16 20210520 Bijlage Aanvullende zienswijze Laarbeek op concept RES 1.0 - aangepast.docx
Tekst van het document
Aanvullende zienswijze Laarbeek op conceptversie RES 1.0 De gemeenteraad van Laarbeek onderschrijft de zienswijze die mede namens Laarbeek door de gezamenlijke Peelgemeenten wordt ingediend. Aanvullend willen we extra aandacht vragen voor de enkele onderwerpen die wat onze gemeente betreft de focus zouden moeten zijn van de RES 1.0 en toekomstige aanpassingen daarvan. Ook geven wij graag een zienswijze op de beide gebieden in Laarbeek die mogelijk zoekgebied kunnen zijn voor grootschalige opwek. Wij verzoeken de MRE om één van beide gebieden op te nemen in het regionale voorkeursalternatief en het andere gebied niet op te nemen. Deze keuze wordt hieronder toegelicht. Aanvullende opmerkingen op de gezamenlijke zienswijze Graag benadrukken wij het belang van de volgende onderwerpen: 1. Een gedeeld gevoel van urgentie. Voorop staat dat overheden, partners en inwoners gezamenlijk aan de lat staan voor de energietransitie en dat er veel moet gebeuren. Vanuit dit gevoel van urgentie willen wij als gemeente acteren, maar ook onze partners zoals de provincie, rijk, Enexis en buurgemeenten kunnen aanspreken op hun verantwoordelijkheid. 2. Concretisering. De komende jaren moet in het teken staan van concretisering van de nu gemaakte afspraken en doelen. Daarbij moeten we streven naar haalbare, betaalbare activiteiten 3. Energiebesparing.
Besparing zou de basis moeten zijn van onze strategie. Wij roepen daarom op om dit onderwerp uit te werken in concrete projecten voor besparing, waartoe alle inwoners ongeacht hun woonsituatie en financiële situatie toegang hebben. 4. Innovatie. De denkkracht van de Brainportregio moet optimaal worden ingezet in de energietransitie. We willen nu stappen maken, maar niet kiezen voor oplossingen die te snel verouderen. Innovatie en experimenteren moet een duidelijke plaats krijgen in de hoogtechnologische omgeving die wij in de regio nastreven. Wel moet hierbij gelet worden op kostenefficiëntie. 5. Netschaarste. Een van de voornaamste belemmeringen in de energietransitie is netschaarste. Wij roepen op tot opschaling van het elektriciteitsnetwerk en verwachten van partijen zoals Enexis en Tennet dat ze hun verantwoordelijkheid nemen en een meer proactieve, constructieve houding aannemen om gezamenlijk tot een oplossing te komen. 6. Zonneladder. De zonneladder moet de basis zijn voor het toekennen van netcapaciteit zolang deze schaars is en het uitgangspunt vormen voor duurzame opwek door zonneenergie. We verwachten dat concrete activiteiten hiermee rekening houden en dat met Enexis en hogere overheden gezocht wordt naar manieren om netcapaciteit op basis van de zonneladder toe te kennen. 7. Communicatie en participatie.
Dit is cruciaal voor het draagvlak onder inwoners, acceptatie van maatregelen en het vormgeven van de energietransitie in eigen huis. We zien daarom graag dat dit punt concreter wordt uitgewerkt en ook gezamenlijk wordt uitgevoerd richting de definitieve RES 1.0 en daarna. 8. Bottlenecks identificeren en wegnemen. Naast netschaarste zien we andere bottlenecks zoals beperkende wetgeving (bijvoorbeeld voor zon-op-dak projecten op andermans daken), subsidies die onvoldoende beschikbaar zijn of worden afgebouwd, naderende tekorten aan capaciteit en materialen bij installateurs, onvoldoende scherpe eisen bij nieuwbouw en voor bedrijven en andere grootverbruikers. Vanuit de MRE hopen wij op een lobby richting hogere overheden om knellende wetgeving te verruimen en middelen beschikbaar te maken, bijvoorbeeld vanuit de inkomsten uit de energiebelasting. Ook regionaal willen we anticiperen op deze bottlenecks, zodat we problemen kunnen voorkomen.
Onderbouwing zienswijze op mogelijke zoekgebieden voor grootschalige opwek In de concept-RES zijn in de gemeente Laarbeek twee mogelijke zoekgebieden geïdentificeerd voor het grootschalig opwekken van duurzame energie. Deze toelichting onderbouwt het Laarbeekse standpunt over deze twee zoekgebieden, dat zich laat samenvatten als:
Het gebied ten noorden van Mariahout achten wij geschikt om op te nemen in het voorkeursalternatief van de RES 1.0, waarbij we benadrukken dat eventuele ontwikkelingen altijd onder de regie en spelregels van de gemeente Laarbeek plaats dienen te vinden; Het gebied in de noordoostelijke hoek van de gemeente achten wij niet geschikt als verder zoekgebied voor grootschalige opwek. Wij verzoeken u dit gebied niet op te nemen in het voorkeursalternatief.
Wij baseren ons daarbij onder andere op de typering van het landschap en de uitkomsten van de plan-MER zoals die hieronder staan weergegeven.
Fig.1: karakterisering zoekgebieden als jonge zandontginning en oude ontginning/beekdal
Fig.2: conclusie plan-MER
Onderbouwing zoekgebied 2: ten noorden van Mariahout Dit gebied wordt in de concept-RES gekarakteriseerd als geschikt voor de combinatie van grootschalige opwek en agrarische ontwikkeling, waarbij energie een bouwsteen kan zijn voor agrarische economie. Als jonge zandontginning kent het landschap weinig elementen die beschermd dienen te worden. Dat beeld wordt bevestigd door de bevindingen uit de plan-MER waarin wordt geconstateerd dat er weinig negatieve milieu-effecten te verwachten zijn. De gemeente kan zich vinden in deze karakterisering: in de Visie op grootschalige opwek wordt het gebied als ‘pionierslandschap’ gekarakteriseerd met grote vormen en kavels en een geschiedenis van verandering. Het gebied is in principe geschikt voor windmolens en zonneparken, van beide kan in de komende tijd de haalbaarheid en wenselijkheid verder onderzocht worden. We willen daarbij aandacht vestigen op het goed meenemen van inwoners in het voortraject, samenwerking met buurgemeenten, netschaarste in het kader van de zonneladder, net als de meer standaard voorwaarden bij uitvoering zoals participatie, landschappelijke inpassing en meervoudig ruimtegebruik. Om regie te voeren bij de eventuele komst van een windpark heeft de gemeenteraad in 2020 het voorkeursrecht op dit gebied gevestigd.
De gemeente kan zich vinden in de ontwikkelrichtingen zoals die in onderstaande bouwstenen door de MRE worden geschetst, waarbij echter nog een keuze gemaakt moet worden tussen zon, wind of andere technologieën op basis van verdere locatiestudie en dialoog met omwonenden.
Fig. 3: bouwstenen energielandschap, concept-RES (2020)
Onderbouwing zoekgebied 3: noordoosthoek gemeente Dit gebied is een oude zandontginning met landschappelijk waardevolle beekdalen waarvoor de gemeente een bescherm- en herstelopgave heeft. Daarnaast acht de gemeente dit gebied ongeschikt voor windmolens vanwege de nabijheid van vliegbasis Volkel. Voor zonneparken geldt dat deze wel een plaats kunnen hebben in dit landschapstype, maar op een kleinere schaal en zorgvuldig ingepast, met ruimte voor de landschapskenmerken die beschermd en versterkt moeten worden. Onderstaande afbeelding laat dit ook zien. Inmiddels hebben wij twee zonneparken vergund in dit landschap. Daarbij zijn goede afspraken gemaakt tussen ontwikkelaars, waterschap en gemeente voor de inpassing én realisatie van extra doelstellingen op het vlak van natuur en landschap. Concreet gaat het dan om de realisatie van een ecologische verbindingszone en beekherstel van de Aa. Wij denken dat daarmee de draagkracht van dit gebied grotendeels is bereikt. Wellicht kunnen nog een of twee kleine zonneparken op een zorgvuldige manier worden toegevoegd, maar daarvoor is het niet nodig om dit gebied op te nemen in het voorkeursalternatief. Het benoemen tot zoekgebied schept verwachtingen over mogelijkheden voor gebiedsontwikkeling/transities waarvoor in dit gebied geen plaats is.
fig. 4: bouwsteen beekdallandschap concept-RES (2020)
fig. 5: situering vergunde zonneparken