Verordening Werk, Participatie en Inkomen.pdf - aangepast 3.19.2.b - MBO toegevoegd
Tekst van het document
De gemeente legt voor dezelfde gedraging dan geen bestuurlijke boete op grond van de Wi2021 op. 2. Als een inburgeringsplichtige die een bijstandsuitkering (PW) ontvangt zich niet houdt aan verplichtingen en afspraken in het PIP, waarin de nadruk ligt op het vergroten van de taalbeheersing en aan overige afspraken en verplichtingen in het PIP, legt de gemeente bij voorkeur een boete op grond van de Wi2021 op. De gemeente verlaagt in dat geval voor dezelfde gedraging de bijstandsuitkering niet.
3. Bij de keuze tussen 1) handhaving op grond van de PW door een verlaging van de uitkering en 2) handhaving op grond van de Wi2021 via een boete weegt de gemeente ook af welke wijze van handhaving, rekening houdend met de gevolgen hiervan voor de inburgeringsplichtige, naar haar oordeel het best bijdraagt aan het beoogde effect, te weten het succesvol voltooien van het inburgeringstraject. 4. In de brief aan de inburgeringsplichtige vermeldt de gemeente of er een boete op grond van de Wi2021 wordt opgelegd of dat de uitkering wordt verlaagd op grond van de PW. 5. Wanneer de inburgeringsplichtige een boete op grond van de Wi2021 wordt opgelegd in de periode dat de gemeente verantwoordelijk is voor het financieel ontzorgen op grond van artikel 56a PW, dan kan de gemeente de boete met de uitkering verrekenen. De gemeente houdt hierbij rekening met een fictieve draagkracht van 5% van bijstandsnorm die van toepassing is, inclusief vakantietoeslag.
6.3 Terugvorderen uitkering
6.3.1 Terugvordering en incasso PW | IOAW | IOAZ 1. De gemeente vordert gemeentelijke uitkeringen terug in de gevallen die in de wet zijn beschreven en doet dat volgens de regels van de wet. De gemeente vordert niet terug als terugvordering onaanvaardbare gevolgen heeft voor de inwoner. 2. Bij een klein bedrag kan de gemeente besluiten om dit niet terug te vorderen, als dit te veel tijd en geld kost. De gemeente vordert een klein bedrag wél terug als er te veel uitkering is betaald omdat de inwoner onvoldoende informatie heeft gegeven aan de gemeente. 3. Bij de incasso zorgt de gemeente ervoor dat inwoners een inkomen blijven houden dat past bij hun persoonlijke situatie. Dit inkomen is in ieder geval gelijk aan de beslagvrije voet.
Verordening Werk, Participatie en Inkomen Krimpenerwaard - 21
6 6.4 Hoe controleert de gemeente of de afspraken worden nagekomen?
6.4.1 Controle PW | IOAW | IOAZ 1. De gemeente kan controleren of de inwoner recht heeft op een uitkering of voorziening en of hij de juiste uitkering of voorziening heeft aangevraagd of ontvangt. Bij de controle worden de methodes van controle zorgvuldig toegepast en de gemeente gaat zorgvuldig om met de informatie van de inwoner. Voor de controle kan de gemeente gebruik maken van: a. huisbezoeken: medewerkers van de gemeente gaan langs bij de inwoner en kijken in en om de woning. De gemeente kan een huis bezoek aankondigen, maar dat hoeft niet; b. heimelijke waarnemingen: medewerkers van de gemeente verzame len gegevens over de inwoner zonder dat de inwoner hierover vooraf is geïnformeerd. Dat verzamelen gebeurt bijvoorbeeld door buurt onderzoek; c. bestandsvergelijkingen: de gemeente vergelijkt de gegevens van de inwoner met de gegevens die bekend zijn over deze inwoner bij andere organisaties, zoals bij het UWV, de Belastingdienst en andere gemeenten; d. signalen en tips van organisaties of particulieren; e. andere passende onderzoeksmethoden. 2. De controle van de voorzieningen is ook bedoeld om de kwaliteit van de voorziening te beoordelen en om te kijken of de voorziening op de juiste manier wordt gebruikt. 3. Bij de controle van uitkeringen en voorzieningen zorgt de gemeente ervoor dat de regels die horen bij de opsporing van strafbare feiten worden nageleefd. 4.
Bij beëindiging van de uitkering of voorziening op verzoek van de inwoner, onderzoekt de gemeente wat de reden is van de beëindiging. De gemeente gaat ook na of de uitkering of voorziening tot de einddatum terecht is verstrekt.
6.4.2 Voorkomen van fraude PW | IOAW | IOAZ De gemeente stelt alles in het werk om fraude te voorkomen (preventie). Daarom informeert de gemeente inwoners op een gepaste manier over rechten en plichten en over de gevolgen van misbruik en oneigenlijk gebruik van uitkeringen en voorzieningen. 6.4.3 Privacy PW | IOAW | IOAZ 1. De gemeente stelt voor onderzoeksmethoden die vaak worden toegepast protocollen op. Het gaat in ieder geval om een protocol voor de inzet van huisbezoeken. De protocollen moeten ervoor zorgen dat er geen ongeoorloofde inbreuk op het privéleven van inwoners plaatsvindt. De gemeente maakt de protocollen openbaar bekend. 2. Bij het uitvoeren van onderzoek zorgt de gemeente ervoor dat inbreuk op persoonlijkheidsrechten, zoals op de bescherming van het privé leven, niet verder gaat dan wat noodzakelijk, passend en wettelijk toegestaan is. 6.4.4 Toezichthouders PW | IOAW | IOAZ De gemeente wijst een of meer medewerkers aan die de taak hebben erop toe te zien dat de wetten en de bijbehorende regels worden nageleefd.
Verordening Werk, Participatie en Inkomen Krimpenerwaard - 22
7 Van oud naar nieuw In dit hoofdstuk zijn de laatste bepalingen opgenomen. Hier wordt geregeld welke verordeningen vervangen worden door deze verordening en wanneer deze verordening ingaat. Hier is ook opgenomen dat de gemeente bepalingen uit deze verordening kan uitwerken of verder invullen. Met regelmaat wordt beoordeeld of de verordening nog goed werkt, wat de officiële naam is van deze verordening en dat de gemeente van deze verordening kan afwijken als dit echt nodig is.
7.1 Onderzoek naar de werking van de verordening
Gemeentewet 1. De gemeente onderzoekt eens in de twee jaar of de verordening voldoende bijdraagt aan de doelen die de gemeente wil bereiken. Om dat te kunnen nagaan verzamelt de gemeente systematisch informatie over alles wat van belang is om tot een goede evaluatie te komen. De gemeente houdt zich daarbij aan de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). 2. De gemeenteraad bespreekt een verslag van dit onderzoek en past de verordening aan als dat nodig is.
7.2 Uitvoeringsregels
Gemeentewet De gemeente kan uitvoeringsregels maken over de onderwerpen die in deze verordening zijn geregeld. Deze uitvoeringsregels kunnen de vorm hebben van beleidsregels of van een (nadere) regeling. Beleidsregels geven aan hoe de gemeente met een bepaalde bevoegdheid omgaat. Met een (nadere)
regeling worden bepaalde regels van de verordening verder uitgewerkt. De mogelijkheid om deze uitvoeringsregels te maken wordt begrensd door de wet.
7.3 Afwijken van de verordening (hardheidsclausule)
Gemeentewet De gemeente kan afwijken van een bepaling uit deze verordening, als toepassing van die bepaling volgens de gemeente een onredelijke uitkomst heeft voor de inwoner of voor een ander die direct bij het besluit betrokken is. Een uitkomst is in ieder geval onredelijk als de doelen van de in 1.1 genoemde wetten of de doelen van deze verordening door het toepassen van de regels juist niet worden gehaald.
7.5 Overgangsrecht
Gemeentewet Op bezwaarschriften tegen een besluit op grond van een van de bij 7.4 genoemde ingetrokken verordeningen, past de gemeente die ingetrokken verordening toe, tenzij deze verordening gunstiger is voor de inwoner.
7.6 Ingangsdatum en naam
Gemeentewet 1. Deze verordening wordt genoemd: Verordening Werk, Participatie en Inkomen Krimpenerwaard 2022. 2. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2022.
7.4 Intrekken oude verordeningen
Gemeentewet De volgende verordeningen worden ingetrokken op de datum dat deze verordening ingaat: • De Verordening Tegenprestatie 2017 gemeente Krimpenerwaard; • Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAZ en IOAZ Gemeente Krimpenerwaard; • Handhavingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ Gemeente Krimpenerwaard 2015; • Verordening Re-integratie en Loonkostensubsidie Krimpenerwaard 2018; • Verordening Individuele Inkomenstoeslag 2018 gemeente Krimpenerwaard; • Eerste wijziging Verordening Individuele Inkomenstoeslag 2018 Gemeente Krimpenerwaard; • Verordening Maatschappelijke Participatie 2018 gemeente Krimpenerwaard; • Eerste wijziging Verordening Maatschappelijke Participatie 2018 Gemeente Krimpenerwaard.
Verordening Werk, Participatie en Inkomen Krimpenerwaard - 23
8 Begrippen arbeidsinschakeling: aan het werk (kunnen) gaan. In deze verordening worden allerlei begrippen gebruikt. Deze begrippen hebben dezelfde betekenis als in de wetten waarop deze verordening is gebaseerd. Waarom deze begrippenlijst? • Soms worden bepaalde begrippen in meerdere wetten gebruikt en hebben ze in die wetten een verschillende betekenis. Hier staat wat de betekenis van deze begrippen in deze verordening is. • Voor een aantal begrippen geldt dat ze in deze verordening een ruimere betekenis hebben dan in de genoemde wetten, omdat zoveel mogelijk is aangesloten bij het normale, dagelijkse taal gebruik. • Ook staan er voor de duidelijkheid enkele wettelijke begrippen in de lijst, die in deze verordening wel dezelfde betekenis hebben, maar hier in andere woorden zijn omschreven. • Ten slotte worden in deze verordening ook begrippen gebruikt die niet zijn terug te vinden in de wetten. Ook die zijn hier omschreven.
andere (of: voorliggende) voorziening: een voorziening waarop de inwoner een beroep kan doen voor de hulp die hij nodig heeft. Het gaat om voorzieningen die buiten de regeling liggen van de aangevraagde voorziening of om voorzieningen die binnen het bereik van die regeling liggen, maar vrij toegankelijk zijn voor de inwoner. Dat kan een andere uitkering zijn, een algemeen gebruikelijke, algemene of collectieve voorziening, of voorzieningen als alimentatie en toeslagen. Aow leeftijd: leeftijd waarop de AOW-uitkering ingaat.
arbeidsverplichting: de verplichting om mee te werken aan de arbeidsinschakeling of het leveren van een tegenprestatie, als bedoeld in artikel 9 van de Participatiewet, artikel 37 van de IOAW en artikel 37 van de IOAZ. armoedeval: achteruitgang in inkomen als een uitkeringsgerechtigde een baan aanneemt op of rond het minimumloon. Dit komt door het wegvallen van regelingen van de gemeente of van toeslagen zoals huurtoeslag en zorgtoeslag. Awb: Algemene wet bestuursrecht. basisonderwijs: basisschool of speciale school voor basisonderwijs als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs. beperking: de vermindering van mogelijkheden als gevolg van een lichamelijke, verstandelijke, zintuiglijke, psychische of psychosociale handicap, die het functioneren op sociaal of maatschappelijk gebied belemmert. BBZ 2004: Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004. bijstandsnorm: de maximale hoogte van de bijstandsuitkering bedoeld in artikel 5, onderdeel c van de Participatiewet. De hoogte hangt af van de woon-en leefsituatie en de leeftijd van de inwoner.
bijstandsuitkering: de algemene bijstand voor levensonderhoud, bedoeld in artikel 5, onderdeel b van de Participatiewet. Gaat het om een jongere van 18 tot 21 jaar, dan wordt met bijstandsuitkering bedoeld: de algemene bijstand plus de aanvullende bijzondere bijstand op grond van artikel 12 van de Participatiewet. bijzondere bijstand: hulpmiddel voor de gemeente om inwoners die geen vangnet hebben maar wel extra noodzakelijke uitgaven financieel te helpen op grond van artikel 35 lid 1 Participatiewet. brede intake: de brede intake, bedoeld in artikel 14 Wet inburgering 2022. effect: het resultaat of het doel. financiële buffer: vermogen. Een goede financiële buffer is een vermogen op of boven de vermogensgrens bedoeld in artikel 34, lid 3 van de Participatiewet. fraude: het verstrekken van onjuiste en/of onvolledige gegevens, of het verzwijgen of niet (op tijd) verstrekken van gegevens. Het gaat om gegevens die nodig zijn om te bepalen of er recht op een uitkering of een voorziening is, en om de duur en hoogte van die uitkering of voorziening vast te stellen. Als gevolg hiervan wordt een uitkering of voorziening helemaal of gedeeltelijk ten onrechte verstrekt. gemeente: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Krimpenerwaard.
Verordening Werk, Participatie en Inkomen Krimpenerwaard - 24
8 gesprek: gesprek waarin de inwoner zijn hulpvraag, zijn persoonlijke situatie en het effect dat hij wil bereiken bespreekt.
inkomen: het inkomen, bedoeld in artikel 32, lid 1 van de Participatiewet, artikel 8 van de IOAW en artikel 8 van de IOAZ.
kleine kans op betaald werk: deelname aan de arbeidsmarkt is redelijkerwijs niet mogelijk binnen één jaar.
grote kans op betaald werk: deelname aan de arbeidsmarkt is redelijkerwijs mogelijk binnen één jaar.
inwoner: de persoon die zijn woonplaats heeft binnen de gemeente volgens de regels van het Burgerlijk Wetboek (titel 3, Boek 1 BW) en die daar rechtmatig verblijft. Gaat het om schuldhulpverlening, dan betreft het degene die in de basisregistratie personen van de gemeente als ingezetene is ingeschreven. Voor de toepassing van hoofdstuk 6 wordt onder inwoner ook verstaan: de persoon die hulp van de gemeente heeft gehad maar zijn woonplaats niet meer daar heeft. Onder rechtmatig verblijf wordt verstaan: verblijf dat geen wettelijke belemmering oplevert voor hulp door de gemeente.
kostendelersnorm: norm voor de hoogte van een uitkering volgens artikel 22a van de Participatiewet. Naarmate meer mensen in een huis wonen, ontvangt iedere afzonderlijke uitkeringsgerechtigde een lagere uitkering omdat meer mensen de kosten kunnen delen.
geüniformeerde verplichtingen: de verplichtingen genoemd in artikel 18, vierde lid, Participatiewet. hulp: ondersteuning bij de arbeidsinschakeling als bedoeld in artikel 7 van de Participatiewet, artikel 36 van de IOAW en artikel 36 van de IOAZ, bijstand als bedoeld in artikel 7 van de Participatiewet, een uitkering als bedoeld in artikel 5 van de IOAW en artikel 5 van de IOAZ, bijzondere bijstand als bedoeld in artikel 35 van de Participatiewet, inkomensondersteuning op grond van artikel 147 van de Gemeentewet, schuldhulpverlening als bedoeld in artikel 1 van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, de ondersteuning en maatschappelijke begeleiding bij inburgering als bedoeld in Hoofdstuk 5 van de Wet inburgering 2022. hulpvraag: de behoefte aan ondersteuning die de inwoner bij de melding heeft. inburgeringsplichtige: de inwoner die volgens artikel 3 van de Wet inburgering 2022 inburgeringsplichtig is. individuele inkomenstoeslag: een extraatje voor inwoners die al jaren moeten rondkomen van een laag inkomen en geen uitzicht hebben op verbetering van hun inkomen.
IOAW: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers. IOAZ: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen. jongere: de inwoner van 18 tot 27 jaar. kindpakket: een pakket van voorzieningen, meestal in natura, dat de gemeente voor gezinnen met een laag inkomen beschikbaar stelt. Het doel van het pakket is te voorkomen dat kinderen die opgroeien in armoede niet mee kunnen doen aan bijvoorbeeld sport, culturele activiteiten of activiteiten van school.
kwetsbare werknemer: (conform Verordening (EU) Nr. 651/2014, L187, 57e jaargang, 26 juni 2014) de inwoner die: • in de voorafgaande zes maanden geen reguliere betaalde betrekking heeft gevonden; of • geen startkwalificatie bezit; of • tussen 18 en 24 jaar, of ouder is dan 50 jaar is; of • alleenstaande ouder is; of • in de afgelopen twee jaar zijn opleiding in het voltijds onderwijs heeft voltooid en • die zijn eerste reguliere, betaalde betrekking nog niet heeft gevonden; of • die behoort tot een etnische minderheid in een lidstaat en van wie het profiel met betrekking tot talenkennis, beroepsopleiding of werkervaring moet worden bijgesteld om zijn vooruitzichten op het verkrijgen van vast werk te verbeteren. laag inkomen: inkomen tot 120% van de bijstandsnorm. levensonderhoud: de dagelijkse bestaanskosten, zoals kosten voor voeding, kleding, huur, energie, water en (zorg)verzekeringen.
Verordening Werk, Participatie en Inkomen Krimpenerwaard - 25
8 maatregel: 1. een verlaging van de uitkering als bedoeld in de artikelen 18, tweede, vijfde, zesde, zevende en achtste lid, van de Participatiewet, de artikelen 20, tweede lid, en 38, twaalfde lid, van de IOAW of de artikelen 20, tweede lid, en 38, twaalfde lid, van de IOAZ; respectievelijk 2. een blijvende of tijdelijke weigering van de uitkering als bedoeld in artikel 20, eerste lid, van de IOAW of artikel 20, eerste lid, van de IOAZ. medewerker: de persoon die namens het college van burgemeester en wethouders optreedt. meeneembare voorzieningen: hulpmiddelen die personen behorend tot de doelgroep en met een arbeidsbeperking in staat stellen om aan het werk te gaan of aan het werk te behouden. niet-geüniformeerde verplichtingen: alle verplichtingen die aan de belanghebbende worden opgelegd met uitzondering van de geüniformeerde verplichtingen uit artikel 18, vierde lid, Participatiewet. participatievoorziening: opleiding, educatie, inburgeringsvoorziening, taalkennisvoorziening, dagbesteding, vrijwilligerswerk of re-integratievoorziening. persoonlijk plan: een plan van aanpak dat de inwoner opstelt, waarin de knelpunten staan die de inwoner ervaart en de gewenste hulp wordt geïnventariseerd.
persoonlijke situatie: alle omstandigheden, mogelijkheden en persoonskenmerken van de inwoner die van belang zijn, inclusief de behoefte van de inwoner en de godsdienstige en levensbeschouwelijke overtuiging.
PIP: het Persoonlijk plan Inburgering en Participatie, bedoeld in artikel 15 van de Wet inburgering 2022. PW: Participatiewet. samenwonen: een gezamenlijke huishouding voeren als bedoeld in artikel 3 van de Participatiewet. school: basisschool, speciale school voor basisonderwijs, of school waar speciaal of voortgezet onderwijs wordt gegeven. sociaal netwerk: huisgenoten of andere personen met wie de inwoner een sociale relatie onderhoudt (inclusief mantelzorgers). statushouder: inwoner die een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde of onbepaalde tijd hebben ontvangen van de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND). tegenprestatie: het in opdracht van de gemeente verrichten van onbeloonde maatschappelijk zinvolle activiteiten die niet gericht zijn op deelname op de arbeidsmarkt als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onder c, van de Pw, artikel 37, eerste lid, onder f, van de IOAW en artikel 37, eerste lid, onder f, van de IOAZ. uiterst kwetsbare werknemer: (conform Verordening (EU) Nr. 651/2014, L187, 57e jaargang, 26 juni 2014) de inwoner die onmiddellijk voorafgaand aan de indiensttreding ten minste 24 maanden werkloos is geweest of gedurende ten minste twaalf maanden geen reguliere betaalde betrekking heeft gehad en behoort tot (tenminste)
één van de volgende categorieën, de inwoner die: • geen startkwalificatie bezit; • tussen 18 en 24 jaar, of ouder is dan 50 jaar is; • alleenstaande ouder is; • in de afgelopen twee jaar zijn opleiding in het voltijds onderwijs heeft voltooid en • die zijn eerste reguliere, betaalde betrekking nog niet heeft gevonden. uitkering: de bijstandsuitkering, de IOAWof de IOAZuitkering. uitkeringsnorm: de voor de inwoner in zijn situatie maximale hoogte van een uitkering; dit is de bijstandsnorm uit de Participatiewet of de grondslag bedoeld in de IOAW of IOAZ. Gaat het om een jongere van 18 tot 21 jaar, dan wordt met uitkeringsnorm bedoeld: de bijstandsnorm plus de aanvullende bijzondere bijstand op grond van artikel 12 van de Participatiewet. vavo-onderwijs: voortgezet algemeen volwassen onderwijs verdringing: Voorzieningen als genoemd in deze verordening worden uitsluitend verstrekt indien geen verdringing van de arbeidsmarkt plaatsvindt. Dit betekent: • het opvullen van een vacature is niet mogelijk indien deze is ontstaan door afvloeiing; • het opvullen van een vacature is alleen indien de vacature is ontstaan door ontslag op grond van een van de volgende redenen: a. eigen initiatief van de werknemer; b. handicap; c. ouderdomspensioen; d. vermindering van werktijd op initiatief van de werknemer, of e. gewettigd ontslag om dringende redenen.
Verordening Werk, Participatie en Inkomen Krimpenerwaard - 26
8 vermogen: totaal aan bezit in geld en goederen; het vermogen als bedoeld in artikel 34 van de Participatiewet. voortgezet onderwijs: onderwijs als bedoeld in de Wet op het Voortgezet Onderwijs. voorziening: hulp in de vorm van een dienst, activiteit, product, geldbedrag of een combinatie daarvan. wet: de Participatiewet, de IOAW, de IOAZ, de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, de Algemene wet bestuursrecht, de Gemeentewet en Wi2021. Wi2021: Wet inburgering 2021. wgs: Wet gemeentelijke schuldhulpverlening. woning: hoofdverblijf.
Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Krimpenerwaard, gehouden op 28 september 2021. de griffier,
de voorzitter,
dr. M-L van Muijen
mr. R.S. Cazemier
Verordening Werk, Participatie en Inkomen Krimpenerwaard - 27