RIB26-027 Antwoordbrief RES Midden-Holland aan Provincie Z-H inzake OER windenergie
Tekst van het document
RAADSINFORMATIEBRIEF
VAN HET COLLEGE VAN B&W VOOR
de gemeenteraad
CC DATUM
10 februari 2026
ONDERWERP
Antwoordbrief RES Midden-Holland aan Provincie Zuid-Holland omtrent OER Windenergie
Geachte leden van de gemeenteraad, Bijgaand treft u de gezamenlijke reactie van RES Midden-Holland aan op de brief van Gedeputeerde Staten van de provincie Zuid-Holland van 11 november 2025 over het Omgevingseffectrapport (OER) Windenergie en de voortgang van de regionale energiestrategie. Deze reactie geeft per gemeente inzicht in de stand van zaken, het realistisch opwekpotentieel en de wijze waarop de regio haar RES-bod van 0,435 TWh in 2030 wil en kan realiseren, met een nadrukkelijke voorkeursvolgorde: primair zon (vooral zon op dak), slechts aanvullend wind, en steeds met oog voor ruimtelijke kwaliteit, draagvlak en netcongestie. Voor Krimpenerwaard wordt in de brief expliciet bevestigd dat onze gemeente vooral inzet op zon op grote daken, dat zon op land is beperkt tot het reeds in RES 1.0 vastgestelde zoekgebied nabij Krimpenerhout en dat er geen ruimte wordt gezien voor grootschalige windenergie. Daarmee vraagt de regio de provincie om deze grenzen expliciet te respecteren in haar omgevingsbeleid en in de verdere uitwerking van het OER-proces. Het is van belang dat u deze brief kent, omdat zij richting geeft aan de regionale samenwerking, de verdeling van de opgave tussen gemeenten én de verwachtingen richting provincie over ondersteuning bij netcongestie, beleidsruimte voor zon op dak en de fasering van eventuele windopgaven.
De brief vormt daarmee een belangrijke context voor toekomstige besluitvorming van uw raad over duurzame elektriciteitsopwekking in onze gemeente en de verdere uitwerking van ons lokale beleid, zoals het Omgevingsprogramma Zon op Dak
Bijlagen RIB: 1. Brief RES MH aan pZH – uitwerking energie opwek plannen Met vriendelijke groet, burgemeester en wethouders van Krimpenerwaard, de secretaris,
de burgemeester,
J. Hennip
ir. J. Beenakker
1118466 / 1813673 gemeente Krimpenerwaard Postbus 51 2820 AB Stolwijk www.krimpenerwaard.nl
Provincie Zuid-Holland Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland Postbus 90602 2509 LP DEN HAAG
PER E-MAIL:
Datum: Ons kenmerk: Uw kenmerk: Betreft: Bijlagen:
@pzh.nl /
@pzh.nl
22 januari 2026 360981 PZH-2025-882274089 / DOS-2015-0005387 Nadere bestuurlijke reactie RES Midden-Holland op uw brief inzake OER Windenergie Opties elektriciteit opwek gemeenten in RES Midden-Holland (gebaseerd op regio-inventarisatie)
Geacht College, Met deze brief reageert de RES Midden-Holland op uw brief van 11 november 2025 inzake de bestuurlijke inbreng van de regiogemeenten bij het Omgevingseffectrapport (OER) Windenergie en de voortgang van de Regionale Energiestrategie Midden-Holland. Daarbij verwijzen wij tevens naar onze eerdere correspondentie van 30 september 2025 (ons kenmerk 313119/313121), waarin wij u hebben geïnformeerd over de stand van zaken binnen onze regio. Wij waarderen de constructieve toon van uw brief en de uitnodiging om gezamenlijk verder te werken aan een realistische en uitvoerbare koers richting het behalen van ons RES-bod voor 2030. In deze brief werken wij nader uit hoe de RES Midden-Holland haar doelstellingen gaat realiseren, welke keuzes daarbij worden gemaakt en welke inzet wij daarbij van de provincie wenselijk achten. Uitgangspunt: primair zon, aanvullend wind De RES Midden-Holland blijft zich onverkort inspannen voor het behalen van het RES-bod van 0,435 TWh per jaar aan duurzaam opgewekte energie per 2030. Daarbij hanteren wij het uitgangspunt dat het RES-bod primair wordt ingevuld met zonne-energie, in het bijzonder via: • Zon op Dak (alleen daken met meer dan 15 kiloWattpiek (kWp) worden meegenomen); • zorgvuldig ingepaste Zon op Veld, binnen bestaande regionale en gemeentelijke kaders;
•
innovatieve vormen van opwek op infrastructuur en in combinatie met andere functies.
Binnen de definitie van het NPRES tellen zonnepanelen op kleine daken met een opgesteld vermogen van minder dan 15 kWp niet mee voor ons RES-bod. De RES-systematiek richt zich alleen op grootschalige opwek. Voor de RES Midden-Holland betekent dit dat kleinschalige installaties op woningen, kleine bedrijven en maatschappelijke gebouwen buiten het RES-bod blijven. Tegelijkertijd vertegenwoordigen deze installaties gezamenlijk een substantieel en structureel groeiend deel van het totale regionale opwekvermogen en leveren zij ook een belangrijke bijdrage aan de verlichting van netcongestie. Het opwekken van energie met windturbines wordt door de regio beschouwd als aanvullend en voorwaardelijk. De gemeenten kiezen hiervoor als dit noodzakelijk blijkt om de doelstellingen te halen én dit ook past binnen bestuurlijke afspraken. Bovendien wordt daarbij gekeken naar het behoud van ruimtelijke kwaliteit en maatschappelijk draagvlak. Deze benadering sluit aan bij de staande RES 1.0 afspraken en bij de diversiteit aan landschappelijke en bestuurlijke context binnen onze regio. De nadere uitwerking per individuele gemeente is opgenomen in de bijlagen bij deze brief. Deze laten zien dat gemeenten aantoonbaar inzetten op realisatie, binnen hun eigen mogelijkheden en verantwoordelijkheden. Onderstaand is per gemeente een beknopt overzicht opgenomen.
Gemeentelijke bijdragen: realistisch en gedifferentieerd De gemeenten binnen de RES Midden-Holland leveren ieder vanuit hun eigen context een bijdrage aan het RES-bod. De bijdragen verschillen in aard en zwaarte en zijn gezamenlijk gericht op het realiseren van voortgang richting 2030. Deze bijdragen kunnen worden gesubstantieerd door de nieuwe RES Midden-Holland Scenario Tool, die inzicht biedt in het potentieel aan duurzame energie opwek binnen de RES 1.0 in de regio. De tool ondersteunt de gemeenten bij het opstellen van scenario’s om tezamen het RES-bod te realiseren. De resultaten binnen bestaande beleidskaders hiervan zijn in het kort: Gemeente Waddinxveen Met het aanvullend opwekprogramma laat Waddinxveen zien substantieel en aantoonbaar bij te dragen aan het behalen van het RES-bod van Midden-Holland. Uit de RES MiddenHolland Scenario Tool blijkt dat de gemeente Waddinxveen beschikt over een theoretisch totaal opwekpotentieel van circa 0,197 TWh/jr. Deze potentiële opwek capaciteit is verdeeld over zon en wind. De gemeente combineert een bovengemiddelde inspanning met duidelijke keuzes over begrenzing, draagvlak en samenwerking. Hiermee biedt Waddinxveen de provincie een realistisch, uitvoerbaar en regionaal solidair alternatief voor verdere provinciale ingrepen, passend binnen de gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de energietransitie.
De gemeente Waddinxveen gaat uit van een autonome groei van energie opwek tot circa 0,162 TWh/jr. Realisatie van deze groei past binnen de al bestaande beleidskaders, en bevat onder andere de repowering van windturbines en ontwikkeling van het vastgestelde reservezoekgebied wind. Waddinxveen kan, vanwege gunstige ruimtelijke en infrastructurele omstandigheden, tot 2030 een bovengemiddelde bijdrage leveren aan RES-bod en neemt daarmee een aanzienlijk aandeel voor haar rekening. Na 2030 wordt toegewerkt naar een meer
Pagina 2 van 6
evenredige verdeling, waarbij Waddinxveen zich richt op een structureel aandeel van circa 25% van het RES-bod. Met deze benadering blijft Waddinxveen relatief meer bijdragen, maar binnen een evenwichtige en rechtvaardige verdeling van het RES-bod, passend bij de mogelijkheden en verantwoordelijkheden van alle deelnemende gemeenten. Gemeente Zuidplas Met de Lokale Energie Uitvoeringsstrategie (LEUS) beschikt Zuidplas over een helder en uitvoerbaar kader om haar bijdrage aan de RES Midden-Holland te realiseren. Zuidplas zet in op een stevige maar haalbare ambitie en levert hiermee een betekenisvolle bijdrage aan het RES-bod. De nadruk ligt in de LEUS bij Zon op Dak, aangevuld met zorgvuldig ingepast Zon op Veld en innovatieve opwek op infrastructuur. Dit sluit aan bij regionale en provinciale beleidskaders. Uit de analyse in de LEUS blijkt dat de gemeente Zuidplas beschikt over een theoretisch totaal opwekpotentieel van circa 0,246 TWh/jr aan zonne-energie, waarmee er in principe voldoende ruimte aanwezig is om zowel bij te dragen aan het RES-bod als de eigen lokale doelstelling van energie opwek van het coalitieakkoord te behalen. De huidig gerealiseerde opwek van 0,033 TWh/jr en de autonome groei en lopende projecten (Zon op Dak en Zon op Veld) kunnen gezamenlijk oplopen tot ongeveer 0,069 TWh/jr.
Om de volledige doelstelling te halen is aanvullende inzet nodig, met name via verdere uitrol van Zon op Dak en de realisatie van een deel van de uitgewerkte ambitieprojecten. Door actieve regie, samenwerking met partners en structurele monitoring blijft Zuidplas sturen op de uitvoering. Gemeente Krimpenerwaard Voor een landelijk georiënteerde gemeente als Krimpenerwaard, met hoge landschappelijke en cultuurhistorische waarden, vraagt de energietransitie om een zorgvuldige balans tussen energie opwek, leefkwaliteit en ruimtelijke bescherming. Om die reden draagt de gemeente Krimpenerwaard primair bij aan het RES-bod via Zon op Dak, met name op grote daken waar nog aanzienlijke groeiruimte voor duurzame opwek aanwezig is. De totale theoretische potentie voor grote daken bedraagt 0,120 TWh/jr, waarbij de daadwerkelijke realisatie afhankelijk is van de benuttingsgraad en het tempo van uitrol. De verwachte groei ligt de komende jaren vooral bij grote daken, mede ondersteund door mogelijk nationaal beleid zoals de Energy Performance of Buildings Directive (EPBD IV). Deze groei is echter afhankelijk van blijvende investeringsbereidheid van dakeigenaren, de beschikbaarheid van landelijke- en provinciale stimuleringsregelingen en het kunnen oplossen van knelpunten rondom netcapaciteit en verzekerbaarheid van daken.
Zon op land blijft beperkt tot het in RES 1.0 vastgestelde zoekgebied, vanwege landschappelijke en bestuurlijke randvoorwaarden. Daarmee kiest Krimpenerwaard voor een realistische en zorgvuldig ingepaste bijdrage aan het RES-bod. Krimpenerwaard ziet geen ruimte voor grootschalige windenergie en slechts zeer beperkt aanvullend Zon op Veld en vraagt dat deze grens in provinciaal beleid expliciet wordt gerespecteerd. Voor de analyse van de potentie is gebruikgemaakt van data van het platform Zonnedakje, met gegevens tot en met maart 2025. Bij voortzetting van de benuttingsgraad van 2024–
Pagina 3 van 6
2025 verwacht de gemeente voor grote daken een maximale energie opwek van 0,051 TWh/jr. Over de periode van 2026–2030 verwacht Krimpenerwaard een groei van ongeveer 0,02 TWh/jr energie opwek voor grote daken. Gemeente Gouda De gemeente Gouda beschikt over een beperkt buitengebied en is voor de realisatie van haar duurzame opgave in belangrijke mate aangewezen op Zon op Dak. Uit inventarisatie blijkt dat de 80 grootste bedrijfsdaken gezamenlijk een potentieel hebben van circa 0,032 TWh/jr. Hiervan is momenteel ongeveer 0,006 TWh/jr gerealiseerd. Nader onderzoek moet uitwijzen wat het aanvullende potentieel is van overige bedrijfsdaken, zowel op bedrijventerreinen als daarbuiten. Gouda heeft ingezet op verduurzaming van maatschappelijk en gemeentelijk vastgoed. Zeventien scholen zijn voorzien van 3.456 zonnepanelen, goed voor opwek van circa 0,0012 TWh/jr. Op gemeentelijke gebouwen zijn 1.862 zonnepanelen geplaatst, met een opbrengst van circa 0,0007 TWh/jr. De bijdrage van deze projecten is maatschappelijk uiterst waardevol, maar in absolute zin beperkt. Aanvullende opwek via kleinschalige zonnevelden of extra kleine windturbines levert slechts een beperkte bijdrage van circa 1,8 MWh/jr met wind. Potentie wordt gezien bij daken van woningcorporaties en VvE’s, maar deze is nog niet in kaart gebracht.
Daarbij spelen belemmeringen zoals technische randvoorwaarden, verzekeringen en financiële onzekerheden. Omdat er momenteel geen netcongestie is op teruglevering van energie, ziet Gouda kansen om Zon op Dak verder te stimuleren en toe te werken naar energiehubs. Hoewel geen onderdeel van het RES-bod, is er sprake van een groot aandeel kleine daken in de gemeente. Hierover wil Gouda met de provincie in gesprek, opdat kan worden bezien of deze daken kunnen meewegen binnen het RES-bod. Gemeente Bodegraven-Reeuwijk De gemeente Bodegraven-Reeuwijk zet voor grootschalige energie opwek primair in op zonne-energie, conform de uitgangspunten van RES 1.0 en de zonneladder. De focus ligt daarbij op Zon op Dak en Zon op Veld. Pas wanneer deze mogelijkheden onvoldoende blijken, worden de reservezoekgebieden voor windenergie betrokken. Er zijn twee kansrijke projecten voor Zon op Veld. De verdere uitwerking en realisatie van deze locaties wordt momenteel echter beperkt door het geldende provinciale omgevingsbeleid. Ook het ontbreken van planologische duidelijkheid over de ontwikkeling van bedrijventerrein Rijnhoek II belemmert een integrale gebiedsontwikkeling, inclusief duurzame energie opwek.
Helaas is gebleken dat diverse alternatieve opties (zoals zonne-energie langs infrastructuur, een multifunctionele zonnewand langs de A12 en zon-op-parkeerterreinen) beperkt of niet uitvoerbaar zijn vanwege technische, planologische of netcongestie gerelateerde belemmeringen. Uit de RES Midden-Holland Scenario Tool blijkt dat de gemeente Bodegraven Reeuwijk beschikt over een theoretisch opwek potentieel van circa 0.304 TWh/jr. Daarbinnen kan de gemeente een bijdrage van 0,074 TWh/jr realiseren op basis van vastgesteld beleid, beschikbare locaties, juridisch kader en ruimtelijke mogelijkheden.
Pagina 4 van 6
Indien blijkt dat de regionale opgave niet volledig met zonne-energie kan worden gerealiseerd, is de gemeente Bodegraven-Reeuwijk bereid om –conform RES 1.0– de reservezoekgebieden voor windenergie langs de N11 en A12 te betrekken bij de verdere uitwerking. Alternatieve scenario’s voor gemeentelijke bijdragen (Scenario B) Aanvullend op de hierboven beschreven scenario’s, die passen binnen de huidige beleidskaders, hebben de gemeenten een aantal alternatieve scenario’s uitgewerkt. Deze alternatieve scenario’s zijn vooralsnog niet bestuurlijk vastgesteld. Zij kunnen echter worden betrokken bij verdere uitwerking indien mocht blijken dat de huidige scenario’s onvoldoende toereikend zijn. Een nadere toelichting en uitwerking van deze alternatieve scenario’s is opgenomen in de bijlagen bij deze brief. Voorlopige conclusie De RES Midden-Holland is onderweg naar een realistische energie opwek capaciteit van 0,451 TWh per jaar vanaf 2030. TWh/jr
Theoretisch opwek potentieel (*)
Gerealiseerde opwek (*)
Opwek potentieel binnen bestaande beleidskaders
Gerealiseerd + bestaande beleidskaders
% RES-bod (0,435 TWh/jr)
0,118 0,037 0,071 0,028 0,047 0,301
0,162 0,069 0,106 0,040 0,074 0,451
37,24 15,86 24,37 09,20 17,01 103,68%
Gemeente
0,197 0,044 0,246 0,033 Krimpenerwaard 0,229 0,035 Gouda 0,045 0,012 Bodegraven Reeuwijk 0,304 0,027 Totaal 1,021 0,151 (*) bron: RES Midden-Holland Scenario Tool Waddinxveen Zuidplas
Onzekerheden en risico’s Wij achten het van groot belang om duidelijk te zijn over de onzekerheden die de voortgang beïnvloeden. De regio wordt in toenemende mate geconfronteerd met: • •
•
• •
netcongestie, die realisatie en aansluiting van projecten belemmert; keuzes over energie-infrastructuur die onlosmakelijk verbonden zijn met opwek en de bredere ruimtelijke en maatschappelijke opgaven. TenneT en de Autoriteit Consument & Markt (ACM) hebben recent benadrukt dat ingrijpende maatregelen nodig zijn om netcongestie te beperken en de leveringszekerheid van het energiesysteem te garanderen. Door deze maatregelen komt de ontwikkeling van duurzame opwek onder druk te staan; contraproductieve marktontwikkelingen, zoals stijgende kosten, veranderende businesscases en onzekerheid rond landelijke regelingen zoals saldering en terugleverkosten; afbrokkelend of ontbrekend maatschappelijk draagvlak, met name bij grootschalige opwek op land; planologische en procedurele doorlooptijden, die vaak langer en complexer zijn dan voorzien.
Deze factoren vragen om adaptief sturen, periodieke monitoring en, waar nodig, ruimte om bij te sturen. Ze maken dat plannen niet in hetzelfde tempo of met dezelfde zekerheid zullen leiden tot realisatie.
Pagina 5 van 6
Relatie tot OER Windenergie en provinciaal beleid De RES Midden-Holland waardeert dat de provincie met de OER Windenergie beoogt handelingsperspectief te bieden wanneer de realisatie van de regionale energieopgave achterblijft. Daarbij benadrukt de regio dat het opnemen van zoekgebieden in het provinciale omgevingsbeleid geen automatisme richting realisatie mag zijn, maar te allen tijde onderdeel moet blijven van een gezamenlijke bestuurlijke afweging op basis van actuele inzichten in voortgang, draagvlak en systeemeffecten. De benoemde ontwikkelingen bij TenneT en de ACM onderstrepen bovendien dat netcongestie directe gevolgen heeft voor woningbouw en maatschappelijke voorzieningen, waardoor energiezekerheid het zwaarder wegend kader vormt in ruimtelijke en bestuurlijke keuzes. Tegen deze achtergrond ziet de RES Midden-Holland de OER Windenergie nadrukkelijk als een instrument en bouwsteen binnen een bredere integrale benadering, en niet als een doel op zich of als vervanging van regionale keuzes uit de RES 1.0. Provincie en regio dienen gezamenlijk te bepalen of, waar en onder welke voorwaarden aanvullende windenergie noodzakelijk en passend is, in samenhang met regionale programmering, de voortgang van zonneprojecten en de beschikbare netcapaciteit.
Inzet van de provincie Om de gezamenlijke doelstellingen te kunnen realiseren, achten wij ondersteuning vanuit de provincie essentieel. Wij vragen daarbij concreet om: 1. Beleidsruimte om de regionale zon-strategie verder uit te werken en te realiseren, inclusief maatwerk per gemeente. 2. Actieve ondersteuning bij netcongestie, onder meer via afstemming met netbeheerders en het faciliteren van fasering en slimme oplossingen. 3. De regionale programmering actief te ondersteunen met financiële middelen, zodat deze wordt gerealiseerd en de provincie de samenwerking duidelijk onderstreept. 4. Zorgvuldige fasering van het OER-proces, zodat regionale uitwerking en monitoring van zonprojecten daadwerkelijk kan worden betrokken bij vervolgbesluiten. 5. Bestuurlijke samenwerking en gezamenlijke afweging, waarbij provincie en regio gezamenlijk bepalen of en wanneer aanvullende windopgave noodzakelijk is en hoe deze kan worden ingepast. Tot slot De RES Midden-Holland kiest voor een realistische, gefaseerde en samenwerkingsgerichte aanpak om de energietransitie vorm te geven. Wij willen deze opgave nadrukkelijk samen met u blijven dragen, ieder vanuit de eigen rol en verantwoordelijkheid. Wij zien uit naar het vervolg van het gesprek en zijn graag bereid deze brief en de bijlagen nader toe te lichten in het bestuurlijk overleg. Namens RES Midden-Holland, Hoogachtend,
Pagina 6 van 6
Brigitte Leferink Bestuurlijk Opdrachtgever RES Midden-Holland Wethouder gemeente Waddinxveen Bijlagen: Gemeentelijke uitwerkingen bijdrage RES-bod 1. Aanvullend Waddinxveens Opwekprogramma Voor Elektriciteit 2025-2030 2. Zuidplas: Lokale Energie Uitvoeringsstrategie (LEUS) Elektriciteit 2026-2030 3. Verwachte opwek Krimpenerwaard 4. Goudse bijdrage Scenario A en B zonnepanelen en windenergie 5. Reactie Bodegraven-Reeuwijk regionale brief Provincie.
Pagina 7 van 6
Bijlagen bij de brief aan de provincie ZuidHolland met als onderwerp: “Nadere bestuurlijke reactie RES MiddenHolland op uw brief inzake OER Windenergie” Bijlagen: Gemeentelijke uitwerkingen bijdrage RES-bod
1. Aanvullend Waddinxveens Opwekprogramma Voor Elektriciteit 2025-2030 2. Zuidplas: Lokale Energie Uitvoeringsstrategie (LEUS) Elektriciteit 2026-2030 3. Verwachte opwek Krimpenerwaard 4. Goudse bijdrage Scenario A en B zonnepanelen en windenergie 5. Reactie Bodegraven-Reeuwijk regionale brief Provincie
Bijlage gemeentelijke uitwerking RES-bod
Waddinxveen Aanvullend Waddinxveens Opwekprogramma Voor Elektriciteit 2025-2030
3
5
6
Totale poten e
0,202 TWh
7
7
8
9
10
11
12
13
Totaal
0,162
37,2%
Totaal
0,154
35,4%
14
15
16
17
Bijlage gemeentelijke uitwerking RES-bod
Zuidplas Zuidplas: Lokale Energie Uitvoeringsstrategie (LEUS) Elektriciteit 2026-2030
registratiedatum
ons kenmerk
cluster
20/11/2025
Z25.003383
Ruimtelijk beleid
Lokale Energie Uitvoeringsstrategie (LEUS) Elektriciteit 2026-2030
Beleidsadviseur energietransitie:
onderwerp Lokale Energie Uitvoeringsstrategie
Opdrachtgever:
registratienummer Z25.003383
Raymond van Praag
November 2025
Inhoud Managementsamenvatting ......................................................................................................................... 3 1. Aanleiding ............................................................................................................................................... 4 2. Lokale opwekdoelstelling en elektriciteitsverbruik .................................................................................. 4 3. Totaal opwekpotentieel en huidige situatie ............................................................................................ 6 3.1 Totaal opwekpotentieel ..................................................................................................................... 6 3.2 Huidige opwek .................................................................................................................................. 6 3.3 Autonome groei ................................................................................................................................ 6 3.4 Toekomstig opwekpotentieel en ambitieprojecten ........................................................................... 7 4. Overzicht projecten .................................................................................................................................
8 4.1 Zon op Dak ....................................................................................................................................... 8 4.1.1 Top 20 grootste bedrijfsdaken ................................................................................................... 8 4.1.2 Overige bestaande daken ......................................................................................................... 9 4.1.3 Nieuwbouw en renovatie ........................................................................................................... 9 4.2 Zon op Veld ......................................................................................................................................
9 4.2.1 Proefveld Kronos .....................................................................................................................10 4.2.2 Moerkapelle Zuid .....................................................................................................................10 4.2.3 Energielandschap ....................................................................................................................10 4.2.4 Bredeweg/Noordelijke Dwarsweg ...........................................................................................10 4.3 Andere zon projecten .....................................................................................................................11 4.3.1 OER A12..................................................................................................................................11 4.3.2 OER A20..................................................................................................................................11 4.3.3 ProRail .....................................................................................................................................11 5.
Aanpak ..................................................................................................................................................12 5.1 Verstevigen van de uitvoering .......................................................................................................12 5.2 Monitoring en verantwoording .......................................................................................................12 5.3 Communicatie en participatie ........................................................................................................13 5.3.1 Communicatie ..........................................................................................................................13 5.3.2 Participatie ...............................................................................................................................13 6.
Risico’s: netcongestie en aansluitingsrisico’s.......................................................................................14 Bijlagen .....................................................................................................................................................15 Bijlage 1: Analyse volledig opwekpotentieel Zuidplas ..........................................................................15 Bijlage 2: Analyse opwekpotentieel Zuidplas .......................................................................................16 Bijlage 3: Autonome groei ....................................................................................................................17
onderwerp
registratienummer
Lokale Energie Uitvoeringsstrategie
Z25.003383
Managementsamenvatting Zuidplas zet in op het overstappen op hernieuwbare, schone energiebronnen. Zuidplas wil zonneenergie opwekken, waarvan zoveel mogelijk op (grote) daken. In het collegeprogramma 2022–2026 is vastgelegd dat de gemeente in 2030 ten minste 0,097 TWh duurzame energie wil opwekken, een stevige maar haalbare ambitie, die aansluit bij de regionale doelstelling uit de RES Midden-Holland. De Lokale Energie Uitvoeringsstrategie (LEUS) brengt in kaart hoe Zuidplas deze ambitie waarmaakt. Het document bundelt alle lopende en geplande projecten voor zonne-energie in één samenhangend overzicht. Daarmee laat de LEUS zien waar we nu staan, welke kansen er liggen en wat er nodig is om de doelstelling in 2030 te behalen. De projecten binnen Zon op Dak (ZoD), Zon op Veld (ZoV), Opwek Energie Rijksvastgoed (OER) en de samenwerking met ProRail dragen bij aan de lokale energievoorziening, en daarmee ook aan de regionale opwekdoelstelling van de RES. Met de aanpak Zon op Dak stimuleert de gemeente het gebruik van grote bedrijfsdaken en VvE’s voor de opwek van zonne-energie. De eerste gesprekken met eigenaren van de grootste daken zijn gestart. Met Zon op Veld verkennen we zonnevelden op locaties als Moerkapelle Zuid.
Daarnaast werkt Zuidplas mee aan innovatieve trajecten op rijksgronden, zoals de A12 en A20 (programma OER), en onderzoekt zij mogelijkheden in samenwerking met ProRail. Op basis van de analyse bedraagt het totale opwekpotentieel aan zonne-energie in Zuidplas ongeveer 0,230 TWh. Daarmee is in theorie voldoende potentieel aanwezig om de lokale ambitie van 0,097 TWh in 2030 te halen. In de huidige uitvoering, die de autonome groei en de lopende projecten voor Zon op Dak en Zon op Veld omvat, wordt naar verwachting een opwekpotentieel van ongeveer 0,069 TWh gerealiseerd. Om de doelstelling te halen, is versterking van de uitvoering nodig, vooral binnen de aanpak Zon op Dak en het programma Zon op Veld. De ambitie van 0,097 TWh is haalbaar als ten minste een deel van de projecten met de status ‘Ambitie: wel uitgewerkt’, bijvoorbeeld een groot zonneveld of meerdere kleinere projecten, wordt gerealiseerd en ondernemers met grote daken worden gestimuleerd om te investeren in zonne-energie. De kracht van Zuidplas ligt in de lokale aanpak: samen met inwoners, ondernemers, grondeigenaren en maatschappelijke organisaties wordt stap voor stap gebouwd aan een duurzame energievoorziening. De aanpak Zon op Dak en het programma Zon op Veld vormen hierin de kern.
De gemeente ondersteunt eigenaren en stakeholders door informatie, begeleiding en facilitering, zodat alle initiatieven optimaal bijdragen aan de lokale opwekdoelstelling. De voortgang van projecten wordt structureel gevolgd via het programmadashboard van het Programmaplan Duurzaamheid. Zo kan tijdig worden bijgestuurd en wordt de uitvoering versterkt. De LEUS biedt hiermee een basis om voortgang te monitoren en bij te sturen, en laat zien dat Zuidplas actief werkt aan de energietransitie samen met inwoners, bedrijven en partners.
1. Aanleiding In het collegeprogramma 2022-2026 is vastgelegd dat Zuidplas in 2030 0,097 TWh duurzame energie wil opwekken, in lijn met de regionale ambitie van 0,435 TWh uit de RES Midden-Holland 1.0. Deze doelstelling is uitgewerkt in het Programmaplan Duurzaamheid, waarin zonne-energie als belangrijkste lokale bron wordt genoemd. Om dit te realiseren voert de gemeente diverse projecten uit binnen de aanpak Zon op Dak (ZoD), het programma Zon op Veld (ZoV), en overige zonprojecten,
onderwerp
registratienummer
Lokale Energie Uitvoeringsstrategie
Z25.003383
zoals het programma Opwek Energie Rijksvastgoed (OER) en het initiatief in samenwerking met ProRail. Met de voorliggende Lokale Energie Uitvoeringsstrategie (LEUS) worden deze bestaande programma’s en projecten gebundeld tot één integraal document dat samenhang en overzicht biedt. De LEUS maakt duidelijk hoe Zuidplas zich positioneert, zowel binnen de gemeente als richting de regio, provincie en andere betrokkenen en laat zien waar de gemeente staat ten opzichte van de afgesproken doelstellingen. Het document biedt overzicht van: - de huidige en verwachte lokale opwekcapaciteit; - de belangrijkste projecten in uitvoering en voorbereiding; - de mate waarin de gemeente haar lokale bijdrage aan de RES-doelstelling behaalt. De LEUS vormt daarmee de basis om de voortgang op het gebied van duurzame opwek te monitoren richting 2030.
2. Lokale opwekdoelstelling en elektriciteitsverbruik In dit hoofdstuk wordt inzicht gegeven in de lokale duurzame opwekdoelstelling voor 2030 en het huidige elektriciteitsverbruik in Zuidplas. Dit vormt de basis om te begrijpen welke inspanningen nodig zijn om de doelstelling te behalen en welke bijdrage de projecten (met verschillende statussen 1, zie bijlage 1 en 2) leveren. De gemeente heeft de ambitie uitgesproken om in 2030 0,097 TWh aan duurzame energie op te wekken, met name via Zon op Dak en Zon op Veld. Dit opwekcijfer van 0,097 TWh wordt ook gehanteerd in de Lokale Energie Uitvoeringsstrategie (LEUS) en vormt het uitgangspunt voor de berekeningen, in lijn met het collegeprogramma. De doelstelling is afgestemd op de afspraken uit de 1 Status van projecten: huidige (gerealiseerde) projecten, pijplijnprojecten en ambitieprojecten (zowel
uitgewerkt als niet uitgewerkt); een nadere toelichting hierop volgt in paragraaf 3.4.
onderwerp
registratienummer
Lokale Energie Uitvoeringsstrategie
Z25.003383
Regionale Energie Strategie (RES), zodat de inzet van Zuidplas aansluit bij en bijdraagt aan de regionale energieambities. Het landelijke RES-doel is gebaseerd op het Klimaatakkoord van 2019, waarbij 2019 geldt als peiljaar. Vanuit dit peiljaar zijn de regionale en lokale opgaven voor hernieuwbare elektriciteit vastgesteld. Volgens de Klimaatmonitor (zie figuur 1 hieronder) bedroeg het elektriciteitsverbruik in Zuidplas in 2023 ongeveer 0,213 TWh, inclusief lokaal opgewekte stroom.
Figuur 1. Verloop van het jaarlijks elektriciteitsgebruik in Zuidplas per jaar volgens de Klimaatmonitor (2023)
3. Totaal opwekpotentieel en huidige situatie 3.1 Totaal opwekpotentieel Op basis van de analyse (zie bijlage 1) bedraagt het totale opwekpotentieel aan zonne-energie in Zuidplas ongeveer 0,230 TWh. Daarmee is in theorie voldoende potentieel aanwezig om de lokale ambitie van 0,097 TWh in 2030 te behalen. In de huidige uitvoering, die de autonome groei en de lopende projecten voor Zon op Dak en Zon op Veld omvat, wordt naar verwachting een opwekpotentieel van ongeveer 0,069 TWh gerealiseerd, zie paragraaf 3.3 voor de berekening). Om de doelstelling daadwerkelijk te behalen, is een aanzienlijke versnelling nodig. Er worden al inspanningen geleverd op het gebied van Zon op Dak. Deze inspanningen worden vanaf 2026, aan de hand van de LEUS, verder versterkt door een gerichte inzet op de Zon op Dak-aanpak. Daarnaast wordt ingezet op de verdere ontwikkeling van de resterende Zon op Veld-locaties. Kernpunten per type (zie ook totaaloverzicht in bijlage 1):
onderwerp
registratienummer
Lokale Energie Uitvoeringsstrategie
Z25.003383
Type
Potentie (TWh)
Opmerking
Zon op (bedrijfs)daken (excl. kassen)
0,147
Eerste focus ligt op grote bedrijfsdaken (prioriteit voor uitvoering volgens zonneladder). Samenwerking met ondernemers is belangrijk.
Zon op Veld
0,068
Noodzakelijke aanvulling, met aandacht voor landschappelijke inpassing, biodiversiteit en participatie. Meerdere zoekgebieden, o.a. Energielandschap, Moerkapelle-Zuid.
Andere zon projecten
0,015
Verkenningsfase, samenwerking met Rijkswaterstaat en ProRail.
Wind
0,0
Totale potentie
0,230 TWh
3.2 Huidige opwek De huidige gerealiseerde opwek in Zuidplas bedraagt ongeveer 0,032 TWh aan zonne-energie, waarvan 0,020 TWh via zon op grote daken (cijfer op basis van 2024, de gegevens van 2025 zijn nog niet beschikbaar) en 0,012 TWh via het proefveld Kronos (jaarlijkse monitoringsdata). Dit betekent dat er nog 0,065 TWh aan opwek gerealiseerd moet worden om de lokale duurzame energieopwekdoelstelling van 0,097 TWh te behalen. De cijfers zijn gebaseerd op de beschikbare gegevens van 2024 voor Zon op Dak en de meest recente jaarlijkse data voor Kronos.
3.3 Autonome groei Om een compleet beeld van de toekomstige opwek te krijgen, is ook de autonome groei van zonneenergie meegenomen. Op basis van het lage scenario van Netbeheer Nederland (2023), stijgt Zon op Dak in Zuidplas van 0,020 TWh in 2024 naar ongeveer 0,032 TWh in 2030 (bijlage 3). In combinatie met lopende projecten voor Zon op Dak en Zon op Veld komt het totale opwekpotentieel uit op 0,069 TWh (zie overzicht hieronder), wat nog onder de lokale doelstelling van 0,097 TWh ligt. Dit benadrukt dat actieve inzet en monitoring nodig blijven om de doelstelling te behalen.
Uitleg bij tabel: Autonome groeicijfer (0,011) is indicatief, op basis van trends. - Niet alle pijplijn projecten zijn voor 2030 gerealiseerd, zoals de tweede fase van Doelwijk II en Gouwepark ll. De potentiële opwek van deze projecten wordt om die reden buiten beschouwing gelaten.
3.4 Toekomstig opwekpotentieel en ambitieprojecten Het toekomstige opwekpotentieel verwijst naar de mogelijkheden om in de toekomst nog extra duurzame elektriciteit op te wekken binnen de gemeente Zuidplas, met name op grote bedrijfsdaken, langs infrastructuur zoals de A12 en A20 (OER-locaties), in Zon op Veld-projecten en andere geschikte locaties, op basis van beschikbare ruimte, technische haalbaarheid en beleidskaders. In de analyse (bijlage 1) is deze volledige opwekpotentieel van Zuidplas opgenomen.
onderwerp
registratienummer
Lokale Energie Uitvoeringsstrategie
Z25.003383
De volledige opwek van de uitgewerkte ambitieprojecten is niet gegarandeerd voor 2030. Het potentieel blijft voorlopig onder voorbehoud, omdat pas later in het proces duidelijkheid ontstaat. De doelstelling van 0,097 TWh kan worden behaald, mits ten minste een deel van de projecten met de status ‘Ambitie: wel uitgewerkt’, bijvoorbeeld een groot zonneveld of meerdere kleinere projecten, wordt gerealiseerd en ondernemers met grote daken actief worden gestimuleerd om te investeren in zonne-energie. De huidige data over beschikbare daken en het potentieel voor zonne-energie kennen nog onzekerheden, bijvoorbeeld over de technische haalbaarheid en de bereidheid van eigenaren om hun daken voor zonnepanelen beschikbaar te stellen. Deze onzekerheid benadrukt de urgentie om de uitvoering van projecten actief te stimuleren en aanvullende initiatieven te ontwikkelen. De gemeente start de komende jaren met gerichte acties, zoals gesprekken met de eigenaren van de grootste bedrijfsdaken en het bieden van ondersteuning en informatie. De eerste gesprekken met de grootste dak-eigenaren zijn inmiddels gestart, waarmee een eerste stap is gezet richting realisatie van het potentieel binnen Zon op Dak. Verdere uitvoering en begeleiding zijn nodig om de lokale opwekdoelstelling tijdig te behalen.
Binnen de LEUS wordt onderscheid gemaakt tussen ‘Ambitie: wel uitgewerkt’ en ‘Ambitie: niet uitgewerkt’ (bijlage 1). Voor de status ‘Ambitie: wel uitgewerkt’ zijn plannen of projecten in uitvoering of voorbereiding. Het gaat hierbij om ambities die al verder zijn geconcretiseerd en waarvoor concrete stappen richting realisatie worden gezet. Voor ‘Ambitie: niet uitgewerkt’ zijn nog geen concrete plannen of projecten lopend. Dit onderscheid maakt inzichtelijk welke ambities al in uitvoering zijn en waar verdere uitwerking of besluitvorming nog nodig is. De ambitieprojecten binnen Zon op Dak en Zon op Veld (uitgewerkt en niet uitgewerkt, bijlage 1) zijn essentieel voor het behalen van de RES-doelstelling en kunnen een significante bijdrage leveren. Voor Zon op Dak betreft dit onder andere de 20 grootste daken. Voor Zon op Veld betreft dit bijvoorbeeld de locatie Moerkapelle Zuid. In de raadsinformatienota versnellingsaanpak Zon op Dak is de raad geïnformeerd over hoe de aanpak van Zon op Dak versneld wordt.
4. Overzicht projecten In dit hoofdstuk worden de projecten beschreven, waaronder huidig en gerealiseerd projecten, pijplijn projecten, ambitieprojecten (uitgewerkt en niet uitgewerkt), die gezamenlijk bijdragen aan het behalen van de lokale opwekdoelstelling van 0,097 TWh in 2030. De LEUS bundelt lopende initiatieven, pijplijnprojecten en ambitieprojecten binnen de categorieën Zon op Dak, Zon op Veld en andere zoninitiatieven. Samen vormen deze projecten de basis voor de lokale bijdrage aan de Regionale Energiestrategie (RES). Door inzicht te geven in de status, planning en verwachte opbrengst van de projecten, biedt dit hoofdstuk een concreet overzicht van de uitvoering van de energietransitie binnen Zuidplas. In de volgende paragrafen worden de verschillende categorieën toegelicht: eerst Zon op Dak (4.1), vervolgens Zon op Veld (4.2) en tot slot andere zonprojecten (4.3).
4.1 Zon op Dak De gemeente voert de aanpak Zon op Dak (ZoD) uit om gebruik van zonnepanelen op grote daken te stimuleren. In de raadsinformatienota versnellingsaanpak Zon op Dak (Z24.002714) is de raad
onderwerp
registratienummer
Lokale Energie Uitvoeringsstrategie
Z25.003383
geïnformeerd over de wijze waarop de uitvoering Zon op Dak wordt versneld. De voortgang van de versnellingsaanpak wordt jaarlijks geëvalueerd en waar nodig bijgesteld op basis van nieuwe inzichten en ontwikkelingen. Voor Zon op Dak vormen alle projecten, inclusief de niet-uitgewerkte ambitieprojecten, een gezamenlijk potentieel van 0,146 TWh. Het huidige project, het project in de pijplijn en het uitgewerkte ambitieproject samen hebben een gezamenlijk potentieel van 0,039 TWh aan lokale opwek. Onderstaande tabel geeft een overzicht van de Zon op Dak projecten, De verdeling van de daken is gebaseerd op de gefaseerde uitrol zoals voorgeschreven door de herziene Europese richtlijn EPBD IV 2, waarbij eerst de grootste gebouwen worden aangepakt. De (ambitie)projecten zijn hierdoor ingedeeld op basis van dakgrootte. Type
Status
Projectnaam
Opwek (TWh)
Zon op gebouw
Huidig
Zon op grote daken
0,020
Zon op gebouw
Pijplijn
Doelwijk II voor 2030 (eerste 20%)
0,002
Zon op gebouw
Ambitie: wel uitgewerkt
20 grootste daken
0,017
Zon op gebouw
Ambitie: niet uitgewerkt
Overige grote daken > 2000 m²
0,035
Zon op gebouw
Ambitie: niet uitgewerkt
Overige grote daken 750–2000 m²
0,029
Zon op gebouw
Ambitie: niet uitgewerkt
Overige grote daken 250-750 m²
0,043
Totaal
0,146
4.1.1 Top 20 grootste bedrijfsdaken Uit onderzoek blijkt dat Zuidplas 0,068 TWh van de totale ambitie van 0,097 TWh kan realiseren via zon op grote bedrijfsdaken. Om dit potentieel te benutten, versnelt de gemeente de aanpak Zon op Dak gedurende vijf jaar, met focus op deze daken. Dit doet de gemeente door eigenaren te begeleiden, informeren en stimuleren. In 2025 is gestart met de 20 grootste bedrijfsdaken, goed voor ongeveer 20% van de ambitie. Samen met ondernemers worden kansen en belemmeringen in kaart gebracht, waarvan de ervaringen de basis vormen voor een bredere aanpak van overige grote daken.
Het projectplan en het communicatie- en participatieplan voor deze 20 daken zijn afgerond en in uitvoering: • Er is een informatiebijeenkomst gehouden met ondernemers van 8 bedrijven om ideeën, kansen en uitdagingen te verzamelen. • Een vervolgbijeenkomst wordt ingepland om de betrokkenheid verder te versterken. De input van de ondernemers wordt verwerkt in een plan van aanpak, gericht op de stimulering van zonnepanelen op de 20 grootste bedrijfsdaken in Zuidplas.
2 Richtlijn 2024/1275 van het Europees Parlement betreffende de energieprestaties gebouwen, 2024.
onderwerp
registratienummer
Lokale Energie Uitvoeringsstrategie
Z25.003383
4.1.2 Overige bestaande daken Uit de inventarisatie binnen de versnellingsopgave Zon op Dak blijkt dat grote wooncomplexen binnen de gemeente een potentieel hebben van 0,009 TWh aan duurzame energieopwek. De gemeente ondersteunt VvE’s bij verduurzaming door hen toegang te bieden tot onafhankelijk advies, wat de toepassing van zonnepanelen op deze daken stimuleert. De ervaringen en resultaten van het participatietraject voor de 20 grootste daken worden gebruikt om de aanpak voor overige grote platte daken verder vorm te geven. De stimulering van zonnepanelen op bedrijfsdaken wordt jaarlijks geëvalueerd en indien nodig bijgesteld, zodat de aanpak continu verbeterd wordt.
4.1.3 Nieuwbouw en renovatie Doelwijk II en Gouwepark II zijn beide grootschalige nieuwbouwprojecten die betrokken zijn binnen de ontwikkelingen van het Middengebied. Beide projecten bevatten de ambitie om alle daken van de bedrijven te voorzien van zonnepanelen. Doelwijk II levert 10 tot 12 ha aan PV-oppervlakte op en de eerste oplevering van het project wordt in 2028 verwacht. Dit zal vermoedelijk ongeveer 20% van de totaaloppervlakte voor 2030 betekenen. De oplevering van het gehele project wordt vanaf 2033 verwacht. Gouwepark II levert 6 tot 8 ha aan PV-oppervlakte op. Volgens de huidige planning worden de eerste gebouwen vanaf 2030 opgeleverd en het gehele project vanaf 2040. Omdat de oplevering van de tweede fase van Doelwijk ll en Gouwepark II na 2030 plaatsvindt, worden deze projecten in de berekening van de opwekpotentie voor 2030 buiten beschouwing gelaten. In de onderstaande tabel wordt de opwek van deze projecten weergegeven zodra ze gerealiseerd zijn na 2030. Type
Status
Projectnaam
Opwek (TWh)
Zon op gebouw
Pijplijn
Doelwijk II (laatste 80%)
0,009
Zon op gebouw
Pijplijn
Gouwepark II
0,007
Totaal
0,016
4.2 Zon op Veld Zon-op-Veldprojecten vormen een noodzakelijke aanvulling op Zon op Dak projecten. De belangrijkste projecten zijn Proefveld Kronos, Moerkapelle Zuid, Energielandschap Middengebied en Bredeweg/Noordelijke Dwarsweg. Het Restveengebied is niet meegenomen in de berekeningen en analyse binnen de LEUS, omdat het geen vastgesteld zoekgebied binnen het programma Zon op Veld is en zich primair richt op natuurontwikkeling. In de planvorming wordt onderzocht of duurzame energieopwekking op termijn op een integrale manier kan worden meegenomen.
Belangrijkste projecten: Projectnaam
Status
Opwekpotentieel (TWh/jaar)
Proefveld Kronos
Huidig (gerealiseerd)
0,012
Moerkapelle Zuid
Pijplijn
0,019
Energielandschap Middengebied
Ambitie: wel uitgewerkt
0,023*
onderwerp
registratienummer
Lokale Energie Uitvoeringsstrategie
Z25.003383
Ambitie: wel uitgewerkt
Bredeweg/Noordelijke Dwarsweg Totaal
0,014* 0,068
* Op voorwaarde van (volledige) uitvoering.
4.2.1 Proefveld Kronos Het Proefveld Kronos zonnepark is inmiddels gerealiseerd in de Zuidplaspolder. De energieproductie en de staat van de installatie op afstand gemonitord om te waarborgen dat het zonnepark optimaal functioneert.
4.2.2 Moerkapelle Zuid Op 11 juni 2024 heeft de gemeente Zuidplas het Programma Zon op Veld vastgesteld en drie zoekgebieden opengesteld: de Bredeweg/Noordelijke Dwarsweg, het Energielandschap en Moerkapelle-Zuid. Tijdens deze openstellingsperiode is er één initiatief ingediend binnen het zoekgebied MoerkapelleZuid. Dit initiatief is op 27 maart 2025 positief ontvangen door het college, wat heeft geleid tot een principebesluit. Dit besluit vormt de eerste stap in het vergunningsproces. Op basis hiervan kunnen de initiatiefnemer en de gemeente gezamenlijk verdere stappen zetten in de uitwerking van het plan. In een later stadium is gebleken dat binnen de zoeklocatie een vrijwaringszone voor het hoogspanningsnet aanwezig is, bedoeld voor ondergronds leidingwerk. De gemeente onderzoekt samen met de initiatiefnemer de mogelijkheden om hiervoor een ontheffing van het Rijk te verkrijgen. Omdat dit proces afhankelijk is van de besluitvorming op rijksniveau, kan op dit moment nog geen uitspraak worden gedaan over het verdere verloop van de vergunningverlening.
4.2.3 Energielandschap Het Energielandschap is betrokken geweest bij de eerste openstelling van Programma Zon op Veld. Daarnaast is dit zoekgebied betrokken bij de bredere opgave voor het Middengebied, waarvoor een integrale ontwerpbenadering nodig is. Voor het Energielandschap is een landschappelijk ontwerp vereist, waarbij rekening wordt gehouden met diverse ruimtelijke inpassingen. Deze ontwikkeling wordt binnen de opgave Middengebied verder uitgewerkt, met als doel om in 2027 te starten met de realisatie.
4.2.4 Bredeweg/Noordelijke Dwarsweg Bij de eerste openstelling van het Programma Zon op Veld is zoekgebied Bredeweg/Noordelijke Dwarsweg betrokken geweest, maar er is destijds geen initiatief ingediend. Op dit moment wordt lokaal, in afstemming met de RES-regio, verkend hoe het vervolgproces voor Zon op Veld vorm kan krijgen. Hoewel er tijdens de eerste ronde geen initiatief is ingediend voor dit zoekgebied, worden de mogelijkheden op initiatief van de gemeente, los van het programma Zon op Veld, verder onderzocht.
4.3 Andere zon projecten Gemeente Zuidplas onderzoekt samen met Rijkswaterstaat, Provincie Zuid-Holland en omliggende gemeenten de mogelijkheden voor duurzame energieopwekking langs de A12 en A20, binnen het programma Opwek Energie Rijksgronden (OER). Daarnaast wordt samen met ProRail gekeken naar de inzet van eigen gronden in Moordrecht voor duurzame energieopwekking. Projectnaam OER A12
Status Pijplijn
Opwekpotentieel (TWh/jaar) 0,004
onderwerp
registratienummer
Lokale Energie Uitvoeringsstrategie
Z25.003383
OER A20
Ambitie: wel uitgewerkt
Totaal OER ProRail
0,009 0,013
Ambitie: wel uitgewerkt
Totaal andere zonprojecten
0,003 0,016
4.3.1 OER A12 Op 11 juni 2024 heeft gemeente Zuidplas de Intentieverklaring Opwek Energie op Rijksgronden A12 (Z24.001343) ondertekend. Daarmee is formeel de verkenningsfase van het OER-A12 project gestart. Het beoogde resultaat van deze fase is het opstellen van een samenwerkingsovereenkomst, waarin de afspraken over de verdere uitwerking worden vastgelegd. De verwachting is dat de samenwerkingsovereenkomst in het tweede kwartaal van 2026 aan het college wordt aangeboden ter besluitvorming.
4.3.2 OER A20 In januari 2025 is de voorverkenningsfase van het OER-project voor de A20 gestart. Tegelijkertijd werkt Rijkswaterstaat aan de verbreding van de A20. Dit traject is leidend voor de toekomstige inrichting van de infrastructurele zones langs de A20. Vanwege deze prioriteit is besloten om het deelgebied van Zuidplas binnen het OER A20 project tijdelijk te pauzeren. Zodra er duidelijkheid is over het ontwerp van de wegverbreding, wordt het OER-project binnen Zuidplas hervat.
4.3.3 ProRail ProRail heeft als doelstelling om in 2030 volledig energieneutraal te zijn en verkent of eigen gronden in Moordrecht geschikt zijn voor opwekking van duurzame energie. De gemeente staat hier in principe positief tegenover, mits het initiatief voldoet aan de geldende ruimtelijke voorwaarden en andere relevante kaders.
5. Aanpak De LEUS speelt een belangrijke rol bij het realiseren van de duurzame energieambities van Zuidplas. De kracht van Zuidplas ligt in de gezamenlijke lokale aanpak: samen met inwoners, ondernemers, grondeigenaren en maatschappelijke organisaties wordt stap voor stap gewerkt aan een duurzame energievoorziening. De gemeente neemt verschillende rollen op zich, afhankelijk van het type activiteit. Dit varieert van het stellen van beleidskaders tot het faciliteren en stimuleren van initiatieven, het verstrekken van onafhankelijke informatie, en het verbinden van partijen die gezamenlijk de duurzaamheidsdoelen willen bereiken. De gemeente werkt samen met lokale stakeholders aan de uitvoering van projecten en vervult daarbij een regisserende en ondersteunende rol.
5.1. Verstevigen van de uitvoering De inspanningen worden vanaf 2026 lokaal verder versterkt door gerichte acties in verschillende projecten. Dit doen we bij de aanpak Zon op Dak en binnen het programma Zon op Veld. • Zon op Dak: Binnen deze aanpak ligt de focus op het benutten van de grootste daken van bedrijven en VvE’s. De gemeente begeleidt, informeert en stimuleert eigenaren, en gebruikt de ervaringen van de 20 grootste daken om de aanpak verder te verbeteren en op te schalen.
onderwerp
registratienummer
Lokale Energie Uitvoeringsstrategie
Z25.003383
•
Zon op Veld: Met Zon op Veld verkennen we zonnevelden op locaties als Moerkapelle Zuid, Bredeweg/ Noordelijke Dwarsweg en het Energielandschap. Deze locaties bieden veel potentieel voor grootschalige duurzame energieopwekking. De gemeente zorgt ervoor dat de grondeigenaren goed geïnformeerd worden over de mogelijkheden en faciliteert de benodigde samenwerkingsstructuren. Daarnaast werkt de gemeente aan de verbinding van verschillende partijen, zoals projectontwikkelaars, gemeenten en netbeheerders, voor een efficiënte uitvoering.
De voortgang van projecten wordt structureel gevolgd via het programmadashboard van het Programmaplan Duurzaamheid, waardoor tijdig kan worden bijgestuurd en de uitvoering gericht kan worden versterkt. Resultaten worden periodiek gedeeld met partners binnen de gemeente en de regio. Op die manier vormt de LEUS niet alleen een inzicht gevend document, maar ook een middel om samenwerking te versterken en de voortgang richting 2030 te volgen. Op basis van bovenstaande heeft de gemeente de afgelopen periode belangrijke stappen gezet om de lokale energieopwekking te vergroten. Tegelijk blijft extra inzet noodzakelijk om de lokale opwekdoelstelling van 0,097 TWh volledig te behalen.
5.2. Monitoring en verantwoording De LEUS vormt de basis om in de toekomst de voortgang van zonne-energieprojecten te monitoren, in lijn met het Programmaplan Duurzaamheid en het bijbehorende programmadashboard. De potentiële opwek wordt opgenomen in dit dashboard, zodat zichtbaar wordt hoe de gemeente Zuidplas vordert richting de lokale doelstelling van 0,097 TWh in 2030. Zodra zonneprojecten zijn gerealiseerd, wordt hun productie geregistreerd als feitelijke lokale opwek. Hiermee ontstaat een actueel beeld van de gerealiseerde en nog te realiseren bijdrage van de aanpak Zon op Dak (ZoD), het programma Zon op Veld (ZoV), en overige zonprojecten, zoals OER A12 en A20 en het initiatief in samenwerking met ProRail. Monitoring dient niet alleen ter verantwoording, maar ook als sturingsinstrument. Op basis van actuele gegevens kan het beleid waar nodig worden aangepast of kunnen aanvullende maatregelen worden genomen om de doelstelling tijdig te behalen. De voortgangsgegevens worden periodiek gedeeld binnen het programmateam duurzaamheid en gebruikt voor rapportages aan het bestuur en de gemeenteraad. Deze monitoring is een essentieel instrument om de lokale en regionale doelstellingen te volgen en te communiceren met externe stakeholders, zoals de betrokken partijen bij de RES Midden-Holland.
De LEUS wordt, waar relevant, geactualiseerd op basis van nieuwe inzichten, gerealiseerde projecten en veranderende omstandigheden in beleid of netcapaciteit. Op deze manier blijft de LEUS een levend document dat richting geeft aan de uitvoering én een transparant kader biedt voor monitoring en verantwoording.
5.3. Communicatie en participatie Voor een succesvolle uitvoering van de zonneprojecten binnen de LEUS van Zuidplas spelen verschillende factoren een rol. Belangrijk zijn samenwerking, duidelijke communicatie, betrokkenheid van relevante partijen en het rekening houden met risico’s. Goede communicatie vanuit de gemeente helpt inwoners en ondernemers te betrekken en maakt de voortgang van de projecten inzichtelijk. Bij de uitvoering van de zonneprojecten is het ook belangrijk om alle betrokkenen mee te nemen. In de
onderwerp
registratienummer
Lokale Energie Uitvoeringsstrategie
Z25.003383
volgende paragrafen wordt uitgelegd hoe communicatie (5.3.1) en participatie (5.3.2) bij de uitvoering van de zonneprojecten worden aangepakt.
5.3.1 Communicatie Om de doelstellingen van de LEUS te behalen hebben we inwoners en ondernemers nodig in de gemeente Zuidplas. We gaan deze hele transitie samen door. Dit vraagt ook veel van transparante en tijdige communicatie vanuit de gemeente. De LEUS wordt dan ook direct na besluitvorming in het college, gecommuniceerd richting de inwoners. De gemeente zorgt voor heldere en tijdige communicatie via diverse kanalen, waaronder een nieuwsitem op duurzaamzuidplas.nl en een bericht in de eerste nieuwsbrief van 2026. Voor de specifieke projecten binnen de LEUS levert de afdeling communicatie waardevolle input voor het creëren van passende mediaberichten en denkt strategisch mee over de inzet van geschikte communicatiekanalen. Communicatie is hierbij van belang, omdat het niet alleen zorgt voor transparantie, maar ook voor het creëren van draagvlak en betrokkenheid bij de projecten.
5.3.2 Participatie Bij de uitvoering van de projecten binnen de LEUS is het belangrijk dat alle betrokkenen worden meegenomen. Dit gaat bijvoorbeeld om inwoners, ondernemers, gebouweigenaren, grondeigenaren en andere belanghebbenden. Door hen vroegtijdig te betrekken, kunnen ideeën, zorgen en kansen worden meegenomen. Zo ontstaat draagvlak en wordt de kans op succesvolle uitvoering van projecten groter. Voor sommige projecten verloopt deelname via een gebiedsparticipatieproces. Dit proces helpt om samen tot breed gedragen voorstellen te komen en te zorgen dat plannen uitvoerbaar zijn. Niet alle gebouweigenaren of grondeigenaren kunnen of willen direct meedoen, bijvoorbeeld omdat een dak niet geschikt is voor zonnepanelen. Vroege afstemming en samenwerking met alle betrokkenen vergroten de kans dat projecten op tijd worden gerealiseerd en de doelstelling van 0,097 TWh kan worden gehaald.
onderwerp
registratienummer
Lokale Energie Uitvoeringsstrategie
Z25.003383
6. Risico’s: netcongestie en aansluitingsrisico’s Netcongestie vormt het belangrijkste risico voor de uitvoering van energieopwekprojecten. Door beperkte capaciteit op het elektriciteitsnet kunnen projecten vertraging oplopen of tijdelijk niet worden aangesloten. Om dit risico te beperken, is het van belang om de netbeheerder al in een vroeg stadium te betrekken bij de verdere uitwerking van de projecten. Vroegtijdige afstemming vergroot de kans op tijdige aansluiting en realisatie. Daarnaast kan bij de projectontwikkeling worden gekeken naar oplossingen zoals opslag van energie of de aanleg van lokale energiesystemen, bijvoorbeeld op bedrijventerreinen, zodat opgewekte elektriciteit direct lokaal gebruikt wordt en minder afhankelijk is van het net.
onderwerp
registratienummer
Lokale Energie Uitvoeringsstrategie
Z25.003383
Bijlagen Bijlage 1: Analyse volledig opwekpotentieel Zuidplas Zie het totaaloverzicht van projecten hieronder. Type
Status
Projectnaam
Zon op gebouw
Huidig
Zon op grote daken
Zon op gebouw
Pijplijn
Zon op gebouw
0,020
% Lokale Opgave 21%
% Regio Opgave 5%
Doelwijk II voor 2030 (eerste 20%)
0,002
2%
1%
Ambitie: wel uitgewerkt
20 grootste daken
0,017
18%
4%
Zon op gebouw
Ambitie: niet uitgewerkt
Overige grote daken > 2000 m²
0,035
36%
8%
Zon op gebouw
Ambitie: niet uitgewerkt
Overige grote daken 750 m² - 2000 m²
0,029
30%
7%
Zon op gebouw
Ambitie: niet uitgewerkt
Overige grote daken 250750 m²
0,043
45%
10%
Andere zon projecten
Pijplijn
OER A12
0,004
4%
1%
Andere zon projecten
Ambitie: wel uitgewerkt
OER A20
0,009
9%
2%
Andere zon projecten
Ambitie: wel uitgewerkt
ProRail
0,003
3%
1%
Zon op veld
Huidig
Proefveld Kronos
0,012
13%
3%
Zon op veld
Pijplijn
Moerkapelle Zuid
0,019
19%
4%
Zon op veld
Ambitie: wel uitgewerkt
Bredeweg/Noordelijke Dwarsweg
0,014
15%
3%
Zon op veld
Ambitie: wel uitgewerkt
Energielandschap Middengebied
0,023
23%
5%
0,230
237%
53%
Totaal
Opwek (tWh)
1. Volledig potentieel: Wanneer alle opgesomde projecten doorgaan (excl. wind), bedraagt het gezamenlijk opwekpotentieel van 0,230 TWh (bijlage 2, figuur 1). 2. Huidige projecten (status huidig + pijplijn) + autonome groei: Als alleen de lopende projecten en autonome groei worden uitgevoerd, komt het opwekpotentieel uit op 0,069 TWh (bijlage 2, figuur 2). 3. Wel uitgewerkte ambities: Leveren 0,066 TWh op (bijlage 2, figuur 3). 4. Niet uitgewerkte ambities: Potentieel hiervan is 0,107 TWh (bijlage 2, figuur 4). Uitleg: Binnen de LEUS wordt onderscheid gemaakt tussen ‘Ambitie: wel uitgewerkt’ en ‘Ambitie: niet uitgewerkt’. Voor ‘Ambitie: wel uitgewerkt’ zijn plannen of projecten lopend. Voor ‘ambitie: niet
uitgewerkt’ zijn nog geen concrete plannen of projecten lopend. Om het volledige opwekpotentieel te halen moet op alles worden ingezet, zowel de grote bedrijfsdaken als alle andere grote daken. De OER-projecten A12 en A20 leveren aanvullend opwekpotentieel zonder extra belasting voor (inwoners van) de gemeente. Ook de verkenning van al geplande Zon-op-Veld locaties kan doorgezet worden. onderwerp
registratienummer
Lokale Energie Uitvoeringsstrategie
Z25.003383
Bijlage 2: Analyse opwekpotentieel Zuidplas
Figuur 1. Totale (potentiële) opwek alle projecten (excl. Windmolens)
Figuur 2. Totale (potentiële) opwek lopende projecten incl. autonome groei
Figuur 3. Totale (potentiële) opwek projecten met status wel uitgewerkte ambitie onderwerp
registratienummer
Lokale Energie Uitvoeringsstrategie
Z25.003383
Figuur 4. Totale (potentiële) opwek projecten met status niet uitgewerkte ambitie
onderwerp
registratienummer
Lokale Energie Uitvoeringsstrategie
Z25.003383
Ook zonder direct gemeentelijk beleid wordt een verdere toename van het aantal zonnepanelen in de gemeente Zuidplas verwacht, gedreven door landelijke trends, technologische ontwikkelingen en het toenemende bewustzijn onder inwoners en ondernemers. Tegelijkertijd kunnen factoren zoals het voorgenomen afschaffen van de salderingsregeling en toenemende netcongestie de groei vertragen. In de scenario’s van Netbeheer Nederland (2023) is de verwachte toename in de productie van hernieuwbare elektriciteit berekend. Voor het inschatten van de autonome groei van zonnepanelen in Zuidplas wordt uitgegaan van het lage scenario voor 2030. Dit scenario gaat uit van beperkte sturing door lokale overheden en een markt gedreven ontwikkeling. Volgens deze prognose groeit de opwek van zon op gebouwen en woningen in 2030 met ongeveer 505% ten opzichte van 2019. Let op: Deze inschatting houdt mogelijk geen rekening met de afname in groei door de afschaffing van de salderingsregeling en netcongestie, die beide beperkende factoren kunnen zijn voor de verdere uitbreiding van zonnepanelen. Indien dit niet volledig wordt meegenomen, kan de werkelijke autonome groei lager uitvallen dan momenteel wordt ingeschat. In 2019 bedroeg de opwek van zonne-energie op grote daken in Zuidplas 6,3 GWh (RVO, z.d.).
Wanneer deze ontwikkeling lineair wordt doorgetrokken op basis van het lage scenario van Netbeheer Nederland, komt de verwachte opwek in 2030 uit op ongeveer 31,8 GWh, Volgens het scenario zal bij autonome groei de huidige gerealiseerde opwek in Zuidplas groeien met 11,4 GWh t.o.v. 2024. Onderstaande grafiek toont het verloop van de opwekcapaciteit bij autonome groei op basis van het scenario van Netbeheer Nederland (2023). De oranje lijn toont de gerealiseerde opwek. Verwachte opwek 2030 bij autonome groei: 31,8 GWh (0,032 TWh)
•
RVO (z.d.) Klimaatmonitor: Huidige productie Zuidplas. Geraadpleegd op 9 oktober 2025.
Bijlage gemeentelijke uitwerking RES-bod