B5 Notitie Federatiegemeente
Tekst van het document
Is een federatiegemeente een alternatief voor een bestuurlijke fusie? Aanleiding Nu Landsmeer voorlopig geen bestuurlijke fusie kan aangaan met Waterland en zo mogelijk ook met Oostzaan en Wormerland, moeten we nadenken over hoe nu verder. Op 1 april 2021 staat de bestuurlijke toekomst van Landsmeer weer op de raadsagenda, een notitie is in voorbereiding. In de afgelopen tijd komt regelmatig de optie ‘federatiegemeente’ naar voren als samenwerkingsvorm. GroenLinks Wormerland heeft een notitie geschreven “Wormerland op weg naar de Toekomst: Een bestuurlijke verkenning met behoud van het succes uit het verleden” (bijlage 1). De raad van Landsmeer wilde in eerste instantie op 4 februari 2021 een discussie voeren over deze notitie van GroenLinks Wormerland. Dat is onlangs verschoven naar de BO-sessie op 1 april a.s. waarin de Bestuurlijke Toekomst op de agenda staat. In de notitie van GroenLinks wordt een indirecte federatiegemeente (zie onderstaande toelichting) als mogelijke optie aangegeven om op regionaalniveau samen te werken en tegelijkertijd de zelfstandigheid te bewaren en een herindeling te voorkomen. GroenLinks baseert zich hierbij op het onderzoek: “Toekomst voor de federatiegemeente? Een vergelijkend kwalitatief onderzoek naar vier vormen van intergemeentelijk samenwerken” (juli 2019), van Tess van Winsen (Bijlage 2).
Op dit moment is nog niet duidelijk wat de colleges en raden van Wormerland, Oostzaan en Waterland vinden van een federatiegemeente. Als voorbereiding op de BO-sessie wordt (voor de portefeuillehouder en het college) in deze notitie een beeld gegeven van wat een federatiegemeente nu eigenlijk is, welke vormen er zijn. Daarnaast wordt (globaal) ingegaan op de vraag of het vormen van een federatiegemeente een reële oplossing kan zijn voor Landsmeer. De informatie uit deze notitie kan ook worden verwerkt in de notitie die nog in ontwikkeling is voor het raadsdebat op 1 april a.s.
Notitie federatiegemeente/versie 27-1-2021 (2)
Pag. 1
Inleiding Vanwege de nadelen van huidige vormen van samenwerken binnen de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr), is er in Nederland behoefte aan een ‘nieuwe’ samenwerkingsvorm tussen gemeenten, waarbij een opschaling plaats vindt voor de regionale en maatschappelijke opgaven. Elzinga heeft daarom in 2002 het idee van de federatiegemeente in Nederland geïntroduceerd. Deze samenwerkingsvorm is geïnspireerd op successen in het Duits bestuurlijk systeem. De federatiegemeente als middel om de regionale bestuurskracht te bundelen wordt regelmatig ‘aangehaald’, maar veel ervaring is er nog niet met deze vorm van samenwerken in Nederland. De Kempengemeenten hebben in 2018 de directe vorm (zie onderstaande toelichting) van een federatiegemeente uitgewerkt en kwamen uiteindelijk tot de conclusie dat onder de huidige wetgeving een dergelijk model (nog) niet mogelijk is. In dit artikel van Rob de Greef (expert o.m. voor en over gemeenten, Gemeenschappelijke regelingen, herindelingen, federatiegemeente, etc.) wordt hiernaar verwezen. In het artikel wordt de notitie van GroenLinks Wormerland ook genoemd. Rob de Greef verwijt het sneuvelen van de federatiegemeente van de Kempengemeenten aan de ‘besluiteloosheid’ bij de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.
Maar hij ziet hoop omdat in de memorie van toelichting bij de nieuwste begroting van het ministerie staat dat de minister nieuwe concepten zoals de federatiegemeente verder wil uitwerken, waarna bezien wordt of wetswijziging nodig is. Het ministerie van BZK geeft in dit artikel in Binnenlands Bestuur van 7 oktober 2020 aan dat zij nieuwe concepten zoals de federatiegemeente verder wil uitwerken en doet een oproep aan gemeenten, die een federatiegemeente als mogelijkheid zien, mee te doen aan een experiment. In deze notitie wordt een korte uitleg gegeven over een federatiegemeente en welke vormen er zijn. Daarna wordt beknopt nader ingegaan wat dit voor Landsmeer zou kunnen betekenen.
Een federatiegemeente: wat is het, welke vormen zijn er? Een federatiegemeente is een samenwerkingsvorm tussen meerder gemeenten, waarbij specifieke onderwerpen door de federatiegemeente worden uitgevoerd. De deelnemende gemeenten blijven bestuurlijk zelfstandig. Een federatieraad besluit over de benoemde onderwerpen. Er zijn in de theorie verschillende vormen van de federatiegemeente beschreven. Wij beperken ons tot een (regionale) federatiegemeente, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen de indirecte en directe federatiegemeente. Onderstaand worden deze kort toegelicht. Indirecte federatiegemeenten Bij een lichte vorm van de federatiegemeente wordt de federatieraad indirect gekozen. De federatieraad wordt indirect samengesteld door middel van het aanwijzen van personen uit de individuele gemeenteraden voor de federatieraad. De gemeenteraad wordt direct verkozen door de inwoners. Wanneer de gemeenteraad is verkozen, wordt een deel van deze leden aangewezen om werkzaamheden te gaan verrichten in de federatieraad. Dit betekent dat deze persoon alleen werkzaam is in de federatieraad en niet meer in de gemeenteraad.
Notitie federatiegemeente/versie 27-1-2021 (2)
Pag. 2
Het is noodzakelijk dat het deel dat naar de federatieraad gaat, een afspiegeling is van de politieke samenstelling van de gemeenteraad. Bij deze indirecte vorm blijft een groepering per gemeente bestaan. Omdat de federatieraadsleden worden aangewezen uit de gemeenteraad, is het waarschijnlijker dat de federatieraadsleden meer opereren vanuit het belang van de gemeenten, waardoor er sprake is van verlengd lokaal bestuur. Verlengd lokaal bestuur houdt in dat de gemeente regie behoudt op de samenwerking in de zin van het centraal stellen van de eigen doelen. De gemeente streeft naar het realiseren van de eigen lokale doelen in het samenwerkingsverband. Directe federatiegemeente Een federatiegemeente krijgt vorm door middel van het rechtstreeks verkiezen van de federatieraad (deze vorm is dus nog niet mogelijk zonder aanpassingen van wet- en regelgeving). Op de dag van de gemeenteraadsverkiezingen wordt ook meteen gestemd voor de federatieraad. Inwoners stemmen dan zowel voor de gemeenteraad als voor de federatieraad. Belangrijk hierbij is dat de federatiegemeente wel een wezenlijk takenpakket heeft, zodat het echt toegevoegde waarde heeft om over te stemmen. Vanwege de directe verkiezingen is de kans aanwezig dat verkozenen zich gaan groeperen aan de hand van de politieke geaardheid in plaats van naar gemeentelijke afkomst. Hierdoor ontstaan er politieke fracties.
Er is dus geen directe band meer met de gemeenten. Hierdoor kunnen de individuele gemeenten de federatiegemeente niet meer beïnvloeden met hun eigen belangen. Dit zorgt ervoor dat er geen sprake is van verlengd lokaal bestuur. Om toch nog enigszins gehoor te geven aan het principe van verlengd lokaal bestuur, kunnen de gemeenten wel nog beschikken over enkele rechten waarmee zij invloed kunnen uitoefenen bij de federatiegemeente. Een van deze rechten is bijvoorbeeld dat gemeenteraadsleden initiatieven kunnen aandragen bij het AB van de federatiegemeente. Bij de directe federatiegemeente is dus geen sprake van verlengd lokaal bestuur. Er is echter wel sprake van directe democratie. De leden van de federatieraad worden bij deze vorm direct gekozen. Organisatorische samenstelling De federatiegemeente (indirect en direct) zal over een eigen bestuur beschikken, genaamd het federatiebestuur. Dit bestuur bestaat uit een federatiecollege en een federatieraad. Het federatiecollege is vergelijkbaar met het college van burgemeesters en wethouders op gemeentelijk niveau. De federatieraad is vergelijkbaar met de gemeenteraad op gemeentelijk niveau. Daarnaast zal een deel van de werknemers van het ambtelijk apparaat van de individuele gemeenten verplaatsen naar de ambtelijke organisatie van de federatiegemeente.
De ambtelijke organisatie is verantwoordelijk voor de uitvoering van de taken en bevoegdheden die zijn overgeheveld naar de federatiegemeente. Alle betrokken gemeenten behouden een eigen gemeenteraad, college van burgemeesters en wethouders en deel van de ambtelijke organisatie. De federatieraad zal het AB (volksvertegenwoordigend orgaan) vormen en kan op twee manieren vorm krijgen, via directe of indirecte verkiezingen. Het aantal federatieraadsleden zal verschillen afhankelijk van de grootte van de regio van de federatiegemeente.
Notitie federatiegemeente/versie 27-1-2021 (2)
Pag. 3
Als voorbeeld: De Kroon en De Greef (2018) stelden voor het Kempengemeenten model te laten bestaan uit 35 raadsleden op basis van een inwoneraantal van 70.000 van de vier gemeenten samen. Naast het AB bestaat er ook een DB, ofwel het federatiecollege. Dit college zal bestaan uit maximaal 7 leden inclusief de voorzitter (art. 36 Gemeentewet). Het AB benoemt het DB en de voorzitter. De leden van het DB mogen niet ook lid zijn van het AB. Daarnaast mogen leden van het DB niet tegelijkertijd burgemeester, wethouder of ambtenaar zijn bij een van de betrokken gemeenten. Het college heeft zijn eigen secretaris (directeur) die het AB assisteert in de uitvoering van de taken. Verantwoordelijkheden en taken De federatiegemeente zal verantwoordelijk zijn voor verschillende taken en bevoegdheden. Het is belangrijk om een duidelijke bevoegdheidsverdeling tussen de federatiegemeente en de individuele gemeenten te hebben. De autonome taken van de gemeente, die grondwettelijk zijn vastgelegd blijven bij de gemeente liggen. De federatiegemeente mag enkel bevoegdheden uitvoeren die de gemeenten hebben overgedragen. Op alle andere taken blijven de gemeenten bevoegd. Er bestaat geen (wettelijk) vastgelegd takenpakket waar de federatiegemeente verantwoordelijk voor is.
Het is belangrijk dat er een goede balans is waarbij aan de ene kant genoeg taken overgedragen worden, zodat de federatiegemeente een toegevoegde waarde heeft en aan de andere kant niet te veel taken overgedragen worden, waardoor de gemeente als overbodig kan worden gezien. De taken die logischerwijs naar de federatiegemeente gaan, zijn de taken die vragen om een regionale schaal: - Economische zaken (arbeidsmarkt en toerisme); - Sociaal domein (Participatiewet en Wet sociale werkvoorziening); - Volksgezondheid en welzijn (Wmo 2015, Jeugdwet); - Bovenlokaal verkeer en vervoer; - Ruimtelijke ordening en volkshuisvesting; - Omgevingswet (Omgevingsplan en omgevingsvisie). De gemeenten delegeren bevoegdheden aan de federatiegemeente. De gemeenten zijn niet meer verantwoordelijk voor deze taken. Verder is het ook mogelijk om op andere taken, zoals energietransitie, bevoegdheden over te dragen van de gemeente naar de federatiegemeente. De taken die niet in de bovenstaande opsomming zijn benoemd, blijven in principe bij de afzonderlijke gemeenten. Een belangrijke bevoegdheid die bij de gemeente blijft, is het innen van lokale belastingen. Het is niet toegestaan om deze bevoegdheid te delegeren of te mandateren aan het federatiebestuur. Aandachtspunt: Er moeten voldoende (regionale) taken in de federatiegemeenten worden belegd om deze robuust te maken.
Tegelijkertijd moet er voor de individuele gemeente voldoende overblijven om het bestaansrecht te rechtvaardigen van de gemeente.
Notitie federatiegemeente/versie 27-1-2021 (2)
Pag. 4
Financiering en (frictie)kosten De bevoegdheid tot het heffen van belastingen ligt bij de gemeenten. Dit betekent dat de federatiegemeente niet via het heffen van belastingen aan financiële middelen kan komen. Ook de uitkering van het gemeentefonds zal rechtstreeks naar de individuele gemeenten blijven gaan. Maar hoe kan de federatiegemeente dan wel aan geld komen om de taken uit te voeren? De meest waarschijnlijke manier is dat de gemeenten een deel van het Gemeentefonds afstaan aan de federatiegemeente. Het is afhankelijk van het inwoneraantal wat de verdeelsleutel tussen de gemeenten zal zijn op het gebied van hun bijdragen. Hoe meer inwoners een gemeente heeft, hoe meer geld de gemeente moet afdragen aan de federatiegemeente. Wanneer de gemeenten besluiten om mee te doen in de federatiegemeente, zijn zij verplicht om dit geld af te staan. Door deze verplichte bijdrage verandert het gemeentelijke budgetrecht. Er zal namelijk een deel van dit budgetrecht verplaatst worden naar het AB van de federatiegemeente. De federatiegemeente heeft net als de gemeente een eigen financiële organisatie nodig, inclusief P&C-cyclus, reserves, voorzieningen en control op inkomsten en uitgaven. Aandachtpunt: Aan het oprichten van een nieuwe organisatie zijn kosten verbonden. De hoogte van die kosten is afhankelijk van hoe een specifieke samenwerkingsvorm vorm krijgt.
De federatiegemeente zal gepaard gaan met een (gedeeltelijke) ambtelijke fusie, elke deelnemende gemeente levert ambtenaren. Ook kunnen, vanwege benodigde expertise, externe ambtenaren worden aangetrokken. Het is afhankelijk van de grootte van de ambtelijke fusie hoe hoog de frictiekosten zijn. Uit onderzoek blijkt dat het nog niet duidelijk is of er sprake kan zijn van een structurele kostenbesparing voor beide vormen (direct-indirect), of de hoogte van extra kosten. Op het gebied van het bestuur kan in ieder geval al wel een kostenstijging verwacht worden omdat het aantal bestuurders toeneemt. Vanuit de huidige kwetsbare financiële positie van Landsmeer kan dat risicovol zijn. Juridische haalbaarheid Het is noodzakelijk dat de wetgeving wordt aangepast om een directe federatiegemeente mogelijk te maken. Mogelijke manieren om de wet te wijzigen is door middel van het opnemen van een bijzondere wet, een experimenteerwet of een experimenteerbepaling in de Gemeentewet, Wgr of Kieswet. BZK heeft aangegeven bereid te zijn om experimenteerruimte te bieden. De deelnemende gemeenten moeten dan uiteraard wel bereid zijn om te experimenteren met een nieuwe vorm. Aandachtpunt: Over het algemeen hebben experimenten waarbij wetgeving moet worden aangepast een lange doorlooptijd. De afloop van het experiment is uiteraard onzeker.
Met de verkiezingen van dit jaar zal nog duidelijk moeten worden of de lijn die BZK heeft ingezet om ruimte te bieden aan experimenten, wordt doorgezet. Ook de doorlooptijd om te komen tot een federatiegemeente zal waarschijnlijk langer zijn dan een bestuurlijke fusie. Een ahri-procedure duurt van begin tot eind ca. 2,5 jaar. Verwacht wordt dat het opzetten van een federatiegemeente nog meer tijd in beslag neemt omdat nog geen ervaring is opgedaan en er nog geen draaiboek of procedure voor ontwikkeld is. De indirecte federatiegemeente kan vorm krijgen binnen de Wgr. Artikel 13 van de Wgr staat namelijk toe dat gemeenten eigen afgevaardigden mogen aanwijzen vanuit de gemeenteraad. Deze
Notitie federatiegemeente/versie 27-1-2021 (2)
Pag. 5
personen zijn namens de gemeenten werkzaam in het samenwerkingsverband en vertegenwoordigen de belangen van de gemeente van afkomst (verlengd lokaal bestuur). Dit artikel biedt ook de mogelijkheid om in de onderling samengestelde regeling specifieke zaken vast te stellen. Het is bij de indirecte vorm noodzakelijk dat de regeling vermeldt dat de federatieraadsleden een afspiegeling zijn van de individuele gemeenteraden op het gebied van politieke verdeling. Indien dit niet het geval is, kan de federatieraad niet representatief zijn, waardoor deze niet conform de afgesproken regeling is.
Kan het vormen van een federatiegemeente een reële oplossing of alternatief zijn voor Landsmeer? Deze vraag is niet zo eenvoudig te beantwoorden. Onderstaand wordt beknopt nader ingegaan op: de omvang van een federatiegemeente, de bestuurskracht en de kwetsbaarheid van de ambtelijke organisatie. Daarnaast is aan een eerder gemaakt overzicht van verschillende varianten van samenwerken / fusie, de federatiegemeente toegevoegd. Omvang federatiegemeente versus de omvang van de gemeenteraad Om meer beeld te krijgen wat dit betekent voor de omvang van een federatiemodel met de gemeenten Wormerland, Waterland, Oostzaan en Landsmeer is gekeken naar het model van de Kempengemeenten. Voor dit model werd voorgesteld om uit te gaan van een federatiegemeente met 35 raadsleden op basis van een inwoneraantal van ca 70.000 van de vier gemeenten samen. Dat is ongeveer 0,5 raadslid per 1000 inwoners. Uiteraard staat de omvang van een federatiemodel in relatie tot de taken die worden overgeheveld. Indien we dit voorbeeld als uitgangspuntnemen (0,5 raadslid per 1000 inw.) dan komt dat uit op de volgende verdeling.
Bij de Kempengemeente werd voorgesteld om de volgende taken onder te brengen in de federatiegemeente: economie, recreatie en toerisme, wegenonderhoud, afvalinzameling, veiligheid, ruimtelijke ordening en volkshuisvesting en de huidige onderdelen van de Gemeenschappelijke regeling Samenwerking Kempengemeenten (GRSK). Wanneer de gemeenteraad is verkozen (indirecte federatiegemeente), wordt een deel van deze leden aangewezen om werkzaamheden te gaan verrichten in de federatieraad. Dit betekent dat deze persoon alleen werkzaam is in de federatieraad en niet meer in de gemeenteraad. De verdeling Landsmeer is dan in het voorbeeld van de Kempengemeenten: • 6 raadsleden nemen zitting in de federatiegemeente; • 9 raadsleden vormen de gemeenteraad.
Notitie federatiegemeente/versie 27-1-2021 (2)
Pag. 6
Aandachtpunt: De indirecte federatiegemeente kan vorm krijgen binnen de Wgr. Artikel 13 van de Wgr staat namelijk toe dat gemeenten eigen afgevaardigden mogen aanwijzen vanuit de gemeenteraad. Deze personen zijn namens de gemeenten werkzaam in het samenwerkingsverband en vertegenwoordigen de belangen van de gemeente van afkomst (verlengd lokaal bestuur). Dit artikel biedt ook de mogelijkheid om in de onderling samengestelde regeling specifieke zaken vast te stellen. Het is bij de indirecte vorm noodzakelijk dat de regeling vermeldt dat de federatieraadsleden een afspiegeling zijn van de individuele gemeenteraden op het gebied van politieke verdeling. Indien dit niet het geval is, kan de federatieraad niet representatief zijn, waardoor deze niet conform de afgesproken regeling is. Het gevolg van het voorstaande is dat er een keuze zal moeten worden gemaakt in de raad van Landsmeer over de afvaardiging. Daardoor wordt de raad als het ware opgesplitst. In de theorie worden de gevolgen hiervan voor de gemeente en het besluitvormingsproces conform de gemeentewet, niet beschreven. Daar zal nader onderzoek naar moeten plaatsvinden. Landsmeer heeft op dit moment een aantal partijen met 1 zetel.
De regel dat ‘de federatieraadsleden een afspiegeling zijn van de individuele gemeenteraden op het gebied van politieke verdeling’, zal naar waarschijnlijkheid leiden tot discussie en knelpunten binnen de raad. Bestuurskracht Door het bundelen van krachten zal de bestuurskracht (AB en DB) toenemen voor de onderdelen die zijn ondergebracht in de federatiegemeente. In de theorie wordt aangegeven dat hierdoor meer tijd overblijft en ruimte is voor lokale onderwerpen. Bij een indirecte federatiegemeente kan de slagkracht beperkt worden wanneer de federatieraadsleden blijven opereren vanuit het belang van de gemeente van afkomst, wat de besluitvorming zal doen vertragen. Vertraging ontstaat ook omdat iedere gemeente benaderd moet worden voordat er een besluit kan worden gemaakt. De federatieraadsleden dienen de gemeenten gedeeltelijk te betrekken voordat zij een besluit kunnen nemen. Wat het effect is van een splitsing tussen ‘lokaal – regionaal’, op de aantrekkelijkheid van de ‘functie’ van raadslid, burgemeester en wethouder, wordt niet in de theorie geduid. Aandachtspunt: De omvang van het college van Landsmeer voldoet aan de wettelijke minimumnorm (burgemeester en 2 wethouders) en kan niet worden verminderd, hoogstens is het mogelijk om de functie van wethouder parttime in te vullen.
De gemeentelijke portefeuilles richten zich na het vormgeven van een federatiegemeente op lokale onderwerpen en de meer dagelijkse zaken. Landsmeer is dusdanig klein dat de vraag gesteld kan worden of de functie van wethouder niet qua zwaarte en scope minder aantrekkelijk wordt, immers de regionale taken en aandachtsgebieden vervallen deels of geheel. Kwetsbaarheid organisatie Bundelen van kracht en expertise op regionale thema’s kan voordelen geven op ambtelijk niveau voor de kwaliteit, kwantiteit en slagkracht op de thema’s die onder de federatiegemeente vallen. Op de regionale (MRA-ZaWa) thema’s kan meer en effectiever worden samengewerkt in de regio.
Notitie federatiegemeente/versie 27-1-2021 (2)
Pag. 7
Medewerkers die samenwerken in de federatiegemeente kunnen dat als positief beoordelen. De kwetsbaarheid neemt op de betreffende onderwerpen af, en er zijn minder eenpitters. De individuele gemeente wordt qua ambtelijke omvang minder groot omdat taken belegd worden bij de federatiegemeente. Het scheiden van beleid in de federatiegemeente en de uitvoering van dit beleid in de individuele gemeente kunnen afstemmingsproblemen ontstaan. Voor taken als financiën, P&O, Juridische zaken en ICT zal het noodzakelijk zijn om de formatieve omvang te verminderen omdat de huidige formatie afgestemd is op het huidige aanbod van werk en de omvang van de organisatie. Een deel van de formatie zal overgaan naar de federatie. Dit betekent dat waar nu bijvoorbeeld 2 medewerkers werkzaam zijn, dat in de nieuwe situatie bijvoorbeeld nog maar 1 medewerker is. Het gevolg hiervan is dat de gemeentelijke organisatie op deze vakgebieden nog beperkter en kwetsbaarder wordt dan nu het geval is. De druk om ook op deze taken samen te werken en uit te besteden aan de federatiegemeente zal daardoor waarschijnlijk toenemen. Waardoor de individuele gemeente nog kleiner en kwetsbaarder wordt. Overzicht varianten, inclusief federatiegemeente In juni 2020 is de notitie ‘Bestuurlijke toekomst Landsmeer: Stand van zaken en varianten BT’ in de raad besproken.
In deze notitie staat een tabel waarin de verschillende varianten zijn opgenomen en worden afgezet tegen de criteria van de raad en de redenen van fusie voor Landsmeer. In deze tabel is de indirecte federatiegemeente opgenomen.
Gevolgen verschillende varianten t.o.v. criteria en redenen fusie Aantal inwoners na fusie
Ambtelijke samenwerking W-O-L nvt
Fusie Fusie Fusie Oostzaan Purmerend (incl. Amsterdam (incl.
Opsplitsen (Purmerend en
Beemster)
Amsterdam)
Weesp)
Federatiegemeent (Wo-Wa-O-L)
nb
nvt
nvt
Grondoppervlakte na fusie (hectare)
nvt
4258
12313
223441
nb
nvt
nvt
waarvan land
nvt
3405
11626
168172
nb
nvt
nvt
waarvan water
nvt
853
687
55269
nb
nvt
nvt
Robuuste omvang: ca. 50.000 inwoners
nvt
-
+
+
+
nvt
nvt
Fusie: met groen-landelijke gemeenten
--
+
--
--
--
nvt
--
Bestendigheid: geen nieuwe discussie(s) < 7-10 jaar
-
-
+
+
+
-
- /?
Versteviging bestuurskracht in de regio (ZaWa)
-
+
++
++
++
-
+
Robuste organisatie: verminderen kwetsbaarheid (w.o. eenpitters)
+
+
++
++
++
--
+/-
Verbeteren slagkracht m.b.t. overheveling taken Rijk en andere majeure opgaven
+
+
++
++
++
-
+
Realiseren normen dienstverlening aan inwoners / bedrijven
+
+
++
++
++
+/-
+/-
Realiseren ambities raad
+/-
+
++
++
++
-
+
Bijna geen gevolgen regio-indeling voor inwoners en bedrijven van Landsmeer
nvt
+
+
--
--
nvt
+
Vermoedelijk draagvlak inwoners (op basis van onderzoeken, bijeenkomsten, enquetes etc.)
+
+
--
-
--
+
?
Vermoedelijk draagvlak medewerkers Landsmeer
--
+
+/-
--
--
-->+/-
+/-
Notitie federatiegemeente/versie 27-1-2021 (2)
ca. 21.300 inw. ca. 101.200 inw. ca. 900.500 inw.
Zelfstandig blijven
Pag. 8
Conclusies Zoals alle (bestuurlijke) samenwerkingsverbanden, lijkt het concept van een federatiegemeente voor- en nadelen te hebben. Nergens in Nederland is dit concept beproefd. Hierdoor is het ingewikkeld om precies te beoordelen of het voor Landsmeer een reële optie is, als vervanger voor een bestuurlijke fusie. Op basis van deze (globale) verkenning kan geconcludeerd worden dat: •
•
• •
• • •
•
•
de bestuurskracht (iets) kan toenemen in de federatiegemeente. Of dat daadwerkelijk het geval zal zijn bij de federatieraad is afhankelijk van of de raadsleden voornamelijk wel of niet opereren vanuit het belang van de eigen gemeente; de expertise en slagkracht van de ambtelijke organisatie in de federatiegemeente (iets) kan toenemen, door het bundelen van krachten. Hierdoor zal ook de kwetsbaarheid van de ambtelijke organisatie in de federatiegemeente (iets) afnemen; afstemmingsproblemen kunnen ontstaan door het scheiden van beleid in de federatiegemeente en de uitvoering van dit beleid in de individuele gemeente; de kwetsbaarheid in de individuele gemeente toeneemt, waar het gaat om de bedrijfsvoeringstaken, waardoor druk ontstaat om ook op deze taken samen te werken en uit te besteden. Het gevolg hiervan is dat de individuele gemeente qua omvang nog kleiner wordt; de (financiële) risico’s van het vormen van een federatiegemeente onzeker zijn; de kosten toenemen door de toename van bestuurders en mogelijke afstemmingsproblemen in beleid en uitvoering; er een keuze zal moeten worden gemaakt in de raad van Landsmeer over de afvaardiging in de indirecte federatiegemeente.
Wat de gevolgen hiervan zijn voor de besluitvorming en de afspiegeling van de partijen in de federatie is nog onduidelijk; het nog onduidelijk is wat het effect is van een splitsing tussen ‘lokaal – regionaal’, op de aantrekkelijkheid van de ‘functie’ van raadslid, burgemeester en wethouders bij de individuele gemeente; op basis van de informatie en voorstaande conclusies, het deelnemen aan een federatiegemeente voor de gemeente Landsmeer vooralsnog geen duidelijke toegevoegde waarde lijkt te hebben.
Notitie federatiegemeente/versie 27-1-2021 (2)
Pag. 9
Bijlagen: 1. Notitie: Wormerland op weg naar de Toekomst: Een bestuurlijke verkenning met behoud van het succes uit het verleden 2. Onderzoek: Toekomst voor de federatiegemeente? Een vergelijkend kwalitatief onderzoek naar vier vormen van intergemeentelijk samenwerken
Geraadpleegde rapporten/ notities/ onderzoeken: • Decentralisatie, schaalvergroting en lokale democratie: Samenvattend onderzoek naar gevolgen voor rollen en posities van lokale bestuurders en naar gevolgen voor bestuurskracht en democratie. November 2018, door: Prof. dr. M.J.G.J.A. (Marcel) Boogers Dr. G.H. (Rik) Reussing. • Federatie en herindeling gewogen. Toekomst van de Kempengemeenten. Mei 2018, door mr. Ad de Kroon en mr. Rob de Greef • Toekomst voor de federatiegemeente? Een vergelijkend kwalitatief onderzoek naar vier vormen van intergemeentelijk samenwerken. Juli 2019, Masterthesis Tess van Winsen • Diverse artikelen, nieuwsberichten etc.
Notitie federatiegemeente/versie 27-1-2021 (2)
Pag. 10