CConstaterende datlandsmeer
Koppel je AI →
Document · PDF

Den Ilp 180 B bodemonderzoek.pdf

Raadsvergadering 25 november 2021, gemeente landsmeerBij agendapunt: Het verlenen van een omgevingsvergunning voor het realiseren van zes huurappartementen op het perceel Den Ilp 180 B, Den Ilp.16.887 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Landview BV Bodemonderzoek

Rapportnummer 2019340

INHOUDSOPGAVE

SAMENVATTING ............................................................................................................................ 2 1.

INLEIDING .............................................................................................................................. 3

2.

VOORONDERZOEK ............................................................................................................... 4 2.1 2.2 2.3

3.

BASISINFORMATIE ........................................................................................................ 4 HISTORISCH ONDERZOEK ........................................................................................... 4 ALGEMENE BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE ............................................... 6

OPZET BODEMONDERZOEK ............................................................................................... 7 3.1 3.2 3.3 3.4

4.

HYPOTHESE VERONTREINIGINGSSITUATIE ............................................................. 7 BEMONSTERINGSSTRATEGIE .................................................................................... 7 CHEMISCHE ANALYSES ............................................................................................... 7 TOETSINGSKADER ....................................................................................................... 8

RESULTATEN BODEMONDERZOEK ................................................................................... 9 4.1 4.2 4.3

RESULTATEN VELDONDERZOEK ................................................................................ 9 ANALYSERESULTATEN GROND ................................................................................ 10 ANALYSERESULTATEN GRONDWATER ................................................................... 10

5.

AANVULLEND BODEMONDERZOEK ................................................................................ 11

6.

CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN................................................................................. 12

7.

SLOTOPMERKINGEN .......................................................................................................... 13

8.

REFERENTIES ..................................................................................................................... 14

BIJLAGEN 1 2 3 4.1 4.2 4.3 5 6

Regionale situatie Lokale situatie met boorpunten Boorprofielen Analysecertificaten laboratorium Toetsing grond volgens BoToVa Toetsing grondwater volgens BoToVa Gegevens vooronderzoek Foto´s huidige situatie

SAMENVATTING Naar aanleiding van een bestemmingsplan wijziging en de aanvraag van een omgevingsvergunning is door Landview BV een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op de locatie Den Ilp 180b te Den Ilp, gemeente Landsmeer. Het bodemonderzoek is uitgevoerd volgens de NEN 5740 richtlijnen voor een verdachte locatie met heterogeen verdeelde verontreiniging. De hypothese voor het onderzoek is, dat er verhoogde gehalten van zware metalen en of PAK in de mogelijk puin houdende grond aanwezig zijn. Het veldwerk is, door KIWA gecertificeerde medewerkers, uitgevoerd onder het procescertificaat BRL SIKB 2000, conform de VKB protocollen 2001 en 2002. In het mengmonster van de puinhoudende ondergrond ter plaatse van de klinkerverharding zijn sterke verontreinigingen, tot boven de interventiewaarden, met barium, koper en zink geconstateerd. Daarnaast zijn matige verhogingen aan lood en nikkel aangetroffen. In een 2de fase onderzoek is gebleken dat in de enkelvoudige grondmonsters, uit de boringen 2 en 3, sterke verontreinigingen met koper en barium zijn geconstateerd. In de grond uit boring 3 zijn daarnaast sterke verontreinigingen met nikkel, zink en lood aangetroffen. Voor het overige zijn in de grondmonsters maximaal licht verhoogde gehalten aan zware metalen, som PAK en minerale olie geconstateerd. In het grondwater is een lichte verhogingen van barium aangetroffen.

Op de locatie bestaan, op grond van de resultaten van dit onderzoek, geen risico's voor de volksgezondheid of de ecologie bij het beoogde gebruik, wonen met tuin. De aangetroffen sterke verontreinigingen bevinden zich in de ondergrond en onder de klinkers, bij normaal gebruik zijn er geen contactmogelijkheden. Bij graafwerkzaamheden op het terrein bestaan er beperkingen in de mogelijkheid tot hergebruik van eventueel vrijkomende grond buiten de locatie. De hergebruiksmogelijkheden van eventueel af te voeren grond dienen in overleg met het bevoegd gezag en conform het Besluit Bodemkwaliteit bepaald te worden. Sterk verontreinigde grond mag niet buiten de locatie worden toegepast. Op de locatie is, op basis van de huidige gegevens, sprake van een vermoeden van een geval van ernstige bodemverontreiniging ter plaatse van de boorpunten 2 en 3 met koper en barium. Daarnaast zijn lokaal sterke verontreinigingen met nikkel, zink en lood aangetroffen. Indien wenselijk, kan de omvang van de verontreiniging, beter in kaart worden gebracht middels aanvullende boringen en analyses. Alle werkzaamheden in en op de sterk verontreinigde bodem (o.a. graafwerkzaamheden) worden als saneringswerkzaamheden gezien. Deze werkzaamheden moeten worden gemeld aan het bevoegd gezag middels een melding in het kader van Besluit Uniforme Saneringen (BUS-melding) of een plan van aanpak.

Nu wordt reeds aangegeven dat de aannemer die de (sanering)werkzaamheden, in of op de sterk verontreinigde bodem, uit gaat voeren BRL 7000 gecertificeerd moet zijn en dat de saneringswerkzaamheden eventueel moeten worden begeleid door een milieukundig begeleider, welke is gecertificeerd voor de BRL 6000. Tijdens het onderzoek is zintuiglijk op het maaiveld en in de bodem geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. In enkele opstallen is asbestverdacht materiaal gebruikt als dakbedekking. In de grond ter plaatse van de boringen 2 en 3 is puin aangetroffen en puin is potentieel asbestverdacht. De aangetroffen baksteen resten, zijn in het veld als niet asbestverdacht aangemerkt. Om uit te sluiten of er asbest in de bodem aanwezig is, is uitvoering van een asbestonderzoek conform NEN 5707 noodzakelijk. De uiteindelijke toetsende en handhavende taak ligt bij het bevoegd gezag, zijnde de gemeente / omgevingsdienst IJmond. Deze samenvatting en de rapportage van de onderzoeksgegevens vormen een geheel.

1.

INLEIDING

In opdracht van Beemsterboer BV is een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd naar de mogelijke aanwezigheid van bodemverontreiniging op de locatie Den Ilp 180b te Den Ilp, gemeente Landsmeer. Het onderzoek is verricht door Landview BV uit Hoorn, in de periode maart-mei 2019, conform de offerte van 14 februari 2019 en de tijdens het project gemaakte afspraken. Een bodemonderzoek wordt steekproefsgewijs uitgevoerd en betreft daarmee dus een momentopname. Hierdoor hebben de onderzoeksresultaten een beperkte geldigheidsduur. Het bodemonderzoek is uitgevoerd volgens de NEN 5740 richtlijnen voor een verdachte locatie met heterogeen verdeelde verontreiniging. De hypothese voor het onderzoek is, dat er verhoogde gehalten van zware metalen en of PAK in de mogelijk puin houdende grond aanwezig zijn. Het veldwerk is, door KIWA gecertificeerde medewerkers, uitgevoerd onder het procescertificaat BRL SIKB 2000, conform de VKB protocollen 2001 en 2002. Aanleiding voor het onderzoek is het wijziging van het bestemmingsplan en het verkrijgen van een omgevingsvergunning. Daarvoor is het noodzakelijk dat de kwaliteit van de bodem wordt vastgelegd. Doel van het onderzoek is aan te tonen dat de verwachte verhoogde gehalten verontreinigende stoffen in de grond op de locatie niet tot meer gebruiksbeperkingen leiden dan beperkingen in het hergebruik.

Van hergebruik is sprake wanneer grond, die bij eventueel graafwerk is vrijgekomen, buiten de locatie wordt toegepast. Daarnaast wordt nagegaan of er inderdaad geen verhoogde concentraties verontreinigende stoffen, behalve mogelijk arseen en of barium van nature, aanwezig zijn in het grondwater. De chemische analyses van de grond en het grondwater zijn verricht door Eurofins Omegam te Amsterdam. Dit laboratorium is geaccrediteerd door de Raad van Accreditatie. Landview BV is een onafhankelijk en erkend onderzoeksbureau. Er bestaat tussen de opdrachtgever cq. eigenaar van de locatie en Landview BV geen andere relatie dan die tussen opdrachtgever en opdrachtnemer. Het procescertificaat van Landview BV en het hierbij behorende keurmerk zijn uitsluitend van toepassing op de activiteiten inzake de monsterneming en de overdracht van de monsters, inclusief de daarbij behorende veldwerkregistratie, aan een erkend laboratorium of de opdrachtgever. Dit rapport heeft de volgende opbouw. Hoofdstuk 2 bevat een evaluatie van het vooronderzoek NEN 5725. De opzet van het bodemonderzoek en het toetsingskader worden in hoofdstuk 3 weergegeven. De resultaten van het veldonderzoek en analyses staan in de hoofdstukken 4 en 5. Hoofdstuk 6 bevat de conclusies die hieruit kunnen worden getrokken, samen met aanbevelingen voor eventuele vervolgstappen.

2.

VOORONDERZOEK

Ten behoeve van het verkennend bodemonderzoek is in maart 2019 een vooronderzoek uitgevoerd volgens NEN 5725. Doel van het vooronderzoek is na te gaan of er op, of binnen een straal van 25 meter van, de onderzoekslocatie sprake is van de aanwezigheid van puntbronnen of overige potentieel bedreigende activiteiten. Op basis van de verzamelde gegevens wordt de onderzoeksstrategie opgesteld (zie hoofdstuk 3).

2.1

BASISINFORMATIE

De aanleiding tot het onderzoek is het verkrijgen van een omgevingsvergunning. Daarnaast is het bodemonderzoek noodzakelijk voor de bestemmingswijziging. De regionale situatie rond de onderzoekslocatie staat weergegeven in bijlage 1. De locatie bevindt zich binnen de bebouwde kom van Den Ilp. In bijlage 2 is een situatietekening van het terrein gegeven. Tabel 1: overzicht basisgegevens Kadastraal bekend : gemeente Landsmeer, sectie M, nummer 1638 Oppervlakte : circa 922 m² Gebruik verleden : wonen Gebruik heden : wonen Gebruik toekomst : wonen

2.2

HISTORISCH ONDERZOEK

De gegevens van het historisch onderzoek zijn verzameld door Landview BV. Hierbij is gebruik gemaakt van informatie verkregen uit gesprekken met de opdrachtgever, eigenaren en of gebruikers van de locatie. Daarnaast is informatie verkregen van de Omgevingsdienst IJmond (OD IJmond). De informatie is bij voorkeur digitaal verkregen. Wanneer daartoe de noodzaak bestond, is aanvullende informatie verzameld door middel van archiefbezoek bij de gemeente of andere archieven. Voor verzamelen van de informatie is gebruik gemaakt van onderstaande bronnen. Tabel 2: overzicht geraadpleegde bronnen Aard Bron Bodeminformatie BIS Bodemkwaliteit Bodembedreigende activiteiten Toepassingen asbest Dempingen, activiteiten Voormalige activiteiten Bijzondere waarden

website OD IJmond bodemkwaliteitskaart website OD IJmond, www.bodemloket.nl locatie-inspectie, eerdere onderzoeken historische kaarten, opdrachtgever, locatie-inspectie lokale / regionale archieven, historische kaarten https://maps.noordholland.nl/extern/gisviewers/bodemvisie/ Archeologie http://archeologieinnederland.nl Verhardingen, bebouwingsgraad opdrachtgever / gebruiker, locatie-inspectie Eerdere onderzoeken opdrachtgever, eigen archief, OD IJmond

relevantie groot gering X X X X X X X X X X

Bodemgebruik en situatie op het terrein: De locatie bevindt zich in stedelijk gebied (lintbebouwing). Het pand dateert, volgens de BAG viewer van het kadaster, uit 1980. Het bestaande pand zal worden omgebouwd tot een woongebouw met appartementen.

Bedrijvigheid / Potentiële bronnen van verontreiniging: In de archieven van de omgevingsdienst IJmond zijn er geen gegevens over de te onderzoeken locatie Den Ilp 180B bekend. 2007-2008 Uit de archieven van de omgevingsdienst IJmond blijkt dat voor de aangrenzende locatie Den Ilp 180 in 2008 een historisch onderzoek is opgesteld. De resultaten staan weergegeven in het rapport met nummer B07G0006 (d.d. 14 februari 2008) en is opgesteld door Syncera BV. In juli 2007 is er een gevelinspectie uitgevoerd. Hierbij is gelet op het huidig gebruik van de locatie, bebouwing, verharding, oppervlaktewater en (verdachte) bedrijfsactiviteiten. De locatie omvat de percelen M1638 en M1639. Op de locatie is een woonhuis met tuin gevestigd, alsmede een loods. Bij de gevelinspectie werd niet duidelijk of er bedrijfsactiviteit aanwezig is op de locatie. In het verleden is op de locatie een machine- en apparatenfabriek voor de voedingsmiddelen industrie gevestigd geweest. Tevens is op de locatie een metaalconstructiebedrijf aanwezig geweest. De bedrijfsactiviteiten zijn in 1967 begonnen. Uit het historisch onderzoek is gebleken dat op de locatie activiteiten hebben plaatsgevonden die mogelijk tot bodemverontreiniging hebben geleid. Geconcludeerd wordt dat er sprake is van een potentieel ernstig geval van bodemverontreiniging (UBI-klasse 5 t/m 8).

Voor zover bekend zijn op de locatie nog geen bodemonderzoeken uitgevoerd. Er is dan ook geen informatie bekend over de bodemkwaliteit ter plaatse. In het kader van het Landsdekkend beeld dient oriënterend onderzoek plaats te vinden om de aard, omvang en spoedeisendheid van de verontreiniging vast te stellen. Omdat in dit geval echter de precieze ligging ervan niet bekend is, is er voor deze locatie geen boorplan voor dit oriënterend onderzoek opgenomen. Indien in de toekomst aanvullende gegevens beschikbaar komen over de ligging van de activiteit, wordt geadviseerd alsnog onderzoek op deze locatie uit te voeren. Indien in de toekomst in het kader van een andere aanleiding bodemonderzoek plaatsvindt, dient rekening te worden gehouden met het voorkomen van verontreinigingen door deze (voormalige) activiteit. De huidige eigenaar van de locatie heeft aangegeven dat op de locatie Den Ilp 180 geen machineen apparatenfabriek gevestigd is geweest. Aangegeven is dat in de jaren ’60 van de vorige eeuw op deze locatie een poeliersbedrijf gevestigd geweest. Daarvoor stond er op de locatie een woonhuis en enkele schuren. De gegevens die zijn weergegeven in het historisch onderzoek komen volgens de eigenaar niet overeen met de werkelijkheid en behoren toe aan een ander perceel.

2010 Uit de Bodemrapportage van de OD IJmond blijkt tevens, dat in de directe omgeving van de nu te onderzoeken locatie, bodemonderzoek is uitgevoerd. Voor de aanleg van een waterleiding naar Den Ilp 180 is eind 2009 – begin 2010 een indicatief bodemonderzoek uitgevoerd door Oranjewoud. De resultaten staan weergegeven in het rapport met nummer 198812-68 (d.d. 7 januari 2010) en kunnen als volgt kort worden samengevat. In de grond zijn licht tot matig verhoogde gehalten aan metalen en of som PAK geconstateerd (zie ook bijlage 5). Bodemloket (www.bodemloket.nl) heeft geen aanvullende gegevens over de locatie of de directe omgeving beschikbaar. Vergelijking tussen luchtfoto’s en topografische atlassen uit verschillende perioden heeft opgeleverd, dat het verkavelingspatroon tot nu vrijwel niet gewijzigd is. Er zijn geen aanwijzingen gevonden dat er brandstoftanks, met bodemvreemd materiaal gedempte sloten of aangevoerde verstevigingmaterialen op de locatie aanwezig zijn.

Bij bodemonderzoeken op vergelijkbare locaties, is gebleken dat op de oorspronkelijke bodem (veen) grond is opgebracht. De herkomst van deze grond is veelal niet meer te achterhalen. In de veelal puin houdende opgebrachte grond zijn regelmatig verhoogde gehalten van zware metalen en of polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK) aangetroffen. Vanwege een eventuele (ver)bouwdatum tussen de jaren ’30 en ’80 kunnen in de opstallen asbesthoudende materialen verwerkt zijn. Door uitvoering van een asbestinventarisatie onderzoek, welke geen deel uitmaakt van dit onderzoek, kan bekeken worden of asbesthoudende stoffen gebruikt zijn. Gezien de aard van de locatie is de kans op het aantreffen van asbestresten in de bodem als gevolg van bedrijfsmatige activiteiten, gebruik van asbesthoudende bouwstoffen, stortingen van asbestafval of asbestcalamiteiten wegens bijv. brand in de bodem zeer gering. Bijzondere waarden: Uit de Bodemvisie kaart van de Provincie Noord-Holland blijkt, dat de locatie zich niet bevindt in een grondwaterbeschermingsgebied. De locatie is niet binnen een aardkundig waardevol gebied gelegen of staat bekend als aardkundig monument. De bodem ter plaatse van de locatie is (onder voorwaarden) geschikt voor Warmte-koude opslag; diep dan wel ondiep. De locatie is niet gelegen in een gebied van archeologische waarde.

2.3

ALGEMENE BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE

Op grond van kaartmateriaal en gegevens van de Rijksgeologische Dienst (RGD), het voormalige Instituut voor Cultuurtechniek en Waterhuishouding (ICW), de voormalige Stichting voor Bodemkartering (STIBOKA), het DLO Staring Centrum, de Nederlandse Organisatie voor Toegepast Natuurwetenschappelijk Onderzoek (TNO) en Landview BV kan de volgende bodemopbouw worden verwacht. De locatie is gelegen in een gebied met een maaiveldhoogte van circa 1,1 m -NAP. Het freatisch grondwater bevindt zich op circa 1 m -maaiveld (mv). Dit betreft het ondiepe grondwater dat onder invloed van neerslag staat. De grondwaterstroming is naar het aanwezige oppervlaktewater toe gericht. Gezien de ligging en het neerslagoverschot is er sprake van lokale inzijging (neerwaartse stroming van het grondwater). De Pleistocene ondergrond, afgezet tijdens de laatste ijstijd, bevindt zich op een diepte tussen de 10 en 20 m -NAP. Deze goed doorlatende zandlagen worden beschouwd als het 1e watervoerende pakket. Gedurende verschillende overstromingsfasen zijn in het Holoceen, vanaf circa 10.000 jaar geleden, door de zee op de Pleistocene ondergrond mariene sedimenten afgezet en is plaatselijk veenvorming opgetreden. Deze Holocene afzettingen vormen de slecht tot matig doorlatende deklaag. De locatie is gesitueerd op een ontgonnen veenvlakte.

De venen van westelijk Nederland zijn, voor zover niet als brandstof of voor zoutwinning gebruikt, na de ontginning in de Middeleeuwen door ontwatering sterk geklonken. Typisch zijn in sommige gebieden de sloten met hoge waterstanden en de iets hoger dan de omgeving liggende slootranden. Het veen is soms met een dunne laag klei of zand bedekt, waarvan de herkomst niet altijd te achterhalen valt. Door menselijke beïnvloeding zijn natuurlijke bodemprofielen gewijzigd.

3.

OPZET BODEMONDERZOEK

3.1

HYPOTHESE VERONTREINIGINGSSITUATIE

Op grond van het vooronderzoek is voor de opzet van het bodemonderzoek uitgegaan van een verdachte locatie met heterogeen verdeelde verontreiniging, waar verhoogde gehalten van zware metalen en of polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK) aangetroffen kunnen worden in de mogelijk puin houdende (boven)grond. In het grondwater worden, behalve arseen en of barium van nature, geen verhoogde concentraties verontreinigende stoffen verwacht.

3.2

BEMONSTERINGSSTRATEGIE

Uitgaande van een verdachte locatie met een oppervlakte van 922 m² wordt, conform de NEN 5740 en de BRL SIKB 2000 richtlijnen worden de onderstaande werkzaamheden verricht. Tabel 3: Werkzaamheden Aantal grondboringen tot in de verdachte laag circa 0,5 m –mv Aantal grondboringen tot max 2 m -mv Aantal peilbuizen plaatsen (NEN) en monstername

5 1 1

Aantal analyses grond

3

Aantal analyses grondwater

1

De grond wordt in principe bemonsterd in trajecten van 0,5 m. Van deze algemene richtlijn kan worden afgeweken als tijdens het veldwerk duidelijk afwijkende lagen, zintuiglijke verontreinigingen of verschillende grondsoorten worden geconstateerd. De grondwaterstand bevindt zich op dusdanige diepte, dat de kwaliteit van het grondwater in het onderzoek dient te worden betrokken. Hiertoe wordt 1 boring verricht, welke met een peilbuis wordt afgewerkt. De filterstelling van deze peilbuis is circa 0,5 m tot 1,5 m -grondwaterstand. Na een wachttijd van één week voor het herstel van het bodemchemisch evenwicht zal één grondwatermonster uit deze peilbuis worden genomen.

3.3

CHEMISCHE ANALYSES

De grondmengmonsters en het grondwatermonster worden geanalyseerd op de stoffen van de standaardpakketten. Deze stoffen, die zijn geselecteerd door de overheid, vormen de belangrijkste parameters (graadmeters) voor mogelijke verontreinigingen. De analyses worden, conform de AS3000 richtlijnen, uitgevoerd door Eurofins Omegam uit Amsterdam. Dit laboratorium is geaccrediteerd door de Raad van Accreditatie. Grond De grondmonsters worden gekoeld getransporteerd en opgeslagen. De boven- en ondergrond worden onderzocht op de gehalten aan barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel, zink, polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK), polychloorbifenylen (PCB) en minerale olie (GC). De gehalten worden weergegeven in milligram per kilogram droge stof (mg/kg ds). Hiertoe wordt van de grond(meng)monsters het droge stofgehalte vastgesteld. Tevens worden representatieve monsters geanalyseerd op de gehalten aan organische stof en lutum (klei) ter vaststelling van de toetsingswaarden. Grondwater De grondwaterstand bevindt zich rond 1 m –mv. De vluchtige aromatische koolwaterstoffen en de vluchtige gehalogeneerde koolwaterstoffen worden daarom bij voorkeur in het grondwater onderzocht. De aanwezigheid van deze vluchtige stoffen kan namelijk eerder worden aangetoond in het grondwater dan in de grond.

Het grondwater wordt onderzocht op de concentraties aan arseen, barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel, zink, aromatische stoffen (inclusief naftaleen), (vluchtige) halogeen

koolwaterstoffen en minerale olie. De concentraties worden weergegeven in microgrammen per liter (µg/l). De pH (zuurgraad), Ec (soortelijke geleiding) en troebelheid worden in het veld bepaald.

3.4

TOETSINGSKADER

Het toetsingskader voor verontreinigende stoffen in grond wordt gevormd door de achtergrond- en interventiewaarden uit de Regeling Bodemkwaliteit en de Circulaire Bodemsanering. Voor de toetsing van de grondwaterkwaliteit wordt het toetsingskader gevormd door de streef- en interventiewaarden. De analyseresultaten worden geïnterpreteerd aan de hand van deze toetsingskaders (zie bijlagen 4.2 en 4.3). De norm voor barium is (tijdelijk) ingetrokken. Indien er sprake is van verhoogde bariumgehalten ten opzichte van de natuurlijke achtergrond als gevolg van een antropogene bron, kan dit gehalte worden beoordeeld op basis van de voormalige interventiewaarde voor barium. De toetsingswaarden voor de verschillende stoffen in de grond zijn afhankelijk van de hierin aanwezige hoeveelheid klei (lutum) en organische stof, omdat de verontreinigingen zich aan deze bodemdelen hechten. De achtergrondwaarde (AW2000) van een bepaalde stof komt overeen met de gehalten zoals die op dit moment voorkomen in de bodem van natuur- en landbouwgronden, waarvoor geldt dat er geen sprake is van belasting door lokale verontreinigingsbronnen. Bij overschrijding van deze achtergrondwaarde of de streefwaarde in het grondwater kunnen we spreken van een lichte verhoging.

Indien het gemiddelde van de achtergrond- of streefwaarde en de interventiewaarde (tussenwaarde) wordt overschreden, kunnen we spreken van een matige verhoging. De interventiewaarde is de waarde waarboven sprake is van een ernstige vermindering of dreigende vermindering van de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens, plant of dier. Bij overschrijding van de interventiewaarde spreken we van een sterke verontreiniging. Als grondmengmonsters zijn onderzocht, kunnen de gehalten in afzonderlijke monsters hoger zijn. In een aanvullend of nader onderzoek kunnen vervolgens de enkelvoudige monsters worden geanalyseerd. Alleen met aanvullende analyseresultaten kan doorgaans voldoende inzicht worden verkregen in de omvang van de verontreinigingen. De ernst van een verontreiniging is, conform de Wet Bodembescherming (Wbb), gerelateerd aan een omvangscriterium. Om van een geval van ernstige bodemverontreiniging te kunnen spreken, dient voor ten minste één stof de interventiewaarde te worden overschreden in minimaal 25 m 3 grond of 100 m3 grondwater. Als een voldoende beeld van de verontreinigingen is verkregen, kan een inschatting worden gemaakt van de eventuele risico's voor de volksgezondheid en de mogelijke gebruiksbeperkingen van de locatie.

Verontreinigingen die geheel of grotendeels na 1 januari 1987 zijn ontstaan, vallen onder de zorgplicht in de Wbb en dienen in principe zo spoedig mogelijk, ongeacht de ernst van de verontreiniging, te worden verwijderd.

4.

RESULTATEN BODEMONDERZOEK

4.1

RESULTATEN VELDONDERZOEK

Het veldonderzoek is, zonder afwijkingen op de uitvoeringsvoorschriften, uitgevoerd op 4 maart 2019 door de heer H. Manshanden. Tijdens het veldwerk zijn geen extra aandachtspunten voor mogelijke bodemverontreiniging naar voren gekomen. Zoals verwacht is de bodem puin houdend. Gelijkmatig verdeeld over het terrein zijn handmatig met behulp van de Edelmanboor 6 grondboringen tot de grondwaterstand verricht. Daarnaast is 1 peilbuisboring verricht, waarin een filter is geplaatst. Het algemene, kenmerkende bodemprofiel op de locatie tot een diepte van circa 2,5 m -mv bestaat overwegend uit een laag (opgebracht) matig fijn, zwak siltig zand op (puin houdende) sterk zandige klei op mineraalarm veen. Tijdens het veldwerk is in de boringen 2 en 3 puin aangetroffen en in de boringen 1 en 4 zijn baksteen resten aangetroffen. Voor het overige zijn zintuiglijk geen verontreinigingen waargenomen. Zintuiglijk is geen asbestverdacht materiaal op het maaiveld of in de opgeboorde grond aangetroffen. In daken van enkele opstallen op de locatie is asbestverdacht plaatmateriaal gebruikt. Aangezien de boringen met een Edelmanboor (diameter 12 cm) zijn verricht, is deze informatie slechts indicatief. De puinhoudende grond ter plaatse van de boringen 2 en 3 is potentieel asbestverdacht. De aangetroffen baksteen resten, zijn in het veld als niet asbestverdacht aangemerkt.

Uit de in het veld genomen enkelvoudige monsters zijn door het laboratorium, volgens de opdracht van Landview BV, mengmonsters samengesteld en geanalyseerd conform onderstaande tabel 4. Tabel 4: Monsterselectie Analysemonster mm1

Traject (m -mv) 0,25 - 0,80

mm2

0,45 - 0,70

mm3

0,00 - 0,60

Deelmonsters

Analysepakket

01 (0,50 - 0,80) 04 (0,25 - 0,60) 02 (0,50 - 0,70) 03 (0,45 - 0,70) 05 (0,10 - 0,60) 06 (0,00 - 0,40) 07 (0,00 - 0,50)

AS3000: Standaard bodem incl lutum en humus AS3000: Standaard bodem incl lutum en humus AS3000: Standaard bodem incl lutum en humus

Ter bemonstering van het grondwater is grondboring 1 afgewerkt met een peilbuis. Het filter is conform NEN geplaatst, gebaseerd op de tijdens het veldonderzoek ingeschatte grondwaterstand van 0,80 m -mv. De verbinding tussen filter en stijgbuis is geklemd. Het filter is voorzien van een filterkous. Tot een halve meter boven het filter is het boorgat opgevuld met filtergrind; hierboven is een halve meter opgevuld met Bentoniet (zwelklei). De peilbuis is niet ingemeten ten opzichte van NAP, omdat bij verkennend bodemonderzoek hieraan geen prioriteit wordt gegeven. Om representatieve grondwatermonsters te verkrijgen is, na het plaatsen van de peilbuis en voor de monstername, een hoeveelheid water afgepompt gelijk aan driemaal de boorgatinhoud. Tijdens het afpompen zijn de Ec en de pH van het opgepompte water gemeten totdat deze constant bleven. Bij het schoonpompen is een matige toestroming van het grondwater geconstateerd. De bemonstering is op 11 maart 2019 door de heer H. Manshanden uitgevoerd. De filterstelling van de bemonsterde peilbuis, de grondwaterstand (gws), de zuurgraad (pH), de soortelijke geleiding (Ec), de troebelheid en eventuele zintuiglijke afwijkingen zijn weergegeven in tabel 5. Tabel 5: gegevens grondwater Peilbuis 1

Filterstelling (m –mv) 1,2 – 2,2

Gws (m –mv) 0,42

Zuurgraad (pH) 6,94

Ec (µS/cm) 940

Troebelheid (FTU) 25,18

Zintuiglijke afwijkingen geen

De soortelijke geleiding en de zuurgraad van het grondwater, gemeten in het veld, weken niet af van de te verwachten waarden, gezien het bodemtype en de geohydrologische situatie op de locatie. De natuurlijke troebelheid ligt tussen 0 en 10 FTU. Naar onze mening is, ondanks de verhoogde

troebelheidswaarde, toch een representatief monster verkregen voor analyse. Bij de interpretatie wordt rekening gehouden met de gemeten hogere troebelheid. De boorpunten (1 t/m 7) zijn aangegeven op de situatietekening van bijlage 2. In bijlage 3 worden de beschrijvingen van de boringen, de peilbuis, de zintuiglijke waarnemingen en de monstername weergegeven. Zintuiglijk waarneembare afwijkingen ten aanzien van de aanwezigheid van bodemvreemde bijmengingen en de kleur van het bodemmateriaal zijn qua aard en mate beschreven.

4.2

ANALYSERESULTATEN GROND

Ter vaststelling van de toetsingswaarden voor de grond zijn voor dit onderzoek het organische stofgehalte en de lutumfractie van representatieve grondsoorten door het laboratorium bepaald. De analyseresultaten staan weergegeven op de analysecertificaten van bijlage 4.1, waarop tevens de gebruikte analysemethoden zijn aangegeven. De toetsing voor de grond volgens de BoToVa (Bodem Toets- en Validatieservice) van Rijkswaterstaat Leefomgeving staat weergegeven in bijlage 4.2. Overschrijdingen van de toetsingswaarden staan in onderstaande tabel 5 weergegeven. Tabel 6: Overschrijdingstabel grond Analysemonster mm1

Traject (m -mv) 0,25 - 0,80

mm2

0,45 - 0,70

mm3

0,00 - 0,60

> AW >I Index

> AW (+index)

> I (+index)

Minerale olie C10 - C40 (0,01) Koper (0,11) Zink (0,27) Cadmium (-) Kwik (-) Lood (0,14) PAK 10 VROM (0,05) Minerale olie C10 - C40 (0,25) Kobalt (0,14) Nikkel (0,94) Molybdeen (0,01) Cadmium (0,11) Lood (0,67) Koper (0,03) Zink (0,01) Kwik (0,01) Lood (0,04)

-

BBK monsterconclusie indicatief Klasse industrie

Koper (132,19) Zink (2,1)

Niet Toepasbaar > Interventiewaarde

-

Klasse wonen

: > Achtergrondwaarde : > Interventiewaarde : (GSSD - AW) / (I - AW)

In mengmonster mm2 van de puin houdende grond uit de boringen 2 en 3 overschrijden de gehalten aan koper en zink de interventiewaarden. Daarnaast overschrijden de gehalten aan lood en nikkel de halve som van de achtergrond- en interventiewaarden. Het gehalte aan barium is hoog, vermoedelijk wordt het veroorzaakt door de bijmengingen aan puin, en overschrijdt de interventiewaarde. In de overige mengmonsters zijn maximaal overschrijdingen van streefwaarden geconstateerd.

4.3

ANALYSERESULTATEN GRONDWATER

De analyseresultaten staan weergegeven op de analysecertificaten van bijlage 4.1, waarop tevens de gebruikte analysemethoden zijn aangegeven. De toetsing voor het grondwater volgens de BoToVa staat weergegeven in bijlage 4.3. In het grondwatermonster uit de peilbuis overschrijdt de concentratie van barium de streefwaarde.

5.

AANVULLEND BODEMONDERZOEK

Gezien de analyseresultaten van mengmonster mm2 van de puin houdende grond is in een 2e fase een aanvullend onderzoek uitgevoerd. Aangezien de gehalten aan koper, lood, nikkel en zink in dit mengmonster minimaal de halve som van de achtergrond- en interventiewaarden overschrijden, bestaat formeel een vermoeden van ernstige bodemverontreiniging. Alvorens een nader onderzoek wordt ingesteld, worden in eerste instantie enkelvoudige grondmonsters onderzocht voor het verkrijgen van een beeld over de ruimtelijke verdeling van de verontreinigingen. Daarnaast kan meer zekerheid over mogelijke actuele risico's voor de volksgezondheid en eventuele gebruiksbeperkingen worden verkregen. Voor het beter inschatten van de omvang van de verontreinigingen zijn 2 enkelvoudige monsters geanalyseerd op de gehalten aan zware metalen. De analyseresultaten van de grondmonsters staan weergegeven op de analysecertificaten van bijlage 2.1, waarop tevens de gebruikte analysemethoden zijn aangegeven. Tabel 7: Overschrijdingstabel grond Analysemonster 2

Traject (m -mv) 0,50 - 0,70

3

0,45 - 0,70

> AW >I Index

> AW (+index)

> I (+index)

Nikkel (0,14) Zink (0,66) Cadmium (0,02) Lood (0,2) Kobalt (0,22) Molybdeen (0,02) Cadmium (0,19)

Koper (2,21)

Nikkel (1,43) Koper (10,87) Zink (4,57) Lood (2,61)

BBK monsterconclusie indicatief Niet Toepasbaar > Interventiewaarde

Niet Toepasbaar > Interventiewaarde

: > Achtergrondwaarde : > Interventiewaarde : (GSSD - AW) / (I - AW)

In het enkelvoudige puinhoudende grondmonster uit boring 2 overschrijdt het gehalte aan koper de interventiewaarde. Het gehalte aan zink overschrijdt het gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarde en de gehalten aan nikkel, cadmium en lood overschrijden de achtergrondwaarden. Het gehalte aan barium is hoog, vermoedelijk wordt het veroorzaakt door de bijmengingen aan puin, en overschrijdt de interventiewaarde. In het enkelvoudige puinhoudende grondmonster uit boring 3 overschrijden de gehalten aan nikkel, koper, zink en lood de interventiewaarden. De gehalten aan kobalt, molybdeen en cadmium overschrijden de achtergrondwaarden. Het gehalte aan barium is hoog, vermoedelijk wordt het veroorzaakt door de bijmengingen aan puin, en overschrijdt de interventiewaarde.

6.

CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN

In het mengmonster van de puinhoudende ondergrond ter plaatse van de klinkerverharding zijn sterke verontreinigingen, tot boven de interventiewaarden, met koper en zink geconstateerd. Daarnaast zijn matige verhogingen aan lood en nikkel aangetroffen. Het gehalte aan barium is hoog, vermoedelijk wordt het veroorzaakt door de bijmengingen aan puin, en overschrijdt de interventiewaarde. In een 2de fase onderzoek is het mengmonster van de puinhoudende ondergrond uitgesplitst en zijn in beide enkelvoudige grondmonsters, uit de boringen 2 en 3, sterke verontreinigingen met koper en barium geconstateerd. In de grond uit boring 3 zijn daarnaast sterke verontreinigingen met nikkel, zink en lood aangetroffen. Voor het overige zijn in de grondmonsters maximaal licht verhoogde gehalten aan zware metalen, som PAK en minerale olie geconstateerd. In het grondwater is een lichte verhogingen van barium aangetroffen. De overige onderzochte stoffen zijn niet in verhoogde concentraties aangetroffen. De hypothese dat in de grond verhoogde gehalten verontreinigende stoffen aanwezig zijn, wordt in het onderzoek bevestigd. De hypothese dat in het grondwater geen verhoogde concentraties aanwezig zijn, behalve mogelijk van nature verhoogde concentraties, wordt in het onderzoek bevestigd.

De verhoogde gehalten van zware metalen, som PAK en minerale olie in de grond kunnen worden verklaard door de aanwezigheid van puin in de grond. In puin houdende grond worden regelmatig verhoogde gehalten aan dergelijke stoffen aangetroffen. De geconstateerde gehalten voldoen aan de te verwachte kwaliteit in vergelijkbare omstandigheden. In veengebieden is vaak grond opgebracht van onbekende en verschillende herkomst. Dit verklaard ook de heterogeniteit van de geconstateerde verontreinigingen. Tevens kunnen de verhoogde gehalten zijn ontstaan door de werkzaamheden die in het verleden op de locatie hebben plaatsgevonden. In (delen van) Nederland worden in het grondwater veelvuldig verhoogde concentraties barium geconstateerd, waarvoor een natuurlijke oorzaak wordt verondersteld. In het kader van verkennend bodemonderzoek wordt aan een vervolgonderzoek geen hoge prioriteit gegeven. Op de locatie bestaan, op grond van de resultaten van dit onderzoek, geen risico's voor de volksgezondheid of de ecologie bij het beoogde gebruik, wonen met tuin. De aangetroffen sterke verontreinigingen bevinden zich in de ondergrond en onder de klinkers, bij normaal gebruik zijn er geen contactmogelijkheden. Bij graafwerkzaamheden op het terrein bestaan er beperkingen in de mogelijkheid tot hergebruik van eventueel vrijkomende grond buiten de locatie.

De hergebruiksmogelijkheden van eventueel af te voeren grond dienen in overleg met het bevoegd gezag en conform het Besluit Bodemkwaliteit bepaald te worden. Sterk verontreinigde grond mag niet buiten de locatie worden toegepast. Op de locatie is, op basis van de huidige gegevens, sprake van een vermoeden van een geval van ernstige bodemverontreiniging ter plaatse van de boorpunten 2 en 3 met koper en barium. Daarnaast zijn lokaal sterke verontreinigingen met nikkel, zink en lood aangetroffen. Indien wenselijk, kan de omvang van de verontreiniging, beter in kaart worden gebracht middels aanvullende boringen en analyses. Alle werkzaamheden in en op de sterk verontreinigde bodem (o.a. graafwerkzaamheden) worden als saneringswerkzaamheden gezien. Deze werkzaamheden moeten worden gemeld aan het bevoegd gezag middels een melding in het kader van Besluit Uniforme Saneringen (BUS-melding) of een plan van aanpak. Gezien de geconstateerde verontreinigingen in de puinhoudende grond zullen graafwerkzaamheden in deze laag op last van de ARBO moet gebeuren onder extra veiligheidsmaatregelen. Volgens de

CROW400 wordt het werk voorlopig ingedeeld in veiligheidsklasse “rood niet-vluchtig” op basis van het gehalte aan lood. Werkzaamheden elders op de locatie kunnen volgens de CROW400 worden uitgevoerd, zonder dat er een veiligheidsklasse van toepassing is. Deze indeling is indicatief en moet worden gecontroleerd door een hogere veiligheidsdeskundige. Nu wordt reeds aangegeven dat de aannemer die de (sanering)werkzaamheden, in of op de sterk verontreinigde bodem, uit gaat voeren BRL 7000 gecertificeerd moet zijn en dat de saneringswerkzaamheden eventueel moeten worden begeleid door een milieukundig begeleider, welke is gecertificeerd voor de BRL 6000. Tijdens het onderzoek is zintuiglijk op het maaiveld en in de bodem geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. Tijdens een verkennend bodemonderzoek (NEN 5740) wordt de bodem niet specifiek op asbest onderzocht. In enkele opstallen is asbestverdacht materiaal gebruikt als dakbedekking. In de grond ter plaatse van de boringen 2 en 3 is puin aangetroffen en puin is potentieel asbestverdacht. De aangetroffen baksteen resten, zijn in het veld als niet asbestverdacht aangemerkt. Om uit te sluiten of er asbest in de bodem aanwezig is, is uitvoering van een asbestonderzoek conform NEN 5707 noodzakelijk. De uiteindelijke toetsende en handhavende taak ligt bij het bevoegd gezag, zijnde de gemeente / omgevingsdienst IJmond.

7.

SLOTOPMERKINGEN

Het onderzoek is op zorgvuldige wijze verricht door Landview BV uit Hoorn. Een bodemonderzoek wordt steekproefsgewijs uitgevoerd. Hierdoor hebben de onderzoeksresultaten een beperkte geldigheidsduur. Hoewel de grootste zorgvuldigheid wordt betracht bij de uitvoering van het onderzoek is het, juist door de steekproefsgewijze bemonstering, mogelijk dat plaatselijk afwijkingen in het bodemprofiel aanwezig zijn, welke tijdens het onderzoek niet naar voren zijn gekomen. Landview BV aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor hieruit voortvloeiende schade of gevolgen van welke aard dan ook. In dit kader wordt tevens opgemerkt dat Landview BV niet kan instaan voor de volledigheid en juistheid van door derden verstrekte informatie en van eventueel door derden uitgevoerd (voor)onderzoek. Het uitgevoerde bodemonderzoek betreft een momentopname. Beïnvloeding van bodemkwaliteit zal ook plaats kunnen vinden na uitvoering van dit onderzoek. Naarmate er een langere tijd is verstreken na uitvoering van het onderzoek, dient meer voorzichtigheid te worden betracht bij het gebruik van de resultaten van het onderzoek. Dit rapport mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd.

8.

REFERENTIES

*

Bodem, Landbodem. Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek, NEN 5725:2017. Nederlands Normalisatie-instituut, Delft, oktober 2017.

*

Bodem, Landbodem. Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek, NEN 5740/A1. Nederlands Normalisatie-instituut, Delft, februari 2016.

*

Beoordelingsrichtlijn voor het SIKB procescertificaat voor Veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek BRL SIKB 2000. Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer, vigerende versie.

*

Bodem, boorsystemen en monsternemingstoestellen voor grond, sediment en grondwater, die worden toegepast bij bodemverontreinigingsonderzoek, NPR 5741. Nederlands Normalisatieinstituut, Delft, 1994.

*

Wijziging Circulaire bodemsanering. Vigerende versie. Staatscourant, ’s-Gravenhage.

*

Wijziging Regeling bodemkwaliteit. Vigerende versie. Staatscourant, ’s-Gravenhage.

*

Leidraad Bodembescherming. Vigerende aflevering. SDU uitgeverij, 's-Gravenhage.

*

Kwantiteit en kwaliteit van grond- en oppervlaktewater in Noord-Holland benoorden het IJ. Regionale studies, Werkgroep Noord-Holland, Instituut voor Cultuurtechniek en Waterhuishouding, Wageningen, 1982.

*

Grondwaterkwaliteit. Een eerste presentatie van grondwaterkwaliteitsgegevens uit het Provinciaal Meetnet Grondwaterkwaliteit, Provincie Noord-Holland, december 1996.

*

Tijdreis, over 200 jaar topografie. www.topotijdreis.nl

BIJLAGE 1 REGIONALE SITUATIE

Uw referentie: 2019340 181

Uittreksel Kadastrale Kaart

180 A

516

1639

18 0

180B

515

1638

513

17 5D

178 B

512

17 5B

17 5C

510

0m

Deze kaart is noordgericht Perceelnummer 25 Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens Bebouwing Overige topografie Voor een eensluidend uittreksel, Y, 1 maart 2019 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers

12345

5m

25 m

Schaal 1:500 Kadastrale gemeente Sectie Perceel

Landsmeer M 1638

Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.

Omgevingskaart

Klantreferentie: 2019340

0m

125 m

625 m

Deze kaart is noordgericht. Hier bevindt zich Kadastraal object Landsmeer M 1638 CC-BY Kadaster.

Schaal 1: 12500

Projectcode: 2019340

BIJLAGE 3 BOORPROFIELEN

Datum:

Boring:

01

Boormeester:

Hans Manshanden

0

4-3-2019

klinker

Datum:

Boring:

02

Boormeester:

Hans Manshanden

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, creme

4-3-2019

klinker Zand, matig fijn, zwak siltig, creme

1

1

50

50 2

Klei, matig zandig, zwak humeus, matig baksteenhoudend, bruin

2

Klei, sterk zandig, zwak humeus, uiterst puinhoudend

Klei, matig zandig, zwak humeus, zwak koolashoudend, bruin 3

100

Klei, uiterst siltig, grijs 4 150

Klei, uiterst siltig, matig humeus, bruingrijs 5 200 Veen, mineraalarm, donkerbruin

6

Datum:

Boring:

03

Boormeester:

Hans Manshanden

0

4-3-2019

klinker

Datum:

Boring:

04

Boormeester:

Hans Manshanden

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, creme

4-3-2019

klinker Zand, matig fijn, zwak siltig, grijscreme

1 1

2 50 2

Klei, sterk zandig, zwak humeus, uiterst puinhoudend

Datum:

Boring:

05

Boormeester:

Hans Manshanden

0

4-3-2019

erf

Klei, sterk zandig, matig baksteenhoudend, bruin

50

Datum:

Boring:

06

Boormeester:

Hans Manshanden

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, creme

4-3-2019

erf Klei, zwak siltig, sterk humeus, bruin

Klei, zwak siltig, sterk humeus, bruin

1

1 50

50

Datum:

Boring:

07

Boormeester:

Hans Manshanden

0

Veen, sterk kleiïg, donkerbruin 2

4-3-2019

erf Klei, zwak siltig, sterk humeus, donkerbruin

1

50

Lokatienaam:Den Ilp 180b

getekend volgens NEN-EN-ISO 14688

Legenda (conform NEN 5104) grind

klei

geur

Grind, siltig

Klei, zwak siltig

Grind, zwak zandig

Klei, matig siltig

geen geur zwakke geur matige geur sterke geur

Grind, matig zandig

Klei, sterk siltig

Grind, sterk zandig

Klei, uiterst siltig

Grind, uiterst zandig

Klei, zwak zandig

uiterste geur

olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie matige olie-water reactie sterke olie-water reactie Klei, matig zandig

Klei, sterk zandig

zand

uiterste olie-water reactie

p.i.d.-waarde >0

Zand, kleiïg

>1 >10 Zand, zwak siltig

>100

leem

>1000

Zand, matig siltig

Leem, zwak zandig

>10000

Zand, sterk siltig

Leem, sterk zandig

monsters geroerd monster

Zand, uiterst siltig

overige toevoegingen zwak humeus

veen Veen, mineraalarm

matig humeus

ongeroerd monster volumering

overig bijzonder bestanddeel

Veen, zwak kleiïg

sterk humeus

Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand

Veen, sterk kleiïg

zwak grindig

Veen, zwak zandig

matig grindig

Veen, sterk zandig

sterk grindig

Gemiddeld laagste grondwaterstand slib

water

peilbuis blinde buis

casing

hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand zand afdichting bentoniet/mikoliet/klei afdichting

grind afdichting filter

BIJLAGE 4.1 ANALYSECERTIFICATEN LABORATORIUM Locatie Projectnummer grond Project code:

: Den Ilp 180b te Den Ilp : 2019340

867835 874737 867837

Landview B.V. T.a.v. de heer P.S. Krommenhoek Postbus 4060 1620 HB HOORN

Uw kenmerk : 2019340-Ilp Ons kenmerk : Project 867835 Validatieref. : 867835_certificaat_v1 Opdrachtverificatiecode : UOEB-TNCQ-CZOI-EAYI Bijlage(n) : 2 tabel(len) + 3 oliechromatogram(men) + 3 bijlage(n)

Amsterdam, 19 maart 2019 Hierbij zend ik u de resultaten van het laboratoriumonderzoek dat op uw verzoek is uitgevoerd in de door u aangeboden monsters. De resultaten hebben uitsluitend betrekking op de monsters, zoals die door u voor analyse ter beschikking werden gesteld. Het onderzoek is, met uitzondering van eventueel uitbesteed onderzoek, uitgevoerd door Eurofins Omegam volgens de methoden zoals ze zijn vastgelegd in het geldende accreditatie-certificaat L086 en/of in de bundel "Analysevoorschriften Eurofins Omegam". De in dit onderzoek uitgevoerde onderzoeksmethoden van de geaccrediteerde analyses zijn in een aparte bijlage als onderdeel van dit analyse-certificaat opgenomen. De methoden zijn, voor zover mogelijk, ontleend aan de accreditatieprogramma's/schema's en NEN- EN- en/of ISO-voorschriften. Ik wijs u erop dat het analyse-certificaat alleen in zijn geheel mag worden gereproduceerd. Ik vertrouw erop uw opdracht volledig en naar tevredenheid te hebben uitgevoerd. Heeft u naar aanleiding van deze rapportage nog vragen, dan verzoek ik u contact op te nemen met onze klantenservice. Hoogachtend, namens Eurofins Omegam,

Ing. J. Tukker Manager productie

Op dit certificaat zijn onze algemene voorwaarden van toepassing. Dit analyse-certificaat mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd.

Eurofins Omegam B.V. H.J.E. Wenckbachweg 120 NL-1114 AD Amsterdam-Duivendrecht Nederland

T +31-(0)20-597 66 80 CSOmegam@eurofins.com www.eurofins.nl

IBAN NL 16 BNPA 0227667980 BIC BNPANL2A BTW nr. NL8139.67.132.B01 KvK nr. 34215654

Tabel 1 van 2 ANALYSECERTIFICAAT Project code Project omschrijving Opdrachtgever

: 867835 : 2019340-Ilp : Landview B.V.

Monsterreferenties 5909538 = mm1 01 (50-80) 04 (25-60) 5909539 = mm2 02 (50-70) 03 (45-70) 5909540 = mm3 05 (10-60) 06 (0-40) 07 (0-50) Opgegeven bemonsteringsdatum Ontvangstdatum opdracht Startdatum Monstercode Matrix

: : : : :

Monstervoorbewerking S AS3000 (steekmonster) S gewicht artefact S soort artefact S voorbewerking AS3000

g

04/03/2019 13/03/2019 13/03/2019 5909538 Grond

04/03/2019 13/03/2019 13/03/2019 5909539 Grond

04/03/2019 13/03/2019 13/03/2019 5909540 Grond

uitgevoerd n.v.t. n.v.t. uitgevoerd

uitgevoerd n.v.t. n.v.t. uitgevoerd

uitgevoerd n.v.t. n.v.t. uitgevoerd

Algemeen onderzoek - fysisch S droge stof % S organische stof (gec. voor lutum) % (m/m ds) S lutumgehalte (pipetmethode) % (m/m ds)

73,8 7,0 1,4

84,5 3,2 <1

59,6 14,2 7,8

Anorganische parameters - metalen S barium (Ba) mg/kg ds S cadmium (Cd) mg/kg ds S kobalt (Co) mg/kg ds S koper (Cu) mg/kg ds S kwik (Hg) (niet vluchtig) mg/kg ds S lood (Pb) mg/kg ds S molybdeen (Mo) mg/kg ds S nikkel (Ni) mg/kg ds S zink (Zn) mg/kg ds

93 0,47 < 3,0 32 0,12 82 < 1,5 10 140

510 1,2 11 10000 < 0,05 240 2,7 33 590

65 0,31 3,3 35 0,31 58 < 1,5 13 100

Organische parameters - niet aromatisch S minerale olie (florisil clean-up) mg/kg ds

180

450

160

Organische parameters - aromatisch Polycyclische koolwaterstoffen: S naftaleen mg/kg ds S fenantreen mg/kg ds S anthraceen mg/kg ds S fluoranteen mg/kg ds S benzo(a)antraceen mg/kg ds S chryseen mg/kg ds S benzo(k)fluoranteen mg/kg ds S benzo(a)pyreen mg/kg ds S benzo(ghi)peryleen mg/kg ds S indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kg ds S som PAK (10) mg/kg ds

< 0,05 0,36 0,23 0,89 0,35 0,45 0,34 0,32 0,30 0,29 3,6

< 0,05 < 0,05 < 0,05 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 < 0,05 0,36

< 0,05 0,07 0,06 0,14 < 0,05 0,08 0,06 < 0,05 < 0,05 < 0,05 0,58

Organische parameters - gehalogeneerd Polychloorbifenylen: S PCB -28 mg/kg ds S PCB -52 mg/kg ds S PCB -101 mg/kg ds S PCB -118 mg/kg ds S PCB -138 mg/kg ds S PCB -153 mg/kg ds S PCB -180 mg/kg ds S som PCBs (7) mg/kg ds

< 0,001 < 0,001 0,001 < 0,001 0,004 0,003 0,002 0,012

< 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 < 0,001 0,005

< 0,001 < 0,001 0,002 0,002 0,003 0,002 < 0,001 0,011

Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. - De met een 'Q' gemerkte analyses zijn door RvA geaccrediteerd (registratienummer L086). - De met een 'S' gemerkte analyses zijn door RvA geaccrediteerd (L086) en op basis van het schema AS 3000 erkend. Opdrachtverificatiecode: UOEB-TNCQ-CZOI-EAYI

Ref.: 867835_certificaat_v1

Tabel 2 van 2 ANALYSECERTIFICAAT Project code Project omschrijving Opdrachtgever

: 867835 : 2019340-Ilp : Landview B.V.

Opmerkingen m.b.t. analyses Opmerking(en) algemeen Organische stof gehalte (gecorrigeerd voor lutum en vrij ijzer in de vorm van Fe2O3) Het organische stofgehalte is gecorrigeerd voor het in het analysecertificaat gerapporteerde lutumgehalte. Indien het lutumgehalte niet is gerapporteerd is de correctie uitgevoerd met een lutumgehalte van 5,4% (gemiddeld lutumgehalte Nederlandse bodem, AS3010/AS3210, prestatieblad organische stofgehalte in grond/waterbodem). Indien het vrij ijzergehalte is bepaald en groter is dan 5 % m/m, is bij de berekening van het organische stof gecorrigeerd voor dat gehalte aan vrij ijzer. Sommatie van concentraties voor groepsparameters De sommatie is uitgevoerd volgens AS3000 paragraaf 2.5.2 en bijlage 3. Uw referentie Monstercode

: :

mm1 01 (50-80) 04 (25-60) 5909538

Opmerking(en) bij resultaten: PCB -138: -

Bij deze gaschromatografische analyse valt PCB 138 samen met PCB 163.

Uw referentie Monstercode

mm3 05 (10-60) 06 (0-40) 07 (0-50) 5909540

: :

Opmerking(en) bij resultaten: PCB -138: -

Bij deze gaschromatografische analyse valt PCB 138 samen met PCB 163.

Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: UOEB-TNCQ-CZOI-EAYI

Ref.: 867835_certificaat_v1

Oliechromatogram 1 van 3

OLIE-ONDERZOEK Monstercode : Project omschrijving : Uw referentie : Methode :

5909538 2019340-Ilp mm1 01 (50-80) 04 (25-60) minerale olie (florisil clean-up)

OLIECHROMATOGRAM

➝ oliefractieverdeling OLIEFRACTIEVERDELING 1) 2) 3) 4)

fractie > C10 - C19 fractie C19 - C29 fractie C29 - C35 fractie C35 -< C40

7% 42 % 42 % 9%

minerale olie gehalte: 180 mg/kg ds

Minerale olie Interpretatie: raadpleeg voor de typering van de oliesoort de OMEGAM oliebibliotheek. De hoogte van de signalen is geen maat voor de concentratie van de olie in het monster. (Het chromatogram heeft een variabele schaalindeling) Bij een minerale olie gehalte kleiner dan de rapportagegrens worden geen oliefracties weergegeven. Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: UOEB-TNCQ-CZOI-EAYI

Ref.: 867835_certificaat_v1

Oliechromatogram 2 van 3

OLIE-ONDERZOEK Monstercode : Project omschrijving : Uw referentie : Methode :

5909539 2019340-Ilp mm2 02 (50-70) 03 (45-70) minerale olie (florisil clean-up)

OLIECHROMATOGRAM

➝ oliefractieverdeling OLIEFRACTIEVERDELING 1) 2) 3) 4)

fractie > C10 - C19 fractie C19 - C29 fractie C29 - C35 fractie C35 -< C40

1% 34 % 39 % 26 %

minerale olie gehalte: 450 mg/kg ds

Minerale olie Interpretatie: raadpleeg voor de typering van de oliesoort de OMEGAM oliebibliotheek. De hoogte van de signalen is geen maat voor de concentratie van de olie in het monster. (Het chromatogram heeft een variabele schaalindeling) Bij een minerale olie gehalte kleiner dan de rapportagegrens worden geen oliefracties weergegeven. Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: UOEB-TNCQ-CZOI-EAYI

Ref.: 867835_certificaat_v1

Oliechromatogram 3 van 3

OLIE-ONDERZOEK Monstercode : Project omschrijving : Uw referentie : Methode :

5909540 2019340-Ilp mm3 05 (10-60) 06 (0-40) 07 (0-50) minerale olie (florisil clean-up)

OLIECHROMATOGRAM

➝ oliefractieverdeling OLIEFRACTIEVERDELING 1) 2) 3) 4)

fractie > C10 - C19 fractie C19 - C29 fractie C29 - C35 fractie C35 -< C40

4% 40 % 53 % 4%

minerale olie gehalte: 160 mg/kg ds

Minerale olie Interpretatie: raadpleeg voor de typering van de oliesoort de OMEGAM oliebibliotheek. De hoogte van de signalen is geen maat voor de concentratie van de olie in het monster. (Het chromatogram heeft een variabele schaalindeling) Bij een minerale olie gehalte kleiner dan de rapportagegrens worden geen oliefracties weergegeven. Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: UOEB-TNCQ-CZOI-EAYI

Ref.: 867835_certificaat_v1

Bijlage 1 van 3 ANALYSECERTIFICAAT Project code Project omschrijving Opdrachtgever

: 867835 : 2019340-Ilp : Landview B.V.

Houdbaarheid- & conserveringsopmerkingen De onderstaande constatering(en) wijzen op een afwijking van het SIKB-protocol 3001 (Conserveringsmethoden en conserveringstermijnen van milieumonsters). Deze afwijking resulteert in de volgende voorgeschreven opmerking: "Er zijn verschillen met de richtlijnen geconstateerd die de betrouwbaarheid van de gemarkeerde resultaten in dit analyserapport mogelijk hebben beïnvloed." Deze bijlage vormt samen met andere bijlagen, tabellen en het voorblad, een integraal onderdeel van dit analyse-certificaat.

Uw referentie Monstercode

: mm1 01 (50-80) 04 (25-60) : 5909538

Opmerking(en) by analyse(s): Minerale olie (florisil - De conserveringstermijn is overschreden omdat de opdracht niet binnen de afgesproken clean-up): termijn is ontvangen. Uw referentie Monstercode

: mm2 02 (50-70) 03 (45-70) : 5909539

Opmerking(en) by analyse(s): Minerale olie (florisil - De conserveringstermijn is overschreden omdat de opdracht niet binnen de afgesproken clean-up): termijn is ontvangen. Uw referentie Monstercode

: mm3 05 (10-60) 06 (0-40) 07 (0-50) : 5909540

Opmerking(en) by analyse(s): Minerale olie (florisil - De conserveringstermijn is overschreden omdat de opdracht niet binnen de afgesproken clean-up): termijn is ontvangen.

Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: UOEB-TNCQ-CZOI-EAYI

Ref.: 867835_certificaat_v1

Bijlage 2 van 3 ANALYSECERTIFICAAT Project code Project omschrijving Opdrachtgever

: 867835 : 2019340-Ilp : Landview B.V.

Barcodeschema's Monstercode Uw referentie

monster

diepte

barcode

5909538

mm1 01 (50-80) 04 (25-60)

01 04

0.5-0.8 0.25-0.6

3181954AA 3182019AA

5909539

mm2 02 (50-70) 03 (45-70)

02 03

0.5-0.7 0.45-0.7

3181932AA 3181939AA

5909540

mm3 05 (10-60) 06 (0-40) 07 (0-50)

05 06 07

0.1-0.6 0-0.4 0-0.5

3181994AA 3182013AA 3182003AA

Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: UOEB-TNCQ-CZOI-EAYI

Ref.: 867835_certificaat_v1

Bijlage 3 van 3 ANALYSECERTIFICAAT Project code Project omschrijving Opdrachtgever

: 867835 : 2019340-Ilp : Landview B.V.

Analysemethoden in Grond (AS3000) AS3000 In dit analysecertificaat zijn de met 'S' gemerkte analyses uitgevoerd volgens de analysemethoden beschreven in het "Accreditatieschema Laboratoriumanalyses voor grond-, waterbodem- en grondwateronderzoek (AS SIKB 3000)". Het laboratoriumonderzoek is uitgevoerd volgens de onderstaande analysemethoden. Deze analyses zijn vastgelegd in het geldende accreditatie-certificaat met bijbehorende verrichtingenlijst L086 van Eurofins Omegam BV. voorbewerking AS3000 Droge stof Organische stof (gec. voor lutum) Lutumgehalte (pipetmethode) Barium (Ba) Cadmium (Cd) Kobalt (Co) Koper (Cu) Kwik (Hg) (niet vluchtig) Lood (Pb) Molybdeen (Mo) Nikkel (Ni) Zink (Zn) Minerale olie (florisil clean-up) PAKs PCBs

: Conform AS3000 en NEN-EN 16179 : Conform AS3010 prestatieblad 2 : Conform AS3010 prestatieblad 3 en gelijkwaardig aan NEN 5754 : Conform AS3010 prestatieblad 4; gelijkwaardig aan NEN 5753 : Conform AS3010 prestatieblad 5 en NEN-EN-ISO 17294-2 en destructie conform NEN 6961 : Conform AS3010 prestatieblad 5 en NEN-EN-ISO 17294-2 en destructie conform NEN 6961 : Conform AS3010 prestatieblad 5 en NEN-EN-ISO 17294-2 en destructie conform NEN 6961 : Conform AS3010 prestatieblad 5 en NEN-EN-ISO 17294-2 en destructie conform NEN 6961 : Conform AS3010 prestatieblad 5 en NEN-EN-ISO 17294-2 en destructie conform NEN 6961 : Conform AS3010 prestatieblad 5 en NEN-EN-ISO 17294-2 en destructie conform NEN 6961 : Conform AS3010 prestatieblad 5 en NEN-EN-ISO 17294-2 en destructie conform NEN 6961 : Conform AS3010 prestatieblad 5 en NEN-EN-ISO 17294-2 en destructie conform NEN 6961 : Conform AS3010 prestatieblad 5 en NEN-EN-ISO 17294-2 en destructie conform NEN 6961 : Conform AS3010 prestatieblad 7 : Conform AS3010 prestatieblad 6 : Conform AS3010 prestatieblad 8

Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Opdrachtverificatiecode: UOEB-TNCQ-CZOI-EAYI

Ref.: 867835_certificaat_v1

Landview B.V. T.a.v. de heer P.S. Krommenhoek Postbus 4060 1620 HB HOORN

Uw kenmerk : 2019340-Ilp Ons kenmerk : Project 867837 Validatieref. : 867837_certificaat_v1 Opdrachtverificatiecode : PPMO-IGOD-JDTH-NQNL Bijlage(n) : 2 tabel(len) + 2 bijlage(n)

Amsterdam, 15 maart 2019 Hierbij zend ik u de resultaten van het laboratoriumonderzoek dat op uw verzoek is uitgevoerd in de door u aangeboden monsters. De resultaten hebben uitsluitend betrekking op de monsters, zoals die door u voor analyse ter beschikking werden gesteld. Het onderzoek is, met uitzondering van eventueel uitbesteed onderzoek, uitgevoerd door Eurofins Omegam volgens de methoden zoals ze zijn vastgelegd in het geldende accreditatie-certificaat L086 en/of in de bundel "Analysevoorschriften Eurofins Omegam". De in dit onderzoek uitgevoerde onderzoeksmethoden van de geaccrediteerde analyses zijn in een aparte bijlage als onderdeel van dit analyse-certificaat opgenomen. De methoden zijn, voor zover mogelijk, ontleend aan de accreditatieprogramma's/schema's en NEN- EN- en/of ISO-voorschriften. Ik wijs u erop dat het analyse-certificaat alleen in zijn geheel mag worden gereproduceerd. Ik vertrouw erop uw opdracht volledig en naar tevredenheid te hebben uitgevoerd. Heeft u naar aanleiding van deze rapportage nog vragen, dan verzoek ik u contact op te nemen met onze klantenservice. Hoogachtend, namens Eurofins Omegam,

Ing. J. Tukker Manager productie

Op dit certificaat zijn onze algemene voorwaarden van toepassing. Dit analyse-certificaat mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd.

Eurofins Omegam B.V. H.J.E. Wenckbachweg 120 NL-1114 AD Amsterdam-Duivendrecht Nederland

T +31-(0)20-597 66 80 CSOmegam@eurofins.com www.eurofins.nl

IBAN NL 16 BNPA 0227667980 BIC BNPANL2A BTW nr. NL8139.67.132.B01 KvK nr. 34215654

Tabel 1 van 2 ANALYSECERTIFICAAT Project code Project omschrijving Opdrachtgever

: 867837 : 2019340-Ilp : Landview B.V.

Monsterreferenties 5909543 = 01-1-1 01 (120-220)

Opgegeven bemonsteringsdatum Ontvangstdatum opdracht Startdatum Monstercode Matrix

: : : : :

11/03/2019 13/03/2019 13/03/2019 5909543 Grondwater

Anorganische parameters - metalen Metalen ICP-MS (opgelost): S arseen (As) µg/l S barium (Ba) µg/l S cadmium (Cd) µg/l S kobalt (Co) µg/l S koper (Cu) µg/l S Kwik (Hg) (niet vluchtig) µg/l S lood (Pb) µg/l S molybdeen (Mo) µg/l S nikkel (Ni) µg/l S zink (Zn) µg/l

7,2 58 < 0,2 <2 <2 < 0,05 <2 3,7 3,4 < 10

Organische parameters - niet aromatisch S minerale olie (florisil clean-up) µg/l

< 50

Organische parameters - aromatisch Vluchtige aromaten: S benzeen µg/l S ethylbenzeen µg/l S naftaleen µg/l S o-xyleen µg/l S styreen µg/l S tolueen µg/l S xyleen (som m+p) µg/l S som xylenen µg/l

< 0,2 < 0,2 < 0,02 < 0,1 < 0,2 < 0,2 < 0,2 0,2

Organische parameters - gehalogeneerd Vluchtige chlooralifaten: S 1,1,1-trichloorethaan µg/l S 1,1,2-trichloorethaan µg/l S 1,1-dichloorethaan µg/l S 1,1-dichlooretheen µg/l S 1,1-dichloorpropaan µg/l S 1,2-dichloorethaan µg/l S 1,2-dichloorpropaan µg/l S 1,3-dichloorpropaan µg/l S cis-1,2-dichlooretheen µg/l S dichloormethaan µg/l S monochlooretheen (vinylchloride) µg/l S tetrachlooretheen µg/l S tetrachloormethaan µg/l S trans-1,2-dichlooretheen µg/l S trichlooretheen µg/l S trichloormethaan µg/l S som C+T dichlooretheen µg/l S som dichloorpropanen µg/l Vluchtige gehalogeneerde alifaten - divers: S tribroommethaan (bromoform) µg/l

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=landsmeer&id=7bb30c90-e36c-4ccc-8611-c26e1e82c740