Raadsinformatiebrief 8164-2022:599492 Voortgang prioriteiten project ‘Allen voor Een’
Tekst van het document
Raadsinformatiebrief Landsmeer Ter kennisneming Datum B&W vergadering
29 maart 2022
Portefeuillehouders
Burgemeester L. de Lange Wethouder M. Elfferich
Documentkenmerk
8164-2022:599492 behorende bij zaak: 8164-2022
Bijlage(n)
Er zijn geen bijlagen.
Onderwerp:
Voortgang prioriteiten ‘Allen voor Een’
Aan de raad van Landsmeer, Inleiding In 2019 is binnen de regio Zaanstreek-Waterland het project ‘Allen voor Een’ gestart. In dit regionale samenwerkingsverband bundelen de zeven gemeenten en partners die werkzaam zijn in de zorg, veiligheid en het sociaal domein de krachten. Doelstelling is om met een integrale, domein overstijgende aanpak de veiligheid (structureel) te herstellen en tijdige(r) en passende(r) zorg te verlenen aan kwetsbare inwoners uit de regio. Gezamenlijk streven is om zoveel mogelijk aan de voorkant van de problematiek te komen, door middel van preventie en vroegtijdige signalering. Hiermee kan worden voorkomen dat de problematiek verergert of dat personen afglijden naar overlast of criminaliteit. In dit schrijven wordt ingegaan op de actuele ontwikkelingen en resultaten van ‘Allen voor Een’. Prioriteiten De prioriteiten van ‘Allen voor Een’ worden gesteld op basis van de ontwikkelingen in de omgeving (“van buiten naar binnen werken”). De thema’s die op dit moment met prioriteit worden opgepakt, zijn: 1)
Mensenhandel
2)
Zorg- en Veiligheidshuis
3)
Huiselijk geweld en kindermishandeling
4)
Kind- en Gezinsbescherming
5)
Informatiedeling (open source intelligence)
6)
Personen met verward (of onbegrepen) gedrag
7)
Regionale overlegstructuur
De voortgang op deze thema’s wordt in deze raadsinformatiebrief op hoofdlijnen toegelicht. Ook wordt ingegaan op de onderwerpen die een extra impuls krijgen dankzij diverse regionale subsidieaanvragen van ‘Allen voor Een’, die eind 2021 zijn gehonoreerd. Uitnodiging verdiepingssessie Op 3 juni 2022, van 9.30 tot 12.30 uur, vindt een verdiepingssessie Zorg en Veiligheid plaats voor bestuurders en nieuwe raadsleden, waarin nader zal wordt ingegaan op de diverse thema’s en de regionale overlegstructuur van ‘Allen voor Een’. De bijeenkomst start in theater ‘De Purmeryn’ (Waagplein 1 in Purmerend) en u bent hiervoor van harte uitgenodigd. Uitgangspunten Binnen ‘Allen voor Een’ werken gemeenten en partners op basis van gezamenlijke uitgangspunten. Het adagium “Lokaal Tenzij” staat centraal in de aanpak. Gemeenten en partners zetten in op de bewustwording bij inwoners en professionals op niveau van wijken en buurten. Bedoeling is om problemen vroegtijdig in beeld te krijgen en escalatie te voorkomen (“kleine dingen klein houden”). Er wordt gestreefd naar
eerdere signalering, eigen regie van betrokkenen en een laagdrempelige route voor inwoners. Daarbij wordt gebruik gemaakt van hun sociale netwerk, ervaringsdeskundigen, sociale wijkteams, persoonsgerichte aanpakken, etc. Met deze beweging kan een kanteling worden gemaakt; van repressie naar preventie. Het lokale veld heeft de regie op de aanpak van de casuïstiek in het eigen werkgebied en werkt daarbij samen met inwoners, maatschappelijke organisaties en lokale partners. Afhankelijk van de complexiteit van de problematiek worden bovenlokale samenwerkingsverbanden benut om een doorbraak te realiseren en kennis en ervaring te delen. Te denken valt aan Veilig Thuis en de netwerkorganisatie Zorg- en Veiligheidshuis. Daarbij wordt gewerkt vanuit het principe van systeemgericht werken: één gezin, één plan en één regisseur. De behoeften van de kwetsbare personen om wie het gaat, staan centraal in de aanpak, met aandacht voor hun omgeving en naasten. Inzet is dat cliënten ook zoveel mogelijk zelf de regie hebben in de aanpak. Personen die zich niet bewust zijn van hun onveiligheid, geen “zorgvraag” hebben, zorgmijdend zijn of niet in staat zijn hun vraag goed te formuleren, worden door professionals geholpen om hun behoeften zo goed mogelijk kenbaar te maken.
Dit alles vraagt een domein overstijgende benadering, onder heldere regie van gemeenten en met gezamenlijk eigenaarschap van partners uit de zorg, veiligheid en het sociaal domein. Verschillen in taal en cultuur en begrenzingen van organisaties en regelgeving, moeten worden doorbroken om daadwerkelijk de leefwereld van de kwetsbare personen centraal te zetten. Het vraagt dan ook een lange adem om de samenwerking en resultaten te verankeren. Inmiddels is de projectfase afgesloten en is ‘Allen voor Een’ geborgd in de lijn. Op diverse thema’s wordt daadwerkelijk een merkbaar verschil gemaakt voor kwetsbare inwoners en een werkbaar verschil voor professionals uit de regio Zaanstreek-Waterland, zoals toegelicht in de volgende paragrafen. Het samenwerkingsverband ‘Allen voor Een’ in Zaanstreek-Waterland blijkt ook een inspiratiebron te zijn voor het land. Zo is in de landelijke agenda Zorg & Veiligheid - perspectief 2025 vermeld: “In de regio Zaanstreek-Waterland hebben gemeenten samen met partners uit het zorg- en veiligheidsdomein de handen ineengeslagen om te werken aan het uitgangspunt één gezin, één plan en één regisseur om betere ondersteuning te bieden aan (kwetsbare) inwoners”
Resultaten Ad. 1
Regionaal beleidsplan Mensenhandel
Nieuw thema binnen de samenwerking ‘Allen voor Een’ is de aanpak van mensenhandel. Hieronder valt seksuele uitbuiting, arbeidsuitbuiting en criminele uitbuiting. Reden om deze problematiek gezamenlijk op te pakken, is dat mensenhandel een complex, grensoverschrijdend én domein overstijgend vraagstuk betreft, dat een gezamenlijke, integrale aanpak vraagt met regie vanuit de burgemeesters en betrokken wethouders. Hoewel het beeld nog niet volledig is omdat nog (lang) niet alle signalen worden gezien en vastgelegd, lijkt sprake te zijn van een toename in ernst en omvang, zowel in de grotere als kleinere gemeenten in de regio. De impact op kwetsbare inwoners en hun naasten is groot en de problematiek raakt diverse maatschappelijk opgaven van gemeenten. Dit vraagt om urgentie voor de gezamenlijke aanpak. In februari 2022 heeft het regionaal Bestuurlijk Overleg Zorg en Veiligheid op hoofdlijnen ingestemd met het regionaal beleidsplan mensenhandel van de regio Zaanstreek-Waterland. Daarmee wordt voldaan aan de landelijke afspraken die gemaakt zijn in het programma ‘Samen tegen Mensenhandel’ en het Interbestuurlijk Programma (IBP). Daarin komt tot uiting dat elke gemeente in 2022 een duidelijke aanpak mensenhandel moet hebben, geborgd in het gemeentelijk beleid.
In het regionaal beleidsplan wordt ingegaan op de aard en omvang van de problematiek mensenhandel in de regio Zaanstreek-Waterland, geïllustreerd met een aantal praktijkvoorbeelden. Hieruit blijkt dat een goede aanpak van mensenhandel kan bijdragen aan diverse maatschappelijke opgaven waarvoor de gemeenten in de regio zich gesteld zien, zoals: •
Het zorgdragen voor een leefbare en veilige woon- en werkomgeving.
•
Het bevorderen van de mentale en lichamelijke gezondheid, zowel voor volwassenen als kinderen.
Pagina 2 van 7
•
Het terugdringen van ongelijkheid (o.a. wat betreft toegang tot huisvesting, zorgaanbod, waardering werk, etc.).
Gelet op de aard en omvang van de problematiek, wordt ervoor gekozen om in deze regio prioriteit te geven aan de aanpak van seksuele uitbuiting, arbeidsuitbuiting en criminele uitbuiting onder jongeren. In het beleidsplan worden deze vormen van mensenhandel nader toegelicht. In het jaar 2021 zijn 23 signalen van mensenhandel in Zaanstreek-Waterland opgepakt door de zorgcoördinator mensenhandel. Dit betreft signalen waarbij na interventie door de zorgcoördinator nog zou kunnen blijken dat er volgens de definitie1 (nog) geen sprake is van mensenhandel. Hiernaast waren negen slachtoffers bekend die in 2021 een melding of een aangifte hebben gedaan bij de politie of bij de Inspectie SZW. Het grootste deel (24 van totaal 32) had betrekking op seksuele uitbuiting. Overigens is sprake van een ‘dark number’ omdat lang niet alle signalen worden gezien en vastgelegd. Uit onderzoek van het WODC (2021)2 blijkt dat de geschatte aantallen vermoedelijke slachtoffers drie à vier keer hoger liggen dan feitelijk waargenomen. De doelstellingen, waaraan de gemeenten hun bijdrage willen leveren, zijn: •
Het voorkomen van mensenhandel.
•
Het vergroten van de bewustwording, signaleren en beëindigen van mensenhandel.
•
Het bieden van passende hulp aan slachtoffers van mensenhandel.
•
Het voorkomen van herhaald slachtofferschap of daderschap.
In het regionaal beleidsplan is op hoofdlijnen beschreven wat het aandeel van gemeenten en andere partners kan zijn en welke actoren hier specifiek een rol in (kunnen) spelen. Daarbij wordt zoveel mogelijk aangesloten bij de bestaande (organisatie)structuren, lopende ontwikkelingen op lokaal en (boven)regionaal niveau en de uitgangspunten van de regionale samenwerking ‘Allen voor Een. Overigens betekent de aanpak van Mensenhandel wel een aantal nieuwe partners, waarmee de samenwerking wordt opgepakt. Voor de aanpak van arbeidsuitbuiting zijn bijvoorbeeld ook de sectoren bouwen/wonen en economie relevant. Gemeenten zijn in de aanpak van mensenhandel verantwoordelijk voor preventie, signalering, handhaving, veiligheid en zorg, op basis van vier rollen: ➢ ➢ ➢
➢
Signaleerder: gemeenten zijn door het dagelijks contact met burgers de oren en ogen in de samenleving, waarbij signalen van mensenhandel kunnen worden opgevangen. Beleidsmaker: als beleidsmakers zijn gemeenten verantwoordelijk voor het opstellen van een plan voor een sluitende aanpak, waarin alle gemeentelijke taken worden opgenomen. Regisseur van de integrale aanpak: gemeenten zijn met al hun taken en verantwoordelijkheden de aangewezen partij om regie in handen te nemen en partijen bij elkaar te brengen voor samenwerking die zowel bestuurlijk als strafrechtelijk van aard is. Opdrachtgever voor de opvang van en hulpverlening aan slachtoffers van mensenhandel.
Inmiddels wordt gewerkt aan een activiteitenplan Mensenhandel 2022 e.v., dat medio dit jaar wordt voorgelegd aan het regionaal Bestuurlijk Overleg Zorg en Veiligheid. Daarin wordt nader ingegaan op: de meldroute, de vergroting van de bewustwording bij burgers en voorlichting van professionals, de inrichting van privacy en gegevensdeling, het bestuurlijk, juridisch kader en de organisatie van de hulp en opvang aan slachtoffers. Intentie van de zeven gemeenten in de regio is om op deze gebieden zoveel mogelijk de krachten te bundelen. Hiertoe zal een aantal concrete voorstellen worden gedaan. Vanuit de rijksbijdrage Doel Uitkering Vrouwenopvang (DUVO) 2022 is hiervoor budget gereserveerd door het regionaal Bestuurlijk Overleg Zorg en Veiligheid. Mochten aanvullende middelen nodig zijn, wordt dat voorafgaand aan de regionale besluitvorming voorgelegd aan de colleges. Als het gaat om de meldroute en de aanpak van mensenhandel op niveau van casuïstiek, is de uitwerking belegd bij de netwerkorganisatie Zorg- en Veiligheidshuis (ZVH) Zaanstreek-Waterland.
1 De definitie van mensenhandel is het werven, vervoeren, overbrengen, opnemen of huisvesten van een persoon, met gebruik van
dwang (in brede zin) en met het doel die persoon uit te buiten. 2 WODC rapport Multiple Systems Estimation Slachtoffers Mensenhandel Nederland 2016-2019, november 2021 Pagina 3 van 7
Ad. 2
Zorg en Veiligheidshuis Zaanstreek-Waterland
Sinds december 2009 kent de regio Zaanstreek-Waterland een Zorg- en Veiligheidshuis (ZVH ZaWa). Primaire gedachte van de netwerkorganisatie ZVH ZaWa is dat de aangesloten organisaties zich tezamen inzetten voor duurzame oplossingen van de meest complexe (multi)problematiek waarbij sprake is van veiligheidsrisico’s. Het gaat van oorsprong om problematiek op het snijvlak van zorg en veiligheid, waarbij een keten overstijgende inzet nodig is om een doorbraak te creëren. Eind 2020 heeft in het Bestuurlijk Overleg Zorg en Veiligheid een herijking van de uitgangspunten van het ZVH ZaWa plaatsgevonden. Onder meer zijn afspraken gemaakt over de aansturing, werkwijze, de te behandelen casuïstiek, de taakverdeling lokaal-regionaal, de kennisdomeinen, convenanttaken en convenantpartners van het ZVH. Ook is besloten om het ZVH onder te brengen bij een gemeente in de regio. Vanaf medio 2021 is het beheer ondergebracht bij de gemeente Zaanstad. In dit kader is een dienstverleningsovereenkomst opgesteld tussen de beheergemeente en de regiogemeenten. Bovendien hebben alle convenantpartners een hernieuwde samenwerkingsovereenkomst en privacy protocol afgesloten. Naar aanleiding van de nieuwe koers en resultaten van het ZVH ZaWa in 2021, zijn in het bestuurlijk overleg Zorg en Veiligheid ambities geformuleerd voor de toekomst.
Onder meer zal een extra impuls worden gegeven aan: voorlichting en PR (over de functies en instroomcriteria van het ZVH ZaWa), de ondersteuning van het lokale veld, de doorontwikkeling van de diverse kennisdomeinen van het ZVH ZaWa, het op orde brengen van de Managementinformatie, de inzet van ervaringsdeskundigen en de beleidsontwikkeling op complexe doelgroepen (zoals ketenveldnorm levensloopfunctie beveiligde en intensieve zorg, personen met een hoog veiligheidsrisico (verward/ex-gedetineerd), radicaliserende personen/CTER en ernstig, structureel huiselijk geweld). Deze ambities kunnen mede invulling krijgen dankzij extra middelen vanuit het Rijk voor de Zorg- en Veiligheidshuizen. Met behulp van de (structurele) POK3 middelen en extra middelen (incidenteel) voor de aanpak van CTER4, zal de formatie van het ZVH ZaWa worden uitgebreid van 3,7 fte naar 5,6 fte (waarvan 0,7 fte tijdelijk). De (bijgestelde) begroting van het ZVH ZaWa zal medio 2022 worden voorgelegd aan het regionaal Bestuurlijk Overleg Zorg en Veiligheid. Ad. 3
Huiselijk Geweld en Kindermishandeling (HGKM)
In 2021 is uitvoering gegeven aan het lokale en regionale actieplan ‘Geweld hoort nergens thuis’, dat in 2020 is vastgesteld in de diverse colleges. Medio november 2021 is in een regionale raadsledenbijeenkomst nadere uitleg gegeven over de onderdelen van het regionale actieplan. Om huiselijk geweld eerder en beter in beeld te krijgen, is de communicatiecampagne ‘Ik zit klem” ingezet voor inwoners. Professionals zijn bijgeschoold in de vernieuwde Meldcode HGKM en getraind in een nieuwe methodiek: ‘Samenwerken aan veiligheid’. Uitgaande van deze methodiek stellen zij samen met het huishouden een top 3 op van de meest onveilige situaties, en maken zij een concreet veiligheids-, risicogestuurd- en hulpverleningsplan. Hiernaast is een voorstel opgesteld voor de structurele inzet van ervaringsdeskundigheid huiselijk geweld. Via het Datalab Huiselijk Geweld is beschikbare sturingsinformatie inzichtelijk gemaakt. De organisatie Veilig Thuis (VT) fungeert in de regio als advies- en meldpunt voor signalen over huiselijk geweld en kindermishandeling. Er wordt gezorgd voor triage, onderzoek en doorgeleiding naar hulpverlening. Veilig Thuis wordt betaald uit twee bronnen: een gemeentelijke bijdrage naar inwonersaantal en een bijdrage vanuit de rijksbijdrage DUVO.
Veilig Thuis kampt met een steeds terugkerende wachtlijst, ondanks inzet van extra incidentele middelen en de aanpak van de gemeenten en Veilig Thuis om werkprocessen te optimaliseren en de samenwerking met het lokale veld te verbeteren. Medio 2021 was de wachtlijst weggewerkt. Deze liep echter weer op nadat de extra inzet was beëindigd. In opdracht van gemeenten is door een extern bureau onderzoek uitgevoerd naar de formatie in relatie tot het werkaanbod van Veilig Thuis. Hieruit bleek dat de structurele formatie van Veilig Thuis niet meer aansloot bij het aantal meldingen en adviezen en de complexiteit van de casussen. Dit verklaart de steeds terugkerende wachtlijsten. 3 POK: Parlementaire ondervragingscommissie Kinderopvangtoeslag 4 Project Contraterrorisme en tegengaan van polarisatie, radicalisering en extremisme Noord-Holland
Pagina 4 van 7
Eind 2021 heeft het Regionaal Bestuurlijk Overleg Zorg en Veiligheid ingestemd met het voorstel om budget vrij te maken waarmee de formatie van Veilig Thuis structureel op orde kan worden gebracht. Vooralsnog zijn er voor de dekking van deze uitbreiding alleen extra gelden uit de regionale DUVO middelen vrijgemaakt. Deze extra middelen zijn naar verwachting niet voldoende om de benodigde uitbreiding volledig en structureel te realiseren. Voor de resterende middelen is vanaf 2023 een verhoging van de reguliere bijdrage nodig van de zeven gemeenten binnen Zaansteek-Waterland. Dit wordt door de gemeenten voorgesteld in de komende begrotingscyclus en voorgelegd aan de gemeenteraden. Over het gehele jaar 2021 was sprake van een afname van circa 10% in het aantal meldingen en adviesvragen bij Veilig Thuis, ten opzichte van het jaar daarvoor. Landelijk was in de eerste helft van 2021 ook sprake van een daling van het aantal meldingen (bron CBS.nl). Daar staat tegenover dat er zorgen zijn over het aantal crisiszaken en de ernst van de meldingen. De afhandeling van de zaken neemt daardoor meer tijd in beslag. Deze en andere trends zijn onderwerp van landelijk onderzoek en worden ook meegenomen in het te ontwikkelen regionale dashboard Zorg en Veiligheid (zie verder).
Het afgelopen jaar was de gewenste uitbreiding van opvangplekken bij de Blijf Groep in Noord-Holland, onderwerp van gesprek. Zaanstreek-Waterland werkt hierin samen met Kennemerland en Alkmaar/West Friesland. Op dit moment is vraag naar extra opvangplekken. De door- en uitstroom wordt mede belemmerd door krapte op de woningmarkt en procedures voor bijzondere bijstands- en schuldhulpverleningsaanvragen. In geval van een bedreigende noodsituatie zal Blijf Groep (Vrouwenopvang) de vrouw altijd plaatsen op een noodbed in één van de drie locaties in Noord-Holland en als dat niet lukt, in een locatie elders in het land. Mocht dit niet mogelijk/wenselijk zijn, dan wijkt de Blijf Groep uit naar tijdelijke noodopvang in een hotel. Hierover zijn vaste afspraken gemaakt met hotels in de regio. De vrouwen op de wachtlijst krijgen altijd ambulante begeleiding vanuit de Blijf Groep. De samenwerkende regio’s werken aan een korte termijnvoorstel om in 2022 een uitbreiding van het aantal plekken te realiseren op een bestaande locatie in Zaanstreek-Waterland. Op dit moment is op de locaties in Alkmaar, IJmond, Haarlem en Wormerveer sprake van totaal 3 noodbedden, 12 plekken crisisopvang en 51 plekken begeleid wonen.
Volgens onderzoek is voor alle drie de vormen van opvang uitbreiding wenselijk, is daarnaast behoefte aan specifieke opvangplekken voor slachtoffers van mensenhandel en moet ook gekeken worden naar de verdeling van plekken over de locaties. De verwachting is dat de korte termijn uitbreiding met reguliere gelden voor Vrouwenopvang van het Rijk kunnen worden gefinancierd (DUVO middelen). Parallel aan de korte termijn oplossing wordt gewerkt aan een structurele oplossing die voorziet in de gewenste uitbreiding van opvangplekken. Bedoeling is ook dat hiermee de (ongewenste) verhuisbewegingen van vrouwen en hun kinderen tussen de verschillende locaties van Blijf Groep, worden beperkt. Voorwaarde voor vertrek uit de vrouwenopvang is, dat er geld is voor levensonderhoud en voor de verhuizing. Om de versnelling van de doorstroom te bewerkstelligen, wordt gewerkt aan de verkorting van de bijstandsaanvraag voor jongeren onder 27 jaar, vergoeding van (dubbele) woonlasten en de urgentieaanvraag. Voor de jaren 2022 en 2023 wordt gewerkt aan een geactualiseerd regionaal actieplan Huiselijk Geweld en Kindermishandeling. Dit zal medio 2022 worden voorgelegd aan het regionaal Bestuurlijk Overleg Zorg en Veiligheid.
In dat actieplan wordt voortgebouwd op hetgeen in gang is gezet en verbinding gelegd met andere ontwikkelingen binnen Allen voor Een, zoals: privacy- en gegevensdeling, de doorontwikkeling van het Zorg- en Veiligheidshuis (werkproces ernstig huiselijk geweld), het dashboard zorg en veiligheid en het Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming. Ad. 4
Proeftuin Kind- en Gezinsbescherming
In september 2021 heeft het Bestuurlijk Overleg Zorg en Veiligheid op hoofdlijnen ingestemd met het plan van aanpak voor een regionale proeftuin Kind- en Gezinsbescherming (regionaal veiligheidsteam 0-100). Met dit plan wordt aangesloten op het landelijke Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming. Een van de ambities is dat gemeenten en partners (zoals de gecertificeerde Instellingen voor jeugdbescherming, de Raad voor de Kinderbescherming, de Blijf groep en Veilig Thuis) de jeugdbeschermingsketen effectiever vormgeven en daarbij systeemgericht kijken vanuit het principe één gezin, één plan en één regisseur. Bedoeling is dat de onveilige situatie zo snel mogelijk stopt en duurzaam wordt hersteld en dat de daarvoor benodigde ondersteuning eerder wordt gegeven: op maat, passend en flexibel. Ook kan de gezamenlijke aanpak bijdragen aan het beter in beeld komen van signalen van huiselijk geweld en kindermishandeling. Afgesproken is dat gemeenten en partners het regionale plan verbinden aan de overige ontwikkelingen binnen Allen voor Een, zoals de aanpak Huiselijk geweld en kindermishandeling. Er wordt een praktijkoefening Pagina 5 van 7
voorbereid, waarbij aan de hand van concrete casuïstiek beproefd wordt hoe de bestaande samenwerkingsrelaties op het vlak van huiselijk geweld, zo goed mogelijk benut kunnen worden om de kind- en gezinsbescherming te verbeteren. In het bijzonder is daarbij aandacht voor de verbinding tussen jeugd- en volwassenzorg en de verbinding met de veiligheidspartners, die vertegenwoordigd zijn in het netwerk van het Zorg- en Veiligheidshuis. Inzet is dat voor de gemeenschappelijke taal gebruik wordt gemaakt van de eerdergenoemde methodiek “Samenwerken aan Veiligheid”. Bezien moet worden of voldoende dekking te verkrijgen is om het regionale plan uit te voeren. Landelijk is besloten tot extra proeftuinen, naast de reeds lopende zes proeftuinen Kind- en Gezinsbescherming (waarvoor per proeftuin één miljoen beschikbaar is gesteld). Meerdere regio’s, waaronder Zaanstreek-Waterland, hebben hiervoor belangstelling. Hiernaast komen er middelen vanuit de POK-gelden beschikbaar voor elke regio (meicirculaire). Voor dit onderwerp gaat het om circa vier ton voor Zaanstreek-Waterland. Het bedrag dat nodig werd geacht voor de oorspronkelijk beoogde regionale proeftuin, lag echter een stuk hoger. Ad. 5
Informatiedeling (open source intelligence)
Op verzoek van ‘Allen voor Een’ heeft ‘Pandora Intelligence’ de werkprocessen rond het tijdelijk huisverbod en politie zorgformulieren doorgelicht en procesplaten opgesteld. Dit heeft inzichten opgeleverd waarmee de informatiedeling tussen Veilig Thuis en aangesloten partners efficiënter ingericht kan worden. Inmiddels is een demo model ontwikkeld, dat gericht is op het beter en efficiënter benutten van informatie in open bronnen en de informatiehuishouding van partners. Dit alles met het doel om betrokken professionals te ontlasten (minder handmatig werk) en kwetsbare huishoudens nog eerder te helpen met passende zorg. De financiering (eigen bijdrage Pandora, VNG en DUVO middelen) was tot nu toe van tijdelijke aard. In de loop van 2022 wordt besloten over het vervolg. Ad. 6
Personen met onbegrepen gedrag (POG)
In 2021 is uitvoering gegeven aan het regionale plan van aanpak personen met onbegrepen gedrag, dat eind 2020 is omarmd in het Bestuurlijk Overleg Zorg en Veiligheid. Onder meer is tezamen met gemeenten en partners vormgegeven aan de crisisketen rond personen met verward gedrag in acute situaties. Er is voorzien in: passend vervoer (uitgevoerd door de ambulancedienst), een (bemenste) ggz-beoordelingslocatie in Castricum en een aanvullende beoordelingsruimte in het ZMC voor niet-geagiteerde patiënten. Hierdoor hoeft niet langer te worden uitgeweken naar vervoer met politievoertuigen of beoordeling in politiecellen (tenzij sprake is van een strafbaar feit). Ook is op bestuurlijk niveau stil gestaan bij de beddenproblematiek. Op landelijk niveau is een dashboard geïntroduceerd, dat real time inzage biedt in de beschikbare capaciteit van beveiligde bedden. Om te voorkomen dat situaties escaleren, is in diverse gemeenten gewerkt aan de verbetering van de laagdrempelige ondersteuning in de wijk. De doorontwikkeling hiervan is ook een belangrijk element van de (gehonoreerde) subsidies ZonMW (zie verder). Ook is een QuickScan Zorg/Sociaal domein gestart voor mensen met complexe ggz-problematiek (ontwikkeld door Phrenos). De QuickScan wordt benut om de samenhang en kwaliteit van zorg voor mensen met complexe ggz-problematiek optimaal vorm te geven, vanuit het cliënt perspectief.
Nieuw in 2021 was de implementatie van de Ketenveldnorm Levensloopfunctie en Beveiligde intensieve zorg, die voor personen met zeer complexe problematiek moet leiden tot een betere samenhang tussen de inzet van zorg, veiligheid en ondersteuning. Daarbij is continu contact met betrokkene. Doel is het vergroten van stabiliteit en kwaliteit van leven en maatschappelijke veiligheid. Inmiddels is gestart met enkele casus. Daarbij fungeert het Zorg- en Veiligheidshuis als centraal punt voor aanmelding en langdurige procesregie. Een vast forensisch FACT team (levensloopaanbieder) is “levenslang” bij de cliënt betrokken (ook bij detentie of opname) voor continuïteit van zorg. De financiering van de levensloopaanbieders (in onze regio Fivoor) vormt landelijk nog onderwerp van gesprek. In 2021 is bij het publiek extra aandacht gegeven aan het Meldpunt en Advies bijzondere Zorg (MABZ). Ook is geëvalueerd op welke wijze de GGD - namens zes gemeenten in de regio - taken uitvoert in het kader van de Wet verplichte ggz (meldpunt, verkennend onderzoek en aanvraag zorgmachtigingen). De resultaten van de Dienstverleningsovereenkomst geven aanleiding om een nieuwe DVO aan te gaan voor de duur van twee jaar, met de optie van verlenging (2x 2 jaar).
Pagina 6 van 7
Subsidies ZonMW In 2021 zijn twee nieuwe subsidieaanvragen gehonoreerd door ZonMW. Dit betreft een startimpuls voor de opzet van een regionale kenniswerkplaats rond onbegrepen gedrag, die mogelijk een vervolg krijgt in een meerjarige kenniswerkplaats. De voorbereiding van die (vervolg)aanvraag loopt. Behoeften worden opgehaald bij gemeenten en partners in de regio. Thema’s waarop de kenniswerkplaats zich zal richten, zijn: langdurige, wijkgerichte ondersteuning , adequate in- en uitstroom, voldoende ondersteuning in de wijk en vroegtijdige signalering en preventie. Hiernaast is gehonoreerd de aanvraag Zorg & Veiligheid – Domein overstijgend samenwerken. Dit betreft een subsidie voor twee jaar. Doelstelling is te komen tot tijdige(r) en passende(r) zorg aan kwetsbare inwoners (met complexe problematiek op snijvlak zorg en veiligheid), waardoor zij weer grip krijgen op hun leven, succesvol integreren in de wijk en de veiligheid (structureel) wordt hersteld. Met behulp van de subsidie zullen ervaringsdeskundigen, naasten en professionals uit diverse domeinen samenwerken aan: ➢ ➢ ➢ ➢
Heldere handelingsperspectieven rond informatiedeling. De samenwerking rond specifieke doelgroepen (notoire overlastgevers, ex-gedetineerden en jongeren met complexe problematiek). Het eenduidig en tijdig herkennen van risico’s (risicotaxatie). Tijdiger signaleren en doortastender optreden (met integraal dashboard Z&V).
In het Bestuurlijk Overleg Zorg en Veiligheid wordt met regelmaat stil gestaan bij de voortgang op de subsidieactiviteiten, in verbinding met de prioriteiten van ‘Allen voor Een’. Ad. 7
Regionale overlegstructuur
De overlegstructuur van ‘Allen voor Een’ is medio 2021 geactualiseerd en bekrachtigd. Op de geprioriteerde onderwerpen zijn bestuurlijk portefeuillehouders aangewezen. Deze personen voorzien in: ➢ ➢ ➢ ➢
Het creëren van aandacht en bestuurlijk draagvlak. Fungeren als klankbord voor de verantwoordelijke ambtenaren. Regionaal bestuurlijk aanspreekpunt voor de zorg- en veiligheidspartners. Aanspreekpunt t.b.v. agendering en inleiding van stukken in het BO Zorg & Veiligheid.
Strategische keuzen worden gemaakt in het regionaal bestuurlijk overleg (BO) Zorg & Veiligheid, waaraan bestuurders uit de hele regio Zaanstreek-Waterland deelnemen (burgemeesters en wethouders Zorg en strategisch vertegenwoordigers van partnerorganisaties). Het voorzitterschap is belegd bij de burgemeester van Purmerend. De besluitvorming wordt voorbereid in het regionale ambtelijke overleg (AO) Zorg & Veiligheid. Hieraan wordt deelgenomen door ambtenaren van de zeven gemeenten uit de regio. De voorstellen van het AO worden voorbereid in werkgroepen, waarin zowel gemeenten als partners vertegenwoordigd zijn. Afstemming op tactisch niveau vindt plaats in het regionale managementoverleg (MO) Zorg & Veiligheid, waarin tal van ketenpartners participeren. Tijdens de eerdergenoemde verdiepingssessie op 3 juni, wordt een nadere uitleg gegeven over de organisatie van Allen voor Een.
Met vriendelijke groet, het college van burgemeester en wethouders van Landsmeer
Pagina 7 van 7