CConstaterende datLaarbeek
Koppel je AI →
Document · PDF

RIB Invoering landelijke tarieven Gecertificeerde Instellingen

Commissie Sociale & Algemene Zaken 24 april 2024, gemeente LaarbeekBij agendapunt: Ingekomen stukken en mededelingen1.186 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Zaaknummer:

9998-2024

Documentnummer:

9998-2024:692922

Raadsinformatiebrief

Onderwerp Invoering landelijke tarieven Gecertificeerde Instellingen Datum 26-03-2024

Toelichting De jeugdbescherming staat landelijk onder druk. Binnen de Gecertificeerde Instellingen (GI’s) zien we een haperend stelsel, een toenemende complexiteit van de gezinsproblematiek, veranderende opvattingen over jeugdbescherming en een oplopende werkdruk. GI’s kampen met verzuim, verloop en komen moeilijk aan personeel. Om werkdrukverlaging te kunnen realiseren, zijn voldoende personeel en een adequate bekostiging essentieel. De vijf Brabantse jeugdzorgregio’s hebben, mede met dit doel, de afgelopen jaren veel geïnvesteerd in de onderlinge samenwerking en de samenwerking met de GI’s. Daarnaast zijn er op landelijke niveau ook ontwikkelingen geweest. Het Rijk, de VNG en GI’s zijn afspraken gaan maken over de verkenning en totstandkoming van een landelijk tarief voor GI’s. In opdracht van het ministerie van Justitie & Veiligheid heeft KPMG onderzoek gedaan naar de gemiddelde kostprijsberekening en bekostigingsvormen voor de GI’s. Met de uitkomsten van de onderzoeken zijn het Rijk, de VNG en GI’s om de tafel gegaan om tot bestuurlijke afspraken en bijbehorende handreiking te komen over een landelijk tarief vanaf 2024 (zie bijlagen 1 en 2). Na een lang traject zijn sinds 18 oktober 2023 de afspraken over een landelijk tarief voor de GI’s vanaf 2024 een feit.

In de regio Zuidoost-Brabant gaat het om de volgende GI's: Jeugdbescherming Brabant (JBB), William Schrikker Groep Jeugdbescherming & Jeugdreclassering (WSG), Leger des Heils Jeugdbescherming & -Reclassering (LdH) en Jeugd Veilig Verder (JVV). Het landelijk tarief maakt het mogelijk dat: 1. Kinderen, gezinnen en betrokkenen kunnen vertrouwen op de oplettendheid, zorg en aandacht vanuit de jeugdbescherming 2. De werkdruk voor professionals omlaag gaat. 3. Er rust en ruimte ontstaat voor de beweging naar het toekomstscenario (met het Toekomstscenario wordt gewerkt aan een toekomstbestendig en eenvoudiger stelsel. Op dit moment krijgen kinderen en gezinnen niet altijd de hulp die zij nodig hebben. Het Rijk wil de jeugdbescherming daarom vereenvoudigen en beter organiseren). De VNG heeft voor het invoeren van de landelijke tarieven een handreiking (bijlage 3) uitgebracht. Het landelijk tarief dat wordt gehanteerd in de handreiking is een basistarief. Dit is gebaseerd op een gemiddelde kostprijs van alle GI’s. Het landelijk tarief wordt uitgedrukt als een bedrag per maatregel ondertoezichtstelling, voogdij of jeugdreclassering (p*q). Daarnaast zijn er een aantal onderwerpen die kunnen leiden tot een correctie/opslag op het basistarief.

Dit betreft: • Buffervermogen voor risico’s • Bijzondere pupilkosten • Groei en krimp • Beschikbaarheidsfunctie • Innovatie, transitie naar het Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming

Tarieven voor JBB Over deze onderwerpen zijn door de provinciale werkgroep met JBB afspraken gemaakt. In de landelijke handreiking wordt gesproken over een mogelijk inlooppad om toe te groeien naar het landelijke tarief, als GI's (nog) niet in staat zijn om aan de nieuwe workloadnorm te kunnen voldoen. Mede vanwege de incidentele middelen van gemeenten en Rijk in voorgaande jaren heeft JBB voldoende jeugdbeschermers aan kunnen trekken om aan deze norm te kunnen voldoen. Dit betekent dat er geen sprake is van een inlooppad en het landelijk tarief met ingang van 2024 het basistarief wordt. JBB ontvangt daarnaast een opslag van 3% voor de beschikbaarheidsfunctie en innovatie. Een ‘beschikbaarheidsfunctie’ betekent het beschikbaar hebben van voldoende capaciteit van een GI aan mensen en middelen om aan de wettelijke termijnen te voldoen bij elke nieuwe aanmelding. Het basistarief dekt de kosten voor JBB, zodat zij voldoende personeel in kan zetten om het geprognosticeerde aantal maatregelen uit te voeren. Er wordt echter geen rekening gehouden met fluctuaties in de vraag gedurende het jaar. Op het moment dat er pieken zijn in het aantal aanmeldingen, is het voor JBB lastig om deze binnen de bestaande capaciteit op te vangen of tijdig extra mensen te werven. Hierdoor neemt het risico op (oplopende) wachtlijsten toe.

Met een verhoging ten behoeve van de beschikbaarheidsfunctie aanvaarden gemeenten dat er gemiddeld genomen sprake is van een overcapaciteit aan jeugdbeschermers. Hier staat tegenover dat het risico op wachtlijsten kleiner is omdat JBB, bij een verhoging van de instroom, direct personeel beschikbaar heeft. Op het moment dat er geen sprake is van extra instroom, zorgt JBB ervoor dat dit extra personeel zo efficiënt mogelijk wordt ingezet, vooral op het gebied van innovatie. JBB en de jeugdzorgregio’s bepalen uiterlijk op 1 oktober 2025, of in hoeverre de opslag voor de beschikbaarheidsfunctie en innovatie gehandhaafd blijft vanaf 2026. Tarieven voor landelijk werkende instellingen: Wiliam Schrikker Groep Jeugdbescherming & Jeugdreclassering (WSG) en het Leger des Heils Jeugdbescherming & -Reclassering (LdH) Ook met de landelijk werkende GI's , WSG en het LdH, zijn overleggen gevoerd. Hieruit is geconcludeerd dat het LdH geen inlooppad nodig heeft om te voldoen aan de nieuwe workloadnorm. Met WSG is een inlooppad afgesproken voor de duur van 1 jaar. Dit betekent dat WSG in 2024 met circa 2,7% gekort wordt op het basistarief tot men aan de werkloadnorm kan voldoen. Voor wat betreft de bijzondere pupilkosten hanteren we de Brabantse regeling (zie bijlage 1). Tarieven JVV JVV heeft geen inlooppad en geen opslag voor beschikbaarheidsfunctie en innovatie.

Het traject wat met JVV is gelopen over de vaststelling van het landelijk tarief is sterk beïnvloed door het feit dat JVV haar werkzaamheden in de regio gaat afbouwen en op termijn zal beëindigen. Hierdoor is er geen sprake van een nieuwe instroom en is er geen ruimte voor een vorm van opslag voor de beschikbaarheidsfunctie en innovatie. Doordat JVV een onderdeel is van Jeugdbescherming Amsterdam, voldoet JVV aan de workloadnorm en komt men niet in aanmerking voor het inlooppad en ontvangt men het landelijk basistarief. Afspraken vastleggen via een addendum op huidige overeenkomsten JB-JR Hoewel de VNG, Rijk en GI’s de landelijke tarieven gezamenlijk hebben vastgesteld en vastgelegd in bestuurlijke afspraken en een handreiking, zijn deze afspraken vanuit juridisch oogpunt niet bindend. Daarom is gekozen voor het toevoegen van addenda en aanvullende overeenkomsten aan de huidige overeenkomsten JB-JR. Hier zijn de nieuwe tarieven en de daarbij horende afspraken vastgelegd.

Kosten en dekking De uiteindelijke stijging aan kosten is afhankelijk van het aantal ingezette jeugdbeschermings-maatregelen per gemeente. De verwachting is dat de totale kosten jeugdbescherming en jeugdreclassering voor gemeente Laarbeek met de invoering van de nieuwe tarieven ongeveer 20% hoger uit komt ten opzichte van 2023. De helft, 10% van deze stijging is voor rekening van de gemeente Laarbeek. Het Rijk en gemeenten hebben namelijk de afspraak gemaakt dat zij beiden structureel bij zullen dragen aan de extra kosten voortkomende uit de handreiking. Het verschil tussen de huidige tarieven en het nieuwe tarief bedraagt landelijk 60 miljoen euro op jaarbasis. Het Rijk draagt hier vanaf 2024 structureel aan bij. In 2024 gaat het hier om een bedrag van 30 miljoen euro per jaar, gemeenten betalen het overige bedrag. Deze Rijksbijdrage zal via het Gemeentefonds beschikbaar komen. De verwachte verdeling van de Rijksbijdrage in de meicirculaire 2024 bedraagt voor de gemeente Laarbeek €30.000,-. Bijlagen 1. Vergoeding bijzondere (pupil)kosten 2024 2. Evaluatie en wijzigingen bijzondere (pupil)kosten januari 2024 3. Handreiking landelijk tarief en bekostiging jeugdbescherming en jeugdreclassering

Hoogachtend, Het college van burgemeester en wethouders, gemeentesecretaris

J.W.M. van de Ven

burgemeester

Y.C.M.G. de Boer

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Laarbeek&id=196ac575-5974-41ac-a744-7e0c6ec540e6