10 20240822 BIJLAGE 15. 2024-02-19 231214-R1 Kapelstraat te Beek en Donk (versie 0)
Tekst van het document
Infiltratieonderzoek Kapelstraat te Beek en Donk 231214-R1, versie 0
Infiltratieonderzoek
locatie
Kapelstraat te Beek en Donk
opdrachtgever
Arom Laan door de Veste 1 5708 ZZ Helmond
document kenmerk
231214-R1
versie
versie 0
datum
19 februari 2024
opgesteld door
C. Bartsen adviseur bodem
gecontroleerd door
D. Hermans adviseur bodem
Hopveld Advies Hopveld 3 5737 JT Lieshout KvK-nr. 82663513
Inhoudsopgave 1.
Inleiding
1
2.
Locatiegegevens
1
2.1 2.2 2.3
Grondwater Bodemopbouw Bodemkwaliteitskaart
2 3 3
3.
Onderzoeksstrategie
4
3.1 3.2
Uitvoering Analyses
4 5
4.
Resultaten
6
4.1 4.2
Toetsingskader Resultaten
6 6
5.
Conclusie en aanbevelingen
7
Bijlagen Bijlage 1:
Regionale ligging
Bijlage 2:
Tekening(en)
Bijlage 3:
Profielbeschrijvingen
Bijlage 4:
Analyseresultaten zeefkromme
Bijlage 5:
Berekening k-waarden
Bijlage 6:
Foto’s
Bijlage 7:
Bronnen onderzoek
1. Inleiding In opdracht van Arom heeft Hopveld Advies een infiltratieonderzoek uitgevoerd op de locatie Molenveld te Lieshout. Tabel 1.1: aanleiding en doel onderzoek aanleiding herinrichting van de locatie waarbij een infiltratievoorziening gerealiseerd zal worden onderzoek
doelstelling
infiltratieonderzoek
vaststellen van de doorlatendheid (k-waarde) van de bodem
Disclaimer Dit document mag alleen in zijn geheel worden gereproduceerd. Door derden aangebrachte wijzigingen en/of toevoegingen document vallen niet onder de verantwoordelijkheid van Hopveld Advies. Hopveld Advies heeft geen binding met de opdrachtgever en de onderzoekslocatie anders dan als onafhankelijk onderzoeksbureau.
2. Locatiegegevens De onderzoekslocatie is gelegen aan de Kapelstraat in Beek en Donk, achter de bebouwing van de Kapelstraat 5-7. De locatie zal worden herontwikkeld waarbij het voornemen bestaat om onder de toekomstige parkeerplaatsen infiltratiekratten te realiseren. Momenteel is de locatie deels in gebruik als tuin (gras) en deels als parkeerplaats (klinkers). De contouren van de aan te leggen parkeerplaatsen met daaronder infiltratiekratten is weergegeven in figuur 2.1. De totale oppervlakte van de parkeerplaatsen bedraagt circa 280 m 2.
231214-R1 versie 0
pagina 1 van 7
Figuur 2.1: luchtfoto onderzoekslocatie (geel omlijnd)
2.1 Grondwater Door de gemeente Laarbeek zijn de grondwaterstanden bekeken van een viertal peilbuizen gelegen in de omgeving van de onderzoekslocatie. Op basis van deze gegevens wordt door de gemeente Laarbeek aangenomen dat de GHG op de locatie circa 13,4 m+NAP bedraagt (circa 0,8 à 1,0 m-mv). Onderstaand is de meetreeks van de meest nabijgelegen peilbuis (ter hoogte van de Kapelstraat 31) uit 2023 weergegeven. Figuur 2.2: overzicht gemeten grondwaterstanden nabij onderzoekslocatie (m+NAP) (bron: Dinoloket)
231214-R1 versie 0
pagina 2 van 7
2.2 Bodemopbouw Tabel 2.1: bodemopbouw (bron: Dinoloket) bodemopbouw maaiveldhoogte
14,45 m+NAP
diepte (m-mv)
stratigrafie
lithologie
0,0 – 2,2
formatie van Boxtel
Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit middelfijn zand
2,2 – 2,6
formatie van Boxtel
Kleiige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit leem
2,6 – 14,0
formatie van Boxtel
Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit middelfijn zand
stijghoogte
13,85 m+NAP
stromingsrichting
noordelijk
geohydrologie freatisch grondwater
waterhuishouding oppervlaktewater
Circa 73 meter ten noordoosten van de locatie stroom de Zuid-Willemsvaart.
grondwaterbeschermingsbied
De locatie is niet gelegen in een grondwaterbeschermingsgebied.
grondwateronttrekking
Op de onderzoekslocatie en in de directe omgeving vindt voor zover bekend geen grondwateronttrekking plaats.
boringvrije zone
De onderzoekslocatie is niet gelegen in een boringvrije zone.
2.3 Bodemkwaliteitskaart Tabel 2.2: bodemkwaliteitskaart bodemkwaliteitskaart gemeente / regio
Gemeente Laarbeek
document
Nota bodembeheer gemeente Laarbeek 2022-2033
bodemfunctie
wonen
bodemkwaliteitszone
bovengrond
B1/O1 Bebouwd gebied
ondergrond
B1/O1 Bebouwd gebied
bovengrond
Landbouw/natuur
ondergrond
Landbouw/natuur
ontgravingskaart
231214-R1 versie 0
pagina 3 van 7
3. Onderzoeksstrategie Het infiltratieonderzoek is gebaseerd op module C2510 8Doorlatendheidsonderzoek voor infiltratie en drainage9 van de Leidraad Riolering (maart 2015). Voor de onderzoeksstrategie is uitgegaan van een gemiddeld hoogste grondwaterstand ondieper dan 1,5 m-mv. Tabel 3.1: strategie infiltratieonderzoek (deel)locatie toekomstige
omvang
280 m2
parkeerplaatsen Opmerkingen bij de tabel: 1) verklaring analyses SCG-zeefkromme :
strategie
GHG < 1,5 m-mv
boorwerk (diepte in m-mv)
doorlatendheidsmetingen
boringen
peilbuizen
veldmetingen
analyses 1)
2 x 2,0
-
3 x omgekeerde
1 x SCG-
putproef
zeefkromme
1 x 4,0
gehalte organische stof en fractiebepaling (<2 µm, <16 µm, <20 µm, <32 µm, <50 µm, <63 µm, <125 µm, <250 µm, <500 µm, <1 mm, <2 mm en >2 mm) , inclusief M-63 getal
Boringen Bij het uitvoeren van de veldwerkzaamheden wordt aandacht besteed aan de volgende bodemkundige hydrologische aspecten: • de samenstelling, structuur, textuur en kleur van het bodemmateriaal; • de historische GHG en de GLG op basis van gleyverschijnselen (roest en reductie); • de diepte en dikte van eventueel aanwezige leemlagen; • de actuele grondwaterstand. Onverzadigde zone Voor het bepalen van de doorlatendheid in de onverzadigde zone worden in representatieve zandlagen 8constant head proeven9 uitgevoerd, ook wel de omgekeerde boorgat-methode genoemd. Voor het bepalen van de doorlatendheid in de onverzadigde zone wordt van één representatieve zandlaag de korrelgrootteverdeling bepaald (SCG zeefkromme). Op basis hiervan kan een (theoretische) benadering van de doorlatendheid van de bodem worden afgeleid (k-waarde).
3.1 Uitvoering De boringen zijn weergegeven op een tekening in bijlage 2. Voor de bodemopbouw wordt verwezen naar de profielbeschrijvingen in bijlage 3. Globale bodemopbouw De bodem ter plaatse van de onderzoekslocatie bestaat tot 2,4 m-mv hoofdzakelijk uit matig tot zeer fijn, zwak tot sterk siltig zand. Tot 1,0 à 1,5 m-mv is de grond zwak tot matig humeus. Tevens zijn in deze bodemlaag sporen tot matige bijmengingen met baksteen waargenomen. Van 2,4 - 3,7 is hoofdzakelijk sprake van een leemlaag, waarbij tussen de 3,4 en 3,5 m-mv een zeer dunne veenlaag wordt aangetroffen. Verder is ter plaatse van boring 01 van 0,2 - 0,4 m-mv een volledige puinlaag aanwezig.
231214-R1 versie 0
pagina 4 van 7
Gleyverschijnselen Uit de profielbeschrijvingen in bijlage 3 blijkt dat op de locatie geen roestverschijnselen zijn aangetroffen. Grondwaterstand Tijdens het plaatsen van de boringen is de grondwaterstand op dieptes tussen de 0,75 en 1,1 m-mv waargenomen. Overige waarnemingen en bijzonderheden Tijdens het plaatsen van de boringen was de boorgrond tot aan het waarnemen van de grondwaterstand droog. Vervolgens is de filterbuis in het boorgat geplaatst voor het uitvoeren van de infiltratiemetingen. Tijdens het voorfiltreren ter plaatse van boringen 01 en 03 was echter sprake van kwel, waardoor de grondwaterstand in beide boorgaten verder steeg. De kwel ter plaatse van beide boringen werd zeer waarschijnlijk verzaakt door de zeer hevige regenval in de periode voorafgaand aan de infiltratiemetingen. Door overdruk stijgt daardoor de grondwaterstand in een open boorgat. Ter plaatse van boorgat 01 is ter verificatie gemeten of de grondwaterstand zakte, dit was echter niet het geval. Derhalve zijn gezien de kwel ter plaatse van boringen 01 en 03 geen officiële infiltratiemetingen uitgevoerd. Verder blijkt dat het maaiveld richting het grasveld iets afloopt. Het maaiveld ter plaatse van het grasveld ligt naar schatting circa 40 cm lager dan ter plaatse van de onderzoekslocatie.
3.2 Analyses De analysestrategie is weergegeven in de volgende tabel. Tabel 3.2: geanalyseerde monsters monster- traject code
(m-mv) 1)
SCG01
1,00 - 2,00
deelmonsters
analyses 2)
motivatie
01 (1,30 - 1,80)
SCG
zand, matig tot zeer fijn, zwak tot matig siltig
02 (1,50 - 2,00) 03 (1,00 - 1,50) Toelichting: 1) het aangegeven traject betreft de minimale en maximale diepte van de deelmonsters in het betreffende mengmonster; 2) verklaring analyses: SCG : fractiebepaling volgens SCG (fracties 2 µm, <16 µm, <20 µm, <32 µm, <50 µm, <63 µm, <125 µm, <250 µm, <500 µm, <1 mm, <2 mm en >2 mm) en gehalte organisch stof.
231214-R1 versie 0
pagina 5 van 7
4. Resultaten 4.1 Toetsingskader Om te beoordelen of infiltratie van hemelwater mogelijk is, zijn de gemeten k-waarden vergeleken met figuur 16 in publicatie 70.1 <Omgaan met hemelwater binnen de perceelgrens= van het Kennisinstituut Bouw- en Installatietechniek (ISSO). Volgens deze figuur is infiltratie mogelijk bij een Gemiddeld Hoogste Grondwaterstand (GHG) vanaf 0,7 m-mv en een k-waarde groter dan 2 meter per dag. Wadi9s zijn hiervan uitgezonderd. Bij een k-waarde kleiner dan 2 meter per dag kunnen aanvullende maatregelen (zoals grondverbetering) noodzakelijk zijn.
4.2 Resultaten Doorlatendheidsproeven en analyses Op basis van de meetgegevens van de veldproeven en de analyseresultaten, is de doorlaatfactor (kwaarde) van de bodem bepaald. De berekeningen zijn opgenomen in bijlage 10. Een samenvatting is weergegeven in de volgende tabel. Zoals eerder in paragraaf 3.2 is opgemerkt zijn ter plaatse van boringen 01 en 03 door opkomend grondwater in de boorgaten geen infiltratiemetingen uitgevoerd. Tabel 4.1: overzicht gemeten doorlatendheden (k-waarden) meting
omschrijving bodemlaag
traject
doorlaatfactor, (k-waarde)
(m-mv)
gemiddeld
spreiding
(m/dag)
minimum
maximum
(m/dag)
(m/dag)
1,4
1,4
4,9
7,3
onverzadigde zone 1) 02
zand, zeer fijn, sterk siltig, matig humeus, resten
0,2 - 0,7
1,4
wortels en grind, sporen baksteen analyseresultaten SCG-zeefkromme 2) SCG01 zand, matig tot zeer fijn, zwak tot matig siltig 1,0 - 1,8 5,8 Toelichting: 1) de doorlaatfactor is bepaald op basis van twee afzonderlijke veldmetingen. 2) de doorlaatfactor is berekend door middel van de formules Seelheim, Ernst en Beyer.
Uit de meetresultaten blijkt dat de doorlatendheid van de onverzadigde zone van 0,2 – 0,7 m-mv circa 1,4 m/dag bedraagt en is daarmee matig te noemen. De theoretische doorlatendheid op basis van de zeefkromme van de onverzadigde zone bedraagt 5,8 m/dag en is daarmee goed te noemen.
231214-R1 versie 0
pagina 6 van 7
5. Conclusie en aanbevelingen Op basis van de huidige bodemopbouw, de te verwachte GHG en meetresultaten is infiltratie van hemelwater op de locatie naar verwachting voor een groot deel van het jaar mogelijk. De locatie wordt daarom in principe geschikt geacht voor de aanleg van infiltratiekratten. Wel worden de onderstaande aanbevelingen en/of opmerkingen geplaatst: • •
•
•
Aanbevolen wordt om de infiltratiekratten niet te diep aan te leggen gezien de GHG. Aanbevolen wordt om de kratten niet verder richting het grasveld aan te leggen aangezien het maaiveld hier lager ligt. Indien dit toch gewenst is wordt aanbevolen het maaiveld voor de aanleg van de kratten op te hogen. Om de infiltratiecapaciteit te vergroten wordt aanbevolen om onder de kratten een deel van de bodem te ontgraven waarnaar goed doorlatend materiaal zoals drainagezand wordt aangebracht. Bij lange of extreem natte periodes kan de werking van de infiltratiekratten (sterk) afnemen door een hoge grondwaterstand of verzadigde bodem. Daarom is het noodzakelijk om de infiltratiekratten te voorzien van een overloopvoorziening.
Het ontwerpen en aanleggen van een infiltratievoorziening moet door een ervaren specialist worden uitgevoerd. Het bepalen of huidige ontwerp van het infiltratiesysteem voldoende functioneert valt buiten de reikwijdte en het doel van onderhavig onderzoek.
231214-R1 versie 0
pagina 7 van 7
Bijlage 1: Regionale ligging
Bijlage 2: Tekening(en)
"
$
"
"
$
'
"
$
$
"
$
"
$
#
&
"
%
"
$
!
!
%
!
$
$
"
$
%
!
#
$
!
$
#
!
%
"
%
"
%
"
$
$
"
%
%
!
!
%
"
#
"
'
%
%
$
'
"
%
!
!
!
!
"
!
"
#
%
%
"
"
#
$
$
&
Bijlage 3: Profielbeschrijvingen
Boring:
01
Boring:
02
Boormeester:
Dirk Hermans
Boormeester:
Dirk Hermans
Datum:
15-1-2024
Datum:
15-1-2024
GWS:
110
GWS:
80
0
0
klinker
8 20
Zand matig fijn, zwak siltig, geelbeige, Edelmanboor, straatzand
40
Volledig puin, donker bruinrood, Graven
50
50
0
0
braak Zand zeer fijn, sterk siltig, matig humeus, resten wortels, resten grind, sporen baksteen, donker zwartbruin, Edelmanboor
50
60
Zand zeer fijn, matig siltig, matig humeus, resten planten, donker zwartbruin, Edelmanboor
1
Zand zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, bruinbeige, Edelmanboor
100
130
150
2
Zand zeer fijn, matig siltig, matig humeus, resten planten, matig baksteenhoudend, donker zwartbruin, Edelmanboor
1 100 2
200
200
150
150
Zand zeer fijn, zwak siltig, bruinbeige, Edelmanboor
Zand matig fijn, zwak siltig, bruinbeige, Edelmanboor
3 200
240
Leem, sterk zandig, grijs, Zuigerboor
250
300
340
350
350
370
Boring:
03
Boormeester:
Dirk Hermans
Datum:
15-1-2024
GWS:
75 0
0
Veen, zwak zandig, donker zwartbruin, Zuigerboor Leem, zwak zandig, lichtgrijs, Zuigerboor, gestaakt vanwege hoge grondwaterstand
braak Zand matig grof, zwak siltig, geelgrijs, Edelmanboor, straatzand
50
50
Zand matig fijn, matig siltig, matig humeus, matig baksteenhoudend, donker zwartbruin, Edelmanboor
1 100
100
Zand zeer fijn, matig siltig, bruinbeige, Edelmanboor 2 150 3 200
200
Projectnaam: Kapelstraat Beek en Donk Projectcode: 231214 getekend volgens NEN 5104
Legenda (conform NEN 5104)
klei
grind Grind, siltig
geur Klei, zwak siltig
geen geur zwakke geur
Grind, zwak zandig
matige geur
Klei, matig siltig
sterke geur Grind, matig zandig
Klei, sterk siltig
Grind, sterk zandig
Klei, uiterst siltig
uiterste geur
olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie Grind, uiterst zandig
Klei, zwak zandig
matige olie-water reactie sterke olie-water reactie
Klei, matig zandig
Klei, sterk zandig
zand
uiterste olie-water reactie
p.i.d.-waarde >0
Zand, kleiïg
>1 >10
Zand, zwak siltig
>100
leem
>1000 Zand, matig siltig
Leem, zwak zandig
Zand, sterk siltig
Leem, sterk zandig
Zand, uiterst siltig
>10000
monsters
geroerd monster
overige toevoegingen
ongeroerd monster
zwak humeus volumering
veen Veen, mineraalarm
matig humeus
Veen, zwak kleiïg
sterk humeus
Veen, sterk kleiïg
zwak grindig
Veen, zwak zandig
matig grindig
Veen, sterk zandig
sterk grindig
overig bijzonder bestanddeel Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand Gemiddeld laagste grondwaterstand slib
water
Projectnaam: Kapelstraat Beek en Donk Projectcode: 231214 getekend volgens NEN 5104
Bijlage 4: Analyseresultaten zeefkromme
AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl
Hopveld Advies Celeste Barsten Hopveld 3 5737 JT Lieshout
Klantnr: Datum:
35009969 23.01.2024
Analyserapport 1362937 231214 Kapelstraat Beek en Donk Datum: 23.01.2024
Opdracht Opdrachtgever Opdrachtacceptatie
1362937 Bodem / Eluaat 35009969 Hopveld Advies 18.01.2024
Geachte heer, mevrouw, Hierbij zenden wij u de resultaten van het door u aangevraagde laboratoriumonderzoek. De analyses zijn, tenzij anders vermeld, uitgevoerd overeenkomstig onze erkenning voor de werkzaamheid "Analyse voor milieuhygiënisch bodemonderzoek" van het Besluit Bodemkwaliteit. Dit rapport mag alleen in zijn geheel worden gereproduceerd. Eventuele bijlagen zijn onderdeel van het rapport. Let op: alleen de algemene voorwaarden van AL-West gedeponeerd bij de KvK te Deventer, zijn van toepassing. Indien u nog vragen heeft of aanvullende informatie wenst, verzoeken wij u om contact op te nemen met Klantenservice. Wij vertrouwen erop u met de toegezonden informatie van dienst te zijn.
Dit analyserapport met opdrachtnummer 1362937 en analyserapportversie 1 bevat de analyse(s) van monsternummer(s) 631560. Met vriendelijke groet,
DOC-13-22628574-NL-P1
AL-West B.V. (AGROLAB GROUP), Emma Weeda, Tel. +31570788114 emma.weeda@al-west.nl
Parameters uitgevoerd door AL-West BV zijn geaccrediteerd volgens EN ISO/IEC 17025:2017. Alleen niet-geaccrediteerde en/of uitbestede parameters zijn gemarkeerd met het symbool *).
Blad 1 van 3 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01
Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer
AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl
Analyserapport 1362937 231214 Kapelstraat Beek en Donk Datum: 23.01.2024 Monster informatie Monsternummer Datum monstername
Monster beschrijving
631560
SCG01 01 (130-180) 02 (150-200) 03 (100-150)
15.01.2024
Algemene monstervoorbehandeling S
Parameter
Eenheid
631560
Droge stof
%
80,8
Parameter
Eenheid
631560
Fractie < 2 µm Fractie < 16 µm Fractie < 2 µm Fractie < 16 µm Fractie < 32 µm Fractie < 50 µm Fractie < 63 µm Fractie < 125 µm Fractie < 250 µm Fractie < 500 µm Fractie < 1000 µm Fractie < 2000 µm Fractie > 2mm (%)*)*
% Ds % Ds % Md Ds % Md Ds % Md Ds % Md Ds % Md Ds % Md Ds % Md Ds % Md Ds % Md Ds % Md Ds % Ds
1,62)* 2,02)* 1,72)* 2,12)* 3,12)* 4,22)* 5,32)* 313)* 913)* 993)* 1003)* 1003)* <0,13),4)*
Eenheid
631560
% Ds % Ds
<0,24)* <1,04)*
Fracties (sedigraaf) S
Klassiek Chemische Analyses Parameter S
5)
Organische stof * Calciet (CaCO3)*)*
De parameter-specifieke meetonzekerheid en informatie over de berekeningsmethode zijn op aanvraag beschikbaar, indien de gerapporteerde resultaten boven de parameterspecifieke rapportagegrens liggen. De minimale prestatiecriteria van de toegepaste methoden zijn in het algemeen gebaseerd op Richtlijn 2009/90/EG van de Europese Commissie met betrekking tot de meetonzekerheid. 1) "--" Geeft "niet aangevraagd" aan. 2) Voor elk resultaat beneden de rapportagegrens werd voor de berekening de rapportagegrens gebruikt. 3) Gehaltes beneden de rapportagegrens zijn niet mee inbegrepen. 4) Verklaring:"<" of n.a. betekent dat het gehalte van de component lager is dan de rapportagegrens. 5) Het organische stof gehalte is gecorrigeerd met het lutum gehalte, indien geen lutum is bepaald dan is gecorrigeerd met een lutum gehalte van 5,4%. Het organische stof gehalte is niet gecorrigeerd voor het vrij ijzer gehalte, tenzij dit bepaald is. S Erkend volgens AS SIKB 3000 Start van de test: 18.01.2024 Einde van de test: 23.01.2024 De resultaten hebben uitsluitend betrekking op de geteste items. In gevallen waarin het laboratorium niet verantwoordelijk was voor de bemonstering, gelden de gerapporteerde resultaten voor de monsters zoals deze zijn ontvangen. Het laboratorium is niet verantwoordelijk voor de door de klant verstrekte informatie.
Eventuele klantinformatie in dit analyserapport valt niet onder de accreditatie van het laboratorium en kan de geldigheid van de resultaten beïnvloeden. Gedeeltelijke reproductie van het rapport zonder onze schriftelijke toestemming is niet toegestaan.
AL-West B.V. (AGROLAB GROUP), Emma Weeda, Tel. +31570788114 emma.weeda@al-west.nl
DOC-13-22628574-NL-P2
Dit electronisch gegenereerde rapport is gecontroleerd en vrijgegeven.In overeenstemming met de vereisten van EN ISO/IEC 17025:2017 voor eenvoudige rapportage is dit rapport zonder handtekening rechtsgeldig.
Parameters uitgevoerd door AL-West BV zijn geaccrediteerd volgens EN ISO/IEC 17025:2017. Alleen niet-geaccrediteerde en/of uitbestede parameters zijn gemarkeerd met het symbool *).
Blad 2 van 3 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01
Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer
AL-West B.V. Dortmundstraat 16B, 7418 BH Deventer, the Netherlands Tel. +31(0)570 788110 e-Mail: info@al-west.nl, www.al-west.nl
Analyserapport 1362937 231214 Kapelstraat Beek en Donk Datum: 23.01.2024 AGROLAB GROUP Methode conform NEN-ISO 10693*)* conform Protocollen AS 3000 conformNEN-EN12880; AS3000, AS3200; NEN-EN15934 eigen methode
DOC-13-22628574-NL-P3
eigen methode*)* Protocollen AS 3000 / Protocollen AS 3200
Parameter Calciet (CaCO3)*)* Organische stof5)* Droge stof Fractie < 1000 µm, Fractie < 125 µm, Fractie < 16 µm [% Ds], Fractie < 16 µm [% Md Ds], Fractie < 2 µm [% Md Ds], Fractie < 2000 µm, Fractie < 250 µm, Fractie < 32 µm, Fractie < 50 µm, Fractie < 500 µm, Fractie < 63 µm Fractie > 2mm (%)*)* Fractie < 2 µm [% Ds]
Parameters uitgevoerd door AL-West BV zijn geaccrediteerd volgens EN ISO/IEC 17025:2017. Alleen niet-geaccrediteerde en/of uitbestede parameters zijn gemarkeerd met het symbool *).
Blad 3 van 3 Kamer van Koophandel Nr. 08110898 VAT/BTW-ID-Nr.: NL 811132559 B01
Directeur ppa. Marc van Gelder Dr. Paul Wimmer
Bijlage 5: Berekening k-waarden
Falling head proef in onverzadigde zone Projectnummer
231214
Locatie
Kapelstraat te Beek en Donk
Boornummer laag
2 van
0,20 m-mv
tot
0,70 m-mv
Diamater boorgat
0,1 m
Lengte buis
2,00 m
Buitendiameter filterbuis
0,09 m
k-waarde (m/dag) tijd (s)
meting 1
meting 2
60
0,7
1,3
120
0,7
1,0
180
1,1
1,1
240
1,2
1,3
300
1,3
1,4
360
1,3
1,4
420
1,4
1,4
480
1,4
1,5
K (m/d)
1,4
1,4
meting 3
gemiddelde k-waarde (m/dag) De gemiddelde k-waarde is berekend met de formule van de falling-headmethode weergegeven in bijlage 8 van de module C2510 van de Leidraad riolering
1,4
SCG zeefkromme k-waarde bepaling Projectnummer:
231214
Formules Seelheim Methode van Ernst Formule van Hazen
Formule van Beyer
Berekeningen berekening U16-getal subklasse (μm) 2-16 μm 16-32 μm 32-50 μm 50-63 μm 63-125 μm 125-250 μm 250-500μm 500-1000μm 1000-2000μm totaal U16-getal
SCG01 Us F (%) Us*F nvt nvt nvt 450,8 1,0 450,8 252,1 1,1 277,3 178,6 1,1 196,4 114,9 25,7 2953,1 57,7 60,0 3462,5 28,9 8,0 230,8 14,4 1,0 14,4 7,2 0,0 0,0 97,9 7585,4 77
Monster-nummer U16 Cso Ccl Cgr C (d60 / d10) n (poriefractie) K-waarde per K-seelheim K-ernst K-Hazen K-Beyer K-gemiddeld
SCG01 77,5 1,40 0,58 1,00 2,49 0,42 5,2 7,3 5,5 4,9 5,8
: formule geschikt : formulie niet geschikt
Bijlage 6: Foto9s
Foto: overzicht locatie
Foto: overzicht locatie
Foto: overzicht locatie
Foto: overzicht locatie
Foto: boring 01
Foto: boring 02
Foto: boring 03
Foto: boring 01
Bijlage 7: Bronnen onderzoek Tabel: bronnen vooronderzoek type
bron
kadastrale gegevens
Kadaster Kadaster online
actuele terreinsituatie
Google Maps Google Earth BAG Viewer - Kadaster kaartviewer voor omgevingsdiensten
kabels en leidingen
Kadaster KLIC
historische gegevens
Topotijdreis
bodeminformatie
DINOloket WKO tool Nederland bodematlas en stortplaatsenkaart Provincie Noord-Brabant bodemkwaliteitskaart
gemeente Laarbeek
bodeminformatiesysteem
terreinverkenning
voor aanvang van de veldwerkzaamheden