14 20210318 Bijlage Minima- en armoedebeleid gem. Laarbeek 2021-2024.docx
Tekst van het document
GEMEENTE LAARBEEK
Minima- en Armoedebeleid 2021-2024
“Met begrip voor en acceptatie van ieders mogelijkheden en onmogelijkheden, voor het bieden van individueel maatwerk met de mens echt centraal, samen nog verder op weg naar een Laarbeekse samenleving waarin iedere burger zich echt uitgenodigd voelt tot gelijkwaardig en volwaardig meedoen”
1
Inhoudsopgave
Hoofdstuk 1. Inleiding
3
1.1 Doelstellingen
3
1.2 Leeswijzer
3
2. Kaders
4
2.1 Lokaal
4
2.2 Regionaal
4
2.3 Wettelijk
5
Hoofdstuk 3. Feiten huidige situatie
6
3.1. Risico op armoede
6
3.2 Aantal huishoudens met een risico op armoede in Laarbeek
6
3.3. Hoe komen mensen in armoede?
7
3.4. Effecten van armoede op stress, gezondheid en handelingsbekwaamheid
7
3.5 Effecten corona op armoede
7
Hoofdstuk 4. Inventarisatie huidige inzet
9
4.1 Wettelijke voorzieningen
9
4.2 Lokale voorzieningen en instrumenten
9
Hoofdstuk 5. Ambities aanpak
12
5.1 Voorziening Kleine Schulden
12
5.2 Vroegsignalering
12
5.3 Maatwerkbudget
12
5.4 Communicatie
13
5.4.1 Folder minima- en armoedevoorzieningen
13
5.4.2 Folder life-events
13
5.4.3 Artikelen MooiLaarbeek Krant/Social media
13
5.4.4 Gemeentelijke website
14
5.5 Maatschappelijke participatie
14
5.5.1 Actualiseren op basis van wet- en regelgeving
14
5.5.2 Eenmalige inflatiecorrectie
14
5.5.3 Wijziging doelgroep
14
5.6 Individuele inkomenstoeslag
15
5.6.1 Werktoeslag
15
5.6.2 Gezinstoeslag
15
5.7 Individuele studietoeslag
15
5.8 Doorontwikkelen inkomensverklaring
16
5.9 Kwijtschelding gemeentelijke belastingen
16
Hoofdstuk 6. Monitoring en evaluatie
18
6.1 Monitor Sociaal Domein
18
6.2 Evaluatie
18
Hoofdstuk 7. Financiële consequenties/kosten
19
Hoofdstuk 8. Planning
22
Bijlage 1 Verspreidingsplan folder minimavoorzieningen
23
2
Bijlage 1 Verspreidingsplan folder minimavoorzieningen
Hoofdstuk 1. Inleiding Voor u ligt het minima- en armoedebeleid van de gemeente Laarbeek voor de periode 2021 tot en met 2024. In dit plan wordt inzicht gegeven hoe de komende jaren wordt ingezet op voorkoming van armoede en vergroting van de financiële zelfredzaamheid door middel van de inzet van minima- en armoederegelingen. 1.1 Doelstellingen Dit beleidsplan draagt bij aan de realisatie van een aantal doelstellingen: - Armoede beter in beeld brengen. - Elke inwoner van Laarbeek kan meedoen in en aan de samenleving. - Inwoners weten de weg te vinden naar minima- en armoedevoorzieningen. - Aanbod sluit aan bij de vraag van de doelgroep. - Taboe over armoede/stigmatisering verdwijnt/normaliseren. - Gelijke kansen voor alle inwoners van Laarbeek. 1.2 Leeswijzer In hoofdstuk 2 worden de kaders weergegeven. In hoofdstuk 3 gaat in op de huidige situatie. In hoofdstuk 4 worden de huidige minimaregelingen en instrumenten benoemd. In hoofdstuk 5 worden de ambities voor de komende 4 jaar aangegeven. In hoofdstuk 6 wordt aangegeven hoe de resultaten worden gemonitord. In hoofdstuk 7 worden de financiële consequenties in beeld gebracht.
3
2. Kaders 2.1 Lokaal Beleidsplan Sociaal Domein 2019-2022 In het beleidsplan Sociaal Domein dat op 14 maart 2019 door de raad is vastgesteld wordt aangegeven dat verondersteld wordt dat de thema’s laaggeletterdheid, armoede en schulden veel overlap hebben in doelgroep. Voor deze doelgroep geldt dat ze moeilijk te bereiken is. Dit zorgt er voor dat maatwerk al aan de orde is aan de voorkant; mensen moeten over een drempel geholpen bij het (h)erkennen van hun situatie en bij het willen aanvaarden van een vorm van hulp. Dit vraagt om een zo integraal mogelijke benadering. Deze integraliteit begint er mee dat we van onze maatschappelijke partners, maar ook van verenigingen verwachten dat ze deze thema’s herkennen en weten waar ze met dit signaal naar toe moeten. Dit vraagt om een duidelijke, laagdrempelige infrastructuur van toegang naar passend aanbod. Dit aanbod wordt zo integraal mogelijk samengesteld en uitgevoerd. Vijfpartijenakkoord/Raadsprogramma 2018-2022. In het Vijfpartijenakkoord/raadsprogramma ‘Handen ineen’, dat tijdens de raadsvergadering op 17 mei 2018 is gepresenteerd, worden de bestrijding van (verborgen) (kinder)armoede en het verder door ontwikkelen van schuldhulpverlening genoemd als thema’s die op de politieke agenda staan.
Lokale uitwerking regionaal beleidsplan schuldhulpverlening In de lokale uitwerking van het regionale beleidsplan schuldhulpverlening 2019-2022 dat op 20 juni 2019 door de raad is vastgesteld staan een aantal opgaven genoemd gericht op de aanpak van schulden van inwoners van Laarbeek. Financiële problemen staan zelden op zichzelf. Hoe groter het probleem wordt, hoe meer de andere leefgebieden worden aangetast en hoe lastiger het wordt om het geheel op te lossen. Vandaar dat financiële problemen zo vroeg mogelijk worden opgespoord en aangepakt, in samenhang met de overige leefgebieden. Projectplan Integrale aanpak armoede, schulden en laaggeletterdheid in Laarbeek In het projectplan Integrale aanpak armoede, schulden en laaggeletterdheid in Laarbeek staat de herijking van het minimabeleid als opdrachtresultaat benoemd waarbij de thema’s laaggeletterdheid, armoede en schulden integraal worden meegenomen.
Laarbeeks Sport- en beweegakkoord In het Laarbeeks Sport- en beweegakkoord staat expliciet als actiepunt opgenomen om de kennis en kunde van vrijwilligers te vergroten op de volgende onderdelen: - Herkennen van en hoe omgaan met beperkingen; - Wat kunnen we betekenen voor mensen in armoede; - Hoe motiveren we doelgroepen die nog niet bewegen; - Waar kunnen we terecht in geval van vragen; 2.2 Regionaal Regionaal beleidsplan schuldhulpverlening 2019-2022 Binnen de Gemeenschappelijke Regeling Peelgemeenten (gemeente Asten, gemeente Deurne, gemeente Gemert-Bakel, Gemeente Laarbeek, gemeente Someren) is het programma BMS (Bijzondere bijstand, minimabeleid en schuldhulpverlening) opgesteld. In dit programma is onder andere als gezamenlijk doel benoemd een integrale dienstverlening gericht op preventie van armoede en schulden. In het regionaal beleidsplan dat op 20 juni 2019 door de raad is
4
vastgesteld wordt beschreven op welke wijze de schuldhulpverlening wordt ingericht om de gestelde doelen te behalen. 2.3 Wettelijk Participatiewet Het doel van deze wet is tweeledig. Enerzijds is het een inkomensvoorziening voor de minimale bestaanskosten. Anderzijds beoogt deze wet om meer mensen, en met name mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, aan de slag te krijgen. De uitvoering van de Participatiewet ligt bij de Gemeenschappelijke Regeling Senzer (gemeente Asten, gemeente Deurne, gemeente Geldrop-Mierlo, gemeente Gemert-Bakel, gemeente Helmond, gemeente Laarbeek, gemeente Someren). Als inkomensvoorziening, ook bekend als “de bijstand”, biedt de Participatiewet een inkomen aan inwoners, wanneer deze echt geen andere vorm van inkomen of vermogen hebben om in hun eigen bestaan te voorzien. De Participatiewet is de laatste inkomensvoorziening in het sociale zekerheidsstelsel. Met deze uitkering kan de inwoner zich voorzien in de meest noodzakelijke kosten van bestaan. De nadruk ligt op de toeleiding naar arbeid. Sommige inwoners hebben dusdanig goede kansen op werk, dat zij ook zonder hulp snel werk kunnen vinden. Andere inwoners hebben wel hulp nodig. Zij kunnen belemmeringen hebben in hun kansen en mogelijkheden, vanwege een (te) lange periode van werkloosheid of onvoldoende kwalificaties.
Er is ook een grote groep inwoners, die vanwege fysieke, verstandelijke of geestelijke beperkingen niet in staat is om geheel zelfstandig betaald werk te verkrijgen en te behouden. Vanuit de Participatiewet kunnen instrumenten worden ingezet om deze groep toch aan werk te helpen. Bijvoorbeeld met een loonkostensubsidie of door begeleiding te leveren op het werk. Wet Gemeentelijke schuldhulpverlening De gemeente is sinds de komst van de WGs verplicht om inwoners met schulden te helpen. De wet geeft een ruim kader waarbinnen de gemeente de schuldhulpverlening zelf kan vormgeven. Mensen met financiële problemen hoeven niet perse in armoede te leven en mensen die in armoede leven hoeven niet perse schulden of financiële problemen te hebben, maar er is een grote kans op een causaal verband.
5
Hoofdstuk 3. Feiten huidige situatie Om een beter zich te krijgen op de daadwerkelijke situatie in de gemeente Laarbeek hebben we in beeld gebracht wat de stand van zaken is omtrent armoede. Hierbij zijn we uitgegaan van de meest actuele beschikbare gevalideerde cijfers. 3.1. Risico op armoede Armoede kent meerdere definities. In de enge zin gaat het om een tekort aan financiële middelen. In de brede zin van het woord verwijst armoede ook naar sociale uitsluiting. Denk aan mensen die geen geld hebben om deel te nemen aan activiteiten, geen opleiding hebben, veelal in een minder goed geïsoleerd huis wonen en vaker gezondheidsproblemen hebben. Zij kunnen zich vaak moeizaam zelf redden. Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS, Armoede & sociale uitsluiting 2019) spreekt daarom niet van ‘arme huishoudens’, maar van ‘huishoudens met een lage-inkomensgrens’. Bij een inkomen onder de lage-inkomensgrens spreekt het CBS van een huishouden met een laag inkomen of van een huishouden met een risico op armoede. In 2018 lag de grens voor een alleenstaande op 1.060 euro per maand, voor een paar was dat 1.460 euro per maand. Met twee minderjarige kinderen was de grens voor een paar 2.000 euro per maand en voor een eenoudergezin 1.600 euro per maand. De gemeente Laarbeek gaat uit van de definitie die door het CBS wordt gehanteerd nl. ‘huishoudens met een lage-inkomensgrens’.
3.2 Aantal huishoudens met een risico op armoede in Laarbeek Volgens het CBS is in 2018 het aantal huishoudens met een lage inkomensgrens en dus risico op armoede in Laarbeek als volgt: Aantal particuliere huishoudens met inkomen tot lage-inkomensgrens in Laarbeek in 2018 Het gaat om 400 huishoudens met inkomen tot lage-inkomengrens in Laarbeek in 2018. Dat is 4,6% van het totaal aantal huishoudens in Laarbeek. Het aantal is de afgelopen jaren iets toegenomen van 4,3% in 2016 en 4,5% in 2017 naar 4,6% in 2018. Landelijk heeft 8% van het totaal aantal huishoudens een laag inkomen. Aantal personen en kinderen In absolute aantallen gaat het in Laarbeek om 800 personen (3,7% van het totaal) waarvan 200 kinderen (5,2% van het totaal). Het aantal kinderen in armoede is volgens de gegevens van het CBS in Laarbeek in de periode 2016 tot en met 2018 gelijk gebleven. In 2013 en 2014 ging het nog om 300 kinderen. Particuliere huishoudens met een langdurig inkomen tot de lage-inkomensgrens in Laarbeek in 2018 Van de 400 huishoudens met een inkomen tot de lage-inkomensgrens in Laarbeek zijn er 200 huishoudens die langdurig (>4 jaar) rond moeten komen met een laag inkomen. Dat betreffen 300 personen, waarvan 100 kinderen.
Hoogste risico’s op armoede Uit het onderzoek van het CBS blijkt dat de hoogste risico’s op armoede liggen bij: Niet-westerse huishoudens (met name huishoudens met een hoofdkostwinner van Syrische of Eritrese komaf. Oost-Europese huishoudens. Eenoudergezinnen. Alleenstaanden tot de AOW-leeftijd.
6
-
Huishoudens met bijstand. Huishoudens met een laagopgeleide hoofdkostwinner.
3.3. Hoe komen mensen in armoede? De oorzaken van schulden en armoede tekenen zich steeds scherper af: beschikbaarheid van betaalbare (huur) woningen, toename van vaste lasten als huur, gas, water, licht en zorg en het achterblijven van wettelijk minimumloon, bijstandsnormen en toeslagen. Het aantal werkende armen groeit. Het gaat om verschillende groepen, namelijk werknemers die onvoldoende uren kunnen maken omdat de arbeidsmarkt dat niet toelaat of omdat zorgtaken gecombineerd moeten worden met werk, ZZP’ers met onregelmatige inkomsten of agrariërs met een laag inkomen en hoge lasten. De groep werkende armen is niet in beeld bij de gemeente, omdat zij niet voor komen in de gemeentelijke bestanden en omdat zij geen hulp zoeken of de weg niet weten. Life events De belangrijkste oorzaak van geldgebrek en schulden zijn ‘life events’, zoals onder andere een echtscheiding, het verliezen van je partner, werkloosheid, ziekte, faillissement van je bedrijf of het zijn van vluchteling. Ook langdurig bijstandsafhankelijkheid kan een oorzaak zijn van armoede. Tot slot kan de combinatie van een klein pensioen/of enkel een AOW in combinatie met een hoge zorgbehoefte een belangrijke oorzaak zijn van armoede. Systeemoorzaken Ook systeemoorzaken vormen een oorzaak. Regelgeving is ingewikkeld. Er is een grote samenhang tussen armoede en laaggeletterdheid.
Voor mensen die niet (digi) taalvaardig zijn is regelgeving te ingewikkeld en is het aanvragen van inkomensondersteuning moeilijk of onmogelijk. Brieven en mails blijven liggen. Wie een fout maakt moet soms na meer dan een jaar honderden euro’s terug betalen. 3.4. Effecten van armoede op stress, gezondheid en handelingsbekwaamheid Geldgebrek is niet alleen een financiële kwestie. Het veroorzaakt ook stress, problemen in je hoofd en vaak ook gedragsproblemen. Zowel je doe- als denkvermogen worden minder en daardoor word je bijna automatisch ook minder handelingsbekwaam. Dat is tragisch voor betrokkene zelf, maar heeft ook grote impact op de mensen om de betrokkene heen. Hoe langer deze problemen blijven duren, hoe meer impact voor de betrokkene en ook hoe meer tijd, energie - en uiteindelijk ook geld - het de gemeenschap kost om mensen weer overeind te helpen. Mensen met geldproblemen schamen zich vaak voor hun financiën, maar dat verergert de armoede juist. Schaamte leidt vaak tot onverstandige financiële keuzes. Tenslotte is er bij de mensen met een laag inkomen sprake van een stapeling van gezondheidsproblemen. Personen met een armoederisico geven aan een minder goede gezondheid en een ongezondere leefstijl te hebben: ze bewegen minder, roken meer en zijn vaker te zwaar dan personen met een hoger inkomen (bron: Armoede & sociale uitsluiting 2019, CBS).
Het is dus zaak om er op tijd bij te zijn, waarbij het van belang is om als gemeente hiervoor aandacht te blijven vragen en ervoor te zorgen dat mensen zich niet hoeven te schamen, dat ze hulp gaan zoeken en dat er hulp geboden wordt. 3.5 Effecten corona op armoede In 2019, dus nog voor de coronacrisis, leefde 6,2 % van de Nederlandse bevolking in een huishouden onder de lage-inkomensgrens. Dat meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek. Dat is net iets minder dan in 2018, toen het om 6,3 % ging.
7
Die 6,2 procent van de bevolking, dat zijn iets meer dan 1 miljoen mensen die onder de armoedegrens leven. Van hen leefden er 398.000 al minstens vier jaar in armoede. Dat is 2,5 procent van de bevolking. Het CBS heeft nog geen cijfers over de armoede sinds corona. Maar verschillende organisaties die armoede bestrijden zeggen dat er sinds maart meer mensen aankloppen voor hulp. Zij maken zich zorgen over de oplopende armoede door de coronacrisis. Zij zien de vraag naar hulp, waaronder voedselpakketten, toenemen. Eerder meldde het Nibud al dat een vijfde van de Nederlanders door de coronacrisis een inkomstenterugval ervaart. Het gaat vooral om jongeren, zelfstandigen en flexwerkers. Hulporganisaties waarschuwen dat ook kinderen de dupe worden van de coronacrisis. Zij verwachten met name een grote toename van gezinnen die hulp nodig hebben om schoolkosten, de contributie van sportclubs of verjaardagen te betalen. Ook de kinderombudsvrouw waarschuwt voor veel nieuwe armoede onder gezinnen met kinderen.
8
Hoofdstuk 4. Inventarisatie huidige inzet De minimaregelingen en voorzieningen waar men in Laarbeek momenteel een beroep op kan doen, zijn onder te verdelen in wettelijke/landelijke voorzieningen en lokale voorzieningen. Per voorziening wordt aangegeven hoeveel inwoners er in 2019 gebruik van hebben gemaakt. 4.1 Wettelijke voorzieningen Individuele inkomenstoeslag De individuele inkomenstoeslag is een jaarlijkse toeslag voor inwoners van 21 jaar tot aan de pensioengerechtigde leeftijd die langdurig (36 maanden) in een armoedesituatie zitten (110% van de bijstandsnorm) en geen uitzicht hebben op een inkomensverbetering. Aantal gebruikers: 126 Individuele studietoeslag De individuele studietoeslag is een aanvullende inkomensondersteuning voor arbeidsgehandicapte studenten van 18 jaar en ouder. De gedachte achter deze studietoeslag is dat het vooral voor mensen met een arbeidshandicap van belang is de positie op de arbeidsmarkt te verbeteren middels het behalen van een diploma. Aantal gebruikers: 1 Kwijtschelding gemeentelijke belastingen Kwijtschelding gemeentelijke belastingen een wettelijke regeling met gemeentelijke beleidsvrijheid. Zo mogen gemeenten bepalen welke kosten van bestaan zij hanteren (wettelijk is 90% van de bijstandsnorm, Laarbeek hanteert 100% van de bijstandsnorm).
Verder mogen gemeenten de kosten van bestaan voor personen die de pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt of ouder, verhogen tot 100% van de toepasselijke netto AOW-bedragen (Laarbeek heeft hiervoor gekozen). Daarnaast mogen gemeenten bij het verlenen van kwijtschelding rekening houden met de kosten van kinderopvang (Laarbeek houdt hier rekening mee). Tenslotte bestaat voor gemeenten de mogelijkheid om kwijtschelding te verlenen aan natuurlijke personen die een bedrijf of een zelfstandig beroep uitoefenen (Laarbeek verleent geen kwijtschelding aan natuurlijke personen die een bedrijf of een zelfstandig beroep uitoefenen). In de gemeente Laarbeek is er voor gekozen om kwijtschelding te verlenen aan natuurlijke personen met een inkomen tot 100% bijstandsnorm voor onroerende zaakbelasting (gebruikers van een niet-woning), afvalstoffenheffing en rioolheffing. Natuurlijke personen die een bedrijf of zelfstandig beroep uitoefenen komen niet in aanmerking voor kwijtschelding. Aantal gebruikers: 178 (rioolheffing), 178 (afvalstoffenheffing), 218 (diftar enkele container diftarbelastingobject) 4.2 Lokale voorzieningen en instrumenten In de gemeente Laarbeek zijn een aantal lokale voorzieningen en instrumenten beschikbaar voor mensen met een laag inkomen. Hieronder treft u de voorzieningen aan met per voorziening het aantal gebruikers aangegeven.
Bijdrageregeling Welzijnsactiviteiten/Maatschappelijke participatie Mensen met een minimuminkomen (behalve studenten) kunnen jaarlijks een bijdrage krijgen van € 125,- per gezinslid bedoeld voor maatschappelijke, educatieve, sportieve of culturele activiteiten. Aantal gebruikers: 194
9
Collectieve aanvullende verzekering (CAV) Voor minima wordt een collectieve aanvullende verzekering aangeboden via CZ zorgverzekeraar. Inwoners met een inkomen tot 120% komen in aanmerking voor deze aanvullende verzekering. Daarnaast bestaat de mogelijkheid voor het vooraf gespreid betalen van het eigen risico van de zorgverzekering. De gemeente financiert mee. Door de gezamenlijke inkoop van de Peelgemeenten is er tevens een collectiviteitskorting van CZ op de nominale premie voor het aanvullende pakket. De financieel meest kwetsbare inwoners krijgen hiermee de mogelijkheid zich met korting aanvullend te verzekeren en zorgmijdend gedrag wordt tegen gegaan. Ook wordt er minder aanspraak gedaan op de bijzondere bijstand voor kosten die niet onder de verzekering vallen. Aantal gebruikers: 410 huishoudens Compensatieregeling eigen bijdrage De gemeente Laarbeek heeft in haar Wmo-verordening opgenomen dat inwoners met een netto inkomen tot 110% van de bijstandsnorm worden vrijgesteld van de eigen bijdrage die geldt voor Wmo-voorzieningen (het zogenaamde abonnementstarief). Aangezien het CAK uitgaat van bruto-inkomens, geeft de gemeente Laarbeek aan het CAK een bruto inkomensgrens door van 120% van de bijstandsnorm wat netto neerkomt op 110% van de bijstandsnorm.
Het CAK heeft vervolgens zicht op de inkomensgegevens van aangemelde cliënten en toetst aan de hand van de inkomensgegevens of zij in aanmerking komen voor de vrijstelling van de eigen bijdrage. Kortom: wij bepalen de vrijstellingsgrens voor eigen bijdrage en het CAK toetst of iemand hiervoor in aanmerking komt. Indien men hiervoor in aanmerking komt krijgt men een 0 factuur. Aantal gebruikers: 444 (met tenminste één 0-factuur) 409 (met alleen 0-facturen). Maaltijdregeling Voor inwoners uit Laarbeek met een inkomen tot 110% van de bijstandsnorm is het mogelijk om korting aan te vragen voor maaltijden aan huis. Er vindt geen vermogenstoets plaats. Aantal gebruikers: 26 Stichting Leergeld Bij Stichting Leergeld kunnen inwoners terecht voor financiële ondersteuning voor kinderen van 4 tot 18 jaar, zodat deze kinderen kunnen meedoen met allerlei activiteiten zoals sport, recreatie, zwemles, muziek, schoolactiviteiten, schoolspullen. Ook kunnen zij zorgen voor een (tweedehands) fiets of een (al dan niet gebruikte) laptop. Aantal gebruikers: 242 kinderen, 128 gezinnen Super Sociaal Super Sociaal is een supermarkt voor mensen die aantoonbaar te weinig inkomsten hebben om van rond te komen. Mensen kunnen hier met hoge kortingen boodschappen doen.
Aantal gebruikers: 150 Kledingbank Laarbeek Kledingbank Laarbeek geeft goede gebruikte kleding gratis weg aan hen die in het bezit zijn van een verwijsbrief naar de Kledingbank of een inkomensverklaring. Aantal gebruikers: 246 volwassenen, 184 kinderen
10
Inkomensverklaring Sinds 2019 is het in Laarbeek mogelijk om gebruik te maken van het instrument ‘inkomensverklaring’. Inwoners met een bijstandsuitkering of inwoners die gebruik maken van een minimaregeling komen hiervoor in aanmerking. Het is een brief waarin staat dat de betreffende inwoner een inkomen heeft dat lager is dan 110 % van de bijstandsnorm. Als men een inkomensverklaring heeft, hoeft men geen bankafschrift of loon- of uitkeringsstrookje te laten zien aan Stichting Leergeld, Super Sociaal en Kledingbank Laarbeek. Het laten zien van de inkomensverklaring is dan genoeg. Aantal gebruikers: 345
11
Hoofdstuk 5. Ambities aanpak Als we kijken naar de cijfers van het CBS over de armoede in Laarbeek en we vergelijken dat met het gebruik van de huidige voorzieningen dan doen we het in Laarbeek best goed. Uit de praktijk blijkt echter dat er nog steeds mensen in armoede leven die nergens in beeld zijn. Om ook deze mensen in beeld te krijgen is in 2021 een start gemaakt met de inzet van de instrumenten vroegsignalering en de voorziening kleine schulden. Om de doelstellingen die genoemd staan in hoofdstuk 1 te bereiken, worden de navolgende voorzieningen en instrumenten ingezet. Hierbij dient te worden opgemerkt dat we dit niet alleen kunnen als gemeente, maar hierbij nadrukkelijk de samenwerking zoeken met onze maatschappelijke partners en de onderlinge samenwerking willen verbeteren. 5.1 Voorziening Kleine Schulden Om te voorkomen dat inwoners met schulden (maximaal € 5.000,00 voor echtparen en maximaal € 3.500,00 voor alleenstaanden), in ergere financiële problemen komen is per 1 januari 2021 gestart met de ‘Voorziening kleine schulden’. De schuld(en) wordt/worden door de gemeente overgenomen en de inwoner lost af tegen 0% rente. Op deze wijze krijgt de inwoner weer ruimte in het hoofd om te denken aan niet-financieel gerelateerde zaken, zoals het vinden van werk. Deze voorziening wordt gecombineerd met budgetbeheer en/of budgetcoaching en/of budgetbegeleiding.
Actie: invoeren Voorziening Kleine Schulden (gereed) Wanneer: vanaf 1 januari 2021 structureel Kosten: € 2.200,- (budgetbeheer Kredietbank Nederland 66141200/42972) € 7.000,- (begeleiding mensen naar werk 66231000/00094) Resultaat: voorkomen grotere (financiële) problemen. 5.2 Vroegsignalering Per 1 januari 2021 is gestart met vroegsignalering van inwoners met betalingsachterstanden. De gemeente Laarbeek krijgt signalen door van betalingsachterstanden bij energie- en waterbedrijven, zorgverzekeraars en woningcorporaties. Op basis van deze signalen vinden ‘matches’ plaats op basis waarvan huisbezoeken gaan plaats vinden. Op deze wijze verwachten wij meer mensen vanuit de verborgen armoede in beeld te krijgen. Deze mensen wordt, op basis van de financiële situatie, de benodigde ondersteuning geboden waaronder inkomensverruimende voorzieningen. Aan de hand van managementinformatie wordt inzichtelijk gemaakt hoeveel signalen we krijgen en wat de vervolgstappen in deze zijn. Actie: invoeren werkwijze vroegsignalering (gereed, zie ‘Aanpak Vroegsignalering gemeente Laarbeek 2021 en verder – Hoe gaan we uitvoering geven aan vroegsignalering’) Wanneer: vanaf januari 2021 structureel Kosten: € 15.000,- (harmonisatie bijzondere bijstand 66141100/00092) € 20.000,- (begeleiding mensen naar werk 66231000/00094) Resultaat: het voorkomen van (grotere) financiële problemen/ schulden.
5.3 Maatwerkbudget In 2021 wordt gestart met het Maatwerkbudget. Dit is een Sociaal Domein breed inzetbaar budget om maatwerk te kunnen leveren op het moment dat de hulpverlening in een bepaalde
12
situatie niet opgelost kan worden binnen de bestaande wet- en regelgeving en dat maatwerk een oplossing kan bieden. Ook voor situaties waarin mensen in armoede en/of schulden verkeren kan dit budget ingezet worden. Actie: invoeren maatwerkbudget Wanneer: 2021 Kosten: € 5.000,- (uitzonderlijk maatwerk programmakosten Wmo STL, bijzondere bijstand 66141100/42352) Resultaat: het leveren van maatwerk. 5.4 Communicatie Voor de doelgroep minima zijn er veel voorzieningen, regelingen en instanties voorhanden. Een deel van de doelgroep is niet in beeld. Het gaat hierbij om gezinnen met lagere inkomens maar die geen uitkering ontvangen. Uiteraard hebben we de inwoners die bijstand krijgen wel in beeld, maar aangezien de regelingen voor een bredere doelgroep gelden moeten we deze ook zien te bereiken. Om de doelgroep minima goed te kunnen bereiken met de juiste en begrijpelijke informatie is het van belang om de communicatie hierop af te stemmen. In het kader van de aanpak van laaggeletterdheid dient rekening gehouden te worden met de wijze van communiceren. Het project ‘Huiskamers van Laarbeek’ speelt in dit kader een belangrijke rol waarbij bibliotheek De Lage Beemden bijdraagt in de ontwikkeling van (digitale) basisvaardigheden en betrouwbare informatievoorziening. 5.4.1 Folder minima- en armoedevoorzieningen De folder ‘Rondkomen van een laag inkomen’ is beschikbaar.
Deze folder wordt aan iedereen die een Participatiewet-uitkering aanvraagt toegezonden. Daarnaast ontvangen ook de mensen die een inkomensverklaring krijgen toegestuurd de folder. Ook is de folder digitaal beschikbaar via de gemeentelijke website. De folder dient als gevolg van de herijking van het minimabeleid geactualiseerd te worden. Tevens dient te worden bezien of de folder volgens het verspreidingsplan verspreid wordt en of dat moet worden uitgebreid. Actie: actualiseren folder minimavoorzieningen Wanneer: 2021 Kosten: € 1.500,- extra Resultaat: meer bekendheid minimavoorzieningen bij doelgroep. 5.4.2 Folder life-events Het Nibud heeft op basis van diverse life-events praktische folders beschikbaar. In samenhangen in afstemming met het Sociaal Team Laarbeek zal bezien worden welke folders aan inwoners worden toegestuurd. Actie: versturen folder bij life-events Wanneer: 2021 Kosten: € 3.000,- extra Resultaat: meer bekendheid van financiële zaken bij life-events 5.4.3 Artikelen MooiLaarbeek Krant/Social media De minimavoorzieningen dienen periodiek onder de aandacht gebracht te worden. Hiervoor wordt een planning gemaakt welk onderwerp wanneer geplaatst wordt in de MooiLaarbeekkrant en overige media.
13
Actie: periodiek plaatsen informatie in MooiLaarbeek Krant en social media Wanneer: vanaf maart 2021 Kosten: geen (gemeentepagina) Resultaat: meer bekendheid minimavoorzieningen bij doelgroep 5.4.4 Gemeentelijke website De gemeentelijke website wordt onder de loep genomen om te bezien of de juiste informatie goed vindbaar is voor de doelgroep. Hierbij gaat het ook om doorverwijzingen naar andere relevante informatie (bijvoorbeeld van het Rijk). Actie: periodiek controleren of informatie op website up to date is en gemakkelijk vindbaar Wanneer: vanaf maart 2021 Kosten: uitvoeringskosten Resultaat: meer bekendheid minimavoorzieningen bij doelgroep 5.5 Maatschappelijke participatie 5.5.1 Actualiseren op basis van wet- en regelgeving De huidige ‘bijdrageregeling welzijnsactiviteiten’ in de wandelgangen ‘maatschappelijke participatie’ dateert van 2012. Deze regeling is nog gebaseerd op oude wet- en regelgeving. Voorgesteld wordt om de verordening hierop aan te passen. 5.5.2 Eenmalige inflatiecorrectie Daarnaast dient het bedrag wat destijds is opgenomen als bijdrage (maximaal € 125,-) gecorrigeerd te worden voor inflatie. Als we kijken naar het gemiddelde inflatiepercentage van de afgelopen jaren (2012 t/m 2020) komen we uit op 13,93%. Dit betekent dat we afgerond uitgekomen op een bedrag van € 145,-.
Om hierbij te anticiperen op een inflatiecorrectie voor de komende 4 jaar wordt voorgesteld om een bedrag van € 150,- op te nemen als bijdrage. 5.5.3 Wijziging doelgroep De vergoeding vanuit de bijdrageregeling welzijnsactiviteiten kan worden aangevraagd voor inwoners van Laarbeek van 18 jaar en ouder en ten laste komende kinderen uit Laarbeek tot 18 jaar. Zoals gezegd is het een vergoeding per gezinslid en is het doel om deze mensen deel te laten nemen aan maatschappelijke activiteiten. Kosten die hiervoor in aanmerking komen zijn opgenomen in de verordening: abonnementen en seizoenkaarten, contributies en lidmaatschappen, ouderbijdragen, cursusgelden inclusief bijbehorende cursusmaterialen, eenmalige activiteiten, jeugdkampen, abonnementen op kranten en tijdschriften en telefoonabonnementen. Stichting Leergeld vergoedt deze kosten voor kinderen tot 18 jaar ook (m.u.v. abonnementen (abonnementen voor openbaar vervoer wel) en seizoenkaarten, abonnementen op kranten en tijdschriften en telefoonabonnementen). Voorgesteld wordt om de doelgroep van de bijdrageregeling welzijnsactiviteiten te wijzigen naar 18 jaar en ouder. Actie: wijzigen verordening bijdrageregeling welzijnsactiviteiten Wanneer: per 1 juni 2021 Kosten: jaarlijks € 6.375,- extra Aannames: toename aantal volwassenen met 31, afname aantal kinderen met 25 Resultaat: het bevorderen van de participatie van minima.
14
5.6 Individuele inkomenstoeslag De Individuele inkomenstoeslag is een toeslag voor inwoners uit Laarbeek met een langdurig laag inkomen (36 maanden onder de norm van 110% van de bijstandsnorm). De toeslag is een vast bedrag dat op aanvraag jaarlijks wordt uitgekeerd en vrij besteedbaar is. Door onderstaande gerichte aanpassingen in de Individuele inkomenstoeslag krijgen huishoudens die nu niet uitkomen met hun geld, meer financiële ruimte. 5.6.1 Werktoeslag Het hebben van betaald werk zorgt ervoor dat de economische zelfstandigheid groeit en is daarnaast een belangrijke factor voor het sociaal en maatschappelijk leven van mensen. De toeleiding naar werk is daarom een belangrijk onderdeel in de preventie van armoedeproblematiek. Een negatief effect van uitstroom naar werk is echter de kans op een armoedeval, mede doordat het recht op allerlei toeslagen zoals bijvoorbeeld de Individuele inkomenstoeslag, de Zorgtoeslag en de Huurtoeslag dreigen komen te vervallen. Ter verzachting hiervan wordt de Individuele inkomenstoeslag aangepast door gedurende maximaal twee jaar niet uit te gaan van 110% van de bijstandsnorm, maar 130% van de bijstandsnorm bij de uitstroom naar werk. Deze aanpassing dient actief gecommuniceerd te worden, waarbij het motto is ‘werken loont’.
5.6.2 Gezinstoeslag Om gezinnen en alleenstaanden met kinderen in Laarbeek tegemoet te komen aan de stijgende vaste lasten, om langdurige armoede te voorkomen en de mogelijkheden om volwaardig te participeren te vergroten, wordt voorgesteld de Individuele inkomenstoeslag voor alleenstaande ouders en gezinnen met minderjarige kinderen niet na 36 maanden maar na 12 maanden toe te kennen. Onderzoek dat door het Nibud is uitgevoerd in Deurne laat zien dat met name deze groep te weinig budget heeft om goed mee te kunnen doen. Actie: wijzigen verordening Individuele inkomenstoeslag Wanneer: januari 2022 structureel Kosten: werktoeslag jaarlijks € 24.500,- extra Kosten: gezinstoeslag jaarlijks € 12.500,- extra Resultaat: voorkomen langdurige armoede bij gezinnen (en kinderen), voorkomen armoedeval bij uitstroom naar werk, bevorderen arbeidsparticipatie. 5.7 Individuele studietoeslag Er wordt nauwelijks gebruik gemaakt van de individuele studietoeslag. Er is een wijziging in de wetgeving voorhanden (planning juli 2021) waarin individuele studietoeslag gewijzigd wordt. Hierop dient de verordening Individuele studietoeslag te worden aangepast. Met de deelnemende gemeenten van de GR Peelgemeenten is afgesproken om niet eerder beleidswijzigingen door te voeren, dan nadat de nieuwe wetgeving is aangenomen.
In het wetsvoorstel staan een aantal onderdelen die afwijken van de huidige regeling. De afwijkingen hebben onder meer betrekking op: 1. De formulering van de doelgroep; 2. Het vervallen van de verordeningsplicht en een wettelijke verplichting voor gemeenten om een studietoeslag te verlenen; 3. Het vaststellen van de hoogte van een leeftijdsafhankelijke, niet als bijzondere bijstand aan te merken toeslag via een algemene maatregel van bestuur; 4. Het vervallen van de vermogenstoets. Actie: aanpassingen lokale regelgeving. Wanneer: najaar 2021. Kosten: nihil
15
Resultaat: geharmoniseerde toeslag voor studenten met een medische beperking. 5.8 Doorontwikkelen inkomensverklaring In 2018 is in samenwerking met de GR Peelgemeenten gestart met het ontwikkelen van een inkomensverklaring. In 2019 is deze inkomensverklaring verstrekt aan alle inwoners van de Peelgemeenten die gebruik maken van een uitkering (GR Senzer) en/of een minimaregeling (GR Peelgemeenten). Het doel van de inkomensverklaring is de administratieve lasten voor inwoners en lokale aanbieders van minimaregelingen te verminderen. Met de inkomensverklaring kunnen inwoners die getoetst zijn op de inkomensnorm (110%), een beroep doen op voorzieningen die lokaal worden aangeboden, zoals de Kledingbank, de Supersociaal en Stichting Leergeld. De komende beleidsperiode wil de gemeente het gebruik van de inkomensverklaring verbreden door met lokale partijen (maatschappelijke organisaties, verenigingen, scholen, bedrijven) afspraken te maken over toegang (gratis of met korting) tot de voorziening op grond van de inkomensverklaring. Daarnaast zal worden onderzocht of de inkomensverklaring ook beschikbaar gesteld kan worden aan inwoners met een laag inkomen die geen bijstandsuitkering hebben en/of geen gebruik maken van een lokale minimaregeling.
Actie: doorontwikkelen inkomensverklaring Wanneer: 2022 Kosten: beleids- en uitvoeringscapaciteit Resultaat: administratieve lasten voor inwoners verminderen, voorzieningen toegankelijker maken voor minima. 5.9 Kwijtschelding gemeentelijke belastingen Momenteel wordt geen kwijtschelding verleend voor onroerende zaak belasting (zijnde woning). Aan de raad is toegezegd dat bij de herijking van het minimabeleid wordt onderzocht welke mogelijkheden er zijn in het kader van kwijtschelding gemeentelijke belastingen voor onroerende zaakbelasting (de zogenoemde eigenarenbelasting). Daarnaast wordt geen kwijtschelding verleend aan natuurlijke personen die een bedrijf hebben of een zelfstandig beroep uitoefenen. De haalbaarheid is onderzocht. Uit onderzoek bij de BSOB (Belastingsamenwerking OostBrabant) is namelijk gebleken dat bovenstaande kwijtscheldingsregelingen momenteel worden toegepast. De gemeenten Asten, Someren en Deurne verlenen kwijtschelding voor onroerende zaak belasting (zijnde woning) en de gemeente Oss verleent kwijtschelding aan natuurlijke personen die een bedrijf hebben of een zelfstandig beroep uitoefenen. Dus het is mogelijk. Uit de praktijk blijkt echter dat hier niet of nauwelijks gebruik van gemaakt: nl. één persoon in de gemeente Asten. Voor een enkel geval wordt geen beleid opgesteld.
Daarnaast is de kwijtschelding van gemeentelijke belastingen aan natuurlijke personen die een bedrijf hebben of een zelfstandig beroep uitoefenen niet in lijn met de harmonisatie van het kwijtscheldingsbeleid voor deelnemende en niet-deelnemende gemeenten aan de gemeenschappelijke regeling BSOB wat in 2019 door de raad is vastgesteld. In de arbeidsmarktregio Helmond – de Peel wordt onderzocht op welke wijze ondernemers (financieel) ondersteund kunnen worden. Afvalstoffenheffing In de Verordening op de heffing en invordering van afvalstoffenheffing Laarbeek 2021 staat in artikel 10 een maximum bedrag aan kwijtschelding genoemd. Dit bedrag wordt jaarlijks aangepast. Er is echter nergens vastgelegd hoe dat bedrag aan maximale kwijtschelding
16
jaarlijks tot stand komt. We willen dit middels het nieuwe armoede- en minimabeleid vastleggen. Het bedrag is opgebouwd uit drie componenten: (1) het gehele vastrecht (maandbedrag x 12 maanden). (2) 13 x een middelgrote container restafval (gemiddelde in Laarbeek is 6 x). (3) 6 x een middelgrote container groen afval. In het kader van duurzaamheid willen we dat mensen vaker afval gaan scheiden en minder vaak restafval aanbieden. Voorgesteld wordt om dat als volgt te wijzigen: (1) het gehele vastrecht (maandbedrag x 12 maanden) (2) 8 x een middelgrote container restafval (5 x minder dan nu) (3) 10 x een middelgrote container groen afval (4 x meer dan nu) Het gaat hierbij overigens om de containers 140 liter groen afval en 140 liter restafval. Actie: aanpassen Verordening op de heffing en invordering van afvalstoffenheffing Laarbeek Wanneer: najaar 2021. Kosten: nihil Resultaat: duidelijkheid over totstandkoming bedrag aan maximale kwijtschelding afvalstoffenheffing; bevorderen afvalscheiding.
17
Hoofdstuk 6. Monitoring en evaluatie 6.1 Monitor Sociaal Domein In 2021 wordt gestart met een Monitor Sociaal Domein waarin gemonitord wordt welke inzet wordt gepleegd op het gebied van Wmo, Jeugd en Participatie en wat daarvan de maatschappelijke en financiële effecten zijn. Op deze wijze krijgen we beter zicht op de inzet en kunnen we indien nodig tussentijds bijsturen. 6.2 Evaluatie Het minimabeleid zal jaarlijks geëvalueerd worden aan de hand van de Monitor Sociaal Domein en de managementinformatie vanuit het vroegsignaleringssysteem. De evaluatie zal aan het college worden voorgelegd met een raadsinformatiebrief voor de raad.
18
Hoofdstuk 7. Financiële consequenties/kosten Het herijkte minima- en armoedebeleid leidt tot de inzet van een aantal instrumenten en voorzieningen. De kosten die hiermee gepaard gaan staan vermeld in onderstaand overzicht. Hierbij dient overigens te worden opgemerkt dat hierbij geen rekening is gehouden met de mogelijke effecten die de coronacrisis met zich meebrengt. Inzet
Kosten
Doelstellingen
Voorziening Kleine Schulden
€ 2.200,- (budgetbeheer Kredietbank Nederland 66141200/42972) € 7.000,- (begeleiding mensen naar werk 66231000/00094)
Armoede beter in beeld.
Vroegsignalering
€ 15.000,- (harmonisatie bijzondere bijstand 66141100/00092) € 20.000,- (begeleiding mensen naar werk 66231000/00094)
Armoede beter in beeld.
Maatwerkbudget
€ 5.000,- (zorgkosten niet via de Peel, bijzondere bijstand 66141100/42352)
Elke inwoner van Laarbeek kan meedoen in en aan de samenleving. Aanbod sluit aan bij de vraag van de doelgroep. Gelijke kansen voor alle inwoners van Laarbeek.
Communicatie
Maatschappelijke participatie* Toename doelgroep volwassenen Inflatiecorrectie (eenmalig) Afname doelgroep kinderen Individuele inkomenstoeslag** Werktoeslag Gezinstoeslag
€ 4.500,- extra
Inwoners weten de weg te vinden naar minima- en armoedevoorzieningen. Taboe over armoede/stigmatisering verdwijnt/normaliseren.
€ 4.650,€ 4.850,€ 3.125,- -/Totaal: € 6.375,- extra
Elke inwoner van Laarbeek kan meedoen in en aan de samenleving. Gelijke kansen voor alle inwoners van Laarbeek.
€ 24.500,€ 12.500,Totaal: € 37.000,- extra
Elke inwoner van Laarbeek kan meedoen in en aan de samenleving. Gelijke kansen voor alle
19
inwoners van Laarbeek. Individuele studietoeslag
€ nihil
Elke inwoner van Laarbeek kan meedoen in en aan de samenleving. Gelijke kansen voor alle inwoners van Laarbeek.
Doorontwikkelen inkomensverklaring
€ 0,-
Inwoners weten de weg te vinden naar minima- en armoedevoorzieningen.
Kwijtschelding gemeentelijke belastingen
€ 0,-
Taboe over armoede/stigmatisering verdwijnt/normaliseren.
Extra beschikbaar budget Vanaf 2021 is structureel jaarlijks een extra budget beschikbaar van € 35.000,- (harmonisatie bijzondere bijstand 66141100/00092). Extra kosten 2021 Aangezien volgens planning (zie hoofdstuk 8) de Maatschappelijke participatie en Individuele inkomenstoeslag per 1 september 2021 worden ingevoerd dient in het eerste jaar rekening gehouden te worden met (4/12 x (€ 6.375,- + € 37.000,- =) € 14.458,- + € 4.500,- voor communicatie = € 18.958,-. Extra kosten 2022 en verder Voor 2022 en verder bedragen de extra jaarlijkse kosten € 47.875,- (€ 4.500,- + € 6.375,- + € 37.000,-). * Berekening kosten maatschappelijke participatie: Toename doelgroep volwassenen: 194 -> 225: 31 x € 150,- = € 4.650,Inflatiecorrectie (eenmalig): 194 x € 25,- = € 4.850,Afname doelgroep kinderen: - 25 x € 125,- = - € 3.125,** Berekening kosten werktoeslag: Gemert-Bakel: 700 huishouders onder lage-inkomensgrens Laarbeek: 400 huishoudens onder lage-inkomensgrens 400/700 = 57% Kosten Gemert-Bakel: € 43.000,57% van € 43.000,- = € 24.510,-, afgerond € 24.500,Berekening kosten gezinstoeslag: Gemert-Bakel: 700 huishoudens onder lage-inkomensgrens Laarbeek: 400 huishoudens onder lage-inkomensgrens 400/700 = 57% Kosten Gemert-Bakel: € 22.000,57% van € 22.000,- = € 12.540,-, afgerond € 12.500,Conclusie In 2021 is het extra beschikbare budget (€ 35.000,-) voldoende om de extra ambities (kosten
20
€ 18.958,-) voor 2021 te realiseren. Voor 2022 en verder is het extra beschikbare budget (€ 35.000,-) onvoldoende om de extra ambities (jaarlijkse kosten € 47.875,-) voor 2022 en verder de realiseren. Het tekort bedraagt dan vanaf 2022 en verder jaarlijks € 12.875,-. Voorgesteld wordt om het restant budget ‘begeleiding mensen naar werk’ (66231000/00094) structureel hiervoor in te zetten. Het restant budget bedraagt structureel € 50.000 – € 7.000,- (Voorziening Kleine Schulden) - € 20.000,- (vroegsignalering) = € 23.000,- en is voldoende om het jaarlijks tekort van € 12.875,- uit te dekken.
21
Hoofdstuk 8. Planning De planning van de inzet van de instrumenten en voorzieningen uit het herijkte minima- en armoedebeleid ziet er als volgt uit: Inzet Voorziening Kleine Schulden
Planning 1-1-2021
Vroegsignalering
1-1-2021
Maatwerkbudget
1e kwartaal 2021
Communicatie
2021
Maatschappelijke participatie
1-9-2021
Individuele inkomenstoeslag
1-9-2021
Individuele studietoeslag
1-9-2021
Doorontwikkelen inkomensverklaring
1-6-2022
Kwijtschelding gemeentelijke belastingen
4e kwartaal 2021
22
Bijlage 1 Verspreidingsplan folder minimavoorzieningen
Meegeven bij één op één klantcontacten door Sociaal Team Laarbeek (wanneer van toepassing)
Balie/folderrek gemeentehuis
Balie/folderrek bibliotheek
Folderrekken diverse ontmoetingscentra
Digitaal op website gemeente Laarbeek
Toesturen naar bekende doelgroep
Professionele instanties o
Sociaal Team Laarbeek
o
Gemeentelijke Gezondheids Dienst
o
Huisartsen
o
Consultatiebureaus
o
Stichting Leergeld
o
Super Sociaal
23