BIJL TOELICHTING Bijlage 4c Rapportage nader onderzoek soorten
Tekst van het document
Veldbiologische Werken Ecologisch onderzoek en advies
Rapport
Ecologisch onderzoek naar Roofvogels, Amfibieën, Kerkuil planlocatie IJssellaan te Ouderkerk a/d IJssel
d.d. 8 september 2022 Geachte lezer, Naar aanleiding van uw opdracht voor aanvullend onderzoek naar Roofvogels, Amfibieën en Kerkuil binnen de planlocatie en in de nabijheid van de plangebied: IJssellaan te Ouderkerk a/d IJssel geven wij u hierbij de bevindingen van het aanvullend onderzoek naar Buizerd, Rugstreeppad en Kerkuil. In deze rapportage wordt tevens een ecologische weging opgenomen van de gekozen bouwweg naar de planlocatie en te dempen sloot welke wordt verplaatst.
Ligging plangebied. Bron: PDOK
© Ontwerp en Design - Veldbiologische Werken VOF
2022-085
1 van 22
Uitgangspunt Aanleiding voor het aanvullend onderzoek naar Buizerd, Rugstreeppad en Kerkuil vormt o.a. de conclusie uit de Quickscan Soortenbescherming Wet natuurbescherming, flora en fauna, opgesteld door De Roever Omgevingsdienst, DERO21-01, d.d. 30 juli 2021. En de aanvullende ecologische Quickscan Wet natuurbescherming, IJssellaan te Ouderkerk a/d IJssel, met ref.nr. t-2022-13 r van Veldbiologische Werken VOF. Plangebied Momenteel is het plangebied nog deels in gebruik als bedrijventerrein en is volledig bestraat met opstallen in de vorm van een tweetal loodsen en open terrein opslag van klein materialen.
Plangebied Bron: Google Earth, 2019
De initiatiefnemer is voornemens alle aanwezige opstallen te slopen en nieuwbouw te ontwikkelen ten behoeve van woningbouw binnen het plangebied. Naast dat het plangebied volledig bestraat is en een tweetal opstallen heeft, ligt ten noorden van het plangebied een bomenrij. In deze bomenrij bevindt zich een middelgroot nest mogelijk van Buizerd. Daarnaast ligt aan de oostzijde en zuidzijde van het plangebied een brede waterdragende sloot met oeverzone en watervegetatie, waarbij de sloot aan de oostzijde wordt gedempt, 30 meter verderop wordt een nieuwe sloot aangelegd deze wordt voorzien van een dam ten behoeve van bouwverkeer plangebied.
© Ontwerp en Design - Veldbiologische Werken VOF
2022-085
2 van 22
Bouwweg Om de bouw van nieuwbouwwoningen in bovenstaand plangebied te realiseren is een bouwweg nodig die niet langs het smal bebouwde deel van de IJssellaan voert. Er is gekozen om een bouwweg aan te leggen via de route achter de boerderijen langs over het land met (deels) reeds bestaande dammen. Zie onderstaande kaart.
B
A
Bron: geplande route bouwweg plangebied IJssellaan te Ouderkerk a/d IJssel
De bouwweg loopt vanaf de IJsseldijk Noord door de boerenschuur op perceel ODK04-A-4061 (zie A in kaart), deze schuur zal worden afgebroken. Daarna vervolgt de bouwweg over reeds bestaande dammen om het plangebied te benaderen over een nieuw aan te leggen dam (zie B in kaart). De dammen worden volgens de uitgangspunten van de ontwikkelaar niet verbreed en verstevigd, maar overkluist (aanbrengen tijdelijke versteviging voor betere draagkracht dam d.m.v. rijplaten/schotten). Door de aanleg van de overkluizing wordt verstoring geminimaliseerd.
© Ontwerp en Design - Veldbiologische Werken VOF
2022-085
3 van 22
Beschermde soorten voor de Wet natuurbescherming Buizerd Het onderzoek naar Buizerd dient plaats te vinden aan de hand van het Kennisdocument BIJ12, Buizerd, versie 1.0, juli 2017. In voorgaande onderzoeken ten behoeve van het opstellen van de Quickscan Wet natuurbescherming is in de bomenrijen ten noorden van het plangebied een nest waargenomen. Het is mogelijk dat dit nest toebehoort aan een Buizerd en onderzoek dient uitgevoerd te worden om hieromtrent uitsluitsel te geven.
Foto: Te controleren nest.
Methode van onderzoek Zoals wordt omschreven in het Kennisdocument BIJ12, Buizerd dient onderzoek naar Buizerd in de optimale periode plaats te vinden. Deze optimale periode loopt van maart tot en met half mei. Er dienen twee tot vier veldonderzoeken te worden uitgevoerd met een tussenpose van minimaal 10 dagen. Deze onderzoeken moeten overdag na zonsopkomst plaatsvinden. Onderzoeksinspanning De planlocatie is viermaal onderzocht op aanwezigheid van broedende Buizerd en eventuele aanwezigheid van andere Roofvogels. Data veldonderzoek
Waarnemingen bij nest
08 maart 2022 24 maart 2022 12 april 2022?? 25 april 2022
Kraai Kraai Kraai Kraai
© Ontwerp en Design - Veldbiologische Werken VOF
2022-085
Fotonummer
4 van 22
Waarnemingen Tijdens dit onderzoek is bij het laatste onderzoek van 25 april jl. definitief broedende Kraai op het nest waargenomen. Het is namelijk mogelijk dat Kraai en Buizerd elkaar om een nest bevechten en de Buizerd, Kraai verjaagt van het nest. Of omgekeerd. Dit is hier niet gebeurd. Activiteiten Bij kap van de bomenrij dient rekening gehouden te worden met broedperiode van Zwarte Kraai. Voor de Wet natuurbescherming zijn alle broedende vogels beschermd. Verjagen of verstoren tijdens het broeden is verboden. Wel mag Kraai worden ontmoedigd om het nest nogmaals te bezetten. Het nest van Zwart Kraai is een categorie 5 nest. Dit betekent dat het nest niet jaarrond beschermd zijn.
Bij kap van de bomenrij dient een kapvergunning te worden aangevraagd.
Foto: Broedende Kraai op nest.
© Ontwerp en Design - Veldbiologische Werken VOF
2022-085
5 van 22
Kerkuil Het Kerkuilenonderzoek is uitgevoerd aan de hand van het BIJ12 Kennisdocument Kerkuil, versie 1.0, 2017. Onderzoek naar Kerkuil vindt plaats omdat in de schuur (A) een Kerkuilenkast aanwezig is. Zoals wordt omschreven in de aanvullende Quickscan Wet natuurbescherming, uitgevoerd door Veldbiologische Werken VOF is geen vers materiaal van Kerkuil (braakballen) in de voorjaarsronden van 2022 aangetroffen. Nader onderzoek naar het gebruik van het nest door Kerkuil is noodzakelijk. Methode van onderzoek Onderzoek naar broedgedrag van Kerkuilen kan optimaal plaatsvinden in de periode 1 februari t/m 31 augustus. Daarbij dienen minimaal drie gerichte veldonderzoeken plaats te vinden in de maanden 1 februari t/m half oktober. Daarbij dient er: ✓ een bezet nest, ✓ minimaal één waarneming in de periode van 1 februari tot en met 31 augustus van: – een paar in broedbiotoop, ✓ of – territoriaal gedrag: een krijsende vogel. Dit kan het hele jaar zijn, maar vooral februari en maart, of – bedelende jongen: dit is doorgaans vanaf juni.
Aanvullend dient sporenonderzoek plaats te vinden, naar bijvoorbeeld ‘krijtstrepen’ en braakballen binnen het plangebied. Onderzoeksinspanning Na het vaststellen van paarvorming, broedende Kerkuil, aanwezigheid van jongen is het in kaart brengen van de populatieomvang noodzakelijk. De verspreiding, de omvang van leefgebied van Kerkuil dient in kaart te worden gebracht. De aantallen Kerkuil welke effect zullen ondervinden van de geplande werkzaamheden. De planning van de werkzaamheden is van belang en de ingrepen die in het leefgebied van Kerkuil tijdelijk of permanent zullen worden uitgevoerd. Waarnemingen In de te slopen schuur (A) is een Kerkuilenkast aanwezig. Deze Kerkuilenkast is onderdeel van het broedbiotoop van Kerkuil. De regionale Kerkuilengroep is bekend met de Kerkuil die in deze kast heeft gebroed (voor 2021). In 2021 is de kast niet in gebruik geweest. Ten tijde van deze onderzoeken 2022 broedde Kerkuil niet binnen het plangebied. Evenmin werden verse sporen (uitwerpselen, braakballen, veren, prooiresten, etc.) in de schuur aangetroffen. 8 maart 24 maart 30 juni
© Ontwerp en Design - Veldbiologische Werken VOF
Geen Kerkuil of sporen Kerkuil Geen kerkuil of sporen Kerkuil Geen Kerkuil of sporen kerkuil
2022-085
6 van 22
Brononderzoek naar aanwezigheid van Kerkuil binnen het plangebied geeft aan dat Kerkuil broedbiotoop heeft ten noorden en ten zuidoosten van het plangebied. De broedzekerheid binnen het plangebied is weliswaar toegenomen doordat Kerkuil zich gunstig ontwikkelt. (Bron: Vogelatlas van Nederland, 2018).
Broedzekerheid 2000-2015. KerkuilBron: Sovon.nl
Broedzekerheid 2000-2015. Kerkuil Bron: Vogelatlas van Nederland, Sovon, 2018
Mogelijk aantal broedparen per atlasblok is mogelijk 4. Bron: Vogelatlas van Nederland, pag. 338
© Ontwerp en Design - Veldbiologische Werken VOF
2022-085
7 van 22
Instandhouding van de soort De instandhouding van de soort is een maat voor het aanmerken van de duurzaamheid van de populatie. De instandhouding van de soort is niet per definitie toegekend aan alleen soorten met een aangewezen leefgebied binnen Natura-2000 gebied, maar ook daarbuiten of zonder aangewezen leefgebied. Bij de weging van de instandhouding van de soort zijn meegenomen de verspreiding, de populatie, het leefgebied en het toekomstperspectief van de soort. Kerkuil scoort op alle vier wegingspunten: gunstig
Bron: SOVON.nl
© Ontwerp en Design - Veldbiologische Werken VOF
2022-085
8 van 22
Leefgebied voor Kerkuil Volwassen Kerkuilen zijn standvogels, zij blijven het hele jaar binnen een vast territorium waarbinnen zij gebruik maken van verschillende roest- en nestverblijven. Als landschap hebben zij een voorkeur voor ‘Halfopen tot open cultuurlandschappen met allerlei landschapselementen die voor afwisseling zorgen. In bossen of zeer bosrijke gebieden kom je de kerkuil zelden tegen. De kerkuil gaat vanuit z’n roest- of nestplaats jagen in het open veld, het liefst daar waar gras- en bouwland worden afgewisseld met kruidenrijke akkerranden, houtwallen, heggen of bosjes. Ook ruig begroeide, slecht onderhouden graslandgebieden, braakliggende akkers, ruige grasstroken en wegbermen worden als jachtterrein benut.’ Bron: Vogelbescherming.nl Kerkuil is afhankelijk van ‘goede muizenjaren’ en niet te strenge winters voor overlevings- en broedsucces. Kerkuil voedt zich met veldmuizen, spitsmuizen, woelmuizen maar ook met kikkers en jonge vogels. Kerkuil heeft doorgaans een territorium van ongeveer 800 meter – 1000 meter. Gerekend vanuit het plangebied, betekent dit dat het leefgebied van Kerkuil rondom het plangebied er uitziet zoals op onderstaande kaart:
Rode stip: plangebied, met daarom heen op 1.000 meter een rode cirkel om het mogelijke territorium van Kerkuil aan te geven.
Wat opvalt aan bovengenoemd territorium, is de grote mate van bebouwing en het bosgebied en het afwisselde landschap dat de aanwezigheid van de Hollandse IJssel garandeert.
© Ontwerp en Design - Veldbiologische Werken VOF
2022-085
9 van 22
Voorkomen van Kerkuil, gele vlakken in de omgeving van het plangebied. Grijze vlakken NatuurNetwerk Nederland. Bron: PDOK viewer.nl
Conclusie Kerkuil Kerkuil heeft in 2021 en 2022 geen aantoonbaar gebruik gemaakt van de nestkast in de grote schuur binnen het plangebied. Deze grote schuur dient te worden gesloopt om een bouwweg aan te leggen. Op basis van bureaustudie is het niet aantoonbaar dat Kerkuil broedsucces heeft gehad binnen het plangebied of de directe nabijheid daarvan. Na contact met de regionale uilenwerkgroep ter plaatse blijkt Kerkuil wel gebroed te hebben in de kast in deze schuur (voor 2021), maar momenteel elders van het plangebied broedt en verblijft. Op basis van de in de schuur aangetroffen oude sporen (oude krijtstrepen/uitwerpselen en oude braakballen) blijkt dat Kerkuil de schuur ooit als incidentele roestplaats heeft gebruikt. De aanwezige nestkast vertoonde geen duidelijke sporen van (ooit) intensief gebruik. Geconcludeerd wordt dat Kerkuil ooit incidenteel gebruik heeft gemaakt van de schuur met Kerkuilenkast, maar gedurende de veldonderzoeken van 2022 is Kerkuil niet aangetoond gedurende de daarvoor vastgestelde onderzoeksperiode. Samenvattend kan gesteld worden dat het territorium/leefgebied van Kerkuil buiten het plangebied (zie kaart) suboptimaal is, in verband met binnen het territorium grote delen stedelijk gebied en bosgebied welke Kerkuil niet prefereert (zie pagina 9). Binnen het plangebied is het leefgebied voor Kerkuil echter optimaal te noemen.
Dit optimale leefgebied, gevormd door cultuurlandschap met een diversiteit aan landschapselementen, biedt Kerkuil het hele jaar rond voldoende voeding. Deels optimaal leefgebied ten oosten en ten noorden van het plangebied en in de nabijheid
© Ontwerp en Design - Veldbiologische Werken VOF
2022-085
10 van 22
van de rivier, ondersteunen het eventuele broedsucces van Kerkuil. Mogelijk dat Kerkuil succesvol kan broeden in de grote schuur met uilenkast. Dit is echter niet aangetoond uit onderzoek. In overweging moet worden genomen dat naast het plangebied (zuidoostzijde) momenteel een bouwproject plaats vindt. Op de kavel grenzend aan de schuur is thans de bouw van woning(en) gaande met bijbehorend werkverkeer. Met deze extra belastende factor dient rekening te worden gehouden. Aanwezigheid en of broedsuccessen kunnen mogelijk onder druk zijn gezet en er voor zorgen dat Kerkuil geen gebruik maakt van de schuur en uilenkast. Maatregelen Gezien de gunstige staat van instandhouding van Kerkuil. En omdat de Kerkuilenkast al twee jaar niet aantoonbaar in gebruik is, de leefomgeving door andere naburige bouwwerkzaamheden niet optimaal is, het territorium anders dan het plangebied en omliggend gebied, niet optimaal is, adviseren wij u de regionale uilenwerkgroep te vragen om de Kerkuilenkast naar nabij maar voor Kerkuil optimaal leefgebied te verplaatsen in de daarvoor bestemde periode buiten de invloedsfeer van de reeds bestaande en toekomstige bouwplannen in het gebied.
© Ontwerp en Design - Veldbiologische Werken VOF
2022-085
11 van 22
Rugstreeppad Onderzoek naar Rugstreeppad kan plaatsvinden conform voorschriften in het Kennisdocument BIJ12 Rugstreeppad of conform Soorteninventarisatieprotocol van Netwerk Groene Bureaus. Methode van onderzoek en onderzoeksinspanning Het onderzoek naar Rugstreeppad is uitgevoerd conform onderzoeksfrequentie Soorteninventarisatieprotocol. Namelijk van half april – mei (zeker 1 onderzoek), half juni – begin augustus 2 onderzoeken, in het totaal 3 onderzoeken waarbij met behulp van geluid reactie wordt uitgelokt van Rugstreeppad. Onderzoek naar Rugstreeppad is uitgevoerd met een Wildlife Acoustic opname apparaat (week in plangebied), het afspelen van geluid op een warme avond, luisteren naar kooractiviteit op een warme avond en het scheppen naar larven rond de dammen van de toekomstige bouwweg. Plangebied door de ogen van Rugstreeppad Het plangebied betreft o.a. de sloot aan de oostzijde (1 welke zal worden gedempt, de reeds (2 bestaande dammen met oeverzone in de potentiële bouwweg, (3 het boerenerf met grote schuur welke zal worden gesloopt, (4 het traject van de bouwweg en (5 het plangebied aan de IJssellaan, 6) de nieuw aan te leggen sloot. (1 De sloot aan de oostzijde van het plangebied welke zal worden gedempt, is ondiep en voldoet als voortplantingswater Rugstreeppad.
De oever is aan de westzijde van de sloot begroeid met bomen en struweel, welke voor Rugstreeppad als overwinteringsbiotoop dient. De sloot en oever met bomen en struweel dient te worden gecompenseerd. Deze compensatie kan gerealiseerd worden bij de nieuw te
De te dempen sloot ten oosten van het plangebied heeft een vergelijkbaar profiel (maten wijken af). Bron: ‘Ecologisch onderzoek aan de Rugstreeppad in de Noordoostpolder, Ravon, 2007
graven sloot. Tevens kan bij deze nieuw te graven sloot een verhoogde oeverzone worden aangelegd met bomen en struweel die kan dienen als overwinteringsbiotoop.
© Ontwerp en Design - Veldbiologische Werken VOF
2022-085
12 van 22
(2 De bestaande dammen met oeverzone in de potentiële bouwweg hebben een ‘zachte’ oeverzone naar het omliggende grasland. In deze oeverzone heeft vee stapgaten achtergelaten en daarmee de oever geleidelijk aan doen verflauwen. De stapgaten van vee kunnen water bevatten. De oeverzone kan geschikt zijn als zomerverblijf voor Amfibieën als Rugstreeppad. (3 het boerenerf met grote schuur welke zal worden gesloopt biedt Rugstreeppad overwinteringsmogelijkheden in de vorm van hopen stenen, overkappingen, stapels hout, kieren en gaten etc. Rugstreeppad heeft een grote voorkeur voor gebouwen of de omgeving van gebouwen in de winter. (4 het traject van de bouwweg levert met het opbrengen van rijplaten of anders geschikte schuilplaats voor (juveniele) rugstreeppad. Thans bestaat het traject van de bouwweg uit intensief beheerd agrarisch grasland (hooiland). (5 het plangebied aan de IJssellaan biedt door de aanwezigheid van allerlei materialen, bestrating in de vorm van (losse) tegels en de loodsen overal geschikt overwinteringsbiotoop voor Rugstreeppad. (6 de nieuw aan te leggen sloot zal 30 meter verderop worden aangelegd. Bij deze sloot dient winterbiotoop welke verloren gaat bij de demping van sloot beschreven bij punt (1. te worden gecompenseerd.
Compenseren vindt plaats door dit 1:1 ten opzichte van de oppervlakte van de verloren oever van sloot (1 uit te voeren en kan door middel van het aanleggen van een vegetatiestruweel, vergelijkbaar met de oever van onder punt (1 gedempte sloot.
© Ontwerp en Design - Veldbiologische Werken VOF
2022-085
13 van 22
Waarnemingen Op aanraden van bewoners langs de IJsseldijk-Noord werd er gewezen op de ‘IJsbaan’, ten noorden van het plangebied. Daar wordt met regelmaat Rugstreeppad waargenomen. De ‘IJsbaan’ is verruigd gras/gravelgebied met oeverwalletje aan de noordzijde van het plangebied en ligt gezien vanuit het plangebied achter de te kappen bomenrij, nabij geschikt voortplantingswater in de vorm van compensatiegebied. Tijdens de veldonderzoeken zijn in alle aanwezige sloten Rugstreeppad koren gehoord. Ook in de te dempen sloot aan de oostzijde van het plangebied en verder in alle op deze sloot aansluitende wateren. De bestaande dammen zijn onderzocht op aanwezigheid van volwassen exemplaren en larven van Rugstreeppad, hierbij zijn geen volwassen exemplaren of larven waargenomen. Onderzoek van het boerenerf rond de grote schuur in het voorjaar heeft geen Rugstreeppad opgeleverd. Instandhouding van de soort De staat van instandhouding voor Rugstreeppad is zeer ongunstig. Verspreiding Gunstig
Populatie Zeer ongunstig
© Ontwerp en Design - Veldbiologische Werken VOF
Leefgebied Zeer ongunstig
2022-085
Toekomst Zeer ongunstig
14 van 22
Conclusie Rugstreeppad Rugstreeppad komt voor binnen en nabij het plangebied. Het plangebied biedt Rugstreeppad optimaal voortplantingswater, zomerverblijf en overwinteringsmogelijkheden. U dient Ontheffing Wet natuurbescherming aan te vragen voor Rugstreeppad. Bepalen van effect van de activiteiten De invloed van de activiteit valt onder ‘kleine schaal’. Er zal invloed zijn op: ✓ voortplantingswater in de vorm van het dempen van één sloot, en overwinteringsbiotoop door kap van oever te dempen sloot; ✓ op rust en verblijfsplaatsen in de actieve periode door het verstevigen (overkluizen) van de dammen en ✓ deels op functioneel leefgebied door het aanleggen van een bouwweg, sloop van de grote schuur en kap van bomen aan de noord en oostzijde van het plangebied. ✓ Ook heeft het effect op het overwinteringsverblijf, door het slopen en opruimen van het plangebied, namelijk het verwijderen van bestrating en sloop loodsen. Planning Gefaseerd werken, werken buiten kwetsbare periode van Rugstreeppad.
Bron: BIJ12 Kennisdocument Rugstreeppad
© Ontwerp en Design - Veldbiologische Werken VOF
2022-085
15 van 22
De werkzaamheden en het effect van deze werkzaamheden worden ingedeeld naar werkzaamheden in het water en werkzaamheden op het land. Zie onderstaand overzicht.
Voor het plangebied betekent het dat de volgende perioden geschikt zijn voor het uitvoeren van de volgende werkzaamheden: Activiteit Sloop schuur Dempen sloot Overkluizen dammen Leggen rijplaten Kap bomen Opruimen / Sloop plangebied (droogdeel) Aanleggen nieuwe sloot
Jan
Febr
Mrt
Apr
Mei
Juni
Juli
Aug
Sep
Okt
Nov
Dec
Maatregelen ten gunste van Rugstreeppad Werkzaamheden mogen alleen plaatsvinden indien er een Ontheffing Wet natuurbescherming t.a.v. Rugstreeppad is verleend door het bevoegd gezag. Sloop schuur Creëer hoeken met hopen grond of stenen buiten de invloedsfeer van de werkzaamheden maar goed bereikbaar vanuit het plangebied.
© Ontwerp en Design - Veldbiologische Werken VOF
2022-085
16 van 22
Dempen sloot Gebruik voor Rugstreeppad en voor waterplanten en aquatische fauna vriendelijke materiaal om sloot te schonen /te baggeren, werk vanaf één zijde en werk naar één richting, verplaats dieren naar geschikt en veilig leefgebied. Vóór het dempen van de sloot dient een ecologische controle plaat te vinden. Maak in een overhoek een geschikte poel nabij de te dempen sloot met ruigte oever en/of laat deze in contact staan met het reeds bestaand water. Sluit de sloot af. Laat het waterpeil zakken en vang vis, amfibie en aquatische flora en fauna af (met behulp van Ravon schepnet of anders). Bij het schonen / dempen dienen op de oever geraakte fauna te worden overgezet naar geschikt leefgebied. Werk bij het dempen vanaf één zijde en werk naar één richting. Alle vis, amfibie en aquatische flora en fauna wordt weggevangen en/of verplaatst. Stel hiervoor een ecologische werkprotocol op en houdt een logboek bij. Overkluizen dammen De dammen dienen in de minst kwetsbare periode van vis, amfibie en aquatische fauna te worden overkluist. Met deze overkluizing van de dammen wordt schade en verstoring geminimaliseerd. Leggen rijplaten Laat het traject waar de rijplaten komen te liggen voorlopen door een ecologisch deskundige. Zodra deze akkoord geeft, kunnen de rijplaten worden opgebracht.
Zorg dat de rijplaten worden afgesloten met amfibieënscherm en plaats vangemmers deze moeten worden geleegd. Geen waterplassen of ondieptes laten ontstaan op de bouwweg of in de omgeving van de bouwweg. Kap bomen Gebruik geen zwaar materieel in de oeverzone. Werk, indien mogelijk, vanaf het water. Plaats tussen het plangebied en te kappen bomenstrook amfibieënscherm en vangemmers. Werk met ecologische begeleiding. Voer het werk uit in de aangegeven periode. Opruimen plangebied Maak overwinteringshopen van grond of stenen en werk gefaseerd, deels slopen en later na de winter (na maart) volgende deel opruimen en slopen. Omzoom het plangebied met amfibieënscherm, geen waterplassen laten staan. Werk met ecologische begeleiding bij opstallen. Verbeter nieuw habitat binnen de nieuwbouw.
© Ontwerp en Design - Veldbiologische Werken VOF
2022-085
17 van 22
Nieuwe sloot aanleggen Bij de nieuw aan te leggen sloot kan de oeverwal van de te dempen sloot worden gecompenseerd, dit gebeurt 1:1. Algemeen Stel een ecologische werkprotocol op voor de werkzaamheden met betrekking tot Rugstreeppad.
© Ontwerp en Design - Veldbiologische Werken VOF
2022-085
18 van 22
Bouwweg
Impressie van reeds bestaande dammen en bijbehorende oever en sloot. Foto’s N. Roozen, 2022
© Ontwerp en Design - Veldbiologische Werken VOF
2022-085
19 van 22
De slootoevers (bij grasland en bij dammen) hebben een ‘zachte’ oeverzone naar het omliggende grasland. In deze oeverzone heeft vee stapgaten achtergelaten en daarmee de oever geleidelijk aan doen verflauwen. De dammen en de bijbehorende oevers zijn begroeid met waterplanten en grassen. De dammen met duikers bieden leefbiotoop voor vis, amfibie en aquatische flora en fauna. Het is in de winter mogelijk dat vis winterclusters vormt bij de dammen. Het is mogelijk dat in de oevers amfibieën overwinteren. Waarnemingen Het water bij de bestaande dammen die onderdeel gaan vormen van de transportroute, is onderzocht met een Ravon schepnet. Daarin is gevangen: ✓ ✓ ✓ ✓ ✓
Kleine watersalamander Bastaardkikker Kleine modderkruiper Gewone geelgerande waterkever Rode Amerikaanse rivierkreeft
Bittervoorn, Zoetwatermossel, Platte schijfhoorn en Grote modderkruiper zijn niet aangetroffen. Instandhouding van de soort Voor soorten als Kleine watersalamander, Bastaardkikker, Gewone geelgerande waterkever en Rode Amerikaanse rivierkreeft is Zorgplicht van toepassing. Tijdens de werkzaamheden dienen de dieren van de waargenomen soorten zich in veiligheid te kunnen brengen.
© Ontwerp en Design - Veldbiologische Werken VOF
2022-085
20 van 22
Conclusie Binnen het plangebied is Rugstreeppad aanwezig. Rugstreeppad is een beschermde soort conform Wet natuurbescherming. Werkzaamheden mogen alleen plaatsvinden indien er een Ontheffing Wet natuurbescherming t.a.v. Rugstreeppad is verleend door het bevoegd gezag. Maatregelen -
Aanvraag ontheffing Wet natuurbescherming t.a.v. Rugstreeppad, Opstellen Activiteitenplan met mitigerende en compenserende maatregelen als onderbouwing aanvraag ontheffing Wet natuurbescherming, Opstellen werkplanning rekening houdend met gevoelige periode soorten, Alternatievenafweging (zijn andere niet of minder schadelijke werkmethoden mogelijk?), Bepalen wettelijk belang in overeenstemming met wettelijke vereisten Wet natuurbescherming van de voorgenomen werkzaamheden, Opstellen ecologisch werkprotocol.
© Ontwerp en Design - Veldbiologische Werken VOF
2022-085
21 van 22
Bronnen Rijksdienst voor Ondernemend Nederland Vogelbescherming.nl SOVON.nl Vivarapro.nl PDOK.nl viewer BIJ12 Kennisdocument Buizerd BIJ12 Kennisdocument Kerkuil BIJ12 Kennisdocument Rugstreeppad Vogelatlas van Nederland, 2018 NDFF Verspreidingsatlas.nl Quickscanhulp.nl BIJ12.nl RAVON.nl NEM (Netwerk Ecologische Monitoring) Soortinventarisatieprotocollen (NetwerkGroene Bureaus) Gemeente Krimpernerwaard.nl
Mocht u vragen hebben, neemt u dan gerust contact op met de heer Coen Knotters, 06-20431422. Met vriendelijke groet, Veldbiologische Werken, Coen Knotters
© Ontwerp en Design - Veldbiologische Werken VOF
2022-085
22 van 22