Vragen PvdA-GL, Krimpenerhout.docx
Tekst van het document
Mondelinge vraag voor het vragenhalfuurtje raadscommissie R&F Datum: 4 april 2023 Indiener: PvdA-GroenLinks Onderwerp: Proces onderzoek overnachtingsmogelijkheden in de Krimpenerhout Inleiding: Onlangs heeft het betuur van de Groenalliantie besloten niet verder te onderzoeken of er overnachtingsmogelijkheden in de Krimpenerhout kunnen worden gerealiseerd. De aankondiging van dit onderzoek en de bijbehorende bewonersbijeenkomst deed veel stof opwaaien in de pers en op sociale media. Inwoners achtten de schaal (er werd gesproken over mogelijk 120 huisjes) en de locatie -een gebied waar met veel gemeenschapsgeld nog niet zo lang geleden nieuwe natuur is aangelegd waar na een aantal jaar planten- en diersoorten floreren- onwenselijk. PvdA-GroenLinks wil opmerken dat het te prijzen is om in deze fase een bewonersavond te organiseren om vast te stellen hoe de inwoner er over denkt. Het voortraject; een ondernemer meldt zich bij de gemeente met een plan, en gemeente & groenalliantie bespreken dit en doen verkennend onderzoek, heeft zich echter voornamelijk buiten het blikveld van de Raad afgespeeld, en alleen een speurneus kan uit vergaderstukken herleiden dat een en ander vermoedelijk al langer op de agenda staat van de Groenalliantie.
Door het besluit van 31 maart is de komst van overnachtingsmogelijkheden in de Krimpenerhout van de baan, maar de wens van het college van onze gemeente om recreatie en toerisme in de Krimpenerhout te stimuleren blijft staan, en daarmee zou het het nog steeds kunnen dat het voorlopige plan wel gerealiseerd gaat worden maar dan op een andere plek in de Krimpenerwaard. Vragen: 1. Welke kaders hanteert de wethouder om de belangen van natuur, economie, regionale afspraken en de wens van onze inwoners tegen elkaar af te wegen? 2. Kan de wethouder garanderen, gezien de overweldigende steun van de inwoners van de Krimpenerwaard voor het natuurbelang van de Krimpenerhout, dat een eventuele nieuwe locatie van onderzocht plan niet in bestaande natuurgebieden of recreatiegebieden met een duidelijk aanwijsbare natuurwaarde zal worden gesitueerd waardoor kostbare natuur -ook al wordt het gecompenseerd- niet hoeft te worden aangetast? 3. Is de wethouder van mening dat een plan van een dergelijke omvang op het grondgebied van de Krimpenerwaard en waar zoveel inwoners van de gemeente direct of indirect een belang bij hebben, eerst aan de raad dient te worden voorgelegd voordat deze in een regionaal bestuur wordt besproken?