6 20241203 BP Baverdestraat en omgeving_Bijlagen bij de toelichting
Tekst van het document
Baverdestraat en omgeving
bestemmingsplan Baverdestraat en omgeving
Inhoudsopgave
Bijlagen bij de toelichting
3
Bijlage 1
Verkennend bodem- en asbestonderzoek
4
Bijlage 2
Nader grondwateronderzoek
172
Bijlage 3
Onderzoek wegverkeerslawaai
202
Bijlage 4
Quickscan externe veiligheid
370
Bijlage 5
Fauna onderzoek
379
Bijlage 6
Activiteitenplan
413
Bijlage 7
Onderzoek stikstofdepositie
509
Bijlage 8
Watertoets
539
Bijlage 9
Archeologisch onderzoek
584
Bijlage 10
Parkeeronderzoek
639
Bijlage 11
Nota van zienswijzen & Ambtshalve wijzigingen
650
2 gesteld)
bestemmingsplan "Baverdestraat en omgeving" (vast
bestemmingsplan Baverdestraat en omgeving
Bijlagen bij de toelichting
bestemmingsplan "Baverdestraat en omgeving" (vastgesteld) 3
bestemmingsplan Baverdestraat en omgeving
Bijlage 1 Verkennend bodem- en asbestonderzoek
4 gesteld)
bestemmingsplan "Baverdestraat en omgeving" (vast
VERKENNEND BODEMONDERZOEK EN VERKENNEND ONDERZOEK ASBEST IN BODEM BAVERDESTRAAT TE LIESHOUT
Rapportage verkennend bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in bodem Baverdestraat te Lieshout Opdrachtgever
NieuwBlauw Piuslaan 157 5643 PB Eindhoven
Rapportnummer Versienummer
9369.001 D1
Status
Eindrapportage
Datum
7 februari 2020
Vestiging
Brabant Heinz Moormannstraat 1b 5831 AS Boxmeer 088 - 5001600 boxmeer@econsultancy.nl
Opsteller
Dhr. C. Coolen
Paraaf
Kwaliteitscontrole
Dhr. E. Zwerver
Paraaf
Kwaliteitszorg Econsultancy is lid van de Vereniging Kwaliteitsborging Bodembeheer (VKB). De VKB is een vereniging van bodemadviesen -onderzoeksbureaus en heeft als doel kwaliteitsborging en continue verbetering van de dienstverlening van haar leden op het gebied van bodembeheer. Het VKB keurmerk geeft opdrachtgevers de zekerheid dat het uitvoerend bureau werkt conform de eisen die de VKB aan haar leden stelt op het gebied van competenties en integriteit van medewerkers en het toepassen van vigerende normen en onderzoeksprotocollen. Econsultancy werkt volgens een dynamisch kwaliteits- en milieusysteem, zoals beschreven in het kwaliteits- en milieuhandboek. Ons kwaliteits- en milieusysteem is gecertificeerd volgens de eisen in de NEN-EN-ISO 9001 en NEN-EN-ISO 14001. Betrouwbaarheid Dit bodemonderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd conform de toepasselijke en van kracht zijnde regelgeving. Een bodemonderzoek wordt in zijn algemeenheid echter uitgevoerd door het steekproefsgewijs bemonsteren van de bodem, waardoor het, op basis van de resultaten van een bodemonderzoek, onmogelijk is garanties af te geven ten aanzien van de milieuhygiënische bodemkwaliteit. Daarnaast betreft het bodemonderzoek een momentopname.
Econsultancy accepteert op voorhand geen aansprakelijkheid ten aanzien van mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door Econsultancy uitgevoerde bodemonderzoek neemt. In dit kader dient ook opgemerkt te worden dat geraadpleegde bronnen niet altijd zonder fouten en volledig zijn. Daar Econsultancy voor het verkrijgen van historische informatie afhankelijk is van deze bronnen, kan Econsultancy niet instaan voor de juistheid en volledigheid van deze informatie.
INHOUDSOPGAVE 1
INLEIDING .................................................................................................................................. 1
2
AFBAKENING ONDERZOEKSLOCATIE ................................................................................... 1
3
MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK BODEM ................................................................. 2 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6 3.7 3.8 3.9
Geraadpleegde bronnen ................................................................................................... 2 Historisch en huidig gebruik onderzoekslocatie ............................................................... 3 Toekomstige situatie ......................................................................................................... 3 Calamiteiten ...................................................................................................................... 3 Uitgevoerd(e) bodemonderzoek(en) op de onderzoekslocatie ........................................ 3 Aangrenzende terreindelen/percelen ............................................................................... 4 Terreininspectie ................................................................................................................ 4 Informatie lokale of regionale achtergrondgehalten ......................................................... 4 Bodemopbouw en geohydrologie ..................................................................................... 5
4
CONCLUSIES MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK BODEM (ONDERZOEKSOPZET) 5
5
VELDWERK ................................................................................................................................ 6 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5
6
LABORATORIUMONDERZOEK .............................................................................................. 10 6.1 6.2 6.3 6.4
7
Algemeen.......................................................................................................................... 6 Grondonderzoek ............................................................................................................... 7 Algemene bodemopbouw en visuele inspectie opgegraven materiaal ............................ 7 Visuele inspectie toplaag/maaiveld op asbest .................................................................. 9 Grondwateronderzoek ...................................................................................................... 9 5.5.1 Uitvoering veldwerk ............................................................................................ 9 5.5.2 Grondwaterbemonstering ................................................................................... 9
Uitvoering analyses ........................................................................................................ 10 Toetsingskader ............................................................................................................... 12 Resultaten grond- en grondwatermonsters verkennend bodemonderzoek ................... 14 Resultaten verkennend onderzoek asbest ..................................................................... 16
SAMENVATTING, CONCLUSIES EN ADVIES ........................................................................ 17
9369.001
BIJLAGEN: 1. 2a. 2b. 3. 4a. 4b. 5a. 6.
- Topografische ligging van de locatie - Locatieschets - Foto's onderzoekslocatie - Boorprofielen - Analysecertificaten - Getoetste analyseresultaten Circulaire bodemsanering - Toetsingskader Circulaire bodemsanering - Eerder uitgevoerd bodemonderzoek
9369.001
1
INLEIDING
NieuwBlauw heeft Econsultancy opdracht verleend voor het uitvoeren van een verkennend bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in bodem op de locatie Baverdestraat te Lieshout. Het onderzoek is uitgevoerd in het kader van de sloop en nieuwbouw op de onderzoekslocatie. Het onderzoek heeft tot doel met een relatief geringe onderzoeksinspanning vast te stellen of op de onderzoekslocatie bodemverontreiniging aanwezig is, na te gaan of de verdenking van verontreiniging met asbest van het terrein terecht is en een indicatieve uitspraak te doen over het asbestgehalte in de bodem en/of het puin, teneinde te bepalen of er milieuhygiënische belemmeringen zijn voor de voorgenomen sloop en nieuwbouw op de onderzoekslocatie. Het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is verricht conform de NEN 5725:2017 "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek". Het bodemonderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5740+A1:2016 "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond". Het verkennend onderzoek asbest in bodem is uitgevoerd conform de NEN 5707+C1:2016/C2:2017 "Bodem - Inspectie en monsterneming van asbest in bodem en partijen grond".
Het veldwerk en de bemonstering zijn verricht onder certificaat op grond van de BRL SIKB 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek", protocollen 2001, 2002 en 2018. De visuele inspectie is uitgevoerd door medewerkers, die gekwalificeerd zijn voor het protocol 2018 van de BRL SIKB 2000. Tevens is rekening gehouden met het veldwerkprotocol (Expertisecentrum PFAS, juli 2019) voor de bemonstering van PFAS-verbindingen in grond en grondwater. De analyseresultaten met betrekking tot de bodem zijn getoetst aan het toetsingskader uit de Circulaire bodemsanering en aan de achtergrondwaarden voor grond. Voor de specifieke toetsing wordt verwezen naar paragraaf 6.2. De analyseresultaten zijn tevens getoetst aan de getoetst aan de toepassingsnormen voor het toepassen van grond en baggerspecie op landbodem boven grondwaterniveau zoals opgenomen in het “Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie” (d.d. 29 november 2019). Econsultancy is onder meer gecertificeerd voor de protocollen 2001, 2002 en 2018 van de BRL SIKB 2000. In dat kader verklaart Econsultancy geen eigenaar van de onderzoekslocatie te zijn of te worden.
2
AFBAKENING ONDERZOEKSLOCATIE
Het vooronderzoek omvat de onderzoekslocatie en direct hieraan grenzende terreindelen binnen een afstand van 25 meter. De onderzoekslocatie (± 9.460 m²) is gelegen aan de Baverdestraat te Lieshout (zie bijlage 1).
Rapport 9369.001 versie D1
Pagina 1 van 20
De onderzoekslocatie is kadastraal bekend gemeente Lieshout, sectie I, nummers 347, 561, 562, 1098, 1099, 1736, 1737, 1784, 1849, 1853, 1939, 1940, 2331, 1781 (ged.), 1782 (ged.),1852 (ged.), 1991 (ged.) en 2332 (ged.). Volgens het Actueel Hoogtebestand Nederland bevindt het maaiveld zich op een hoogte van circa 15,0 m +NAP en zijn de coördinaten van het midden van de onderzoekslocatie X = 169.480, Y = 392.420.
3
MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK BODEM
3.1
Geraadpleegde bronnen
Voorafgaand aan de uitvoering van de veldwerkzaamheden is een vooronderzoek uitgevoerd op basis van de NEN 5725. In tabel I zijn de in het kader van het vooronderzoek geraadpleegde bronnen weergegeven. Van de locatie en de directe omgeving zijn uit verschillende informatiebronnen gegevens verzameld over het historische, huidige en toekomstige gebruik, eventuele calamiteiten, eventueel eerder uitgevoerde bodemonderzoeken, de bodemopbouw en geohydrologie, verhardingen, kabels en leidingen. Tabel I.
Geraadpleegde bronnen Onderdeel
Bron
Historisch, huidig en toekomstig gebruik
Opdrachtgever NieuwBlauw (contactpersoon de heer S. Klein Obbink) d.d. september 2019 Eigenaar WoCom (contactpersoon de heer R. Gorts), d.d. september 2019
Bouw-/milieudossier, ondergrondse tanks, calamiteiten, eerder uitgevoerd bodemonderzoek
Gemeente Laarbeek (contactpersoon de heer E. Witlox en de heer J. van den Berg), d.d. 12 september 2019
Locatiegegevens van internet: - historisch topografisch kaartmateriaal - basisregistratie grootschalige topografie - kadastrale gegevens - hoogtekaart - luchtfoto's - Google streetview - provinciale bodeminformatie - bodemopbouw - geo(hydro)logie - kabels en leidingen
www.topotijdreis.nl www.pdok.nl www.kadaster.nl www.ahn.nl webservices.gbo-provincies.nl/lufo/services/wms maps.google.nl www.bodemloket.nl maps.bodemdata.nl www.dinoloket.nl www.kadaster.nl/klic-wion
Terreininspectie
Uitgevoerd door Econsultancy, d.d. 23 september 2019
Rapport 9369.001 versie D1
Pagina 2 van 20
3.2
Historisch en huidig gebruik onderzoekslocatie
Uit historisch kaartmateriaal uit de periode 1900-1950 blijkt, dat de onderzoekslocatie destijds braakliggend was, ten noorden van de onderzoekslocatie was destijds en weg gelegen. Omstreeks 1955 is de noordelijk gelegen weg verwijderd en is de huidige Baverdestraat gerealiseerd. Verder zijn destijds de woningen op de onderzoekslocatie gerealiseerd. Sindsdien is de onderzoekslocatie niet meer wezenlijk veranderd. Momenteel is de noordzijde van de onderzoekslocatie in bebouwd met woningen. Het overige deel van de onderzoekslocatie bestaat uit siertuinen. Verder zijn alle woningen voorzien van een voortuin en oprit, deze tuinen variëren van enkel kiezels als tuin tot tuinen met (sier)planten. Er heeft lozing van het afvalwater van de woonhuizen plaatsgevonden via een beerput en een stapelput. Het is niet bekend tot wanneer deze in gebruik zijn (geweest). De leidingen van de woonhuizen naar de put zijn eterniet houdend. Voor zover bij de opdrachtgever en de gemeente Laarbeek bekend, heeft er op de onderzoekslocatie nimmer opslag van oliehoudende producten in ondergrondse of bovengrondse tanks plaatsgevonden. Bij de gemeente Laarbeek zijn gegevens aanwezig waaruit blijkt of er asbesthoudende materialen zijn toegepast op of in de bebouwing. Het betreft de rioolbuizen, deze zijn volgens de bouwaanvraag eterniet houdend.
Uit de geraadpleegde bronnen blijkt geen aanwezigheid van ophogingen, dempingen of stortingen. In bijlage 2a is de huidige situatie op een locatieschets weergegeven. Bijlage 2b bevat enkele foto's van de onderzoekslocatie. 3.3
Toekomstige situatie
De initiatiefnemer is voornemens de huidige bebouwing met bijbehorende siertuinen te amoveren, waarna op de onderzoekslocatie nieuwe woningen met bijbehorende tuinen worden gerealiseerd. Verder zal er een weg worden gerealiseerd door de onderzoekslocatie. 3.4
Calamiteiten
Voor zover bij de opdrachtgever bekend hebben zich op de onderzoekslocatie in het verleden geen calamiteiten met een bodembedreigend karakter voorgedaan. Ook uit informatie van de gemeente Laarbeek blijkt niet, dat er zich in het verleden bodembedreigende calamiteiten hebben voorgedaan. 3.5
Uitgevoerd(e) bodemonderzoek(en) op de onderzoekslocatie
Op een deel van de onderzoekslocatie is in 2019 door Archimil een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd (rapport: 1414R336, d.d. 29 april 2019, zie bijlage 6), de aanleiding hiervoor was grondtransactie. Destijds zijn er 13 boringen verricht, waarvan 1 boring is afgewerkt als peilbuis. In de zintuiglijk met puin en baksteen verontreinigde bovengrond is destijds een lichte zinkverontreiniging aangetoond. In de zintuiglijk schone bovengrond zijn lichte verontreinigingen aan cadmium en PAK aangetoond. In de ondergrond zijn geen verontreinigingen geconstateerd. Het grondwater bleek licht verontreinigd te zijn met barium, nikkel, xylenen en naftaleen.
Rapport 9369.001 versie D1
Pagina 3 van 20
3.6
Aangrenzende terreindelen/percelen
In paragraaf 3.1 zijn de geraadpleegde informatiebronnen voor de omliggende terreindelen en aangrenzende percelen binnen 25 meter van de onderzoekslocatie opgenomen. Het bodemgebruik van de omliggende terreindelen is als volgt: Aan de noordzijde van de onderzoekslocatie bevindt zich een doorgaande weg (Baverdestraat). In de overige richtingen grenst de onderzoekslocatie aan siertuinen met bijbehorende woonhuizen. Op het perceel dat in noordelijke richting aan de onderzoekslocatie grenst (terrein Jumbo) is in 1995 een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. Destijds is het grondwater aangetroffen op 1,0 m -mv. Verder is in het grondwater destijds een licht verhoogde concentratie chroom aangetoond. De huidige eigenaar van de onderzoekslocatie is niets bekend omtrent potentieel bodembedreigende activiteiten op aangrenzende percelen. Er vinden geen industriële activiteiten in de directe omgeving van de onderzoekslocatie plaats. Uit de verzamelde informatie blijkt, dat er vanuit de omliggende percelen geen grensoverschrijdende verontreinigingen zijn te verwachten. 3.7
Terreininspectie
Voorafgaand aan het bodemonderzoek is er een terreininspectie uitgevoerd. Deze is gericht op de identificatie van bronnen, die mogelijk hebben geleid of kunnen leiden tot een grond- en/of grondwaterverontreiniging. De tijdens de terreininspectie aangetroffen situatie komt overeen met de locatiegegevens, zoals deze zijn opgenomen in paragraaf 3.2. Ter plaatse van de achtertuin behorend bij nr. 6 is aan de zuidzijde van de schuur een afkapping gelegen. Deze afkapping is voorzien van asbestverdachte golfplaten. Ter plaatse van de achtertuin behorend bij nr. 8 is aan de westzijde van de tuin een schuur gelegen. Deze schuur is voorzien van asbestverdachte golfplaten. Ter plaatse van huisnummers 20 en 34 heeft geen terreininspectie plaatsgevonden. Op het maaiveld zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen. 3.8
Informatie lokale of regionale achtergrondgehalten
De gemeente Laarbeek beschikt niet over een bodemkwaliteitskaart. In het grondwater kunnen verhoogde concentraties aan metalen voorkomen. Op 29 november 2019 heeft de Staatssecretaris de geactualiseerde versie van het tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie gepubliceerd waarin enkele nieuwe toepassingswaarden zijn opgenomen, waaronder voorlopige achtergrondwaarden. PFAS en PFOA zijn stoffen die van nature niet in het milieu voorkomen. Deze stoffen worden al heel lang gebruikt in industriële en andere processen. Ze worden toegepast in allerlei alledaagse toepassingen zoals verf, blusschuim, pannen, kleding en cosmetica. De stoffen zijn persistent, mobiel en nauwelijks biologisch afbreekbaar.
Rapport 9369.001 versie D1
Pagina 4 van 20
Met het nieuwe handelingskader is heel Nederland verdacht op het voorkomen van deze stoffen. Als bij het ontgraven of saneren sprake is van afvoer van de grond naar elders, is het voor de toepassing elders of de acceptatie bij een grondbank, verwerker of stortplaats noodzakelijk om onderzoek te doen naar PFAS. Voor het gebied waarin onderhavige onderzoekslocatie is gelegen, is géén asbestkansenkaart vastgesteld. 3.9
Bodemopbouw en geohydrologie
De onderzoekslocatie ligt volgens de bodemkaart van Nederland in een niet-gekarteerd gebied. De dichtstbijzijnde kaarteenheid betreft een hoge zwarte enkeerdgrond, die volgens de Stichting voor Bodemkartering voornamelijk is opgebouwd uit leemarm en zwak lemig fijn zand. De afzettingen, waarin deze bodem is ontstaan, behoren geologisch gezien tot de Formatie van Boxtel. De gemiddelde stand van het freatisch grondwater bedraagt ± 14,0 m +NAP, waardoor het grondwater zich op ± 1,0 m -mv zou bevinden. Het water van het eerste watervoerend pakket stroomt volgens de isohypsenkaart van de Dienst Grondwaterverkenning van TNO in noordelijke richting. De onderzoekslocatie is gelegen nabij diverse grondwateronttrekkingen, een van Brabant Water, een van Bavaria NV. De onttrekkingen van deze pompstations heeft geen invloed op de grondwaterstroming van het freatisch grondwater. De onderzoekslocatie ligt wel in een grondwaterbeschermings- en/of grondwaterwingebied.
4
CONCLUSIES MILIEUHYGIËNISCH VOORONDERZOEK BODEM (ONDERZOEKSOPZET)
Ten behoeve van het bodemonderzoek is, op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem, een aantal deellocaties geïdentificeerd. In tabel II zijn de onderzoeksstrategieën, die van toepassing zijn op de betreffende deellocaties, weergegeven. Tabel II.
Onderzoeksstrategie Deellocatie
Oppervlakte
A
gehele onderzoekslocatie
9.450 m
2
B
PFAS onderzoek
C
Verwachte stoffen
Onderzoeksstrategie
-
ONV-NL (NEN 5740)
9.450 m2
PFAS
ONV-NL (NEN 5740)
puin boring 103
< 10 m2
asbest
VEP (NEN 5707)
D
voortuinen
55 m2
asbest
VED-HE-NL (NEN 5707)
E
baksteen boring 108
< 10 m2
asbest
VEP (NEN 5707)
F
baksteen boring 23
< 10 m2
asbest
VEP (NEN 5707)
Onderzoeksstrategieën volgens NEN 5740 / NEN 5707: ONV-NL : Onverdacht, niet lijnvormig VEP : Verdacht, plaatselijke bodembelasting, uitgezonderd ondergrondse opslagtanks VED-HE-NL: Verdacht, diffuse bodembelasting, heterogene verontreiniging, niet lijnvormig
Rapport 9369.001 versie D1
Pagina 5 van 20
Het PFAS onderzoek is later uitgevoerd, hierdoor zijn we tot een hogere boordichtheid gekomen en zijn er meer analyses uitgevoerd. Op basis van het “Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecies” blijkt, dat vooralsnog heel Nederland (voornamelijk de bovengrond) als “verdacht” gebied wordt gekenmerkt met betrekking tot de parametergroep PFAS. Verwacht wordt, dat er verspreid over de onderzoekslocatie gelijke gehalten van dit PFAS voorkomen. PFAS komt diffuus in Nederland voor. Dit betekent echter niet dat alle locaties per definitie verdacht zijn op PFAS bóven de toetsnorm. Uit het vooronderzoek concludeert Econsultancy dat atmosferische depositie de enige (beperkte) bron van PFAS-verontreiniging op het de locatie kan zijn. Van atmosferische depositie is bekend dat dit tot beperkt verhoogde PFAS-gehaltes in bodem en water kan leiden.
5
VELDWERK
5.1
Algemeen
Tijdens het opstellen van het boorplan is rekening gehouden met de doelstellingen en de richtlijnen, die geformuleerd zijn in de inleiding. Daarnaast is rekening gehouden met de gegevens voortvloeiend uit het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem en de ligging van kabels en leidingen. Bijlage 2a bevat de locatieschets met daarop aangegeven de situering van de boorpunten/gaten en de peilbuizen. In bijlage 3a zijn de bodemprofielen van de asbestinspectiegaten en de boringen opgenomen. In verband met de beperkte toegang van de onderzoekslocatie is het veldwerk op 4 data uitgevoerd. De boringen van de eerste datum zijn weergegeven met een cijfer. De boringen van de 2e datum zijn voorzien van een “B” voor het cijfer. Het asbestonderzoek heeft de laatste twee dagen plaatsgevonden. Het veldwerk ten behoeve van het verkennend bodemonderzoek is op 23 september 2019 en 30 september 2019 uitgevoerd respectievelijk onder kwaliteitsverantwoordelijkheid van de heer L. Simons en de heer N.W.M. Snippe. Deze medewerkers van Econsultancy staan geregistreerd als ervaren veldwerkers voor het protocol 2001 van de BRL SIKB 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek". In het totaal zijn er destijds met behulp van een edelman- en zuigerboor 44 boringen geplaatst; 29 boringen tot 0,5 m -mv, 1 boring tot 1,0 m -mv, 11 boringen tot 2,0 m -mv en 3 boringen tot maximaal 5,5 m -mv.
Deze diepe boringen zijn afgewerkt als peilbuis, teneinde de milieuhygiënische kwaliteit van het grondwater te kunnen bepalen. Van het opgeboorde materiaal is een boorbeschrijving conform de NEN 5104 gemaakt en zijn er grondmonsters genomen over trajecten van ten hoogste 0,5 m, waarbij bodemlagen met verontreinigingskenmerken of een afwijkende textuur separaat bemonsterd zijn.
Rapport 9369.001 versie D1
Pagina 6 van 20
Het veldwerk ten behoeve van het verkennend onderzoek asbest in bodem is op 27 januari 2020 en 28 januari 2020 uitgevoerd onder kwaliteitsverantwoordelijkheid van de heer T.N.A. Willems. Deze medewerker van Econsultancy staat geregistreerd als ervaren veldwerker voor het protocol 2018 van de SIKB BRL 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek". De gaten zijn geplaatst met behulp van een schep. Van het opgegraven materiaal is een boorbeschrijving conform de NEN 5104 gemaakt en zijn er grondmonsters genomen over trajecten van ten hoogste 0,5 m, waarbij bodemlagen met verontreinigingskenmerken of een afwijkende textuur separaat bemonsterd zijn. Ten behoeve van het verkennend onderzoek asbest is het opgegraven materiaal gezeefd over een 20 mm zeef en zintuiglijk beoordeeld. 5.2
Grondonderzoek
Aan de hand van de geldende onderzoeksstrategieën zijn de werkzaamheden uitgevoerd zoals die in tabel IV zijn vermeld. Tabel IV.
Uitgevoerde werkzaamheden
Deellocatie
Veldwerk Boringen/gaten/peilbuizen
Analyses Verharding
Grond
Grondwater
A
Gehele onderzoekslocatie
15 (0,5 m -mv) 1 (1,0 m -mv) 4 (2,0 m -mv) 3 (peilbuis)
klinkers/tegels/onverhard (*A)
standaardpakket (12x) (*B)
standaardpakket (3x)
B
PFAS onderzoek
14 (0,5 m -mv) 6 (2,0 m -mv)
klinkers/tegels/onverhard (*A)
PFAS (handelingskader) (5x) (*C)
-
C
puin boring 103
2 (gaten) (*D) **
tegels (*A)
asbest (kwantitatief) (1x)
-
D
voortuinen
3 (gaten) (*D)
onverhard
asbest (kwantitatief) (1x)
-
E
baksteen boring 108
2 (gaten) (*D)
onverhard
asbest (kwantitatief) (1x)
-
F
baksteen 23
2 (gaten) (*D)
split (*A)
asbest (kwantitatief) (1x)
-
(*A)
Door deze verharding is geboord
(*B)
Inclusief organische stof en lutum (1x)
(*C)
Inclusief organische stof (1x)
(*D) (*E)
De gaten hebben een afmeting van 0,3 x 0,3 x 0,5 m. De boringen ten behoeve van het PFAS onderzoek zijn gebruikt bij het samenstellen van mengmonsters ten behoeve van het verkennend onderzoek Een van de gaten heeft een afmeting van 0,3 x 0,4 x 0,5 m
**
5.3
Algemene bodemopbouw en visuele inspectie opgegraven materiaal
De bodem bestaat voornamelijk uit sterk tot matig siltig, matig fijn tot zeer fijn zand. De bovengrond is bovendien zwak humeus. De ondergrond bestaat uit zwak zandig klei en is plaatselijk zwak gleyhoudend. De bovengrond is plaatselijk zwak tot matig kolengruishoudend. Verder is de bovengrond zwak tot matig baksteenhoudend. Een van de boringen bleek zwak leisteenhoudend. Tijdens de veldwerkzaamheden zijn op het maaiveld van de onderzoekslocatie, alsmede in de bodem, geen puin(resten) of andere asbestverdachte materialen aangetroffen.
Rapport 9369.001 versie D1
Pagina 7 van 20
In het veld zijn van de bovengrond (0,0-0,5 m -mv) 4 mengmonsters samengesteld ten behoeve van analytisch onderzoek. Tabel V geeft een overzicht van de zintuiglijk waargenomen verontreinigingen, die in het opgegraven en opgeboorde materiaal zijn aangetroffen. Tabel V.
Zintuiglijk waargenomen verontreinigingen
Gat/boring
Einddiepte (m -mv)
Traject (m -mv)
Waargenomen verontreinigingen
Deellocatie A: gehele onderzoekslocatie 3
5,55
0,00 - 1,00
zwak kolengruishoudend
7
2,00
0,00 - 1,00
zwak baksteenhoudend, matig kolengruishoudend
11
0,50
0,00 - 0,50
zwak leisteenhoudend
23
1,00
0,00 - 0,50
matig baksteenhoudend, zwak kolengruishoudend
Deellocatie C: puin boring 103 C01
0,50
0,04 - 0,50
zwak betonhoudend, zwak baksteenhoudend, zwak aardewerkhoudend
C02
0,50
0,04 - 0,50
zwak betonhoudend, zwak baksteenhoudend
D01
0,50
0,00 - 0,50
zwak baksteenhoudend, zwak betonhoudend
D02
0,50
0,00 - 0,50
zwak baksteenhoudend, zwak betonhoudend, zwak plastichoudend
D03
0,50
0,00 - 0,50
zwak baksteenhoudend, zwak betonhoudend, zwak glashoudend
Deellocatie D: voortuinen
Deellocatie E: baksteen boring 108 E01
0,50
0,00 - 0,50
zwak baksteenhoudend, zwak betonhoudend
E02
0,50
0,00 - 0,50
zwak baksteenhoudend, zwak aardewerkhoudend
Deellocatie F: baksteen boring 23 F01
0,50
0,02 - 0,50
zwak baksteenhoudend, zwak betonhoudend, zwak glashoudend, zwak slakhoudend
F02
0,50
0,02 - 0,50
zwak betonhoudend, zwak slakhoudend, matig baksteenhoudend
Tabel VI geeft een overzicht van de in het veld samengestelde (meng)monsters. Tabel VI.
Overzicht van de samenstelling van de (meng)monsters
(Meng)monster
Monsters (in m -mv)
Bijzonderheden
Deellocatie C: puin boring 103 ASB-MMC1
C01 (0,00-0,50) C02 (0,00-0,50)
verdachte laag (zwak betonhoudend, zwak baksteenhoudend, zwak aardewerkhoudend)
Deellocatie D: voortuinen ASB-MMD1
D01 (0,00-0,50) D02 (0,00-0,50) D03 (0,00-0,50)
verdachte laag zwak baksteenhoudend, zwak betonhoudend, zwak glashoudend, zwak plastichoudend)
Deellocatie E: baksteen boring 108 ASB-MME1
E01 (0,00-0,50) E02 (0,00-0,50)
verdachte laag (zwak baksteenhoudend, zwak aardewerkhoudend, zwak betonhoudend)
Deellocatie F: baksteen boring 23 ASB-MMF01
F01 (0,00-0,50) F02 (0,00-0,50)
Rapport 9369.001 versie D1
verdachte laag (zwak tot matige baksteenhoudend, zwak betonhoudend, zwak glashoudend, zwak slakhoudend)
Pagina 8 van 20
5.4
Visuele inspectie toplaag/maaiveld op asbest
Er zijn op het maaiveld geen asbestverdachte materialen aangetroffen. In tabel III zijn enkele algemene gegevens met betrekking tot de visuele inspectie van de toplaag opgenomen. Tabel III.
Visuele inspectie toplaag Aandachtsgebied
Opmerking
Oppervlakte van geïnspecteerde locatie
100 m²
Conditie toplaag
Droog
Beperkingen van de inspectie
ter plaatse van deellocatie E veel blad
Weersomstandigheden
Neerslag < 10 mm/dag Zicht > 50 m
Zand, klei/leem en/of veen
Zand
Los of (deels) vastgereden
Los
Geen/matige vegetatie
<25% deellocatie E >25 %
Geschatte inspectie-efficiëncy (tabel 2 NEN 5707)
90-100 % deellocatie E 20%
Asbestverdacht materiaal op maaiveld aangetroffen?
Nee
5.5
Grondwateronderzoek
5.5.1
Uitvoering veldwerk
Stroomafwaarts, stroomopwaarts en centraal op de onderzoekslocatie zijn 3 peilbuizen (filterstelling 4,4-5,4, 4,5-5,5 en 4,5-5,5 m -mv) geplaatst. De filterstelling is bepaald op basis van de grondwaterstand, zoals deze tijdens de veldwerkzaamheden op 23 september 2019 is ingeschat. 5.5.2
Grondwaterbemonstering
De grondwaterbemonstering is op 30 september 2019 uitgevoerd door de heer N.W.M. Snippe. Deze medewerker van Econsultancy staat geregistreerd als ervaren veldwerker voor het protocol 2002 van de BRL SIKB 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek". De bemonstering is uitgevoerd conform de eisen uit het protocol 2002 van de BRL SIKB 2000 en de NEN 5744:2011. Tabel VII geeft een overzicht van de peilbuisgegevens en de resultaten van de veldmetingen. Tabel VII. Peilbuisnummer
Overzicht gegevens peilbuizen en veldmetingen grondwater Situering peilbuis
Filterstelling (m -mv)
Grondwaterstand (m -mv)
Elektrisch Geleidingsvermogen (µS/cm)
Troebelheid (NTU)
Zuurgraad (pH)
Deellocatie A: gehele onderzoekslocatie 01
stroomafwaarts
4,4-5,4
2,50
695
60,6
6,48
02
centraal op deellocatie
4,5-5,5
2,35
380
131
6,62
03
stroomopwaarts
4,5-5,5
2,61
303
54,4
7,18
Rapport 9369.001 versie D1
Pagina 9 van 20
6
LABORATORIUMONDERZOEK
6.1
Uitvoering analyses
Verkennend bodemonderzoek NEN 5740 Alle grond- en grondwatermonsters zijn aangeboden aan een laboratorium dat is erkend door de Raad voor Accreditatie en AS3000-geaccrediteerd is voor milieuhygiënisch bodemonderzoek. In het laboratorium zijn in totaal 17 grondmengmonsters samengesteld (10 grondmengmonsters van de bovengrond en 7 grondmengmonsters van de ondergrond). De zintuiglijk meest verontreinigde grondmonsters zijn gebruikt bij de samenstelling van de grondmengmonsters. De 17 grondmengmonsters en de 3 grondwatermonsters zijn geanalyseerd op de volgende pakketten: -
standaardpakket grond: droge stof, lutum, organische stof, metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), polychloorbifenylen (PCB), polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK) en minerale olie;
-
PFAS (28) handelingskader grond: droge stof, organische stof, perfluoroctaansulfonaat lineair (PFOS), perfluoroctaansulfonaat vertakt (PFOS), perfluoroctaanzuur lineair (PFOA), perfluoroctaanzuur vertakt (PFOA) en overige PFAS;
-
standaardpakket grondwater: metalen (barium, cadmium, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink), vluchtige aromaten (BTEX), styreen, naftaleen, gehalogeneerde koolwaterstoffen (VOX) en minerale olie.
Tabel VIII geeft een overzicht van de samenstelling van de grond(meng)monsters en de analysepakketten. Tabel VIII.
Overzicht van de samenstelling van de grond(meng)monsters en de analysepakketten
Grondmengmonster
Traject (m -mv)
Analysepakket
Bijzonderheden
MM1
23 (0,00 - 0,50) + 3 (0,00 - 0,50) + 7 (0,00 - 0,50)
standaardpakket
verdachte laag (zand) (zwak tot matig baksteenhoudend, zwak tot matig kolengruishoudend)
MM2
17 (0,00 - 0,50) + 21 (0,00 - 0,50) + 22 (0,00 - 0,50) + 4 (0,00 - 0,50) + 8 (0,00 - 0,50)
standaardpakket
bovengrond (zand)
MM3
11 (0,00 - 0,50) + 13 (0,00 - 0,50) + 14 (0,00 - 0,50) + 15 (0,00 - 0,50) + 24 (0,00 - 0,50)
standaardpakket
(zand) (zwak leisteenhoudend)
MM4
10 (0,00 - 0,50) + 12 (0,00 - 0,50) + 16 (0,00 - 0,50) + 19 (0,00 - 0,50) + 6 (0,00 - 0,50)
standaardpakket
bovengrond (zand) (zintuiglijk schoon)
MM5
3 (1,40 - 1,70) + 4 (1,50 - 1,70) + 6 (1,80 - 2,00) + 7 (1,70 - 2,00)
standaardpakket
ondergrond (klei) (zintuiglijk schoon)
MM6
3 (1,00 - 1,40) + 6 (1,00 - 1,50) + 6 (1,50 - 1,80) + 8 (0,50 - 1,00) + 8 (1,50 - 2,00)
standaardpakket
ondergrond (zand) (zintuiglijk schoon)
MM7
1 (1,00 - 1,50) + 1 (1,50 - 2,00) + 2 (0,50 - 1,00) + 5 (1,50 - 2,00) + 7 (1,00 - 1,50) + 7 (1,50 - 1,70)
standaardpakket
ondergrond (zand) (zintuiglijk schoon)
Rapport 9369.001 versie D1
(zintuiglijk schoon)
Pagina 10 van 20
Grondmengmonster
Traject (m -mv)
Analysepakket
Bijzonderheden
MM8
B04 (0,00 - 0,50) + B05 (0,00 - 0,50) + B07 (0,00 - 0,50) + B08 (0,00 - 0,50) + B09 (0,00 - 0,50) + B18 (0,00 - 0,50) + B19 (0,00 - 0,50)
standaardpakket
bovengrond (zand) (zintuiglijk schoon)
MM9
B02 (0,00 - 0,50) + B03 (0,00 - 0,50) + B10 (0,00 - 0,50) + B11 (0,00 - 0,50) + B12 (0,00 - 0,50) + B13 (0,00 - 0,50)
standaardpakket
bovengrond (zand) (zintuiglijk schoon)
MM10
B01 (0,00 - 0,50) + B14 (0,00 - 0,50) + B15 (0,00 - 0,50) + B16 (0,00 - 0,50) + B17 (0,00 - 0,50) + B20 (0,00 - 0,50)
standaardpakket
bovengrond (zand) (zintuiglijk schoon)
MM11
B01 (0,50 - 1,00) + B02 (0,50 - 1,00) + B03 (0,50 - 1,00) + B03 (1,00 - 1,50) + B04 (0,50 - 1,00) + B04 (1,50 - 2,00) + B05 (0,50 - 1,00) + B06 (0,50 - 1,00)
standaardpakket
ondergrond (zand) (zintuiglijk schoon)
MM12
B02 (1,50 - 1,80) + B03 (1,80 - 2,00) + B04 (1,30 - 1,50) + B05 (1,50 - 1,70) + B06 (1,40 - 1,70)
standaardpakket
ondergrond (klei) (zintuiglijk schoon)
PFASMM1
B04 (0,00 - 0,50) + B05 (0,00 - 0,50) + B06 (0,00 - 0,50) + B07 (0,00 - 0,50) + B08 (0,00 - 0,50) + B09 (0,00 - 0,50) + B18 (0,00 - 0,50) + B19 (0,00 - 0,50)
PFAS (28) handelingskader
bovengrond (zand) (zintuiglijk schoon)
PFASMM2
B02 (0,00 - 0,50) + B03 (0,00 - 0,50) + B10 (0,00 - 0,50) + B11 (0,00 - 0,50) + B12 (0,00 - 0,50) + B13 (0,00 - 0,50)
PFAS (28) handelingskader
bovengrond (zand) (zintuiglijk schoon)
PFASMM3
B01 (0,00 - 0,50) + B14 (0,00 - 0,50) + B15 (0,00 - 0,50) + B16 (0,00 - 0,50) + B17 (0,00 - 0,50) + B20 (0,00 - 0,50)
PFAS (28) handelingskader
bovengrond (zand) (zintuiglijk schoon)
PFASMM4
B01 (0,50 - 1,00) + B02 (0,50 - 1,00) + B03 (0,50 - 1,00)
PFAS (28) handelingskader
(zand) (zintuiglijk schoon)
PFASMM5
B01 (0,00 - 0,50) + B02 (0,00 - 0,50) + B03 (0,00 - 0,50)
PFAS (28) handelingskader
bovengrond (zand) (zintuiglijk schoon)
Verkennend onderzoek asbest in bodem NEN 5707 Het aangetroffen asbestverdacht materiaal (fractie < 20 mm) is aangeboden aan een laboratorium dat is erkend door de Raad voor Accreditatie. In het laboratorium is het aangeboden asbestverdacht materiaal geanalyseerd op de volgende componenten: -
asbestverdacht materiaal (fractie < 20 mm; kwalitatief): serpentijn asbest (chrysotiel), amfibool asbest (amosiet, crocidoliet, anthophylliet, tremoliet en actinoliet).
Rapport 9369.001 versie D1
Pagina 11 van 20
Tabel IX geeft een overzicht van de samenstelling de (meng)monsters en het analysepakket. Tabel IX.
Overzicht van de samenstelling van de (meng)monsters en het analysepakket
(Meng)monster
Monsters (in m -mv)
Analysepakket
Bijzonderheden
Deellocatie C: puin boring 103 ASB-MMC1
C01 (0,00-0,50) C02 (0,00-0,50)
asbest in bodem
verdachte laag (zwak betonhoudend, zwak baksteenhoudend, zwak aardewerkhoudend)
asbest in bodem
verdachte laag (zwak baksteenhoudend, zwak betonhoudend, zwak glashoudend, zwak plastichoudend)
asbest in bodem
verdachte laag (zwak baksteenhoudend, zwak aardewerkhoudend, zwak betonhoudend)
asbest in bodem
verdachte laag (zwak tot matige baksteenhoudend, zwak betonhoudend, zwak glashoudend, zwak slakhoudend)
Deellocatie D: voortuinen ASB-MMD1
D01 (0,00-0,50) D02 (0,00-0,50) D03 (0,00-0,50)
Deellocatie E: baksteen boring 108 ASB-MME1
E01 (0,00-0,50) E02 (0,00-0,50)
Deellocatie F: baksteen boring 23 ASB-MMF01
6.2
F01 (0,00-0,50) F02 (0,00-0,50)
Toetsingskader
Verkennend bodemonderzoek NEN 5740 De analyseresultaten zijn getoetst aan het toetsingskader uit de Circulaire bodemsanering en aan de achtergrondwaarden voor grond uit de Regeling bodemkwaliteit (bijlage B, tabel 1). Het toetsingskader voor de beoordeling van de gehalten en/of concentraties van verontreinigingen is gegeven in de toetsingstabel en bevat voor grond en grondwater elk drie te onderscheiden waarden met de verschillende niveaus: -
achtergrondwaarde: deze waarde ("AW") geeft de gehalten aan zoals die op dit moment voorkomen in de bodem van natuur- en landbouwgronden, waarvoor geldt dat er geen sprake is van belasting door lokale verontreinigingsbronnen;
-
streefwaarde: deze waarde ("S") geeft het milieukwaliteitsniveau aan voor grondwater, waarbij als nadelig te waarderen effecten verwaarloosbaar worden geacht;
-
tussenwaarde: deze waarde ("T") is de helft van de som van de achtergrondwaarde (of in het geval van grondwater de streefwaarde) en de interventiewaarde. De tussenwaarde is de concentratiegrens waarboven in beginsel nader onderzoek moet worden uitgevoerd, omdat het vermoeden van ernstige bodemverontreiniging bestaat;
-
interventiewaarde: deze waarde ("I") geeft het niveau voor verontreinigingen in grond en grondwater aan waarboven ernstige vermindering of dreigende vermindering optreedt van de functionele eigenschappen, die de bodem heeft voor mens, plant of dier. Bij gehalten en/of concentraties boven de in-
Rapport 9369.001 versie D1
Pagina 12 van 20
terventiewaarde is er sprake van een sterke verontreiniging. Bij overschrijding van de interventiewaarde wordt vaak een nader onderzoek uitgevoerd om de ernst van de verontreiniging en de saneringsurgentie te bepalen. Wanneer het boven de tussenwaarde of interventiewaarde gelegen gehalte een natuurlijke oorsprong heeft, is uitvoering van vervolgonderzoek meestal niet noodzakelijk. In bijlage 5 is de toetsingstabel opgenomen uit de eerder genoemde circulaires. Deze bijlage bevat de achtergrondwaarden en de interventiewaarden voor een standaardbodem (10% organische stof en 25% lutum). De gemeten gehalten zijn door middel van een BoToVa-toetsing, met behulp van de door het laboratorium bepaalde waarden voor het organische stof- en lutumgehalte, omgerekend naar gehalten in een standaardbodem en vervolgens getoetst. De gebruikte analysetechnieken zijn weergegeven op de certificaten in bijlage 4aaaa. Om de mate van verontreiniging aan te geven wordt de volgende terminologie gebruikt: Grond: - niet verontreinigd: - licht verontreinigd: - matig verontreinigd: - sterk verontreinigd:
gehalte < achtergrondwaarde en/of detectielimiet; gehalte > achtergrondwaarde en < tussenwaarde; gehalte > tussenwaarde < interventiewaarde; gehalte > interventiewaarde.
Grondwater: - niet verontreinigd: - licht verontreinigd: - matig verontreinigd: - sterk verontreinigd:
concentratie < streefwaarde en/of detectielimiet; concentratie > streefwaarde en < tussenwaarde; concentratie > tussenwaarde < interventiewaarde; concentratie > interventiewaarde.
De analyseresultaten voor wat betreft PFAS in grond zijn getoetst aan de voorlopige toepassingsnormen voor het toepassen van grond en baggerspecie op de landbodem boven grondwaterniveau, zoals opgenomen in het “Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecies” (d.d. 29 november 2019). Tabel X.
Toepassingsnormen voor het toepassen van grond en baggerspecie op de landbodem boven grondwaterniveau (µg/kg d.s.)
Bodemfunctieklasse
PFOS
PFOA
GenX
Overige PFAS
Landbouw/natuur
0,9
0,8
0,8
0,8
Wonen
3,0
7,0
3,0
3,0
Industrie
3,0
7,0
3,0
3,0
Verkennend bodemonderzoek asbest in bodem NEN 5707 De analyseresultaten met betrekking tot de bodem zijn getoetst aan het toetsingskader uit de Circulaire bodemsanering. Het toetsingskader voor de beoordeling met betrekking tot asbest is als volgt omschreven. De interventiewaarde voor asbest is gelijk aan de maximale hergebruikswaarde uit de Regeling bodemkwaliteit, welke de hergebruiksmogelijkheden van grond bepaalt en is vastgesteld op 100 mg/kg d.s. Indien sprake is van een overschrijding van de hergebruikswaarde voor asbest in bodem (“interventiewaarde”) is tevens sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging zoals bedoeld in de Wet bodembescherming, onafhankelijk van het bodemvolume waarin deze asbestgehalten zijn aangetoond.
Rapport 9369.001 versie D1
Pagina 13 van 20
Indien het asbestgehalte kleiner is dan de helft van de hergebruikswaarde (50 mg/kg d.s.) is het statistisch aannemelijk dat ook in een nader onderzoekstraject de hergebruikswaarde niet zal worden overschreden. In deze gevallen geldt er geen noodzaak tot het uitvoeren van een nader onderzoek asbest. Bij een asbestgehalte groter dan de helft van de hergebruikswaarde is een nader onderzoek asbest verplicht. De hoogste bepaalde waarde binnen een (deel)locatie is hiervoor bepalend. 6.3
Resultaten grond- en grondwatermonsters verkennend bodemonderzoek
Tabel XI geeft een overzicht van de parameters in de grond die de geldende toetsingskaders overschrijden. Tabel XI.
Overschrijdingen toetsingskaders grond
Grondmengmonster
Traject (m -mv)
Gehalte > AW
Gehalte > T
Gehalte > I
(licht verontreinigd)
(matig verontreinigd)
(sterk verontreinigd)
MM1
23 (0,00 - 0,50) + 3 (0,00 - 0,50) + 7 (0,00 - 0,50)
PAK
-
-
MM2
17 (0,00 - 0,50) + 21 (0,00 - 0,50) + 22 (0,00 - 0,50) + 4 (0,00 - 0,50) + 8 (0,00 - 0,50)
barium lood zink PCB
-
-
MM3
11 (0,00 - 0,50) + 13 (0,00 - 0,50) + 14 (0,00 - 0,50) + 15 (0,00 - 0,50) + 24 (0,00 - 0,50)
cadmium lood zink minerale olie PCB PAK
-
-
MM4
10 (0,00 - 0,50) + 12 (0,00 - 0,50) + 16 (0,00 - 0,50) + 19 (0,00 - 0,50) + 6 (0,00 - 0,50)
zink PCB
-
-
MM5
3 (1,40 - 1,70) + 4 (1,50 - 1,70) + 6 (1,80 - 2,00) + 7 (1,70 - 2,00)
-
-
-
MM6
3 (1,00 - 1,40) + 6 (1,00 - 1,50) + 6 (1,50 - 1,80) + 8 (0,50 - 1,00) + 8 (1,50 - 2,00)
-
-
-
MM7
1 (1,00 - 1,50) + 1 (1,50 - 2,00) + 2 (0,50 - 1,00) + 5 (1,50 - 2,00) + 7 (1,00 - 1,50) + 7 (1,50 - 1,70)
-
-
-
MM8
B04 (0,00 - 0,50) + B05 (0,00 - 0,50) + B07 (0,00 - 0,50) + B08 (0,00 - 0,50) + B09 (0,00 - 0,50) + B18 (0,00 - 0,50) + B19 (0,00 - 0,50)
cadmium lood zink
-
-
MM9
B02 (0,00 - 0,50) + B03 (0,00 - 0,50) + B10 (0,00 - 0,50) + B11 (0,00 - 0,50) + B12 (0,00 - 0,50) + B13 (0,00 - 0,50)
cadmium lood zink PCB PAK
-
-
MM10
B01 (0,00 - 0,50) + B14 (0,00 - 0,50) + B15 (0,00 - 0,50) + B16 (0,00 - 0,50) + B17 (0,00 - 0,50) + B20 (0,00 - 0,50)
cadmium lood zink PCB PAK
-
-
MM11
B01 (0,50 - 1,00) + B02 (0,50 - 1,00) + B03 (0,50 - 1,00) + B03 (1,00 - 1,50) + B04 (0,50 - 1,00) + B04 (1,50 - 2,00) + B05 (0,50 - 1,00) + B06 (0,50 - 1,00)
-
-
-
MM12
B02 (1,50 - 1,80) + B03 (1,80 - 2,00) + B04 (1,30 - 1,50) + B05 (1,50 - 1,70) + B06 (1,40 - 1,70)
-
-
-
Rapport 9369.001 versie D1
Pagina 14 van 20
Tabel XII geeft een overzicht van de parameter PFAS in de grond die de actuele toepassingsnormen overschrijden. Tabel XII.
Overschrijdingen toepassingsnormen PFAS in grond
Grond(meng)monster
Traject (m -mv)
Gehalte < Toepassingsnorm Functieklasse Landbouw/natuur
Gehalte > Toepassingsnorm Functieklasse Landbouw/natuur
Gehalte > Toepassingsnorm Functieklasse Wonen/Industrie
PFASMM1
B04 (0,00 - 0,50) + B05 (0,00 - 0,50) + B06 (0,00 - 0,50) + B07 (0,00 - 0,50) + B08 (0,00 - 0,50) + B09 (0,00 - 0,50) + B18 (0,00 - 0,50) + B19 (0,00 - 0,50)
-
PFOS (lineair) som PFOS
-
PFASMM2
B02 (0,00 - 0,50) + B03 (0,00 - 0,50) + B10 (0,00 - 0,50) + B11 (0,00 - 0,50) + B12 (0,00 - 0,50) + B13 (0,00 - 0,50)
-
PFOA (lineair som PFOA som PFOS
-
PFASMM3
B01 (0,00 - 0,50) + B14 (0,00 - 0,50) + B15 (0,00 - 0,50) + B16 (0,00 - 0,50) + B17 (0,00 - 0,50) + B20 (0,00 - 0,50)
voldoet
-
-
PFASMM4
B01 (0,50 - 1,00) + B02 (0,50 - 1,00) + B03 (0,50 - 1,00)
voldoet
-
-
PFASMM5
B01 (0,00 - 0,50) + B02 (0,00 - 0,50) + B03 (0,00 - 0,50)
-
PFOA (lineair) PFOS (lineair) som PFOA som PFOS
-
Tabel XIII geeft een overzicht van de parameters in het grondwater die het geldende toetsingskader overschrijden. Tabel XIII.
Overschrijdingen toetsingskader grondwater
Grondwatermonster
Situering peilbuis
Concentratie > S
Concentratie > T
Concentratie > I
(licht verontreinigd)
(matig verontreinigd)
(sterk verontreinigd)
Deellocatie A: **** 01
stroomafwaarts
barium xylenen
minerale olie
-
02
centraal op de onderzoekslocatie
-
-
-
03
stroomopwaarts
minerale olie xylenen
-
-
Bijlage 4a bevat de door het laboratorium aangeleverde analysecertificaten. Bijlage 4b bevat de getoetste analyseresultaten aan de Circulaire bodemsanering.
Rapport 9369.001 versie D1
Pagina 15 van 20
6.4
Resultaten verkennend onderzoek asbest
Tabel XIV geeft een overzicht van de analytisch vastgestelde asbestgehalten (fractie < 20 mm). Tabel XIV.
Vastgestelde asbestgehalten fijne fractie (< 20 mm)
(Meng)monster
Traject (m -mv)
Asbestgehalte (< 20 mm)
ASB-MMC1
C01 (0,00-0,50) C02 (0,00-0,50)
< 0,3 mg/kg d.s.
ASB-MMD1
D01 (0,00-0,50) D02 (0,00-0,50) D03 (0,00-0,50)
< 0,5 mg/kg d.s.
ASB-MME1
E01 (0,00-0,50) E02 (0,00-0,50)
< 0,3 mg/kg d.s.
ASB-MMF1
F01 (0,00-0,50) F02 (0,00-0,50)
< 0,4 mg/kg d.s.
Bijlage 4a bevat de door het laboratorium aangeleverde analysecertificaten.
Rapport 9369.001 versie D1
Pagina 16 van 20
7
SAMENVATTING, CONCLUSIES EN ADVIES
Econsultancy heeft in opdracht van NieuwBlauw een verkennend bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in bodem uitgevoerd aan de Baverdestraat te Lieshout. Het bodemonderzoek is uitgevoerd in het kader van sloop en nieuwbouw op de onderzoekslocatie. De bodem bestaat voornamelijk uit sterk tot matig siltig, matig fijn tot zeer fijn zand. De bovengrond is bovendien zwak humeus. De ondergrond bestaat uit zwak zandig klei en is plaatselijk zwak gleyhoudend. De bovengrond is plaatselijk zwak tot matig kolengruishoudend. Verder is de bovengrond zwak tot matig baksteenhoudend. Een van de boringen bleek zwak leisteenhoudend. Op basis van het “Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecies” blijkt, dat vooralsnog heel Nederland (voornamelijk de bovengrond) als “verdacht” gebied wordt gekenmerkt met betrekking tot de parametergroep PFAS. Verwacht wordt, dat er verspreid over de onderzoekslocatie gelijke gehalten van dit PFAS voorkomen. PFAS komt diffuus in Nederland voor. Dit betekent echter niet dat alle locaties per definitie verdacht zijn op PFAS bóven de toetsnorm. Uit het vooronderzoek concludeert Econsultancy dat atmosferische depositie de enige (beperkte) bron van PFAS-verontreiniging op het de locatie kan zijn. Van atmosferische depositie is bekend dat dit tot beperkt verhoogde PFAS-gehaltes in bodem en water kan leiden.
Verkennend bodemonderzoek NEN 5740 Op de onderzoekslocatie zijn de volgende deellocaties onderzocht: Deellocatie A: gehele onderzoekslocatie Op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is geconcludeerd dat deze deellocatie onderzocht dient te worden volgens de strategie "onverdacht, niet lijnvormig" (ONV-NL). Bij onverdachte locaties luidt de onderzoekshypothese dat de bodem niet verontreinigd is. Zintuiglijk is de bovengrond plaatselijk zwak leisteenhoudend, zwak baksteenhoudend en zwak kolengruishoudend. De bovengrond is licht verontreinigd met barium, zink, lood, cadmium, minerale olie, PCB en PAK. Het grondwater ter plaatse blijkt licht verontreinigd met xylenen, barium en minerale olie. Ter plaatse van peilbuis 01 is een matige minerale olieverontreiniging aangetoond. Tijdens het vooronderzoek zijn geen bronnen gevonden die aanleiding geven tot het verwachten van een matige verontreiniging met minerale olie. Verder zijn tijdens de veldwerkzaamheden geen aanleidingen om een minerale olieverontreiniging in het grondwater te verwachten. Econsultancy verwacht dat de matige minerale olieverontreiniging mogelijk veroorzaakt is door een kleine incidentele spil. Econsultancy adviseert om eerst een heranalyse uit te voeren van deze peilbuis.
Indien er wederom een matige olieverontreiniging wordt aangetroffen, adviseert Econsultancy een beperkt nader onderzoek uit te voeren. De vooraf gestelde hypothese dat deze deellocatie als "onverdacht, niet lijnvormig" dient te worden beschouwd, wordt voor deze deellocatie verworpen.
Rapport 9369.001 versie D1
Pagina 17 van 20
Deellocatie B: PFAS onderzoek Op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is geconcludeerd dat deze deellocatie onderzocht dient te worden volgens de strategie "onverdacht, niet lijnvormig" (ONV-NL). In de bovengrond zijn verhoogde gehalten aan PFOS en PFOA boven de achtergrondwaarde aangetoond. In de ondergrond zijn de gehalten aan PFOA en PFOS boven de detectielimiet aangetoond. Getoetst aan het "Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecies" voldoet de onderzochte bovengrond voor de parameters PFOS en PFOA op indicatieve basis aan de kwaliteitsklasse "Wonen". De onderzochte ondergrond voldoet op indicatieve basis aan de kwaliteitsklasse "Landbouw/Natuur". De vooraf gestelde hypothese dat deze deellocatie als "onverdacht, niet lijnvormig" dient te worden beschouwd, wordt voor deze deellocatie verworpen. Verkennend onderzoek asbest in bodem NEN 5707 Deellocatie C: puin boring 23 Op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is geconcludeerd, dat de onderzoekslocatie onderzocht dient te worden volgens de strategie voor een "verdachte locatie met plaatselijk bodembelasting en met een duidelijke verontreinigingskern" (VEP). Zintuiglijk is de bovengrond zwak betonhoudend, zwak baksteenhoudend en zwak aardewerkhoudend.
In zowel de bodem als op het maaiveld is zowel zintuiglijk als analytisch géén hechtgebonden en niethechtgebonden asbest geconstateerd. De vooraf gestelde hypothese, dat de onderzoekslocatie als " plaatselijk verdacht " dient te worden beschouwd wordt, op basis van de onderzoeksresultaten, verworpen. Echter, gelet op de mate van verontreiniging op het maaiveld en het ontbreken van asbest in de bodem, bestaat er echter géén reden voor een nader onderzoek asbest in bodem/puin. Deellocatie D: voortuinen Op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is geconcludeerd, dat de onderzoekslocatie onderzocht dient te worden volgens de strategie voor een "verdachte locatie met diffuse bodembelasting en een heterogene verontreiniging op schaal van monsterneming, niet lijnvormig" (VED-HE-NL). Zintuigelijk is de bovengrond zwak baksteenhoudend, zwak dakpanhoudend, zwak betonhoudend, zwak plastichoudend en zwak glashoudend. In zowel de bodem als op het maaiveld is zowel zintuiglijk als analytisch géén hechtgebonden en niethechtgebonden asbest geconstateerd. De vooraf gestelde hypothese dat deze deellocatie als "heterogeen verdacht, niet lijnvormig" dient te worden beschouwd, wordt voor deze deellocatie verworpen. Echter, gelet op de aard en mate van de aangetroffen verontreinigingen, bestaat er géén reden voor een nader onderzoek.
Rapport 9369.001 versie D1
Pagina 18 van 20
Deellocatie E: baksteen boring 108 Op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is geconcludeerd, dat de onderzoekslocatie onderzocht dient te worden volgens de strategie voor een "verdachte locatie met plaatselijk bodembelasting en met een duidelijke verontreinigingskern" (VEP). Zintuiglijk is de bovengrond zwak baksteenhoudend, zwak betonhoudend en zwak aardewerkhoudend. In zowel de bodem als op het maaiveld is zowel zintuiglijk als analytisch géén hechtgebonden en niethechtgebonden asbest geconstateerd. De vooraf gestelde hypothese, dat de onderzoekslocatie als " plaatselijk verdacht " dient te worden beschouwd wordt, op basis van de onderzoeksresultaten, verworpen. Echter, gelet op de mate van verontreiniging op het maaiveld en het ontbreken van asbest in de bodem, bestaat er echter géén reden voor een nader onderzoek asbest in bodem/puin. Deellocatie F: baksteen boring 23 Op basis van het milieuhygiënisch vooronderzoek bodem is geconcludeerd, dat de onderzoekslocatie onderzocht dient te worden volgens de strategie voor een "verdachte locatie met plaatselijk bodembelasting en met een duidelijke verontreinigingskern" (VEP). Zintuiglijk is de bodem zwak baksteenhoudend, zwak betonhoudend, zwak glashoudend, zwak slakhoudend en zwak koolhoudend.
In zowel de bodem als op het maaiveld is zowel zintuiglijk als analytisch géén hechtgebonden en niethechtgebonden asbest geconstateerd. De vooraf gestelde hypothese, dat de onderzoekslocatie als " plaatselijk verdacht " dient te worden beschouwd wordt, op basis van de onderzoeksresultaten, verworpen. Echter, gelet op de mate van verontreiniging op het maaiveld en het ontbreken van asbest in de bodem, bestaat er echter géén reden voor een nader onderzoek asbest in bodem/puin.
Rapport 9369.001 versie D1
Pagina 19 van 20
Samenvatting Uit de bouwvergunningen van de woonhuizen is gebleken dat de riolering eterniet houdend is. Ter plaatse van de achtertuin behorend bij nr. 6 is aan de zuidzijde van de schuur een afkapping gelegen. Deze afkapping is voorzien van asbestverdachte golfplaten. De inspoelzone is verhard, waardoor onderzoek hier niet noodzakelijk is. Ter plaatse van de achtertuin behorend bij nr. 8 is aan de westzijde van de tuin een schuur gelegen. Deze schuur is voorzien van asbestverdachte golfplaten. De inspoelzone is verhard, waardoor onderzoek hier niet noodzakelijk is. De bovengrond van de onderzoekslocatie is licht verontreinigd met metalen, minerale olie, PAK en PCB. Het grondwater ter plaatse blijkt licht verontreinigd met xylenen, barium en minerale olie. Ter plaatse van peilbuis 01 is een matige minerale olieverontreiniging aangetoond. Econsultancy verwacht dat de matige minerale olieverontreiniging mogelijk veroorzaakt is door een kleine incidentele spil. Econsultancy adviseert om eerst een heranalyse uit te voeren van deze peilbuis. Indien er wederom een matige olieverontreiniging wordt aangetroffen, adviseert Econsultancy een beperkt nader onderzoek uit te voeren. Ter plaatse van de asbestverdachte deellocaties is zowel visueel als analytisch geen asbest aangetoond.
Getoetst aan het "Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecies" voldoet de onderzochte bovengrond voor de parameters PFOS en PFOA op indicatieve basis aan de kwaliteitsklasse "Wonen". De onderzochte ondergrond voldoet op indicatieve basis aan de kwaliteitsklasse "Landbouw/Natuur". Algemeen Indien er bij werkzaamheden grond vrijkomt die niet op de locatie kan worden hergebruikt, zijn de regels van het Besluit bodemkwaliteit, het “Tijdelijk handelingskader voor hergebruik van PFAShoudende grond en baggerspecie (d.d. 29 november 2019) of de regionale bodemkwaliteitskaart van toepassing.
Econsultancy Boxmeer, 7 februari 2020
Rapport 9369.001 versie D1
Pagina 20 van 20
Bijlage 1
Topografische ligging van de locatie
Schaal 1:25.000 Deze kaart is noordgericht
Legenda Symbolen:
Polygonen:
Boringen:
Asfalt
Ontgravingsvak
Boring tot 0,5 m -mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 0,5 m -mv
Klinker
Saneringslocatie
Boring tot 1,0 m -mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 1,0 m -mv
Beton
Partij ontgraven grond
Boring tot 1,5 m -mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 1,5 m -mv
Ontgravingsdiepte (m -mv)
Toekomstige bebouwing
Boring tot 2,0 m -mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 2,0 m -mv
Partijhoogte (m +mv)
Voormalige bebouwing
Boring tot 2,5 m -mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 2,5 m -mv
Opnamerichting foto
Asfaltverharding
Boring tot 3,0 m -mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 3,0 m -mv
Vloeistofdichte vloer
Reparatievak asfalt
Boring tot 3,5 m -mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 3,5 m -mv
Prefab betonnen vloerplaat
Opslagtank (bovengronds)
Boring tot 4,0 m -mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 4,0 m -mv
Tegels
Opslagtank (bovengronds in lekbak)
Boring tot 4,5 m -mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 4,5 m -mv
Golfplaat (asbest verdacht)
Opslagtank (ondergronds)
Boring tot 5,0 m -mv
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + boring tot 5,0 m -mv
Boom
Struweel
Peilbuis (diep)
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + peilbuis (diep)
Bos
Haag
Peilbuis
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm + peilbuis
Boring voorgaand onderzoek tot 0,5 m -mv
Kernboring 80 mm
Boring voorgaand onderzoek tot 1,0 m -mv
Kernboring 120 mm
Boring voorgaand onderzoek tot 1,5 m -mv
Kernboring 120 mm + boring tot 0,5 m -mv
Boring voorgaand onderzoek tot 2,0 m -mv
Kernboring 120 mm + boring tot 1,0 m -mv
Struiken Gras
Lijnen:
Water
Bebouwing
Braak
Grens onderzoekslocatie
Grind
Toekomstige bebouwing
Onverhard
Voormalige bebouwing
Puinverharding
Beschoeiing
Talud
Hekwerk
Boring voorgaand onderzoek tot 3,5 m -mv
Spoorlijn
Boring voorgaand onderzoek tot 4,0 m -mv
Wandmonster
Boring voorgaand onderzoek tot 4,5 m -mv
Kernboring 120 mm + boring tot 4,0 m -mv
Boring voorgaand onderzoek tot 5,0 m -mv
Kernboring 120 mm + boring tot 4,5 m -mv
Spoorbaan Fietspad Parkeerplaats
Verontreiniging:
Trafo Pomp Olie/vetafscheider Mangat Riool inspectieput Zinkput Ontluchting Vulpunt Sleuf asbestonderzoek 200x40x50cm
Boring voorgaand onderzoek tot 3,0 m -mv
Kernboring 120 mm + boring tot 1,5 m -mv Kernboring 120 mm + boring tot 2,0 m -mv Kernboring 120 mm + boring tot 2,5 m -mv Kernboring 120 mm + boring tot 3,0 m -mv Kernboring 120 mm + boring tot 3,5 m -mv
Peilbuis voorgaand onderzoek (diep)
Kernboring 120 mm + boring tot 5,0 m -mv
Niet verontreinigd
Peilbuis voorgaand onderzoek
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 0,5 m -mv
Gehalte >AW/S-waarde
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 1,0 m -mv
Gehalte >T-waarde
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 0,5 m -mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 1,5 m -mv
Gehalte >I-waarde
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 1,0 m -mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 2,0 m -mv
Niet verontreinigd
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 1,5 m -mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 2,5 m -mv
AW/S-waarde contour
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 2,0 m -mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 3,0 m -mv
T-waarde contour
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 2,5 m -mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 3,5 m -mv
I-waarde contour
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 3,0 m -mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 4,0 m -mv
Niet verontreinigd
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 3,5 m -mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 4,5 m -mv
AW/S-waarde contour
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 4,0 m -mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + boring tot 5,0 m -mv
T-waarde contour
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 4,5 m -mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + peilbuis (diep)
I-waarde contour
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + boring tot 5,0 m -mv
Kernboring + gat asbestonderzoek 30x30x50 + peilbuis
Niet verontreinigd
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + peilbuis (diep)
Boring tot 0,5 m -waterbodem
Licht verontreinigd
Gat asbestonderzoek 30x30x50 cm + peilbuis
Boring tot 1,0 m -waterbodem
Matig verontreinigd
Gat asbestonderzoek 100x100x50 cm
Duiker Voormalige duiker
Boring voorgaand onderzoek tot 2,5 m -mv
Sterk verontreinigd Verontreinigingsgraad onbekend Vindplaats asbestverdacht materiaal op maaiveld
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 1.
Foto 2.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 3.
Foto 4.
Bijlage 2b Foto's onderzoekslocatie
Foto 5.
Foto 6.
Bijlage 3
Boorprofielen
Pagina1 van 7
Boorprofielen
1
Boring: 0
2
Boring: 0
gazon
1 50
0
0
Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor
gazon Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor
1 50
2
2 100
100 3
150
150
100 Zand, matig fijn, matig stevig, matig siltig, brokken klei, zwak gleyhoudend, neutraalbeige, Edelmanboor
3
Zand, matig fijn, matig siltig, brokken klei, neutraalgrijs, Edelmanboor
4
150
150 4
170
5
200
200
250
250
Zand, matig fijn, matig stevig, matig siltig, brokken klei, neutraalbeige, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, brokken klei, neutraalgrijs, Edelmanboor
250
Klei, zwak zandig, neutraalgrijs, Edelmanboor 300
350
300
350
350 Klei, zwak zandig, neutraalbruin, Edelmanboor
400
400
400
400
Klei, zwak zandig, lichtgrijs, Zuigerboor handmatig
Klei, zwak zandig, lichtgrijs, Zuigerboor handmatig
450
450
500
500
540
550
550
Projectcode: 9369.001 Getekend volgens NEN 5104
Pagina2 van 7
Boorprofielen
3
Boring: 0
gazon
50
0
0
Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, zwak kolengruishoudend, neutraalbruin, Edelmanboor
1
tuin Zand, zeer fijn, matig stevig, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor
1 50
2
2 100
100 3
140
150
4
Boring: 0
4 170
5
Klei, sterk zandig, zwak gleyhoudend, licht beigebruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbeige, Edelmanboor
200
250
100
100 Zand, zeer fijn, matig siltig, sterk gleyhoudend, neutraal beigeoranje, Edelmanboor
Zand, zeer fijn, matig stevig, matig siltig, licht bruinbeige, Edelmanboor
3 150
150 4
170
5 200
200
Klei, matig stevig, sterk zandig, matig gleyhoudend, neutraal oranjegrijs, Edelmanboor Zand, matig fijn, matig stevig, matig siltig, neutraalwit, Edelmanboor
260
300
300
Zand, matig fijn, matig siltig, brokken klei, neutraalgrijs, Edelmanboor Klei, zwak zandig, neutraal grijsbruin, Edelmanboor
350
400
400
Klei, zwak zandig, neutraal bruinbeige, Zuigerboor handmatig 450
500
550
550
5
Boring:
6
Boring: 0
0
tuin Zand, zeer fijn, matig stevig, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor
1 50
0
0
tuin Zand, zeer fijn, matig stevig, matig siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor
1 50
2
2
100
100
100 3 150