GEWIJZIGD Raadsvoorstel Begroting 2025-2028 - met wijzigingen gearceerd
Tekst van het document
RAADSVOORSTEL
Nr.: 1387605/1482106
Raadsvergadering:
12 november 2024
Onderwerp:
Meerjarenbegroting 2025-2028
Datum:
5 november 2024
Korte samenvatting De raad wordt voorgesteld om de meerjarenbegroting 2025-2028 en de 1e begrotingswijziging 2025 vast te stellen. Hiermee worden de budgetten voor 2025 beschikbaar gesteld. Voorgesteld besluit De raad wordt voorgesteld om: 1. De meerjarenbegroting 2025-2028 vast te stellen. 2. Tegelijkertijd de 1e begrotingswijziging 2025 vast te stellen met daarin: a. Verlaging aanvullende OZB-opbrengst met € 473.000; b. Aanvullende inzet surplus Algemene reserve vrij vermogen met € 180.000; c. Aanpassing rentelasten en -baten met € 314.000 voordelig. 3. Het positieve saldo van de jaarschijf 2025 toe te voegen aan de Algemene reserve vrij vermogen en de negatieve saldi van de jaarschijven vanaf 2026, conform advies van de VNG, niet te dekken. 4. De reserve Begrotingstekorten met ingang van 2025 op te heffen en het saldo van ruim € 9 miljoen toe te voegen aan de Algemene reserve vrij vermogen. 5. De subsidieplafonds 2025 en 2026 als volgt vast te stellen: Totaal Plafonds Regelingen 2025
Totaal Plafonds Regelingen 2026
Subsidieregeling Preventief Domein Preventieteam Subsidieregeling Cultuur Subsidieregeling Gezondheid Subsidieregeling Onderwijs Subsidieregeling Preventief Domein Overig Subsidieregeling Recreatie en Toerisme Subsidieregeling Vroegschoolse educatie Subsidieregeling Peuterspeelzalen Subsidieregeling Voorschoolse Voorzieningen Subsidieregeling Dierenwelzijn
€ € € € € € € € € €
4.694.109 339.729 45.752 93.763 671.691 10.989 239.032 337.225 650.000 5.655
€ € € € € € € € € €
5.045.163 348.901 43.431 93.763 689.826 11.286 239.032 346.330 650.000 5.808
Totaal plafonds subsidieregelingen
€
7.087.945 €
7.473.540
6. Het budget voor begrotingssubsidies 2025 en 2026 vast te stellen op: 2025 Begrotingssubsidies
€
2026 3.265.532 €
3.306.119
Inleiding Wij bieden u de meerjarenbegroting 2025-2028 van de gemeente Krimpenerwaard aan. Een begroting die aansluit op de kaders zoals door u vastgesteld in de Kadernota 2025. Ook met de daarin benoemde zorgen over het meerjarig perspectief. gemeente Krimpenerwaard Postbus 51 2820 AB Stolwijk www.krimpenerwaard.nl
Ook de periode vanaf 2025 kenmerkt zich nog door verschillende maatschappelijke ontwikkelingen die impact hebben op het werk van ons als gemeente. De inflatie lijkt wat te temperen, maar gezien de ontwikkelingen in de (wereld)politiek is er nog veel onzekerheid over de stabiliteit van de wereldeconomie. Denk daarbij aan de oorlog in Oekraïne die nog voortduurt, maar ook de instabiliteit in het Midden-Oosten. In Nederland speelt ook nog de problematiek rondom de opvang van vluchtelingen en de onduidelijkheid over de status van de spreidingswet en de toekomst van het buitengebied (agrarisch en natuur) door het aantreden van het nieuwe kabinet. Zoals verwacht laat de begroting 2025, op basis van de uitgangspunten bij de kadernota 2025, een meerjarig tekort zien. Voor de jaarschijf 2025 bedraagt dit tekort € 2,3 miljoen. Op basis van een door uw gemeenteraad aangenomen amendement stellen wij u in de begroting voor om het tekort voor een deel te dekken door de maximaal toegestane 10% van de vrij beschikbare ruimte in de Algemene reserve vrij vermogen (ARvv) in te zetten. Daarnaast stellen wij u het volgende voor: 1. Een aanvullende stijging van de OZB-opbrengst. In de begroting 2025 wordt uitgegaan van een aanvullende verhoging met 7% met een meeropbrengst van € 1 miljoen. Dit resulteert in een stijging van de gemiddelde woonlasten met 3,6%.
Bij de behandeling van de begroting 2025 in de raadscommissie van 23 oktober jl. is het college gevraagd om te komen met een aangepast voorstel waarbij de stijging van de gemiddelde woonlasten gelijke tred houdt met de inflatiecorrectie van 2,3%. In de 1e begrotingswijziging is dit voorstel nader uitgewerkt. De aanvullende stijging van de OZB is bijgesteld naar 3,5% met een meeropbrengst van ruim € 0,5 miljoen. Dit resulteert in een stijging van de gemiddelde woonlasten met 2,3% 2. Aanpassing van de rentelasten en -baten Op basis van actuele ontwikkelingen (2 recente renteverlagingen door de ECB en de huidige uitgaven op lopende investeringen) kunnen de volgende aanpassingen worden gemaakt: - 2 maanden later afsluiten van alle toekomstige geldleningen; - verlaging van de te betalen rente van 3% naar 2,9%; - verlaging van de te ontvangen rente van 3,0% naar 2,5% Door inzet van bovengenoemde voorstellen is de jaarschijf 2025 sluitend en bieden wij u een structureel sluitende begroting aan. Bij de behandeling van de kadernota is door u uitgesproken nog geen inhoudelijke opties in te zetten, maar deze verder uit te werken richting de kadernota 2026 voor verwerking in de begroting 2026. Beoogd resultaat Met het vaststellen van de begroting worden de budgetten (exploitatie en investeringen) voor 2025 vastgesteld en beschikbaar gesteld.
Argumenten 1.1 Het voorstel past in het ingezet beleid Op 9 juli jl. heeft de gemeenteraad de Kadernota 2025 vastgesteld. De hierin opgenomen uitgangspunten zijn verwerkt in de meerjarenbegroting 2025-2028. 1.2 De gemeenteraad stelt de begroting vast Op grond van wet- en regelgeving dient de gemeenteraad de begroting voor het komende begrotingsjaar vóór 15 november vast te stellen. 1.3 Zonder begroting zijn geen uitgaven mogelijk Om in 2025 uitgaven te kunnen doen, is het nodig dat de gemeenteraad de begroting 2025 vaststelt. Gebeurt dit niet, dan mogen uitgaven alleen worden gedaan met instemming van de toezichthouder (provincie ZuidHolland).
pag. 2/8
2.1 Met de begrotingswijziging wordt invulling gegeven aan de oproep aan het college Bij de behandeling van de begroting 2025 in de raadscommissie van 23 oktober jl. is het college gevraagd om te komen met een aangepast voorstel waarbij de stijging van de gemiddelde woonlasten gelijke tred houdt met de inflatiecorrectie van 2,3%. In de 1e begrotingswijziging is dit voorstel nader uitgewerkt. 3.1 De jaarschijf sluit met een klein positief resultaat Door inzet van de toegestane ruimte binnen de Algemene reserve vrij vermogen en bijstelling van de OZBopbrengst sluit de jaarschijf 2025 met een positief resultaat van € 26.000. Met verwerking van de 1e begrotingswijziging 2025 stijft het resultaat naar € 47.000 positief. Het voorstel is om dit overschot, in lijn met besluitvorming bij eerdere begrotingen, toe te voegen aan de Algemene reserve vrij vermogen. 3.2 Niet dekken meerjarige tekorten sluit aan bij het advies van de VNG Vanaf de jaarschijf 2026 laat de begroting structurele tekorten zien. Dit komt voort uit de grote (financiële) opgaven en onzekerheden waarmee onze, en ook andere, gemeenten zich de komende jaren geconfronteerd zien. In verband hiermee heeft de VNG gemeenten eerder dit jaar een begrotingsadvies gestuurd waarin ze oproept om meerjarig alle lasten in beeld te brengen in de vorm van een realistische begroting.
Die gebaseerd is op het huidige takenpakket, de noodzakelijke investeringen, de inflatie, de stijgende rente, eigen ambities en geschatte mee- en tegenvallers. Dit vertaalt zich in nadelige meerjarige saldi van deze meerjarenbegroting. In lijn met het advies van de VNG lossen we deze meerjarige tekorten nu niet op. Wanneer wij dit tekort met behulp van onze reserves en incidentele meevallers zouden wegwerken, zou ten onrechte de indruk gewekt kunnen worden dat onze gemeente het met een verminderde rijksbijdrage ook redt. 4.1 Inzet reserve sluit aan op aangenomen amendement Bij de behandeling van de kadernota heeft uw gemeenteraad amendement A24-042 aangenomen waarin wordt aangegeven om de reserve Begrotingstekorten als een van de mogelijkheden in te zetten met het maximaal toelaatbare bedrag om jaarschijf 2025 sluitend te krijgen. Met verwerking van de 1e begrotingswijziging wordt het maximaal toegestane bedrag van bijna € 1,5 miljoen ingezet. 4.2 Voor inzet is overheveling nodig Op basis van gemaakte afspraken tussen onder andere de VNG en de financieel toezichthouders mogen gemeenten, onder voorwaarden, 10% van het surplus (vrij besteedbare deel) van de Algemene reserve inzetten ter dekking van structurele lasten. Voor dit doel heeft onze gemeente de bestemmingsreserve Begrotingstekorten ingesteld.
Om de middelen nu in te kunnen zetten, is het nodig om het saldo van de reserve over te hevelen naar de Algemene reserve vrij vermogen. Bij brief van medio 2022 inzake de contourennota voor de financieringssystematiek van medeoverheden, wijst de minister van BZK gemeenten en provincies op de mogelijkheden om een buffer op te bouwen die verlichting kan bieden voor het 2026. In het gemeenschappelijk financieel toezichtkader (GTK 2020) dat is opgesteld door de gezamenlijke toezichthouders (provincies) is beschreven onder welke voorwaarden het voor gemeenten is toegestaan om onttrekkingen aan de algemene reserve ten gunste van de exploitatie te brengen zonder deze mutatie op te nemen op het overzicht van incidentele baten en lasten. Eén van die voorwaarden is dat voor het betreffende bedrag een afzonderlijke dekkingsreserve wordt gevormd. Dit werd met het instellen van de reserve begrotingstekorten beoogd. Eind 2023 kregen alle gemeenten een brief van de VNG over nieuwe afspraken die waren gemaakt over de financiën met de ministeries van Financiën en Binnenlandse Zaken. In deze brief staat dat gemeenten vanaf 2024 reserves en overschotten kunnen inzetten voor het dekken van structurele lasten. Hierdoor kunnen gemeenten vanaf volgend jaar het surplus in de algemene reserve (de reserve waar geen bestemming aan is
pag. 3/8
gegeven) aanwenden voor het dekken van structurele exploitatielasten. Van dit vrij besteedbare deel, het surplus, mogen gemeenten 10% inzetten voor structurele lasten. Dit onder bepaalde voorwaarden. 4.3 Overheveling maakt meer ruimte voor dekking beschikbaar Het over te hevelen saldo van de reserve Begrotingstekorten van ruim € 9 miljoen (inclusief saldo 2e tussentijdse rapportage 2024) is samen met de andere vrij aanwendbare middelen binnen de Algemene reserve vrij vermogen beschikbaar om in te zetten als dekking. Niet overhevelen betekent dat € 900.000 (10% van het saldo van de reserve) minder beschikbaar is voor inzet als structurele dekking. 5.1 Vaststelling subsidieplafonds 2025 en 2026 Jaarlijks dienen de plafonds van de verschillende regelingen te worden vastgesteld. Dit is een bevoegdheid van de raad. Om dit proces te laten aansluiten bij de P&C-cyclus is het wenselijk om tijdens de begrotingsbehandeling voor 2025 naast de plafonds voor 2025 ook de plafonds voor 2026 te laten vaststellen. Gezien de deadline van de aanvraagperiode voor de jaarlijkse subsidies van 1 juni van het jaar voorafgaand aan het subsidiejaar, kan de vaststelling van de plafonds niet meelopen met de kadernota voor 2026.
5.2 Subsidieplafonds zijn onderdeel van de begroting Het totale bedrag van de subsidieplafonds 2025 en 2026 is verwerkt in de betreffende jaarschijven van de betreffende programma’s in de meerjarenbegroting 2025-2028. 6.1 Begrotingssubsidies kennen geen plafond Zij maken budgettair wel onderdeel uit van het jaarlijkse subsidietraject. Kanttekeningen 1.1 Er is nog geen rekening gehouden met de gevolgen van de septembercirculaire Net als in andere jaren wordt u hierover separaat geïnformeerd via een raadsinformatiebrief. De financiële gevolgen worden verwerkt bij de 1e tussentijdse rapportage 2025. 2.1 Een aanvullende stijging van de OZB-opbrengst werkt volledig structureel door De in de begroting voorgestelde aanvullende stijging van de OZB-opbrengst met 7% leidt meerjarig tot € 1 miljoen aanvullende dekking. Voor de maatregelen die nu via de 1e begrotingswijziging worden voorgesteld geldt dat structureel sprake is van een lagere dekking. De extra onttrekking aan de Algemene reserve vrij vermogen van € 180.000 in 2025 werkt meerjarig niet door, waardoor het meerjarige tekort groter wordt. Dit zal worden betrokken bij het proces om samen met uw raad tot een structureel sluitende meerjarenbegroting 2026 te komen.
3.1 De begroting laat meerjarige tekorten zien Bij de behandeling van de kadernota 2025 heeft uw gemeenteraad gesproken over de denkrichtingen om te komen tot een structureel sluitende begroting 2026. In aanloop naar het opstellen van de kadernota 2026 bespreekt u de denkrichtingen en de onderlinge weging en de omvang. Om dit mogelijk te maken zijn wij inmiddels een proces gestart. In dit proces trekken wij samen met u op om met als uiteindelijke doel om te komen tot een structureel sluitende meerjarenbegroting 2026. 4.1 Eerder nog onduidelijkheid Ten tijde van het opstellen van de vorige p&c-documenten was het nog niet duidelijk of gemeente Krimpenerwaard voldoet aan de voorwaarden die zijn gesteld voor het inzetten van het surplus. Inmiddels is dit wel duidelijk en wordt voorgesteld om de betreffende middelen toe te voegen aan de Algemene reserve vrij vermogen, zodat inzet ook daadwerkelijk mogelijk is.
pag. 4/8
4.2 Inzet op langere termijn is waarschijnlijk niet mogelijk Eén van de voorwaarden om 10% van het surplus van de Algemene reserve vrij vermogen in te mogen zetten is dat de solvabilteit (verhouding eigen vermogen/totale vermogen) van de gemeente ≥ 20% is. Voor 2025 en 2026 is dit het geval. Gezien de grote opgaven van onze gemeente, met name op het gebied van investeringen, valt het nog bezien hoe lang nog wordt voldaan aan de gestelde solvabiliteitseis voor inzet van het surplus. Alternatieven N.v.t. Financiën Ten opzichte van de bij de kadernota 2025 gepresenteerde meerjarige saldi zijn er diverse aanpassingen die leiden tot de meerjarige saldi zoals die nu in de meerjarenbegroting 2025-2028 en de 1e begrotingswijziging zijn opgenomen. Alle aanpassingen samen leiden tot het onderstaand overzicht. In de begroting zelf en de 1e begrotingswijziging zijn de aanpassingen toegelicht. Bedrag x € 1.000
2025
2026
2027
2028
Actuele saldi na mutaties meicirculaire 2024 - cf memo d.d. 28 mei 2024 (a) Mutaties o.b.v.:
-1.669
-7.333
-6.297
-5.710
-2e Tussentijdse rapportage 2024 -Actualisatie technische oplossingen -Collegeprogramma -Ontwikkelingen Totaal van mutaties (b)
-410 -195 -75 75 -605
-277 241 -75 -1.494 -1.605
-183 184 -75 -988 -1.062
-276 184 -75 -821 -988
Saldo begroting 2023 (a+b)
-2.274
-8.938
-7.359
-6.698
Dekkingsplan (d)
2.300
1.153
1.171
1.178
26 23 3
-7.785 -502 -7.283
-6.188 -56 -6.132
-5.520 -51 -5.469
-473 180 314
-480 287
-484 291
-486 369
24
-7.476
-6.325
-5.586
Saldo begroting na dekkingsplan (c+d) Waarvan incidenteel Structureel saldo begroting 2025 Gevolgen 1e begrotingswijziging 2025 - Verlaging aanvullende OZB-opbrengst naar 3,6% - Verhoging inzet surplus ARvv - Aanpassing rentelasten en -baten Structureel saldo begroting 2025 na 1e begrotingswijziging
Juridische zaken N.v.t. Participatie en extern overleg N.v.t. Vervolgtraject en uitvoering Na vaststelling door de gemeenteraad wordt de meerjarenbegroting 2025-2028: - Op de gemeentelijke website geplaatst - Aan de toezichthouder gezonden
pag. 5/8
Als er een uiterste datum is voor de besluitvorming in de raad, dan datum en reden vermelden. Op grond van wet- en regelgeving dient de gemeenteraad de begroting voor het komende begrotingsjaar vóór 15 november vast te stellen. Bijlagen - Meerjarenbegroting 2025-2028 - 1e begrotingswijziging 2025
Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van gemeente Krimpenerwaard,
de secretaris,
de burgemeester,
J. Hennip
Ir. J. Beenakker
pag. 6/8
RAADSBESLUIT De raad van de gemeente Krimpenerwaard,
Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 5 november 2024 inzake Meerjarenbegroting 20252028 Besluit: 1. De meerjarenbegroting 2025-2028 vast te stellen; 2. Tegelijkertijd de 1e begrotingswijziging 2025 vast te stellen: a. Verlaging aanvullende OZB-opbrengst met € 473.000; b. Aanvullende inzet surplus Algemene reserve vrij vermogen met € 180.000; c. Aanpassen rentelasten en -baten met € 314.000 voordelig. 3. Het positieve saldo van de jaarschijf 2025 toe te voegen aan de Algemene reserve vrij vermogen en de negatieve saldi van de jaarschijven vanaf 2026 niet te dekken. 4. De reserve Begrotingstekorten met ingang van 2025 op te heffen en het saldo van ruim € 9 miljoen toe te voegen aan de Algemene reserve vrij vermogen. 5. De subsidieplafonds 2025 en 2026 als volgt vast te stellen: Totaal Plafonds Regelingen 2025
Totaal Plafonds Regelingen 2026
Subsidieregeling Preventief Domein Preventieteam Subsidieregeling Cultuur Subsidieregeling Gezondheid Subsidieregeling Onderwijs Subsidieregeling Preventief Domein Overig Subsidieregeling Recreatie en Toerisme Subsidieregeling Vroegschoolse educatie Subsidieregeling Peuterspeelzalen Subsidieregeling Voorschoolse Voorzieningen Subsidieregeling Dierenwelzijn
€ € € € € € € € € €
4.694.109 339.729 45.752 93.763 671.691 10.989 239.032 337.225 650.000 5.655
€ € € € € € € € € €
5.045.163 348.901 43.431 93.763 689.826 11.286 239.032 346.330 650.000 5.808
Totaal plafonds subsidieregelingen
€
7.087.945 €
7.473.540
6. Het budget voor begrotingssubsidies 2025 en 2026 vast te stellen op: 2025 Begrotingssubsidies
€
2026 3.265.532 €
3.306.119
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 12 november 2024, de griffier,
de voorzitter,
S. van Dijk
Ir. J. Beenakker pag. 7/8
pag. 8/8