Kader voor beheer en exploitatie gemeentelijke sportaccommodaties.docx
Tekst van het document
Beleidskader beheer en exploitatie van gemeentelijke sportaccommodaties Gemeente Krimpenerwaard
Datum 16 november 2021 Gemeente Krimpenerwaard
Inhoud 1. Inleiding
3
Bestuurlijke kaders en afbakening
3
Werkwijze
4
Leeswijzer
4
2. Het Krimpenerwaards sportlandschap: de huidige situatie
5
Buitensport
5
Binnensport
6
Zwembaden
6
3. Beheermodellen: vijf varianten
7
De Krimpenerwaardse praktijk
9
4. Principes en beleidsmatige uitgangspunten
10
Belangrijke principes en beleidsuitgangspunten
11
5. Toepasbaarheid per beheermodel
14
6. Vervolg: nadere uitwerking van drie beheermodellen
17
Bijlage I – Scores principes en beleidsmatige uitgangspunten
18
Bijlage II – Mate van toepasbaarheid per beheermodel
19
Bijlage III – Overzicht aanwezigen ambtelijke bijeenkomst
20
Bijlage IV – Overzicht aanwezigen gebruikersbijeenkomst
21
Bijlage V – Inventarisatie onder professionals uit het werkveld
22
2
augustus 2021
1. Inleiding Na de gemeentelijke herindeling in 2015 heeft gemeente Krimpenerwaard een inventarisatie en analyse laten uitvoeren naar de eigendoms-, beheer-, en exploitatiesituaties van de sportaccommodaties. Hieruit kwam naar voren dat er aanzienlijke verschillen zijn tussen de hieraan gerelateerde afspraken. Deze situatie is onwenselijk en brengt dilemma’s met zich mee bij het uitvoeren van accommodatiebeleid en het behandelen van (aan)vragen rondom sportaccommodaties. In de ‘Sportnota 2017-2021: Sport voor Iedereen’ is de actie opgenomen om de eigendoms-, beheeren exploitatiesituatie te harmoniseren, zodat voor al onze inwoners per tak van sport zoveel mogelijk overeenkomstige afspraken gelden. Over de wijze waarop gemeentelijke sportaccommodaties in gebruik worden gegeven is opgenomen dat de gemeentelijke exploitatie en het beheer van de (binnen)sportaccommodaties niet per definitie een overheidstaak is. In 2019 zijn hier middels het ‘Sportaccommodatieplan’ concretere kaders voor aangereikt. De doelstelling van dit plan was om te komen tot een samenhangend en evenwichtig sportaccommodatiebeleid op basis waarvan keuzes kunnen worden gemaakt en richting wordt gegeven aan (de toekomstige wijze van) het beheer en de exploitatie van onze sportvoorzieningen.
Nu de eerste resultaten van het Sportaccommodatieplan zichtbaar worden, zoals de privatisering van de tennis en de vaststelling van de harmonisatie voetbal, kan worden bezien welke exploitatievorm(en) het beste past(/passen) bij de rol van de gemeente. Dit beleidskader biedt daarvoor een eerste verkenning naar de mate van toepasbaarheid van de verschillende mogelijke beheermodellen. Dat houdt in dat alle beheermodellen in de praktijk nog steeds mogelijk zijn. Op voorhand wordt ook niet uitgesloten dat er uiteindelijk per type sportaccommodatie een beheermodel wordt gekozen. In dit kader wordt uiteengezet wat de mate van toepasbaarheid (hoe makkelijk is het te regelen, te beïnvloeden, af te dwingen en/of te controleren) per beheermodel is. Bestuurlijke kaders en afbakening Sinds de fusie tot gemeente Krimpenerwaard in 2015 is er op het gebied van sport, aan de hand van de Sportnota en het Sportaccommodatieplan, veel werk gestoken in harmonisatie van onder andere (ver)huurvoorwaarden en tarieven. Daarmee hebben we de harmonisatie grotendeels achter ons gelaten. De logische volgende stap is doorontwikkeling, met als centrale vraag hoe we de (overige) gemeentelijke sport(accommodaties) willen gaan organiseren. In de Sportnota is onderscheid gemaakt tussen basissporten en niet-basissporten.
De gemeente heeft zich als doel gesteld laagdrempelig toegang tot basissportvoorzieningen te bieden en toe te zien op een efficiënt gebruik en beheer. Wij rekenen het volgende tot de basissportvoorzieningen: Binnensport: alle standaard binnensportaccommodaties die geschikt zijn voor onderwijsgebruik en daarbuiten eveneens voor verenigingsgebruik en individueel gebruik; Buitensport: voetbalaccommodaties en enkele multifunctionele rondbanen voor onder andere atletiek en/of schaatsen/skeeleren; Zwemmen: alle zwembaden waarin school- en verenigingszwemmen plaatsvinden. In de Sportnota is uitgesproken dat we basissporten/-voorzieningen structureel willen faciliteren. Dit beleidskader beperkt zich daarom tot de accommodaties voor basissporten waar wij als gemeente een beheer en exploitatie taak voor uitvoeren. Dit betekent dat de buitenzwembaden niet worden meegenomen in dit vraagstuk van het best passende beheermodel. Uitgezonderd daarbij is ’t Wilgerak, dat in tegenstelling tot de andere buitenzwembaden in beheer van de gemeente is. Ook de multifunctionele rondbanen worden niet meegenomen in dit vraagstuk. Van gemeenteaccommodaties worden door of namens de gemeente de zogenaamde basisvoorzieningen gerealiseerd en in stand gehouden.
Dit betekent dat zowel de realisatie als de exploitatie, het beheer en toekomstige renovaties voor rekening van de gemeente komen, waarbij de kosten slechts deels aan de gebruikers worden doorbelast. Clubhuizen en was- en kleedruimten voor de buitensport worden niet tot deze basisvoorzieningen gerekend. Als gemeente hebben we enkel voor de velden een taak. Niet-basissportvoorzieningen 3 augustus 2021
worden in beginsel niet door de gemeente gefinancierd en worden daarom niet meegenomen in de harmonisatie van beheermodellen. De tennisparken zijn geprivatiseerd en worden eveneens buiten beschouwing gelaten. Werkwijze Een beheer- en exploitatievraagstuk vraagt om een proces waarin veel stakeholders worden gekend. Om een antwoord te kunnen geven op de vraag op welke manier we onze sportaccommodaties het beste kunnen organiseren, dient eerst bezien te worden welke rol de gemeente zichzelf toedicht als het gaat om gemeentelijke sporttaken. Aan de hand van te benoemen principes en uitgangspunten wordt bepaald wat de rolopvatting van de gemeente is als het gaat om het organiseren van sportaccommodaties. Deze principes en uitgangspunten dienen gedragen te worden door zowel politiek, ambtelijke organisatie als gebruikers van onze sportaccommodaties. Na een inventarisatie van reeds bepaalde principes (beleidsmatige uitgangspunten uit bv. het coalitieakkoord), zijn in de periode april tot en met juni gesprekken gevoerd met afgevaardigden van de ambtelijke organisatie, afgevaardigden van gebruikers van de accommodaties (voornamelijk verenigingen), afgevaardigden van professionals in de sport en met het college. Op 8 juni 2021 is tijdens een beeldvormende sessie ook met de raad over dit onderwerp gesproken.
De uitkomsten van de documentanalyse en bijeenkomsten zijn tot slot met elkaar geconfronteerd. De scores van de bijeenkomsten zijn bij elkaar opgeteld, wat heeft geleid tot een rangschikking van principes en beleidsmatige uitgangspunten. De hoogst scorende principes en uitgangspunten zijn vervolgens afgezet tegen bestaande beheermodellen. Op basis hiervan is de mate van toepasbaarheid (hoe makkelijk is het te regelen, te beïnvloeden, af te dwingen en/of te controleren) bepaald. Benadrukt wordt dat in de praktijk alle beheermodellen nog steeds mogelijk zijn. Leeswijzer Deze notitie is als volgt opgebouwd. In het eerste hoofdstuk is ingegaan op de aanleiding, bestuurlijke kaders en werkwijze die is gehanteerd. Hoofdstuk 2 behandelt de huidige situatie van beheer en exploitatie van gemeentelijke sportaccommodaties in de Krimpenerwaard. In hoofdstuk 3 wordt een overzicht gegeven van de vijf mogelijke beheermodellen, met daarbij een korte uitleg van de meest in het oog springende voor- en nadelen. In hoofdstuk 4 is beschreven welke principes en beleidsmatige uitgangspunten (uitgangspunten van bestaande beleidsdocumenten van de Krimpenerwaard) belangrijk worden gevonden bij het kiezen van het best passende beheermodel voor gemeentelijke sportaccommodaties.
Vervolgens wordt in hoofdstuk 5 aangegeven hoe deze belangrijk gevonden principes en beleidsmatige uitgangspunten zich verhouden tot de vijf beheermodellen (in hoeverre ‘matchen’ de principes en uitgangspunten met ieder beheermodel), waarna tot slot in hoofdstuk 6 wordt stilgestaan bij het vervolgproces.
4
augustus 2021
2. Het Krimpenerwaards sportlandschap: de huidige situatie Zoals in de inleiding al aangehaald, zijn onze sportvoorzieningen op dit moment onderverdeeld in basissportvoorzieningen en niet-basissportvoorzieningen. Tot de basissportvoorzieningen behoren de voetbalaccommodaties, de multifunctionele rondbanen, de zwembaden en de binnensportaccommodaties. Voor gemeenteaccommodaties geldt dat deze niet-kostendekkend en dus met substantiële en structurele gemeentesubsidie in stand gehouden en gebruikt worden door lokale verenigingen en andere samenwerkingsverbanden zonder winstoogmerk voor takken van sport. Tennis, hockey en turnen hebben een uitzonderingspositie gekregen. Deze sporten behoren niet tot de basissporten. De gemeente voert geen beheertaken voor deze sporten uit, maar levert wel structureel een financiële bijdrage in de exploitatie. Sport(accommodaties) – indeling naar basissporten Basissporten Binnensporten Zwemmen Voetbal Multifunctionele rondbanen (Park Weydehoeck, ijsbaan Ammerstol en atletiekbaan Schoonhoven) Basissport uitzondering Hockey Turnen Tennis Geen basissport Overige sporten Buitensport Tennis De tennisbanen zijn overgedragen (geprivatiseerd) naar de tien tennisverenigingen. De verenigingen ontvangen gezamenlijk een jaarlijkse bijdrage voor het behoud van de tennissport in de gemeente Krimpenerwaard.
Voetbal Bij de voetbalaccommodaties wordt overgegaan naar één basisvorm van exploitatie: een huur/verhuurrelatie met alle verenigingen. Recent zijn er afspraken gemaakt over een (meer) uniform tarievenstelsel, uitvoering van het onderhoud en het zelfbeheer door de verenigingen. De kleedkamers blijven of worden een verantwoordelijkheid van de verenigingen. Multifunctionele rondbanen In Ammerstol en Lekkerkerk ligt een multifunctionele rondbaan voor onder andere skeeleren en schaatsen. In Schoonhoven wordt een atletiekbaan geëxploiteerd door stichting Stormbaan Hofland. Volgens de Sportnota behoren de multifunctionele rondbanen tot de basissportvoorzieningen, zij het dat twee van deze accommodaties in eigendom zijn van betreffende vereniging of stichting. Deze worden niet-kostendekkend en dus met substantiële en structurele gemeentesubsidie in stand gehouden. De gemeente verstrekt incidenteel subsidies aan Avantri. Bij de multifunctionele rondbaan in Ammerstol heeft de gemeente een gebruiksovereenkomst. De vereniging betaalt geen huur en ontvangt een onderhoudsvergoeding. In Lekkerkerk draagt de gemeente bij aan de exploitatie van de multifunctionele rondbaan via de exploitatiesubsidie aan de SVN. De stichting betaalt geen huur. Op de accommodatie is een recht van ondererfpacht en opstal gevestigd.
De stichting Stormbaan Hofland huurt de ondergrond van de gemeente en ontvangt een onderhoudsvergoeding. Paardensport Het sportpark van paardensportvereniging De Lekruiters (Tiendweg Oost in Lekkerkerk) is eigendom van de gemeente en wordt beheerd en geëxploiteerd door SVN. De gemeente verstrekt geen exploitatievergoeding. De vereniging betaalt een kostendekkende huur aan SVN.
5
augustus 2021
Overige buitensport Naast de basissportvoorzieningen zijn er verschillende sporten waar de gemeente een relatie of overeenkomst mee onderhoudt. De hockeyaccommodatie is in het huidige beleid aangewezen als uitzondering. De gemeente verleent wel een jaarlijkse onderhouds- en/of exploitatiebijdrage. De gemeente zal echter geen structurele bijdragen leveren aan de instandhouding en/of uitbreiding van deze accommodatie. De jeu de boulesbanen behoren niet tot de basissportvoorzieningen. De gemeente stimuleert de aanwezigheid van deze voorzieningen wel. De exploitatie van de jeu de boulesaccommodaties in Bergambacht en Schoonhoven gebeurt door de verenigingen, zonder bijdrage van de gemeente. In Lekkerkerk verloopt de exploitatie via de SVN. Met de vereniging wordt momenteel een recht van opstal en erfpacht afgesloten. De exploitatie van de jeu de boulesaccommodatie in Lekkerkerk is eveneens kostendekkend. Binnensport Tot de basissportvoorzieningen worden ook onze sporthallen, sportzalen en gymzalen gerekend. In totaliteit betreft het 17 sportvoorzieningen, onderverdeeld in 5 sporthallen, 2 sportzalen en 10 gymzalen. Het beheer en exploitatie van de sporthallen en gymzalen wordt voor het merendeel gedaan door de gemeente. Een aantal gymzalen (Vogelweide, Het Rak, Krimpen) en sporthal De Drie Maenen maken onderdeel uit van een multifunctionele accommodatie (MFA) of wijkcentrum.
De (gecombineerde) exploitatie van deze accommodaties brengt administratieve verwevenheid t.a.v. beheer en huisvestingslasten met zich mee. De meeste MFA’s zijn ondergebracht in een Vereniging van Eigenaren (VvE). De vereniging is verantwoordelijk voor het (groot) onderhoud. Het beheer van MFA Krimpen is ondergebracht bij SOP (Stichting Onderwijs Primair). De MFA’s zitten niet in de financiële onderhoudsvoorziening van de gemeente. De gemeente betaalt wel jaarlijks de kosten die toegerekend worden aan haar deel aan de VvE. De exploitatie van sporthal De Waard in Bergambacht is momenteel uitbesteed aan Optisport. Naast deze sporthallen en gymzalen zijn er nog binnensportaccommodaties die toebehoren aan het voortgezet onderwijs. Op basis van onderwijswetgeving draagt de gemeente de bijbehorende kapitaalslasten. In de praktijk heeft gemeente Krimpenerwaard hier geen bemoeienis mee m.b.t. eigendom en beheer. Voor verenigingsgebruik kunnen deze sportzalen mogelijk wel worden gebruikt. In de avonduren en weekeinde worden deze immers niet gebruikt door het onderwijs. Zwembaden De gemeente Krimpenerwaard beschikt over een overdekt zwembad en zes openluchtzwembaden. Al deze baden worden tot de basissportvoorzieningen gerekend. Ten aanzien van het eigendom, beheer en exploitatie en onderhoudsverantwoordelijkheden bestaan er verschillen tussen de diverse zwembaden.
De Hofstee en ’t Wilgerak zijn volledig eigendom van de gemeente. In het laatste geval exploiteert de gemeente het bad ook zelf, terwijl zij in het geval van De Hofstee voor 50% aandeelhouder is van de exploitant. De vijf overige (buiten)zwembaden worden allen door een stichting geëxploiteerd. De betreffende stichtingen zijn ook eigenaar van de opstallen en verantwoordelijk voor het groot onderhoud. In drie gevallen is de gemeente eigenaar van de ondergrond, in twee gevallen is de betreffende stichting dat.
6
augustus 2021
3. Beheermodellen: vijf varianten Een bepaald beheermodel leidt op zichzelf niet tot een goede of slechte exploitatie. Daarvoor ben je in elk model afhankelijk van mensen. Wel heeft elke vorm uiteraard zijn eigen kenmerken, voordelen en nadelen. Afhankelijk van te maken keuzes over wat we als gemeente belangrijk vinden als het gaat om beheer en exploitatie van sportaccommodaties (zie ook hoofdstuk 4), is het ene beheermodel makkelijker toepasbaar in de Krimpenerwaard dan de andere. In dit hoofdstuk zetten we de belangrijkste voor- en nadelen van de verschillende beheermodellen uiteen. In hoofdstuk 5 zetten we deze af tegen de in hoofdstuk 4 benoemde belangrijke principes en beleidsmatige uitgangspunten voor de gemeente Krimpenerwaard. In Nederland bestaat een grote variëteit aan beheervormen voor het beheer en de exploitatie van maatschappelijke voorzieningen als zwembaden en sportaccommodaties. Voor de exploitatie van deze voorzieningen komen in Nederland met name de volgende vormen voor: 1. gemeentelijk beheer; 2. publiekrechtelijke (interne) verzelfstandiging; 3. privaatrechtelijke (externe) verzelfstandiging; 4. uitbesteding aan een marktpartij (commercialisering); 5. Privatisering. 1. Gemeentelijk beheer Veel gemeenten beheren en exploiteren hun sportaccommodaties zelf. De medewerkers zijn in dienst van de gemeente.
Het afdelingshoofd is in de regel de direct leidinggevende van de (teamleider van de) beheerders. De gemeentelijke bemoeienis is in alle opzichten groot, zowel bij het bepalen van het beleid (subsidies, tarieven en openstelling), als op het gebied van exploitatietechnische zaken (onder andere administratie, onderhoud, verhuur en promotie). 2. Publiekrechtelijke / interne verzelfstandiging Interne verzelfstandiging houdt in dat de verantwoordelijkheid voor het beheer en de exploitatie van de sportaccommodaties – met een eigen budget en eigen verantwoordelijkheden en bevoegdheden – aan een verbijzonderd organisatieonderdeel van de gemeente wordt overgedragen. Er is dan dus sprake van decentralisatie. Dit kan middels contractmanagement en budgetfinanciering. Bij contractmanagement worden op basis van een overeenkomst tussen de gemeente en de contractmanager taakstellende afspraken gemaakt over de inzet van middelen en de daarmee te realiseren prestaties. Bij budgetfinanciering is een bepaalde taakstelling gekoppeld aan een budget, waarbinnen de opgelegde taken dienen te worden uitgevoerd. Een gemeentelijk organisatieonderdeel, belast met het beheer en de exploitatie van de sportaccommodaties, beschikt niet over een eigen rechtspersoonlijkheid en kan dus niet los van de gemeente worden gezien. De gemeente blijft eindverantwoordelijk voor de exploitatierisico’s.
Indien het betreffende organisatieonderdeel een verbintenis aangaat, doet zij dat voor de gehele gemeente en is de gemeente ook verantwoordelijk voor het nakomen van de verplichtingen uit die verbintenis. Bij interne verzelfstandiging wijzigt de rechtspositie van het personeel niet ten opzichte van gemeentelijk beheer: de medewerkers blijven in dienst van de gemeente. 3. Privaatrechtelijke / externe verzelfstandiging Bij deze beheervorm wordt een zelfstandig rechtspersoon (stichting of B.V.) opgericht die verantwoordelijk wordt voor de exploitatie van de voorziening(en). De gemeente kan deelnemen in het bestuur en/of in aandelen en heeft daardoor directe zeggenschap. De invloed van de gemeente kan tevens gewaarborgd worden via de statuten van de rechtspersoon en via contractvorming. Met privaatrechtelijke verzelfstandiging wordt gekozen voor besturen op afstand. De rol van de gemeente bestaat uit het (mede-) bepalen van het beleid en het controleren van de uitvoering van het beleid door de stichting of vennootschap. Bij zowel de stichting als de vennootschap zijn de medewerkers in principe in dienst van de rechtspersoon. 7 augustus 2021
Beheer en exploitatie door een stichting Een stichting is zelf drager van rechten en verplichtingen en is daar zelf voor aansprakelijk. In haar statuten legt ze vast waartoe het vermogen van de stichting is bestemd: een ideëel doel. Dit betekent niet dat de stichting geen commerciële activiteiten mag bedrijven, maar wel dat de winst c.q. het exploitatieoverschot niet aan derden – zoals de oprichters of de gemeente – mag worden uitgekeerd. De stichtingsvorm staat grote vrijheid in de inrichting van de statuten toe. Naast het bestuur kunnen bijvoorbeeld organen als een Raad van Toezicht of een algemeen en/of dagelijks bestuur worden ingesteld. De gemeente kan de samenstelling en de wijze van benoeming van het bestuur of andere organen naar eigen inzicht statutair sturen. Zo kan zij tot een bindende voordracht over benoeming en ontslag van het bestuur of de Raad van Toezicht besluiten. Ook kan de gemeente haar invloed op de bevoegdheden van het bestuur of de Raad van Toezicht statutair vormgeven. Beheer en exploitatie door een BV Een Besloten Vennootschap is eveneens drager van rechten en verplichtingen en is daar zelf voor aansprakelijk. De gemeente is in beginsel 100% aandeelhouder van de BV.
Daarmee heeft zij een aantal belangrijke wettelijke bevoegdheden in handen, dat onder andere voorziet in het benoemen en ontslaan van het bestuur, het vaststellen van de begroting en de jaarrekening, alsmede het wijzigen van de statuten. Bij een BV dient een bestuur of een statutaire directie te worden aangesteld. Het bestuur c.q. de directie is onder meer met vaststelling en uitvoering van het beleid belast. De statuten kunnen de bevoegdheden van bestuur/directie inperken, bijvoorbeeld door bepaalde besluiten vooraf aan de Raad van Commissarissen en/of de Algemene Vergadering (van Aandeelhouders) te doen voorleggen. Ook kunnen de statuten bepaalde bevoegdheden uitsluitend aan de Raad van Commissarissen en of de Algemene Vergadering voorbehouden. Een vennootschap is een rechtspersoon met winstoogmerk. Over eventuele winsten dient vennootschapsbelasting te worden betaald. De netto winst kan als dividend aan de aandeelhouders worden uitgekeerd. De Algemene Vergadering beslist uiteindelijk over de bestemming van het resultaat. 4. Beheer door een marktpartij (commercialisering) Bij commercialisering worden de voorzieningen middels een inkoopopdracht ondergebracht bij een marktpartij. In de vorm van een aanbesteding maakt de gemeente bekend dat ze een opdracht wil laten uitvoeren. Meerdere partijen wordt gevraagd om op basis van een Programma van Eisen een offerte in te dienen.
Vervolgens vindt een beoordeling plaats, waarna de opdracht tot slot zal worden gegund aan de best scorende aanbieder. Het voordeel van dit beheermodel is dat de opdracht dient te worden uitgevoerd binnen een vooraf vastgestelde opdrachtsom. Het risico daarbij is echter dat wanneer de opdrachtnemer tot de conclusie komt de opdracht niet waar te kunnen maken binnen de vastgestelde opdrachtsom, het de opdracht terug kan geven. Na een aanbesteding treden personeelsleden in dienst van deze rechtspersoon. Door middel van overeenkomsten worden de beleids- en bedrijfsmatige randvoorwaarden vastgelegd, bijvoorbeeld ten aanzien van openstelling, tarieven, dagelijks onderhoud en overname van personeel. Daarbij kan onderscheid tussen open- en gesloten-eind constructies worden gemaakt. 5. Privatisering Tot slot kan er voor gekozen worden om het eigendom, beheer en exploitatie van voorzieningen over te doen van overheid naar de particuliere sector: privatisering. De gemeente legt in geval van privatisering (of: afstoting) alle verantwoordelijkheid en risico uit handen. Daarbij verliest de gemeente ook de mogelijkheid van sturing en zeggenschap. Een risico van dit beheermodel is dat wanneer de particuliere beheerder/exploitant dreigt om te vallen, de gemeente alsnog voor de keuze staat om de voorziening te laten sluiten of om financieel bij te springen. In dit laatste geval zijn meerdere 8
augustus 2021
scenario’s mogelijk, van een incidentele of structurele subsidie tot het terug in eigen beheer nemen van de voorziening (ook wel nationalisering, nationalisatie en publiekisering genoemd). De Krimpenerwaardse praktijk In het vorige hoofdstuk is al de huidige situatie van het Krimpenerwaardse sportlandschap geschetst. Voor de volledigheid wordt hierbij een overzicht geboden van hoe de huidige situatie is onder te verdelen in de vijf hiervoor geschetste beheermodellen. Sportaccommodaties in de Krimpenerwaard – indeling naar huidig beheermodel Gemeentelijk beheer Gemeentelijke binnensportaccommodaties (behalve sporthal De Waard) Buitenzwembad ’t Wilgerak Voetbalvelden* Publiekrechtelijke / interne N.v.t. verzelfstandiging Privaatrechtelijke / externe Binnenzwembad De Hofstee** verzelfstandiging Beheer door een marktpartij Sporthal De Waard Privatisering Tennis Buitenzwembaden (behalve zwembad ’t Wilgerak) Opstallen voetbalaccommodaties Jeu de boulesaccommodaties Multifunctionele rondbanen (Park Weydehoeck, atletiekbaan Schoonhoven en ijsbaan Ammerstol) Paardensportaccommodatie van De Lekruiters *Alleen groot onderhoud. **Gemeente is voor 50% eigenaar van de exploitatie b.v. en voor 100% eigenaar van de accommodatie. Dit is een verouderd model.
Gekeken naar de accommodaties die vallen binnen de scope van dit kader wordt opgemerkt dat Sporthal De Waard (door een marktpartij) en binnenzwembad De Hofstee (extern verzelfstandigd) momenteel ‘uniek’ zijn in de manier waarop ze georganiseerd worden. Vrijwel alle binnensportaccommodaties vallen binnen het beheermodel ‘gemeentelijk beheer’. Dat geldt ook voor buitenzwembad ’t Wilgerak. Wat opvalt is dat de overige buitenzwembaden geprivatiseerd zijn, net als de multifunctionele rondbanen. In Krimpenerwaard wordt momenteel niet gewerkt met een verbijzonderd organisatieonderdeel (publiekrechtelijke/interne verzelfstandiging).
9
augustus 2021
4. Principes en beleidsmatige uitgangspunten Om te bepalen wat de toepasbaarheid per type beheermodel is, zijn tijdens de gehouden sessies met stakeholders (zie bijlagen III en IV) principes en beleidsmatige uitgangspunten voorgelegd. De voorgelegde principes zijn standaard uitgangspunten die in meer of mindere mate belangrijk kunnen worden geacht voor het beheren en exploiteren van (sport)accommodaties. De volgende principes zijn voorgelegd: Principe Harmonisatie van contractvoorwaarden Betaalbaar voor gebruikers Betaalbaar voor gemeente Behoud identiteit kernen/cultuur Samenwerking tussen voorzieningen Accommodaties in eigendom gemeente Zeggenschap/inspraak gebruikers Professionalisering beheer en exploitatie Borging kwaliteit en veiligheid
Toelichting De huur- en exploitatieovereenkomsten van de sportaccommodaties kennen dezelfde grondslagen (voor exploitant en gebruikers) per type sport en zijn transparant in afspraken en verantwoordelijkheden tussen exploitant en gemeente. Sport moet betaalbaar voor (Krimpenerwaardse) gebruikers blijven. Uitgangspunt van betaalbaar voor gemeente is budget-neutraal voor de gemeente. In ieder geval niet structureel kostenverhogend. Besparing is geen uitgangspunt, maar kan wel een afgeleide zijn. Sport en sportaccommodaties dragen waar mogelijk bij aan het behoud en versterking van de identiteit en cultuur van de diverse kernen in de gemeente Krimpenerwaard. Er wordt gestreefd naar maatwerk per kern. Ongeacht exploitant en/of type accommodatie, kunnen gebruikers overal terecht. Voorzieningen trekken samen op in bijvoorbeeld inkoop voor de kantine. Samenwerking en afstemming is het uitgangspunt. Gemeentelijke sportaccommodaties, waar de gemeente een taak voor heeft, blijven eigendom van de gemeente. Sportaccommodaties zijn er per definitie voor de gebruikers (verenigingen en andere gebruikers). Zeggenschap (of in ieder geval inspraak) van gebruikers is geborgd. Daar waar mogelijk wordt verdere professionalisering van beheer- en exploitatie (hieronder wordt doorontwikkeling, volgen van trends- en ontwikkelingen in gebruik en technologische ontwikkelingen bedoeld) gestimuleerd.
Normeringen rondom onderhoud, kwaliteit, duurzaamheid en veiligheid van (sport)accommodaties zijn het uitgangspunt.
Deelnemers is gevraagd of deze lijst volledig is. Hierop is tijdens geen sessie een aanvulling gekomen. In sommige gevallen hebben deelnemers andere interpretaties gehad bij bovenstaande principes. Deze zijn meegenomen in de uitleg onder ‘Belangrijke principes en beleidsmatige uitgangspunten’ (zie p. 11). De voorgelegde beleidsmatige uitgangspunten vinden hun grondslag in huidig gemeentelijk beleid (coalitieakkoord, collegeakkoord, sportnota 2017-2020, sportaccommodatieplan, integraal beleidskader sociaal domein). De volgende beleidsmatige uitgangspunten zijn voorgelegd: Beleidsmatig uitgangspunt Maatwerk Toegankelijkheid
Klimaat/energie
Toelichting Behoefte aan maatwerk, éénduidige doelgroepen bestaan niet meer. Voor de leefbaarheid en aantrekkelijkheid van de kernen is het van belang voor inwoners dat voorzieningen vindbaar, bereikbaar en fysiek toegankelijk zijn en/of worden gemaakt, zodat het gebruik hiervan toeneemt. Krimpenerwaard moet klimaatbestendig worden en wil een bijdrage leveren aan de mondiale opgave. Wij willen een bijdrage leveren aan de energietransitie en streven naar een circulaire economie, afname van CO2-uitstoot en toename van duurzaam opgewekte energie. 10
augustus 2021
Participatie
Gemeente faciliteert Harmonisatie Betaalbaar aanbod van voorzieningen Beheer en exploitatie van sport is geen kerntaak
Multifunctioneel gebruik accommodaties Passend aanbod en toegankelijke voorzieningen
Verbinding als uitgangspunt voor ondersteuning maatschappelijke voorzieningen
Wij zetten in op een inclusieve samenleving. Alle lagen van de bevolking zijn in de gelegenheid gebruik te maken van sportaccommodaties en voelen zich daartoe aangetrokken door een optimaal samenspel van voorzieningen en maatschappelijke organisaties. De gemeente is de partij die structureel faciliteert dat er gesport kan worden. Ook faciliteert de gemeente het samenspel van maatschappelijke organisaties en voorzieningen. Wij harmoniseren de eigendoms-, beheer- en exploitatiesituatie zodat voor al onze inwoners per tak van sport zoveel mogelijk overeenkomstige afspraken gelden. Gemeenteaccommodaties worden niet-kostendekkend en dus met substantiële en structurele gemeentesubsidie in stand gehouden, zodat deze gebruikt kunnen worden door lokale verenigingen en andere maatschappelijke organisaties. Voorzieningen houden we in stand, maar worden niet door de gemeente beheerd en geëxploiteerd. We controleren of voorzieningen doelmatig worden ingezet. Door het voeren van procesregie wordt toegezien of de ingezette voorzieningen wel bijdragen aan het beoogde doel. Het slim combineren van functies, gebouwen en voorzieningen draagt bij aan een passend voorzieningenniveau. De gemeente biedt laagdrempelig toegang tot sportvoorzieningen. Er is een brede oriëntatie op in de kern, elders in de gemeente en buiten de gemeentegrenzen.
Dat betekent dat niet overal alles beschikbaar hoeft te zijn. Wij waarderen hierbij de identiteit van de kernen en van de gemeente. Voor de leefbaarheid en aantrekkelijkheid van kernen en wijken is verbinding een belangrijke waarde. Het verenigingsleven valt of staat met het in verbinding zijn met elkaar. Vanuit de waarde verbinding ondersteunen we deze maatschappelijke voorzieningen.
Belangrijke principes en beleidsuitgangspunten Tijdens elke bijeenkomst is in twee rondes (een ronde principes en een ronde beleidsmatige uitgangspunten) elke deelnemer gevraagd om vijf punten toe te kennen aan de principes of de beleidsmatige uitgangspunten die belangrijk worden geacht. Daarbij is tevens gevraagd om een toelichting. Deze toelichting is meegenomen in de extra uitleg hieronder. Deelnemers waren vrij in de keuze om alle punten toe te kennen aan één principe of deze te verdelen over meerdere principes. De optelsom van de toegekende scores hebben een rangschikking per bijeenkomst opgeleverd. De ranglijsten van de verschillende bijeenkomst zijn tot slot bij elkaar opgeteld, wat heeft geresulteerd in twee ranglijsten (een ranglijst principes en een ranglijst beleidsmatige uitgangspunten). Een totaaloverzicht van de scores en ranglijsten per bijeenkomst is te vinden in de bijlage. Principes Zoals gezegd hebben de verschillende bijeenkomsten een ranglijst opgeleverd waarin de principes op belangrijkheid zijn gescoord. Het aantal punten dat hieronder staat aangegeven is een optelsom van de positie op de vier verschillende ranglijsten (een ranglijst per bijeenkomst). De best mogelijke score is derhalve vier punten, wanneer een principe tijdens elke bijeenkomst het belangrijkst wordt geacht. Hieronder wordt dieper ingegaan op de top vijf van de ranglijst.
De volgende vijf principes hebben het hoogst gescoord tijdens de bijeenkomsten: 1. Betaalbaar voor gebruikers (6 punten) 2. Betaalbaar voor gemeente (13 punten) 3. Harmonisatie van contractvoorwaarden (15 punten) 4. Behoud identiteit kernen/cultuur (16 punten) 4. Borging kwaliteit en veiligheid (16 punten) 11
augustus 2021
Zowel behoud identiteit kernen/cultuur als borging van kwaliteit en veiligheid staat op plek vier. Dit betekent dat deze principes gelijk gescoord hebben. Betaalbaar voor gebruikers Het wordt belangrijk gevonden dat het huren van sportaccommodaties betaalbaar is voor (Krimpenerwaardse) gebruikers (maatschappelijke organisaties). Betaalbaar voor gemeente De financiële situatie van de gemeente laat momenteel niet toe om de kosten van sportaccommodaties structureel te verhogen. Besparing is geen uitgangspunt, maar kan wel een afgeleide zijn. Wanneer voorzieningen te duur lijken te gaan worden, moeten we kritisch kijken of ze nog wel nodig zijn, bijvoorbeeld wanneer dezelfde voorziening op overbrugbare afstand in een andere kern of omliggende gemeente ook beschikbaar is. Harmonisatie van contractvoorwaarden De manieren van (ver)huren en exploiteren van de sportaccommodaties moeten dezelfde grondslagen (voor exploitant en gebruikers) per type sport kennen. Afspraken tussen gemeente, eventuele exploitant en huurder dienen transparant te zijn. Voor iedereen moet duidelijk zijn bij wie welke verantwoordelijkheid ligt. Wanneer er verschillen zijn tussen huurprijzen voor accommodaties, moet helder uitlegbaar zijn waar die verschillen vandaan komen. Behoud identiteit kernen/cultuur In Krimpenerwaard wordt belang gehecht aan de specifieke identiteit en cultuur van elke kern.
Sport en sportaccommodaties kunnen bijdragen aan het behoud en versterking daarvan. Een passend aanbod per kern vinden we belangrijk. Waar in de ene kern volleybal een grote sport is, kan dat in een andere kern badminton zijn. Maatwerk wordt geboden waar dat gewenst is. Borging kwaliteit en veiligheid Normeringen rondom onderhoud, kwaliteit, duurzaamheid en veiligheid van (sport)accommodaties zijn het uitgangspunt. Krimpenerwaard wil minimaal voldoen aan wet- en regelgeving, maar nog liever gaan we verder dan dat. Veiligheid mag geen issue zijn. Om veiligheid en gebruiksgemak te vergroten, is het bijvoorbeeld fijn als er een beheerder aanwezig is tijdens de drukste gebruiksuren. Beleidsmatige uitgangspunten Ook bij de beleidsmatige uitgangspunten is een top vijf tot stand gekomen: 1. Betaalbaar aanbod van voorzieningen (9 punten) 2. Multifunctioneel gebruik (13 punten) 3. Klimaat/energie (15 punten) 3. Harmonisatie (15 punten) 5. Toegankelijkheid (16 punten) Klimaat/energie en harmonisatie hebben dezelfde score gehaald en staan daarom op een gedeelde derde plek. Betaalbaar aanbod van voorzieningen Zoals ook bij de principes al naar voren kwam, wordt betaalbaar aanbod van voorzieningen belangrijk gevonden.
Basissportaccommodaties worden niet-kostendekkend en dus met substantiële en structurele gemeentesubsidie in stand gehouden, zodat deze gebruikt kunnen worden door lokale verenigingen en andere maatschappelijke organisaties. Als uitgangspunt voor wat betaalbaarheid is, is in meerdere sessies de huidige situatie genoemd, waarin de voorzieningen als betaalbaar worden aangemerkt. Multifunctioneel gebruik Sport en sportaccommodaties kunnen bijdragen aan verbinding van groepen, organisaties en mensen binnen en tussen kernen. Het slim combineren en gebruiken van functies, gebouwen en voorzieningen kan daar een rol in spelen. Accommodaties zijn niet alleen te huur voor 12
augustus 2021
sportactiviteiten, maar kunnen waar wenselijk ook voor andere activiteiten worden gebruikt. Niet alleen sportverenigingen maken dan gebruik van de accommodatie, maar ook andere maatschappelijke organisaties als bijvoorbeeld buitenschoolse opvang, fysiopraktijken, bibliotheek, zorg- en welzijnsorganisaties of ouderenorganisaties. Klimaat/energie Op meerdere manieren wordt aandacht voor het klimaat en energie belangrijk gevonden. Krimpenerwaard heeft als doelstelling om klimaatbestendig te worden en wil een bijdrage leveren aan de mondiale opgave. De gemeente wil een bijdrage leveren aan de energietransitie en streven naar een circulaire economie, afname van CO2-uitstoot en toename van duurzaam opgewekte energie. Waar mogelijk gaat de voorkeur uit naar duurzame energie opwekking. Ook wordt het van belang geacht dat er iets gedaan kan worden aan het klimaat in de zalen (sturing vanuit de gemeente). Recent is hier in verband met sporten in tijden van COVID-19 veel aandacht aan besteed. Klimaatbeheersing in de zalen heeft overigens ook een keerzijde. Het kost namelijk meer energieverbruik. Harmonisatie Voor elke accommodatie dient de hoogte van het huurtarief uit te leggen te zijn. Waar mogelijk zijn de tarieven gelijk. Als dat niet zo is, is voor iedereen duidelijk waarom dat is.
Voor de eigendoms-, beheer- en exploitatiesituatie betekent dit dat per tak van sport zoveel mogelijk overeenkomstige afspraken zouden moeten gelden. Toegankelijkheid Het motto van de sportnota van gemeente Krimpenerwaard is ‘sport voor iedereen’. Dat wordt belangrijk gevonden in de breedste zin van het woord. Voor de leefbaarheid en aantrekkelijkheid van de kernen is het van belang voor inwoners dat voorzieningen vindbaar, bereikbaar en fysiek toegankelijk zijn en/of worden gemaakt, zodat het gebruik hiervan toeneemt. Kortom, er moet passend aanbod voor iedere inwoner van Krimpenerwaard zijn: ‘we willen gewoon sporten’.
13
augustus 2021
5. Toepasbaarheid per beheermodel In hoofdstuk 3 zijn vijf verschillende typen beheermodellen kort omschreven, met in die omschrijving de grootste ‘standaard’ voor- en nadelen. In dit hoofdstuk zetten we de in hoofdstuk 4 omschreven opgehaalde belangrijkste principes en beleidsmatige uitgangspunten af tegen die vijf beheermodellen. Het gaat daarbij om de mate van toepasbaarheid (hoe makkelijk is het te regelen, te beïnvloeden, af te dwingen en/of te controleren). In de praktijk zijn alle beheermodellen nog steeds mogelijk. Ook is het mogelijk dat voor specifieke accommodaties de voorkeur verschilt van de hieronder weergegeven scores. In onderstaande tabel is in kleuren weergegeven in hoeverre de principes en beleidsmatige uitgangspunten toepasbaar zijn per beheermodel. Groen betekent hierbij een hoge mate van toepasbaarheid (veel invloed voor gemeente), rood betekent een lagere mate van invloed. Principes
Gemeentelijk beheer
Interne verzelfstandiging
Externe verzelfstandiging
Commercieel
Privatisering
Externe verzelfstandiging
Commercieel
Privatisering
1.Betaalbaar voor gebruikers 2.Harmonisatie van contractvoorwaarden 3.Betaalbaar voor gemeente 4.Behoud identiteit kernen/cultuur 4.Borging kwaliteit en veiligheid
Mate van toepasbaarheid van de vijf meest gekozen principes per beheermodel Beleid
Gemeentelijk beheer
Interne verzelfstandiging
1.Betaalbaar aanbod van voorzieningen 2.Multifunctioneel gebruik 3.Harmonisatie 3.Klimaat/Energie 4.Toegankelijkheid
Mate van toepasbaarheid van de vijf meest gekozen beleidsmatige uitgangspunten per beheermodel
Per beheermodel wordt hieronder een verdere toelichting gegeven. 1. gemeentelijk beheer Het betaalbaar houden van de accommodaties voor gebruikers, het harmoniseren van contractvoorwaarden, het behoud van (de bijdrage aan) de identiteit en cultuur van kernen en de borging van kwaliteit en veiligheid zijn sterk te beïnvloeden wanneer de gemeente ervoor kiest accommodaties in eigen beheer te nemen/houden. Een nadeel is de betaalbaarheid voor de gemeente. In Nederland betekent accommodaties in eigen beheer over het algemeen vaker (risico op) hogere kosten dan wanneer een externe organisatie aan de lat staat voor het beheer. Ook de belangrijk gevonden beleidsmatige uitgangspunten zijn het sterkst te beïnvloeden wanneer de accommodaties in eigen beheer bij de gemeente zijn. Kenmerkend voor gemeentelijk beheer is dan ook dat de bemoeienis van de gemeente op alle vlakken groot is, wat alleen ten koste kan gaan van de betaalbaarheid voor de gemeente. Concluderend kan gesteld worden dat de mate van toepasbaarheid op basis van de principes en beleidsmatige uitgangspunten hoog is. 2. publiekrechtelijke (interne) verzelfstandiging Een gemeentelijk organisatieonderdeel, belast met het beheer en de exploitatie van de sportaccommodaties, beschikt niet over een eigen rechtspersoonlijkheid en kan dus niet los van de gemeente worden gezien.
Daarom scoort de interne verzelfstandiging op alle belangrijke principes en beleidsmatige uitgangspunten hetzelfde als gemeentelijk beheer. Het grootste verschil zit namelijk in de (interne) manier van organiseren. De mate van toepasbaarheid van interne verzelfstandiging is op basis van de belangrijk gevonden principes en beleidsmatige uitgangspunten hoog.
14
augustus 2021
3. privaatrechtelijke (externe) verzelfstandiging Wanneer een externe stichting of BV wordt opgericht voor beheer en exploitatie van sportaccommodaties kan een gemeente bepalen in hoeverre een grote mate van invloed in het vervolg wenselijk is. Dat kan bijvoorbeeld door invloed statutair vorm te geven, door een zetel in het bestuur of door (volledig of gedeeltelijk) aandeelhouder te worden. Afspraken worden contractueel vastgelegd, waardoor een gemeente relatief veel invloed uit kan oefenen op principes en (het realiseren van) belangrijke beleidsuitgangspunten: de randvoorwaarden. Dat geldt bijvoorbeeld voor betaalbaarheid en toegankelijkheid van voorzieningen voor gebruikers, voor multifunctioneel gebruik, voor harmonisatie van contractvoorwaarden en voor borging van kwaliteit en veiligheid. Er worden contractueel afspraken gemaakt over het totaalbudget waarmee het beheer en exploitatie vormgegeven dient te worden. Aangezien de externe partij een zelfstandig rechtspersoon is, kan het risico van de exploitatie ook bij die rechtspersoon worden belegd. Daarmee heeft de gemeente meer invloed op de eigen kosten. Het risico op overschrijding van budget ligt namelijk bij de externe partij. De gemeente heeft dus voornamelijk invloed op randvoorwaarden, maar minder op de invulling van de rol als beheerder en exploitant.
Behoud van identiteit en cultuur van kernen is daarom minder te beïnvloeden door de gemeente. Op het gebied van klimaat en energie geldt dat de stichting/BV verantwoordelijk is voor investeringen. De gemeente kan contractueel afdwingen dat hier aandacht aan wordt besteed, maar de precieze invulling ervan is aan de externe partij. Concluderend kan gesteld worden dat bij een externe verzelfstandiging de gemeente relatief veel invloed kan hebben. Dit kan op verschillende manieren worden vormgegeven. De mate van toepasbaarheid van het beheermodel is op basis van de in Krimpenerwaard belangrijk gevonden principes en beleidsmatige uitgangspunten hoog. 4. uitbesteding aan een marktpartij (commercialisering) Wanneer ervoor wordt gekozen om het beheer en exploitatie na een aanbestedingstraject aan een marktpartij over te dragen, dienen afspraken gemaakt te worden en contractueel vastgelegd te worden. Daar waar bij een externe verzelfstandiging de rol van de gemeente bestaat uit het (mede-) bepalen van het beleid en het controleren van de uitvoering, kent uitbesteding aan een marktpartij duidelijk een relatie tussen opdrachtgever en opdrachtnemer. Een marktpartij is, in tegenstelling tot een lokale externe verzelfstandiging, gericht op het maken van winst, waardoor deze partij minder makkelijk aan eisen en wensen van de gemeente zal voldoen.
Dit maakt dat het realiseren van in Krimpenerwaard belangrijk gevonden principes en beleidsmatige uitgangspunten contractueel onderhandelbaar is, maar dat de mate van toepasbaarheid minder hoog is. Afhankelijk van de nota van eisen tijdens de afspraken en/of het uiteindelijke contract, kan het voor een gemeente financieel overigens wel aantrekkelijk zijn om voor dit beheermodel te kiezen. In principe ligt de opdrachtsom vanaf het begin vast, wat het risico op onvoorziene hogere kosten voor de gemeente relatief laag maakt. Het inzetten van dit beheermodel als model voor (vrijwel) alle gemeentelijk sportaccommodaties wordt, gezien de lagere mate van invloed voor de gemeente, desondanks uitgesloten. Wel blijft mogelijk dat voor één of enkele specifieke accommodatie(s) dit beheermodel alsnog de beste optie blijkt. Beheer en exploitatie van (binnen)zwembaden vraagt bijvoorbeeld specifieke kennis en expertise. Door de doorgaans grotere omvang van marktpartijen kennen deze schaalvoordelen, wat het makkelijker maakt om specifieke kennis (van bijvoorbeeld specialistische wet- en regelgeving) en ervaring binnen de organisatie up-to-date te houden. 5. privatisering Wanneer gekozen wordt voor privatisering, draagt de gemeente geen verantwoordelijkheid meer voor de sportaccommodaties. Ze laat het eigendom, beheer en de exploitatie over aan de samenleving.
Daarmee verliest de gemeente grotendeels de mogelijkheden tot invloed en sturing. Er kan weliswaar 15
augustus 2021
een subsidierelatie worden opgezet, maar de mogelijkheden om contractueel de realisatie van principes en uitgangspunten af te dwingen zijn beperkt. Dit geldt daarmee ook voor invloed op de betaalbaarheid (van voorzieningen) voor gebruikers, wat zowel bij principes als beleidsmatige uitgangspunten als belangrijkste werd beoordeeld. De mate van toepasbaarheid van dit beheermodel is daarom laag. Alleen wanneer betaalbaarheid voor de gemeente als (veruit) belangrijkste principe was gekozen, was privatisering een serieuze optie geweest als model voor beheer en exploitatie. Dat is gegeven de scores van de principes (zie p. 11) niet het geval. Ook op basis van beleidsmatige uitgangspunten viel al de conclusie te trekken dat privatisering niet aantrekkelijk is voor gemeente Krimpenerwaard (zie ook bijlage 2B). In een afzonderlijk geval kan nog wel gekozen worden voor dit beheermodel, bijvoorbeeld wanneer voor buitenzwembad ’t Wilgerak besloten wordt om de organisatie ervan gelijk te trekken met de overige buitenzwembaden.
16
augustus 2021
6. Vervolg: nadere uitwerking van drie beheermodellen In dit beleidskader is uiteengezet welke aanknopingspunten er op basis van gemeentelijk beleid en input van stakeholders zijn voor het maken van een keuze voor het (of de) best passende beheermodel(len) voor gemeentelijke sportaccommodaties. Wat opvalt uit de kleurentabellen (p. 14) en de nadere toelichting daarbij is dat drie beheermodellen (gemeentelijk beheer, interne verzelfstandiging en externe verzelfstandiging) overwegend ‘groen’ scoren en daarmee een hoge mate van toepasbaarheid hebben. Zoals gezegd scoren gemeentelijk beheer en interne verzelfstandiging op alle principes en beleidsmatige uitgangspunten hetzelfde. Wanneer er gekozen wordt voor beheer door de gemeente dient nader onderzoek uit te wijzen welke vorm van organiseren het best bij de gemeente Krimpenerwaard past. Ook wanneer gekozen wordt voor externe verzelfstandiging dient een extra keuze gemaakt te worden: een stichting of een BV als rechtspersoon. Voor het maken van een daadwerkelijke keuze tussen deze modellen is ook van belang welke financiële, fiscale, juridische en personele gevolgen er zouden zijn bij een keuze voor een specifiek beheermodel of een combinatie van verschillende beheermodellen. Dit dient in een volgend stadium nader te worden uitgewerkt. Hierbij dient tevens aandacht te zijn voor de organisatie van sportstimulering.
Het bij elkaar organiseren van sportstimulering en beheer en exploitatie kan diverse voordelen in de uitvoering van sportstimulering met zich meebrengen. Dit dient dan ook te worden meegenomen in de nadere uitwerking in het volgende stadium. De beheermodellen van commercialisering en privatisering zijn in Krimpenerwaard niet geschikt om een bundeling van accommodaties te beheren en exploiteren. Er wordt echter niet uitgesloten dat in specifieke gevallen (bijvoorbeeld binnenzwembad De Hofstee en/of buitenzwembad ’t Wilgerak) een van deze beheermodellen (of beide beheermodellen) op basis van bijvoorbeeld financiële overwegingen of benodigde expertise wel het meest voor de hand ligt. Tijdlijn Deze nadere uitwerking vindt plaats in 2022. Het is vervolgens aan het (nieuwe) college om een besluit te nemen over het voorgestelde beheermodel (of beheermodellen). De eventuele implementatiefase die nodig is bij een nieuw beheermodel loopt tijdens 2023. Uiterlijk op 1 januari 2024 dient een eventueel nieuw beheermodel in werking te zijn.
17
augustus 2021
Bijlage I – Scores principes en beleidsmatige uitgangspunten Principes Harmonisatie van contract-voorwaarden Betaalbaar voor gebruikers Betaalbaar voor gemeente Behoud identiteit/cult. kernen Samenwerking tussen voorzieningen Accommodaties in eigendom gemeente zeggenschap/inspraak gebruikers professionalisering beheer en exploitatie Borging kwaliteit en veiligheid
Ambtelijk (pos) 10 (1) 7 (2) 7 (2) 0 (5) 7 (2) 0 (5) 2 (4) 6 (3) 7 (2)
Bestuurlijk (pos) Raad (pos) 4 (3) 2 (6) 6 (2) 14 (1) 9 (1) 13 (2) 3 (4) 11 (3) 0 (7) 4 (5) 0 (7) 1 (7) 1 (6) 2 (6) 2 (5) 1 (7) 0 (7) 9 (4)
Gebruiker (pos) 4 (5) 29 (1) 0 (8) 5 (4) 1 (7) 2 (6) 17 (2) 2 (6) 10 (3)
Positie (Tot) 3 (1,3,6,5 = 15) 1 (2,2,1,1 = 6) 2 (2,1,2,8 = 13) 4 (5,4,3,4 = 16) 6 (2,7,5,7 = 21) 7 (5,7,7,6 = 25) 5 (4,6,6,2 = 18) 6 (3,5,7,6 = 21) 4 (2,7,4,3 = 16)
Ambtelijk (pos) 0 (8) 3 (5) 3 (5) 1 (7) 5 (4) 10 (1) 6 (3) 9 (2) 5 (4) 2 (6) 2 (6)
Bestuurlijk (pos) Raad (pos) 2 (3) 3 (5) 2 (3) 10 (2) 2 (3) 3 (5) 1 (4) 4 (4) 0 (5) 2 (6) 10 (1) 2 (6) 2 (3) 10 (2) 4 (2) 12 (1) 0 (5) 0 (7) 2 (3) 2 (6) 0 (5) 7 (3)
Gebruiker (pos) 9 (4) 4 (6) 11 (2) 0 (8) 7 (5) 2 (7) 25 (1) 0 (8) 0 (8) 10 (3) 2 (7)
Positie (tot) 6 (8,3,5,4 = 20) 4 (5,3,2,6 = 16) 3 (5,3,5,2 = 15) 8 (7,4,4,8 = 23) 6 (4,5,6,5 = 20) 3 (1,1,6,7 = 15) 1 (3,3,2,1 = 9) 2 (2,2,1,8 = 13) 9 (4,5,7,8 = 24) 5 (6,3,6,3 = 18) 7 (6,5,3,7 = 21)
Bijlage 1A: scores principes
Beleid Maatwerk (vanuit coalitieprogramma) Toegankelijkheid (vanuit coalitieprogramma) Klimaat/Energie (vanuit coalitieprogramma) Participatie/meedoen (vanuit coalitieprogramma) De gemeente faciliteert (sportbeleid) Harmonisatie (Sportbeleid) Betaalbaar aanbod van voorzieningen (sportbeleid) Multifunctioneel gebruik (sportbeleid) Beheer en exploitatie sport is geen kerntaak (sport) Passend aanbod/toegankelijke voorzieningen (SD) Verbinding als uitgangspunt voor ondersteuning maatschappelijk voorzieningen (SD)
Bijlage 1B: scores beleidsmatige uitgangspunten
Uitleg scores: In de eerste kolom staan de voorgelegde principes. In de tweede (ambtelijk) tot en met de vijfde kolom (gebruikers) staan de scores per principe per sessie, met tussen haakjes de positie van het principe op de ranglijst van die sessie. In de zesde kolom (positie) staat aangegeven op welke positie het principe overall geëindigd is. De posities op de vier ranglijsten zijn hiervoor bij elkaar opgeteld. Des te lager de optelsom, des te hoger staat het principe op de ranglijst en des te belangrijker wordt het principe/beleidsmatig uitgangspunt dus gevonden voor beheer en exploitatie van gemeentelijke sportaccommodaties.
18
augustus 2021
Bijlage II – Mate van toepasbaarheid per beheermodel Principes Harmonisatie van contract-voorwaarden
Gemeentelijk beheer Interne verzelfstandiging Externe verzelfstandiging Commercieel + + + +/(beinvloedbaar) (beinvloedbaar) (beinvloedbaar contractueel) (beinvloedbaar contractueel)
Privatisering (geen relatie)
Betaalbaar voor gebruikers
+ (beinvloedbaar)
+ (beinvloedbaar)
+ +/(contractueel beinvloedbaar) (contractueel beinvloedbaar)
(lage mate van invloed)
Betaalbaar voor gemeente
(hogere kosten) + (beinvloedbaar)
(hogere kosten) + (beinvloedbaar)
+/+/(op langere termijn) (afhankelijk van contract) +/(beinvloedbaar contractueel) (beinvloedbaar contractueel)
Samenwerking tussen voorzieningen
+ (beinvloedbaar)
+ (beinvloedbaar)
+ +/(beinvloedbaar contractueel) (beinvloedbaar contractueel
+ (geen relatie) +/(afhankelijk opstelling private partij) (niet af te dwingen)
Accommodaties in eigendom gemeente
+ (ja) + (beinvloedbaar)
+ (ja) + (beinvloedbaar)
+/+/(afhankelijk van afspraken) (afhankelijk van afspraken) +/(contractueel beinvloedbaar) (doorgaans niet)
+/(beinvloedbaar) + (beinvloedbaar)
+/(beinvloedbaar) + (beinvloedbaar)
+ (ja) + (beinvloedbaar via contract en governance)
Behoud identiteit/cult. kernen
zeggenschap/inspraak gebruikers
professionalisering beheer en exploitatie Borging kwaliteit en veiligheid
+ (ja) +/(beinvloedbaar via contract)
(nee) (afhankelijk van opstelling private partij) +/(geen invloed) (geen relatie)
Bijlage 2A: Mate van toepasbaarheid principes per beheermodel
Beleid Maatwerk (vanuit coalitieprogramma)
Toegankelijkheid (vanuit coalitieprogramma) Klimaat/Energie (vanuit coalitieprogramma)
Participatie/meedoen (vanuit coalitieprogramma)
De gemeente faciliteert (sportbeleid) Harmonisatie (Sportbeleid)
Gemeentelijk beheer Interne verzelfstandiging Externe verzelfstandiging Commercieel Privatisering + + +/(beinvloedbaar) (beinvloedbaar) (mindere beinvloedbaarheid (lage wendbaarheid) (lage naleefbaarheid) en wendbaarheid) + + + +/(beinvloedbaar) (beinvloedbaar) (beinvloedbaar) (afdwingbaarheid) (afdwingbaarheid) + + +/+/(beinvloedbaar) (beinvloedbaar) (inregelbaarheid (inregelbaarheid contractueel) (afdwingbaarheid) contractueel) + + + +/+/(beinvloedbaar) (beinvloedbaar) (beinvloedbaar contractueel) (beinvloedbaar contractueel) (Meedoen vanuit samenleving) +/+/+ + (ook uitvoerend) (ook uitvoerend) (faciliterende rol) (faciliterende rol) (geen relatie) + + + +/(beinvloedbaar) (beinvloedbaar) (beinvloedbaar contractueel) (beinvloedbaar contractueel (geen relatie)
Betaalbaar aanbod van voorzieningen (sportbeleid)
+ (beinvloedbaar)
+ (beinvloedbaar)
+ +/(contractueel beinvloedbaar) (contractueel beinvloedbaar)
(lage mate van invloed)
Multifunctioneel gebruik (sportbeleid)
+ (beinvloedbaar)
+ (beinvloedbaar)
+ +/(contractueel beinvloedbaar) (contractueel beinvloedbaar)
(lage mate van invloed)
-
+/-
+
(taak) + (beinvloedbaar)
(taak) + (beinvloedbaar)
(taak via governance) (taak via overeenkomst) + +/(contractueel beinvloedbaar) (contractueel beinvloedbaar)
(geen taak) (lage mate van invloed)
+
+
+
-
(beinvloedbaar)
(beinvloedbaar)
(contractueel beinvloedbaar) (contractueel beinvloedbaar)
Beheer en exploitatie sport is geen kerntaak (sport) -
Passend aanbod/toegankelijke voorzieningen (SD)
Verbinding als uitgangspunt voor ondersteuning maatschappelijk voorzieningen (SD)
+
+/-
(lage mate van invloed)
Bijlage 2B: Mate van toepasbaarheid beleidsmatige uitgangspunten per beheermodel
Uitleg mate van toepasbaarheid: Per principe/beleidsmatig uitgangspunt is per beheermodel aangegeven hoe beïnvloedbaar (+, +/-, -) het is binnen het beheermodel.
19
augustus 2021
Bijlage III – Overzicht aanwezigen ambtelijke bijeenkomst Tijdens de bijeenkomst op 29 april 2021 met afgevaardigden van de ambtelijke organisatie zijn medewerkers van de volgende afdelingen aanwezig geweest:
Service & Informatie (Inkoop & Aanbesteding) Bestuur- & Managementondersteuning (Juridische Zaken) Sociaal Domein (Sport) Openbare Werken (Accommodaties en Vastgoed, Vastgoedbeheer, Beleid & Beheer) Ruimtelijke Ordening (Onderwijshuisvesting) Financiën
20
augustus 2021
Bijlage IV – Overzicht aanwezigen gebruikersbijeenkomst De volgende organisaties hebben zich aangemeld voor de bijeenkomst van gebruikers op donderdag 3 juni:
Thor Gouderak Badmintonclub Schoonhoven Volleybalclub Haastrecht (VCH) Gymnastiekvereniging DOS Schoonhoven THOR Gym Bergambacht ZPS Stolwijk Blue Sky Badmintonclub Ouderkerk BZC Bergambacht Volleybalclub DOS
Elke vereniging is door maximaal twee personen vertegenwoordigd.
21
augustus 2021
Bijlage V – Inventarisatie onder professionals uit het werkveld In Krimpenerwaard werken meerdere professionele organisaties aan het faciliteren van sporten en bewegen, en aan het beheren en exploiteren van sportaccommodaties. Ook onder deze professionals is een inventarisatie gedaan naar welke principes en beleidsmatige uitgangspunten zij passend vinden voor het organiseren van beheer en exploitatie van gemeentelijke sportaccommodaties. Voor dit overleg, dat heeft plaatsgevonden op 14 juli 2021, hebben de volgende organisaties zich aangemeld:
Team Sportservice Krimpenerwaard Optisport Stichting Servicepunt Verenigingen Nederlek
22
augustus 2021