de expertise gaat versnipperen over die drie teams. Ik ben absoluut voorstander om één Lokaal Team, waar alle expertise aanwezig is.

Maar uiteindelijk kan je natuurlijk heel veel dingen dichtbij de mensen ook brengen. De voorzitter: Mijnheer Afalah, ik ga u onderbreken voor een interruptie van mevrouw Draak. Mevrouw Draak: Dank u wel, voorzitter. Ik zou aan de heer Afalah willen vragen, denkt u dat het ook mogelijk zou zijn om teams te formeren per kern binnen het gemeentehuis, achter de schermen, terwijl die mensen gewoon allemaal collega's van elkaar zijn, die elkaar allemaal kennen en ook gewoon samenwerken met elkaar? Zou dat ook kunnen, denkt u? De voorzitter: Mijnheer Afalah. De heer Afalah: Dat is volgens mij toch ook waar we nu naartoe willen, denk ik. Volgens mij zegt u niet iets anders dan wat er in het stuk staat en wat ik vind. Alleen wij vinden, als je echt drie Lokale Teams gaat doen, ik denk dat wij te klein zijn om de expertise in elk Lokaal Team te hebben. De voorzitter: Mevrouw Draak. Mevrouw Draak: Dank u, voorzitter. Ik heb niet een vraag, maar zou ik iets mogen verduidelijken in ruil daarvoor? De voorzitter: U bent nu toch al bezig, maar het is op het randje. Mevrouw Draak: Om te voorkomen dat we langs elkaar heen praten, ik denk dat we allebei hetzelfde willen. Alleen wat ik heb bedoeld is, op het moment dat je iemand koppelt aan het team Bleiswijk, dat iemand zich heel erg gecommitteerd voelt om voor Bleiswijk het allerbeste te doen, om even een voorbeeld te noemen.

Het gaat mij om menselijke commitment wat je daarmee creëert en niet per se om de kennis te versnipperen. De voorzitter: Mijnheer Afalah, gaat u verder met uw eerste termijn. De heer Afalah: Dat bedoelen we inderdaad wel, alleen ik wil het niet koppelen aan een wijk, maar ik wil het koppelen aan de behoeften binnen zo'n wijk. Ik kan me heel goed voorstellen dat je, als er in een bepaalde wijk heel veel problemen zijn met jongeren, dat je zegt, we gaan een spreekuur organiseren op een school of een sportvereniging, dicht bij de mensen. Waar heel veel ouderen zijn die hulpbehoevend zijn, dat je daar die expertise

9/19

naartoe brengt, maar wel onder de paraplu van het ene Lokale Team. Ik denk dat we daar wel uitkomen met elkaar. De voorzitter: Helder. Wilt u dan ook gaan afronden, alstublieft? De heer Afalah: Bijna. Belangrijk voor ons, jeugd- en jongerenwerk. Dat mis ik nog wel in dit stuk. Wij vinden dat we daar echt veel meer kunnen inzetten en die jeugd- en jongerenwerk te versterken om juist die signalering binnen die wijken sneller op te pakken. Dat moet ook onderdeel zijn van zo'n team. Veiligheid vinden wij ook, moet er echt onderdeel van zijn. Een wijkteam of een wijkagent die daar ook betrokken in is. Want veiligheid en hele kwetsbare zorgen bij mensen thuis heeft heel vaak relaties met elkaar. Wat het belangrijkste is, denk ik, de samenwerking met onze partners. WelZijn Lansingerland en dergelijke. Dan is de vraag, gaan wij mensen in dienst nemen of gaan wij gewoon heel goed die mensen integreren binnen dat ene Lokale Team? Daar wil ik het nu even bij laten. Dank u wel. De voorzitter: Dat is helemaal fijn. Dank u wel, mijnheer Afalah. Daarmee zijn we aan het einde gekomen van de eerste termijn van de zijde van de commissie. Kijk ik even naar mijn rechterzijde. Bent u zover, wethouder Cnossen? Dat is het geval. Dan heeft u het woord in de eerste termijn van het college, wethouder Cnossen. Beantwoording college Mevrouw Cnossen: Dank u wel, voorzitter, voor het woord.

Dank u wel, commissieleden, voor wat u meebrengt naar het college. Daar is deze gedachtewisseling voor bedoeld, om aan ons ook weer dingen mee te geven waar u aandacht voor vraagt. Eén punt springt er wel uit, hoe snel kunnen we nou met dat team starten? ‘28, dat duurt allemaal wel heel erg lang. Mooi dat u daar de vinger op legt. U kent mij, ik hou ook altijd van opschieten. Maar ik heb ook wel erover nagedacht wat er voor nodig is om voor zover te komen. Want een aantal van u zei, de partners moeten ook goed meekomen. Ik dacht bij de heer Van der Stad. Mijnheer Bergwerff, u vroeg echt aandacht voor de partners en een goede afwikkeling. Daar zit hij precies. Wij hebben natuurlijk een subsidierelatie met de partners Kwadraad en het CJG. Dat loopt in ‘26 gewoon door. Die subsidie is afgegeven. Volgend jaar moeten we zorgen dat we onze verordening aanpassen. Vervolgens de subsidierelatie aanpassen of wat dan ook daarmee doen. Dan kunnen we in ‘27 die partners echt binnenhalen of detacheren of hoe dan ook. Die ‘27, dat is er wel een die je niet kunt versnellen. Maar vorige keer hebben we het ook bij de beeldvorming over de pilots gehad. Wat we nu al doen met de wachtlijsten Wmo is al gewoon proberen, hoe doe je dat nou? Gewoon eens met elkaar focus op één onderwerp. Zo snel mogelijk de wachtlijst weer korter maken. Op die manier willen we daar wel mee verder gaan.

Een voorbeeld zou ook kunnen zijn het participatieteam die wat meer op locatie gaat werken. Dat loopt nu ook al. We gaan niet stilzitten in de tijd dat u moet wachten tot ’27 het helemaal met een soort big bang gebeurt. Dat gaat geleidelijk, door ervaring op te doen met dit soort pilots willen we daar komen? Als u zegt, ‘28, dat duurt me wel heel lang, dat ben ik helemaal met u eens. Maar dat is wel de stip op de horizon waar we zeggen, dan moet het echt helemaal staan. Dat over het tempo, hoe het college daarnaar kijkt. Is er dan onduidelijkheid in de tussenfase? Dat is natuurlijk een belangrijk punt wat mevrouw Molenaar aanstipte, voorzitter. Helpt dat dan om in ‘26 te starten? Een aantal van u had het ook over zorgvuldigheid. Dat zit hier ook gewoon achter. Dat je, als je omgaat, dat dat ook allemaal iedereen zorgvuldig ook zijn hele proces afgehandeld moet worden. Het zou, denk ik, wij, meer onduidelijkheid geven als wat dat te snel gaat. De heer Erwich vraagt, waarom is het nodig en wat levert het de inwoners op? Waarom is het nodig? Deden we het tot nu toe fout? Dat zit er altijd een beetje achter. Dat denken mensen vaak bij veranderingen. Nee. Deze

10/19

gemeente heeft toen de decentralisaties naar de gemeenten kwamen gekozen voor de manier waarop we nu de toegang hebben. Het was toen een prima keus. Geleidelijk zie je dat je ook toewerkt naar een andere manier van werken. Maar ook natuurlijk door wat VNG en Rijk zijn overeengekomen over het werken met een Lokaal Team voor inderdaad alle leeftijden van nul tot honderd. Als we er boven de honderd hebben, doen die ook gewoon mee. Verschillende oorzaken. Waarom het nodig is om op een andere manier te gaan werken, wat levert het de inwoner op? Mijnheer Erwich, ik spreek toch wel heel hoopvol uit dat het de inwoner echt oplevert dat hij niet met vijf gezichten te maken heeft, maar met die ene casusregisseur, ene persoon, mens, gezicht die hij kent en waarvan hij, zij weet, die kan ik bellen als ik een vraag heb. Dat levert het voor mij, de inwoner, op. Dat vind ik een hele belangrijke. U dacht, komt er dan ook een extra ambtelijke laag? Wat mij betreft niet. Ik heb ook gezegd, richting de ambtenaren, kijk nou eens hoe je het binnen de capaciteit efficiënter kunt regelen. Maar er komen wel wat andere typen mensen, denk ik, in zo'n Lokaal Team te werken. Dat geloof ik wel. Maar dat gaat zich vanzelf wijzen. Ik geloof er ook altijd in, dat heb ik, dat is een heel ander onderwerp, bij de Omgevingswet gezien, dat ambtenaren ook bereid zijn om zich heel erg heel erg door te ontwikkelen.

Ik heb daar een aantal medewerkers gezien die in een tijd van die paar jaar, zich helemaal hebben toegespitst op de Omgevingswet. Dat geloof ik hier ook, want alle medewerkers hier zijn ook gewoon heel toegewijd om die hulp te verlenen. U liep aan tegen één groot team. Dat ene grote team, meer van u hebben het erover gehad, dat is er om het wel bij elkaar te brengen, maar de inwoner heeft met één persoon te maken. Is dat iets logs? Nee, wat mij betreft niet. Dat grote team is overal aanwezig in de samenleving. Iemand had het over het jeugd- en jongerenwerk. Eén van onze partners in de sociale basis, die ook hier een rol kan spelen. Onze ouderenadviseurs van WelZijn, die zitten bij De Leeuwerik en signaleren daar iets. Ook een onderdeel van het sociaal team. Zo zitten we echt heel dichtbij. Mandaat, vond u onduidelijk. Ik ga dat nog even meenemen, maar dat is niet de bedoeling. Mandaat wil meer zeggen dat jij niet een hele parafenronde langs moet. Laten we het maar even heel bureaucratisch vertellen. Wat je nu ziet als er een stukje B&W moet komen, je wilt niet weten bij wie het allemaal langs moet. Ik gun onze inwoner dat hij een casusregisseur heeft die gewoon die doorzettingsmacht, op dat woord kom ik ook nog even terug, en dat mandaat heeft om te zeggen, nu gaan we het zo doen. Dat proef ik achter dit woord. Mooi hoe u ook omschreef wat uw beeld is, dat dorpsgericht.

Zeker, één Lokaal Team, maar het is wel dorpsgericht. Ik kom zo nog even bij de woordvoering van mevrouw Draak uiteraard. Financiële risico's, die ga ik natuurlijk niet toezeggen, mijnheer Erwich. U weet, al onze Wmo-jeugd, het is allemaal open regelingen. Dat weet je niet precies wat daar gebeurt. Wel geloven we erin dat die grote beweging, die je ook ziet vanuit de dure zorg, ziekenhuizen naar eerste lijn, naar de sociale basis, dat die hier ook gaat werken. Als we weten dat er mensen met een Wmo-vraag op een wachtlijst staan, die alleen even naar de zorgverzekeraar hoeven door te worden verwezen, hoeven we geen dure consulenten voor in te zetten. Kan zo iemand regelen. Daar geloof ik wel in dat het efficiënter kan en dan vooral voor die inwoner. De voorzitter: Wethouder Cnossen, nu u overgaat naar het vervolgdeel van uw beantwoording heb ik even een vraag aan u. U zit natuurlijk op een andere plek. Dat is even wennen. Het is denk ik wel handig dat u de microfoon iets beter gebruikt. Iets meer in de microfoon spreekt, want af en toe viel u een beetje weg. Mevrouw Cnossen: Ik zit ook wat ver weg ervan. Kan die dichterbij? Een klein stukje. De voorzitter: Volgende keer mag u gewoon weer aan de andere kant zitten. Gaat u verder. Mevrouw Cnossen: Dank dat u mij daarop attent maakt, want het is belangrijk dat je goed hoorbaar bent.

Ik probeer dan ook te veel misschien naar degene te kijken die iets verteld

11/19

heeft. Mevrouw Biharie, ik kom bij uw woordvoering. Dank voor de complimenten voor de beeldvorming. Het college en de ambtenaren hebben dat ook als een hele mooie beeldvorming ervaren. Ook door uw eigen input, ook in de groepen. U vroeg ook naar tijdsbestek. Ik denk dat ik daar voldoende over gezegd heb, mevrouw Biharie. U viel inderdaad over dat woord macht. Die doorzettingsmacht, wij zien dat echt als voordeel voor de inwoner. Het kan zijn dat er een inwoner een aantal zaken aan de gemeente vraagt, misschien een Wmo-beschikking, misschien heeft hij iets voor zijn kinderen nodig en zit hij in de Participatiewet waar een paar wetten met elkaar botsen. Dan gaat deze consulent, consulent mag je het niet meer noemen, casusregisseur, degene met wie deze inwoner contact heeft, die gaat de knoop doorhakken van, wat is nou het allerbeste voor dit gezin of voor deze inwoner? Dan kan het wel eens zijn dat één van de regelingen wat ondersneeuwt, waar je als je met vier mensen over zou praten, de één zou zeggen, daar ben ik tegen. Dat is het idee. De voorzitter: Mevrouw Biharie op dit punt. Mevrouw Biharie: Dank voor uw toelichting. Ik bedoelde meer het woord macht an sich, de overwegingsmacht. Wat het inhoudt dat is me volkomen duidelijk. Dat is mooi dat het kan, dat je kan doorpakken.

Maar het woord an sich, waarom creëert men niet een ander woord van bevoegdheid, meer daadkracht of doorpakken. Dat bedoelde ik meer. Het woord an sich. De voorzitter: De wethouder. Mevrouw Cnossen: Dat is een nuance die ik voor ogen kreeg. Ik kijk even bij welke woordvoering, ik dacht de heer Bergwerff. Dat u heel erg de aandacht vroeg ook voor de medewerkers zelf. Even kijken of u dat was. In elk geval, één van u vroeg ook aandacht voor de medewerkers voor wie dit betekent. Daar denk ik zeker dat niet bij één medewerker alle macht mag liggen, maar dat er goede checks en balances ook in moeten zitten. Dat het niet kan zijn dat jij afhankelijk wordt van deze ene medewerker omdat die zegt, nu ga je aan het werk of nu ga je dit doen. Dan vatten we het woord macht verkeerd op. Eén van u had het over aandacht voor de mensen die dit ook moeten uitvoeren. Daar ben ik het zeer mee eens, dat daar echt iets voor ingericht moet worden. Want je kunt natuurlijk niet in je eentje van alles beslissen. Dat moet wel in dat Lokaal Team gedeeld worden. Maar onze inwoner mag er wel vanuit gaan dat dat ene gezicht dit op die manier kan doen. Maar wij hebben uw opmerking over het woord macht goed gehoord. Dat nemen we graag mee terug, mevrouw Biharie. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Dan ga ik even voor een interruptie naar mevrouw Gabin van GroenLinks. Mevrouw Gabin: Dank u wel, voorzitter.

Ik had in mijn bijdrage het over de concentratie van besluitvorming. De wethouder heeft het over checks and balance. Zou de wethouder iets meer toelichting kunnen geven hoe dat eruit ziet? De voorzitter: De wethouder. Mevrouw Cnossen: U was het inderdaad, mevrouw Biharie, die ons daarop wees, waarvan ik dacht, dat is een heel goed punt. Laat de professional niet alleen staan, zei u, en zorg ook voor voldoende bescherming van de medewerker. Ik weet nog niet precies hoe dat eruit ziet, mevrouw Biharie. Dat is echt iets wat nu in de uitvoering duidelijk moet worden, hoe je dat precies gaat inrichten. Maar ik vond uw opmerking heel terecht. Nu koppel ik hem ook wat meer aan de opmerking van mevrouw Biharie, dat we ook voor onze eigen

12/19

medewerkers gewoon goed moeten zorgen. Want er wordt veel van ze gevraagd. Je weet wat er allemaal kan gebeuren in een gezin. Eén van u noemde ook het woord, veiligheid. Je zal het allemaal maar op dat bordje hebben en je kunt het niet delen. Ik vind dat wel een heel belangrijk punt om intern mee te nemen. De voorzitter: Mevrouw Gabin. Mevrouw Gabin: Dank voor de beantwoording, maar ik heb nog steeds niet echt antwoord op mijn vraag gekregen. Zou ik dat als schriftelijke beantwoording terug kunnen krijgen? De voorzitter: De wethouder. Mevrouw Cnossen: Dank, voorzitter. Ik vind dat dat terug moet komen in de nadere uitwerking, want we hebben het nog niet precies voor ogen hoe we dat nou precies in gaan kaderen. Maar dat is een kwestie van de werkwijze van het Lokaal Team. En hoe je dan één medewerker ook beschermt tegen teveel op zichzelf. De voorzitter: Mevrouw Gabin, nog een laatste interruptie op dit punt. Mevrouw Gabin: Kan ik invullen dat dat dan als aandachtspunt wordt meegenomen? De voorzitter: Ik zie de wethouder al knikken, maar we gaan nog even voor het verslag de wethouder hierop aanhoren. Mevrouw Cnossen: Ik gaf al aan dat dit voor mij echt even een nieuw punt is wat vanavond op tafel is gekomen. Waarschijnlijk hebben onze medewerkers er al lang over nagedacht. Maar ik zat vooral met de inwoner, waar de heer Erwich het ook over heeft.

Ik heb vooral vanuit dat punt het bekeken. Maar ik dank u voor dit aandachtspunt. Dank, mijnheer Bergwerff, om echt ook aandacht te vragen voor de partners. Dat is een hele belangrijke. Je moet niet doen alsof we nu opeens het CJG en een Kwadraat buiten de deur zetten. Ik denk dat die nauw betrokken blijven. Zij hebben de expertise. We hadden het er al over, expertise. Hoe je die precies in het Lokaal Team gaat inbedden, kan op allerlei manieren. Ik ken gemeenten waar mensen gedetacheerd zijn vanuit een organisatie in een team. Dat is allemaal een kwestie nog van in de uitvoering dat doen. Dat ligt ook aan medewerkers zelf. Als je bij Kwadraat werkt en daar graag wilt blijven, dan zou je misschien op detacheringsbasis kunnen komen. Dat noemt u zelf ook al, ambtelijke capaciteit. Daar dacht ik ook al aan toen u dat zei. Je zou ook via detacheringen, dan ben je ook misschien iets meer flexibel. De problematiek zal misschien na een aantal jaren ook weer wat verschuiven, veranderen, zodat je in dat Lokaal Team daar ook de expertise voor kunt borgen. U had het over KPI's en concrete doelstellingen om te toetsen. Ik vind dat er ook een voor ons intern en in het verlengde ook wat mevrouw Gabin zegt, dat we zelf ook moeten kunnen zien, wat gebeurt er nou? Wat levert het op? Als ik aan KPI's denk, dan denk ik niet zozeer aan financiële, maar meer bijvoorbeeld wachttijden.

Hoe kunnen we mensen zo snel mogelijk helpen? Hebben we het op een zo laag mogelijk niveau, dat is raar, op zo licht mogelijk niveau gedaan? Want dat is het ideaal. Dat je mensen misschien met een verwijzing naar WelZijn of iets dergelijks al kunt helpen. Over snelheid heb ik voldoende gezegd. Mevrouw Draak. De voorzitter: Voordat u daarmee begint, nog even een interruptie van de heer Bergwerff. De heer Bergwerff: Wethouder, een goede beantwoording, maar één verduidelijkende vraag. U zei net, binnen de ambtelijke capaciteit proberen we het voor elkaar te boksen, even mijn eigen woorden. Maar de realiteit is natuurlijk wel dat we taken overnemen die nu bij

13/19

de CJG, Kwadraat, WelZijn Lansingerland en MEE liggen. Zeker aan de poort. Dat is natuurlijk helemaal niet raar en goed uitlegbaar. Maar als we gaan detacheren of eventueel mensen aannemen, is de kans natuurlijk best aannemelijk dat we wel het ambtelijke apparaat iets zullen uitbreiden. Die wil ik toch even duidelijk gesteld hebben. De voorzitter: Dan wilt u weten hoe de wethouder daarnaar kijkt? Om het maar even als soort van vraag te formuleren. Wethouder Cnossen. Mevrouw Cnossen: Dat punt is zeer helder, ben ik het ook met u eens. Maar ik vind ook wel dat wij er in deze zaal met elkaar als college en raad naar moeten streven dat het gemeentelijk apparaat niet altijd maar uitdijt. Ik weet niet hoe u erin zit, maar daar voel ik mij gewoon niet prettig bij. Veranderende tijden moet je ook weer nadenken, kunnen we het handiger, efficiënter, et cetera doen? Vandaar dat ik als wethouder ook richting de medewerkers wel uitstraal, let daar nou op. Alsmaar weer lagen toevoegen, ik voel daar helemaal niks voor. Dat is mijn inzet hier. Maar ik ben het met u eens dat die expertise die nu bij de partners zit er wel bij hoort. Dan ga ik toch, voorzitter, als u het goed vindt, naar het punt van mevrouw Draak. Dat was het punt of je nou niet beter voor elke kern een eigen team. Ik heb daar het woord eigenaarschap bij opgeschreven, mevrouw Draak. Dat voelde ik er heel erg bij.

Dat als een team speciaal richting Bleiswijk, speciaal richting Berkel gaat, dan ga je daar ook voor. U heeft ook de andere mening in de commissie gehoord. Het idee is toch wel, dat hebben we ook in andere gemeenten geleerd, in het Westland ook. Veel gemeenten zijn met verschillende wijkteams begonnen. Dat het toch beter werkt als je één team hebt, om dan daarin zo goed mogelijk het werk te verdelen. Daarin kun je wel natuurlijk dat eigenaarschap borgen door bepaalde medewerkers op die gebieden in te zetten. Of dat nou Bleiswijk is, of dat dat ouderen is, of dat dat misschien een heel andere problematiek is. Maar ik heb het woord eigenaarschap hierbij genoteerd. Dat dat een belangrijke is. Klopt dat? Ja. De voorzitter: Mevrouw Biharie heeft daar een interruptie op. Mevrouw Biharie: Dank u, voorzitter. U noemde net eerder in uw beantwoording over het participatieteam die nu op locatie werken. De ASD heeft het advies gegeven, ga naar die vindplekken toe. In uw beantwoording naar mevrouw Draak, begrijp ik goed dat de lading wordt gedekt, waar nodig is, daar zijn wij te vinden vanuit de gemeente? De voorzitter: De wethouder. Mevrouw Cnossen: Dank, voorzitter. Ja, mevrouw Biharie, grote streep daaronder. Ik vind dat heel belangrijk. We hebben gezegd, het Lokaal Team zit door de hele gemeente. Maakt het allemaal een beetje raar voor de inwoners.

Maar als u de ouderenadviseur bij de bibliotheek tegenkomt heeft u ook het sociaal team gelijk aan de lijn. Face to face. Dat is het idee. Ook het jeugd- en jongerenwerk kan daar een hele grote rol bij spelen. Als die op straat al signaleren, er is wat in dat gezin, dan hebben we ook een deel van het Lokaal Team. Die sociale basis. Voorzitter, ik had nog bij mevrouw Gabin, de digitale bereikbaarheid. Mevrouw Gabin, dat ken ik, dat punt van u. Maar toch vind ik het wel een belangrijk punt. Ik weet, en wij realiseren ons heel goed, dat we heel veel inwoners hier niet digitaal kunnen bereiken. Laat dat helder zijn. Dat je daar echt persoonlijk naartoe moet. Maar ik geloof er toch ook in dat, zoals je nu al digitaal je omgevingsvergunning kunt regelen, je rijbewijs kunt aanvragen, dat er misschien Wmo-voorzieningen zijn in de toekomst die mensen, ik ga ervan uit dat iedereen wat digitaal wat vaardiger wordt, dan op een prettige manier thuis kunnen regelen. Dat is mijn beeld bij digitale bereikbaarheid. Dat je 24/7 bereikbaar bent. Je kunt ‘s avonds thuis regelen dat jouw vervoersvoorziening verlengd wordt of dat de rolstoel vervangen wordt of wat dan ook. Dat is het beeld daarbij.

14/19

Maar het is en-en-en. Dat blijft altijd boven water. De professional niet alleen, daar hebben we het over gehad. De heer Van der Stad wees, voorzitter, op de andere vaardigheden die echt wel gevraagd worden van medewerkers, terecht. Ook aandacht voor de veranderingen en niet te veel vragen van de eigen en andere organisaties. Dat we daar alert op zijn. Ook een goed aandachtspunt om mee te nemen in de verdere uitvoering. Sneller hebben we het over gehad. Mijnheer Afalah, u ging in op de woorden van mevrouw Draak over één team of dichtbij brengen. Ik denk dat ik daar voldoende over gezegd heb. Het jeugd- en jongerenwerk heb ik ook benoemd. Voorzitter, ik denk in eerste termijn dat de reactie zo compleet is. De voorzitter: Ik denk het ook, zo om mij heen kijkende, wethouder. Dan gaan we over naar de tweede termijn aan de zijde van de commissie. Daarbij wil ik u natuurlijk wel even meegeven dat we een uitgebreide eerste termijn hebben gehad. Ik doe een beroep op u om de tweede termijn dan bondig te houden. Bij een aantal zie ik zelfs geen andere kans dan het bondig houden. We gaan het in dezelfde volgorde doen. Mevrouw Molenaar, ik ga bij u beginnen. Tweede termijn Mevrouw Molenaar-Van der Beek: Dank u wel. Een Lokaal Team is voor ons een goed en een noodzakelijk plan. Eén team, één ingang, duidelijk zichtbaar. Directe lijntjes naar kennis en expertise. Geen estafettestokjes meer.

Het woord is al gevallen hier bij D66. Een vast aanspreekpunt voor hulpvragers. We willen dat heel graag. We snappen ook dat zorgvuldigheid bij de invoering daarvan heel belangrijk is. Bij onze vraag over de versnelling willen we daar ook helemaal niet aan tornen. Maar als je vanuit het oogpunt van de inwoners, zoals de wachttijden, en er zijn zoveel verschillende hulpverleners en alles wat er niet goed gaat, willen we toch blijven, en zullen we ook blijvend, aandacht vragen voor het doorpakken. We willen het Lokaal Team met elkaar al heel lang. We weten dat het nodig is. Dat moet gewoon niet langer duren dan nodig is. Niet voor de inwoners, niet voor de ambtenaren en ook niet voor de partners. In mijn eerste termijn heb ik daar ook aandacht voor gevraagd. Ik onderschrijf dat ook. Dat willen we met de oproep voor versnelling ook zeker niet bagatelliseren. Maar het is toch ook wel de taak van de raad om het college op te roepen om door te pakken en aan te pakken. We mogen daar ook wel wat druk op uitoefenen. Dat was een beetje ons idee. We hopen dan op korte termijn dat de uitwerking van de plannen dat we aan de slag kunnen met het volgende stuk. Ik zag medio ‘26. Dat was bij de hele planning al mijn eerste waar ik dacht, kan dat niet sneller? Ik hoop dat dat zo is.

Ik heb even getwijfeld, maar ik ga toch, tot slot, de voorzitter heeft dit keer niks over het Sinterklaasjournaal gezegd. Ik dacht, ik kom met een bijdrage namens onze enige echte ChristenUnie-Piet. Hele korte, kort en bondig, voorzitter. Eén Lokaal Team, sterk en fijn. Om te helpen, groot en klein. Eén Lokaal Team, geen centje pijn. Daarmee straalt heel het sociaal domein. Dat was het. De voorzitter: Achteraf had ik u als laatste het woord moeten geven, denk ik, mevrouw Molenaar. Dank voor de mooie woorden. Ik hoop inderdaad dat morgenavond alles toch goed komt op Pakjesavond. In ieder geval gaat het met het Lokaal Team zo de goede kant op met een mooie rijm. Daarmee gaan wij verder naar de heer Erwich. De heer Erwich: Dank u wel, voorzitter. Wat moet je nou zeggen na zo'n enorme mooie toespraak over Sinterklaas. Maar ik ga het toch proberen. Nu mevrouw Molenaar net voor me aan het woord was, wil ik toch even zeggen dat ik misschien net wat kortaf was over die ene teams. Ik dacht, ik heb nooit tijd genoeg, maar het blijkt makkelijk te kunnen. Ik bedoel ook één team, maar wel breed verspreid in drie kernen. Dat u dat even weet. Wij vinden dat versnellen alleen kan als het fundament wel klopt. Nu ontbreken duidelijke

15/19

afspraken over mandaten en verantwoordelijkheden. Daarnaast is het lastig om nu richting te bepalen, terwijl de financiële onderbouwing pas volgend jaar komt. Dat vraagt om voorzichtigheid. We zijn in Lansingerland goed op weg, maar zonder helder mandaat, zonder duidelijke verantwoordelijkheid en zonder borging van dorpsgericht werken, krijg je geen versnelling, maar juist een vertraging. Leefbaar 3B denkt graag mee over verbeteringen. Maar in deze vinden wij, kalmte zal je redden. De voorzitter: We hebben wel een paar mooie dichters in de commissie vanavond. Mooie woorden, mijnheer Erwich. Ik ga naar mevrouw Biharie, PvdA, in deze tweede termijn. Mevrouw Biharie: Dank u wel, voorzitter. Mooi dat wethouder Cnossen veel heeft verhelderd voor de PvdA-fractie. Ik hoor hier verschillende commissieleden steeds, of tenminste misschien terecht, hebben over financiën. Wat ik wel aan jullie allen wil, ter overweging wil meegeven, ook naar de wethouder, die zei ook, we moeten niet meer steeds gaan uitdijen met medewerkers. Maar als je zo'n grote verandering wilt hebben, wat vanuit landelijk is toegekomen naar onze gemeente, en alle gemeenten, maar naar Lansingerland, dan is het belangrijk in de beginfase te investeren. Niet gelijk met snijden in mensen, onrust bij medewerkers, ik bedoel meer, ontslag, of bezuinigen.

Het belangrijke bij grote verandering is eerst investeren in capaciteit waar nodig is. Waar nodig is op financiën, en op termijn zullen de wachtlijsten, wat tot nu toe tot de PvdA-fractie is gekomen, afnemen. Doorverwijzing naar specialistische zorgen, of zwaardere Wmo-aanvragen zullen verminderen. Wees bewust dat men niet gaat bezuinigen, terwijl men tegelijkertijd een grootse verandering wil. Dat wil ik aan jullie allen meegeven, en ook aan de ambtenaren en de wethouder. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Biharie. Mijnheer Bergwerff in deze tweede termijn. De heer Bergwerff: Dank u wel. Kort, ik hou het kort. Moet ook wel gezien de tijd. Wij als CDA zien het voordeel niet zozeer van die drie teams, een team per kern. Wij denken dat het veel beter is om casushouders te onderverdelen aan de hand van hun expertise of waar zij affiniteit mee hebben, ongeacht dorpskern. Mensen in Bleiswijk zijn echt niet zo heel anders dan de mensen in Berkel en Rodenrijs of Bergschenhoek. Even over dat woord, beslissingsmacht. Volgens ons kunnen we gewoon dat woord, meer beslissingsmacht veranderen naar, meer mandaat. Dan slaat dat gewoon een spijker op zijn kop. Ik denk dat dat goed is, ik denk dat dat niet zo heel ingewikkeld hoeft te zijn.

Als afsluiter, inderdaad snelheid is fijn, nogmaals, net als ik in de eerste termijn zei, maar zorgvuldigheid in het proces blijft voor ons op nummer één staan. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Bergwerff. Ik heb een interruptie van de heer Erwich en ik vermoed dat hij niet om een reactie gaat vragen. Mijnheer Erwich, zijn mensen in Bleiswijk hetzelfde als in Berkel en Rodenrijs? De heer Erwich: Ik wilde wel om een reactie vragen, want ik denk dat de mensen in Bleiswijk best wel anders zijn. Maar het gaat ook even om dat, als ik het goed begrijp, gaat u ervan uit dat er drie teams moeten komen. Maar wij willen ook één team die gewoon breed in drie kernen te vinden zijn. Want als er een team in Bleiswijk is, is die niet in Bergschenhoek of niet in Berkel. Bent u het daarmee eens dat ze daarom verdeeld moeten worden? De voorzitter: Mijn indruk is dat jullie hetzelfde bedoelen. Mijnheer Bergwerff nog. De heer Bergwerff: Dit is ook primair, want ik geloof niet dat Leefbaar 3B pleitte voor tien per kern, maar de VVD zei dat natuurlijk wel. Dit was een reactie op de VVD. Het is

16/19

natuurlijk wel zo, als een team in Berkel is, kan die inderdaad niet in Bleiswijk zijn en andersom geldt dat ook. De voorzitter: Zo hebben we dat maar weer feitelijk vastgesteld deze avond. Mevrouw Draak, we gaan door naar de VVD. Mevrouw Draak: Dank u wel, voorzitter. De wethouder had mij uitstekend begrepen. Als eigenaarschap georganiseerd kan worden binnen dat Lokaal Team, dan maakt het mij niet uit of dat drie losse teams zogenaamd zijn of één hele. Dan even over het feit dat wij al heel erg lang in Lansingerland allerlei hulpverlening en dienstverlening organiseren voor alle doelgroepen. We doen dat met publiek geld. Ik ben heel blij dat de VVD en wethouder Cnossen elkaar uitstekend vinden in de redenering dat je diezelfde dienstverlening straks moet doen. Ik wil het niet plat slaan, maar de werkwijze gaat veranderen. In essentie zou je dat moeten doen met precies hetzelfde aantal mensen als je nu doet. Om er op voorhand al van uit te gaan dat een werkwijzeverandering allerlei extra ambtenaren oplevert, is echt de wereld op zijn kop. Ik ben ontzettend blij dat de wethouder daarin aan dezelfde kant staat als de VVD. Verder ben ik licht teleurgesteld over het feit dat het tempo toch niet ergens wat hoger kan. Tegelijkertijd ben ik blij om te horen van de wethouder dat waar het kan, al wordt begonnen met nieuwe, slecht Nederlands, outreachende werkzaamheden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=ffd72c37-695b-42fc-90d4-9e7a81a7aa83