Bijlagenboek deel 3 Ruimtelijke onderbouwing tankstation Bosscheweg BD
Tekst van het document
Planten
Libellen
beekrombout, bosbeekjuffer, donkere waterjuffer, gevlekte glanslibel, gewone bronlibel, hoogveenglanslibel, Kempense heidelibel, speerwaterjuffer
Overige soorten
Europese rivierkreeft, vliegend hert
akkerboterbloem, akkerdoornzaad, akkerogentroost, beklierde ogentroost, berggamander, bergnachtorchis, blaasvaren, blauw guichelheil, bokkenorchis, bosboterbloem, bosdravik, brave hendrik, brede wolfsmelk, breed wollegras, bruinrode wespenorchis, dennenorchis, dreps, echte gamander, franjegentiaan, geelgroene wespenorchis, geplooide vrouwenmantel, getande veldsla, gevlekt zonneroosje, glad biggenkruid, gladde zegge, groene nachtorchis, groensteel, groot spiegelklokje, grote bosaardbei, grote leeuwenklauw, honingorchis, kalkboterbloem, kalketrip, karthuizeranjer, karwijselie, kleine ereprijs, kleine schorseneer, stijve wolfsmelk, kleine wolfsmelk, kluwenklokje, knollathyrus, knolspirea, korensla, kranskarwij, kruiptijm, lange zonnedauw, liggende ereprijs, moerasgamander, muurbloem, naakte lathyrus, naaldenkervel, pijlscheefkalk, roggelelie, rood peperboompje, rozenkransje, ruw parelzaad, scherpkruid, schubvaren, schubzegge, smalle raai, spits havikskruid, steenbraam
Rapport 8943. 003 versie D2
Volgens artikel 3. 31 zijn de verboden, bedoeld in de artikelen 3. 1, 3. 5 en 3. 10 niet van toepassing op handelingen die zijn beschreven in en aantoonbaar worden uitgevoerd overeenkomstig een door het Ministerie van Economische Zaken goedgekeurde gedragscode en die plaatsvinden in het kader van bestendig beheer, bestendig gebruik, of ruimtelijke ontwikkeling of inrichting. Houtopstanden De bescherming van houtopstanden onder conform hoofdstuk 4 van de Wet natuurbescherming heeft als doel om het aanwezige areaal bos in Nederland te behouden. Onder houtopstanden vallen alle zelfstandige eenheden van bomen, boomvormers of struiken van een oppervlakte van tien are of meer of rijbeplanting die meer dan twintig bomen omvat. Binnen de Wet natuurbescherming zijn op houtopstanden de artikelen van toepassing die zijn opgenomen in tabel VI. Tabel VI. Bescherming houtopstanden in de Wet natuurbescherming Artikel 4. 1
De artikelen uitgezonderd artikel 4. 6 zijn niet van toepassing op: a) Houtopstanden binnen de bij besluit van de gemeenteraad vastgestelde grenzen van de bebouwde kom; b) Houtopstanden op erven of in tuinen; c) Fruitbomen en windschermen om boomgaarden; d) Naaldbomen, kennelijk bedoeld om te dienen als kerstbomen, indien niet ouder dan twintig jaar; e) Kweekgoed; f) Wegbeplantingen, beplantingen langs waterwagen en eenrijige beplantingen langs landbouwgronden bestaande uit wilgen en populieren; g) het dunnen van een houtopstand; h) uit populieren, wilgen, essen of elzen bestaande beplantingen die kennelijk zijn bedoeld voor de productie van houtige biomassa, indien zij: 1. ten minste eens per tien jaar worden geoogst; 2. bestaan uit minstens tienduizend stoven per hectare per beplantingseenheid, zijnde een aaneengesloten beplanting die niet wordt doorsneden door onbeplante stroken breder dan twee meter, en 3. zijn aangelegd na 1 januari 2013.
Artikel 4. 2
1. Het is verboden een houtopstand geheel of gedeeltelijk te vellen of te doen vellen, met uitzondering van het periodiek vellen van griend- of hakhout, zonder voorafgaande melding daarvan bij gedeputeerde staten. 3. Gedeputeerde staten kunnen het vellen van houtopstanden telkens voor ten hoogste vijf jaar verbieden ter bescherming van bijzondere natuur- of landschapswaarden.
Artikel 4. 3 lid 1 en 2
Ingeval een houtopstand geheel of gedeeltelijk is geveld, met uitzondering van het periodiek vellen van griend- of hakhout, of anderszins teniet is gegaan, draagt de rechthebbende zorg voor het op bosbouwkundig verantwoorde wijze herbeplanten van dezelfde grond binnen drie jaar na het vellen of tenietgaan van de houtopstand. De rechthebbende vervangt binnen drie jaar na de herbeplanting, bedoeld in het eerste lid, herbeplanting die niet is aangeslagen.
Artikel 4. 4 lid 1
De artikelen 4. 2, eerste en derde lid, en 4. 3, eerste en tweede lid, zijn niet van toepassing op: het vellen van houtopstanden en herbeplanten op een wijze die is beschreven in en aantoonbaar wordt gerealiseerd overeenkomstig een door Onze Minister goedgekeurde gedragscode. het vellen van houtopstanden ter uitvoering van een instandhoudingsmaatregel of een passende maatregel in het kader van natuurontwikkeling en -beheer
Artikel 4. 5
Rapport 8943. 003 versie D2
Gedeputeerde staten kunnen ontheffing verlenen van artikel 4. 3, eerste en tweede lid, ten behoeve van herbeplanting op andere grond, indien de herbeplanting voldoet aan bij provinciale verordening gestelde regels.
Bijlage 2
Verklarende woordenlijst
Externe werking Niet alleen activiteiten in een Natura 2000-gebied/NNN hebben invloed op de staat van instandhouding van het gebied, ook activiteiten buiten het gebied kunnen de natuurwaarden in een gebied beïnvloeden. Dit wordt " externe werking " genoemd. Er bestaat geen ruimtelijke grens voor externe werking: bepalend zijn de effecten op de instandhoudingsdoelstellingen van de soorten en habitattypen in het Natura 2000-gebied/NNN, ongeacht de afstand tot het beschermde gebied. Expert Judgement Inschatting van een deskundige op grond van zijn kennis en ervaring. Foerageerhabitat Het gebied waarbinnen een soort voedsel zoekt. Foerageren Zoeken en vinden van voedsel door dieren (jachtgebied). Functioneel leefgebied Hiermee wordt het gebied dat is benodigd om de functionaliteit van een voortplantingsplaats of van een vaste- rust of voortplantingsplaats te behouden. Een nestlocatie of voortplantingsplaats kan bijvoorbeeld alleen succesvol functioneren, wanneer er voldoende habitat (schuilgelegenheid, voedsel etc. ) van voldoende kwaliteit aanwezig is om te kunnen paren, eieren te leggen en jongen groot te brengen. Gunstige staat van instandhouding Er is sprake van een gunstige staat van instandhouding van een soort of habitattype als de omstandigheden waarin de soort of het habitattype voorkomt perspectief bieden op een duurzaam voortbestaan van die soort of dat habitattype.
Habitat Omvat de plaatsen waar een bepaald organisme voorkomt doordat de abiotische en biotische factoren (niet levende en levende natuur) van die plaatsen voldoen aan de eisen en toleranties die het organisme stelt om te kunnen overleven, groeien en zich voortplanten. Kraamverblijfplaats Voortplantingsplaats van vleermuizen. Het gaat hierbij vaak om de vrouwelijke exemplaren van een kolonie (ook wel kraamgroep genoemd) die gezamenlijk hun jongen grootbrengen. De aantallen vleermuizen in een kraamgroep kan oplopen tot meerdere honderden exemplaren. Landschappelijk inpassingsplan Het inpassen van ruimtelijke ontwikkelingen in het buitengebied middels een ontwerp van de groenvoorziening, dat voldoet aan het beleid ten aanzien van ruimtelijke kwaliteit. Hierdoor wordt zorg gedragen dat een ruimtelijke ontwikkeling past in het landschap. Landhabitat Amfibieën zijn voor de voortplanting afhankelijk van water. Buiten de voortplantingsperiode maakt de soortgroep gebruik van landhabitat als onderdeel van het leefgebied. Landhabitat voor amfibieën omvat onder andere structuurrijke of opgaande vegetatie zoals (loof)bos, houtwallen, struikgewas, heide, ruigtekruiden, vegetaties en moeras. Mitigerende maatregelen Maatregelen die negatieve effecten bij een ingreep voorkomen of reduceren.
Omgevingscheck Een omgevingscheck wordt uitgevoerd bij verlies van leefgebied van een jaarrond beschermde functie van een soort die door een ingreep (tijdelijk) verloren gaat. De omgeving van de ingreep wordt door een ter zake deskundige beoordeeld op aanwezigheid van voldoende alternatief leefgebied en/of potentiële verblijfplaatsen. Ontheffing De Wet natuurbescherming is bedoeld om planten- en diersoorten die vrij in het wild leven te beschermen. Om deze kwetsbare soorten te beschermen bevat de Wet natuurbescherming een aantal verbodsbepalingen. Onder bepaalde voorwaarden mogen de activiteiten wel doorgaan, daarvoor kan een ontheffing benodigd zijn. Een ontheffing is een besluit waarbij in een individueel concreet geval een uitzondering op een wettelijk verbod wordt gemaakt.
Rapport 8943. 003 versie D2
(geanonimiseerd)
Paarverblijfplaats Dit is een verblijfplaats die hoofdzakelijk in het najaar (september/oktober) door vleermuizen worden gebruikt om te paren. Eén mannetje kan een dergelijke verblijfplaats met meerdere vrouwtjes delen. In de omgeving van de paarverblijfplaats wordt veelal door het territoriale mannetje middels baltsvluchten getracht vrouwtjes aan te lokken. Activiteitenplan Een activiteitenplan dient als begeleidend document len verwoord waarmee de functionaliteit van en schade aan individuen wordt voorkomen.
een
voor
rust- of
een ontheffingsaanvraag. In het activiteitenplan zijn maatregevoortplantingsplaats van een beschermde soort behouden blijft
Populatie Een biologische populatie is een groep individuen leerd is van andere zulke groepen.
van
dezelfde soort die zich onderling voortplant
en
als zodanig geïso-
Rode Lijst Rode Lijsten laten zien welke soorten zijn verdwenen en welke soorten in een gebied sterk zijn achteruitgegaan of zeldzaam zijn. Er bestaan verschillende Rode Lijsten. Voor vogels, voor zoogdieren, planten, paddenstoelen, insecten en voor allerlei andere soortgroepen. Rode Lijsten hebben geen officiële juridische status. Plaatsing op de lijst maakt een dier dus nog geen ‘beschermde diersoort’ in de zin van de Wet
natuurbescherming. De Rode Lijsten hebben in de praktijk belangrijke signaleringfunctie. Door de Rode Lijst te raadplegen, kunnen alle instellingen die met natuurbehoud te maken hebben rekening houden met bedreigde soorten. wel
een
Significant negatief effect Een effect is in het kader
van
de Wet
natuurbescherming significant als de instandhoudingsdoelen
van
het Natura 2000-
gebied dreigen te worden aangetast. Het begrip 'significant' staat centraal in de toepassing van het beschermingsregime voor Natura 2000-gebieden bij zowel vaststelling van beheerplannen als de vergunningverlening. Het bepaalt of een uitvoerige toetsing, een zogenaamde passende beoordeling, moet worden uitgevoerd. Indien als gevolg van een ingreep de toekomstige oppervlakte habitat of leefgebied, aantal van een soort of kwaliteit van een habitat lager zal worden dan zoals bedoeld in de instandhoudingsdoelstelling, dan kan sprake zijn van significante gevolgen. Voor het goede begrip, de soorten hoeven er niet te zitten, het gebied moet geschikt zijn voor de soorten.
Voortplantingsplaats of rustplaats Een plek binnen het leefgebied van een soort die essentieel is voor de levenscyclus van een individu. De Wet natuurbescherming omschrijft niet exact wat een vaste rust- of voortplantingsplaats is. Dit is soortafhankelijk. Vliegroute Een vaste route die door vleermuizen wordt gebruikt tussen de verblijfplaatsen
naar
foerageergebieden.
Winterverblijfplaats Verblijfplaats die gebruikt wordt om de periode van winterrust te overbruggen. Voor vleermuizen zijn dit vorstvrije, maar koele en vochtige plekken. Er kans sprake zijn van massaverblijfplaatsen, verblijfplaatsen van kleine groepen of één of enkele
individuen.
Zomerverblijfplaats Buiten de kraamperiode worden deze door groepjes vrouwtjes mannetjes.
Rapport 8943.003 versie D2
en
jongen gebruikt,
in de
kraamperiode door individuele
A
GRENS PAA
MEMO
Datum: Uw
L12
an HE
(geanonimiseerd) Group (geanonimiseerd) (geanonimiseerd)
Aan:
29
kenmerk:
juli
grensverleggende infraplanners
2021
Reinaldstraat 2
=
6301 EC
Ons kenmerk:
__21-0607-01
Onderwerp:
Onderzoek
Contactpersoon:
(geanonimiseerd) En
Bijlagen:
1-
aansluiting Tankstation Bosscheweg,
www.grenspaal12.eu
Beek & Donk
zn!
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) Neen
Valkenburg
Sleeplijnen grote voertuigen
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) Naar
aanleiding
van
het
van
realiseren
uw
opdracht om
van
een
Bosscheweg, presenteren wij ter
verkenning / onderzoek uit te voeren naar
een
verkeersveilige aansluiting u middels
van
nieuw
uw
deze Memo de resultaten
(beoogd)
de
mogelijkheden
tankstation
van
dit onderzoek
om
in de
de
aan
mogelijkheden
en
plekke.
Aanleiding De
onderneming
Vissers Energy Group heeft
tankstation te realiseren
aan
de
Bosscheweg
de
onderneming voldoen aan diverse van een veilige aansluiting van het wegbeheerder In verband
uitvoerbaar.
met
heeft hiervoor
ruimtegebrek
normen
eisen
plannen
ontvouwd
in Beek
en
en
Donk.
voorwaarden.
tankstation-terrein meegeven,
is de ideale
op
waaraan
aansluiting
met
Om
nabije toekomst
dit tankstation
Een onderdeel de
deze
nieuw
te realiseren
moet
hiervan
openbare
weg
aansluiting
in
uitvoegstroken
een
en
Desalniettemin heeft de wegbeheerder aangegeven open te staan
is het realiseren
(Bosschestraat).
principe
De
moet voldoen.
voorsorteervakken
niet
het realiseren
van
voor
suboptimale aansluiting ter plekke. De onderneming Vissers Energy Group heeft bureau Grenspaal12 BV gevraagd deze mogelijkheden te verkennen en te verbeelden in ontwerptekeningen. een
Tankstation In de
279
Bosscheweg, locatie
ontwerpplannen
is het tankstation
en
mogelijkheden
gelokaliseerd
in de
oksel
van
de
(vernieuwde) provinciale
N-
Bosscheweg. De ontsluiting van het terrein is voorzien aan de Bosscheweg. Dit is gelet op hoogteverschillen en de verschillende verkeerskundige functies van beide wegen (N-279: Regionale Gebiedsontsluitingsweg, 80 km/u versus Bosscheweg: Erftoegangsweg, licht lokaal ontsluitend, 60 km/h) de meest logische en voor de hand liggende locatie voor de in- en uitrit. en
de
de
1/4
GRENS PAAL12 grensverleggende infraplanners
In onderstaande
kaart
Overzicht: Tankstation
en
tekening
is de
beoogde
locatie
en
ontsluiting ervan ingetekend.
(geanonimiseerd) Locatie en planontwerp
Ontwerpvoertuig De
(on-)mogelijkheden ter plaatse van de ontsluiting van het tankstation is theoretisch en praktisch in beeld te brengen. Het uitgangspunt bij beide mogelijkheden is een ontwerpvoertuig dat leidend is bij dergelijke ontwikkeling. Bij een deze combinatie eveneens gebruik een
verder
kunnen
moet
maken
een
“trekker-oplegger”
de faciliteiten. Hieronder gaan
van
omdat we
hier
op in.
Theoretische De
tankstation is het ontwerpvoertuig
en
praktische benadering
ideale
ontsluiting aangegeven) ruimtelijk
door
middel
niet
inpasbaar.
willen
realiseren
denken
in
het
van
voorsorteervakken
van
De
uitvoegstroken
cq.
is
(zoals
eerder
wegbeheerder heeft echter aangegeven flexibel mee te “2nd best” oplossing. Daarbij wordt uitgegaan van een
een
realistische
aansluiting van het plangebied op de openbare weg en een situatie waarbij twee vrachtwagencombinaties het terrein (tegelijkertijd) willen op- en afrijden. De verbeelding inclusief de consequenties van de rijcurven / sleeplijnen is in het volgende plaatje weergegeven.
21-0607-01
Memo
Aansluiting Tankstation
-
Openbare Weg,
Beek
en
Donk
(1).docx 2/4
J
Vlo estoi dcih teb eton voel r
oR l ov l er arC w as
-
2 4 9 9
Vole stoid cihte bet onvl oer
ecT nh ei
k
W AS BO XE N
arC w as
h
h
5S0v,li0 b ³gm an put 0BtSr 4l/ OA s
2 5 0 0
-
NI
/
UI
01
=
R
T R TI R=
10
Tekening: Weergave consequenties rijcurven en sleeplijnen gelijktijdig in- en uitdraaien vrachtwagencombinatie
Uit
bovenstaande weergave blijkt dat het gelijktijdig in- en uitdraaien van twee vrachtwagencombinaties leidt het overschrijden van de wegbreedte van de Bosscheweg. Met name T P O Pr O k j nd oe pd ig t r ct j T 21 deered beweging Tankstation > N279 leidt tot problemen. Om deze rijcurve te kunnen nemen is het gebruik 21 V achtevg 06 itmS el aA 06 u 07 ns si er 07 ati s S e ul de berm e 01 van etk en een gedeelte van het fietspad noodzakelijk. rs e niti
e en n - numm er -
oer cn u - mer
ormF aa t
cS aa h l
nni g
A2
1:2 00
ers V ie
1
E
Dit is echter niet wenselijk, gelet op de beschadiging van de wegberm en de in het gedrang komen van LE de verkeersveiligheid van de fietsers. Op basis van deze (puur) theoretische benadering is het inpassen T O
:P alternatieve aansluiting alleen mogelijk indien de weg ter plekke verbreedt en het fietspad / eT ek 26 n verlegd worden. 07 wegberm gB ni 2 au D mt
-
g
n anT e r skt gy a onti roG u osB p sc he een w e
02 1
van
ng ei t ni
ee enk
Echter dient RD men ook oog te hebben voor een realistisch beeld op basis van de (nieuwe) werkelijke onD k situatie. Dit comede gelet op de rijbewegingen van grote vrachtwagencombinaties die op en rondmo het röd nai tankstation gaan plaatsvinden. Ingeschat is dat het aantal bewegingen is beperkt tot ongeveer 30-50 ent s t e bewegingen sel per dag. Over 10-drukke uren verdeeld (dit is een verkeerskundig uitgangspunt, waarbij l TPECNOC scenario in beeld wordt gebracht) betekent dit dat gemiddeld zo’n 4 een “worstcase” vrachtwagencombinaties per uur het terrein op- en/of afrijden. Dit nader beschouwd, is het redelijkerwijs aan te nemen dat de kans klein is dat twee vrachtwagencombinaties op exact hetzelfde moment het terrein van het tankstation op- en afrijden. -
Naar verwachting komt het er op neer dat verspreid over het uur / de dag de vrachtwagencombinaties onafhankelijk van elkaar aankomen en vertrekken. Hierdoor kan de bestuurder de inrit optimaler
gebruiken. Zo kan de chauffeur zich “breder” opstellen en een bocht anders aansnijden en wel zodanig dat de rijcurve en sleeplijnen wel passen binnen de bestaande wegbreedte. 21-0607-01 Memo Aansluiting Tankstation - Openbare Weg, Beek en Donk (1). docx 3/4
Vl Vl Bij een incidenteel “exces” is de verwachting dat bestuurders anticiperen op de op dat moment id i d ih ih b b l l T ontstane situatie. Ze zullen wachten en elkaar de ruinte geven omoR het terrein op en/ofWA af te rijden, ec SB lol h n noem het collegiaal rijgedrag onder vrachtwagenchauffeurs. In de volgende tekening OXEN is de meest ve ei oes to cte eon t voe r
oe sto ct ee o tnv oer
-
k
r
arC extreme en drukste draaicirkel (beweging Tankstation > N279) weergegeven. arC 2 w w
4 9 9
as
as
h
h
5S0b,li 0vm an ³g pu t 0BtS4l O A r s/
2 5 0 0
-
01
= R
IN
/
ITU R IT R=
10
Tekening: Weergave consequenties rijcurven en sleeplijnen enkelvoudig uitdraaien vrachtwagencombinatie
Alle mogelijke rijbewegingen zijn in groter formaat (detail) als bijlage bij deze Memo toegevoegd.
Conclusie en aanbeveling Tek eni ngn um me r
Fo rma at
roP ec jt nu - 21 me 0r
60 7
c Sh aa l : 12 0
Ve rsi e
auDt m - 26 - 07
20 21
mS
nOd er d
itu eel at iet e ke nin g
roP ej
A ct
an s ul niti
g aT n sk at oti n osB s c eh w e
g
eB e ek n D on
k
O
rapd
Aangezien het niet mogelijk is om de meest ideale situatie te creëren daar waar de het tankstation de openbare weg, is verkend of en zo ja welke mogelijkheden ter plaatse zijn voor het
V cht ssi ever g aansluit op e rs neE rg
realiseren van een verkeersveilige ontsluiting. Het feit dat de Bosscheweg aangewezen is als erftoegangsweg (buiten de bebouwde kom, snelheid 60 km/u), zegt de richtlijn dat het aansluiten van y een in- uitrit is toegestaan. Rekening houdend met het redelijk gering aantal vrachtwagenbewegingen G LE ro u perTO dag (4 per uur, over de dag) is een directe aansluiting op de Bosscheweg mogelijk. Dit ook in relatie p P tot:eT geringe trefkans van twee vrachtwagencombinaties, exact op hetzelfde tijdstip ter hoogte van de ek De draaicirkels van enkele bewegingen laten zien dat een vrachtwagen-combinatie het aansluiting. i g n terrein goed op en af kan rijden. ei t ni
-
R D
Hetco advies is dan ook dat het te verantwoorden is om een ontsluiting te realiseren op de plek waar rö hetnai d is voorzien, met in achtneming van een opzet conform tekeningen (straal = R = 10, breedte = 9 et meter, ns uitlopend tot uitmonding aan openbare weg16 meter). et
sel 21-0607-01 Memo Aansluiting Tankstation - Openbare Weg, Beek en Donk (1). docx l
TPECNOC
4/4
WASBOXEN
LET OP:
Tekening
niet in RD-coördinatenstelsel
Opdrachtgever
(geanonimiseerd) Energy Group MN Project
Aansluiting
Tankstation
Bosscheweg
Beek
en
Donk
Onderdeel
Situatietekening AE
==
==
Dn
1:200
26-07-2021 ;
1
GRENS PAAL12 grensverleggende infraplanners
LdAINOI
WASBOXEN
eN
ZIOTMOE
Ee)
IN) =
=== LET OP:
Tekening
niet in RD-coördinatenstelsel
Opdrachtgever
(geanonimiseerd) Energy Group MN Project
Aansluiting
Tankstation
Bosscheweg
Beek
en
Donk
Onderdeel
Situatietekening Projectnummer
Schaal
Datum
1:200 Tekeni
26-07-2021 i
1
grensverleggende infraplanners
LdAINOI
WASBOXEN
Ik U |
HL JE
LET OP:
Tekening
niet in RD-coördinatenstelsel
Opdrachtgever
(geanonimiseerd) MN Energy Group Project
Aansluiting
Tankstation
Bosscheweg
Beek
en
Donk
Onderdeel
Situatietekening Projectnummer Formaat
ekeningnummer __________________|
ersie
GRENS PAAL12 grensverleggende infraplanners
LdAINOI
WASBOXEN
LET OP:
Tekening
niet in RD-coördinatenstelsel
Opdrachtgever
(geanonimiseerd) Energy Group MN Project
Aansluiting
Tankstation
Bosscheweg
Beek
en
Donk
Onderdeel
Situatietekening En
Formaat
ekeningnummer __________________|
5
GRENS PAAL12
Jr
grensverleggende infraplanners
LdAINOI
WASBOXEN
=
|
|
Heuer
ZL0mOebsjdo
CIN)
Jab ie)
m ie
U
E)
OIS VT
td n
CROW
EN
=S
SL
== LEK
de
4
TTT
|
|
ANEN
d 4e)
|
dl
DN
LET OP:
Tekening
niet in RD-coördinatenstelsel
Opdrachtgever
(geanonimiseerd) Energy Group MN Project
Aansluiting
Tankstation
Bosscheweg
Beek
en
Donk
Onderdeel
Situatietekening
Tekeningnummer
ormaat grensverleggende infraplanners
LdAINOI
Onderzoek naar de waterdoorlatendheid ondergrond Bosscheweg
ong. te
Beek
en
Donk
aelmans Onderzoek
naar
de waterdoorlatendheid
ondergrond Bosscheweg
ong. te Beek
en
Donk
Rapportnummer:
E204088.007/RKR
Datum:
3 november
Naam
2021
Energy Group, (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) H2 stroom Project waterstof
opdrachtgever:
Vissers
—
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) ne
Adres opdrachtgever:
(geanonimiseerd)
Contactpersoon Aelmans
Eco
ing (geanonimiseerd)
B.V:
KvK 14048216 BTW
NL8022.45.262.B.01
Bankrekening
15.48.06.137
BIC RABONL2U IBAN
(geanonimiseerd)
Normec
Aelmans
Eco B.V.
Vereniging Kwaliteitsborging Bodembeheer
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) T(045)
575
32 55
info@aelmans.com
Kerkstraat 2 (geanonimiseerd) Baexem T (0475) 459 260 www.aelmans.com
Op
onze
„7 \ss5
dienstverlening zijn de algemene
voorwaarden
toepassing
die
van u
Aelmans
Eco
B.V.
van
vindt op www.aelmans.com
Inhoud 1
2
3
4
Inleiding . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 1 1. 1
Opdrachtverlening
1. 2
Doel van het onderzoek.
1. 3
Opzet onderzoek
. .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . ..
en
.. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . ..
rapportage
. .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . ..
Schematisering van de ondergrond
1 1 1
... .... .... .... .... .... ..... .... .... .... .... .... ..... .... .... .... ....
2
. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . ..
2
2. 1
Veldtesten
2. 2
Classificatie resultaten
.. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . ..
3
Mogelijkheden voor infiltratie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4 3. 1
Algemeen
3. 2
Bemalingssysteem
. .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . ..
. .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . ..
4 4
Conclusie en aanbevelingen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5
Figuur 1
Onderzoekslocatie met o. a. situering infiltratiepunten
Bijlage 1
Meetwaarden veldtesten en uitwerking middels Hooghoudt
Saelmans Inleiding
1
Opdrachtverlening
1.1
Aelmans een
geval
voorkeur
klacht
een
over
van
Het doel van een
onderzoek
ander
in het kader van
1.3
Opzet onderzoek
Teneinde ten
het Project waterstof
de uitvoering
van
naar
in de
werkzaamheden
van
de
H2 stroom.
—
vragen
wij u om dit, bij
Ook staat het u
vrij om klachten
te
BM enormec.nl).
Certificatie (geanonimiseerd)
de waterdoorlatendheid
bodem
en
plaatse
ter
duurzaam bouwen
en
van
de ondergrond,
is vaststellen of
de onderzoek locatie opportuun is. Een
van
het ontwerpen
met
en
regenwater.
rapportage
infiltratievermogen
worden
onze
aan ons te melden.
op de
doel heeft de waterdoorlatendheid
manieren
-
het
Donk.
E.e.a. in kader van
de ondergrond ter hoogte
het onderzoek
regenwater
van
Energy Group, het verzoek gekregen
van
certificatie-instelling Normec
onze
Vissers
de waterdoorlatendheid
(geanonimiseerd) B@aeimans.com),
via email
Doel
infiltratie
naar
ong. te Beek en
van
melden bij
1.2
(geanonimiseerd) U (geanonimiseerd) namens
Eco B.V. heeft van
onderzoek te doen
Bosscheweg In
amore
locatie te onderzoeken, wordt van
een
onderzoek verricht
welk
de ondergrond te bepalen. Deze kan op verschillende
onderzocht o.a;
ex-situ, off-site; labotesten
(o.a. constant head of falling head test, afhankelijk
van
de
grondslag); -
in-situ, on-site; veldtesten
(bijv. omgekeerde boorgatmethode,
Ksat,
falling head, sokeaway
test). Werkzaamheden
worden
verricht volgens de vigerende
effectief verricht onder BRL 2101 regime beschreven volgens de NEN-EN-ISO ldentificatie
en
classificatie
van
en
14688-1:2019;
grond
-
normen
en
richtlijnen.
zijn conform de NEN-EN-ISO
Geotechnisch onderzoek
Deel 1: Identificatie
en
De
22475-1 en
boringen zijn uitgevoerd
beproeving
en -
beschrijving (incl. Nederlandse
bijlage:2019}.
Onderzoek
naar
de waterdoorlatendheid
ondergrond Bosscheweg ong;
Aelmans
Eco
B.V.
te
Beek
en
Donk
1
E204088. 007/RKR
2 Schematisering van de ondergrond 2. 1
Veldtesten
Middels veldtesten vindt de afleiding plaats van de doorlaatfactor voor infiltratie. Op de aangewezen zoeklocatie zijn op twee (2) plaatsen, op einddiepte, in-situ doorlatendheidsproeven uitgevoerd. Hiertoe wordt tot op een bepaalde diepte een boring met bekende boordiameter uitgevoerd in, met name, de onverzadigde zone (= boven het grondwater). Vervolgens is in korte tijd het boorgat gevuld met een vooraf vastgestelde hoeveelheid water. De zakking van de waterstand in het boorgat is in de tijd waargenomen. Indien opportuun wordt de test één tot tweemaal herhaald (een eerste meting geeft meestal een hogere doorlatendheid, omdat de aanwezige grond dan nog niet verzadigd is, bij de volgende metingen raakt de grond langzaam verzadigd waarbij de laatste meting normaliter maatgevend is voor de doorlatendheid). De proeven zijn uitgewerkt conform de omgekeerde Hooghoudt. In tabel 1-1 zijn de resultaten van de proeven weergegeven. In dezelfde tabel is ook een representatief profiel opgenomen omtrent de eerste 10 meter beneden maaiveld. De meetwaarden zijn in bijlage 1 opgenomen. Situering van de infiltratieproeven (I01 & I02) volgens figuur 1. Tabel 1-1: Resultaten doorlatendheidsproeven Nummer proef / boring I01
I02
Site Coördinaten
Bosscheweg ong. te Beek en Donk X
171104
Y
395798
Z (m +NAP)
13,31
Diepte boring (m-mv)
3
3
Grondwater (m-mv) Testdiepte (m-mv)
≥1,1 1
1
Diameter boring (mm) Grondsoort
BRO REGIS II v2. 2
70 Tot op 0,5 m-mv matig fijn,
Tot op 1,4 m-mv matig fijn,
13. 31 m – 10. 23 m+ NAP
zwak siltig, zwak humeus
zwak siltig, zwak humeus
Formatie van Boxtel
zand, daaronder matig fijn,
zand, daaronder matig fijn,
Zandige eenheid,
zwak siltig zand
zwak siltig zand
hoofdzakelijk bestaande uit midden en fijn zand, met weinig zandige klei en grof zand en een spoor klei, veen en grind
10. 23 m - 9. 94 m+ NAP
Formatie van Boxtel, Laagpakket van Liempde, kleiige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit leem, met weinig fijn en midden zand en een spoor veen en grof zand
Onderzoek naar de waterdoorlatendheid ondergrond Bosscheweg ong. te Beek en Donk Aelmans Eco B. V.
2
E204088. 007/RKR
9. 94 m - 3. 31 m+ NAP
Formatie van Boxtel, Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden en fijn zand, met weinig zandige klei en grof zand en een spoor klei, veen en grind
Doorlaatfactor (m/d) Hooghoudt
0,47
0,42
13. 31 m - 10. 23 m
k-waarde: h 2. 5E0 ≤ kh < 5. 0E0 10. 23 m - 9. 94 m
k-waarde: v 1. 0E-3 ≤ kv < 5. 0E-3
c-waarde: 5. 0E1 ≤ c < 1. 0E2 dagen 9. 94 m – 3. 31 m
k-waarde: h 2. 5E0 ≤ kh < 5. 0E0
2. 2
Classificatie resultaten
De doorlatendheid van de ondergrond kan worden geclassificeerd als vermeld in tabel 1-2 (bron: Cultuurtechnisch Vademecum). De doorlaatfactor van de geteste laag op de zoeklocatie, is volgens deze classificatie en de Hooghoudt-uitwerking matig. De doorlaatfactoren komen overeen met de waarde van k voor zeer fijn zand (k = 1 – 0,1 m/d).
Tabel 1-2: Classificatie doorlatendheid k (m/d) van
klasse tot < 0,01
Zeer slecht
0,01
0,10
Slecht
0,10
0,50
Matig
0,50
1,00
Vrij goed
1,00
10
Goed
> 10
Zeer goed
Onderzoek naar de waterdoorlatendheid ondergrond Bosscheweg ong. te Beek en Donk Aelmans Eco B. V.
3
E204088. 007/RKR
3 Mogelijkheden voor infiltratie 3. 1
Algemeen
Over het algemeen wordt gesteld dat infiltratie van neerslagwater interessant is indien: -
De doorlatendheid groter is dan ca. 0,3 m/d*; Het grondwater dieper dan 0,5 à 0,7 meter minus maaiveld aanwezig is; Het in te leiden neerslagwater niet is verontreinigd.
* Infiltratie van neerslagwater behoort bij lagere doorlatendheden ook tot de mogelijkheden mits hiervoor voldoende ruimte gereserveerd wordt om de geringe doorlatendheid te compenseren. Bij lagere doorlatendheden zal een voorziening voornamelijk als buffer dienen.
3. 2
Bemalingssysteem
In tabel 1-1 zijn de maatgevende doorlatendheden weergegeven ter plaatse van de geteste bodemlaag in de beide boringen. De bodem is geclassificeerd en de doorlatendheid voldoet ter hoogte van beide punten aan de eerste eis. Aan de tweede eis wordt voldaan, aangezien het grondwater zich op een diepte van ≥ 1,10 meter min maaiveld bevindt. Aan de derde eis kan worden voldaan, door alleen schoon regenwater te infiltreren. Voor infiltratie van het water, zal een zand- en slibvangsysteem moeten worden aangebracht. De mogelijkheden voor infiltratie zijn als volgt: 1. Oppervlakkige infiltratie via doorlatende verharde oppervlakten. Hierbij zal rekening moeten worden gehouden met een geroerde toplaag. Deze zal moeten worden verwijderd en vervangen door goed doorlatend materiaal. Oppervlakkige infiltratie is sterk onderhoudsgevoelig en over het algemeen geen economisch aantrekkelijke optie. Uitzondering hierop betreft een zogenaamde waterbergende weg (Aquaflow). 2. Infiltratie in de ondiepe ondergrond. Hierbij valt te denken aan infiltratie via een greppel (wadi) infiltratiekoffers, putten en of infiltratieriool. Dit behoort tot de mogelijkheden, de doorlatendheid van de ondiepe ondergrond is ter hoogte van de beide testen voldoende. 3. Infiltratie naar de diepere ondergrond. Dit kan middels grindpalen etc. naar diepere zand-/ grindlagen.
Dit behoort zeker tot de mogelijkheden, de doorlatendheid van de diepe ondergrond, zal met toename van de diepte ook toenemen. Vanwege mogelijk kleivoorkomen in de ondergrond zal dat dan wel beneden NAP +9 meter moeten plaatsvinden.
Onderzoek naar de waterdoorlatendheid ondergrond Bosscheweg ong. te Beek en Donk Aelmans Eco B. V.
4
Paelmans Conclusie
A
Uit de ter
amore
aanbevelingen
en
gemeten doorlatendheid blijkt, dat infiltratie
hoogte
van
is voldoende.
de Bosscheweg ong. te Beek Het infiltreren
zou
en
van
Donk.
neerslagwater
tot de
De doorlatendheid
direct in de ondiepe ondergrond
(tot
van
mogelijkheden behoort de ondiepe ondergrond
op circa
maaiveld -1 meter)
kunnen plaatsvinden. Een gereguleerde voeding / afvloeiing, middels bijvoorbeeld een wadi / of grindkoffers in combinatie met grindpalen tot in de diepe ondergrond (beneden NAP +9
moeten en
meter),
is echter
aanbevelenswaardig.
Ubachsberg, gemeente Voerendaal,
3 november
2021
Aelmans Eco B.V.
(geanonimiseerd)
(geanonimise rd)
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd)
(geanonimiseerd)
Projectleider / bodemadviseur
Onderzoek
naar
de waterdoorlatendheid
ondergrond Bosscheweg ong;
Aelmans
Eco
B.V.
te
Beek
en
Donk
5
en 0 N
nlofofofojfafanlnj=s
0 0
EEZ
ND
395744.498 | 13.347 |395744.498 | 13.338 395743.958 |395743.958 | 395760.757 |395760.757 | 13.347 395775.111 |395775.111| | 13.415 395789.777 | 13.379 |395789.777
03 04 0 ui 06 07
13.362
08
395795.962 |395795.962 | 13.375 395775.034 13.378 395775.034 395775.531 13.406 |395775.531 | 395796.169 3.334 |395796.169 395817.167 |395817.167 | 13.328
1
09 pr 0 Drs ra [9] prs ND VP
1 hart
v/d
weg
VP 2 hart
v/d
weg
Ê Hen
ê
&
ú
VPA
bd
order
hart v/d weg ,
ld
5 rr
MN
ae
A
TT
0
Legenda
10
20
30
_mmr—mm—
Te,
40m
d e lm d n S Opdrachtgever
En
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd)
Ë info@aelmans.com
hitps:/fwwrw
_|Vissers
Energy Group
Sonderingstekening
X
vast
XL
initatie
punt
7
punt
v_Sondering uitgevoerd
in
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd)
3-11-2021
aelmans.com
Bijlage 1 Meetwaarden veldtesten en uitwerking middels Hooghoudt
Opdracht: Plaats: Project:
E204088 Beek en Donk k-waarde Bosscheweg ong.
handpeilingen [cm-mv] tijd [s] IP01 IP02 0 20 22 10 20 22 20 21 23 30 21 23 40 21 23 50 22 24 60 22 24 90 22 24 120 23 25 150 23 25 180 24 26 210 24 26 240 25 27 270 25 27 300 26 27 330 26 28 360 27 28 390 27 29 420 28 29 450 28 30 480 29 30 510 29 31 540 30 31 570 30 32 600 30 32 900 35 38
waterkolom in boorgat [cm] IP01 IP02 80 78 80 78 79 77 79 77 79 77 78 76 78 76 78 76 77 75 77 75 76 74 76 74 75 73 75 73 74 73 74 72 73 72 73 71 72 71 72 70 71 70 71 69 70 69 70 68 70 68 65 62
85 IP01
80 75 70
] cm 65 [m l oo 60 kre ta 55 W 50 45 40
0
100
200
300
400
500 600 Tijd [s]
700
800
9001000
90 80 IP02
70 60 ]m [ cm l oo ker ta W
50 40 30 20 10 0
0
1002003004005006007008009001000 Tijd [s]
1,2 1 0,8 ]m [ cm lkoo r t ea W
0,6 0,4 0,2
diameter boorgat [cm] diepte boorgat [m-mv] hoeveelheid toegevoegd water [l]
IP01 10 1 2
IP02 10 1 2
IP01 9,39E-05 0,47 m/d
IP02 8,495E-05 0,42 m/d
bepaling doorlatendheid tan alpha:
k-waarde (Hooghoudt)
0
0
1002003004005006007008009001000 Tijd [s]
Historisch bodemonderzoek Toekomstig tankstation Beek en Donk Bosscheweg ong. (N279) te Beek en Donk Gemeente Laarbeek
EN aelmans Historisch
bodemonderzoek
Toekomstig tankstation Beek en Donk Bosscheweg ong. (N279) te Beek en Donk Gemeente
Laarbeek
Rapportnummer:
E198600.014.R1/TRE
Datum:
15
Naam
opdrachtgever:
december 2021
Vissers
Energy Group,
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) A
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) ne
Adres opdrachtgever:
(geanonimiseerd)
Contactpersoon Aelmans
Eco
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) En
BV
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd)
Llpeen| pg Ll aunn
Aelmans
Eco B.V.
suum
woaitersborens ÉR \SM/
Bodembeheer
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd)
(geanonimiseerd) info@aelmans.com
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd)
www.aelmans.com
Op onze dienstverlening zijn de algemene voorwaarden
toepassing
die
van u
Aelmans
Eco B.V.
van
vindt op www.aelmans.com
Inhoud 1
2
Algemeen . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 1 1. 1
Inleiding
1. 2
Doel historisch onderzoek
1. 3
Geraadpleegde bronnen.
1
.. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . ..
1
. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . ..
1
Locatiegegevens . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 2 2. 1
3
.. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . ..
Historische informatie over het bodemgebruik van de onderzoekslocatie en omgeving
.. . .. . ..
2
2. 1. 1
Algemene terreingegevens . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 2
2. 1. 2
Omgeving van het terrein . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 2
2. 1. 3
Voormalig en huidig gebruik . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 3
2. 1. 4
Bodemonderzoek
2. 1. 5
Veldinspectie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4
2. 1. 6
Asbest . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4
2. 1. 7
PFAS . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4
... .... .... ... .... ... .... ... .... .... ... .... ... .... ... .... .... ... .... ... .... ... .... .... ... .... ... .... ... .... .... ... .... ... .... ... ..
2. 2
Regionale bodemopbouw en geohydrologische gegevens
2. 3
Bodemkwaliteitskaart
3
.. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. .
5
. .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . .. .. . .. . .. . .. . ..
6
Hypothese en conclusie . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 7
Bijlage 1
Ligging onderzoekslocatie
Bijlage 2
Onderzoekslocatie
Bijlage 3
Foto’s onderzoekslocatie
Bijlage 4
Omgevingsrapportage Noord-Brabant
Bijlage 5
Samenvatting eerder uitgevoerd bodemonderzoek
nd aelmans
En
Algemeen 1.1
Inleiding opdracht
van
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) namens HN
Vissers
Voerendaal
een
historisch bodemonderzoek
ter
In
Bosscheweg (N279} Aanleiding en
d.d.
ter
hoogte
tot het uitvoeren van
van
Beek
Donk in de gemeente
en
onderhavig onderzoek,
nulsituatie bodemonderzoek Tankstation 24
juli 2019 dat door Aelmans
destijds uitgevoerd realisatie
van
ouderdom
voor
Eco B.V.
de aanvraag
van
Beek
vormt
Laarbeek uitgevoerd.
de actualisatie
is uitgevoerd.
Het betreffende
bestemmingsplanwijziging
een
het verkennend
van
Donk, rapportnr.: E198600.007/HWO,
en
destijds
ten
onderzoek is
behoeve
de
van
tankstation ter plaatse van bovengenoemde onderzoekslocatie. Gezien de het betreffende rapport is een update noodzakelijk voor de voorgenomen
een
van
bestemmingsplanwijziging (Art. 3.1.1a Bro}. ruimtelijke onderbouwing
1.2
Energy Group, heeft Aelmans Eco B.V. te plaatse van een perceel landbouwgrond aan de
voor
Dit
de herziening
onderzoeksrapport maakt deel
van
uit van
deze
het bestemmingsplan.
Doel historisch onderzoek Het doel van
het historisch bodemonderzoek
is inzicht te
krijgen of
op de locatie en de directe
omgeving hiervan potentieel bodem verontreinigende en/of bodembedreigende (bedrijfsmatige) activiteiten hebben plaatsgevonden, die van invloed op de lokale milieu hygiënische bodemkwaliteit zijn geweest. Hierbij wordt een inschatting gemaakt van de aard, mate, oorzaak en ligging van de eventuele bodemverontreinigingen en/of verontreinigingsbronnen. Voor het onderzoek is gebruik gemaakt “Bodem
1.3
van -
de richtlijnen die gehanteerd zijn in de Nederlandse Voornorm 5725 (NEN-5725:2017); Strategie voor het uitvoeren van milieu hygiënisch vooronderzoek”.
Landbodem
-
Geraadpleegde bronnen Ten
behoeve
van
dit historisch onderzoek zijn de volgende bronnen
-
Kadastrale register.
-
Medewerkster
-
Bouw-en
afdeling
Milieu gemeente Laarbeek. milieuvergunningen dossiers gemeente Laarbeek.
-__Geohydrologische -
-
geraadpleegd:
gegevens met
betrekking
tot de
gemeente Laarbeek.
Register bodemonderzoeken gemeente Laarbeek. Website Topotijdreis.nl.
-__GIS Viewer.
Historisch bodemonderzoek
Toekomstig tankstation Beek Aelmans
Eco
en
Donk
B.V.
Bosscheweg ong. (N279) te Beek
en
Donk
1
E198600. 014. R1/TRE
2
Locatiegegevens
2. 1
Historische informatie over het bodemgebruik van de onderzoekslocatie en omgeving
2. 1. 1
Algemene terreingegevens De ligging van het te onderzoeken terrein is weergegeven op een fragment van Google Maps in figuur 1. De onderzoekslocatie heeft een oppervlakte van circa 10. 000 m 2 en betreft momenteel een perceel akkerland en is gelegen aan de Bosscheweg ong. te Beek en Donk (gemeente Laarbeek) (zie bijlage 3: foto-overzicht en bijlage 2: onderzoekslocatie). De onderzoekslocatie betreft een gedeelte van kadastraal perceel, gemeente Beek en Donk, sectie F met nummer 2498 (ged. ) en 2499 (ged. ).
2. 1. 2
Omgeving van het terrein De onderzoekslocatie ligt buiten het kerkdorp Beek en Donk in het agrarisch buitengebied van de gemeente Laarbeek (provincie Noord-Brabant). De onderzoekslocatie is gelegen ten zuiden van de N279 (Helmond-Veghel) en ten noordoosten van de Zuid-Willemsvaart en wordt aangesloten aan de Bosscheweg. De locatie ligt buiten de woonbebouwing en is omgeven door het agrarisch buitengebied.
Figuur 1: Situering onderzoekslocatie Bosscheweg ong. te Beek en Donk (gemeente Laarbeek)
Historisch bodemonderzoek Toekomstig tankstation Beek en Donk Bosscheweg ong. (N279) te Beek en Donk Aelmans Eco B. V.
2
E198600. 014. R1/TRE
2. 1. 3
Voormalig en huidig gebruik Omtrent de historische informatie van het terrein is gebruik gemaakt van de voorhanden zijnde historische informatie bij de gemeente Laarbeek. Daarnaast is tevens gebruik gemaakt van de bij de Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant aangevraagde bodemrapportage. Het gebruik van het betreffende perceel is niet verandert na de uitvoering van het verkennend- en nulsituatie bodemonderzoek uit 2019 (rapportnr. : E198600. 007/HWO, d. d. 24 juli 2019, uitgevoerd door Aelmans Eco B. V. ). Dit wordt ook bevestigd door het kaartmateriaal dat voorhanden is via de website “Topotijdreis”, zoals op onderstaande afbeeldingen te zien is.
Topotijdreis 2019
Topotijdreis 2020
De onderzoekslocatie ligt niet in een grondwaterbeschermingsgebied of waterwingebied. 2. 1. 4
Bodemonderzoek Voor zover bekend bij de opdrachtgever en de gemeente Laarbeek, is ter plaatse van de onderzoekslocatie een eerdere bodemonderzoeken uitgevoerd. De relevantste delen staan onderstaand verwoord.
Verkennend- en nulsituatie bodemonderzoek toekomstig tankstation Beek en Donk aan de Bosscheweg ong. (N279) te Beek en Donk, rapportnr. : E198600. 007, d. d. 24 juli 2019, uitgevoerd door Aelmans Eco B. V. Aanleiding voor het onderzoek vormt de voorgenomen aanleg van een tankstation. Tevens is middels het onderzoek de nulsituatie van het te onderzoeken perceel vastgelegd. De bovengrond is plaatselijk licht verontreinigd met molybdeen en nikkel. De ondergrond is plaatselijk licht verontreinigd met molybdeen. In het grondwater zijn lichte overschrijdingen met xylenen, naftaleen en barium aangetroffen. Tijdens het verrichten van het bodemonderzoek zijn zintuiglijk geen asbestverdachte materialen aangetoond. Op basis van de bevindingen en het historisch bodemonderzoek is geen verder onderzoek naar asbest verricht. Voor verdere historische informatie wordt verwezen naar de relevantste delen van de betreffende rapportage in bijlage 5. Ter plaatse van de belendende percelen zijn, voor zover bekend, geen bodemonderzoeken uitgevoerd.
Historisch bodemonderzoek Toekomstig tankstation Beek en Donk Bosscheweg ong. (N279) te Beek en Donk Aelmans Eco B. V.
3
E198600. 014. R1/TRE
2. 1. 5
Veldinspectie Op 20 november 2021 is door een medewerker van Aelmans Eco B. V. ten behoeve van de uitvoering van het historisch bodemonderzoek, een terreininspectie uitgevoerd. ,
Het te onderzoeken terrein betreft een perceel akkerland gelegen aan de Bosscheweg ong. te Beek en Donk (gemeente Laarbeek). Het betreffende perceel is momenteel in gebruik als akkerland en er is het afgelopen jaar mais op
geteeld (foto 2). Het betreffende perceel is omringd door een sloot (foto 1). Aan het aardoppervlak zijn tijdens de terreininspectie geen bodemvreemde materialen waargenomen.
2. 1. 6
Asbest Voor zover bekend hebben op de onderzoekslocatie in het verleden geen bedrijven gestaan die mogelijk asbesthoudend materiaal hebben verwerkt of geproduceerd. Daarnaast is niets bekend over mogelijke stortingen of ophogingen met asbesthoudend materiaal en/of asbestbuizen in de
bodem. Voor zover bekend hebben zich in het verleden geen calamiteiten (bv. brand of explosies) voorgedaan, waarbij asbesthoudend materiaal is vrijgekomen. 2. 1. 7
PFAS PFAS zijn stoffen die door mensen zijn gemaakt, vanwege hun specifieke eigenschappen, zoals brandwerendheid en vuil-/waterafstotendheid. Zij worden al decennia in industriële processen en vele producten gebruikt. Ze worden in allerlei alledaagse toepassingen, zoals verf, blusschuim, pannen, kleding en cosmetica toegepast.
Kenmerkend voor deze stoffen is dat ze persistent, mobiel en nauwelijks biologisch afbreekbaar zijn. Van sommige PFAS is al aangetoond dat deze toxisch zijn. De stoffen PFOS en PFOA behoren tot de zogenaamde Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS). Middels onderhavig historisch onderzoek kan geen specifieke uitspraak gedaan worden omtrent voornoemde stoffen. Daarnaast hebben voor zover bekend ter plekke van het te onderzoeken locatie geen activiteiten plaatsgevonden, waarbij een besmetting met voornoemde stoffen zou hebben kunnen plaatsvinden. Op basis van de historische gegevens kunnen we stellen dat de onderzoekslocatie voor PFAS “onverdacht” is. Door Antea-group is op 28 oktober 2020 een Bodemkwaliteitskaart PFAS opgesteld (projectnr. : 0462683. 100 d. d. 28 oktober 2020). De verwachte bodemkwaliteit voor de
onderzoekslocatie betreft “Landbouw/natuur”.
Historisch bodemonderzoek Toekomstig tankstation Beek en Donk Bosscheweg ong. (N279) te Beek en Donk Aelmans Eco B. V.
4
Saelmans
En
Regionale bodemopbouw De
regionale bodemopbouw
De onderzoekslocatie
Het freatisch 11
ca.
m
geohydrologische gegevens
en
geohydrologische schematisatie
en
is gelegen
op een
hoogte
circa 13
van
ter
Het overeenkomt
met een
diepte
van
circa 2
is als
volgt.
+NAP.
m
grondwater bevindt zich volgens de Grondwaterkaart
+NAP.
plaatse
m-mv.
van
Nederland op
De
grondwaterstroming
is
noordwestelijk gericht. Doorsnede
Verticale
BRO
DGM
v2.2
A
A!
NAP
t.o.v.
meters Ho gte in
„1000 0
012
Geologische —
024
BX
072
084
096
PZWA
er
}
Knikpunt o
eenheid
04
—»
08
12
Lithostratigrafie Formatie
van
Boxtel
144
L56
168
18
s
(geanonimise rd)
<Ígooronderzoek
kan
132
Ì
ad
ki oo
L2
108
Afstand in km
A
ES
sy
Geologische BX
0.6
048
A,
eenheid
| ed mm Eel mm mn el
0.36
0.00
m
-
16.73
Zand,
m
zeer fijn tot zeer grof, lokaal kleiig,
grindig of humeus; leem, lokaal
lokaal
zandig,
humeus; klei, siltig tot zandig;
veen,
kleiig BE
Formatie van
Beegden
16.73
39.77
m-
m
Zand, matig grof
tot uiterst
grindig; grind, fijn tot grof,
grof, lokaal lokaal
zandig;
stenen; (geanonimiseerd) | blokken; klei, lokaal siltig tot zandig
Historisch bodemonderzoek
Toekomstig tankstation Beek Aelmans
Eco
en
Donk
B.V.
Bosscheweg ong. (N279) te Beek
en
Donk
5
E198600. 014. R1/TRE
Geologische eenheid ST
Lithostratigrafie Formatie van Sterksel
Bodemlaag 39. 77 m - 64. 78 m
Lithologie Zand, matig fijn tot uiterst grof, lokaal grindig; grind, lokaal zandig; klei, lokaal siltig tot zandig
SY
Formatie van Stramproy
64. 78 m - 88. 04 m
Zand, uiterst fijn tot zeer grof, lokaal humeus; klei, lokaal siltig tot zandig, lokaal humeus
PZWA
Formatie van Peize en
88. 04 m - 202. 91 m
Formatie van Waalre
Zand, matig fijn tot uiterst grof, lokaal kleiig tot grindig; klei, lokaal siltig tot zandig, lokaal humeus; veen, lokaal kleiig
KI
Kiezeloöliet Formatie
202. 91 m - 246. 12 m
Zand, matig fijn tot uiterst grof, lokaal grindig; klei, lokaal siltig tot zandig, lokaal humeus; bruinkool
OO
Formatie van Oosterhout
246. 12 m - 331. 06 m
Zand, matig fijn tot matig grof, glauconiethoudend, schelphoudend; klei, siltig tot zandig
BR
Formatie van Breda
331. 06 m - 996. 46 m
Zand, zeer fijn tot matig grof, glauconiethoudend, lokaal schelphoudend; klei, siltig tot zandig
2. 3
Bodemkwaliteitskaart Volgens de website van de Omgevingsdienst van Zuidoost-Brabant beschikt de gemeente Laarbeek op dit moment niet over een bodemkwaliteitskaart.
Historisch bodemonderzoek Toekomstig tankstation Beek en Donk Bosscheweg ong. (N279) te Beek en Donk Aelmans Eco B. V.
6
EN aelmans Hypothese Aanleiding
En
conclusie
en
tot het uitvoeren van
onderhavig historisch onderzoek,
vormt de actualisatie van
het
verkennend
en nulsituatie bodemonderzoek Tankstation Beek en Donk, E198600.007/HWO, d.d. 24 juli 2019 dat door Aelmans Eco B.V. destijds is uitgevoerd. rapportnr…: Het betreffende onderzoek is uitgevoerd voor de aanvraag van een bestemmingsplanwijziging ten
behoeve de realisatie
van
Gezien
van
de ouderdom
een
tankstation ter plaatse
bovengenoemde onderzoekslocatie.
van
het betreffende rapport is een update noodzakelijk voor de voorgenomen bestemmingsplanwijziging (Art. 3.1.1a Bro). De betreffende update is middels een historisch bodemonderzoek (vooronderzoek NEN-5725} uitgevoerd. Op basis het volgende worden Het
gedeelte
van
van
het verrichte onderzoek
kan
gesteld.
de onderzoekslocatie
momenteel in gebruik als akkerland.
waar
de voorgenomen
Uit de voorhanden
die wijzen op enige
aanwijzingen aangetroffen, bodemverontreinigingende en/of bodembedreigende vorm
realisatie wordt beoogd,
is
zijnde historische informatie zijn geen bodemactiviteit of anderzijds mogelijke
van
activiteiten.
Daarnaast
zijn tijdens de
terreininspectie geen aanwijzingen geweest, welke zouden kunnen wijzen op enige
vorm
van
bodemverontreiniging. Omdat verder geen aanleidingen bestaan
hypothese “onverdacht”
voor
voor
Wij willen expliciet vermelden, dat het verlenen bevoegd
het aantreffen
van
bodemverontreinigingen wordt de
de gehele onderzoekslocatie aangehouden.
van een
vergunning
ter
competentie
is van het
gezag.
Van
belang is voorts, dat de verantwoordelijkheid van Aelmans Eco B.V. voor het historisch bodemonderzoek beperkt is tot de resultaten ten grondslag liggende en de op het moment
van
onderzoek ter beschikking staande gegevens. Gemeente
Voerendaal, Ubachsberg,
15 december
2021
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) Rapport opgesteld door:
(geanonimise rd)
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) Project medewerker
Historisch bodemonderzoek
Toekomstig tankstation Beek Aelmans
Eco
en
Donk
B.V.
Bosscheweg ong. (N279) te Beek
en
Donk
7
Bijlage 1 Ligging onderzoekslocatie
Historisch bodemonderzoek Toekomstig tankstation Beek en Donk Bosscheweg ong. (N279) te Beek en Donk Aelmans Eco B. V.
1
onderzoekslocatie
Bron: Google Maps
N
Bijlage 2 Onderzoekslocatie
ANN
Bijlage
2
(geanonimise rd) LEGENDA
—
Bamaypsog
__ onderzoekslocatie
RN
fotohoek
bebouwing
d
(geanonimiseerd)
aelmans Opdrachtgever
Onderwerp 8
\
n
focale
)
°
ú
N
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd)
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd)
:A5e,
en
| Vissers Energy Group Onderzoekslocatie
Tankstation Beek
Donk, Bosscheweg
en
ong.
te Beek en Donk
Projectnummer
E198600
Datum
13-12-2021
Getekend
TRE
e
| A: | Schaal
B:
-
1:1000
|
-
Formaat
A3
Bijlage 3 Foto’s onderzoekslocatie
Foto 1
Foto 2
Onderzoekslocatie
Onderzoekslocatie
Bijlage 4 Omgevingsrapportage Noord-Brabant
Oingevingsdienst ki en zach
Opdbn__
tankstation
Beek
en
Donk
Omgevingsrapportage
AVMIO/BO7 768
(geanonimise rd) Bodem
OLocaties
Ondergrond / Kadastraal perceel
jv topografie [
selectie
Pagina
1 van
12
-
24-06-2019
Inhoudsopgave Voorblad Inhoudsopgave Inleiding Z-Willemsvaart (centr. deel) Kaarten Disclaimer
ToelichƟng
Pagina 2 van 12
-
24-06-2019
Inleiding Dit betreŌ een rapportage van de milieu-hygiënische bodemkwaliteit van het perceel waarvan de locaƟe op de eerste pagina van deze rapportage is aangegeven. De rapportage is gemaakt met behulp van het bodeminformaƟesysteem (bis) van de gezamenlijke omgevingsdiensten in Noord– Brabant. Indien er van het perceel, of de directe omgeving hiervan, bodemonderzoeken of ondergrondse tanks in het bis bekend zijn, bevat deze rapportage een uiƩreksel hiervan.
Welke informaƟe bevat het bodeminformaƟesysteem? Bij de uitvoering van de gemeentelijke en provinciale bodemtaken ontvangen wij bodemrapporten bij grondwerken, bodem- en tanksaneringen, grondtransacƟes en het behandelen van aanvragen voor omgevingsvergunningen. De resultaten van de bodemonderzoeken worden verwerkt in het bis.
Geen informaƟe aanwezig Indien er in het bis geen informaƟe over een perceel aanwezig is, kan niet geconcludeerd worden dat er dan ook geen bodemverontreiniging aanwezig is. Alleen na uitvoering van een volledig verkennend bodemonderzoek conform de NEN 5740 kan hierover meer zekerheid worden verkregen. Indien u onderzoek wilt laten uitvoeren dan adviseren wij u contact op te nemen met een SIKB BRL 2000 gecerƟficeerd adviesbureau. Alleen onderzoeken die uitgevoerd zijn door een gecerƟficeerd bureau worden voor overheidsbeslissingen in behandeling genomen.
LocaƟes met historisch bodembedreigende acƟviteiten Om inzicht te krijgen waar de bodem in het verleden mogelijk verontreinigd is geraakt zijn de locaƟes met een risico op bodemverontreiniging in kaart gebracht. Deze gegevens zijn aŅomsƟg uit oude bestanden en tekeningen, zoals het Hinderwetarchief, milieuarchief en de bestanden van de Kamer van Koophandel. Deze historische informaƟe zegt iets over het vermoeden van bodemverontreiniging. In feite is het een risicoanalyse die kan leiden tot vervolgonderzoek. Deze locaƟes zijn ondergebracht in het zogenaamde historische bodembestand (HBB). Op tal van locaƟes met de meest verdachte bodembedreigende acƟviteiten en waar nog niet eerder bodemonderzoek heeŌ plaatsgevonden, heeŌ inmiddels oriënterend bodemonderzoek plaatsgevonden.
Pagina 3 van 12
-
24-06-2019
Opbouw van de rapportage Op basis van de ingevoerde geografische gegevens die voor de aanvraag van de rapportage zijn ingevoerd, is met behulp van soŌware gecontroleerd of er op het perceel of in de directe omgeving hiervan gegevens over de bodem en grondwater beschikbaar zijn. Indien deze informaƟe aanwezig is dan wordt deze getoond in de onderstaande volgorde: InformaƟe over de milieukwaliteit op de locaƟe: Overzicht locaƟegegevens Overzicht bodemonderzoeken Overzicht historische bodembedreigende acƟviteiten Overzicht ondergrondse tanks Naast het geselecteerde perceel wordt ook in een straal van 25 meter rond het geselecteerde perceel gekeken of er onderzoeksgegevens beschikbaar zijn. Indien er informaƟe aanwezig is, dan wordt deze getoond onder het hoofdstuk:“InformaƟe over de milieukwaliteit in de directe omgeving van de locaƟe”. Vervolgens worden ook voor de percelen in de directe omgeving de locaƟegegevens, de historische bodembedreigende acƟviteiten en de ondergrondse tanks weergegeven.
ToelichƟng bij informaƟe over de bodemkwaliteit op de locaƟe Overzicht locaƟegegevens Onder deze paragraaf worden de locaƟegegevens getoond zoals deze in het bis bekend zijn. Onder de locaƟegegevens worden ook de status van de bodemlocaƟe, eventuele verontreinigingen en de vervolgacƟe aangeven. Overzicht onderzoeken Onder deze paragraaf worden de gegevens van de bodemrapporten die op de locaƟe zijn uitgevoerd weergeven, zoals soort onderzoek, aanleiding, rapportdatum, beknopte conclusie en resultaat Wet bodembescherming. Overzicht historische bodembedreigende acƟviteiten Onder deze paragraaf worden de historische bodembedreigende acƟviteiten getoond zoals deze in het bis bekend zijn. Overzicht aanwezige ondergrondse tanks Onder deze paragraaf worden de ondergrondse tanks getoond, zoals deze in het bis bekend zijn. InformaƟe over de bodemkwaliteit in een straal van 25 meter rond de locaƟe Idem als informaƟe over de bodemkwaliteit op de locaƟe maar dan binnen een straal van 25 meter rond de locaƟe.
Pagina 4 van 12
-
24-06-2019
Pagina 5 van 12
-
24-06-2019
LocaƟe: Z-Willemsvaart (centr. deel) LocaƟe Adres
Z-Willemsvaart VEGHEL
LocaƟecode
AA194804656
LocaƟenaam
Z-Willemsvaart (centr. deel)
Plaats
Meierijstad
LocaƟecode bevoegd gezag WBB
NB799900009
Status Vervolg WBB
Voldoende gesaneerd
Beoordeling
ErnsƟg, urgenƟe niet bepaald
Status rapporten
Sanerings evaluaƟe
Beschikking
ErnsƟg, urgenƟe niet bepaald
Status besluiten
ErnsƟg, urgenƟe niet bepaald
Status asbest
Is van voor 1987
Ja
Uitgevoerde onderzoeken Datum
Type
Naam
Auteur
Orienterend Onderzoek Orienterend Waterbodem 01-12-1993 bodemonderzoek Zuid-Willemsvaart Centraal, Rapportage Fase 1 Sanerings 17-05-1999 evaluaƟe
DHV
EvaluaƟe WBB Zuid-Willemsvaart,Rijkswaterstaat Kom Veghel
Beschikbare documenten
per
onderzoek
Geen gegevens beschikbaar
Pagina 6 van 12
-
24-06-2019
ReferenƟeArchief
Conclusie overheid
Verontreinigende acƟviteiten AcƟviteit
Start Einde Vervallen
onbekend
9999
9999
Benoemd
Nee
Verontreinigd
Spoed
Voldoende onderzocht
Onbekend
Nee
Geconstateerde verontreinigingen Matrix
Overschr.
Waterbodem
K4
m²
m³
153000
Van
Tot
Opmerking
49188
Beschikbare documenten Geen gegevens beschikbaar
Besluiten Datum
31-05-2005
Besluit
Kenmerk
Status
Instemmen uitgevoerde sanering
1100926
DefiniƟef
Sanering Type sanering
Zorgstatus
Uiterste start
Werkelijke start
Volledig (locaƟe)
Werkelijke einddatum
31-05-2005
Saneringscontouren Datum
Gerealiseerd bovengrond
Gerealiseerd ondergrond
31-05-2005
Voll. verw. , aanvulgrond schoon (MF)
Restverontreiniging, IBC
Medium
Zorgmaatregelen Maatregel start
Duur
Eind
Matrix
Overschrijding
31-05-2005
Pagina 7 van 12
-
24-06-2019
Type maatregel
De informaƟe die wij in deze rapportage beschikbaar stellen, dient u te interpreteren als een inschaƫng van de situaƟe. Aangezien de informaƟe is gebaseerd op onderzoeken die in het verleden hebben plaatsgevonden kunnen wij nooit 100% zekerheid geven met betrekking tot de actuele kwaliteit van grond en grondwater. De gezamenlijke omgevingsdiensten in Noord – Brabant zijn niet aansprakelijk voor enige schade dan wel enige andere indirecte incidentele of gevolgschade als blijkt dat in de prakƟjk de kwaliteit van grond of grondwater anders is dan in dit rapport is vermeld. Wij aƩenderen u op het feit dat u als makelaar, eigenaar, toekomsƟg eigenaar of als derde, bij aan- of verkoop van onroerend goed een vergaande onderzoeksplicht heeŌ als het gaat om het vaststellen van de kwaliteit van de bodem en/of de aanwezigheid van ondergrondse brandstoŌanks. Wij adviseren u om in voorkomende gevallen zelf zorg te dragen voor bodemonderzoek dan wel onderzoek naar de aanwezigheid van een tank.
De informaƟe uit deze rapportage kan niet worden gebruikt bij de aanvraag van een omgevingsvergunning of andere gemeentelijke producten of diensten. Bij een vergunningaanvraag dient elke situaƟe opnieuw afzonderlijk te worden beoordeeld. Ook al heeŌ er op een locaƟe eerder bodemonderzoek plaatsgevonden is het niet uitgesloten dat de gemeente opnieuw bodemonderzoek eist. De aanwezige informaƟe kan verouderd zijn, ook kan er een onjuiste onderzoeksstrategie zijn toegepast.
Pagina 8 van 12
-
24-06-2019
ToelichƟng ToelichƟng op gebruikte terminologie
Uitleg begrippen bij deze rapportage
De analyseresultaten in relaƟe tot de onderzoeksstrategie geven een beeld van de verontreinigingsituaƟe. Op basis van hiervan wordt een locaƟe beoordeeld. Hieronder volgt een opsomming: Niet verontreinigd geen vervolg: Volgens de beschikbare informaƟe is de locaƟe niet verontreinigd, een nader bodemonderzoek is niet noodzakelijk. ErnsƟg: PotenƟeel ernsƟg. Het vermoeden bestaat dat er sprake is van een ernsƟge verontreiniging. Een locaƟe wordt ook als Pot. ErnsƟg gekwalificeerd als er alleen bodembedreigende handelingen hebben plaatsgevonden (historisch bodemonderzoek). De locaƟe is dan als het ware verdacht met betrekking tot het voorkomen van bodemverontreiniging. Urgent c. q. Spoedeisend: PotenƟeel urgent. Het vermoeden bestaat dat de ernsƟge " vormt voor de gezondheid, ecologie en verspreiding. verontreiniging risicoe;s verontreinigd: Geen vervolg. Het vermoeden bestaat dat de locaƟe wel verontreinigd is maar er is geen aanleiding tot het doen van vervolgonderzoek. Niet ErnsƟg: Er is geen sprake van een ernsƟge bodemverontreiniging. ErnsƟg, niet urgent c. q. Spoedeisend: Door de provincie in een beschikking vastgelegd dat sprake is van een sterke verontreiniging in meer dan 25 m3 grond en/of 100 m3 grondwater. Er " zijn geen gezondheids- , Ecologische en/ of verspreidingsrisicoe;s. ErnsƟg, urgenƟe c. q.