Raadsvoorstel & besluit
Tekst van het document
Raadsvoorstel Portefeuillehouder:
Wethouder E. Heinrich
Datum B&W vergadering
2 februari 2021
Documentkenmerk:
behorende bij zaak:
Aan de raad,
Onderwerp: Actualisatie MIP (meerjaren investeringsplan) 2021-2024
Voorgesteld raadsbesluit/c.q. beslispunten 1.
Het aangepast Meerjaren Investeringsplan (MIP) voor 2021-2024 vast te stellen;
2.
In afwijking van Nota Activabeleid 2019 met ingang van 2021 voor nieuwe investeringsbedragen de voor Infrastructuur te hanteren afschrijvingstermijn te wijzigen van 25 in 30 jaar;
3.
Met ingang van 2021 een reserve kapitaallasten in te stellen.
Wettelijke grondslag voor raadsbevoegdheid Gemeentewet Art. 189
Inleiding Aanleiding Met voorliggende actualisatie van het “Meerjaren Investeringsplan” (verder: MIP) wordt invulling gegeven aan de begroting 2021. In deze begroting is een kapitaallastenlimiet ingevoerd voor de jaren 2021 tot en met 2024. De financiële situatie van onze gemeente noopte (helaas) tot het invoeren van zware maatregelen waaronder dus het instellen van een kapitaallastenlimiet. Kader Kaders m.b.t. instellen kapitaallastenreserve: De bestemmingsreserve mag alleen worden gevoed door ontstane overschotten kapitaallasten als gevolg van bijvoorbeeld vertraging van projecten. Aanwending van de reserve mag alleen om knelpunten in kapitaallasten te dekken uit hoofde van door de raad vastgestelde wijzigingen in het MIP of bijvoorbeeld tussentijdse kredietbesluiten. Kaders m.b.t. verlengen afschrijvingstermijn infrastructuur: Hiervoor gelden de kaders zoals gesteld in de BBV. Doelstelling/beoogd resultaat In de begroting 2021 is berekend welke besparing het invoeren van de kapitaallastenlimiet van € 300.000 per jaar oplevert. Deze besparingen zijn vervolgens gebruikt in de berekeningen om de financiën van onze gemeente voor de jaren 2021-2024 in balans te houden. Het doel van dit voorstel is dan ook om deze besparingen te realiseren. Mochten deze besparingen immers niet gehaald worden, ontstaat er direct een “gat” in de begroting.
Na vaststelling van de begroting 2021 is er een nieuw MIP opgesteld, rekening houdend met de vastgestelde kapitaallastenlimiet. In voorliggend voorstel is het MIP dusdanig “gemaximaliseerd” dat de bezuinigingsopgave wordt gehaald. Het MIP resulteert in een overschot of een tekort in de verschillende jaren, de overschotten kunnen gebruikt worden om de schommelingen te egaliseren middels een in te stellen bestemmingsreserve. Daarom stellen wij uw raad voor om tegelijk met het MIP een bestemmingsreserve kapitaallasten in te voeren. Door de schommelingen te egaliseren heeft deze aanpassing van het MIP geen gevolgen voor de algemene middelen.
Raadsvoorstel Het opnemen van stelposten voor projecten waar nog geen definitief besluit over is genomen, om die ruimte voor de toekomst te reserveren, is met de huidige kapitaallastenlimiet niet meer te handhaven. Het herprioriteren van projecten heeft ook gevolgen voor de ambtelijke uren die aan deze projecten worden toegerekend. Door de in te stellen bestemmingsreserve is het mogelijk om ook jaarlijks deze ambtelijke uren onder te brengen bij de projecten in het voorliggende MIP. Dit zorgt er voor dat er geen ambtelijke uren ongedekt blijven. Ondanks deze maximalisatie zijn er veel projecten doorgeschoven buiten de looptijd van 2025. Het hanteren van deze kapitaallastenlimiet is dan ook een maatregel die niet toekomstbestendig is. De huidige techniek maakt de technische levensduur van infrastructurele werken langer, waardoor de afschrijvingstermijn, zoals opgenomen in de Nota Activabeleid 2019, verlengd kan worden van 25 naar 30 jaar. Deze wijziging leidt tot een lagere jaarlijkse kapitaallasten.
Argumenten en afweging Bepaald is in de begroting 2021, dat de kapitaalslasten gelimiteerd worden tot € 300.000 per jaar. Het huidige MIP zat daar boven en daarom zijn de projecten opnieuw geprioriteerd. In bijlage 3 (Overzicht verschil in projecten MIP begroting 2021 en actualisatie MIP 2021 t/m 2024) wordt aangegeven welke projecten in het MIP begroting 2021 staan en welke projecten in het geactualiseerde MIP komen op basis van de bezuinigingen en her-prioritering (per project is aangegeven waarom deze een hogere prioriteit hebben). Daarnaast is aangegeven welke projecten zijn uitgesteld tot na 2024 of zijn wegbezuinigd. In het maken van een afweging welk project welke prioriteit heeft, is rekening gehouden met het volgende: •
Technische staat van riool en/of weg
•
De mate waarin met geringe inspanning de levensduur opgerekt kan worden
•
De afspraken die inmiddels al gemaakt zijn vanuit participatieve trajecten
In de lopende begrotingsperiode zal een nieuwe planning gemaakt moeten worden voor de uitgestelde projecten startende vanaf 2025. In het algemeen dient opgemerkt te worden dat de risico’s voor het uitstellen van deze projecten beheersbaar zijn voor de lopende begrotingsperiode. Het kan niet uitgesloten worden dat bepaalde projecten toch een sneller verval laten zien waardoor deze mogelijk toch eerder uitgevoerd moeten worden. Daarnaast is het te verwachten dat onderhoudskosten en herstelkosten van projecten kunnen stijgen door verder uitstel. Als laatste dient opgemerkt te worden dat een dergelijke hoeveelheid projecten niet in een korte periode ingehaald kan worden, in verband met beschikbare capaciteit, en over meerdere jaren uitgesmeerd moet worden. Risico’s Zoals bij de argumenten is aangegeven nopen de beperkte financiële middelen tot het uitstellen van veel projecten. Deze uitgestelde projecten zijn geen “luxe” projecten. Door het uitstellen gaan we er vanuit dat we de levensduur nog verder kunnen oprekken. Opgemerkt wordt hierbij, dat de bij de aanleg gehanteerde verwachtte levensduur bij de meeste projecten al ruimschoots is overschreden. Inschatting is dat dit niet direct tot grote problemen zal leiden. Natuurlijk wordt het risico op het zich voordoen van incidenten wel groter.
Goed voorbeeld hiervan is de riolering; ieder jaar dat een oud riool niet vervangen wordt, stijgt de kans dat er schade optreedt waardoor het zijn functie verliest. In een dergelijke situatie zal het riool met spoed gerepareerd dienen te worden en vervolgens alsnog geheel vervangen dienen te worden. Met het nu voorliggende MIP wordt gepoogd om de onafwendbare stijging van dit risico zo minimaal mogelijk te houden. Op de langere termijn is de ingestelde kapitaallastenlimiet niet houdbaar. Het tempo van de projecten gaat met deze limiet dusdanig naar beneden dat de risico’s ieder jaar toenemen. De komende 4 jaar schuiven we projecten door die technisch gezien wel uitgevoerd moeten worden. Er wordt als het ware een “achterstand” opgebouwd die ook weer ingehaald zal moeten worden. Als het om wat voor reden dan ook niet lukt om in de toekomst deze inhaalslag weer te maken dan zullen de incidentele kosten op een gegeven moment duurder worden dan de hogere kapitaallasten voor het uitvoeren van de projecten.
Raadsvoorstel Financiële aspecten
Met ingang van 2021 een reserve kapitaallasten in te stellen In afwijking van de Nota Activabeleid 2019 met ingang van 2021 voor nieuwe investeringsbedragen de voor Infrastructuur te hanteren afschrijvingstermijn te wijzigen van 25 in 30 jaar
Reserve kapitaallasten 2021
154.215
toevoeging
2022
-7.177
onttrekking
2023
20.256
toevoeging
2024
-53.163
onttrekking
Stand kapitaallastenreserve eind 2024 uitgaand van MIP 2021-2024
114.132
Het MIP wordt twee keer per jaar (bij perspectiefnota en begroting) geactualiseerd. Hierdoor staan de toevoegingen en onttrekkingen niet vast. Dit hangt af van het surplus of tekort dat ontstaat naar aanleiding van de actualisatie. Aan de hand van dit MIP is de bovenstaande berekening gemaakt. Er is ruimte in de kapitaallastenreserve voor knelpunten, bijvoorbeeld om de financiële gevolgen op te vangen als de investeringen niet precies lopen zoals gepland, waardoor de lopende begroting niet steeds hoeft te worden bijgesteld. De bestemmingsreserve mag alleen worden gevoed door ontstane overschotten kapitaallasten als gevolg van bijvoorbeeld vertraging van projecten. Aanwending van de reserve mag alleen om knelpunten in kapitaallasten te dekken uit hoofde van door de raad vastgestelde wijzigingen in het MIP of bijvoorbeeld tussentijdse kredietbesluiten. Duurzaamheid Het voorstel kent geen duurzaamheidsaspecten. Uitkomsten advies en inspraak: nvt Communicatie nvt
Publiekssamenvatting Met actualisatie van het “Meerjaren Investeringsplan” (verder: MIP) wordt invulling gegeven aan de begroting 2021. In deze begroting is een kapitaallastenlimiet ingevoerd voor de jaren 2021 tot en met 2024. De financiële situatie van onze gemeente noopte (helaas) tot het invoeren van zware maatregelen waaronder dus het instellen van een kapitaallastenlimiet. Het MIP is belangrijk omdat daarin de projecten staan genoemd waar financiële dekking voor is. Met het vaststellen van het MIP door de gemeenteraad kan de organisatie de projecten uitvoeren en heeft de raad de kredieten beschikbaar gesteld aan uw college.
Bijlagen B1. Nieuwe MIP 2021-2024 na doorvoering alle maatregelen B2. Invulling taakstelling KB 21 B3. Overzicht verschil in projecten MIP begroting 2021 en actualisatie MIP 2021 t/m 2024 U wordt uitgenodigd tot besluitvorming over te gaan. Met vriendelijke groet, namens het college van burgemeester en wethouders van Landsmeer,
Raadsvoorstel
Drs. D.D. (Dennis) Straat
Ing. S.A.D.C. (Sabine) van Geffen
Burgemeester
Gemeentesecretaris
Raadsbesluit Portefeuillehouder:
Wethouder E. Heinrich
Datum raadsvergadering
25 maart 2021
Documentkenmerk:
behorende bij zaak:
De raad van de gemeente Landsmeer Gelezen het raadsvoorstel van het college, voorstelnummer: 827298346581520 behorende bij zaak: 4316-2021 Gehoord de behandeling in de oordeelsvormende sessie van de raad.
Raadsbesluit 1. 2.
ntb ntb
De raad van de gemeente Landsmeer, De griffier
De voorzitter