CConstaterende datKrimpenerwaard
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Was-wordt lijst Wijziging 2026 APV Krimpenerwaard 2018

Oordeelsvorming SBBV (RZ) 20 januari 2026, gemeente KrimpenerwaardBij agendapunt: Wijziging Algemene Plaatselijke Verordening Krimpenerwaard5.877 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

VERORDENING Wijziging 2026 Algemene Plaatselijke Verordening Krimpenerwaard 2018 Wetstechnische informatie Gegevens van de regeling Overheidsorganisatie

Gemeente Krimpenerwaard

Officiële naam regeling

Algemene plaatselijke verordening Krimpenerwaard 2018

Citeertitel

Algemene plaatselijke verordening Krimpenerwaard 2018

Besloten door

Gemeenteraad

Deze versie is geldig tot (als de vervaldatum is vastgesteld) Onderwerp

Opmerkingen m.b.t. de regelingen n.v.t. Grondslagen 1. gelet op de artikelen 149, 149a, 151a, 151b, 151c, 151d, 154 en 154a van de Gemeentewet, de artikelen 3 en 4 van de Wet openbare manifestaties, de artikelen 4, 25a, 25b, 25c en 25d van de Alcoholwet, de omgevingswet, besluit activiteiten leefomgeving, artikel 30c, tweede lid, van de Wet op de kansspelen, artikel 3 van de Winkeltijdenwet en artikel 2a van de Wegenverkeerswet 1994; Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving) 1. n.v.t.

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen Datum TerugBetreft Ontstaansbron: inwerking- werkende datum treding ondertekening; kracht bron bekendmaking Na publicatie n.v.t. Wijziging 2026

Inwerkingtreding: datum ondertekening; bron bekendmaking Na publicatie

Voorstel gemeenteraad

27 januari 2026

Was- wordt lijst Wijziging 2026 Algemene plaatselijke verordening Krimpenerwaard 2018 N.b.: Om dit document leesbaar te houden is bij kleine (technische) wijzigingen alleen dat deel van het artikel weergegeven waar de wijziging betrekking op heeft. Sommige artikelen worden in hun geheel weergegeven om de wijziging te verduidelijken. De meest recente (geconsolideerde) versie van de APV vindt u hier: https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR608282/8

Was Overal in de APV Drank- en horecawet staat wijzigen in Alcoholwet

Wordt

Was Artikel 2:1 Samenscholing en ongeregeldheden

Wordt Artikel 2:1 Samenscholing en ongeregeldheden

1. Het is verboden op een openbare plaats deel te nemen aan een samenscholing of in groepsverband dan wel afzonderlijk onnodig op te dringen, andere lastig te vallen, te vechten of door uitdagend gedrag aanleiding te geven tot ongeregeldheden.

1. Het is verboden op een openbare plaats deel te nemen aan een samenscholing of in groepsverband dan wel afzonderlijk onnodig op te dringen, anderen lastig te vallen, te vechten, door uitdagend gedrag aanleiding te geven tot ongeregeldheden

2. Degene die op een openbare plaats a. aanwezig is bij een voorval waardoor ongeregeldheden ontstaan of dreigen te ontstaan; b. aanwezig is bij een gebeurtenis die aanleiding geeft tot toeloop van publiek waardoor ongeregeldheden ontstaan of dreigen te ontstaan; of c. zich bevindt in of aanwezig is bij een samenscholing;

2. Degene die op een openbare plaats a. aanwezig is bij een voorval waardoor ongeregeldheden ontstaan of dreigen te ontstaan; b. aanwezig is bij een gebeurtenis die aanleiding geeft tot toeloop van publiek waardoor ongeregeldheden ontstaan of dreigen te ontstaan; of c. zich bevindt in of aanwezig is bij een samenscholing;

is verplicht op bevel van een ambtenaar van politie, of een daartoe aangewezen Buitengewoon opsporingsambtenaar, zijn weg te vervolgen of zich in de door hem aangewezen richting te verwijderen.

is verplicht op bevel van een ambtenaar van politie, of een daartoe aangewezen Buitengewoon opsporingsambtenaar, zijn weg te vervolgen of zich in de door hem aangewezen richting te verwijderen.

3. Het is verboden zich te begeven naar of te bevinden op openbare plaatsen die door of vanwege het bevoegd bestuursorgaan in het belang van de openbare veiligheid of ter voorkoming van ongeregeldheden zijn afgezet.

3. Het is verboden zich te begeven naar of te bevinden op openbare plaatsen die door of vanwege het bevoegd bestuursorgaan in het belang van de openbare veiligheid of ter voorkoming van ongeregeldheden zijn afgezet.

4. De burgemeester kan ontheffing verlenen van het in het derde lid gestelde verbod.

4. Het is verboden op een openbare plaats een zaak bij zich te hebben waarvan aannemelijk is dat deze is meegebracht of aanwezig is om de orde te verstoren dan wel schade aan zaken of letsel aan personen toe te brengen.

5. Het bepaalde in de voorgaande leden is niet van toepassing op betogingen, vergaderingen en godsdienstige en levensbeschouwelijke samenkomsten als bedoeld in de Wet openbare manifestaties . 6. Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

5. De burgemeester kan ontheffing verlenen van het in het derde lid gestelde verbod. 6. Dit artikel is niet van toepassing op betogingen, vergaderingen en godsdienstige en levensbeschouwelijke samenkomsten als bedoeld in de Wet openbare manifestaties. 7. Op de aanvraag van ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Toelichting: Aanvullende tekst lid 4 op verzoek van de politie is een verruiming t.a.v. categorie 4 wapens (Wet Wapens en Munitie). De WWM is vrij beperkt hierin tevens richt de tekst zich niet alleen op wapens, maar ook op andere goederen waarmee de orde verstoort kan worden of schade toegebracht kan worden. Lid 6 is eenvoudiger verwoord. Lid 7 toevoeging waardoor de bepaling van toepassing is op het gehele proces i.p.v. alleen de ontheffing.

Was Artikel 2:3 Kennisgeving betogingen op openbare plaatsen

Wordt Artikel 2:3 Kennisgeving betogingen op openbare plaatsen

4. Voor zover van toepassing het tijdstip van de schriftelijke kennisgeving valt op een vrijdag na 12.00 uur, een zaterdag, een zondag of een algemeen erkende feestdag, wordt de kennisgeving gedaan uiterlijk op de werkdag die aan de dag van dat tijdstip voorafgaat vóór 12.00 uur.

4. Als het tijdstip van de schriftelijke kennisgeving valt op een vrijdag na 12.00 uur, een zaterdag, een zondag of een algemeen erkende feestdag, wordt de kennisgeving gedaan uiterlijk op de werkdag die aan de dag van dat tijdstip voorafgaat vóór 12.00 uur.

Toelichting: Eenvoudiger verwoord

Was 2:10 Voorwerpen op, aan of boven de weg of een openbare plaats

Wordt 2:10 Voorwerpen op, aan of boven de weg of een openbare plaats

2. Van een belemmering voor de bruikbaarheid van de weg is in ieder geval sprake wanneer niet ten minste een vrije doorgang van 1,25 strekkende meter wordt gelaten op voetpaden en van 3,50 strekkende meter op de rijbaan voor fietsers of gemotoriseerd verkeer.

2. Van een belemmering voor de bruikbaarheid van de weg is in ieder geval sprake wanneer niet ten minste een vrije doorgang van 1,25 strekkende meter wordt gelaten op voetpaden en van 3,50 strekkende meter breedte en 4,20 meter hoogte op of boven op de rijbaan voor fietsers of gemotoriseerd verkeer.

Toelichting: Toevoeging van de minimale doorrijdhoogte waarborgt de doorgang voor o.a. hulpdiensten Was Artikel 2:12 Maken en veranderen van een uitweg

Wordt Artikel 2:12 Maken, veranderen van een uitweg

2. In afwijking van het bepaalde in artikel 1:8 wordt de vergunning slechts geweigerd: a. ter voorkoming van gevaar voor het verkeer op de weg; b. als de uitweg zonder noodzaak ten koste gaat van een openbare parkeerplaats; c. als door de uitweg het openbaar groen op onaanvaardbare wijze wordt aangetast; d. in het belang van bescherming van het uiterlijk aanzien van de omgeving; e. als er sprake is van een uitweg van een perceel dat al door een andere uitweg wordt ontsloten, en de aanleg van deze tweede uitweg ten koste gaat van een openbare parkeerplaats of het openbaar groen;

2. In afwijking van het bepaalde in artikel 1:8 wordt de vergunning slechts geweigerd: a. ter voorkoming van gevaar voor het verkeer op de weg; b. als de uitweg zonder noodzaak ten koste gaat van een openbare parkeerplaats; c. als door de uitweg het openbaar groen op onaanvaardbare wijze wordt aangetast; d. in het belang van bescherming van het uiterlijk aanzien van de omgeving; e. als er sprake is van een uitweg van een perceel dat al door een andere uitweg wordt ontsloten, en de aanleg van deze tweede uitweg ten koste gaat van een openbare parkeerplaats of het openbaar groen; f. als de uitweg in strijd is met hoofdstuk 9, Inrittenbeleid 2017 gemeente Krimpenerwaard, van het BOPA-beleid gemeente Krimpenerwaard 2025;

Toelichting: toevoeging lid f om aan te sluiten bij huidige beleidsregels.

Was 2:24 Definities

Wordt 2:24 Definities

1. In deze afdeling wordt onder evenement verstaan elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak, met uitzondering van: a. bioscoopvoorstellingen in een inrichting als bedoeld in de Wet milieubeheer; b. markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, onder h, van de Gemeentewet en artikel 5:22 van deze verordening; c. kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen; d. het in een inrichting in de zin van de Drank en Horecawet gelegenheid geven tot dansen;

1. In deze afdeling wordt onder evenement verstaan elke voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak, met uitzondering van: a. bioscoop- en theatervoorstellingen; b. markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, aanhef en onder g, van de Gemeentewet en artikel 5:22 van deze verordening; c. kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen; d. het in een inrichting in de zin van de Alcoholwet gelegenheid geven tot dansen; e. betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties;

e. betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties; f. activiteiten als bedoeld in artikel 2:39 van deze verordening.

f. activiteiten als bedoeld in artikel 2:39 van deze verordening.

3. In deze afdeling wordt verstaan onder: a. categorie 0 evenement: kleinschalig evenement zonder noemenswaardig risico 3. In deze afdeling wordt verstaan onder: waarbij geen extra inzet van de hulpdiensten is vereist; a. categorie 0 evenement: kleinschalig evenement zonder noemenswaardig risico waarbij geen extra inzet van de hulpdiensten is vereist; b. categorie A-evenement: een evenement waarbij niet verwacht wordt dat die b. categorie A-evenement: een regulier evenement waarbij niet verwacht wordt dat gebeurtenis leidt tot risico’s voor de openbare orde, de openbare veiligheid, de die gebeurtenis leidt tot risico’s voor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu. Ook worden geen maatregelen of voorzieningen volksgezondheid of het milieu. Ook worden geen maatregelen of voorzieningen verwacht van het bevoegd gezag om die dreiging weg te nemen of de schadelijke verwacht van het bevoegd gezag om die dreiging weg te nemen of de schadelijke gevolgen te beperken; gevolgen te beperken; c. categorie B-evenement: een evenement waarbij het mogelijk is dat die gebeurtenis leidt tot risico’s voor de openbare orde, de openbare veiligheid, de c. categorie B-evenement: een aandacht evenement waarbij het mogelijk is dat die volksgezondheid of het milieu.

Een dergelijk evenement kan maatregelen en gebeurtenis leidt tot risico’s voor de openbare orde, de openbare veiligheid, de voorzieningen vragen van het bevoegd gezag om die dreiging weg te nemen of de volksgezondheid of het milieu. Een dergelijk evenement kan maatregelen en schadelijke gevolgen te beperken. Veelal zijn er ingrijpende verkeersmaatregelen en voorzieningen vragen van het bevoegd gezag om die dreiging weg te nemen of de schadelijke gevolgen te beperken. Veelal zijn er ingrijpende verkeersmaatregelen en extra inzet van de hulpverleningsdiensten vereist; d. categorie C-evenement: een evenement waarbij het te verwachten is dat die extra inzet van de hulpverleningsdiensten vereist; d. categorie C-evenement: een risicovol evenement waarbij het te verwachten is dat gebeurtenis leidt tot risico’s voor de openbare orde, de openbare veiligheid, de die gebeurtenis leidt tot risico’s voor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu. Het bevoegd gezag treft maatregelen of volksgezondheid of het milieu. Het bevoegd gezag treft maatregelen of voorzieningen om die dreiging weg te nemen of de schadelijke gevolgen te voorzieningen om die dreiging weg te nemen of de schadelijke gevolgen te beperken. Extra inzet van de hulpverleningsdiensten is noodzakelijk. beperken.

Extra inzet van de hulpverleningsdiensten is noodzakelijk Toelichting: Lid 1 sub a + b verwijzingstekst naar verouderde regelgeving weggelaten en/of aangepast. Lid 3 sub b + c + d de (niet relevante) toevoegingen weggelaten.

Was 2:25 Evenement

Wordt 2:25 Evenement

3. Geen vergunning is vereist voor een Categorie 0-evenement (klein evenement), indien: a. het aantal gelijktijdig aanwezigen niet meer bedraagt dan 100 personen; b. het evenement op maandag tot en met zaterdag tussen 08:00 uur en 24:00 uur plaats vindt of op zondag tussen 13:00 uur en 24:00 uur; c. geen muziek ten gehore wordt gebracht op maandag tot en met zaterdag voor 08:00 uur en na 24:00 uur of op zondag voor 13:00 uur en na 24:00 uur; d. er te allen tijde een vrije doorgang voor hulpdiensten wordt gerealiseerd. Als de oorspronkelijke breedte van de weg minder is dan 4 meter dient een doorgang van 3,5 meter te worden vrijgehouden;

3. Geen vergunning is vereist voor een Categorie 0-evenement (klein evenement), indien: a. het aantal gelijktijdig aanwezigen niet meer bedraagt dan 100 personen; b. het evenement op maandag tot en met zaterdag tussen 08:00 uur en 24:00 uur plaats vindt of op zondag tussen 13:00 uur en 24:00 uur; c. het geluidsniveau van versterkt (muziek)geluid op een afstand van 15 meter van een geluidsbron niet hoger is dan 70 dB(A) en 85 dB(C). Bij geluidsgevoelige gebouwen (o.a. woningen) op kortere afstand dan 15 meter van de geluidsbron gelden de geluidsniveaus op de gevel van het geluidsgevoelige gebouw. d. het evenement slechts één dag duurt;

e. slechts kleine objecten worden geplaatst met een oppervlakte van minder dan 10 m2 per object en maximaal twee objecten in totaal; f. er een organisator is; g. de organisator de omwonenden minimaal vijf werkdagen voorafgaand aan het evenement informeert over de geplande activiteiten; h. direct na het evenement het vuil wordt opgeruimd. De kosten voor het ophalen van achtergebleven vuil, worden verhaald op de organisator; i. de organisator tenminste tien werkdagen voorafgaand aan het evenement daarvan melding heeft gedaan aan de burgemeester. 6. Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

e er te allen tijde een vrije doorgang voor hulpdiensten is. Op de rijbaan moet een doorgang van 3,5 meter breed en 4,2 meter hoog worden vrijgehouden; f. slechts kleine objecten worden geplaatst met een gezamenlijke oppervlakte van maximaal 50 m2; g. er een organisator is; h. de organisator de omwonenden minimaal vijf werkdagen voorafgaand aan het evenement informeert over de geplande activiteiten; i. direct na het evenement het vuil wordt opgeruimd. De kosten voor het ophalen van achtergebleven vuil, worden verhaald op de organisator; j. de organisator tenminste tien werkdagen voorafgaand aan het evenement daarvan melding heeft gedaan aan de burgemeester. 6. Op de aanvraag om vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Toelichting: • Toevoeging van geluidsniveaus (sub c) om geluidsoverlast in te perken. Het geluidsniveau komt overeen met de Nota evenementen met een luidruchtig karakter. De geluidsniveaus laten enige hinder toe zoals te verwachten is bij evenementen die incidenteel plaatsvinden maar voorkomen onduldbare hinder. • Toevoeging van sub d waardoor de meldingsmogelijkheid meer is toegespitst op kortdurende (straat)feesten e.d. • Toevoeging van de minimale doorrijdhoogte (sub e) waarborgt de doorgang voor hulpdiensten. • Versoepeling van sub f zorgt voor verruiming van de meldingsmogelijkheid en is hierdoor meer toegespitst op straatfeesten e.d. zonder dat afbreuk wordt gedaan aan de openbare veiligheid. • Lid 6 toevoeging waardoor de bepaling van toepassing is op het behandelen van de vergunning. Was 2:25a Beslistermijn

Wordt 2:25a Vervallen

In afwijking van het bepaalde in artikel 1:2, eerste lid, beslist de burgemeester op een aanvraag voor een vergunning voor een evenement: a. binnen drie weken voorafgaand aan het evenement, indien sprake is van een Aevenement; b. binnen dertien weken voorafgaand aan het evenement, indien sprake is van een B- of C-evenement. c. Op de aanvraag om vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing. Toelichting: Dit artikel mag in zijn geheel komen te vervallen. De beslistermijn is al geregeld in artikel 1:2 APV. De indieningstermijn is geregeld in artikel 2:25d Indieningstermijnen en -vereisten. Was 2:25b Weigeringsgronden

Wordt 2:25b Weigeringsgronden

In afwijking van het bepaalde in artikel 1:8 kan de burgemeester de vergunning geheel of gedeeltelijk weigeren: a. ter bescherming van het woon- en leefklimaat in de omgeving van het evenement; b. als het evenement gepaard gaat met een onevenredig beroep op de beschikbare inzet van politie en andere hulpverleningsdiensten; c. als de organisator in de afgelopen drie jaar een bestuurlijke sanctie als bedoeld in artikel 5:2 van de Algemene wet bestuursrecht is opgelegd vanwege het overtreden van het bepaalde bij of krachtens deze afdeling bepaalde of de bij of krachtens een vergunning gegeven voorschriften of beperkingen; d. als de organisator of de aanvrager van de vergunning voor een vechtsportevenement als bedoeld in artikel 2:24, tweede lid onder f, van slecht levensgedrag is.

Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan de burgemeester de vergunning geheel of gedeeltelijk weigeren: a. ter bescherming van het woon- en leefklimaat in de omgeving van het evenement; b. als het evenement gepaard gaat met een onevenredig beroep op de beschikbare inzet van politie en andere hulpverleningsdiensten; c. als de organisator in de afgelopen drie jaar een bestuurlijke sanctie als bedoeld in artikel 5:2 van de Algemene wet bestuursrecht is opgelegd vanwege het overtreden van het bepaalde bij of krachtens deze afdeling bepaalde of de bij of krachtens een vergunning gegeven voorschriften of beperkingen; d. als de organisator of de aanvrager van de vergunning voor een vechtsportevenement als bedoeld in artikel 2:24, tweede lid onder f, van slecht levensgedrag is; e het evenement niet past binnen het evenementenbeleid van Krimpenerwaard.

Toelichting: • Herstellen van foutieve woordkeuze, omdat de bepalingen in artikel 1:8 onverminderd van toepassing zijn op de gehele APV en de weigeringsgronden onder artikel 2:25b a t/m e hierop aanvullend zijn specifiek voor aanvragen van evenementenvergunningen. • Toevoeging van sub e waarborgt toepassing(sbereik) van het evenementenbeleid als afwijzingsgrond. Was

Wordt

2:25d Indieningstermijnen en -vereisten

2:25d Indieningstermijnen en -vereisten

1. Een volledige aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 2:25, eerste lid, 1. Een volledige aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 2:25, eerste lid, wordt ingediend: wordt ingediend: a. 3 weken voorafgaande aan een categorie a evenement; a. tenminste 3 weken voorafgaande aan een categorie a evenement; b. 13 weken voorafgaande aan een categorie b evenement; b. tenminste 13 weken voorafgaande aan een categorie b of c evenement. c. 13 weken voorafgaande aan een categorie c evenement. . Toelichting: • Toevoeging dat een aanvraag in ieder geval resp. 3 à 13 weken voorafgaand aan de aanvang van het evenement moet zijn ingediend. • Sub b en c zijn samengevoegd.

Was Artikel 2:27 Definities

Wordt 2:27 Definities

1. In deze afdeling wordt verstaan onder: a. Openbare inrichting: de voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was logies wordt verstrekt of dranken worden geschonken of spijzen voor directe consumptie ter plaatse worden verstrekt of bereid dan wel gelegenheid wordt gegeven anders dan om niet enigerlei eet- of drinkwaar te verkrijgen, af te halen of te verbruiken;

1. In deze afdeling wordt verstaan onder: a. Openbare inrichting: I. een hotel, restaurant, pension, café, waterpijpcafé, cafetaria, snackbar, discotheek, buurthuis, clubhuis, afhaalpunten, take away en maaltijdbezorging; II. elke andere voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was logies

b. terras: een buiten de besloten ruimte van de openbare inrichting liggend deel daarvan waar sta- of zitgelegenheid kan worden geboden en waar tegen vergoeding dranken kunnen worden geschonken of spijzen voor directe consumptie ter plaatse kunnen worden bereid of verstrekt, waaronder in ieder geval een terras, maakt voor de toepassing van deze afdeling deel uit van die besloten ruimte. 2. Onder een openbare inrichting wordt in ieder geval verstaan: een hotel, restaurant, pension, café, waterpijpcafé, cafetaria, snackbar, discotheek, buurthuis, clubhuis, afhaalpunten, take away en maaltijdbezorging. Onder openbare inrichting wordt ook verstaan een bij deze openbare inrichting behorend terras en andere aanhorigheden. 3. Exploitant: de natuurlijke persoon of de rechtspersoon, voor wiens rekening en risico de openbare inrichting wordt gedreven, en de bestuurders van de rechtspersoon of hun gevolmachtigden. 4. Leidinggevende: de natuurlijke persoon die de onmiddellijke feitelijke leiding uitoefent in een openbare inrichting. Toelichting: De inhoud is hetzelfde, alleen de volgorde gewijzigd / logischer.

wordt verstrekt of dranken worden geschonken of spijzen voor directe consumptie ter plaatse worden verstrekt of bereid dan wel gelegenheid wordt gegeven anders dan om niet enigerlei eet- of drinkwaar te verkrijgen, af te halen of te verbruiken. b. Terras: een buiten de besloten ruimte van de openbare inrichting liggend deel daarvan waar sta- of zitgelegenheid kan worden geboden en waar tegen vergoeding dranken kunnen worden geschonken of spijzen voor directe consumptie ter plaatse kunnen worden bereid of verstrekt, waaronder in ieder geval een terras, maakt voor de toepassing van deze afdeling deel uit van die besloten ruimte. c. exploitant: de natuurlijke persoon of de rechtspersoon, voor wiens rekening en risico de openbare inrichting wordt gedreven, en de bestuurders van de rechtspersoon of hun gevolmachtigden. d. leidinggevende: de natuurlijke persoon die de onmiddellijke feitelijke leiding uitoefent in een openbare inrichting.

Was Artikel 2:28 Exploitatie openbare inrichting

Wordt Artikel 2:28 Exploitatie openbare inrichting

2. Geen vergunning is vereist voor een openbare inrichting die zich bevindt in: a. een winkel als bedoeld in artikel 1 van de Winkeltijdenwet voor zover de activiteiten van de openbare inrichting een nevenactiviteit vormen van de winkelactiviteit; b. een zorginstelling; c. een museum; d. een bedrijfskantine of –restaurant; e. een rouwcentrum, begraafplaats of crematorium.

2. Geen vergunning is vereist voor een openbare inrichting die zich bevindt in: a. een winkel als bedoeld in artikel 1 van de Winkeltijdenwet voor zover de activiteiten van de openbare inrichting een nevenactiviteit vormen van de winkelactiviteit en hiervoor dezelfde sluitingstijden gelden als voor de winkel; b. een zorginstelling; c. een museum, theater, bioscoop en een andere inrichting voor vermaak, waarvan de horeca alleen tijdens reguliere openingstijden of rondom voorstellingen geëxploiteerd wordt; d. een bedrijfskantine of –restaurant; e. een rouwcentrum, begraafplaats of crematorium; f. een kantine in een paracommerciële inrichting die wordt geëxploiteerd door die paracommerciële rechtspersoon.

Toelichting: • Toevoeging in sub a zorgt ervoor dat de Winkeltijdenwet en Verordening winkeltijden van toepassing zijn / blijven. • Toevoeging in sub c zorgt ervoor dat openbare inrichtingen, waarvan het aanbieden van horeca een nevenactiviteit is, worden uitgesloten van de vergunningplicht en de horeca-activiteit wordt beperkt tot (de openingstijden van) de hoofdactiviteit. • Toevoeging van sub f zorgt ervoor dat deze openbare inrichtingen zijn vrijgesteld van de exploitatievergunning plicht.

Was

Wordt

2:28c Weigeringsgronden

2:28c Weigeringsgronden

2. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:6 en artikel 1:8 kan de burgemeester de vergunning geheel of gedeeltelijk weigeren als: a. naar zijn oordeel zich in of vanuit de openbare inrichting feiten hebben voorgedaan of het aannemelijk is dat in de toekomst zich feiten gaan voordoen waardoor de openbare orde of de woon- of leefsituatie in de omgeving van de openbare inrichting op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed;b. de wijze van bedrijfsvoering van een leidinggevende van de openbare inrichting in deze of in andere openbare inrichtingen daarvoor aanleiding geeft. a. naar zijn oordeel zich in of vanuit de openbare inrichting feiten hebben voorgedaan of het aannemelijk is dat in de toekomst zich feiten gaan voordoen waardoor de openbare orde of de woon- of leefsituatie in de omgeving van de openbare inrichting op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed; b. de wijze van bedrijfsvoering van een leidinggevende van de openbare inrichting in deze of in andere openbare inrichtingen daarvoor aanleiding geeft. Toelichting: Aanpassing in verband met dubbele tekst in huidige APV

2. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:6 en artikel 1:8 kan de burgemeester de vergunning geheel of gedeeltelijk weigeren als: a. naar zijn oordeel zich in of vanuit de openbare inrichting feiten hebben voorgedaan of het aannemelijk is dat in de toekomst zich feiten gaan voordoen waardoor de openbare orde of de woon- of leefsituatie in de omgeving van de openbare inrichting op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed; b. de wijze van bedrijfsvoering van een leidinggevende van de openbare inrichting in deze of in andere openbare inrichtingen daarvoor aanleiding geeft.

Was 2:28h Intrekken vergunning

Wordt 2:28h Intrekken vergunning

1. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:6 trekt de burgemeester de vergunning in als niet langer wordt voldaan aan artikel 2:28a;

1. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:6 trekt de burgemeester de vergunning in als niet langer wordt voldaan aan artikel 2:28b;

2. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:6 kan de burgemeester de vergunning intrekken als: a. aannemelijk is dat een leidinggevende betrokken is of hem ernstige nalatigheid kan worden verweten bij activiteiten in of vanuit de openbare inrichting die een gevaar opleveren voor de openbare orde of een bedreiging vormen voor het woonof leefklimaat in de omgeving van de openbare inrichting; b. een leidinggevende toestaat of gedoogd dat in de openbare inrichting strafbare feiten worden gepleegd; c. zich in of vanuit de openbare inrichting anderszins feiten hebben voorgedaan die de vrees wettigen dat het geopend blijven van de openbare inrichting gevaar oplevert voor de openbare orde of een bedreiging van het woon- of leefklimaat in de omgeving van de openbare inrichting; d. is gehandeld in strijd met het in deze afdeling bepaalde; e. een leidinggevende zich schuldig maakt aan discriminatie; f. de vergunninghouder in het artikel 2:28f bedoelde geval geen melding als bedoeld in dat artikel heeft gedaan. g. een vergunninghouder in een periode van twee jaar tenminste drie maal op grond van artikel 2:28f om bijschrijving van een persoon op het aanhangsel bij de vergunning heeft verzocht en de burgemeester die wijziging van het aanhangsel tenminste driemaal heeft geweigerd op grond artikel 2:28f, vierde lid;

2. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:6 kan de burgemeester de vergunning intrekken als: a. aannemelijk is dat een leidinggevende betrokken is of hem ernstige nalatigheid kan worden verweten bij activiteiten in of vanuit de openbare inrichting die een gevaar opleveren voor de openbare orde of een bedreiging vormen voor het woonof leefklimaat in de omgeving van de openbare inrichting; b. een leidinggevende toestaat of gedoogd dat in de openbare inrichting strafbare feiten worden gepleegd; c. zich in of vanuit de openbare inrichting anderszins feiten hebben voorgedaan die de vrees wettigen dat het geopend blijven van de openbare inrichting gevaar oplevert voor de openbare orde of een bedreiging van het woon- of leefklimaat in de omgeving van de openbare inrichting; d. is gehandeld in strijd met het in deze afdeling bepaalde; e. een leidinggevende zich schuldig maakt aan discriminatie; f. de vergunninghouder in het artikel 2:28g bedoelde geval geen melding als bedoeld in dat artikel heeft gedaan. g. een vergunninghouder in een periode van twee jaar tenminste drie maal op grond van artikel 2:28g om bijschrijving van een persoon op het aanhangsel bij de vergunning heeft verzocht en de burgemeester die wijziging van het aanhangsel tenminste driemaal heeft geweigerd op grond artikel 2:28g, vierde lid;

h. een vergunninghouder daarom verzoekt. Toelichting: verwijzing naar de juiste artikelen

h. een vergunninghouder daarom verzoekt.

Was Artikel 2:29 Openings- en sluitingstijden

Wordt Artikel 2:29 Openings- en sluitingstijden

Toelichting: dit artikel staat door publicatiefout twee maal in de APV. Hiervan is het eerste artikel (degene met sub 1 t/m 9) de juiste versie. Was -

Wordt 2:34c Proeverij in slijtlokaliteit

1. Slijtersbedrijven zijn vrijgesteld van het in artikel 3, eerste lid, en het in artikel 14, eerste lid, van de Alcoholwet vervatte verbod, ten behoeve van het tegen betaling organiseren van een proeverij in hun slijtlokaliteit. 2. De vrijstelling geldt alleen buiten de reguliere openingstijden van de slijtlokaliteit, maar wel binnen de tijden waarop de slijterij bij of krachtens de Winkeltijdenwet geopend mag zijn. Toelichting: De Alcoholwet (artikel 25e) maakt het sinds 1 juli 2021 mogelijk dat gemeenten bij verordening bepalen dat slijterijen proeverijen mogen organiseren. De raad van de gemeente Krimpenerwaard is hiertoe overgegaan. De vrijstelling geldt voor alle slijterijen in de gemeente. Het Alcoholbesluit bevat nadere voorwaarden waaraan een proeverij moet voldoen. De proeverij mag alleen plaatsvinden buiten de normale openingstijden van de slijterij, maar wel binnen de tijden waarop de slijterij bij of krachtens de Winkeltijdenwet geopend mag zijn. De slijterij moet gedurende de proeverij gesloten zijn voor klanten. Er mag per slijterij slechts één proeverij per dag worden georganiseerd en maximaal drie proeverijen per week. De kosten voor deelname moeten voorafgaand aan de proeverij door een leidinggevende bij het slijtersbedrijf zijn vastgesteld. Ook de deelnemers moeten bekend zijn bij het slijtersbedrijf voordat de proeverij plaatsvindt.

De slijterij mag tijdens of na afloop van de proeverij alleen die drank voor thuisgebruik verkopen die tijdens de proeverij wordt geschonken. De verkoop van andere soorten drank tijdens of na afloop van de proeverij is dus uitdrukkelijk niet toegestaan.

Was 2:39 Speelgelegenheden

Wordt 2:39 Speelgelegenheden

2. Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Wet op de kansspelen [of de [citeertitel speelautomatenhallenverordening]].

2. Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Wet op de kansspelen.

3. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 weigert de burgemeester de vergunning als: a. naar zijn oordeel moet worden aangenomen dat de woon- en leefsituatie in de omgeving van de speelgelegenheid of de openbare orde op ontoelaatbare wijze nadelig worden beïnvloed door de exploitatie van de speelgelegenheid; of b. de exploitatie van de speelgelegenheid in strijd is met het bestemmingsplan.

3. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 weigert de burgemeester de vergunning als: a. naar zijn oordeel moet worden aangenomen dat de woon- en leefsituatie in de omgeving van de speelgelegenheid of de openbare orde op ontoelaatbare wijze nadelig worden beïnvloed door de exploitatie van de speelgelegenheid; of b. de exploitatie van de speelgelegenheid in strijd is met het omgevingsplan.

Toelichting: • Lid 2 Door het ontbreken van een speelautomatenhallen verordening kan de zinsnede worden weggelaten.

•

Lid 3 sub b verwijzingstekst naar verouderde regelgeving aangepast

Was Artikel 2:49 Verboden gedrag bij of in gebouwen

Wordt Artikel 2:49 Verboden gedrag bij of in gebouwen

1.Het is verboden zonder redelijk doel: a. zich in een portiek, poort of onder een overkapping op te houden; b.in, op of tegen een raamkozijn, of een drempel van een gebouw te zitten of te liggen. Toelichting: Toevoeging o.v.v. politie. Deze toevoeging kan hen (en de Boa’s ) helpen bij overlastsituaties. 1. Het is verboden zonder redelijk doel: a. zich in een portiek of poort op te houden; b. in, op of tegen een raamkozijn te zitten of te liggen.

Was 3:7 Weigeringsgronden

Wordt 3:7 Weigeringsgronden

i. de exploitant of beheerder minder dan vijf jaar geleden voor de dag dat de i. de exploitant of beheerder minder dan vijf jaar geleden voor de dag dat de vergunning wordt aangevraagd, bij meer dan één rechterlijke uitspraak of vergunning wordt aangevraagd, bij meer dan één rechterlijke uitspraak of strafbeschikking onherroepelijk veroordeeld is tot een onvoorwaardelijke geldboete strafbeschikking onherroepelijk veroordeeld is tot een onvoorwaardelijke geldboete van 500,- euro of meer of tot een andere hoofdstraf als bedoeld in artikel 9, eerste van 500,- euro of meer of tot een andere hoofdstraf als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onder a, van het Wetboek van Strafrecht , wegens dan wel mede wegens lid, onder a, van het Wetboek van Strafrecht , wegens dan wel mede wegens overtreding van: overtreding van: 1°. bepalingen, gesteld bij of krachtens de Drank- en Horecawet, de Opiumwet, de 1°. bepalingen, gesteld bij of krachtens de Alcoholwet, de Opiumwet, de Vreemdelingenwet 2000 , de Wet arbeid vreemdelingen en hoofdstuk 3 van de Vreemdelingenwet 2000 , de Wet arbeid vreemdelingen en hoofdstuk 3 van de [citeertitel APV]; Algemene plaatselijke verordening Krimpenerwaard 2018; ….. ….. Toelichting: De Drank- en Horecawet is per 01-06-2021 vervangen door de Alcoholwet en vermelding van de citeertitel van de APV. Was 5:13 Inzameling van geld of goederen

Wordt 5:13 Inzameling van geld of goederen

4. Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing. Toelichting: Door het ontbreken van een vergunning- of ontheffingsmogelijkheid kan lid 4 komen te vervallen. Was Artikel 5:8 Grote voertuigen

Wordt Artikel 5:8 Grote voertuigen

1. Het is verboden een voertuig dat, met inbegrip van de lading, een lengte heeft van meer dan 6 meter of een hoogte van meer dan 2,4 meter te parkeren op een

1. Het is verboden een voertuig dat, met inbegrip van de lading, een lengte heeft van meer dan 6 meter of een hoogte van meer dan 2,4 meter te parkeren op een

door het college aangewezen plaats, waar dit naar zijn oordeel schadelijk is voor het uiterlijk aanzien van de gemeente. 2. Het is verboden een voertuig dat, met inbegrip van de lading, een lengte heeft van meer dan 6 meter te parkeren op een door het college aangewezen weg, waar dit naar zijn oordeel buitensporig is met het oog op de verdeling van beschikbare parkeerruimte. 3. Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing op campers, kampeerauto’s, caravans en kampeerwagens, voor zover deze voertuigen niet langer dan drie achtereenvolgende dagen op de weg worden geplaatst of gehouden.

door het college aangewezen plaats, waar dit naar zijn oordeel schadelijk is voor het uiterlijk aanzien van de gemeente. 2. Het is verboden een voertuig dat, met inbegrip van de lading, een lengte heeft van meer dan 6 meter te parkeren op een door het college aangewezen weg, waar dit naar zijn oordeel buitensporig is met het oog op de verdeling van beschikbare parkeerruimte. 3. Het eerste en tweede lid zijn niet van toepassing op voertuigen ten behoeve van de markt tijdens markttijden of op standplaatsen, alsmede op campers, kampeerauto’s, caravans, kampeerwagens en voertuigen die t.b.v. werkzaamheden voor nutsvoorzieningen in geval van een calamiteit ingezet moeten worden, voor zover deze voertuigen niet langer dan drie achtereenvolgende dagen op de weg worden

4. Het tweede lid is voorts niet van toepassing op werkdagen van maandag tot en met vrijdag, dagelijks van 08.00 tot 18.00 uur.

4. Het tweede lid is voorts niet van toepassing op werkdagen van maandag tot en met vrijdag, dagelijks van 08.00 tot 18.00 uur.

5. Het college kan ontheffing verlenen van de verboden.

5. Het college kan ontheffing verlenen van de verboden.

6. Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.

6. Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.

Toelichting: Oasen heeft verzoek om ontheffing in eerste instantie gevraagd omdat hun nieuwe elektrische auto’s net binnen deze richtlijnen vallen. Ook andere organisaties die werken aan elementaire voorzieningen zijn hiermee geholpen. Op de markten wordt steeds meer gewerkt vanuit zogenaamde verkoopwagens, met deze toevoeging kan dit ook binnen de regels van de APV. Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Krimpenerwaard, gehouden op 27 januari 2026. de griffier,

de voorzitter,

S. van Dijk

ir. J. Beenakker

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Krimpenerwaard&id=b08625e1-30c1-41c2-a81f-e4c2afeede76