2021-112 Raadsvoorstel en -besluit
Tekst van het document
Raadsvoorstel Portefeuillehouder:
Wethouder E. Heinrich
Datum B&W vergadering
30 november 2021
Documentkenmerk:
25917-2021:327105 behorende bij zaak: 25917-2021
Aan de raad,
Onderwerp: Mandaatbesluit vaststelling ontwerpbestemmingsplan
Voorgesteld raadsbesluit/c.q. beslispunten 1. In te stemmen met het verlenen van mandaat aan het college van burgemeester & wethouders voor het vaststellen van een ontwerpbestemmingsplan. 2. In te stemmen dat voornoemde raadsbesluit op 1 januari 2022 in werking treedt.
Wettelijke grondslag voor raadsbevoegdheid Artikel 149 van de Gemeentewet
Inleiding Aanleiding Op 30 september 2021 is de notitie ‘Beleidskaders Woningbouwprogramma’ door uw gemeenteraad vastgesteld. In de notitie, op pagina 4, staat het volgende: “Voorgesteld wordt om de vaststelling van het ontwerpbestemmingsplan (waarna de terinzagelegging zal beginnen) en het afgeven van een ontwerpverklaring van geen bedenkingen bij een omgevingsvergunningsprocedure, te mandateren aan het college. Zodat het college in deze voorbereidende fase niet naar uw raad hoeft. In beide procedures wordt uiteindelijk de definitieve besluitvorming aan uw raad voorgelegd. Uw raad heeft dus nog altijd de mogelijkheid om de stukken te beoordelen en te behandelen. Door deze stappen aan het college te mandateren is de doorlooptijd van een project korter. (…). Als uw raad deze notitie vaststelt, dan zullen we de concrete mandaatbesluiten uitwerken en aan uw raad voorleggen”. Het uitwerken van de concrete mandaatbesluiten was als tweede besluitpunt opgenomen in dat raadsbesluit. Dit voorstel gaat om de volgende besluiten: 1.
Het mandaat te verlenen aan het college voor de vaststelling van het ontwerpbestemmingsplan (waarna de terinzagelegging kan beginnen).
2.
Het mandaat te verlenen aan het college voor het afgeven van een ontwerpverklaring van geen bedenkingen bij een omgevingsvergunningsprocedure.
Juridische achtergrond van ontwerpbestemmingsplan De procedure die een (ontwerp-)bestemmingsplan doorloopt, is in de Wet ruimtelijke ordening (Wro) en in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) opgenomen en is onderdeel van de Uniforme Openbare Voorbereidingsprocedure uit de Algemene Wet Bestuursrecht (Awb). De beslissingsbevoegdheid om bestemmingsplannen vast te stellen is belegd bij het hoogste orgaan van de gemeente. In artikel 3.1 lid 1 Wet ruimtelijke ordening staat: “De gemeenteraad stelt voor het gehele grondgebied van de gemeente een of meer bestemmingsplannen vast, waarbij ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening de bestemming van de in het plan begrepen grond wordt aangewezen en met het oog op die bestemming regels worden gegeven”. Omdat uw raad het bevoegde bestuursorgaan is, heeft zij het laatste woord. Er wordt echter geconstateerd dat het college in veel gemeenten het ontwerpbestemmingsplan vaststelt met het oog op doelmatigheidsoverwegingen. In dit voorstel wordt aan uw raad voorgelegd om de vaststelling van het ontwerpbestemmingsplan aan het college te mandateren. Het ontwerpbestemmingsplan wordt daarna ter inzage gelegd voor een duur van de wettelijke 6 weken, waarbij een ieder een zienswijze kan indienen (3.8, sub d Wro).
Na het inventariseren van de ingediende zienswijzen en het opstellen van een Nota van Beantwoording wordt aan uw raad voorgelegd om het bestemmingsplan vast te stellen (conform 3.8, lid 1, sub e Wro). Uw raad blijft in dit voorstel bevoegd om een bestemmingsplan vast te stellen – dat wijzigt niet. Het is aan uw raad om te doen besluiten of het
Pagina 1 van 4
Raadsvoorstel voorgestelde definitieve bestemmingsplan kan worden vastgesteld of dat een wijziging nodig is. Het vaststellingsbesluit wordt met het vastgestelde bestemmingsplan na de vaststelling ter inzage gelegd. Gedurende 6 weken kan beroep tegen het plan worden ingediend bij de afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Alleen degenen die ook een zienswijze tegen het ontwerpbestemmingsplan hebben ingediend kunnen beroep instellen. Tegen onderdelen die uw raad gewijzigd heeft vastgesteld, kan elke belanghebbende beroep instellen. Juridische achtergrond van (ontwerp-)verklaring van geen bedenkingen Met de invoering van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) in 2010 is als opvolger van het zogenoemde projectbesluit de “uitgebreide omgevingsvergunning” (ook bekend als “projectomgevingsvergunning”) geïntroduceerd, waarbij het bevoegd gezag (het college van burgemeester en wethouders) voor een activiteit ten behoeve van een concreet project, kan afwijken van het door de raad vastgesteld bestemmingsplan (of verordening), indien de activiteit niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening en het besluit is voorzien van een goede ruimtelijke onderbouwing.
Gelet op artikel 2.27 Wabo in samenhang met artikel 6.5, eerste lid van het Besluit omgevingsrecht (Bor), wordt een dergelijke omgevingsvergunning alleen verleend wanneer de raad hieromtrent een ‘verklaring van geen bedenkingen’ heeft afgegeven. In artikel 6.5, derde lid van het Bor wordt uw raad de mogelijkheid geboden om een lijst van categorieën vast te stellen waarbij een verklaring (van geen bedenkingen) niet is vereist van de raad. In die gevallen is het college zelfstandig bevoegd te beoordelen of een activiteit al dan niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening, hetgeen de termijn voor afgifte van uitgebreide omgevingsvergunningen aanzienlijk verkort. Uit juridisch oogpunt gaat het dus om categorieën van gevallen voor de gehele verklaring van geen bedenkingen en niet de ontwerpverklaring van geen bedenkingen. In de lijn van de notitie Beleidskaders Woningbouwprogramma, waarin is opgenomen dat het mandaatbesluit rondom de ontwerpverklaring verder wordt uitgewerkt, is het niet mogelijk om categorieën van gevallen voor de ontwerpverklaring aan te wijzen. Daarnaast speelt mee dat per 1 juli 2022 de Omgevingswet in werking treedt. Op basis van de Omgevingswet vervalt de verklaring van geen bedenkingen en kan uw raad ervoor kiezen om gevallen aan te wijzen waarin een bindend advies is vereist. Doet uw raad niets, dan is het college exclusief bevoegd.
Het systeem wordt dus in wezen omgedraaid: nu kan uw raad categorieën van gevallen aanwijzen voor een verklaring van geen bedenkingen waarvoor het college bevoegd is en zo niet, dan is uw raad exclusief bevoegd. Per 1 juli 2022 is het college bevoegd, tenzij uw raad gevallen aanwijst. Het is nu niet wenselijk om dit voorstel aan uw raad voor te leggen. Die keuze wordt op een later moment alsnog aan uw raad voorgelegd. In dit voorstel wordt aan uw raad voorgelegd om alleen in te stemmen met het besluit om het college te mandateren voor het vaststellen van een ontwerpbestemmingsplan. Kaders - Notitie Beleidskaders Woningbouwprogramma (vastgesteld 30 september 2021) - Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) - Besluit omgevingsrecht (Bor) - Algemene wet bestuursrecht (Awb) - Wet ruimtelijke ordening (Wro) Doelstelling/beoogd resultaat De doorlooptijd van de eigen ruimtelijke procedure (met circa twee maanden) te verkorten door het college te mandateren voor het vaststellen van een ontwerpbestemmingsplan.
Argumenten en afweging Mandaatbesluit vaststelling ontwerpbestemmingsplan Om invulling te geven aan de wens van uw raad versneld nieuwbouw te realiseren daar waar procedurele versnellingen mogelijk zijn, is ook de doorlooptijd van de eigen procedures van belang. Uw raad heeft zich reeds op hoofdlijnen over het ruimtelijke beleid (Woonvisie, Welstandsnota, Toekomstvisie etc.) uitgesproken en dus is het verantwoord dat het college een ontwerpbestemmingsplan vaststelt (zodat de terinzagelegging kan worden gestart). Uw raad heeft immers de kaders meegegeven en vastgesteld – het college moet zich aan die kaders houden. Dit mandaatbesluit zorgt ervoor dat de eigen ruimtelijke procedure wordt verkort met circa
Pagina 2 van 4
Raadsvoorstel twee maanden (en in het zomerreces kan dit oplopen tot vier maanden) en een project dus eerder tot besluitvorming kan worden gebracht. Inwerkingtreding raadsbesluit Met het oog op behandeling van dit voorstel in december 2021 is het wenselijk om het raadsbesluit in werking te laten reden per 1 januari 2022. Op die manier wordt transparantie geboden wanneer het college op welke datum gemandateerd is om te besluiten over het bovenstaande punt. Kanttekening Het college krijgt meer verantwoordelijkheid in de ruimtelijke ordening door zelfstandig (zonder uw raad daarbij te betrekken) te beslissen over het vaststellen van een ontwerpbestemmingsplan. Uw raad maakt gebruik van de sturingsmogelijkheden door middel van het vaststellen van de beleidskaders, zoals de Woonvisie, Toekomstvisie, de notitie Beleidskaders Woningbouwprogramma en de Welstandsnota, waarin het college uitvoering aan moet geven. Het college besluit echter over een ontwerpbestemmingsplan, het definitieve bestemmingsplan moet door uw raad worden vastgesteld. Uw raad heeft dus nog altijd de laatste beslissingsbevoegdheid. Financiële aspecten Het voorstel kent geen financiële aspecten. Duurzaamheid Het voorstel kent geen duurzaamheidsaspecten. Uitkomsten advies en inspraak: n.v.t.
Communicatie Het college zal uw raad informeren bij het nemen van een besluit over het vaststellen van een ontwerpbestemmingsplan. Zo krijgt uw raad inzicht over de gemaakte afweging en in hoeverre rekening is gehouden met vigerend beleid.
Bijlagen Er zijn geen bijlagen. U wordt uitgenodigd tot besluitvorming over te gaan. Met vriendelijke groet, namens het college van burgemeester en wethouders van Landsmeer,
L.A. (Léon) de Lange
P.G. (Peter) Küppers
burgemeester
gemeentesecretaris
Pagina 3 van 4
Raadsbesluit Portefeuillehouder:
Wethouder E. Heinrich
Datum raadsvergadering
23 december 2021
Documentkenmerk:
25917-2021:327105 behorende bij zaak: 25917-2021
De raad van de gemeente Landsmeer Gelezen het raadsvoorstel van het college, voorstelnummer: 334999762620778 behorende bij zaak: 259172021 Gehoord de behandeling in de oordeelsvormende sessie van de raad.
Raadsbesluit 1. 2.
In te stemmen met het verlenen van mandaat aan het college van burgemeester & wethouders voor het vaststellen van een ontwerpbestemmingsplan. In te stemmen dat voornoemde raadsbesluit op 1 januari 2022 in werking treedt.
De raad van de gemeente Landsmeer,
J.P. (Johan Paul) de Groot
L.A. (Léon) de Lange
griffier
voorzitter
Pagina 4 van 4