Beantwoording Technische vragen GL, CV Koersdocument omgevingsvisie 5 mei 2021
Tekst van het document
TECHNISCHE VRAGEN
NAAM VRAGENSTELLER(S)
Mathijs van Beusekom
ONDERWERP
Vragen over koersdocument omgevingsvisie
DATUM BO / BOT
10 mei 2021
AGENDAPUNT BO / BOT
5
BEANTWOORDING
in BO
MAG DE BEANTWOORDING GEDEELD WORDEN MET DE RAAD? DATUM INDIENING BIJ GRIFFIE
ja / nee
maandag vóór 12.00 uur voorafgaand BO / BOT
DATUM VERZENDING GRIFFIE AAN COLLEGE VOOR BEANTWOORDING
donderdag uiterlijk 12.00 uur voorafgaand BO / BOT
invullen door griffie
VRAGEN Proces: 1) Is het college van mening dat het in het Koersdocument genoemde traject van: Omgevingsvisie, opstellen omgevingsprogramma's, omgevingsplannen, toetsing aan decentrale regels zoals provinciale omgevingsverordening en waterschapsverordening en, indien nodig, nog het aanvragen van een omgevingsvergunning, de kwaliteit en snelheid van het realiseren van initiatieven zal vergroten ten opzicht van de huidige situatie? En wanneer denkt zij dat dit (raak)punt zal zijn bereikt? 2) Is het college van mening dat de huidige staande organisatie voldoende is ingericht om deze aanpassingen door te voeren. Zo nee, kan het college een doorkijkje geven van welke veranderingen nodig zijn, welk tijdspad en budget hierbij nodig zal zijn? 3) In het verlengde van vraag 2. Landelijk wordt als duidelijk knelpunt de noodzakelijke automatiseringsslag genoemd. Wat is de inschatting van het college hier en wat denkt zij hier aan te kunnen doen? Is zij bijvoorbeeld voornemens dit vraagstuk mee te nemen in het overleg met de gemeenten Amsterdam en Purmerend? 4) In het koersdocument wordt voorgesteld met alle betrokken maatschappelijke partners en stakeholders overleg te voeren. Hoe denkt het college deze samenwerking, in beginsel, vorm te geven? Toelichting bij deze vragen: de ambitie van de Omgevingswet resp. -visie is om beleid en regelgeving binnen het fysieke domein te integreren resp.
te vereenvoudigen. Op zich is het een nastrevenswaardig doel om de huidige segmentering en verkokering te doorbreken en overbodige regels te saneren. Het grote gevaar is echter dat deze hele operatie op de verschillende bestuurlijke en ambtelijke niveaus tot een onoverzichtelijk
en buitengemeen lastig stuurbaar traject zal leiden, zowel qua menskracht, in kosten, en wat doorlooptijd betreft. Het zou niet het eerste traject van de overheid zijn dat, met name vanwege de hoge complexiteit, halverwege wordt afgeblazen. Het is vanuit deze zorg dat wij bovengenoemde vragen stellen. In de hoop dat het college de ambitie toont om zoveel als mogelijk het geheel te overzien en anticiperend te werk te gaan in plaats van te verwijzen naar nog op te stellen, uitwerkingsplannen, projectplannen of wat dies meer zij. Concreet: Blz. 18: Bij de realisatie van hoogbouw werken de huidige kaders rondom maximale bouwhoogtes belemmerend. Toekomstige ontwikkelingen zullen zich daarom moeten richten op de middelhoge bouwniveaus. Vraag: Op welk moment, welk document kunnen wij deze maximale bouwhoogtes ter discussie stellen?
ANTWOORD datum beantwoording: 10-5-2021 1) Is het college van mening dat het in het Koersdocument genoemde traject van: Omgevingsvisie, opstellen omgevingsprogramma's, omgevingsplannen, toetsing aan decentrale regels zoals provinciale omgevingsverordening en waterschapsverordening en, indien nodig, nog het aanvragen van een omgevingsvergunning, de kwaliteit en snelheid van het realiseren van initiatieven zal vergroten ten opzicht van de huidige situatie? En wanneer denkt zij dat dit (raak)punt zal zijn bereikt? In het koersdocument staat het proces beschreven wat gevolgd moet worden om te voldoen aan de nieuwe omgevingswet. Zo zal er eerst een omgevingsvisie moeten worden vastgesteld die vervolgens concreet vertaald zal moeten worden in het omgevingsplan. Of deze nieuwe instrumenten leiden tot het vergroten van de kwaliteit zal de toekomst moeten uitwijzen. Snellere proceduretijden is een uitgangspunt geweest bij het opstellen van de wet dus na invoering van de wet en na vaststelling van de bijbehorende instrumenten zal in beginsel de afhandeling van initiatieven sneller gaan. Uw raad kan op de snelheid invloed uitoefenen door bijvoorbeeld de eigen rol bij een vergunningsaanvraag te beperken. Het vraagstuk van de rol van uw raad bij de omgevingswet komt dit jaar ook los van de omgevingsvisie in uw raad.
Uw raad zal immers moeten besluiten voor welke vergunningsaanvragen een rol voor uw raad is weggelegd. 2) Is het college van mening dat de huidige staande organisatie voldoende is ingericht om deze aanpassingen door te voeren. Zo nee, kan het college een doorkijkje geven van welke veranderingen nodig zijn, welk tijdspad en budget hierbij nodig zal zijn? Deze vraag heeft een algemenere inslag dan het voorliggende koersdocument.Voor de invoering van de omgevingswet is de omgevingsvisie slechts één project, terwijl er meerdere projecten lopen om klaar te zijn voor de in werking treding. Op dit moment is het beeld dat wij aan de wettelijke verplichtingen bij de inwerkingtreding van de omgevingswet kunnen voldoen. In onze organisatie is de realisatie van een dergelijk groot project natuurlijk wel een grote uitdaging. 3)
In het verlengde van vraag 2. Landelijk wordt als duidelijk knelpunt de noodzakelijke automatiseringsslag genoemd. Wat is de inschatting van het college hier en wat denkt zij hier aan te kunnen doen? Is zij bijvoorbeeld voornemens dit vraagstuk mee te nemen in het overleg met de gemeenten Amsterdam en Purmerend? Zoals ook gesteld bij vraag 2, denken wij dat wij op het moment van inwerkingtreding aan de wettelijke vereisten kunnen voldoen. Dit is met inbegrip van de vereisten op het gebied van automatisering.
4) In het koersdocument wordt voorgesteld met alle betrokken maatschappelijke partners en stakeholders overleg te voeren. Hoe denkt het college deze samenwerking, in beginsel, vorm te geven? Het opstellen van de omgevingsvisie loopt volgens het vastgestelde Plan van aanpak en Participatieplan. Zoals in het raadsvoorstel ook is beschreven moeten we rekening houden met de huidige beperkingen die gelden vanwege de pandemie. 5)
Op welk moment, welk document kunnen wij deze maximale bouwhoogtes ter discussie stellen?
Als u een opvatting heeft over hetgeen nu in het koersdocument staat beschreven dan is nu ook het moment om daar uw opvatting over te delen. Hetgeen nu in het koersdocument staat zal uitgewerkt worden in de omgevingsvisie. De omgevingsvisie zal vervolgens weer worden uitgewerkt in een omgevingsplan. In het omgevingsplan zal echt de kaders waar een vergunning aan zal worden getoetst bevatten.