CConstaterende datLansingerland
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlagen T22.01200 Beleidskader zonne-energie concept v26082022.pdf

Beeldvorming 21 september 2022, gemeente LansingerlandBij agendapunt: 21:00-21:45 uur-Trouwzaal-Beleidskader zon-CIE AB, geen uitzending7.567 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

CONCEPT dd. 26-08-2022

Beleidskader zonne-energie Lansingerland CONCEPT DATUM: 26-08-2022 CORSA: T22.01200

Vastgesteld door het College van Burgemeester en Wethouders van Lansingerland in haar vergadering van DATUM

Pagina 1 van 22

CONCEPT dd. 26-08-2022

Inhoud 1

2

3

4 5

6

De opgave .................................................................................................3 1.1 Het Nederlandse Klimaatakkoord ...............................................................3 1.2

Energiestrategie regio Rotterdam-Den Haag..................................................3

1.3

Lansingerland duurzaam ..........................................................................3

1.4

Lokaal beleidskader ...............................................................................4

1.5

Leeswijzer ..........................................................................................4

Kaders om rekening mee te houden ................................................................5 2.1 Nationale omgevingsvisie.........................................................................5 2.2

Klimaatplan 2021 - 2030 ..........................................................................5

2.3

Provinciaal beleid zonne-energie ...............................................................6

2.4

Energiestrategie Regio Rotterdam Den Haag .................................................7

2.5

Omgevingsvisie Lansingerland ...................................................................7

Beleidslijn 1: Focusgebieden voor zonne-energie ..............................................8 3.1 Zon op dak ..........................................................................................9 3.2

Zon op waterbassins ...............................................................................9

3.3

Zon langs infra .....................................................................................9

3.4

Zon op parkeerplaatsen ........................................................................ 11

Beleidslijn 2: Algemene uitgangspunten ........................................................ 12 Beleidslijn 3: Stimulering en ondersteuning .................................................... 16 5.1 Gemeentelijke inzet voor zon op dak ........................................................ 16 5.2

Gemeentelijke inzet voor zon op waterbassins ............................................ 18

5.3

Gemeentelijke inzet voor zon langs infra ................................................... 18

5.4

Gemeentelijke inzet voor zon op parkeerplaatsen ........................................ 18

5.5

Communicatie en samenwerking .............................................................. 18

Het proces in Lansingerland ........................................................................ 20 6.1 Beoordeling van initiatieven ................................................................... 20 6.2

Looptijd en beleidscyclus ...................................................................... 21

BIJLAGE 1 Kansenkaart zonne-energie Lansingerland ................................................. 22

Pagina 2 van 22

CONCEPT dd. 26-08-2022

1

De opgave

1.1

Het Nederlandse Klimaatakkoord

Het Klimaatakkoord uit 2019 bepaalt in belangrijke mate de Nederlandse invulling van het Klimaatverdrag van Parijs (2016). Hoofddoel is een reductie van de CO2-uitstoot in 2030 met 55% ten opzichte van 1990. Om dit doel te kunnen halen wordt onder meer ingezet op duurzame elektriciteitsproductie. In 2030 moet er in Nederland liefst 84 terawattuur (TWh) aan duurzame elektriciteit worden opgewekt. 49 TWh moet dan met windmolens op zee worden opgewekt, en 35 TWh met zon of wind op land1. Het Rijk voert zelf de regie over de opwek op zee. Voor de opwek op land heeft het Rijk de regie verplaatst naar 30 regio’s die Regionale Energie Strategieën (RES) opstellen. Deze energieregio’s maken plannen over hoe zij 35 TWh aan duurzame elektriciteitsproductie in 2030 zullen gaan realiseren.

1.2

Energiestrategie regio Rotterdam-Den Haag

Lansingerland maakt onderdeel uit van de RES Rotterdam-Den Haag. In de zomer van 2021 stelden alle2 aan de RES deelnemende partijen de 1.0 versie vast. Zo ook de gemeenteraad van Lansingerland, op 3 juni 2021. Ten aanzien van duurzame opwek gaat de RES uit van een potentieel van 2.8 tot 3.2 TWh duurzame elektriciteitsproductie in 20303. In onze energieregio zien we kansen om tot zo’n 9% van de nationale doelstelling op te lossen. Daarvoor wordt stevig ingezet op zonne-energie op daken en andere objecten die dubbel ruimtegebruik mogelijk maken. 40% van het geschikte dakoppervlak in de regio moet benut gaan worden voor zonne-energie. Daarnaast worden waterbassins benut voor drijvende zonnepaneelinstallaties en wordt er ruimte gezocht voor extra windmolens.

1.3

Lansingerland duurzaam

In de visie ‘Lansingerland Duurzaam’ (2019) beschrijven we dat we in 2050 een CO2-neutrale gemeente zijn. Om dat te kunnen bereiken, stellen we onder meer het doel om in datzelfde jaar alleen nog maar duurzaam opgewekte elektriciteit te gebruiken, waarvan 25% binnen de gemeentegrenzen wordt opgewekt. Momenteel gebruikt Lansingerland 443 GWh elektriciteit4. De verwachting is dat de elektriciteitsvraag van Lansingerland richting 2050 fors zal stijgen, tot ruim 789 GWh5. In de Uitvoeringsagenda Duurzaamheid Lansingerland 2021 wordt gevraagd om een afwegingskader zonne-energie. Daarin wordt met deze nota voorzien. De opwek van duurzame elektriciteit is in opkomst in Lansingerland. Bij particuliere woningeigenaren neemt het enthousiasme toe om het dak van hun woning te voorzien van zonnepanelen, al dan niet gefinancierd met de gemeentelijke duurzaamheidslening. Ook bedrijven komen in beweging: er is een stijgende lijn in het aantal bedrijven dat naast het 1 Het kabinet heeft de ambitie dit cijfer (naar boven toe) te herijken. 2 Met uitzondering van de gemeenteraad van Brielle 3 Zie o.a. de samenvatting van de RES 1.0 op https://www.resrotterdamdenhaag.nl/ 4 Elektriciteitsverbruik in Lansingerland in 2020, door alle bedrijven, instellingen en woningen, volgens Klimaatmonitor.

Geraadpleegd februari 2022. 5 Volgens ‘Factsheet Energiemix Lansingerland’ van bureau OverMorgen, september 2017. Daarin wordt het Lansingerlandse

electriciteitsverbruik in 2050 geschat op 2841 terajoule (TJ), wat gelijkstaat aan 789 GWh. Pagina 3 van 22

CONCEPT dd. 26-08-2022

voeren van hun core business nadenken over een zonnepaneelinstallatie op hun dak. In 2019 was 8% van het elektriciteitsgebruik in de gemeente afkomstig uit lokale duurzame bronnen 6. We zijn trots op de stappen die gezet worden, maar er valt ook nog een hoop te winnen. Zo worden er nog veel (kleine en grote) daken niet benut voor zonne-energie, en er is nog geen enkel drijvend zonnepaneel te vinden in een waterbassin van een Lansingerlandse glastuinbouwer.

1.4

Lokaal beleidskader

Om de ontwikkeling van zonne-energie te stimuleren, vinden we het belangrijk dat wij als gemeente duidelijk zijn over wat wij wel en niet als wenselijk zien. Zonne-energie kan namelijk op verschillende manieren worden toegepast en heeft ruimtelijke of landschappelijke consequenties. In dit beleidskader beschrijven we welke voorkeuren voor zonne-energie wij hebben. We willen zoveel mogelijk zonne-energie, daar waar er nadelige ruimtelijke of landschappelijke consequenties zijn (te verwachten), benoemen we kaders en uitgangspunten. Dit doen we door zogenoemde ‘focusgebieden’ aan te wijzen. Bij de bepaling van die focusgebieden haken we aan bij de keuzes die eerder op regionaal niveau zijn gemaakt over de zoekgebieden voor elektriciteit. Ook zijn de Lansingerlandse kernkwaliteiten, zoals verwoord in onze Omgevingsvisie 1.0, hierbij van groot belang geweest. Voorliggend document is voor een belangrijk deel een ruimtelijk beleidskader. Het is voor particulieren, bedrijven en ontwikkelaars het handelingsperspectief voor het opzetten van kleinere of grotere zonprojecten in Lansingerland. Aanvullend geven we aan welke activiteiten wij als gemeente zelf ontplooien, om de ontwikkeling van zonne-energie te stimuleren.

1.5

Leeswijzer

In hoofdstuk 2 vatten we kort samen wat er in dit beleidskader staat, door de belangrijkste keuzes weer te geven. Met hoofdstuk 3 schetsen we de belangrijkste beleidscontext, waarna we in hoofdstuk 4 de eerste beleidslijn beschrijven; die over waar wij de focus op leggen bij de ontwikkeling en stimulering van zonne-energie in Lansingerland. In hoofdstuk 5 geven we aan welke algemene uitgangspunten daarvoor gelden en hoofdstuk 6 gaat in op de activiteiten die wij zelf ondernemen. Hoofdstuk 7 sluit af met een korte blik op hoe wij om willen gaan met projectinitiatieven en hoe de beleidscyclus voor dit kader eruitziet.

6 volgens Klimaatmonitor. Geraadpleegd februari 2022.

Pagina 4 van 22

CONCEPT dd. 26-08-2022

2

Kaders om rekening mee te houden

2.1

Nationale omgevingsvisie

In de Nationale Omgevingsvisie (NOVI, 2020) is opgenomen dat zonnepanelen op daken of zonneweiden in landelijk gebied met lage landschappelijke, ecologische of landbouwkundige waarden de voorkeur hebben. Het Rijk acht het van belang dat gemeenten en provincies in hun eigen beleid een integrale afweging maken waarmee projecten beoordeeld kunnen worden. Het Rijk heeft op basis van deze algemene bepaling afspraken gemaakt met het Interprovinciaal Overleg (IPO), Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en maatschappelijke organisaties over de voorkeursvolgorde, over het ontzien van landbouw- en natuurgronden en het stimuleren van zon op daken. Wel stelt het Rijk vast dat, om aan de gestelde energiedoelen te voldoen, het zo kan zijn dat ook locaties in het landelijk gebied nodig zijn. Ook in dat geval gaat de voorkeur uit naar het zoeken van slimme functiecombinaties. Hoewel natuur- en landbouwgebieden daarbij niet volledig worden uitgesloten, ligt de voorkeur bij gronden met een andere primaire functie dan landbouw of natuur, zoals waterzuiveringsinstallaties, vuilnisbelten, binnenwateren, overhoeken of bermen van spoor- en autowegen. Op 20 mei 2022 zond het kabinet de zogenoemde ‘’Zonnebrief’’ naar de Tweede Kamer, waarmee het haar speerpunten en randvoorwaarden voor de verdere ontwikkeling van Zon-PV in Nederland uiteenzet.

Meer zon op dak, multifunctioneel ruimtegebruik en transportcapaciteit op het, zijn daarin belangrijke onderwerpen. Decentrale beleidskaders moeten een grote rol spelen bij het mogelijk maken van concrete zonprojecten.

2.2

Klimaatplan 2021 - 2030

Het klimaatplan geeft landelijke richtlijnen voor de ontwikkeling van zonnevelden. Een duurzaam energiesysteem vraagt meer ruimte dan een fossiel systeem. Ruimte is in Nederland, waar elke vierkante meter al een (of meerdere) bestemming(en) heeft, niet vanzelfsprekend. Een goede ruimtelijke aanpak van de transitie, inclusief het maken van de juiste ruimtelijke keuzen, is een voorwaarde voor het behalen van de klimaatdoelstellingen. Via efficiënte inpassing, bijvoorbeeld door verschillende functies op een plek te combineren en aan te sluiten bij bestaande ruimtelijke structuren en patronen, wordt het ruimtebeslag van de transitie beheersbaar. De decentrale overheden gebruiken de RES om maatschappelijke partijen en omwonenden bij de lokale planvorming te betrekken en draagvlak te vergroten. Gezamenlijk doel is dat uiterlijk op 1 januari 2025 alle aangevraagde benodigde vergunningen zijn afgegeven en dat in voorkomende gevallen tenders voor uitgifte van projecten zijn afgerond met het oog op de tijdige realisatie van de opgave. Om voldoende volume te waarborgen en uitval van projecten te compenseren zal daarbij in de RES'en en Omgevingsvisies meer ruimte worden gezocht en ingepland. Voor kostenreductie is het essentieel dat er een voortdurende, stabiele en voorspelbare pijplijn aan projecten bestaat.

Het uitgangspunt is dat er in 2025 voor minimaal 35 TWh een SDE+-subsidie is aangevraagd.

Pagina 5 van 22

CONCEPT dd. 26-08-2022

Participatie en acceptatie worden in het Klimaatplan van groot belang geacht voor de ruimtelijke inpassing en exploitatie van (grootschalige) energieprojecten. De initiatiefnemer van een energieproject doorloopt een proces om te komen tot een wenselijke en haalbare vormgeving van participatie. Het bevoegd gezag controleert dat marktpartijen en de omgeving hierover het gesprek aangaan. Afspraken met de omgeving worden vastgelegd in een omgevingsovereenkomst. Op basis hiervan wordt een projectplan gemaakt waarin wordt beschreven hoe binnen het project participatie optimaal wordt ingericht. Dit vertaalt zich in een evenwichtige eigendomsverdeling in een gebied waarbij gestreefd wordt naar 50% eigendom van de productie van de lokale omgeving (burgers en bedrijven).

2.3

Provinciaal beleid zonne-energie

De provincie wil het opwekken van zonne-energie ondersteunen, maar ook het landschap en de onbebouwde ruimte in Zuid-Holland beschermen. De provincie heeft kaders opgenomen in de Provinciale Omgevingsvisie voor de inpassing in de omgeving. Zonne-energie binnen bestaand stads- en dorpsgebied De provincie wil het gebruik van zonne-energie actief faciliteren en ondersteunen, omdat zonne-energie een groeiende bijdrage levert aan de productie van hernieuwbare energie. Voorop staat de voorkeur voor meervoudig ruimtegebruik, zoals het benutten van daken en overige geschikte functies. In een provincie waarin onbebouwde ruimte een schaars en waardevol goed is, is een terughoudende benadering van zonnevelden in die open ruimte op zijn plaats, in combinatie met een stimulerende benadering voor zonnepanelen en warmtecollectoren op daken. In de bebouwde omgeving ziet de provincie naast de daken meer kansen voor meervoudig ruimtegebruik, zoals parkeerterreinen, sport- en recreatievoorzieningen (bermen van) wegen of terreinen waar bestemmingen wel zijn vastgelegd maar vooralsnog niet zijn gerealiseerd. Zonne-energie buiten bestaand stads- en dorpsgebied Zonnevelden sluiten andere functies op dezelfde plaats nagenoeg uit. Ze hebben in beginsel een duidelijke invloed op de kwaliteit van het landschap en beperken de ruimte voor voedselproductie.

De provincie heeft een terughoudende benadering van zonnevelden in die open ruimte. Er worden proeven gedaan met zonnevelden boven kwekerijen, maar dit is nog geen gemeengoed. Zonnevelden buiten bestaand stads- en dorpsgebied vindt de provincie in beginsel toelaatbaar op een aantal type locaties: Agrarische bouwblokken. Zij hebben een bebouwingsbestemming. Het is derhalve logisch om naast benutting van daken ook ruimte te bieden voor zonnepanelen op het nog voor bebouwing onbenutte deel van het bouwblok. Locaties die vallen onder de bestemming infrastructuur. Het betreft hier bermen en taluds van rijks- en provinciale wegen, spoorwegen en parkeerplaatsen. Zonnepanelen en infrastructuur sluiten door hun ‘technische’ uitstraling goed op elkaar aan, zeker bij geluidschermen. Voormalige stortplaatsen, slibdepots en spaarbekkens. Zij bieden kansen voor meervoudig ruimtegebruik in combinatie met zonnevelden.

Pagina 6 van 22

CONCEPT dd. 26-08-2022

Daarnaast biedt de provincie in beperkte mate en onder voorwaarden mogelijkheden voor zonnevelden op de volgende locaties: Locaties in glastuinbouwgebied. Realisering van een zonneveld is mogelijk, mits dit geen verdringend effect heeft op de functie glastuinbouw. Dit sluit tevens aan bij de provinciale ambitie om de energiehuishouding in de glastuinbouwgebieden in grote mate verder te verduurzamen. Locaties in stads- en dorpsranden In stads- en dorpsranden liggen kansen voor zonnevelden nabij het energienetwerk. Dit geldt ook voor het tijdelijk benutten van locaties waar een stedelijke functie is bestemd, maar waar die bestemming om diverse redenen vooralsnog niet wordt gerealiseerd. Locaties in combinatie met een windturbinepark. Een zonneveld in combinatie met een windturbinepark kan technisch en economisch gunstig zijn vanuit energieopwekking, -opslag en – distributie. Windparken en zonnevelden hebben verschillende ruimtelijke effecten en grondgebruik.

2.4

Energiestrategie Regio Rotterdam Den Haag

In de RES 1.0 heeft de opwek van duurzame elektriciteit door middel van zon een prominente rol gekregen. De volledige opgave valt niet alleen op daken te realiseren waardoor een deel ook op land en water een plek zal moeten krijgen. Duurzame opwek van elektriciteit met zon legt daarmee een ruimtelijke claim op de toch al schaarse ruimte. Toch zijn er kansen. Door het slim combineren van functies, zoals zonnepanelen op waterbassins naast kassen en het overkappen van parkeerplaatsen, is een aanzienlijke bijdrage aan de regionale ambitie te realiseren. Om richting te geven aan de zoektocht naar geschikte locaties, benoemt de RES enkele kansrijke gebieden. Het is aan de gemeenten die partij zijn in de RES om deze – nog vrij abstracte – zoekgebieden door te vertalen naar lokaal beleid. In Lansingerland leggen we daarvoor in eerste instantie de koppeling tussen de RES en onze eigen Omgevingsvisie, en maken we vervolgens een concretiseringslag met voorliggend beleidskader.

2.5

Omgevingsvisie Lansingerland

In de Omgevingsvisie van Lansingerland staan enkele belangrijke ambities, kernwaarden en ruimtelijke uitgangspunten die richting moeten geven aan de ontwikkeling van Lansingerland op lange termijn. De keuzes die we met de Omgevingsvisie gemaakt hebben, werken direct door in de keuzes die we maken over zonne-energie. Zo benoemen we in de Omgevingsvisie enkele gebieden waarvan we het groene en open karakter willen behouden, en/of de natuurlijke en recreatieve waarden ervan willen versterken. Zonne-energie valt hier niet of nauwelijks in te passen. Dat geldt ook voor een groot deel van de linten. Tegelijkertijd benoemen we in de Omgevingsvisie op hoofdlijnen ook waar we wél mogelijkheden zien voor zon: met name op daken en waterbassins. Op die uitgangspunten wordt voortgeborduurd in dit beleidskader.

Pagina 7 van 22

CONCEPT dd. 26-08-2022

3 Beleidslijn 1: Focusgebieden voor zonne-energie Bij de voorbereiding van de 1.0 versie van de RES is in de zoektocht naar zoekgebieden onder andere gekeken naar de draagkracht van het landschap. Het landschappelijke karakter van de steden, dorpen en de omliggende gebieden is het vertrekpunt, waarbij open landschappen worden ontzien. Ten tijde van de raadsbehandeling van de RES 1.0 in Lansingerland constateerden we7 dat er veel raakvlak is tussen de voorkeuren die onze inwoners hebben voor de inpassing van zonneenergie in onze gemeente, en de RES zoekgebieden voor zonne-energie die binnen onze gemeentegrenzen liggen. De ontwikkeling van zonne-energie in Lansingerland moet ruimtelijk verantwoord zijn, en moet logisch volgen uit de in de Omgevingsvisie beschreven kernkwaliteiten van onze gemeente. Dat betekent onder meer dat we het groen in onze omgeving naar een hoger niveau brengen, en daar erg zuinig op zijn. In de visie beschrijven we op hoofdlijnen ook een voorkeursvolgorde: eerst zon op dak en pas als het echt niet anders kan, wijken we onder vooraf vastgestelde voorwaarden uit naar grondgebonden zon. We kijken naar wat er mogelijk is, en stellen niet onze elektriciteitsvraag voorop. Dat betekent dat we vanuit het genoemde draagkrachtprincipe kijken naar wat er wel en niet mogelijk is in onze gemeente.

Daarnaast zoeken we aansluiting bij de opvattingen die onze inwoners hebben over de ruimtelijke mogelijkheden die onze gemeente biedt voor dit vraagstuk. Draagvlak voor de energietransitie is namelijk onmisbaar voor het welslagen daarvan. In het verlengde van het voorgaande komen wij tot een viertal ‘focusgebieden’, met een totaal opwekpotentieel van 153,5 Gigawattuur (GWh). In deze focusgebieden zien wij de grootste kans voor de ruimtelijk verantwoorde ontwikkeling van zonne-energie: -

op daken, zowel de kleine particuliere daken als de grote bedrijfsdaken; opwekpotentieel: 132 GWh op waterbassins in het glastuinbouwgebied; opwekpotentieel: 2,1 GWh langs infrastructurele lijnen; opwekpotentieel: 14,7 GWh op parkeerplaatsen; opwekpotentieel: 4,7 GWh

7 bij raadsvoorstel BR2100007 dd. 3 juni 2021 waren gevoegd de resultaten van het BurgerPanel Lansingerland Peilt

(T21.02662) en de resultaten van de Swipocratie app (T21.02661), waarmee inzichten over voorkeuren van inwoners over de inpassing van zon en wind werden opgehaald. Pagina 8 van 22

CONCEPT dd. 26-08-2022

3.1

Zon op dak

Lansingerland kent naast particuliere woningdaken veel (grote) bedrijfsdaken die nu nog niet benut worden voor de opwek van zonne-energie8. Zon op dak is het meest voor de hand liggende voorbeeld van dubbel ruimtegebruik, waar wij in dit dichtbebouwde gebied zeker de voordelen van zien. De Lansingerlandse gemeenteraad committeert zich met de vaststelling van de RES 1.0 aan de regionale ambitie om 40% van het geschikte dakoppervlakte in 2030 benut te hebben voor zonne-energie. Voor Lansingerland betekent dit dat van de 330 GWh totale potentie, wij 132 GWh als ambitie voor 2030 aanhouden. Voor daken zijn zonnepanelen geschikt, maar ook zonneboilers zijn mogelijk. Hiermee kan warmte worden opgewekt. Ook een combinatie van opwek van elektriciteit en warmte is denkbaar met een PVT-paneel.

3.2

Zon op waterbassins

3.3

Zon langs infra

Lansingerland kent een omvangrijk glastuinbouwgebied. Veel van de kassen in onze gemeente zijn voorzien van een waterbassin, waarin regenwater wordt opgevangen. Deze bassins liggen verhoogd en bieden kansen voor drijvende zonnepaneelinstallaties, zonder dat daarmee afbreuk wordt gedaan aan de uitstraling van het gebied. In Lansingerland hebben we circa 46.000 m2 waterbassins. 30% daarvan schatten we in als bruikbaar, waarmee het opwekpotentieel voor dit focusgebied uitkomt op 2,1 GWh.

Door de industriële uitstraling van (rijen) zonnepanelen, zijn deze om landschappelijke redenen niet overal gewenst. We vinden dat deze uitstraling echter wel kan passen bij de functionele uitstraling van de infrastructurele lijnen in Lansingerland. Daarbij gaat het om de hoofdinfrastructuur, te weten de A12, N-wegen, het HSL-tracé en gemeentelijke hoofdwegen. Het gedeelte van de verlengde A16 dat binnen onze gemeentegrenzen valt, valt buiten de scope. Daar wordt namelijk waar mogelijk al voorzien in zonnepanelen, om de tunnelbak energieneutraal te maken. Van de vier focusgebieden is dit de meest diverse, in die zin dat er meerdere toepassingen denkbaar zijn voor de opwek van zonne-energie langs infrastructurele lijnen. We onderscheiden er vier, voorzien van een indicatie van de opwekpotentie: zon op veld / grondgebonden zon; opwekpotentieel: 6,6 GWh zon op talud; opwekpotentieel: 0,3 GWh zon op geluidscherm; opwekpotentieel: 1,9 GWh zon op water; opwekpotentieel: 5,9 GWh

8 uit onderzoek van stichting Energieke Regio (november 2021) blijkt dat er in Lansingerland 850 onbenutte daken zijn, waar

minimaal 40 zonnepanelen op geplaatst kunnen worden. Pagina 9 van 22

CONCEPT dd. 26-08-2022

Zon op veld Groenstroken langs wegen, zoals het groen in klaverbladen, oksels van snelwegen, in wegbermen en op overige restruimtes langs infrastructuur lenen zich voor het plaatsen van grondgebonden opstellingen van zonnepanelen. Deze grond is veelal functioneel in gebruik als groenvoorziening, groene buffer tussen infrastructuur en bebouwing of agrarische grond. Middenbermen lijken maar beperkt mogelijkheden te bieden voor zonnepanelen. Middenbermen op rijkswegen zijn vaak niet breed genoeg en gemeentelijke middenbermen zijn vaak voorzien van bomen en in bepaalde gevallen ingericht als ecologische zone. Afhankelijk van het type weg/spoor is een bepaalde afstand tot infrastructuur nodig. Geleiderails bieden als voordeel t.o.v. een obstakelvrije ruimte dat zonnepanelen dichter op de weg geplaatst kunnen worden en het benutbare oppervlak dus groter is. Voor grootschalige grondgebonden zon (zonneweides) is maar beperkt ruimte in Lansingerland. In onze linten en groengebieden sluiten we die volledig uit. Als gemeente in het midden van de Randstad worden wij geconfronteerd met veel ruimtevragende maatschappelijke opgaven, terwijl de beschikbare ruimte zeer schaars is. Dat betekent keuzes maken. Voor zonne-energie vinden we het dan logischer om te sturen op dubbel ruimtegebruik, en grote zonneweides passen daar niet bij.

Zon op talud Wanneer wegen of spoorlijnen verhoogd of verdiept aangelegd zijn, ontstaan taluds welke zich – mits juist georiënteerd ten opzichte van de zon en met een gunstige hellingshoek – lenen om te bedekken met zonnepanelen. Deze vaak lange en smalle taluds, kennen in de regel geen andere functie, waardoor de combinatie met zonnepanelen hier steeds vaker wordt toegepast. Ook geluidswallen naast infrastructuur kennen gelijke fysieke kenmerken. De hoogteligging bepaalt mede wat er mogelijk is aan ruimtelijke inpassing van zonnepanelen. Bij verdiepte wegligging zal net als bij zon op restruimtes een geleiderail of obstakelvrije zone nodig zijn. Panelen zorgen mogelijk voor schittering en kunnen de verkeersveiligheid negatief beïnvloeden. Bij een verhoogde ligging van de infrastructuur speelt dit niet, maar zijn de panelen voor de omgeving juist zichtbaar. Zon op geluidsscherm Veel infrastructuur is uitgerust met objecten ten behoeve van het verhogen van de verkeersveiligheid (vangrails, verlichting) of juist om de overlast van geluid of zicht op spoorof wegverkeer voor de omgeving te beperken (geluidsschermen). Omdat het realiseren van een zonne-energiesysteem op geluidsschermen afhankelijk is van de vervanging of het toevoegen van nieuwe locaties met geluidsschermen, hangt de haalbaarheid grotendeels af van de medewerkingsbereidheid van de weg- of railinfrabeheerder.

Zon op water Drijvende zonnestroomsystemen zijn in Nederland na zon op dak en grondgebonden zon de meest voorkomende toepassing van opwek van zonne-energie. Deze techniek wordt steeds vaker toegepast en kent doorgaans een gunstige businesscase. Ook is er nog volop aandacht voor innovaties. Binnen het nationaal consortium Zon op Water wordt er veel kennis opgedaan en uitgewisseld over deze toepassing met als doel een versnelling aan te brengen aan de innovatie en implementatie van zon op water. Zo worden bijvoorbeeld de effecten op de biodiversiteit en natuurwaarden onderzocht, de levensduur en betrouwbaarheid van systemen getest en het multifunctionele ruimtegebruik van drijvende zonneparken verder verkend. Het Pagina 10 van 22

CONCEPT dd. 26-08-2022

betreft hier enkel de waterpartijen die naar ligging of naar functie horen bij een infrastructurele lijn in de gemeente. In deze categorie vallen dus niet de waterbassins die we apart beschrijven. Ook natuur- en recreatieplassen vallen buiten scope.

3.4

Zon op parkeerplaatsen

Parkeerplaatsen hebben een functioneel karakter waar de industriële uitstraling van zonnepaneelinstallaties passend bij kan zijn. Daarnaast zijn parkeerplaatsen steeds vaker gebieden die gebruikt worden om groen een plek te geven en zo bij te dragen aan de omgevingskwaliteit en klimaatadaptatie. We zien kansen om de grotere parkeerterreinen in de gemeente te overkappen met een zonnepaneelinstallatie. Lansingerland kent zo’n 254.000 m2 aan openbare parkeerplaatsen die groter zijn dan 500 m2. 30% van dit oppervlakte achten we benutbaar voor de realisatie van zonne-energie. Daarvan ambiëren we dat 40% wordt voorzien van zonnepanelen. Dit maakt het opwekpotentieel voor dit focusgebied 4,7 GWh. Voor zon op parkeerplaatsen benadrukken we dat wij de realisatie daarvan op korte termijn niet van de grond zien komen. Dat heeft te maken met een tweetal zaken: 1) de business case en 2) landschappelijke voorwaarden. Ten aanzien van de business case merken we op dat er slechts een handvol overkapte parkeerterreinen in Nederland voor de opwek van zonne-energie zijn gerealiseerd9. Voor de rentabiliteit zijn grote parkeerterreinen nodig, en de constructie waarop de panelen komen te liggen is kostbaar. Naast de business case zien wij potentiële landschappelijke bezwaren.

Voordat wij medewerking gaan verlenen aan initiatieven, willen wij door middel van een separaat toetsingskader duidelijk maken onder welke landschappelijke voorwaarden zon op een parkeerplaats kan worden toegestaan.

9 Merosch en CEDelft leverden in juni 2021 in opdracht van RVO het onderzoeksrapport ‘De zonnige kant van parkeren

Een inspirerend inzicht in de mogelijkheden die parkeerruimtes bieden voor de opwekking van zonnestroom’ op, te vinden via https://www.rvo.nl/sites/default/files/2021/08/De-zonnige-kant-van%20parkeren-definitieve-rapportage.pdf Pagina 11 van 22

CONCEPT dd. 26-08-2022

4 Beleidslijn 2: Algemene uitgangspunten We hebben in het vorige hoofdstuk focusgebieden aangewezen. Daar zien wij in Lansingerland de grootste kansen voor de ontwikkeling van zonne-energie. Het is echter niet zo dat zonneenergie in die focusgebieden in alle situaties zonder meer kan worden toegestaan. Wij hanteren de volgende algemene uitgangspunten die niet alleen moeten helpen de kwaliteit van een concreet initiatief te bepalen, maar ook richting moeten geven aan het eigen gemeentelijke handelen bij het stimuleren van de bredere ontwikkeling van zonne-energie. Deze uitgangspunten passen wij toe wanneer een initiatief in strijd is met het bestemmingsplan, en er een omgevingsvergunning nodig is. Voor zonprojecten die vergunningvrij zijn (zon op dak) 10 of in overeenstemming met het bestemmingsplan dan wel het omgevingsplan, is toepassing van deze uitgangspunten niet aan de orde. Sturen op gebouw- en objectgebonden zonne-energie In Lansingerland is onbebouwde ruimte schaars. Als gemeente willen we dat de opwek van zonne-energie zoveel mogelijk plaatsvindt op daken. Ook zien we vormen van opwek van zonne-energie die zijn geïntegreerd in objecten als wenselijk, bijvoorbeeld in of op gevels.

Met deze uitgangspunten stimuleren we dubbel ruimtegebruik, combineren we functies en zetten we de zeer beperkt beschikbare ruimte in Lansingerland zo goed mogelijkheid om meerdere maatschappelijke opgaven het hoofd te kunnen bieden. Sturen op ruimtelijke kwaliteit en functioneel grondgebruik Als gemeente hechten we veel belang aan het behoud van ruimtelijke kwaliteit. We definiëren ruimtelijke kwaliteit als de combinatie van belevingswaarde, functionele waarde en toekomstwaarde. Daar waar er sprake is van een initiatief voor grondgebonden zon, willen wij de negatieve effecten zoveel als mogelijk beperken, door te eisen dat: het zonneveld naast het opwekken van energie in een nevenfunctie voorziet; minimaal 10% van het oppervlak van het zonneveld bestemd is voor landschappelijke inpassing van het zonneveld, waarbij de inpassingsrand rondom is minimaal 7,5 meter breed is; de bodem dusdanig beschermd wordt dat de grond na 25 jaar weer bruikbaar is voor andere doeleinden, waaronder voedselproductie; voor de inpassing wordt gebruik gemaakt van inheemse beplanting en kruiden. De zoom draagt bij aan herstel van de insectenstand in de gemeente, iets waar wij als bij-vriendelijke gemeente veel waarde aan hechten.

10 Onder de Omgevingswet blijft dit zo. Voor meer info: https://iplo.nl/thema/bouw/bouwen-vergunning-

melding/zonnecollectoren-zonnepanelen-dak/. Hier komt bij dat het mogelijk zal zijn om in het omgevingsplan meer bouwwerken zoals zonnepanelen vergunningsvrij te maken. Bij het opstellen van het omgevingsplan zal dit onderzocht worden. Pagina 12 van 22

CONCEPT dd. 26-08-2022

Zonneweides ongewenst in waardevolle natuur-, recreatie,- en agrarische gebieden De gemeente Lansingerland kent meerdere hoogwaardige natuur-, recreatie, - en agrarische gebieden. In onze Omgevingsvisie benoemen we deze gebieden 11, en geven daarvoor aan dat we het groene en open karakter ervan willen behouden, en/of de natuurlijke en recreatieve waarden ervan willen versterken. Gebieden die in de Omgevingsvisie 1.0 staan aangemerkt als waardevol door het groene en open karakter, willen we zo houden. Daar staan we dus geen (grote of kleinere) zonneweides toe. Daarnaast benoemen we in de Omgevingsvisie enkele specifieke gebieden: Rottezoom, Bleiswijkse Fles, Bleiswijkse Zoom, Groenzoom, Hoge en Lage Bergse Bos, Hoeksepark Oost en West en de Landscheiding. Deze gebieden bieden naar onbebouwd oppervlakte weliswaar mogelijkheden voor zonneweides, maar toch willen wij deze gebieden hiervan vrijwaren. De ruimtelijke kwaliteit en belevingswaarde van deze gebieden is immers zeer hoog. De realisatie van zonnevelden leidt hier tot een onwenselijke afname van deze kwaliteit. De effecten van zonnevelden zijn in deze gebieden niet (voldoende) te beperken of te compenseren. Zonneweides ongewenst in de linten Voor de ruimtelijke en landschappelijke kwaliteit van onze gemeente hechten wij grote waarden aan de linten.

Het zijn vanuit de cultuurhistorie de dragers van de ruimtelijke structuur van onze gemeente en het ontstaan van de drie kernen. In de Omgevingsvisie 2.0 worden de linten meer specifiek opgenomen en worden aangemerkt als waardevol door het groene karakter en cultuurhistorische betekenis. Dat willen we zo houden en daarom zijn (grote of kleinere) zonneweides hier niet toegestaan. Reststroken Reststroken zijn stukken grond waarvoor het moeilijk dan wel onmogelijk is daaraan een hoogwaardige en functionele invulling te geven. Door het karakter of de situering van die grond, speelt het geen belangrijke rol (meer) meer in ordening- en inrichtingvraagstukken. Hiervan kan bijvoorbeeld sprake zijn wanneer een stuk grond ingeklemd ligt tussen andere functies of bebouwing, of wanneer over, op of langs de grond (energie)infrastructuur loopt, waarvoor richtafstanden gelden. Op reststroken zijn zonneweides onder voorwaarden mogelijk. Netcongestie De netbeheerder heeft te maken met steeds meer schaarste op het elektriciteitsnet. Daarnaast is er sprake van een aantal afhankelijkheden, zoals de plan- en strategievorming van TenneT, het tempo van de energietransitie en schaarste in eigen personeel, middelen en tijd.

Om netcongestie zoveel mogelijk te voorkomen is het nodig om nieuwe projecten efficiënt aan te sluiten, door deze bijvoorbeeld te ontwikkelen nabij aansluitpunten of door het aftoppen van pieken. Dat wat lokaal opgewekt wordt, dient bij voorkeur ook lokaal verbruikt te worden. Zo wordt voorkomen dat de elektriciteit alsnog getransporteerd moet worden met extra belasting op het net als gevolg. Op projectniveau is het van belang om in een vroeg stadium de details van het project te bespreken met de netbeheerder, met name over de aansluitbaarheid. Zo houden we het geheel planbaar en investeerbaar.

11 Zie o.a. het kaartmateriaal op pagina’s 43 en 63, en ook de teksten in paragraaf 3.2.2, van de Omgevingsvisie 1.0.

Pagina 13 van 22

CONCEPT dd. 26-08-2022

Groen en ecologie De in onze Omgevingsvisie omschreven waarden van groen en ecologie, betekent ook dat wij vinden dat de installatie van zonnepanelen op geen enkele wijze afbreuk mag doen aan de vastgestelde groenstructuur, bomenstructuur en ecologische netwerken van Lansingerland. Voor ieder initiatief dat zich bevindt in een gebied dat onderdeel uitmaakt van deze structuren, zal bepaald worden of van afbreuk al dan niet sprake is. Uit het voorgaande volgt ook dat met dit beleidskader een eerder door het college ingenomen beleidsuitgangspunt12 herbevestigd wordt: de aanwezigheid van zonnepanelen of de wens deze aan te brengen is geen reden voor het kappen of het drastische snoeien van vitale bomen. Gemeentelijke grond De situatie dat gemeentelijke gronden beschikbaar komen en geschikt worden geacht voor de installatie van grondgebonden zonnepanelen komt maar beperkt voor. Slechts op gronden waarvoor geen andere passende invulling wordt gevonden, bijvoorbeeld met het oog op bereikbaarheid of omdat het een zogenoemde ‘reststrook’ is, wordt nagedacht over grondgebonden zonnepanelen. Naast de voornoemde uitgangspunten ten aanzien groen, ecologie en verkeersveiligheid, hanteren we nog de volgende uitgangspunten bij het bepalen of een infinitief voor zonnepanelen op gemeentegrond kan worden toegestaan: Ondergrondse infrastructuur moet altijd bereikbaar blijven.

Borging sociale veiligheid; sociale zichtlijnen mogen niet belemmerd worden door zonnepanelen. Machinaal onderhoud moet veilig en goed kunnen worden uitgevoerd. Er dient dus voldoende werkgang aanwezig te zijn en versnippering van groenstroken moet worden voorkomen. Verkeersveiligheid Onder geen enkele omstandigheid mag de verkeersveiligheid in het geding komen door de plaatsing van zonnepaneelinstallaties langs infrastructurele lijnen in Lansingerland. Dit speelt met name wanneer zonnepanelen op maaiveldniveau worden geïnstalleerd en door schittering voor afleiding kunnen zorgen. Daarnaast dient er bij alle wegen een obstakelvrije zone in acht te worden genomen (minimale vrije ruimte vanaf de rijbaan) waarbij we uitgaan van de ASVVrichtlijnen en mogen zonnepanelen in het geval van een calamiteit de bereikbaarheid van de infrastructuur voor hulpdiensten niet belemmeren. Ook mogen zonnepanelen, als gevolg van totale bouwhoogte inclusief constructie of hun situering, de zichtlijnen die noodzakelijk worden geacht voor de verkeersveiligheid, niet belemmeren. Participatie In het Klimaatakkoord zijn afspraken gemaakt over participatie. Het primaire doel van deze afspraken is het verkrijgen van draagvlak en acceptatie voor hernieuwbare elektriciteitsprojecten op land. We onderscheiden twee vormen van participatie; proces participatie en financiële participatie/lokaal eigendom.

Met procesparticipatie bedoelen we dat de initiatiefnemer actief aan de slag gaat met participatie van de omgeving van het zonproject. Dit stellen we als voorwaarde, wanneer een ruimtelijke procedure moet worden doorlopen om een project mogelijk te maken.

12 Zie o.a. collegebesluit BW1400313 dd. 18-02-2014.

Pagina 14 van 22

CONCEPT dd. 26-08-2022

Ook kan er financieel geparticipeerd worden, door middel van het gedeeltelijk eigenaar worden van de installatie, of door bijvoorbeeld het opzetten van een omgevingsfonds, participaties in de vorm van aandelen of obligaties en/of het goedkoop afnemen van groene stroom. Financiële participatie is van gemeentezijde niet afdwingbaar, en vaak enkel mogelijk wanneer een park voldoende opbrengsten genereert, wat alleen bij grotere zonneweides het geval is. Aan initiatiefnemers vragen wij een participatieplan op te stellen. Dit participatieplan maakt onderdeel uit van het concept van het integrale plan voor de ontwikkeling, wat aan de gemeente in de vorm van een principeverzoek zal worden voorgelegd. De gemeente zal dit beoordelen en aangeven of daarmee het proces van verdere uitwerking kan worden gestart. In het participatieplan moet in ieder geval worden ingegaan op welke wijze het proces om te komen tot zo veel mogelijk draagvlak wordt georganiseerd. In het participatieplan moet omschreven worden hoe wordt omgegaan met de volgende elementen: • Transparantie van de plannen, overleg met de omgeving; • Participatiemogelijkheid in de planvorming; • Participatiemogelijkheid in de financiële zin; • Participatiemogelijkheid in de vorm van eigenaarschap / zeggenschap; • Eventuele bijdrage in een gebiedsfonds;

Pagina 15 van 22

CONCEPT dd. 26-08-2022

5 Beleidslijn 3: Stimulering en ondersteuning Het zijn vooral onze inwoners, bedrijven, de lokale energiecooperatie en commerciële ontwikkelaars die over gaan tot de realisatie van zonprojecten in Lansingerland. De gemeente is geen ontwikkelaar, en ziet zichzelf vooral als aanjager, facilitator en verbinder in de context van deze opgave. Vanuit die rol ontplooien wij zelf wel activiteiten die bij moeten dragen aan de bredere ontwikkeling van zonne-energie in Lansingerland. Langs de lijn van de in hoofdstuk 3 beschreven focusgebieden, ontplooien wij de volgende activiteiten waarbij wij het evenwicht trachten te bewaren tussen de minimaal noodzakelijk geachte inzet enerzijds en de beperkt beschikbare ambtelijke capaciteit anderzijds:

5.1

Gemeentelijke inzet voor zon op dak

Duurzaamheidslening Sinds maart 2021 is de duurzaamheidslening actief. Dit is een revolverend fonds waaruit particuliere woningeigenaren een laagrentende lening kunnen verkrijgen ter verduurzaming van hun woning. Ook zonnepanelen kunnen hiermee gefinancierd worden. Sinds de openstelling van de regeling zien we dat het leeuwendeel van de verstrekte leningen bedoeld zijn voor zonnepaneelinstallaties op particuliere daken. We voorzien met de duurzaamheidslening in een behoefte en continueren die dan ook de komende jaren. Waar nodig en mogelijk, breiden we de regeling uit. Bedrijfsdaken De gemeentelijke inzet ter ondersteuning van ondernemers bij het realiseren van zonnepaneelinstallaties staat nog in de kinderschoenen. De aanwezigheid van grote distributiecentra biedt kansen om veel zonnepanelen op daken te installeren. Ook al zien we veel enthousiasme onder ondernemers om daarmee (vrijwel autonoom, los van overheidsinzet) aan de slag te gaan, is er ook nog veel onbenut dakpotentieel. Eigenaren van onbenutte daken gaan we actief benaderen. We bieden hen ondersteuning aan bij het verkrijgen van inzicht in de (financiële) mogelijkheden die hun dak biedt, en bieden desgewenst ook bredere ondersteuning in het traject richting realisatie van zon op dak. Uit de brief van de Minister voor Klimaat en Energie d.d.

20 mei 2022 over stimulering van duurzame energieproductie blijkt dat het kabinet ernaar streeft om vanaf 2025 de volgende verplichting op te leggen: nieuwe utiliteitsgebouwen met een dakoppervlak groter dan 250 m2 moeten het volledige dak gebruiken of laten gebruiken voor de opwek van hernieuwbare energie zoals zonne-energie (zonnestroom, zonnewarmte of een combinatie daarvan). Onder utiliteitsgebouwen worden alle gebruiksfuncties verstaan behalve woningen. Daarnaast heeft het kabinet het voornemen om gemeentes bij bestaande utiliteitsbouw de volgende mogelijkheid toe te kennen: in het omgevingsplan kan de gemeenteraad de verplichting opnemen dat daken met een oppervlak van 250 m2 of meer volledig benut worden voor zonnepanelen. De streefdatum van inwerkingtreding van deze bevoegdheid is 2024. Op korte termijn zijn er dus geen verplichtingen (mogelijk) voor zonnepanelen op daken en blijven wij ons richten op ontzorging en enthousiasmering. Pagina 16 van 22

CONCEPT dd. 26-08-2022

Gemeentelijke daken Als gemeente willen we een concrete bijdrage leveren aan het lokaal opwekken van energie. Naast het scheppen van (beleidsmatige) randvoorwaarden om andere partijen hiertoe in staat te stellen, willen we hier ook een praktische bijdrage aan leveren door ons gemeentelijk vastgoed te (laten) gebruiken voor het opwekken van zonne-energie. Daken die in eigendom én beheer van de gemeente zijn, zijn op dit moment niet meer beschikbaar voor zonne-energie. De bestaande daken die daarvoor geschikt zijn, zijn namelijk reeds voorzien van zonnepanelen die worden gebruikt voor de energievoorziening van het betreffende pand. Het potentieel van onze daken wordt op dit moment dus volledig benut. Ook eventuele nieuwe gemeentelijke daken worden in de regel voorzien van zonnepanelen ten behoeve van het eigen energieverbruik van het betreffende pand. Wij verwachten dan ook dat nieuwe gemeentelijke daken in de toekomst maar zeer beperkte mogelijkheden bieden voor de exploitatie van zonnepanelen door derden. De situatie dat er in de toekomst een gemeentelijk dak beschikbaar komt voor derden, valt echter niet uit te sluiten. Om te bepalen hoe wij de dan beschikbare ruimte aan willen wenden voor zonne-energie, hanteren wij het volgende afwegingskader.

Voor geschikt dakoppervlak geldt het specifieke uitgangspunt dat we deze zoveel als mogelijk (laten) benutten voor de opwek van duurzame energie middels zonnepanelen. Een gemeentelijk dak is geschikt als de draagconstructie berekend is op extra belasting als gevolg van de zonnepanelen en de installatie van de panelen financieel-economisch verantwoord is. Dit laatste betekent in ieder geval dat er voldoende dakoppervlakte beschikbaar is en dat het installatiemoment van de zonnepanelen in relatie tot de levensduur van de bestaande dakbedekking niet leidt tot onevenredig hoge vervangings- of installatiekosten voor de gemeente. Om te bepalen wie er in aanmerking komt om zonnepanelen te leggen en te exploiteren op gemeentelijke daken, hanteren wij een voorkeursvolgorde. In eerste instantie installeren wij als gemeente zelf zonnepanelen met als doel te voorzien in het eigen elektriciteitsverbruik van het betreffende complex. Zo blijven we werken aan de bredere verduurzaming van het gemeentelijk vastgoed. Indien wij als gemeente ervoor kiezen een geschikt dak niet zelf van zonnepanelen te voorzien, dan stellen we deze beschikbaar aan onze inwoners. Zo bevorderen we de lokale opwek van duurzame energie, ook door mensen die zelf wellicht geen geschikt dak hebben.

Beschikbaarstelling van het dak aan bewoners doen we alleen indien die inwoners zich hebben verenigd (bijvoorbeeld als coöperatie) en in die hoedanigheid voldoende panelen kunnen installeren en exploiteren zodat het betreffende gemeentelijke dak ten volle benut wordt. Dat wil zeggen dat er na beschikbaarstelling geen onbenut geschikt dakoppervlakte over kan blijven. In het geval gemeente noch bewoners een gemeentelijk dak wil of kan voorzien van zonnepanelen, dan overwegen wij deze beschikbaar te maken voor commerciële exploitatie. Dit heeft onze laatste voorkeur maar zal wel worden overwogen indien het onbenut blijven van geschikt dakoppervlakte anders een reëel risico is.

Pagina 17 van 22

CONCEPT dd. 26-08-2022

5.2

Gemeentelijke inzet voor zon op waterbassins

Wij sluiten aan bij een regionaal opgezette projectstructuur om te komen tot pilotprojecten voor zon op waterbassins. Greenport West-Holland en EnergieSamen werken samen met de glastuinbouwgemeenten uit onze RES-regio aan een breed gedragen versnellingsaanpak. We dragen onder andere financieel bij aan de inhuur van een programmanager die richting geeft aan de ontplooiing van activiteiten om gefaseerd (eerst pilotprojecten, daarna doorontwikkeling) te komen tot circa 300 regionale projecten zon op waterbassins in 2030. We bezien ook in hoeverre gemeentelijke regelgeving, waaronder het bestemmingsplan, in de weg staat aan deze ontwikkeling en hoe we eventuele belemmeringen kunnen wegnemen.

5.3

Gemeentelijke inzet voor zon langs infra

5.4

Gemeentelijke inzet voor zon op parkeerplaatsen

Voor het gedeelte van de A12 dat in Lansingerland ligt, bekijken we samen met andere gemeenten of de A12 onderdeel gemaakt kan worden van het zogenoemde OER-programma van Rijkswaterstaat. Met dit programma wil RWS haar areaal onder voorwaarden beschikbaar maken voor de energietransitie. Ten aanzien van het HSL-tracé zien wij potentie, maar achten die niet op de korte en middellange termijn realiseerbaar omdat hier recent afspraken over nieuwe geluidwerende schermen zijn gemaakt met de spoorbeheerder. Voor het resterende gedeelte van de Lansingerlandse infrastructuur wachten wij initiatieven van derden af, faciliteren die waar mogelijk en toetsen die aan de hand van de uitgangspunten uit dit beleidskader.

In RES verband zijn meerdere parkeerplaatsen in onze gemeente geïdentificeerd die potentie herbergen om te overkappen en te voorzien van zonnepanelen. De business case voor zon op een parkeerterrein is in de meeste gevallen slecht, waardoor er weinig interesse voor is. Voor bestaande overkappingen geldt in veel gevallen dat de constructie niet geschikt is voor de installatie van zonnepanelen. Nieuw op te richten constructies hebben een forse impact op de lokale beeldkwaliteit. Wij willen eerst meer inzicht in welke locaties financieel, landschappelijk en stedenbouwkundig ontwikkelbaar zijn, voor we hier een actieve inzet op plegen en initiatieven toestaan. Concreet betekent dit dat we gaan werken aan een separaat toetsingskader voor zon op parkeerplaatsen.

5.5

Communicatie en samenwerking

Communicatie Naast deze activiteiten die specifiek gericht zijn op bepaalde focusgebieden, ontplooien wij als gemeente ook meer ‘overstijgende’ of algemene activiteiten. Het gaat in eerste instantie over een communicatiestrategie die wij voor de bredere energietransitie inzetten. Deze is erop gericht om onze inwoners en ondernemers blijvend enthousiast te maken voor dit onderwerp, hen te informeren over financiële en technische mogelijkheden en hen aan te zetten tot actie. Deze communicatie gaat dus over veel onderwerpen, maar ook over het stimuleren van zonne-energie in de gemeente.

Pagina 18 van 22

CONCEPT dd. 26-08-2022

Energie coöperatie Goed om te benadrukken is de samenwerking met de lokale energiecooperatie Nieuwe Lansinger Stroom (NLS). Al jaren werken gemeente en NLS samen op meerdere onderwerpen die de energietransitie raken. NLS is ook actief ontwikkelaar van eigen zonprojecten. Daar waar mogelijk ondersteunen wij NLS bij hun activiteiten en beschouwen hen als een partij die ook een ontwikkelende rol kan vervullen bij de ontwikkeling van zonprojecten op grote daken, waterbassins en parkeerterreinen, en in die gevallen waar de eigenaar daar zelf geen interesse in heeft maar wel bereid is het object beschikbaar te stellen aan derden. Andersom vervult NLS (onder andere online, maar ook via een fysieke Energiewinkel) een waardevolle rol in het communiceren over de energietransitie. Zo stuurt NLS meerdere vrijwillig werkende energiecoaches aan die keukentafelgesprekken voeren over onderwerpen als isolatie en zonnepanelen.

Pagina 19 van 22

CONCEPT dd. 26-08-2022

6

Het proces in Lansingerland

Zonnepanelen op daken zijn in veel gevallen omgevingsvergunningsvrij. Dat houdt in dat zij onder bepaalde voorwaarden zonder omgevingsvergunning geplaatst kunnen worden. Een toetsing van het initiatief aan het bestemmingsplan en in de toekomst het omgevingsplan vindt dan niet plaats. In die gevallen waar een omgevingsvergunning voor de aanleg van zonnepanelen wél nodig is én sprake is van strijd met het bestemmingsplan dan wel omgevingsplan, hanteren we het volgende proces om initiatieven passend te kunnen beoordelen.

6.1

Beoordeling van initiatieven

Met de voorgenomen inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1 januari 2023 komen er ook de nodige veranderingen ten aanzien van het verlenen van omgevingsvergunningen bij (complexe) initiatieven. Om de nieuwe manier van werken in goede banen te leiden, gaat de gemeente Lansingerland werken met het model van de intaketafel en de omgevingstafel. Dit beschouwen we als een effectief model van vooroverleg, ook wel ‘omgevingsoverleg’ genoemd:

Ook zonprojecten worden via dit proces door ons beoordeeld, waar al tijdens de intaketafel beschouwd zal worden hoe het project zich verhoudt tot de uitgangspunten uit dit beleidskader. Dit is de eerste fase van het proces. Bij de omgevingstafel zelf zullen derden worden betrokken.

Pagina 20 van 22

CONCEPT dd. 26-08-2022

6.2

Looptijd en beleidscyclus

Onder de Omgevingswet krijgt de gemeente nieuwe kerninstrumenten 13. Deze zijn geënt op de zogenoemde beleidscyclus, zie onderstaand schema. De Omgevingsvisie behelst het strategische beleid voor de langere termijn en is integraal van aard. Vaststelling ervan is de bevoegdheid van de gemeenteraad. Daarnaast kan het college zogenaamde programma’s vaststellen. Het omgevingsplan bevat de algemene regels op gemeentelijk niveau. Het Beleidskader Zonne-energie is op grond van artikel 3.5 van de Omgevingswet een programma. Een programma bevat voor een of meer onderdelen van de fysieke leefomgeving: a. een uitwerking van het te voeren beleid voor de ontwikkeling, het gebruik, het beheer, de bescherming of het behoud daarvan, b. maatregelen om aan een of meer omgevingswaarden te voldoen of een of meer andere doelstellingen voor de fysieke leefomgeving te bereiken. De hooflijnen van het beleid zoals vervat in het Beleidskader Zonne-energie staan in de Omgevingsvisie 1.0. Onderhavig kader is hiervan een uitwerking. Daarnaast bevat het kader een aantal maatregelen. Als programma is het beleidskader dus een doorontwikkeling van een aantal relevante beleidskeuzes die in de Omgevingsvisie 1.0 zijn gemaakt.

Op basis van het beleidskader kan de uitvoering plaats gaan vinden: zonprojecten worden mogelijk gemaakt, en ook vanuit de gemeente worden er maatregelen getroffen om relevante doelen te kunnen behalen. In de cyclus is terugkerend aandacht voor monitoring en evaluatie, wat betekent dat ook de in dit beleidskader opgenomen beleidskeuzes onderhevig zijn aan constante bijstelling en aanscherping, waar dat nodig wordt geacht.

13 Meer informatie is te vinden via: https://iplo.nl/regelgeving/instrumenten/

Pagina 21 van 22

CONCEPT dd. 26-08-2022

BIJLAGE 1 Kansenkaart zonne-energie Lansingerland

Pagina 22 van 22

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Lansingerland&id=8685b6e0-f886-4454-b73a-1c7066bf746d