RV Herijking minimabeleid 2024
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL
Nr.: 937045/1144477
Raadsvergadering: 28 november 2023 Onderwerp: Scenario’s herijking minimabeleid 2024 Datum: 5 september 2023
Korte samenvatting De raad wordt voorgesteld om voor de herijking van het minimabeleid te kiezen voor scenario 1 en de doelgroep van de regeling ‘Gratis openbaar vervoer’ te verruimen naar alle inwoners met een inkomen tot 120% van het wettelijk sociaal minimum. Vanuit scenario 1 worden twee bestaande regelingen samengevoegd en de inkomensgrens van het kindpakket wordt opgehoogd naar 130% van het wettelijk sociaal minimum. Voorgesteld besluit De raad wordt voorgesteld om: 1. kennis te nemen van de Notitie scenario’s herijking minimabeleid 2024 en te kiezen voor scenario 1 en de doelgroep van de regeling ‘Gratis openbaar vervoer’ te verruimen naar alle inwoners met een inkomen tot 120% van het wettelijk sociaal minimum. Vanuit scenario 1 worden twee bestaande regelingen samengevoegd en de inkomensgrens van het kindpakket wordt verhoogd naar 130% van het wettelijk sociaal minimum. Inleiding Vanuit de raad is de wenselijkheid uitgesproken om de discussie over het instrument minimaregelingen opnieuw te voeren. Zo diende de fractie PvdA-Groen Links op 7 juni 2022 een motie in naar aanleiding van de bespreking van het coalitieakkoord. In de motie, die unaniem werd aangenomen, werd aangegeven dat bestaanszekerheid voor sommige inwoners niet (meer) vanzelfsprekend is. Ook werd in de motie aangegeven dat met name (ook) de werkende armen (meer) aandacht verdienen.
De raad wil via het BOB-model betrokken worden bij de ontwikkeling van nieuwe scenario’s voor het minimabeleid. Het college heeft het onderzoeksbureau KWIZ B.V. opdracht gegeven om onderzoek te doen naar de effecten van het huidige minimabeleid, en een Armoedemonitor en Inkomens effectrapportage op te stellen. Het onderzoeksrapport (bijlage 1) is in de raadscommissie van 6 juni 2023 toegelicht door KWIZ B.V. Ook is het rapport op 15 juni 2023 besproken bij de Adviesraad Sociaal Domein en de Cliëntenraad. Aan de hand van de bespreking in de raadscommissie en de reacties van de Cliëntenraad en de Adviesraad Sociaal Domein hebben wij een aantal scenario’s voor de doorontwikkeling van het minimabeleid opgesteld. De notitie is in bijlage 2 bijgevoegd. Beoogd resultaat Met ingang van 1 januari 2024 wordt het minimabeleid herijkt door twee bestaande regelingen samen te voegen, de inkomensgrens van het kindpakket te verhogen naar 130% van het wettelijk sociaal minimum en de doelgroep van de regeling ‘Gratis openbaar vervoer’ te verruimen naar alle inwoners met een inkomen tot 120% van het wettelijk sociaal minimum.
gemeente Krimpenerwaard Postbus 51 2820 AB Stolwijk www.krimpenerwaard.nl
Argumenten 1.1 Met de notitie wordt invulling gegeven aan motie M22-024. In deze motie geeft de raad aan via het BOB-model betrokken te willen worden bij de ontwikkeling van nieuwe scenario’s voor het minimabeleid. In de notitie hebben wij een drietal scenario’s uitgewerkt voor het herijken van het minimabeleid per 1 januari 2024. 1.2 Het ophogen van de inkomensgrens van het kindpakket sluit aan bij het coalitieakkoord en de visie van het sociaal domein. In het coalitieakkoord en in de visie van het sociaal domein is opgenomen dat het hebben van bestaanszekerheid voor sommige inwoners niet vanzelfsprekend is. Deze inwoners ondersteunen we zodat zij hun bestaanszekerheid kunnen opbouwen. Kinderen die opgroeien in huishoudens met een laag inkomen verdienen specifiek aandacht. Scenario 1 sluit hier goed bij aan. Het college acht het zeer wenselijk om de inkomensgrens van het kindpakket (Stichting Leergeld, het Jeugdfonds Sport en Stichting Babyspullen) op te hogen naar 130% van het wettelijk sociaal minimum. Door deze maatregel wordt met name de groep werkende armen bereikt. Deze maatregel zal bijdragen aan het bestrijden van armoede en sociale uitsluiting bij gezinnen met een laag inkomen en voorkomt dat er problemen ontstaan op andere gebieden, zoals mentale- en fysieke gezondheid, onderwijs, wonen, werken, opvoeding en veiligheid.
Juist deze regelingen helpen kinderen die opgroeien in huishoudens met een laag inkomen om mee te doen met school-, sport- en culturele activiteiten. 1.3 Het ophogen van de inkomensgrens van het kindpakket sluit aan bij de gehanteerde inkomensgrenzen van omliggende gemeenten. Gemeenten hebben beleidsvrijheid omtrent de keuze van de hoogte van de inkomensgrens. Omliggende gemeenten zoals Gouda, Rotterdam en Waddinxveen hanteren ook een inkomensgrens van 130% van het wettelijk sociaal minimum voor hun kindregelingen. 1.4 Het samenvoegen van regelingen draagt bij aan de toegankelijkheid en de bekendheid onder de doelgroep. En sluit aan bij de conclusies en aanbevelingen uit het onderzoeksrapport van KWIZ B.V. De regelingen ‘Participatie en Werk’ en ‘Maatschappelijke deelname voor ouderen’ wordt samengevoegd naar één regeling met een duidelijke term: ‘Meedoenregeling’. Deze regelingen hebben hetzelfde doel: kunnen meedoen aan leuke en/of leerzame activiteiten. Denk hierbij aan het doen van uitstapjes, een bijdrage voor een laptop/tablet of het volgen van een workshop/cursus, het aanschaffen van een Rotterdampas of een bibliotheek-, internet-, kranten- of tijdschriftabonnement. De doelgroep wordt uitgebreid naar inwoners van 18 jaar en ouder (excl. inwoners die studiefinanciering/tegemoetkoming schoolkosten ontvangen).
Bij de huidige regelingen werd een lager bedrag toegekend aan AOW-gerechtigden. Deze bijdrage wordt gelijkgetrokken naar € 300 per persoon per jaar. De inkomensgrens blijft ongewijzigd op 120% van het wettelijk sociaal minimum. Het samenvoegen van deze regelingen zorgt voor duidelijkheid en betere bekendheid bij inwoners en maatschappelijke organisaties. 1.5 Het verruimen van de doelgroep van de regeling ‘Gratis openbaar vervoer’ wordt bepleit door de Adviesraad Sociaal Domein en de Cliëntenraad Sociale Zaken. Deze aanbeveling komt vanuit de minima zelf. Het zorgt ervoor dat voorzieningen, uitstapjes en werkgelegenheid bereikbaar worden voor alle inwoners in de Krimpenerwaard. Dit komt ook overeen met buurtgemeente Krimpen aan de IJssel. In Krimpen aan de IJssel wordt de doelgroep eveneens per 1 januari 2024 verruimd naar alle minima (inclusief kinderen) in plaats van alleen ouderen. Voor gezinnen met weinig besteedbaar geld kan deze regeling echt het verschil betekenen. 1.6 De raad heeft het budgetrecht. Om in 2024 het herijkte minimabeleid structureel uit te kunnen voeren is voor het voorkeursscenario een bedrag van € 171.000,- in de begroting 2024 gereserveerd. Dit om in ieder geval de budgettaire ruimte te creëren. Uw
pag. 2/5
raad heeft het recht om het voorstel te amenderen. De mogelijke gevolgen van amenderen kunnen bij vaststelling aanvullend worden verwerkt met een begrotingswijzing inclusief de (aanvullende) dekking. Kanttekeningen 1.1 Het ophogen van de inkomensgrens van het kindpakket is niet strikt noodzakelijk. In het onderzoeksrapport van KWIZ B.V. is een doorberekening gemaakt op basis van de energieprijspeil per 1 november 2022 en 26 juni 2023. Op basis van het de energieprijspeil per 26 juni 2023 is er bij de huidige inkomensgrenzen geen sprake van een armoedeval. Dit was wel het geval in november 2022 toen het onderzoek werd uitgevoerd. Echter laten de berekeningen (per peildatum 1 november 2022 en 26 juni 2023) ook zien dat de financiële situatie van minima huishoudens in een kort tijdsbestek door externe factoren snel kan veranderen, zonder dat zij daar invloed op hebben. Minimahuishoudens, met name huishoudens met kinderen, zijn een kwetsbare doelgroep. Steeds meer huishoudens hebben moeite om rond te komen. Vooral bij de kindregelingen (Stichting Leergeld en het Jeugdfonds Sport & Cultuur) zien we het afgelopen jaar een forse stijging in het aantal aanvragen. 1.2 Het bereik is hoger dan verwacht Dit heeft budgettaire consequenties. In de notitie wordt uitgegaan van een bereik van gemiddeld 35% en bij de regeling ‘Gratis openbaar vervoer’ van 50%.
Dat is meer dan het huidige bereik en ligt iets boven het landelijke gemiddelde. Alternatieven In de Notitie scenario’s herijking minimabeleid 2024 worden 3 scenario’s beschreven met elk hun implicaties (bijlage 2). Financiën Voor het minimabeleid was in 2023 een bedrag van € 550.000,- in de begroting opgenomen. Via de tweede tussenrapportage 2023, als onderdeel van bijstelling bijzonder bijstand, is daar structureel een bedrag van € 35.000,- bijgekomen voor het corrigeren van de prijsindexatie en de toename in het bereik. Hierdoor is er in 2023 € 585.000,- beschikbaar voor het minimabeleid. De geraamde kosten voor het herijken van het minimabeleid conform scenario 1 + regeling ‘Gratis openbaar vervoer’ voor alle inwoners met een inkomen tot 120% van het wettelijk sociaal minimum bedraagt € 171.000,-. Om in 2024 met het herijkte minimabeleid te kunnen starten is het nodig om het budget met € 171.000,structureel te verhogen in de meerjarenbegroting 2024. Juridische zaken De Verordening Werk, Participatie en Inkomen Krimpenerwaard en de Beleidsregels Werk, Participatie en Inkomen Krimpenerwaard worden overeenkomstig de uitgangspunten van scenario 1 + regeling ‘Gratis openbaar vervoer’ voor alle inwoners met een inkomen tot 120% van het wettelijk sociaal minimum gewijzigd.
Na vaststelling van de verordening in de raad, kan bekendmaking volgen en kan de Verordening, indien nodig met terugwerkende kracht, per 1 januari 2024 inwerking treden. De maatregelen genoemd in dit gekozen scenario hebben eveneens gevolg voor de door het college vast te stellen beleidsregels. Na vaststelling van de verordening door uw raad, zal het college de beleidsregels vaststellen en bekendmaken, zodat ook deze (indien nodig met terugwerkende kracht) vanaf 1 januari 2024 in werking kunnen treden.
pag. 3/5
Participatie en extern overleg Zowel de uitkomsten van het minimaonderzoek als de Notitie scenario’s herijking minimabeleid 2024 zijn voorgelegd aan de Clientenraad en de Adviesraad Sociaal Domein. De Cliëntenraad en de Adviesraad Sociaal Domein brengen advies uit voor 3 oktober 2023. Deze inbreng zal daarna verwerkt worden in het voorstel. Vervolgtraject en uitvoering Nadat uw raad het beleidsscenario heeft vastgesteld, wordt voorgesteld de Verordening Werk, Participatie en Inkomen Krimpenerwaard overeenkomstig dit scenario te wijzigen. Na vaststelling van de verordening in de raad, kan bekendmaking volgen en kan de Verordening, indien nodig met terugwerkende kracht, per 1 januari 2024 inwerking treden. Kort daarna zal het college de Beleidsregels Werk, Participatie en Inkomen Krimpenerwaard 2024 vaststellen voor de uitvoering hiervan. In Q1 2024 zal er een strategisch communicatieplan worden opgesteld met concrete acties om inwoners over het minimabeleid per 1 januari 2024 te informeren en het bereik van de regelingen onder de inwoners te vergroten tot gemiddeld 35%. Voor deze communicatie geldt: alles op B1-niveau (begrijpelijke taal), pictogrammen en met aandacht voor bejegening en beeldvorming van de minimadoelgroep. Bijlagen 1. Onderzoeksrapport KWIZ B.V. (incl. beleidsscenario’s) 2. Notitie scenario’s herijking minimabeleid 2024
Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van gemeente Krimpenerwaard,
de secretaris,
de burgemeester,
J. Hennip
P.J. Bouvy-Koene
pag. 4/5
RAADSBESLUIT
De raad van de gemeente Krimpenerwaard,
Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 5 september 2023 inzake de wens om te komen tot een herijking van het minimabeleid per 1 januari 2024; gelet op de Notitie scenario’s herijking minimabeleid 2024
Besluit: 1. kennis te nemen van de Notitie scenario’s herijking minimabeleid 2024 en te kiezen voor scenario 1 en de doelgroep van de regeling ‘Gratis openbaar vervoer’ te verruimen naar alle inwoners met een inkomen tot 120% van het wettelijk sociaal minimum. Vanuit scenario 1 worden twee bestaande regelingen samengevoegd en de inkomensgrens van het kindpakket wordt verhoogd naar 130% van het wettelijk sociaal minimum.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 28 november 2023,
de griffier,
de voorzitter,
dr. M-L van Muijen
P.J. Bouvy-Koene
pag. 5/5