BV21.0053 Verslag vergadering commissie Ruimte (vervolg van 9 maart 2021)
Tekst van het document
Dus dat is misschien nog een mooie tussenvorm, als dat te lastig is om dat op een andere manier te doen. Ik hoop, dat het voor iedereen een hamerstuk is. Het is volgens ons een goed onderbouwd stuk. Daar waar ik het analyserapport nog moet delen, dan doe ik dat met alle liefde en plezier. Wat ons betreft een hamerstuk. Dank u wel. De heer Van der Stelt, CDA: Het zal u niet verbazen, dat het voor ons geen hamerstuk zal zijn. Maar ik waardeer zeer de inbreng van de collega’s en ook de bereidheid tot meedenken en het verstrekken van nadere onderbouwingen van diverse rapporten, zoals de heer Markus deed. Ook de heer Duk bood aan om mee te denken over het omgekeerd inzamelen, dat hij ook een goed idee vindt als onderdeel van de hele mix, waar we naar toe zouden moeten. Tegen de heer Markus zou ik zeggen: ik neem graag kennis van die rapporten. Ik ben altijd iemand die graag blijft nadenken, ook al heeft hij soms al een standpunt ingenomen, het is nooit een moratorium van (..), dat we afkondigen, dus ieder voortschrijdend inzicht kan er toe doen. En ik heb dat ook nodig, want ik moet zeggen, want het verhaal van de wethouder vind ik een beetje een herhaling van wat ik heb gelezen in de stukken. Daar ben ik eigenlijk nog niet door overtuigd.
Misschien gaat het nog komen, maar nu vind ik het nog onvoldoende, omdat ik niet kan bevatten dat het inzetten op diftar en alles wat het met zich meebrengt, ook qua exploitatielasten, dat dat goedkoper zou uitpakken in the end voor de gemeente, voor onze inwoners, dan omgekeerd inzamelen. Nogmaals, ik wil kennis nemen van rapporten met goede onderbouwingen, die het tegenovergestelde aantonen, of juist niet. Goed, daar neem ik dan kennis van. Maar wat ons betreft, zal het een bespreekstuk zijn in de raad. Dan zullen we onze mind nader opmaken. Wellicht kom ik nog met een amendement of een motie, ik zie het wel. Ik kan natuurlijk ook tellen, het is wel helder hoe de verhoudingen liggen, maar dat laat onverlet dat ik mijn eindoordeel alsdan zal opmaken. Dank u wel. De heer Machielse, VVD: Dank aan alle commissieleden en de wethouder voor de uitgebreide reactie. U stelt me wel een heel lastige vraag, meneer Markus, want u vraagt me eigenlijk: waar gelooft u meer in, uw eigen afval voorkeuren of een peiling onder inwoners? Je kan nooit tegen je eigen inwoners zijn. Zeker wij niet, dus dat zult u mij ook niet horen zeggen. Begrijp me niet verkeerd. Ik denk dat de peiling die is gedaan heel waardevol is.
En ik denk dat het zeker belangrijk is, dat we die als richtinggevend beschouwen voor ons afvalbeleid, maar dat betekent niet dat we de ogen moeten sluiten voor een gezonde mix van maatregelen en daar kunnen we allemaal toch onze voorkeur in hebben, welke maatregel daar vooraan in staat en welke misschien niet vooraan staat. Die ruimte gunt u mij vast. Ik houd me ook van harte aanbevolen voor de rapporten, die u heeft. Wat ik heb gelezen over gemeenten met invoering van diftar zijn, los van de exploitatielasten en problemen om het in te voeren, uiteindelijk niet dat ze de doelstellingen hebben gehaald met alleen diftar, dus daar blijft mijn zorg toch nog overeind staan en dus ook mijn wens om met elkaar te kijken naar dat maatregelenpakket. In welke vorm ik dat de komende 2 weken ga gieten, daar ga ik over nadenken. Daar kom ik bij u allemaal voor op de
11/15
lijn. Voor nu nog een kleine reactie naar wethouder Fortuyn. Hij zei: is er iets wat ik kan doen om u te overtuigen? Nou, dat weet ik niet. Ik zou vooral willen vragen om toch na te denken over en toelichting, waarom het voor Lansingerland zo stellig is, dat er staat, dat we hiermee de doelstelling gaan halen. Ik snap hem qua concept, ik snap hem naar aanleiding van de studies, die zijn uitgevoerd, maar als ik die studie lees, bijvoorbeeld het rapport van Stantec, dan staat er niet in, dat we met alleen diftar die doelstelling gaan halen. De heer Markus: U wilt kijken naar een maatregelenmix. Maar is van die maatregelenmix diftar dan wel de belangrijkste pijler? De heer Machielse: Voor mijn partij niet. Dat moge duidelijk zijn. Dat betekent niet, dat we niet voor een mix zijn. En het betekent niet dat we een deur dicht willen doen voor een maatregel, die we wellicht nodig hebben om ons te committeren aan die doelstelling en aan de lagere lokale lasten en aan de milieueffecten et cetera. Maar wat ik net ook al zei: ik denk wel dat we elkaar daarin scherp moeten houden: wat is dan de juiste mix van maatregelen? Ik zou het zonde vinden als we nu een deur dicht doen naar een maatregel, die we wellicht nodig hebben om het wel te gaan halen met elkaar.
Dan bedoel ik omgekeerd inzamelen, dan bedoel ik ook de gunstige voorwaarden, die dat biedt voor een stuk nascheiding van bijvoorbeeld PMD uit restafval, als daar capaciteit voor is. Dan wil je zo min mogelijk verkeersbewegingen in de woonwijken. Ik zie een heleboel voordelen daaraan. Misschien is daar nu geen meerderheid voor, maar daar nu de ogen voor sluiten vind ik ook niet verstandig. Dus dat is waar ik op ga kauwen. De heer Duk: De heer Machielse heeft bij het opstellen van de volksraadpleging gezegd, dat dit richtinggevend zou zijn. Eén van de grootste conclusies uit deze volksraadpleging is dat een grote meerderheid van de mensen in Lansingerland zegt: het moet lonen om afval te scheiden, het moet goedkoper zijn om veel afval te scheiden. Wat zegt de heer Machielse nu als hij zegt: ja, maar we doen het toch, als het aan mij ligt, liever niet. De heer Machielse: Dan zal ik allereerst zeggen, dat u mij verkeerd quote, meneer Duk. Maar daarna zou ik u ongetwijfeld vertellen, dat lagere lokale lasten beginnen met de juiste aanpak. Een verschil in tarifering en een voordeel voor scheidingsresultaat, maar als het totaal aan lasten nog steeds te hoog is, of het totaal aan maatregelen niet bijdraagt aan genoeg verlaging van de hoeveelheid restafval en daarmee dus een (..) belasting, dan zijn we penny wise, maar pound foolish, en dat is iets waar we wel voor moeten waken.
Dus dat zou ik antwoorden. Ik hoop, dat dat uw vraag dan direct beantwoordt. De heer Duk: Nee, dat doet het niet. De burger heeft gewoon doodleuk gezegd, niet doodleuk, maar heel duidelijk gezegd: wij willen dat we minder betalen als we goed afval scheiden. De enige optie om dat te doen is diftar. Of heeft u een andere oplossing daarvoor? De heer Machielse: Met het gevaar, dat ik in herhaling ga vallen, maar in het puur rekenkundig hypothetisch voorbeeld, dat u in totaal misschien als huishouden € 80 kwijt zou zijn bij een goed scheidingsresultaat met diftar en € 100 bij geen goed scheidingsresultaat bij diftar, maar ieder huishouden € 70 kwijt zou kunnen zijn bij een inzet op een andere maatregelenmix, die onderbouwing mis ik nu. Dat blijft mijn antwoord daarin. Ik was toch blij te horen, dat hij net als ik enorm enthousiast is over de inzet op nascheidingscapaciteit, wanneer die beschikbaar is. Dan hoop ik, dat de heer Duk het met mij eens is, dat een variant van omgekeerd inzamelen veel gunstiger is om naar dat scenario toe te werken dan een variant met alleen diftar. Ik ga daar op kauwen. Ik ga er verder niets meer aan toevoegen. Ik ga het woord aan u laten en het hierbij laten voor deze avond. De heer Jumelet: Ik heb naar u zitten luisteren, maar ik ben toch een beetje benieuwd wat het standpunt van meneer Machielse nu feitelijk is rondom dit voorstel.
Is hij nou voor of tegen? Als hij voor is of tegen, dat hij over een X-periode zegt: we moeten wellicht nog een zwenk naar links of naar rechts maken als het gaat om het te voeren beleid rondom afval. Ik hoor hem ook zeggen: nascheiding zou ik toch ook op de één of andere manier een plek willen geven. Ik ben op zoek: steunt u nou dit voorstel? Of niet? Als u het wel steunt, betekent het dan dat u met een motie gaat komen, dat er op termijn iets verandert? Ik ben het even kwijt. De heer Machielse: Dat is een duidelijke vraag van de heer Jumelet. Laat ik daar duidelijk over zijn: het voorstel biedt veel aanknopingspunten, waarin ik herken hoe wij kijken naar afvalbeleid en waarin ik ook herken hoe wij de burgerpeiling lezen en de wensen van onze inwoners. Laat ik daar duidelijk over zijn. Betekent dat dat ik geen mogelijkheden zie om het te verbeteren? Nee, die zie ik wel. En dat is waar ik op ga kauwen. De heer Meester, L3B: Ik wil de wethouder bedanken voor de uitvoerige bespreking van wat er allemaal te berde is gebracht. Ik begrijp, dat de punten die wij aangevoerd hebben, dat daar de besluitvorming in ieder geval later van zal moeten plaatsvinden. In geval van nascheiding krijgen wij nog een keer de discussie over de vraag of we diftar al of niet willen handhaven.
Voor wat betreft de kwijtschelding en de methode van innen, daar ga ik ervan uit, dat dat expliciet als keuze neergelegd wordt bij de raad wanneer we de verordening moeten gaan vaststellen. Zo interpreteer ik maar even de uitspraken van de wethouder. Eén ding viel mij nog op in de reactie van de wethouder. Hij had het ook nog even over het gewicht i.p.v. het aantal keer dat het geleegd wordt. Ik zou dat niet willen aanprijzen. In de eerste plaats is dat veel storingsgevoeliger en je krijgt over het aantal keer dat de kliko aangeboden is, daar zal je minder snel discussie over hebben dan hoeveel kilo erin zat. De wethouder had het er ook nog even over, dat op dit moment er geen mogelijkheid is om iets te vinden van de verwerking van het afval door Renewi en dergelijke. Ik neem aan, dat dat te maken heeft met de contractvoorwaarden, maar ik denk dat het in het algemeen belang zou zijn als bij een volgend contract toch geregeld wordt dat er enig
12/15
toezicht op is, hoe dat verder gaat, want ik kreeg de indruk dat er nu op dit moment alleen maar betaald wordt voor het ophalen en dat de verwerking daarna alleen maar kosten zijn. Wij zijn het eens met het stappenplan. We wensen het college veel succes met de uitvoering ervan. Dank u wel. De voorzitter: De vraag van de heer Meester: heb ik het goed geïnterpreteerd dat. Daar kan de wethouder misschien nog een antwoord op geven. Verder heb ik erg weinig vragen gezien. Ik heb wel begrepen, dat er een amendement of een motie te verwachten is, maar dat kunnen we na de beantwoording van de wethouder nog naar voren brengen. Wethouder Fortuyn: Om bij meneer Meester het misverstand weg te halen: uw interpretatie is correct. Dat wordt bij de verordening gedaan. Ik heb al aangegeven, dat we juist op dit onderdeel bij de verordening toch een aparte discussie moeten hebben. Hier moeten we wel even goed bij stil staan: hoe bouwen we het op en welke keuze maken we? Dat heeft ook te maken met de scenario’s: hoe gaan we de inning regelen? En: wat is variabel en niet variabel? Ik kan u ook de toezegging doen, dat wij met een twee- of drietal scenario’s komen, zodat we de afweging kunnen maken om daar een juist besluit in te nemen. Uw interpretatie is juist. Of ik heb het verkeerd gezegd, maar dat is zeker niet mijn bedoeling, maar dan herstel ik hem: wij kiezen juist niet voor gewicht.
Wij kiezen voor de lediging. Ik denk dat daar even geen misverstand over moet zijn. Het staat ook in de stukken: wij kiezen voor het aantal keer dat je aanbiedt. Als we het aantal kilo’s zouden gaan meten, dan blijkt dat te leiden tot burenruzies en tot discussies over het ijken van de apparatuur en ‘die kilo’s hebben we niet aangeboden’. Daar moet je helemaal niet aan beginnen. Dus dat gaan we ook niet doen. Ik hoop dat ik daarmee het misverstand heb weg genomen. Ik ben blij dat een groot aantal partijen en opgeteld het aantal zetels er een ruime meerderheid is, die kiest voor deze weg. Desalniettemin, mooi dat we toch nog even een discussie krijgen, want het is best wel een belangrijk dossier, het gaat ergens om, dat CDA en VVD dit toch nog willen bespreken, het als een bespreekpunt willen zien. Wellicht dat de rapportage, die de CU aanbiedt en wellicht heeft u het rapport van IPR Normag ook niet gehad, maar ik ga ervan uit, dat met die informatie bij de reeds aangeleverde informatie, dat was mijn opmerking naar u, meneer Machielse: wat moet ik nou nog meer doen? We hebben al zoveel documenten, we hebben al zoveel verhalen. Op een gegeven moment, kan ik u niet meer overtuigen. Dan blijft u zitten op uw zit, ja, dat kan, dat is uw vrije keus, dat is uw eigen politieke verantwoordelijkheid. Ja, dat is nou eenmaal zoals het in een democratie werkt.
Ik ga niets meer aanleveren, behalve dan het aanbod van de CU, dat vind ik heel interessant. Dan gaan we meemaken hoe u uw afwegingen maakt. Dat zal ik ook accepteren, dat ga ik ook accepteren, want zo werkt ook de democratie. Maar, let wel, we hebben wel gekeken naar de technologische ontwikkelingen, daar gaan we onze ogen niet voor sluiten. Meneer Meester begon erover en meneer Jumelet ook, even voor de helderheid: ik heb ook technische ondersteuning vanuit het ambtelijk apparaat. Binnen onze contracten hebben wij ook eisen m.b.t. de verwerking v.w.b. de afvalstromen. Dus wij hebben weldegelijk in onze contracten verwerkingseisen zitten. Uiteindelijk is de toezicht op de verwerkers, dat kunt u ook zien op de zondagavonden met die reportage van meneer Van de Keuken, daar kom je in een wereld terecht. Italianen hadden het allang ontdekt, kijk maar rond Napels en alles wat daar omheen gebeurt. Het is een wereld die ondoorgrondelijk is. Nu heb ik altijd begrepen dat in een bepaald geloof de ondoorgrondelijkheid beleden wordt, dat begrijp ik ook wel, maar in deze wereld heb ik ongeveer dezelfde basis. Daar hebben wij een rijksoverheid voor. Dus we kunnen wel iets willen, maar als wij bij de poort afleveren, als onze verzamelaar het op een nette manier aanlevert, maar bij de achterdeur gebeurt wat, waar wij geen inzicht hebben, ja, dan is het wel een rijksoverheidsding.
Ik wil zeker niet de verwachtingen gaan scheppen, dat wij de vuilnisbak gaan volgen tot het moment dat de verwerking gaat plaatsvinden. Dat is een onmogelijk iets en dat zou ik ook niet willen. Dat is ook niet onze verantwoordelijkheid. Ik loop niet van onze verantwoordelijkheid weg, zeker niet, maar het is wel een rijksoverheidsding. Wij regelen, is al geregeld, dat bij onze verwerkers de eisen, die wij eraan stellen, dat wij die geborgd hebben in de contracten. Ik wil nog één ding boven water halen en dan beëindig ik mijn beantwoording. Het is een misvatting om te veronderstellen op voorhand dat de tarifering opgeteld goedkoper is. Dat staat ook nergens in het stuk, dat het ergens goedkoper wordt. Er staat wel in, dat we hiermee de kosten beheersen. Wellicht, afhankelijk van wat wij doen straks met de vaste en variabele kosten, is er wel een verdienmodel per huishouden. Als we niets doen, weten we één ding: dan lopen de kosten gierend uit de hand. Daar zijn we het allemaal over eens. Ik denk, dat iedereen het erover eens is. Met deze maatregelen gaan we in ieder geval de kosten beheersen en als het even kan, dat zal ook onze inzet zijn uiteraard, kijken of de mensen het goedkoper kunnen doen. Maar het is toch een beetje glazen bol kijken op dit moment. Met dit voorstel gaan we de uitwerkingen doen. Wellicht dat we daar meer zicht in krijgen.
De verordening zal mede bepalend zijn of we met elkaar deze stappen kunnen zetten. Ik wil voorkomen, dat per definitie deze oplossing uiteraard veel goedkoper of dat het veel voordeel oplevert t.a.v. het goedkoper wordt. Dat weten we nog niet. We hebben ook niet de belasting op restafval in handen. Dat kan zomaar veranderen. Dus ik wil even de waarschuwing geven. Wat we wel doen is, dat wij in de afvalspiegel de grootste driver, die erin zat, het grootste antwoord dat massaal gegeven is, dat de drive om dit te doen de milieuwinst is, die behaald kan worden. U kunt het
13/15
terug lezen in de spiegel. Men is gemotiveerd om aan het milieu wat te doen. U kunt het terug vinden in het rapport. Dat is de grootste driver. Laten we met elkaar dit als eerste stap zien. Met de evaluatie, die we over 2 jaar hebben, met de goede communicatie en het volgen van de technologische ontwikkeling pleit ik ervoor, dat het liefst de hele raad hier volledig achter gaat staan. Ik ben klaar. De voorzitter: Na deze nabrander, ik heb zelf al aangegeven dat het te verwachten is, dat de VVD en het CDA nog even met een item gaan komen, of het een motie of een amendement is. Met andere woorden: het zal op de agenda komen te staan. In de tussentijd heb ik de heer Muis gezien. Ik heb u genoteerd als aanwezig. 7a. Actualiteiten uit het college De voorzitter: Als ik het goed zie, is het van januari 2021. We hebben natuurlijk in februari geen vergadering gehad, maar ik ga ervan uit, dat dat nog steeds goed is, de twee memo’s. In de tussentijd is er geen reden geweest om nog een memo te sturen. Zijn er nog aanleidingen voor de leden van de commissie om er vragen over te stellen? Wethouder Arends: Nee hoor, ik ben hier voor de rondvraag. 7b. Actualiteiten uit de commissie De voorzitter: Heeft meneer Blonk of meneer Muis nog iets te melden t.a.v. de MRDH? De heer Muis, D66: Bij beiden, denk ik.
De heer Blonk en ik hebben vanavond 2,5 uur met 23 andere woordvoerders getracht te komen tot een advies op het transitieprogramma OV en corona en dat is ook gelukt. Ik kan even kort aangeven, wat wij vanuit de gemeente hebben ingebracht. Daarna zal de heer Blonk vertellen hoe het proces verder gaat. We hebben in elk geval 3 punten benadrukt. Dat waren, dat de bestuurscommissie en de adviescommissie en de raden voldoende in gelegenheid gesteld moeten worden om te kunnen adviseren, wanneer er aanvullende maatregelen nodig zijn of wanneer maatregelen worden opgeschaald of afgeschaald. Daarnaast hebben we aandacht gevraagd voor de kosten m.b.t. de sociale veiligheid. Dat is een heel grote kostenpost. In Den Haag gaan ze daar anders mee om dan in de Rotterdamse regio. Er is gevraagd dat te onderzoeken of in elk geval te leren van elkaar om te kijken of daar bezuinigingen gewonnen kunnen worden. Als derde punt hebben we naar voren gebracht de lobby. Er is een uitgebreide lobby naar het rijk om te kijken als er financieel niet bijgesprongen gaat worden, of niet of onvoldoende, of er dan wellicht ook gekeken kan worden naar een soort garantiestelling. Dat werd door meerdere andere woordvoerders ook omarmd. Deze punten zijn er allemaal ingekomen.
We hebben ook aangegeven, wat is ingebracht door mevrouw Verhoef, de vraag waarom wij zelf bezuinigen en niet inzetten op volledige compensatie. Nu is het natuurlijk zo dat ik en de heer Blonk en anderen daar zitten namens de gehele raad. Wij brengen natuurlijk ook minderheidstandpunten naar voren, maar het is dan niet zo dat ik dat in kan brengen als zou het het standpunt zijn van de gemeente Lansingerland. Dus die opmerkingen worden wel meegenomen, maar daarvoor moet de raad dat in zijn geheel vinden of in meerderheid. Overigens is de raad ook nog in de gelegenheid straks om opmerkingen mee te geven op de brief van het college. Er is nog een andere actie. Vanuit de gemeente Ridderkerk is het idee om een brief te sturen naar Den Haag. Die brief wordt door een aantal gemeenten opgesteld en zal ook naar Lansingerland toe komen. Dan kunnen wij als raad kijken of wij die brief mede willen ondertekenen en insturen. Dit even in het kort. Er valt nog heel veel meer over te zeggen. Wellicht dat de heer Blonk iets kan uitleggen over de procedure. Mevrouw Verhoef: Ik heb op zich geen vraag aan de heer Muis. Hij zei: er komt nog een brief van het college.
Ik vroeg me af, dat staat vast wel ergens in de email, maar wel handig om nu te weten: wanneer komt die brief en hoe snel moeten we daarop reageren? Gaan we daarover nog in debat? Of gaat dat ook weer schriftelijk? De heer Muis: Dat weet ik ook niet uit mijn hoofd. Misschien dat de heer Blonk dat weet. Er is een brief gestuurd door de griffie. Het lijkt me handig om via die weg naar iedereen te communiceren als het niet helder is hoe de procedure zal lopen m.b.t. die brief. De voorzitter: Er is vanochtend via de griffie het e.e.a. verzonden. Dus ik zou nog even in uw mail kijken t.a.v. dit item. Heeft u nog verdere vragen kunt u bij de griffie terecht, maar er is vanochtend wat verzonden. De heer Blonk, L3B: De heer Muis heeft heel goed verwoord wat hij namens Lansingerland heeft ingebracht. We hadden dat ook voor besproken in een mini klankbordgroep van leden van het Lansingerlandse deel van de adviescommissie vervoersautoriteit. Dat heeft hij heel goed verwoord. We zijn dus tot een goed advies gekomen in de adviescommissie. Het is wel zo, dat er op onderdelen leden een verschillende opvatting hadden. Dat is ook duidelijk in het advies opgenomen. Binnen een paar dagen zal in ieder geval die brief klaar zijn, dat gaat die naar de bestuurscommissie. Die brief komt dan ook naar ons toe, maandag zal die brief er wel zijn.
Dan kunnen jullie allemaal zien wat het advies is, dat de adviescommissie heeft uitgegeven. Dan gaat de bestuurscommissie op 24 maart een besluit nemen over het transitieprogramma. De raden kunnen nog schriftelijk input geven op die brief. Dat zijn de
14/15
belangrijkste dingen. Zodra de bestuurscommissie op 24 maart dat besluit heeft genomen over het programma, dan wordt dat ook bekend en gaat de reactie op 1 april naar het ministerie van I&W met dat programma van de metropoolregio Rotterdam Den Haag. Mijn excuus, het liep zo uit, het was ook een heel lastige vergadering. We waren pas om half tien klaar. Meneer Meester, bedankt, dat hij mijn woordvoering heeft overgenomen. En meneer Van der Stad voor de heer Muis, naar ik begrepen heb. 7c. Verbonden partijen De voorzitter: Iemand daar nog over? Nee? 8. Rondvraag en sluiting De heer Van As, VVD: Fijn, dat de wethouder er klaar voor zit. Mijn rondvraag gaat over de werkzaamheden m.b.t. Berkel centrum west. Die zijn in volle gang. Er verandert af en toe iets in de looproutes en in de opzet, allemaal logisch en verklaarbaar. Maar ik begreep van één van onze Berkelse ondernemers, dat zij weleens worden verrast door gekozen oplossingen. Die zouden anders zijn dan dat er besproken is. Of ze worden achteraf geïnformeerd over iets wat is aangepakt of veranderd. Een recent voorbeeld daarvan is de sluiting van de looproute van het Westerplein naar Achterom. Dat is van de visshop Berkel naar het restaurant Verhagen.
Aanvankelijk was vanuit de gemeente gecommuniceerd, dat dit open zou blijven, maar nu blijkt deze route afgesloten en ze hebben gehoord, dat dat permanent is, want het komt niet uit. Dat laat ik even in het midden, want dat is wat ik heb gehoord. Dit wordt dan achteraf schriftelijk mede gedeeld, hoor ik, maar dit is voor deze ondernemers niet wenselijk en niet prettig. Dus ik zou willen vragen aan het college of zij hier in ieder geval nog een keer naar willen kijken, naar de communicatie, of dat goed genoeg gaat of dat het beter kan op dit vlak. En of het mogelijk is om die looproute toch nog mogelijk te maken om ook die ondernemers in de hoek rond Verhagen daar toch te kunnen bedienen. Als ik daar loop, lijkt dat relatief makkelijk, omdat het hele stuk van bevoorrading achter de panden is, dat is er al. Het lijkt nog een klein stukje te zijn. Ik ben daar wel benieuwd naar. Wethouder Arends: Een goede vraag. Zeker als een ondernemer zich zorgen maakt, dan is het goed om dat hier in de commissie te stellen. In eerste instantie wil ik even ingaan op de verbinding van de vershoek naar Achterom. In de nieuwe situatie wordt blok 2 tegen de visshop aan gebouwd. De ruimte die nu daarvoor is afgezet met bouwhekken is nodig voor een veilige realisatie van het bouwwerk. Een doorgang op deze plek is daarom ook de aankomende 2 jaar niet mogelijk.
In de eindsituatie is hier wel een doorgang, die komt daar dan ook, maar dat is vooral voor de bewoners die boven de winkels wonen, maar dit zal niet de doorgang worden voor het winkelend publiek. Het winkelend publiek komt in de toekomst via de nieuw te maken verbinding Westersingel of via het Westenwater bij het Achterom. Qua communicatie, de verbetering van de communicatie rond het project: ik heb van meer ondernemers signalen gekregen, ook van de winkeliersvereniging. Dat heeft echt nu de volle aandacht. De communicatie naar zowel bewoners als ondernemers moet verbeterd worden. Het projectteam is recent versterkt met een communicatieadviseur. Ook het overleg met de winkeliersvereniging is geïntensiveerd. Dat als antwoord op de rondvraag van de heer Van As. De heer Van As: Ik vind het jammer om te horen, dat het niet kan. Ik kan het me niet voorstellen. Tegelijk, ik ben geen wethouder, ik ga niet op die stoel zitten. Ik wil de wethouder bedanken voor de beantwoording. Ik vind het vooral fijn om te horen, dat er actie wordt ondernomen op de communicatie, om dat zo goed als mogelijk te blijven doen. Dank u wel. De voorzitter, om 22.40 uur: Dan zijn we gekomen tot de sluiting van deze vergadering. Met name twee vergaderingen. Het zijn twee vergaderingen geweest, die veel van ons aan energie en inzet gevraagd heeft.
Ik dank u allen voor uw inzet en voor hetgeen allemaal naar voren gebracht is. Ik kijk nu naar de klok. We zijn wat later begonnen, maar we kunnen nu nog even genieten van het thuisfront. Nog een goede avond. We zien elkaar ergens in april bij de volgende commissie. Hopelijk één commissie ruimte, maar je weet maar nooit.
Verslag opgesteld door Marianne Jansen, Lothassa Secretarie, met behulp van geluidsopname.
15/15