CConstaterende datlandsmeer
Koppel je AI →
Document · PDF

QA Raadsleden over woonruimteverdeling

Raadsvergadering 25 maart 2021, gemeente landsmeerBij agendapunt: Regionale woonruimteverdeling3.216 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Q&A Beleidsvoorstel nieuwe Woonruimteverdeling Een sociale huurwoning zoeken verandert Versie voor raadsleden ter ondersteuning van college- en raadsvergaderingen voorjaar 2021 __________________________________________________________________________________ Informatie en documenten Website www.socialehuurwoningzoeken.nl

Q&A 1. Aanleiding voorstel nieuwe woonruimteverdeling 

Waarom dit nieuwe voorstel? Doel van het voorstel is dat bij toewijzing van sociale huurwoningen rekening wordt gehouden met wie de woning het hardste nodig heeft en meer kansen te bieden aan starters. Daarom wordt in het nieuwe voorstel, naast wachten (inschrijfduur) ook rekening gehouden met de situatie (dringende omstandigheden) van de woningzoekende en de mate van zoeken. De gemiddelde wachttijd voor een sociale huurwoning ligt in de hele regio boven de tien jaar. Niet iedereen kan zo lang wachten. Dringende situaties kunnen ineens ontstaan, bijvoorbeeld bij een relatiebreuk. Daarnaast is de wens om de positie van starters op de woningmarkt te bevorderen.

Wat doet dit voorstel om doorstroming te bevorderen? Het nieuwe systeem is niet gericht op meer doorstroming, maar op meer kansen voor starters en huishoudens die dringend op zoek zijn naar een woning. Maatregelen om de doorstroming te bevorderen naar een meer geschikte woning blijven bestaan. Voorbeelden van dergelijke regelingen zijn Van Hoog naar Laag en Van Groot naar Beter.

Waarom lopen de wachttijden zo op? Moeten we niet gewoon meer bouwen? De voorraad sociale huurwoningen is de afgelopen jaren gedaald, terwijl het aantal inwoners in de regio toenam. Ook is de doorstroming naar de vrije sector en de koop afgenomen en blijven mensen langer zelfstandig wonen in hun sociale huurwoning. Daardoor komen minder woningen vrij. De vraag naar sociale huurwoningen is wel gegroeid. Door stijgende prijzen kunnen veel mensen een alternatief niet betalen. De verwachting is dat de bevolking in de regio de komende jaren blijft groeien. Daarmee zal ook de vraag naar sociale huurwoningen blijven groeien. De wachttijd voor een starter is afgelopen drie jaar met 22% gestegen naar elf jaar. Het voorstel voor een nieuwe woonruimteverdeling lost de schaarste niet op. Dat kan alleen door meer sociale huurwoningen te bouwen of door doorstroming naar het middensegment woningen te bevorderen, voor huishoudens die dat kunnen betalen. Het voorstel voor een nieuwe woonruimteverdeling is bedoeld om erop te sturen dat mensen die het hardst een woning nodig hebben meer kans te bieden.

1

Hoe is het nu geregeld met de toewijzing? Je hebt drie manieren van toewijzen: 1. Urgentieverklaring 2. Inschrijfduur 3. Loting Een urgentieverklaring is er alleen voor huishoudens in een noodsituatie, die aan verschillende voorwaarden voldoen. Loting wordt beperkt en niet in alle gemeenten ingezet.

Welk traject is afgelegd om tot dit voorstel te komen? In het voorjaar van 2019 heeft een uitgebreid regionaal participatietraject plaatsgevonden. Belangrijk onderdeel hiervan was de enquête, die is ingevuld door ruim 23.000 inwoners van de regio en van gemeente Landsmeer 731 reacties. De resultaten van deze enquête zijn weergegeven op regionaal, maar ook op lokaal niveau. Daarnaast zijn er bijeenkomsten georganiseerd voor verschillende doelgroepen, zoals jongeren en huurdersverenigingen. Gedurende het traject heeft er regelmatig overleg plaatsgevonden met huurderskoepels en verenigingen en zijn zorginstellingen betrokken. In het voorjaar van 2020 zijn de 15 gemeenteraden geconsulteerd over het voorstel op hoofdlijnen. De resultaten van de enquête vindt u hier. Tot slot heeft in de periode 2 juni 2020 tot en met 28 juli 2020 formele inspraak plaatsgevonden waarbij regionaal 951 reacties zijn binnengekomen. Op basis van de inspraak zijn een aantal wijzigingen voorgesteld.

2. Inhoud voorstel 

Wat is op hoofdlijnen het nieuwe voorstel? Op dit moment worden sociale huurwoningen van corporaties toegewezen op basis van of inschrijfduur of urgentie. Het beleidsvoorstel voor een nieuwe woonruimteverdeling Een sociale huurwoning zoeken verandert heeft de volgende hoofdlijnen:  De volgorde bepaling voor woningzoekenden verandert. Inschrijfduur wordt vervangen door toewijzing op basis van wachten, zoeken en situatie.  De wachtpunten zijn gebaseerd op de oude inschrijfduur. Één jaar is daarbij gelijk aan één wachtpunt. Zoekpunten worden maandelijks opgebouwd door minimaal vier keer per maand te reageren en in een drietal situaties kunnen situatiepunten worden opgebouwd.  De situaties waar punten voor kunnen worden opgebouwd zijn 1) relatiebreuk met kinderen, 2) inwonend met kinderen en 3) problematisch thuiswonende jongeren. Er zijn twee categorieën jongeren die in aanmerking komen voor situatiepunten voor problematisch thuiswonende jongeren. Dit zijn pleegjongeren en jongeren met ambulante ondersteuning.  Op 50% van de woningen die worden aangeboden via de aanbodsites (bijvoorbeeld WoningNet) tellen situatiepunten mee.  Wachtpunten zijn de basis en worden blijvend opgebouwd. Zoekpunten en situatiepunten zijn voorwaardelijk. Als een woningzoekende een maand lang niet reageert op een woning, wordt één zoekpunt afgetrokken.

Als een woningzoekende in een maand één tot drie keer reageert, blijft het aantal zoekpunten gelijk. Verder vindt aftrek van één zoekpunt plaats bij niet accepteren van een uitnodiging of weigering van een woning na bezichtiging. Als een woningzoekende tweemaal na acceptatie van een woning, maar vóór de ondertekening van het huurcontract alsnog weigert, vindt aftrek van alle zoekpunten en situatiepunten plaats.

Wat is er opgehaald aan inspraakreacties en wat zijn de belangrijkste wijzigingen? 2

In totaal zijn er in de regio 951 reacties binnengekomen waarvan 16 uit de gemeente Landsmeer. Er zijn 21 reacties binnengekomen van belangenbehartigers en/of platforms. De reacties geven een wisselend beeld. Er zijn veel positieve reacties op het beleidsvoorstel, maar ook veel insprekers maken zich zorgen over de effecten van het overstappen naar punten. Positieve reacties gaan vooral over de mogelijkheden van mensen in problematische situaties om sneller een woning te vinden en meer kansen door actief te zoeken. Zorgen worden vooral geuit over het effect op de positie op de wachtlijst van woningzoekenden met veel inschrijfduur en toegenomen complexiteit van het systeem. Belangrijkste wijzigingen naar aanleiding van de inspraakreacties zijn: o De op- en afbouw van zoekpunten. Zoekpunten worden minder snel afgebouwd o De sancties op weigeren van een woning zijn versoepeld o Een aantal categorieën bij de situatie problematisch thuiswonende jongeren is geschrapt. Uit de inspraak en raadsconsultaties is gebleken dat uitvoerbaarheid en transparantie een aandachtspunt is. Bij uitwerking bleek dat de geschrapte categorieën niet goed objectiveerbaar waren o Er worden meer eisen gesteld aan de kwaliteit van de woningadvertenties en het uitnodigingsbeleid voor bezichtiging van een woning door corporaties o De uitlegbaarheid van het voorstel is een aandachtspunt.

Om woningzoekenden te informeren wordt een brede informatiecampagne opgestart. 

Waarom is het aantal situaties beperkt tot drie omstandigheden (relatiebreuk met kinderen, inwonend met kinderen en problematisch thuiswonend), er zijn toch veel meer situaties waarin mensen dringend een woning nodig hebben? Sociale huurwoningen zijn schaars. Het is niet mogelijk iedereen voorrang op een woning te geven. Uit het participatietraject is gebleken dat er veel steun is voor de drie categorieën die nu in aanmerking komen voor situatiepunten. Voor andere groepen is veel minder steun.

 Wat zijn de criteria voor de drie categorieën situatiepunten? De situaties waar punten voor kunnen worden opgebouwd zijn 1) relatiebreuk met kinderen, 2) inwonend met kinderen en 3) problematisch thuiswonende jongeren. Er zijn twee categorieën jongeren die in aanmerking komen voor situatiepunten voor problematisch thuiswonende jongeren. Dit zijn pleegjongeren en jongeren met ambulante ondersteuning. Beoordelingscriteria: Inwonende gezinnen  Gezin met minimaal één minderjarig kind wat bij een ander huishouden woont en daarin ingeschreven staat  Minimaal twee jaar aaneengesloten in de regio woonachtig (regiobinding)  Aanvrager staat minimaal één jaar ingeschreven op adres(sen) waarop wordt ingewoond     

Relatiebreuk met kinderen Relatiebreuk met minimaal één minderjarig kind, waarover men gezamenlijk gezag heeft Ouderschapsplan met zorgregeling waarbij de partners minimaal één dag in de week de dagelijkse zorg hebben of een voorlopige voorziening Partners hebben minimaal twee jaar samengewoond in een zelfstandige woning (duurzame relatie) Partners wonen minimaal twee jaar in regio (regiobinding) Situatiepunten worden maximaal jaar binnen uitspraak relatiebreuk aangevraagd 3

  

    

Aanvrager staat ingeschreven op gezamenlijke adres of heeft geen zelfstandige woning Problematisch thuiswonenden jongeren: pleegjongeren Jongere is tussen de 18 tot en met 34 jaar Woningmarktregio is verantwoordelijk voor deze jongere op grond van de pleegzorgbeschikking Jongeren heeft een voltijd pleegzorgindicatie en woont in een pleeggezin of in een gezinshuis. Voltijd pleegzorg mag zowel door netwerkpleegouders als bestandspleegouders geboden worden. (De aanleiding en de vorm zijn niet relevant, zowel vrijwillig of gedwongen, zowel hulpverlenings- als opvoedingsvariant) Problematisch thuiswonenden jongeren: jongeren met een wmo- indicatie Jongere is tussen de 18 tot en met 34 jaar Jongere staat ingeschreven bij WoningNet/Woonmatch Jongere is thuiswonend bij zijn ouders Jongeren woont twee jaar aaneengesloten in de regio Jongere heeft tenminste één jaar ambulante begeleiding gehad en zal deze minimaal nog één jaar ontvangen. De jongere kan een verklaring van deze WMO ondersteuning opvragen

Wanneer kan iemand startpunten aanvragen? Gemeenten X kunnen voor de periode van twee jaar een experiment starten met het toekennen van startpunten aan jongeren die na afloop van hun jongerencontract dakloos worden. Deze punten zijn alleen lokaal geldig. Hieronder zijn de algemene criteria voor het toekennen van deze punten genoemd:     

Jongere voldoet aan de inkomensnorm voor het krijgen van een sociale huurwoning Woningzoekende huurt via een jongerencontract bij een van de aangesloten woningcorporaties, waarvan de einddatum binnen een halfjaar plaatsvindt van Woningzoekende woont in een van deelnemende gemeentes Woningzoekende staat ingeschreven bij WoningNet en heeft intensief gezocht in WoningNet/ maximaal zoekpunten opgebouwd en geen woningen geweigerd. Woningzoekende verkeert in beperkende omstandigheden door aanwezigheid eigen kind(eren) onder de 5 jaar, ingeschreven op het adres Na afloop van het experiment volgt evaluatie en het gesprek of deze regeling voortgezet kan worden.

Wordt het niet veel te ingewikkeld allemaal met al die verschillende voorrangsregels? Onderzoek toont aan dat het nieuwe systeem begrijpelijk is. WoningNet en Woonmatch worden zo gebruiksvriendelijk mogelijk ingericht. Er komt veel extra informatie hoe het nieuwe systeem moet worden gebruikt en gemeenten en corporaties zorgen voor extra begeleiding.

4

3. Werking systeem 

Wordt de inschrijftijd omgezet in punten? Ja. Inschrijftijd wordt straks omgezet in wachtpunten. Een jaar inschrijftijd bij WoningNet en/of Woonmatch levert straks één punt op. Er is geen maximum voor het aantal wachtpunten dat wordt opgebouwd. Wachtpunten blijven behouden totdat er een passende woning is gevonden.

Welke woningen krijgen een label voor situatiepunten? Hoe zorgen we ervoor dat er geen concentratie van kwetsbare mensen ontstaat? 50% van de woningen voor regulier woningzoekenden wordt gelabeld voor de situatiepunten. Op WoningNet en Woonmatch staat straks bij de woningadvertentie aangegeven of de situatiepunten van toepassing zijn. Dat is ongeveer de helft van het aantal woningen dat beschikbaar komt op WoningNet of Woonmatch. De gemeente kan daar in overleg met de corporatie afspraken over maken.

Naast wachten (wachtpunten) gaan ook z0eken (zoekpunten) en dringende omstandigheden (situatiepunten) een rol spelen. Zoek- en situatiepunten kunnen ook in mindering gebracht worden. Wanneer en waarom wordt dat toegepast? Door zoek- en situatiepunten op te bouwen kunnen woningzoekenden een voorsprong krijgen op andere woningzoekenden, die deze punten niet opbouwen. Deze punten zijn bedoeld om mensen in dringende situaties meer kans te geven. Daarom zijn deze punten wel voorwaardelijk. Mensen die hun interesse op een woning intrekken kunnen bijvoorbeeld een zoekpunt minder krijgen. Een belangrijke voorwaarde bij het toepassen van sancties op weigeren is goede informatievoorziening op de aanbodpagina’s van WoningNet en Woonmatch.

5

Als je door actief te zoeken en door het behoren tot een van de drie situaties meer voorrang krijgt, hoe wordt manipulatie tegengegaan? Het systeem is zo ingericht, dat fraude wordt voorkomen. Bij toewijzing van een sociale huurwoning worden alle gegevens van een woningzoekende nogmaals gecheckt. Om vier keer per maand te reageren moet een woningzoekende twee keer per maand inloggen. Bovendien zijn er maatregelen om te zorgen dat woningzoekenden alleen reageren op woningen waar zij interesse in hebben. Bijvoorbeeld de afbouw van zoekpunten bij het intrekken van de interesse voor een woning en de sanctie op woningweigering. Situatiepunten krijg je alleen als je behoort tot één van de drie groepen. Dit wordt beoordeeld op basis van documenten waarvan de geldigheid getoetst wordt.

Wie beslist of je in een van de categorieën valt voor situatiepunten? De drie categorieën worden beoordeeld door een centraal regionaal loket en aan de hand van objectieve criteria.

Mogen stedelijke vernieuwingsurgenten ook op woningen met een label voor situatiepunten zoeken? Ja.

Niet iedereen is in staat om actief te zoeken, hoe zorg je ervoor dat je niet bepaalde groepen buitensluit? Via onderzoek is getoetst of het nieuwe systeem uitlegbaar is aan woningzoekenden. Daaruit bleek dat het nieuwe systeem even goed uitlegbaar is als het huidige systeem. Een deel van de woningzoekenden heeft ondersteuning nodig. Dat is nu ook al zo. Zij worden nu ook ondersteund, door hun eigen netwerk of een netwerk van hulpverlenende en welzijnsorganisaties. Deze organisaties worden betrokken bij de veranderingen. In de informatiecampagne wordt ook rekening gehouden met deze doelgroep.

Verdwijnt WoningNet/Woonmatch? Woningnet en Woonmatch blijven bestaan. Er komen alleen nieuwe regels. De nieuwe regels komen in het systeem van Woningnet enWoonmatch.

4. Mogelijkheden voor lokale ruimte/waarom is het systeem regionaal? 

Waarom is dit voorstel regionaal? Woningzoekenden in de regio hebben zo meer keuze in het vinden van een geschikte woning. 6

De gemeenten in de regio’s Amstelland-Meerlanden, Amsterdam en Zaanstreek-Waterland werken al geruime tijd samen op het gebied van woonruimteverdeling. De aanbodsystemen voor sociale huurwoningen (WoningNet en Woonmatch) zijn dan ook op regionaal niveau ingericht. Dat vereist gezamenlijke afspraken over de volgordebepaling, waarbinnen per gemeente ruimte is voor maatwerk in de vorm van lokale voorrang en labeling voor doelgroepen. Voor de woningzoekende betekent dit dat het mogelijk is om te zoeken en te reageren binnen een ruimer aanbod sociale huurwoningen, waardoor de slaagkansen toenemen. Voor de werking van het regionale systeem is vereist dat alle vijftien colleges en raden instemmen met het voorstel. 

Wat is er mogelijk aan lokale beleidsruimte/ wat kan lokaal? Gemeenten kunnen op basis van de landelijke Huisvestingswet 25% van de woningen toewijzen met lokale voorrang/ maatwerk. Ook in het nieuwe voorstel blijft het mogelijk de mogelijkheden hiervoor maximaal te benutten. Daarnaast hebben de gemeenten gezamenlijk een aanvraag ingediend bij het ministerie van BZK voor tijdelijke ophoging van de lokale beleidsruimte van 25% naar 30%. Daarnaast kunnen lokaal afspraken gemaakt worden met corporaties over het beschikbaar stellen van woningen voor doelgroepen, zoals bijvoorbeeld jongeren of senioren. Bij jongerenwoningen kunnen gemeenten ervoor kiezen om die via loting aan te bieden.

Kan de gemeente in het nieuwe systeem nog wel wat doen voor de maatschappelijk relevante groepen als onderwijzers, verpleegkundig personeel en politie? Net als in het oude systeem kunnen gemeenten in hun eigen lokale beleidsruimte, 25% van de toewijzingen, hun eigen keuzen maken. In de lokale huisvestingsverordening kan men voorrang geven aan bepaalde groepen.

Zijn er voor kleine gemeenten genoeg woningen om zoekpunten op te bouwen? Op basis van de discussie en inspraak is gebleken dat er zorgen zijn dat lokaal woningzoekenden in kleine gemeenten verdrongen worden, omdat er niet voldoende aanbod is in de gemeente om zoekpunten op te bouwen (vier keer per maand reageren). Zoekpunten zijn bedoeld om woningzoekenden die dringend een woning nodig hebben meer kans te geven. Wel is het wenselijk dat zij op reisafstand van hun sociaal netwerk kunnen verhuizen. Alle woningzoekenden in de regio hebben de mogelijkheid om zoekpunten op te bouwen, mits er bereidheid is om ook op aanbod uit andere stadsdelen of buurgemeenten te reageren. Door de regionale samenwerking nemen de kansen van woningzoekenden met een dringende verhuiswens toe. Ook voor woningzoekenden met een dringende verhuiswens in kleine gemeenten. Daarbij hoort wel de flexibiliteit om het zoekgebied te vergroten. Dit geldt voor inwoners van kleine kernen, maar ook op wijkniveau in de grote gemeenten. Het beleidsvoorstel bevordert niet de kansen op het vinden van een woning in de eigen gemeente, maar heeft er ook geen negatief effect op. Kansen voor eigen inwoners kunnen alleen bevorderd worden door gericht het instrument lokale voorrang in te zetten, dat door de Huisvestingswet geboden wordt. Gemeenten houden hier maximale ruimte voor.

4. Proces en vervolg 7

Hoe lang duurt het voor het nieuwe systeem in werking treedt? Het systeem treedt in werking per 1 mei 2022. Toelichting: Als alle 15 gemeenteraden in de regio akkoord zijn gegaan met het beleidsvoorstel voor een nieuwe woonruimteverdeling, kan opdracht worden gegeven aan WoningNet en Woonmatch om de wijzigingen door te voeren op de sites waar de sociale huurwoningen worden aangeboden. De sites moeten worden aangepast op de basis van de nieuwe regels, zodat de toewijzing van woningen volgens die nieuwe afspraken gaat verlopen. WoningNet heeft aangegeven ruim een jaar doorlooptijd nodig te hebben voordat alle wijzigingen verwerkt zijn. Als alle gemeenteraden uiterlijk begin april akkoord hebben gegeven, kan het nieuwe systeem per 1 mei 2022 in werking treden.

Wat gebeurt er als niet alle raden instemmen met het beleidsvoorstel voor een nieuwe woonruimteverdeling? Voor de werking van het regionale systeem is het noodzakelijk dat alle gemeenteraden instemmen met het voorstel. Daarom is ook een zeer lang en zorgvuldig traject doorlopen waarbij inwoners van de regio en gemeenteraden meerdere malen inbreng hebben kunnen leveren. De participatie is een belangrijke basis voor het voorstel, veel van de voorstellen zijn direct gebaseerd op de resultaten hiervan. Als één van de gemeenten niet instemt ontstaat een nieuwe situatie, waar regionaal het gesprek over moet worden aangegaan. Wat het vervolg is, is afhankelijk van de reden van het niet instemmen. Mogelijk zijn afspraken te maken, waardoor een gemeente alsnog kan instemmen. Dan ontstaat er wel vertraging in het traject. Mogelijk is dergelijke overeenstemming niet te bereiken. Ultieme consequentie kan dan zijn dat die gemeente uit het regionale systeem stapt. Als andere gemeenten dat niet wenselijk vinden, bijvoorbeeld vanwege de belangrijke rol van de gemeente binnen het systeem van de regionale woningmarkt staat een aantal opties open. Er kan de provincie om een aanwijzing worden gevraagd, als de provincie die aanwijzing geeft dan moet de gemeente alsnog participeren.

Of partijen besluiten een nieuw besluitvormingstraject in te gaan (dit kan bijvoorbeeld ook inhouden dat partijen besluiten alles bij het oude te laten).

Wat zijn de vervolgstappen? Na vaststelling van het beleidsvoorstel start de implementatiefase. Die bestaat uit een aantal onderdelen:     

Gemeenten leggen de regionale beleidsafspraken juridisch vast in de lokale huisvestingsverordening. Planning is dat deze lokale huisvestingsverordening in medio 2021 wordt aangeboden aan de gemeenteraad. Na akkoord op het beleidsvoorstel krijgen WoningNet en Woonmatch via de corporaties de opdracht om de wijzigingen door te voeren in het regionale aanbodsysteem. Doorlooptijd hiervan is naar verwachting ruim een jaar. Tegelijkertijd wordt ook gestart met het inrichten van een centraal loket waar woningzoekenden straks situatiepunten kunnen aanvragen. Dit centraal loket moet per mei 2022 operationeel zijn. De medewerkers van gemeenten en corporaties worden opgeleid om straks met de nieuwe werkwijze te gaan werken. Ook ondersteuningspunten voor woningzoekenden worden geïnformeerd over de nieuwe werkwijze. Dit start vanaf medio 2021 Eind 2021 wordt een publiekscampagne gelanceerd om woningzoekenden te informeren over de nieuwe werkwijze. Deze publiekscampagne loopt door tot na de eerste maanden van invoering van de nieuwe werkwijze. 8

Wie betaalt de nieuwe werkwijze? Corporaties dragen de kosten voor aanpassingen op WoningNet en Woonmatch. Gemeenten betalen de kosten voor inrichting van het digitaal loket voor aanvraag van situatiepunten. De kosten van de publiekscampagne worden gezamenlijk gedeeld. De gemeentelijke kosten worden verdeeld op basis van een sleutel naar inwonersaantal.

Worden de inschrijfkosten op WoningNet en Woonmatch verhoogd? Met de corporaties is afgesproken dat het inschrijfgeld voor WoningNet niet verhoogd wordt. Woonmatch is gratis. Op dit moment wordt door de corporaties onderzocht of het nodig is het jaarlijks verlengingsgeld voor een periode van twee jaar te verhogen met 1 euro per jaar. Afgesproken is dat hierover eerst overleg plaatsvindt met de gemeenten.

9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=landsmeer&id=64012d13-9579-4d3e-b466-3ed92eee6606