[BV22.0052] Verslag van de gezamenlijke commissie Algemeen Bestuur/Samenleving van 18 mei 2022
Tekst van het document
Het werd eerder al gezegd, het is belangrijk om te weten: hoe kijken we naar die participatie, waar zitten we in het kwadrant? Dat is niet statisch, dat is dynamisch, maar daar moeten we wel eenduidigheid met elkaar over hebben. Wanneer betrek je dan burgers in processen? Ik denk dat je deze 2 zaken niet los van elkaar zou kunnen zien. Ik zou er wel een pleidooi voor willen doen om die dan ook te combineren.
21/33
De heer Azzouzi, PvdA: We zijn ook een voorstander van een kleine groep in eerste instantie, maar daarna, als er echt een communicatiemedewerker of een griffiemedewerker nodig is, dan moet het uiteindelijk ergens landen bij de raad landen voor een budgetaanvraag. Daar pleiten wij dan voor, gezien het belang niet dat de raad zichtbaar is maar echt van de inwoner, dat die aangehaakt blijft bij wat er hier gebeurt in de raad. Dank je wel. De heer Duivesteijn, L3B: Ook vanuit L3B kunnen wij het voorstel voor een werkgroep steunen. Wij hebben ook hele goede ideeën gehoord van andere fracties. We hoorden van de VVD het meer samen optrekken met lokale media, niet alleen de kranten maar ook de andere, daar voelen wij ons ook heel erg prettig bij. Laten we al die ideeën gaan verkennen in zo’n werkgroep. Wat betreft een communicatiemedewerker en fte, ik heb natuurlijk ook even gesproken met de griffie hierover, wat is dat dan precies en wat willen zij dan, en de commissiegriffier gaf aan, dat het eigenlijk komt vanuit de wens van de raad wat wij bij hen neerleggen. L3B is eigenlijk van mening dat het zwaartepunt bij de raadsleden en duo-raadsleden zelf zou moeten liggen om te communiceren naar buiten wat zij doen. Tot zover.
De heer Halkes, CDA: We hebben begrepen, dat het in het presidium al eerder aan de orde is geweest, het aanstellen van een communicatiemedewerker, maar dat het in de begroting nog niet is opgenomen. Verder sluiten wij ons aan bij het idee om een werkgroep op te zetten om alle mooie ideeën, die vanavond gepasseerd zijn met zijn allen te bespreken. Dank u wel. De heer Jonker, D66: Heel kort. Nogmaals, mevrouw Draak, bedankt voor het agenderen. Heel succesvol, zoals u ziet. Ik denk dat u dat mooi op uw conto kunt schrijven. Daarnaast kijk ik uit naar de eerste werkgroep, want ik heb al heel veel leuke en goede ideeën gehoord. Als we die allemaal op een rij zetten, kunnen we heel snel komen tot een beperkte lijst met dingen waarvan iedereen enthousiast wordt en die we vervolgens ook kunnen oppakken praktisch. Mevrouw Draak, VVD: Ik denk dat de conclusie even praktisch kan zijn. Ik zal het samen met Rianne oppakken. We consulteren de fracties wie er in gaat en dat we op korte termijn tot redelijk concrete acties kunnen komen. De langere termijn moet natuurlijk aansluiten op het totale participatiebeleid, maar ik denk dat het elkaar niet hoeft te bijten. Om dan even een conclusie te trekken. Van tevoren was ik even een beetje teleurgesteld, dat dit in de commissie AB werd getrokken.
Dat komt namelijk omdat ik dit onderwerp wilde bespreken vanuit mijn betrokkenheid bij de samenleving en ik denk dat contact zoeken met je achterban geen bestuurlijk proces is. Zo werd dat tijdens de voorbespreking wel een beetje benaderd. Ik zie het meer als een sociaal proces, maar ik ben echt bijzonder aangenaam verrast dat ik in deze gecombineerde commissie AB en samenleving toch vooral hoor: we moeten naar buiten gaan, we moeten niet in de raadszaal zijn. Dit is precies wat ik hoopte te horen. Ik trek graag het voortouw om hiermee aan de slag te gaan namens ons allemaal. De voorzitter: Even voor de helderheid: u neemt contact op met de griffie om te kijken om een werkgroep te formeren, waarbij ik ervan uitga, dat er 1 per fractie in de werkgroep zit. Dat heb ik nog niet gehoord. Mevrouw Draak: Dat heeft u goed samengevat, dat is inderdaad wat ik om me heen hoor, waar een meerderheid voor is. Ik denk dat de heer Jonker gewoon gelijk had: met 1 per fractie kunnen we sneller stappen maken. Zo gaan we het doen. 5.b Pilot VRR langdurige opvang Oekraïners De heer Lieverse, CU: Het verbaast me dat ik de eerste ben, maar ik maak er graag gebruik van. Ik ga een aantal kritische opmerkingen maken, daarom vooraf expres dit. We hebben geen afkeer van deze pilot of wat er allemaal beschreven wordt.
Integendeel, we vinden het juist heel erg belangrijk om hier goed aandacht aan te geven om ervoor te zorgen dat het ook een succes wordt. Dus als wij onze zorgen uiten, is dat om te zorgen dat het geen fiasco wordt. We willen het over 2 onderwerpen hebben, de procedure en de inhoud. Over de procedure is het volgende te zeggen. De brief van 4 mei is ons ter informatie gestuurd en dat is alleen te rechtvaardigen als het om een noodsituatie of om een noodwet gaat. Uit de media weten we dat het ook een probleem is, zoals de opvang van asielzoekers. De huidige staatssecretaris overweegt ook daarvoor een noodwet, maar het actuele aantal Oekraïense vluchtelingen, dat nu op opvang wacht, dusdanig groot. We krijgen regelmatig allerlei rapportages binnen via het bestuurlijk apparaat, maar we willen er toch iets over horen van de burgemeester. Onze vraag hieraan gekoppeld is: is het te rechtvaardigen dat er nu gebouwd gaat worden en dat er voorzieningen opgetuigd gaan worden buiten de gebruikelijke werkwijze om, waardoor de raad buitenspel gezet wordt? Over de inhoud. We zijn enorm geholpen door de technische vragen van het CDA, waarvoor dank aan het CDA. En zeker ook dank aan het bestuurlijk apparaat, de ambtenaren, die dat zorgvuldig hebben beantwoord met allerlei bijlagen erbij. Het heeft erg geholpen.
De kritische toon die wij hebben gaat niet over de noodzaak van de opvang, ze verdienen adequate opvang. Het gaat ook niet over Bleizo-west,
22/33
integendeel, we denken dat het een plaats kan zijn waar ook in de toekomst woningen heel goed passen. Evenmin zijn we negatief over het creëren van flexwoningen. We denken dat flexwoningen een goed antwoord is op de actuele vraag naar woningen ook voor andere doelgroepen, starters, spoedzoekers enzovoorts. Onze zorg zit vooral in de leefbaarheid. Het wordt benoemd. Zojuist hebben wij een presentatie gehoord van de heer Andela, die dat ook uitgewerkt heeft. Mijn zorg is bij ons groot: onderwijs, medische en maatschappelijke zorg, voorzieningen voor recreatie, religieuze ontmoetingsplaatsen. Sommige worden benoemd, maar het is niet zo simpel om te zien hoe dat uitgevoerd gaat worden. Het gaat om een enorm grote opgave. Dan zien we dus niet het idee van hoe je dit aan kan pakken als een pilot, wat daar precies mee bedoeld wordt. Daarnaast wordt er gemikt op een termijn van minimaal 2 tot 5 jaar, lees ik in de stukken. Hoe rijmt een dusdanig grote omvang van een project met een procedure die buiten de raad omgaat. We worden geïnformeerd, we kunnen er nu wat over zeggen, maar er wordt geen raadsvoorstel aan gekoppeld. Is gewaarborgd dat de benodigde voorzieningen op tijd klaar zijn? Hoe rijmt deze aanpak zich met het borgen van draagvlak? Dank u wel.
De heer Philippens, L3B: Aan de voorkant, we denken dat we de vluchtelingen, de mensen uit Oekraïne moeten helpen, want het is verschrikkelijk wat daar gebeurt, dus deze mensen verdienen onze hulp. Dat moeten we dan ook goed en humaan doen. Wat ons betreft is dat kleinschalig en midden in de maatschappij. Wij zien op dit moment de pilot meer als grootschalig en langdurig en daarom zijn wij zeer kritisch. In het verlengde van de heer Lieverse: we willen van deze pilot een succes maken. Daarom wil ik kritische noten delen, maar ook een aantal kaders aan het eind geven, zoals het als L3B zou moeten lopen wil dit een succes worden. Vluchtelingen vang je goed en humaan op, kleinschalig en midden in de maatschappij. Er wordt onderschreven door vluchtelingenwerk en uit onderzoeken, ook in de technische vragen van de heer Van den Beukel kwam dat terug. En in diezelfde lijn zit ook in onze reguliere opvang. AZC’s zijn grootschalig maar tijdelijk, daarna zo snel mogelijk kleinschalig midden in de maatschappij. Wordt het grootschalig en langdurig, dan komen er problemen. Daarnaast in vergelijking, AZC’s vangen gemiddeld 900 asielzoekers op volgens het COA. Hier wordt een voorstel gedaan van max 1.500 asielzoekers. Dat is niet grootschalig, dat is mega-opvang wat we hier dan neer gaan zetten. Uniek in Nederland en geen andere gemeente doet dat. De vraag is of dat met een reden is.
Ik stel hem even open. Een opvang doe je midden in de maatschappij, wat ons betreft. Veelvuldig ook onderschreven, midden in de maatschappij, die dat ook op kan vangen met inwoners met dragende kracht. Dragende inwoners zijn cruciaal voor die opvang. En die dragende inwoners hebben wij, die zitten in onze 3 kernen, die zitten in onze buurtschappen, daar zitten die dragende inwoners. Die zitten nog niet in Bleizo-noord. Wij hebben grote twijfels of die dragende inwoners daar kunnen komen. Je kan deze dragende kracht zeker niet verwachten van de spoedzoeker die daar ook eventueel moeten komen, omdat deze mensen vaak zelf in een kwetsbare periode van hun leven zitten. De conclusie is dat de manier van opvang, zoals het nu in de pilot staat, niet past bij de feiten, adviezen, ervaringen, die wij kennen. Kleinschalig wordt mega-grootschalig. Midden in de maatschappij wordt op een afgelegen plek in Bleizo-noord. We willen wel meedenken, we willen dat deze pilot echt een succes is, een aantal kaders. Wat ons betreft, de verhouding eigen inwoners / vluchtelingen moet echt anders. Er moet een maatschappij gecreëerd worden, een basismaatschappij met kleinere opvang. Dan denken wij aan 90/10. Niet een 50/50, maar 90% eigen inwoners, 10% vluchtelingen. Dan kom je op 3.000 inwoners, 10% is 300 man.
Dat is ook onze taakstelling als je dat afzet tegen het inwoneraantal op totaal taakstelling van 75.000. Daarnaast nog een aantal andere kaders, die tijdelijk zijn. Alleen voor deze groep hadden we toestemming van het rijk nodig. Het voorzieningenniveau, het staat al waanzinnig onder druk, dikke kans dat het nog meer onder druk komt te staan in Lansingerland, gezien de economische vooruitzichten. Deze pilot mag wat ons betreft geen consequenties hebben voor dat voorzieningenniveau. De wachtlijst in jeugdzorg mag niet toenemen. Het mag niet slechter worden in Lansingerland. Dan nog 2 elementen. Samen met Zoetermeer. We doen het samen of niet. De financiën, het wordt volledig aan de voorkant gefinancierd door het rijk. We willen de vluchtelingen goed opvangen, goed en humaan. Dat doe je kleinschalig en midden in de maatschappij. Er zijn eventueel voldoende alternatieven voor. Dank u wel. De heer Scheringa, PvdA: In de voorgaande beeldvorming hebben we al een deel van onze vragen kunnen stellen, dus ik wil me in de eerste termijn beperken tot hoe de PvdA tegen de analyse aankijkt en wat wij belangrijk vinden in de volgende fase. De aanleiding van de vluchtelingenstroom is natuurlijk de oorlog in Oekraïne. Die duurt nu al bijna 3 maanden en we worden nog regelmatig geconfronteerd met verschrikkingen.
Zoals in onze weekberichten stond, is de PvdA blij dat onze gemeente de handschoen opgepakt heeft om te onderzoeken wat we kunnen betekenen voor de opvang van de vluchtelingen. De analyse die nu in de brief verwoord is, heeft naar ons idee als resultaat een keuze voor een locatie opgeleverd en een globaal idee voor de te kiezen woningen en de bewoners, bestaande uit vluchtelingen en woningzoekenden uit onze eigen gemeente. De gekozen locatie lijkt ons geschikt voor het gestelde doel met de bijbehorende uitgangspunten. In de memo van de VRR wordt in fase 1 ook gesproken over verkenning van bouwmogelijkheid, doorlooptijdprocedures, globale ramingen van kosten, ambtelijke capaciteit enzovoorts. Uit de beantwoording van de technische vragen die gesteld zijn, maken wij op dat
23/33
deze verkenning onderdeel worden van de businesscase. Tijdens de beeldvorming hoorde ik net dat de businesscase eind mei al gereed moet zijn. Een vraag aan de burgemeester: klopt het dat ik deze verkenningen niet gezien heb? Worden deze verkenningen nog verder uitgevoerd bij het opstellen van de businesscase in de komende 2 weken? Kan de uitkomst van deze verkenningen nog een gevaar vormen voor verdere uitvoering? Daarnaast hebben we als gemeente natuurlijk nog meer woningprojecten. Bestaat er een gevaar dat andere projecten vertraging oplopen door het uitvoeren van deze pilot? Hierbij willen we ook nog aangeven, dat de aanpak van de vraagstukken geen alternatief mag zijn voor bereikbare woningen, die nog in onze gemeente gebouwd moeten worden. Graag zouden we van de burgemeester de toezegging willen hebben, dat dit niet zal gebeuren. Los van de verdere verkenning en de uitkomst daarvan, willen we toch verder kijken naar de businesscase. Optimistisch als we zijn hopen we dat die toch doorgang kan vinden. De PvdA steunt het gelijktijdig creëren van opvang en aanpakken van de vraagstukken op de lokale woningmarkt. Als ik echter kijk naar de oorlog en hoe die nu verloopt, kan ik daar niks zinnigs over zeggen. Dat houdt in dat bij het realiseren van de woningen met verschillende scenario’s rekening gehouden moet worden.
Als er bijvoorbeeld een wapenststilstand afgesproken wordt en vluchtelingen massaal terugkeren, dan zal bij een vaste verdeling in de magic mix de meest grote leegstand zijn. Andere tegengestelde scenario’s, waarbij er opeens veel meer vluchtelingen komen, zijn natuurlijk ook denkbaar. Ik heb een vraag: gaat er bij het verdelen van de woningen en onze spoedzoekers rekening gehouden worden met verschillende verdelingen? Dan is het mogelijk om hier een soort flexwijk van te maken om leegstand in broodnodige woningen te voorkomen. Zou het ook mogelijk zijn als de opvang van Oekraïners niet meer nodig is om bijvoorbeeld andere vluchtelingen hierin op te vangen? Tenslotte voor de periode na de pilot, als bewoningen in de flexwoningen moeten stoppen. Vraag aan de burgemeester: welke garanties kunnen er dan gegeven worden aan de bewoners, zodat zij verder kunnen gaan met hun wooncarrière in hun volgende levensfase? Tot zover mijn bijdrage in de eerste termijn. De heer Bik, WIJ: Ik wil namens de WIJ-fractie mijn dank uitspreken aan de burgemeester, dat Lansingerland samen met de gemeente Vlaardingen het voortouw neemt m.b.t. de pilot langdurige opvang van Oekraïners in de vorm van flexwoningen. We steken daarmee binnen de regio en landelijk onze nek uit. Lansingerland neemt verantwoordelijkheid en daar mogen we als gemeente enorm trots op zijn.
Dank ook voor de technische vragen vanuit het CDA. Ik vind het fijn dat zojuist al een aantal punten in de beeldvorming, in de voorafgaande meeting, verduidelijkt zijn. Ook zijn wij erg te spreken over het feit dat er meteen wordt gekeken naar de aanpak van het vraagstuk op de lokale woningmarkt voor spoedzoekers. Dat zal het draagvlak van de pilot alleen maar groter maken. Zoals Vluchtelingenwerk aangeeft, een mix van dragende en vragende bewoners is de magic mix, die hoorde ik ook bij de PvdA. Naast het betrekken van o.a. mogelijkheden voor spoedzoekers in de businesscase lijkt het ons verstandig om ook de glastuinbouw en andere ondernemers te betrekken bij het initiatief. Immers, een langdurig verblijf betekent ook, dat mensen zich nuttig zullen willen maken en open staan voor werk. Dat lijkt me een win/win situatie. Denk bijvoorbeeld aan de vertegenwoordiging van arbeidsbemiddelaars op de voorgenomen locatie. Mijn vraag aan de burgemeester is hoe hij hier tegenover staat. Ik zag het terugkomen in de slides van zojuist voor de commissie. Afgelopen weken heb ik met een aantal inwoners terloops gesproken over de rol van onze gemeente in de opvang van Oekraïners in brede zin. Over het algemeen hoor ik daar positieve geluiden over. Iedereen snapt dat deze mensen dit ook niet gewild hebben en hulp nodig hebben.
Wel werd de vraag gesteld: wie gaat dat dan betalen? Gaat mijn OZB omhoog? Dat soort vragen. Transparantie leidt in dit soort gevallen automatisch tot meer vertrouwen. Onder het kopje financiën van de memo aan het algemeen bestuur van de VRR van 28 maart staat het voorstel dat de VRR de kosten tijdelijk opvangt. Mijn vraag is: is daar al een besluit over genomen? Zo nee, wanneer wordt er een besluit verwacht? Zijn er nog te verwachten kosten, die de gemeente moet voorfinancieren? Kan de burgemeester daar een inkijkje geven of dit verwerken in de updates aan de raad? Laatste vraag: kan de burgemeester wat zeggen over de laatste cijfers van het aantal opgevangen Oekraïense vluchtelingen op dit moment? De laatste factsheet is van 21 april. Ik wil nog afsluiten met de mededeling, dat we erg uitkijken naar de businesscase, omdat we alle ruimte willen geven om deze businesscase zo goed mogelijk voor te bereiden. Dank u wel. Mevrouw Gabin, GL: Met diverse moties heeft GL gepoogd het college en de raad te bewegen om bij te dragen aan de acute noodopvang van vluchtelingen. We zijn dan dus ook heel erg blij dat de gemeente nu ervoor kiest om alsnog bij te dragen aan een langdurige oplossingen van de vluchtelingencrisis. De combinatie met spoedzoekers vinden wij dan ook een goed plan.
In de beeldvorming hebben we kunnen zien, dat er gedegen flexwoningen gebouwd gaan worden, waarbij de bewoners het nodige woongenot mogen verwachten. Wij hebben wel wat zorgen, zoals bij de uitvoering van de pilot. Wij missen namelijk een lange termijnvisie. Wat gebeurt er met de inmiddels geaarde Oekraïense vluchtelingen als de termijn van 3 tot 5 jaar is verstreken? Is wellicht een verlenging mogelijk? Wij vinden het namelijk onwenselijk dat er kinderen uit hun vertrouwde omgeving zomaar weg gehaald worden. Ook dient rekening gehouden te worden met het al bestaande tekort aan huisartscapaciteit, het toenemende tekort in de jeugdhulp en
24/33
WMO. Daar zouden wij graag nog een plan van aanpak willen zien. Er is sprake van een ruimhartig beleid voor de Oekraïense vluchtelingen. Ze krijgen een warm bed, hebben een BSN-nummer, hebben geen werkvergunning nodig om te gaan werken en ga zo maar door. Jammer genoeg is dit niet voor iedereen weggelegd. Waar Oekraïners een warm welkom krijgen, verkeren andere vluchtelingen in slechte omstandigheden. Er is een crisis gaande in het aanmeldcentrum Ter Apel en COA luidt de noodklok. Is de burgemeester bekend met de acute nood bij het COA? Vluchtelingen slapen buiten op stoelen in plaats van een bed en dat terwijl er bedden leeg staan en vrij gehouden worden voor Oekraïense vluchtelingen. Onze vraag is of de burgemeester benaderd is door het COA om bij te dragen aan die vluchtelingencrisis. De motie tussenvoorzieningen is afgedaan met als antwoord, dat er geen vastgoed beschikbaar was in Lansingerland. Nu zijn er ineens wel mogelijkheden om flexwoningen neer te zetten. Er ontstaat een wezenlijke tweedeling in het leed van mensen. Een vluchteling is een vluchteling wat betreft GL. Wij pleiten voor een meer gelijke behandeling daarin. In de beeldvorming is naar voren gekomen dat de pilot specifiek en uitsluitend bedoeld is voor de Oekraïense vluchtelingen en niet voor de vluchtelingen in het algemeen.
Onze vraag is: waarom is hier voor gekozen? Daar wil wij toch echt duidelijkheid over horen van de burgemeester. De heer Van den Beukel: Als christendemocraten vinden we solidariteit een groot goed. We willen dan ook dat Lansingerland naar vermogen bijdraagt aan de opvang in Nederland, zowel in het scenario van snelle terugkeer naar west-Oekraïne, wat we hopen, als in het Balkan-scenario. U weet wel, de Joegoslavië oorlog. Toen kwamen nog meer mensen deze kant uit en uiteindelijk ging slechts 10% weer terug. Ik ga eerst in op de oplossing van het college en daarna op 2 mogelijke alternatieven, die invulling geven aan onze solidariteit, die leiden tot meer integratie en ook gezondheid. Eerst kijken we vanuit de systeemwereld hiernaar en daarna vanuit de leefwereld. De systeemwereld eerst. De provincie is nog steeds tegen bouwen op Bleizo, dus ook hier tegen. Onze buurgemeente Zoetermeer is bezorgd en ik heb geprobeerd te achterhalen waarom. Volgens mij zit dat in 3 dingen. Het gaat over gebrek aan vervoerswaarde van de Zoro-lijn. De financiële risico’s voor de gemeenschappelijke regeling. En ook over de impact van bijvoorbeeld huurbescherming op de lengte van het verblijf. De zorg dat het ontwikkelperspectief misschien wel 10 jaar niet tot realisatie komt. Ik zal even om de heer Kampinga te plezieren een econoom citeren.
Niets is zo permanent als een tijdelijk overheidsprogramma, Milton Friedman. Wie er wel echt voor is, is Rotterdam, althans, burgemeester Aboutaleb. Hij is niet voor niets mede ondertekenaar van het voorstel aan de VRR. Dat vond ik eerst heel gek: wat heeft dat voor betekenis? Maar ik begrijp nu dat hij een groot supporter is. Het resultaat zou zijn in mijn beleving, maar ik hoor graag een reactie van de voorzitter, dat de veiligheidsregio in zijn geheel aan zijn verplichting voldaan heeft als Vlaardingen en Lansingerland het op deze schaal regelen. Klopt dat? Ook voor het ministerie van Binnenlandse Zaken aan de ene kant wel makkelijk, want dan worden er meters gemaakt. Anderzijds schuurt het wel met het nieuwe ruimtelijke beleid, dat deze week is vastgesteld en naar de Kamer is gestuurd, het ruimtelijk ontwikkelperspectief. De conclusie is dat bestuurlijk Nederland verdeeld is. Dat kan gebeuren, maar onze partner Zoetermeer is wel essentieel, met name vanwege hun rol in de GR. Kan de burgemeester aangeven hoe hij nu de samenwerking met Zoetermeer voor zich ziet? Welke bezwaren hoort hij? Hoe denkt hij daaraan tegemoet te kunnen komen? Wat doet hij als Zoetermeer medewerking weigert? Dan de leefwereld, 3 zaken. Eerst de integratiemogelijkheden voor de vluchtelingen.
Het SCP onderzoek dat Vluchtelingenwerk aanhaalde is kraakhelder in zijn aanbevelingen: inzet op kleinschalige opvang dichtbij de omringende samenleving maakt het voor bewoners mogelijk om minder geïsoleerd te leven en contact te maken met de Nederlandse samenleving. Eén bron is geen bron. Professor Scholte geraadpleegd, hij woont hier in Lansingerland en is docent Governance van migratie aan de Erasmus Universiteit. Hij is het daar mee eens, als samenvatting. Enerzijds, bij noodopvang, dat maakt niet zoveel uit waar dat is, als het maar een goede locatie is met voorzieningen. Maar over permanente locaties zegt hij, dan werkt het vaak beter wanneer ze kleinschalig zijn, ingebed in een sociale omgeving. En fin, u heeft het kunnen lezen in mijn technische vragen. Onze deelconclusie hier is dat kleinschaligheid, dus max 200 personen, en de inbedding in een sociale omgeving belangrijk zijn. En die zijn bij Bleizo niet aan de orde in het huidige voorstel. Dus daarom lijkt Bleizo minder geschikt op basis van die inzichten. Participatie en integratie van Oekraïense moeders en kinderen zal moeizamer verlopen, zal dan de verwachting zijn op basis van de ervaringen. Dat is wel een probleem, omdat ze er volgens de verwachtingen jarenlang blijven.
Daarom is de vraag: is de burgemeester bereid om de schaal van minstens 1.000 woningen, dat hij zelf als criterium introduceerde in zijn memo aan de VRR op 28 maart, terug te schalen, omlaag te brengen? In dezelfde memo staat weliswaar dat de aanleiding is dat er een gebied gevonden is, lees Bleizo, waar opvang plaats kan vinden, maar wat het CDA betreft staat onze bereid tot opvang van Oekraïners centraal en niet de mogelijkheid van het ontwikkelen van Bleizo. Graag een reactie. Dan luchtkwaliteit en geluidsoverlast. Eerst procedureel. Er bestaat dus geen actuele MER op deze locatie. In de beeldvorming hoorden we, dat er ook geen MER zal worden gemaakt, dat is de inzet. Vraag aan de burgemeester: hoe dekt hij zich in, ons in, tegen eventuele juridische claims daartegen? Dan inhoudelijk. Het CDA maakt zich zorgen over de effecten van geluidhinder en luchtkwaliteit op de toekomstige inwoners van Bleizo. Of het nou Oekraïners zijn of Nederlanders zijn,
25/33
GGD en RIVM ontraden het lange tijd verblijven, wonen binnen 500 meter van een snelweg, voor kinderen en voor ouderen. Nog een keer, de beste publieke onafhankelijke deskundigen in Nederland ontraden nieuwbouw binnen 500 meter van de snelweg voor kinderen en ouderen. Ik verzin het niet, maar kinderen krijgen op zulke plekken 20% vaker astma, hebben minder goed ontwikkelde longen, hebben vaker last van hoesten en benauwdheid. Volwassenen idem. Mijn vraag is of het college of raadsleden bereid zijn deze effecten voor lief te nemen als resultaat van de bestuurlijke keuze om hier te willen bouwen, of we nu een MER gaan maken of niet. Ik sla geluidsoverlast even over, hoeveel daar ook veel over te zeggen valt naast de HSL, en de vraag of daar op korte termijn een geluidsscherm gebouwd kan worden. Even naar de financiën en het ontwikkelperspectief. Experts schatten een tekort van tientallen miljoenen op deze exploitatie. Wie gaat die kosten betalen? Kan de burgemeester zekerheid geven over de compensatie voorafgaand aan besluitvorming? In het ontwikkelperspectief staat een element dat ons enorm aanspreekt, namelijk die grote ruimte voor bedrijvigheid. We zijn benieuwd of voorliggend plan daar in de weg staat. Kan de burgemeester aangeven of dat het geval is? Tot slot 2 oplossingen. 1. Meerdere goede, kleine locaties die samen oplossen tot 1.000 plekken.
In de multi-criteria analyse blijkt dat die beschikbaar zijn. Maar ik zie ook dat soms oplossingen er niet in zitten. Bijvoorbeeld Wilderszijde. Slechts 4 hectaren is in de analyse opgenomen, terwijl Wilderszijde 90 hectaren beslaat. Kan de burgemeester daar op ingaan? En het tweede scenario dat we zien is dat de ambitie in Lansingerland verlaagd wordt, zodat we de lasten over de regio verdelen. Bijvoorbeeld 15 gemeenten 200 flexwoningen. Tot slot. Het COA, als die toch gaat vorderen, hoe zouden we daar op reageren? U weet dat er noodwetten zijn. De voorzitter: U bent door uw tijd heen. Mevrouw Draak, VVD: Ik zal proberen niet teveel in herhaling te vallen, maar dat kan ik niet helemaal vermijden. We hebben het over het huisvesten van 1.000 tot 1.500 Oekraïense vluchtelingen in tijdelijke woningen op Bleizo-west. Voor de leefbaarheid en betere opname in de Lansingerlandse samenleving wordt voorgesteld om evenveel Lansingerlandse en Zoetermeerse woningzoekenden in de wijk toe te voegen. Totaal worden het dan dus 2.000 tot 3.000 bewoners. Bleizo-west ligt afgelegen van Lansingerland en Zoetermeer, maar toch is dit besluit van groot belang voor de inwoners van Lansingerland. Tijd en geld dat hier aan wordt besteed, kan namelijk niet aan iets anders worden besteed. Er is sprake van veel Oekraïense kinderen.
Dat betekent dat er meer drukte en druk komt op zorginstellingen, op sportverenigingen, de bibliotheek, onderwijs, openbaar vervoer, de dorpscentra en de winkels. Het is dus in het belang van alle Lansingerlanders dat we hier de juiste afwegingen maken. Wat vindt de VVD hiervan? Wij vinden vooral dat Oekraïners, die vluchten voor oorlog en geweld, in Nederland en ook in Lansingerland goed moeten worden opgevangen. In ons verkiezingsprogramma staat echter duidelijk dat wij tegen grootschalige locaties voor opvang van vluchtelingen zijn. De VVD is blij te horen, dat we daarin niet alleen staan. Wij willen dat vluchtelingen goed en snel integreren in de samenleving. Dat doe je het beste in een woonwijk en niet op een afgelegen plek met veel andere vluchtelingen. Dat de gemeente nu voorstelt om die vluchtelingen in gelijke hoeveelheden te mengen met Lansingerlandse woningzoekenden komt in ieder geval gedeeltelijk tegemoet aan ons bezwaar. Toch staan wij niet erg positief tegenover het bouwen van een tijdelijke wijk met zoveel mensen zonder samenhang. We hebben zojuist in de beeldvorming vernomen dat deze keuze wordt gemaakt om diverse redenen o.a. dat de grond in Bleizo-west al bouwrijp is en dat de voorzieningen dan niet worden versnipperd, wat je wel zou hebben bij meerdere kleine locaties.
Toch blijft onze vraag aan het college waarom locaties als Wilderszijde, Hoeksekade of Merenweg op basis van aantallen worden afgewezen. Waarom kiezen wij niet voor kleinere locaties in de kernen? Een klein project is toch ook veel makkelijker realiseerbaar dan 1 mega project? Je kunt dan van de ervaringen van vorige projecten leren. Ook vertelde de kwartiermaker zojuist in de beeldvorming, dat andere gemeenten ook hun vinger hebben opgestoken voor kleinere pilotlocaties. De VVD begrijpt niet dat de gemeente Lansingerland het zichzelf zo moeilijk maakt met zo’n enorm pilotproject. Het is natuurlijk een prachtig visitekaartje voor ons als het zou slagen, maar het afbreukrisico is ook enorm. We willen graag een reactie hierop van de burgemeester. De technische vragen van het CDA, dank daarvoor, gaven veel aanvullende informatie. Wat daar naar ons idee aan ontbrak was de windenergie. Zolang de provincie blijft vasthouden aan windenergie op Bleizo-west kan daar naar onze mening per definitie niet worden gewoond, niet permanent en niet tijdelijk. De vraag rijst sowieso hoe de provincie tegenover dit project staat, gezien haar bemoeienis met Lansingerland in de afgelopen periode. Ik zou graag van de burgemeester willen weten of er contact heeft plaats gevonden met de provincie en zo ja, wat daar is uitgekomen.
Naar de mening van de VVD is de provincie ons inmiddels wel iets verschuldigd. Met zoveel inspanning van deze gemeente op het woningbouwdossier en ook op het vluchtelingendossier zou naar ons idee daar wel ruimte moeten komen. Ook al door anderen genoemd onze partner gemeente Zoetermeer. De kwartiermaker heeft gezegd, dat de bestuurlijke afstemming met Zoetermeer volop loopt, maar ik kan u ook vertellen dat het bestuur in Zoetermeer van mening is alleen nog geïnformeerd te zijn en verder wat nieuws uit de wandelgangen heeft. Het zijn voor mij dus 2 verschillende verhalen. Ik wil graag van de burgemeester weten wat er nu precies is besproken met Zoetermeer en hoe dat verloopt. Tenslotte. We hebben in oktober 2021 in de raad unaniem de motie van Mariel van As van de VVD aangenomen over het
26/33
ontwikkelperspectief van Bleizo-west. Wij willen graag dat deze motie op het netvlies van het college blijft staan, het is immers unaniem aangenomen. Wij hebben in de stukken gelezen, dat het college geen besluiten wil nemen over flexwoningen, die de integrale afweging op Bleizo-west kan beïnvloeden. Daar zijn wij het mee eens. Er zijn nog zoveel aandachtspunten op Bleizo-west, voordat daar door mensen gezond en prettig kan worden gewoond. Ik noem even de afwezigheid van water, riolering, elektriciteit, scholen, winkels, sport, gezondheidszorg. En daarnaast een aantal punten, die door de heer Van den Beukel zijn genoemd voor wat betreft omgeving en gezondheid. De VVD begrijpt heel goed, dat een oorlog een crisissituatie is en dat onder druk zaken vloeibaar worden. Dat kan ook prima in een flexwoning, dat kan je daarvoor gebruiken als oplossing, best ook over een langere periode, maar we kunnen niet tornen aan het basis voorzieningenniveau, dat nodig is voor het realiseren van een woonwijk. Al met al is onze fractie niet erg enthousiast over dit initiatief en wij wachten met spanning af wat er uit de businesscase komt, zodat we daarna tot een inhoudelijke afweging kunnen komen. Dank u wel. De heer Weerheijm, D66: Er zijn al een hoop goede opmerkingen voorbij gekomen. Ik zal proberen niet al teveel in herhaling te vervallen, maar ik kan dat niet helemaal garanderen.
Allereerst waardering van mijn kant en van de kant van mijn fractie voor de voortvarendheid waarmee het college aan de slag is gegaan met de uitdagingen waar we niet alleen als Lansingerland, maar als heel Europa voor staat in deze crisis. Ongeacht hoe we hier als verschillende partijen in zitten, is het mooi om te zien dat hier serieus werk van gemaakt wordt, wat de uitkomst ook is. Daarvoor mijn bewondering, ook van mijn fractie. Dan over het plan, dat nu bij ons voor ligt. Laat ik beginnen bij de locatie. Ergens snap ik de afwegingen die gemaakt zijn voor Bleizo goed. Het is een locatie met voldoende ruimte op dit moment waar je een hoop flexwoningen kwijt kan, simpel gezegd. Maar de opmerkingen die eerder zijn gemaakt, waar vind je nou de beste magic mix, die vind je natuurlijk niet direct daar. Die vind je veel meer binnen de bestaande kernen, binnen de bestaande wijken, of het nou een plek in Bleiswijk, Bergschenhoek of Berkel en Rodenrijs is. Daar heb je die magic mix meteen te pakken vanwege alle gebieden die daar omheen liggen. Dat doet me ook denken: je hebt niet ineens die honderden flexwoningen voor die in totaal 2.000 of 3.000 inwoners, die daar komen wonen. Dat gaat natuurlijk in bepaalde fasen. We voorzien dan dat er dan wel flexwoningen zijn, maar nog niet alle voorzieningen die noodzakelijk zijn.
Of dat de groep die er het eerst komt wonen misschien alleen maar uit spoedzoekers bestaat of alleen maar uit Oekraïense vluchtelingen, we weten helemaal niet hoe dat zich gaat ontwikkelen. Dus dat is best wel spannend, er gaat een hele tijd overheen voordat je die samenstelling in die wijk met al die voorzieningen hebt, zoals je dat zou willen. Door de heer Van den Beukel werden al de gezondheidsrisico’s en dergelijke genoemd. Mevrouw Draak noemde de motie, die door de raad is aangenomen over Bleizo-west. In crisistijden moet je soms bepaalde compromissen sluiten, maar dat betekent natuurlijk niet dat je moet gaan tornen aan basisprincipes zoals gezondheid en leefkwaliteit. Mijn fractie gelooft absoluut dat er hoogwaardige woningbouw kan plaats vinden op Bleizo-west, maar natuurlijk wel onder de voorwaarden zoals we die in de motie uiteen hebben gezet. Die motie was niet voor niets zo lang. Mijn fractie heeft dan toch ook het gevoel: is het eigenlijk niet veel beter om een soort van pilot voor de pilot te doen? Eerst maar eens kijken hoe dat werkt met van die flexwoningen en dan het liefst in een omgeving waar er al voldoende infrastructuur is, sociale infrastructuur vooral, om mensen op een prettige manier daar te laten wonen en te laten wennen.
Als ik dan de afwegingsmatrix kijk, die we bijgesloten kregen bij de technische vragen van de heer Van den Beukel, zie ik eigenlijk een heel aantal locaties op groen staan, die eigenlijk alleen maar rood zijn omdat ze te klein zijn of omdat de grond enigszins snel beschikbaar is voor andere woningen. Dat geldt niet voor heel Wilderszijde, we gaan daar niet volgend jaar beginnen om daar meteen duizenden woningen in een jaar neer te zetten. Daar gaat ook tijd overheen, dat is ook een gefaseerd proces. Dus daar zou je wel op aan moeten kunnen haken, lijkt mij zo. Dan is het ook logisch, als een aantal locaties te klein is, dan doe je een paar extra. Ja, dan versnipper je de voorzieningen die er nodig zijn, maar je kan het ook zo zien: of je de voorzieningen nou concentreert op 1 plek of dat je her en der bestaande voorzieningen upgrade om het zo maar te zeggen, dus niet een hele school, maar iedere school een extra klaslokaal erbij creëren. Ik zeg niet dat dat makkelijk is, maar deze hele opgave is niet gemakkelijk, dus creativiteit zal er nodig zijn. Als we op die manier goede, hoogwaardige opvang kunnen creëren voor deze hele grote groep mensen, ik denk dat we dat kunnen als Lansingerland. Zo’n grote groep opvangen, ik denk dat we dat kunnen, ik denk dat we dat als samenleving kunnen, ik denk dat het heel moedig is als we dat proberen.
Maar dan moeten we het wel doen op de beste manier. Veel toevoegingen van mijn collega’s geven eigenlijk al deeltjes van die oplossing weg. Mevrouw Draak en de heer Van den Beukel vroegen: hoe zit het met de positie van de provincie op dit moment? Ik las de antwoorden op de technische vragen en daar stond erg diplomatiek geformuleerd, dat het standpunt van de provincie eigenlijk ongewijzigd is over woningbouw. Dat voelt alsof ze niet heel erg warm worden voor deze plannen. We moeten wel iedereen aan boord krijgen als we zoiets als dit willen doen. Niet alleen de raad, niet alleen alle organisaties die op nationaal niveau hier mee te maken hebben, maar ook de provincie en ook onze buurgemeenten. Het is echt een heel grote uitdaging, daar moeten we ons wel van bewust zijn. Deze
27/33
kanttekeningen zou ik eigenlijk even willen meegeven. Ik ben benieuwd naar de beantwoording van de burgemeester. Dank u wel. Beantwoording college Burgemeester Van de Stadt: Dank aan de leden van de raad. Er zijn veel wijze opmerkingen gemaakt door de raad over de risico’s die er gezien worden. Tegelijkertijd de wens om het wel te doen, het opvangen van Oekraïense vluchtelingen. Eigenlijk is het uitspreken van die zorgen, daar zit ook doorgaans het antwoord in: waarom deze oplossing? Dit is juist het antwoord op de zorgen die hier door raadsleden worden uitgesproken. Ik zal het uitleggen. Eerst even naar het begin. Het begin is gewoon: we hebben een noodsituatie. De heer Lieverse vroeg: is het nog wel actueel, is het wel zoveel, waarom rechtvaardigt dit dat? Ja, er is staatsnoodrecht in werking. De burgemeester heeft de wettelijke taak om Oekraïners te huisvesten, meneer Lieverse. Punt. Voor die wettelijke taak heb ik geen toestemming van de raad nodig, even formeel. Dat heb ik niet gedaan, maar dat heeft het kabinet bepaald. Zo werkt het. Dus het is wel even een uitzonderlijke situatie. Of dat terecht is, dat laat ik dan even aan het kabinet over en de discussie daar, maar het is de werkelijkheid waar ik mee leef. Dat betekent, als u de vergelijking wilt, de wettelijke taak is hetzelfde als de wettelijke taak die de burgemeester heeft om de openbare orde te handhaven.
De heer Lieverse: Dan zijn we wel benieuwd wat dan de precieze contouren zijn, wat de precieze grenzen zijn van de bevoegdheden. Gaat het ook over de opvang van 3 tot 5 jaar? Burgemeester Van de Stadt: Dat zegt de staatsnoodwet niet. Wel is duidelijk dat ik niet de bevoegdheid heb om woningen te vorderen, daar is een apart artikel voor in dat staatsnoodrecht, artikel 7 uit mijn hoofd. Dat is niet in werking gesteld door het kabinet. Dus op dit moment is het aan mij om het in te vullen. Dat is even de basis. Maar ik moet het wel doen. Dat is hetzelfde als het handhaven van de openbare orde, ik heb de taak het te doen. Hoe ik het doe, met alle respect, daar gaat u niet over. Wel kunt u mij te allen tijde over het handhaven van de openbare orde ter verantwoording roepen hier. Het is dus niet zo dat de raad buiten spel staat, want u kunt mij te allen tijden ter verantwoording roepen over hoe ik het invul. Daarom sta ik hier ook bij u om u in een vroeg stadium te raadplegen, wat uw randvoorwaarden zijn om het tot een succes te maken. Daarom praten we hier, daarom komen we straks ook te praten over die businesscase. U kunt ook moties indienen daarover om mij te verzoeken andere dingen te doen. Dat is allemaal uw recht, maar dat verplaatst niet de taak die ik heb. Ik ga ervan uit, dat u allen dat respecteert, dat u verwacht dat ik daar wat mee doe.
Dan komen we bij de oplossing: hoe vul ik dan die taak in? De heer Philippens: Op die taak van de burgemeester, die begrijp ik, maar even wat duiding. Is het dan ook de taak om 1.500 vluchtelingen op te vangen. Of puur vluchtelingen? Burgemeester Van de Stadt: Ik kom daar op: hoe vul ik dan die taak in? Wat zijn de overwegingen om dit te doen, van mij maar ook van de veiligheidsregio als geheel. Daarmee is het oorspronkelijke idee, het allereerste begin zit in de brief die het kabinet aan de Kamer heeft gestuurd, dat zal begin maart geweest zijn, daarin werden door het kabinet 3 fases onderscheiden. Fase 1 was de eerste opvang. Fase 2 was die 50.000, iedere veiligheidsregio 2.000. En fase 3 grootschalige opvang. Het kabinet dacht op dat moment aan 5.000 tot 10.000 personen. De heer van den Beukel had het over minimaal 1.000 woningen, het gaat om personen, minimaal 1.000 personen. We denken dus aan 1.000 tot 1.500 personen. Dat zal in de buurt van 500 units zijn, 1 moeder 2 kinderen is ongeveer het gemiddelde. Daar dacht het kabinet aan. Dat is de vraag die bij de veiligheidsregio lag. Als dat het dan is, hoe kan het dan? Nou, dat is heel groot. Vergeleken met 1.000 tot 1.500 is dat wel heel groot. Vandaar de term pilot, het is een kleine voorloper van die grootschalige opvang, zoals die door het kabinet toen bedacht was. Toen was ook het idee van het kabinet: dat doen wij.
Daar is het kabinet inmiddels van teruggekomen, ze hebben gezegd: dat kunnen wij helemaal niet. Dus die taak schuiven zij door naar de gemeente. Hoe dat nou precies plaats gaat vinden, dat weten we niet, vandaar de pilot. Dus de veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond wil, Lansingerland en Vlaardingen lopen daarin voorop, en ik heb van een aantal van u gehoord dat u daar trots op bent, de heer Bik o.a., we lopen voorop, het is een pilot. Hoe maak je grootschalige opvang mogelijk, maar dan wel in een wat kleinere schaal dan het kabinet van plan was. Dus dat was het oorspronkelijke idee. Waar komt dat dan voor Lansingerland uit? In de basis komt het uit, mevrouw Gabin heeft daarop gewezen: meestal kunnen wij niet zoveel. Delen van de raad heeft laten blijken: we willen af en toe weleens wat doen. Met asielzoekers lopen we er altijd tegenaan: we hebben geen geschikte locaties daarvoor. Dat is niet wat ik zeg, dat is wat het COA zegt. Het COA gaat dit niet bouwen. Het COA bouwt niet, daar is ook geen budget voor, dus dat is ook niet een optie voor het COA. Het is echt een andere situatie. Er is onderscheid tussen vluchtelingen en Oekraïners, ja, dat maak ik niet. Voor mij is iedereen. Dit zijn geen vluchtelingen, strikt genomen zijn dit ontheemden, dat zegt het staatsnoodrecht, ontheemden. Oekraïners hebben het zelf ook over ontheemden, want zo zien ze zichzelf.
Ze zijn geen vluchteling, ze zijn ontheemd en ze willen terug. Dus het is een andere discussie, komt ook niet in het COA voor. COA is ook niet in het plaatje, COA heeft hier niets mee te maken, dit is echt de bevoegdheid van de burgemeester op basis van het staatsnoodrecht, om ontheemden te huisvesten. Dat is echt een andere discussie, laten we die niet door elkaar gaan voeren. We kunnen over asielzoekers ook een discussie voeren, ik ben te allen tijde bereid of anders mevrouw Cnossen, maar dit is echt een unieke
28/33
situatie, dit moet de burgemeester regelen. Waarom dan niet klein, waarom groot? Want ook vanuit onze eigen motivatie natuurlijk moet je daar wel antwoord op hebben. Eigenlijk is het door verschillenden van u aangegeven. We redden dat niet qua voorzieningen. Het is echt een utopie dat wij op verschillende plaatsen een paar honderd mensen gaan opvangen en die verspreid over de dorpen doen. Dan komt er directe druk op de huisartsen, dan komt er directe druk op de jeugdzorg enzovoorts. Directe druk op de scholen. Dat is niet alleen lastig, het is ook niet te managen, daar hebben we de capaciteit helemaal niet voor. En we hebben ook niet de capaciteit om 1 opvang 200 mensen hier ambtelijk te regelen. Dat hebben we niet. Daarom doet de veiligheidsregio dit. We maken gebruik van de capaciteiten. U heeft de heer Andela gehoord, dat is gewoon een ambtenaar van Rotterdam. Die doet dat niet voor 200 woningen hier, dat gaat Rotterdam niet hier doen. De ambtelijke inzet, maar ook alle andere inzet, hebben we op deze manier uitbesteed, om het zo maar te zeggen. Daarmee concurreert het niet met wat we zelf van plan zijn om te doen. Verschillenden van u vroegen daar al naar: botst het niet met onze eigen woningprojecten? Nee, op deze wijze botst dat niet. Als we het kleinschalig gaan doen, botst dat direct met de eigen capaciteit voor andere projecten.
Dus u heeft zelf in uw randvoorwaarden al aangegeven: het moet dus eigenlijk wel grootschalig en via de veiligheidsregio. Voor die voorzieningen is het dus cruciaal dat we het doen. Ik kan er veel over zeggen, de heer Andela zal er ongetwijfeld al veel over gezegd hebben, we werken er hard aan, maar het moet blijken uit de businesscase. Want als niet, dan kunnen we het ook niet realiseren. Daar heb je een businesscase voor. Het antwoord kan ook zijn: het lukt niet. Maar de zorgen die u heeft, moet door de businesscase beantwoord worden, want die zorgen heb ik ook. Maar de bedoeling is het in feite daar te organiseren en dus eigenlijk de Oekraïense huisarts daar te hebben. Als we praten over onderwijs, basisscholen, middelbare scholen, voortgezet onderwijs, we zijn in overleg met het voortgezet onderwijs dat gespecialiseerd is in internationaal onderwijs, die dat hier zouden gaan aanbieden. Dat is voor velen van u ook een vraagstuk geweest, in dit geval afgehecht met de staatssecretaris inzake financiën. Dat krijg ik zelf ook niet rond op locaties van 200, echt niet. En voorgefinancierd door de veiligheidsregio. Dus het risico ligt bij de veiligheidsregio om het terug te krijgen van het rijk als ze voorfinancieren. Er zijn vele toezeggingen gedaan aan de voorzitter van de veiligheidsregio, dat dat gebeurt.
Mocht het niet gebeuren, uiteindelijk is de veiligheidsregio aan de lat en daarmee wij, want het is onze veiligheidsregio. Heel indirect ja, maar de kracht wordt dus ontwikkeld of betaald krijgen van die rekening door de burgemeester van Rotterdam en die heeft toch een grotere kans in alle waarschijnlijkheid dan ik om bij het kabinet een rekening ingevuld te krijgen. Dus ook dat is een waarborg voor één van de zorgen, die door u is uitgesproken. Op deze wijze voorkomen we capaciteitsverlies hier. Op deze wijze kunnen we mogelijk de zorg, voorzieningen en alles wat door u genoemd is, de heer Lieverse had een heel rijtje, regelen, maar het moet even uit de businesscase blijken: zit het er allemaal in? Op deze manier kunnen we de opvang van Oekraïners goed regelen. Nogmaals, ze hoeven niet te integreren, ze krijgen onderwijs in het Oekraïens, dat is de inzet van het kabinet, want ze gaan terug. Zouden ze niet terug willen, dan zullen ze de asielprocedure in moeten en dan vallen ze gewoon onder de reguliere asielzoekers. Mevrouw Gabin heeft het al beschreven: dan krijgen ze gelijk regime daarvoor. Dan komen ze op die wijze, op een andere wijze in de integratie. Het antwoord is dus hier gegeven, op deze wijze, op de zorgen die u heeft. Tenzij u zegt: we moeten het niet doen. Even goede vrienden, dat mag. Ik maak die keuze niet, ik heb die wettelijke taak.
Doorgaans kunnen wij niet zoveel doen en dit kunnen we nu wel doen. Ik roep u maar in herinnering, we krijgen los van die wettelijke taak mogelijk ook een noodwetgeving op het gebied van asielzoekers en dan krijgen we daar misschien ook een opgave. Ik denk ook, dat iedereen begrijpt, dat we niet 2 opgaven aan kunnen. Dus u kunt daar ook een afweging in maken, maar we moeten ergens wat doen. Deze taak heb ik, hier sta ik voor en dit ben ik van plan op deze wijze te doen. U heeft al uw zorgen uitgesproken, ik ben van plan ze mee te nemen bij de businesscase. Ik kan op heel veel dingen ingaan, dat doe ik graag, maar heel veel moet blijken uit die businesscase. De rol van de provincie is simpelweg: ze willen het plan waar de raad zich achter geschaard heeft, een proeftuin in Bleizo-west niet, want ze willen een windmolen. Even heel simplistisch gezegd. Dus kijken ze met die blik ook naar eventuele opvang hier op die locatie. Maar de provincie gaat er niet over. Dit is een bevoegdheid van de gemeente, in dit geval van de burgemeester. Het is gewoon tijdelijke bebouwing, daar gaat de provincie niet over. Ook als we het gaan mengen, dan is het zeer de vraag of de provincie daar over gaat.
Waar het gaat om Zoetermeer, los van de goede relaties die we met Zoetermeer altijd willen hebben, in de gemeenschappelijke regeling is Zoetermeer mede eigenaar van de grond, natuurlijk wil je daarmee samenwerken. Gisterenochtend hebben we weer bestuurlijk overleg gehad met de burgemeester van Zoetermeer, met de verantwoordelijk wethouder van Zoetermeer en natuurlijk ambtelijk ondersteund, een heel goed overleg. Ja, de zorgen zijn daar, maar de zorgen zijn niet zoals de heer Van den Beukel die formuleerde, deels overlapt het, maar het is niet de hoofdmoot, voor Zoetermeer is primair het beeld: wat betekent dit voor de ontwikkeling van Bleizo-west? Dat is even primair. En daarmee voor de Zoro-busbaan. Ze willen niet dat het dat in gevaar brengt. Dat is een klip en klare afspraak die ik met wethouder Fortuyn heb gemaakt: het mag op geen enkele wijze proeftuin Bleizo in de weg zitten. Mevrouw Draak zei het ook al: er is niet voor niets een motie. Dat mag gewoon niet. Het begint ook echt met asiel, dat is fase 1, Oekraïners. De heer Weerheijm vroeg ernaar. Dat is 1. Ja, we hebben de woningunits in principe al, dat
29/33
is allemaal klaar. Ja, we hebben daar een beheerder voor. Ja, we hebben daar financiering voor, dat loopt allemaal. Dat komt allemaal in de businesscase. Mocht er flexibiliteit in zitten, dan zal die flexibiliteit niet zozeer op die locatie zitten. Het is niet zo dat we daar 500 units neerzetten en dat je dan een deel opvult en dat je daarbinnen iets gaat schuiven. Nee, de units die wij voor Vlaardingen en mogelijk ook voor Goeree, die zijn voor de regio. Even theoretisch, als ze daar niet nodig zijn, ik vond dat de heer Van den Beukel dat heel mooi schetste, scenario snel terug naar Oekraïne of scenario Balkan, dat kan nog jaren duren. Eén van u had het ook over de scenario’s. Natuurlijk denken we in scenario’s, dat is ook het mooie van die locatie, dat we flexibiliteit hebben. Flexibiliteit zit hier dus in de units. We pakken de units op, want die units houden we, en dan zetten we ze ergens anders neer. Dat kan aan de Hoeksekade zijn maar dat kan ook in Nissewaard zijn, daar waar ze het meeste werk hebben. Dat is niet makkelijk, want u heeft ook gezien in Nesselande, vandaag in de krant gelezen, elke keer als je ergens flexibele woningen wil neerzetten, komen de buren en advocaten op je af. Dat is niet makkelijk. Dan hebben we units en kunnen we die hopelijk ergens neerzetten. Daarmee concurreert de opvang van Oekraïense ontheemden met onze eigen woningbouwopgaven.
Dat is een belangrijke randvoorwaarde voor mij, voor het college en hopelijk ook bij u. Laat het niet met elkaar concurreren. Laat onze bewoners profiteren van het feit dat wij met behulp van de veiligheidsregio, met het gezag van de burgemeester in staat zijn nu eens snel wat te realiseren. Laten we daar trots op zijn als het lukt. Dan doen we ook wat voor onze inwoners. Ik maak heel wat inwoners mee, die een probleem hebben, maar het meest schrijnende is echt de woningnood. Zeker bij gescheiden mensen die echt nergens heen kunnen, waar kinderen op school zitten en op sportclubs zitten en noodgedwongen uitwijken naar ergens in Schiedam. Dat zegt niets over Schiedam, dat wil ik niet negatief duiden, maar wel jammer voor de kinderen die hier vrienden en vriendinnen hebben. Daarvoor kunnen we wat doen. Dat wil niet zeggen dat dit permanent is, dat ze daar lang gaan wonen. Nee, het is de bedoeling ook voor flexwoningen, je moet er even je onderdak hebben tot je weer verder kan. Dat kan prima op zo’n locatie. Ik ga geen oordeel hebben over of het leefbaar is. U heeft de motie Van As aangenomen, u heeft ook de proeftuin Bleizo vastgesteld. Het moet straks blijken dat dat allemaal kan, maar het is tijdelijk bedoeld. Ik heb een heleboel beantwoord. Een pilot van de pilot, ik denk dat ik dat beantwoord heb. Een pilot voor 200 is echt niet waar men om vraagt.
Ik ga erop terugkomen in die businesscase. Waarom dat grootschalige, dat heb ik duidelijk gemaakt. MER of geen MER, ik ben er nog niet zo zeker van dat er geen MER plaats vindt, meneer Van den Beukel, maar dat komt ook in die businesscase. Dat heeft ook iets te maken met de spoed. Compensatie vooraf, ja dus. Kleine locaties, de rapporten die u aanhaalde gaat over vluchtelingen en integratie. Hier gaat het niet over vluchtelingen en niet over integratie. Dat maakt dat niet een kleinschalige locatie de meest aangewezen methode is. Het gaat hier om mensen juist in de eigen groep op te vangen, omdat ze daarna weer terug gaan. Echt een ander verhaal. Als u daar rapporten over heeft, houd ik me aanbevolen. De termijn. Ik denk dat ik alles wel gehad heb. De heer Bik had het nog over de ondernemers. De Kulk, grotendeels gerealiseerd door onze ondernemers, juist uit de glastuinbouw maar ook andere, gaan we zeker doen. Ook dat is een mooie kans op deze locatie, er is wek in die omgeving. Het is maar een detail, maar de MER was een opmerking van de kwartiermaker begin van de avond. Burgemeester Van de Stadt: Dan weet u al meer dan ik. Ik was er niet om naar de heer Andela te luisteren, omdat ik bij RTV Lansingerland zat. Ook belangrijk, maar dan weet u wat meer dan ik. De MER toets, ik begrijp nu dat die niet nodig was volgens de heer Andela.
Dat gaan we nog horen, komt in de businesscase. Tweede termijn De heer Philippens, L3B: In alle eerlijkheid, ik krijg er een steeds slechter gevoel over. Dan wil ik u meenemen, ik heb geprobeerd me in te lezen. Ik heb ook een stap terug gedaan en gekeken, het gesprek aan gegaan met wat beroeps professionals, niet in de vluchtelingenbranche, maar daar omheen, de gezondheidszorg sociaal domein, POH, jeugdzorg, huisarts. Daar heb ik het voor gelegd, bewust mensen die hun beroep hebben gemaakt van de zorg voor anderen. We zetten 1.500 vluchtelingen bij elkaar en we zetten daar 1.500 andere inwoners bij, spoedzoekers, mensen die vaak zelf een rugzakje hebben, we zetten die midden in een bedrijventerrein, een nieuwe wijk, die we op gaan bouwen. Is dat een goed idee? Dan krijg ik van ze allemaal terug: Johan, dat moet je nooit doen. Je gaat problematiek bij elkaar zetten. Problematiek is niet erg, want die moeten we oplossen, maar als we dat bij elkaar zetten, gaat dat zichzelf versterken. Dan krijg ik terug: daar kom je nooit meer uit, daar is moeilijk tegenop te zorgen, je creëert een probleemwijk. Ik gaf aan: laten we zeggen dat het rijk ons gaat helpen. Die gaat financiën open trekken. Toen werd ik uitgelachten, ze zeiden: waar ga je de mensen vandaan halen? Die hebben we niet. Zo grootschalig.
Er wordt aangegeven dat de Oekraïners het grotendeels zelf kunnen, maar ik zou heel hard willen hebben welk percentage ze zelf kunnen doen. Welke ervaringen zijn ermee? Ik vraag me af of dat echt zo is. Dat wilde ik toch even gedeeld hebben. De heer Lieverse, CU: Ook een reactie op het verhaal van de burgemeester. Het is een sterk verhaal, het is een enthousiast verhaal. Je zou er graag in mee willen doen als je zo’n verhaal hoort, omdat we praten
30/33
over een drama een paar duizend kilometer hier vandaan, dat zoveel mensen heeft verjaagd, ontheemd heeft gemaakt. Waar we ons zorgen over maken is voor een deel wat door meneer Philippens verteld werd. Onze voorkeur is niet zomaar weg van die kleine locaties dicht bij de Nederlanders die er al wonen, omdat we dat terug horen van Vluchtelingenwerk en van Oekraïners, dat ze niet afgezonderd van de samenleving hier willen verblijven, ook al is het tijdelijk. Een zorg die we hebben als het gaat over de maatschappelijke voorzieningen is dat het niet alleen in geld zit, maar ook in deskundig personeel. Die weet hoe met traumatische mensen om te gaan, die weet hoe met een taalbarrière om te gaan en toch medische zorg te geven volgens de normen die wij hier gewend zijn. Je bent ook nog eens volgens allerlei tuchtrechtzaken aansprakelijk. De zorg is voor ons niet zomaar weggenomen. Mevrouw Draak, VVD: Ik wilde nog vragen aan de burgemeester of huisvesting van andere bewonersgroepen ook via de noodwet kan. Dat lijkt mij eigenlijk niet, want dat zijn geen vluchtelingen. De burgemeester heeft uitgelegd waarom hij kleinschaligheid wil en dat het dan grootschalig moet. Volgens ons is dat niet de enige keuze, je kunt het ook niet doen. Dank u wel. De heer Weerheijm, D66: Ik heb niet meer zo heel veel tijd, maar laat ik het als volgt samenvatten.
Allereerst dank aan de burgemeester voor de beantwoording van de vragen. Ik zal even uit mijn hart spreken: ik wil heel graag dat het lukt, maar ik deel ook wel wat de sprekers voor me zeggen. Er zijn gewoon heel veel zorgen, niet alleen in de raad maar ook bij inwoners. Ik ben heel erg benieuwd naar de businesscase. Daar wil ik het voor nu even bij laten. De heer Scheringa, PvdA: De uitleg m.b.t. kleine of grote locaties vinden wij helder, dat kunnen wij volgen. Dat er verder natuurlijk uitdagingen zijn, ook grote uitdagingen, dat zien we ook. We hopen daar in de businesscase meer duiding over te krijgen. Ik had ook nog gevraagd of er nog uitdagingen zijn die het hele project in gevaar zou kunnen brengen o.a. de moeilijkheid om personeel te vinden en dat soort dingen. Ik heb nog wel een ander dingetje, een beetje wat de burgemeester zegt: het wordt geen kwestie van integratie. Dan komt er een soort van Oekraïens dorp, waar mensen zichzelf ondersteunen. Ze krijgen les in hun eigen taal, ze hebben idealiter misschien hun eigen huisarts, voorzieningen die nodig zijn. Maar daarnaast wordt in de brief ook gesproken over eigen Lansingerlanders, die er dan bij moeten wonen. Dat zie ik niet helemaal. Dus we hebben een Oekraïens dorp en daar komen dan starters van ons daarbij in te zitten. Het lijkt me dan dat je dan 2 groepen op 1 plukje land gaat zetten.
Misschien kan de burgemeester daar nog duiding over geven. De status van de pilot is wat ons betreft in de voorbereidende fase, er wordt nog geen besluit verwacht op dit moment. We kijken het verder met hoop aan. We hopen op een spoedige voortgang. De heer Bik, WIJ: Ik ben het ook eens met de heer Brecht, de wens dat het gaat lukken, maar tegelijkertijd ben ik niet doof voor de andere standpunten. Ik hoorde de burgemeester zeggen dat op kleinschalig inzetten niet ondersteund wordt door de VRR en dat dat één van de argumenten is voor grootschalige opvang. We zien kansen op basis van de geschetste pilot, zowel voor de ontheemden als voor onze eigen inwoners. Zo’n integratie zal niet vanzelf komen of vanzelf gaan, daar zal hard aan gewerkt moeten worden, maar dat geldt ook voor kleinschalige opvang, ook al wordt dat in onderzoeken onderbouwd geschetst. Uiteindelijk willen we op basis van de businesscase, die ons wordt aangeboden het debat goed voeren, de plannen moeten wel realistisch zijn. Dus mijn vraag aan de burgemeester is: wat is het ultieme beslismoment, wel of niet doorgaan? Mevrouw Gabin, GL: De discussie over de kwalificatie van ontheemden heeft mij wel in verwarring gebracht. Bij mij weten betekent het hetzelfde als vluchteling of een asielzoeker. Wat ik me dan wel afvraag is hoe die verplichting dan gekwalificeerd is in de noodwet.
Waar is de wettelijke verplichting van de burgemeester op gebaseerd? Gaat het om het huisvesten of tijdelijke opvang voor de vluchteling, de Oekraïense vluchteling, de Oekraïense ontheemde. Staat dat specifiek genoteerd in de wetten? Daar zijn we wel heel erg benieuwd naar. Feitelijk komt het erop neer, dat een grote groep Oekraïners niet terug gaat, ze zullen dus niet op korte termijn vluchten. Ik kan eigenlijk het begrip ontheemden niet goed plaatsen. Burgemeester Van de Stadt: De heer Bik heeft een terechte vraag gesteld. We hebben ook de wens, maar is het realistisch? Wanneer is het beslismoment? De businesscase moet natuurlijk wel realistisch zijn, zo simpel is het ook voor mij. Uw vraagteken is mijn vraagteken. Daarom hebben we de businesscase, we moeten uitzoeken of het kan voordat we beslissen of het kan. Het is niet zo dat we doorgaan, ongeacht de uitkomst van de businesscase. Dat is primair. De zorgen van de heer Lieverse en de heer Philippens, die zorg deel ik, maar die verandert niet met de grootte van. Even heel simpel, als hier 50.000 Oekraïners zijn of 100.000 of 200.000, dat vraagt een bepaalde zorg, daar zal je dus mensen voor moeten vinden. Of bestaande mensen daarvoor in moeten zetten. De heer Philippens zegt terecht, en anderen: het is maar de vraag of dat kan en of het wenselijk is. Dus de opgave die we hebben, we: is dat op een
31/33
andere manier te organiseren? Als wij het hier niet doen en ze komen op andere plaatsen, de druk op de zorg blijft gewoon. Je kan misschien zeggen dat de lokale huisarts hier wordt gespaard. Ik heb ook gezegd: het alternatief is: we doen het niet. Dat is het enige alternatief in mijn ogen, want anders kan ik die wettelijke taak niet invullen zonder dat er druk op de zorg ontstaat hier. Hier kan ik proberen het apart te regelen, anders krijgen we die druk op de zorg en op het onderwijs of ergens anders. Die zorgen, meneer Lieverse en meneer Philippens, vragen juist om het grootschalige omdat daar de optie is om het anders te regelen, mogelijk, dat moet nog uit de businesscase blijken. Als je die druk weg wilt halen, is dat ze hier niet naartoe komen. We hebben dus die zorg te leveren. De basis van mijn taak is wonen, maar ook de daarbij behorende zaken, leefgeld, zorg enzovoorts. De druk op de zorg moet even blijken. Mijn overtuiging is: als we de druk op de zorg in de kernen, in onze dorpen, niet willen laten ontstaan, moeten we het apart organiseren. Dan is Bleizo heus niet de ideale locatie, ik kan me voorstellen dat er een andere, betere locatie is, maar die hebben wij niet, we hebben geen grote aantallen hectaren braak liggen.