CConstaterende datKrimpenerwaard
Koppel je AI →
Document · PDF

BIJL2 Legesverordening 2024

Raadsvergadering 28 november 2023, gemeente KrimpenerwaardBij agendapunt: (B) Verordening toeristenbelasting 2024 en Legesverordening 202410.616 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Artikel 2.39 Instemming Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de 1. Omgevingswet betrekking heeft op een activiteit waarvoor de beslissing op de aanvraag op grond van artikel 16.16 van de Omgevingswet instemming behoeft van een bestuursorgaan: het bedrag dat dit bestuursorgaan aan rechten zou heffen als het voor de activiteit waarvoor instemming wordt verzocht zelf bevoegd gezag zou zijn. Het bedrag bedoeld in het eerste lid wordt voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeeld. De aanvraag wordt dan in behandeling 2. genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop het verschuldigde bedrag aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

pag. 23/27

Paragraaf 2.12 Vermindering Artikel 2.40 Vermindering na omgevingsoverleg 1. Als de aanvraag om een omgevingsvergunning bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel b, en zoals nader omschreven in de paragrafen 2.3 tot en met 2.7, is voorafgegaan door een aanvraag om omgevingsoverleg als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel a, en zoals nader omschreven in paragraaf 2.2, waarop de aanvraag om de omgevingsvergunning betrekking heeft, bestaat onder de in het tweede lid genoemde voorwaarden aanspraak op vermindering van de voor het in behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning verschuldigde leges. De vermindering bedraagt: 25% van de voor de omgevingstafel op grond van artikel 2.4, onder c, d en e geheven leges. 2. Voor de toepassing van het eerste lid moet de aanvraag om een omgevingsvergunning zijn gedaan: a. voor dezelfde activiteit of activiteiten als waarop het omgevingsoverleg betrekking had; b. in overeenstemming met de uitkomsten van het omgevingsoverleg; en c. binnen 6 maanden na het laatste omgevingsoverleg of, als het omgevingsoverleg volgens afspraak leidt tot een kennisgeving aan de aanvrager, na de dagtekening van de kennisgeving.

Paragraaf 2.13 Teruggaaf Artikel 2.41 Teruggaaf bij aanvraag en oordeel geen omgevingsvergunning nodig Als het college van burgemeester en wethouders op grond van een aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning oordeelt dat voor de voorgenomen activiteit geen omgevingsvergunning is vereist, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: 85%. van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges. Artikel 2.42 Teruggaaf als aanvraag verder buiten behandeling wordt gelaten Als na toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht een aanvraag buiten behandeling wordt gelaten, bestaat aanspraak op teruggaaf. De teruggaaf bedraagt: van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges.

85%

Artikel 2.43 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning of maatwerkvoorschrift Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning of aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: 75% van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges.

pag. 24/27

Artikel 2.44 Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning Als het college van burgemeester en wethouders een verleende omgevingsvergunning intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen 2 jaar na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt: 25% van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges. Artikel 2.45 Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning a. Als het college van burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: van de voor de activiteit waarvoor de omgevingsvergunning is geweigerd verschuldigde leges. b. Onder een weigering bedoeld in onderdeel a wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak.

50%

Artikel 2.46 Geen teruggaaf legesdeel modaliteiten In afwijking van de voorgaande artikelen van deze paragraaf wordt geen teruggaaf verleend van het legesdeel dat betrekking heeft op de modaliteiten genoemd in paragraaf 2.11. Artikel 2.47 Minimumbedrag voor teruggaaf Een bedrag minder dan € 163,95 wordt niet teruggegeven.

pag. 25/27

HOOFDSTUK 3 DIENSTVERLENING VALLEND ONDER DE DIENSTENRICHTLIJN EN NIET VALLEND ONDER HOOFDSTUK 2 Paragraaf 3.1 Horeca Artikel 3.1 Exploitatie openbare inrichting Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning tot het exploiteren van een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:28 van de Algemene plaatselijke verordening: € 96,05. Artikel 3.2 Uitoefenen horeca- of slijtersbedrijf Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: a. een aanvraag om een vergunning op grond van artikel 3 van de Alcoholwet: b. een melding als bedoeld in artikel 30 van de Alcoholwet: c. een aanvraag om een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Alcoholwet:

€ 184,85; € 64,70; € 34,95.

Paragraaf 3.2 Seksbedrijven Artikel 3.3 Vergunning seksbedrijf Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning of om de verlenging van een vergunning als bedoeld in artikel 3:3 van de Algemene plaatselijke verordening: € 1.143,10. Artikel 3.4 Wijzigen vergunning seksbedrijf Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van een in artikel 3.3 bedoelde vergunning in verband met uitsluitend een wijziging van het beheer: € 327,70.

Paragraaf 3.3 Organiseren evenement of markt Artikel 3.5 Organiseren evenement Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning voor het organiseren van een evenement als bedoeld in artikel 2.25, eerste lid, van de Algemene plaatselijke verordening, als het betreft: a. een evenement klasse A als bedoeld in het Kader Evenementenbeleid VRHM: € 25,50; b. een evenement klasse B als bedoeld in het Kader Evenementenbeleid VRHM: € 107,65; c. een evenement klasse C als bedoeld in het Kader Evenementenbeleid VRHM: € 274,90.

Paragraaf 3.4 Standplaatsen Artikel 3.6 Administratieve dienstverlening markt Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om: a. verlening van een standplaatsvergunning als bedoeld in artikel 3 van de Marktverordening Krimpenerwaard:

€ 42,20;

pag. 26/27

b. c.

overschrijving van een standplaatsvergunning op naam van een ander als bedoeld in artikel 13 van de Marktverordening Krimpenerwaard: € 12,55; toestemming met vervanging van de vergunninghouder als bedoeld in artikel 11, tweede lid, van de Marktverordening Krimpenerwaard: € 12,55.

Artikel 3.7 Losse standplaatsen Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning voor het innemen of hebben van een standplaats, bedoeld in artikel 5:18 van de Algemene plaatselijke verordening voor: a. een dag € 21,10; b. een week € 55,55; c. een vaste dag per week gedurende een kalenderjaar per dag € 473,45.

Paragraaf 3.5 Wet kinderopvang Artikel 3.8 Landelijk Register Kinderopvang Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om registratie in het Landelijk Register Kinderopvang voor: a. een kindercentrum of gastouderbureau als bedoeld in artikelen 1.45 en 1.46 van de Wet kinderopvang:: € 1.155,00; b. een voorziening voor gastouderopvang als bedoeld in artikelen 1.45 en 1.46 van de Wet kinderopvang: € 567,45.

Paragraaf 3.6 In dit hoofdstuk niet benoemd besluit Artikel 3.9 Niet benoemd besluit op aanvraag Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in dit hoofdstuk niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking: € 52,50.

Behoort bij besluit van de raad van de gemeente Krimpenerwaard 28 november 2023. de griffier, dr. M.L. van Muijen

pag. 27/27

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Krimpenerwaard&id=982dc5e4-1b1e-4b59-85e6-296ebaf7a11b