CConstaterende datKrimpenerwaard
Koppel je AI →
Document · PDF

TV24-006 antw PvdA-GL, Hoogte en indexering individuele inkomenstoeslag

Raadsvergadering 6 februari 2024, gemeente KrimpenerwaardBij agendapunt: (B) Tweede wijziging Verordening Werk, Participatie en Inkomen 20221.001 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVRAAG

Raad 6 feb – agendapunt: Tweede wijziging Verordening Werk, Participatie en Inkomen 2022

Nr: TV24-006 Datum: 2 februari 2024 Technische vraag Indiener: PvdA-GroenLinks Onderwerp: Hoogte en indexering individuele inkomenstoeslag

Toelichting bij en doel van de vragen: Wij willen de financiële consequenties voor inwoners begrijpen in de afweging of de indexering losgelaten zou moeten worden. Aangezien het lastig wordt om in de toekomst te kijken, willen we begrijpen wat het de afgelopen jaren financieel zou hebben betekend in de scenario’s: (1) de indexering wordt losgelaten (conform huidig raadsvoorstel), (2) als er alleen geïndexeerd wordt op een basisgetal (dus zonder indexering op indexering) en (3) als de indexering gehandhaafd blijft. Vragen: Lid 2 van artikel 5.2.2.2. stelt: Deze bedragen worden jaarlijks per 1 januari aangepast aan de ontwikkelingen van de consumentenprijsindex volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek. De bedragen worden naar boven afgerond op hele euro’s. 1. Kan er nader worden uitgelegd hoe deze indexeringssystematiek werkt? In de rechterkolom van de wijzingstabel worden de bedragen van 2021 met 2023 vergeleken bij 5.2.2.2. Wij willen de vergelijking maken tussen de drie scenario’s zoals benoemd in de inleiding, kijkend naar de afgelopen vier jaar. Voor scenario 1 geldt: de bedragen in 2020 blijven in de jaren 2021, 2022, 2023 gehandhaafd (conform het idee zoals in het huidige raadsvoorstel). Voor scenario 2 geldt: de bedragen in 2020 zijn leidend. De indexering wordt alleen toegepast op die ‘basisgetallen’.

Dus geen indexering op indexering zoals wethouder Pannekoek benoemde. Voor scenario 3 geldt: Zoals het daadwerkelijk afgelopen jaren gegaan is, dus normale indexeren zoals lid 2 van artikel 5.2.2.2. stelt. De bijbehorende vraag staat op de volgende pagina.

2. Kunt u de ontbrekende getallen invullen in het volgende overzicht? Scenario 1: geen indexering

Scenario 2: basisgetal uit 2020 indexeren

Scenario 3: indexeren

Bedragen 2020: Alleenstaanden: Eenoudergezin: Gehuwden/samenwonenden:

Bedragen 2020: Alleenstaanden: Eenoudergezin: Gehuwden/samenwonenden:

Bedragen 2020: Alleenstaanden: Eenoudergezin: Gehuwden/samenwonenden:

Bedragen 2021: Alleenstaanden: Eenoudergezin: Gehuwden/samenwonenden:

Bedragen 2021: Alleenstaanden: Eenoudergezin: Gehuwden/samenwonenden:

Bedragen 2021: Alleenstaanden: 437 Eenoudergezin: 546 Gehuwden/samenwonenden: 656

Bedragen 2022: Alleenstaanden: Eenoudergezin: Gehuwden/samenwonenden:

Bedragen 2022: Alleenstaanden: Eenoudergezin: Gehuwden/samenwonenden:

Bedragen 2022: Alleenstaanden: Eenoudergezin: Gehuwden/samenwonenden:

Bedragen 2023: Alleenstaanden: Eenoudergezin: Gehuwden/samenwonenden:

Bedragen 2023: Alleenstaanden: Eenoudergezin: Gehuwden/samenwonenden:

Bedragen 2023: Alleenstaanden: 492 Eenoudergezin: 614 Gehuwden/samenwonenden: 738

Op basis van het vergelijken van de ‘bedragen 2023’ in de drie scenario’s. 3. Om het uit te lichten: hoeveel euro meer/minder dan in scenario 3, zouden inwoners recht op hebben gehad in 2023 a.d.h.v. scenario 1 en 2? 4. Kunt u tot slot ook een cumulatieve rekensom maken per scenario waarmee de financiële consequenties voor inwoners helder worden? Dus wat zouden inwoners meer/minder hebben gekregen als ze in alle vier de jaren de individuele inkomenstoeslag hadden gekregen en scenario 1 of 2 gold i.p.v. scenario 3? Antwoord college: Het college wil benadrukken dat zij de bestaanszekerheid van inwoners erg belangrijk vindt. Inwoners moeten hun noodzakelijke bestaanskosten kunnen betalen en mee doen aan de samenleving. De gemeente biedt een breed pakket aan minimaregelingen aan, waarbij alle doelgroepen worden ondersteund. Het college heeft beoogd het minimabeleid te vereenvoudigen door regelingen samen te voegen en de bedragen van de regelingen (Meedoenregeling en Individuele Inkomenstoeslag) af te ronden op ronde bedragen. Het college beoogt niet de hoogte van de Individuele Inkomenstoeslag vast te zetten op de bedragen uit 2020 (zoals uit onderstaande technische vragen blijkt), maar deze vanaf 1 maart 2024 af te ronden voor de duur van 4 jaar. Het college evalueert het minimabeleid iedere 4 jaar. De hoogte van de bedragen worden daar ook in meegenomen.

Alleenstaande: € 500,Alleenstaande ouder: € 625,Gehuwden/samenwonenden: € 750,Uit het onderzoeksrapport van KWIZ B.V. blijkt dat de gemeente Krimpenerwaard een ruimhartig minimabeleid voert. De bedragen van de regelingen, waaronder de Individuele Inkomenstoeslag, zijn hoger dan gemiddeld in andere gemeenten. Ook de inkomensgrens van de Individuele Inkomenstoeslag op 120% van het wettelijk sociaal minimum wordt niet in iedere gemeente gehanteerd. Onderzoeksbureau KWIZ B.V. geeft daarbij aan: ‘Omdat de individuele inkomenstoeslag op 120 procent Wsm is en daarnaast een relatief hoge bijdrage kent, ondersteunt de gemeente Krimpenerwaard de langdurige minima. Zij worden met deze bijdrage ondersteund in het participeren in de samenleving. Blijf dit ook doen.’

Mocht er aanleiding voor zijn kan het college ook eerder dan de hierboven genoemde 4 jaar een tariefswijziging aan de raad voorstellen. 1. Halverwege december van ieder jaar wordt het indexeringspercentage aan de hand van de consumentenprijsindex van het Centraal Bureau voor de Statistiek bekend gemaakt voor het volgende jaar. In de periode van 2020 t/m 2024 was het indexeringspercentage:

2. Scenario 1: geen indexering

Scenario 2: basisgetal uit 2020 indexeren

Scenario 3: indexeren

Bedragen 2020: Alleenstaanden: € 430,Eenoudergezin: € 538,Gehuwden/samenwonenden: € 646,-

Bedragen 2020: Alleenstaanden: € 430,Eenoudergezin: € 538,Gehuwden/samenwonenden: € 646,-

Bedragen 2020: Alleenstaanden: € 430,Eenoudergezin: € 538,Gehuwden/samenwonenden: € 646,-

Bedragen 2021: Alleenstaanden: € 430,Eenoudergezin: € 538,Gehuwden/samenwonenden: € 646,-

Bedragen 2021: Alleenstaanden: € 437,Eenoudergezin: € 546,Gehuwden/samenwonenden: € 656,-

Bedragen 2021: Alleenstaanden: € 437,Eenoudergezin: € 546,Gehuwden/samenwonenden: € 656,-

Bedragen 2022: Alleenstaanden: € 430,Eenoudergezin: € 538,Gehuwden/samenwonenden: € 646,-

Bedragen 2022: Alleenstaanden: € 440,Eenoudergezin: € 551,Gehuwden/samenwonenden: € 661,-

Bedragen 2022: Alleenstaanden: € 448,Eenoudergezin: € 559,Gehuwden/samenwonenden: € 672,-

Bedragen 2023: Alleenstaanden: € 430,Eenoudergezin: € 538,Gehuwden/samenwonenden: € 646,-

Bedragen 2023: Alleenstaanden: € 472,Eenoudergezin: € 591,Gehuwden/samenwonenden: € 709,-

Bedragen 2023: Alleenstaanden: € 492,Eenoudergezin: € 614,Gehuwden/samenwonenden: € 738,-

Toelichting 2: Bij dit scenario zouden de bedragen in 2024 lager zijn dan in 2023. 3. Bedragen 2023: Alleenstaanden: € 430,Eenoudergezin: € 538,Gehuwden/samenwonenden: € 646,-

Bedragen 2023: Alleenstaanden: € 472,Eenoudergezin: € 591,Gehuwden/samenwonenden: € 709,-

Bedragen 2023: Alleenstaanden: € 492,Eenoudergezin: € 614,Gehuwden/samenwonenden: € 738,-

4. 2020 t/m 2023: Alleenstaanden: € 1.720,Eenoudergezin: € 2.152,Gehuwden/samenwonenden: € 2.584,-

2020 t/m 2023: Alleenstaanden: € 1.779,Eenoudergezin: € 2.226,Gehuwden/samenwonenden: € 2.672,-

2020 t/m 2023: Alleenstaanden: € 1.807,Eenoudergezin: € 2.257,Gehuwden/samenwonenden: € 2.712,-

Ondertekening college: Burgemeester en wethouders van Krimpenerwaard, de secretaris, de burgemeester,

J. Hennip

ir. J. Beenakker

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Krimpenerwaard&id=7db4a2d3-1537-4f25-adc0-d7fa6295e58e