Bijlage 4 - Factsheet Regio Midden Holland jaarrekening 2025 en begroting 2027
Tekst van het document
1 Naam verbonden partij
Regio Midden Holland
2 Doel verbonden partij
In 2025 was de Gemeenschappelijke Regeling Regio Midden‑Holland primair ingericht als ondersteunende netwerkorganisatie. Het doel was het faciliteren van samenwerking tussen gemeenten rond strategische regionale vraagstukken, waaronder lobby en belangenbehartiging, waarbij beleidsvorming en besluitvorming bij de afzonderlijke colleges van burgemeester en wethouders en – waar nodig – de gemeenteraden lag. In de periode 2024–2026 is deze opzet herijkt. Met de recent vastgestelde gemeenschappelijke regeling (februari 2026) is de samenwerking geformaliseerd en versterkt: het doel is nu het gestructureerd ondersteunen én uitvoeren van strategische regionale samenwerking via een regionaal platform, een vierjaarlijkse strategische agenda en een professioneel regiobureau dat deze agenda uitvoert en regionale belangen behartigt. De deelnemende gemeenten zijn Bodegraven‑Reeuwijk, Gouda, Krimpenerwaard, Waddinxveen en Zuidplas
3 Vestigingsplaats Aantal deelnemende gemeenten 4 Stemverhouding 5 Lid Algemeen bestuur 6 Lid dagelijks bestuur
Gouda 5 gelijkwaardig wethouder R. Boere burgemeester H. Beenakker
7 Wordt een zienswijze geadviseerd 8 Jaarrekening (meerjaren-)begroting
ja 2025 2027
e.v.
* € 1.000 Realisatie
9 Bijdrage
2024 111
2025 317
Begroting
2026 325
2027 573
2026 200 531 731
2027 200 531 731
2028
2029 606
2030 606
606
* € 1.000 Realisatie (31/12)
10 algemene reserve 11 bestemmingsreserve 12 gerealiseerd resultaat 13 eigen vermogen
2024 100 398 131 629
2025 100 528 403 1.031
Begroting (31/12)
2028
2029 200 531 731
2030 200 531 731
200 531 731
* € 1.000 Realisatie (31/12)
14 voorzieningen
2024 -
2025 -
Begroting (31/12)
2026 -
2027 -
2026 1.419 1.419
2027 1.533 1.533
2028
2029 -
2030 -
-
* € 1.000 Realisatie (31/12)
15 langlopende schulden 16 kortlopende schulden 17 Ontwikkeling schuldpositie
2024 918 918
2025 1.267 1.267
Begroting (31/12)
2028 1.499 1.499
2029
2030
1.473 1.473
1.447 1.447
2029 2.204 33%
2030 2.178 34%
* € 1.000 Realisatie (31/12)
18 Totaal Passiva 19 Solvabiliteit
2024 1.547 41%
2025 2.298 45%
Begroting (31/12)
2026 2.298 32%
2027 2.264 32%
2028 2.230 33%
toelichting beleidsmatig In 2025 functioneerde de Regio Midden‑Holland hoofdzakelijk als netwerkorganisatie, waarbij samenwerking en uitvoering plaatsvonden via inzet en afstemming tussen de deelnemende gemeenten. Sindsdien is ingezet op een stapsgewijze versterking en professionalisering van de regionale samenwerking. Dit heeft geleid tot de vorming van een regiobureau met vaste bezetting en een meer programmatische inrichting van de werkzaamheden, uiterlijk 1/1/2027 gaat de formatie (7 fte) die nu is ondergebracht bij de deelnemende gemeenten over naar dit regiobureau. Eind 2025 is gestart met het opstellen van een regionale strategische agenda die als nieuw inhoudelijk kader moet gaan dienen voor de samenwerking. Dit kader is ten tijde van de begroting 2027–2030 nog in ontwikkeling. De governance is daarbij aangepast, met een duidelijkere raadscyclus: zoals in de aanbiedingsbrief bij de begroting is aangegeven, wordt de strategische agenda in de loop van 2026 ook inhoudelijk afgestemd met de gemeenteraden. De voorgenomen inhoudelijke aandacht voor 2027 richt zich onder meer op verantwoorde groei, bereikbaarheid en een toekomstbestendige economie, met aandacht voor woningbouw, mobiliteit, energie‑ en netcongestie en regionale voorzieningen.
De belangrijkste prestaties in 2025 zijn als volgt: -De regio heeft de bestuurlijke en organisatorische randvoorwaarden gelegd voor een versterkte regionale samenwerking, waaronder het vaststellen van de inhoudelijke scope, het voorbereiden van een aangepaste Gemeenschappelijke Regeling en het werken met een stuurgroep en kwartiermaker aan een gefaseerde doorontwikkeling van de organisatie. -De regio heeft haar gezamenlijke positionering richting provincie en andere partners versterkt, met concrete inzet op wonen en woonzorg door het verder uitwerken van regionale afspraken en het leveren van een gezamenlijke bijdrage aan afstemming en samenwerking op een bestuurlijk relevant beleidsdossier. -Tegelijkertijd is de voortgang op lopende regionale beleidsopgaven geborgd, met name binnen mobiliteit en bereikbaarheid en andere bestaande programma’s. Eind 2025 is gestart met het uitzetten van de opdracht voor een regionale strategische agenda. Deze agenda wordt in 2026 verder uitgewerkt en afgestemd met de gemeenteraden. toelichting opvolging zienswijze (vorige begroting): De raad heeft de volgende vragen via een zienswijze neergelegd: 1. besluitvorming over samenhangende kaders voor de versterking (governance, programmalijnen en rol van de raad); 2. kwartaalgewijze raadinformatie over het proces versterken en verstevigen van de regio; 3.
borging van de positie van de raden na de versterking (waaronder vierjaarlijkse besluitvorming over het strategisch programma); 4. een langs de drie programmalijnen ingedeelde begroting, met aandacht voor financiële doelmatigheid en beheersing van structurele lasten. Het volgende is daarmee gedaan: Ad 1: in de nieuwe gemeenschappelijke regeling is de rol van de raad bij de strategische agenda formeel vastgelegd. Over de governance, programmalijnen en raadsbetrokkenheid in in samenhang is nog niet integraal besloten. Er is gekozen voor een gefaseerde invoering met eerst juridische en organisatorische verankering. Ad 2: de raad is geïnformeerd via een incidentele raadsinformatiebrief en nieuwsbrieven. Een aparte kwartaal‑brief ontbreekt, omdat de informatievoorziening vooral is verlopen via de bestaande kanalen. Ad 3: de drie programmalijnen zijn benoemd als inhoudelijk kader, maar nog niet uitgewerkt of financieel vertaald. Dit is onderdeel van de strategische agenda die in 2026 wordt vastgesteld. Ad 4: middelen zijn opgenomen op programmaniveau, maar niet per programmalijn, omdat inhoudelijke keuzes per lijn nog ontbreken; Expliciete keuzes over structurele doelmatigheid zijn nog beperkt zichtbaar omdat ze samenhangen met de nog te maken strategische keuzes.
toelichting op financieel resultaat en ontwikkeling vermogen: Over 2025 is sprake van een positief resultaat van € 403.495. Dit is € 361.125 positiever dan bij de laatste managementrapportage verwacht. De belangrijkste oorzaken zijn een onderbesteding van € 167.525 op personele lasten, doordat nog niet alle vacatures zijn ingevuld. Daarnaast is sprake van onderbesteding op de directe productkosten van € 284.341 als gevolg van lagere bestedingen op de programma’s. Tegenover de lagere uitgaven staan ook lagere onttrekking uit de daarvoor bedoelde reserves. Voorgesteld wordt om het saldo als volgt te bestemmen. 1) € 100.000 toevoegen aan het eigen vermogen / weerstandscapaciteit, 2) € 221.722 toe te voegen aan de nieuw te vormen reserve “doorontwikkelingen regio M-H en 3) € 81.773 toe te voegen aan de bestemmingsreserves voor de bestuurlijke tafels zodat het budget beschikbaar blijft voor 2026. Punten van aandacht bij de resutaatbestemming zijn 1) dat het verhogen van het weerstandsvermogen vooruitloopt op de actualisatie van de nota “weerstandsvermogen en risicobeheersing.“ Bovendien ontbreekt een eenduidige risicoinventarisatie waaruit de noodzaak van de toename blijkt. 2) Het is niet duidelijk waarom aan de nieuwe reserve specifiek dit bedrag moet worden toegevoegd. En waarom de beschikbare middelen in 2026 niet toereikend zijn. Voor 2027 is sprake van een sluitende begroting.
De reguliere inwonerbijdrage is geïndexeerd met 3,75% en stijgt naar € 5,84. In verband met de overgang van personeel van de deelnemende gemeenten naar de GR stijgt de bijdrage daarnaast nog met € 4,08. Bij de deelnemers leidt dit tot een besparing op de personele lasten. In lijn met de bestemming bij de jaarrekening wordt in 2027, ter dekking van 50% van de overheadkosten, eenmalig € 147.810 onttrokken aan de nieuw gevormde reserve "doorontwikkeling M-H". Vanaf 2028 wordt dan wel het volledige bedrag van de overhead doorbelast aan de deelnemers. toelichting risico's De regio Midden-Holland stelt voor € 100.000 uit het resultaat van 2025 toe te voegen aan de algemene reserve. Hierdoor stijgt het weerstandsvermogen van € 100.000 naar € 200.000. De regio Midden-Holland benoemt in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing twee risico's: - Een tekort aan middelen, bijvoorbeeld door tegenvallende baten. - Het mislopen van cofinanciering bij reeds gestarte projecten. Deze risico's zijn door de regio niet nader onderbouwd en niet gekwantificeerd. Hierdoor kan niet worden vastgesteld of de toevoeging noodzakelijk is en of het weerstandsvermogen hiermee afdoende is. In 2026 zal de nota weerstandsvermogen en risicobeheersing worden geactualiseerd waarna, na bestuurlijke goedkeuring, het gewenste saldo zal worden gecorrigeerd.
Ontwikkeling bijdrage x € 1.000
Ontwikkeling eigen vermogen x € 1.000
700 1.200 600
1.000
500
800
400
600 400
300
200 -
200
2024 100
2025
2026
Realisatie (31/12)
2027
2028
2029
2030
Begroting (31/12)
0 2024
2025
2026
2027
Realisatie
2028
2029
2030
Begroting
Ontwikkeling solvabiliteit
algemene reserve
bestemmingsreserve
gerealiseerd resultaat
eigen vermogen
Ontwikkeling schuldpositie x € 1.000
50%
1.800
45%
1.600
40%
1.400
35%
1.200 1.000
30%
800
25%
600 20%
400
15%
200
10%
2024
5% 0% 2024
2025
2026
2027
Realisatie (31/12)
2028
2029
2030
1 1 1 1 1 1 0 0 0 0 2025
Realisatie (31/12)
2026
2027
2028 Begroting (31/12)
2026
Realisatie (31/12) langlopende schulden
Begroting (31/12)
Ontwikkeling voorzieningen x € 1.000
2024
2025
2029
2030
2027
2028
2029
Begroting (31/12) kortlopende schulden
2030