02 Bijlage 1 Beleidsplan civiele kunstwerken 2025-2033
Tekst van het document
Beleidsplan civiele kunstwerken 2025-2033
1
Samenvatting De gemeente Landsmeer heeft de wettelijke taak om te zorgen voor het beheer en onderhoud van de openbare ruimte; waaronder haar civieltechnische kunstwerken zoals bruggen, tunnels en duikers. In dit beleidsplan wordt beschreven welk onderhoudsniveau we nastreven, welke maatregelen daarvoor nodig zijn en welke financiële gevolgen dit heeft. Anno 2025 beheert de gemeente Landsmeer 106 civiele kunstwerken: bruggen, duikers en een steiger. De totale kapitaalwaarde van de civiele kunstwerken bedraagt in totaal circa 16,5 miljoen euro. Het areaal is te verdelen in de kunstwerken die we vóór 1 maart 2025 in beheer hadden en kunstwerken die we sinds die datum in beheer hebben. Er zijn 22 bruggen van het hoogheemraadschap (HHNK) aan ons areaal toegevoegd, als gevolg van de wegenoverdracht buiten de bebouwde kom. Het adagium “schoon, heel en veilig” en de resultaten van uitgevoerde inspecties en opgestelde adviezen vormen de basis voor de beheerstrategie. Het beeldkwaliteitsniveau voor het wegbeheer is overwegend vastgesteld op niveau B. Dit niveau hanteren we ook voor de civiele kunstwerken. Wanneer we deze basiskwaliteit vertalen naar de conditiescores uit de NEN 2767, dan sluit conditiescore 3 (redelijke conditie) hier het beste op aan. Het soort onderhoud en de frequentie van dat onderhoud is erop gericht het areaal zo kostenefficiënt mogelijk in stand te houden.
Waarbij we streven naar een optimum tussen prestaties, risico's en kosten. Er worden geen concessies gedaan ten aanzien van de constructieve veiligheid en de verkeersveiligheid. Bovenstaande vormt de basis voor de financiële paragraaf van dit beleidsplan. Om kapitaalvernietiging te voorkomen nemen we de noodzakelijke onderhoudsmaatregelen op in het beheerplan civiele kunstwerken. Het in het beheerplan opgenomen onderhoud wordt vervolgens geprioriteerd en in de navolgende jaren uitgevoerd. De gemiddelde jaarlijkse exploitatiekosten voor onderhoud, inclusief elektriciteitskosten en brugbediening, bedragen in totaal ongeveer € 297.000 per jaar voor de periode tot en met 2033 (prijspeil 2024). Vanuit eerdere beheerplannen waren er in het Meerjareninvesteringsplan (MIP) een drietal investeringskredieten opgenomen voor het vervangen van een vijftal bruggen. Uit de uitgevoerde inspecties en advisering blijkt, dat er een noodzaak is om de komende jaren nog eens drie bruggen te vervangen en één brug te renoveren. In de MIP van de begroting 2026 zijn daarom voor de periode tot en met 2029 investeringen voor twee nieuwe bruggen opgenomen. Tot en met 2033 moeten te zijner tijd nog eens twee bruggen in de MIP worden opgenomen. In de periode 2025-2033 is daarmee voor in totaal € 1.025.950 aan investeringen benodigd, waarvan € 736.500 al in het MIP is opgenomen.
2
Hoofdstuk 1 - Inleiding 1.1. Aanleiding en doel 1.2. Scope 1.3. Leeswijzer
4 4 4 4
Hoofdstuk 2 – Kaders en regelgeving 2.1. Gemeentelijk beleid 2.2. Wettelijk kader
5 5 5
Hoofdstuk 3 - Huidige situatie 3.1. Omvang en kapitaalswaarde areaal 3.2. Resultaat inspecties, huidige onderhoudstoestand
8 8 8
Hoofdstuk 4 – Beheerstrategie 4.1. Schoon, heel en veilig 4.2. Inspecties en advies 4.3. Borgen van de veiligheid 4.4. Borgen van het functioneren 4.5. Geplande levensduur bruggen
14 14 15 15 16 17
Hoofdstuk 5 – Financiën 5.1. Kapitaalvernietiging 5.2. Exploitatiebudget 5.3. Investeringen
18 18 18 19
Hoofdstuk 6 – Bijlagen Bijlage 1: Bruggenareaal gemeente tot 1 maart 2025 Bijlage 2: Bruggenareaal per 1 maart 2025 overgenomen v.h. hoogheemraadschap
21 21 21
3
Hoofdstuk 1 - Inleiding De gemeente Landsmeer heeft de wettelijke taak om te zorgen voor het beheer en onderhoud van de openbare ruimte en daarmee ook voor haar civieltechnische kunstwerken. Civieltechnische kunstwerken zijn technische constructies die een kruising van (water)wegen onderling of met natuurlijke barrières mogelijk maken. Zoals bruggen, tunnels en duikers. De gemeente heeft meer dan 100 kunstwerken, oevervoorzieningen niet meegerekend (daarvoor kennen we het Oeverbeheerplan). 1.1. Aanleiding en doel De Gemeentewet schrijft voor dat elke gemeente jaarlijks begrotings- en verantwoordingsstukken moet opstellen. Het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten (BBV) bevat de regelgeving daarvoor. Om te voldoen aan de eisen uit het BBV is dit beleidsplan opgesteld. De inhoud is geënt op het voorgesteld beleidskader en de resultaten van inspecties. De openbare ruimte is een zeer belangrijk onderdeel van de leefomgeving van de inwoners en bezoekers van onze gemeente. Jaarlijks besteden we een aanzienlijk bedrag om deze openbare ruimte veilig, schoon en leefbaar te houden. 1.2. Scope De volgende uitgangspunten zijn van toepassing op dit beleidsplan: • Het beleidsplan gaat over de bruggen, duikerbruggen en steiger in eigendom en beheer van de gemeente Landsmeer, inclusief de op 1 maart 2025 in beheer van het hoogheemraadschap overgenomen kunstwerken.
• De looptijd van het beleidsplan is 2025 t/m 2033, de brongegevens beperken de looptijd tot 2033; • De beheer- en onderhoudswerkzaamheden aan oevervoorzieningen zijn buiten beschouwing gelaten. Voor de oevervoorzieningen, zoals damwanden en beschoeiingen kennen we het Oeverbeheerplan; • De weergave van inspectieresultaten, risico's en de daaraan gerelateerde kostenoverzichten zijn gebaseerd op inspectieresultaten en berekeningen van 2024 en 2025; • Alle berekende kosten zijn conform prijspeil 2024. In 2024 en 2025 heeft ingenieursbureau Westenberg B.V. instandhoudingsinspecties uitgevoerd aan de kunstwerken (bruggen, duikers en steiger). Dit betreft uiteraard die van de gemeente zelf, maar ook die van het hoogheemraadschap die op dat moment nog niet in beheer overgedragen waren aan de gemeente. Ook zijn diverse nadere onderzoeken uitgevoerd. De belangrijkste bevindingen en risico's worden in hoofdstuk 3 toegelicht. 1.3. Leeswijzer Hoofdstuk 2 beschrijft het kader voor het beheer en onderhoud van civiele kunstwerken. In hoofdstuk 3 wordt de aangetroffen huidige situatie beschreven: waaruit is het areaal opgebouwd en in welke toestand verkeert deze. Op basis van de aangetroffen toestand is in hoofdstuk 4 een beheerstrategie vastgesteld. Hoofdstuk 5 geeft een weergave van de financiële behoefte in de planperiode 2025-2033.
De bij dit beleidsplan behorende bijlagen zijn vermeld in hoofdstuk 6.
4
Hoofdstuk 2 – Kaders en regelgeving In dit hoofdstuk wordt ingegaan op gemeentelijk beleid en de belangrijkste wet- en regelgeving voor beheer en onderhoud van civieltechnische kunstwerken. 2.1. Gemeentelijk beleid Het Collegeprogramma Landsmeer 2023-2026 en de Omgevingsvisie Landsmeer vormen de belangrijkste vertrekpunten voor het gemeentelijk beleid om invulling te geven aan het beheer en onderhoud van civiele kunstwerken. Het gaat dan met name om een goede infrastructuur voor voetgangers en fietsers, goede bereikbaarheid en verkeersveiligheid. Daarnaast spelen duurzaamheidsambities op alle niveaus een rol. 2.2. Wettelijk kader
Wegenwet De Wegenwet geldt niet alleen voor (vaar)wegen, maar ook voor bruggen. Gemeenten zijn verplicht om alle binnen de gemeentegrens vallende openbare wegen die in haar beheer zijn in een goede staat te onderhouden. De invulling van het begrip ''in goede staat'' is echter niet uitgewerkt in de wegenwet. De wegen en de bruggen moeten echter minimaal geschikt zijn voor het gestelde doel. Er is sprake van een zorgplicht zonder een vastgelegd kwaliteitsniveau. De gemeente heeft dus enige vorm van vrijheid voor invulling van het kwaliteitsniveau waarop wordt onderhouden.
Woningwet De Woningwet van 2015 geldt ook voor civiele kunstwerken. Een civiel kunstwerk is een bouwwerk, geen gebouw zijnde. Het uitgangspunt van de Woningwet is om bouwwerken zodanig te bouwen, dat er geen gevaar voor de gezondheid en de veiligheid ontstaat. Een civiel kunstwerk moet voldoen aan de voorschriften. Deze voorschriften zijn vastgelegd in het Bouwbesluit en Besluit bouwwerken leefomgeving.
Bouwbesluit en Besluit bouwwerken leefomgeving Het Bouwbesluit 2012 is een Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) die valt onder de Woningwet. Dit besluit bevat een groot aantal voorschriften voor zowel gebouwen als bouwwerken geen gebouw zijnde, op het terrein van: • • • • •
Veiligheid; Gezondheid; Bruikbaarheid; Energiezuinigheid; Milieu.
Het Bouwbesluit bevindt zich in een overgangsfase. Vanaf 1 januari 2024 is een deel van het Bouwbesluit 2012 opgegaan in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl), als onderdeel van de Omgevingswet. Toch blijft het Bouwbesluit 2012 nog deels gelden voor bestaande situaties en vergunningen die vóór 2024 zijn aangevraagd. Het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) is een belangrijk onderdeel van de Omgevingswet en bevat algemene rijksregels over de technische bouwkwaliteit van bouwwerken. Het Bbl stelt regels 5
over veiligheid, gezondheid, duurzaamheid en bruikbaarheid van bouwwerken. Maar ook over het uitvoeren van bouw- en sloopwerkzaamheden.
Burgerlijk wetboek In het Burgerlijk Wetboek is de aansprakelijkheid van beheerders van openbare voorzieningen geregeld. De centrale gedachte is, dat de beheerder verantwoordelijk is voor het uitvoeren van voldoende onderhoud. Deze 'zorgplicht' staat in de Wegenwet. Bij geschillen moet een beheerder aantonen dat hij voldoende zorg heeft gepleegd, zoals het uitvoeren van periodieke inspecties en onderhoud. Een civiel kunstwerk moet veilig zijn voor de gebruikers. Als dit niet het geval is, kan de beheerder aansprakelijk worden gesteld. Aan de orde zijn de volgende artikelen: • Artikel 174, boek 6, BW (artikel 6:174 BW) gebreken aan het kunstwerk (weg) zelf; • Artikel 162, boek 6, BW (artikel 6:162 BW) gebreken op het kunstwerk (weg). In artikel 6:174 BW is sinds 1992 de aansprakelijkheid van de wegbeheerders geregeld. Artikel 6:162 BW regelt de onrechtmatige daad in algemene zin.
Besluit begroting en verantwoording Het Besluit Begroting van Verantwoording Provinciën en Gemeenten (BBV) is een AMvB vanuit de Gemeentewet van 2003. Het vormt een aanvulling op de verdere uitwerking van de boekhoudkundige regelgeving van de gemeente. In artikel 12 schrijft de BBV voor, dat de gemeente inzicht moet geven hoe zij omgaat met haar kapitaalgoederen. In ieder geval voor wegen, riolering, water, groen en gebouwen. Gezien de Wegenwet van 1930 en de Woningwet 2015 geldt dat ook voor civiele kunstwerken. Naast bovenstaande is de toezichthoudende taak van het Rijk op de provincies en van de provincies op gemeenten van belang. Gemeenten dienen hun kapitaalgoederen op een adequate wijze te onderhouden.
Omgevingswet De Omgevingswet is op 1 januari 2024 in werking getreden. Het doel is om regelgeving over de fysieke leefomgeving (zoals bouwen, milieu, water en natuur) te vereenvoudigen en samen te voegen. De wet vervangt 26 bestaande wetten, waaronder de Wabo en delen van het Bouwbesluit. Ze bevordert snellere besluitvorming en geeft meer ruimte voor maatwerk door gemeenten en provincies. Overgangsrecht zorgt dat oude regels tijdelijk blijven gelden. De Omgevingswet geldt voor nieuwe ruimtelijke plannen, bouwen, milieu en erfgoed. De Omgevingswet stimuleert een integrale benadering bij civiele kunstwerken, waarbij rekening wordt gehouden met mobiliteit, veiligheid, duurzaamheid en andere relevante thema's. Gemeenten krijgen meer verantwoordelijkheid voor het beheer en onderhoud van kunstwerken. Ze moeten zorgen voor een goede afstemming met andere disciplines zoals wegen, groen en water. Het beheer van civiele kunstwerken zal meer gestructureerd en preventief moeten plaatsvinden, in plaats van ad-hoc op basis van meldingen. Er zullen heldere beheerplannen moeten zijn voor civiele kunstwerken, waarin de gewenste kwaliteit, onderhoudsstrategie en budgettering zijn vastgelegd. De openbare ruimte, inclusief civiele kunstwerken, moet schoon, heel, veilig en toegankelijk zijn.
6
Overige wetgeving • Wegenverkeerswet 1994: Doorrijdhoogte tunnels en onderdoorgangen, bebording (as)lastbeperking, breedtebeperking. • Arbeidsomstandighedenwet: Inrichting installatie en bediening beweegbare bruggen. • Keur Waterschap: Eisen aan doorvaarhoogte, doorvaarbreedte van bruggen en duikers. • Vigerende ontwerprichtlijnen: onder andere constructieve veiligheid (Eurocodes).
7
Hoofdstuk 3 - Huidige situatie Dit hoofdstuk gaat in op de omvang en kapitaalswaarde van het kunstwerkenareaal. Daarnaast wordt globaal inzicht gegeven in de staat van de kunstwerken aan de hand van de resultaten van de meest recente inspecties. 3.1. Omvang en kapitaalswaarde areaal Anno 2025 beheert de gemeente Landsmeer 106 civiele kunstwerken: bruggen, duikers en een steiger. Het areaal is te verdelen in de kunstwerken die we vóór 1 maart 2025 in beheer hadden en die we sinds die datum in beheer hebben. Er zijn 22 bruggen van het hoogheemraadschap aan ons areaal toegevoegd, als gevolg van de wegenoverdracht buiten de bebouwde kom1. Hieronder is het kunstwerkenareaal onderverdeeld naar type aangegeven. Type
Aantal
Betonnen bruggen Beweegbare bruggen Duikers Houten bruggen Kunststof bruggen Stalen bruggen Houten steigers Totaal Tabel 3.1.1 Aantal kunstwerken per type
16 3 7 30 7 20 1 84
Aantal ex HHNK 7 2 4 9 22
Totaal
23 5 7 34 7 29 1 106
Een uitgebreider overzicht van het areaal vindt u in de bijlagen. De totale kapitaalwaarde van de civiele kunstwerken bedraagt in totaal circa 16,5 miljoen euro. • Tot 1 maart 2025: 84 kunstwerken met een totale kapitaalswaarde van circa 13,0 miljoen euro. • Vanaf 1 maart 2025: 22 extra kunstwerken met een totale kapitaalswaarde van circa 3,5 miljoen euro. 3.2. Resultaat inspecties, huidige onderhoudstoestand De uitgevoerde inspecties hebben inzicht gegeven in: • De conditie van de bouwdelen, vastgesteld door middel van een conditiemeting conform de NEN 2767; • De beeldkwaliteit niveaus volgens CROW publicatie 323; • De technische staat, het benodigde onderhoud en de instandhoudingskosten van het areaal; • Draagkrachtrisico van de overspanningen. 1
Per 1 maart 2025 heeft Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) de verantwoordelijkheid voor het beheer en onderhoud van 28 km wegen, inclusief 11 km fietspaden, overgedragen aan de gemeente Landsmeer. Dit betekent dat Landsmeer nu alle wegen binnen de gemeentegrenzen beheert. De overdracht omvat het gehele weglichaam, inclusief bermen en meubilair, maar bij wegen die op dijken liggen, blijft HHNK eigenaar van de dijk zelf.
8
Tijdens de instandhoudingsinspectie van 2024 zijn de paspoort- en decompositiegegevens2 van de kunstwerken gecontroleerd. Vervolgens is een inventarisatie gemaakt van de omvang, ernst en intensiteit van gebreken aan de bouwdelen. Dit dient als input voor het benodigde periodieke onderhoud. Ook zijn er constructieve beschouwingen uitgevoerd. De bevindingen van deze onderzoeken gaan verder dan alleen de conditie van bouwdelen en zijn daarom ook een belangrijke bron voor het benodigde onderhoud.
Historisch gemeentelijke bruggen, reeds in beheer vóór 1 maart 2025: Uit de resultaten blijkt dat de kunstwerken over het algemeen in een redelijke staat van onderhoud verkeren. Als we naar de staat per kunstwerktype kijken, dan zijn het voornamelijk de betonnen en houten bruggen die in matige staat zijn en die in de komende jaren de meeste aandacht behoeven.
2
Paspoort- en decompositiegegevens omvatten onder andere informatie betreffende locatie, afmetingen en functie van de brug, alsmede een ontleding in constructieonderdelen en materialisatie.
9
Er dienen vier objecten te vervangen te worden: brug 12, 40, 42 en 90. Deze vier bruggen zijn al opgenomen in het MIP voor 2025, 2027 of 2028. Vervanging van deze bruggen is voor deze jaartallen gepland.
In 2025 te vervangen brug (brug 040)
10
Conform publicatie 323 van de CROW is van elk kunstwerk de beeldkwaliteit bepaald. Door uitvoeren van onderhoudsmaatregelen zal de beeldkwaliteit van alle objecten weer toenemen. Beeldkwaliteit
Aantal
A+ 3 A 24 B 22 C 30 D 5 Totaal 84 Tabel 3.2.1 Aantal kunstwerken per beeldkwaliteit (historisch gemeentelijke bruggen)
Vanuit de constructieve risicoscan is gebleken dat bij een aantal kunstwerken een verhoogd risico op bezwijken van de hoofddraagconstructie aanwezig is. Daarom is nader onderzoek uitgevoerd op deze bruggen. Zie hiervoor verder paragrafen 3.2.3 en 3.2.4.
Van het hoogheemraadschap overgenomen bruggen per 1 maart 2025: Uit de resultaten blijkt dat de kunstwerken over het algemeen in een matige tot redelijke staat van onderhoud verkeren. Als we naar de staat per kunstwerktype kijken, dan zijn het voornamelijk de beweegbare bruggen die in matige staat zijn en die in de komende jaren de meeste aandacht behoeven. Ten tijde van de inspectie was de Twiskebrug nog niet gerenoveerd. In de zomer van 2025 heeft deze renovatie plaats gehad, op kosten van het hoogheemraadschap. De onderhoudstoestand van de resterende bruggen past binnen de uitgangspunten van de businesscase die ten grondslag ligt aan de overname van de kunstwerken. Volledige objectvervangingen zijn niet aan de orde in de komende periode. Conform publicatie 323 van de CROW is van elk kunstwerk de beeldkwaliteit bepaald. Door uitvoeren van onderhoudsmaatregelen zal de beeldkwaliteit van alle objecten weer toenemen. Beeldkwaliteit
Aantal
A+ A B 12 C 9 D 1 Totaal 22 Tabel 3.2.2 Aantal kunstwerken per beeldkwaliteit (van het hoogheemraadschap overgenomen bruggen)
Aanvullend onderzoek In 2024 is er nader onderzoek uitgevoerd aan 13 bruggen, met als doel het verkrijgen van inzicht in verborgen gebreken en de technische staat, de exacte omvang, oorzaak en ernst van schades. Daarbij hoort tevens per kunstwerk een hersteladvies, aangegeven is welke maatregelen moeten worden uitgevoerd.
11
Vanuit de inspectieresultaten blijkt, dat bij de betonnen kunstwerken relatief veel betonschades aanwezig zijn. Naast betonreparaties zijn ook onderhoudsmaatregelen aan de overige bouwdelen nodig, waaronder aan het asfaltpakket en het leuningwerk. Bij de kunstwerken 050 en 081 wegen herstel en onderhoud niet meer op tegen een algehele vervanging van de brug. Deze kunstwerken hebben hun theoretische levensduur reeds behaald. De constructies zijn hoogstwaarschijnlijk onvoldoende draagkrachtig om te voldoen aan de huidige belastingen. De kosten van de reparaties zullen waarschijnlijk meer dan 50% bedragen van een nieuw te bouwen brug. Bij drie houten fiets-/voetgangersbruggen zijn op korte termijn reparatie- en onderhoudsmaatregelen benodigd, zoals vervangen van dekplanken en verstevigen van een ligger in de hoofddraagconstructie. De relevante beheersmaatregelen zijn opgenomen in het nieuwe beheerplan civiele kunstwerken.
Constructieve veiligheid In 2024 en 2025 zijn er constructieve herberekeningen uitgevoerd aan zeven bruggen, met als doel de draagkracht te bepalen en de gebruiksveiligheid te beoordelen. Het resultaat van de constructieve beschouwing geeft inzicht in de risico's en de geadviseerde beheersmaatregelen per kunstwerk. Objecten nrs. 01 en 02, een dubbele betonnen duiker onder de Dorpstraat resp. de Van Beekstraat te Landsmeer. Uit de draagkrachtberekening blijkt, dat de duikerconstructie onvoldoende draagkracht heeft om te voldoen aan de nominale verkeersbelastingen (van 60 ton) conform NENEN 1991-2 en NEN 8700. Dit betekent dat alleen verkeer met beperkt gewicht de duikerconstructie mag passeren en dit dient middels bebording te worden afgedwongen. Uit de berekeningen blijkt, dat de duikerconstructie voldoet aan een aangepaste verkeersbelastingen van 45 ton, c.q. een aslast van 9,8 ton. De bij deze beperking behorende bebording zijn RVV types C21 en C20. Objecten nrs. 04 en 05, twee betonnen bruggen te Landsmeer. Eindconclusie: de bruggen voldoen aan alle verkeer en de theoretische restlevensduur van de bruggen is 30 jaar, (2024 t/m 2039) conform NEN 8700:2011+A1:2020. Object 6, een stalen brug aan de Sportlaan.
Uit de draagkrachtberekening blijkt, dat de brug onvoldoende draagkracht heeft om te kunnen voldoen aan de nominale verkeersbelastingen (van 60 ton) conform NEN-EN 1991-2. Dit betekent 12
dat alleen verkeer met beperkte aslast gebruik mag maken van de brug en dit dient middels bebording te worden afgedwongen. Uit de berekeningen blijkt, dat de brug voldoet aan een aangepaste verkeersbelastingen van 20 ton, c.q. een aslast van 5,3 ton. De bij deze beperking behorende bebording zijn RVV types C21 en C20. De brug heeft gecorrodeerde (verroeste) stalen liggers. Daarom is geadviseerd om op korte termijn herstelwerken en preventief onderhoud aan de brug uit te voeren. Object nr. 67, een stalen brug aan de Kistenmakerseiland. Uit de huidige berekening blijkt, dat de brug voldoende draagkracht heeft om te voldoen aan de nominale verkeersbelastingen conform NEN-EN 1991-2 en NEN 8700. Dit betekent dat voertuigen van 60 ton de brug kunnen passeren. Verdere bebording of andere aanpassingen zijn niet nodig. Object 17, een betonnen brug in de Burg. Postweg te Landsmeer. Uit de sterkteberekening is gebleken, dat de brug voldoende draagkracht heeft om te kunnen voldoen aan alle verkeer c.q. belastingmodellen volgens de NEN-EN 1991-2. Op het buigmoment is een lichte overschrijding van 2% acceptabel. Eindconclusie: De theoretische restlevensduur van de brug is 30 jaar (2025 t/m 2055) e.e.a. conform NEN 8700:2011+A1:2020 Van bovenstaande objecten zijn alle relevante beheersmaatregelen opgenomen in het nieuwe beheerplan civiele kunstwerken en voor een deel al uitgevoerd.
13
Hoofdstuk 4 – Beheerstrategie In dit hoofdstuk wordt de beheerstrategie en zijn de uitdagingen voor de komende beheerperiode toegelicht. De beheerstrategie vormt de basis voor het beheerplan. Ten behoeve van het beheer van de civiele kunstwerken wordt de beheerstrategie gebaseerd op het adagium “schoon, heel en veilig” en op de resultaten van inspecties en opgestelde adviezen. 4.1. Schoon, heel en veilig Op basis van het beeldkwaliteitsniveau kan een uitspraak gedaan worden over ‘schoon’ en ‘heel’. Voor het bepalen van beeldkwaliteit kennen we de landelijk toegepaste richtlijn CROW-publicatie 323, de Kwaliteitscatalogus openbare ruimte. Hierin wordt beschreven wat de onderhoudsstaat van een object mag zijn om te voldoen aan een bepaald kwaliteitsniveau. Het CROW kent hierin een onderverdeling in vijf kwaliteitsniveaus, A+, A, B, C en D, waarbij niveau A+ de hoogste status heeft, zie onderstaande tabel. Onderhoudsniveau A+ A
Omschrijving
Indicatie kwaliteit
Relatie met wegbeheer
Zeer hoog Hoog
Nagenoeg ongeschonden Mooi en comfortabel
B
Basis
Functioneel
C
Laag
Onrustig beeld, discomfort of enige vorm van hinder.
D
Zeer laag
Er is geen schade. Er is enige schade, maar de waarschuwingsgrens is nog niet overschreden. De waarschuwingsgrens is overschreden, er is klein onderhoud nodig of binnen vijf jaar is groot onderhoud nodig. De richtlijn is overschreden, er is binnen twee jaar groot onderhoud nodig. De richtlijn is meer dan een klasse overschreden, er is direct groot onderhoud of vervanging nodig.
Kapitaalvernietiging, uitlokking van vernieling, functieverlies, juridische aansprakelijkheidstelling, sociale onveiligheid Tabel 4.1.1 Beeldkwaliteitniveaus CROW
Gemeente Landsmeer heeft het beeldkwaliteitsniveau voor het wegbeheer overwegend vastgesteld op niveau B. Dit niveau hanteren we ook voor de civiele kunstwerken. Het aspect ‘veilig’ dient altijd in combinatie beoordeeld te worden met een inspectie zoals omschreven in paragraaf 4.2. Wanneer we de basiskwaliteit vertalen naar de conditiescores uit de NEN 2767, dan sluit conditiescore 3, redelijke conditie, hier het beste op aan. Conditiescore 3 conform de NEN 2767: Het verouderingsproces is plaatselijk op gang gekozen. Bouwdelen vertonen plaatselijk gebreken aan afwerklagen, materialen en componenten. Het functioneren van de installaties kan een enkele keer worden verstoord, zonder dat het bedrijfsproces wordt geschaad. Gebreken, in de vorm van verwering enz., kunnen plaatselijk tot regelmatig voorkomen. Regelmatig kunnen goed uitgevoerde en duurzame reparaties worden vastgesteld. Ook kunnen plaatselijk reparaties met minder geschikte middelen zijn uitgevoerd. Een bouwdeel kan in zijn geheel een zichtbare veroudering vertonen. 14
Ten aanzien van het totale beeld van de gebreken wordt de technische staat als redelijk gekwalificeerd. De kwaliteit van de toegepaste materialen en/of de basiskwaliteit, detaillering en uitvoering kunnen hierin een rol van betekenis spelen.
4.2. Inspecties en advies De civiele kunstwerken in de gemeente Landsmeer worden periodiek geïnspecteerd. De laatste inspectie is in 2024 uitgevoerd, het laatste aanvullende onderzoek in 2025. Op basis van deze inspecties en aanvullende onderzoeken is het benodigde onderhoud voor de instandhouding van de kunstwerken vastgesteld. Het Basis onderhoudsniveau ‘B’ is vertaald naar cyclische onderhoudsmaatregelen, waarbij de frequentie van uitvoering en prioritering is afgestemd op het gewenste onderhoudsniveau. Wanneer de conditie van (een onderdeel van) een kunstwerk niet meer aan het gewenste niveau voldoet, wordt onderhoud ingepland. Tijdens inspecties wordt het interventiemoment bepaald en vastgelegd. Met deze werkwijze is er continu inzicht in het benodigde onderhoud en de bijbehorende financiële middelen. 4.3. Borgen van de veiligheid Civieltechnische kunstwerken vormen een onderdeel van de openbare ruimte. Traditioneel is beheer gebaseerd op het in stand houden tegen aanvaardbare kosten. Dit met inachtneming van de wettelijke aansprakelijkheid van de beheerder in het kader van artikel 6:174 van het Burgerlijk Wetboek. Veiligheid in de openbare ruimte betreft: • Constructieve veiligheid: bijvoorbeeld de draagkracht van een constructie; • Gebruiksveiligheid: bijvoorbeeld gladheid van het brugdek door sneeuw of vorst.
Constructieve veiligheid In wetgeving staan de minimale eisen waaraan een civiel kunstwerk moet voldoen. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen bestaande bouw en nieuwbouw. Oudere civiele kunstwerken zijn ontworpen op basis van oudere nomen die niet meer voldoen aan de huidige eisen voor verkeersbelasting en -intensiteit. De Woningwet stelt dat constructies moeten voldoen aan de door het Bouwbesluit 2012 aangewezen nomen en voorschriften. Dit betreft de Eurocode (NEN-EN 1990) serie voor nieuwbouw en de NEN 8700 serie voor bestaande bouw. De gebruiksveiligheid borgen we door het periodiek laten inspecteren van het areaal en het opstellen en actueel houden van de risico-inventarisaties en –evaluaties (RI&E's) van de beweegbare bruggen. Dit op basis van de vigerende wet- en regelgeving alsmede de kaders & richtlijnen. De (inspectie)resultaten worden geprioriteerd en voorzien van beheersmaatregelen. Zoals het herstellen van straatwerk, of het vervangen van leuningen. Deze maatregelen worden vervolgens opgenomen in het beheerplan en uitgevoerd. Bij vervanging van bijvoorbeeld leuningwerken wordt ook rekening gehouden met de noodzaak van voertuigkerendheid of overklauterbaarheid. Bij klachten en calamiteiten waar direct ingrijpen noodzakelijk is onderneemt team Fysiek actie met gepaste spoed. Bijvoorbeeld bij het ontbreken van (gedeelten van) een leuning of brugdekplanken.
15
Gladheidsbestrijding Bij gladheidbestrijding is het van belang bijzondere aandacht te schenken aan de bruggen. Brugdekken worden namelijk sneller glad door opvriezen dan een normaal wegdek. Daarom hebben we bij veel bruggen zoutbakken met strooizout geplaatst. Inwoners kunnen hierdoor bij gladheid zelf zout strooien op de brug en in de directe omgeving. Dit speelt met name een rol bij de kleinere bruggen die niet op een doorgaande route en calamiteitenroute liggen. Nabij hondenuitlaatgebieden, beide parken en bij het groengebiedje Luijendijk gaan we de zoutbakken vervangen voor zandbakken. Zout kan bij honden een irritatie en zelfs een ontsteking veroorzaken onder hun poten. 4.4. Borgen van het functioneren Het beheer en onderhoud van de openbare ruimte is een dynamisch proces. De gemeente heeft nog geen beheersysteem, met een actueel en compleet overzicht van de omvang en toestand van het kunstwerkenareaal. De areaalgegevens zijn nu nog versnipperd verwerkt, waaronder in een beheerplan, op een digitale kaart en in Exceloverzichten. Daarmee is het up-to-date houden van areaalgegevens en het inzichtelijk houden van de risico's kwetsbaar. Inmiddels is een assetbeheerder aangesteld en is het plan een beheerapplicatie te gaan gebruiken. Hiermee verkrijgen we in de nabije toekomst een compleet en actueel beeld van het kunstwerkenareaal.
Bij overdracht van nieuwe objecten aan het team Fysiek vindt een nul-opname plaats. Hierbij worden paspoortgegevens en een instandhoudingsplan per kunstwerk opgesteld en toegevoegd aan het kunstwerkenoverzicht. Zoals in paragraaf 4.1 is aangegeven, hanteren we momenteel een Basis onderhoudsniveau. Het soort onderhoud en de frequentie van dit onderhoud is erop gericht het areaal zo kostenefficiënt mogelijk in stand te houden. Daarbij streven we naar een optimum tussen prestaties, risico's en kosten. Er worden geen concessies gedaan ten aanzien van de constructieve veiligheid en de verkeersveiligheid.
Bediening beweegbare bruggen Van de vier beweegbare bruggen die we beheren worden er drie bediend. De Twiskebrug kan in theorie open, maar fungeert als een vaste brug. Beweegbare bruggen die we bedienen zijn: • Van Zonbrug - ter hoogte van Den Ilp nr. 9; • De Kleine Zijlburg - Van Beekstraat naast nr 89; • De Luijendijksluisbrug - bij het Twiske. Eerstgenoemde twee bruggen worden door een inhuurkracht bediend. Openen kan in de periode vanaf 1 april tot en met het laatste weekend van de herfstvakantie. De Luijendijksluisbrug wordt bediend door twee vrijwilligers. Openen kan dagelijks in de periode van 16 april t/m 15 oktober. Van 16 oktober t/m 15 april uitsluitend op maandag t/m vrijdag.
16
4.5. Geplande levensduur bruggen De verwachte, minimale technische levensduur van een brug verschilt per materiaaltype. Stalen en betonnen kunstwerken zijn voor een langere termijn ontworpen. In de praktijk gaan ze dan ook langer mee dan houten bruggen. Van composiet is de levensduur vaak nog niet in de praktijk getoetst, maar door de meeste producenten en leveranciers wordt gesproken over 50-60 jaar. Materiaaltype brug
Verwachte levensduur Hout 40 jaar Composiet 60 jaar Staal 60 jaar Beton 80 jaar Tabel 4.5.1 Verwachte levensduur bruggen per materiaaltype
17
Hoofdstuk 5 – Financiën In dit hoofdstuk wordt ingegaan op benodigde financiële middelen om het areaal de komende beheerperiode op het gewenste Basis onderhoudsniveau in stand te houden. Daarnaast worden de financiële consequenties weergegeven die de genoemde uitdagingen met zich meebrengen3. 5.1. Kapitaalvernietiging We willen kapitaalvernietiging voorkomen. Kapitaalvernietiging ontstaat wanneer er onvoldoende budget beschikbaar is om noodzakelijke onderhoudsmaatregelen tijdig uit te voeren. Door onderhoudsmaatregelen op de lange baan te schuiven, lopen de kosten van de maatregelen over het algemeen sterk op. Om kapitaalvernietiging te voorkomen worden de noodzakelijke onderhoudsmaatregelen opgenomen in het beheerplan civiele kunstwerken. Het in het beheerplan opgenomen onderhoud wordt vervolgens geprioriteerd en in de navolgende jaren uitgevoerd. 5.2. Exploitatiebudget In het onderstaande financiële overzicht zijn de ramingen voor de komende beheerperiode aangegeven, rekening houdend met het onderhoudsniveau ‘B’. Daarbij zijn de kosten weergegeven per vakdiscipline. Alle genoemde bedragen en kosten in tabel 5.2.1 zijn gebaseerd op berekeningen van ingenieursbureau Westenberg B.V. Vakdiscipline
Betonreparatie Conserveren Eenmalige acties divers Inspectie Reinigen Slijtlaag/asfaltherstel Vervangen diverse onderdelen Vervangen houten onderdelen Vervangen stalen onderdelen Subtotaal Uitvoeringskosten (ca. 20%) VAT-kosten (ca. 25%) Verkeersmaatregelen, bijzonder materieel etc. (ca. 20%) TOTAAL
Gemeente bruggen Exploitatie € 1.533 € 16.103 € 4.210 € 18.520 € 15.045 € 17.445 € 493 € 11.514 € 943 € 85.825 € 17.165 € 21.456 € 17.165
Van HHNK overgenomen Exploitatie € 1.023 € 14.852 € 976 € 3.460 € 3.340 € 7.085 € 900 € 33.753 € 680 € 66.069 € 13.214 € 16.517 € 13.214
Gemiddelde kosten/jr Exploitatie € 2.556 € 30.955 € 5.186 € 21.980 € 18.385 € 24.530 € 1.393 € 45.267 € 1.623 € 151.894 € 30.379 € 37.973 € 30.379
€ 162.203
€ 109.013
€ 271.216
Tabel 5.2.1 Gemiddelde exploitatiekosten onderhoud periode 2024 -2033
Naast onderhoud gerelateerde exploitatiekosten kennen we ook elektriciteitskosten en kosten voor brugbediening. Deze kosten zijn ca. € 750/jr en ca. € 25.000/jr.
3
Disclaimer: Om grip op de situatie te houden laten we het areaal regelmatig inspecteren, waarbij de beheerinformatie telkens geactualiseerd wordt. De eventuele maatregelen en kosten, voortkomend uit toekomstige inspecties, RI&E’s en constructieve beschouwingen, zijn vanzelfsprekend niet mee te nemen in de financiële overzichten van dit beleidsplan.
18
De gemiddelde jaarlijkse exploitatiekosten voor onderhoud, inclusief elektriciteitskosten en brugbediening voor de periode tot en met 2033, komen in totaal op circa: € 297.000 per jaar, prijspeil 2024. In de exploitatiebegroting 2025 is voor civiele kunstwerken (grootboeknummer 521020) voor de genoemde kostensoorten in totaal € 167.602 opgenomen. Daar komt budget bij vanwege de overname van de HHNK- kunstwerken. Voor de genoemde kostensoorten is dat € 168.670. In totaal is er dan € 336.272 in de exploitatiebegroting beschikbaar, exclusief kapitaallasten. Van het budget vervangingskosten kunstwerken worden de kapitaallasten van de bruggen gedekt. Jaar 2026 2027 2028 2029
Budget exclusief kapitaallasten (€) 336.272 336.272 336.272 336.272
Kapitaallasten (€) 4.597 7.179 21.999 26.425
Exploitatiebudget na kapitaallasten (€) 331.675 329.093 314.273 309.847
Tabel 5.2.2 Exploitatiebudget na kapitaallasten periode 2026 t/m 2029
Er is derhalve tot en met 2029 ruim voldoende exploitatiebudget beschikbaar. Het planjaar van uitvoeren en de kosten van onderhoud worden minder nauwkeuriger naarmate deze verder in de toekomst gepland staan. Dit in verband met onzekerheden in onder meer de gebruikersintensiteit en afwijkende materiaalkwaliteiten en -kosten. Kosten zijn berekend op prijspeil 2024. Daarmee zijn ook de gemiddelde kosten een benadering met een zekere marge. Gezien bovenstaande wordt voorgesteld om het exploitatiebudget nu niet te wijzigen. 5.3. Investeringen Naast beheerinspanningen vanuit de exploitatie, is er ook een noodzaak voor een aantal investeringskredieten voor renovatie en brugvervangingen. Investeringen mogen worden geactiveerd. Dit houdt in, dat voor het te investeren bedrag een (investerings)krediet wordt aangevraagd. Dit krediet gaat niet ten laste van het jaarbudget. De kosten (kapitaallasten rente en afschrijving) worden verdeeld over de afschrijfduur van de investering. De kosten voor de investeringen lopen dus lang door en belasten toekomstige jaarschijven. Vanuit eerdere beheerplannen zijn er in het MIP een drietal investeringskredieten opgenomen voor het vervangen van een vijftal bruggen: Brugnr. en -naam
Type
40 - Harpoenier-Sportpark & 90 - Volkstuinen
Fiets/voetgangers brug Fiets/voetgangers brug Fiets/voetgangers brug
12 – Varenstraat-Gagelstraat 42 – Zeilmaker-Paterspoel & 20 – Plankepad-Sportpark
Tabel 5.3.1 In 2024 al in het MIP opgenomen investeringskredieten
19
Jaar in MIP 2025
Bedrag in MIP (€)
Maatregel
72.000
Vervangen
2027
89.000
Vervangen
2028
88.000
Vervangen
Ontwerptekening nieuwe brug 40 Harpoenier -Sportpark, zie tabel 5.3.1
Uit de uitgevoerde inspecties en advisering blijkt, dat er een noodzaak is om de komende jaren nog eens drie bruggen te vervangen en één brug te renoveren. In de MIP van de begroting 2026 zijn daarom opgenomen: Brugnr. en -naam
Type
81 – Purmerland-Weidelandpad
Investering excl. bijkomende kosten (€) 150.000
Investering incl. bijkomende kosten* (€) 247.500
Jaar in MIP
Maatregel
Vaste 2027 Vervangen verkeersbrug 11 – Lisstraat-Laansloot Vaste 145.500 240.000 2029 Renoveren verkeersbrug * = Uitvoeringskosten (ca. 20%), VAT-kosten (ca. 25%), Verkeersmaatregelen, bijzonder materieel etc. (ca. 20%)
Tabel 5.3.2 Aanvullend in het MIP opgenomen investeringskredieten
In komende begrotingen nog op te nemen investeringen: Brugnr. en -naam
50 - Molensloot
Type
Investering excl. bijkomende kosten (€) 165.000
Investering incl. bijkomende kosten* (€) 272.250
Jaar in MIP
Maatregel
Vaste 2030 Vervangen verkeersbrug 97 – Groengebied Rietlanden Fiets/voetgangers 10.400 17.200 2031 Vervangen brug * = Uitvoeringskosten (ca. 20%), VAT-kosten (ca. 25%), Verkeersmaatregelen, bijzonder materieel etc. (ca. 20%)
Tabel 5.3.3 Aanvullend in het MIP op te nemen investeringskredieten in komende jaren
In de periode 2025-2033 is daarmee voor in totaal € 1.025.950 aan investeringen benodigd, waarvan € 736.500 al in het MIP is opgenomen.
20
Hoofdstuk 6 – Bijlagen Bijlage 1: Bruggenareaal gemeente tot 1 maart 2025 Bijlage 2: Bruggenareaal per 1 maart 2025 overgenomen v.h. hoogheemraadschap
21
BIJLAGE 1: Bruggenareaal gemeente tot 1 maart 2025 Telling 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50 51 52 53 54 55 56 57 58 59
Brug Nr. 1 2 3 4 5 6 7 8 10 11 12 13 14 15 16 17 18 20 21 22 23 24 25 26 29 31 32 35 36 36A 40 41 42 45 46 47 47A 48 49 50 50A 51 52 53 54 55 56 57 58 59 60 61 62 63 64 65 66 67 68
Naam Locatie Dorpsstraat 45 Van Beekstraat 2 Kleine Zijlbrug Noordeinde 176 Oude hefbrug Sportlaan naar sportpark Fuutstraat-Gortesloot Vogelwikkestraat/Zonneduwstraat Sportpark, brug naar (B) voetbalveld Lisstraat-Laansloot Varenstraat-Gagelstraat Van Beekstraat-Burgweg Van Beekstraat-M.L. Kingstraat Assumburg-Wijkpark Nijenrode-Wijkpark naar basketbalveld Burg. Postweg 8 Burg. Postweg 51 Plankepad-Sportpark Plankepad naar groengebied Meervalweg-Noorderbreek Rietland-Zuideinde Brug Meervalweg Kerkebreek-Rietland Zijltjespad Zuideinde-Wijkpark Noorderbreek-Groengebed Langebreek-Groengebied Surfsteiger Kerkebreek Wijkpark Wijkpark II Harpoenier-Sportpark Deijsselhof Zeilmaker-Paterspoel Marsenweg Nooreinde Van Zonbrug Wittebrug Wittebrug fietsbrug Purmerland 42-40 Postweg Zuidsloot t.h.v. Molenaar Brug Molensloot Fietsbrug Molensloot Groengebied Purmerland L Groengebied Purmerland M Groengebed Purmerland N Groengebied Purmerland O Groengebied Purmerland P Groengebied Purmerland R Groengebied Purmerland S Groengebied Purmerland LA Groengebied Purmerland LB Groengebied Purmerland T Groengebied Purmerland W Groengebied Purmerland LC Groengebied Purmerland LD Groengebied Purmerland LE Zuideinde, voet-fietspad ri. De Stap (west) Zuideinde, voet-fietspad ri. De Stap (oost) Kistenmakersterrein Luijendijk Zuid I
Objecttype Duiker Duiker Beweegbare brug Beton brug Beton brug Stalen brug Beton brug Beton brug Houten brug Beton brug Houten brug Duiker Duiker Stalen brug Stalen brug Beton brug Beton brug Houten brug Kunststof brug Stalen brug Kunststof brug Beton brug Kunststof brug Kunststof brug Houten brug Stalen brug Kunststof brug Steiger Houten brug Houten brug Houten brug Stalen brug Houten brug Houten brug Beweegbare brug Stalen brug Stalen brug Beton brug Houten brug Stalen brug Stalen brug Houten brug Houten brug Houten brug Houten brug Houten brug Houten brug Houten brug Houten brug Houten brug Houten brug Houten brug Houten brug Houten brug Houten brug Houten brug Houten brug Beweegbare brug Beton brug
NEN2767 beheerobject Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (beweegbaar) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (beweegbaar) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast)
Functie Alle verkeer Alle verkeer Alle verkeer Alle verkeer Alle verkeer Alle verkeer Alle verkeer Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Alle verkeer Fietsers/voetgangers Alle verkeer Alle verkeer Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Alle verkeer Alle verkeer Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Alle verkeer Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Alle verkeer Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Alle verkeer Alle verkeer Fietsers/voetgangers Alle verkeer Fietsers/voetgangers Alle verkeer Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Alle verkeer Alle verkeer
60 61 62 63 64 65 66 67 68 69 70 71 72 73 74 75 76 77 78 79 80 81 82 83 84
69 70 71 72 73 74 75 76 81 83 85 86 87 88 88A 89 90 91 92 93 94 95 96 97 98
De Poort Luijendijk Zuid II Kaakberg Buitenhuislaan-Groengebied Meervalweg-Groenebied Fietsbrug Zuiderzeelan-Luijendijkje Luijnedijk Zuid III Speksnijdersweg Purmerland-Weidelandpad Purmerland 40-25 Purmerland 63 Brug Westerveersloot Purmerland 79-107 Brug bij voliere Brug naar voetbalveldje Brug volkstuin west Brug volkstuin nr. 10-11 Brug volkstuin midden Brug volkstuin oost Poortwachtersweg Meervalweg-groengebied Roodkoper-groengebied Marsenbeek-Roodkoper Groengebied Zeilmaker-groengebied
Beton brug Stalen brug Stalen brug Stalen brug Stalen brug Stalen brug Duiker Duiker Beton brug Beton brug Beton brug Beton brug Beton brug Duiker Houten brug Kunststof brug Houten brug Houten brug Kunststof brug Stalen brug Stalen brug Stalen brug Stalen brug Houten brug Stalen brug
Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast)
Alle verkeer Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Alle verkeer Alle verkeer Alle verkeer Alle verkeer Alle verkeer Alle verkeer Alle verkeer Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers
Bijlage 2: Bruggenareaal per 1 maart 2025 overgenomen van het hoogheemraadschap Telling 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22
Brug Nr. BB0002 BB0003 BB0008 BV0056 BV0063 BV0065 BV0066 BV0068 BV0070 BV0071 BV0080 BV0081 BV0094 BV0100 BV0101 BV0102 BV0103 BV0106 BV0120 BV0123 BV0124 BV0125
Naam Twiskerbrug Kamelenbrug Luijendijksluisbrug Wormerpad (oost) Purmerlanderrijweg Molenzijl Fietsbrug 1 Molenzijl Fietsbrug Dorre Ilp Kanaaldijk Gouwloot Kanaaldijk Buisman sloot Kanaaldijk Weidelandpad fietsbrug Eilandbrug Kanaaldijk Giessenburg Twiske brug Zuidsloot fietsbrug Pieterweerspad zuid Van Beekstraat, loopbrug Bivobobrug Amsterdamsepad Wormerpad brug midden Amsterdamsepad brug noord Amsterdamsepad brug zuid
Objecttype Beweegbare brug Houten brug Beweegbare brug Houten brug Beton brug Stalen brug Stalen brug Beton brug Beton brug Beton brug Stalen brug Beton brug Stalen brug Beton brug Stalen brug Stalen brug Stalen brug Beton brug Stalen brug Houten brug Stalen brug Stalen brug
NEN2767 beheerobject Bruggen (beweegbaar) Bruggen (vast) Bruggen (beweegbaar) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast) Bruggen (vast)
Functie Alle verkeer Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Alle verkeer Alle verkeer Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Alle verkeer Alle verkeer Alle verkeer Alle verkeer Alle verkeer Fietsers/voetgangers Alle verkeer Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Alle verkeer Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers Fietsers/voetgangers