Concept Reglement van orde voor de raad van de gemeente Krimpenerwaard 2022 na cie BV.docx
Tekst van het document
VERORDENING Reglement van Orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van de gemeente Krimpenerwaard 2022 Wetstechnische informatie Gegevens regeling Overheidsorganisatie Officiële naam regeling Citeertitel Besloten door Deze versie is geldig tot (als de vervaldatum is vastgesteld) Onderwerp
Gemeente Krimpenerwaard Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van de gemeente Krimpenerwaard 2022 Reglement van orde voor de raad van de gemeente Krimpenerwaard 2022 Gemeenteraad Krimpenerwaard Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van de gemeente Krimpenerwaard 2022
De raad van de gemeente Krimpenerwaard; gelet op artikel 16 van de Gemeentewet; besluit vast te stellen het Reglement van orde voor de raad 2022: Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen Artikel 1. Begripsbepalingen In dit reglement wordt verstaan onder: • amendement: voorstel van een raadslid tot wijziging van een ontwerpverordening of ontwerpbeslissing; • commissievoorzitter: de uit de raad benoemde voorzitter van een raadscommissie of diens plaatsvervanger; • commissielid: lid van de raadscommissie Samenleving, Bestuur, Beheer en Verkeer, Ruimte en Financiën. De rest is lid van een andersoortige commissie • griffier: door de raad benoemde griffier van de raad of diens plaatsvervanger; • initiatiefvoorstel: voorstel van een raadslid/raadswerkgroep voor een verordening of ander voorstel; • motie: verklaring waarmee een oordeel, wens of verzoek wordt uitgesproken; • subamendement: voorstel van een raadslid tot wijziging van een aanhangig amendement; • voorzitter: voorzitter van de raad of diens plaatsvervanger; • BOB vergadermodel: wijze van vergaderen waarbij naar besluitvorming toegewerkt wordt via beeldvorming, en oordeelsvorming; • beeldvormende vergadering: bijeenkomst met als doel het uitwisselen van informatie over onderwerpen die de raad in zijn kaderstellende, volksvertegenwoordigende en controlerende rol aangaan; • oordeelsvormende vergadering: bijeenkomst, gebaseerd op
artikel 82 van de Gemeentewet die te vergelijken is met een raadscommissie. In deze vergadering vindt oordeelsvorming plaats; • voorzitterspool: de door het presidium aangewezen (en door de raad) benoemde groep van raadsleden (en commissieleden) die de beeldvormende en/of oordeelsvormende vergadering voorzitten; • waar ‘hem’ staat dient ook ‘haar’ te worden gelezen.
Artikel 2. De voorzitter De voorzitter van de raad is belast met:
Commentaar [MM1]: Het begrip voorzitterspool wordt alleen gebruikt in dit artikel en komt verder nergens meer voor. Daarom kan het verwijderd worden.
a. b. c. d. e. f.
het, gehoord het presidium, opstellen van de voorlopige agenda; het leiden van de besluitvormende (raads-)vergadering; het handhaven van de orde; het doen naleven van het reglement van orde; hetgeen de Gemeentewet of dit reglement hem verder opdraagt; het beleggen van een bijzondere raadsvergadering, waarbij, gehoord het presidium, er kan worden afgeweken van de reguliere vergaderorde.
Artikel 3. Het presidium 1. Er is een presidium dat bestaat uit de voorzitter, de fractievoorzitters en de griffier. 2. Fractievoorzitters wijzen elk een raadslid aan dat hen bij afwezigheid in het presidium vervangt. 3. Het presidium kan anderen uitnodigen deel te nemen aan zijn vergaderingen. 4. Het presidium doet aanbevelingen aan de raad inzake: a. de organisatie en het functioneren van de raad en de raadscommissies (en dient als zodanig als voorportaal voor de commissie werkgroep bestuurlijke vernieuwing); b. het vergaderschema voor het komende jaar; c. benoeming van personen. Artikel 4. De agendacommissie 1. De agendacommissie bestaat uit de voorzitter van de raad en de (plaatsvervangend) commissievoorzitters en wordt ondersteund en geadviseerd door de griffie. 2. De agendacommissie kiest een voorzitter uit zijn midden. 3. De agendacommissie heeft in ieder geval de volgende taken: a. het voorbereiden en het vaststellen van voorlopige agenda’s voor de beeldvormende en oordeelsvormende vergaderingen; b. het doen van voorstellen voor de vergaderorde van de verschillende commissievergaderingen; c. het vaststellen van data en agenda van vergaderingen als bedoeld in artikel 17, tweede lid, van de Gemeentewet en het volgende lid; d.
het voorwerk verrichten voor beeldvormende en oordeelsvormende bijeenkomsten die besluitvorming in de raad voorbereiden; het beoordelen van aanvragen en het doen van voorstellen voor agendering e. het bewaken en uitvoeren van de lange termijn raadsagenda. 4. In aanvulling op de vergaderingen als bedoeld in het tweede lid, onder a, vergadert een raadscommissie voorts als haar voorzitter het nodig acht of als ten minste drie fracties daar schriftelijk, met opgaaf van redenen, om verzoeken. 5. De vergaderingen van de agendacommissie zijn niet openbaar. Van iedere vergadering stelt de griffie een concept-besluitenlijst op. De door de agendacommissie vastgestelde besluitenlijst is openbaar. Art. 4.3.a
Voorgestelde wijziging/opmerking het vaststellen van voorlopige agenda’s voor de beeldvormende en oordeelsvormende vergaderingen;
4.3.b
het doen van voorstellen voor de vergaderorde van de commissievergaderingen;
4.3.c
lLaten vervallen
4.3.d
het beoordelen van aanvragen en het doen van voorstellen voor agendering
Overweging Strikt genomen bereiden de commissiegriffiers dit voor. Alleen m.b.t. de BV en OV
Is i.s.m. art. 17 lid 2 Gemeentewet Het woord ‘voorwerk’ is onduidelijk
Commentaar [MM2]: Voorgesteld wordt om de naam van de commissie te veranderen in werkgroep. Dit geeft de status (vergelijkbaar met de werkgroep Regionale Energie Strategie) beter weer en voorkomt verwarring met de raadscommissies SBBV en R&F.
Opnemen in Toelichting n.v.t.
De burgemeester en de commissievoorzitters bepalen a.d.h.v. het Afsprakenkader digitaal vergaderen en GRIP situatie Veiligheidsregio of er fysiek of digitaal vergaderd wordt. n.v.t. n.v.t.
pag. 2 van 35
Commentaar [MM3]: PK heeft in cie BV aangegeven dit te willen agenderen voor het presidium. Is het presidium akkoord dan kan het blijven staan.
4.3.e
n.v.t.
Uitleg opnemen in de Toelichting
e. Het bewaken en uitvoeren van de lange termijn raadsagenda. Het adviseren van de commissies en raad en de commissie bestuurlijke vernieuwing. Het voeren van een jaarlijks gesprek met het college over een goede agendering, evaluatie en bewaking. De raad werkt met een lange termijn agenda. Deze wordt een keer per jaar afgestemd met het college en jaarlijks en jaarlijks vastgesteld bij de Begrotingsraad.
Artikel 5. De griffie(r) 1. De griffie is aanwezig bij de beeldvormende, oordeelsvormende en besluitvormende vergaderingen en vergaderingen van het presidium en de agendacommissie. 2. Bij verhindering of afwezigheid wordt de griffier vervangen door een door de raad aangewezen plaatsvervanger. 3. De griffier kan op uitnodiging van de voorzitter aan de beraadslagingen in vergaderingen deelnemen. 4. De griffier bewaakt de kwaliteitseisen, gemaakte afspraken en termijnen in het raadsdomein. Artikel 6. Onderzoek geloofsbrieven en benoeming raads- en commissieleden 1. De raad kan een vaste commissie geloofsbrieven instellen voor de duur van de raadsperiode, bestaande uit vier raadsleden. 2. Minimaal twee leden onderzoeken de geloofsbrieven en de daarop betrekking hebbende stukken van de nieuw benoemde raads- en commissieleden. Een van hen brengt vervolgens advies uit aan de raad over de toelating van de nieuw benoemde raads- en commissieleden tot de raad. Indien van toepassing, wordt van een minderheidsstandpunt melding gemaakt in dit advies. 3. Het onderzoek van het proces-verbaal van het centraal stembureau gebeurt in de laatste raadsvergadering in oude samenstelling na de raadsverkiezingen. 4.
Na een raadsverkiezing roept de voorzitter de toegelaten raadsleden op om in de eerste raadsvergadering in nieuwe samenstelling, bedoeld in artikel 18 van de Gemeentewet, de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen. 5. In geval van een tussentijdse vacaturevervulling roept de voorzitter in afwijking van het voorgaande een nieuw benoemd raadslid op voor de raadsvergadering waarin over diens toelating wordt beslist om de voorgeschreven eed of verklaring en belofte af te leggen. Artikel 7. Benoeming wethouders Bij de benoeming van een wethouder stelt de raad een commissie in bestaande uit vier raadsleden. De commissie onderzoekt of benoeming van de kandidaat voldoet aan de vereisten van de artikelen 36a, 36b, 41b, eerste, derde en vierde lid, en 41c, eerste lid, van de Gemeentewet en brengt vervolgens advies uit aan de raad over de benoeming tot wethouder. Artikel 7. Benoeming wethouders 1. Bij de benoeming van een wethouder stelt de raad een commissie in bestaande uit drie raadsleden. 2. Deze onderzoekt of de benoeming van de kandidaat-wethouder voldoet aan de vereisten van de artikelen 36a, 36b, 41b, eerste, derde en vierde lid, en 41c, eerste lid, van de wet. 3. De commissie brengt vervolgens advies uit aan de raad over de benoeming tot wethouder. 4.
De burgemeester geeft voor de aanvang van iedere ambtstermijn opdracht om de kandidaat-wethouders aan een risicoanalyse integriteit te onderwerpen. De burgemeester brengt over het eindresultaat daarvan verslag uit aan de raad. Art.
Voorgestelde wijziging/opmerking
Overweging
Opnemen pag. 3 van 35
7
Ledenbrief VNG nummer 22/017 Wetsvoorstel Bevorderen integriteit en functioneren decentraal bestuur. De parlementaire behandeling van het wetsvoorstel loopt nog. De wijzigingen kunnen pas U kunt de wijzigingen pas doorvoeren als het wetsvoorstel in werking treedt, de datum daarvoor is nog niet bekend.
De griffie verwerkt deze tekst zodra het wettelijk vastgesteld is. Graag het mandaat daarvoor.
in Toelichting n.v.t.
Het wetsvoorstel Bevorderen integriteit en functioneren decentraal bestuur heeft op de volgende manieren invloed op het RvO -De verklaring omtrent het gedrag is voortaan verplicht voor kandidaat-wethouders; -Er komt een nieuw hoofdstuk Va over geheimhouding in de Gemeentewet in plaats van de artikelen 25, 55 en 86 Gemeentewet; -College, burgemeester en commissies mogen voortaan zelf geheimhouding opleggen; -De raad hoeft de geheimhouding niet meer te bekrachtigen; -De term ‘stukken’ waarop geheimhouding rust, wordt vervangen door ‘informatie’; -Informatie waarop geheimhouding rust, moet voortaan altijd met de gehele raad worden gedeeld.
Artikel 8. Fracties 1. De leden van de raad, die door het centraal stembureau op dezelfde kandidatenlijst verkozen zijn verklaard, worden bij de aanvang van de zitting als één fractie beschouwd. Is onder een lijstnummer slechts één lid verkozen, dan wordt dit lid als een afzonderlijke fractie beschouwd. 2. Indien boven de kandidatenlijst een aanduiding was geplaatst, voert de fractie in de raad deze aanduiding als naam. Indien geen aanduiding boven de kandidatenlijst was geplaatst, of indien de fractie unaniem besloten heeft een andere naam te voeren dan de aanduiding waarmee is deelgenomen aan de verkiezingen, deelt de fractie in de eerste vergadering van de raad of in de eerstvolgende raadsvergadering na het fractiebesluit tot wijziging van de naam van de fractie aan de voorzitter mee welke naam deze fractie in de raad wil voeren. Artikel G3, vierde lid Kieswet is van overeenkomstige toepassing. 3. De namen van degenen die als voorzitter van de fractie en als diens plaatsvervanger optreden worden zo spoedig mogelijk doorgegeven aan de voorzitter. 4. Indien: a. één of meer leden van een fractie als zelfstandige fractie gaan optreden; b. twee of meer fracties als één fractie gaan optreden; c. één of meer leden van een fractie zich aansluiten bij een andere fractie; wordt hiervan zo spoedig mogelijk schriftelijk mededeling gedaan aan de voorzitter.
De als gevolg hiervan veranderde situatie gaat in met ingang van de dag, waarop de schriftelijke mededeling door de voorzitter van de raad is ontvangen. 5. Een fractie als bedoeld in het vierde lid, sub a. en b. wordt aangeduid als groep met de naam (namen) van degene(n) die de fractie vormt (vormen). a. Een afsplitsend raadslid mag geen nieuwe naam kiezen en moet verder gaan op diens achternaam b. Bij afsplitsing wordt de oorspronkelijke financiële bijdrage fractieondersteuning (vaste en variabele deel) verdeeld over de betrokken fracties naar evenredigheid van het aantal bij de splitsing betrokken leden. Een afsplitsend raadslid kan maximaal een burgercommissielid voordragen 5. 6. Indien niet duidelijk is na een splitsing van een fractie welk deel kan worden beschouwd als voortzetting van een fractie als bedoeld in het eerste lid, bepaalt de politieke groepering die de kandidatenlijst bij het centraal stembureau heeft ingeleverd welk deel als voortzetting van een fractie wordt beschouwd.
pag. 4 van 35
Art.
Voorgestelde wijziging/opmerking
Overweging
8 lid 5
A21-015 Tekst na RIB 12 april 2021 Aan art.8 lid 5 toevoegen: Sub a. Een afsplitsend raadslid mag geen nieuwe naam kiezen en moet verder gaan op diens achternaam Sub b. Bij afsplitsing wordt de oorspronkelijke financiële bijdrage fractieondersteuning (vaste en variabele deel) verdeeld over de betrokken fracties naar evenredigheid van het aantal bij de splitsing betrokken leden. Een afsplitsend raadslid kan maximaal een burgercommissielid voordragen.
Besluit formaliseren: opnemen in het RvO
Verordening op de ambtelijke bijstand 2019 Artikel 9 lid 1 wordt 1. Als een of meer raadsleden van een of meer fracties als zelfstandige fractie gaan optreden of zich aansluiten bij een andere fractie, wordt de oorspronkelijke financiële bijdrage fractieondersteuning (vaste én variabele deel) verdeeld over de betrokken fracties naar evenredigheid van het aantal bij de splitsing betrokken leden.
Opnemen in Toelichting n.v.t.
Besluit formaliseren: opnemen in de verordening.
Artikel 9 lid 4 wordt toegevoegd 4. Een afsplitsend raadslid kan maximaal één burgercommissielid voordragen.
Hoofdstuk 2. Beeldvormende, oordeelsvormende en besluitvormende vergaderingen Zie voor de nadere uitwerking van de oordeelsvormende vergaderingen de Verordening op de raadscommissies 2021. Voor de beeldvormende vergaderingen is geen aparte Verordening gemaakt. De uitwerking van de typen beeldvormende bijeenkomsten (de instrumenten) is als bijlage bij dit Reglement van orde gevoegd. Hoofdstuk 2. Beeldvormende, oordeelsvormende en besluit vormende vergaderingen
Voorgestelde wijziging/opmerking
Overweging
Opnemen in Toelichting
De uitwerking van de typen beeldvormende bijeenkomsten (de instrumenten) is als bijlage bij dit Reglement van orde gevoegd.
Is dit juist?
Is een los document. Hier weghalen en anders formuleren
De uitwerking van de typen beeldvormende bijeenkomsten (de instrumenten) wordt gelijktijdig met dit Reglement van orde gepubliceerd.
pag. 5 van 35
Voorbereiding Artikel 9. Oproep en voorlopige agenda 1. De voorzitter zendt ten minste zeven dagen voor een raadsvergadering, gehoord het presidium, de raadsleden een digitale oproep en de voorlopige agenda met de daarbij behorende stukken, met uitzondering van de in artikel 25, eerste en tweede lid, van de Gemeentewet bedoelde stukken. Als een aanvullende agenda als bedoeld in artikel 10, eerste lid, wordt vastgesteld, wordt deze met de daarbij behorende stukken zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 48 uur voor aanvang van de raadsvergadering aan de leden gezonden. 2. Bij het opstellen van de voorlopige agenda worden onderwerpen, waarvoor een grote publieke belangstelling en/of een uitgebreid politiek debat wordt verwacht, aan het begin van de agenda geplaatst. 3. Aanvullende memo’s of gewijzigde voorstellen vanuit het college zijn uiterlijk op de vrijdag voor de raadsvergadering digitaal beschikbaar.
Artikel 10. Aanvullende agenda; vaststellen agenda, termijn 1. In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden van een schriftelijke oproep een aanvullende voorlopige agenda opstellen. De daarbij behorende stukken worden openbaar gemaakt. 2. Als omtrent de inhoud van stukken op grond van artikel 25, eerste of tweede lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, blijven deze stukken in afwijking van het eerste lid onder berusting van de griffier en verleent deze de raadsleden op verzoek inzage. Ze worden tevens digitaal - via een besloten systeem - besloten ter beschikking gesteld van de leden. 3. De agenda wordt bij aanvang van een raadsvergadering door de raad vastgesteld. Op voorstel van een lid van de raad of de voorzitter kan de raad bij de vaststelling van de agenda onderwerpen aan de agenda toevoegen, van de agenda afvoeren of de volgorde wijzigen. Art.
Voorgestelde wijziging/opmerking
Overweging
10
Zelfde tekst gebruiken als bij art. 11 lid 2
Als omtrent de inhoud van stukken op grond van artikel 25, eerste of tweede lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, blijven deze stukken in afwijking van het eerste lid onder berusting van de griffier en verleent deze de raadsleden op verzoek inzage. Ze worden tevens digitaal - via een besloten systeem - ter beschikking gesteld van de leden.
Opnemen in Toelichting n.v.t.
Artikel 11. Overleggen van stukken 1. Stukken die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op een voorlopige agenda dienen, worden gelijktijdig met het verzenden van de schriftelijke oproep digitaal verspreid. Als na het verzenden van de oproep stukken worden aangeboden, wordt hiervan mededeling gedaan aan de leden van de raad en zo mogelijk door middel van openbare kennisgeving. 2. Als omtrent stukken op grond van artikel 25, eerste of tweede lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, worden deze in afwijking van het eerste en tweede lid digitaal - via een besloten systeem - ter beschikking gesteld van de leden. 3. Rapportages vanuit het college die aan de raad worden voorgelegd bevatten indien nodig verbeter- en verandersuggesties, dashboards, beeldmateriaal en een heldere leeswijzer. 4. De raad werkt met een lange termijn agenda. Deze wordt twee keer per jaar afgestemd met het college en jaarlijks vastgesteld bij de begrotingsraad. 5. Ter voorbereiding op beleidsontwikkeling wordt een start/kadernotitie aan de raad voorgelegd. pag. 6 van 35
Art.
Voorgestelde wijziging/opmerking
Overweging
Opnemen in Toelichting
11 lid 5
Dit gebeurt niet structureel
Ter voorbereiding op beleidsontwikkeling wordt in voorkomende gevallen een start/kadernotitie aan de raad voorgelegd
Ter voorbereiding op beleidsontwikkeling wordt in voorkomende gevallen een start/kadernotitie aan de raad voorgelegd
Art.
Voorgestelde wijziging/opmerking
Overweging
11
Ledenbrief VNG nummer 22/017 Wetsvoorstel Bevorderen integriteit en functioneren decentraal bestuur. De parlementaire behandeling van het wetsvoorstel loopt nog. De wijzigingen kunnen pas U kunt de wijzigingen pas doorvoeren als het wetsvoorstel in werking treedt, de datum daarvoor is nog niet bekend.
De griffie verwerkt deze tekst zodra het wettelijk vastgesteld is. Graag het mandaat daarvoor.
Opnemen in Toelichting n.v.t.
Het wetsvoorstel Bevorderen integriteit en functioneren decentraal bestuur heeft op de volgende manieren invloed op het RvO -De verklaring omtrent het gedrag is voortaan verplicht voor kandidaat-wethouders; -Er komt een nieuw hoofdstuk Va over geheimhouding in de Gemeentewet in plaats van de artikelen 25, 55 en 86 Gemeentewet; -College, burgemeester en commissies mogen voortaan zelf geheimhouding opleggen; -De raad hoeft de geheimhouding niet meer te bekrachtigen; -De term ‘stukken’ waarop geheimhouding rust, wordt vervangen door ‘informatie’; -Informatie waarop geheimhouding rust, moet voortaan altijd met de gehele raad worden gedeeld.
Artikel 11. Ter inzage leggen van stukken 1. Stukken die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op een agenda dienen, worden gelijktijdig met het verzenden van de schriftelijke oproep op het gemeentehuis ter inzage gelegd. Als na het verzenden van de schriftelijke oproep stukken ter inzage worden gelegd, wordt hiervan mededeling gedaan aan de leden van de raad en zo mogelijk door middel van openbare kennisgeving. 2. Elektronisch beschikbare stukken worden op de website van de gemeente geplaatst. 3. Informatie van de raad of aan de raad verstrekte informatie waaromtrent op grond van hoofdstuk Va van de wet geheimhouding is opgelegd, blijft in afwijking van het eerste en tweede lid onder berusting van de griffier. Artikel 12. Openbare kennisgeving De BOB vergaderingen worden ten openbare kennis gebracht door aankondiging in het huis-aan-huisblad en op de website van de gemeente. Ter vergadering Artikel 13. Presentielijst De griffier draagt zorg voor het bijhouden van presentielijsten van raadsvergaderingen. pag. 7 van 35
Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekenen raadsleden de presentielijst. De raadsleden die de presentielijst hebben getekend mogen deelnemen aan de beraadslagingen en stemmingen.
Artikel 14. Opening; quorum 1. De voorzitter opent de vergadering op het vastgestelde uur, indien het daarvoor door de wet vereiste aantal leden van de raad blijkens de presentielijst aanwezig is. 2. Wanneer een kwartier na het vastgestelde tijdstip niet het vereiste aantal leden aanwezig is, bepaalt de voorzitter, na voorlezing van de namen der afwezige leden, dag en uur van de volgende vergadering, met inachtneming van artikel 20 van de Gemeentewet. 3. Direct na opening van de vergadering is er sprake van een moment van stilte waarbij de voorzitter mededeelt dat in dit moment “een ieder zich op zijn of haar gewenste wijze kan voorbereiden op de vergadering”. 4. Gelijk de wijze waarop de vergadering, zoals in lid 3 is vermeld, wordt geopend, vindt ook de sluiting van de vergadering plaats met dien verstande dat de leden van de raad dan in het moment van stilte “de vergadering op zijn of haar gewenste wijze kan afsluiten”. Art. 14 lid 1
Voorgestelde wijziging/opmerking Begrip quorum blijkt niet voor iedereen duidelijk.
Overweging Opnemen in de Toelichting De voorzitter opent de vergadering indien meer dan de helft van de raadsleden blijkens de presentielijst aanwezig is
Opnemen in Toelichting De voorzitter opent de vergadering indien meer dan de helft van de raadsleden blijkens de presentielijst aanwezig is
Artikel 15. Verloop van het debat 1. In de besluitvormende -raads- vergaderingen wordt gewerkt met spreektijden. Iedere fractie heeft per vergadering in totaal de beschikking over vijftien minuten spreektijd. Op voorstel van de voorzitter kan hiervan, na instemming door een meerderheid van de raadsleden, worden afgeweken. 2. Beraadslaging over onderwerpen of voorstellen geschiedt in ten hoogste twee termijnen, tenzij de raad anders beslist. 3. Spreektermijnen worden door de voorzitter afgesloten. 4. Raadsleden mogen in een termijn niet meer dan éénmaal het woord voeren over hetzelfde onderwerp of voorstel. 5. Het vierde lid is niet van toepassing op een raadslid dat een amendement, een subamendement, een motie of een initiatiefvoorstel heeft ingediend, ten aanzien van de beraadslaging over het door dat raadslid ingediende. 5a. Het doen van voorstellen van orde en het afgeven van stemverklaringen blijft mogelijk ook als de spreektijd van een fractie op is. 6. Bij de bepaling hoeveel malen een raadslid over hetzelfde onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet meegerekend het spreken over een voorstel van orde. 7. De voorzitter staat interrupties toe die een verhelderende vraag of korte toelichting of een korte inhoudelijk opmerking betreffen. 8. Raads- en collegeleden leveren een beknopte bijdrage en vallen niet in herhaling. 9.
De voorzitter ziet erop toe dat de discussie uit de beeldvormende en oordeelsvormende fasen niet herhaald worden. 10. De voorzitter draagt er zorg voor dat de vergadering strak geleid wordt. Art.
Voorgestelde wijziging/opmerking
Overweging
Opnemen in Toelichting
pag. 8 van 35
15 lid 1
Spreektijd college(leden) op 30 minuten stellen?
In de wijzigings (verwerkings)tabel raad 16 maart 2021`is besloten het college geen spreektijd op te leggen en is de max 30 minuten verwijderd. Motivatie is dat als vanuit de raad vragen worden gesteld het college dan ook in de gelegenheid moet zijn om deze te beantwoorden zonder spreektijd beperking. Wel is de aansporing om kort en bondig te spreken belangrijk.
Als vanuit de raad vragen worden gesteld moet het college ook in de gelegenheid zijn om deze, kort en krachtig, te beantwoorden zonder spreektijdbeperking.
In toelichting opnemen dat collegeleden natuurlijk ook kort en krachtig moeten reageren; spreektijden voor college blijkt niet te werken.
Artikel 15a. Verlengde vergaderingen Afhankelijk van de situatie beslist de voorzitter over het toekennen van spreektijden. Artikel 16. Spreekrecht burgers 1. Na de opening van de vergadering kunnen andere aanwezige burgers gezamenlijk gedurende maximaal dertig minuten het woord voeren over geagendeerde onderwerpen. 2. Het woord kan niet gevoerd worden: a. over een besluit van het gemeentebestuur waartegen bezwaar of beroep op de rechter openstaat of heeft opengestaan; b. over benoemingen, keuzen, voordrachten, aanbevelingen of ontslag van personen; c. indien een klacht op grond van het Klachtenprotocol dan wel een melding op grond van de gedragscode kan of kon worden ingediend; d. over ingekomen stukken; e. over een onderwerp waarover al is ingesproken tijdens een vergadering van een raadscommissie en niet van nieuwe feiten of omstandigheden is gebleken, zulks ter beoordeling door de voorzitter op voorspraak van de griffie/ambtelijke organisatie; 3. Degene, die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit ten minste vier uur voor aanvang van de vergadering aan de griffier, tenzij de voorzitter oordeelt dat een kortere termijn mogelijk is. Hij vermeldt daarbij zijn naam, adres en telefoonnummer en het onderwerp waarover hij het woord wil voeren. 4. De voorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding.
De voorzitter kan van de volgorde afwijken, indien dit in het belang is van de orde van de vergadering. 5. Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord. De voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers als er meer dan zes sprekers zijn. De voorzitter kan in bijzondere gevallen afwijken van de maximale lengte van de spreektijd. 6. De spreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit heeft verleend. De voorzitter kan de raadsleden toestaan aan insprekers een korte, verhelderende vraag te stellen. De voorzitter of een lid van de raad doet een voorstel voor de behandeling van de inbreng van de burger. 7. De voorzitter kan de inspreker het woord ontnemen indien naar zijn oordeel van het gestelde in het tweede lid sprake is. 8. Tegen het afwijzen van het verzoek om in te mogen spreken bestaat geen mogelijkheid van bezwaar. Art. 16
Voorgestelde wijziging/opmerking Geen insprekers bij de raad
Overweging De griffie adviseert dit niet over te nemen. Na een commissievergadering kunnen er nieuwe feiten of omstandigheden zijn.
Opnemen in Toelichting n.v.t.
pag. 9 van 35
Of mensen zijn niet in de gelegenheid geweest tijdens de commissie in te spreken. Overweging De griffie adviseert om dit niet over te nemen. Het kan nu niet en het is ook niet wenselijk. Het kan wel in de commissie vergaderingen.
Art. 16 lid 1
Voorgestelde wijziging/opmerking Ingespreken over een onderwerp dat niet geagendeerd staat.
Opnemen in Toelichting n.v.t.
Art.
Voorgestelde wijziging/opmerking
Overweging
16 lid 2
Aanvullen met sub f. Een commissie- of raadslid voert niet het woord als inspreker met het oog op de schijn van belangen verstrengeling.
Op basis van de huidige ‘Verordening op de raadscommissies’ het Reglement van Orde van de raad en/of de ‘ Gedragscode politieke ambtsdragers’ kan inspraak niet geweigerd worden.
Opnemen in Toelichting n.v.t.
In de VRC en het RvO is niets geregeld. In de Gedragscode is bij de toelichting onder 2.3 wel opgenomen hoe we in de Krimpenerwaard omgaan met persoonlijk belang en stemmen maar niet over inspreken. Het rechtskarakter van de gedragscode is dat van een interne regeling, als nadere invulling en concretisering van de wettelijke regels. Het is de eigen politieke verantwoordelijkheid om deze na te leven bij de stemming. Dit laat onverlet dat men primair zelf verantwoordelijk is voor de eigen integriteit en zich daar in alle openheid over moet verantwoorden. Inspreken door een commissie- of raadslid is in de afgelopen jaren slechts éénmaal voorgekomen. Vraag is of je dit daarom op de voorgestelde wijze zou moeten regelen? En wat doen we als een familielid van het commissie- en/of raadslid komt inspreken over een onderwerp op de agenda?
Art. 16 lid 8
Voorgestelde wijziging/opmerking Wie beoordeelt dit en wijst af (eind-verantwoording hier noemen)
Art. 16 lid 9 toevoegen
Overweging
Opnemen in Toelichting
.Opnemen in de Toelichting bij art. 16 De voorzitter beoordeelt in overleg met de griffie op basis van alle beschikbare informatie en de onderliggende regelgeving of de inspreker toegelaten wordt. .
De voorzitter beoordeelt in overleg met de griffie op basis van alle beschikbare informatie en de onderliggende regelgeving of de inspreker toegelaten wordt. Opnemen in Toelichting n.v.t.
Voorgestelde wijziging/opmerking Bij inspreken geen namen noemen
Overweging Lid 9 toevoegen :‘Het is niet toegestaan om namen te noemen tijdens uw spreektijd of op te nemen in een inspreektekst. De inspreker dient zich te beperken tot de inhoud.’
pag. 10 van 35
Art. 16 lid 10 toevoegen
Voorgestelde wijziging/opmerking Tijdens inspreken geen beelden/of geluidsfragmenten tonen of laten horen. Deze kunnen wel aan de raadsleden gemaild worden.
Overweging
Opnemen in Toelichting
Lid 10 toevoegen ‘De inspreker mag geen beeld- en/of geluidsfragmenten laten horen. De inspreker kan deze vanzelfsprekend wel naar de raadsleden mailen.’ .
n.v.t.
Artikel 17. Handhaving orde; schorsing 1. Een spreker mag in zijn betoog niet worden gestoord, tenzij: a. de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het opvolgen van dit reglement te herinneren; b. een lid van de raad hem/haar interrumpeert (korte onderbrekende vraag of opmerking van een raadslid gemaakt via de voorzitter). De voorzitter kan bepalen dat de spreker zonder verdere interrupties zijn/haar betoog zal afronden. 2. Indien een spreker, zich (ter beoordeling aan de voorzitter), beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen veroorlooft, afwijkt van het in behandeling zijnde onderwerp, een andere spreker herhaaldelijk interrumpeert, dan wel anderszins de orde verstoort, wordt hij door de voorzitter tot de orde geroepen. Indien de betreffende spreker, hieraan geen gevolg geeft, kan de voorzitter hem gedurende de vergadering, waarin zulks plaats heeft, over het aanhangige onderwerp het woord ontzeggen. 3. De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering voor een door hem te bepalen tijd schorsen en - indien na de heropening de orde opnieuw wordt verstoord - de vergadering sluiten. 4. De voorzitter kan de raad voorstellen aan een raadslid, dat door zijn gedragingen de geregelde gang van zaken belemmert, het verdere verblijf in de vergadering te ontzeggen. Over het voorstel wordt niet beraadslaagd.
Na aanneming van het voorstel verlaat het raadslid de vergadering onmiddellijk. Zo nodig laat de voorzitter hem verwijderen. Na herhaling van zijn gedrag kan het raadslid bovendien voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering worden ontzegd. Artikel 18. Deelname aan de beraadslaging Onverminderd artikel 21 van de Gemeentewet kan de raad op enig moment besluiten dat anderen mogen deelnemen aan de beraadslaging. Artikel 19. Voorstellen van orde De voorzitter en ieder lid van de raad kan tijdens een raadsvergadering mondeling een voorstel van orde betreffende de vergadering doen. De raad beslist hier terstond over. Bij het staken der stemmen is het ordevoorstel afgewezen. Stemmingen Artikel 20. Stemverklaring Na het sluiten van de beraadslaging en voordat de raad tot stemming overgaat, kunnen raadsleden hun voorgenomen stemgedrag kort toelichten. Art. 20
Voorgestelde wijziging/opmerking Stemverklaring na de stemming afleggen in plaats van ervoor. Het is verantwoording afleggen over stemgedrag, geen oproep voor anderen
Overweging Nadat de raad gestemd heeft, kunnen raadsleden hun stemgedrag kort toelichten. Toelichting overeenkomstig aanpassen,
Opnemen in Toelichting Nadat de raad gestemd heeft, kunnen raadsleden hun stemgedrag kort toelichten.
pag. 11 van 35
Artikel 21. Beslissing 1. De voorzitter sluit de beraadslaging als hij vaststelt dat een onderwerp of voorstel voldoende is besproken, tenzij de raad anders beslist. 2. Voordat de stemming over het voorstel in zijn geheel plaatsvindt, formuleert de voorzitter het voorstel voor de te nemen beslissing. Artikel 22. Stemming; procedure hoofdelijke stemming 1. Stemming kan plaatsvinden bij handopsteken of langs elektronische weg. 2. De voorzitter vraagt de raadsleden of zij stemming verlangen. Is dit niet het geval dan stelt de voorzitter vast dat het voorstel zonder stemming is aangenomen. 3. Als een voorstel zonder stemming wordt aangenomen kunnen de in de raadsvergadering aanwezige raadsleden aantekening in het verslag vragen, dat zij geacht willen worden te hebben tegengestemd of overeenkomstig artikel 28 van de Gemeentewet niet aan de stemming te hebben deelgenomen. 4. Als een raadslid om stemming of hoofdelijke stemming vraagt, doet de voorzitter daarvan mededeling aan de raad. 5. Bij hoofdelijke stemming roept de griffier de raadsleden bij naam op hun stem uit te brengen. De stemming begint bij het daarvoor bij loting aangewezen raadslid. Vervolgens geschiedt de oproeping op volgorde van presentielijst. 6.
Bij hoofdelijke stemming brengen ter vergadering aanwezig raadsleden, tenzij zij overeenkomstig artikel 28 van de Gemeentewet niet aan de stemming deel behoren te nemen, hun stem uit door 'voor' of 'tegen' uit te spreken, zonder enige toevoeging. De (hoofdelijke) stemming kan ook digitaal plaatsvinden en de uitslag kan digitaal worden gepresenteerd. 7. Een raadslid dat zich, in geval van hoofdelijke stemming, bij het uitbrengen van zijn stem vergist, kan deze vergissing herstellen totdat het volgende raadslid heeft gestemd. Bij digitaal stemmen inventariseert de voorzitter of alle stemmen correct zijn uitgebracht. Herstel is mogelijk tot het moment dat de griffier aangeeft dat er niet meer gestemd kan worden en de stemming gesloten wordt. Bemerkt het raadslid zijn vergissing pas later, dan kan deze nadat de voorzitter de uitslag van de stemming bekend heeft gemaakt aantekening vragen van zijn vergissing. Dit brengt geen verandering in de uitslag van de stemming. 8. De voorzitter deelt de uitslag na afloop van de stemming mee. Deze doet daarbij tevens mededeling van het genomen besluit. Art. 22 lid 3
Voorgestelde wijziging/opmerking Wat staat er in art. 28 Gemw?
Overweging
Opnemen in Toelichting
Wettekst opnemen in de Toelichting
Artikel 28 Gemeentewet 1.Een lid van de raad neemt niet deel aan de stemming over een aangelegenheid die hem rechtstreeks of middellijk persoonlijk aangaat of waarbij hij als vertegenwoordiger is betrokken. de vaststelling of goedkeuring der rekening van een lichaam waaraan hij rekenplichtig is of tot welks bestuur hij behoort. 2.Bij een schriftelijke stemming wordt onder het deelnemen aan de stemming verstaan het inleveren van een stembriefje. 3.Een benoeming gaat iemand persoonlijk aan, wanneer hij behoort tot de personen tot wie de keuze door een voordracht of bij een herstemming is beperkt. 4.Het eerste lid is niet van toepassing bij het besluit betreffende de toelating van de na periodieke verkiezing benoemde leden
pag. 12 van 35
Artikel 23. Volgorde stemming over amendementen en moties 1. Als een amendement op een aanhangig voorstel is ingediend, wordt eerst over dat amendement gestemd en vervolgens over het voorstel zoals het dan luidt in zijn geheel. 2. Als een subamendement is ingediend, wordt eerst over het subamendement gestemd en vervolgens over het amendement waarop dat betrekking heeft. 3. Als meerdere amendementen of subamendementen op een aanhangig voorstel zijn ingediend, wordt, onverminderd het eerste en tweede lid, eerst over het meest verstrekkende amendement of subamendement gestemd. 4. Als aangaande een aanhangig voorstel een motie is ingediend, wordt eerst over de motie gestemd en vervolgens over het voorstel. 5. Als aangaande een aanhangig voorstel zowel een amendement als een motie is ingediend, wordt eerst over het amendement gestemd, vervolgens over de motie en tot slot over het voorstel. 6. De raad kan besluiten van deze volgorde af te wijken. 1. Als op een aanhangig voorstel amendementen zijn ingediend, wordt eerst over die amendementen gestemd en vervolgens over het voorstel zoals het dan luidt in zijn geheel. 2. Als een subamendement is ingediend, wordt eerst over het subamendement gestemd en vervolgens over het amendement waarop dat betrekking heeft. 3.
Als meerdere amendementen of subamendementen op eenzelfde gedeelte van een aanhangig voorstel zijn ingediend, wordt, onverminderd het bepaalde in het eerste en tweede lid, eerst over het meest verstrekkende amendement of subamendement gestemd. 4. Als aangaande een aanhangig voorstel een motie is ingediend, wordt eerst over het voorstel gestemd en vervolgens over de motie. 5. De raad kan besluiten van deze volgorde af te wijken. Art. 23 lid 5
Voorgestelde wijziging/opmerking Eerst amendement, dan voorstel en dan motie
Overweging Aanpassen in RvO 1. Als op een aanhangig voorstel amendementen zijn ingediend, wordt eerst over die amendementen gestemd en vervolgens over het voorstel zoals het dan luidt in zijn geheel. 2. Als een subamendement is ingediend, wordt eerst over het subamendement gestemd en vervolgens over het amendement waarop dat betrekking heeft. 3. Als meerdere amendementen of subamendementen op eenzelfde gedeelte van een aanhangig voorstel zijn ingediend, wordt, onverminderd het bepaalde in het eerste en tweede lid, eerst over het meest verstrekkende amendement of subamendement gestemd. 4. Als aangaande een aanhangig voorstel een motie is ingediend, wordt eerst over het voorstel gestemd en vervolgens over de motie. De raad kan besluiten van deze volgorde af te wijken.
Opnemen in Toelichting n.v.t.
Artikel 24. Stemming over personen 1. Bij stemming over personen voor voordrachten of het opstellen van voordrachten of aanbevelingen, benoemt de voorzitter drie raadsleden tot stembureau. 2. Aanwezige raadsleden zijn verplicht een door het stembureau verstrekt stembriefje in te leveren, tenzij zij overeenkomstig artikel 28 van de Gemeentewet niet aan de stemming deel behoren te nemen. pag. 13 van 35
3. Er hebben zoveel stemmingen plaats als er personen zijn te benoemen, voor te dragen of aan te bevelen. De raad kan op voorstel van het stembureau beslissen dat bepaalde stemmingen worden samengevat op één briefje. 4. Het stembureau onderzoekt of het aantal ingeleverde stembriefjes gelijk is aan het aantal leden dat ingevolge het tweede lid verplicht is een stembriefje in te leveren. Wanneer de aantallen niet gelijk zijn worden de stembriefjes vernietigd zonder deze te openen en wordt een nieuwe stemming gehouden. 5. In geval van twijfel over de inhoud van een stembriefje beslist de voorzitter op voorstel van het stembureau. 6. Bij digitale vergaderingen vindt het stemmen over personen per post plaats. De procedure die gevolgd wordt staat in ‘Afspraken over digitaal vergaderen’. Verslaglegging; ingekomen stukken Artikel 25. Verslag en besluitenlijst 1. De griffier draagt zorg voor verslagen en besluitenlijsten van raadsvergaderingen. Het verslag kan bestaan uit een schriftelijke weergave en/of audio-video verslag. 2. De leden, de voorzitter, de wethouders, de griffier en de secretaris hebben het recht, een voorstel tot verandering aan de raad te doen, indien de notulen onjuistheden bevatten of niet duidelijk weergeven hetgeen gezegd of besloten is. Een voorstel tot verandering dient voor het vaststellen van de notulen bij de griffier te worden ingediend. 3.
Een verslag bevat in ieder geval: a. de namen van de voorzitter, de griffier en de aanwezige raadsleden en wethouders; b. een vermelding van de zaken die aan de orde zijn geweest; c. een zakelijke samenvatting van het gesprokene met vermelding van de namen van de sprekers; d. een overzicht van het verloop van elke stemming, met vermelding bij hoofdelijke stemming van de namen van de raadsleden die voor of tegen stemden, onder aantekening van de namen van de raadsleden die zich overeenkomstig de Gemeentewet van stemming hebben onthouden of zich bij het uitbrengen van hun stem hebben vergist; e. de tekst van de ter vergadering ingediende initiatiefvoorstellen, voorstellen van orde, moties, amendementen en subamendementen; f. bij het desbetreffende agendapunt, de naam en de hoedanigheid van die personen aan wie het op grond van het bepaalde in artikel 18 door de raad is toegestaan deel te nemen aan de beraadslagingen. 4. Een conceptverslag wordt gelijktijdig met de verzending van de stukken voor de volgende vergadering aan de raadsleden digitaal beschikbaar gesteld. 5. Vastgestelde verslagen worden ondertekend door de voorzitter en griffier. 6. Voor zover de aard en de inhoud van de besluitvorming zich daartegen niet verzet, wordt de besluitenlijst zo spoedig mogelijk na de raadsvergadering openbaar gemaakt op de in de gemeente gebruikelijke wijze. 7.
Als verslagen en besluitenlijsten elektronisch beschikbaar zijn, worden ze op de website van de gemeente geplaatst. Art. 25
Voorgestelde wijziging/opmerking Er worden videotulen gemaakt (ondertiteling)
Overweging
Opnemen in Toelichting
Besluiten en toezeggingenlijst toevoegen.
Er worden videotulen gemaakt. (ondertiteling) en de besluiten- en toezeggingenlijst wordt toegevoegd.
Artikel 26. Ingekomen stukken 1. Bij de raad ingekomen stukken worden op een lijst geplaatst voor de eerstvolgende vergadering. 2. De raad stelt op voorstel van de voorzitter de wijze van afdoening van de ingekomen stukken vast. 3. Over stukken op de lijst van ingekomen stukken vindt geen inhoudelijke bespreking plaats.
pag. 14 van 35
4. Een fractie geeft per mail aan de griffie door dat er vragen zijn of behoefte is aan bespreking van een ingekomen stuk in een raadscommissie. 5. Er zijn verschillende mogelijkheden: a. Schriftelijke vraag art. 38 b. Vragenhalfuur in de (commissie) vergadering c. Collegespreekuur – maandelijks voorafgaand aan de oordeelvormende commissievergadering d. Verzoek om agendering als in de commissie. Dit verloopt via de agendacommissie. Dit kan alleen indien het format-formulier wordt ingevuld 6. De griffie ziet toe op de naleving van gemaakte afspraken. Art. 26
Voorgestelde wijziging/opmerking Er zijn regelmatig vragen over de status van de afdoening van de stukken die ter afhandeling in handen college worden gesteld.
Overweging
Opnemen in Toelichting
Opnemen in de Toelichting dat de raad twee maal per jaar wordt geïnformeerd over de status van de afdoening van stukken die ter afhandeling in handen van college worden gesteld.
De raad wordt twee maal per jaar geïnformeerd over de status van de afdoening van stukken die ter afhandeling in handen van college worden gesteld.
Besloten raadsvergaderingen Artikel 27. Toepassing reglement op besloten vergaderingen Op besloten raadsvergaderingen is dit reglement van overeenkomstige toepassing voor zover dat niet strijdig is met het besloten karakter van de vergadering. Art.
Voorgestelde wijziging/opmerking
Overweging
27
Ledenbrief VNG nummer 22/017 Wetsvoorstel Bevorderen integriteit en functioneren decentraal bestuur. De parlementaire behandeling van het wetsvoorstel loopt nog. De wijzigingen kunnen pas U kunt de wijzigingen pas doorvoeren als het wetsvoorstel in werking treedt, de datum daarvoor is nog niet bekend.
De griffie verwerkt deze tekst zodra het wettelijk vastgesteld is. Graag het mandaat daarvoor.
Opnemen in Toelichting n.v.t.
Het wetsvoorstel Bevorderen integriteit en functioneren decentraal bestuur heeft op de volgende manieren invloed op het RvO -De verklaring omtrent het gedrag is voortaan verplicht voor kandidaat-wethouders; -Er komt een nieuw hoofdstuk Va over geheimhouding in de Gemeentewet in plaats van de artikelen 25, 55 en 86 Gemeentewet; -College, burgemeester en commissies mogen voortaan zelf geheimhouding opleggen; -De raad hoeft de geheimhouding niet meer te bekrachtigen; -De term ‘stukken’ waarop geheimhouding rust, wordt vervangen door ‘informatie’; -Informatie waarop geheimhouding rust, moet voortaan altijd met de gehele raad worden gedeeld.
pag. 15 van 35
Artikel 27. Toepassing reglement op besloten vergadering 1. Conceptverslagen en -besluitenlijsten van besloten raadsvergaderingen worden niet verspreid, maar berusten bij de griffier. 2. Deze verslagen en besluitenlijsten worden zo spoedig mogelijk in een besloten raadsvergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze vergadering neemt de raad een besluit over het al dan niet opheffen van de geheimhouding op het vastgestelde verslag en de besluitenlijst. 3. De vastgestelde verslagen en besluitenlijsten worden door de voorzitter en de griffier ondertekend Artikel 28. Verslag besloten vergadering 1. Conceptverslagen en -besluitenlijsten van besloten raadsvergaderingen worden digitaal - via een besloten systeem - ter beschikking gesteld. 2. Deze verslagen en besluitenlijsten worden zo spoedig mogelijk in een besloten raadsvergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze vergadering neemt de raad een besluit over het al dan niet openbaar maken van het vastgestelde verslag en de besluitenlijst. 3. De vastgestelde verslagen worden door de voorzitter en de griffier ondertekend. 4. In afwijking van lid 2 kan een besloten verslag ook in een openbare vergadering worden vastgesteld indien er geen woordvoering en/of wijzigingsvoorstellen aan de orde zijn.
Artikel 29. Opheffing geheimhouding Als de raad op grond van de artikelen 25, derde en vierde lid, 55, tweede en derde lid, of 86, tweede en derde lid, van de Gemeentewet voornemens is de geheimhouding op te heffen, wordt, als het orgaan dat geheimhouding heeft opgelegd daarom verzoekt, daarover in een besloten raadsvergadering met het desbetreffende orgaan overleg gevoerd. Artikel 29. Opheffing geheimhouding Als de raad op grond van artikel 89, vierde lid, van de wet voornemens is de geheimhouding van aan de raad verstrekte informatie op te heffen, wordt, als het orgaan dat geheimhouding heeft opgelegd daarom verzoekt, daarover in een besloten raadsvergadering met het desbetreffende orgaan overleg gevoerd. Art.
Voorgestelde wijziging/opmerking
Overweging
29
Ledenbrief VNG nummer 22/017 Wetsvoorstel Bevorderen integriteit en functioneren decentraal bestuur. De parlementaire behandeling van het wetsvoorstel loopt nog. De wijzigingen kunnen pas U kunt de wijzigingen pas doorvoeren als het wetsvoorstel in werking treedt, de datum daarvoor is nog niet bekend.
De griffie verwerkt deze tekst zodra het wettelijk vastgesteld is. Graag het mandaat daarvoor.
Opnemen in Toelichting n.v.t.
Het wetsvoorstel Bevorderen integriteit en functioneren decentraal bestuur heeft op de volgende manieren invloed op het RvO -De verklaring omtrent het gedrag is voortaan verplicht voor kandidaat-wethouders; -Er komt een nieuw hoofdstuk Va over geheimhouding in de Gemeentewet in plaats van de artikelen 25, 55 en 86 Gemeentewet; -College, burgemeester en commissies mogen voortaan zelf geheimhouding opleggen; -De raad hoeft de geheimhouding niet meer te bekrachtigen; -De term ‘stukken’ waarop geheimhouding rust, wordt vervangen door ‘informatie’; -Informatie waarop geheimhouding rust, moet voortaan altijd met de
pag. 16 van 35
gehele raad worden gedeeld.
Toehoorders en pers Artikel 30. Toehoorders en pers 1. Toehoorders en vertegenwoordigers van de pers wonen openbare raadsvergaderingen uitsluitend bij op de voor hen bestemde plaatsen (publieke tribune). 2. Het blijkgeven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere wijze verstoren van de orde is hen verboden.
Artikel 31. Geluid- en beeldregistraties Degenen die van een openbare raadsvergadering geluid- of beeldregistraties willen maken, doen hiervan mededeling aan de voorzitter en gedragen zich naar diens aanwijzingen.
Artikel 32. Gebruik mobiele apparaten In de vergaderzaal, met inbegrip van de publieke tribune, is tijdens de vergadering niet toegestaan om middels mobiele apparaten of anderszins geluid te veroorzaken dat de vergadering verstoort. Hoofdstuk 3. Bevoegdheden, instrumenten raadsleden Artikel 33. Amendementen en subamendementen 1. Raadsleden dienen amendementen en subamendementen voor het sluiten van de beraadslaging van het voorstel waarop deze betrekking hebben in bij de voorzitter. Dit gebeurt schriftelijk – met gebruikmaking van het daarvoor opgestelde format - tenzij de voorzitter oordeelt dat mondelinge indiening volstaat. 2. Intrekking door de indiener van een amendement of subamendement is mogelijk totdat de besluitvorming daarover door de raad is afgerond. Art. 33
Voorgestelde wijziging/opmerking Regels vaststellen over vooraf indienen bij griffie
Overweging
Opnemen in Toelichting
De griffie adviseert om dit niet over te nemen. Het belemmert het democratisch proces en de dynamiek van het politieke spel.
n.v.t.
Artikel 34. Moties 1. Raadsleden dienen moties schriftelijk in bij de voorzitter en stellen deze digitaal ter beschikking van de griffie met gebruikmaking van het daarvoor opgestelde format. 2. De behandeling van een motie vindt gelijktijdig plaats met de beraadslaging over het onderwerp of voorstel waarop het betrekking heeft. 3. De behandeling van een motie over een niet op de agenda opgenomen onderwerp (motie vreemd aan de orde van de dag) vindt plaats nadat alle op de agenda opgenomen onderwerpen zijn behandeld. 4. Intrekking door de indiener van een motie is mogelijk totdat de besluitvorming daarover door de raad is afgerond. 1. De behandeling van een motie over een niet op de agenda opgenomen onderwerp vindt plaats nadat alle op de agenda voorkomende onderwerpen zijn behandeld. Deze motie wordt door een lid tenminste 24 uur voor de
pag. 17 van 35
Commentaar [MM4]: PK heeft in de werkgroep BV aangegeven n.a.v, dit artikel dat de collega's die het college tijdens een agendapunt ondersteunen beter in beeld moeten worden gebracht.
raadsvergadering schriftelijk en ondertekend bij de voorzitter ingediend, tenzij het spoedeisende karakter zich tegen deze termijn verzet, dit ter beoordeling van de raad. 2. De indiener is bevoegd dit toe te lichten en bij de beraadslaging daarover als eerste zijn gevoelen uit te spreken. 3. Het indienen van een amendement op deze motie is niet toegestaan. 4. Zolang de beraadslaging niet is gesloten, kan de motie door de indiener(s) worden ingetrokken. 5. Het college rapporteert schriftelijk aan de raad hoe zij aangenomen moties vreemd aan de orde van de dag heeft uitgevoerd. Voorgestelde wijziging/opmerking
Overweging
Moties vreemd aan de orde van de dag mogen ingediend worden tot 12.00 uur op de dag voorafgaand aan de vergadering
Op deze manier zijn moties te betrekken bij de interne spreektijdverdeling.
Opnemen in Toelichting n.v.t.
De griffie adviseert om dit niet over te nemen. Het belemmert het democratisch proces en de dynamiek van het politieke spel. Bovendien doe je zo geen recht aan actuele gebeurtenissen. Mocht hiertoe toch besloten worden dan kan de tekst als volgt luiden: 1. De behandeling van een motie over een niet op de agenda opgenomen onderwerp vindt plaats nadat alle op de agenda voorkomende onderwerpen zijn behandeld. Deze motie wordt door een lid tenminste 24 uur voor de raadsvergadering schriftelijk en ondertekend bij de voorzitter ingediend, tenzij het spoedeisende karakter zich tegen deze termijn verzet, dit ter beoordeling van de raad. 2. De indiener is bevoegd dit toe te lichten en bij de beraadslaging daarover als eerste zijn gevoelen uit te spreken. 3. Het indienen van een amendement op deze motie is niet toegestaan. 4. Zolang de beraadslaging niet is gesloten, kan de motie door de indiener(s) worden ingetrokken. 5. Het college rapporteert schriftelijk aan de raad hoe zij aangenomen moties vreemd aan de orde van de dag heeft behandeld..
Artikel 35. Initiatiefvoorstel 1. Raadsleden dienen initiatiefvoorstellen schriftelijk in bij de voorzitter die het ter kennis brengt van de raad. 2. Het college kan binnen vier weken nadat hij in kennis is gesteld van een initiatiefvoorstel schriftelijk wensen en bedenkingen met betrekking tot het voorstel ter kennis van de raad brengen. 3. Een voorstel wordt nadat het college schriftelijk wensen of bedenkingen ter kennis van de raad heeft gebracht of kenbaar heeft gemaakt hiertoe niet te zullen overgaan, dan wel nadat de in het tweede lid gestelde termijn is verlopen, op de agenda van de eerstvolgende raadsvergadering geplaatst, tenzij de schriftelijke oproep hiervoor reeds verzonden is. In dat geval wordt het voorstel op de agenda van de daaropvolgende raadsvergadering geplaatst. 4. Een (concept) initiatiefvoorstel wordt inhoudelijk eerst in de raadscommissie – en/of daaraan voorafgaand in een beeldvormende bijeenkomst- besproken alvorens tot besluitvorming wordt overgegaan. Artikel 36. Voorstel college aan raad pag. 18 van 35
1. Een voorstel van het college aan de raad dat vermeld staat op de voorlopige agenda van de raadsvergadering, kan niet worden ingetrokken zonder toestemming van de raad. 2. Als de raad van oordeel is dat een voorstel als bedoeld in het eerste lid voor advies terug aan het college dient te worden gezonden, bepaalt de raad binnen welke termijn het voorstel opnieuw geagendeerd wordt. Artikel 37. Interpellatie 1. Raadsleden dienen verzoeken tot het houden van een interpellatie schriftelijk in bij de voorzitter. Het verzoek bevat in ieder geval de te stellen vragen. 2. De voorzitter brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en de wethouders. 3. Als het verzoek ten minste 48 uur voor aanvang van een raadsvergadering is ingediend of in naar het oordeel van de voorzitter spoedeisende gevallen, wordt over het verzoek tijdens de eerstvolgende raadsvergadering gestemd. 4. Een interpellatiedebat kan worden gehouden indien ten minste één derde van de aanwezige raadsleden dit verzoek steunt. 5. De interpellant voert als eerste het woord. Daarna antwoordt het college. Vervolgens kunnen de interpellant en andere sprekers uit de raad het woord voeren. Daarop kan het college reageren. De interpellant kan tot slot een korte reactie geven. 6. Tijdens een interpellatie kunnen moties worden ingediend. Artikel 38. Schriftelijke vragen 1.
Raadsleden dienen schriftelijke vragen aan het college of de burgemeester in bij de griffie. 2. De griffier brengt de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en het college of de burgemeester. 3. Schriftelijke vragen worden schriftelijk beantwoord. Schriftelijke beantwoording vindt zo spoedig mogelijk plaats, in ieder geval binnen 30 dagen nadat de vragen zijn ingediend. 4. Schriftelijke antwoorden van het college of de burgemeester worden door tussenkomst van de griffier aan de raadsleden toegezonden. Artikel 39. Technische vragen 1. Technische vragen worden schriftelijk gesteld. Zeker daar waar naar veel of ingewikkelde feiten wordt gevraagd. 2. Raadsleden dienen technische vragen aan het college schriftelijk in bij de griffie. 3. De griffie brengt de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en het college Schriftelijke beantwoording vindt zo spoedig mogelijk plaats, in ieder geval binnen vijf werkdagen nadat de vragen zijn ingediend; 4. De antwoorden worden door de griffie beschikbaar gesteld voor de hele raad.
Artikel 40. Inlichtingen 1. Raadsleden dienen verzoeken tot inlichtingen als bedoeld in de artikelen 169, derde lid, en 180, derde lid, van de Gemeentewet schriftelijk in bij de griffier. 2. De griffier brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en het college of de burgemeester. 3. De verlangde inlichtingen worden schriftelijk of mondeling in de eerstvolgende of in de daaropvolgende vergadering gegeven. 4. De gestelde vragen en het antwoord vormen een agendapunt voor de vergadering, waarin de antwoorden zullen worden gegeven. Artikel 41. Actualiteitendebat
pag. 19 van 35
Aan het begin van de raadsvergadering is er een actualiteitendebat, tenzij er bij de voorzitter geen onderwerpen zijn ingediend. In bijzondere gevallen kan de raad op voorstel van de voorzitter bepalen dat het actualiteitendebat op een ander tijdstip wordt gehouden. De voorzitter bepaalt op welk tijdstip het actualiteitendebat eindigt. 1. Raadsleden die een actualiteitendebat willen voeren melden dit onder aanduiding van het onderwerp en ten minste twaalf uur voor aanvang van de raad bij de voorzitter. 2. De voorzitter bepaalt de volgorde waarin aangemelde onderwerpen tijdens het actualiteitendebat aan de orde worden gesteld. 3. Elke fractie kan maximaal één actualiteitendebat aanvragen, waarover kort en bondig het woord wordt gevoerd. 4. Een onderwerp dient urgent te zijn, van politiek en/of maatschappelijk belang. Een actualiteitendebat is een debat tussen de raadsfracties. Afhankelijk van het onderwerp kan het nodig zijn om een reactie van het college te horen. 5. De aanvrager van het debat krijgt als eerste het woord. 6. Na de aanvrager van het debat kunnen de overige raadsleden het woord voeren om eventuele vragen te beantwoorden en/of hun standpunt kenbaar te maken. Aan het college kan een reactie gevraagd worden. Indien nodig is er een tweede termijn. 7. Tijdens het actualiteitendebat kunnen moties worden ingediend en worden interrupties toegelaten. 8.
Een aanvraag voor een actualiteitendebat moet door minimaal drie fracties worden ingediend. De aanvragende fracties zijn ook daadwerkelijk bij de vergadering aanwezig wanneer het debat gevoerd wordt. Voorgestelde wijziging/opmerking Geen insprekers toelaten t.a.v. het onderwerp van net actualiteitendebat
Overweging De griffie adviseert om de inspraakmogelijkheid in stand te houden. Het huidige artikel kent geen regels over insprekers. Het is een debat tussen raadsleden waarbij het college desgevraagd een reactie kan geven. Raadsleden zijn volksvertegenwoordigers. Het is belangrijk dat zij weten wat er speelt onder de inwoners en belanghebbenden om een weloverwogen advies te kunnen geven. .
Hoofdstuk 4. Slotbepalingen Artikel 42. Uitleg reglement In gevallen waarin dit reglement niet voorziet of bij twijfel omtrent de toepassing van het reglement, beslist de raad op voorstel van de voorzitter.
Artikel 43. Intrekken oude reglement Het Interim Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van de gemeente Krimpenerwaard 2020 wordt ingetrokken. Artikel 44. Inwerkingtreding en citeertitel 1. Dit reglement -inclusief bijlage met de uitwerking van de gehanteerde typen BOB bijeenkomsten- treedt in werking op de dag na bekendmaking. 2. Dit reglement wordt aangehaald als: ‘Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad van de gemeente Krimpenerwaard 2021’.
Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 16 maart 2021,
pag. 20 van 35
de griffier,
de voorzitter,
dr. M-L van Muijen
mr R.S. Cazemier
pag. 21 van 35
TOELICHTING Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen Artikel 1/2. Begripsbepalingen / de voorzitter De burgemeester is voorzitter van de raad. Artikel 125, derde lid, van de Grondwet en artikel 9 van de Gemeentewet schrijven dit dwingend voor. In artikel 77, eerste lid, is bepaald dat het langstzittende raadslid het raadsvoorzitterschap waarneemt bij verhindering of ontstentenis van de burgemeester. Als twee raadsleden even lang zitting hebben, is de oudste in jaren degene die het raadsvoorzitterschap waarneemt. Daarnaast heeft de raad altijd de mogelijkheid zelf te kiezen voor een andere waarnemer. De burgemeester heeft het recht op grond van art. 21 Gemeentewet in de vergadering aan de beraadslaging deel te nemen. Als voorzitter zorgt hij onder andere voor de handhaving van de orde in de vergadering.
Artikel 3. Het presidium Het presidium heeft voornamelijk een algemeen adviserende rol (aanbevelingen aan de raad inzake de organisatie en het functioneren van de raad). Voor wat betreft de inhoudelijke aspecten van het raadswerk dient het presidium een ondergeschikte rol te vervullen omdat anders het gevaar bestaat dat er binnen de raad een nieuw bestuursorgaan wordt gecreëerd (in strijd met art 125, lid 1 Grondwet). Het presidium als zodanig kan niet ook optreden als werkgeverscommissie (art. 83 Gemeentewet). Het presidium heeft voornamelijk een procedurele rol. Het is wel mogelijk om de raadsleden van het presidium te benoemen in de werkgeverscommissie en de vergaderingen van deze commissie te laten aansluiten op de vergaderingen van het presidium, zodat er, indien nodig, snel overlegd kan worden. Er is voor gekozen om de regie van enkele interne/organisatorische kwesties bij het presidium neer te leggen. Als aanvullende taak is opgenomen dat het presidium aanbevelingen doet aan de raad en de raadscommissies inzake de organisatie van hun werkzaamheden. Hieronder vallen taken als: het initiëren van een aanpassing van het reglement van orde, het instrueren van de griffier en het bespreken van agenda-technische zaken.