CConstaterende datLaarbeek
Koppel je AI →
Document · PDF

6 20230126 Was-Wordt tabel wijzigingen APV 2023.docx

Commissie Sociale & Algemene Zaken 26 januari 2023, gemeente LaarbeekBij agendapunt: Voorstel tot vaststelling van de wijziging op de Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Laarbeek 20231.918 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Wijzigingen APV 2023 Artikel 2.12 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 2:12 Maken, veranderen van een uitweg

Artikel 2:12 Maken, veranderen van een uitweg

1.Het is verboden een uitweg te maken naar de weg of verandering te brengen in een bestaande uitweg naar de weg als: a. daarvan niet van tevoren melding is gedaan aan het college, onder indiening van een situatieschets van de gewenste uitweg en een foto van de bestaande situatie; of b. het college het maken of veranderen van de uitweg heeft verboden. 2.Van de melding wordt kennis gegeven op de in de gemeente gebruikelijke wijze van bekendmaking. 3.Het college verbiedt het maken of veranderen van de uitweg als: a. daardoor het verkeer op de weg in gevaar wordt gebracht; b. dat zonder noodzaak ten koste gaat van een openbare parkeerplaats; c. het openbaar groen daardoor op onaanvaardbare wijze wordt aangetast; of d. er sprake is van een uitweg van een perceel dat al door een andere uitweg wordt ontsloten, en de aanleg van deze tweede uitweg ten koste gaat van een openbare parkeerplaats of het openbaar groen. 4.De uitweg kan worden aangelegd als het college niet binnen vier weken na ontvangst van de melding heeft beslist dat de gewenste uitweg wordt verboden. 5.Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Wet beheer rijkswaterstaatswerken, de waterschapskeur of de provinciale wegenverordening.

1.Het is verboden zonder vergunning van het college van burgemeester en wethouders een uitweg te maken naar de weg of verandering te brengen in een bestaande uitweg naar de weg. 2.Een aanvraag om vergunning wordt ingediend met een daarvoor vastgesteld formulier. 3.In afwijking van het bepaalde in artikel 1:8 kan de vergunning worden geweigerd in het belang van: a.de bruikbaarheid van de weg; b. het veilig en doelmatig gebruik van de weg; c.de bescherming van het uiterlijk aanzien van de omgeving; d.de bescherming van groenvoorzieningen in de omgeving. 4.Per situatie worden de inrichtingseisen en de breedte van de uitweg bepaald. 5.Een tweede (of derde) uitweg bij woningen is een uitzonderingsituatie. Elke aanvraag hiervoor wordt individueel beoordeeld op verkeersveiligheid, parkeersituatie en bescherming van het uiterlijk aanzien en de groenvoorzieningen in de omgeving. 6.Een uitweg voor parkeren in de voortuin is niet toegestaan, tenzij dat op basis van het ter plaatse geldende bestemmingsplan is toegestaan. 7.Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve beschikking van rechtswege bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

8.Het verbod is niet van toepassing op beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot een weg of waterstaatswerk waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de Omgevingswet, provinciale omgevingsverordening of waterschapsverordening.

Artikel 2.24 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst Artikel 2.24 Definities

Nieuwe tekst Artikel 2.24 Definities

1. d. het in een inrichting in de zin van de Drankeen Horecawet gelegenheid geven tot dansen;

1. d. het in een inrichting in de zin van de Alcoholwet gelegenheid geven tot dansen;

Artikel 2.25 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst Artikel 2:25 Evenementenvergunning 1. Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren. 2. Bij de indiening van de vergunningaanvraag worden de gegevens, bedoeld in artikel 2.3 van het Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen, aangeleverd voor zover voor het evenement een gebruiksmelding zou moeten worden gedaan op grond van artikel 2:1, eerste lid, van het Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen. 3. Het verbod is niet van toepassing op een wedstrijd op of aan de weg, in situaties waarin voorzien wordt door artikel 10 juncto 148 van de Wegenverkeerswet 1994. 4. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan de burgemeester een vergunning voor een vechtsportevenement als bedoeld in artikel 2:24, tweede lid, aanhef en onder f, weigeren als de organisator of de aanvrager van de vergunning van slecht levensgedrag is. 5. Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing. .

Nieuwe tekst Artikel 2:25 Evenementenvergunning 1. Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren. 2. Bij de indiening van de vergunningaanvraag worden de gegevens, bedoeld in artikel 2.3 van het Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen, aangeleverd voor zover voor het evenement een gebruiksmelding zou moeten worden gedaan op grond van artikel 2:1, eerste lid, van het Besluit brandveilig gebruik en basishulpverlening overige plaatsen. 3. Het verbod is niet van toepassing op een wedstrijd op of aan de weg, in situaties waarin voorzien wordt door artikel 10 juncto 148 van de Wegenverkeerswet 1994. 4. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan de burgemeester een vergunning voor een vechtsportevenement als bedoeld in artikel 2:24, tweede lid, aanhef en onder f, weigeren als de organisator of de aanvrager van de vergunning van slecht levensgedrag is. 5. Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing. 6. In afwijking van het eerste lid kan worden volstaan met een melding indien voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: a. het aantal bezoekers, inclusief deelnemers, niet meer bedraagt dan 100 personen tegelijkertijd; b. het evenement plaatsvindt tussen 08.00 uur en 24.00 uur c.

geen live muziek en/of versterkte muziek ten gehore wordt gebracht d. op de locatie geen ander evenement plaatsvindt e. er geen inzet van hulpdiensten nodig is;

f. het evenement geen carnavalsoptocht, vechtsportgala, auto- of motorsportevenement betreft 7. De melding als bedoeld in het zesde lid moet tenminste 4 weken voorafgaand aan het evenement zijn ingediend. 8. De burgemeester kan twee weken na ontvangst van de melding besluiten dat het organiseren van het evenement als bedoeld in het zesde lid wordt verboden als daardoor de openbare orde, openbare veiligheid, volksgezondheid of het milieu in gevaar komt.

Artikel 2.48 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst Artikel 2.48 Verboden drankverbruik

Nieuwe tekst Artikel 2.48 Verboden drankverbruik

2. Het verbod is niet van toepassing op: a. een terras dat behoort bij een horecabedrijf als bedoeld in artikel 1 van de Drank- en Horecawet; b. een andere plaats dan een horecabedrijf als bedoeld onder a, waarvoor een ontheffing geldt krachtens artikel 35 van de Drank- en Horecawet.

2. Het verbod is niet van toepassing op: a. een terras dat behoort bij een horecabedrijf als bedoeld in artikel 1 van de Alcoholwet; b. een andere plaats dan een horecabedrijf als bedoeld onder a, waarvoor een ontheffing geldt krachtens artikel 35 van de Alcoholwet.

Nieuw wordt toegevoegd na artikel 2:79 Afdeling 13 Huisvesting arbeidsmigranten (hoofdstuk 2) Artikel 2:80 Begripsbepalingen In deze afdeling wordt verstaan onder: a. arbeidsmigranten: personen die hun vaste woon- of verblijfplaats in een ander Europees land dan Nederland hebben en op grond van een Europees paspoort of een tewerkstellingsvergunning legaal in Nederland werkzaam zijn; b. huisvestingsvoorziening: voor (tijdelijke) bewoning van arbeidsmigranten geschikt gemaakte woningen of gebouwen of tijdelijke bouwwerken; c. logies: het bedrijfsmatig (nacht)verblijf aanbieden, waarbij de betreffende persoon het hoofdverblijf elders heeft; e. kamerverhuur: de verhuur van onzelfstandige woonruimte. Onzelfstandige woonruimte is een woonruimte die geen eigen toegang heeft (geen eigen voordeur) of die niet op zichzelf kan functioneren als woning en waarbij arbeidsmigranten geen gezamenlijk huishouden vormen. f. peelregio: subregio bestaande uit de gemeenten Asten, Deurne, Gemert-Bakel, Helmond, Laarbeek en Someren g. slaapplaatsen: het aantal arbeidsmigranten dat mag worden gehuisvest in een huisvestingsvoorziening, zoals bepaald in nadere regels of gemeentelijk beleid of

volgt uit de exploitatievergunning als bedoeld in het volgende artikel of een omgevingsvergunning. Artikel 2:81 Exploitatievergunning huisvestingsvoorziening arbeidsmigranten 1. Het is verboden zonder vergunning van het college een huisvestingsvoorziening te exploiteren voor de huisvesting van arbeidsmigranten die geen gezamenlijk huishouden vormen. 2. Een vergunning wordt per huisvestingsvoorziening aangevraagd door: a. een in de peelregio gevestigde ondernemer ten behoeve van de huisvesting van voor zijn onderneming werkzame arbeidsmigranten; b. een Algemene Branchevereniging voor Uitzendondernemingen (ABU) of een door de Vereniging van Internationale Arbeidsbemiddelaars (VIA) gecertificeerd uitzendbureau welke werkzaam is in de peelregio. d. de eigenaar van een huisvestingsvoorziening. 3. Een aanvraag om vergunning vindt plaats aan de hand van een door het college vastgesteld formulier. 4. Het college kan ter bescherming van de belangen als genoemd in artikel 1:8 en in het belang van de bescherming van de woon- en leefomgeving nadere regels stellen. 5. Een vergunning wordt verleend voor een bepaald aantal slaapplaatsen. 6. Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing. 7.

Het gestelde in het eerste lid geldt niet wanneer er tevens een omgevingsvergunning vereist is voor de huisvesting, zoals bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de wet waarbij met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2°, van de wet van het bestemmingsplan of de beheersverordening wordt afgeweken. Artikel 2:82 Weigeringsgronden Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 weigert het college de exploitatievergunning indien: a. aannemelijk is dat de woon- en leefsituatie in de omgeving van de huisvestingsvoorziening op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed; b. het beoogde gebruik in strijd is met het bestemmingsplan en/of wanneer er tevens een omgevingsvergunning vereist is voor de huisvesting, zoals bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de wet, waarbij met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2°, van de wet van het bestemmingsplan of de beheersverordening wordt afgeweken. c. niet voldaan wordt aan het Beleidskader huisvesting arbeidsmigranten Laarbeek 2022 dan wel de regeling die daarop volgt Artikel 2:83 Vergunningsduur Het college kan een exploitatievergunning voor maximaal 10 jaar verlenen, met mogelijkheid tot verlenging met telkens 5 jaar Artikel 2:84 Verschaffing gegevens nachtregister Op deze afdeling is artikel 2:38 van overeenkomstige toepassing voor zover er sprake is van nachtverblijf.

Artikel 5:13 wordt als volgt gewijzigd Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 5:13 Inzameling van geld of goederen of leden- of donateurwerving 1.Het is verboden een openbare inzameling van geld of goederen te houden of daartoe een intekenlijst aan te bieden indien daardoor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu in gevaar komt, dan wel in het openbaar leden of donateurs te werven als daarbij te kennen wordt gegeven of de indruk wordt gewekt dat de opbrengst geheel of ten dele voor een liefdadig of ideëel doel is bestemd.

Artikel 5:13 Inzameling van geld of goederen of leden- of donateurwerving 1. Het is verboden een openbare inzameling van geld of goederen te houden of daartoe een intekenlijst aan te bieden of om in het openbaar leden of donateurs te werven indien daardoor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu in gevaar komt.

2.Onder een inzameling als bedoeld in het eerste lid wordt mede verstaan het aanvaarden van geld of goederen bij het aanbieden van diensten of goederen, waartoe ook worden gerekend geschreven of gedrukte stukken, als daarbij te kennen wordt gegeven of de indruk wordt gewekt dat de opbrengst geheel of ten dele voor een liefdadig of ideëel doel is bestemd.

2. Onder een inzameling als bedoeld in het eerste lid wordt mede verstaan het aanvaarden van geld of goederen bij het aanbieden van diensten of goederen, waartoe ook worden gerekend geschreven of gedrukte stukken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Laarbeek&id=d5e630dd-0f06-41f9-ae8c-195c95bc0be3