4 20220217 RIB Uitvoeringsprogramma VTH 2022 Bijlage.pdf
Tekst van het document
Uitvoeringsprogramma VTH 2022 Gemeente Laarbeek
Titel: Team: Vastgesteld door college op:
Uitvoeringsprogramma VTH 2022 Toetsing en Handhaving 25 januari 2022
Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Algemeen 1.1
Aanleiding
3
1.2
Wettelijke grondslag en bestuurlijke verantwoordelijkheden
3
1.3
Uitganspunten en doel
4
1.4
Borging uitvoeringsprogramma en IBT
6
1.5
Interne en externe samenwerking
6
1.6
Omgevingsdienst en VRBZO
7
1.7
Andere belangrijke partners
8
1.8
Prioriteitenstelling
10
Hoofdstuk 2 Beleidsdoelstellingen en ontwikkelingen VTH 2.1
Beleidsdoelstellingen Vergunningverlening
11
2.2
Beleidsdoelstellingen voor Toezicht en Handhaving
12
2.3
Nieuwe ontwikkelingen en speerpunten 2022
13
Hoofdstuk 3 Taken en uitvoering 2022 3.1
Taken en uitvoering ODZOB
17
3.2
Taken en uitvoering VRBZO
17
3.3
Taken en uitvoering gemeente
18
3.4
Taken en uitvoering Team Toetsing en Handhaving
23
LIJST MET GEBRUIKTE AFKORTINGEN
25
Pagina 2 van 25
Hoofdstuk 1 Algemeen Voor u ligt het Uitvoeringsprogramma Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving 2022 van de gemeente Laarbeek (hierna: Uitvoeringsprogramma VTH). In het Uitvoeringsprogramma VTH leest u hoe de gemeente Laarbeek in 2022 uitvoering geeft aan de diverse vergunning- en handhavingstaken met betrekking tot de fysieke leefomgeving, Alcoholwet en de Algemene Plaatselijke Verordening (hierna: APV). Het gaat hierbij om onderwerpen gerelateerd aan de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (hierna: Wabo), zoals bouwen, slopen, bestemmingsplannen, brandveiligheid en milieu. Met het uitvoeringsprogramma beoogt de gemeente een beeld te schetsen van doelen, activiteiten en prioriteiten die voor 2022 zijn vastgesteld. Het uitvoeringsplan vloeit voort uit het ‘VTH-beleid gemeente Laarbeek 2020-2023’ en het ‘Beleid vergunningverlening 2020-2024’ (hierna VTH-beleid). In dit beleidsplan heeft het college aangegeven welke doelen en prioriteiten het stelt en welke activiteiten het daartoe zal uitvoeren. Dit programma is afgestemd met in- en externe partners binnen de verschillende vakgebieden.
1.1
Aanleiding
Het opstellen en vaststellen van een jaarlijks uitvoeringsprogramma is een wettelijke plicht op grond van de Wabo en het daarbij behorende Besluit omgevingsrecht (Bor). De gemeente is verantwoordelijk voor vergunningverlening, het toezicht op de naleving en de handhaving van wet- en regelgeving. Vergunningverlening, toezicht en handhaving zijn onderdeel van het geheel aan maatregelen die de gemeente inzet om beleidsdoelstellingen en maatschappelijk effect te realiseren. Hierbij zijn samenwerking, partnerschap en wederkerigheid belangrijke sleutelbegrippen.
1.2
Wettelijke grondslag en bestuurlijke verantwoordelijkheden
De grondslag van het Uitvoeringsprogramma is vastgelegd in de wet. In de Wabo wordt in artikel 5.3 bepaald dat bij Algemene Maatregel van Bestuur (verder AMvB) regels worden gesteld in het belang van een doelmatige handhaving. Die AMvB betreft het Besluit omgevingsrecht (verder Bor). In artikel 7.3 van het Bor wordt bepaald dat het bevoegd gezag (B&W) het vastgestelde handhavingsbeleid in een jaarlijks uit te werken uitvoeringsprogramma vorm geeft. In het uitvoeringsprogramma geeft het bevoegd gezag aan welke activiteiten het komende jaar worden uitgevoerd. Het uitvoeringsprogramma wordt door het college bekendgemaakt aan de gemeenteraad en gezonden aan de toezichthouder, de provincie. Rol college Het vaststellen van het Uitvoeringsprogramma VTH op grond van de Wabo is een bevoegdheid van het college van burgemeester en wethouders. Het college is verantwoordelijk voor zowel de Wabo vergunningverlening als het toezicht en handhaving en vormt het bestuursorgaan dat bestuursrechtelijk optreedt. Door het college moeten prioriteiten worden gesteld, zowel op beleidsniveau als op zaakniveau. Het college beslist over de vaststelling en toepassing van het Uitvoeringsprogramma VTH.
Pagina 3 van 25
Jaarlijks wordt verslag gedaan door het college aan de gemeenteraad van de inspanningen en de resultaten in een zogenoemde Jaarverslag VTH. Deze vormt dan weer de input voor aanpassing of bijsturing van het Uitvoeringsprogramma VTH en het gevoerde beleid. Rol burgemeester De burgemeester is als bestuursorgaan bevoegd om vergunningen te verlenen op grond van de APV met betrekking tot openbare orde en veiligheid en de Alcoholwet. Hij heeft eigenstandige handhavingsbevoegdheden op het gebied van algemeen bestuur, openbare orde en veiligheid. Anderzijds is de burgemeester, als lid van het college, portefeuillehouder handhaving en toezicht en eerste verantwoordelijke voor het handhavingsbeleid. Hij zorgt er als coördinerend bestuurder ook voor dat daar waar nodig op bestuurlijk niveau afstemming plaatsvindt. Het management en de beleidsmedewerkers hebben regelmatig overleg met bestuurders om beleidsmatige en lopende zaken te bespreken. Tot slot heeft de burgemeester het gezag over de politie als zij optreedt ter handhaving van de openbare orde en ter uitvoering van de hulpverleningstaak. Rol gemeenteraad De raad heeft geen wettelijke bevoegdheden waar het gaat om handhaving en het houden van toezicht binnen het fysieke domein.
De raad wordt wel in de gelegenheid gesteld om op basis van het eerdere uitvoeringsprogramma en jaarverslag en eventuele signalen aan te geven of er aanleiding is de bestaande prioritering en de daaraan gekoppelde capaciteit aan te passen. De gemeenteraad heeft 6 december 2018 een Integraal Veiligheidsplan 2019-2022 (hierna: IVP) vastgesteld. In dit IVP zijn de doelen vastgesteld op het terrein van veiligheid. Het IVP is daarmee een goede basis voor de operationele inzet op lokale veiligheidsprioriteiten door de gemeente, politie en andere organisaties. Omdat de gemeenteraad het IVP vaststelt is de raad in de gelegenheid om sturing te geven aan de uitvoering van het veiligheidsbeleid. De burgemeester heeft op het terrein van het veiligheidsbeleid bijzondere wettelijke bevoegdheden. Hierover legt de burgemeester jaarlijks verantwoording af aan de gemeenteraad. Uiterlijk 1 mei 2022 zal het evaluatieverslag van het uitvoeringsprogramma handhaving 2021 gereedkomen. Ook deze inventarisatie en analyse heeft een directe relatie naar het IVP en raakt het VTHbeleid voor de fysieke leefomgeving. Relevante onderdelen zijn integraal afgewogen in het VTH-beleid. Rol provincie De provincie heeft een wettelijke regierol met betrekking tot (milieu)handhaving.
In het kader van interbestuurlijke verhoudingen is een bestuursovereenkomst afgesloten over de wijze waarop het interbestuurlijke toezicht vorm krijgt. Het vastgestelde uitvoeringsprogramma wordt jaarlijks ter beoordeling aan de provincie toegezonden.
1.3
Uitganspunten en doel
In het algemeen geldt dat bij het bestaan van normen en wetten ook controle daarop plaatsvindt. De overheid ziet er op toe dat de regels en wetten die zij voorschrijft ook worden nageleefd. Als er een consequent, transparant en solide handhavingsbeleid wordt
Pagina 4 van 25
gevoerd laten burgers zich ook op die verantwoordelijkheid aanspreken. Dat regels worden nageleefd is immers de verantwoordelijkheid van de inrichting- en/of vergunninghouder of eigenaar dan wel gebruiker. Ieder jaar wordt bezien wat er gedaan is om de gestelde doelen te behalen. Dat gebeurt in ieder geval door regelmatig evalueren. Daarnaast kijken we ook vooruit naar de voor VTH van belang zijnde ontwikkelingen welke we jaarlijks bezien op de consequenties. Door te evalueren en naar de toekomst te kijken brengen we in beeld of we op de goede weg zijn, hoe we de VTH-werkzaamheden kunnen verbeteren en efficiënter kunnen inrichten en waar we meer, minder of geen extra aandacht aan gaan besteden. Uiteindelijk geeft dat ook een inzicht in wat we daarvoor nodig hebben aan capaciteit en middelen. Aantallen zijn hierbij niet altijd van belang. Zij geven immers geen indicatie van kwaliteit of bijdrage aan de doelen. Het gaat om de output die van belang is om in te kunnen spelen op ontwikkelingen. Daarnaast is er niet in alle gevallen een indicatie van aantallen te geven omdat het vooral over aanspreken gaat en zichtbaar zijn om te komen tot een preventieve werking door toezicht. Met name het toezicht op de naleving van regels in de openbare ruimte leent zich maar beperkt voor een programmering in aantallen.
Daarnaast gaat het ook om houding en gedrag van medewerkers en de samenwerking met interne en externe partners. Actieve wederkerigheid De gemeente faciliteert de samenwerking tussen veiligheidspartners, maatschappelijke instellingen en burgers, zowel onderling als met de gemeente. Daarnaast nodigt de gemeente uit om samen en individueel veiligheidsproblemen tegen te gaan of te voorkomen. Gemeenschappelijk belang is dat veiligheid een belangrijke basisbehoefte is voor mens, bedrijf, vereniging en samenleving. De gemeente nodigt burgers uit om zelfredzaam te zijn. De mate van eigen verantwoordelijkheid onder de inwoners en ondernemers van Laarbeek kent duidelijke grenzen. Wanneer de veiligheid van onze inwoners, bezoekers en ondernemers in gevaar komt, staan wij als gemeente samen met ketenpartners klaar om hierop in te grijpen. De gemeente verwacht hierin actieve wederkerigheid, zo zijn de inwoners in eerste instantie medeverantwoordelijk voor hun eigen veiligheid. Een actieve houding in de maatschappij zorgt voor een hogere mate van zelfredzaamheid en geeft tegelijkertijd een stimulans op het veiligheidsgevoel. Een goed voorbeeld op het gebied van actieve wederkerigheid zijn de KVO’s, Meld Misdaad Anoniem, WhatsApp groepen (62 stuks), Buurtpreventieteams en Dorpsraden met werkgroepen.
Het werken met platforms zorgt ervoor dat problematiek via verschillende invalshoeken wordt bekeken. Zo vinden er regelmatig bijeenkomsten plaats waarin het gesprek wordt aangegaan met inwoners en ondernemers. Dit zorgt voor een gezamenlijke aanpak van veiligheidsproblematiek, een stimulans op de onderlinge verhoudingen tussen burgers en draagt positief bij aan de sociale kwaliteit in de wijken.
Pagina 5 van 25
1.4
Borging uitvoeringsprogramma en IBT
De Wabo en het Bor verankeren wettelijk een programmatische uitvoering en waarborging van de VTH-taken. Dat betekent dat er borging van de uitvoering van de taken moet zijn in de zin van personeel, waaronder kwaliteit, tijd en middelen. De uitvoering van de VTH-taken die in die uitvoeringsprogramma zijn opgenomen is volgens de begroting van de gemeente Laarbeek. Daarmee is de uitvoering geborgd en wordt voldaan aan de aanbeveling uit het Interbestuurlijk Toezicht door de provincie.
De kwaliteitseisen op het VTH-gebied omtrent minimale kennis, kunde en capaciteit, zijn vastgelegd in de kwaliteitsverordening en deze eisen zijn gebaseerd op de kwaliteitscriteria 2.2. Op 12 december 2019 is de Verordening kwaliteit vergunningverlening, toezicht en handhaving Omgevingsrecht Laarbeek in werking getreden. Elk jaar geven wij aan in het Jaarverslag VTH of en in welke mate wij hebben voldaan aan de gestelde kwaliteitseisen.
1.5
Interne en externe samenwerking
Een juiste afstemming met interne en externe (handhavings)partners is essentieel om het VTH-beleid en het Uitvoeringsprogramma VTH goed uit te kunnen voeren. Om die reden is er ook voor de totstandkoming van dit uitvoeringsprogramma afstemming gezocht met diverse partners. Bij afstemming met externe partners kunt u denken aan partners die belast zijn met strafrechtelijke handhaving (politie en OM), de Omgevingsdienst ZuidoostBrabant (ODZOB) en de brandweer. Om een veilige, gezonde en duurzame samenleving te kunnen waarborgen worden steeds meer teams binnen Laarbeek betrokken bij het tot stand komen van vergunningen en bij het houden van toezicht en handhaving. De laatste jaren zijn er flinke stappen gezet met betrekking tot de interne samenwerking. Binnen de gemeente is een vaste structuur opgezet waar mogelijke signalen worden besproken en beoordeeld. Belangrijk onderdeel daarvan is de uitwisseling van informatie tussen (overheids)partners. Voor 2022 zijn er in ieder geval de volgende specifieke afspraken gemaakt: -
Er vinden wekelijks werkoverleggen plaats met de Toezichthouders Bouw & RO en de medewerkers Ruimtelijke Ordening om bouwplannen te bespreken welke al dan niet strijdig zijn met het bestemmingsplan;
-
Er vindt wekelijks een integraal juridisch overleg plaats, waarin nieuwe en lopende zaken worden gedeeld en besproken;
-
Met de burgemeester, afdelingsmanager, Ambtenaar Openbare Orde en Veiligheid en beleidsmedewerker Handhaving vindt iedere twee weken een zogeheten portefeuillehoudersoverleg plaats om informatie en adviezen uit te wisselen;
-
Er vindt wekelijks afstemming plaats tussen de Toezichthouders Bouw & RO en de handhavingsjuristen, waarin nieuwe en lopende zaken worden gedeeld en besproken;
Pagina 6 van 25
-
Er vindt maandelijks een overleg plaats met de BOA’s en politie waarin de lopende signalen in de wijk, hotspots en nieuwe projecten worden gedeeld en besproken;
-
Met de burgemeester, politie, veiligheidsmedewerker en de juridisch beleidsmedewerker Handhaving vindt tweewekelijks een overleg plaats om informatie uit te wisselen af te stemmen;
-
Met de handhavingscoördinator van de ODZOB, de afdelingsmanager en de juridisch beleidsmedewerker Handhaving zijn er maandelijks afstemmingsmomenten;
-
Er vindt tweemaandelijks afstemming plaats met het basisteamdriehoek;
-
Bij ruimtelijke afwegingen die vallen onder de uitgebreide procedure wordt afstemming gezocht met de provincie Noord-Brabant;
-
Bij ruimtelijke afwegingen die vallen onder de uitgebreide procedure en die van invloed zijn op het oppervlaktewater wordt afstemming gezocht met het Waterschap AA en Maas;
-
Met de burgemeester en de Procesregisseur Sociaal Domein vindt er driewekelijks overleg plaats.
-
Binnen verschillende teams binnen de gemeente vindt tweemaandelijks een Lokaal Informatie overleg Ondermijning (LIO) plaats voor het uitwisselen van informatie;
-
Zeswekelijks vindt er ondermijningsoverleg plaats.
-
Tweewekelijks is er Peelland Interventie Team (PIT) overleg
1.6
Omgevingsdienst en VRBZO
De ODZOB en de Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost (hierna: VRBZO) voeren, in mandaat een pakket van taken uit op het gebied van Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving. In het Bor is wettelijk vastgelegd welke taken de ODZOB namens het college uitvoert. De taken van de VRBZO zijn vastgelegd in de Wet veiligheidsregio’s. Naast de repressieve taak, het blussen van branden, voert de VRBZO ook andere taken uit zoals advisering bij vergunningen en het toezicht op brandveiligheidsvoorzieningen. Voor uitvoeringstaken van de ODZOB is een regionaal kader opgesteld om tot een regionaal uitvoeringsniveau te komen. Samenhang uitvoeringsprogramma omgevingsdienst Een groot deel van de uitvoering van de VTH-taken wordt door de ODZOB gedaan. Als eigenaar en opdrachtgever moet de gemeente een actieve rol nemen in de samenwerking met de omgevingsdienst bij het opstellen en bijstellen van een regionale beleid en uitvoeringsprogramma. De deelnemers van een omgevingsdienst dragen gezamenlijk zorg voor een uniform uitvoeringsprogramma voor de taken. Het uitvoeringsprogramma vloeit voort uit het door het Algemeen Bestuur vastgesteld beleid. Op ODZOB niveau betreft dit het ROK milieutoezicht en het ROK vergunningverlening.
Pagina 7 van 25
Samenhang uitvoeringsprogramma VRBZO Met de VRBZO wordt samengewerkt binnen het domein brandveiligheid en rampenbestrijding. Het college van burgemeester en wethouders is belast met de brandweerzorg, de rampenbestrijding en de crisisbeheersing en de geneeskundige hulpverlening. Prioriteiten voor de veiligheidsregio komen tot uiting in de meerjarenbegroting van de VRBZO. Voor dit uitvoeringsprogramma is aangesloten bij de kaderbrief 2022.
1.7
Andere belangrijke partners
In deze paragraaf is een opsomming gegeven van andere belangrijke partners in handhaving op het gebied van bouwen, milieu, APV, bijzondere wetten en brandveiligheid. Om het werk goed te kunnen doen hebben we andere partijen nodig. Deze partners zijn vaak specialisten en beschikken over kennis en capaciteit die aanvullend is op hetgeen we zelf in huis hebben. Integrale samenwerking bevordert de kwaliteit van onze producten, de omgang met onze klanten en het optimaal inzetten van de juiste kennis en kunde op het juiste moment in het proces. Team Toetsing en Handhaving Het team Toetsing en Handhaving bestaat uit medewerkers in de rol van buitengewoon opsporingsambtenaar, Toezichthouder Bouw & RO, vergunningverlening APV (Alcoholwet en bijzondere wetten), beleidsmedewerker (o.a. openbare orde en veiligheid en ondermijning) en juridisch adviseur. Handhavingstaken op grond van de onder andere APV en bijzondere wetten worden uitgevoerd door dit team. Dit betekent dat de activiteiten beschreven in dit plan worden uitgevoerd door het gehele team en niet alleen bijvoorbeeld de inzet van buitengewoon opsporingsambtenaren betreft. Team Toetsing en Handhaving maakt gebruik van het digitaal systeem ‘CityControl’ ter ondersteuning van de handhaving. Ook wordt er doormiddel van een Excellijst de monitoring van handhavingszaken bijgehouden. Dit wordt het Dashboard Handhaving genoemd.
Handhaving wordt hiermee efficiënter uitgevoerd. Daarnaast is het makkelijker om inzicht te krijgen in de hoeveelheid en locaties van ons handhavend optreden. Door ook achteraf deze informatie te onderzoeken, kunnen ook andere middelen worden ingezet. Peelland Interventie Team (PIT) Het Peelland Interventie Team (PIT) is een interventieteam onder regie van de gemeenten Asten, Deurne, Gemert-Bakel, Helmond, Someren, en Laarbeek. Het Peelland Interventie Team is opgericht in 2016 nadat op 20 oktober in dat jaar een overeenkomst is getekend door de zes colleges van B&W van de zes gemeenten in de Peel, Politie-eenheid Oost Brabant, de VRBZO en Senzer (sociaal domein). Het doel is de integrale samenwerking bevorderen en uitwisseling van gegevens mogelijk te maken. Het PIT is geen aparte organisatie maar een samenwerking tussen gemeente, politie en waterschap, waarin (niet limitatief) GGD, NVWA, Enexis, ISZW, Senzer, VRBZO en ODZOB participeren op basis van inhoud. Er is wel een vaste projectleider c.q. coördinator. Het team kan worden ingezet voor een combinatie van taken, daarbij worden de bevoegdheden van de samenwerkende deelnemers gecombineerd. Het PIT heeft geen vastgesteld programma, maar wordt als daarvoor aanleiding is ingezet.
Pagina 8 van 25
De totale kosten van het PIT worden gedeeld door de zes gemeenten gezamenlijk. Er wordt door het PIT een jaarverslag uitgebracht wat wordt toegezonden aan het college van burgemeester en wethouders. De begroting van Laarbeek voorziet in de bijdrage aan het PIT: Omschrijving Programmaleider aanpak ondermijning Pit-coördinator Programmaleiding integrale aanpak criminaliteit Totaal
Kosten 12.000 16.000 11.000 39.000
Openbaar Ministerie De bestuursrechtelijke instrumenten die ter beschikking staan, zijn vooral toegesneden op het geheel of gedeeltelijk ongedaan maken of beëindigen van de overtreding en op het herstel van de situatie. De strafrechtelijke instrumenten zijn vooral toegesneden op het straffen van de overtreder, veranderen van diens gedrag, schadeherstel en op het wegnemen van door de dader wederrechtelijk genoten voordeel. Beide typen instrumenten dienen daarnaast tot ontmoediging (preventie). Bij overtreding van het stelsel van de omgevingsvergunning of het bij of krachtens de betrokken wetten bepaalde kunnen vrijwel al deze aspecten aan de orde zijn. Handhavend optreden door bestuur en OM dient dan ook in samenspel plaats te vinden. Dit samenspel komt voornamelijk tot uiting in het driehoeksoverleg, met als achterliggend doel de permanente bescherming van de samenleving. Overige partners Het Team Toetsing en Handhaving werkt nauw samen met de politie. De politie heeft als taak te zorgen voor de daadwerkelijke handhaving van de rechtsorde en het verlenen van hulp aan hen die deze behoeven. Binnen de provincie is er een brede samenwerking met SSIB (Samen Sterk in Brabant) daarin zetten gemeenten, provincie, politie, waterschappen en meer partijen zich in voor het Brabantse buitengebied vrij te houden van illegale afvalstortingen, stroperij en wildcrossen.
Laarbeek is met de provincie en 42 andere gemeenten actief geweest binnen het Project Intensivering Toezicht veehouderijen. Dit project heeft als doel de naleving van de regels op het gebied van milieu, bouwen en natuurbescherming te verbeteren en daartoe worden alle IV-bedrijven bezocht. Het project is inmiddels afgerond en een evaluatie is opgesteld door de Omgevingsdienst. Naast onze eigen ambtelijke inbreng is op diverse complexe dossiers ook extra externe juridische ondersteuning van onder andere onze huisadvocaat mogelijk. Met de NVWA wordt incidenteel samengewerkt, dit gebeurt doorgaans in samenspraak met de ODZOB en/of het PIT.
Pagina 9 van 25
Naast de bovengenoemde partners wordt er ook samengewerkt met Waterschap Aa en Maas. Dit gebeurt vooral op projectbasis en naar aanleiding van incidenten samengewerkt.
1.8
Prioriteitenstelling
De objecten met de grootste risico’s en hinderlijkheid krijgen de meeste aandacht. Dit betekent echter niet dat objecten met een lager risico in het geheel geen aandacht krijgen. Het is mogelijk dat bij de controle en het toezicht op de objecten met de grote(re) risico’s tevens de lagere risico’s in die controle kunnen worden meegenomen. De inspanningen op het gebied van handhaving zullen dan ook primair moeten worden gericht op de objecten met de grootste risico’s. Secundair verdienen de objecten met een beperkt risico de aandacht. Idealiter worden direct alle problemen aangepakt en opgelost. Dit is echter niet altijd mogelijk, omdat daartoe de capaciteit niet toereikend is of omdat handhaving een langdurig traject is. Gelet hierop moeten keuzes worden gemaakt en moeten prioriteiten worden gesteld. Prioriteren houdt in dat er taken wel worden uitgevoerd maar ook dat er taken niet of in beperkte mate worden uitgevoerd. De leidraad bij het bepalen van de prioriteiten wordt gevormd door de verschillende aspecten, die in de wet- en regelgeving voor de fysieke leefomgeving zijn neergelegd en daarin ook bescherming genieten. Het gaat vooral om veiligheid, gezondheid, natuur en milieu en leefomgeving. Bij deze aspecten speelt verder mee dat deze een impact van bepaalde omvang hebben.
Grote(re) en meervoudige overtredingen hebben immers een grotere uitwerking en aantasting dan kleine overtredingen. Dit neemt echter niet weg dat ook kleine(re) overtredingen aandacht behoeven en ook zullen worden opgepakt. Het gaat dan om de zogenaamde ‘kleine ergernissen’ zoals hondenpoep, parkeeroverlast en zwerfafval.
Pagina 10 van 25
Hoofdstuk 2 Beleidsdoelstellingen en ontwikkelingen VTH 2.1
Beleidsdoelstellingen Vergunningverlening
Milieu- en natuurregelgeving is deels in nationale en Europese wet- en regelgeving en daarnaast in een groot aantal richtlijnen vastgelegd. De werkzaamheden voor vergunningverlening zijn overwegend vraag gestuurd en afhankelijk van initiatieven van bedrijven en burgers zoals bouwen, slopen, bestemmingsplannen, brandveiligheid en milieu. De inschatting van het jaarlijks aantal te verlenen vergunningen komt tot stand door extrapolatie van de verleende vergunningen van voorgaande jaren. De diepte waarop aanvragen getoetst worden is, net als toezicht, risicogericht. De risicomatrix is terug te vinden in het VTH-beleid.
Voor vergunningverlening zijn een aantal doelstellingen in het VTH-beleid geformuleerd die in de uitvoering worden nagestreefd. Deze zijn: •
Voldoen aan de wettelijke Wabo kwaliteitsverplichtingen, zoals vastgelegd in het Bor en het Mor en het leveren van een minimaal benodigd adequaat niveau van Wabovergunningen. 100% Toelichting: Het is verplicht om aan de minimale kwaliteitseisen te voldoen. Het niveau van de verleende vergunningen wordt gemeten door een vergelijking met het minimum adequate niveau. •
Met gebruikmaking van de beschikbare instrumenten rond vergunningverlening wil de gemeente Laarbeek criminele activiteiten tegengaan. 100% Toelichting: De gemeente heeft mogelijkheden om barrières op te werpen, waarmee kan worden voorkomen dat criminele organisaties of personen misbruik maken van legale structuren of zich weten te vestigen in de regio. Dit betekent dat de gemeente kritisch is bij vergunningverlening en het vastgestelde Bibob-beleid consequent toepast. •
Minimaal percentage verleende vergunningen binnen de wettelijke beslistermijn. 98% Toelichting: Een klein risico is ingebouwd, omdat vergunningverlening afhankelijk is van de advisering door derden. Om de gevoeligheid van dossiers en andere specifieke aandachtspunten tijdens de procedure in beeld te houden/krijgen vindt periodiek afstemming plaats met de handhavingsregisseur van de ODZOB. •
Het maximale percentage van rechtswege verleende vergunningen: 2%
• Het maximale percentage gegronde bezwaarschriften op een vergunning: 5% Toelichting: We streven naar kwalitatief goede besluiten. In een zeer gering aantal gevallen (gesteld op maximaal 5%) kan het nog voorkomen dat een bezwaarschrift gegrond is. •
Het beleid en de verordeningen ten behoeve van vergunningen is actueel: 100%
In het kader van onder andere de Wabo, Alcoholwet, APV en bijzondere wetten is de gemeente bevoegd om toe te zien op de regels die op grond van deze wetten zijn gesteld en daarop te handhaven. Dit betreft onder andere de onderdelen milieu, bouw, ruimtelijke
Pagina 11 van 25
ordening, evenementen, kermisterreinen, parkeren, bouwen, planologisch strijdig gebruik, in- en uitritten, kappen en slopen, natuur en milieuactiviteiten. Ook activiteiten in en aan monumenten vallen hieronder. Onze uitgangspunten voor toezicht hebben we vastgelegd in het beleidskader VTH. De gemeente heeft op grond van de Wabo de taak zorg te dragen voor de bestuursrechtelijke handhaving. Daarover moeten gegevens verzameld en vastgesteld worden. Verder is het een wettelijke taak om klachten te behandelen die betrekking hebben op de naleving van de regels.
2.2
Beleidsdoelstellingen voor Toezicht en Handhaving
Toezicht en handhaving is keuzes maken. Er zal nooit capaciteit beschikbaar zijn om alle taken uitputtend uit te voeren. Daarom zijn in het VTH-beleid van de gemeente Laarbeek prioriteiten, de strategieën en doelen voor toezicht en handhaving opgenomen. Deze zijn nog steeds leidend bij de uitvoering van de werkzaamheden. In de beleidsstukken zijn daarom ook keuzes gemaakt in prioritering op basis van een risico inschatting. De prioritering heeft gevolgen voor de diepgang van toetsing van een vergunningaanvraag en de mate van toezicht.
Voor toezicht en handhaving zijn doelstellingen in het beleidsplan geformuleerd die in de uitvoering nagestreefd worden in het gehele proces van toezicht en handhaving. Deze zijn: • Een veilige en gezonde leefomgeving. Toelichting: Voor de vergunningverlening betekent dit dat waar mogelijk wordt ingezet op de best beschikbare technieken en emissie-eisen worden opgelegd, de brandveiligheidstoets zorgvuldig wordt uitgevoerd en zelfcontrole wordt gestimuleerd. Dit conform wettelijke regelgeving. Voor het toezicht betekent dit speciale aandacht voor gevaarlijke en zeer zorgwekkende stoffen, toezien op een goede staat van voorgeschreven voorziening en sturen op het gedrag van de vergunninghouder. • We weten wat er in onze gemeente gebeurt. Toelichting: Door middel van interactie met de samenleving, veldtoezicht, gevelcontroles e.d., , maar ook op basis van signalen houden we grip op het gebruik van panden op bedrijventerreinen, in woonwijken en in het buitengebied. • We beschermen onze waarden. Toelichting: Dit kunnen bijvoorbeeld archeologische-, erfgoed- of natuur en landschapswaarden zijn. Bij de vergunningverlening doen we dit door vooraf te toetsen op mogelijke aantasting en als voorkomen niet mogelijk is mitigerende voorwaarden te stellen. Bij het toezicht doen we dit met name door veldtoezicht gericht op illegale praktijken. • We bestrijden overlast.
Toelichting: Dat doen we door adequaat te reageren op klachten en door toezicht op bijvoorbeeld het hondenuitlaatgedrag en toezicht op evenementen. We verwachten hierin actieve wederkerigheid vanuit de samenleving. • Bedrijven en andere doelgroepen moeten voldoen aan wettelijke regels. Toelichting: Daarvoor voeren we regulier bouw- en milieutoezicht uit, en staan onze ogen en oren open als we in het veld zijn.
Pagina 12 van 25
•
Emissies van milieubezwaarlijke en zorgwekkende stoffen en emissies die kunnen leiden tot gezondheidsschade moeten tot een minimum worden beperkt.
2.3
Nieuwe ontwikkelingen en speerpunten 2022
COVID-19 Een groot deel van het jaar 2020 en geheel het jaar 2021 heeft in het teken gestaan van COVID-19. Onderhand kent Nederland een relatief hoge vaccinatiegraad toch zijn ten tijde van het schrijven van dit uitvoeringsprogramma de Coronamaatregelen weer aangescherpt. Daarom wordt er in het jaar 2022 ook rekening gehouden met de aanwezigheid van COVID-19. Het is nog onbekend in welke vorm de aanwezigheid van COVID-19 in 2022 een rol gaat spelen. Onze ervaring met de uitvoering van het Uitvoeringsprogramma 2021 is dat vanwege COVID-19 de gestelde doelen niet altijd gehaald konden worden. We maken dan ook een voorbehoud of de doelen, die in dit programma worden gesteld, worden behaald. Dit is afhankelijk van hoe de situatie rondom COVID-19 zich zal ontwikkelen en de daarbij horende maatregelen. Waar bepaalde toezichthoudende- en handhavende taken niet kunnen worden uitgevoerd, kan besloten worden om juridische, beleidsmatige- en handhavingscapaciteit te reserveren voor werkzaamheden welke samenhangen met het voorkomen van verdere verspreiding van COVID-19. Verder is het zo zijn dat bepaalde werkzaamheden niet- of beperkt kunnen worden uitgevoerd omdat de samenleving door COVID-19 anders is ingericht.
Ook bestaat de mogelijkheid dat vanwege opgelegde maatregelen controles op de naleving van bouw- en milieuregelgeving niet kunnen worden uitgevoerd omdat te allen tijde de veiligheid van burgers en medewerkers van de gemeente gewaarborgd moet worden. Er is wel bewust voor gekozen om, ongeacht COVID-19 en eventueel geldende maatregelen om besmetting zoveel mogelijk te voorkomen, een Handhavingsuitvoeringsprogramma voor 2022 op te stellen. Dit om – net als andere jaren – te fungeren als leidraad en om kenbaar te maken welke prioriteiten er zijn gesteld en welke toezichthoudende- en handhavende taken worden uitgevoerd om zo een bijdrage te leveren aan een schone, leefbare en veilige gemeente. Omgevingswet en wet kwaliteitsborging voor het bouwen De invoering van de Omgevingswet en de Wet Kwaliteitsborging Bouwen staat gepland op 1 juli 2022. Beide wetten zorgen voor grote veranderingen in het VTH-taakveld. Landelijke regels en vergunningstelsels worden geïntegreerd in de Omgevingswet. Deze wet betekent nieuwe instrumenten zoals de omgevingsvisie, het omgevingsplan en een ingrijpende stelselwijziging. Milieuregels die nu in landelijke besluiten staan komen dan deels in het gemeentelijke omgevingsplan. De Omgevingswet heeft een grote impact op de organisatie van de gemeente als het gaat om procedures, werkprocessen en digitale systemen in het brede fysieke domein.
Daarmee heeft de wet ook invloed op hoe wij als gemeente onze dienstverlening en de uitvoering van de VTH-taken organiseren. Dat betekent in 2022 meer inzet van de medewerkers voor opleidingen en om de processen op orde te krijgen, terwijl het regulieren werk ook doorgaat. We geven hier hoge prioriteit aan en zullen dit goed monitoren en zo nodig aanvullende maatregelen nemen. De gemeenteraad stelt jaarlijks
Pagina 13 van 25
€100.000 beschikbaar voor implementatie van de Omgevingswet. Hiervoor is aanvullend structureel tevens een formatieplaats beschikbaar gesteld (1FTE) voor een medewerker Omgevingswet. Ook wordt voor wat betreft de digitalisering hard gewerkt om het nieuwe VTH-systeem aan te laten sluiten op de DSO (digitaal stelsel Omgevingswet) en daarmee ‘Omgevingswet proof’ te maken. We doen dit samen met de Omgevingsdienst. Naast dat we digitaal dan klaar willen zijn voor de Omgevingswet biedt dit ook de kans voor toezicht en handhaving om digitaal toezicht verder te ontwikkelen. Voor de implementatie besteden we tijd aan het inrichten van het systeem, het maken van werkafspraken en opleiding. Ook kunnen er taken verschuiven tussen gemeente en ODZOB. De Wet Kwaliteitsborging Bouwen verandert de gemeentelijke taken voor o.a. het bouwtoezicht. Private gecertificeerde kwaliteitsborgers gaan voor een deel van de bouwwerken de technische toets vooraf en het bouwtechnisch toezicht tijdens de bouw uitvoeren. Voorbereidingen op de Omgevingswet en de Wet Kwaliteitsborging Bouwen zullen in 2022 de nodige tijd en aandacht vragen. Daarbij gaat het in ieder geval om opleidingen, aanpassen van werkprocessen en het op orde brengen van milieudossiers ingeval van de overdracht van taken van de gemeente naar de ODZOB.
Het vernieuwde toezicht geldt in eerste instantie voor eenvoudige bouwwerken in de laagste risicoklasse. In samenspraak met de ODZOB kijken we naar de invulling van de rol van toezicht en handhaving bij de Omgevingswet en de kwaliteitsborging. Damocles, overlast en ondermijning Een groot gedeelte van de geplande uren bij toezicht en juridische handhaving is gericht op de uitvoering van het Damoclesbeleid, voorkomen van overlast en ondermijning. Dit zijn uiteenlopende taken zoals opvolging meldingen, opvolging bestuurlijke rapportages van de politie, opvolging van klachten maar ook het daadwerkelijk sluiten van panden, houden van toezicht en overgaan tot bestuurlijke handhaving. Daarnaast natuurlijk zichtbaar zijn op straat maar ook bij evenementen. Het thema ondermijning heeft een hoge prioriteit. Bij reguliere controles (milieu, bouwen, ruimtelijke ordening, BRP, BAG), klachten en meldingen worden signalen voor ondermijnende criminaliteit altijd in een lokaal informatieoverleg besproken. Ondermijning gaat verder dan alleen drugs maar bestaat uit diverse activiteiten. In verband met de aanpak zijn diverse afspraken vastgelegd. Dit om mogelijke terechte signalen in vroeg stadium te kunnen volgen of actie op uit te zetten. Dat kan via de verschillende strategieën en is natuurlijk afhankelijk van de aanpak.
Integraal en daadkrachtig optreden tegen ondermijning gaat in samenwerking met de politie, Openbaar Ministerie, Belastingdienst, het RIEC en overige overheidspartners. Bibob-beleid Op grond van artikel 7 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (wet Bibob) kunnen het college en de burgemeester bij de behandeling van een aanvraag om vergunning, een advies vragen aan het Bureau bevordering integriteitsbeoordelingen op basis waarvan de vergunning mogelijk geweigerd kan worden. Om te komen tot een eenduidige en effectieve uitvoering van de bevoegdheden van de wet Bibob is eind 2019 het gemeentelijke Bibob-beleid vastgesteld. Het Bibob-beleid is de laatste jaren aangepast op het onderdeel Wabo, Milieu en subsidies waardoor Bibob
Pagina 14 van 25
(specifieker) toegepast kan worden. Om hierop te anticiperen heeft er ook een uitbreiding qua uren plaatsgevonden. In 2022 wordt dit verder ingevuld. Toezicht en Handhaving veilige publieke taak Algemeen doel voor toezicht en handhaving is dat naast de sturing op basis van een inschatting van risico’s, steeds meer gestuurd wordt op basis van (nalevings)informatie. De focus ligt uiteraard op de taken met hoge prioriteit en juist op die taken moet naleving worden verbeterd. Toezichtstaken zijn vraag gestuurd als het om toezicht op verleende vergunningen gaat. Ook een melding of een verzoek om handhaving kan aanleiding zijn voor het uitvoeren van een controle. Bij handhaving vormt het waarnemingsrapport van een toezichthouder de basis voor het aanleggen van een handhavingsdossier. Met uitzondering van verzoeken om handhaving, kan de handhavingscapaciteit vooral worden ingezet op overtredingen waarvoor het beleid prioriteiten stelt. Vanuit een oplossingsgerichte in plaats van proceduregerichte aanpak en houding wordt eerst het gesprek aangegaan met de overtreder. Zo mogelijk wordt de doorlooptijd van handhavingsdossiers korter, waarbij de kwaliteit in het oog wordt gehouden. De handhavingsvoorraad loopt niet onnodig op, waarbij achterstanden worden voorkomen door tijdig bij te sturen.
Het takenpakket waarop de handhavers momenteel worden ingezet is door de jaren heen ontwikkeld en zeer divers. In de kern gaat het om de aanpak van overlast, ergernissen en andere feiten die de leefbaarheid aantasten binnen de openbare ruimte. Naast de bredere inzetbaarheid is de maatschappij verhard en is het ontzag voor overheidsorganen en haar medewerkers verminderd. De praktijk maakt dat handhavers steeds vaker agressief bejegend worden. Het handhaven van ‘de kleine norm’ brengt dikwijls weerstand met zich mee. Niet zelden is er sprake van verbale agressie. Agressief gedrag in de brede zin van het woord komt voor binnen alle lagen van de samenleving. Het is niet exclusief terug te brengen naar één doelgroep, hetgeen het handhaven soms complex maakt. Er is al veel in Laarbeek geïnvesteerd om risico’s te verkleinen of te beheersen. Handhavers in Laarbeek hebben een uitgebreid pakket aan veiligheidsmaatregelen. In het jaar 2022 wordt net als in andere jaren doorlopend geïnvesteerd in trainingen in het kader van de-escalatie en communicatie. Verder houdt Handhaving de landelijke ontwikkelingen ten aanzien van geweldsmiddelen in de gaten. Boa-studenten Laarbeek vervult al enkele jaren de rol van erkend leerbedrijf voor Boa-studenten. In 2022 gaan diverse studenten stage gelopen in Laarbeek en een bijdrage geleverd aan ‘meer blauw op straat’.
In 2022 worden diverse Boa-studenten onder andere ingezet bij het voorlichten van burgers en bedrijven over de Corona-regels en ook ingezet bij evenementen om de stroom van bezoekers in goede banen te geleiden en de rust te bewaren. Toezicht en handhaving in het buitengebied De druk op het buitengebied neemt toe. Op het grensvlak van groene wet- en regelgeving en openbare orde en veiligheid ontstaat steeds meer overlast door zaken als bijvoorbeeld illegale motorcross, afval/drugsdumpingen, en overige ondermijningsactiviteiten. De gemeente Laarbeek beschikt niet over een groene boa. Momenteel wordt onderzocht op welke wijze hier invulling aan kan worden gegeven.
Pagina 15 van 25
Informatie gestuurd handhaven De inzet van de toezichtcapaciteit wordt grotendeels bepaald door het aantal verleende omgevingsvergunningen, ingediende meldingen voor sloop, brandveilig gebruik en milieu(vergunningentoezicht). De inzet van de handhavingscapaciteit (zowel juridisch als toezicht) is afhankelijk van het aantal handhavingsverzoeken, klachten en meldingen, het aantal daaruit voortvloeiende overtredingen, het aantal overtredingen bij het vergunningentoezicht en periodiek toezicht, projecten of thema’s en bezwaar- en beroepsprocedures. Aandachtspunt is dat we steeds meer gebruik gaan maken van informatie gestuurde handhaving. Belangrijk is daarbij dat de systemen “op orde zijn” en gekoppeld zijn dan wel worden met systemen van handhavingspartners (zoals de Omgevingsdienst) en onze basisregistratie. Het delen van informatie binnen de organisatie moet verder worden vormgegeven om tot betere ontsluiting, advisering en dienstverlening. Actualiseren Evenementenbeleid Het huidige Evenementenbeleid is in 2018 vastgesteld. Na de vaststelling zijn er diverse ontwikkelingen geweest die het wenselijk maken dat het beleid wordt geactualiseerd. Geconstateerd is dat er steeds kritischer wordt gekeken naar verleende evenementenvergunningen door belanghebbenden. Dit heeft aanleiding gegeven tot aanpassing van het evenementenbeleid.
Hiermee willen we meer duidelijkheid creëren in het werkproces voor zowel organisatoren als voor evenementendoorlooptijd zonder onder te doen van kwaliteit en professionaliteit. Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Laarbeek Op aangeven van de VNG en de ambtelijke organisatie wordt de APV in 2022 geactualiseerd. Deze zal naar verwachting in het derde kwartaal van het jaar aan onze gemeenteraad worden voorgelegd. Lachgas Naast het gebruik en misbruik van alcohol is de afgelopen jaren het recreatief gebruik van lachgas als roesmiddel toegenomen. Er is op dit moment nog geen landelijk verbod op het gebruik van lachgas. Dat neemt niet weg dat de gemeente actie kan ondernemen om het gebruik van lachgas te beperken vanwege de schadelijkheid daarvan. In de APV, in artikel 2:48a, is al een verbod opgenomen in openbaar gebied lachgas te gebruiken of ander of enige ander hulpmiddel en/of benodigdheden voor het gebruik van lachgas achter te laten. Er zal aandacht worden besteed aan het gebruik, verkoop en vervoer van lachgas. Met nadrukkelijke aandacht voor lachgas bij mogelijke opslaglocaties. Opleiding tactische criminaliteits analyse Zowel bij de strafrechtelijke als bij de bestuurlijke aanpak van criminaliteit speelt tactische criminaliteitsanalyse een grote rol. Tactisch analisten verzamelen, veredelen en analyseren beschikbare gegevens over personen, panden of andere objecten.
Op basis van de verzamelde gegevens wordt een analyse uitgevoerd. Daarna adviseert de analist de verschillende ketenpartners of eigen organisatie over mogelijkheden om de criminele activiteiten van de geanalyseerde personen en/of organisaties in te perken of in de toekomst te voorkomen. Er wordt binnen het Team Toetsing en Handhaving geïnvesteerd in deze opleiding.
Pagina 16 van 25
Hoofdstuk 3 Taken en uitvoering 2022 3.1
Taken en uitvoering ODZOB
De ODZOB verzorgt de planning voor de te bezoeken bedrijven, met inachtneming van het beschikbare budget (vastgelegd in het Werkplan ODZOB 2022) en onze prioriteiten. Tevens pakt de ODZOB een deel van de juridische handhaving omtrent milieu overtredingen op zich. Voor de uitvoering van milieutoezicht en -handhaving en vergunningverlening heeft de ODZOB het ROK Milieutoezicht (2019-2022) en het ROK Vergunningverlening (2020-2023) opgesteld. In 2019 zijn deze ROK’s door de raad vastgesteld. Zij maken ongewijzigd onderdeel uit van het Uitvoeringsprogramma VTH. Met de invoering van dit ROK is de relatie van de beleidscyclus en uitvoeringscyclus gerealiseerd. Voor vergunningverlening zijn er werkafspraken met de ODZOB. Sinds 2018 rapporteert de ODZOB hierover zodat tijdig kan worden geanticipeerd op ontwikkelingen en zo nodig via de kadernota daarop kan worden bijgestuurd. In het kader van de implementatie van de Omgevingswet worden de bestaande werkafspraken en werkprocessen met de ODZOB in 2022 geëvalueerd en zo nodig bijgesteld. Wij gaan de bestaande werkafspraken met de ODZOB evalueren en zullen daarbij aansturen op een monitoring en evaluatie van projecten die recht doet aan de prioriteiten die wij gesteld hebben en de doelstellingen die wij hebben geformuleerd.
Onze insteek daarbij is dat projecten worden uitgevoerd op basis van projectplannen met een zodanig format, dat het eindverslag bruikbare resultaten oplevert. Wij realiseren ons daarbij dat we niet de werkprocessen van de ODZOB kunnen bepalen of wijzigen.
3.2
Taken en uitvoering VRBZO
Toezicht op het taakveld brandveilig gebruik wordt uitgevoerd door de afdeling Naleving van de Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost (VRBZO) op basis van de regionaal op 26 maart 2015
Pagina 17 van 25
vastgestelde “Toekomstvisie Brandweerzorg”. Dit betekent dat de inzet alleen is gericht op risicovolle en complexe bouwwerken en situaties (niet bouwwerken). Hiervoor is in 2022 voor de gemeente Laarbeek 420 uur beschikbaar. De planning hiervan wordt in regionaal verband gemaakt en vastgesteld door het bestuur van de VRBZO. De primaire verantwoordelijkheid voor het realiseren en behouden van een brandveilige situatie ligt bij de gebruikers/eigenaren. Zij moeten een vergroot verantwoordelijkheidsbesef en veiligheidsbewustzijn krijgen. De brandweer bevestigt dit uitgangspunt in zijn optreden als toezichthouder zoveel mogelijk. Eigenaren/gebruikers mogen niet het idee hebben dat de brandweer primair de verantwoordelijkheid draagt (geheel of gedeeltelijk) voor brandveiligheid. Hierbij ligt de nadruk op risicogerichte aanpak. Een balans wordt gezocht in de bouwkundige, installatietechnische en organisatorische aspecten. De belangrijkste thema’s hierbij zijn alarmering, veilig vluchten, rook- en brandbeheersing en veilige inzet van de repressieve dienst. Inzet is op basis van opdrachten en wordt niet uitgedrukt in FTE. De middelen die voor de VRBZO beschikbaar zijn worden volgens de door de VRBZO opgestelde systematiek verdeeld. Daarmee hebben wij ingestemd en over de achterliggende jaren heeft de uitvoering onze instemming.
De VRBZO levert jaarlijks een uitvoeringsplan en een verslag aan op basis waarvan wij kunnen evalueren aan de hand van de gestelde prioriteiten en doelen. Het uitvoeringsplan van de VRBZO maakt als bijlage onderdeel uit van het Uitvoeringsprogramma VTH. De bijdrage van de VRBZO betreft in hoofdzaak advisering op het gebied van brandveiligheid en het uitvoeren van toezicht op de brandveiligheid. De VRBZO voert twee soorten controles uit: de opleveringscontrole en reguliere controles voor activiteiten vallen onder categorie B en C bij evenementen. Voor de categorie A worden door de gemeente de eerste controles uitgevoerd. Wanneer expertise nodig is wordt de VRBZO ingeschakeld. Een belangrijk doel van brandveiligheidscontroles is natuurlijk het voorkomen van incidenten met brand doordat voldaan wordt aan de voorschriften die in dat kader gesteld worden in weten regelgeving. Dit komt tot uiting in het toezichtprogramma van de gemeente en de VRBZO. De taken op het gebied van brandveiligheid worden in samenwerking met de VRBZO uitgevoerd. De financiële middelen hiervoor zijn vastgelegd in de begroting van de Veiligheidsregio. De bijdrage aan de veiligheidsregio is opgenomen in onze begroting.
3.3
Taken en uitvoering gemeente
Voor de gemeentelijke taken is in de onderstaande tabel inzichtelijk gemaakt hoe de beschikbare middelen zijn verdeeld. Gezien de impact die COVID-19 heeft gehad op het de uitvoering van onze taken op het gebied van handhaving en toezicht is het lastig geweest om conclusies te trekken uit de evaluatie 2020 en bijstelling door te voeren voor 2022. Het programma 2022 laat daarom ten opzichte van 2021 op het onderdeel gemeentelijke taken in de uitvoering weinig wijzigen zien. Met handhavingsthema openbare orde en veiligheid heeft het voorkomen van overlast en leefbaarheid een gemiddeld prioriteit. Deze heeft een samenhang met overtredingen van de APV. Ten aanzien van de openbare ruimte komen er wel veel klachten en meldingen binnen. Het toezicht met betrekking tot het gebruik van de openbare ruimte en
Pagina 18 van 25
eigendommen en het toezicht met betrekking tot parkeerproblemen ligt grotendeels bij de BOA’s. Thema’s kunnen zijn: • Parkeerchaos is in de schoolomgeving; • Toegankelijkheid hulpdiensten; • ‘misbruik’ van (gehandicapten)parkeerplaatsen; • Verkeersonveilige situaties; • Blokkeren van uitritten; • Parkeren van vrachtwagens, aanhangers, campers (APV); • Blokkeren van de doorgang op het trottoir. Daarnaast richt de BOA zich op toezicht van hondenpoep. De BOA is de ogen en oren op straat. Bij standplaatshouders of venters vraagt hij na of ze hier vergunning voor hebben en indien nodig verwijst hij hen naar het juiste loket. De brede handhaving krijgt zo meer vorm. Om overlast omtrent honden te voorkomen vinden er regulier controles plaats op hond gerelateerde locaties. De controles worden zowel in burger als geüniformeerd gedaan. Ook wordt er op klachten gereageerd. Het objectief verdelen van de middelen voor gemeentelijke taken naar rato van de prioritering is lastig. We kunnen immers veelal niet uitgaan van een lijst van objecten of locaties die bezocht gaan worden. Het betreft veelal veldtoezicht, al dan niet naar aanleiding van klachten of meldingen. Dat betekent dat taken en uren overlappen en door elkaar heen lopen. Door bewuster op taken en resultaten te monitoren verwachten we hier meer grip op te krijgen. PIT-projecten zijn niet apart in het overzicht opgenomen.
Deze worden op basis van de actualiteit uitgevoerd en zijn vrijwel altijd te koppelen aan een van de taken. De ervaring uit voorgaande jaren geeft aan dat er binnen Laarbeek gemiddeld 4 PIT acties per jaar worden georganiseerd. Tabel: planning inzet voor gemeentelijke taken 2022 Soort Taak Prio toezicht* Toezicht tijdelijke vergunningen O
Uren toezicht 75
Uren juridisch 220
Aantal controles 20 40
Illegale bouw en sloop
V
250
500
Toezicht op sloop (geen asbest)
V
20
200
Illegale bewoning
V/K
100
Huisvesting arbeidsmigranten Strijdig gebruik van gebouwen en gronden R.o. toezicht stoppers en locaties waar vergunning (dierhouderij) is ingetrokken Nette staat van gebouwen en erven
O/K
50
V/K
350
100
O
50
100
O/V/K
200
250
Illegaal gebruik van gemeentegrond
V/K
150
200
150 150
80
Pagina 19 van 25
Soort toezicht*
Uren toezicht
Uren juridisch
V/K
100
250
V/K
50
30
Verkeer en parkeren
V/G
50
75
Waterverkeer en passantenhaven
V
50
25
Afvaldumping, zwerfafval en graffiti Horeca: brandveiligheid, alcoholbeleid, Alcoholwet, wet op de kansspelen, terrassen Toezicht op evenementen Toezicht overlast door honden en andere dieren Aantasting van natuur-, landschappelijke of culturele waarden Toezicht Besluit lozen buiten inrichtingen Ongewenst gedrag in de openbare ruimte (onder andere COVID-19)
V/K
50
20
O/G/K
320
250
90
O
100
50
20
V/G/K
300
50
125
V/K
100
150
V/K
-
-
V/K
750
75
V/K
100
50
V
100
25
V/K
200
100
V/K
50
100
O/V/G/K
200
Taak Uitvoeren van werken of werkzaamheden zonder of in strijd met een vergunning toezicht illegale asbestverwijdering
Illegale kap (Illegale) borden en reclameuitingen/wildplakken Overtredingen regels APV (geluid en andere vormen van overlast zoals vuurwerk) Overige (bijv. illegale stook of visserij) Onvoorzien Totaal deel 1
Prio
1395
50
2000
Totaal deel 2
2370
970
Totaal
3765
2970
*
Aantal controles
O = Objectgericht, V = veldtoezicht, G = gebiedsgericht, K = na klachten
Het aantal controles in rood is een schatting gebaseerd op de praktijk van de achterliggende jaren. Uren geraamd voor Juridisch is inclusief bezwaar- en beroepsprocedure.
De gemeentelijke Toezichthouders Bouw en RO spelen een grote rol bij de communicatie richting burgers en bedrijven. Er is veel winst te halen door goede communicatie aan de voorkant van het vergunningenproces. Vooroverleg, intake en tijdens het vergunningaanvraagproces informeren van de aanvrager voorkomt in grote mate het onbewust overtreden van de regels. Ambtelijk oordeel of een initiatief kansrijk is of niet. Tijdens het intakegesprek wordt de ambtelijke conclusie besproken met de initiatiefnemer.
Pagina 20 van 25
Bij een kansrijk initiatief worden daarbij de belangrijkste aandachtspunten en mogelijke vervolgstappen uiteengezet (bijvoorbeeld het indienen van een principeverzoek of een aanvraag omgevingsvergunning). Hier worden 1200 uren voor geraamd. Uitvoeringstaak gemeentelijke vergunningverlening Uitvoeringstaak Omschrijving
Omvang Evenementenvergunningen Alcohol vergunningen Exploitatie vergunningen Bibob aanvragen Art. 35 ontheffing Ontheffing sluitingstijden horeca Standplaatsen Kansspel Loterij Speelautomaten Wet op de lijkbezorging Aanzeggingen woningontruiming Totaal
Aanvragen en besluiten APV Behandelen van aanvragen van activiteiten die in de APV zijn geregeld zoals alcoholvergunningen, kansspelvergunningen, loterijvergunningen, speelautomatenvergunningen en Bibob-aanvragen Aantal aanvragen Uren 100 1000 15 160 14 160 32 320 35 70 6 12 10 20 3 6 5 10 3 6 10 20 5 10 1794
De formatie is afgestemd op het aantal verwachte vergunningaanvragen. Hier geldt dat een toename van vergunningaanvragen tot uiting zal komen in een toename van inkomsten uit leges. Deze extra inkomsten zullen aangewend worden om (tijdelijk) extra capaciteit in te zetten om de werkzaamheden uit te kunnen voeren. Indien er meer capaciteit noodzakelijk is kan de ODZOB gebruikt worden als flexibele schil. Uitvoeringstaak Toezicht en Handhaving Arbeidsmigranten Binnen fysieke kwaliteiten ligt de prioriteit bij huisvesting van werknemers (arbeidsmigranten). Bij dit thema worden verschillende onderdelen gecombineerd. Zoals controle op brandveiligheid, inschrijvingen in BRP en in het register Niet-Ingezetene (RNI) en gebruik gebouw/terrein overeenkomstig bestemming. Daarnaast fungeert de toezichthouder als oog- en oorfunctie in geval van misbruik, uitbuiting, sociaal welzijn en ondermijning. Deze signalen worden doorgegeven. Uitvoeringstaak Omschrijving
Omvang/werkwijze
Toezicht op huisvesting werknemers en inschrijvingen BRP Toezicht uitvoeren om goede en legale huisvesting van arbeidsmigranten die tijdelijk worden gehuisvest. Er worden meerder aspecten gecontroleerd. In totaal zijn er 55 locaties bekend als huisvesting arbeidsmigranten. Daarnaast worden jaarlijks locaties bezocht op basis van meldingen en gebiedscontroles waar huisvesting
Pagina 21 van 25
Capaciteit benodigde uren
plaatsvindt. Brandveiligheid, gevaren voor de volksgezondheid (overbewoning) en onrechtmatige inschrijvingen worden altijd opgepakt. Daarnaast worden signalen altijd doorgegeven. Toezicht Bouw en RO – 100 uur BOA – 100 uur Juridische handhaving/vergunningverlening 250 uur
Uitvoeringstaak Evenementen Het toezicht op evenementen is een taak van de gemeente. Geluidsklachten lopen via de ODZOB. De BOA en/of de toezichthouder houden bij de vergunningsplichtige evenementen toezicht op de naleving van de vergunningvoorschriften. Waarbij toezicht geluid via de ODZOB verloopt en brandveiligheid van B/C evenementen via de VRBZO. De BOA bij het evenement is oog- en oor voor de andere componenten. Voor de BOA werkzaamheden is het noodzakelijk om met twee personen aanwezig te zijn vanuit veiligheidsoogpunt in verband met toenemend agressieve houding te BOA-beambten. Daarnaast wordt toezicht hierop effectiever. Uitvoeringstaak
Toezicht Horeca
Omschrijving
Toezicht Alcoholwet (evenementen/regulier) Toezicht evenementen en horeca-inrichtingen (preventief en brandveiligheid) Toezicht sluitingstijden en leeftijdsgrenzen. Op basis van gericht toezicht en opvolging van signalen komen op de plekken waar inzet nodig is. Controles vinden voornamelijk bij evenementen in de avond plaats. Eventueel samenwerking met politie. In totaal zijn er binnen de gemeente circa 80 locaties waar een exploitatievergunning is verleend en 90 locaties waar een Alcoholvergunning is verleend. Daarnaast zijn er 10 locaties waar sprake is van kansspel. Evenementen en overige vergunning is afhankelijk van de initiatieven. BOA’s – 50 uur (preventieve controle) BOA’s (tijdens evenementen) - 100 uur Juridische opvolging - 50 uur
Omvang/werkwijze
Capaciteit benodigde uren
Uitvoeringstaak aanpassen handhavingsinstrumentarium Uitvoeringstaak
Aanpassen handhavingsinstrumentarium
Omschrijving
Op basis van de bevindingen uit 2021 gaan wij enkele beleidsstukken in 2022 aanpassen. Een actualisatie kan noodzakelijk zijn om aan te blijven sluiten op (1) het beleid van andere overheidsinstanties (Rijk, provincie en regio) en van de eigen organisatie, (2) nieuwe wet- en regelgeving, (3) nieuwe landelijke richtlijnen, (4) recente ontwikkelingen op het gebied van het beleid. Uren 100 100
Omvang Evenementenbeleid Algemene Plaatselijke Verordening
Pagina 22 van 25
3.4
Taken en uitvoering Team Toetsing en Handhaving
COVID-19 heeft in 2021 flinke impact gehad op de uitvoering van toezicht en handhaving. Hierdoor zijn prioriteiten verlegd. Er is veel aandacht uitgegaan naar handhaving en de voorlichting van de noodverordening en Tijdelijke wet maatregelen COVID-19. Voor 2022 is voor dit moment nog niet duidelijk in hoeverre de extra aandacht Tijdelijke wet maatregelen COVID-19 gevolgen heeft voor het (reguliere)handhavingsprogramma. Bij de planning van onze taken proberen wij grotendeels aansluiting te zoeken bij programma zoals we deze oorspronkelijk in 2021 hadden gepland. Daarbij rekening houdende met de zaken die wel gewoon zijn doorgegaan in 2021. Door binnen het team Toetsing en Handhaving dezelfde taken bij verschillende medewerkers te beleggen wordt de kwetsbaarheid verminderd. Er is een bepaalde mate van achtervang gegarandeerd. Indien dit niet toereikend blijkt te zijn in specifieke situaties wordt in eerste instantie terug gevallen op de ODZOB of medewerkers van het intergemeentelijk juridisch team (samenwerking tussen Gemert-Bakel en Laarbeek). Ook wordt in voorkomende gevallen gebruik gemaakt van de huisadvocaat en of gespecialiseerde advocaten(bureaus).
Team Toetsing en Handhaving (11 FTE) In deze paragraaf leest u hoe de personeelsformatie binnen het cluster VTH is opgebouwd en welke persoon/personen (op functieniveau), welke taak/activiteit uit het uitvoeringsplan uitvoert/uitvoeren. Hierbij wordt ervan uitgegaan dat 1fte gelijk staat aan 1527 productieve uren. Van de beschreven activiteiten uit dit uitvoeringsplan, wordt het grootste gedeelte uitgevoerd door de medewerkers van het team Toetsing en Handhaving. Het team houdt toezicht op het gebied van ruimtelijke ordening, bijzondere wetten, openbare ruimte en APV. Ook wordt er bestuursrechtelijke uitwerking gegeven aan het PIT. Cluster Juridisch VTH (4,3 FTE) Het cluster juridisch VTH bieden juridische ondersteuning voor de toezichthouders APV/Bijzondere wetten en, toezichthouders ro. Zij zorgen ervoor dat geconstateerde overtredingen een juridisch vervolg krijgen. Het cluster Juridisch VTH komt in beeld als uit het toezicht blijkt dat burgers of bedrijven de wet niet naleven. Het team bestaat uit een vijftal juristen. • Het voeren van (juridische) handhavingsprocedures (mede conform de strategieën uit het VTH-plan).
Juridische procedures: zienswijzen, bezwaar, beroep, hoger beroep en “mediation-oplossingen”; • Algemene juridische en beleidsadvisering op het gebied van de fysieke leefomgeving; • Het voeren van de regie op toezicht en handhaving als het toezicht wordt uitgevoerd door een van onze partners. Dat zijn met name de Omgevingsdienst (milieu en bouwen), de brandweer (brandveiligheid), de politie (Opiumwet) en Peel Interventie team (PIT); • Uitvoeringsbeleid maken en actueel houden en; • Bijhouden kennis (cursussen, jurisprudentie, actualiteit wetgeving en implementatie).
Pagina 23 van 25
Het cluster Juridisch VTH heeft in 2022 een vaste formatie van 4,3 FTE. Waarvan 1 FTE beschikbaar is gesteld voor implementatie van de Omgevingswet. (Dit staat los van het structureel beschikbaar gestelde bedrag voor implementatie van de Omgevingswet) Cluster toezichthouders Bouw en RO (2,4 FTE) Het cluster Toezicht ruimtelijke ordening bestaat uit “2 Toezichthouders RO”. De regisseur ODZOB is de schakel tussen de gemeente en de Omgevingsdienst op het gebied van vergunningverlening en toezicht (bouw en milieu) tevens vallen de woonwagenzaken onder zijn takenpakket (0,75 FTE). Het cluster heeft de volgende taken • Toezicht op Handelen in strijd met ruimtelijke regels; • Uitvoeren en rapporteren van handhavingscontroles; • Behandelen van klachten en meldingen van inwoners onder andere: • Controles uitvoeren naar aanleiding van meldingen uit de BAG; • Onderzoek uitvoeren en actie ondernemen n.a.v. landelijke ontwikkelingen. • Nazorg bij calamiteiten op bouwtechnisch vlak; • Bouwtoezicht op bestaande bouwwerken en; • Toezicht op bestaande bouw. Cluster BOA (2 FTE) De werkzaamheden van de BOA’s bestaan in hoofdzaak uit het toezicht houden op o.a. de APV en de Alcoholwet. Indien er overtredingen zijn, treden zij handhavend op. • Afhandelen van alle handhavingsverzoeken, meldingen en klachten.
Dit zijn doorgaans meldingen/verzoeken omtrent: zwerfafval, foutief aanbieden huishoudelijke afval, honden, jeugdoverlast, uitstallingen en parkeren, etc.; • Extra controles naar aanleiding van handhavingsverzoeken, meldingen of klachten indien er sprake is van politieke gevoeligheid of onrust bij omwonenden of bedrijven; • Actief en preventief toezicht houden op, en handhaven van, de hoogste prioriteiten uit het handhavingsbeleid welke binnen de bevoegdheden van de BOA’s vallen; • Toezicht op blauwe zone, foutief parkeren en het onterecht innemen van een invalideparkeerplaats zonder vergunning. Cluster Vergunningverlening, APV, Bijzondere wetten (1,3 FTE) Dit cluster bestaat uit 2 medewerkers. Zij zijn werkzaam op het gebied van: • De Algemene Plaatselijke Verordening; • Horeca-wetgeving zoals de Alcoholvergunning; • Exploitatievergunning; • Bibob: uitvoering bibob beleid, bibob toets, bibob advies aanvragen, vertaling in besluiten en; • Een aantal andere specifieke wetgeving. Medewerker Integrale Veiligheid (1 FTE) De medewerker integrale veiligheid vertegenwoordigt het gemeentelijk integraalveiligheidsbeleid en is ondersteuner van het bestuur. De medewerker fungeert zowel voor veel interne partijen als voor externe organisaties als aanspreekpunt op het gebied van veiligheid en ondermijning.