MEMO aangepast
Tekst van het document
MEMO Aan: College van burgemeester en wethouders van de gemeente Laarbeek Van: Team Juridische Zaken / Participatie Datum: 18 juni 2026 Onderwerp: Procesplanning totstandkoming Participatieverordening Laarbeek 2027 1. Aanleiding Op 18 juni 2026 behandelt de gemeenteraad het voorstel inzake de overname van de aanbevelingen uit het Rekenkamerrapport Inwonersparticipatie. Uit zowel het rekenkamerrapport als de bespreking in de commissie blijkt de wens om te komen tot een gemeentebreed kader voor inwonersparticipatie, bestaande uit een participatieverordening en bijbehorende beleidsmatige uitgangspunten. Daarnaast heeft de raad aangegeven reeds in november 2026 inhoudelijk over een concept te willen spreken, zodat vaststelling nog in 2026 kan plaatsvinden en de regeling per 1 januari 2027 in werking kan treden. Deze memo bevat een voorstel voor de procesmatige en bestuurlijke planning. 2. Juridisch kader De Gemeentewet kent de raad een kaderstellende rol toe ten aanzien van de wijze waarop inwoners bij beleidsvorming en besluitvorming worden betrokken. Daarnaast is met de inwerkingtreding van de Omgevingswet het belang van participatie verder toegenomen.
Op grond van artikel 150 van de Gemeentewet is de gemeenteraad verplicht een participatieverordening vast te stellen waarin regels worden opgenomen over de betrokkenheid van inwoners en belanghebbenden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van gemeentelijk beleid. Met de inwerkingtreding van de Wet versterking participatie op decentraal niveau en de Omgevingswet is het belang van participatie verder versterkt. De participatieverordening vormt daarmee een belangrijk instrument om participatie gemeentebreed te borgen en hierover heldere kaders vast te leggen. Dergelijke verordening bied een belangrijke basis voor: • • • • •
transparante besluitvorming; duidelijkheid over rollen en verantwoordelijkheden; uniforme toepassing van participatieprocessen; versterking van het vertrouwen tussen inwoners en overheid; borging van participatie binnen de gemeentelijke organisatie.
Een participatieverordening dient voldoende ruimte te laten voor maatwerk per project of beleidsveld en dient niet te leiden tot onnodige juridisering van participatieprocessen.
Pagina 1 van 4
3. Uitgangssituatie Op dit moment is: • • • •
nog geen participatieverordening opgesteld; nog geen participatienota vastgesteld; nog geen projectorganisatie ingericht; nog geen ambtelijk concept beschikbaar.
De voorbereiding zal derhalve vanaf de basis moeten worden opgebouwd. Gelet op de gewenste inwerkingtreding per 1 januari 2027 is een strak maar haalbaar proces noodzakelijk. 4. Voorgestelde procesaanpak Fase 1 – Kaderstelling en inventarisatie Periode: juni – juli 2026 Doel: Het ophalen van bestuurlijke wensen en het formuleren van uitgangspunten voor participatiebeleid. Activiteiten: • • • • •
Behandeling aanbevelingen Rekenkamerrapport door raad (18 juni 2026); Raadsinformatieavond participatie (30 juni 2026); Inventarisatie bestaande participatiepraktijken binnen de organisatie; Inventarisatie relevante wet- en regelgeving; Inventarisatie van voorbeelden van participatieverordeningen bij andere gemeenten.
Resultaat: • •
Nota met uitgangspunten; Startnotitie participatieverordening.
Besluitvormend moment: 2 juli 2026 – informeren college over procesopzet en uitgangspunten. 5. Fase 2 – Ontwikkeling conceptkader Periode: juli – augustus 2026 Doel: Opstellen van een eerste concept participatieverordening en participatiekader. Activiteiten: •
Juridische uitwerking verordening;
Pagina 2 van 4
• • • •
Uitwerking rollen raad, college en organisatie; Vastleggen participatieprincipes; Uitwerking evaluatie- en verantwoordingssystematiek; Voorbereiden bestuurlijke consultatie.
Resultaat: • •
Concept participatieverordening; Concept participatiekader.
Fase 3 – Bestuurlijke consultatie Periode: september 2026 Doel: Bestuurlijke bespreking en verwerking van aandachtspunten. Activiteiten: • • • •
Bespreking binnen college; Ambtelijke afstemming; Verwerking bestuurlijke opmerkingen; Voorbereiding bespreking commissie/raad.
Resultaat: •
Aangepast concept participatieverordening.
Besluitvormend moment: 8 oktober 2026 – vrijgave voor bespreking met commissie en raad. 6. Fase 4 – Raadsparticipatie en beeldvorming Periode: oktober – november 2026 Doel: Raad betrekken bij de inhoudelijke keuzes voordat formele besluitvorming plaatsvindt. Activiteiten: • • • •
Presentatie concept aan commissie; Beeldvormende bespreking; Inventarisatie wensen en aandachtspunten raad; Verwerking opmerkingen.
Resultaat: •
Definitief concept.
Pagina 3 van 4
Besluitvormend moment: 5 november 2026 – inhoudelijke bespreking met commissie en raad. 8. Fase 5 – Formele besluitvorming Periode: november – december 2026 Doel: Afronding bestuurlijk besluitvormingsproces. Activiteiten: • • • •
Opstellen definitief raadsvoorstel; Collegebehandeling; Aanbieding aan gemeenteraad; Vaststelling participatieverordening.
Resultaat: •
Vastgestelde participatieverordening.
Besluitvormend moment: 17 december 2026 – vaststelling door de gemeenteraad. 9. Inwerkingtreding Voorgesteld wordt de participatieverordening in werking te laten treden op: 1 januari 2027. 10. Conclusie De planning richting invoering per 1 januari 2027 is haalbaar, mits de voorbereiding direct na de behandeling van het rekenkamerrapport wordt gestart en de genoemde bestuurlijke besluitvormingsmomenten worden aangehouden. De voorgestelde aanpak biedt de raad voldoende ruimte om kaders te stellen, waarborgt zorgvuldige voorbereiding en sluit aan bij de uitgangspunten van de Gemeentewet en de Omgevingswet. Tegelijkertijd blijft voldoende flexibiliteit bestaan om participatie op een praktische en proportionele wijze vorm te geven binnen de gemeentelijke organisatie.
Pagina 4 van 4