CConstaterende datKrimpenerwaard
Koppel je AI →
Document · PDF

Kadernota 2022.pdf

Beeldvorming R&F (vergaderzaal 1.6) 31 mei 2021, gemeente KrimpenerwaardBij agendapunt: Kadernota 202216.934 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Kaders 2022

Zaaknummer: 193132181

Behorend bij raadsbesluit nr: 193132181 / 89804

2

Documentnummer: 193132181 / 94181

INHOUDSOPGAVE Inhoudsopgave ........................................................................................................................................................ 3 1. Inleiding ................................................................................................................................................................ 4 1.1 Incidentele dekking ten laste van reserves ............................................................................................ 5 1.2 Opbouw kadernota ................................................................................................................................. 6 2. Scenario’s ............................................................................................................................................................. 7 2.1 Proces ..................................................................................................................................................... 7 3. Vertrekpunt meerjarenbegroting 2022-2025 ..................................................................................................... 9 3.1 Saldo vertrekpunt kaders 2022...............................................................................................................

9 3.2 Nieuw beleid ........................................................................................................................................... 9 3.3 Algemene dekkingsmiddelen................................................................................................................ 10 3.4 Risicobeheersing .................................................................................................................................. 12 4. Aanpassingen meerjarenbegroting 2022-2025 ............................................................................................... 13 4.0 Bestuur en ondersteuning .................................................................................................................... 14 4.1 Veiligheid .............................................................................................................................................. 20 4.2 Verkeer, vervoer en waterstaat ............................................................................................................ 23 4.3 Economie .............................................................................................................................................. 27 4.4 Onderwijs ..............................................................................................................................................

32 4.5 Sport, cultuur en recreatie .................................................................................................................... 35 4.6 Sociaal domein ..................................................................................................................................... 39 4.7 Volksgezondheid en milieu ................................................................................................................... 44 4.8 Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing ........................................................ 51 5. Indeling begroting ............................................................................................................................................. 56 5.1 Taakvelden ........................................................................................................................................... 56 5.2 Paragrafen ............................................................................................................................................ 56 6. Kaders voor de begroting 2022 ........................................................................................................................ 57 6.1 Financieel toezicht ................................................................................................................................

57 6.2 Uitgaven ................................................................................................................................................ 57 6.3 Inkomsten ............................................................................................................................................. 57 6.4 Salarisontwikkelingen ........................................................................................................................... 57 6.5 Investeringen ........................................................................................................................................ 57 6.6 Verbonden partijen ............................................................................................................................... 58 6.7 Financiering .......................................................................................................................................... 59 6.8 Programmatisch werken ....................................................................................................................... 59 6.9 Subsidies .............................................................................................................................................. 60 6.10 Sustainable Development Goals ........................................................................................................

60 6.11 Egalisatiereserve ICT ......................................................................................................................... 60 7. Lokale heffingen ................................................................................................................................................ 62 7.1 Onroerende-zaakbelastingen (OZB) en overige ongebonden heffingen ............................................. 62 7.2 Gebonden heffingen ............................................................................................................................. 62 Bijlagen ................................................................................................................................................................... 63 Bijlage 1 - Toelichting op nieuw beleid ....................................................................................................... 63 Bijlage 2 - Nieuw beleid naar categorie ...................................................................................................... 69

3

1. INLEIDING In de financiële verordening gemeente Krimpenerwaard 2019 (artikel 4) is opgenomen dat het college van B&W aan de gemeenteraad een nota aanbiedt met een voorstel voor het beleid en de financiële kaders van de begroting voor het volgende begrotingsjaar en de meerjarenraming. Met het vaststellen van deze “kaders 2022” geeft de gemeenteraad richting mee aan het college voor het opstellen van de meerjarenbegroting 2022-2025. Het proces van het opstellen van de komende meerjarenbegroting zal worden gekenmerkt door de financieel onzekere tijden die gelden voor de meeste, zo niet alle gemeenten in Nederland. De oorzaken hiervan zijn divers. Zo is binnen het sociaal domein sprake van stijgende kosten. Niet alleen voor jeugdzorg, maar ook binnen de WMO. Voor 2021 heeft het Rijk weliswaar extra middelen aangekondigd, maar structureel zijn er nog geen toezeggingen gedaan en wordt verwezen naar een nieuw kabinet, dat de komende jaren mogelijk ook nog moet gaan bezuinigen. Ook is er nog geen zicht op de structurele (financiële) effecten als gevolg van COVID-19. Datzelfde geldt voor de herijking van het Gemeentefonds. Eerst bleek dit nadelig uit te pakken voor Krimpenerwaard en nu lijkt het de komende jaren juist weer voordeliger uit te pakken. Zekerheid over de uitkomsten is er op dit moment echter nog niet en dat maakt verwerking in de begroting lastig.

Een proces dat ook met veel onduidelijkheid en onzekerheid is omgeven betreft de invoering van de Omgevingswet. Zowel de gevolgen voor de begroting als de datum waarop de wet in werking treedt, zijn op dit moment nog niet helder. Tenslotte zien we ook dat het duurzaamheidsvraagstuk in de nabije toekomst forse investeringen met zich meebrengt voor gemeenten. De hiervoor genoemde ontwikkelingen en onzekerheden zijn onderdeel van een trend die al eerder is ingezet. Zo is bij het opstellen van de begroting 2021 al € 5 miljoen aan structurele financiële ruimte gezocht en gevonden. Wij houden er vooralsnog rekening mee dat Krimpenerwaard zich de komende jaren geconfronteerd ziet met nog eens extra structurele lasten van tussen € 2 miljoen en € 10 miljoen. Om deze financiële uitdaging het hoofd te kunnen bieden, zijn we samen met de gemeenteraad een traject gestart om te komen tot verschillende scenario’s en bezuinigingsmogelijkheden. Afhankelijk van het daadwerkelijk verwachte tekort voor 2022 en verder besluit uw raad welke van de mogelijkheden ingezet worden om tot een sluitende begroting te komen. De bezuinigingsmogelijkheden zijn onderdeel van een apart raadsvoorstel dat tegelijkertijd met de kaders voor 2022 wordt behandeld. Verderop in de kadernota treft u wel een beschrijving aan van de gehanteerde werkwijze bij het opstellen van de scenario’s en bezuinigingsmogelijkheden.

De basis voor deze kaders wordt gevormd door de op 10 november 2020 vastgestelde begroting 2021 met de meerjarenraming. Deze begroting is structureel sluitend en laat 3 positieve jaarschijven zien. Alleen in de jaarschijf 2023 is sprake van een tekort. Voor deze kadernota betekent dit dat alleen de jaarschijf 2023 een negatief saldo als vertrekpunt heeft. Vanuit dit vertrekpunt is geïnventariseerd op welke onderdelen we vanuit het collegeprogramma intensivering van beleid vooralsnog noodzakelijk vinden, waar we verwachten dat inkomsten en uitgaven gaan veranderen en welke investeringen op ons afkomen. De aanvragen zijn ingedeeld in de volgende categorieën: 1. Collegeprogramma

:

2. Noodzakelijk

:

3. Beleidskeuze

:

betreft invulling en uitwerking van de beleidsspeerpunten uit het Collegeprogramma betreft aanpassingen op basis van wettelijke voorschriften, reeds aangegane verplichtingen en/of reeds genomen besluiten. Dit kan zowel bestaand als nieuw beleid betreffen. betreft aanvragen die niet onder de andere categorieën vallen.

Door de hele kadernota heen zijn de aanvragen telkens met bovenstaande kleuren weergegeven, zodat duidelijk is tot welke categorie ze behoren. In bijlage 2 is een overzicht van alle aanvragen per categorie opgenomen. De investeringen voor de komende jaren zijn op basis van dezelfde hiervoor genoemde driedeling opgenomen in de kadernota. De hieruit voortvloeiende lasten in verband met rente en afschrijving zijn ook verwerkt, voor zover deze van invloed zijn op het saldo van de exploitatie. Voor de meeste investeringen geldt dat het investeringen betreft die ten laste worden gebracht van voorzieningen. De structurele effecten vanuit de jaarrekening 2020 zijn, voor wat betreft de kapitaallasten (= rente en afschrijving), in lijn met voorgaande jaren, nu nog niet meegenomen. Zodra de jaarrekening 2020 door uw raad is vastgesteld, worden de kapitaallasten geactualiseerd en rechtstreeks verwerkt in de 2e tussentijdse rapportage 2021. Bij de nieuwe aanvragen voor zowel exploitatie als investeringen is rekening gehouden met de nieuwe bestuursperiode die in 2022 start na de gemeenteraadsverkiezingen. Zoveel als mogelijk is gekozen voor een beleidsarme kadernota om het nieuwe bestuur ruimte te geven om eigen keuzes te maken. 4

Naast de saldi uit de meerjarenraming van de begroting 2021, zijn ook de financiële effecten uit de 1e tussentijdse rapportage 2021 meegenomen. Deze laat structureel een klein positief saldo zien. De reden voor de kleine plus is tweeledig. Enerzijds is de positieve uitkomst van de septembercirculaire 2020, als onderdeel van het dekkingsplan bij de begroting 2021, al meegenomen in de 1e begrotingswijziging 2021. Zie ook de tabel verderop. Anderzijds zijn de structurele effecten vanuit de jaarrekening 2020 met betrekking tot het sociaal domein ook nog niet meegenomen. Bij de Jaarrekening 2020 is een toename van de jeugd- en Wmo-lasten met bijna € 1 miljoen geconstateerd. De structurele doorwerking van deze toename in de begroting van 2021 en verder nemen wij mee in de 2e Tussentijdse rapportage 2021. Eerst willen wij zicht krijgen op de achterliggende oorzaken van deze toename vanuit een nadere analyse. Ook geeft een prognose voor heel 2021 op grond van de betaalgegevens van nog maar 1 kwartaal over 2021 nog een onvoldoende beeld of de verhoging van structurele aard is. Tenslotte wordt naar verwachting bij de Meicirculaire 2021 bekend wat de gevolgen zullen zijn van de eenmalig hogere rijksbijdrage bij Jeugd. De financiële effecten van de Meicirculaire nemen we mee in de 2e Tussentijdse rapportage 2021. Hierbij doen we de raad een afgewogen voorstel. Omschrijving

2022

2023

2024

2025

Structureel saldo meerjarenbegroting 2021 (na wijzigingen)

160

-356

40

40

Structureel saldo meerjarenbegroting 2021 (na wijzigingen)

160

-356

40

40

73

73

73

73

233

-283

113

113

Collegeprogramma

-188

-188

-88

-88

Noodzakelijk

-714

-645

-645

-645

Beleidskeuze

-496

-411

-266

-266

-1.398

-1.244

-999

-999

Collegeprogramma

100

100

-

-

Noodzakelijk

69

0

-

-

Beleidskeuze

230

145

-

-

Incidenteel saldo aanpassingen kadernota

399

245

-

-

Structureel saldo kaders

-766

-1.282

-886

-886

e

Structureel saldo 1 Tussentijdse rapportage 2021 Saldo meerjarenbegroting 2021 na 1e Tussentijdse rapportage Aanpassingen beleid:

Totaal aanpassingen kadernota Waarvan incidenteel:

Bedragen x € 1.000

Zoals uit het voorgaande wel blijkt geven de meerjarige saldi zoals gepresenteerd in deze kadernota nog geen zekerheid ten aanzien van het uiteindelijke saldo van de meerjarenbegroting 2022-2025. Het is nog te vroeg om daar op vooruit te lopen. Naast reeds genoemde onzekerheden en onduidelijkheden is ook de uitkomst van de meicirculaire 2021 nog niet meegenomen in het saldo van deze kadernota en is ook de aanpassing van de bijdragen aan gemeenschappelijke regelingen nog niet verwerkt. Richting de begrotingsbehandeling in november worden de gepresenteerde meerjarige saldi verder uitgewerkt en geactualiseerd.

1.1 Incidentele dekking ten laste van reserves In het voorgaande wordt het structurele saldo als uitgangspunt gepresenteerd. Voor de incidentele aanvragen geldt dat deze vooralsnog ten laste van reserves worden gebracht. Hiermee zijn ze niet van invloed op het saldo van de exploitatie. In onderstaand overzicht is te zien voor welke bedragen er per programma en jaarschijf incidenteel een beroep wordt gedaan op de algemene en bestemmingsreserves. De betreffende aanvragen die hiermee worden gedekt, zijn wel toegelicht in deze nota.

5

2022

2023

2024

2025

Reserve Sociaal Domein

155

70

-

-

Sociaal Domein

155

70

-

-

Algemene reserve*

244

175

-

-

Sociaal Domein

69

-

-

-

Volksgezondheid en milieu

100

100

-

-

Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en

75

75

-

-

399

245

-

-

stedelijke vernieuwing Eindtotaal Bedragen x € 1.000

* Vooralsnog is aangegeven dat de Algemene reserve wordt ingezet ter dekking van de betreffende onderliggende aanvragen. Of dit daadwerkelijk nodig is, hangt af van het uiteindelijke saldo van de meerjarenbegroting 2021. Indien het saldo toereikend is, hoeft voor de incidentele posten geen of een lager beroep te worden gedaan op de Algemene reserve.

1.2 Opbouw kadernota Voor de opzet van de kadernota 2022 is zoveel mogelijk aansluiting gezocht bij zowel voorgaande kadernota’s als bij de presentatie van de begroting 2021. Eerst wordt in hoofdstuk 2 ingegaan op het proces met betrekking tot het werken met scenario’s. Vervolgens laat hoofdstuk 3 de financiële opbouw van het saldo van deze kadernota zien. In hoofdstuk 4 wordt ingegaan op de aanpassingen op de meerjarenbegroting en de gevolgen die deze hebben. Dit betreft zowel beleidsmatige als financiële aanpassingen. Hoofdstuk 5 gaat in op de indeling van de begroting. Vervolgens worden in hoofdstuk 6 de bij het opstellen van de meerjarenraming 2022 te hanteren kaders toegelicht. Deze kaders vinden hun oorsprong zowel in door externe partijen opgelegde regels als in interne, door ons zelf opgelegde, criteria. Tenslotte wordt in hoofdstuk 7 ingegaan op de lokale heffingen. Daarna volgt nog een aantal bijlagen.

6

2. SCENARIO’S Op 10 november 2020 heeft de gemeenteraad de meerjarenbegroting 2021 inclusief 1e begrotingswijziging vastgesteld. Om tot een sluitende begroting te komen is er naar ca. € 5 miljoen aan structurele ruimte gezocht. Deze is veelal gevonden in financieel technische voorstellen en binnen de budgetten voor bedrijfsvoering, waardoor de lucht uit de begroting is. Zoals gecommuniceerd met de raad zijn er ook de komende jaren ontwikkelingen die er voor kunnen zorgen dat we ons als gemeente geconfronteerd zullen zien met tekorten. Dit heeft onder andere te maken met:      

Lastenontwikkeling binnen het sociaal domein Herijking Gemeentefonds Structurele effecten COVID-19 Invoering Omgevingswet Mogelijke bezuinigingen Rijk Etc.

Voor al deze onderwerpen geldt dat nog duidelijk moet worden wat de exacte omvang en impact ervan is op onze begroting voor 2022 en verder. Duidelijk is wel dat ze, ook al zijn we een financieel gezonde gemeente, leiden tot tekorten voor de komende jaren die kunnen oplopen tot van enkele tot vele miljoenen euro’s. Gezien deze financiële uitdagingen heeft de gemeenteraad bij de behandeling van de begroting 2021 een motie (M20081) aangenomen. In deze motie wordt het college verzocht om de raad tijdig enkele scenario’s voor te leggen aan de hand waarvan keuzes gemaakt kunnen worden. Wij zijn hiermee voortvarend aan de slag gegaan en bieden u tegelijkertijd met de behandeling van deze kadernota een palet aan bezuinigingsmogelijkheden aan die kunnen worden ingezet om nu en in de toekomst te komen tot een structureel sluitende meerjarenbegroting. Onderstaand wordt een korte toelichting gegeven op het proces om te komen tot scenario’s en bezuinigingsvoorstellen. Voor de inhoud van de bezuinigingsvoorstellen wordt verwezen naar het separate voorstel hierover.

2.1 Proces 2.1.1 “Weertypen” Zoals aangegeven is het op dit moment nog niet duidelijk wat de hoogte van het verwachte meerjarige tekort zal zijn. Voorstel is dan ook om voor de omvang van het verwachte tekort vooralsnog te werken met reële bandbreedtes. Deze bandbreedtes zijn vertaald naar 4 “weertypen” (scenario’s):

Pas na de vorming van een nieuw kabinet wordt er meer duidelijk over het weertype waarmee we te maken krijgen voor 2022 en verder. Op zijn vroegst zal dit zijn bij de septembercirculaire 2021, maar waarschijnlijker is dat het pas bij de decembercirculaire is. Om te bepalen welke bezuinigingsmogelijkheden ingezet mogen worden om tot een sluitende begroting te komen, hoeft echter niet tot die tijd gewacht te worden. De discussie over welke mogelijkheden bij welk “weertype” ingezet mogen worden kan door de gemeenteraad al bij deze kadernota worden gevoerd. Daarbij kan ook de afweging worden gemaakt over inzet van welke mogelijkheden de huidige gemeenteraad reeds een beslissing kan en wil nemen en wat wordt overgelaten aan een nieuwe raad, als onderdeel van het dekkingsplan voor de meerjarenbegroting 2023. Dit alles uiteraard wel binnen de kaders die gelden om ook voor 2022 tot een structureel sluitende begroting te komen. Wij bieden u hiertoe een separaat voorstel met bezuinigingsmogelijkheden aan dat tegelijkertijd met de kaders in de gemeenteraad kan worden behandeld. Hierin doen wij u ook een voorstel voor de inzet van de mogelijkheden in de tijd.

7

2.1.2 Begrotingsscan Onderdeel van het traject om te komen tot bezuinigingsmogelijkheden is een cijferanalyse waarbij de gemeente Krimpenerwaard op een aantal onderdelen wordt vergeleken met andere gemeenten en met zichzelf. Deze analyse bestaat uit 4 onderdelen: 1) Vergelijk met andere gemeenten die het meest op Krimpenerwaard lijken. Op basis van gegevens die het ministerie van BZK verzamelt worden de gegevens voor Krimpenerwaard vanaf 2017 vergeleken met: - gemeenten in dezelfde grootteklasse (aantal inwoners) - gemeenten met dezelfde centrumfunctie en sociale structuur - gemeenten met dezelfde Algemene uitkering per inwoner Op basis van gewogen gemiddelde van de 3 vergelijkingen volgt hieruit op welke taakvelden onze gemeente relatief meer geld uitgeeft dan vergelijkbare gemeenten. Gedachte hierachter is dat als een gemeente meer geld uitgeeft aan een taakveld dan vergelijkbare gemeenten de kans op bezuinigen op die taakvelden groter is. 2) Vergelijk van de uitgaven van Krimpenerwaard met zichzelf. Waar geven wij relatief veel geld aan uit? De kans om te bezuinigen op taakvelden waar veel geld in omgaat is groter dan op taakvelden waaraan weinig geld wordt besteed. 3) Vergelijk tussen realisatie- en begrotingscijfers. Op welke taakvelden is er jaarlijks budget over en/of wordt er overgeheveld naar het volgende jaar. 4) Analyse van de bestuurlijke prioriteiten (o.b.v.

aantallen motie, amendementen en raadsvragen). Als een taakveld een lage politieke prioriteit heeft, is het draagvlak kleiner en de kans dat je er op kunt bezuinigen mogelijk groter dan als iets politiek heel belangrijk is. Door middel van het toemeten van punten aan scores en hanteren van wegingsfactoren ontstaat een begrotingsscan die een beeld geeft van de uitgavenstructuur van Krimpenerwaard en waar ruimte lijkt te zitten. Het geeft een indruk van het bezuinigingspotentieel van onze gemeente en van mogelijke zoekrichtingen. Dit kan worden vertaald in een top 25. Hierbij kan nog wel worden opgemerkt dat het niet automatisch betekent dat er in elk van de betreffende taakvelden daadwerkelijk sprake is van ruimte. Het is een hulpmiddel. De uitkomsten van deze cijferanalyse zijn ook gedeeld met de (delegatie) van de auditcommissie ter informatie en voorbereiding op hun bijdrage aan het traject van bezuinigingsmogelijkheden.

2.1.3 Samen met auditcommissie Om voorbereid te zijn op elk “weertype”, met bijbehorende omvang van het mogelijke tekort, is gezocht naar bezuinigingsmogelijkheden die bij elkaar voldoende financiële ruimte opleveren zodat er ook nog keuzes gemaakt kunnen worden. Als college hebben wij, samen met de gehele organisatie, onderzocht welke bezuinigingsmogelijkheden we zien en waarvan wij vinden dat we die kunnen voorleggen aan en bespreken met de gemeenteraad. Daarnaast is ook door de auditcommissie, namens de gemeenteraad, gekeken naar mogelijkheden om te komen tot bezuinigingen. Enerzijds hebben de commissieleden hierbij individueel en/of samen met hun fractie gekeken naar de taakvelden in de begroting waarop wat hun betreft bezuinigingen mogelijk zijn en hier ook voorstellen voor gedaan. Anderzijds hebben de leden ook aangegeven op welke taakvelden zij bezuinigingen minder reëel of onwenselijk achten. Op basis van deze werkwijze bieden wij u ter bespreking en besluitvorming een separaat voorstel aan met daarin de bezuinigingsmogelijkheden die dit heeft opgeleverd. De hierin opgenomen mogelijkheden hebben betrekking op alle programma’s binnen de begroting en raken de taken en dienstverlening van onze gemeente over de volle breedte.

8

3. VERTREKPUNT MEERJARENBEGROTING 2022-2025 3.1 Saldo vertrekpunt kaders 2022 De voorliggende nota Kaders 2022 brengt in beeld welke ontwikkelingen en voorstellen van invloed zijn op de nog op te stellen begroting 2022-2025. Het vertrekpunt voor het opstellen van de begroting 2022 is de jaarschijf 2022 uit de meerjarenbegroting 2021. Deze begroting is structureel sluitend en laat 3 positieve jaarschijven zien. Alleen in de jaarschijf 2023 is sprake van een tekort. Voor deze kadernota betekent dit dat alleen de jaarschijf 2023 een negatief saldo als vertrekpunt heeft. Ten opzichte van de saldi uit de meerjarenbegroting 2021-2024 is er vervolgens een aantal mutaties die leiden tot een bijgesteld structureel saldo voor de jaren 2022-2025. Deze mutaties betreffen enerzijds de structurele begrotingswijzigingen voor 2021 en anderzijds de structurele effecten vanuit de 1e Tussentijdse rapportage 2021. Genoemde mutaties leiden tot nieuwe structurele saldi die als vertrekpunt voor de meerjarenbegroting 2022-2025 dienen. In onderstaand overzicht zijn deze mutaties en de structurele saldi weergegeven. Jaarschijf

2022

2023

2024

2025

Structurele ruimte begroting (na wijzigingen)

160

-356

40

40

Structureel saldo meerjarenbegroting 2021 (na wijzigingen)

160

-356

40

40

Saldo 1e tussentijdse rapportage 2021

60

73

73

73

Waarvan incidenteel

-13

-

-

-

Structureel saldo 1e Tussentijdse rapportage 2021

73

73

73

73

Structureel saldo begroting 2022 - 2025

233

-283

113

113

1e Tussentijdse rapportage 2021

Bedragen x € 1.000

3.1.2 Sociaal Domein Bij het hierboven gepresenteerde vertrekpunt voor deze kadernota moet nog wel een kanttekening worden geplaatst. In de cijfers is nog geen rekening gehouden met de structurele effecten vanuit de jaarrekening met betrekking tot het sociaal domein. Zoals aangegeven in de inleiding is bij de jaarrekening 2020 een toename van de jeugd- en Wmo-lasten met bijna € 1 miljoen geconstateerd. De structurele doorwerking van deze toename in de begroting van 2021 en verder nemen wij mee in de 2e Tussenrapportage 2021. Eerst willen wij zicht krijgen op de achterliggende oorzaken van deze toename vanuit een nadere analyse. Vanuit de 2e Tussentijdse rapportage 2021 worden de cijfers vervolgens meegenomen in de begroting 2022.

3.2 Nieuw beleid Ten opzichte van de begroting 2021 is sprake van een aantal nieuwe posten. Dit betreft zowel exploitatie als investeringen. In het onderstaande worden de totalen per jaarschijf gepresenteerd. Een nadere toelichting op de individuele posten is opgenomen in bijlage 1.

9

3.2.1 Exploitatie Onderstaand is eerst een totaaloverzicht opgenomen van de structurele en incidentele lasten en dekking per programma. 2022

2023

2024

2025

-999

-999

-999

-999

-1.029

-1.029

-1.029

-1.029

Bestuur en ondersteuning

-177

-177

-177

-177

Verkeer, vervoer en waterstaat

-76

-76

-76

-76

Sport, cultuur en recreatie

-132

-132

-132

-132

Sociaal Domein

-350

-350

-350

-350

Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en

-295

-295

-295

-295

Dekking

30

30

30

30

Programma 3 - economische promotie

30

30

30

30

-

-

-

-

Lasten

-399

-245

-

-

Sociaal Domein

-224

-70

-

-

Volksgezondheid en milieu

-100

-100

-

-

Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en

-75

-75

-

-

Dekking

399

245

-

-

Bestemmingsreserve Sociaal Domein

155

70

-

-

Algemene reserve vrij vermogen

244

175

-

-

Eindtotaal

-999

-999

-999

-999

Structureel Lasten

stedelijke vernieuwing

Incidenteel

stedelijke vernieuwing

Bedragen x € 1.000

3.2.2 Investeringen Onderstaand is per programma een overzicht opgenomen van het totaal van de investeringen per programma. Het betreft zowel nieuwe als vervangingsinvesteringen. De hieruit voortvloeiende kapitaallasten zijn, voor zover van toepassing, verwerkt binnen onderdeel 3.2.1 Exploitatie. Investering

2022

2023

2024

2025

Incidenteel

-5.919

-2.173

-1.827

-729

-1.189

Bestuur en ondersteuning

-5.655

-1.909

-1.827

-729

-1.189

Verkeer, vervoer en waterstaat

-150

-150

P.m.

P.m.

P.m.

Sport, cultuur en recreatie

-114

-114

-

-

-

Volksgezondheid en milieu

P.m.

P.m.

P.m.

P.m.

P.m.

-5.919

-2.173

-1.827

-729

-1.189

Eindtotaal Bedragen x € 1.000

3.3 Algemene dekkingsmiddelen Dekking van uitgaven kan op verschillende manieren plaatsvinden. Incidentele lasten kunnen incidenteel worden gedekt uit reserves of incidentele baten. Structurele lasten worden gedekt door structurele baten, tenzij expliciet anders vermeld. Voor uitgaven die betrekking hebben op periodiek onderhoud aan onze kapitaalgoederen (onder 10

andere wegen, gebouwen en openbare verlichting) wordt jaarlijks ‘gespaard’ door toevoeging van een bedrag aan de betreffende voorziening. In de begroting presenteren wij u een volledig overzicht van de uitgaven, inkomsten en dekking, waarbij wordt ingegaan op het structurele of incidentele karakter ervan. Het belangrijkste onderdeel van de dekking van de uitgaven zijn de algemene uitkering en de opbrengst van gemeentelijke belastingen.

3.3.1 Algemene uitkering Volgens de provinciale kaders moet in de begroting minimaal uitgegaan worden van de in de meicirculaire 2021 gepresenteerde gegevens. Deze circulaire verschijnt waarschijnlijk pas eind mei of begin juni, waardoor het niet meer mogelijk is om de hierin opgenomen gegevens nog in deze kadernota te kunnen presenteren. U wordt daarom afzonderlijk over de meerjarige gevolgen van deze circulaire geïnformeerd. Uiteraard worden de uitkomsten wel meegenomen bij het opstellen van de begroting 2022. In 2022 verwachten we dat er geen grote gevolgen zijn op de algemene uitkering omdat de fondsbeheerders hebben besloten de besluitvorming over de invoering van de nieuwe verdeling van het gemeentefonds aan het volgend kabinet te laten. Dit betekent dat de invoering van de nieuwe verdeling opschuift naar 1 januari 2023. Onderstaand kort een toelichting op een aantal onderdelen die nader worden uitgewerkt in de komende circulaires. Invoering nieuw verdeelstelsel gemeentefonds De afgelopen twee jaar hebben de fondsbeheerders samen met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) gewerkt aan de nieuwe verdeling van het gemeentefonds. Een nieuwe verdeling is nodig omdat de huidige verdeling niet meer goed aansluit bij de kosten van gemeenten. Dit geldt vooral voor het sociaal domein.

Daarnaast is de manier waarop de verdeling rekening houdt met de verschillen in eigen inkomsten tussen gemeenten sinds 1997 niet meer geactualiseerd. Ook bestaat er al langer de behoefte de verdeling eenvoudiger te maken. Inmiddels heeft de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties mede namens de staatssecretaris van Financiën de adviesaanvraag ingediend voor de nieuwe integrale verdeling van het gemeentefonds per 1 januari 2023 bij de Raad voor het Openbaar bestuur. Met de nieuwe verdeling streven de fondsbeheerders naar het oplossen van de geconstateerde knelpunten die de afgelopen jaren in verschillende adviezen en moties zijn benoemd, bijvoorbeeld over de verdeling van het sociaal domein en de mate waarin de eigen inkomsten van gemeenten een rol spelen in de verdeling. De nieuwe verdeling sluit beter aan bij de kosten die gemeenten maken en de mate waarin ze die uit eigen middelen kunnen dekken. Daarnaast komt de nieuwe verdeling tegemoet aan de wens om de verdeling sterk te vereenvoudigen. Een nieuwe verdeling leidt per definitie tot herverdeeleffecten en dus tot gemeenten die voordeel en gemeenten die nadeel ondervinden van de herijking. De invoering van de nieuwe verdeling gaat daarom gepaard met afspraken over een ingroeipad. Het onderwerp gemeentefonds staat nu volop in de schijnwerpers.

Als er eenmaal een besluit over herverdeling van het gemeentefonds is genomen, dan zal dat besluit voor langere tijd niet meer aan verandering onderhevig zijn. Juist daarom is dit ook het moment om als gemeenten gezamenlijk een krachtig signaal over de knelpunten in het gemeentefonds af te geven. Inmiddels zijn er door verschillende gemeenten in samenwerking met de VNG stappen gezet richting het kabinet met als doel de structurele financiële tekorten die de afgelopen jaren zijn ontstaan in het sociaal domein ook structureel op te lossen door een verhoging van het Gemeentefonds. De balans tussen taken en middelen van gemeenten moet worden hersteld. Ook ons college heeft zich hard gemaakt om een gedragen, transparante en eerlijke herijking te krijgen, die zorgt voor een eerlijke verdeling. Het college heeft hiervoor verschillende acties uitgevoerd zoals het laten opstellen van een second opinion rapport over de herijking van het Sociaal Domein deel van het gemeentefonds. Daar is uw raad over geïnformeerd op 2 februari 2021 via een raadsinformatiebrief. Daarnaast zijn verschillende vervolgacties ondernomen zoals het benaderen van de VNG, de Raad voor het Openbaar Bestuur, alle gemeenten en ook Tweede Kamerfracties.

Het doel is dat er een rechtvaardig verdeelde en goed gevulde uitkering van het gemeentefonds komt die ervoor zorgt dat de door het Rijk toebedeelde taken uitgevoerd kunnen worden. Wijziging woonplaatsbeginsel Het woonplaatsbeginsel in de Jeugdwet regelt welke gemeente financieel verantwoordelijk is voor de jeugdhulp. Uitgangspunt in de nieuwe definitie van het woonplaatsbeginsel wordt de gemeente waar de jeugdige zijn woonadres heeft volgens de Basisregistratie Personen (de BRP). 11

Het wetsvoorstel ‘Wijziging van de Jeugdwet in verband met verduidelijking van het woonplaatsbeginsel (wet wijziging woonplaatsbeginsel)’ is in februari 2020 aangenomen. De invoeringsdatum van de wet is 1 januari 2022. 2021 is zodoende het laatste jaar dat de compensatieregeling Voogdij/18+ van toepassing is. Hierdoor kan het budget voor voogdij en 18+ op basis van een nieuw verdeelmodel verdeeld gaan worden en is overheveling van het budget naar de algemene uitkering voorzien. Dit zal tegelijkertijd plaatsvinden met de invoering van de nieuwe verdeling van het gemeentefonds, met ingang van 2023. Het is welhaast zeker dat de wijziging van het woonplaatsbeginsel een financieel effect heeft voor onze gemeente. Maar wat dat effect is, is op dit moment nog niet inzichtelijk. In de loop van dit jaar krijgen we meer inzicht in de cliëntmutaties als gevolg van de wijziging. Dan wordt duidelijk welke cliënten onder onze verantwoordelijk komen en welke worden overgedragen aan andere gemeenten. Beschermd wonen Het voornemen is om het nieuwe objectieve verdeelmodel voor beschermd wonen vanaf 2023 geleidelijk in te voeren. Daarvoor is een overgangsregeling ontworpen die 10 jaar duurt.

De overgangsregeling ondersteunt zowel de doordecentralisatie als de landelijke beweging die samenhangt met de inhoudelijke transformatie naar zoveel mogelijk lokale en ambulante ondersteuning en de af- en opbouw van voorzieningen. Voor alle genoemde onderwerpen geldt dat de financiële gevolgen voor onze gemeente nog niet duidelijk zijn. Zodra er meer duidelijkheid is, nemen we dit mee bij het opstellen van de P&C documenten.

3.4 Risicobeheersing Op 1 november 2016 is de nota Risicomanagement vastgesteld door de gemeenteraad. In deze nota is bepaald dat er twee keer per jaar een volledige actualisatie van de risico’s wordt gedaan. Bij deze inventarisatie worden risico’s in beeld gebracht en zo mogelijk worden beheersmaatregelen geïmplementeerd. Begin 2021 is een volledig nieuwe risico-inventarisatie uitgevoerd. De uitkomsten zijn opgenomen in de jaarrekening 2020. Voor de begroting 2022 vindt opnieuw een actualisatie plaats.

3.4.1. Gevolgen coronacrisis Vanaf maart 2020 zijn we in ons land in de ban van het coronavirus. Dit coronavirus heeft grote gevolgen voor de samenleving en dat heeft en zal ook gevolgen hebben voor de ontwikkeling van de financiën van onze gemeente, zowel voor 2021 maar ook voor 2022 en mogelijk zelfs verder. In 2021 is men in ieder geval gestart met het vaccinatieprogramma, waarmee we hopen dat we het coronavirus onder controle kunnen krijgen en houden. Op het moment van opstellen van deze kadernota was nog onvoldoende in beeld welke effecten dit zullen zijn en wat de omvang zal zijn. Op basis van 2020 en gedurende 2021 en 2022 zullen de gevolgen van de coronacrisis merkbaar zijn. We volgen de ontwikkelingen nauwgezet en bekijken periodiek wat de (financiële) impact voor onze gemeente is. Op basis van de dan bekende informatie proberen we een zo actueel mogelijk beeld te schetsen bij de begrotingsbehandeling. In de begroting 2021 hebben we een aparte paragraaf COVID-19 uitgewerkt. Op basis van de ontwikkelingen zullen we bepalen of een dergelijke paragraaf voor de begroting 2022 weer opgesteld zal worden.

12

4. AANPASSINGEN MEERJARENBEGROTING 2022-2025 In dit hoofdstuk worden per begrotingsprogramma de cijfermatige aanpassingen voor de jaarschijven 20222025 weergegeven. Voor ieder programma geldt dat wordt ingegaan op de volgende onderdelen. Eerst is er een korte beschrijving van de inhoud van het programma, conform de begrotingen van de afgelopen jaren. Daaronder worden per programma kort de voorziene ontwikkelingen voor de komende periode weergegeven. Vervolgens is er een overzicht van de beleidsspeerpunten. Per programma is er een overzicht van de ambities, ER- en smartdoelen uit het Collegeprogramma 2019-2022, de hieraan gekoppelde indicatoren en de inspanningen en additionele lasten voor 2022. Ten aanzien van enkele van de gepresenteerde smartdoelen en bijbehorende indicatoren geldt dat deze zijn aangepast. De reden is dat ze eerder nog niet waren ingevuld of omdat ze niet meer actueel, reëel, herleidbaar/meetbaar zijn. Op basis van de ambities, doelen en indicatoren zijn er inspanningen geformuleerd voor 2022 en is bepaald welke additionele lasten met de uitvoering hiervan zijn gemoeid. Conform de bij laatste begrotingen gehanteerde werkwijze worden in het vakje “kosten” alleen de additionele exploitatielasten voor de jaarschijf 2022 gepresenteerd, waarbij wordt aangegeven of deze incidenteel of structureel zijn.

Deze systematiek betekent dat de investeringsbedragen voor 2022 en de hieruit volgende kapitaallasten (rente en afschrijving) niet expliciet onder de betreffende ambitie staan opgenomen. Per programma is er daarna een overzicht opgenomen met daarin de financiële meerjarige gevolgen voor de exploitatie, inclusief kapitaallasten en, indien van toepassing, een overzicht met de meerjarige investeringen. Bij de gevolgen voor de exploitatie is een onderscheid gemaakt tussen lasten en dekking en tussen incidenteel en structureel. Tevens zijn de lasten, zoals reeds toegelicht in de inleiding, ingedeeld in 3 categorieën: collegeprogramma, noodzakelijk en beleidskeuze. Een nadere toelichting op de afzonderlijke posten is opgenomen in bijlage 1.

13

4.0 Bestuur en ondersteuning

Dit programma behandelt de overkoepelende taakvelden van het bestuur, de ondersteuning daarvan door de gemeentelijke organisatie en de relatie tussen de burger en het bestuur van de gemeente Krimpenerwaard. Betrokken en betrouwbaar in dienstverlening staat hierin centraal. De gemeente Krimpenerwaard staat voor een inwonergedreven dienstverlening. Speerpunten zijn: de vraag van de inwoner is leidend, snel, digitaal waar het kan en op maat waar nodig of gewenst. In dit programma zijn de middelen opgenomen voor burgerzaken, dienstverlening, bestuurlijke samenwerking en ondersteuning van het college van burgemeester en wethouders en de gemeenteraad.

Ontwikkelingen Ook de gemeente is onderdeel van de ‘digitale agenda overheid’. Hierbij investeren we in de innovatie in digitale middelen en dienstverlening en participatie, het beschermen van grondrechten en publieke waarden, de toegankelijkheid en begrijpelijkheid voor alle inwoners en persoonlijke dienstverlening. Een essentieel onderdeel daarvan is het data-gedreven werken, waarin besluitvorming en handelen gebeurt op basis van data en business intelligence. Dit leidt tot een open en transparante overheid waarin informatie en gegevens openbaar zijn, vrij te gebruiken en te delen.

14

Beleidsspeerpunten

AMBITIE

ER-DOEL

SMART-DOEL

INDICATOR

RESULTATEN & INSPANNINGEN

KOSTEN

3.1 Datagedreven samenleving, snel internet Wij gaan voor snel internet voor inwoners en bedrijven, minimaal 110 Mbit/s. Wij gaan voor een 8 qua tevredenheid van onze inwoners over de (digitale) dienstverlening. Gebruikersvriendelijkheid is daarbij een belangrijk uitgangspunt. Betere digitale dienstverlening

Betere dienstverlening

Snellere procedures en doorlooptijden

In 2022 is de digitale volwassenheid gestegen van 76% naar 85%.

In 2022 is de klanttevredenheid voor onze dienstverlening een 8.

In 2022 zijn procedures en doorlooptijden (de servicenormen) 20% sneller dan in 2018.

Score digitale volwassenheid producten voor burgers Bron: waarstaatjegemeente.nl (= WSJG) Nulmeting: 2018 - 76%

Klanttevredenheid Bron: WSJG Burgerpeiling Nulmeting: 2016 - 6,4 en specifieke klantonderzoeken Tussentijdse meting: 2019 – 6,5 (landelijk: 6,8)

Normen uit kwaliteitshandvest Bron: diverse bronnen Nulmeting: 2018 diverse wachttijden en doorlooptijden

De implementatie van zaakgericht werken wordt vervolgd met een doorontwikkeling zaakgericht werken. Inwoners worden betrokken bij de Eformulieren. De persoonlijke internet pagina wordt stap voor stap uitgebreid.

Uitvoeren projecten programmaplan dienstverlening, waaronder doorontwikkeling dienstverlening/Klantcontact van de toekomst en persoonlijke hulp bij aanvragen

In 2022 wordt een nieuwe serie producten en diensten sneller en simpeler verkrijgbaar en wordt een definitief serviceconcept ontwikkeld.

Geen additionele kosten

Geen additionele kosten

Geen additionele kosten

15

Beleidsspeerpunten

AMBITIE

3.2 Behoud menselijke maat en dienstverlening

Wij gaan voor meer toegankelijkheid en nabijheid van ons college en ambtelijke organisatie waarbij kan worden gedacht aan de volgende varianten: Voor het college: Wethouder samenlevingsvisie / kernenvisie, Kernenbezoek door het college, Spreekuur van collegeleden of anderszins. Voor de ambtelijke organisatie: Uitbreiding van de loketfunctie of uitbreiding van de huidige dienstverlening op maat.

ER-DOEL

SMART-DOEL

INDICATOR

RESULTATEN & INSPANNINGEN

KOSTEN

Meer duidelijkheid over de toegankelijkheid en nabijheid van college en organisatie

In 2022 scoort Krimpenerwaard op het gemak van aanvragen van producten/ voorleggen van vragen hoger dan het landelijk gemiddelde.

Score gemak van aanvragen van producten/voorleggen van vragen Bron: WSJG - Burgerpeiling Nulmeting: 2016 - Krimpenerwaard: 72%, Landelijk: 80% Tussentijdse meting: 2019 – Krimpenerwaard: 78%, Landelijk: 78% College: Fysieke en digitale toegankelijkheid en nabijheid van het college voor inwoners, ondernemers en maatschappelijke instellingen is uitgewerkt en wordt in de praktijk gerealiseerd Ambtelijke organisatie: Uitvoeren van projecten uit het programma dienstverlening: organiseren van dienstverlening voor niet-digitaal-vaardigen, begrijpelijke (schriftelijke) communicatie en het organiseren van betere (snelle en simpele) producten en diensten. Geen additionele kosten

16

Beleidsspeerpunten

AMBITIE 6.1 Participatie en co-creatie, Ontwikkelingen meer van de samenleving en Representatieve vs participatieve samenleving Wij stimuleren en omarmen maatschappelijke creativiteit en eigen initiatief van inwoners, bedrijven en instellingen. Hierdoor kan de gemeente meer en meer uit de regulerende en bepalende rol stappen. Essentieel hiervoor is dat we het aantal regels terugbrengen. Dit vraagt een proactieve houding van het bestuur, organisatie en inwoners. Wij beschouwen onze inwoners, ondernemers en instellingen als partners. Samen met hen willen wij in gesprek over participatie en samenwerking. Bij de politieke besluitvorming over grotere projecten (zoals Omgevingsvisie en Panorama Krimpenerwaard) willen wij voor onze partners een welomschreven invloed in het leven roepen. Deze nadere aanpassing van de politieke besluitvorming is een vervolgstap op een verdere uitwerking van het rapport van de commissie Van Zijl. De samenlevings-participatie in de gemeente Krimpenerwaard krijgt hierdoor opnieuw een impuls.

Meer stimuleren en waarderen van samenlevingsparticipatie

Meer ruimte door minder overbodige regels

Meer duidelijkheid vooraf over de mate van invloed die partners krijgen bij besluitvorming voor grote projecten

In 2022 scoort Krimpenerwaard op de indicator 'inwoners en instellingen ruimte geven om ideeën en initiatieven te realiseren hoger dan het landelijk gemiddelde'

In 2022 is het aantal regels met 10% afgenomen

In 2022 scoort Krimpenerwaard op het betrekken van inwoners bij plannen, activiteiten en voorzieningen hoger dan het landelijk gemiddelde

Score inwoners en instellingen ruimte geven om ideeën en initiatieven te realiseren Bron: WSJG Burgerpeiling Nulmeting: 2016 Krimpenerwaard: 32%, Landelijk: 38%

Aantal regels in gepubliceerde verordeningen en beleidsregels Bron: eigen op te zetten inventarisatie Nulmeting: 2018 - 100% regels

Score betrekken van inwoners bij plannen, activiteiten en voorzieningen Bron: WSJG - Burgerpeiling Nulmeting: 2016 Krimpenerwaard: 34%, Landelijk: 37%

RESULTATEN & INSPANNINGEN

Verdere implementatie participatiekader en invoeren werkwijzes om hieraan vorm te geven.

In 2022 werken we verder aan het project 'meer ruimte, minder (overbodige) regels.

Verdere implementatie participatiekader en invoeren werkwijzes om hieraan vorm te geven.

KOSTEN

Geen additionele kosten

Geen additionele kosten

Geen additionele kosten

ER-DOEL

SMART-DOEL

INDICATOR

17

Tussentijdse meting: 2019 – Krimpenerwaard: 24%, Landelijk: 35%

Beleidsspeerpunten

AMBITIE

ER-DOEL

SMART-DOEL

INDICATOR

RESULTATEN & INSPANNINGEN

KOSTEN

8.2 Interactie stad en land Wij zoeken zelfbewust meer de verbinding met de steden en gaan op zoek naar kansen en win-win situaties voor stad en land, onder meer op het gebied van mobiliteit, levering van energie, gekwalificeerd personeel, wonen, recreatie en natuurbeleving

Beter etaleren van de kwaliteiten van de Krimpenerwaard om de aantrekkelijkheid als regionale samenwerkingspartner te vergroten

In 2022 is de samenwerking met Midden-Holland, Metropoolregio Rotterdam-Den Haag, Grenzeloos samenwerken Alblasserwaard en de verbinding M-H/MRDH op het gebied van duurzaamheid, recreatie en toerisme, mobiliteit en wonen versterkt Bron: Beleidsinhoudelijke toelichting Nulmeting: Geen - Kwalitatieve doelstelling

In 2022 wordt de lobbyagenda uitgevoerd en daar waar nodig aangepast.

Geen additionele kosten

18

Financieel overzicht Rij

2022

2023 2024

2025

Structureel

-177

-177

-177

-177

Beleidskeuze

-177

-177

-177

-177

Aframing dividend Stedin

-177

-177

-177

-177

Lasten

-177

-177

-177

-177

-

-

-

-

-177

-177

-177

-177

2022

2023 2024

2025

Incidenteel

-1.909

-1.827

-729

-1.189

Noodzakelijk

-1.909

-1.827

-729

-1.189

-386

-832

-289

-442

Gebouwenbeheerplan

-1.523

-995

-440

-747

Eindtotaal

-1.909

-1.827

-729

-1.189

Dekking Eindtotaal Bedragen x € 1.000

INVESTERINGEN Onderstaand zijn de investeringen voor dit programma opgenomen.

MJOP ICT

Bedragen x € 1.000

19

4.1 Veiligheid

Binnen dit programma staat de gemeente Krimpenerwaard samen met bewoners, bedrijven en partners voor een gemeente die veilig is en voelt op het gebied van wonen, werken en leven. In het veiligheidsdomein heeft de gemeente vooral een regierol; de gemeente kan het echter niet alleen. Naast de hulpverleningsorganisaties, zoals politie en brandweer, hebben bedrijven en inwoners ook een eigen verantwoordelijkheid. Daarnaast is de gemeente verantwoordelijk voor onder andere het organiseren van de crisisbeheersing. In dit programma zijn de middelen opgenomen voor onder andere onze deelname aan de Veiligheidsregio Hollands Midden, handhaving APV en crisisbeheersing.

Ontwikkelingen Overheden (ook gemeenten) krijgen meer bevoegdheden om de integriteit van de overheid door vermenging van de boven en onderwereld te beschermen (ondermijning). Dit vraagt om een drieledige aanpak: investeren in bewustwording, samen met de veiligheidspartners inzetten op het delen van kennis in (beschermde, professionele) netwerken én de inzet van inwoners door de het gebruik van Burgernet, WhatsApp groepen en KVO's.

20

Beleidsspeerpunten AMBITIE

ER-DOEL

SMART-DOEL

INDICATOR

RESULTATEN & INSPANNINGEN

KOSTEN

17. Veiligheid Krimpenerwaard is een veilige gemeente. Wij zetten ons in om dat vooral zo te houden.

Meer inzet op tegengaan illegale drugsactiviteiten

Meer stimuleren en faciliteren van participatie om de veiligheid te waarborgen

Verhogen bewustzijn digitale veiligheid

In 2022 wordt 95% van de door de politie aangebrachte drugsactiviteiten (productie, handel, …) door middel van maatwerk in bestuursrecht opgepakt

In 2022 is de participatie verhoogd door de deelname aan Burgernet te verhogen van 12% (2018) naar 15%

-

Percentage door de politie aangebrachte drugsactiviteiten dat door middel van maatwerk in het bestuursrecht wordt opgepakt Bron: BMO - team OOV Nulmeting: 2019 – 100%

Percentage van de inwoners dat deelneemt aan Burgernet Bron: BMO - team OOV Nulmeting: 2018 - 12% Tussentijdse meting: 2019 – bijna 14%

Bron: Beleidsinhoudelijke toelichting Nulmeting: Geen Kwalitatieve doelstelling

Uitvoeren plan van aanpak ‘Effectieve aanpak’

1.Stimuleren nieuw KVO 2.Promoten Burgernet 3.Activiteiten organiseren om het aantal Whatsapp groepen uit te breiden

Activiteiten organiseren om digitale veiligheid te verhogen.

Geen additionele kosten

Geen additionele kosten

Geen additionele kosten

21

Financieel overzicht Voor dit programma zijn geen aanvullende aanvragen opgenomen. INVESTERINGEN Voor dit programma zijn geen aanvullende investeringen opgenomen.

22

4.2 Verkeer, vervoer en waterstaat

Binnen dit programma werkt de gemeente Krimpenerwaard samen met inwoners en bedrijven aan een zo goed mogelijk bereikbare en verkeersveilige gemeente voor alle vormen van vervoer. Door het versterken van het netwerk, beter benutten van de bestaande infrastructuur met aandacht voor de verkeersveiligheid en duurzame mobiliteit wordt een balans gevormd tussen bereikbaarheid en omgevingskwaliteit en duurzame mobiliteit in een gastvrije Krimpenerwaard. In dit programma zijn de middelen opgenomen voor het uitvoeren van het verkeersbeleid en het onderhouden en in stand houden van de wegen, parkeervoorzieningen, openbare verlichting, civiele kunstwerken en de havens.

Ontwikkelingen Voor de lange termijn aanpak wordt de MIRT verkenning naar verwachting in 2022 afgerond. De planvormingsfase kan daarna worden gestart. Aanname is dat een deel van de voorbereidingskosten vanaf 2022 wordt gemaakt. Vanaf 2025 is er (afhankelijk van de te realiseren variant) sprake van uitvoeringskosten. Zowel regionaal als lokaal richten we ons voor wat betreft verkeersveiligheid op een risico-gestuurde aanpak. Dit is gericht op het voorkomen van ongevallen door onduidelijke verkeerssituaties en in aansluiting op het (landelijke) Strategisch Plan Verkeersveiligheid 2030. Het in 2021 vast te stellen integraal verkeersveiligheidsplan geeft richting aan de wijze waarop bestedingen op het gebied van verkeersveiligheid geprioriteerd worden.

23

Beleidsspeerpunten

AMBITIE

ER-DOEL

SMART-DOEL

INDICATOR

RESULTATEN & INSPANNINGEN

8.1 Verbeteren bereikbaarheid We werken aan het verbeteren van de bereikbaarheid op de korte termijn en dat doen we met toekomstbestendige oplossingen. Daarbij zoeken we ook naar synergievoordelen met bijvoorbeeld natuur, vermindering van CO2-uitstoot en veranderende vervoersbehoefte (zelfrijdende auto) in de toekomst. Er wordt sterk ingezet op de lobby in het kader van MIRT. De komende maanden wordt- in afstemming met de provincie, andere partijen en de raad - door het college het bod uitgewerkt en aan de raad voorgelegd. Dit bod betreft de zogenaamde verstedelijkingsopgave van maximaal 200 hectare en betreft meer dan alleen woningbouw. Deze opgave kan breed worden gezien zowel naar aard als naar gebied. Daarbij kan onder meer worden gedacht aan infrastructuur, recreatie, bedrijventerreinen, woningbouw en natuur. Hierbij wordt rekening gehouden met het specifieke karakter van de Krimpenerwaard. Dit bod is vooral bedoeld voor de versterking van de kernen. Een betere bereikbaarheid en ontsluiting van de Krimpenerwaard. In 2022 is de reistijd vanaf de gemeentegrens van de Krimpenerwaard gedurende de spits naar de aansluiting op de A20 en de A16 ten opzichte van 2017 met 10% afgenomen Stand van zaken MIRT, verkenning verbetering Algracorridor.

Stand van zaken weergegeven in de uitvoering van '10 puntenplan bereikbaarheid' Bron: Beleidsinhoudelijke toelichting Nulmeting: Geen - Kwalitatieve doelstelling -

-

KOSTEN

Na afronding van de MIRT-verkenning voor de Algera-corridor start de planuitwerkingsfase MIRT voor het gekozen "meest kansrijke alternatief”. Vooralsnog gaan we daarbij uit van de garantie die de raad eerder heeft gegeven en labelen we & 4 miljoen uit de reserve Enecogelden voor dit doel. In 2022 wordt uitvoering gegeven aan het opstellen van een fietsplan. Kosten hiervan zijn reeds gedekt in de post verkeer.

Geen additionele kosten

24

Beleidsspeerpunten

AMBITIE

ER-DOEL

SMART-DOEL

INDICATOR

RESULTATEN & INSPANNINGEN

KOSTEN

17. Veiligheid Krimpenerwaard is een veilige gemeente. Wij zetten ons in om dat vooral zo te houden.

Minder onveilige verkeerssituaties

In 2022 ervaren 50% van de inwoners zelden of nooit een onveilige verkeerssituatie in de buurt t.o.v. 42% in 2016

Percentage van de inwoners dat zelden of nooit onveilige verkeerssituaties in de buurt ervaart Bron: WSJG - Burgerpeiling Nulmeting: 2016 - 42% In 2022 starten we met de uitvoering van het verkeersveiligheidsplan.

Geen additionele kosten; deze worden meegenomen bij het raadsvoorstel hierover

25

Financieel overzicht R

2022

2023

2024

2025

Structureel

-76

-76

-76

-76

Beleidskeuze

-76

-76

-76

-76

Opstelstrook veer Bergambacht, kapitaallasten

-5

-5

-5

-5

Veer Gouderak-Moordrecht

-71

-71

-71

-71

Lasten

-76

-76

-76

-76

Dekking

-

-

-

-

Eindtotaal

-76

-76

-76

-76

Rij

2022

2023

2024

2025

Incidenteel

-150

-

-

-

-

-

-

-

Investeringen IBOR

P.m.

P.m.

P.m.

P.m.

Beleidskeuze

-150

-

-

-

Opstelstrook veer Bergambacht.

-150

-

-

-

Eindtotaal

-150

-

-

-

Bedragen x € 1.000

INVESTERINGEN Onderstaand zijn de investeringen voor dit programma opgenomen

Noodzakelijk

Bedragen x € 1.000

26

4.3 Economie

Met dit programma stimuleert de gemeente het ondernemers- en vestigingsklimaat. In dit programma staan ook activiteiten gericht op het "op de kaart zetten" van de gemeente. Dit doen we samen met ondernemers, organisaties, provincie en andere gemeenten. In dit programma zijn middelen opgenomen voor de dienstverlening aan ondernemers, (samenwerkings-) projecten van arbeidsmarkt en onderwijs, de herstructurering van bedrijfslocaties, investeringen in winkelgebieden, het stimuleren van snel internet en de transitie naar een toekomstbestendige landbouw.

Ontwikkelingen Het opleidingsniveau stijgt en daarmee zijn jongeren meer dan voorheen theoretischer opgeleid, Het tekort aan vakbekwaam personeel in o.a. de technische sector, blijft groot en zal daarmee zelfs toenemen. Als positief punt valt te benoemen dat praktische kennis en kunde een herwaardering doormaakt en dat vakmensen een steeds hogere (sociale) status krijgen. Een goede aansluiting tussen het onderwijs en arbeidsmarkt blijft daarbij een continue zorg.

27

Beleidsspeerpunten

AMBITIE

ER-DOEL

SMART-DOEL

INDICATOR

RESULTATEN & INSPANNINGEN

2.3 Behoefte aan vakbekwaam personeel Wij zetten samen met het bedrijfsleven en onderwijsinstellingen in op aansluiting van onderwijs op (lokale) arbeidsmarkt. Betere aansluiting van onderwijs op de behoefte van de (lokale) arbeidsmarkt

In 2022 zijn er op de lokale arbeidsmarkt minder onvervulbare vacatures ten opzichte van de landelijke trend Twee maal per jaar faciliteren wij een overleg tussen de maakindustrie en de onderwijsinstellingen. Bron: eigen data; Nulmeting: geen - kwalitatieve doelstelling 1. 2.

Doorontwikkelen huidige projecten leerwerkbedrijf in de regio M-H Versterken van regionale samenwerking.

3. In stand houden faciliterende rol bij aansluiting onderwijs -arbeidsmarkt

KOSTEN

Geen additionele kosten

28

Beleidsspeerpunten

AMBITIE

ER-DOEL

SMART-DOEL

INDICATOR

RESULTATEN & INSPANNINGEN

KOSTEN

3.1 Datagedreven samenleving, snel internet Wij gaan voor snel internet voor inwoners en bedrijven, minimaal 100 Mbit/s. Wij gaan voor een 8 qua tevredenheid van onze inwoners over de (digitale) dienstverlening. Gebruikersvriendelijkheid is daarbij een belangrijk uitgangspunt.

Betere beschikbaarheid van snel internet in 2021 voor buitengebied én kernen

In 2022 heeft 100 % van de adressen de keuze om aan te sluiten op een netwerk dat toegang biedt tot 100 Mbit/s Percentage adressen dat de keuze heeft om aangesloten te worden op een netwerk dat toegang biedt tot 100 Mbit/s Bron: Monitor vaste internetverbindingen Ministerie van Economische Zaken en Klimaat Nulmeting: Geen Als gemeente faciliteren we dit doel en gaan we er vanuit dat de markt de uitvoering realiseert.

Geen additionele kosten

29

Beleidsspeerpunten

AMBITIE

ER-DOEL

SMART-DOEL

INDICATOR

RESULTATEN & INSPANNINGEN

KOSTEN

9. Economie en recreatie Wij zetten samen met de ondernemers in op het behoud van een vitale economie en op een verbetering van het ondernemingsklimaat (panorama). Hierbij denken we aan het samen optrekken met ondernemers om leegstand van winkels en bedrijfspanden tegen te gaan, uitbreiding van bedrijven mogelijk te maken, samen met de retailers de retailvisie nader uit te werken en adaptieve landbouw te stimuleren. Ook willen wij de recreatieve sector uitbreiden. Wij stimuleren en omarmen nieuwe initiatieven, mits e.e.a. landschappelijk goed kan worden ingepast. Meer aandacht voor versterken ondernemersklimaat door o.a. sneller schakelen t.a.v. ondernemersinitiatieven en faciliteren samenwerking tussen ondernemers

Meer recreanten en toeristen aantrekken om de inkomsten uit recreatie en toerisme te vergroten

-

In 2022 is de economische toegevoegde waarde van de sector R&T ten opzichte van 2017 met 15% toegenomen

Bron: Beleidsinhoudelijke toelichting Nulmeting: Geen - Kwalitatieve doelstelling Resultaat van de te houden Ondernemerspeiling

Inkomsten uit toeristenbelasting (exclusief tariefsverhoging) Bron: Jaarrekening Nulmeting: 2017 – & 176.000

In 2022 wordt het gewerkt aan het versterken van het ondernemersklimaat met aandacht voor ondernemersinitiatieven, faciliteren van samenwerking en versterken van compacte en vitale winkelgebieden.

Het doel om recreatie en toerisme te versterken blijft een continue proces wat ook in 2022 doorgaat.

Geen additionele kosten

Geen additionele kosten

30

Financieel overzicht Voor dit programma zijn geen aanvullende aanvragen opgenomen. INVESTERINGEN Voor dit programma zijn geen aanvullende investeringen opgenomen.

31

ŗȜŗɤQLjðĉȷʼƙɅɤ

In dit programma legt de gemeente Krimpenerwaard de basis voor het beleid om kinderen en jongeren gezond en veilig te laten (op)groeien in een stimulerende omgeving, zodat zij hun talenten kunnen ontwikkelen en volwaardig aan de samenleving kunnen deelnemen. De gemeente is verantwoordelijk voor de voor- en vroegschoolse educatie, openbaar basisonderwijs, onderwijshuisvesting, onderwijsbeleid waaronder ook de afstemming van het passend onderwijs en leerlingvoorzieningen. In dit programma zijn de middelen opgenomen voor het uitvoeren van openbaar onderwijs, onderwijshuisvesting, onderwijsbeleid en leerlingzaken.

Ontwikkelingen Met betrekking tot openbaar onderwijs zijn er op dit moment geen nieuwe relevante ontwikkelingen die van invloed zijn op het gemeentelijk beleid voor 2022. Vanuit het Rijk wordt het Nationaal Plan onderwijs na Corona ingezet. Gemeenten krijgen extra geld om in samenwerking met scholen, kinderopvang, (jeugdgezondheids)zorg, bibliotheken en andere partijen activiteiten aan te bieden om de vaardigheden van leerlingen op cognitief, executief, sociaal en emotioneel vlak aanvullend te stimuleren. Het is nog onbekend om hoeveel geld het gaat, en wat dit concreet betekent aan inzet.

32

Beleidsspeerpunten

AMBITIE

ER-DOEL

SMART-DOEL

INDICATOR

RESULTATEN & INSPANNINGEN

1.2 Bredere oriëntatie op voorzieningen dan de kern Wij streven naar behoud van de bestaande voorzieningen op basis van realisme en maatschappelijke meerwaarde. Wij zetten in op de toegankelijkheid van voorzieningen. Voorzieningen in de kern, elders in de gemeente en buiten de gemeentegrenzen. Dat betekent dat niet overal alles beschikbaar hoeft te zijn. Wij waarderen hierbij de identiteit van de kernen en van de gemeente. Meer gezonde en duurzame onderwijshuisvesting

Uitvoering Integraal Huisvestingsplan (IHP)

Stand van zaken uitvoering IHP Bron: Beleidsinhoudelijke toelichting Nulmeting: Geen - Kwalitatieve doelstelling In 2021 werken we aan de volgende IHP-projecten: - Uitvoering IHP scholen Bergambacht – voorbereidingsfase - Uitvoering IHP school Ammerstol – voorbereidingsfase - Uitvoering IHP scholen Schoonhovens College Vlisterweg – ontwerpfase - Uitvoering IHP Krullevaar Centrum Schoonhoven – voorbereidingsfase Vóór de zomer van 2021 wordt met de raad gesproken over eventuele bijstelling van de ambities uit het IHP. Deze uitkomst wordt meegenomen bij de inspanningen in de Begroting 2022. Op dit moment constateren we een enorme stijging in de bouwkosten.

KOSTEN

Geen additionele kosten

33

Financieel overzicht Voor dit programma zijn geen aanvullende aanvragen opgenomen. INVESTERINGEN Voor dit programma zijn geen aanvullende investeringen opgenomen.

34

4.5 Sport, cultuur en recreatie

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Krimpenerwaard&id=43f39fdc-6d9b-48ac-8b42-afd5bfdfe1af