CConstaterende datLaarbeek
Koppel je AI →
Document · PDF

6 20220706 Bijlagen bij ontwerpbestemmingsplan Lekerstraat ong..pdf

Commissie Ruimtelijke Zaken 6 juli 2022, gemeente LaarbeekBij agendapunt: Voorstel tot vaststelling van het bestemmingsplan Lekerstraat ong. Beek en Donk18.129 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Bijlage 1

Situatietekening beoogde situatie

Ruimtelijke onderbouwing Lekerstraat ong., Beek en Donk

t Lekerstraa

grens woonbestemming (3.385 m²)

halfverharding

P

tuin

P

erfverharding

halfverharding

P

Nieuwe woning

perk

perk

P

Nieuw bijbehorend P bouwwerk P

tuin

P

erfverharding

Nieuwe loods

Situatietekening beoogde situatie

Lekerstraat ong. Beek en Donk Schaal 1:1.000 (formaat tekening A4) d.d. 24-02-2022 versie 02

Bijlage 2

Berekening investering kwaliteitsverbetering landschap

Ruimtelijke onderbouwing Lekerstraat ong., Beek en Donk

Berekening investering kwaliteitsverbetering landschap Lekerstraat ong. Beek en Donk Waardevermeerdering van de grond Huidige waarde Bedrijf - onbebouwd (huidige situatie Pater van den Burgtweg 1 als uitgangssituatie)

m2 Eenheid m2

Aantal 1000

Prijs/eenheid €

Totaal 80,00

subtotaal Toekomstige waarde Bedrijf - bebouwd (beoogde situatie Lekerstraat ong. Beek en Donk: loods 1.000 m²)

Eenheid m2

Aantal 1000

€

80.000,00

€

80.000,00

Prijs/eenheid €

Totaal 160,00

subtotaal Totaal waardevermeerdering

€

160.000,00

€

160.000,00

€

80.000,00

€

16.000,00

Investering Basisinspanning investering (20%)

Soort investering Aanleg waterbergingsvoorziening Aanleg infiltratiegreppel/waterbergingsvoorziening (ontgraven en verwerken grond)

Aanleg beplanting Aanplant laanbomen (17 stuks) Aanplant knotbomen (11 stuks) Aanplant hoogstamfruitbomen (10 stuks) Aanplant beukenhaag (enkele rij) (48 meter, 5 planten per m1) Aanplant struweelhagen (106 m²) (plantverband: 1,25 x 1,25 m) Aanplant vrijgroeiende haag (110 m²; breedte: 2,5 m) Aanplant struweelbosjes (op grondwal) (280 m²) (plantverband: 1,25 x 1,25 m)

Aanleg grondwal tegen loods Aanleg grondwal Aanleg keerwand (70 delen à 2 m hoog, 1 m breed)

Eenheid m³

Eenheid stuks stuks stuks stuks stuks stuks stuks

Eenheid m³ stuks

Aantal 400

Aantal 17 11 10 240 70 70 180

Aantal 700 70

€

€ € € € € € €

€ €

Prijs/eenheid (incl. BTW) 5,51

Prijs/eenheid (incl. BTW) 76,77 20,33 76,77 1,85 1,85 1,85 1,85

Prijs/eenheid (incl. BTW) 5,51 140,00

Conform 1

€

Totaal 2.204,00

subtotaal

€

2.204,00

Conform 1 1 1 1 1 1 1

€ € € € € € €

1.305,09 223,63 767,70 444,00 129,50 129,50 333,00

subtotaal

€

3.332,42

Conform 1 1

€ €

3.857,00 9.800,00

subtotaal

€

13.657,00

Totaal

Totaal

Verplichte basisinspanning TOTAAL 1: Normen Subsidieregeling Stimuleringskader Landschap Noord-Brabant

€

16.000,00

Investering €

19.193,42

Bijlage 3

Berekening stikstofdepositie Aerius Calculator

Ruimtelijke onderbouwing Lekerstraat ong., Beek en Donk

Onderbouwing invoergegevens Realisatiefase Gedurende de bouwwerkzaamheden van de Ruimte-voor-ruimtewoning met bijbehorend bouwwerk en loods van 1.000 m2 (realisatiefase) treden er mogelijk effecten op zoals een tijdelijke toename van concentraties aan luchtverontreinigende stoffen. Tijdelijk zal er werkverkeer rijden van en naar de locatie. Het gaat om een aantal verkeersbewegingen samen met de (vaak mobiele) bronnen die bij de bouw gebruikt worden. Deze verkeersbewegingen en de inzet van mobiele bronnen leiden mogelijk tot stikstofdepositie op Natura2000-gebieden. Verkeersgeneratie Het bouwproject genereert voor een periode van circa 6 maanden een toename aan licht, middelzwaar en zwaar verkeer. Tijdens de realisatiefase heeft men te maken met de volgende activiteiten waarbij sprake is van verkeer van en naar de inrichting. In de Aerius Calculator zijn zij ingevoerd als een lijnbron, zowel voor de heen- als terugreis. Tabel 1: Verkeersbewegingen realisatie ruimte-voor-ruimtewoning met bijbehorend bouwwerk en loods Afvoer zand ten behoeve van realisatie woning, 75 vrachtwagens (150 vervoersbewegingen) bijbehorend bouwwerk en loods Aanvoer bouwmaterialen Verkeersbewegingen bestelbus personeel bouwbedrijf 2 bestelbussen per dag (130 in totaal) (260 vervoersbewegingen) Verkeersbewegingen met auto diverse 2 auto’s per dag (130 in totaal) (260 vervoersbewegingen)

Draaiuren en eigenschappen van mobiele werktuigen Op het terrein zelf worden ten behoeve van de bouw van de ruimte-voor-ruimte-woning met bijbehorend bouwwerk en loods van 1.000 m2 een loader, een graafmachine en een hijskraan ingezet. De precieze cijfers hiervan zijn onbekend. Derhalve is een schatting gemaakt van het aantal draaiuren van mobiele werktuigen. Hierbij is uitgegaan van het bouwrijp maken en realiseren van het project. In de navolgende tabel zijn de ingevoerde eigenschappen van de mobiele werktuigen uiteengezet. In de Aerius Calculator zijn zij ingevoerd als een vlakbron. Tabel 2: Gebruik mobiele werktuigen realisatie ruimte-voor-ruimtewoning met bijbehorend bouwwerk en loods Laadschop op banden ten behoeve van Vermogen: 100 kW bouwwerkzaamheden Bouwjaar: vanaf 2015 Draaiuren: 10 werkdagen (8 uur per dag) Belasting gedurende werkuren: 55% Graafmachine ten behoeve van bouwwerkzaamheden Vermogen: 200 kW Bouwjaar: vanaf 2014 Draaiuren: 10 werkdagen (8 uur per dag) Belasting gedurende werkuren: 69% Hijskraan ten behoeve van bouwwerkzaamheden Vermogen: 200 kW Bouwjaar: vanaf 2014 Draaiuren: 20 werkdagen (8 uur per dag) Belasting gedurende werkuren: 69%

Ruimtelijke onderbouwing Lekerstraat ong., Beek en Donk

Gebruiksfase Voor de gebruiksfase is een berekening gemaakt van de stikstofdepositie als gevolg van de nieuwe ontwikkeling, hierna beoogde situatie genoemd. Beoogde situatie De locatie Lekerstraat ong. te Beek en Donk betreft een onbebouwd landbouwperceel. In de beoogde situatie wordt er een ruimte-voor-ruimte-woning met bijbehorend bouwwerk en een loods van 1.000 m2 opgericht. Verkeersbewegingen Het aantal verkeersbewegingen als gevolg van de beoogde ontwikkeling betreft 17. Uitgegaan wordt van de ‘Kencijfers parkeren en verkeersgeneratie’ (CROW, 2019). Voor een vrijstaande koopwoning in het buitengebied geldt een norm voor verkeersgeneratie van 8,6 verkeersbewegingen per dag. Ten aanzien van de opslag en stalling gaat het naar verwachting om maximaal 8 verkeersbewegingen per dag, gebaseerd op vergelijkbare initiatieven.

Ruimtelijke onderbouwing Lekerstraat ong., Beek en Donk

Projectberekening

Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.

Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron

Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers

Projectberekening

Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie

Activiteit

Omschrijving Toelichting

Berekening

Agron Advies Lekerstraat ong. , 5741 SM Beek en Donk Lekerstraat ong. Realisatiefase oprichting ruimte-voor-ruimtewoning met bijgebouw en loods van 1.000 m2

AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie

RiLA61yEgPWS 24 februari 2022, 21:41 Wnb-rekengrid

Totale emissie

Rekenjaar 2022

Resultaten

Hoogste depositie Hexagon 0,00 ha 0,00 ha 0,00 mol/ha/j 0,00 mol/ha/j

Realisatiefase - Beoogd Realisatiefase - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename van depositie Grootste afname van depositie

RiLA61yEgPWS (24 februari 2022)

Emissie NH3 0,1 kg/j

Emissie NOx 36,1 kg/j Gebied

2/6

Projectberekening

Realisatiefase (Beoogd), rekenjaar 2022 Emissiebronnen

Emissie Emissie NH3 NOx

werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Mobiele 0,0 kg/j 4,0 kg/j 2 Mobiele werktuigen; Laadschop werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Mobiele 0,0 kg/j 8,8 kg/j 3 Mobiele werktuigen; Graafmachine werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Mobiele 0,1 kg/j 22,1 kg/j 4 Mobiele werktuigen; Hijskraan 0,0 kg/j 1,2 kg/j  Verkeersnetwerk

RiLA61yEgPWS (24 februari 2022)

3/6

Projectberekening

Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.

500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn

Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald

Grootste afname van depositie Grootste toename van depositie Hoogste totale depositie De bronnen op de kaart horen bij de Beoogde situatie. RiLA61yEgPWS (24 februari 2022)

4/6

Projectberekening

Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Realisatiefase" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Totaal

RiLA61yEgPWS (24 februari 2022)

Berekend (ha Hoogste totale Met toename Grootste gekarteerd) depositie (ha gekarteerd) toename (mol/ha/jr) (mol/ha/jr)

0,00

0,00

0,00

0,00

Met afname (ha Grootste gekarteerd) afname (mol/ha/jr)

0,00

0,00

5/6

Projectberekening

Realisatiefase, Rekenjaar 2022 2 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning Naam

Mobiele Uittreedhoogte werktuigen; Warmteinhoud Laadschop Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele Variatie Standaard Profiel Industrie

4,0 m 0,000 MW

NOx NH3

4,0 kg/j 0,0 kg/j

3 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning Naam

Mobiele Uittreedhoogte werktuigen; Warmteinhoud Graafmachine Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele Variatie Standaard Profiel Industrie

4,0 m 0,000 MW

NOx NH3

8,8 kg/j 0,0 kg/j

4 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning Naam

Mobiele Uittreedhoogte werktuigen; Warmteinhoud Hijskraan Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele Variatie Standaard Profiel Industrie

4,0 m 0,000 MW

NOx NH3

22,1 kg/j 0,1 kg/j

Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 2021.0.4_20220217_5a8b67b7c6 Database versie 2021.0.4_5a8b67b7c6 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/

RiLA61yEgPWS (24 februari 2022)

6/6

Projectberekening

Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.

Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron

Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers

Projectberekening

Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie

Activiteit

Omschrijving Toelichting

Berekening

Agron Advies Lekerstraat ong., 5741 SM Beek en Donk Lekerstraat ong. Gebruiksfase ruimte-voor-ruimtewoning met bijgebouw en loods van 1.000 m2

AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie

RuUW9pZtvvqz 24 februari 2022, 21:43 Wnb-rekengrid

Totale emissie

Rekenjaar 2022

Resultaten

Hoogste depositie Hexagon 0,00 ha 0,00 ha 0,00 mol/ha/j 0,00 mol/ha/j

Gebruiksfase - Beoogd Gebruiksfase - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename van depositie Grootste afname van depositie

RuUW9pZtvvqz (24 februari 2022)

Emissie NH3 0,3 kg/j

Emissie NOx 2,2 kg/j Gebied

2/6

Projectberekening

Gebruiksfase (Beoogd), rekenjaar 2022 Emissiebronnen  Verkeersnetwerk

RuUW9pZtvvqz (24 februari 2022)

Emissie NH3 0,3 kg/j

Emissie NOx 2,2 kg/j

3/6

Projectberekening

Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.

500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn

Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald

Grootste afname van depositie Grootste toename van depositie Hoogste totale depositie De bronnen op de kaart horen bij de Beoogde situatie. RuUW9pZtvvqz (24 februari 2022)

4/6

Projectberekening

Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Gebruiksfase" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Totaal

RuUW9pZtvvqz (24 februari 2022)

Berekend (ha Hoogste totale Met toename Grootste gekarteerd) depositie (ha gekarteerd) toename (mol/ha/jr) (mol/ha/jr)

0,00

0,00

0,00

0,00

Met afname (ha Grootste gekarteerd) afname (mol/ha/jr)

0,00

0,00

5/6

Projectberekening

Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 2021.0.4_20220217_5a8b67b7c6 Database versie 2021.0.4_5a8b67b7c6 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/

RuUW9pZtvvqz (24 februari 2022)

6/6

Bijlage 4

Rapportage quickscan flora en fauna

Ruimtelijke onderbouwing Lekerstraat ong., Beek en Donk

29-04-2021

QuickScan flora en fauna Lekerstraat ongenummerd, Beek en Donk

R.J.L. Bijvelds (Rik) ECOLOOG BNL ADVIES Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Verkennend onderzoek naar de aanwezigheid van vaste rust- en verblijfplaatsen van beschermde flora en fauna, op en aangrenzend aan de locatie: Lekerstraat ongenummerd te Beek en Donk

BNL advies Telefoonstraat 2 5428 GJ Venhorst T: 06 18 90 46 06 E: info@bnladvies.nl W: www.bnladvies.nl

Opdrachtgever:

Fam. vd Wijdeven Dhr. A. vd Wijdeven Pater van der Burgtweg 1 5741 SH Beek en Donk

Status: Versie: Datum: Auteur:

definitief 21086.QFF01 29-4-2021 Ing. R.J.L. Bijvelds (Rik)

© copyright BNL advies 2021 Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of welke wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteursrechthebbende. BNL advies kan door opdrachtgever niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die voortvloeit uit gebruik van data of gegevens of door toepassing van aanbevelingen en conclusies, die zijn opgenomen in deze rapportage. Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Pagina

Opgesteld door:

1

Colofon:

Inhoud Colofon: ...................................................................................................1 1.

Inleiding .............................................................................................4

2.

Toelichting onderzoekskader .....................................................................5 2.1

2.1.1

Bescherming van gebieden .............................................................5

2.1.2

Bescherming van soorten ...............................................................5

2.1.3

Bescherming van houtopstanden ......................................................5

2.2

Omschrijving plangebied ..........................................................................7 3.1

Algemeen.......................................................................................7

3.2

Voorgenomen ontwikkeling ..................................................................8

3.2.1

De kavel ...................................................................................8

3.2.2

Beplantingen in directe omgeving ....................................................8

3.3

Vooronderzoek ................................................................................9

Onderzoeksresultaten beschermde soorten .................................................. 10 4.1

Algemeen..................................................................................... 10

4.2

Soorten vogelrichtlijn ...................................................................... 10

4.2.1

Vogels met jaarrond beschermde nesten .......................................... 10

4.2.2

Vogels met niet- jaarrond beschermde nesten (Categorie 5) ................... 10

4.2.3

Algemene broedvogels ................................................................ 11

4.2.4

Werken binnen het broedseizoen ................................................... 11

4.3

Soorten Habitatrichtlijn .................................................................... 11

4.3.1

Vleermuizen ............................................................................ 11

4.3.2

Overige Habitatrichtlijn soorten .................................................... 11

4.4

Nationaal beschermde soorten............................................................ 12

4.4.1

Amfibieën en reptielen ............................................................... 12

4.4.2

Libellen ................................................................................. 12

4.4.3

Dagvlinders ............................................................................. 12

4.4.4

Vaatplanten ............................................................................ 12

4.4.5

Effectbeoordeling en toetsing ....................................................... 12

2

4.

Interim omgevingsverordening ..............................................................5

Pagina

3.

Wet natuurbescherming......................................................................5

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Conclusies en aanbevelingen ................................................................... 13 5.1

5.1.1

Vogels met jaarrond beschermde nesten .......................................... 13

5.1.2

Vogels met niet- jaarrond beschermde nesten (Categorie 5) ................... 13

5.1.3

Algemene broedvogels ................................................................ 13

5.2

Soorten Habitatrichtlijn .................................................................... 14

5.2.1

Vleermuizen ............................................................................ 14

5.2.2

Overige habitatrichtlijnsoorten ..................................................... 14

5.2.3

Nationaal beschermde soorten ...................................................... 14

5.3

Aanbevelingen/ natuur-inclusief bouwen ............................................... 14

Conclusie .......................................................................................... 15

3

6.

Soorten Vogelrichtlijn ...................................................................... 13

Pagina

5.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

1. Inleiding Aanleiding. Op verzoek van dhr. A. vd Wijdeven, is op zaterdag 10 april 2021, een quickscan flora en fauna uitgevoerd in het kader van de Wet natuurbescherming. De ecologische quickscan bestaat uit een veldonderzoek op locatie en bijbehorende verslaglegging. Doel. Doel van deze quickscan is het verkrijgen van informatie over de aanwezigheid van beschermde flora en fauna en dan voornamelijk de aanwezigheid van tijdelijke of vaste rust- en verblijfplaatsen. Deze informatie is nodig ten behoeve van de voorgenomen ontwikkelingen op de locatie: Lekerstraat ongenummerd (kadestraalnummer 2478) te Beek en Donk. De ontwikkeling betreft de bestemmingsplanwijziging van perceel 2478 van agrarisch naar wonen/ bedrijf. Op dit kavel zal later een woning met bijgebouw en een bedrijfsloods van 1000 m2 gerealiseerd worden. Op- en nabij de kavel en aangrenzende beplantingen kunnen beschermde soorten flora en fauna voorkomen welke negatieve effecten kunnen ondervinden van de geplande ontwikkelingen. Door middel van een oriënterend bronnen- en veldonderzoek zal worden onderzocht of de voorgenomen ontwikkelingen kunnen leiden tot een overtreding van verbodsbepalingen voor (potentieel) aanwezige soorten flora en fauna.

Pagina

4

De quickscan richt zich op het verkrijgen van een geïnformeerd beeld van de mogelijke consequenties vanuit de natuurwetgeving en –beleid. Op basis daarvan worden uitspraken gedaan over de (mogelijke) effecten van de voorgenomen ontwikkeling en de eventueel noodzakelijke vervolgstappen.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

2. Toelichting onderzoekskader 2.1 Wet natuurbescherming Per 1 januari 2017 is de Wet natuurbescherming (Wnb) van kracht. Deze nieuwe wet is een vervanging en samenbundeling van drie voorgaande wetten; de Natuurbeschermingswet 1998, de Boswet en de Flora- en faunawet. Tevens heeft er een decentralisatie van het bevoegd gezag plaatsgevonden: per 1 januari 2017 zijn de provincies verantwoordelijk voor de vergunningen en ontheffingen. De Wnb is op te delen in grofweg drie delen:

2.1.1 Bescherming van gebieden De Wnb richt zich met de bescherming van natuurgebieden uitsluitend op Natura 2000gebieden. Natura 2000 is een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden. In Natura 2000-gebieden worden bepaalde diersoorten en hun natuurlijke leefomgeving beschermd om de biodiversiteit te behouden. Invloeden (ook van buitenaf) mogen deze instandhoudingsdoelstellingen niet in gevaar brengen.

2.1.2 Bescherming van soorten De Wnb onderscheidt drie verschillende beschermingsregimes, met elk hun eigen verbodsbepalingen (zie tabel 1). De eerste twee categorieën zijn gebaseerd op de door de Europese Unie opgestelde Vogelrichtlijn (uit 1979) en de Habitatrichtlijn (uit 1992). Het derde beschermingsregime betreft soorten die niet op Europees niveau beschermd zijn, maar wel op landelijk niveau: de Nationaal beschermde soorten (in de wet aangeduid als “andere soorten”). Als bevoegd gezag heeft iedere afzonderlijke provincie (een aantal) algemene soorten uit deze derde categorie vrijgesteld van ontheffingsplicht. Wel geldt altijd voor alle soorten de algemene zorgplicht. Deze zorgplicht houdt in dat men bij werkzaamheden met mogelijk negatief effect op planten en dieren, maatregelen dient te nemen (binnen wat redelijkerwijs van men verwacht kan worden) om onnodige schade aan planten of dieren te voorkomen2.

2.1.3 Bescherming van houtopstanden De bescherming van houtopstanden betreft voornamelijk een voortzetting van de Boswet en richt zich op de instandhouding van het bosareaal. Bij houtopstanden groter dan 10 are of 20 rijen bomen en gelegen buiten de bebouwde kom geldt een meldplicht, herplantplicht en mogelijke oplegging van een kapverbod.

2.2 Interim omgevingsverordening

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Pagina

Naast het ‘Natuurnetwerk Brabant’, kan de provincie planologische bescherming aan gebieden toekennen door hen aan te wijzen als “bijzondere provinciale natuurgebieden” of “bijzondere provinciale landschappen”. Hierbij is bijvoorbeeld te denken aan de bescherming van belangrijke weidevogelgebieden. Iedere provincie kan een eigen invulling geven aan bijvoorbeeld compensatie. Het beschermingsregime van overige op provinciaal niveau beschermde gebieden kan sterk verschillen tussen provincies.

5

In de Interim omgevingsverordening is het Natuurnetwerk Nederland (NNN) vastgelegd. Het Natuurnetwerk Nederland (NNN) is een netwerk van groene gebieden, voorheen bekend als de Ecologische Hoofdstructuur (EHS). In Noord-Brabant het ‘Natuurnetwerk Brabant (NNB)’ genaamd. De gebieden worden beschermd via het planologisch kader. Dit alles is verankerd in de bestemmingsplannen waarin de regels uit de provinciale Verordening ruimte zijn verwerkt. Het ruimtelijke beleid van het NNB kent het “nee, tenzij” principe en is gericht op ‘behoud, herstel en ontwikkeling van de wezenlijke waarden en kenmerken’ van het NNB.

Pagina

6

Tabel 1. Soortenbescherming en verbodsbepalingen.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

3. Omschrijving plangebied 3.1 Algemeen Het plangebied is gelegen ten oosten van het dorp Beek en Donk, in de gemeente Laarbeek, liggende in de provincie Noord-Brabant (zie afbeelding 1).

Afbeelding 1: De projectlocatie ten oosten van het dorp Beek en Donk, is globaal weergegeven binnen de rode cirkel. Bron: Kadviewer, datum: 29-04-2021

De locatie is gelegen ten oosten van het dorp Beek en Donk. Het plangebied / de onderzochte omliggende gronden, zijn in afbeelding 2 weergegeven. Het onderzochte object betreft een agrarisch kavel welke momenteel ingezaaid is met gras. Aan de oost- en westzijde van de kavel zijn diverse begroeiingen aanwezig, in de vorm van hagen, bomen, heesters en kruidachtige begroeiingen. Tijdens het veldbezoek is een quickscan uitgevoerd op de projectlocatie en is gezocht naar de aanwezigheid van beschermde flora en fauna en de daarbij behorende vaste rust- en verblijfplaatsen.

Pagina

7

Afbeelding 2: De kavel met kavelnummer: 2478, is weergegeven binnen het rood kader. De locatie waar de ontwikkeling plaats gaat vinden is onderzocht op de aanwezigheid van beschermde soorten flora en fauna. Bron: Kadviewer, datum: 29-04-2021

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

3.2 Voorgenomen ontwikkeling De ontwikkeling betreft de bestemmingsplanwijziging van perceel 2478 van agrarisch naar wonen/ bedrijf. Op dit kavel zal later een woning met bijgebouw en een bedrijfsloods van 1000 m2 gerealiseerd worden. Op- en nabij de kavel en aangrenzende beplantingen kunnen beschermde soorten flora en fauna voorkomen welke negatieve effecten kunnen ondervinden van de geplande ontwikkelingen.

3.2.1 De kavel De kavel betreft akkerland welke momenteel ingezaaid is met gras (zie afbeelding 3 en 4). Dit gras wordt met enige regelmaat gemaaid en dient als voer voor vee. Op het kavel kunnen tijdens het broedseizoen verschillende soorten weidevogels / akkervogels broeden. Maar ook kan het land gebruikt worden door bijvoorbeeld dassen om te foerageren.

Afbeelding 3 en 4: bestaand grasland waar de ontwikkelingen plaats gaan vinden. Bron: R.J.L. Bijvelds. Datum: 10-04-2021

3.2.2 Beplantingen in directe omgeving Aangrenzend en dan vooral in de nabije omgeving van de ontwikkellocatie (oost- en westzijde van de kavel) is beplanting aanwezig (zie afbeelding 5 en 6). Tijdens de rondgang dienen deze beplantingen gecontroleerd te worden op bestaande (jaarrond beschermde) nesten in bomen en heesters, welke gebruikt kunnen worden door vogels.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Pagina

Beoordeeld moet worden of de geplande werkzaamheden een negatief effect hebben op (beschermde) soorten flora en fauna op en nabij de kavel. Dit zal afhankelijk zijn van de soorten die voor komen en op welke wijze zij het gebied gebruiken (groeiplaats, voortplantingsplaats, verblijfplaats of foerageerplaats). Elke functie kent een ander beschermingsregime.

8

Afbeelding 5 en 6: aanwezige beplantingen aan de oost- en westzijde van de kavel. Bron: R.J.L. Bijvelds. Datum: 10-04-2021

3.3 Vooronderzoek Voorafgaand aan het bezoek op de projectlocatie is de NDFF geraadpleegd om te bekijken welke soorten aanwezig zijn in het gebied, om daarop de quickscan aan te passen. De projectlocatie valt binnen het kilometerhok 172-394. Het belangrijkste wat opviel is dat in de directe omgeving (atlasblok van 5x5 km) diverse beschermde soorten flora en fauna voorkomen. Beoordeeld moet worden door middel van een veldbezoek of beschermde soorten ook mogelijk gebruik maken van het gebied/ aanwezig zijn in het gebied. Gezien de ligging van het perceel en de aanwezigheid van beplantingen in de directe omgeving, was het dus belangrijk om het gebied goed te inventariseren op beschermde vaatplanten/ groeilocaties, aanwezige holtes / mogelijke verblijfplaatsen, voortplantings-, en nestlocaties van zoogdieren en vogelsoorten.

Tabel 3. Mogelijk aanwezige amfibieën in de directe omgeving van het plangebied. Bron: Verspreidingsatlas NDFF Datum: 09-04-2021 Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Pagina

9

Tabel 2. Mogelijk aanwezige zoogdieren in de directe omgeving van het plangebied. Bron: Verspreidingsatlas NDFF Datum: 09-04-2021

4. Onderzoeksresultaten beschermde soorten 4.1 Algemeen De kavel zelf en de omliggende gronden zijn op zaterdag 10 april 2021 visueel geïnspecteerd en gecontroleerd op de (mogelijke) aanwezigheid van beschermde soorten of de nesten/ verblijfslocaties daarvan. Waar tijdens de quickscan vooral op gelet/ naar gezocht is zijn de volgende soortgroepen: -

Nesten in bomen/ beplantingen van vogels in de directe omgeving van het projectgebied Holtes en spleten/ scheuren in bomen welke door vleermuizen gebruikt worden Beschermde plantsoorten op- en nabij de kavel Mogelijke voortplantings- en verblijfplaatsen van amfibieën Mogelijke verblijfplaatsen en holen van marterachtigen

4.2 Soorten vogelrichtlijn 4.2.1 Vogels met jaarrond beschermde nesten Het plangebied (de kavel) zelf is niet geschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen van vogelsoorten met jaarrond beschermde nesten. In de aangrenzende bomen en beplantingen zijn ook geen jaarrond beschermde nesten van bijvoorbeeld een buizerd of sperwer aangetroffen. Nader onderzoek naar vogels met jaarrond beschermde nesten open nabij het plangebied wordt niet nodig geacht. Uilen. De aanwezigheid van steenuil en kerkuil kan redelijkerwijs worden uitgesloten wegens het ontbreken van geschikte vaste rust- en verblijfplaatsen binnen het plangebied. Ook in de bomen nabij het plangebied zijn geen nestkasten/ boomholten aangetroffen welke mogelijk geschikt zouden kunnen zijn voor de steenuil. Het kan zijn dat het akkerland gebruikt wordt door uilen om te foerageren, maar aangezien deze structuren er in de nabije omgeving voldoende aanwezig zijn, wordt geen essentieel leefgebied aangetast. Nader onderzoek naar uilen in het gebied wordt dan ook niet nodig geacht. Overige soorten. In de omgeving van het plangebied zijn tijdens het veldbezoek geen jaarrond beschermde nesten- of sporen van boombewonende broedvogels waargenomen. Op basis hiervan kunnen soorten als boomvalk, havik, ransuil en wespendief worden uitgesloten van aanwezigheid, voor deze soorten is het plangebied ook niet geschikt.

4.2.2 Vogels met niet- jaarrond beschermde nesten (Categorie 5) Het plangebied is potentieel geschikt als voortplantingsplaats voor vogels met niet jaarrond beschermde nesten (categorie 5 soorten). Het plangebied is geschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen van vogels met niet jaarrond beschermde nesten in open land, zoals de tapuit (broed in konijnenholen).

Pagina

10

Wanneer buiten het broedseizoen (broedseizoen loopt van 15 maart – 15 augustus) gewerkt wordt (bouwrijp maken van het terrein), kunnen geen negatieve effecten ontstaan. Voor deze soorten geldt tijdens de werkzaamheden te allen tijde de zorgplicht.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

4.2.3 Algemene broedvogels Het plangebied en de randen van het plangebied, zijn potentieel geschikt als voortplantingsplaats voor algemene vogels. Het weiland en de ruigere randen van de kavel zijn een mogelijke broedplaats voor weidevogels. Dit betreft soorten als kievit, wulp, scholekster, fazant en patrijs. Gezien de geplande ontwikkelingen vormen deze in geen enkele vorm een bedreiging voor deze soorten, wanneer buiten het broedseizoen (15 maart – 15 augustus) gewerkt wordt (bouwrijp maken van de kavel). Hiervoor geldt tijdens de werkzaamheden te allen tijde de zorgplicht.

4.2.4 Werken binnen het broedseizoen Werken binnen het broedseizoen (bouwrijp maken van de kavel) is enkel mogelijk indien er geen bezette nesten worden verstoord van vogels met niet jaarrond beschermde nesten en nesten van algemene broedvogels. Indien er binnen het broedseizoen gewerkt wordt dient men zelf maximaal 1 week voor aanvang van de werkzaamheden een extra controle uit te voeren of bewoonde nesten aanwezig zijn. Wanneer bewoonde nesten aanwezig zijn, dan dienen de werkzaamheden uitgesteld te worden tot de jonge vogels uitgevlogen zijn, om de Wet natuurbescherming niet te overtreden.

4.3 Soorten Habitatrichtlijn 4.3.1 Vleermuizen De kavel en aangrenzende bomen/ bebouwing buiten het plangebied, zijn gezien het bureauonderzoek, potentieel geschikt als vaste rust- en verblijfplaats voor gebouwbewonende en boombewonende vleermuizen. Te denken valt dan aan de laatvlieger, rosse vleermuis, de ruige dwergvleermuis, gewone dwergvleermuis en in mindere mate de gewone grootoorvleermuis. Deze soorten zijn volgens de NDFF ook eerder waargenomen in de directe omgeving van het plangebied. Aangezien er aan de aangrenzende bebouwing geen werkzaamheden plaats gaan vinden/ de werkzaamheden hier geen negatief effect op hebben, wordt nader onderzoek niet nodig geacht. Beplantingen. Ook in de bomen direct grenzend aan de kavel, zijn geen geschikte openingen/ holen/ spleten en scheuren aangetroffen wat de aanwezigheid van vleermuizen mogelijk zou maken. Hierdoor wordt nader onderzoek naar vleermuizen dan ook niet nodig geacht. Wel is het belangrijk om, wanneer bouwwerkzaamheden in het donker uitgevoerd gaan worden, de bouwverlichting af te wenden van bestaande bebouwingen aan de westzijde en de struweelrand aan de oostzijde van de kavel. Deze structuren worden door vleermuizen gebruikt als foerageergebied.

Pagina

11

4.3.2 Overige Habitatrichtlijn soorten Het plangebied is ongeschikt voor overige habitatrichtlijnsoorten die volgens de Habitatrichtlijn beschermd zijn. Gezien de geplande werkzaamheden en de afwezigheid van water/ geschikt habitat is nader onderzoek op overige habitatrichtlijn soorten niet nodig.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

4.4 Nationaal beschermde soorten Het plangebied/ de aangrenzende beplantingen, zijn mogelijk geschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen en als functioneel leefgebied voor grondgebonden zoogdieren waarvoor in de provincie Noord-Brabant geen vrijstelling geldt zoals de das, bunzing, wezel en steenmarter. Op de kavel en aan de randen van de kavel is gezocht naar sporen van grondgebonden zoogdieren in de vorm van holen, pootafdrukken, latrines, uitwerpselen en prooidieren. Deze zijn allen niet aangetroffen. Het kan wel zo zijn dat de struweelhaag aan de oostzijde van het plangebied gebruikt wordt door de das om te foerageren of als dekking om van het ene naar het andere gebied te komen. Wanneer bouwwerkzaamheden in het donker uitgevoerd gaan worden, de bouwverlichting af te wenden van de bestaande struweelrand om nadelige effecten voor de das tegen te gaan. Het plangebied is potentieel geschikt als vaste rust- en verblijfplaats en als functioneel leefgebied voor algemene soorten als de haas, konijn en (spits)muizen waarvoor in NoordBrabant een provinciale vrijstelling geldt.

4.4.1 Amfibieën en reptielen Door de afwezigheid van geschikt habitat, worden beschermde soorten amfibieën en reptielen niet verwacht binnen het plangebied. Nader onderzoek naar deze soorten wordt dan ook niet nodig geacht.

4.4.2 Libellen Het plangebied is ongeschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen voor Nationaal beschermde soorten libellen door de afwezigheid van een geschikt habitat. Nader onderzoek wordt dan ook niet nodig geacht.

4.4.3 Dagvlinders Het plangebied is ongeschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen voor Nationaal beschermde soorten dagvlinders. Het bronnen- en het veldonderzoek hebben ook geen (mogelijke) aanwezigheid aangetoond. Nader onderzoek wordt dan ook niet nodig geacht.

4.4.4 Vaatplanten Potenties voor nationaal beschermde plantensoorten zijn binnen het plangebied afwezig. Binnen het plangebied zijn voedselarme of kalkrijke bodem en akkerreservaten afwezig.

4.4.5 Effectbeoordeling en toetsing Het plangebied is enkel geschikt voor Nationaal beschermde soorten waarvoor in de provincie Noord-Brabant een vrijstelling geldt: egel, konijn en verschillende soorten (spits)muizen. Aanvullend onderzoek naar deze soorten is niet noodzakelijk.

Pagina

12

Wel geldt te allen tijde de zorgplicht. Dit houdt in dat indien mogelijk schadelijke effecten op soorten zoveel mogelijk dienen te worden voorkomen. Te denken valt aan het verplaatsen van dieren naar veilige locaties buiten het werkgebied indien zij aangetroffen worden tijdens de werkzaamheden, of daar direct aan voorafgaand.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

5. Conclusies en aanbevelingen 5.1 Soorten Vogelrichtlijn 5.1.1 Vogels met jaarrond beschermde nesten Het plangebied is niet geschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen van vogels met jaarrond beschermde nesten. Naderonderzoek naar het voorkomen/ gebied gebruiksfuncties van deze soorten wordt niet nodig geacht. Nader onderzoek naar boombewonende soorten welke volgens de vogelrichtlijn beschermd dienen te worden wordt niet nodig geacht door het ontbreken van een geschikt habitat.

5.1.2 Vogels met niet- jaarrond beschermde nesten (Categorie 5) Het plangebied is potentieel geschikt voor vaste rust- en verblijfplaatsen van vogels met niet jaarrond beschermde nesten, waaronder de tapuit. Vogels met niet jaarrond beschermde nesten (Categorie 5) zijn vogels die weliswaar vaak terugkeren naar de plaats waar zij het jaar daarvoor hebben gebroed of de directe omgeving daarvan en die wel over voldoende flexibiliteit beschikken om, als de broedplaats verloren is gegaan, zich elders te vestigen. Deze zijn buiten het broedseizoen niet beschermd. Categorie 5-soorten zijn wel jaarrond beschermd als zwaarwegende feiten of ecologische omstandigheden dat rechtvaardigen. In dezen zijn er geen ecologische omstandigheden waardoor categorie 5 soorten in het plangebied jaarrond beschermd dienen te zijn. Het betreft een lokaal en regionaal algemene vogels. In de directe omgeving zijn voldoende geschikte structuren die als alternatief gebruikt kunnen worden. Tijdelijke schadelijke effecten op Categorie 5 soorten vogels door uitvoering van de werkzaamheden op bezette nesten zijn te voorkomen (in gebruik zijnde vogelnesten mogen in principe nooit worden verstoord) door buiten het broedseizoen te werken (buiten grofweg de periode 15 maart – 15 augustus).

Werken binnen het broedseizoen (slopen en renoveren van bebouwingen) is enkel mogelijk indien er geen bezette nesten worden verstoord. Indien er binnen het broedseizoen gewerkt wordt dient men maximaal 1 week voor aanvang van de werkzaamheden een extra controle uit te voeren of bewoonde nesten aanwezig zijn. Wanneer bewoonde nesten aanwezig zijn, dan dienen de werkzaamheden uitgesteld te worden tot de jonge vogels uitgevlogen zijn.

5.1.3 Algemene broedvogels

Pagina

Schadelijke effecten op algemene broedvogels door uitvoering van de werkzaamheden op bezette nesten zijn te voorkomen (in gebruik zijnde vogelnesten mogen in principe nooit worden verstoord) door buiten het broedseizoen te werken (buiten grofweg de periode 15 maart – 15 augustus). Werken binnen het broedseizoen is enkel mogelijk indien er geen bezette nesten worden verstoord. Indien er binnen het broedseizoen gewerkt wordt dient men maximaal 1 week voor aanvang van de werkzaamheden een extra controle uit te voeren of bewoonde nesten aanwezig zijn. Wanneer bewoonde nesten aanwezig zijn, dan dienen de werkzaamheden uitgesteld te worden tot de jonge vogels uitgevlogen zijn.

13

Het plangebied is geschikt voor weidevogels/ akkervogels om te broeden. Zij nestelen vaak op de akkers en aan de randen van de akkers. Hierbij gaat het om o.a. de kievit, wulp, scholekster, fazant en patrijs.

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

5.2 Soorten Habitatrichtlijn 5.2.1 Vleermuizen De voorgenomen ontwikkelingen kunnen niet leiden tot een negatief effect op vleermuizen. Hierdoor kunnen de verbodsbepalingen Art 3.5 lid 2 en 4 (zie Tabel 1) van de Wnb niet worden overtreden. Aanvullend onderzoek wordt niet nodig geacht.

5.2.2 Overige habitatrichtlijnsoorten Voor overige habitatrichtlijnsoorten is het plangebied (redelijkerwijs) ongeschikt door het ontbreken van geschikte habitat. Aanvullend onderzoek naar deze soorten is niet noodzakelijk.

5.2.3 Nationaal beschermde soorten In het plangebied zijn geen nationaal beschermde soorten aanwezig, waarvoor géén provinciale vrijstelling geldt. Het plangebied is potentieel geschikt voor Nationaal beschermde soorten waarvoor in de provincie Noord-Brabant een vrijstelling geldt als egel, konijn en (spits)muizen. Aanvullend onderzoek naar deze soorten is niet noodzakelijk. Wel geldt te allen tijde de zorgplicht. Dit houdt in dat indien mogelijk schadelijk effect op egel en (spits)muizen zoveel mogelijk dient te worden voorkomen. Te denken valt aan het verplaatsen van dieren naar veilige locaties buiten het werkgebied indien zij aangetroffen worden tijdens de werkzaamheden.

5.3 Aanbevelingen/ natuur-inclusief bouwen Door niet alleen te kijken naar ‘wat er niet is’, is het juist belangrijk om te kijken naar mogelijkheden voor flora en fauna voor- en tijdens de bouw van de woning en bijgebouwen/ bedrijfsloods op de kavel. Er zijn altijd mogelijkheden om (nieuwe)soorten een kans te geven zich te vestigen of in stand te houden in het gebied door kleine aanpassingen. Zo kun je denken aan het ophangen van nestkasten voor onder andere huismussen, maar ook voor mezen, en andere soorten is van alles te verkrijgen. Om vleermuizen een mogelijkheid te bieden zich te vestigen/ in stand te houden in het gebied kunnen vleermuiskasten opgehangen worden tegen de westgevel van de nieuwe woning. Er zijn speciale vleermuiskasten te koop via internet: www.vivara.nl. Voor de vleermuizen kunnen ook ruimtes open gelaten worden in de overstek welke toegang bieden tot de spouw, zodat ze zich in de spouw kunnen schuilhouden en voortplanten. Het is ook mogelijk nestkasten voor huismussen en vleermuizen in te metselen in de spouw. Dit heeft geen negatief effect op de isolatiewaarde maar wel een positief effect op de aanwezige soorten in de omgeving.

Pagina

14

Alles wat hierboven benoemd wordt is geen verplichting of iets wat opgelegd wordt, maar dit zou voor de vogels en vleermuizen in het gebied een welkome verandering zijn en voor ons als mens een kleine moeite

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

6. Conclusie Op basis van bovenstaande informatie welke uit de quickscan flora en fauna naar voren is gekomen, is er geen aanleiding om direct een aanvullend flora- of faunaonderzoek uit te voeren. Er kan op dit moment zonder voorziene problemen begonnen worden de geplande werkzaamheden, de bouw van de woning met bijgebouw en bedrijfsloods. Het zou voor mogelijk aanwezige soorten in de directe omgeving goed zijn om hoofdstuk 5.3: aanbevelingen mee te nemen in de ontwikkeling van de bebouwing op de kavel. Het is heel eenvoudig om soorten een kans te bieden zich te vestigen/ uit te breiden binnen een gebied zonder afbraak te doen aan het ontwerp/ isolatiewaarden van de bebouwingen welke gesteld worden. Tijdens werkzaamheden blijft te allen tijde de zorgplicht van kracht en bij een veranderende situatie dient te allen tijde een ecoloog ingeschakeld te worden. Hopende u hiermee voldoende geïnformeerd te hebben, verblijf ik.

Met vriendelijke groet, Ing. R.J.L. Bijvelds Ecoloog BNL advies

Pagina

15

29-04-2021

Telefoonstraat 2, 5428 GJ Venhorst – 0618904606 – info@bnladvies.nl – www.bnladvies.nl – IBAN nr: NL94KNAB0257675221 – KvK nr: 72316144 – BTW nr: NL001171642B68

Bijlage 5

Landschappelijk inpassingsplan

Ruimtelijke onderbouwing Lekerstraat ong., Beek en Donk

Landschappelijk inpassingsplan LEKERSTRAAT ong. BEEK EN DONK Opgesteld door: Agron Advies B.V. Pastoor van Schijndelstraat 33a 5469 PS Boerdonk 0492-347761 Datum rapportage: 24 februari 2022

1

INLEIDING Op de locatie Lekerstraat ong. te Beek en Donk wordt een Ruimte-voorruimtewoning met een loods van 1.000 m² opgericht. Voor het plan wordt een Ruimte-voor-ruimtetitel aangekocht bij de provincie. Daarnaast wordt de sloop van het grootste gedeelte van de agrarische bedrijfsbebouwing op de locatie Lekerstraat 10 te Beek en Donk ingezet om de oprichting van de loods mogelijk te maken. Op de locatie is het bestemmingsplan ‘Buitengebied’ van de gemeente Laarbeek van toepassing. De locatie heeft de bestemming ‘Agrarisch’. Deze ontwikkeling is niet rechtstreeks mogelijk op basis van het vigerend bestemmingsplan en is hiermee dan ook in strijd. Derhalve dient een bestemmingsplanprocedure te worden doorlopen.

Plangebied

Figuur 1: Luchtfoto ligging plangebied

Een van de voorwaarden hierbij is dat de locatie op een zorgvuldige manier landschappelijk wordt ingepast. Onderhavig rapport vormt de onderbouwing voor de landschappelijke inpassing van de locatie. De volgende figuren geven een impressie van de beoogde locatie.

Figuur 2: Bestaande situatie plangebied 1

LANDSCHAPSONTWIKKELINGSPLAN

Plangebied

Bij het opstellen van het landschappelijk inpassingsplan is het Landschapsontwikkelingsplan van de gemeente Laarbeek als uitgangspunt genomen. De gemeente Laarbeek heeft in 2003 een landschapsontwikkelingsplan opgesteld. In het plan worden de kenmerken van het Laarbeekse landschap benoemd en wordt de gewenste ontwikkelingsrichting omschreven. Het gaat dan met name om de ontwikkelingen in het buitengebied. In het landschapsontwikkelingsplan wordt onder meer een visie verwoord op het gebied van natuur, cultuurhistorie en landschap. In het plan is ook aandacht besteed aan herstel, behoud en ontwikkeling op deze vlakken met hieraan gekoppeld uitvoeringsinstrumenten en een budget. Vormgeving van het landschap, het benutten en uitbreiden van bestaande kwaliteiten en waar nodig het toevoegen van nieuwe elementen worden als belangrijke thema’s benoemd. Als kernkwaliteiten voor het buitengebied van Laarbeek worden de verscheidenheid aan landschapstypen, de diversiteit in groenelementen, zowel waardevol voor natuur als voor de recreant, en de op sommige plekken duidelijk waar te nemen cultuurhistorische waarden genoemd.

Figuur 3: Uitsnede kaart deelgebieden Landschapsontwikkelingsplan

Aangezien de woonbestemming voor het grootste gedeelte binnen het deelgebied Leek en De Biezen is gelegen, wordt bij de uitgangspunten die bij dit gebied horen aangesloten.

Toets landschapsontwikkelingsplan Het plangebied is gelegen op de grens van twee deelgebieden: ‘beekdal van de Goorloop’ (deelgebied 4) en ‘Leek en De Biezen’ (deelgebied 5) (zie volgende figuur).

Het deelgebied Leek en De Biezen heeft geen duidelijk herkenbare identiteit. Tussen de verschillende landschapselementen, zoals verspreid liggende bebouwing, laanbeplanting langs diverse wegen, beken en bosdelen, is nauwelijks sprake van een herkenbare samenhang. Het gebied vormde voorheen de overstromingsvlakte van de rivier de Aa. De aanwezige natuurwaarden worden onvoldoende benut. Gewenste ontwikkelingen zijn water als ordeningsprincipe voor landgebruik, ontwikkelen van natte natuurwaarden en beleefbaar, bruikbaar en recreatief aantrekkelijk water. 2

Waterretentie in het noorden van het deelgebied sluit aan op de plannen van het Waterschap. Het Waterschap heeft plannen ter verbetering van de veerkracht van het beeksysteem van de Aa.

Water als ordeningsprincipe voor landgebruik Het versterken van het element ‘water’ en het benutten van het historische gegeven dat in dit gebied de overstromingsvlakte van de Aa is gelegen, maar niet als zodanig herkenbaar, biedt mogelijkheden om het gebied goed te ontwikkelen. De geomorfologische ondergrond is medebepalend voor de ontwikkelingen. Door het water net zoals vroeger rond 1850, als ordeningsprincipe te hanteren, ontstaat uiteindelijk een landschap waarin het contrast tussen nat en droog duidelijk aanwezig is.

Beleefbaar, bruikbaar en recreatief aantrekkelijk water Hiervoor zijn reeds ontwikkelingen aangegeven die bijdragen aan de beleefbaarheid en het positief aanwenden van water voor gebruik. Daarnaast kan door middel van de juiste beplanting de aanwezigheid van water worden versterkt. Erfbeplantingen en kavelbeplantingen kunnen hier een belangrijke bijdragen aan leveren. Echter in het noorden, ter hoogte van Leek, is uitbreiding van kavelbeplantingen niet gewenst in verband met de aanwezige weidevogelpopulatie. De herkenbaarheid van het gebied kan vergroot worden door natte graslanden te ontwikkelen en meer zwarte elzen aan te planten. Het zichtbaar en beleefbaar maken van het water trekt recreatie aan. Recreatief medegebruik zoals wandelen, fietsen en vissen is in dit deelgebied mogelijk.

Bijzonder elementen met een hoge cultuurhistorische waarden liggen op de hogere droge gronden en worden op deze wijze benadrukt met name rondom de kern Beek en Donk en in het zuiden van het gebied worden de verschillen tussen hoog/droog en nat/laag zichtbaar vanwege de dekzandruggen die hier zijn gelegen. Het klooster en landgoed Eykenlust dragen hier eveneens aan bij. Het landgoed Eykenlust is aangemerkt als monument en de positie van het landgoed kan zelfs worden versterkt door de relatie met de beek zichtbaar te maken vanaf de nabijgelegen kruising in combinatie met de herinrichting van het afleidingskanaal in Beek en donk. De kleinschaligheid van Eykenlust dient behouden te blijven. Met betrekking tot nieuwe economische activiteiten betekent dit dat gestreefd moet worden naar gebruik van de grond passend bij de gewenste waterstand. Dit houdt in dat agrarische bedrijven moeten worden gestimuleerd om een passende bedrijfsvoering te hanteren. Verdere verdichting door middel van woningbouw en grote agrarische bedrijven is niet gewenst. Nieuwe uitbreidingen moeten passen binnen dit landschapsbeeld waarin het element ‘water’ het beeld en gebruik bepaalt. Ontwikkelen van natte natuurwaarden In diverse plannen is reeds gesproken over waterretentie en noodopvang.

Waterretentie biedt mogelijkheden voor een goede waterhuishouding en levert een bijdrage aan de natuurwaarden in het plangebied. Hierbij geldt als randvoorwaarde dat alleen natuurlijke laagte worden gebruikt. In de Lange Beemd zijn mogelijkheden voor waterretentie. 3

ONDERBOUWING INPASSINGSPLAN

Om de bouwmassa vanuit zuidelijke en westelijke richting minder massaal te laten overkomen, wordt tegen de westelijke en zuidelijke loodswand verspreid liggende beplantingselementen aangebracht bestaande uit solitaire bomen en bosjes struweelbeplanting. Op deze manier wordt ervoor gezorgd dat het zicht vanaf de westelijke buurpercelen op de nieuwe ontwikkeling verzacht wordt, vooral in combinatie met de knotbomenrij.

Ten oosten van het plangebied is een bestaande houtwal gelegen, die de begeleiding vormt van het naastgelegen onverharde pad. Ten westen van dit pad wordt een nieuwe bomenrij (bestaande uit 6 essen) in combinatie met een vrijgroeiende haag (50 meter lengte) geplant. Tezamen met de bestaande houtwal vormt deze nieuwe beplantingslijn een robuust landschapselement dat goed aansluit bij de karakteristieken van dit gebied. Aan de voorzijde van het plangebied wordt een enkele beukenhaag aangeplant (totale lengte: 48 meter). De noordwesthoek van de nieuwe woonbestemming wordt gemarkeerd door een solitaire boom (noot). Aan de westzijde van de nieuwe woonbestemming wordt ter afscherming met het naastgelegen woonperceel Lekerstraat 12-14 een struweelhaag (breedte: 2 meter; lengte: 37 meter) geplant. Deze struweelhaag wordt in zuidelijke richting langs de erfgrens voortgezet in de vorm van een knotbomenrij (11 stuks wilgen). Een dergelijk landschapselement past bij het natte karakter van het beekdal van de Aa. Weer zuidelijk hiervan wordt de hemelwaterberging in de vorm van een zaksloot gerealiseerd. Deze volgt zowel de zuidelijke als een deel van de oostelijke perceelsgrens. Op de grond die omgeven wordt door de U-vormige zaksloot wordt een nieuwe hoogstamfruitboomgaard aangelegd (10 stuks; diverse soorten).

De nieuwe loods (22 meter x 45,5 meter) betreft de bestaande loods die momenteel nog op de locatie Pater van den Burgtweg 1 staat; deze wordt verplaatst naar de nieuwe locatie. Vanuit de oostzijde wordt de loods ingepast middels de bestaande houtwal (op het buurperceel).

4

SOORTENLIJST NIEUWE BEPLANTING en ONDERHOUDSPLAN Aantal

Nederlandse naam

Latijnse naam

Maat

Bijzonderheden

Nieuwe beukenhaag (550 m1) 240 st.

Beuk

Fagus sylvatica

60-80

Beplantingswijze: • Enkele rij • 5 planten per meter • 3-jarig plantmateriaal • Eindhoogte: 1,25 m Onderhoud en beheer: • Snoeimateriaal mag blijven liggen voor zover dat het element of de ondergroei niet schaadt; • Snoeiwerkzaamheden worden alleen verricht in de periode tussen 15 juni en 15 maart.

Solitaire boom 1 st.

Noot

Juglans regia

14-16

11 st.

Wilg

Salix alba

12-14

Onderhoud en beheer: • Periodiek snoeien (jonge bomen gemiddeld eenmaal per 5 jaar en oudere bomen gemiddeld eenmaal per 10 jaar); • Na het snoeien beslaat de blijvende kroon altijd minimaal tweederde deel van de totale lengte van de boom; • Snoeiwerkzaamheden in de periode tussen 15 juli en 15 maart.

Nieuwe knotbomenrij (11 stuks) Beplantingswijze: • Plantafstand: 5 meter Onderhoud en beheer: • Reguliere knotcyclus: 5 jaar • Periode knotwerkzaamheden: winter

Nieuwe bomenrij (6 stuks) 6 st.

Es

Fraxinus excelsior

14-16

Beplantingswijze: • Plantafstand: 8-10 meter Onderhoud en beheer: • Periodiek snoeien (jonge bomen gemiddeld eenmaal per 5 jaar en oudere bomen gemiddeld eenmaal per 10 jaar); 5

• •

Na het snoeien beslaat de blijvende kroon altijd minimaal tweederde deel van de totale lengte van de boom; Snoeiwerkzaamheden in de periode tussen 15 juli en 15 maart.

Nieuwe vrijgroeiende haag (110 m²) 20 st. 20 st. 15 st. 15 st.

Tweestijlige meidoorn Hazelaar Gewone vogelkers Gelderse roos

Crataegus laevigate Corylus avellana Prunus padus Viburnum opulus

80/100 80/100 80/100 80/100

Maatvoering: • Breedte: 2-2,5 meter • Lengte: 50 meter Beplantingswijze: • Maximaal 2 rijen • Plantverband: driehoeksverband 1,25 x 1,25 meter • 3-jarig plantmateriaal • Langzame groeiers in de rand verwerken Onderhoud en beheer: • Beste bomen (beste/gezondste groeier) ‘natuurlijk’ door laten groeien • Afzetten struikvormers en andere boomvormers: gemiddeld elke 5-7 jaar • Snoeien overhangende takken gedurende het gehele jaar; • Dunningswerkzaamheden en het eventueel terugzetten van beplanting verrichten in de periode tussen 1 oktober en 15 maart • Langzame groeiers sparen en snoeien indien noodzakelijk

Nieuwe hoogstamfruitboomgaard (10 stuks) 10 st.

Diverse soorten hoogstamfruitbomen (appel, peer, pruim)

Prunus domestica, Pyrus communis, Malus domestica

10-12

Beplantingswijze bomen: • Plantafstand: 8 meter Onderhoud en beheer: • Indien het appel of peer betreft wordt de boom tenminste éénmaal per 2 jaar gesnoeid. Andere soorten enkel vormsnoei indien nodig; • De grasvegetatie wordt jaarlijks gemaaid en het maaisel wordt afgevoerd of de grasvegetatie wordt beweid; • Bemesten en bekalken van de boomgaard is toegestaan. Bij bemesten van de boomgaard worden de fruitbomen en wortels niet beschadigd; • Snoeiwerkzaamheden gedurende het gehele jaar.

Nieuwe struweelhagen (106 m²) 20 st.

Hazelaar

Corylus avellana

80/100

Maatvoering 2 hagen: 6

20 st. 10 st. 10 st. 10 st.

Tweestijlige meidoorn Gewone vogelkers Vuilboom Gelderse roos

Crataegus laevigate Prunus padus Rhamnus Viburnum opulus

80/100 80/100 80/100 80/100

• •

Breedte: 2 meter Lengte: 37 respectievelijk 16 meter

Beplantingswijze: • Maximaal 2 rijen • Plantverband: driehoeksverband 1,25 x 1,25 meter • 3-jarig plantmateriaal • Langzame groeiers in de rand verwerken Onderhoud en beheer: • Afzetten struikvormers: gemiddeld elke 5-7 jaar • Snoeien overhangende takken gedurende het gehele jaar • Dunningswerkzaamheden en het eventueel terugzetten van beplanting verrichten in de periode tussen 1 oktober en 15 maart • Langzame groeiers sparen en snoeien indien noodzakelijk

Nieuwe beplanting rondom loods (struweelbosjes: totaal 106 m²) Bomen 4 st. Winterlinde 3 st. Lijsterbes 3 st. Zwarte els Struikvormers 30 st. Hazelaar 30 st. Gewone vogelkers 30 st. Sleedoorn 30 st. Vuilboom 30 st. Gelderse roos 30 st. Tweestijlige meidoorn

Tilia cordata Sorbus aucuparia Alnus glutinosa

12-14 12-14 12-14

Corylus avellana Prunus padus Prunus spinosa Rhamnus Viburnum opulus Crataegus laevigate

80/100 80/100 80/100 80/100 80/100 80/100

Beplantingswijze bomen: • Solitair Beplantingswijze struikvormers: • Maximaal 2 rijen • Plantverband: driehoeksverband 1,25 x 1,25 meter • 3-jarig plantmateriaal • Langzame groeiers in de rand verwerken Onderhoud en beheer: • Bomen ‘natuurlijk’ door laten groeien • Afzetten struikvormers en andere boomvormers: gemiddeld elke 5-7 jaar • Snoeien overhangende takken gedurende het gehele jaar • Dunningswerkzaamheden en het eventueel terugzetten van beplanting verrichten in de periode tussen 1 oktober en 15 maart • Langzame groeiers sparen en snoeien indien noodzakelijk

7

bomenrij

(Es: 6 stuks; plantafstand 7 m)

beukenhaag

t Lekerstraa

(lengte: 19 m; hoogte: 1,25 m; beukenhaag enkel rij) (lengte: 29 m; hoogte: 1,25 m; grens woonbestemming enkel rij) (3.385 m²)

halfverharding

solitaire boom P (noot)

tuin

P

erfverharding

haag vrijgroeiend

halfverharding

P

Nieuwe woning

perk

perk

P

Nieuw bijbehorend P bouwwerk P

tuin

P

bestaande houtsingel

struweelhaag

(gemeentegrond)

Nieuwe loods

bomenrij

(knotwilg; 11 stuks; plantafstand: 5 m)

beplanting tegen loods (diverse soorten boomen struikvormers)

hoogstamfruitboomgaard (diverse soorten; 10 stuks)

Landschappelijk inpassingsplan

Lekerstraat ong. Beek en Donk Schaal 1:1.000 (formaat tekening A4) d.d. 24-02-2022 versie 02

struweelhaag

(lengte: 16 m; breedte: 2 m; diverse soorten struikvormers)

erfverharding

(lengte: 37 m; breedte: 2 m; diverse soorten struikvormers)

zaksloot (606 m²; breedte 3-5 m)

(lengte: 50 m; breedte: 2 m)

Bijlage 6

Rapportage verkennend bodemonderzoek

Ruimtelijke onderbouwing Lekerstraat ong., Beek en Donk

Rapport verkennend bodemonderzoek Lekerstraat ong. te Beek en Donk

Bezoekadres Postcode en plaats Telefoon e-mail internet

Projectnaam Projectnummer Opdrachtgever Postadres

Contactpersoon Status Versie Aantal pagina’s Datum Samenstelling rapport en kwaliteitscontrole

Paraaf

Lekerstraat ong. te Beek en Donk B2695 Dhr en Mw van de Wijdeven Pater van der Burgtweg 5741 SH Beek en Donk Dhr en Mw van de Wijdeven Definitief 1 10 (exclusief bijlagen) 20 mei 2021 dhr. M. Gloudemans

Jekschotstraat 12 5465 PG Veghel 0413 287068 info@bodem-inzicht.nl www.bodem-inzicht.nl

Inhoudsopgave 1 INLEIDING ................................................................................................................................................................. 3

2

3

4

5

1.1

Algemeen ................................................................................................................................................................ 3

1.2

Aanleiding en doel van het onderzoek.................................................................................................................... 3

1.3

Partijdigheid ............................................................................................................................................................ 3

1.4

Opbouw van het rapport ........................................................................................................................................ 3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Laarbeek&id=c38ba16f-d5ad-4e43-a56c-f37b9c324d7c