Inspraaknotitie W. Boer - DWLK
Tekst van het document
Inspraak Geachte voorzitter, geachte raadsleden, Mijn naam is Willem Boer, voorzitter van de Vereniging Duurzame Waterbeheersing en Landbouw Krimpenerwaard en tevens petitionaris van de lopende petitie ‘Kies niet voor afplaggen in de Krimpenerwaard’. Bij deze wil ik mijn spreekrecht richten op het omstreden onderwerp afplaggen. Wat is afplaggen? Afplaggen is één van de drie mogelijke maatregelen om tot een toplaag/ teeltlaag te komen met een laag fosfaatgehalte. De andere twee mogelijkheden daartoe zijn verschralen en uitmijnen. Over afplaggen gesproken moet ik een groot onderscheid maken waar je dat toepast. Bijvoorbeeld tot nut van de heidevelden. Pas je dit toe op zandgrond, dan is in tijd van nood er altijd nog de mogelijkheid tot terugkeer naar landbouwkundig gebruik. Afplaggen van laagveen betekend definitief geen terugkeer meer mogelijk tot landbouwkundig gebruik vanwege de gemiste draagkracht. Waarom heeft men in de Krimpenerwaard gekozen en kiest men nog steeds voor afplaggen? Zo lees ik in de inspraak van ZHL en NVWK aldus: Het bereiken van de afgesproken kwaliteit en natuurresultaat via uitmijnen duurt te lang en is daarmee niet effectief. Hierbij moet wel de kanttekening geplaatst worden dat de hierboven genoemde kwaliteit en natuurresultaten na het afplaggen door meerdere factoren naar verwachting niet houdbaar zullen zijn.
Gezien de impact van afplaggen past bij het oordeel van wel of niet afplaggen dan ook geen verkokerde tunnelvisie vanuit wensdenken. Ook de experimentele proef van het Louis Bolk Instituut laat in deze weten dat de tijdsduur van de proef nog geen 2 jaar kent, terwijl voor de onderzoeksvragen eigenlijk wel langjarig onderzoek noodzakelijk is, waarmee de proef niet representatief kan zijn. Ga eerder eens te rade bij onafhankelijk wetenschappelijke rapporten/ kennis die kritisch zijn op natuurontwikkeling door afplaggen. Al met al moet hier de conclusie getrokken worden dat men voor grootscheeps mechanisch afplaggen kiest in plaats van verschralen of uitmijnen als natuurlijk proces vanwege ons onbeheersbaar ongeduld. Het voordeel van afplaggen waar we op ons op blindstaren moet dan voornamelijk zijn de korte tijdslimiet om de gewenste natuur te creëren. Kent het voordeel van ons onbeheersbaar ongeduld te bevredigen ook nadelen? Ja, zeker, hier op rij:
1.) Bodemdaling: Bij afplaggen met een dikte laag van 30 centimeter creëer je achter de kraanbak abrupt een bodemdaling vergelijkbaar van een natuurlijke bodemdaling in 100 jaar. Wel kun je met de afgegraven grond andere delen ophogen, maar de praktijk leert dat het volume van de weggegraven grond geducht reduceert, per saldo directe bodemdaling. Door het verwijderen van de toplaag als beschermlaag van het onderliggende veen zal dit veen nu veel sneller en meer gaan oxideren, dus bijkomende indirecte bodemdaling. Tevens betekend dit een aanslag op het bodemleven. 2.) Beleveniswaarde: De Krimpenwaard is op het wereldrond gezien nog een specifiek stukje Hollands cultuurlandschap van weide en grazig vee met een hoge biodiversiteit. Moet deze transitie door afplaggen gaan lijden tot een verloederd gebied met overwoekering van de pitrus? 3.) Broeikasgassen: Daar waar je de zode van het oude grasland weg haalt is het grote voordeel van het vastleggen van CO2 ook weg. Door het afplaggen krijg je een versnelde oxidatie van het onderliggende veen waarbij extra CO2 vrijkomt, maar ook methaan, een 27 x sterker broeikasgas dan CO2, en lachgas, 298 x sterker dan CO2. 4.) Kosten: De jaarlijks weerkerende beheer- en onderhoudskosten van afgeplagde gronden zijn aanzienlijk hoger dan van uitgemijnde of verschaalde percelen.
Zal men in de toekomst bereid zijn die extra jaarlijks weerkerende kosten op te brengen? 5.) Voedselvoorziening: Het aller zwaarste argument om niet af te plaggen is het onomkeerbare dat deze grond definitief is afgeschreven voor de directe voeding van het vee en indirecte voedselproductie voor de mens. Het menselijk leven vraagt licht, lucht, water en voedselveiligheid is een schone zaak maar dan moet er eerst wel voedsel zijn. We verkeren in een fase van groeiende wereldbevolking. Wereldwijd druk op het landbouwareaal. Denk ook aan de woorden oorlog en geopolitiek. De doelen van onze algemene belangen eisen elk jaar gemiddeld ook 7000 ha. landbouwgrond op. Bij een juist opgemaakte balans van export, import, doorvoer weten we dat ons land maar een zelfvoorzieningsgraad aan voedsel kent van hooguit 60%. Om zelfvoorzienend te zijn hebben we als Nederland meer dan 3 miljoen ha. landbouwgrond nodig. We hebben maar 1,8 miljoen ha. meer in gebruik. Gaan wij nu zonder toedoen van oorlog, zonder toedoen van natuurramp zelf nog door met het vernietigen van onze grond die we in tijd van nood nog kunnen inzetten voor onze voedselvoorziening, dit terwijl er al zoveel honger op het rond der aarde is.
Moeten we onszelf niet afvragen of dat er al geen bloed aan onze vingers kleeft vanwege het al reeds zoveel afgeplagde? Laten we met z’n allen vanuit ethische benadering behoedzaam en zakelijk zijn door vanavond te zeggen: “Er wordt in de Krimpenerwaard geen vierkante meter grond meer afgeplagd.” Sterker zou nog zijn om te pleiten voor een ‘grondwet’ in de grondwet dat afplaggen van laagveengrond overal en ten allen tijde verboden zal zijn.
Bedankt voor het gehoor, wijsheid toegewenst.