CConstaterende datKrimpenerwaard
Koppel je AI →
Document · PDF

SV25-106 antw PK, Geitenhouderijen en leefomgevingskwaliteit

Raadsvergadering 12 maart 2026, gemeente KrimpenerwaardBij agendapunt: Informatie van het college1.531 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVRAAG Nr: SV25-106 Datum: 9 december 2025 Vraag art. 38 Indiener: Ad Struijs, Pro Krimpenerwaard Onderwerp: Geitenhouderijen en leefomgevingskwaliteit

Toelichting bij en doel van de vragen:

In de afgelopen jaren is er intensief bestuurlijk overleg geweest over de dieraantallen bij geitenhouderij Mooimekkerland. Na een lange procedure tussen gemeente en provincie is het aantal geiten teruggebracht van ruim 2.600 naar 800, mede dankzij inspanningen van onder andere Pro Krimpenerwaard. Volksgezondheid speelde daarbij toen al een belangrijke rol. Het college had destijds echter een ander standpunt en heeft zelfs geprocedeerd tegen de provincie om de hogere dieraantallen te behouden. Opnieuw is de discussie actueel, nu deze week het nieuwe rapport van de Gezondheidsraad verschijnt1 waarin opnieuw gezondheidsproblemen rondom geitenhouderijen worden benadrukt. De Gezondheidsraad herhaalt dat omwonenden binnen een straal van 1 km een significant verhoogde kans hebben op luchtwegklachten (circa 19% meer kans op longziekten). Mooimekkerland ligt binnen deze straal van de kern Stolwijk. Tegelijkertijd tonen recente CBS-gegevens, gebaseerd op oormerkregistraties (RVO), dat er in de Krimpenerwaard maar liefst 3.541 geiten worden gehouden bij slechts twee bedrijven. Dat staat in schril contrast met de aantallen die één van de betrokken bedrijven zelf communiceert (circa 350 geiten). Het verschil van ruim 3.200 dieren roept vragen op over de betrouwbaarheid van registratie, de naleving van vergunningen en de uitvoering van toezicht.

Daarnaast bereiken ons signalen dat de geitenbedrijven hun dieren niet meer weiden, terwijl in vergunningen en milieueffectberekeningen vaak van beweiding wordt uitgegaan. Dit heeft invloed op emissies, geurbelasting, mestproductie en verkeersbewegingen (o.a. maaien en transport). Ook horen wij signalen dat percelen die niet direct bereikbaar zijn voor vee toch worden meegerekend in de berekening van grondgebondenheid, waardoor in sommige situaties feitelijk meer dan 7 koeien per hectare worden gehouden. Deze bevindingen, in samenhang met de aangescherpte wetenschappelijke inzichten van de Gezondheidsraad, roepen serieuze vragen op over vergunningen, toezicht, gezondheid, juridische houdbaarheid en toekomstig beleid. Onze fractie legt daarom de volgende vragen aan u voor. Vragen:

Dierenaantallen en registraties 1. Bent u bekend met de CBS-gegevens waarin voor twee geitenbedrijven in de Krimpenerwaard gezamenlijk 3.541 geiten zijn geregistreerd? 1 Zie: Gezondheidsraad (2025). Gezondheidsrisico’s rond veehouderijen 2025: deel II.

https://www.gezondheidsraad.nl/adviesonderwerpen/omgeving/gezondheidsrisicos-rondveehouderijen-2025-deel-ii

2. Welk overheidsorgaan levert de onderliggende registratie aan het CBS (RVO, NVWA of andere bronnen)? En hoe wordt gecontroleerd of deze gegevens overeenkomen met de werkelijke dieraantallen? 3. Klopt het dat één van de geitenbedrijven aan de Benedenkerkseweg zelf publiekelijk aangeeft circa 350 geiten te houden? Zo ja, kunt u verklaren hoe dit zich verhoudt tot de officiële CBS-registratie? 4. Wat zijn de maximaal vergunde dieraantallen per betrokken bedrijf volgens de actuele omgevingsvergunningen? 5. Wanneer is voor het laatst een fysieke controle uitgevoerd op deze bedrijven, inclusief: – controle op oormerken (RVO-registratie), – controle op naleving van vergunde dieraantallen? 6. Zijn er signalen dat het maximaal toegestane aantal dieren wordt overschreden? Zo ja, welke stappen worden of zijn dan in gang gezet? Antwoord college: 1. Ja. De peildatum van de gegevens is het jaar 2020. U kunt dit nalezen op Landbouw; gewassen, dieren en grondgebruik naar gemeente | CBS. In juli 2022 is het aantal geiten bij de geitenhouderij MooiMekkerland teruggebracht naar 812 geiten. 2. Dit komt voort uit de gecombineerde opgave, RVO. Het is geen gemeentelijke taak om het CBS te controleren.

3. Ja, dat klopt. Bij dit bedrijf is voor het laatst een controle uitgevoerd in juni 2023 en toen stonden er in totaal 350 geiten. Op het bedrijf mogen meer geiten gehouden worden (zie antwoord vraag 4). De officiële CBS-registratie is geen onderdeel van onze werkzaamheden. 4. We gaan ervanuit dat onderstaande bedrijven worden bedoeld: Benedenkerkseweg (OBM 2013, kenmerk 2013134335) - overig rundvee 2 stuks - geiten ouder dan 1 jaar 450 stuks - opfokgeiten van 61 dagen t/m 1 jaar 70 stuks - Opfokgeiten en afmestlammeren t/m 60 dagen 30 stuks Koolwijkseweg (vergunning 2024, kenmerk CLO19311005136) zoogkoeien 55 stuks schapen 807 stuks geiten ouder dan 1 jaar 812 stuks volwassen paarden 25 stuks paarden in opfok, jonger dan 3 jaar 70 stuks 5. Benedenkerkseweg: 6 juni 2023 Koolwijkseweg: 17 september 2024 Hierbij merken wij op dat controle van de oormerken geen bevoegdheid is van de gemeente.

6. Nee, er zijn geen signalen.

Handhaving en feitelijke bedrijfsvoering 7. Is het college op de hoogte van signalen dat beide geitenbedrijven hun dieren volledig binnen houden, terwijl beweiding is meegenomen in vergunningen en/of milieueffectberekeningen? 8. In hoeverre vormt beweiding een verplicht onderdeel van de huidige vergunningen? 9. Zijn de berekende stikstof-, ammoniak- en geurwaarden in vergunningen gebaseerd op een bedrijfsvoering mét beweiding? En wat betekent het voor de rechtmatigheid van de vergunningen wanneer hiervan wordt afgeweken?

10. Zijn de vergunde emissiewaarden nog actueel, gezien de signalen dat gras niet door dieren maar machinaal wordt geoogst, wat leidt tot extra verkeer en ander emissieprofiel? 11. Op welke wijze wordt op dit moment gehandhaafd op afwijkingen tussen vergunde en feitelijke bedrijfsvoering? Antwoord college: 7. Bij beide bedrijven is een overig stalsysteem vergund, hierbij is weidegang niet meegenomen. 8. Weidegang is voor het onderdeel milieu niet verplicht. 9. Nee, er wordt geen onderscheid gemaakt in het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) tussen beweiden en niet beweiden. 10. Niet van toepassing. 11. Er zijn geen afwijkingen bekend.

Grondgebruik en “direct bereikbare hectares” 12. Klopt het dat sommige ondernemers hectares die niet toegankelijk zijn voor vee toch laten meetellen voor het berekenen van het toegestane aantal dieren per hectare? 13. Welke definitie van “direct bereikbare hectare” hanteert het college bij vergunningverlening en handhaving? 14. Is het college bereid te onderzoeken of de huidige praktijk leidt tot overschrijding van de norm (bijv. >7 geiten per hectare), en welke maatregelen worden genomen als dit het geval blijkt? Antwoord college: 12. Hectares per dier maken geen deel uit van milieuvergunningen en meldingen. 13. Niet van toepassing. 14. Nee.

Volksgezondheid (naar aanleiding van het nieuwe Gezondheidsraad-rapport) 15. Hoe beoordeelt het college de nieuwe constateringen van de Gezondheidsraad over verhoogde gezondheidsrisico’s binnen 1 km van geitenhouderijen? 16. Is het college bereid in kaart te brengen hoeveel inwoners binnen deze risicocirkel vallen, met name rondom Stolwijk, Ammerstol en andere woonkernen? 17. Houdt het college in vergunningverlening en toezicht specifiek rekening met kwetsbare groepen (zoals kinderen, ouderen en mensen met longproblemen)? Indien dit nog niet gebeurt: ziet u aanleiding dit alsnog te doen? 18. Ziet het college aanleiding om het voorzorgsbeginsel toe te passen, gezien de herbevestigde gezondheidsrisico’s? 19. Is het college bereid bestaande vergunningen te toetsen aan de nieuwste inzichten van de Gezondheidsraad? En kunnen deze inzichten leiden tot aanpassing of aanscherping van vergunningen? 20. Is het college bereid om, tot meer duidelijkheid bestaat, een tijdelijke stop op uitbreidingen of veranderingen van geitenstallen binnen 1 km van woonkernen te overwegen? Antwoord college: 15. Er geldt in de provincie Zuid-Holland vanaf 19 januari 2018 al een zogenaamde geitenstop. Nieuwvestiging of uitbreiding van bestaande geitenhouderijen is niet toegestaan. Bij iedere

wijziging van het omgevingsplan moeten wij ons houden aan deze instructieregel van de provincie. 16. Nee. 17. Tot nu toe werd daar in vergunningverlening geen rekening mee gehouden. Bij toekomstige aanvragen voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen moet dit in het kader van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties meegenomen worden. 18. De situaties van geitenhouderijen zijn al bevroren.

19. Nee. De gezondheidsraad zegt zelf dat er meer onderzoek en monitoring van maatregelen nodig is om te kunnen onderzoeken welke maatregelen effectief zijn. Vergunningen kunnen alleen worden geactualiseerd als de maatregelen effectief een geschikte techniek zijn (BBT).

20. Zie antwoord vraag 15. Monitoring, gezondheidsdata en GGD 21. Adviseert de GGD of Gezondheidsraad structurele monitoring van gezondheidseffecten bij omwonenden van geitenhouderijen? En is het college bereid dit lokaal op te zetten? 22. Zijn er meldingen of gegevens bekend bij huisartsengroepen, GGD of gemeente over gezondheidsklachten die mogelijk samenhangen met geitenhouderijen in onze gemeente? 23. Worden deze gegevens betrokken bij de beoordeling van vergunningen en toezicht? Zo nee: waarom niet? Antwoord college: 21. Het monitoren van gezondheidseffecten is geen bevoegdheid van de gemeente. Dit is tot nu gedaan door het RIVM. 22. Nee, de gemeente is daarnaast geen instantie waarmee dergelijke persoonlijke informatie gedeeld mag worden door huisartsen. 23. Nee, bij vergunningverlening (milieu) is gezondheid tot nu toe nog geen hard criterium, enkel de milieuaspecten worden beoordeeld.

Samenwerking met provincie en rijksoverheid 24. Heeft het college naar aanleiding van het nieuwe Gezondheidsraad-rapport contact met de provincie, gezien de eerdere geschiedenis waarin de provincie moest ingrijpen in dieraantallen? 25. Ziet het college aanleiding richting het Rijk te pleiten voor landelijk beleid of afstandsnormen, nu gezondheidsrisico’s opnieuw zijn bevestigd? Antwoord college: 24. Nee. 25. Nee.

Integrale controle en toekomstig beleid 26. Is het college bereid een integrale controle uit te voeren op beide geitenhouderijen, gericht op: • dieraantallen • oormerkregistraties • naleving vergunningsvoorschriften • emissies • verkeersbewegingen • beweiding

• direct bereikbare hectares • gezondheidsrisico’s voor omwonenden 27. Informeert het college de raad over de uitkomst van deze controles en eventuele vervolgstappen? 28. Ziet het college aanleiding om beleid rond beweiding, dierregistratie, emissies en gezondheidsbescherming te actualiseren of aan te scherpen? Antwoord college: 26. Nee. 27. Niet van toepassing. 28. Nee. Ondertekening college: Burgemeester en wethouders van Krimpenerwaard, de secretaris, de burgemeester,

J. Hennip

ir. J. Beenakker

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Krimpenerwaard&id=e95b2291-cd2c-4a55-94fe-dbbf30894585