CConstaterende datKrimpenerwaard
Koppel je AI →
Document · PDF

BIJL. 5 Bijlage 5 bij toelichting: Verkennend archeologisch onderzoek

Oordeelsvorming R&F (RZ) 4 april 2023, gemeente KrimpenerwaardBij agendapunt: Bestemmingsplan Bovenberg 66, Bergambacht (10 min)14.547 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Orderdatum 24-06-2022 Startdatum 24-06-2022 Rapportagedatum 06-07-2022

Monster beschrijvingen

001

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.

002

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.

003

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.

004

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.

005

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.

Voetnoten 1 2

De sommatie na verrekening van de 0.7 factor voor <-waarden volgens BoToVa. Er zijn componenten aanwezig die een storende invloed hebben op de meting. Om die reden is de onzekerheid in het resultaat vergroot.

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 4 van 8

Analyserapport ADROMI BV Lisette Kruse Projectnaam Projectnummer Rapportnummer

Orderdatum 24-06-2022 Startdatum 24-06-2022 Rapportagedatum 06-07-2022

Bovenberg 66 te Bergambacht B202237 13694216 - 1

Analyse

Monstersoort

Relatie tot norm

monster voorbehandeling

Grond (AS3000)

droge stof

Grond (AS3000)

gewicht artefacten

Grond (AS3000)

aard van de artefacten

Grond (AS3000)

organische stof (gloeiverlies)

Grond (AS3000)

lutum (bodem)

Grond (AS3000)

naftaleen

Grond (AS3000)

fenantreen

Grond (AS3000)

antraceen

Grond (AS3000)

fluoranteen

Grond (AS3000)

benzo(a)antraceen

Grond (AS3000)

chryseen

Grond (AS3000)

benzo(k)fluoranteen

Grond (AS3000)

benzo(a)pyreen

Grond (AS3000)

benzo(ghi)peryleen

Grond (AS3000)

indeno(1,2,3-cd)pyreen

Grond (AS3000)

pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) totaal olie C10 - C40

Grond (AS3000)

Grond: NEN-EN 16179. Grond (AS3000): AS3000 en NEN-EN 16179 Grond: NEN-EN 15934. Grond (AS3000): AS3010-2 en NEN-EN 15934 Conform AS3000 Idem Grond: gelijkwaardig aan NEN 5754. Grond (AS3000): conform AS3010-3 Grond: eigen methode. Grond (AS3000): AS3010-4 AS3010-6 Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem

Grond (AS3000)

AS3010-7 en NEN-EN-ISO 16703

Monster

Barcode

Aanlevering

Monstername

Verpakking

001 002 003 004 005

O0083630 O0083640 O0083627 O0083635 O0083628

22-06-2022 22-06-2022 22-06-2022 22-06-2022 22-06-2022

21-06-2022 21-06-2022 21-06-2022 21-06-2022 21-06-2022

ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 5 van 8

Analyserapport ADROMI BV Lisette Kruse Projectnaam Projectnummer Rapportnummer

Bovenberg 66 te Bergambacht B202237 13694216 - 1

Monsternummer:

002

Monster beschrijvingen

m2 7B (30-50)

Orderdatum 24-06-2022 Startdatum 24-06-2022 Rapportagedatum 06-07-2022

Karakterisering naar alkaantraject benzine

C9-C14

kerosine en petroleum diesel en gasolie motorolie

C10-C16 C10-C28 C20-C36

stookolie

C10-C36

De C10 en C40 pieken zijn toegevoegd door het laboratorium en worden gebruikt als interne standaard.

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 6 van 8

Analyserapport ADROMI BV Lisette Kruse Projectnaam Projectnummer Rapportnummer

Bovenberg 66 te Bergambacht B202237 13694216 - 1

Monsternummer:

003

Monster beschrijvingen

m3 7C (0-50)

Orderdatum 24-06-2022 Startdatum 24-06-2022 Rapportagedatum 06-07-2022

Karakterisering naar alkaantraject benzine

C9-C14

kerosine en petroleum diesel en gasolie motorolie

C10-C16 C10-C28 C20-C36

stookolie

C10-C36

De C10 en C40 pieken zijn toegevoegd door het laboratorium en worden gebruikt als interne standaard.

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 7 van 8

Analyserapport ADROMI BV Lisette Kruse Projectnaam Projectnummer Rapportnummer

Bovenberg 66 te Bergambacht B202237 13694216 - 1

Monsternummer:

004

Monster beschrijvingen

m4 7D (10-50)

Orderdatum 24-06-2022 Startdatum 24-06-2022 Rapportagedatum 06-07-2022

Karakterisering naar alkaantraject benzine

C9-C14

kerosine en petroleum diesel en gasolie motorolie

C10-C16 C10-C28 C20-C36

stookolie

C10-C36

De C10 en C40 pieken zijn toegevoegd door het laboratorium en worden gebruikt als interne standaard.

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 8 van 8

Analyserapport ADROMI BV Lisette Kruse Projectnaam Projectnummer Rapportnummer

Bovenberg 66 te Bergambacht B202237 13694216 - 1

Monsternummer:

005

Monster beschrijvingen

m5 7E (0-50)

Orderdatum 24-06-2022 Startdatum 24-06-2022 Rapportagedatum 06-07-2022

Karakterisering naar alkaantraject benzine

C9-C14

kerosine en petroleum diesel en gasolie motorolie

C10-C16 C10-C28 C20-C36

stookolie

C10-C36

De C10 en C40 pieken zijn toegevoegd door het laboratorium en worden gebruikt als interne standaard.

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

SGS Environmental Analytics B.V. Correspondentieadres Steenhouwerstraat 15 · 3194 AG Rotterdam Tel.: +31 (0)10 231 47 00 · Fax: +31 (0)10 416 30 34 www.sgs.com/analytics-nl

Analyserapport

ADROMI BV Lisette Kruse Reeweg 146 3343 AP HENDRIK IDO AMBACHT

Uw projectnaam Uw projectnummer SGS rapportnummer

Blad 1 van 4

: Bovenberg 66 te Bergambacht : B202237 : 13704871, versienummer: 1.

Rotterdam, 21-07-2022

Geachte heer/mevrouw, Hierbij ontvangt u de analyse resultaten van het laboratoriumonderzoek ten behoeve van uw project B202237. Het onderzoek werd uitgevoerd conform uw opdracht. De gerapporteerde resultaten hebben uitsluitend betrekking op de door SGS geteste monsters en zoals door SGS ontvangen zijn. De door u aangegeven omschrijvingen voor de monsters, het project en de monsternamedatum (indien aangeleverd) zijn overgenomen in dit analyserapport. SGS is niet verantwoordelijk voor de gegevens verstrekt door de opdrachtgever. Het onderzoek is uitgevoerd door SGS Environmental Analytics B.V., gevestigd aan de Steenhouwerstraat 15 in Rotterdam (NL). Indien het onderzoek is uitgevoerd door derden is dit in het rapport aangegeven. Dit analyserapport bestaat inclusief bijlagen uit 4 pagina's. In geval van een versienummer van '2' of hoger vervallen de voorgaande versies. Alle bijlagen maken onlosmakelijk onderdeel uit van het rapport. Alleen vermenigvuldiging van het hele rapport is toegestaan. Voor meer informatie, omtrent bijvoorbeeld meetonzekerheid of gebruikte analysemethoden, kunt u contact opnemen met de afdeling Customer Support. Wij vertrouwen er op u met deze informatie van dienst te zijn. Hoogachtend,

Jaap-Willem Hutter Technical Director

SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 2 van 4

Analyserapport ADROMI BV Lisette Kruse Projectnaam Projectnummer Rapportnummer

Orderdatum 13-07-2022 Startdatum 13-07-2022 Rapportagedatum 21-07-2022

Bovenberg 66 te Bergambacht B202237 13704871 - 1

Nummer

Monstersoort

Monsterspecificatie

001 002 003

Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000)

m6 7A (80-130) m7 7B (50-100) m8 7E (50-80)

Analyse

Eenheid

Q

monster voorbehandeling droge stof gewicht artefacten aard van de artefacten

gew.-% g -

S S S S

001

Ja 20.1 <1 geen

POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN 1) naftaleen mg/kgds S 0.18 1) fenantreen mg/kgds S 4.6 1) antraceen mg/kgds S 1.5 1) fluoranteen mg/kgds S 10.0 1) benzo(a)antraceen mg/kgds S 5.3 1) chryseen mg/kgds S 4.4 1) benzo(k)fluoranteen mg/kgds S 2.1 1) benzo(a)pyreen mg/kgds S 3.5 1) benzo(ghi)peryleen mg/kgds S 1.6 1) indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kgds S 1.9 1) 2) pak-totaal (10 van VROM) mg/kgds S 35.08 (0.7 factor)

002

Ja 82.4 <1 geen

003

Ja 59.7 <1 geen

1)

0.03 1) 0.33 1) 0.12 1) 1.0 1) 0.45 1) 0.44 1) 0.30 1) 0.47 1) 0.36 1) 0.37 1) 2) 3.87

1)

<0.01 1) 0.02 1) <0.01 1) 0.04 1) 0.02 1) 0.02 1) 0.02 1) 0.02 1) 0.03 1) 0.03 1) 2) 0.214

De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 3 van 4

Analyserapport ADROMI BV Lisette Kruse Projectnaam Projectnummer Rapportnummer

Bovenberg 66 te Bergambacht B202237 13704871 - 1

Orderdatum 13-07-2022 Startdatum 13-07-2022 Rapportagedatum 21-07-2022

Monster beschrijvingen

001

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.

002

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.

003

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.

Voetnoten 1 2

De periode tussen monsterneming en het in behandeling nemen in het laboratorium was groter dan de conserveringstermijn. Dit heeft mogelijk de representativiteit van het monster beïnvloed. De sommatie na verrekening van de 0.7 factor voor <-waarden volgens BoToVa.

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 4 van 4

Analyserapport ADROMI BV Lisette Kruse Projectnaam Projectnummer Rapportnummer

Orderdatum 13-07-2022 Startdatum 13-07-2022 Rapportagedatum 21-07-2022

Bovenberg 66 te Bergambacht B202237 13704871 - 1

Analyse

Monstersoort

Relatie tot norm

monster voorbehandeling

Grond (AS3000)

droge stof

Grond (AS3000)

gewicht artefacten

Grond (AS3000)

aard van de artefacten

Grond (AS3000)

naftaleen

Grond (AS3000)

fenantreen

Grond (AS3000)

antraceen

Grond (AS3000)

fluoranteen

Grond (AS3000)

benzo(a)antraceen

Grond (AS3000)

chryseen

Grond (AS3000)

benzo(k)fluoranteen

Grond (AS3000)

benzo(a)pyreen

Grond (AS3000)

benzo(ghi)peryleen

Grond (AS3000)

indeno(1,2,3-cd)pyreen

Grond (AS3000)

pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor)

Grond (AS3000)

Grond: NEN-EN 16179. Grond (AS3000): AS3000 en NEN-EN 16179 Grond: NEN-EN 15934. Grond (AS3000): AS3010-2 en NEN-EN 15934 Conform AS3000 Idem AS3010-6 Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem

Monster

Barcode

Aanlevering

Monstername

Verpakking

001 002 003

O0083605 O0083641 O0084052

22-06-2022 22-06-2022 22-06-2022

21-06-2022 21-06-2022 21-06-2022

ALC201 ALC201 ALC201

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Nader onderzoek Bovenberg 66 te Bergambacht

BIJLAGE 6 Foto-overzicht

Adromi B.V.

Nader onderzoek Bovenberg 66 te Bergambacht

Foto F1: woonboerderij met oprit (richting zuiden)

Foto F2: oprit achter woonboerderij met klinkers en ligging keet (richting oosten)

Foto F3: locatie nader onderzoek met rechts de aanwezige keet (richting noorden)

B202237

Adromi B.V.

Nader onderzoek Bovenberg 66 te Bergambacht

BIJLAGE 7 Beoordeling verkennend bodemonderzoek door ODMH

Adromi B.V.

Afdeling Expertise B. Durmus 088 - 54 50 121 bdurmus@odmh.nl Postbus 45 2800 AA Gouda

Gemeente Krimpenerwaard T.a.v. A. van Houtem Postbus 51 2820 AB Stolwijk info@krimpenerwaard.nl a.vanhoutem@krimpenerwaard.nl

088 - 54 50 000 www.odmh.nl Besluitdatum Verzenddatum

29-04-2022

Ons kenmerk

2022074209

Uw kenmerk

Onderwerp Beoordeling omgevingsaspecten Bovenberg 66 Bergambacht

OLO-nummer

5231537

Bijlagen

4

Beste A. van Houtem, Op 18 maart 2022 heeft u ons gevraagd om het bestemmingsplan voor de Bovenberg 66 in Bergambacht op omgevingsaspecten te beoordelen. Het bestemmingsplan is van 16 februari 2022 en opgesteld door Adromi. Situatie De eigenaar van het perceel is voornemens om op het perceel een bijgebouw op te richten ten behoeve van een garage, paardenstal en berging. Op basis van het huidige bestemmingsplan is dit niet toegelaten. Voor de beoogde ontwikkeling wordt daarom een (postzegel)bestemmingsplan opgesteld. De gemeente heeft aangegeven in principe bereid te zijn medewerking te verlenen aan deze ontwikkeling. Advies In bijlage 1 treft u een beoordeling op de omgevingsaspecten aan. Vanaf bijlage 2 komen de meer uitgebreide beoordelingen op omgevingsaspecten aan bod. De volgende aspecten hebben nog aandacht nodig omdat deze nog niet voldoen aan wet- en regelgeving of aan (gemeentelijk) beleid:  Bedrijven & milieuzonering (hinder naar de omgeving onderbouwen en borgen)  Bodem (vervolgonderzoek noodzakelijk voor het plan)  Geurhinder (toelichting aanpassen)  Natuur (stikstof onderbouwing toevoegen en toelichting aanpassen)  Archeologie (vervolgonderzoek nodig) Regels en verbeelding Ten aanzien van de regels en de verbeelding zijn er wel opmerkingen.

 De dubbelbestemmingen Waarde Archeologie 2 en 3 moeten (inclusief de regels) worden overgenomen in de verbeelding, regels en toelichting. Relevant voor het vervolgtraject Voor het verlenen van de omgevingsvergunning voor het onderdeel bouwen is er het volgende aandachtspunt:

Identificatie 2022093042

1 van 10

Natuur: Struiken worden gerooid. Deze werkzaamheden moeten bij voorkeur buiten het broedseizoen worden uitgevoerd (het broedseizoen loopt globaal van half maart tot half juli) of na inspectie door een kundig ecoloog.

Heeft u vragen? Neem dan contact op met B. Durmus. Dat kan via 088 - 54 50 121 of per e-mail via bdurmus@odmh.nl. Vermeld dan het kenmerk 2022074209. Zo kunnen wij u sneller helpen.

Met vriendelijke groet, Burak Durmus ROM-adviseur Dit document is digitaal vastgesteld.

Identificatie 2022093042

2 van 10

Bijlage 1 Beoordeling op omgevingsaspecten Bedrijven & milieuzonering (5.1) De ODMH kan niet instemmen met het gestelde in deze paragraaf. De beoogde activiteiten zijn niet milieugevoelig, maar omgekeerd kunnen deze hinder veroorzaken ten opzichte van de omgeving. Ook al wordt het geen inrichting in het kader van de Wet milieubeheer. Daarom is het advies om in het kader van goede ruimtelijke ordening de volgende uitgangspunten te borgen in de regels: -

De afstand ten opzichte van de paardenbak minimaal 50 meter is ten opzichte van bouwvlakken van de omliggende woningen als het om een paddock gaat waar paarden 24/7 op verblijven. De voorkeur gaat ernaar uit om dit te regelen in de verbeelding. Vergeet hierbij niet de bedrijfswoning op huisnummer 68.

-

De afstand van de stal minimaal 25 meter is ten opzichte van de bouwvlakken van omliggende woningen. De voorkeur gaat ernaar uit om dit te regelen in de verbeelding. Vergeet hierbij niet de bedrijfswoning op huisnummer 68.

-

Een mestopslag van meer dan 10m3 moet voldoen aan het Activiteitenbesluit milieubeheer als zijnde een inrichting. De voorkeur is om de mestopslag, ongeacht de omvang als inrichting, op een zo groot mogelijke afstand van geurgevoelige objecten te plaatsen. Dit om geurhinder te voorkomen.

Geluid (5.2) De ODMH kan instemmen met het gestelde in deze paragraaf. Er wordt terecht vastgesteld dat de planologische wijziging geen nieuw geluidsgevoelig object mogelijk maakt. Er hoeft geen nadere aandacht aan geluid te worden geschonken. Voor het plan zijn geen hogere waarden nodig. De geluidsbelasting op de uitbreiding is zo laag dat er in het kader van een goede ruimtelijke ordening geen aandacht aan de gevelwering hoeft te worden geschonken. Het is ook niet nodig om binnen het kader van een goed woon- en leefklimaat aandacht aan de gevelwering van de uitbreiding te schenken. De geluidsbelasting op de uitbreiding overschrijdt de voorkeursgrenswaarde voor wegverkeer niet. Geurhinder (5.3) De ODMH kan niet instemmen met het gestelde in deze paragraaf. Voor geurhinder zijn er twee opties. Of de paardenbak en de stal worden aangemerkt als inrichting in het kader van Wet milieubeheer en moet er voldaan worden aan allerlei wet- en regelgeving. Of er wordt ingestoken op hobbymatig gebruik en worden de afstanden in het kader van goede ruimtelijke ordening beschouwd en niet getoetst aan het Activiteitenbesluit. Het advies is om deze nuancering toe te voegen aan de tekst. Luchtkwaliteit (5.4) De ODMH kan instemmen met het gestelde in deze paragraaf. Externe veiligheid (5.5) De ODMH kan instemmen met het gestelde in deze paragraaf.

Bodem (5.6) De ODMH kan niet instemmen met het gestelde in deze paragraaf en het bodemonderzoek. Identificatie 2022093042

3 van 10

Ten aanzien van bodem is de tekst niet volledig en deze moet worden aangevuld. Uit het uitgevoerde onderzoek is gebleken dat vervolgonderzoek noodzakelijk is in de vorm van een nader bodemonderzoek Ten behoeve van de voorgenomen bestemmingswijziging is een verkennend bodemonderzoek en asbest-in-grond onderzoek Bovenberg 66 in Bergambacht (Adromi B.V., kenmerk B202133, datum 18 november 2021) uitgevoerd. Hieruit is gebleken dat vervolgonderzoek noodzakelijk is in de vorm van een nader bodemonderzoek. De locatie is momenteel ongeschikt indien er gebouwd gaat worden. Daarnaast wordt opgemerkt dat als er grondwerkzaamheden ter plaatse van de gesaneerde slootdempingen plaats vinden dit gemeld moet worden. Voor deze locaties gelden namelijk nazorgmaatregelen. De nazorg betreft het in stand houden van de aanwezige afdeklaag. Zie bijlage 2 voor een nadere toelichting. M.e.r. (5.8) De ontwikkeling komt niet voor in het Besluit m.e.r., Een m.e.r.-beoordeling of m.e.r.-plicht is niet aan de orde. Natuur (6) De ODMH kan niet instemmen met het gestelde in deze paragraaf. Het onderdeel ecologie is bijna voldoende. De meeste beschermde soorten en natuurgebieden worden met de plannen niet geschaad. Alleen voor gebiedsbescherming is nog niet duidelijk of negatieve effecten als gevolg van stikstofdepositie kunnen ontstaan.

Toegelicht moet worden hoeveel paarden er worden gestald en of hierbij ook paarden van derden zijn. Pas als alle effecten in beeld zijn, wordt duidelijk of het plan haalbaar is. moet het rapport op dit onderdeel worden aangevuld. Door het rapport aan te vullen wordt het beeld compleet gemaakt. Zie bijlage 3 voor een nadere toelichting. Archeologie (7) De ODMH kan niet instemmen met het gestelde in deze paragraaf en het archeologisch onderzoek. De dubbelbestemmingen Waarde Archeologie 2 en 3 (inclusief de regels) moeten worden overgenomen in de verbeelding, regels en toelichting. Uit de resultaten van het archeologisch onderzoek blijkt dat voor de geplande ontwikkelingen een eenvoudig archeologisch vervolgonderzoek nodig is. Zie bijlage 4 voor een nadere toelichting. Ontplofbare oorlogsresten Circa 10 tot 15% van de munitie uit de Tweede Wereldoorlog is als blindganger in de bodem achtergebleven. Uit eerder uitgevoerd grootschalig vooronderzoek blijkt dat het plangebied onverdacht is op ontplofbare oorlogsresten. Verder onderzoek naar ontplofbare oorlogsresten is volgens ODMH niet noodzakelijk. Identificatie 2022093042

4 van 10

Hoewel er geen indicaties zijn voor de aanwezigheid van ontplofbare oorlogsresten, kan ODMH niet met zekerheid stellen dat die er niet zijn. Als men bij graafwerk stuit op een verdacht object, zijn passende maatregelen nodig. Provinciale belangen De provincie Zuid-Holland benoemt in haar Omgevingsbeleid een aantal provinciale milieubelangen. Namens de provincie toetsen wij hoe de voorgenomen ontwikkeling zich verhoudt tot vier van deze belangen: Bescherming van stiltegebieden De voorgenomen ontwikkeling vindt niet plaats in (de nabijheid van) een stiltegebied. Windenergie stimuleren De voorgenomen ontwikkeling vindt niet plaats in (de nabijheid van) een plaatsingsgebied voor windmolens. Beschermen bedrijventerreinen voor Hogere Milieu Categorie-bedrijven De voorgenomen ontwikkeling vindt niet plaats in (de nabijheid van) een HMC-bedrijventerrein. Afname van HMC-locaties is derhalve niet aan de orde. Beschermen van grote groepen mensen De voorgenomen ontwikkeling ligt niet in een invloedsgebied Groepsrisico van een EV-relevante risicobron. Conclusie De voorgenomen ontwikkeling is niet in strijd met deze vier provinciale milieubelangen.

Identificatie 2022093042

5 van 10

Bijlage 2 beoordeling bodem Kenmerk adviesdeelzaak

2022074334

Aanleiding Ter plaatse van Bovenberg 66 in Bergambacht is een verkennend bodemonderzoek en asbest-ingrond onderzoek Bovenberg 66 in Bergambacht (Adromi B.V., kenmerk B202133, datum 18 november 2021) uitgevoerd vanwege de bestemmingswijziging van de locatie. Beoordeling onderzoek Uit het historisch vooronderzoek is gebleken dat er op de locatie bronnen aanwezig zijn (geweest) die verontreiniging van de bodem hebben kunnen veroorzaken. Dit betreft twee slootdempingen die gesaneerd zijn door het aanbrengen van voldoende afdekking. Het betreft de Wet bodembescherming locaties ZH049109392 (demping 38bz05613) en ZH049109393 (demping 38bz05615). Opgemerkt wordt dat in het rapport bovenstaande dempingen als 1 demping zijn beschouwd. Tijdens het veldwerk zijn zintuiglijk in de bodem zwak tot matig puinhoudende bijmengingen waargenomen. Uit de chemische analyses blijkt dat in de bovengrond plaatselijk (boring 7) sterke verontreinigingen met PAK en minerale olie aanwezig zijn. In de overige bovengrondmonsters zijn lichte verontreinigingen met kwik, koper, lood, molybdeen, nikkel en PCB aangetoond. De ondergrond is licht verontreinigd met nikkel, koper, kwik en lood. In het grondwater zijn lichte verontreinigingen met barium, nikkel, zink, naftaleen en xylenen aangetoond. Zintuiglijk is op en in de bodem geen asbestverdacht materiaal waargenomen.

Analytisch is in de puinhoudende bovengrond geen asbest aangetoond. Beoordeling rapport (door ODMH) Het bodemonderzoek is uitgevoerd volgens de richtlijnen uit de NEN 5725, NEN 5740 en NEN 5707. Bij de Omgevingsdienst Midden-Holland zijn niet meer gegevens bekend dan dat er in de rapportage vermeld staan. De locatie wordt terecht als deels verdacht aangemerkt. De bevindingen geven aanleiding om meer bodemonderzoek te doen. De omvang van de sterke verontreinigingen met PAK en minerale olie in de grond moeten worden bepaald. Conclusie De locatie is op basis van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem mogelijk ongeschikt voor het beoogde doel (wonen met tuin). Het is noodzakelijk dat aanvullend onderzoek wordt uitgevoerd naar de omvang van de sterke verontreinigingen met PAK en minerale olie in de grond. Uit onze informatie blijkt dat voor de aanwezige slootdempingen een overeenkomst, genummerd 00-167-BOG-1, is afgesloten met de provincie Zuid-Holland (voorheen: Stichting Bodembeheer Krimpenerwaard). De taken van de provincie ten aanzien van de overeenkomst zijn gemandateerd aan de Omgevingsdienst Midden-Holland (ODMH). De beheersovereenkomst houdt in dat bij ongewijzigd gebruik geen sanerende maatregelen nodig zijn.

Indien door bouwen de deklaag wordt aangetast en/of de demping wordt geroerd, wordt de beheersovereenkomst ontbonden en gelden voor de demping de regels uit de Wet bodembescherming. De vergunningaanvrager moet de ODMH zelf inlichten over het eventueel beëindigen van de overeenkomst. Dit kan middels het formulier op de Identificatie 2022093042

6 van 10

website van de ODMH. Indien de huidige deklaag wordt aangetast en/of het dempingsmateriaal wordt geroerd, adviseren wij u de vergunningaanvrager mede te delen dat het verstandig en doelmatig is om de bouwwerkzaamheden te combineren met sanerende maatregelen. De ODMH moet hierbij instemmen met het saneringsplan.

Identificatie 2022093042

7 van 10

Bijlage 3 beoordeling natuur Kenmerk adviesdeelzaak

2022074330

Aanleiding Op de locatie Bovenberg 66 in Bergambacht wil men een bouwwerk plaatsen ten behoeve van een garage, paardenstal en berging en het realiseren van een paardenbak. Deze inrichting past niet binnen het bestemmingsplan en daarom is voor deze ontwikkeling een postzegelbestemmingsplan opgesteld. Ter beoordeling van dit plan, op het onderdeel ecologie, zijn de volgende documenten overlegd: Quickscan Wet natuurbescherming Bovenberg 66 te Bergambacht, opgesteld door Blom ecologie bv, kenmerk BE/2021/1017/r, d.d. 28 oktober 2021 (hierna quickscan); Bestemmingsplan Bovenberg 66, Bergambacht, Gemeente Krimpenerwaard, opgesteld door Adromi Groep, kenmerk R202164/2102, d.d. 16-2-2022 (hierna: toelichting). Beoordeling onderzoek De beoordeling is gebaseerd op de geldende wet- en regelgeving, waarbij gekeken wordt naar soortenbescherming en gebiedsbescherming. Gebiedsbescherming Uit de beoordeling kan niet worden uitgesloten dat er met het initiatief geen negatieve effecten op beschermde gebieden worden verwacht. Uit de stukken wordt niet duidelijk om hoeveel paarden het gaat. Ook is niet duidelijk of er eventueel ook paarden van derden worden gestald. Dit moet worden aangevuld. Wanneer er ook paarden van derden worden gestald dan moet gekeken worden naar stikstofdepositie. Dit kan door een berekening te laten maken in Aerius Calculator.

Soortenbescherming In de quickscan wordt voldoende onderbouwd dat met het voornemen geen risico’s worden verwacht op schade aan beschermde soorten. Wel worden er struiken gerooid. Deze werkzaamheden moeten bij voorkeur buiten het broedseizoen worden uitgevoerd (het broedseizoen loopt globaal van half maart tot half juli) of na inspectie van een kundig ecoloog. De zorgplicht is altijd van toepassing. Beoordeling Toelichting In de toelichting, hoofdstuk 6 natuur, begint het in paragraaf 6.1 met wettelijk kader en de beschrijving van de Wet natuurbescherming. Paragraaf 6.2 natuurbescherming begint opnieuw met de uitleg van de wet natuurbescherming (dat deze drie oudere wetten vervangt). Dit is dubbel, verder is de onderbouwing erg summier: “er is een quickscan ecologie uitgevoerd. Voor zoogdieren en algemene broedvogels dienen maatregelen te worden getroffen”. Omdat er een verwijzing naar de quickcan is opgenomen wordt met de onderbouwing wel ingestemd. Conclusie De ecologische onderbouwing is voldoende. Het is duidelijk dat eventuele risico’s die de voorgenomen ontwikkeling op beschermde soorten en gebieden kan worden uitgesloten. Wanneer de quickscan op het onderdeel gebiedsbescherming wordt aangepast dan moeten deze wijzigingen worden opgenomen in de toelichting.

Identificatie 2022093042

8 van 10

Bijlage 4 Beoordeling archeologie Kenmerk adviesdeelzaak 2022074328 Aanleiding Kader: opstellen van een nieuw bestemmingsplan (postzegel) Onderzoek: archeologisch bureauonderzoek 9Rubicon Erfgoed, rapport 095, 2 november 2021). Planspecifiek: het plangebied geeft nu nog de bestemming Agrarisch met waarden. Deze bestemming moet aangepast worden om de bouw van verschillende schuren en een paardenbak mogelijk te maken. Beoordeling onderzoek Onderzoeksmethode: bureauonderzoek Resultaat: er is een hoge verwachting op het aantreffen van archeologische sporen vanaf de Middeleeuwen. Conclusie en aanbeveling adviesbureau: de hoge verwachting blijft gehandhaafd. Voor de geplande ontwikkelingen is een archeologisch booronderzoek nodig. Beoordeling rapport (door ODMH): het rapport heeft goed onderbouwd dat een vervolgonderzoek in de vorm van een booronderzoek noodzakelijk is. Dit onderzoek moet plaatsvinden voordat er een omgevingsvergunning wordt aangevraagd. Beoordeling bestemmingsplan In de verbeelding is de dubbelbestemming Waarde Archeologie 2 van het bestemmingsplan Buitengebied 2011 (13 december 2011) overgenomen. Nu geldt voor het gehele plangebied een vrijstellingsgrens van 100 m² en 30 cm. In de archeologische beleidsadvieskaart van de gemeente Krimpenerwaard (december 2016) zijn de archeologische dubbelbestemmingen binnen de gemeente aangepast.

Identificatie 2022093042

9 van 10

Links: uitsnede beleidsadvieskaart gemeente Krimpenerwaard. WA2: vrijstellingsgrens 50 m²/30, WA3: vrijstellingsgrens 100 m²/30 cm, WA6: vrijstellingsgrens 2.500 m²/3 m. Blauwe contour: grens plangebied. Rechts: voorstel nieuwe dubbelbestemming.

Volgens de beleidsadvieskaart gelden er drie archeologische dubbelbestemmingen voor het plangebied:  Waarde Archeologie 2 (WA2): hier geldt een zeer hoge kans op de aanwezigheid van archeologische resten (vlak onder het maaiveld). Een onderzoek is nodig voor plannen groter dan 50 m² en ingrepen dieper dan 30 cm onder het maaiveld.  Waarde Archeologie 3: hier geldt een hoge kans op de aanwezigheid van archeologische resten (vlak onder het maaiveld). Een onderzoek is nodig voor plannen groter dan 100 m² en ingrepen dieper dan 30 cm onder het maaiveld.  Waarde Archeologie 6: hier geldt een middelhoge kans op de aanwezigheid van archeologische resten in de diepere ondergrond. Een onderzoek is nodig voor plannen groter dan 2.500 m² en ingrepen dieper dan 3 m onder het maaiveld. De zeer hoge trefkans (WA2) is gebaseerd op een visuele waarneming: de woning ligt op een verhoging die is geïnterpreteerd als een woonheuvel. De kadastrale minuut (1811-1832) geeft al rond 1800 bebouwing weer en de kans is groot op de aanwezigheid van nog oudere resten in de bodem. De rode zone betreft een globale indicatie, dat geldt ook voor de zone met een algemene hoge verwachting (WA3). Het voorstel is dan ook om de begrenzing van WA2 en WA3 te vereenvoudigen (zie bovenstaande rechter figuur). De dubbelbestemming Waarde Archeologie 6 betreft de afzettingen van een dieper gelegen oude rivierloop.

Op deze afzettingen kunnen sporen en vondsten uit de prehistorie voorkomen. Daarom is er een onderzoek nodig voor plannen groter dan 2.500 m² en ingrepen dieper dan 3 m. In de regel gaat het over verstoringen door heipalen. Binnen het plangebied worden geen ontwikkelingen voorzien die groter zijn dan 2.500 m² en die dieper gaan dan 3 m. Daarom is het niet nodig om de dubbelbestemming waarde Archeologie 6 op te nemen voor dit bestemmingsplan. De toelichting, verbeelding en regels moeten op het bovenstaande aangepast worden. Voor de voorbeeldregels wordt verwezen naar het archeologiebeleid van de gemeente Krimpenerwaard. Conclusie Conclusie: in het bestemmingsplan moeten de dubbelbestemmingen Waarde Archeologie 2 en 3 worden opgenomen. Voor de beoogde ontwikkelingen is een archeologisch onderzoek nodig en moet uitgevoerd worden voor de aanvraag van een omgevingsvergunning. Aandachtspunten: geen. Risico’s: geen.

Identificatie 2022093042

10 van 10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Krimpenerwaard&id=da99ed3c-1625-47c6-bbc2-4ec1e167133b