B1. Beleidskader kleine windturbines
Tekst van het document
Figuur 7.7: Plangebied met zoekgebieden RES wind (blauw) en zon en
van een grote windturbine. De grote windturbine vangt ook veel hoger wind dan de kleine. Uit de eerste resultaten van de Evaluatie kleine windturbines door de provincie Noord-Holland blijkt dat het gewenst is om per opstelling of
Bestaande windturbines en zoekgebieden voor wind binnen de regio Langs het Noordzeekanaal in de gemeente Zaanstad en aan de overzijde
zoekgebied met grote windturbines te onderzoeken of er sprake is van een slechte leesbaarheid van de windopstellingen in het landschap, als nabij de grote windturbines ook kleine windturbines worden geplaatst. In Zaanstreek – Waterland speelt dit mogelijk op enkele locaties bij de RES zoekgebieden voor wind, waarbij binnen de zoekgebieden langs het Noordzeekanaal en nabij Marken reeds bestaande windturbines staan.
wind (groen)
langs de havens van Amsterdam staan reeds grote windturbines. Deze gebieden zijn ook aangewezen als zoekgebied voor nieuwe windturbines. Bij plaatsing van kleine windturbines op erven binnen en in de omgeving van deze zoekgebieden is het wenselijk om nader te onderzoeken in hoeverre kleine en grote windturbines in het ruimtelijk beeld verstorend op elkaar werken. Ook ligt het zoekgebied zon en wind langs de A9 dicht bij het
49/70
Kenmerk
R000-1290888EWI-V01
grondgebied van Zaanstad en dient verstoring in het ruimtelijke beeld tussen
wind zelf. Hierbinnen dient de ruimtelijke relatie tussen kleine en grote
opstellingen van grote en kleine windturbines nader onderzocht te worden. Langs de Zeedijk naar Marken staan twee grote windturbines. Hier ligt tevens
windturbines nader onderzocht te worden. De leesbaarheid van de verschillende opstellingen moet helder blijven. Het is ongewenst dat opstellingen ruimtelijk gaan interfereren met elkaar.
zoekgebied de NES in de gemeente Waterland. Door de positionering van de bestaande en eventueel toekomstige windturbines langs de dijk, omgeven door water, ligt er slechts een enkel erf vlakbij en dit ligt op 500m afstand.
Conclusie De opwek van kleine windturbines staat niet in verhouding tot die van grote
Toekomstige kleine windturbines lijken hiermee voldoende afstand te hebben om de leesbaarheid van de verschillende opstellingen te behouden.
windturbines. Door de inpasbaarheid van kleine windturbines bij de erven in het landschap vormen ze een waardevolle bijdrage aan lokaal opgewekte energie en een duurzame bedrijfsvoering. Tot op 1km van grote windturbines
De reserve zoekgebieden ten noorden van de ring A10 in de gemeente Amsterdam liggen buiten de regio, maar grenzen aan Landsmeer. Eventuele toekomstige grote windturbines zullen voldoende afstand moeten houden tot
en tot op 1km van de grens van zoekgebieden daarvoor worden aandachtsgebieden voorgesteld om de ruimtelijke relatie tussen kleine en grote windturbines nader te onderzoeken.
diverse bestemmingen, waaronder woningen, agrarische bedrijven en stedelijke functies. Binnen geringe afstand liggen onder andere agrarische erven langs de Kanaaldijk in Landsmeer. Indien hier kleine windturbines worden geplaatst kan er mogelijk een rommelig beeld ontstaan van grote en kleine windturbines. De Noorder IJ-plas is eveneens aangewezen als zoekgebied voor wind. Dit gebied raakt aan het stedelijk gebied van Zaanstad, waar geen KWT’s mogelijk zijn en aan het grondgebied van Oostzaan, waar het ook landelijk gebied betreft. Ook in deze zone dient de ruimtelijke relatie tussen kleine en grote windturbines nader beschouwd te worden. Aandachtsgebieden ruimtelijke relatie KWT en grote windturbines Voorstel binnen dit beleidskader is om een zone tot 1km van de bestaande grote windturbines en tot 1km van de grens van zoekgebieden voor grote windturbines aan te houden als aandachtsgebied, plus de zoekgebieden voor 50/70
Kenmerk
R000-1290888EWI-V01
8 Visualisaties 8.1
Inleiding Per gemeente is vanaf een openbare weg of ruimte voor een kleine windturbine voor twee verschillende locaties een 360° visualisatie gemaakt. Hierbij is het mogelijk om vanuit het standpunt in verschillende richtingen te kijken; zie de link Zaanstreek Waterland 360°. Met uitzondering van Waterland tonen de visualisaties de mogelijke kleine windturbines bij een theoretische benutting van alle potentiële bouwvlakken (volgens de omgevingsverordening van de provincie). In de visualisaties zijn ook locaties meegenomen, waarvoor in de visie wordt geconcludeerd dat kleine windturbines daar niet wenselijk zijn. Met de cursor kan het beeld naar rechts of links worden gedraaid en met de muis worden ingezoomd. De keuze voor de locaties en de vorm van de visualisatie is in overleg met de werkgroep bepaald. De bouwvlakken komen voort uit het vigerende bestemmingsplan / omgevingsplan. Voor de visualisaties is telkens dezelfde kleine windturbine gebruikt met een ashoogte van 15m met dezelfde kleurstelling. Op basis van de visualisaties is inzicht ontstaan om het beleid gebiedsspecifiek te maken.
Figuur 8.1: Uitsnede uit de kaart met voorbeeld visualisaties kleine windturbines op agrarische erven
51/70
Kenmerk
R000-1290888EWI-V01
8.2 Overzichtskaart twee visualisaties per gemeente
52/70
Kenmerk
8.2
R000-1290888EWI-V01
Locaties Edam-Volendam
Figuur 8.3: Beets 100: Zuivelboerderij veenweidegebied, agrarische en woonbestemming Figuur 8.4: Standpunt visualisatie met zicht op twee van de vier potentiële kleine windturbines De kleine windturbines sluiten aan bij de clusters van de erven en vallen deels weg tegen de achterliggende opgaande beplanting. 53/70
Kenmerk
R000-1290888EWI-V01
Figuur 8.5: Zeevang, KWT achter de opgaande erfbeplanting Figuur 8.6: Standpunt visualisatie met zicht op twee potentiële kleine windturbines De KWT dichtbij valt weg door de erfbeplanting, de KWT verder weg is door de afstand minder zichtbaar.
54/70
Kenmerk
8.3
R000-1290888EWI-V01
Locaties Zaanstad
Figuur 8.07: KWT in bebouwde kom kerngebied Assendelft Figuur 8.08: Assendelft één van de drie potentiële locaties KWT Alleen loodrecht over het doorkijkje is de KWT waar te nemen vanaf de weg. Echter vanuit de achtertuinen van nabije woningen uit het dichte lint kan de KWT wel zichtbaar zijn. 55/70
Kenmerk
R000-1290888EWI-V01
Figuur 8.09: KWT bij agrarische erven aan de slingerende Zeedijk Figuur 8.10: Zeedijk potentiële locaties turbines Op dit beeld zijn vier van de potentiële dertien KWT’s zichtbaar. De KWT’s zijn hier zowel langs de Zeedijk als in het midden van de polder geplaatst bij agrarische erven. Het valt op dat er aan de achterzijde van de erven langs de Zeedijk weinig erfbeplanting is om de KWT in te passen. De erven langs de Zuiderweg hebben wel meer erfbeplanting. 56/70
Kenmerk
8.4
R000-1290888EWI-V01
Locaties Wormerland (Over-gemeenten)
Figuur 8.11: Lint aan dijk in BPL veenweidegebied en NNN/Natura 2000 Figuur 8.12: Kanaaldijk één van vier potentiële locaties KWT Vaak is er beplanting langs de zijden van het erf, waardoor je de KWT alleen ziet wanneer je dicht bij bent. In het hart van het natuurgebied zijn geen wegen, noch erven. 57/70
Kenmerk
R000-1290888EWI-V01
Figuur 8.13 Lint Wijdewormer, logistiek bedrijf in de droogmakerij Figuur 8.14: Zuiderweg locaties turbines
58/70
Kenmerk
8.5
R000-1290888EWI-V01
Locaties Oostzaan
Figuur 8.15: De Haal bij NNN / Natura 2000 in veenweidegebied, KWT achter paardenbedrijf Figuur 8.16: De Haal één van de twee potentiële locaties KWT Door het ontbreken van opgaande elementen op de voorgrond is de KWT goed zichtbaar. 59/70
Kenmerk
R000-1290888EWI-V01
Figuur 8.17: Zuideinde bedrijf in veenweidegebied bij kern / woonbebouwing Figuur 8.18: Zuideinde één van de drie potentiële locaties KWT Door het dichtbebouwde lint kun je de KWT loodrecht door het doorkijkje waarnemen vanaf de weg en vanuit achtertuinen. 60/70
Kenmerk
8.6
R000-1290888EWI-V01
Locaties Landsmeer
Figuur: 8.19: Van Beekstraat oostelijk van Landsmeer, verspreide woonbestemming en enkele landbouwbestemming Figuur 8.20: van Beekstraat één van de vijf potentiële locaties KWT De KWT is erg zichtbaar door het ontbreken van erf- of wegbeplanting.
61/70
Kenmerk
R000-1290888EWI-V01
Figuur 8.21: Purmerland twee van de vijf potentiële locaties KWT Figuur 8.22: KWT op agrarisch erf in de bebouwde kom Figuur 8.23: Buiten bebouwde kom naar het noorden richting loonbedrijf Naar het noorden toe gaat de KWT enigszins op in de achtergrond. In de bebouwde kom valt de KWT op. 62/70
Kenmerk
8.7
R000-1290888EWI-V01
Locatie De Purmer
Figuur 8.24: Oosterweg locaties kleine windturbines
Figuur 8.25: Oosterweg in de Purmer
Figuur 8.26: Oosterweg in de Purmer In de Purmer zijn de KWT’s ruimtelijk inpasbaar bij de grote erfensembles en door de wegbeplanting. 63/70
Kenmerk
8.8
R000-1290888EWI-V01
Locaties Waterland Figuur 8.27: Hoogedijk te Katwoude, KWT achter opgaande beplanting Beide locaties liggen in het veenweidegebied. Het zijn allebei agrarische bedrijven langs een dijk, maar zoals de namen al doen vermoeden met een verschillend karakter. De Hoogedijk ligt langs de Gouwzee en blokkeert het uitzicht op het water. Op het 360° beeld is te zien dat de weg de voet van de dijk volgt. Het erf waarop de KWT is geplaatst ligt op enige afstand van de dijk. Vanuit deze zijde verdwijnt de KWT achter de erfbeplanting. Door de clustering van de KWT met het erf, los gelegen van de dijk, wordt de beleving van de dijk niet negatief beïnvloed. Bij de Lagedijk is de turbine iets prominenter in het zicht, maar vormt met het woonhuis en de stallen alsnog een onderdeel van het erfensemble. Figuur 8.28 Lagedijk te Katwoude, KWT achter op het erf met weinig opgaande beplanting
64/70
Kenmerk
R000-1290888EWI-V01
9 Visie plaatsing kleine windturbines in landelijk gebied Noord-Holland en andere provincies In Noord-Holland zijn nog nauwelijks kleine windturbines waar te nemen. Vergelijkbare
KWT niet wenselijk
gebieden met reeds aanwezige kleine windturbines in Noord-Holland zijn er dus niet. Uit de ruimtelijke situatie in Noord Friesland en Groningen en de beleidsevaluatie van KWT’s in Groningen is op te maken dat kleine windturbines in principe inpasbaar zijn in het landschap. Aansluiten KWT bij schaal en maat van erf Het is belangrijk dat met de KWT aansluiting wordt gezocht bij de schaal en maat van het erf en dat er sprake is van een acceptabele verhouding in relatie tot de grootte van de boerderij, schuren en beplanting. Met die benadering kan de kleine windturbine beschouwd worden als een onderdeel van een agrarisch bedrijf (of bedrijf met stedelijke functie), net als een grote schuur of silo. Bijdrage duurzame energie op lokaal niveau De kleine windturbine vormt een belangrijke bijdrage aan de opwek van duurzame energie op lokaal niveau en kan het electriciteitsnet ontlasten.
Figuur 9.1: Visiekaart kleine windturbines 65/70
Kenmerk
R000-1290888EWI-V01
Van lokaal naar bovenlokaal niveau
kleine windturbines hier niet gewenst. Ook al staan
Wel dient geconstateerd te worden dat een reeks van kleine windturbines zich ruimtelijk manifesteert als een ontwikkeling op bovenlokaal niveau. Daarom is een goede monitoring / evaluatie van de groei van het aantal
ze achter op een kavel met een agrarische functie of een stedelijke functie groter dan 1 ha. Bewoners kunnen vanuit hun nabije achtertuinen hinder
kleine windturbines in de regio gewenst.
ondervinden van de kleine windturbines met betrekking tot geluid, slagschaduw en / of zicht.
Behoud centrale open veenweide natuurgebieden De veenweidegebieden met de status NNN (in groen aangegeven op bijgaande kaart) zijn niet of nauwelijks toegankelijk. Zeker niet per auto en slechts in de randen per fiets of lopend. Deze gebieden zijn zeer open, bestaan uit grasland, rietkragen en watergangen en er liggen geen erven met bebouwing in. De grote vergezichten binnen deze gebieden worden dus niet aangetast door de plaatsing van kleine windturbines. Verspreide erven langs natuurgebieden met mogelijkheden voor KWT Rondom en tussen de veenweide – natuurgebieden liggen ontginningsassen met bebouwing. De bebouwing ligt soms zeer verspreid, zoals aan de noordkant van het Jisperen Wormerveld. Kleine windturbines zijn hier een mogelijkheid voor duurzame toekomstbestendige bedrijven, ook voor bedrijven die agrarisch natuurbeheer uitvoeren.
Lintbebouwing met diverse functies; beperkte mogelijkheden KWT Deze linten met diverse functies hebben een iets opener karakter, waardoor er meer relatie is met het achterliggende agrarische gebied en de agrarische erven. Als grens van een verdicht lint met een meer open lint wordt gekeken naar het ruimtelijk karakter. Ook deze (lint-) bebouwing ligt deels binnen de bebouwde kom. Voorbeelden zijn Beets, Warder, Oosteinde bij Oosthuizen, Middelie, Zuideinde in Zaanstad, de Haal, Purmerland, van Beekstraat en Marken. In deze linten met diverse functies mag een KWT volgens dit beleidskader alleen op een bouwvlak met agrarische bestemming en moet de afstand van de te plaatsen KWT minimaal 100 meter tot de meest nabije woonbestemming bedragen. Grote droogmakerijen met mogelijkheden KWT
Lintbebouwing met dichte woonbebouwing; KWT niet wenselijk Langs en tussen de veenweide natuurgebieden ligt een groot aantal verdichte
De Wijdewormer en het oostelijk deel van de Purmer zijn beide herkenbare droogmakerijen met een sterk agrarisch karakter. De openheid
linten waaronder Westzaan, Oostzaan, Landsmeer, Den Ilp, Wormer, Jisp en Watergang. Deze liggen binnen de bebouwde kom. De oorspronkelijk verspreide agrarische erven hebben hier grotendeels plaats gemaakt en zijn
manifesteert zich hier vooral in de lengterichting van de polders tussen de bebouwingslinten. De plaatsing van kleine windturbines bij de agrarische
aangevuld met woonbebouwing. Vanwege de dichte woonbebouwing zijn
erven of erven met een stedelijke functie van meer dan 1ha tast de 66/70
Kenmerk
R000-1290888EWI-V01
langgerekte openheid van deze polders niet of nauwelijks aan. KWT’s zijn
Aandachtsgebieden ruimtelijke relatie KWT en grote windturbines
hier ruimtelijk inpasbaar. Kleine droogmakerijen met mogelijkheden KWT
Binnen dit beleidskader zijn aandachtsgebieden aangegeven tot op 1km van bestaande grote windturbines en tot op 1 km van de grens van /
Ook in de kleine droogmakerijen zoals de Enge Wormer en ten zuiden van de Van Beekstraat en het Ilperveld hebben de gronden en erven een agrarisch karakter en liggen de erven op enige afstand van elkaar. KWT’s zijn
binnen de zoekgebieden voor grote windturbines. Hierbinnen dient de ruimtelijke relatie tussen kleine en grote windturbines nader onderzocht te worden.
inpasbaar op de erven in deze agrarische landschappen. Gebieden met verspreide bebouwing en afwisseling natuur – agrarisch met mogelijkheden voor KWT In Zeevang, polder Assendelft en Waterland is sprake van een kleinschalige afwisseling van
De leesbaarheid van de verschillende opstellingen van grote en kleine windturbines ten opzichte van elkaar moet helder blijven. Het is ongewenst dat opstellingen gaan interfereren met elkaar en er een rommelig beeld ontstaat. Stelling van Amsterdam – UNESCO extra toetsing
agrarisch- en natuurgebied. De erven liggen vaak geïsoleerd van elkaar als eilanden in de open ruimte. In Zeevang is daarbij regelmatig sprake
Binnen de Stelling van Amsterdam is het Linielandschap nog goed herkenbaar en beleefbaar, mede vanwege de vele attributen en
van wegbeplanting. Bij een forse maat van (stolp-) boerderijen, schuren en erfbeplanting staat de plaatsing van een kleine windturbine op het erf in acceptabele
de onderlinge samenhang. Binnen de stelling van Amsterdam is een extra toetsing nodig of kleine windturbines de kernkwaliteiten van de stelling
verhouding tot de andere opgaande elementen op het erf. Door de grote omliggende open ruimten liggen naburige erven vaak op geruime afstand van elkaar, waardoor er geen hinder optreedt voor nabije woningen. Indien
aantasten. Aanvragen dienen aan de provincie te
geclusterd bij de erven, met voldoende beplanting ter verzachting van harde lijnen, zijn kleine windturbines inpasbaar in de open ruimten.
worden voorgelegd. Beleid KWT Beemster in ontwikkeling Voor de Beemster is een beleid ten aanzien van energieopwek in ontwikkeling door de gemeente Purmerend in afstemming met de provincie. Daarom wordt er in deze visie geen uitspraak over kleine windturbines in de Beemster gedaan.
67/70
Kenmerk
R000-1290888EWI-V01
Erfbeplanting versterken Op lokaal niveau zou de vergunning gekoppeld kunnen worden aan het versterken van erfbeplanting in het erfensemble. Dit is met name van belang in de open gebieden met verspreide erven, waar bebouwing niet of nauwelijks is ingepast met erfbeplanting. Daarbij dient wel rekening te worden gehouden dat deze beplanting niet leidt tot meer vliegbewegingen van vogels of vleermuizen rond de kleine windturbine. Zorgvuldig doorlopen participatietraject Bij een aanvraag voor een KWT dient het participatietraject zorgvuldig doorlopen te worden, conform de eisen van de Omgevingswet die per 1 januari 2024 ingaat.
68/70
Kenmerk
R000-1290888EWI-V01
10 Aanbevelingen Wij doen bij dit beleidskader de volgende aanbevelingen. Evaluatie beleid KWT door gemeenten
gebied van ecologie vast te leggen in de Omgevingsverordening van NoordHolland. Gewijzigd omgevingsbeleid verwacht de provincie op zijn vroegst midden 2025.
We raden de gemeenten binnen de regio Zaanstreek – Waterland aan de doorwerking van het beleidskader na twee tot drie jaar te evalueren. Omdat het een beleidskader betreft omtrent een nieuw onderwerp zal er
KWT’s in gemeentelijke Welstandsnota’s Gemeentes kunnen in hun Welstandsnota aanvullend op het provinciaal en
voortschrijdend inzicht ontstaan. Het is goed om dat inzicht mee te nemen in een eventuele bijstelling van het beleidskader voor het toetsten van nieuwe aanvragen. Mogelijk speelt het laadvermogen van het landschap voor de
regionaal beleid regels opnemen om verrommeling van de erven of van het landschap door kleine windturbines te voorkomen.
ontwikkeling van kleine windturbines vanuit landschappelijk opzicht en vanuit draakvlak hierin een rol. Evaluatie beleid KWT door provincie Noord-Holland De evaluatie van het beleid voor KWT door de provincie Noord-Holland is inmiddels afgerond. De uitkomst daarvan wordt eind 2024 gepubliceerd. Deze beleidsevaluatie geeft waarschijnlijk geen aanleiding om het beleid rondom kleine windturbines te wijzigingen. Dit dient gecheckt te worden. Nader onderzoek relatie kleine windturbines en aanvaringsslachtoffers Het is interessant nauwgezet de resultaten van het ecologisch onderzoek naar de effecten van KWT’s op aanvaringsslachtoffers in Groningen en Friesland te volgen. Naar verwachting zijn de soorten op en rond boerenerven landelijk vergelijkbaar en de uitkomsten van het onderzoek daardoor breed toepasbaar, ook voor de regio Zaanstreek – Waterland. Het kan zijn dat er na afronding van het ecologisch onderzoek een omgevingsbeleidswijziging nodig is om mitigerende maatregelen op het 69/70
Kenmerk
R000-1290888EWI-V01
Bronnen Afwegingskader Energietransitie Hollandse waterlinies, Land-id, september 2021
Ruimtelijke handreiking wind op land, Provincie Noord-Holland, augustus 2021
Beschrijving Bijzondere Provinciale Landschappen, provincie Noord-Holland
Strategische visie Purmer, BRO, 2022
Bestemmingsplannen buitengebieden en bestemmingsplannen kernen en linten, gemeente Edam-Volendam, Landsmeer, Oostzaan, Purmerend, Waterland, Wormerland, Zaanstad EAZ Wind, EAZ Twaalf Informatieblad Eindrapportage evaluatie beleid kleine windturbines provincie Groningen, Sweco, 2019 Gebiedsopgaven regio Zaanstreek-Waterland, mogelijkheden voor versterking regionale samenwerking, Natuurlijke zaken, oktober 2022 Kennissessie Wind op land, Rijksdienst voor ondernemend Nederland, mei 2020 Marken boven water, deel 1 en 2, Rijkswaterstaat 2016-2017 Onderzoek Ecologische effecten van kleine windturbines, Regio Gooi- en Vechtstreek, RES Noord-Holland Zuid, Arcadis, oktober 2022 Prachtlandschap Noord-Holland, Leidraad landschap en cultuurhistorie, Provinciale structuur Stelling van Amsterdam / Nieuwe Hollandse Waterlinie, 2018 70/70