CConstaterende datLaarbeek
Koppel je AI →
Document · PDF

6 20240410 Bestemmingsplan 'Parapluplan Zonebeheerplan bedrijventerrein Bemmer' Regels en toelichting met bijlagen

Commissie Ruimtelijke Zaken 10 april 2024, gemeente LaarbeekBij agendapunt: Voorstel tot vaststelling van het Paraplubestemmingsplan Zonebeheer Bemmer23.454 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

PARAPLUPLAN ZONEBEHEERPLAN BEDRIJVENTERREIN BEMMER Laarbeek Bestemmingsplan

1/2

DATUM KENMERK

13-02-2024 NL.IMRO.1659.BPBDzonebeheer-VG01

PROJECT PROJECTLEIDER

Parapluplan Zonebeheerplan bedrijventerrein Bemmer R. Kerstens

OPDRACHTGEVER Gemeente Laarbeek PROJECTNUMMER 20231376 AUTEUR STATUS

2/2

R. Kerstens Ter vaststelling

© RHO ADVISEURS BV

Niets uit dit drukwerk mag door anderen dan de opdrachtgever worden verveelvoudigd en/ of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande toestemming van Rho Adviseurs bv, behoudens voorzover dit drukwerk wettelijk een openbaar karakter heeft gekregen. Dit drukwerk mag zonder genoemde toestemming niet worden gebruikt voor enig ander doel dan waarvoor het is vervaardigd.

Inhoudsopgave

Toelichting Hoofdstuk 1

Inleiding

7

1.1

Aanleiding

7

1.2

Ligging en begrenzing plangebied

8

1.3

Vigerende bestemmingsplannen

9

1.4

Leeswijzer

9

Beleidskader

11

Geluid

11

Juridische planbeschrijving

15

3.1

Algemeen

15

3.2

Verbeelding

15

3.3

Regels

15

Hoofdstuk 4

Economische uitvoerbaarheid

17

Hoofdstuk 5

Maatschappelijke betrokkenheid

19

Hoofdstuk 2 2.1

Hoofdstuk 3

Regels Hoofdstuk 1

21 Inleidende regels

23

Artikel 1

Begrippen

23

Artikel 2

Wijze van meten

24

Artikel 3

Van toepassing verklaring

25

Hoofdstuk 2

Algemene regels

27

Artikel 4

Anti­dubbeltelregel

27

Artikel 5

Algemene aanduidingsregels

28

Hoofdstuk 3

Overgangs­ en slotregels

29

Artikel 6

Overgangsrecht

29

Artikel 7

Slotregel

30

Bijlagen regels Bijlage 1

Geluidbeleid Bedrijventerrein Bemmer 2010

Bijlage 2

Actualisatie Geluidbeleid Bedrijventerrein Bemmer 2012

3/30

4/30

TOELICHTING

Hoofdstuk 1 1.1

Inleiding

Aanleiding

Voor bedrijventerrein Bemmer is op 21 september 2010 door burgemeester en wethouders van de gemeente Laarbeek geluidbeleid vastgesteld. Dit geluidbeleid is vastgelegd in het rapport: “Bedrijventerrein Bemmer geluidbeleid gemeente Laarbeek” en maakt tevens als Bijlage 1 deel uit van de regels onderhavig bestemmingsplan. In verband met de uitbreiding van het bedrijventerein met het 22 ha omvattende bedrijventerrein Bemmer IV is dit geluidbeleid in 2012 geactualiseerd (zie Bijlage 2). Met de vaststelling van dit geluidbeleid is getracht om een optimaal woonklimaat enerzijds en (geluid)ruimte voor de bedrijven anderzijds te scheppen. Hiervoor is op 11 juni 2019 ook het 'Parapluplan Geluidzone bedrijventerrein Bemmer' vastgesteld en is rondom het beleidsmatig gezoneerde bedrijventerrein Bemmer een geluidszone vastgelegd. Het beleidsmatige gezoneerde bedrijventerrein Bemmer is echter nog niet volledig verankerd in de geldende bestemmingsplannen. Mede gelet op de invoering van de Omgevingswet per 1 januari 2024, is het noodzakelijk om de bestemmingsplannen hierop aan te passen. Het bestemmingsplan ziet op de doorvertaling van het gemeentelijk geluidbeleid zoals is vastgelegd in het zonebeheerplan naar het bestemmingsplan.

Hiermee wordt de rechtskracht van dit beleid verbeterd en kan de huidige werkwijze ten aanzien van het zonebeheer ook na de inwerkingtreding van de Omgevingswet worden voortgezet. De ontbrekende gebiedsaanduiding 'beleidsmatig gezoneerd bedrijventerrein' wordt met dit bestemmingsplan toegevoegd aan de geldende bestemmingsplannen. Hiermee wordt het zonebeheerplan gekoppeld aan de regels van de onderliggende bestemmingen op het bedrijventerrein en ontstaat voor bedrijven binnen het plangebied de rechtstreekse verplichting om aan het geluidbeleid te voldoen. Voorheen werd, bij vergunningverlening of behandeling van een melding op grond van het Activiteitenbesluit milieubeheer, door het bevoegd gezag aan dit beleid getoetst. Gelet op het bij dit plan opgenomen overgangsrecht, heeft dit geen gevolgen voor de bedrijven zoals deze op het moment van vaststelling legaal op het bedrijventerrein zijn gevestigd. Door het zonebeheerplan in één overkoepelend parapluplan te borgen in plaats van deels in alle onderliggende bestemmingsplannen, wordt de situatie overzichtelijker en wordt de kans op nieuwe knelpunten in de toekomst aanzienlijk verkleind.

7/30

1.2

Ligging en begrenzing plangebied

Bedrijventerrein Bemmer is gelegen te Beek en Donk nabij de Zuid­Willemsvaart. Van oorsprong zijn op deze locatie, gelegen tussen de Bosscheweg, Mgr. Verhagenstraat, Brakenstraat en Trentstraat, bedrijven gevestigd. Nadien heeft een uitbreiding van dit bedrijventerrein plaatsgevonden in noordelijke richting tot aan de Vonderweg en Schoondonkseweg toe. Onderhavig bedrijventerrein is een beleidsmatig “gezoneerd bedrijventerrein”. Deze contour vormt het plangebied van onderhavig bestemmingsplan.

­ Plangebied Parapluplan Zonebeheerplan bedrijventerrein Bemmer (plangebied is blauwe contour 'gezoneerd terrein')

8/30

1.3

Vigerende bestemmingsplannen

In het onderstaande overzicht zijn de geldende bestemmingsplannen opgenomen die, geheel of deels, binnen het plangebied van kracht zijn.

type plan

naam

Bestemmingsplan Bemmer IV

identificatienummer NL.IMRO.1659.­

vaststellingsd atum

BPBDBemmer4­VG01

16­09­2010

Bestemmingsplan Bedrijventerrein Bosscheweg (deelgebied BPBDWellestrOost­VG01 Wellestraat­Oost)

16­09­2010

Bestemmingsplan Bedrijventerrein Bosscheweg (deelgebied BPBDWellestrWest­VG01 Wellestraat­West)

16­09­2010

Uitwerkingsplan

Boerdonkseweg 1

BPUBDboerdonkweg1­VG01

03­04­2012

Uitwerkingsplan

Boerdonkseweg II

BPUBDboerdonkweg2­VG01

11­09­2012

Bestemmingsplan Bestemmingsplan Kom Beek en Donk

BPBDkombeekendonk­OH01

12­12­2012

Uitwerkingsplan

Uitwerkingsplan Vonderweg III

BPUBDVonderwegIII­VG01

08­10­2013

Uitwerkingsplan

IV Boerdonkseweg gemeente Laarbeek

BPUBDBoerdonkwegIV­VG01

05­11­2013

Uitwerkingsplan

Bemmer IV ­ Oost

BPUBDbemmer4oost­VG01

17­03­2015

Uitwerkingsplan

Bemmer IV ­ Middengebied

BPUBDBemmer4midden­VG01

02­08­2016

Bestemmingsplan Herziening Bemmer IV

BPBDBemmer4herz1­VG01

20­04­2017

Bestemmingsplan Herziening Komplannen

BPherzkomplannen­VG01

06­07­2017

Bestemmingsplan Vonderweg/Bemmerstraat

BPBDuitbrjeurgens­VG01

12­10­2017

Bestemmingsplan Parkeernormen Laarbeek

BPLBparkeernorm­VG01

07­06­2018

Uitwerkingsplan

Bemmer IV ­ Noordwest en Zuid

BPUBDBemmer4nwz­VG01

24­03­2020

Bestemmingsplan Brakenstraat 3­5, Beek en Donk

BPBDBrakenstraat3­VG01

27­01­2022

Bestemmingsplan Parapluplan Archeologie en monumenten BPARCHMON­VG01 gemeente Laarbeek

29­09­2022

Voorbereidingsbe Supermarkten Laarbeek sluit

23­03­2023

1.4

VBBPSupermarkten­VG02

Leeswijzer

Deze toelichting bestaat uit vijf hoofdstukken. Na deze inleiding volgt hoofdstuk 2 waarin een beschrijving van het beleid is opgenomen. Hoofdstuk 3 bevat de juridische vormgeving. Hoofdstuk 4 gaat in op de economische uitvoerbaarheid. Hoofdstuk 5 gaat ten slotte in op de gevolgde procedure, inclusief een paragraaf over de maatschappelijke uitvoerbaarheid.

9/30

10/30

Hoofdstuk 2

Beleidskader

2.1

Geluid

2.1.1

Normstelling: Wet geluidhinder

Vaststelling geluidszone industrielawaai in het verleden Op grond van de Wet geluidhinder en onderdeel D van Bijlage I Bor dient een geluidszone te worden vastgesteld rond industrieterreinen waar inrichtingen zijn gevestigd of zich kunnen vestigen die 'in belangrijke mate geluidshinder kunnen veroorzaken'. Dergelijke inrichtingen worden in de volksmond ook wel 'grote lawaaimakers' genoemd. Het bedrijventerrein Bemmer is niet gezoneerd op basis van artikel 40 van de Wet geluidhinder. Op dit bedrijventerrein zijn geen 'grote lawaaimakers' toegestaan. Wel heeft de gemeente beleidsmatig een geluidszone voor dit bedrijventerrein vastgesteld. Een beleidsmatig gezoneerd bedrijventerrein is dus een grootschalig bedrijventerrein zonder "grote lawaaimakers" waarvoor door het bevoegd gezag, teneinde beperkingen te stellen aan de door bedrijven veroorzaakte gecumuleerde geluidsbelasting, naar analogie van het wettelijk gezoneerd bedrijventerrein beleidsmatig een geluidszone is vastgesteld. Grenswaarden Buiten een geluidszone mag de geluidsbelasting als gevolg van het betreffende bedrijventerrein – dat wil zeggen van alle bedrijven cumulatief ­ niet meer bedragen dan 50 dB(A). Binnen de geluidszone zijn woonbestemmingen en andere geluidsgevoelige bestemmingen slechts aanvaardbaar indien de geluidsbelasting aan de gevel aan de wettelijke grenswaarden voldoet.

Ook binnen de geluidszone geldt voor (nieuwe) woningen een wettelijke voorkeursgrenswaarde van 50 dB(A). In bepaalde gevallen is de vaststelling van een hogere grenswaarde tot 55 dB(A) mogelijk. In enkele gevallen zijn zelfs hogere waarden tot 60 dB(A) mogelijk.

2.1.2 Wat is een geluidzone? De geluidzone is het gebied tussen de grens van het bedrijventerrein en de zonegrens. Buiten de zonegrens mag de door alle bedrijven die op het bedrijventerrein zijn gevestigd gezamenlijk veroorzaakte geluidbelasting niet hoger zijn dan 50dB(A) etmaalwaarde. De zone is dus het gebied, behalve het bedrijventerrein zelf, waarbinnen vanwege dat bedrijventerrein een geluidbelasting mag heersen van 50 dB(A) etmaalwaarde of meer. Deze eis is vastgelegd in de Wgh en gekoppeld aan de Wet ruimtelijke ordening (Wro) en de Wabo. De wijze van zonebeheer die van toepassing is op het beleidsmatig gezoneerd bedrijventerrein Bemmer is in anologie met het zonebeheer van gezoneerde terreinen bedoeld voor grote lawaaimakers. Het wettelijk kader voor dergelijke activiteiten is opgenomen in de Wet geluidhinder. Gevolg hiervan is, dat zowel bij het toetsen van een initiatief aan het vigerend bestemmingsplan, als bij het verlenen van omgevingsvergunningen rekening wordt gehouden met de geluidzone die om het bedrijventerrein is gelegen.

11/30

Het doel van de zone is het vormen van een buffer, een ruimtelijke scheiding tussen industriële activiteiten en woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen, zoals ziekenhuizen en onderwijsgebouwen. De keuze van de ligging van de zone is gebaseerd op een afweging tussen de ruimte voor de industrie en de ruimte voor geluidgevoelige objecten. De geluidzone zelf vormt hierbij een aandachtsgebied voor geluid, waar niet zondermeer woningen (en andere geluidgevoelige objecten) mogen worden gebouwd. De geluidzone voorkomt enerzijds dat woonbebouwing oprukt in de richting van bedrijven. Anderzijds geven de geluidzone en de daarbinnen vastgestelde grenswaarden de akoestische grenzen aan waaraan bedrijven op het bedrijventerrein zich dienen te houden. In de huidige situatie wordt bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor een bedrijf op dit bedrijventerrein door het bevoegd gezag de grenswaarden binnen de geluidzone in acht genomen. Dit wordt ook wel het toetsen aan een geluidzone genoemd. Deze toets is verplicht voor alle bedrijven op het bedrijventerrein die vallen binnen het toepassingsgebied van de Wabo. Dus ook de geluidbelasting vanwege niet­vergunningplichtige bedrijven (zogenaamde AMvB­bedrijven: bedrijven die sinds 1 januari 2008 onder het Activiteitenbesluit vallen) wordt betrokken bij de toets aan de grenswaarden binnen de geluidzone.

Met het onderhavige parapluplan wordt de gebiedsaanduiding 'beleidsmatig gezoneerd bedrijventerrein' binnen het plangebied toegevoegd aan de geldende bestemmingsplannen. Hiermee wordt het zonebeheerplan gekoppeld aan de regels van de onderliggende bestemmingen op het bedrijventerrein en ontstaat voor bedrijven binnen het plangebied de rechtstreekse verplichting om aan het geluidbeleid te voldoen. 2.1.3 Zonebeheerplan Bij dit zonebeheer wordt rekening gehouden met de norm van 50 dB(A) op de zonegrens (= grens van de geluidszone) en de normen die in het verleden voor woningen binnen de geluidszone zijn vastgesteld. Het zonebeheerplan geeft voor de bestaande en nieuwe bedrijven en het bevoegd gezag inzicht in de maximaal vergunbare hoeveelheid geluid die mogelijk is. Dit is eveneens als uitgangspunt genomen bij het uitgevoerde akoestisch onderzoek en de aanpassingen aan de geluidszone. 2.1.4 Situatie bedrijventerrein Bemmer Voor dit bedrijventerrein is op 21 september 2010 door burgemeester en wethouders van de gemeente Laarbeek geluidbeleid vastgesteld en in verband met de uitbreiding van Bemmer IV geactualiseerd in 2012.

Dit geluidbeleid is vastgelegd in het rapport: 'Geluidbeleid bedrijventerrein Bemmer, Beek en Donk 2010' (Bijlage 1) bij de regels van dit het bestemmingsplan) en het geactualiseerde rapport 'Geluidbeleid bedrijventerrein Bemmer, Beek en Donk 2012' (Bijlage 2 bij de regels van dit het bestemmingsplan). Met de vaststelling van dit geluidbeleid is getracht om een optimaal woonklimaat enerzijds en (geluid)ruimte voor de bedrijven anderzijds te scheppen. Het geluidbeleid is opgezet analoog aan het wettelijke kader voor gezoneerde bedrijventerrein zoals dat in de Wet geluidhinder wordt omschreven. Dit komt erop neer dat voor het bedrijventerrein eerst een grens wordt vastgesteld waarbinnen de bedrijven gevestigd zijn of kunnen worden. Vervolgens wordt om dat terrein heen een zonegrens, de 50 dB(A)­contour, gelegd. Op elk punt van deze zonegrens mag de cumulatieve geluidbelasting, dat wil zeggen de gesommeerde geluidbelasting ten gevolge van alle inrichtingen binnen de grens van het bedrijventerrein, niet meer bedragen dan 50 dB(A) etmaalwaarde op deze zonegrens. Voor woningen gelegen op het bedrijventerrein of binnen de zone daarvan worden maximaal toelaatbare waarden vastgesteld (MTG­objecten).

12/30

Om deze cumulatieve geluidbelastingen te kunnen bepalen is inmiddels de noodzakelijke geluidboekhouding voor dit bedrijventerrein opgezet. Hiervoor heeft de SRE in 2012 geactualiseerd geluidbeleid ((Bijlage 2 bij de regels van dit het bestemmingsplan) opgesteld en een voorstel gedaan voor zonebeheer. Dit is in 2013 overgenomen door de Omgevingsdienst Zuidoost­Brabant. 2.1.5 Borging zonebeheerplan in bestemmingsplannen Om ervoor te zorgen dat ook in de toekomst wordt voldaan aan de norm van 50 dB(A) op de zonegrens (= grens van de geluidszone) ­ en de normen die in het verleden voor woningen binnen de geluidszone zijn vastgesteld ­heeft de gemeente een zonebeheerplan opgesteld. Met dit parapluplan wordt dit zonebeheerplan, middels een gebiedsaanduiding, aan de regels van de onderliggende bestemmingen op bedrijventerrein Bemmer gekoppeld en ontstaat voor bedrijven binnen het plangebied de rechtstreekse verplichting om aan het geluidbeleid te voldoen. Voorheen werd, bij vergunningverlening of behandeling van een melding op grond van het Activiteitenbesluit milieubeheer, door het bevoegd gezag aan dit beleid getoetst. Gelet op het bij dit plan opgenomen overgangsrecht, heeft dit geen gevolgen voor de bedrijven zoals deze op het moment van vaststelling legaal op het bedrijventerrein zijn gevestigd.

13/30

14/30

Hoofdstuk 3 3.1

Juridische planbeschrijving

Algemeen

Voor het bestemmingsplan is gebruik gemaakt van de in de Wet ruimtelijke ordening opgenomen standaardvorm van de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP2012). Dit bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding, planregels en een toelichting. De verbeelding en de planregels vormen samen het juridisch bindende gedeelte van het bestemmingsplan. Beide planonderdelen dienen in onderlinge samenhang te worden bezien en toegepast. De toelichting heeft geen rechtskracht, maar vormt niettemin een belangrijk onderdeel van het plan. De toelichting van dit bestemmingsplan geeft een weergave van de beweegredenen en de beleidsuitgangspunten die aan het bestemmingsplan ten grondslag liggen. Ook is de toelichting van wezenlijk belang voor een juiste interpretatie en toepassing van het bestemmingsplan.

3.2

Verbeelding

Op de verbeelding is de omvang van het plangebied aangeduid. In dit geval gaat het om de gronden waarop de gebiedsaanduiding 'beleidsmatig gezoneerd bedrijventerrein' van toepassing is. Voor de analoge verbeelding is gebruik gemaakt van de digitale ondergrond (Grootschalige Basiskaart).

3.3

Regels

De regels zijn onderverdeeld in drie hoofdstukken: y Inleidende regels. y Algemene regels. y Overgangs­ en slotregels. 3.3.1 Inleidende regels In artikel 1 in hoofdstuk 1 zijn enkele begrippen opgenomen. De begripsbepalingen zijn in alfabetische volgorde opgesomd en dienen als referentiekader voor de overige regels. In artikel 2 is de 'wijze van meten' opgenomen. In artikel 3 worden de bestemmingsplannen opgesomd waar dit plan op ziet. 3.3.2 Algemene regels Artikel 4 gaat in op de antidubbeltelregel uit het Besluit ruimtelijke ordening. In artikel 5 wordt middels de gebiedsaanduiding 'beleidsmatig gezoneerd bedrijventerrein' geregeld dat bedrijven uitsluitend toegestaan voor zover zij voldoen aan het zonebeheerplan vastgesteld 21 september 2010 of een latere geactualiseerde versie.

15/30

3.3.3 Overgangs­ en slotregels Hoofdstuk 3 omvat de 'Overgangs­ en slotregels', zoals deze twee artikelen zijn opgenomen in het Besluit ruimtelijke ordening met de verplichting deze over te nemen in het bestemmingsplan. In de slotregel is de officiële naam van het plan bepaald. Onder deze naam kan deze parapluherziening worden aangehaald.

16/30

Hoofdstuk 4

Economische uitvoerbaarheid

Onderzoek naar de economische uitvoerbaarheid van bestemmingsplannen heeft in het algemeen betrekking op nieuwe ontwikkelingen waarvoor bestemmingswijzigingen nodig zijn en die door de gemeente worden gerealiseerd. De financiële uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan wordt gewaarborgd doordat de ambtelijke kosten die nodig zijn voor de vervaardiging van het bestemmingsplan worden gedekt uit de algemene middelen van de gemeente Laarbeek. Het bestemmingsplan bevat geen bouwtitel die voldoet aan de genoemde criteria in artikel 6.2.1. van het Besluit ruimtelijke ordening. Om deze reden is er geen sprake van wettelijk verplicht kostenverhaal en is het niet nodig een exploitatieplan vast te stellen als bedoeld in artikel 6.12, eerste lid, Wro.

17/30

18/30

Hoofdstuk 5

Maatschappelijke betrokkenheid

Gelet op de aard van de bestemmingsplanherziening is in deze situatie afgezien van het vooroverleg met provincie en waterschap zoals bedoeld in artikel 3.1.1. van het Besluit ruimtelijke ordening. Het bestemmingsplan ziet op de doorvertaling van het gemeentelijk geluidbeleid zoals is vastgelegd in het zonebeheerplan naar het bestemmingsplan. Hiermee wordt de rechtskracht van dit beleid verbeterd en kan de huidige werkwijze ten aanzien van het zonebeheer ook na de inwerkingtreding van de Omgevingswet worden voortgezet. Het ontwerpbestemmingsplan heeft gedurende 6 weken ter inzage gelegen. Met terinzageligging wordt eveneens bedoeld het publiceren en inzichtelijk maken op de website www.ruimtelijkeplannen.nl. Gedurende deze periode heeft een ieder schriftelijke of mondelinge zienswijze naar voren kunnen brengen bij de gemeenteraad. Er zijn geen zienswijzen ingediend op het ontwerpbesluit.

19/30

20/30

REGELS

Hoofdstuk 1 Artikel 1

Inleidende regels

Begrippen

1.1 het plan: Parapluplan Zonebeheerplan bedrijventerrein Bemmer met identificatienummer NL.IMRO.1659.BPBDzonebeheer­VG01 van de gemeente Laarbeek; 1.2 het bestemmingsplan: de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen; 1.3 beleidsmatig gezoneerd bedrijventerrein Dit zijn bedrijfsterreinen waar 'geen grote lawaaimakers' zijn toegestaan, die behandeld worden alsof ze gezoneerd zijn. 1.4 equivalente geluidniveua (Lar, LT) het energetisch gemiddelde geluidsniveau over een bepaalde tijdseenheid. 1.5 etmaalwaarde de hoogste waarde van het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau (LAr, LT) gedurende de dag (07:00 – 19:00 uur), de avond (19:00 – 23:00 uur) met straffactor van 5 dB(A) en de nacht (23:00 – 07:00 uur) met straffactor van 10 dB(A).

23/30

Artikel 2

Wijze van meten

Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1 de etmaalwaarde van het equivalente geluidniveau in dB(A) Voor het bepalen van de etmaalwaarde van het equivalente geluidniveau in dB(A) wordt de berekeningsystematiek zoals opgenomen in het zonebeheerplan vastgesteld op 21 september 2010 en geactualiseerd op 19 april 2012, zoals opgenomen in Bijlage 1 en Bijlage 2, of diens rechtsopvolger(s).

24/30

Artikel 3

Van toepassing verklaring

Met inachtneming van de in dit plan opgenomen regels, blijven voor het overige de regels van de in onderstaande tabel genoemde bestemmingsplannen van kracht:

type plan

naam

Bestemmingsplan Bemmer IV

identificatienummer NL.IMRO.1659.­

vaststellingsd atum

BPBDBemmer4­VG01

16­09­2010

Bestemmingsplan Bedrijventerrein Bosscheweg (deelgebied BPBDWellestrOost­VG01 Wellestraat­Oost)

16­09­2010

Bestemmingsplan Bedrijventerrein Bosscheweg (deelgebied BPBDWellestrWest­VG01 Wellestraat­West)

16­09­2010

Uitwerkingsplan

Boerdonkseweg 1

BPUBDboerdonkweg1­VG01

03­04­2012

Uitwerkingsplan

Boerdonkseweg II

BPUBDboerdonkweg2­VG01

11­09­2012

Bestemmingsplan Bestemmingsplan Kom Beek en Donk

BPBDkombeekendonk­OH01

12­12­2012

Uitwerkingsplan

Uitwerkingsplan Vonderweg III

BPUBDVonderwegIII­VG01

08­10­2013

Uitwerkingsplan

IV Boerdonkseweg gemeente Laarbeek

BPUBDBoerdonkwegIV­VG01

05­11­2013

Uitwerkingsplan

Bemmer IV ­ Oost

BPUBDbemmer4oost­VG01

17­03­2015

Uitwerkingsplan

Bemmer IV ­ Middengebied

BPUBDBemmer4midden­VG01

02­08­2016

Bestemmingsplan Herziening Bemmer IV

BPBDBemmer4herz1­VG01

20­04­2017

Bestemmingsplan Herziening Komplannen

BPherzkomplannen­VG01

06­07­2017

Bestemmingsplan Vonderweg/Bemmerstraat

BPBDuitbrjeurgens­VG01

12­10­2017

Bestemmingsplan Parkeernormen Laarbeek

BPLBparkeernorm­VG01

07­06­2018

Uitwerkingsplan

Bemmer IV ­ Noordwest en Zuid

BPUBDBemmer4nwz­VG01

24­03­2020

Bestemmingsplan Brakenstraat 3­5, Beek en Donk

BPBDBrakenstraat3­VG01

27­01­2022

Bestemmingsplan Parapluplan Archeologie en monumenten BPARCHMON­VG01 gemeente Laarbeek

29­09­2022

Voorbereidingsbe Supermarkten Laarbeek sluit

23­03­2023

25/30

VBBPSupermarkten­VG02

26/30

Hoofdstuk 2 Artikel 4

Algemene regels

Anti­dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

27/30

Artikel 5

Algemene aanduidingsregels

5.1 Overige zone ­ beleidsmatig gezoneerd bedrijventerrein Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'beleidsmatig gezoneerd bedrijventerrein' zijn bedrijfsmatige activiteiten uitsluitend toegestaan voor zover zij voldoen aan het zonebeheerplan vastgesteld op 21 september 2010 en geactualiseerd op 19 april 2012, zoals opgenomen in Bijlage 1 en Bijlage 2, of diens rechtsopvolger(s).

28/30

Hoofdstuk 3 Artikel 6

Overgangs­ en slotregels

Overgangsrecht

6.1 Overgangsrecht bouwwerken a. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. b. Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van lid 6.1 sub a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in lid 6.1 sub a met maximaal 10%. c. Lid 6.1 sub a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 6.2 Overgangsrecht gebruik a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. b.

Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in lid 6.2 sub a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. c. Indien het gebruik, bedoeld in lid 6.2 sub a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. d. Lid 6.2 sub a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

29/30

Artikel 7

Slotregel

Deze regels worden aangehaald als: Regels van het Parapluplan Zonebeheerplan bedrijventerrein Bemmer van de gemeente Laarbeek.

30/30

BIJLAGEN BIJ DE REGELS

Bijlage 1 Geluidbeleid Bedrijventerrein Bemmer 2010

Geluidbeleid Bedrijventerrein Bemmer Beek en Donk Gemeente Laarbeek

GELUIDBELEID BEDRIJVENTERREIN BEMMER BEEK EN DONK GEMEENTE LAARBEEK

In opdracht van

Gemeente Laarbeek

Opgesteld door

SRE Milieudienst Keizer Karel V Singel 8 Postbus 435 5600 AK Eindhoven 040 2594438

Auteur

G.H.L.J.Gijsbers

Projectnummer

450522-E

Datum

14 oktober 2009

Bestandsnaam

BemmerLaarbeek-Geluidbeleid

Status

Definitief

Geluidbeleid Bedrijventerrein Bemmer Beek en Donk Gemeente Laarbeek

INHOUD INLEIDING.................................................................................................................................... 1 1. 2. GRENS GEZONEERD TERREIN ................................................................................................ 1 3. ZONEGRENS ............................................................................................................................... 2 4. ZONEBEHEERMODEL ................................................................................................................ 3 5. INVENTARISATIE INRICHTINGEN ............................................................................................. 3 6. BEREKENING VERGUNDE SITUATIE ....................................................................................... 4 7. SANERING INRICHTINGEN........................................................................................................ 4 8. VERGUNNINGVERLENING WET MILIEUBEHEER ................................................................... 5 9. ZONEBEHEERPLAN.................................................................................................................... 6 9.1. Zonebeheer............................................................................................................................... 6 9.2.

Procedure.................................................................................................................................. 6 9.3. Akoestisch onderzoek............................................................................................................... 7 10. BELEIDSREGELS ........................................................................................................................ 7

BIJLAGEN: BIJLAGE 1 BIJLAGE 2 BIJLAGE 3 BIJLAGE 4 BIJLAGE 5 BIJLAGE 6 BIJLAGE 7 BIJLAGE 8 BIJLAGE 9 BIJLAGE 10 BIJLAGE 11

Grens gezoneerd terrein, zonegrens, zonepunten, MTG-punten Zonebewakingspunten en waarneempunten op MTG-objecten Inventarisatie bedrijven en vergunde geluidruimte Zonebeheermodel Geluidcontouren vergunde situatie Rekenresultaten vergunde situatie Benodigde reductie per inrichting Geluidcontouren na sanering Rekenresultaten na sanering Zonetoetsingsformulier Eisen akoestisch onderzoek

1.

INLEIDING Het bedrijventerrein Bemmer is gelegen te Beek en Donk nabij de Zuid-Willemsvaart. Van oorsprong zijn op deze locatie, gelegen tussen de Bosscheweg, Mgr. Verhagenstraat, Brakenstraat en Trentstraat, bedrijven gevestigd. Nadien heeft een uitbreiding van dit bedrijventerrein plaatsgevonden in noordelijke richting tot aan de Vonderweg en Schoondonkseweg toe. Het bedrijventerrein is omgeven door woningen voornamelijk gelegen aan de Mgr. Verhagenstraat, Brakenstraat en Trentstraat. Op het bedrijventerrein zelf zijn ook (burger)woningen gelegen aan de Trentstraat en de Leekbusweg. Verder bezit het terrein ook veel bedrijfswoningen. Gezien deze grote verwevenheid van woonomgeving en bedrijven levert dit problemen op met betrekking tot de geluidhinder die de bedrijven op de gevels van woningen kunnen veroorzaken. Dit is de reden dat de gemeente Laarbeek een geluidbeleid wil ontwikkelen en vaststellen voor het Bedrijventerrein Bemmer. Hierdoor wordt getracht om een optimaal woonklimaat enerzijds en (geluid)ruimte voor de bedrijven anderzijds te scheppen. Om dit te bereiken is een beleid opgezet analoog aan het wettelijke kader voor gezoneerde industrieterreinen zoals dat in de Wet geluidhinder wordt omschreven. Dit komt erop neer dat voor het bedrijventerrein eerst een grens wordt vastgesteld waarbinnen de bedrijven gevestigd zijn of kunnen worden.

Vervolgens wordt om dat terrein heen een zonegrens, de 50 dB(A)-contour, gelegd. Op elk punt van deze zonegrens mag de cumulatieve geluidbelasting, dat wil zeggen de gesommeerde geluidbelasting ten gevolge van alle inrichtingen binnen de grens van het bedrijventerrein, niet meer bedragen dan 50 dB(A) etmaalwaarde op deze zonegrens. Voor woningen gelegen op het bedrijventerrein mag de geluidbelasting ten gevolge van enige inrichting maximaal 55 dB(A) etmaalwaarde bedragen (voor een wettelijk gezoneerd terrein geldt hiervoor geen maximale waarde). Voor woningen niet gelegen binnen de grens van het bedrijventerrein maar wel binnen de zonegrens kan voor de cumulatieve geluidbelasting een hogere waarde dan 50 dB(A) worden toegestaan. Deze waarde wordt per woning vastgesteld maar mag de 55 dB(A) niet overschrijden. In de terminologie van wettelijk gezoneerde industrieterreinen wordt dit de Maximaal Toegestane Geluidbelasting (MTG) genoemd. Om deze cumulatieve geluidbelastingen te kunnen bepalen is het noodzakelijk om voor het bedrijventerrein een geluidboekhouding op te zetten. Van elke individuele inrichting dient de geluidemissie te worden bepaald. Middels overdrachtsberekeningen wordt vervolgens de geluidimmissie van elke inrichting op alle zonebewakingspunten en MTG-objecten bepaald. Daarna worden per zonebewakingspunt alle geluidimmissies gesommeerd.

Op basis van deze uitgangspunten is door de SRE Milieudienst een akoestisch onderzoek verricht: “Geluidbeleid Bedrijventerrein Bemmer, gemeente Laarbeek, proj.nr.: 403725, d.d. 26-7-2004”. In dat onderzoek is een voorstel gedaan voor de grens van het (gezoneerde) bedrijventerrein en voor de zonegrens (50 dB(A)-contour). Bovendien is voor alle woningen buiten de grens van het bedrijventerrein maar binnen de zonegrens een maximaal toegestane geluidbelasting bepaald. In voorliggend onderzoek is de inventarisatie van Bedrijventerrein Bemmer geactualiseerd met als peildatum 1 juni 2009 en zijn enige wijzigingen aangebracht in de zonegrens en MTGobjecten. Tot slot is een voorstel gedaan voor zonebeheer. Alle mutaties die in de toekomst optreden voor dit bedrijventerrein dienen getoetst te worden aan de straks vastgestelde zone.

2.

GRENS GEZONEERD TERREIN Op basis van de vigerende bestemmingsplannen is nagegaan welke gronden omsloten door de wegen Bosscheweg, Vonderweg, Schoondonkseweg, Trentstraat, Brakenstraat en Mgr. Verhagenstraat een bestemming bedrijfsdoeleinden hebben. Het oudste nog vigerende bestemmingsplan voor dit gebied is Bedrijventerrein Bemmer vastgesteld door de raad d.d. 26 maart 1992. Aan de hand van deze bestemmingsplannen is de grens van het te zoneren industrieterrein bepaald. Alle percelen die de bestemming bedrijfsdoeleinden hebben vallen in ieder geval binnen de grens van het gezoneerd industrieterrein. Alle percelen die alleen een

Bedrijventerrein Bemmer geluidbeleid gemeente Laarbeek, proj.nr. 450522-E, d.d. 14-10-2009

1

woonbestemming hebben, dit betreft dus niet bedrijfswoningen, vallen buiten de grens van het gezoneerd terrein. Over het algemeen liggen deze percelen buiten het bedrijventerrein. De percelen Trentstraat 23, 25, 28, 30, 32, 36, 38 en 40 en Leekbusweg 1 en 3 met burgerwoningen liggen echter op het bedrijventerrein. Daarom is rond die percelen ook de grens van het gezoneerde terrein getrokken waardoor deze in een enclave komen te liggen die niet tot het gezoneerde terrein behoort. In bijlage 1 staat de grens van het gezoneerde industrieterrein weergegeven. De betekenis van het gezoneerd terrein is dat van alle inrichtingen die binnen de grens van het gezoneerd terrein vallen de geluidimmissie op de zonegrens wordt beschouwd. Let wel, het gezoneerd terrein geeft niet aan of op die gronden een bedrijf zich kan vestigen, dat wordt immers in het bestemmingsplan bepaald.

3.

ZONEGRENS Voor de zonegrens is in principe uitgegaan van de momenteel vergunde geluidruimte aan de inrichtingen gevestigd op het gezoneerde terrein. Voor braakliggende kavels of leegstaande panden is een geluidruimte gereserveerd. De cumulatieve geluidbelasting ten gevolge van de inrichtingen op het gezoneerde terrein mag analoog aan de Wet geluidhinder niet meer bedragen dan 50 dB(A) etmaalwaarde op de zonegrens. De zonegrens is zodanig gekozen dat er zo weinig mogelijk woningen binnen vallen. Immers wanneer een woning binnen de zonegrens valt, maar niet op het gezoneerde terrein is gelegen, zal de cumulatieve geluidbelasting hoger zijn dan 50 dB(A) etmaalwaarde waardoor de woonkwaliteit, afhankelijk van de mate van overschrijding, minder zal zijn. Echter direct tegen het bedrijventerrein Bemmer aan, met name aan de Mgr. Verhagenstraat, Brakenstraat en Trentstraat zijn een groot aantal woningen gelegen. Dit is een historisch gegroeide situatie. Het gedeelte van het bedrijventerrein Bemmer langs de Bosscheweg is een zeer oud terrein dat vanaf het midden van de 19e eeuw geleidelijk aan geheel gebruikt werd door de familie Van Thiel, een producent van draadnagels en tal van andere stalen bouwonderdelen. Zoals in die tijd gebruikelijk werden de arbeiderswoningen zo dicht mogelijk bij het bedrijf gebouwd.

Het gevolg hiervan is dat de milieukwaliteit van die woonomgeving in enige mate was aangetast. Door het stellen van regels aan de gevestigde bedrijven, aanvankelijk in het kader van de Hinderwet en later de Wet milieubeheer, is de milieukwaliteit van die woonomgeving verbeterd. Echter omdat de woningen zo dicht bij de bedrijven zijn gelegen is het niet mogelijk om een milieukwaliteit te bereiken die tegenwoordig als uitgangspunt voor een woonwijk wordt gesteld. Daarom wordt wat betreft geluid gestreefd naar wat een redelijke kwaliteit is voor de woonomgeving en waarbij de bedrijven hun normale bedrijfsvoering kunnen handhaven. Bij deze optimale woonkwaliteit is het noodzakelijk om een cumulatieve geluidbelasting van meer dan 50 dB(A) etmaalwaarde op de woningen toe te staan, maar als uitgangspunt wordt gesteld dat deze in ieder geval niet meer mag bedragen dan 55 dB(A) etmaalwaarde. Op basis van deze uitgangspunten is een 50 dB(A) zonegrens ontworpen. Deze staat in bijlage 1 weergegeven. Op de zonegrens zijn een aantal zonebewakingspunten gelegen waarbij bij het zonebeheer de cumulatieve geluidbelasting wordt berekend. In bijlage 2 staan de coördinaten van deze punten. Binnen deze zonegrens zijn een aantal woningen gelegen, waarop ook waarneempunten zijn gelegd.

Door berekeningen met het zonebeheermodel is gebleken dat de cumulatieve geluidbelasting van veel woningen beperkt kan worden tot ten hoogste 53 dB(A). Dit wordt voor die woningen opgenomen als maximaal toegestane geluidbelasting (MTG). Een aantal woningen kan een hogere geluidbelasting krijgen, daarvoor geldt als maximaal toegestane waarde 55 dB(A). Het betreft de woningen Brakenstraat 11, Trentstraat 23, 25, 28, 30, 32, 36, 38 en 40 en Leekbusweg 1 en 3. Deze woningen waarop een geluidbelasting van maximaal 53 of 55 dB(A) wordt toegestaan worden MTG-objecten genoemd. De waarneempunten op deze MTG-objecten staan in bijlage 1 weergegeven en de coördinaten ervan in bijlage 2.

2

Bedrijventerrein Bemmer geluidbeleid gemeente Laarbeek, proj.nr. 450522-E, d.d. 14-10-2009

4.

ZONEBEHEERMODEL Om de cumulatieve geluidbelasting op de zonegrens en de MTG-objecten te kunnen berekenen is een akoestisch model opgesteld voor het Bedrijventerrein Bemmer. Dit model kan straks ook gebruikt worden voor het zonebeheer. Met behulp van het programma Geonoise versie 5.43 van DGMR is een akoestisch model opgesteld voor het gehele bedrijventerrein en de omgeving. Daartoe zijn alle gebouwen in het gebied gemodelleerd. Wegen en water zijn als harde bodemgebieden (reflecterend) ingevoerd. Buiten de begrenzing van het bedrijventerrein zijn bodemgebieden ingevoerd die absorberend zijn: voor het buitengebied met een absorptiefactor van 1,0 en voor de woonwijken ten zuidoosten van de Zuid-Willemsvaart een absorptiefactor van 0,8. Voor het overige bodemgebied, het bedrijventerrein zelf, is een reflectiefactor 0,5 genomen. Indien van een inrichting de bronnen (situering, bronsterkte en bedrijfsduur) bekend waren zijn deze ingevoerd. Deze gegevens zijn voorhanden wanneer voor de inrichting een akoestisch onderzoek is verricht. In sommige gevallen is het mogelijk om een door een akoestisch bureau vervaardigd rekenmodel te converteren naar Geonoise, in andere gevallen dienen de gegevens uit het akoestisch onderzoek handmatig te worden ingevoerd. Van het grootste deel van de inrichtingen zijn echter geen gegevens over de aanwezige bronnen bekend.

Voor inrichtingen die een vigerende vergunning hebben of een melding in het kader van Barim hebben gedaan is één standaardbron ingevoerd met een bronsterkte van 95 dB(A) en een standaardspectrum voor industrielawaai zoals in onderstaande tabel staat weergegeven.

TABEL I:

GEBRUIKT STANDAARDSPECTRUM INDUSTRIELAWAAI

Frequentieband in Hz Lp in dB(A)

31,5 57,9

63 77,9

125 87,9

250 88,4

500 89,1

1000 88,7

2000 83,1

4000 77,3

8000 72,5

totaal 95,0

Voor de avond- en nachtperiode is de bronsterkte op 90 respectievelijk 85 dB(A) gesteld. De bronhoogte is gekozen 1,0 m boven dakhoogte. Vervolgens zijn de vergunningpunten als waarneempunt ingevoerd. De vergunningvoorschriften of standaardgeluidvoorschriften van het Barim zijn als toetswaarde toegekend aan die waarneempunten. Het bronvermogen van 95 dB(A) wordt nu zodanig aangepast dat op de vergunningpunten juist aan de daar geldende toetswaarde wordt voldaan. Voor de standaardvoorschriften is ervan uitgegaan dat deze gelden op de gevels van woningen van derden. Indien binnen 50 m geen woning aanwezig is, is de norm gesteld op 50 m afstand uit de grens van de inrichting. Op deze wijze is de vergunde situatie van elke inrichting in beeld gebracht. Voor leegstaande panden en braakliggende kavels is een bronvermogen van 95 dB(A) etmaalwaarde met een bronhoogte van 5 m ingevoerd. Dit bronvermogen geeft op 50 m afstand een geluidimmissie van 50 dB(A). Behalve de vergunningpunten zijn ook alle zonebewakingspunten en waarneempunten op MTG-objecten ingevoerd. In bijlage 4 is een plot weergegeven van het complete model met als peildatum 1 juni 2009.

5.

INVENTARISATIE INRICHTINGEN Om de inrichtingen op de wijze als in het vorige hoofdstuk vermeld in te kunnen voeren is een inventarisatie verricht van alle inrichtingen op het bedrijventerrein. Voor deze bedrijven worden de meest recente geluidvoorschriften uit de milieuvergunningen verzameld. Hierbij worden niet alleen de basisvergunningen, maar ook alle akoestisch relevante uitbreidingsvergunningen geïnventariseerd. De resultaten van deze inventarisatie staan in bijlage 3. De peildatum voor deze inventarisatie is 1 juni 2009. Onderstaand wordt een samenvatting gegeven van deze inventarisatie.

Bedrijventerrein Bemmer geluidbeleid gemeente Laarbeek, proj.nr. 450522-E, d.d. 14-10-2009

3

Totaal aantal bedrijven Wmb Type C (vergunningplichtige) bedrijven met vergunning aanvraag Type C (vergunningplichtige) bedrijven gemeente bevoegd gezag provincie bevoegd gezag Type B bedrijven met melding aanvraag Type A bedrijven Kavels of panden zonder Wmb-bedrijf Lege kavels of panden

6.

108 2 2 0 2 0 2 104 96 8 2 1 12

BEREKENING VERGUNDE SITUATIE Om te bepalen waar, uitgaande van de vergunde situatie van de inrichtingen, de 50 dB(A) contour ligt is een rasterberekening uitgevoerd. Over het bedrijventerrein en omgeving is een raster gelegd met een maaswijdte van 25 m en een waarneemhoogte van 5 m. De resultaten van deze berekening staan weergegeven in bijlage 6. Weergegeven staan de 50 dB(A) (etmaalwaarde) contour en de 55 dB(A) (etmaalwaarde) contour. Deze laatste is ook van belang omdat binnen deze laatste contour in ieder geval geen (burger)woningen mogen liggen. Ook zijn op alle (burger)woningen in de omgeving van het terrein, dus ook in de enclave, waarneempunten gelegd en is vervolgens berekend wat daar het equivalente geluidniveau is ten gevolge van alle inrichtingen. De resultaten op de zonegrens staan in bijlage 5. Uit deze resultaten blijkt dat op een aantal zonebewakingspunten een equivalent geluidniveau optreedt van meer dan 50 dB(A) etmaalwaarde en op een aantal woningen, niet gelegen op het industrieterrein, een equivalent geluidniveau van meer dan 55 dB(A).

7.

SANERING INRICHTINGEN De cumulatieve geluidbelasting op een aantal woningen, niet gelegen binnen de grens van het gezoneerde industrieterrein, bedraagt meer dan 55 dB(A). De hoogste geluidbelasting is 59 dB(A) op de achtergevel van Trentstraat 25. Dit is niet in overeenstemming met de uitgangspunten zoals geformuleerd in hoofdstuk 3. Daarom is bekeken of de bestaande inrichtingen gesaneerd kunnen worden en in hoeverre de gereserveerde geluidruimte voor leegstaande panden en braakliggende kavels beperkt moet worden. Bij sanering is uitgegaan van een zogenaamde papieren sanering. Dat wil zeggen dat de vergunde geluidruimte wel beperkt wordt doch dat de bedrijven op de huidige wijze kunnen blijven functioneren. Bestaande inrichtingen hebben in sommige gevallen geluidvoorschriften op maat vergund gekregen. Voor die inrichtingen is een akoestisch onderzoek verricht en is aan de hand daarvan de geluidruimte vergund die zij nodig hebben. Deze inrichtingen worden buiten de sanering gehouden. Inrichtingen waarvoor de provincie het bevoegd gezag is zijn niet in de sanering betrokken omdat de gemeente niet bevoegd is om de vigerende vergunning te wijzigen. Voor de overige inrichtingen is ervan uitgegaan dat een inrichting minimaal een bronvermogen van 85 dB(A) etmaalwaarde moet behouden. Op basis van bovenstaande is bekeken op wat de optimale reductie is van inrichtingen.

Daartoe zijn de resultaten van de oorspronkelijke berekeningen in een spreadsheet gezet. Per waarneempunt staat daarin wat de geluidimmissie is van elke inrichting of kavel. Ook wordt de cumulatieve geluidbelasting weergegeven. Voor de zonebewakingspunten waar de cumulatieve geluidimmissie de 50 dB(A) overschrijdt worden de meest maatgevende inrichtingen gereduceerd. Deze reductie wordt tegelijkertijd in rekening gebracht voor alle andere waarneempunten.

4

Bedrijventerrein Bemmer geluidbeleid gemeente Laarbeek, proj.nr. 450522-E, d.d. 14-10-2009

In bijlage 7 staat welke reductie per inrichting of per kavel noodzakelijk is. Deze reducties zijn weer ingevoerd in het rekenmodel in Geonoise en opnieuw zijn de geluidimmissies berekend op de zonebewakingspunten (bijlage 9). Hieruit blijkt dat er, na afronding, slecht op twee punten een geringe overschrijding is. Om deze overschrijding te niet te doen zullen bedrijven die aanvankelijk buiten de sanering zijn gehouden alsnog een reductie moeten krijgen. Bovendien is voor deze gereduceerde situatie een rasterberekening uitgevoerd en zijn de 50 en 55 dB(A) contouren bepaald (zie bijlage 8).

8.

VERGUNNINGVERLENING WET MILIEUBEHEER Aan een inrichting die zich vestigt op het Bedrijventerrein Bemmer wordt een vergunning verleend conform de Wet milieubeheer. Voor een inrichting die meldingsplichtig is worden maatwerkvoorschriften vastgesteld. Het bevoegd gezag voor de meeste inrichtingen is het college van Burgemeester en wethouders van de gemeente Laarbeek en in sommige gevallen het college van Gedeputeerde staten van de provincie Noord-Brabant. Bij de geluidvoorschriften worden grenswaarden gesteld aan het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr,LT)en het maximale geluidniveau (LAmax). Verder kan er ontheffing worden verleend tot een hogere waarde van de geluidbelasting die het gevolg is van indirecte hinder (verkeer van en naar de inrichting). Bij een gezoneerd industrieterrein worden de grenswaarden voor het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau bepaald middels toetsing aan de zone. Deze grenswaarden mogen niet tot gevolg hebben dat de cumulatieve waarde van 50 dB(A) op de zonegrens worden overschreden. Voor woningen gelegen binnen de zone maar niet op het gezoneerd industrieterrein geldt een hogere grenswaarde voor de cumulatieve geluidbelasting. Voor deze MTG-objecten geldt een maximaal toegestane geluidbelasting van 53 of 55 dB(A) etmaalwaarde.

Voor (bedrijfs)woningen gelegen op het gezoneerd industrieterrein wordt als grenswaarde voor het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau 55 dB(A) etmaalwaarde aangehouden, dezelfde waarde welke geldt voor het akoestisch gebiedstype “Industrie” zoals dat in het onderdeel geluidbeleid Wet milieubeheer van de gemeente Laarbeek wordt vermeld. Het betreft hier geen cumulatieve waarde. Omdat op het Bedrijventerrein Bemmer veel bedrijfswoningen voorkomen zou de zonetoetsing daardoor heel bewerkelijk worden. De grenswaarden voor het maximale geluidniveau volgen niet uit de zonetoetsing maar worden op dezelfde wijze bepaald als voor inrichtingen gelegen op andere bedrijventerreinen. In het onderdeel geluidbeleid Wet milieubeheer van de gemeente Laarbeek (proj.nr. 450522D, d.d. 12-2-2009) staat in hoofdstuk 4 vermeld: 4.6.LAmax algemeen Voor het maximaal geluidniveau (LAmax) op een vergunningpunt geldt een richtwaarde en tevens grenswaarde van 70 dB(A) etmaalwaarde, behalve voor vergunningpunten gelegen in gebieden type “Industrie”. 4.7.LAmax op bedrijventerreinen Voor woningen gelegen in een gebied type “Industrie” geldt dat een maximaal geluidniveau (LAmax) ten gevolge van enige inrichting van ten hoogste 75 dB(A) in elke beoordelingsperiode op de gevel toelaatbaar is.

Met betrekking tot indirecte hinder wordt in dat onderdeel van het geluidbeleid vermeld: 4.8.Indirecte hinder op bedrijventerreinen Voor inrichtingen gelegen in een gebied dat is aangeduid als type “Industrie” wordt de indirecte hinder ten gevolge van verkeer van en naar de inrichting niet beschouwd en beoordeeld. Deze regels zijn ook van toepassing op het Bedrijventerrein Bemmer.

Bedrijventerrein Bemmer geluidbeleid gemeente Laarbeek, proj.nr. 450522-E, d.d. 14-10-2009

5

9.

ZONEBEHEERPLAN

9.1.

Zonebeheer Na de zonering en sanering van Bedrijventerrein Bemmer dient de geluidzone middels toetsing aan grenswaarden gehandhaafd te worden. Met behulp van het zonebeheermodel is de akoestische situatie op het industrieterrein in beeld gebracht. Door toetsing van nieuwe vergunningaanvragen en meldingen aan bewakingsgrenswaarden kan vervolgens enerzijds de voor de bedrijven gereserveerde geluidruimte worden bewaakt en kunnen anderzijds omliggende woningen worden beschermd tegen een te hoge geluidbelasting. Voor elke inrichting die zich wil vestigen op het gezoneerde industrieterrein dient bekeken te worden of de geluidproductie van dat bedrijf past binnen de geluidruimte die voor het betreffende kavel gereserveerd is. Ook bij elke verandering van bestaande inrichtingen moet beoordeeld worden of dit past binnen de vastgestelde zone. Door het stellen van geluidvoorschriften in de vergunning of maatwerkvoorschriften bij de melding kan aan de inrichting een geluidruimte worden toegekend die zodanig is dat deze past binnen de geluidzone. Degene die de zone op deze wijze bewaakt is de zonebeheerder. Formeel voeren burgemeester en wethouders van de gemeente Laarbeek het zonebeheer. In de praktijk zal het beheer van het akoestisch rekenmodel en het geven van advies voor de te stellen geluidvoorschriften door de SRE Milieudienst verricht worden.

9.2.

Procedure In feite zijn er drie fasen bij de zonetoetsing: • Inpasbaarheid. Een inrichting geeft kenbaar zich te willen vestigen op het industrieterrein of vraagt een vergunning aan of dient een melding in. De inrichting geeft daarbij middels een zonetoetsingsformulier (zie bijlage 10) aan waar men zich wil vestigen, wat de voorgenomen activiteiten zijn en geeft zo mogelijk een indicatie van de te verwachten geluidproductie. Door de zonebeheerder wordt aangegeven aan welke randvoorwaarden moet worden voldaan wil de inrichting inpasbaar zijn binnen de zone. De inrichting dient middels een akoestisch onderzoek aan te tonen dat men aan die gestelde randvoorwaarden kan voldoen. Indien de akoestische situatie van de inrichting niet zo gecompliceerd is kan de zonebeheerder indicatief de benodigde geluidruimte berekenen, zodat een akoestisch onderzoek achterwege kan blijven. • Advies geluidvoorschriften Op basis van het akoestisch onderzoek of de indicatieve berekening wordt door de zonebeheerder een advies gegeven voor de te stellen geluidvoorschriften in de vergunning of als maatwerkvoorschriften bij een melding. • Implementatie Wanneer de vergunning verleend is of de maatwerkvoorschriften zijn vastgesteld door het bevoegd gezag wordt de inrichting geïmplementeerd in het zonebeheermodel.

Het bevoegd gezag zal in de meeste gevallen het college van Burgemeester en wethouders zijn van de gemeente Laarbeek en in sommige gevallen het college van Gedeputeerde staten van de provincie Noord-Brabant. Onderstaand is deze procedure stapsgewijs beschreven: • Het bedrijf wendt zich tot de gemeente met de wens zich te vestigen op een bepaalde locatie op het industrieterrein of indien het een bestaande inrichting betreft geeft men te kennen dat men de inrichting wil veranderen of uitbreiden. • De gemeente verstrekt een formulier (zie bijlage 10) dat door het bedrijf wordt ingevuld en wat aan de zonebeheerder ter beschikking wordt gesteld. • Op basis van het ingevulde formulier bekijkt de zonebeheerder of de inrichting inpasbaar is in de zone (zonetoetsing) en indien dat het geval is aan welke geluidvoorschriften dan

6

Bedrijventerrein Bemmer geluidbeleid gemeente Laarbeek, proj.nr. 450522-E, d.d. 14-10-2009

• • •

•

9.3.

moet worden voldaan. Tevens wordt bepaald of een akoestisch onderzoek noodzakelijk is. De zonebeheerder stelt de gemeente op de hoogte van zijn bevindingen. Indien blijkt dat de inrichting inpasbaar is binnen de zone kan de inrichting een aanvraag voor een milieuvergunning of een melding indienen bij het bevoegd gezag. Wanneer de aanvraag of melding vergezeld gaat van een akoestisch onderzoek wordt dit beoordeeld. Indien het akoestisch onderzoek een goed beeld geeft van de akoestische situatie van de inrichting en blijkt dat aan de door de zonebeheerder geadviseerde geluidvoorschriften kan worden voldaan, kan het bevoegd gezag de vergunning verlenen of maatwerkvoorschriften vaststellen. Wanneer de vergunning verleend is of de maatwerkvoorschriften vastgesteld zijn, dient het bevoegd gezag de beschikking en andere benodigde gegevens, zoals het akoestisch model van de inrichting, aan de zonebeheerder te verstrekken. De zonebeheerder verwerkt deze gegevens in het zonebeheermodel.

Akoestisch onderzoek Aan de hand van het aanvraagformulier voor de zonetoetsing wordt door de zonebeheerder bekeken of een akoestisch onderzoek noodzakelijk is. Indien uit de aanvraag een goede indicatie gegeven kan worden van de geluidemissie van de inrichting en de geluidimmissie op de zonebewakingspunten ten gevolge van de aangevraagde activiteiten te verwaarlozen is, kan een akoestisch onderzoek achterwege blijven. Wanneer een akoestisch onderzoek vereist is kan het akoestisch bureau dat het onderzoek verricht, gegevens omtrent het gezoneerde terrein opvragen bij de zonebeheerder. De SRE Milieudienst stelt een rekenmodel in de meest recente update van het programma Geomilieu beschikbaar. Wanneer het rekenmodel met objecten en waarneempunten beschikbaar gesteld wordt, kan het akoestisch bureau op het perceel van de inrichting de objecten en bronnen van die inrichting invoeren. Nadat men het akoestisch onderzoek heeft verricht kan men het rekenmodel ter beschikking stellen aan de zonebeheerder waardoor de implementatie in de geluidboekhouding een stuk eenvoudiger wordt. De eisen waaraan een akoestisch onderzoek moet voldoen staan beschreven in bijlage 11.

10.

BELEIDSREGELS 1. 2. 3. 4.

Bedrijventerrein Bemmer is een beleidsmatig gezoneerd industrieterrein. De grens van het gezoneerd terrein staat in bijlage 1 weergegeven. De 50 dB(A) zonegrens staat in bijlage 1 weergegeven. De cumulatieve geluidbelasting ten gevolge van de inrichtingen op het gezoneerde terrein mag niet meer bedragen dan 50 dB(A) etmaalwaarde op de zonegrens. 5. De cumulatieve geluidbelasting ten gevolge van de inrichtingen op het gezoneerde terrein mag niet meer bedragen dan 53 dB(A) op de gevels van de woningen gelegen binnen de zone maar niet op het industrieterrein. 6. Het voorgaande is niet van toepassing op de woningen Brakenstraat 11, Trentstraat 30, 32, 36, 38, 40 en Leekbusweg 1 en 3. Bij deze woningen mag de cumulatieve geluidbelasting ten gevolge van de inrichtingen op het gezoneerde terrein niet meer bedragen dan 55 dB(A) etmaalwaarde. 7. Voor woningen gelegen op het gezoneerd industrieterrein wordt als grenswaarde voor het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau 55 dB(A) etmaalwaarde aangehouden ten gevolge van elke afzonderlijke inrichting. 8. Inrichtingen gelegen op het bedrijventerrein Bemmer worden, zoveel als nodig, gesaneerd zodat de huidige overschrijding van de 50 dB(A) etmaalwaarde op de zonegrens en de maximaal toegestane geluidbelasting op de MTG-objecten teniet wordt gedaan. 9.

Elke inrichting die zich vestigt of wil uitbreiden wordt onderworpen aan de zonetoetsingsprocedure zoals omschreven in paragraaf 9.2. 10. Met betrekking tot geluidaspecten in de vergunningverlening, niet zijnde de grenswaarden voor het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau, is het geluidbeleid van toepassing zoals geformuleerd in het onderdeel Geluidbeleid Wet milieubeheer, gemeente Laarbeek.

Bedrijventerrein Bemmer geluidbeleid gemeente Laarbeek, proj.nr. 450522-E, d.d. 14-10-2009

7

BIJLAGE 1 Grens gezoneerd terrein, zonegrens, zonepunten, MTG-punten

BIJLAGE 21 Grens gezoneerd terrein, zonegrens, zonepunten, MTG-punten

Bedrijventerrein Bemmer Beek en Donk

Punt nr. Omschrijving X Y Hoogte in m Punt nr. Omschrijving Z 01 zonebewakingspunt 171870 394552 5 ZW01 Bemmerstraat 1, woning Z 02 zonebewakingspunt 171806 394644 5 ZW02 Bemmerstraat 2, woning Z 03 zonebewakingspunt 171748 394723 5 ZW03 Vonderweg 2, woning (gesloopt) BIJLAGE 2 Zonebewakingspunten op MTG-objecten Z 04 zonebewakingspunt 171673 394820 en waarneempunten 5 ZW04 Vonderweg 10, woning Z 05 zonebewakingspunt 171609 394906 5 ZW05a Trentstraat 8a, lg Z 06 zonebewakingspunt 171507 395042 5 ZW05b Trentstraat 8a, ag Z 07 zonebewakingspunt 171429 395145 5 ZW06a Trentstraat 10, lg Z 08 zonebewakingspunt 171328 395295 5 ZW06b Trentstraat 10, ag Z 09 zonebewakingspunt 171358 395393 5 ZW07a Trentstraat 12, lg Z 10 zonebewakingspunt 171411 395437 5 ZW07b Trentstraat 12, ag Z 11 zonebewakingspunt 171573 395442 5 ZW08a Brakenstraat 28, vg Z 12 zonebewakingspunt 171722 395419 5 ZW08b Brakenstraat 28, lg Z 13 zonebewakingspunt 171929 395521 5 ZW09a Brakenstraat 11, lg Z 14 zonebewakingspunt 172140 395642 5 ZW09b Brakenstraat 11, ag Z 15 zonebewakingspunt 172423 395762 5 ZW09c Brakenstraat 11, rg Z 16 zonebewakingspunt 172532 395547 5 ZW10 Brakenstraat 24, woning Z 17 zonebewakingspunt 172586 395393 5 ZW11 Brakenstraat 22, woning Z 18 zonebewakingspunt 172604 395247 5 ZW12 Brakenstraat 20, woning Z 19 zonebewakingspunt 172518 395135 5 ZW13 Brakenstraat 18, woning Z 20

zonebewakingspunt 172441 395028 5 ZW14 Brakenstraat 16, woning Z 21 zonebewakingspunt 172376 395023 5 ZW15 Brakenstraat 14, woning Z 22 zonebewakingspunt 172357 394971 5 ZW16 Brakenstraat 1, woning Z 23 zonebewakingspunt 172332 394904 5 ZW17 Mgr. Verhagenstraat 57, woning Z 24 zonebewakingspunt 172279 394862 5 ZW18 Mgr. verhagenstraat 55 woning Z 25 zonebewakingspunt 172214 394809 5 ZW19 Mgr. verhagenstraat 53 woning Z 26 zonebewakingspunt 172200 394739 5 ZW20 Mgr. Verhagenstraat 51, woning Z 27 zonebewakingspunt 172133 394694 5 ZW21 Mgr. Verhagenstraat 49, woning Z 28 zonebewakingspunt 172080 394664 5 ZW22 Mgr. verhagenstraat 47 woning Z 29 zonebewakingspunt 172031 394637 5 ZW23 Mgr. Verhagenstraat 45, woning Z 30 zonebewakingspunt 171935 394587 5 ZW24 Mgr. verhagenstraat 43 woning ZW25 Mgr. Verhagenstraat 41, woning ZW26 Mgr. verhagenstraat 39 woning ZW27 Mgr. Verhagenstraat 37, woning ZW28 Mgr. verhagenstraat 35 woning ZW29 Mgr. Verhagenstraat 33, woning ZW30 Mgr. Verhagenstraat 31, woning ZW31 Mgr. Verhagenstraat 29 woning ZW32 Mgr. Verhagenstraat 27 ZW33 Mgr. Verhagenstraat 25, woning ZW34 Mgr. Verhagenstraat 23 ZW35 Mgr. Verhagenstraat 21, woning ZW36 Mgr. Verhagenstraat 19, woning ZW37 Mgr. Verhagenstraat 17 woning ZW38 Mgr. Verhagenstraat 15, woning ZW39 Mgr. Verhagenstraat 13, woning ZW40 Mgr. Verhagenstraat 17 woning

Bewakingspunten en waarneempunten op MTG-objecten

BIJLAGE 2

X Y Gevel Omschr. Hoogte in m 171405 395355 B424 woning 5 171439 395388 B422 woning 5 172077 395511 B178 woning 5 172194 395567 B168 woning 5 172343 394998 B154 woning 5 172352 395007 B155 woning 5 172325 395003 B152 woning 5 172331 395013 B153 woning 5 172300 395014 B149 woning 5 172306 395016 B149 woning 5 172256 394995 B179 woning 5 172261 394996 B179 woning 5 172218 394955 B185 woning 5 172214 394963 B187 woning 5 172224 394967 B186 woning 5 172251 394961 B184 woning 5 172247 394950 B188 woning 5 172244 394934 B190 woning 5 172242 394929 B192 woning 5 172241 394922 B195 woning 5 172240 394918 B196 woning 5 172186 394799 B257 woning 5 172166 394737 B260 woning 5 172161 394734 B262 woning 5 172154 394729 B264 woning 5 172148 394725 B268 woning 5 172138 394720 B269 woning 5 172131 394716 B272 woning 5 172122 394709 B273 woning 5 172115 394707 B274 woning 5 172112 394706 B277 woning 5 172101 394702 B280 woning 5 172091 394703 B282 woning 5 172083 394697 B288 woning 5 172077 394698 B296 woning 5 172053 394688 B297 woning 5 172052 394684 B300 woning 5 172049 394681 B301 woning 5 172044 394683 B302 woning 5 172034 394669 B303 woning 5 172032 394667 B305 woning 5 172026 394663 B307 woning 5 172020 394660 B337 woning 5 172014 394657 B335 woning 5 172001 394655 B325 woning 5 171998 394653 B325 woning 5

Punt nr. Omschrijving ZW42 Mgr. Verhagenstraat 3, woning ZW42 Mgr. Verhagenstraat 9, woning ZW43 Bosscheweg 20, 20A, woningen ZW44 Bosscheweg 22, woning ZW45a Trentstraat 23, vg ZW45b Trentstraat 23, rg ZW45c Trentstraat 23, ag ZW45d Trentstraat 23, rg ZW46a Trentstraat 25, vg ZW46b Trentstraat 25, lg ZW46c Trentstraat 25, ag ZW46d Trentstraat 25, lg ZW47a Trentstraat 40, vg ZW47b Trentstraat 40, lg ZW47c Trentstraat 40, ag ZW47d Trentstraat 40, rg ZW48a Trentstraat 38, vg ZW48b Trentstraat 38, lg ZW48c Trentstraat 38, ag ZW48d Trentstraat 38, rg ZW49a Trentstraat 36, vg ZW49b Trentstraat 36, lg ZW49c Trentstraat 36, ag ZW49d Trentstraat 36, rg ZW50a Trentstraat 32, vg ZW50b Trentstraat 32, lg ZW50c Trentstraat 32, ag ZW50d Trentstraat 32, rg ZW51a Trentstraat 30, vg ZW51b Trentstraat 30, lg ZW51c Trentstraat 30, ag ZW51d Trentstraat 30, rg ZW52a Trentstraat 28, vg ZW52b Trentstraat 28, lg ZW52c Trentstraat 28, ag ZW52d Trentstraat 28, rg ZW53a Leekbusweg 1, vg ZW53b Leekbusweg 1, lg ZW53c Leekbusweg 1, ag ZW53d Leekbusweg 1, rg ZW54a Leekbusweg 3, vg ZW54b Leekbusweg 3, lg ZW54c Leekbusweg 3, ag ZW54d Leekbusweg 3, rg

X 171950 171992 171922 171910 171965 171967 171964 171960 171953 171955 171947 171942 171851 171842 171836 171848 171864 171857 171856 171866 171882 171876 171875 171885 171941 171935 171937 171944 171971 171964 171967 171978 172004 171996 172015 172017 171975 171972 171964 171972 171967 171961 171954 171961

Y 394640 394642 394624 394633 395140 395133 395130 395139 395146 395140 395128 395142 395153 395150 395160 395158 395161 395162 395168 395168 395172 395173 395180 395178 395181 395185 395191 395185 395171 395178 395184 395176 395151 395160 395161 395151 395256 395250 395258 395262 395284 395273 395278 395284

Gevel B326 B333 B330 B329 B049 B049 B049 B049 B052 B052 B054 B055 B067 B069 B068 B067 B064 B064 B065 B064 B061 B061 B063 B061 B059 B059 B060 B059 B058 B056 B056 B057 B048 B048 B047 B047 B131 B131 B132 B131 B134 B133 B133 B133

Omschr. Hoogte in m woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5 woning 5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Laarbeek&id=c2b2b35f-e1c4-4f71-a20b-66b57ba694dd