CConstaterende datLaarbeek
Koppel je AI →
Document · PDF

3 20241030 Besluitenlijst commissie Ruimtelijke Zaken 30 oktober 2024

Commissie Ruimtelijke Zaken 3 december 2024, gemeente LaarbeekBij agendapunt: Vaststelling van de besluitenlijst van de vergadering van 30 oktober 20242.124 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Zaaknummer:

33760-2024

Documentnummer:

33760-2024:518350

Verslag van de vergadering van de commissie Ruimtelijke Zaken, gehouden op 30 oktober 2024 in de raadszaal van het gemeentehuis.

Voorzitter:

T. Brouwers

Griffier:

R. van Heijnsbergen

Namens PNL:

A. de Groot, T. van de Wijdeven

Namens De Werkgroep:

J. Gruijters, M. Bergman

Namens ABL:

R. Fransen, B. van Sinten

Namens CDA:

M. van der Heijden, G. Welten

Namens Ouderenappel-HvL:

F. van Zeeland, F. van Lierop

Namens PvdA:

R. Coolen, L. Engels

Portefeuillehouders:

R. van de Berkmortel, M. Slaets-Sonneveldt, J. Briels

Ambtelijke ondersteuning:

F. Vlemmix, M. van Montfort

1. Opening De voorzitter opent de vergadering en heet iedereen van harte welkom. 2. Vaststelling van de agenda. De agenda wordt vastgesteld. 3.

Vaststelling van de besluitenlijst van de vergadering Ruimtelijke Zaken van 11

september 2024. De besluitenlijst wordt vastgesteld. 4.

Ingekomen stukken en mededelingen.

Naar aanleiding van de raadsinformatiebrief Haalbaarheidsonderzoek verplaatsen supermarkt naar Dorpsstraat 1-3 te Lieshout vraagt de heer Gruijters of de nieuwsbrief al naar de omwonenden is verzonden en of de raads- en commissieleden die ook te zien krijgen. Hij vraagt verder wanneer de aangekondigde bijeenkomst in het 4e kwartaal gepland is. Wethouder Van den Berkmortel geeft aan dat de nieuwsbrief is verzonden. Iedereen kan zich daarvoor aanmelden via de site van de gemeente. De bijeenkomst zal in overleg met het presidium worden gepland en zal waarschijnlijk in december of januari worden gehouden. Naar aanleiding van de raadsinformatiebrief Verduurzaming en herontwikkeling Ontmoetingscentrum Beek en Donk merkt de heer Van der Heijden op dat de Rollerclub en de Tafeltennisvereniging vasthouden aan hun eigen accommodatie. Hij vraagt wat de financiële gevolgen hiervan zijn voor de gemeenten. De heer Gruijters vraagt aansluitend wat de overwegingen zijn van die verenigingen om niet mee te gaan en wat de consequenties zijn, ook voor langere termijn, voor hun locatie. Wethouder Slaets geeft aan dat hun besluit geen gevolgen heeft voor de gemeente. De gemeente draagt niet bij aan de verbetering van hun accommodatie en dat weten ze ook. Er komt dan ook geen verzoek vanuit die verenigingen. De ondergrond van de rollerhal is van de gemeente.

Men stelde hoge eisen aan een nieuwe locatie. De gemeente heeft echter aangegeven voor geen enkele vereniging exclusief te bouwen. Daarnaast hechten de verenigingen veel waarde aan zeggenschap over de eigen accommodatie. Men beschikt zelf

Zaaknummer:

33760-2024

Documentnummer:

33760-2024:518350

over middelen om de bestaande locatie te verduurzamen. De locatie komt voorlopig dan ook niet beschikbaar voor eventuele woningbouw. Locatie komt voorlopig niet beschikbaar voor woningbouw omdat men zelf hier vooruit kan Wethouder Van den Berkmortel deelt mee dat het bestemmingsplan Heuvelsche Velden onherroepelijk is geworden en er gestart kan worden met de werkzaamheden. 5.

Toelichting resultaten inwonersenquête omgevingsvisie kernen

De nieuwe Omgevingswet schrijft gemeenten voor dat ze per 1 januari 2027 beschikken over een ruimtelijke visie voor het gehele grondgebied. De gemeente is bezig met het opstellen van een Omgevingsvisie voor de kernen en bedrijventerreinen. Om een gedragen visie te bereiken heeft het projectteam een enquête uitgezet onder inwoners van de vier kernen. De dames Koomen en Luijten van bureau PON & Telos geven aan de hand van een presentatie een analyse van de resultaten van de enquête. Zij beantwoorden vervolgens enkele verhelderende vragen. Kern van het verhaal is dat de resultaten vergelijkbaar zijn met andere gemeenten ver vergelijkbare grootte. Wat wel blijkt is dat er een grote mate van tevredenheid heerst onder inwoners. Wethouder Van den Berkmortel geeft aan dat de uitkomsten vooral een bevestiging zijn van wat we al dachten en wisten. Het college zal de uitkomsten door vertalen in de visie. 6. Bestuursovereenkomst snelfietsroute Gemert-Eindhoven. De heer Van Zeeland zich zorgen over de kosten voor Laarbeek die gemoeid zijn met de aanleg van de snelfietsroute nu een deel van het tracé nog niet duidelijk is en er ook nog geen rekening is gehouden met een inflatiecorrectie. Ook de heer Gruijters wil weten of er nog extra kosten te verwachten zijn als gevolg van het uitwerken van het nog ontbrekende deel van het tracé.

De financiële bijdrage voor Laarbeek is relatief groot in vergelijking met die van de gemeenten Gemert-Bakel en Eindhoven, terwijl zij er wellicht het meeste voordeel van hebben. Hij wil ook weten of de route in een keer wordt uitgevoerd in onderdelen. De heer Fransen geeft aan dat zijn fractie via een afzonderlijk document wensen en bedenkingen heeft ingediend. Het voorkeurstracé kent naar zijn mening nog een aantal gevaarlijke situaties die hij vervolgens kort toelicht. Hij stelt vervolgens nog een vijftal vragen die wat hem betreft ook schriftelijk beantwoord kunnen worden. Mevrouw Coolen geeft aan dat het uiteindelijke doel van het snelfietspad is om autogebruikers op de fiets te krijgen. Zij is er nog niet van overtuigd dat het college daarvoor de juiste keuzes maakt. Om die reden kan zij ook nog niet aangeven of haar partij geen wensen en bedenkingen zal uiten. De heer Van der Heijden geeft aan dat het snelfietspad bedoeld is voor een snelle doorstroming van het fietsverkeer. Hij vraagt zich af waarom de route niet aansluit op de route van Gemert naar Helmond. De route die door de dorpsraden wordt voorgesteld doet dat wel. Een snelfietsroute voor fietsverkeer tussen Gemert en Beek en Donk is ook niet echt nodig. Het is van belang om zo min mogelijk obstakels in de route te hebben.

Daarnaast is het voor de veiligheid goed om langzaam en snel fietsverkeer van elkaar te scheiden. Een route midden in het gebied langs het kanaal zou een aantrekkelijke route zijn. Hij stelt voor om het onderzoek uit te breiden tot het gebied van de Deense Hoek naar de rotonde van de N279 en nog eens goed te kijken naar het voorstel van de dorpsraden.

Zaaknummer:

33760-2024

Documentnummer:

33760-2024:518350

De heer De Groot geeft aan dat zijn partij het volste vertrouwen heeft in de studie en kennis van Bureau Tauw. In de studie staat een opsomming van alle belangrijke punten. Een afsluiting van de Laarbrug voor auto’s is niet wenselijk. Aanleg van het tracé aan de noordzijde van het kanaal heeft zijn voorkeur. Wethouder Van den Berkmortel geeft aan dat wanneer de uiteindelijk te kiezen

tot hogere

kosten, deze niet allen op de schouders van Laarbeek komen. Er wordt dan een nieuwe verdeelsleutel gemaakt, afhankelijk ook van wie wegbeheerder is. De inflatiecorrecte wordt ook via dezelfde verdeelsleutel verdeeld. Er is volgens hem ook geld beschikbaar. De aanleg wordt niet in een keer gerealiseerd maar in fasen. Hij verwacht een vlotte medewerking van de andere overheden in de planologische procedures. Ten aanzien van het voorstel van de dorpsraden merkt hij op dat er een zorgvuldig proces is doorlopen waarin de dorpsraden uitgebreid en zorgvuldig zijn betrokken. Er is echter sprake van andere inzichten. Het tracé dat zij voorstellen is waarschijnlijk niet goedkoper. Hij is geen voorstanders van een uitbreiding van het onderzoek zoals door de heer Van der Heijden wordt voorgesteld. Hier is in her verleden al naar gekeken. De onderliggende schakels tussen dorpen onderling zijn juist belangrijk. Er is heel breed gekeken naar de verschillende mogelijkheden en er is veel informatie opgehaald. Uiteindelijk heeft dat, na grondige en zorgvuldige afwegingen, geleid tot het voorliggende keuzetracé dat eigenlijk naadloos aansluit op andere snelfietspaden. Wat het proces betreft wordt voorgesteld om de wensen en bedenkingen te bundelen en op die manier over te brengen aan het college.

Afgesproken wordt dat partijen uiterlijk voor maandag 4 november om 12.00 uur hun eventuele wensen en bedenkingen insturen via de griffie. De commissie adviseert de raad om het voorstel als bespreekstuk te behandelen. 7.

Voorstel tot vaststelling van de Mobiliteitsvisie.

De heer Van Sinten is blij met de invulling maar had gehoopt dat we al verder zouden zijn. De strekking van de visie is nog heel abstract. Het aangehaalde STOMP principe is iets wat vooral leeft in een stedelijke omgeving. Hij vraagt zich af of er een accent moet liggen op het bevorderen van voetverkeer. Een overgang vanuit de auto naar lopen is namelijk een flinke stap. Hij ondersteunt de uitgangspunten ten aanzien van het fietsverkeer en is benieuwd hoe dit gestimuleerd wordt. Voor wat betreft het openbaar vervoer pleit hij voor goede schuilmogelijkheden en goede haltes. Al het verkeer afwerken via de robuuste randen is wensdenken. Mensen zullen altijd blijven zoeken naar alternatieve routes. Daarom is het van belang om goed te kijken naar de verkeersafwikkeling via de kernen. De heer Bergman pleit voor goede verbindingen tussen de kernen. Hij vraagt hoe het fietsverkeer gestimuleerd kan worden. De heer Van Zeeland vindt het een prima document. Het vervolg is wel belangrijk. Hij heeft behoefte aan een planning van de uit te voeren werkzaamheden. De heer De Groot gaat akkoord met de visie. Hij vraagt nogmaals aandacht voor een fietspad langs de Sonseweg en stelt voor ook te kijken naar de mogelijkheden voor een rondweg rond Aarle-Rixtel. De heer Van der Heijden ondersteunt de uitgangspunten van de visie.

Hij wijst erop dat er veel verkeer richting Helmond en Meijerijstad gaat en dat het daarom belangrijk is om meer accent te leggen op N279.

Zaaknummer:

33760-2024

Documentnummer:

33760-2024:518350

Mevrouw Coolen is verbaasd over het feit dat er geen aandacht lijkt te zijn voor de N615. Zij pleit voor een veilige en gezonde woon- en leefomgeving. Dat verdient meer aandacht. Zij vraagt welke mogelijkheden er zijn om in de visie meer aandacht te vragen voor gezondheid. Wethouder Van den Berkmortel onderschrijft het belang van hubs. Een goed openbaar vervoer verdient aandacht. Bij de provincie wordt dat onder aandacht gebracht vanuit de sub regio oost en ook vanuit de MRE. Met de provincie wordt nagedacht over de functie van de N615. Hoe interessanter de N615 wordt gemaakt, hoe meer verkeer die aantrekt. Het is belangrijk om de huidige knelpunten op te lossen. Dat is goed voor de leefbaarheid en daar wordt hard aan gewerkt. Het stimuleren van fietskilometers is inderdaad erg belangrijk maar daar is wel een goede infrastructuur voor nodig, zoals bijvoorbeeld de snelfietsroutes. Deze integrale visie is een eerste stap. Stap 2 is de uitwerkingsagenda en die komt eraan. Het fietspad langs de Sonseweg krijgt een plek. Een rondweg rond Aarle-Rixtel is een middel en krijgt als zodanig een plek in het mobiliteitsplan. Er wordt gekeken naar de opties. Zoveel mogelijk problemen worden opgelost binnen de bestaande infrastructuur. Per situatie worden de mogelijkheden bekeken. De N279 is inderdaad een belangrijke doorgaande route.

Het stimuleren van wandelen en fietsen draagt ook bij aan het aspect gezondheid. In de omgevingsvisie kernen komt dat terug en wordt er integraal naar gekeken. De commissie adviseert de raad om het voorstel als bespreekstuk te behandelen. 8.

Stand van zaken intergemeentelijke / regionale samenwerking.

Wethouder Van den Berkmortel meldt dat de bestuursrapportage met betrekking tot de ODZOB is geaccordeerd. Financieel staat de ODZOB er goed voor. De kosten zijn lager dan verwacht wat uiteindelijk leidt tot een netto positief resultaat. Er is sprake van een verbetering in de aandachtspunten. Tijdens de raadsbijeenkomst van 19 november a.s. wordt een eerste presentatie met bevindingen gepresenteerd. Er wordt een plan van aanpak gemaakt om de omgevingsdienst robuust te maken. Het ministerie heeft aangegeven hier vertrouwen in te hebben. Waarschijnlijk komt de ODZOB in het eerste kwartaal naar Laarbeek in het kader van “ODZOB on tour”. Het traject naar aanleiding van het onderzoek de gezamenlijke rekenkamers is afgerond. Hij zal het verslag daarvan toesturen. 9.

Rondvraag.

De heer Van der Heijden vraagt om een toelichting op het besluit tot intrekking van de omgevingsvergunning voor het bouwplan Oliemolen aan de Mgr. Verhagenstraat. Wethouder Van den Berkmortel geeft aan dat de vergunning betrekking had op het originele bestemmingsplan dat nooit onherroepelijk is geworden. Inmiddels is er een nieuw ontwerp bestemmingsplan dat binnen afzienbare tijd naar de raad komt. Mevrouw Engels informeert naar de stand van zaken ten aanzien van woningbouw op de locatie Brukulum en 3 initiatieven voor de bouw van tiny houses. De heer Gruijters vraagt aanvullend of de genoemde projecten voor tiny houses initiatieven zijn van ontwikkelaars of dat er ook sprake is van CPO projecten. Wethouder Van den Berkmortel geeft aan dat ten aanzien van de plannen op de locatie Brukulum er een klankbordgroepje is gevormd met omwonenden en dat er sprake is van een voorzichtige oriëntatie. Het zal echter nog wel een tijdje duren voordat de Oekraïners daar weg zijn. Wat betreft de projecten voor tiny houses geeft hij aan dat een aantal locaties zijn getoetst. Het is wachten op een verdere uitwerking door de initiatiefnemers. Er is wel sprake van voortuitgang. Geen van de initiatieven betreft een CPO project.

Zaaknummer:

33760-2024

Documentnummer:

33760-2024:518350

10. Sluiting. De voorzitter sluit de vergadering. Aldus vastgesteld in de vergadering van 3 december 2024.

M.L.M. van Heijnsbergen

A.M. Brouwers

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Laarbeek&id=5f833803-b836-418f-9203-b62cc020b944