RIB bijlage Wrp Laarbeek 2025 - 2029
Tekst van het document
Water- en rioleringsprogramma Laarbeek 2025-2029 Stedelijk afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater
Inhoudsopgave
Samenvatting .............................................................................. 5 1 Inleiding ............................................................................ 7 1.1 Doel van het Water- en Rioleringsprogramma ....... 7 1.2 Zorgplichten............................................................ 8 1.3 Watersysteem in Laarbeek .................................... 8 1.4 Leeswijzer .............................................................. 9 2
Evaluatie: wat hebben we gedaan in Laarbeek? ........... 10 2.1 Wat hebben we de afgelopen periode gedaan? .. 10 2.2 Welke lessen nemen we? .................................... 10 2.3 Wat was de ontwikkeling van de rioolheffing? ..... 11
3
Visie: wat willen we?....................................................... 13 3.1 Aansluiten op lokale visie en beleid ..................... 13 3.2 Stedelijk afvalwater .............................................. 14 3.3 Afvloeiend hemelwater ......................................... 14 3.4 Grondwater........................................................... 17 3.5 Oppervlaktewater ................................................. 19 3.6 Communicatie over water .................................... 20 3.7 Ontwikkelingen ..................................................... 20
4
Verantwoordelijkheden: wie doet wat? ........................... 23 4.1 Wat doet de gemeente? ....................................... 23 4.2 Wat is er veranderd onder de Omgevingswet?.... 23 4.3 Zorgplichten.......................................................... 23 4.4 Samenwerkingen ................................................. 26 4.5 Randvoorwaarden voor inwoners en bedrijven.... 26 4.6 Wat verwachten wij van onze inwoners en bedrijven? ............................................................. 28
5
Huidige situatie: wat hebben we? ................................... 30 5.1 Huidige situatie: Stedelijk afvalwater en hemelwater ........................................................... 30
5.2 5.3
Huidige situatie: Grondwater ................................34 Huidige situatie: Oppervlaktewater ......................34
6
Onderhoud, onderzoek en maatregelen: wat gaan we doen? ..............................................................................36 6.1 Onderhoud............................................................36 6.2 Onderzoeken ........................................................37 6.3 Maatregelen..........................................................38
7
Middelen: wat hebben we nodig? ...................................41 7.1 Personele capaciteit .............................................41 7.2 Kosten en kostendekking .....................................41
Bijlage 1 – Beslisboom grondwatermaatregelen ......................46 Bijlage 2 – Uitgangspunten kostendekkingberekening .............47 Bijlage 3 – Tabellen kostendekkingberekening ........................50
3/65
ALGEMEEN Sweco | Water- en rioleringsprogramma Laarbeek 2025-2029 Stedelijk afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater Projectnummer 51022591 Datum 16-04-2025
Versie: D1
4/65
Samenvatting Waarom een Water- en rioleringsprogramma? Goede riolering en stedelijk waterbeheer zijn nodig voor de bescherming van de volksgezondheid, het milieu, het tegengaan van wateroverlast en het handhaven van de kwaliteit van de openbare ruimte. Ook willen we voldoende, schoon en veilig water in onze gemeente hebben. Deze doelen hebben gevolgen voor de leefomgeving en alle andere vakgebieden die in de leefomgeving werken. Als gemeente hebben we de wettelijke taak om voor de riolering en het stedelijk water te zorgen. We hebben zorgplichten voor stedelijk afvalwater, afvloeiend hemelwater en grondwater. Dit Water- en rioleringsprogramma (Wrp) geeft aan hoe wij deze gemeentelijke watertaken uitvoeren. Hierbij is er een nauwe relatie met de taken van Waterschap Aa en Maas: de zuivering van afvalwater, het waterkwaliteits- en kwantiteitsbeheer. Ook klimaatadaptatie valt deels onder deze watertaken. We zorgen ervoor dat onze leefomgeving beter bestand is tegen een veranderend klimaat met meer en intensievere neerslag en langere periodes van droogte en hittestress. Het hebben en houden van een goed water- en rioleringssysteem, vraagt om flinke investeringen. In dit Wrp maken we daarom een doorkijk naar wat we nodig hebben om onze doelen te halen. Hierbij kijken we over meerdere jaren om zo de juiste keuzes ook voor de langere termijn te kunnen maken.
Wat ging er vooraf? De afgelopen periode is een deel van de voorgenomen maatregelen uit het GRP 2019-2023 uitgevoerd. Dit betreffen onder meer onderzoeksmaatregelen, zoals het grondwatermeetnet en het uitvoeren van onderzoek naar hevige neerslag, de inspecties van de riolen en vervangingsmaatregelen. Bij de vervanging van riolen is
zoveel mogelijk integraal gewerkt, bijvoorbeeld door aan te sluiten bij wegvervangingen. Ook is in meerdere kernen regenwater van de riolering afgekoppeld. Rondom stedelijk water en riolering is behoefte aan duidelijke beleidskaders, randvoorwaarden voor toekomstige ontwikkelingen en flexibiliteit om met onverwachte situaties om te gaan. Daarom vervangen we het huidige gemeentelijke rioleringsplan voor het Wateren rioleringsprogramma. Wat willen we bereiken? De twee omgevingsvisies van de gemeente vormen het kader voor de beleidsdoelen en ambities in dit Wrp. We geven een verdere beleidsuitwerking van de overkoepelende doelen uit de omgevingsvisies. -
-
-
We beschermen de volksgezondheid door stedelijk afvalwater in te zamelen en af te voeren naar de rioolwaterzuiveringsinstallatie. We beschermen het grond- en oppervlaktewater en de bodem door een goed afvalwatersysteem te hebben en te houden. We houden afvloeiend (schoon) hemelwater zoveel mogelijk schoon en verwerken dit zoveel mogelijk daar waar het valt. We dragen eraan bij om de leefomgeving zo klimaatadaptief mogelijk in te richten. We verminderen zo de kans op hinder, overlast en schade door neerslag, maar we kunnen niet voorkomen dat dit bij hevige buien toch optreedt. We hebben overzicht van de grondwaterstanden en -fluctuaties in de gemeente en werken met andere overheden aan het verminderen van de grondwateroverlast en -tekorten. We communiceren met inwoners en bedrijven over het belang van een goed gebruik van de openbare ruimte en het (stedelijke) watersysteem.
Sweco | Water- en rioleringsprogramma Laarbeek 2025-2029 Stedelijk afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater Projectnummer 51022591 Datum 16-04-2025
Versie: D1
5/65
Wie doet wat? Samen met andere overheden en perceeleigenaren zijn we verantwoordelijk voor het omgaan met water en riolering. Dit Wrp bevat de verantwoordelijkheden van de diverse overheden en van particulieren (bewoners en bedrijven) binnen de zorgplichten van het waterbeheer. Ook geven we randvoorwaarden aan voor de riolering en het watersysteem. Deze randvoorwaarden vormen de basis voor de toekomstige regels in het omgevingsplan van Laarbeek. Wat hebben we? We beheren in Laarbeek een uitgebreid stelsel van verschillende voorzieningen voor de inzameling en verwerking van stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater. Zo ligt er 160 km vrijvervalriolering, 88 km drukriolering en hebben we 30 gemalen en 440 drukunits. Door objecten periodiek te inspecteren, houden we zicht op de staat van de objecten. Daarnaast hebben we beter inzicht in het functioneren van het rioolstelsel, omdat dit in de afgelopen planperiode hydraulisch is doorgerekend. Door ons grondwatermeetnet hebben we een actueel en goed inzicht in de grondwaterstanden en -fluctuaties.
benodigd. De afgelopen jaren was de bezetting te krap. In dit Wrp is een uitbreiding van de personele capaciteit voor de gemeentelijke watertaken van 1 fte opgenomen. Ook zijn er voldoende financiële middelen nodig om de benodigde onderzoeken en maatregelen uit te kunnen voeren. De gemeentelijke riolering vertegenwoordigt een waarde van circa € 170 miljoen. Dat is een groot kapitaal waar we verantwoord mee om moeten gaan. Om alle kosten te dekken, heffen we een rioolheffing. Er zijn twee kostendekkingsscenario’s uitgewerkt, met verschillende effecten op de rioolheffing. In scenario 1 stijgt de rioolheffing tot en met 2030 jaarlijks met € 7,- en daarna jaarlijks met € 3,40 tot in 2081 het langjarig kostendekkende tarief van € 477,- wordt bereikt. Dat kan worden vastgehouden. In scenario 2 stijgt de rioolheffing in 2026 met € 35,waarna deze tot en met 2030 gelijk blijft. Vanaf 2031 stijgt de rioolheffing jaarlijks met € 3,20 tot in 2086 het langjarig kostendekkende tarief van €483,- wordt bereikt, die tot het einde van de beschouwde periode kan worden vastgehouden. De gemeente stelt jaarlijks de benodigde rioolheffing vast voor het volgende jaar.
Wat gaan we doen in de komende planperiode? We gaan de komende planperiode onderzoek uitvoeren om kennis en inzicht te vergroten, zoals onderzoek naar de kwaliteit en capaciteit van de persleidingen, de pilot meten en monitoren en het opstellen van afkoppelplannen. Daarnaast onderhouden we onze riolering en het stedelijk watersysteem. Ook vervangen of relinen we, waar nodig, delen van de riolering, onder meer in de Koppelstraat, Slotstraat, Helmondseweg en Tuindersweg. We gaan door met het intensief onderhouden van de drukrioolgemalen en hebben aandacht voor het afkoppelen van hemelwater van de drukriolering. Het uitgangspunt bij alle werkzaamheden is om daar waar we aan de slag gaan, de omgeving klimaatadaptief in te richten, bijvoorbeeld door hemelwater af te koppelen en lokaal te verwerken. Wat hebben we hiervoor nodig? Om onze doelen en ambities waar te maken en om de geplande werkzaamheden uit te voeren, is een minimale personele bezetting Sweco | Water- en rioleringsprogramma Laarbeek 2025-2029 Stedelijk afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater Projectnummer 51022591 Datum 16-04-2025
Versie: D1
6/65
1
Inleiding
In dit Water- en rioleringsprogramma (Wrp) beschrijven we hoe wij als gemeente omgaan met onze wettelijke zorgplichten voor stedelijk afvalwater, afvloeiend hemelwater en grondwater. Daarnaast gaan we in op de zorg voor het oppervlaktewater met een functie in de waterketen (ontvangen van overstortingen, afvoer van hemelwater) en de invloed van klimaatverandering op de waterketen en hoe we daarmee omgaan. Dit Wrp is de opvolger van het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) Laarbeek.
1.1
Doel van het Water- en Rioleringsprogramma
Ons (afval)watersysteem beschermt de volksgezondheid en het milieu door het vuile water af te voeren naar de zuivering. Ook verwerkt het systeem hemelwater om wateroverlast zoveel mogelijk te voorkomen, maar ook om genoeg hemelwater vast te houden voor de functies die hiervan afhankelijk zijn. Verder willen we een zo natuurlijk mogelijk grondwaterniveau zonder grondwateroverlast of -onderlast. Het wateren rioolsysteem is daarom een belangrijk onderdeel van de leefomgeving, waarmee er een directe relatie ligt met de andere vakgebieden in de bovengrondse en ondergrondse openbare ruimte. Goedwerkende voorzieningen, zoals riolering, zijn nodig om deze waterstromen in goede banen te leiden voor: -
het beschermen van de volksgezondheid; het beschermen van het milieu; het handhaven van de kwaliteit van de openbare ruimte.
Dit Wrp geeft aan hoe we deze doelen willen bereiken in Laarbeek.
Figuur 1-1 waterketen
In Figuur 1-1 is de waterketen en de rol van de riolering hierin weergegeven.
Sweco | Water- en rioleringsprogramma Laarbeek 2025-2029 Stedelijk afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater Projectnummer 51022591 Datum 16-04-2025
Versie: D1
7/65
1.2
Zorgplichten
Drinkwater
De gemeente draagt zorg voor een duurzame veiligstelling van de openbare drinkwatervoorziening (samen met het Rijk, de provincie en de waterschappen, Drinkwaterwet, artikel 2). Hierbij wordt rekening gehouden met het grondwater-beschermingsgebied en drinkwaterwinningsgebied en de mogelijke restricties die hieruit voortkomen.
Besluit kwaliteit leefomgeving
Ook volgt uit het besluit kwaliteit leefomgeving (artikel 3.16) dat de gemeente zorg draagt dat een openbaar vuilwaterriool zo wordt ontworpen, gebouwd en onderhouden dat:
In dit Wrp geven we aan hoe we onze wettelijke zorgplichten invullen: Stedelijk afvalwater
Afvloeiend hemelwater
Grondwater
Op grond van de Omgevingswet artikel 2.16 lid 1-a3 is elke gemeente verantwoordelijk voor de inzameling en het transport van stedelijk afvalwater dat vrijkomt bij de in de gemeente gelegen percelen. Alle percelen binnen de bebouwde kom zijn daarom aangesloten op (vrijverval)riolering. Buiten de bebouwde kom zijn alle percelen aangesloten op vrijvervalriolering, mechanische riolering, IBA (Individuele Behandeling Afvalwater) of een geoorloofd alternatief. Het waterschap heeft op grond van artikel 2.17 lid 1-a2 uit de Omgevingswet de verplichting om het afvalwater te zuiveren (of te laten zuiveren door een andere partij). Vanuit de Omgevingswet artikel 2.16 lid 1-a1 zijn gemeenten verplicht om zorg te dragen voor een doelmatige inzameling en verwerking van afvloeiend hemelwater maar alleen als degene die zich ervan wil ontdoen niet redelijkerwijs het water zelf kan verwerken op het eigen perceel, door het in de bodem of in het oppervlaktewater te brengen. In de Omgevingswet artikel 2.16 lid 1-a2 is bepaald dat de gemeente de zorg heeft om structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken. Dit doet de gemeente door maatregelen te treffen in het openbaar gemeentelijke gebied, voor zover deze doelmatig zijn en niet tot de zorg van de (grondwater)beheerder of de provincie behoort.
1. het zoveel mogelijk berekend is op de eigenschappen, samenstelling en hoeveelheid van het afvalwater, 2. lekkage zoveel mogelijk wordt voorkomen, en 3. het aantal overstortingen zo beperkt is als voor een doelmatig beheer van afvalwater mogelijk is.
1.3
Watersysteem in Laarbeek
Het landschap van Laarbeek wordt gekenmerkt door kanalen, beekdalen en waterwegen, die een belangrijke rol spelen in het watersysteem. Gemeente Laarbeek ligt aan de rand van twee gebieden. De Horst van de Peelrandbreuk in het oosten en de Middenbrabant-dekzandrug in het noorden en westen van de gemeente. De kernen van gemeente Laarbeek – Beek en Donk, Aarle-Rixtel, Lieshout en Mariahout – zijn op de hoger gelegen zandgronden gevestigd. De waterlopen volgen het landschap. De ligging van de Aa is bepaald door de Horst. De Zuid-Willemsvaart is grotendeels in het dal van de Aa gegraven. Het Wilhelminakanaal houdt de hoogte van de flank van de dekzandrug aan. Met acht gemalen en automatische stuwen wordt de aan- en afvoer van het oppervlaktewater gestuurd. Tijdens natte perioden wordt het water
Sweco | Water- en rioleringsprogramma Laarbeek 2025-2029 Stedelijk afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater Projectnummer 51022591 Datum 16-04-2025
Versie: D1
8/65
(vertraagd) afgevoerd, in droge tijden wordt met meerdere inlaten vanuit de kanalen water aangevoerd naar de waterlopen. Het is essentieel om inzicht te hebben in het samenspel van de waterlopen en de samenhang met het grondwater in het gebied. Laarbeek bevindt zich op de grens van de drogere gebieden en natte delen van de Peel, waardoor een balans gevonden moet worden tussen water vasthouden voor droge perioden en het voorkomen van (grond)wateroverlast, ook onder de steeds extremere omstandigheden die door klimaatverandering optreden. Het stedelijk afvalwater in Laarbeek wordt door middel van riolering getransporteerd naar de RWZI (rioolwaterzuiveringsinstallatie) in Aarle-Rixtel waar het waterschap het water zuivert voor het wordt teruggebracht in het milieu. In Laarbeek zijn twee grotere grondwater onttrekkingsinstallaties die uit de diepere grondlagen water onttrekken. Van dit water is een deel bestemd als proceswater. Dit wordt vervolgens hergebruikt in de landbouw.
1.4
Figuur 1-2 leeswijzer
Leeswijzer
In Figuur 1-2 leeswijzer is de opbouw van het Wrp weergegeven. Eerst blikken we terug op de afgelopen periode. Daarna kijken we in de visie vooruit naar wat we willen bereiken. In hoofdstuk 4 beschrijven we de verantwoordelijkheden van de partijen in de waterketen en wat we van elkaar mogen verwachten. Vervolgens beschrijven we in het programma in hoofdstuk 5 de huidige situatie, in hoofdstuk 6 de onderzoeken en maatregelen die we de komende planperiode willen uitvoeren, en ten slotte in hoofdstuk 7 de middelen die we daarvoor nodig hebben.
Sweco | Water- en rioleringsprogramma Laarbeek 2025-2029 Stedelijk afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater Projectnummer 51022591 Datum 16-04-2025
Versie: D1
9/65
2
Evaluatie: wat hebben we gedaan in Laarbeek?
2.1
Wat hebben we de afgelopen periode gedaan?
In het vorige gemeentelijk rioleringsplan 2019-2023 stonden de doelen, het beleid en de projecten voor die periode beschreven. Op basis daarvan zijn verschillende onderzoeksactiviteiten gestart. Zo hebben we in 2022 een grondwatermeetnet aangelegd, waardoor we nu goed inzicht hebben in de actuele grondwaterstanden in de gemeente. Het beheer is belangrijk, daarvoor is de riolering geïnspecteerd. Het beheer en onderhoud is volgens de planning uitgevoerd. Daarnaast is intensief onderhoud gepleegd aan een deel van de drukrioolgemalen. Dit heeft ertoe geleid dat er minder storingen optreden en dat de buitendienst hieraan minder tijd hoeft te besteden. We hebben een Systeemoverzicht Stedelijk Water (SSW) opgesteld, waarin we het functioneren van het huidige stelsel hebben getoetst. We zijn met de knelpunten die hieruit zijn gekomen, aan de slag gegaan. De maatregelen voor de knelpunten die we nog niet hebben uitgevoerd, zijn in dit Wrp meegenomen. We hebben ervaren dat hevige neerslag leidt tot piekafvoeren naar de RWZI Aarle-Rixtel. Om dit te verbeteren, hebben we samen met Waterschap Aa en Maas en Xylem een pilotproject gestart om de capaciteit van het systeem optimaal te benutten. Xylem analyseert de werking van het stelsel en onderzoekt hoe een Real Time Decision Support System (RT-DSS) kan bijdragen aan een efficiënt beheer van de rioolcapaciteit tijdens regenval.
Voor Mariahout is een aanvullende analyse uitgevoerd. Hierbij is gekeken of de overstortingen naar kwetsbare oppervlaktewaterlichamen verminderd kunnen worden, om negatieve overstortingen te beperken en om wateroverlast in stedelijke gebieden te voorkomen.
Verder zijn we bezig geweest met de samenwerking Doelmatig Waterbeheer. Dit is een samenwerkingsverband binnen de Peelgemeenten, waarin gekeken wordt naar onderwerpen om gezamenlijk en doelmatiger op te pakken. We zijn begonnen met het afkoppelen in Mariahout en Lieshout, waarbij de plannen voor verschillende straten, zoals de Bernadettestraat en Mariastraat in Mariahout, al zijn uitgevoerd. We zijn bezig met de voorbereidingen voor het afkoppelen van Beek en Donk en Aarle-Rixtel. Het geplande onderzoek voor het plaatsen van regenmeters zodat we neerslag kunnen meten en interpreteren, is nog niet uitgevoerd. Daarom nemen we dit mee in dit plan, als onderdeel van de pilot meten en monitoren.
2.2
Welke lessen nemen we?
Personele capaciteit De afgelopen periode is het niet gelukt om de beschikbare formatie voor water en riolering volledig in te vullen. Om die reden zijn niet alle werkzaamheden uitgevoerd. Momenteel wordt tijdelijke inhuur gezocht om de formatie in te vullen. Daarnaast zijn in de Coronaperiode van 2020-2021 werkzaamheden uitgesteld, die daarna uitgevoerd zijn. Gebruik Wrp Het is van belang dat dit nieuwe Wrp concrete handvatten biedt voor interne projectleiders bij het uitvoeren van diverse projecten. Daarnaast is het belangrijk dat het nieuwe plan duidelijkheid schept over de taakverdeling, zowel intern (wat valt wel onder het Wrp en wat niet) als tussen de verschillende partijen, zoals de gemeente, het waterschap, de projectontwikkelaars en bewoners.
Sweco | Water- en rioleringsprogramma Laarbeek 2025-2029 Stedelijk afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater Projectnummer 51022591 Datum 16-04-2025
Versie: D1
10/65
Daarnaast biedt het Wrp duidelijke randvoorwaarden die straks vertaald kunnen worden naar regels in het omgevingsplan, zodat het omgevingsplan een goed kader is voor ruimtelijke ontwikkelingen.
Het is belangrijk dat we een realistische planning opstellen voor dit Water- en rioleringsprogramma 2025-2029. We staan voor uitdagingen, zoals beperkte capaciteit en een periode van snelle ontwikkelingen. Daarom is het van belang dat we weloverwogen keuzes maken voor haalbare doelstellingen. In het vorige plan waren veel regionale opgaven in het watersysteem opgenomen. Vanuit de gemeente is er meer behoefte aan een duidelijk overzicht van de opgave die door de gemeente moet worden opgepakt.
Rioolheffing per heffingseenheid
Realistische opgave
ontwikkeling van de rioolheffing 350 300 250 200 150 100 50 0 2018
2.3
Wat was de ontwikkeling van de rioolheffing?
2019
2020
2021
2022
2023
2024
Jaren
werkelijke rioolheffing
De rioolheffing dekt de kosten voor de gemeentelijke zorgplichten. In Figuur 2-1 is het verloop van de rioolheffing vanaf 2018 weergegeven. De gele lijn is de rioolheffing zoals opgenomen in het GRP 2019-2023. De werkelijke rioolheffing (incl. indexatie) is weergegeven in de grijze lijn (zie ook tabel 2-1). De groene lijn geeft de geïndexeerde rioolheffing (uit het GRP 2019-2023) aan, op basis van de CBS-cijfers voor civieltechnische werken en bouw waar ook riolering onder valt. Deze ligt hoger dan de gemiddelde inflatie waarmee de rioolheffing de afgelopen jaren is geindexeerd.
rioolheffing volgens GRP rioolheffing volgens GRP incl. jaarlijkse inflatiecorrectie Figuur 2-1 ontwikkeling van de rioolheffing
Tabel 2-1 ontwikkeling van de werkelijke rioolheffing (incl. indexatie) Jaar 2018
Hoogte werkelijke rioolheffing Stijging t.o.v. voorgaande jaar
2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025
€178,44 €188,88 €198,72 €209,16 €219,84 €236,76 €254,52 €269,28
€10,44 €9,84 €10,44 €10,68 €16,92 €17,76 €14,76
Sweco | Water- en rioleringsprogramma Laarbeek 2025-2029 Stedelijk afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater Projectnummer 51022591 Datum 16-04-2025
Versie: D1
11/65
VISIE Sweco | Water- en rioleringsprogramma Laarbeek 2025-2029 Stedelijk afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater Projectnummer 51022591 Datum 16-04-2025
Versie: D1
12/65
3
Visie: wat willen we? o
De visie in dit Wrp sluit aan op de lokale visie en het beleid van Laarbeek en bevat de invulling van de gemeentelijke taken voor stedelijk afvalwater, afvloeiend hemelwater en grondwater. Daarnaast gaan we in op oppervlaktewater, klimaatadaptatie en water en bodem sturend.
3.1
Aansluiten op lokale visie en beleid
Het Water- en rioleringsprogramma dient aan te sluiten bij andere beleidsdocumenten van de gemeente, waaronder ook de omgevingsvisies. Deze visies biedt een allesomvattende kijk op de toekomstige inrichting en ontwikkeling van de fysieke leefomgeving. Omgevingsvisie buitengebied De meest in het oog springende eigenschap van gemeente Laarbeek is de aanwezigheid van twee kanalen, het bekenstelsel en bijbehorende beekdallandschap. De Aa, de Boerdonkse Aa, de Goorloop, de Donkervoortsche Loop, de Heieindsche Loop en de Snelle Loop vormen als het ware de bloedvaten van het Laarbeekse landschap. Deze beken vormen een boeiend ruimtelijk spel met de twee kanalen: de Zuid-Willemsvaart en het Wilhelminakanaal. Laarbeek profileert zich daarmee als ‘Waterpoort van de Peel’. De volgende doelstellingen uit de omgevingsvisie buitengebied vormen het kader voor de beleidsdoelen en ambities in dit Wrp: Veiligheid: bescherming tegen overstromingen door waterlopen die buiten hun oevers treden. Klimaatadaptatie: beter om kunnen gaan met wateroverlast door afwateringsproblemen bij (extreme) neerslag en beter om kunnen gaan met extreme droogte en voorkomen van droogteschade voor de functies landbouw, natuur en wonen. o In de omgevingsvisie buitengebied zijn zoekgebieden voor waterretentie aangewezen.
De gemeente stimuleert en handhaaft afkoppelen van hemelwater van de riolering en stimuleert tuinvergroening. Waterkwaliteit: garanderen van goede kwaliteit water voor drinkwatervoorzieningen en natuur. Natuurwaarde: behoud, herstel en ontwikkeling van beekdalenlandschap en waterlopen. Gebruik vaarwegen: water-infrastructuur bieden die het recreatief en commercieel gebruik van de waterwegen mogelijk maakt.
Omgevingsvisie kernen In de beleidsdoelen en ambities voor water en riolering sluiten we aan bij de doelen binnen het thema ‘Duurzame en klimaatbestendige inrichting’: Gebiedsgericht voorschrijven van een norm voor waterberging. Beperkte verdere verdichting van open plekken in de kernen. Aanwijzen van zoekgebieden voor waterberging langs de kernranden. Water en bodem is kaderstellend voor ruimtelijke projecten. De verzamelde data ondersteunt in het adviseren hierin. De beleidsuitwerking van deze doelen komt terug in dit Wrp. Daarnaast wordt in de Omgevingsvisie het belang van data-gedreven werken benadrukt. Dit geldt ook voor hoe we watertaken uitvoeren en beheren. Data-gedreven werken stelt ons in staat om informatie over klimaatverandering, riolering en duurzaamheid met elkaar te verbinden, wat ons helpt om effectievere maatregelen te treffen. Dit doen wij niet alleen maar ook in samenwerking met onze ketenpartners, zoals waterschappen.
Sweco | Water- en rioleringsprogramma Laarbeek 2025-2029 Stedelijk afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater Projectnummer 51022591 Datum 16-04-2025
Versie: D1
13/65
3.2
Stedelijk afvalwater
Stedelijk afvalwater is huishoudelijk afvalwater of een mengsel van huishoudelijk afvalwater met bedrijfsafvalwater, afvloeiend hemelwater, grondwater of ander afvalwater. Bescherming van de volksgezondheid We beschermen op een duurzame wijze de volksgezondheid door stedelijk afvalwater in te zamelen en af te voeren. We voorkomen zoveel mogelijk contact tussen mensen en afvalwater, door de aanleg en het beheer van de riolering. Bij hevige neerslag voorkomen we uittredend afvalwater. Hierdoor wordt het rioolwater via overstorten in het oppervlaktewater geloosd als de capaciteit van het riool niet meer voldoende is. Dit geeft wel een slechtere oppervlaktewaterkwaliteit, daarom willen we dat zoveel mogelijk voorkomen, bijvoorbeeld door meer af te koppelen. Wij zamelen afvalwater zo doelmatig mogelijk in en transporteren het naar de overnamepunten (veelal gemalen) van het waterschap. Het waterschap zorgt voor transport naar de RWZI om het vervolgens te zuiveren. Bedrijfsafvalwater Voor het lozen van bedrijfsafvalwater kunnen aanvullende regels gelden. Afhankelijk van de omvang en samenstelling van het bedrijfsafvalwater, zijn regels van toepassing. De landelijk geldende regels zijn vastgelegd in het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal).
Daarnaast stelt het waterschap eisen in de waterschapsverordening en heeft de gemeente regels ten aanzien van de lozing van bedrijfsafvalwater in het Omgevingsplan (of de bruidsschat) opgenomen (zie paragraaf 4.5). Beschermen grond- en oppervlaktewater en de bodem We beschermen het grond- en oppervlakte water en de bodem. We houden rekening met het voorzorgsbeginsel, het beginsel van preventief handelen, het beginsel dat milieuaantastingen bij voorrang aan de bron moeten worden bestreden (bronaanpak) en het beginsel dat de vervuiler betaalt (artikel 3.3 Omgevingswet). De RWZI is een biologische zuivering en het is van belang dat hier alleen water in komt
dat erin hoort. We letten op (in)directe lozingen vanuit bedrijven, zo stellen we duidelijke richtlijnen op en blijven we monitoren. We zorgen ervoor dat afvalwater zoveel mogelijk naar de zuivering wordt getransporteerd door de aanleg en instandhouding van riolering. Nieuwe percelen worden op de gemeentelijke riolering aangesloten, tenzij dit niet doelmatig is, bijvoorbeeld in het buitengebied. In dat geval kijken we naar decentrale voorzieningen om zuivering te realiseren, zoals een IBA. Deze decentrale voorzieningen moet voldoen aan de eisen, gesteld door het waterschap en de gemeente. Geen toename van hoeveelheid afvalwater richting RWZI Het waterschap en de gemeente streven ernaar om de hoeveelheid afvalwater dat richting de RWZI gaat, niet te laten toenemen. De gemalen richting de zuivering en het vermogen van de zuivering zelf lopen tegen hun grenzen aan. Nieuwbouwontwikkelingen leiden tot een extra belasting van de riolering. Deze extra belasting willen we compenseren door in bestaande bebouwing af te koppelen. Bij afkoppelen wordt het hemelwater niet meer afgevoerd met het afvalwater naar de RWZI, maar wordt er gekeken of het direct kan worden geïnfiltreerd in de bodem of (vertraagd) kan worden afgevoerd naar de groenvoorzieningen of het oppervlaktewater.
Zo voeren we minder relatief schoon water af naar de zuivering en komt er ruimte voor het extra afvalwater vanuit de nieuwbouw.
3.3
Afvloeiend hemelwater
We hebben de verplichting om afvloeiend hemelwater in te zamelen en te verwerken, wanneer een perceeleigenaar dat redelijkerwijs niet zelf kan. Omgang met hemelwater Het hoofddoel van het hemelwaterbeleid is om schoon hemelwater niet langer via de riolering af te voeren. We volgen hierbij twee voorkeursvolgorden: schoonhouden – scheiden – zuiveren, en vasthouden – bergen – afvoeren: Schoonhouden – scheiden – zuiveren Afvloeiend hemelwater wordt gezien als relatief schone waterstroom. Daarom hebben we een voorkeur voor het scheiden van schoon en
Sweco | Water- en rioleringsprogramma Laarbeek 2025-2029 Stedelijk afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater Projectnummer 51022591 Datum 16-04-2025
Versie: D1
14/65
vuil water, zodat er geen schoon water wordt ingezameld en afgevoerd. Wanneer schoon water vervuild is door vermenging met vuilwater of contact met vervuilde oppervlakken, scheiden we het van schone waterstromen. Of wanneer de wet het vereist, voeren we regenwater als afvalwater af. Schoon water houden we schoon, we voorkomen zoveel mogelijk dat schoon hemelwater in contact komt met vervuilde waterstromen. Daarom hanteren we een opruimplicht voor hondenpoep. Ook hebben we aandacht voor foutieve aansluitingen op hemelwaterriolen. Bij nieuwbouwprojecten vermijden we zoveel mogelijk het gebruik van uitlogende bouwmaterialen, omdat deze chemische stoffen bevatten die in de omgeving kunnen vrijkomen en schadelijk kunnen zijn voor mens en milieu. Hierop wordt getoetst door Omgevingsdienst Zuidoost Brabant (ODZOB). Vasthouden – bergen – vertraagd afvoeren Voor de omgang met hemelwater volgen we het principe van vasthouden, bergen en vertraagd afvoeren. Bij voorkeur wordt het hemelwater zoveel mogelijk opgevangen en geïnfiltreerd op de plek waar het valt. Op deze manier willen we voorkomen dat problemen worden doorgeschoven naar naburige gebieden. Daarnaast is het vasthouden van water ook belangrijk om droogte tegen te gaan.
Als het niet mogelijk is om al het regenwater vast te houden, wordt het water bij voorkeur geborgen in bovengrondse bergings- en infiltratievoorzieningen, zoals wadi's. Deze voorzieningen houden het regenwater vast en laten het geleidelijk infiltreren of vertraagd afvoeren. Het is niet altijd mogelijk om het water te infiltreren of vast te houden in de bodem, door bijvoorbeeld een (te) hoge grondwaterstand. Als dit niet kan, wordt het water bovengronds afgevoerd naar plaatselijk oppervlaktewater of groen. Als ook dat niet mogelijk is, kan het water ondergronds worden afgevoerd naar plaatselijk oppervlaktewater of groen via een hemelwaterriool. Aangezien het waterschap de ontvangende partij is van het oppervlaktewater, is het belangrijk dat het waterschap betrokken wordt wanneer hemelwater afgevoerd moet worden naar het oppervlaktewater.
Figuur 3-1 vasthouden-bergen-afvoeren (bron afbeelding: STOWA)
Uit de omgevingsvisie voor de kernen volgt dat we geen verdichting van open plekken in de kernen willen. Op deze manier houden we ruimte voor groen en ook voor waterberging. De ruimte voor water en groen is ook van belang als ontmoetings- en beweeg-ruimte in de kernen. Hinder – overlast – schade Door het jaar heen hebben we te maken met wisselende hoeveelheden neerslag, van kleine buien tot extreme neerslaghoeveelheden. Het is niet doelmatig om de riolering te ontwerpen op extreme buien en we accepteren dan ook een bepaalde mate van overlast. Water op straat zal er steeds meer bij horen en dit kunnen we in bepaald mate ook accepteren. Hemelwater verwerken we zoveel mogelijk in de bodem en het lokale oppervlaktewater. Dit draagt bij aan het verminderen van wateroverlast en een aantrekkelijkere leefomgeving. We hebben een stelsel van ondergrondse en bovengrondse voorzieningen dat de kans vermindert op hinder, overlast en schade vanuit neerslag, maar we kunnen niet voorkomen dat dit toch optreedt.
Sweco | Water- en rioleringsprogramma Laarbeek 2025-2029 Stedelijk afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater Projectnummer 51022591 Datum 16-04-2025
Versie: D1
15/65
Hinder: kortdurend water op straat van geringe omvang, verkeer blijft mogelijk. Bij hinder treffen we geen maatregelen (Bron afbeelding: GAW | Stichting RIONED). Overlast: langer durende periodes met ernstig ongemak door forse hoeveelheden water op straat, zoals stremmingen van het verkeer. Bij overlast treffen we tijdelijke maatregelen, zoals verkeersafzettingen. We nemen structurele verbetermaatregelen op in ons programma, om de kans op overlast in de toekomst te verminderen (Bron afbeelding: GAW | Stichting RIONED). Schade: water op straat van een dusdanige omvang dat schade optreedt aan eigendommen en/of essentiële gebruiksfuncties uitvallen en/of gezondheidsschade. Fysiek, maar ook mentaal. Zo kan er schimmel optreden, maar ook angst of stress. Schade willen we niet, maar kunnen we ook niet uitsluiten. Als schade voortkomt uit een structureel probleem, dan streven we ernaar om structurele
verbetermaatregelen te nemen en op korte termijn als dit nodig is kostenefficiënte maatregelen te nemen om het risico te beperken. Hierbij kijken we naar verschillende factoren, zoals de opgetreden schade en de investeringskosten. Als de schade het gevolg is van extreme neerslag waar we ons redelijkerwijs en tegen betaalbare kosten niet tegen kunnen wapenen, dan beschouwen we dit als overmacht. (Bron afbeelding: waterschaplimburg.nl).
Tabel 3-1 hinder, overlast en schade
Hinder Bui08 (eens per 2 jaar)
Toelaatbare theoretische frequentie (buien van Stichting RIONED) Overlast Schade Bui10+10% (eens per 10 jaar) Niet (bui 70 mm/uur)
Klimaatadaptief inrichten van de leefomgeving Het klimaat verandert en we merken dat hevige neerslag vaker en intenser voorkomt. We bereiken de limieten van wat het watersysteem aan kan. Bij uitbreiding van het bebouwd areaal moeten we hiermee rekening houden en de omgeving adaptief inrichten. Om voorbereid te zijn op dit soort veranderingen en onze leefomgeving klimaatadaptief in te richten, stellen we gebiedsgerichte randvoorwaarden op, om die uiteindelijk op te nemen in het omgevingsplan. Deze gaan over de omgang met hemelwater, de te behalen waterberging en het verbeteren van de waterrobuustheid van de bebouwde omgeving.
Sweco | Water- en rioleringsprogramma Laarbeek 2025-2029 Stedelijk afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater Projectnummer 51022591 Datum 16-04-2025
Versie: D1
16/65
Op dit moment gelden de eisen uit de Verordening afvoer hemel- en grondwater Laarbeek 2023 (zie ook randvoorwaarden in H4). Deze bevat één waterbergingseis voor de gehele gemeente. Binnen dit Wrp onderzoeken we passende gebiedsgerichte waterbergingseisen per deelgebied in de gemeente, omdat we verwachten dat in specifieke gebieden meer waterberging behaald kan worden. Op die manier stellen we regels aan het verwerken van hemelwater op particulier terrein, waarbij we rekening houden met de plaatselijke eigenschappen van de bodem en de regenwateropgave. Ook kijken we naar mogelijk verschillende aanpakken voor grote ontwikkelingen en kleinschalige herinrichtingen/aanpassingen. Dit gaan we doen in samenwerking met het waterschap. Bij zowel nieuwbouw als bestaande bouw maken we gebruik van de buien, zoals weergegeven in tabel 1. Om ons voor te bereiden op de toekomst, hebben we in het Systeemoverzicht Stedelijk Water (SSW) de bui van 10+10% doorgerekend om te zien waar mogelijk overlast door water op straat kan optreden. Voor nieuwbouw kunnen we hierop ontwerpen, terwijl we bij bestaande bouw aanpassingen doen op basis van knelpunten en uitdagingen op bepaalde locaties. In beide gevallen streven we ernaar om de vitale functies bereikbaar te houden en de belangrijke infrastructuur begaanbaar te maken tijdens hevige buien.
ondergrond, hoogteverschillen en de grondwaterstand voordat we plannen maken. Daarnaast hebben we aandacht voor de waterkwaliteit en willen we mogelijke foutaansluitingen voorkomen, zodat rioolwater niet in het hemelwaterstelsel komt.
3.4
Grondwater
Grondwater is al het water dat zich in de bodem bevindt. Grondwater is een regionaal systeem. Figuur 3-2 geeft schetsmatig de grondwatersituatie weer. Het grondwater wordt met name gevoed door hemelwater en vanuit het oppervlaktewater. Bij langdurige droogte zakt het grondwater weg en in natte perioden stijgt het grondwater. Er is dus altijd sprake van een bepaalde mate van fluctuatie in de grondwaterstand.
(Gebiedsgericht) Afkoppelen We zetten ook in op afkoppelen. Bij afkoppelen wordt hemelwater van vuilwater gescheiden, zodat regenwater niet meer naar het riool wordt afgevoerd maar op een andere manier wordt verwerkt. Bijvoorbeeld door infiltratie in de bodem of opvang in de bergingsvoorzieningen. Als gemeente zijn we al bezig met afkoppelen en dit willen we blijven doen en stimuleren. We hebben een voorbeeldfunctie in het afkoppelen van de openbare ruimte bij herstructurering en groot onderhoud. We stimuleren particulieren en bedrijven om af te koppelen en terreinen en tuinen te vergroenen. Ook stimuleren we het verzamelen en benutten van hemelwater bij particulieren voor andere functies, zoals het besproeien van tuinen. Bij het afkoppelen houden we rekening met de gebiedskenmerken en wat er mogelijk is. We letten op lokale kenmerken, zoals de
Figuur 3-2 schets grondwatersituatie
Grondwater over- en onderlast Wij hebben de zorgplicht om op openbaar terrein maatregelen tegen structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan grond gegeven bestemming te treffen, zolang dat doelmatig kan. Onze taken liggen in de openbare ruimte en bij de coördinatie en het onderzoek bij grondwaterklachten. Net als bij de hemelwaterzorgplicht
Sweco | Water- en rioleringsprogramma Laarbeek 2025-2029 Stedelijk afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater Projectnummer 51022591 Datum 16-04-2025
Versie: D1
17/65
is op particulier terrein primair de eigenaar verantwoordelijk voor het treffen van maatregelen tegen grondwateroverlast, voor zover deze problemen niet aantoonbaar worden veroorzaakt door onrechtmatig handelen of nalaten van aangrenzende eigenaar (overheid of particulier).
oppervlaktewater, behouden we zo veel mogelijk water in het watersysteem voor tijden van droogte. In bijlage 1 is een beslisboom voor grondwatermaatregelen toegevoegd.
We spreken van structurele grondwateroverlast als de gebruiksfunctie van een perceel aangetast wordt door een structureel (te) geringe ontwateringsdiepte oftewel te hoge grondwaterstanden. Structureel wil zeggen dat te hoge grondwaterstanden spelen gedurende een langere aaneengesloten periode met een regelmatige frequentie (meerdere kalenderjaren) en over een groter gebied. We spreken van nadelige gevolgen als sprake is van belemmering van het normale gebruik van de bestemming vanuit het omgevingsplan en/of sprake is van chronische gezondheidsklachten en/of schade aan de gebouwen of infrastructuur. Als gemeente zijn we aanspreekpunt bij grondwaterklachten en kijken samen met de particulier wat de oorzaak is. Als de grondwaterproblemen structureel blijken, dan nemen we de regierol om te komen tot doelmatige maatregelen, voor zover deze in de openbare ruimte genomen kunnen worden. Verder vragen we bij herstructurering of nieuwbouw om grondwaterneutraal1 te bouwen. Omgaan met grondwateronderlast We hebben een grondwatermeetnet waarmee we een goed overzicht hebben van de grondwaterstanden en -fluctuaties in de gemeente. Door het veranderende klimaat is ook grondwateronderlast een steeds vaker voorkomend probleem: droogteschade aan landbouw, natuur, stedelijk groen en watergangen en wonen.
We zetten onze gegevens van het grondwater in om, in samenwerking met andere overheden, te werken aan regionale oplossingen voor grondwateronderlast. Door hemelwater zo veel mogelijk te infiltreren of te bergen in lokaal
1
Grondwaterneutraal bouwen verwijst naar een manier van bouwen waarbij de oorspronkelijke grondwaterstanden (inclusief natuurlijke fluctuaties) gehandhaafd kunnen blijven.
Sweco | Water- en rioleringsprogramma Laarbeek 2025-2029 Stedelijk afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater Projectnummer 51022591 Datum 16-04-2025
Versie: D1
18/65
3.5
Oppervlaktewater
We beheren verschillende oppervlaktewateren waarin afstromend hemelwater uitkomt. Rijkswaterstaat en de Waterschappen Aa en Maas en De Dommel onderhouden ook watergangen in de gemeente. We werken samen om overlast vanuit het oppervlaktewatersysteem zoveel mogelijk te voorkomen. Uit de klimaateffectatlas (2019) is het risico dat kanalen en beken in Laarbeek overstromen, geclassificeerd als ‘geen overstromingskans’, nu en naar verwachting ook in 2050. Als er risico is op wateroverlast vanuit het watersysteem, dan zorgen we in samenwerking met andere overheden voor het aanleggen van voldoende berging. Het uitgangspunt hierbij is dat geen overlast optreedt bij een bui die eens in de 100 jaar voorkomt. Ook werken we samen aan het hebben en houden van een zo goed mogelijke waterkwaliteit, zodat het oppervlaktewater voldoet aan de opgave vanuit de Europese Kaderrichtlijn Water (KRW). Voor het beschermen en verbeteren van de waterkwaliteit nemen we maatregelen om de vuilemissie vanuit onze riolering op het oppervlaktewater zoveel mogelijk te beperken.
Figuur 3-3 oppervlakte water in de gemeente Laarbeek
Sweco | Water- en rioleringsprogramma Laarbeek 2025-2029 Stedelijk afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater Projectnummer 51022591 Datum 16-04-2025
Versie: D1
19/65
Wat is de Kaderrichtlijn Water (KRW)? De KRW is een Europese richtlijn die als doel heeft om de chemische en ecologische kwaliteit van het oppervlakte- en grondwater in Europa op orde te brengen en te waarborgen. De KRW bepaalt dat alle wateren in 2027 een goed leefgebied moeten vormen voor de planten en dieren die er thuishoren. Voor de grote wateren in Nederland zijn specifieke doelen vastgelegd, zodat wordt toegewerkt naar gezond water voor mens, dier en plant.
Ook vinden wij het belangrijk om door middel van participatie de inwoners te betrekken bij concrete projecten in de openbare ruimte. Wanneer doelmatig, betrekken wij inwoners daar waar het hun directe leefomgeving raakt.
3.7
Ontwikkelingen
De beken, de Donkervoortscheloop, de Biezenloop, de Boerdonkse Aa en de Aa, in Laarbeek voldoen nog niet aan de KRW doelstellingen. Dit zit voornamelijk op: de chemische beoordeling: specifieke chemische stoffen of stofgroepen; de ecologische beoordeling: de biologische toestand (soorten en soortgroepen) en de specifiek verontreinigende stoffen die de biologische toestand beïnvloeden.
Europese Richtlijn Stedelijk Afvalwater (concept) De richtlijn ondergaat een herziening, waarbij deze uitgebreid en in overeenstemming gebracht wordt met de ambities van de Europese Green Deal. De lidstaten zijn verplicht om een allesomvattend beheerplan te ontwikkelen voor het omgaan met stedelijk afvalwater. Voor stedelijke gebieden met een populatie-equivalent (i.e.) van meer dan 100.000 moet dit plan uiterlijk in 2033 klaar zijn. Voor kwetsbare gebieden met een populatie-equivalent tussen 10.000 en 100.000 is de deadline voor het plan vastgesteld op 2039. Deze beheerplannen zullen iedere zes jaar herzien worden om te verzekeren dat ze in lijn zijn met de vereisten van de Kaderrichtlijn Water.
Voor een deel van de Goorloop (Goorloop gegraven) en een deel van de Zuid Willemsvaart (Traverse Helmond) is het vrijwel zeker dat de KRW normen voor de biologische toestand gehaald worden, maar voor de chemische stoffen niet.
De richtlijn is nog niet naar Nederlandse wetgeving vertaald. Pas als dit is gedaan, weten we wat deze richtlijn precies gaat vragen. Daarom is het belangrijk om de ontwikkelingen over de richtlijn goed te blijven volgen de komende planperiode.
3.6
Communicatie over water
Communicatie helpt bij het bevorderen van een waterbewuste houding en bijpassend gedrag. Ook helpt het bij het begrijpen van de risico’s en van de eigen verantwoordelijkheid bij het voorkomen van overlast. Daarom zetten we in op goede communicatie met inwoners en bedrijven over de eigen verantwoordelijkheden en mogelijkheden die zij hebben en over goed gebruik van de openbare ruimte en het (grond)watersysteem. Deze communicatie willen we vergroten, bijvoorbeeld via een groencoach / afkoppelcoach. We nemen bewoners en bedrijven mee in goed rioolgebruik door voorlichting te geven over vochtige doekjes en medicijnresten.
Energietransitie In samenwerking met het waterschap kijken we naar mogelijkheden om bij te dragen aan de energietransitie. Zo onderzoeken we bij de zuivering Aarle-Rixtel of we energie kunnen terugwinnen uit de RWZI. Klimaatadaptatie We streven ernaar om de leefomgeving aan te passen, zodat we voorbereid zijn op de veranderingen in het klimaat. Hierbij gaat het niet alleen om het omgaan met extreme neerslag en droogte, maar ook om het verminderen van hittestress en het behoud van biodiversiteit. In waterprojecten richten we ons op het vinden van integrale oplossingen die bijdragen aan doelen vanuit verschillende vakgebieden en breed gedragen worden. We richten ons voornamelijk op watergerelateerde taken, zoals het aanpakken van droogte, wateroverlast en grondwaterproblemen. Overige punten die onder klimaatadaptatie vallen, zoals hittestress en biodiversiteit, worden in samenwerking met het team
Sweco | Water- en rioleringsprogramma Laarbeek 2025-2029 Stedelijk afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater Projectnummer 51022591 Datum 16-04-2025
Versie: D1
20/65
Duurzaamheid opgepakt. We begrijpen echter dat het aanpakken van hittestress en het bevorderen van biodiversiteit vaak indirecte gevolgen zijn van watergerelateerde oplossingen en we nemen deze aspecten dan ook mee in ons werk. Water en bodem sturend Eind 2022 is het landelijk beleid ‘water en bodem sturend’ geïntroduceerd. Binnen dit beleid is omschreven dat nieuwe functies ergens pas een plek kunnen krijgen als het water- en bodemsysteem passen bij die functie. Hiermee wordt rekening gehouden met risico's, zoals overstromingen, wateroverlast, droogte en bodemdaling. Beslissingen worden niet alleen genomen op basis van economische of sociale overwegingen, maar ook op basis van de natuurlijke kwaliteiten. Het doel is om gezonde, duurzame, veilige en veerkrachtige systemen te creëren die op lange termijn bestand zijn tegen de uitdagingen waarmee water en bodem te maken hebben. We geven hieraan invulling door bij nieuwe ontwikkelingen rekening te blijven houden met risico’s voor overstromingen, bodemdaling, wateroverlast en droogte voor de te ontwikkelen locatie. Circulariteit We bevinden ons momenteel in een overgang van een lineaire naar een circulaire economie.
We moeten dus omschakelen naar een circulaire economie door het grondstofgebruik te verminderen, het bevorderen van gebruik van hernieuwbare grondstoffen, het verlengen van de levensduur en het hergebruik van grondstoffen. We willen circulariteit eerder integreren in het projectproces, bijvoorbeeld door bij ontwerp en inkoop tot duurzamere ontwerpkeuzes over te gaan. Droogte aanpak provincie Noord-Brabant De grondwatervoorraad in Brabant staat al geruime tijd onder druk, wat verontrustend is omdat we dit grondwater nodig hebben voor drinkwater, natuur, landbouw en industrie. Om de balans tussen het
2
Waterschap Aa en Maas, Waterschap Brabantse Delta, Waterschap De Dommel, ZLTO, Brabants Landschap, Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer, Brabantse
gebruik en de aanvulling van grondwater te verbeteren, zijn meer maatregelen nodig. Alle betrokken partijen2 erkennen dat de grondwaterstanden structureel dalen, beeksystemen in droge periodes sneller droogvallen en dat waterschaarste steeds vaker voorkomt. Daarom hebben deze partijen afspraken gemaakt tot eind 2027 om de grondwaterbalans in Brabant te herstellen en te bewaken. De vijf belangrijkste pijlers van dit convenant zijn: 1. Meer water vasthouden in het hele watersysteem en meer water aanvoeren, zodat er uiteindelijk meer water geïnfiltreerd kan worden of op andere manieren benut kan worden. 2. Minder grondwater gebruiken en verdampen. 3. In (toekomstige) ruimtelijke plannen sturen op het vasthouden en infiltreren van water en het beperken van het (regionale) gebruik van grondwater. 4. Zoeken naar nieuwe en innovatieve oplossingen. 5. Duidelijke afspraken maken over de samenwerking en de verwachtingen van elkaar binnen deze samenwerking. Uit ‘Zonder water, geen later: naar een omslag in het (grond)waterbeheer in Noord Brabant’ (15 september 2022) volgen 12 adviespunten van de adviescommissie Droogte. Specifiek voor gemeenten gelden de volgende adviezen, waar we ons bij aansluiten:
Gemeenten geven een impuls aan het klimaatbestendig inrichten van de openbare ruimte, mede gelet op het voorkomen van droogteschade aan openbaar groen en het verbeteren van het leefklimaat voor inwoners. Gemeenten ontwikkelen samen met de provincie en ontwikkelaars nieuwe perspectieven voor de beperking van het watergebruik door consumenten door waterbesparende technieken onderdeel te maken van het ontwerp van woningen en wijken.
Milieufederatie, Brabant Water, Provincie Noord-Brabant, Evides Waterbedrijf, Vereniging Industrie Water, BPG Vereniging landelijk Brabant.
Sweco | Water- en rioleringsprogramma Laarbeek 2025-2029 Stedelijk afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater Projectnummer 51022591 Datum 16-04-2025
Versie: D1
21/65
PLAN Sweco | Water- en rioleringsprogramma Laarbeek 2025-2029 Stedelijk afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater Projectnummer 51022591 Datum 16-04-2025
Versie: D1
22/65
4
Verantwoordelijkheden: wie doet wat?
Dit hoofdstuk beschrijft de regels en verantwoordelijkheden voor de gemeente, andere overheden en voor particulieren.
4.1
Wat doet de gemeente?
Als gemeente zijn we verantwoordelijk voor een goede invulling van onze gemeentelijke zorgplichten. Omdat riolering niet op zichzelf staat, stemmen we ons beleid af met andere overheden. Zoals in de Omgevingswet is aangegeven, zijn dat in ieder geval de beheerders van de zuiveringen waarop we het door ons ingezamelde afvalwater lozen, voor onze gemeente is dat Waterschap Aa en Maas. Daarnaast werken we ook nauw samen met andere vakgebieden binnen de gemeente en vindt regelmatig interne afstemming plaats.
4.2
Wat is er veranderd onder de Omgevingswet?
De zorgplichten voor stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater zijn opgenomen in de Omgevingswet (artikel 2.16, zie ook paragraaf 1.2 van dit Wrp). De regels voor lozingen uit de AMvB’s (Blah3, Blbi4, Activiteitenbesluit) staan nu in het Besluit Activiteiten Leefomgeving (Bal). De regels die niet in het Bal zijn opgenomen, komen met de bruidsschat mee. De 'bruidsschat' verwijst naar een specifiek aspect van de Omgevingswet. Onder de Omgevingswet worden bepaalde regels en verantwoordelijkheden overgedragen van het Rijk naar gemeenten en waterschappen. Het Invoeringsbesluit van de Omgevingswet zorgt ervoor dat de regels automatisch worden opgenomen in het tijdelijke deel van het omgevingsplan van gemeenten. Dit automatische opnemen van regels in het omgevingsplan, wordt ook wel de 'bruidsschat' genoemd. Het idee achter de bruidsschat is dat het een 3
Besluit lozing afvalwater huishoudens
soepele overgang mogelijk maakt van de bestaande regels naar de nieuwe regels onder de Omgevingswet. Over de regels die meekomen in de bruidsschat, moet voor 2029 worden besloten wat vanuit handhaving, aanpassing of mogelijke verwijdering van de regels gedaan moet worden. Onder de Omgevingswet is de verplichting vervallen om een gemeentelijk rioleringsplan op te stellen. In de memorie van toelichting bij de omgevingswet is aangegeven dat het opstellen van een omgevingsprogramma voor riolering en water wel belangrijk is. Gemeenten zijn nog steeds verplicht om invulling te geven aan hun gemeentelijke zorgplichten en om de financiën voor de rioolheffing te verantwoorden. Daarvoor dient dit Wrp.
4.3
Zorgplichten
Algemene zorgplicht fysieke leefomgeving In de Omgevingswet is opgenomen dat eenieder voldoende zorg draagt voor de fysieke leefomgeving (zie kader hierna). Dit is verder uitgewerkt in onder andere het Besluit Activiteiten Leefomgeving (artikel 2.11) en in de bruidsschat, die sinds 1-1-2024 onderdeel is van het Omgevingsplan van de gemeente (artikel 22.44). De zorgplicht is gericht op het voorkomen van nadelige gevolgen van een activiteit voor de volksgezondheid en de bescherming van het milieu, waaronder een doelmatig beheer van afvalstoffen. De specifieke zorgplicht zorgt er volgens de toelichting op de bruidsschat voor dat degene die een activiteit verricht, alles moet doen en laten om negatieve gevolgen voor de veiligheid, het milieu en de gezondheid te voorkomen. Soms lukt voorkomen niet. Dan moet de
4
Besluit lozen buiten inrichtingen
Sweco | Water- en rioleringsprogramma Laarbeek 2025-2029 Stedelijk afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater Projectnummer 51022591 Datum 16-04-2025
Versie: D1
23/65
veroorzaker ervoor zorgen dat er zo min mogelijk negatieve gevolgen voor het milieu en de gezondheid zijn. Artikel 1.6 (zorgplicht voor eenieder) Eenieder draagt voldoende zorg voor de fysieke leefomgeving. Artikel 1.7 (activiteit met nadelige gevolgen) Een ieder die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat zijn activiteit nadelige gevolgen kan hebben voor de fysieke leefomgeving, is verplicht: a. alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van hem kunnen worden gevraagd om die gevolgen te voorkomen, b. voor zover die gevolgen niet kunnen worden voorkomen: die gevolgen zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken, c. als die gevolgen onvoldoende kunnen worden beperkt: die activiteit achterwege te laten voor zover dat redelijkerwijs van hem kan worden gevraagd.
In de praktijk betekent dit bijvoorbeeld dat we bij een gescheiden rioolstelsel de beide waterstromen op het goede stelsel moeten aansluiten. Dit met het oog op de doelmatige werking van de stelsels. Ook het doorspoelen van vochtige doekjes of frituurvet is in strijd met de zorgplicht. Vochtige doekjes horen in de vuilnisbak en (frituur)vet moet worden gerecycled of ook met het vaste afval worden weggegooid. Ook hoort hemelwater niet op de mechanische riolering te worden geloosd, dat verstoort de werking. In de toelichting is aangegeven dat “…wanneer het bevoegd gezag degene die de activiteit verricht mondeling of schriftelijk informeert over wat er in een concreet geval onder de specifieke zorgplicht moet worden verstaan, is het voor diegene na ontvangst van die informatie duidelijk wat er verwacht wordt. Als daar geen gevolg aan wordt gegeven, is er sprake van onmiskenbare strijd met de specifieke zorgplicht.” Dan kan daarna bij overtreding handhavend worden opgetreden.
-
zorg voor afvloeiend hemelwater; zorg voor maatregelen bij structurele problemen met grondwaterstanden (onder bepaalde voorwaarden).
De gemeentelijke zorgplichten hebben belangrijke samenhang met de taken van het waterschap voor het zuiveren van afvalwater en die van de waterbeheerders voor het regionaal watersysteem. Gemeente Laarbeek valt binnen de beheergebieden van de Waterschappen De Dommel en Aa en Maas, waarbij het overgrote deel ligt in het gebied van Waterschap Aa en Maas. De beken en het regionale watersysteem vallen onder de verantwoordelijkheid van deze waterschappen. Naast de waterschappen, is ook Rijkswaterstaat waterbeheerder binnen gemeente Laarbeek. Het Wilhelminakanaal en de Zuid-Willemsvaart vallen onder de verantwoordelijkheid van Rijkswaterstaat. Zij beheren en onderhouden deze waterwegen, zowel kwantitatief (peilbeheer) als kwalitatief. De gemeente en de andere overheden zijn niet alleen verantwoordelijk voor deze zorgplichten. Ook particuliere eigenaren (bedrijven en bewoners) hebben verantwoordelijkheden op deze punten. Perceel- en gebouweigenaren zijn onder meer verantwoordelijk voor: het aansluiten van het afvalwater en beheer van de eigen aansluitingen; het verwerken van het hemelwater dat op het eigen terrein valt en het beheer van eventuele voorzieningen daarvoor; het verwerken van grondwater en het treffen van maatregelen op het eigen perceel / aan eigen gebouwen om de nadelige gevolgen van de grondwaterstand tegen te gaan en het beheer van eventuele voorzieningen daarvoor.
Figuur 4-1 geeft een overzicht van de wettelijke verantwoordelijkheden per overheidsinstelling of particulier.
Zorgplichten stedelijk waterbeheer De gemeentelijke zorgplichten zijn gericht op stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater (artikel 2.16, lid 1a Omgevingswet): inzameling en transport van stedelijk afvalwater; Sweco | Water- en rioleringsprogramma Laarbeek 2025-2029 Stedelijk afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater Projectnummer 51022591 Datum 16-04-2025
Versie: D1
24/65
Figuur 4-1 verantwoordelijkheden en zorgplichten waterbeheer
Sweco | Water- en rioleringsprogramma Laarbeek 2025-2029 Stedelijk afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater Projectnummer 51022591 Datum 16-04-2025
Versie: D1
25/65
4.4
Samenwerkingen
Afstemming tussen verschillende disciplines binnen de gemeente is sinds de komst van de Omgevingswet alleen maar belangrijker. Integraal werken is het devies binnen Laarbeek en dat betekent ook participatie en afstemming. De waterketen houdt geen rekening met bestuurlijke grenzen, daarom werken we samen met de omliggende gemeenten en waterschappen in de regio Brabantse Peel. We streven ernaar om afwenteling naar andere gebieden of toekomstige generaties te voorkomen. Dit betekent dat we met andere overheden in gesprek gaan om gezamenlijk oplossingen te vinden voor de probleemlocaties en bijbehorende uitdagingen. Een deel van de knelpunten voor wateroverlast in Laarbeek is alleen te verminderen of op te lossen door samenwerking met de omliggende gemeenten, omdat bij hevige regenval het water vanuit daar naar Laarbeek stroomt. We willen ook gebruik maken van de bestaande ruimte voor waterafvoer in extreme omstandigheden. In samenwerking met de waterschappen en Rijkswaterstaat willen we bijvoorbeeld de mogelijkheden onderzoeken om hemelwater of oppervlaktewater te lozen op kanalen tijdens extreme omstandigheden. Voor het bevorderen van doelmatig waterbeheer en klimaatadaptatie werken we samen met de Werkgroep Doelmatig Waterbeheer en de Werkgroep Klimaatadaptatie. Deze samenwerking omvat de Brabantse Peel, die bestaat uit: zes gemeenten in de Peel, Aa en Maas en Brabant Water.
Verder werken we nauw samen met de waterbeheerders, zoals Waterschap Aa en Maas, Rijkswaterstaat en Waterschap de Dommel (voor het opstellen van dit Wrp waargenomen door Waterschap Aa en Maas). Daarnaast hebben we een samenwerking met Omgevingsdienst ZuidoostBrabant (ODZOB, die toezicht houdt en handhaaft op vergunde activiteiten, zoals de regels van lozingen van afvalwater en de lozingen van percelen. Toezicht en handhaving worden in Laarbeek opgepakt door zowel de ODZOB als de gemeente zelf. Binnen de gemeente hebben we twee handhavers die zich inzetten op toezicht en handhaving.
Pilots en projecten Eén van onze lopende projecten is gericht op datagestuurd waterbeheer. Hierbij maken we gebruik van gegevens om het waterbeheer efficiënter en effectiever te maken. Daarnaast hebben we de Blauwe Poort, waarbij we streven naar een duurzaam watersysteem met aandacht voor natuur en recreatie. Ook zijn we betrokken bij het NNB-project, wat staat voor Natuur Netwerk Brabant. Hierbij streven we naar het versterken en verbinden van natuurgebieden in de provincie.