Bijlage 1 Toelichting en planregels BP Tiendweg 27a en 27b, Krimpen aan de Lek
Tekst van het document
Deze omzetting gaat niet gepaard met extra bebouwing of verharding. Per saldo blijft het verhard oppervlak gelijk. Dit betekent dat op grond van de richtlijnen van het hoogheemraadschap geen watercompensatie nodig is. Afvalwaterketen en riolering Het hemelwater wordt afgevoerd naar het oppervlaktewater. Afvalwater is aangesloten op de bestaande gemeentelijke riolering overeenkomstig de door de gemeente gestelde eisen. Conclusie De Watertoets is via www.dewatertoets.nl op 13 mei 2021 (dossiercode 20210513-40-26460) uitgevoerd. Het wateradvies is opgenomen in Bijlage 2. Op basis hiervan is geconcludeerd dat er geen waterstaatkundige belangen zijn. Het hoogheemraadschap geeft daarom een positief wateradvies. Vanuit waterhuishoudkundige overwegingen bestaan er geen bezwaren tegen de gevraagde planontwikkeling.
28
Toelichting
bestemmingsplan Tiendweg 27a en 27b, Krimpen aan de Lek
Figuur 5: Uitsnede Legger oppervlaktewatersystemen.
4.3
Archeologie en cultuurhistorie
Wettelijk kader In 1992 is het Verdrag van Malta tot stand gekomen en in 1998 door Nederland geratificeerd. Doelstelling van het verdrag is de bescherming en het behoud van archeologische waarden. Als gevolg van dit verdrag wordt in het kader van de ruimtelijke ordening het behoud van het archeologisch erfgoed meegewogen zoals alle andere belangen die bij de voorbereiding van het plan een rol spelen. In het verdrag van Malta wordt gesteld dat archeologie van wezenlijk belang is voor de geschiedschrijving van de mensheid. Het verdrag is erop gericht deze waarden voor de toekomst te behouden. De gehanteerde uitgangspunten zijn: archeologische waarden zoveel mogelijk in de bodem bewaren (behoud in situ); in ruimtelijke ordening (planvorming) al rekening houden met archeologische waarden; de bodemverstoorder betaalt archeologisch vooronderzoek en mogelijke opgravingen. Het verdrag is geïmplementeerd in de Erfgoedwet die per 1 juli 2016 in werking is getreden. Deze wet is in de plaats gekomen van 6 wetten en regelingen op het gebied van cultureel erfgoed. De gemeenten zijn verplicht om bij het vaststellen van ruimtelijke plannen rekening te houden met eventueel aanwezige archeologische waarden. 4.3.1 Cultuurhistorische Hoofdstructuur Zuid-Holland In de Cultuurhistorische Hoofdstructuur Zuid-Holland (provincie Zuid-Holland) ligt het plangebied aan een rivierdijk.
Op de archeologische waardekaart is er onderscheid gemaakt in drie kleuren categorieën (drie tinten bruin). De toekenning van een (zeer) grote, redelijke of lage kans op sporen (kleuren donker-, middel- en lichtbruin) heeft betrekking op de relatieve dichtheid van archeologische vondsten die in een bepaald gebied verwacht wordt. De witte gebieden hebben een lage trefkans. De plankaart laat zien dat er in het plangebied een grote kans op archeologische sporen is dieper dan 5 m maaiveld in stroomgordels en geulafzettingen in de Formatie van Echteld. Er vinden geen grondingrepen plaats, zodat er geen belemmeringen zijn.
Toelichting
29
bestemmingsplan Tiendweg 27a en 27b, Krimpen aan de Lek
4.3.2 Gemeentelijke beleidsnota archeologie De gemeenteraad van Krimpenerwaard heeft op 13 december 2016 de Archeologienota Krimpenerwaard vastgesteld. Deze nota schept duidelijkheid over de archeologische waarden binnen de gemeente en geeft richtlijnen over de omgang hiermee. Op grond van de archeologische beleidskaart (zie figuur 6) heeft het plangebied een middelhoge trefkans, waarbij in beginsel een onderzoekseis geldt voor bodemingrepen dieper dan 3 m –Mv en een plangebied groter dan 2.500 m². Later is in het bestemmingsplan 'Landelijk gebied (voormalige gemeente Nederlek) de dubbelbestemming 'Waarde Archeologie' opgenomen, waarbij onderscheid gemaakt in twee verschillende verwachtingswaarden. Deze zijn overgenomen in dit bestemmingsplan. Een archeologisch onderzoek kan achterwege worden gelaten, omdat er geen bodemingrepen plaatsvinden. Het is niet volledig uit te sluiten dat er in de binnen het plangebied archeologische resten voorkomen. Het verdient daarom aanbeveling om de uitvoerder van toekomstig grondwerk te wijzen op de plicht archeologische vondsten te melden bij de bevoegde overheid, zoals aangegeven in artikel 5.10 van de Erfgoedwet. Conclusie Het initiatief tast de archeologische waarden niet aan, zodat er vanuit dit gezichtspunt geen beperkingen worden gesteld aan deze planontwikkeling. Hiermee is dit bestemmingsplan uitvoerbaar ten aanzien van archeologie.
Figuur 6: Uitsnede Archeologische beleidsadvieskaart (plangebied geel gestippeld omlijnd). 4.3.3 Cultuurhistorie en monumenten Met ingang van 1 januari 2012 is het gewijzigde Besluit ruimtelijke ordening (Bro) in werking getreden. Het voorstel tot wijziging is een uitvloeisel van de Beleidsbrief Modernisering Monumentenzorg (MoMo) uit 2009. Op basis van artikel 3.1.6, vijfde lid, onderdeel a Bro moeten naast de in de grond aanwezige of te verwachten monumenten ook cultuurhistorische waarden worden meegewogen bij het vaststellen van bestemmingsplannen. In het plangebied staat een boerderijwoning die karakteristieke waarde heeft zoals beschreven in paragraaf 2.2.1. Om de cultuurhistorische waarden te beschermen is de aanduiding 'Karakteristiek'
30
Toelichting
bestemmingsplan Tiendweg 27a en 27b, Krimpen aan de Lek
opgenomen. Verder zijn in de algemene bouwregels bepalingen opgenomen dat het niet is toegestaan om het hoofdgebouw te slopen zonder sloopvergunning. Conclusie Het initiatief draagt bij aan het behouden van de cultuurhistorische waarden door het opnemen van de aanduiding 'Karakteristiek'. Cultuurhistorisch erfgoed blijft hierdoor behouden.
Toelichting
31
bestemmingsplan Tiendweg 27a en 27b, Krimpen aan de Lek
4.4
Flora en fauna
Wettelijk kader Op 1 januari 2017 is de Wet Natuurbescherming in werking getreden. Deze wet vervangt 3 wetten: de Natuurbeschermingswet 1998, de Flora- en faunawet en de Boswet. Doelen van de Wet natuurbescherming zijn het beschermen en ontwikkelen van de natuur, het behouden en herstellen van biologische diversiteit en het doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de natuur en het verzekeren van een samenhangend beleid gericht op het behoud en beheer van waardevolle landschappen. De Wet Natuurbescherming zorgt voor bescherming van gebieden, diersoorten, plantensoorten en bossen. In de wet blijft de bescherming van Natura 2000-gebieden vrijwel hetzelfde. De bescherming van Beschermde Natuurmonumenten is komen te vervallen. Wel kunnen provincies ervoor kiezen om deze gebieden alsnog te beschermen via het provinciale beleid. De provincie voegt dan gebieden toe aan het Natuurnetwerk Nederland (NNN), voorheen de Ecologische hoofdstructuur (EHS) of wijst ze aan als bijzonder provinciaal natuurgebied of -landschap. Onderzoek/ beoordeling Het plangebied maakt geen onderdeel uit van een Natura2000-gebied of beschermd natuurmonument. Het dichtstbijzijnde Natura2000-gebied 'Boezems Kinderdijk' ligt circa 1,4 km zuidoostelijk van het plangebied. Het Natura2000-gebied 'Donkse Laagten' ligt circa 8,5 km zuidoostelijker.
Het Natura2000-gebied 'Oude Maas' ligt 8,7 km zuidwestelijk van het plangebied. Er is alleen sprake van een functie-aanpassing van een bestaand perceel, zodat deze Natura2000-gebieden niet worden beïnvloed. Evenmin worden (significante) externe effecten op Natura2000-gebieden verwacht als gevolg van deze aanpassing. Ten zuiden van het plangebied ligt bestaande en nieuwe natuur van Natuurnetwerk Nederland op minimaal 380 m afstand (figuur 7). Ook heeft de planontwikkeling geen nadelige gevolgen voor de oostelijk gelegen ecologische hoofdstructuur.
Figuur 7: NNN in de directe omgeving van het plangebied (plangebied met rode stip aangegeven.) Stikstofdepositie Natura2000-gebieden kunnen gevoelig zijn voor stikstofdepositie. Het op 1,4 zuidoostelijk gelegen
32
Toelichting
bestemmingsplan Tiendweg 27a en 27b, Krimpen aan de Lek
Natura2000-gebied 'Boezem Kinderdijk' en op 8,5 km zuidoostelijk gelegen Natura2000-gebied 'Donkse Laagten' betreffen een Vogelrichtlijn en zijn niet stikstofrelevante Habitatrichtlijngebieden. Daarnaast zijn delen van de 'Uiterwaarden Lek' aangeduid als Natura2000-gebied, welke wel stikstof relevant is. Ten opzichte van de bestaande planologische situatie is er geen sprake van extra verkeersbewegingen, omdat er uitsluitend sprake is van een functiewijziging zonder dat er nieuwbouw plaatsvindt, zodat gesteld kan worden dat er geen toename van N-emissie plaatsvindt. Belangrijke nadelige milieugevolgen voor de natuur vallen hierdoor op voorhand uit te sluiten. Het aspect stikstofdepositie vormt voor dit bestemmingsplan geen belemmering. 4.4.1 Effect vergunnen activiteiten Onderhavig initiatief voorziet uitsluitend in een functie-aanpassing van het plangebied. Er vinden voorts geen kap- of snoeiwerkzaamheden plaats van aanwezig groen. De kans is dan ook nihil dat de voorgenomen activiteit een schadelijk effect heeft op beschermde soorten. Dit in combinatie met voortzetting van het gebruik maakt dat hier geen te beschermen ecologische waarden verwacht worden. Om deze reden wordt vanuit een goede ruimtelijke ordening nader onderzoek niet noodzakelijk geacht.
Algemene zorgplicht De Wet natuurbescherming bepaalt dat eenieder die weet dat zijn of haar handelen nadelige gevolgen voor flora of fauna veroorzaakt, verplicht is om maatregelen te nemen (voor zover redelijkerwijs kan worden gevraagd) die deze negatieve gevolgen zoveel mogelijk voorkomen, beperken of ongedaan maken. Wanneer er toch beschermde soorten worden gevonden, dan zal hiervoor tijdig ontheffing worden aangevraagd. Conclusie Gelet op het vorenstaande kan worden geconcludeerd er vanuit de gebiedsbescherming en soortenbescherming geen belemmeringen bestaan tegen deze planontwikkeling.
4.5
Overige realiserings- en uitvoeringsaspecten
4.5.1 Kabels en leidingen In het plangebied liggen naast de gebruikelijke kabels en leidingen geen planologisch relevante watertransportleidingen en gastransportleidingen, zodat een beschermende regeling niet nodig is.
Toelichting
33
bestemmingsplan Tiendweg 27a en 27b, Krimpen aan de Lek
34
Toelichting
bestemmingsplan Tiendweg 27a en 27b, Krimpen aan de Lek
Hoofdstuk 5 5.1
Juridische planbeschrijving
Algemeen
In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de wijze waarop de ruimtelijke en functionele ontwikkelingen een vertaling hebben gekregen in de juridisch bindende onderdelen van het bestemmingsplan, de plankaart (de verbeelding van de geometrische plaatsbepaling) en de regels.
5.2
Verbeelding
Op de verbeelding (plankaart), getekend op een kadastrale ondergrond (GBKN) schaal 1:500, zijn door middel van coderingen (via combinatie van letteraanduidingen, arceringen en/of kleur) de bestemmingen aangegeven. Gekozen is voor een gedetailleerd bestemmingsplan.
5.3
Regels
De regels bevatten het juridisch instrumentarium voor het regelen van het gebruik van de gronden en bepalingen omtrent de toegelaten bebouwing. De regels zijn, overeenkomstig de SVBP 2012, onderverdeeld in vier hoofdstukken: Hoofdstuk 1 bevat de inleidende regels. In artikel 1 zijn de begrippen opgenomen die van belang zijn voor de toepassing van de regels. Artikel 2 betreft de wijze van meten, waarin is aangegeven hoe bij de toepassing van de bestemmingsregels wordt gemeten. Hoofdstuk 2 bevat de bestemmingsregels. In dit hoofdstuk zijn per bestemming regels opgenomen voor het toegestane gebruik en de toegestane bebouwing van de gronden. In paragraaf 5.3.2 wordt nader ingegaan op de bestemmingen die voorkomen binnen het plangebied. Hoofdstuk 3 bevat de algemene regels. Het betreft regels die voor het hele plangebied of voor verschillende bestemmingen van toepassing zijn. In dit hoofdstuk zijn de anti-dubbeltelregel, algemene bouw- en gebruiksregels, algemene aanduidingsregels, algemene afwijkingsregels en overige regels voor parkeren opgenomen. Hoofdstuk 4 bevat twee artikelen. In het eerste artikel is het overgangsrecht opgenomen, zoals dat ingevolge het Besluit ruimtelijke ordening is voorgeschreven. Het tweede artikel bevat de slotregel. In de slotregel is aangegeven hoe de regels kunnen worden aangehaald. 5.3.1 Inleidende regels Dit hoofdstuk bevat 2 artikelen.
Artikel 1 Begrippen In het artikel 'Begrippen' wordt een aantal in de planregels voorkomende begrippen nader omschreven. Door de omschrijving wordt de interpretatie van deze begrippen beperkt, waarmee de duidelijkheid van het plan en daarmee de rechtszekerheid wordt vergroot. Wijze van meten Artikel 2 In het artikel 'Wijze van meten' wordt aangegeven hoe de in het plan voorgeschreven maatvoeringen dienen te worden bepaald.
Toelichting
35
bestemmingsplan Tiendweg 27a en 27b, Krimpen aan de Lek
5.3.2 Bestemmingsregels Artikel 3 Wonen De op de kaart voor 'Wonen' aangeduide gronden zijn, met inachtneming van de nadere aanduidingen, bestemd voor gebouwen en andere voorzieningen ten behoeve van de huisvesting van personen. Binnen deze bestemming zijn de volgende bouwwerken toegestaan: hoofdgebouwen, bijbehorende bouwwerken, zoals bijgebouwen, aan- of uitbouwen en andere bouwwerken. In de regels zijn onder meer de toegestane goot- en bouwhoogte van het hoofdgebouw vastgelegd. Uitgangspunt is een maximum inhoudsmaat van de woning van 715 m³. Met betrekking tot de situering van het hoofdgebouw is op de verbeelding een bouwvlak ingetekend, waarin het hoofdgebouw gesitueerd dient te worden. Het bouwvlak is opgenomen op basis van bestaande bebouwing. Voor bijbehorende bouwwerken is de maximale oppervlakte op de volgende wijze gerelateerd aan de perceelsgrootte: Grootte achtererfgebied Maximale gezamenlijke oppervlakte bijbehorende bouwwerken < 500 m² 50 m² 500 - 750 m² 75 m² 750 m² 100 m² Artikel 4 Waarde - Archeologie In het plangebied komen archeologische gebieden met (middel)hoge archeologische verwachtingswaarden voor. Voor deze gebieden is, conform de beleidsadvieskaart behorend bij het archeologiebeleid, de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie' opgenomen.
Hierbij is onderscheid gemaakt in verschillende verwachtingswaarden, waarbij per categorie specifieke gebruiksregels gelden. Een onderzoeksplicht maakt eveneens deel uit van de bestemmingsregeling. 5.3.3 Algemene regels Dit hoofdstuk bevat meerdere artikelen die op de bestemmingen uit hoofdstuk 2 van toepassing zijn. Artikel 5 Anti-dubbeltelregel Het artikel 'Anti-dubbeltelregel' bevat een regeling waarmee wordt voorkomen dat met het bestemmingsplan strijdige situaties ontstaan of worden vergroot. Artikel 6 Algemene bouwregels In het artikel 'Algemene bouwregels' is een aantal aanvullende bouwregels opgenomen die voor alle bestemmingen kunnen gelden. Bijvoorbeeld extra bouwmogelijkheden voor ondergeschikte bouwdelen zoals balkons en kelders. Algemene gebruiksregels Artikel 7 In het artikel 'Algemene gebruiksregels' is een algemeen verbod opgenomen voor gebruik in strijd met de bestemmingen. Algemene aanduidingsregels Artikel 8 In de algemene aanduidingsregels is een zone opgenomen die over de bestemming heen ligt. Het betreft hier de milieuzone voor boringsvrije zone. Algemene afwijkingsregels Artikel 9 Het artikel 'Algemene afwijkingsregels' is gebaseerd op artikel 3.6, lid 1 onder c van de Wro en heeft onder meer tot doel enige flexibiliteit in de regels aan te brengen. Aan toepassing van de afwijkingsbevoegdheid dient een belangenafweging ten grondslag te liggen.
Dit artikel is een aanvulling op de afwijkingsregels uit de bestemmingen. Artikel 10 Overige regels In de 'Overige regels' zijn de regels over parkeren opgenomen met verwijzing naar de CROW-publicatie
36
Toelichting
bestemmingsplan Tiendweg 27a en 27b, Krimpen aan de Lek
381 (december 2018). Als regel wordt uitgegaan van de maximum parkeernorm. Voorts is in dit artikel een afwijkingsbevoegdheid opgenomen om te kunnen afwijken van de parkeernormen uit de CROW-publicatie 381 van december 2018. 5.3.4 Overgangs- en slotregels Het laatste hoofdstuk van de planregels bevat twee artikelen. Artikel 11 Overgangsrecht Het artikel 'Overgangsrecht' heeft ten doel de rechtstoestand te begeleiden van situaties die afwijken van de regels van het bestemmingsplan. Lid 1 van dit artikel geeft regels voor bouwwerken die op het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan gebouwd zijn of gebouwd kunnen worden, en die afwijken van de bebouwingsregels van het plan. Lid 2 van dit artikel regelt het gebruik van onbebouwde gronden en bouwwerken in het plan, voor zover dit gebruik op het tijdstip van de inwerkingtreding van het plan, afwijkt van de in het plan gegeven bestemming. Artikel 12 Slotregel Het artikel 'Slotregel' bevat de titel waaronder het bestemmingsplan kan worden geciteerd. Dit artikel wordt dan ook wel het citeerartikel genoemd.
5.4
Handhaving bestemmingsplan
Het ontwikkelen van beleid en de vertaling daarvan in een bestemmingsplan heeft alleen zin, indien na de vaststelling van het bestemmingsplan handhaving plaatsvindt. Daarom is het belangrijk om reeds ten tijde van het opstellen van een bestemmingsplan aandacht te besteden aan de handhaafbaarheid van de voorgeschreven regels. Vier factoren zijn van wezenlijk belang voor een goed handhavingsbeleid: 1. Voldoende kenbaarheid van het plan Een goed handhavingsbeleid begint bij de kenbaarheid van het bestemmingsplan bij degenen die het moeten naleven. De wet bevat enkele waarborgen ten aanzien van de te volgen procedure: deze heeft in de bestemmingsplanprocedure een aantal inspraakmomenten ingebouwd. 2. Voldoende maatschappelijk draagvlak voor beleid en regeling in het plan De inhoud van het plan kan slechts gehandhaafd worden indien het beleid en de regeling vanuit een oogpunt van algemeen belang aanvaardbaar is. De belangen van omwonenden worden hierbij vooraf gewogen in het kader van de inspraak. 3. Realistische en inzichtelijke regeling Een juridische regeling dient realistisch en inzichtelijk te zijn; dat wil zeggen niet onnodig beperkend of inflexibel. Bovendien moeten de bepalingen goed controleerbaar zijn. De regels moeten derhalve niet meer regelen dan noodzakelijk is. 4.
Actief handhavingsbeleid Het sluitstuk van een goed handhavingsbeleid is voldoende controle van de feitelijke situatie in het plangebied. Daarnaast moeten adequate maatregelen worden getroffen indien de regels worden overtreden. Indien dit wordt nagelaten, ontstaat een grote mate van rechtsonzekerheid. Conclusie Het bestemmingsplan is zodanig opgesteld met toelichting, regels en verbeelding dat handhaving op naleving hiervan goed mogelijk is.
Toelichting
37
bestemmingsplan Tiendweg 27a en 27b, Krimpen aan de Lek
38
Toelichting
bestemmingsplan Tiendweg 27a en 27b, Krimpen aan de Lek
Hoofdstuk 6 6.1
Uitvoerbaarheid en resultaten overleg
Economische uitvoerbaarheid
De gemeente en initiatiefnemer/exploitant van de planontwikkeling hebben over de economische uitvoerbaarheid van het plan overleg gehad. Het betreft een particulier voornemen waarvan de lasten door initiatiefnemer zullen worden gedragen. De planontwikkeling zal in overeenstemming zijn met provinciale, regionale en gemeentelijke uitgangspunten. Er is geen sprake van een bouwplan als bedoeld in artikel 6.12, lid 1 Wro, juncto artikel 6.2.1 Bro. Dit houdt in dat er geen exploitatieplan behoeft te worden vastgesteld. Wel is tussen initiatiefnemer en gemeente een planschadeovereenkomst aangegaan teneinde de planschaderisico's voor de gemeente af te dekken. De ambtelijke kosten worden gedekt door de leges. Hiermee is de ontwikkeling economisch uitvoerbaar.
6.2
Resultaten overleg ex artikel 3.1.1 Bro
In het kader van het overleg ingevolge artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening zal het ontwerp bestemmingsplan door middel van een E-formulier bij Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland worden aangemeld. De Watertoets is doorlopen via de Watertoets.nl. Hieruit bleek dat er vanuit waterhuishoudkundige overwegingen geen bezwaren zijn. De resultaten zijn verwerkt in paragraaf 4.2.
6.3
Communicatie
De bewoners/eigenaren van de Tiendweg 27b zijn door initiatiefnemer per e-mail van 26 mei 2021 op de hoogte gesteld. Zij hebben per e-mail van 28 mei 2021 medegedeeld het toegezonden concept bestemmingsplan te bestuderen en hierop zo nodig terug te komen.
6.4
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
Voor onderhavig ontwerpbestemmingsplan is de uniforme voorbereidingsprocedure gevolgd als bedoeld in artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening en Afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht. Het ontwerpbestemmingsplan met bijbehorende stukken heeft daartoe vanaf 24 november 2021 zes weken ter inzage gelegen. Gedurende de termijn van terinzagelegging is één schriftelijke zienswijze ontvangen. Deze is na overleg ingetrokken.
Toelichting
39
bestemmingsplan Tiendweg 27a en 27b, Krimpen aan de Lek
40
Toelichting
bestemmingsplan Tiendweg 27a en 27b, Krimpen aan de Lek
Bijlagen bij toelichting
Bijlagen bij toelichting
41
bestemmingsplan Tiendweg 27a en 27b, Krimpen aan de Lek
Bijlage 1 Bouwhistorisch onderzoek
42
Bijlagen bij toelichting
Bouwhistorische verkenning met waardenstelling
Tiendweg 27A, Krimpen aan den Lek Gemeente Krimpenerwaard (ZH)
Colofon Projectnummer In opdracht van Auteur Redactie Versie Status
A0567 A. van der Basch M.C. van Dam S. Moerman 1.2 definitief
© IDDS Archeologie en Bouwhistorie Noordwijk, april 2021 Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, foto kopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever
Bouwhistorische verkenning met waardestelling Tiendweg 27A, Krimpen aan den Lek, Gemeente Krimpenerwaard (ZH) Versie 1.2 (definitief)
INHOUDSOPGAVE: 1.
VOORWOORD ............................................................................................................................3
2.
HISTORISCHE INLEIDING EN BOUWHISTORISCHE SYNTHESE OP HOOFDLIJNEN ............4
3. BESCHRIJVING HUIDIGE SITUATIE ..........................................................................................7 3.1. Algemeen .................................................................................................................................7 3.2. Exterieur...................................................................................................................................8 3.3. Interieur en constructies ......................................................................................................... 11 4. WAARDERING EN WAARDENSTELLINGEN ........................................................................... 15 4.1. Algemeen ............................................................................................................................... 15 4.2. Methodiek............................................................................................................................... 15 4.3. Waardering............................................................................................................................. 16 5.
WAARDESTELLINGEN ............................................................................................................ 18
6.
BRONNEN ................................................................................................................................ 20
Bouwhistorische verkenning met waardestelling Tiendweg 27A, Krimpen aan den Lek, Gemeente Krimpenerwaard (ZH) Versie 1.2 (definitief)
1. Voorwoord In opdracht van A. van der Basch te Krimpen aan den Lek heeft IDDS Archeologie en Bouwhistorie op 9 april 2021 een bouwhistorische verkenning uitgevoerd naar een deel van de voormalige stal aan de Tiendweg 27A te Krimpen aan den Lek. Het pand staat kadastraal bekend als: Krimpen aan den Lek, sectie B 463. Het pand heeft geen status van monument. Aanleiding voor dit onderzoek zijn de herontwikkelingsplannen voor dit deel van het gebouw, dat thans als woonhuis in gebruik is. Het onderzoek nam een dagdeel in beslag en kende een non-destructief karakter. Voorafgaande het veldwerk en tijdens de uitwerking is enig historisch onderzoek verricht in algemeen toegankelijke bronnen.
Noordwijk, 12 april 2021 Michel van Dam, bouwhistoricus BNB
Figuur 1: Uitsnede uit de huidige kadastrale legger. Het perceel (dat ver voorbij de uitsnede doorloopt) is met het blauwe kader aangegeven. Het bouwvolume is één geheel maar bestaat uit twee woonunits: nummers 27A (in het rode kader) en 27B. Het woonhuis met nummer 27B is niet bezocht. (Bron: Perceelloep.nl)
3
Bouwhistorische verkenning met waardestelling Tiendweg 27A, Krimpen aan den Lek, Gemeente Krimpenerwaard (ZH) Versie 1.2 (definitief)
2. Historische inleiding en bouwhistorische synthese op hoofdlijnen Historische inleiding De historie van de Zuid-Hollandse plaats Krimpen aan den Lek wordt, zoals de naam al doet vermoeden, bepaald door de rivier de Lek.1 Deze rivier is een voortzetting van de Nederrijn die zich met de Noord verenigt en zich als Nieuwe Maas in westelijke richting voortzet. Rond de elfde eeuw werd gestart met de ontginning van het gebied. Haaks op de rivier groef men evenwijdige sloten waardoor een landschap ontstond met langgerekte percelen die door sloten werden gescheiden. Om het ontginningsgebied tegen wateroverlast te behoeden werden dijken aangelegd. Aan deze dijken ontstonden nederzettingen die zich gaandeweg ontwikkelden tot kleine steden of dorpen, zoals Krimpen aan den Lek. De dorpen worden ook in onze tijd nog door lintbebouwing gekenmerkt. Het gebied waar Tiendweg 27A-B in werd gebouwd was in de zeventiende eeuw onderdeel van agrarisch gebied ten noorden van het dijklint Krimpen op de Lek. Dit gebied werd drooggemaald door twee molens, de Lage Molen en de Hoge Molen. Het gebied, dat vrijwel geheel in gebruik was als weiland, werd omkaderd door het dijklichaam en de Tiendweg, die op een veenkade was aangelegd, en aan weerszijden werd begrensd door een ontginningssloot.
Over de verdere ontwikkeling van het gebied is binnen de kaders van het onderzoek weinig interessante informatie gevonden. Er is sprake van voortdurende agrarische activiteiten en enige ontwikkeling in de bebouwing die gaandeweg de negentiende en twintigste eeuw werd vernieuwd.
Figuur 2: Uitsnede uit de kadastrale kaart die omstreeks 1811-1832 werd gemaakt. Duidelijk zichtbaar is het onregelmatige verloop van het dijklichaam, de strakke Tiendweg en de zeer langgerekte kavels. De locatie waar Tiendweg 27A-27B werd gebouwd is met de rode stip gemarkeerd en was in bezit van Alieda de Vries. De blauwe stippen markeren het overige bezit van Alieda in deze omgeving. (RCE) In de periode dat de eerste kadastrale kaart werd vervaardigd, tussen 1811 en 1832, is het perceel waar later Tiendweg 27A-27B werd gebouwd, volgens de Oorspronkelijke Aanwijzende Tafel (OAT) geheel in gebruik als weiland. 2 Het staat op de kaart ingetekend met nummer 951 bis en is in eigendom van Alieda de Vries, huisvrouw van Herman Boon. Het perceel is niet het enige dat zij in bezit heeft. Uit de OAT blijkt dat zij ook de percelen 942 (weiland), de watering met nummer 943, het bosch hakhout 944, de weilanden 945/946/949 en 95, en het hakhoutbosje 952 in bezit heeft. Er zijn geen aanwijzingen dat zij in de nabijheid van haar weilanden woonde. Wel is bekend dat zij in Krimpen aan den Lek woonde. De ontsluiting van de weilanden was geheel via de Tiendweg.
1 Deze paragraaf is gebaseerd op De Boer 2015 en https://geschiedenisvanzuidholland.nl/locatie/krimpen-aan-de-lek-enlekkerkerk 2 Beeldbank RCE, Krimpen aan den Lek, sectie A, blad 02.
4
Bouwhistorische verkenning met waardestelling Tiendweg 27A, Krimpen aan den Lek, Gemeente Krimpenerwaard (ZH) Versie 1.2 (definitief)
Tiendweg 27A-B In 1931 werd op het perceel dat zich vanaf de poldersloot langs de Lekdijk uitstrekte tot aan de Tiendweg een nieuwe stal voor koeien en varkens gebouwd. Opvallend is dat het te bebouwen perceel niet vanuit de Tiendweg ontsloten werd, maar middels een pad dat aansloot op de Lekdijk. Het ontwerp voor het bedrijfsgebouw werd geleverd door de in Ouderkerk aan de IJssel wonende D. Burger, die onder zijn signatuur op de bouwtekening de afkorting Archt, architect, aanbracht. Over D. Burger kon binnen de kaders van het onderzoek weinig informatie worden achterhaald. Het blijft dan ook onduidelijk of Burger daadwerkelijk een opleiding tot architect had gevolgd, of dat hij (net als zovele tijdgenoten) een ontwerpende aannemer was die zich deze titel had toebedeeld, iets dat niet ongebruikelijk was in die periode. 3
Figuur 3: De situatietekening op het ontwerpplan van Burger. (BWT) Burger tekende een ontwerp dat traditioneel van opzet en detaillering was, sober maar ook zeker zorgvuldig. De sobere vormgeving van de gevels, uitgevoerd in schoonmetselwerk, werd op eenvoudige wijze verlevendigd door de witgeschilderde betonnen lateien waaronder de openingen van de stal-, hijsen hooideuren waren geplaatst. Het wit schilderen van de lateien was ook functioneel, omdat hiermee de openingen ook ’s nachts zichtbaar waren door de reflectie van het maanlicht. De stalramen en -deuren waren weinig bijzonder. Burger putte hiervoor uit materiaal dat algemeen voorhanden was.
Figuur 4: Uitsneden uit de ontwerptekening die D. Burger maakte. De architectonische vormentaal is traditioneel en sober, met enkele eenvoudige verbijzonderingen. (BWT)
3
Burger ontwierp in Oudekerk aan den IJssel twee huizenblokken aan de Dekkerstraat, in opdracht van Adrianus Dekker. Herk 1993, p. 33.
5
Bouwhistorische verkenning met waardestelling Tiendweg 27A, Krimpen aan den Lek, Gemeente Krimpenerwaard (ZH) Versie 1.2 (definitief)
De stal werd driebeukig uitgevoerd waarbij de brede middenbeuk als voergang fungeerde. Voor de draagconstructie werd een samenstel van langsgebinten met standvinken en vloerbalken toegepast, de kap werd uitgevoerd als Mansardekap met afgeschoorde makelaars. In de noordzijde van de stal werden de koeien ondergebracht waardoor de voergang iets breder werd uitgevoerd. De koeien stonden met de koppen gericht op de middenbeuk; langs de zijgevels liep het mestpad dat via de mestdeuren ontsloten was. Het overige deel was bestemd voor de varkens en tevens werd een voerhok afgescheiden in de westelijke zijbeuk, grenzend aan de koestal. Het lijkt erop dat het uiteindelijke gebouw iets afwijkend werd gebouwd dan gepland. De koestal werd groter dan op de ontwerptekening.
Figuur 5: Uitsnede uit de ontwerptekening waarop de constructies en de hoofdopzet duidelijk herkenbaar zijn. (BWT)
Figuur 6: Uitsnede uit de bouwtekening waarop de plattegrond van de stal zichtbaar is. (BWT) Langs de oostgevel waren tevens enkele uitlopen voor de varkens bedacht. De zolder was in gebruik voor de opslag van hooi, dat via de hooideur op de zolder kon worden gebracht. Nadat de stal haar functie verloor werd het gebouw gesplitst in twee woningen. De structuur die gevormd werd door de hoofddraagconstructie en het voerhok was bij de verbouwing tot Tiendweg 27A leidend. Het spreekt voor zich dat de aanpassingen conform de eisen en modes van de tijd werden uitgevoerd. Er werd gekozen voor plavuizen op de begane grond, laminaat en zachte vloerbedekking op de zolder en tevens werden gipsplafonds aangebracht. De voormalige mestdeuren werden voorzien van een raamwerk boven een lage, toegevoegde borstwering. Uit deze periode dateert ook het rieten dak.
6
Bouwhistorische verkenning met waardestelling Tiendweg 27A, Krimpen aan den Lek, Gemeente Krimpenerwaard (ZH) Versie 1.2 (definitief)
3. Beschrijving huidige situatie 3.1.
Algemeen
Het voormalige stalgebouw is vrijstaand gebouwd op enige afstand van de Lekdijk en op grote afstand van de Tiendweg. Het heeft een diepe, rechthoekige plattegrond en omvat een begane grond en een zolder onder een Mansardedak dat met riet is gedekt. Aan weerszijden van het diepe perceel loopt een ontginningssloot. Langs een deel van het pad dat vanaf de Tiendweg leidt naar het gebouw bevindt zich aan weerszijden een windvang, bestaande uit ## bomen die een hoge ouderdom hebben. Een deel van de oever aan de noordelijke sloot is ingericht als fruitboomgaard. Langs deze sloot staan ook enkele knotwilgen die dienen als windvang, maar in vroeger tijden ook geriefhout zullen hebben geleverd.
Figuur 7: Zicht op het pad naar de Tiendweg.
Figuur 8: De fruitbomen, rechts zijn nog net de knotwilgen zichtbaar.
7
Bouwhistorische verkenning met waardestelling Tiendweg 27A, Krimpen aan den Lek, Gemeente Krimpenerwaard (ZH) Versie 1.2 (definitief)
3.2.
Exterieur
De gevels van het pand zijn met machinaal vervaardigde bakstenen in kruisverband gemetseld en platvol gevoegd met Portlandcement. Alle gevels zijn voorzien van een geschilderde plint en een hoog trasraam waarvoor hardere bakstenen zijn gebruikt. Een rollaag sluit het trasraam af en versterkt hiermee de horizontaliteit van de gevels. De indeling van de gevels is sinds de bouwtijd nauwelijks gewijzigd, de vulling van de gevelopeningen werd wel vernieuwd om het gebouw aan de eisen van het gebruik als woonhuis te laten voldoen. Van de symmetrische eindgevel, die gericht is op de Tiendweg, wordt de vorm bepaald door de karakteristieke vorm van het Mansardedak. Op de begane grond bevindt zich in de centrale as een brede entree (de voormalige toegang tot de voergang) die aan weerszijden geflankeerd wordt door een recent stalraam en een tot venster vermaakte mestdeur. Ter hoogte van de zolder bevindt zich in de centrale as een vermaakt hooiluik dat aan weerszijden geflankeerd wordt door een (mogelijk authentiek) stalen stalraam. In de geveltop is een kruisvormig geleed, gietijzeren rondraam aanwezig dat nog uit de bouwtijd lijkt te dateren. De gevel wordt afgesloten met vlakke windweren. De aansluiting van de windveren in de nok is met een traditionele gesneden makelaar afgewerkt. De gevelankers die het constructiehout aan het muurwerk koppelen zijn in het zicht.
Op de begane grond zijn de duimen van het oorspronkelijke hang- en sluitwerk nog aanwezig.
Figuur 9: Links: opname van de eindgevel. Rechts: vermaakte mestdeuropening. De lekdorpel en de lage borstwering werden toegevoegd. De rode lijnen markeren de oorspronkelijke dagkanten.
8
Bouwhistorische verkenning met waardestelling Tiendweg 27A, Krimpen aan den Lek, Gemeente Krimpenerwaard (ZH) Versie 1.2 (definitief)
De éénlaags linker zijgevel (o) is in opzet relatief gaaf bewaard gebleven. Eén van de oorspronkelijke stalraamopeningen is vermaakt tot entree en de doorgangen links daarvan, die de stal met de uitlopen verbonden, dichtgezet. De overige grote stalraamopeningen zijn vergroot en er werd een brede doorgang met openslaande tuindeuren aangebracht. De vulling van de gevelopeningen is bij alle openingen vernieuwd. Ook de éénlaags rechter zijgevel (o) is in opzet relatief gaaf bewaard gebleven. De indeling wordt gevormd door twee vergrote stalramen een entree die aan weerszijden geflankeerd wordt door verhoogde stalramen. Tevens kan gezegd worden dat geen van de vullingen oorspronkelijk is. In de dagkanten van de entree zijn de duimen aanwezig waarin de oorspronkelijke boven- en onderdeur waren opgehangen. De luifel boven de entree betreft een latere toevoeging. Voorts kan worden gezegd dat de zijgevels worden afgesloten door het dakoverstek. Fotodocumentatie zijgevels
Figuur 10: Opname van de linker zijgevel in de richting van de Tiendweg. Alle gevelopeningen zijn vermaakt of toegevoegd. De detailfoto toont één van de dichtgezette doorgangen.
9
Bouwhistorische verkenning met waardestelling Tiendweg 27A, Krimpen aan den Lek, Gemeente Krimpenerwaard (ZH) Versie 1.2 (definitief)
Figuur 11: Links: opname van de rechter zijgevel in de richting van de Tiendweg. Rechts: één van de vermaakte gevelopeningen.
Figuur 12: Eén van de duimen waarin de oorspronkelijke staldeur opgehangen was.
10
Bouwhistorische verkenning met waardestelling Tiendweg 27A, Krimpen aan den Lek, Gemeente Krimpenerwaard (ZH) Versie 1.2 (definitief)
3.3.
Interieur en constructies
De indeling van het interieur dateert vrijwel geheel uit de periode dat de stal tot woonhuis werd getransformeerd. De constructies, het voerhok, de bakstenen scheidingsmuur en de klampdeuren resteren van de oorspronkelijke opzet. De begane grond is verdeeld in twee hoofdruimten, gescheiden door een bakstenen muur. Op de begane grond en op de zolder zijn door het plaatsen van lichte wandjes verschillende ruimten afgescheiden. De aanwezige trappen dateren uit de periode dat de woning tot stand kwam. Over de afwerking kan gezegd worden dat deze geheel uit het recente verleden dateert.
Figuur 13: Opname van de begane grond in de richting van de dijk. Het betreft de voormalige koestal. Rechts is een deel van het voerhok zichtbaar, dat net als de rest van het interieur, een recente afwerking heeft.
Figuur 14: Opname van de andere hoofdruimte op de begane grond, in de richting van de dijk.
11
Bouwhistorische verkenning met waardestelling Tiendweg 27A, Krimpen aan den Lek, Gemeente Krimpenerwaard (ZH) Versie 1.2 (definitief)
Bepalend voor de beleving van de ruimte op de begane grond is de uit grenenhout uitgevoerde hoofddraagconstructie die bestaat uit twee langsgebinten met standvinken.4 De stijlen zijn geplaatst op een gemetselde poer die wordt afgesloten met een houten plank. Enkele stijlen zijn afgesleten als gevolg van het feit dat het vee er tegenaan schuurde. Tevens zijn enkele stijlen voorzien van smeedijzeren haken en kettingen waaraan het vee kon worden vastgemaakt. De hoofddraagconstructie is traditioneel van opzet en constructie. De aansluiting van de korbeels op de gebintplaten is gezekerd met houten toognagels, de aansluiting van de korbeels op de stijlen is met stalen nagels gezekerd. Omdat het constructiehout machinaal werd gezaagd, zijn er geen telmerken aangebracht.
Figuur 15: Eén van de gesleten stijlen met ijzerwerk. De kapconstructie bestaat in totaal (inclusief 27B) uit acht Mansardekapspanten. Karakteristiek zijn de relatief steile spantbenen waardoor de zolderruimte optimaal voor opslag benut kon worden. De aansluitingen van de verschillende constructieonderdelen zijn, in tegenstelling tot de hoofddraagconstructie, niet gezekerd met houten nagels, maar volledig met stalen nagels. Ook het hout voor de kap werd machinaal gezaagd, en hierom niet voorzien van telmerken.5 De kap wordt in horizontale richting verstijfd door gordingen. Om afschuiven te voorkomen zijn onder de gordingen klossen getimmerd.
4 5
Dimensionering constructiehout: stijlen, korbeels en vloerbalken 10 cm. x 18 cm. Dimensionering constructiehout: spantbenen, dekbalken, makelaars: 8 cm. x 20 cm.
12
Bouwhistorische verkenning met waardestelling Tiendweg 27A, Krimpen aan den Lek, Gemeente Krimpenerwaard (ZH) Versie 1.2 (definitief)
Fotodocumentatie constructies
Figuur 16: Eén van de standvinken en een detail van de aansluiting van het korbeel op de gebintplaat.
Figuur 17: Opname van de zoldervloerconstructie.
13
Bouwhistorische verkenning met waardestelling Tiendweg 27A, Krimpen aan den Lek, Gemeente Krimpenerwaard (ZH) Versie 1.2 (definitief)
Figuur 18: Detailopnames van de kapconstructie.
14
Bouwhistorische verkenning met waardestelling Tiendweg 27A, Krimpen aan den Lek, Gemeente Krimpenerwaard (ZH) Versie 1.2 (definitief)
4. Waardering en waardenstellingen 4.1.
Algemeen
De hieronder opgestelde waardering van Tiendweg 27A is gebaseerd op de gegevens die het veldwerk en het beknopte historisch onderzoek hebben opgeleverd. De bouwtechnische staat, gebruikers-, ontwerpbelangen of financiële aspecten zijn niet van invloed op deze waardering. De afweging van deze belangen zal door anderen, bijvoorbeeld het bevoegd gezag, gedaan moeten worden. Hierbij dient wel rekening gehouden te worden met het gegeven dat het aantasten van waardevolle elementen beargumenteerd moet worden naarmate de waarden hoger zijn. 4.2.
Methodiek
De waardering is opgesteld op basis van de criteria zoals beschreven in de Richtlijnen Bouwhistorisch Onderzoek (2009) en omvat de toetsing van de algemene historische waarde, de stedenbouwkundige waarde, de waarde vanuit de architectuurgeschiedenis, de bouwhistorische waarde en waardering van de gebruiksgeschiedenis. De verschillende onderdelen van het object worden getoetst op de mate van gaafheid en authenticiteit, en de mate van zeldzaamheid. - Hoge monumentale waarde wordt toegekend aan onderdelen die van fundamenteel belang zijn voor de betekenis van het object. Vanuit bouw- en cultuurhistorisch oogpunt zal gestreefd moeten worden naar volledig behoud van deze onderdelen. Aanpassingen kunnen alleen doorgevoerd worden wanneer de waarde niet wordt aangetast of wanneer deze door de aanpassing worden versterkt. Ingrepen in hoog gewaardeerde elementen moeten met zorg uitgevoerd worden, waarbij de architectuur van het object leidend en maatgevend is. - Positieve waarde moet worden gezien als basiswaarde en wordt toegekend aan onderdelen die van belang zijn voor het object. Vanuit bouw- en cultuurhistorisch oogpunt zal gestreefd moeten worden naar zoveel mogelijk behoud van deze objecten. Aanpassing kunnen doorgevoerd worden wanneer de monumentale waarde van het geheel niet wordt aangetast.
- Indifferente waarde wordt toegekend aan onderdelen die van weinig tot geen belang zijn voor het object. Elementen die indifferent gewaardeerd worden kunnen zonder voorbehoud gewijzigd of zelfs gesloopt worden.
15
Bouwhistorische verkenning met waardestelling Tiendweg 27A, Krimpen aan den Lek, Gemeente Krimpenerwaard (ZH) Versie 1.2 (definitief)
4.3.
Waardering
Algemene historische waarden In de Richtlijnen Bouwhistorisch Onderzoek volgt de bepaling van de algemene historische waarden op de toetsing van het object aan de hand van de onderstaande criteria: - Als uitdrukking van (een) culturele, sociaal-economische en/of geestelijke ontwikkeling(en); - als uitdrukking van (een) geografische, landschappelijke en/of bestuurlijke ontwikkeling(en); - als uitdrukking van (een) technische en/of typologische ontwikkeling(en); - vanwege de innovatieve waarde of pionierskarakter. De voormalige stal heeft een waarde in algemeen historische zin omdat de bouw ervan gerelateerd kan worden aan de ontwikkeling van het gebied, dat van oudsher een sterk agrarisch karakter kende. Vanuit typologisch oogpunt is het gebouw interessant en waardevol, omdat het inzicht geeft in de bouwtradities die tot in het tweede kwart van de twintigste eeuw nog zeer traditioneel genoemd mogen worden.
Ensemble- en stedenbouwkundige waarden In de Richtlijnen Bouwhistorisch Onderzoek volgt de bepaling van de ensemble- en stedenbouwkundige waarden op de toetsing van het object aan de hand van de onderstaande criteria: - Als essentieel onderdeel van een groter geheel dat cultuurhistorisch, architectuurhistorisch en stedenbouwkundig van (inter)nationale betekenis is; - vanwege de situering, verbonden met de ontwikkeling/uitbreiding van een streek, stad of wijk; - vanwege de wijze van verkaveling/inrichting/voorzieningen; - vanwege het aanzien van een streek, stad, dorp of wijk; - vanwege de hoge kwaliteit van de bebouwing en de historisch- ruimtelijke relatie met groenvoorzieningen, wegen, wateren en/of de bodemgesteldheid. De voormalige stal is een beeld- en structuurbepalend onderdeel van een landschap dat in hoge mate gekenmerkt wordt door een agrarisch karakter en bestaat uit weilanden en sloten. In de directe nabijheid zijn diverse historische, agrarische gebouwen te vinden die het landelijke karakter van de streek ondersteunen en versterken. De oriëntatie van het gebouw houdt verband met de wijze waarop het gebied achter het dijklint is verkaveld. Van het Zuid-Hollands rivierengebied kan gezegd worden dat het een landschap is dat vanuit cultuurhistorisch oogpunt van internationale waarde is.
16
Bouwhistorische verkenning met waardestelling Tiendweg 27A, Krimpen aan den Lek, Gemeente Krimpenerwaard (ZH) Versie 1.2 (definitief)
Architectuurhistorische waarden In de Richtlijnen Bouwhistorisch Onderzoek volgt de bepaling van de architectuurhistorische waarden op de toetsing van het object aan de hand van de onderstaande criteria: - het object is van belang voor de geschiedenis van de architectuur; - het object is van belang binnen het oeuvre van een bouwmeester of architect; - het object is van belang vanwege de hoogwaardige esthetische kwaliteiten van het ontwerp; - het object is van belang vanwege de ornamentiek; - het object is van belang vanwege de interieurafwerking, in samenhang met het exterieur. De architectuurhistorische waarde van het gebouw is hoog, ondanks het relatief sobere en traditionele karakter. Deze aanduidingen hebben geenszins een negatieve connotatie, maar zijn karakteristiek voor het agrarisch bedrijf waar functie altijd voor vorm geplaatst wordt. In hoeverre het gebouw belangrijk is binnen het oeuvre van D. Burger kon binnen de kaders van het onderzoek niet worden achterhaald. Door de verbouwing tot woonhuis is er geen directe, zichtbare samenhang meer tussen het exterieur en het interieur, behoudens de inpandige structuur die gevormd wordt door de hoofddraagconstructie.
Bouwhistorische waarden In de Richtlijnen Bouwhistorisch Onderzoek volgt de bepaling van de bouwhistorische waarden op de toetsing van het object aan de hand van de onderstaande criteria: - vanwege het voor de geschiedenis van de bouwtechniek; - vanwege de afleesbaarheid van de bouwgeschiedenis (historische gelaagdheid); - vanwege het materiaalgebruik. Vanuit bouwhistorisch oogpunt moet gezegd worden dat de waarde gering is. De bouwmaterialen en de toepassing ervan zijn kenmerkend voor de periode waarin het gebouw tot stand kwam en daarom veelvoorkomend. Van een interessante of waardevolle historische gelaagdheid is geen sprake. In de huidige situatie kan gezegd worden dat de bouwhistorische waarde gelegen is in het feit dat het gebouw inzicht geeft in de lokale bouwtradities in het derde kwart van de twintigste eeuw.
Waarden met betrekking tot de gebruikshistorie In de Richtlijnen Bouwhistorisch Onderzoek volgt de bepaling van de gebruikshistorische waarden op de toetsing van het object aan de hand van de onderstaande criteria: - het object is van belang vanwege een (historische) functie, gebruik of productie in het object/complex; - het object is van belang als herinnering aan een historische gebeurtenis of prominente bewoner/ gebruiker/ opdrachtgever. Het pand werd gebouwd als stal en heeft decennialang als zodanig gefunctioneerd. De bouw en het gebruik zijn te relateren aan de agrarische activiteiten die hier werden ontplooid. Van een waarde als gevolg van een historische gebeurtenis, prominente bewoner/ gebruiker of opdrachtgever is geen sprake.
17
Bouwhistorische verkenning met waardestelling Tiendweg 27A, Krimpen aan den Lek, Gemeente Krimpenerwaard (ZH) Versie 1.2 (definitief)
5. Waardestellingen Hoge monumentale waarden - Er zijn binnen de huidige context geen elementen aan te wijzen die een hoge waarde vertegenwoordigen. Positieve monumentale waarden - Het casco van het pand (bestaande uit de bouwmuren, de hoofddraagconstructie en de kapconstructie) is gaaf bewaard gebleven en karakteristiek voor de bouwtijd. Tevens kan gesteld worden dat er sprake is van een relatief hoge mate van zeldzaamheid. Veel van dergelijk stalgebouwen hebben in de loop van de twintigste eeuw plaatsgemaakt voor nieuwbouw. - De scheidingsmuur tussen de voormalige koe- en varkensstal, inclusief de klampdeur, heeft een positieve waarde als structuurbepalend element uit de bouwtijd van het pand. - Het voormalige voerhok, inclusief de klampdeur, heeft een positieve waarde als structuurbepalend element uit de bouwtijd en tevens omdat het inzicht geeft in het oorspronkelijke gebruik. Indifferente monumentale waarden - De indeling van het woonhuis en alle aanpassingen die zijn doorgevoerd voor deze functie vertegenwoordigen een indifferente waarde vanwege de geringe mate van zeldzaamheid en uniciteit, mede als gevolg van het gebruikte materiaal.
18
Bouwhistorische verkenning met waardestelling Tiendweg 27A, Krimpen aan den Lek, Gemeente Krimpenerwaard (ZH) Versie 1.2 (definitief)
Waardestellingsplattegronden
Figuur 19: De monumentale waarden in kleur geprojecteerd op de meest recente plattegronden. Boven: begane grond. (FA)
19
Bouwhistorische verkenning met waardestelling Tiendweg 27A, Krimpen aan den Lek, Gemeente Krimpenerwaard (ZH) Versie 1.2 (definitief)
6. Bronnen Literatuur - Blijdenstijn, R. en R, Stenvert, 2000: Bouwstijlen in Nederland 1000-1940, Amsterdam. - Boer, E.A.M. de, 2015: Gemeente Nederlek. Plangebied Middelland 38 te Krimpen aan de Lek. Archeologisch bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek (verkennende fase). BAAC Rapport V-14.0066, ’s-Hertogenbosch. - Herk, R. van, 1993: Ouderkerk aan den IJssel in grootmoeders tijd, Zaltbommel. Websites https://geschiedenisvanzuidholland.nl/locatie/krimpen-aan-de-lek-en-lekkerkerk http://www.historischeverenigingcrempene.nl/ www.funda.nl
Afbeeldingen Alle afbeeldingen zijn gemaakt door M.C. van Dam/IDDS tenzij anders vermeld. BWT: Bouw- en woningtoezicht FA: Funda RCE: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed
Over IDDS en de auteur IDDS is een landelijk opererend multidisciplinair onderzoeks- en adviesbureau op het gebied van vraagstukken met betrekking tot grond, (ge)bouwen en milieu. Het werd in 1988 opgericht als petrochemisch adviesbureau met als specialisme het ontwerp van pijpleidingen voor het vervoer van chemicaliën en vloeistoffen. Vanaf 1997 ontwikkelde het bedrijf zich tot een bureau dat onder meer gespecialiseerd is in milieukundig bodemonderzoek, bodemsaneringen, asbestonderzoek en archeologie. Sinds 2016 is de afdeling archeologie uitgebreid met bouwhistoricus Michel van Dam. Van Dam (1974) volgde in 2003 de deelstudie “Inleiding in de Bouwhistorie” aan de universiteit Leiden. Van 2005 tot 2016 werkte hij als bouwhistoricus bij bureau BAAC te ’s-Hertogenbosch waar hij diverse bouw- en cultuurhistorische onderzoeken verrichtte. In 2015 werd Van Dam ingeschreven in het register van de Bond van Nederlandse Bouwhistorici. Hij is (mede) auteur van diverse publicaties over de historie van Noordwijk (ZH).
20
bestemmingsplan Tiendweg 27a en 27b, Krimpen aan de Lek
Bijlage 2 Watertoets
Bijlagen bij toelichting
63
datum 13-5-2021 dossiercode 20210513-40-26460 Geachte heer/mevrouw, U heeft, via www.dewatertoets.nl, een watertoets uitgevoerd voor een plan binnen het beheergebied van het Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard. Op basis van de door u verstrekte gegevens concluderen wij dat er geen waterstaatkundige belangen zijn. Het hoogheemraadschap geeft daarom een positief wateradvies.
Het plangebied heeft een of meerdere kaartlagen geraakt. Iedere kaartlaag die is geraakt kunt u activeren door deze aan te zetten in de kaart middels het vinkje. Wij verzoeken u de contouren van de geraakte kaartlagen over te nemen op uw plankaart. Mocht u specifiekere details of een geografische informatie kaart willen, neemt u dan even contact met ons op.
Wij verzoeken u in de waterparagraaf* van het plan een verwijzing te maken naar deze watertoets. Hoogachtend, Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard Maasboulevard 123 3063 GK Rotterdam Telefoon: 010 45 37 335 E-mail: info@hhsk.nl * De waterparagraaf is een verplicht onderdeel van het bestemmingsplan. In de toelichting van het bestemmingsplan wordt ingegaan op de effecten die het plan heeft op het watersysteem, de waterkeringen, afvalwatersituatie en de daaraan gelieerde uitvoering van de taken van het hoogheemraadschap.
www.dewatertoets.nl
datum 13-5-2021 dossiercode 20210513-40-26460 Tekenen: Heeft u een beperkingsgebied geraakt? ja Welke gemeente omvat het grootste deel van het door u getekende plangebied? Krimpenerwaard
Vragen: Gaat het om een ruimtelijk plan dat uitsluitend een functiewijziging betreft van bestaande bebouwing zonder dat de bebouwing wordt uitgebreid? ja Worden in het plan meer dan 10 wooneenheden gerealiseerd? nee Is er in of rondom het plangebied sprake van wateroverlast of grondwateroverlast? nee
Afbeelding plangebied en eventueel geraakte kaartlagen. www.dewatertoets.nl
bestemmingsplan Tiendweg 27a en 27b, Krimpen aan de Lek
Regels
Regels
67
bestemmingsplan Tiendweg 27a en 27b, Krimpen aan de Lek
Hoofdstuk 1 Artikel 1
Inleidende regels
Begrippen
1.1 plan Het bestemmingsplan Tiendweg 27a en 27b, Krimpen aan de Lek met identificatienummer NL.IMRO.1931.BP2106BG016-VG01 van de gemeente Krimpenerwaard. 1.2 bestemmingsplan De geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen. 1.3 aanduiding Een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden. 1.4 aanduidingsgrens De grens van een aanduiding indien het een vlak betreft. 1.5 aan- en uitbouwen Een gebouw, in één bouwlaag en aangebouwd aan de woning, welk onderscheiden kan worden van de woning en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan de woning; functionele ondergeschiktheid is niet vereist. 1.6 aan-huis-verbonden beroep Een dienstverlenend beroep op administratief, juridisch, medisch, therapeutisch, lichaamsverzorgend, kunstzinnig, ICT (internetverkoop) of technisch gebied of daarmee gelijk te stellen activiteiten, niet zijnde detailhandel, dat in een woning (inclusief aan- en uitbouwen) wordt uitgeoefend, waarbij de woning in overwegende mate haar woonfunctie behoudt en dat een ruimtelijke uitstraling of uitwerking heeft die met de woonfunctie in overeenstemming is, waarbij in ieder geval niet zijn begrepen reclame-uitingen.
1.7 aan- en uitbouwen Een gebouw, in één bouwlaag en aangebouwd aan de woning, welk onderscheiden kan worden van de woning en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan de woning; functionele ondergeschiktheid is niet vereist. 1.8 achtergevel Gevel aan de achterzijde van een gebouw. 1.9 afwijking Een afwijking van het bestemmingsplan als bedoeld in art. 2.1, lid 1, onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) juncto art. 2.12, eerste lid, onder a, sub 1, van de Wabo. 1.10 ander werk Een werk, geen bouwwerk zijnde. 1.11 archeologisch onderzoek Onderzoek verricht door of namens een dienst of instelling die over een opgravingsvergunning beschikt. 1.12 archeologische waarde De aan een gebied toegekende waarde in verband met de in dat gebied voorkomende overblijfselen uit oude tijden. 1.13 bebouwing Eén of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde.
68
Regels
bestemmingsplan Tiendweg 27a en 27b, Krimpen aan de Lek
1.14 bed & breakfast een kleinschalige overnachtingsaccommodatie gericht op het bieden van de mogelijkheid tot een toeristisch en veelal kortdurend verblijf met het serveren van ontbijt. 1.15 bestaand Bij bouwwerken: een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan aanwezig of in uitvoering is dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning; bij gebruik: het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, dan wel mag plaatsvinden krachtens een omgevingsvergunning 1.16 bestemmingsgrens De grens van een bestemmingsvlak. 1.17 bestemmingsvlak Een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming. 1.18 bevoegd gezag Het bevoegd gezag zoals bedoeld in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. 1.19 bijbehorend bouwwerk Uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd op de grond staand gebouw, of ander bouwwerk, met een dak. 1.20 bijgebouw Een op zichzelf staand, al dan niet vrijstaand, gebouw, dat ten dienste staat van het hoofdgebouw en dat niet in directe verbinding staat met het hoofdgebouw en dat door de vorm onderscheiden kan worden van het hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw.
1.21 bouwen Het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk. 1.22 bouwgrens De grens van een bouwvlak. 1.23 bouwlaag Een doorlopend gedeelte van een gebouw, begrensd door op gelijke of bij benadering gelijke bouwhoogte liggende vloeren of balklagen. 1.24 bouwperceel Een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten. 1.25 bouwperceelgrens Een grens van een bouwperceel. 1.26 bouwvlak Een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten. 1.27 bouwwerk Elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct of indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirecte steun vindt in of op de grond.
Regels
69
bestemmingsplan Tiendweg 27a en 27b, Krimpen aan de Lek
1.28 bruto-vloeroppervlakte (bvo) De bruto-vloeroppervlakte als bedoeld in NEN 2580. 1.29 dakkapel Een uitspringend venster als onderbreking in een dakvlak. 1.30 detailhandel Het bedrijfsmatig te koop of te huur aanbieden, hieronder begrepen de uitstalling ten verkoop of verhuur, het verkopen, verhuren en/of leveren van goederen en diensten aan degenen die deze goederen en diensten kopen of huren voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit. Hieronder wordt mede begrepen een internetwinkel, waarbij de detailhandel uitsluitend plaatsvindt via een elektronische of schriftelijke opdracht verloopt. 1.31 gebouw Elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. 1.32 hoofdgebouw Eén of meer panden, of een gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer panden of bouwwerken op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is. 1.33 huishouden Eén of meer personen die een huishouding voeren, waarbij sprake is van continuïteit in samenstelling en onderlinge verbondenheid. Bedrijfsmatige kamerverhuur wordt daaronder niet begrepen.
1.34 mantelzorg Tijdelijke zorg die niet in het kader van een hulpverlenend beroep wordt geboden aan een hulpbehoevende op fysiek, psychisch en/of sociaal vlak, door personen uit diens omgeving waarbij de zorgverlening rechtstreeks voortvloeit uit de sociale relatie en de gebruikelijke zorg van huisgenoten voor elkaar overstijgt. 1.35 nevenactiviteit Activiteit die uitsluitend uitgeoefend kan worden naast een feitelijk aanwezige hoofdfunctie en binnen bestaande bebouwing, en wat betreft vloeroppervlak en inkomensvorming ondergeschikt is aan die hoofdfunctie. 1.36 ondergeschikte detailhandel Op de eindgebruiker gerichte verkoop van goederen vanuit tot de bestemming behorende bedrijven, waarbij de detailhandelsfunctie in ruimtelijk, functioneel en bedrijfseconomisch opzicht ondergeschikt is aan de bedrijfsfunctie en waarbij de goederen functioneel rechtstreeks verband houden met de bedrijfsactiviteiten. 1.37 overig bouwwerk Een bouwkundige constructie van enige omvang, geen pand zijnde, die direct en duurzaam met de aarde is verbonden. 1.38 overkapping Een bouwwerk, geen gebouw zijnde, dat een overdekte ruimte vormt zonder dan wel met ten hoogste één wand. 1.39 peil Het peil gemeten vanaf het aan het bouwwerk aansluitende afgewerkte bouwterrein, met dien verstande dat in geaccidenteerd terrein wordt gemeten vanaf de aansluitende, afgewerkte gemiddelde maaiveldhoogte.
70
Regels
bestemmingsplan Tiendweg 27a en 27b, Krimpen aan de Lek
1.40 permanente bewoning Gebruik als hoofdverblijf als bedoeld in de Wet GBA, waaronder wordt verstaan: het gebruik als woning door eenzelfde persoon, (deel van) een gezin of samenwoning op een wijze die ingevolge het in de Wet GBA bepaalde noopt tot inschrijving in het persoonsregister van de gemeente en/of het in de periode van 1 november tot 15 maart meer dan 70 maal ter plaatse nachtverblijf houden, terwijl betrokkene niet elders daadwerkelijk over een hoofdverblijf beschikt. 1.41 prostitutie Het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding. 1.42 seksinrichting Een voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte, bestemd voor het bedrijfsmatig doen plaatsvinden van voorstellingen en/of vertoningen van erotische aard en/of pornografische aard dan wel een gelegenheid waar seksuele handelingen worden verricht; onder seksinrichting wordt mede begrepen: seksbioscoop Een inrichting, bestemd voor het door middel van audiovisuele middelen doen plaatsvinden van voorstellingen van erotische en/of pornografische aard. seksclub Een inrichting, bestemd voor het doen plaatsvinden van vertoningen van erotische en/of pornografische aard dan wel een gelegenheid waar seksuele handelingen worden verricht.