B4. Beoordeling Omgevingsdienst Noordeinde 131
Tekst van het document
Beoordeling adviesaanvraag Gegevens Gemeente Adres Casemanager gemeente Casemanager ODIJ Procedure Ontvangstdatum ODIJ Verzenddatum ODIJ-zaaknummer
Landsmeer Noordeinde 131, Landsmeer
Regulier 20 november 2023 5 december 2023 ODIJ-Z-23-133234
Conclusie Akkoord, wel dient er rekening gehouden te worden met de aandachtspunten: •
Geluid: geadviseerd wordt om, vanuit een goed woon- en leefklimaat, rekening te houden met een verhoogde geluidwering en daarbij rekening te houden met de gecumuleerde geluidbelasting;
•
Soortenbescherming: verlichting en zorgplicht (zie toelichting).
Planomschrijving Bouwen van een nieuwe woning
Wet geluidhinder Akkoord met het akoestisch onderzoek. Plangebied is niet gelegen in de zone van wegen. Toetsing aan de normen van de Wet geluidhinder is niet aan de orde. In het kader van goede ruimtelijke ordening is wel de geluidbelasting vanwege de 30 km/uur wegen bepaald. Uit de berekeningen blijk dat deze geluidbelasting gecumuleerd maximaal 56 dB is. Geadviseerd wordt om, vanuit een goed woon- en leefklimaat, rekening te houden met een verhoogde geluidwering en daarbij rekening te houden met de gecumuleerde geluidbelasting.
Wet natuurbescherming: gebiedsbescherming Akkoord: Ja
1-3
De stikstofberekeningen voor de aanlegfase en gebruiksfase is in AERIUS calculator correct uitgevoerd. (Gecontroleerd in nieuwe AERIUS versie 2023.01). Het projecteffect bedraagt op alle rekenpunten in omliggende Natura 2000-gebieden ten hoogste 0,00 N mol/ha/jaar. Dit is onder de stikstofnorm en hierbij treden geen significant negatieve effecten op binnen de omliggende Natura 2000-gebieden. Effecten op beschermde natuurgebieden is niet aanwezig, de planlocatie ligt in een bebouwingslint en niet in of nabij een beschermd natuurgebied.
Wet natuurbescherming: soortenbescherming Akkoord: Ja Een ecologisch adviesbureau heeft een QuickScan uitgevoerd waarin de planlocatie en de werkzaamheden zijn beoordeeld. In het plangebied zijn geen beschermde soorten en beschermde verblijfplaatsen van vogels en/of vleermuizen gevonden, wel blijft de zorgplicht van toepassing en wordt geadviseerd om de werkzaamheden overdag uit te voeren en/of de bouwverlichting niet op de omliggende beplanting en bomen te richten. Zie toelichting.
2-3
Toelichting Wet geluidhinder Planspecifiek Het plangebied ligt niet binnen de geluidzones van wegen, spoorwegen en/of een gezoneerd industrieterrein. Daarmee is toetsing aan de Wet geluidhinder niet aan de orde. In het kader van goede ruimtelijke ordening is wel de geluidbelasting vanwege de 30 km/uur wegen bepaald. Uit de berekeningen blijk dat deze geluidbelasting gecumuleerd maximaal 56 dB is. Geadviseerd wordt om, vanuit een goed woon- en leefklimaat, rekening te houden met een verhoogde geluidwering en daarbij rekening te houden met de gecumuleerde geluidbelasting.
Wet natuurbescherming: soortenbescherming QuickScan aandachtpunten: Verlichting Om verstoring van vleermuizen te voorkomen dienen de werkzaamheden alleen uitgevoerd te worden tussen zonsopkomt en zonsondergang. Felle (bouw)verlichting dienen tussen zonsondergang en zonsopkomst gedoofd te worden. Voor de gebruiksfase van de nieuwe situatie dient bij voorkeur geen verlichting te worden toegepast, anders is het noodzakelijk dat vleermuisvriendelijke verlichting wordt gebruikt. Zorgplicht De zorgplicht blijft altijd van kracht. Soorten mogen niet verstoord of gedood worden. Dit betekent bijvoorbeeld: Als er bij de werkzaamheden beschermde soorten aanwezig zijn, men de aanwezigheid vermoed of aanwijzingen zijn, dat het werk per direct stilgelegd dient worden om dit nader te laten onderzoeken door een erkende ecoloog. Deze kan u adviseren in het bouwproces om schade, vertraging en overtreding te voorkomen, bijvoorbeeld door de effecten van trillingen, geluid, licht, maar ook in welk seizoen het beste gewerkt kan worden. Deze aspecten dienen meegenomen worden in de QuickScan. Projecten worden gecontroleerd door handhavers vanuit ODNHN. Nu de aanvrager op de hoogte is van de zorgplicht, is het tevens zijn/haar verantwoordelijkheid om de uitvoerende partijen hierover in te lichten.
3-3