CConstaterende datKrimpenerwaard
Koppel je AI →
Document · PDF

BIJL 4 omgevingsvergunning.pdf

Raadsvergadering 16 november 2021, gemeente KrimpenerwaardBij agendapunt: (H) Realiseren nieuw entreegebouw, Provincialeweg West 27, Haastrecht5.029 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Provincialeweg West 27 2851 EJ HAASTRECHT

Omgevingsvergunning Betreft: omgevingsvergunning voor het realiseren van een nieuw entreegebouw ten behoeve van de camping Locatie: Provincialeweg West 27, 2851 EJ Haastrecht, kadastraal bekend gemeente Haastrecht, sectie A, nummers 1711 en 2197 Datum ontvangst aanvraag 12 juni 2020

Datum besluit xx-xx-xxxx

Zaaknummer SXO-20201289

Besluit Burgemeester en wethouders besluiten de omgevingsvergunning te verlenen. De omgevingsvergunning wordt verleend voor de volgende activiteiten uit de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo): 1. het (ver)bouwen van een bouwwerk (artikel 2.1 lid 1 onder a Wabo); 2. het handelen in strijd met regels ruimtelijke ordening (artikel 2.1 lid 1 onder c Wabo). De omgevingsvergunning wordt verleend onder de bepaling dat de bijgevoegde documenten deel uitmaken van de vergunning. Onderdeel van het besluit vormt de algemene motivering en voorschriften, behorende bij de omgevingsvergunning onder nummer SXO-20201289, opgenomen op pagina 3 en verder. Hierin vindt u de overwegingen die tot het besluit hebben geleid en de voorschriften, waaraan u zich moet houden.

Bijgevoegde documenten De volgende documenten maken integraal onderdeel uit van dit besluit: 1. aanvraagformulier omgevingsvergunning 5239211, d.d. 12 juni 2020; 2. advies brandweer Hollands Midden UIT-2020-089475, d.d. 7 mei 2020; 3. archeologisch onderzoek met bijlage 1, d.d. 4 oktober 2019; 4. constructietekening BE-100-A, BE-200-A, BE-300-A, BE-310-A, BE-320-A, BE-330-A, BE-400-A, BE-900-A en BE-910-A, d.d. 25 maart 2020; 5. ecologisch onderzoek 19A070, d.d. oktober 2019; 6. EPC-berekening, d.d. 3 december 2019; 7. funderingsadvies S 20.064-F1AJJ, d.d. 11 maart 2020; 8. historisch vooronderzoek U19-0657, d.d. 11 september 2019; 9. hoofdberekening D-101, d.d. 16 maart 2020; 10. nader bodemonderzoeksrapport U20-0307, d.d. 21 april 2020; 11. overzicht zones, d.d. 29 november 2019; 12. referentie loopbrug, ongedateerd; 13. ruimtelijke onderbouwing NL.IMRO.1931.PB2005BG012-VG01, d.d. 28 september 2021; 14. staat van afwerking - exterieur, d.d. 2 december 2019; 15. tekening DO-00 en DO-20a, d.d. 20 april 2020; 16. tekening DO-00b, DO-01, DO-02 en DO-03, d.d. 2 december 2019; 17. verkennend bodemonderzoek U20-0102, d.d. 11 februari 2020. gemeente Krimpenerwaard Postbus 51 2820 AB Stolwijk www.krimpenerwaard.nl

Nog in te dienen gegevens Tenminste drie weken voordat met de werkzaamheden wordt begonnen, dienen de volgende gegevens ter beoordeling te worden ingediend bij de afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling: 1. Constructiegegevens (berekeningen en tekeningen m.b.t. sterkte, stijfheid en stabiliteit) van het bouwwerk. De gegevens kunt u indienen via het Omgevingsloket Online (OLO-nummer: 5239211). Er mag niet worden begonnen voordat deze gegevens zijn goedgekeurd.

Melding werkzaamheden De volgende werkzaamheden moeten worden gemeld via https://www.krimpenerwaard.nl/form/webformulierstart-en-gereedmelding-werkzaamheden-bouwwerk  de aanvang van de werkzaamheden, ten minste twee werkdagen van te voren;  de aanvang van het inbrengen van de funderingspalen het slaan van proefpalen daaronder begrepen, ten minste drie werkdagen van te voren;  de aanvang van het storten van beton, ten minste drie werkdagen van te voren;  de voltooiing van de riolering onder de begane grond, voordat deze vloer wordt gelegd;  de voltooiing van de grondleidingen en afvoerputten, voordat deze worden aangeaard;  de voltooiing van de riolering en de overige stijgleidingen in de diverse kokers, voordat deze kokers worden gesloten;  de voltooiing van de brandwerende doorvoeren door de diverse wanden en vloeren, voordat deze doorvoeren worden weggewerkt;  de voltooiing van alle (prefab) constructies in beton, hout of staal, voordat deze worden weggewerkt of aan het zicht worden onttrokken;  de voltooiing van het gehele bouwwerk, onmiddellijk nadat het werk gereed is gekomen. Het is ook mogelijk de werkzaamheden te melden bij het team ‘toezicht en handhaving’ (e-mail handhaving@krimpenerwaard.nl en telefoonnummer 14 0182).

Inwerkingtreding De beschikking treedt in werking met ingang van de dag na afloop van de termijn voor het indienen van een beroepschrift.

Beroep Op grond van de Algemene wet bestuursrecht kan een belanghebbende binnen zes weken, te rekenen vanaf de dag na terinzagelegging van het besluit, daartegen gemotiveerd beroep instellen bij de administratieve rechter van de rechtbank Den Haag, sector bestuursrecht, Postbus 20302, 2500 EH DEN HAAG. U kunt ook digitaal beroep instellen bij genoemde rechtbank via http://loket.rechtspraak.nl/bestuursrecht. Daarvoor moet u wel beschikken over een elektronische handtekening (DigiD). Kijk op de genoemde site voor de precieze voorwaarden. Het indienen van een beroepschrift betekent niet dat de werking van het besluit wordt uitgesteld. Indien gelet op uw belangen onverwijlde spoed is vereist bestaat de mogelijkheid om na indiening van een bezwaarschrift een voorlopige voorziening aan te vragen bij de Voorzieningenrechter van de rechtbank Den Haag, Postbus 20302, 2500 EH Den Haag. Bij het verzoek dient een afschrift van het beroepschrift te worden overgelegd.

Namens het college van burgemeester en wethouders van Krimpenerwaard, HANDTEKENING

Afdelingshoofd Ruimtelijke ontwikkeling

SXO-20201289

pag. 2/12

Algemene motivering en voorschriften behorend bij de omgevingsvergunning met nummer SXO-20201289 Inhoudsopgave De volgende onderdelen horen bij en maken deel uit van de omgevingsvergunning voor het realiseren van een nieuw entreegebouw ten behoeve van de camping op de locatie Provincialeweg West 27, 2851 EJ in Haastrecht. Procedure ................................................................................................................................................................. 4 Het (ver)bouwen van een bouwwerk (artikel 2.1, eerste lid, onder a van de Wabo) ............................................... 7 Het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met het bestemmingsplan (artikel 2.1, eerste lid, onder c van de Wabo) ................................................................................................................................................................ 10 Intrekken vergunning .............................................................................................................................................. 11 Overige regelgeving ............................................................................................................................................... 12

SXO-20201289

pag. 3/12

Procedure Bevoegd gezag Gelet op de projectbeschrijving, alsmede op het bepaalde in hoofdstuk 3 van het Besluit omgevingsrecht (Bor) en de daarbij horende bijlage zijn wij het bevoegd gezag om de integrale omgevingsvergunning te verlenen. Daarbij zijn wij er procedureel en inhoudelijk voor verantwoordelijk dat in ons besluit alle relevante aspecten aan de orde komen met betrekking tot de fysieke leefomgeving, zoals ruimte, milieu, natuur en aspecten met betrekking tot bouwen, monumenten en brandveiligheid. Verder dienen wij ervoor zorg te dragen dat de aan de omgevingsvergunning verbonden voorschriften op elkaar zijn afgestemd.

Ontvankelijkheid Artikel 2.8 van de Wabo biedt de grondslag voor een geharmoniseerde regeling van de indieningsvereisten. Dit betreft de gegevens en bescheiden die bij een aanvraag om een omgevingsvergunning moeten worden gesteld om tot een ontvankelijke aanvraag te komen. De regeling is uitgewerkt in paragraaf 4.2 van het Bor, met een nadere uitwerking in de Regeling omgevingsrecht (Mor). Wij zijn van oordeel dat de aanvraag voldoende informatie bevat voor een goede beoordeling van de gevolgen van de activiteit op de fysieke leefomgeving. De aanvraag is dan ook ontvankelijk en in behandeling genomen.

Besluitvorming De besluitvormingsprocedure is overeenkomstig artikel 3.10 van de Wabo uitgevoerd met de uitgebreide voorbereidingsprocedure. Het ontwerpbesluit heeft conform afdeling 3.4 van de Awb vanaf 7 april 2021 tot en met 18 mei 2021 voor een periode van zes weken ter inzage gelegen, waarbij gelegenheid is geboden om zienswijzen in te dienen. Er is een zienswijze ingediend. De indiener van de zienswijze is ontvankelijk verklaard en onderstaand wordt er inhoudelijk ingegaan op de zienswijze.

Ingekomen zienswijze Op 17 mei 2021 hebben wij een zienswijze ontvangen. Op 25 mei 2021 hebben wij een schrijven ontvangen waarin deze zienswijze verder is aangevuld. Beide zienswijzen worden hierna (als één zienswijze) genoemd: de zienswijze Op het verzoek van de indiener van de aanvraag omgevingsvergunning om de gegevens van de indiener van de zienswijze aan hem kenbaar te maken heeft de indiener van de zienswijze bij brief, ontvangen op 6 juli 2021, te kennen gegeven dat hij eerst (binnen veertien dagen) een inhoudelijke reactie op zijn zienswijze wil alvorens hij in overleg wil met de aanvrager van de omgevingsvergunning.

De zienswijze bevat kort samengevat de volgende onderdelen 1. De zienswijze begint en eindigt met een positieve grondhouding ten aanzien van deze ontwikkeling. De zienswijze heeft niet ten doel om de beslissing op de aanvraag omgevingsvergunning en de bouw van het nieuw entreegebouw te vertragen. 2. Het ontwerpbesluit was niet gepubliceerd op www.ruimtelijkeplannen.nl en kon derhalve niet op deze wijze worden geraadpleegd. Hierdoor moest er gebruik worden gemaakt van het ontwerpbesluit dat is aangeboden aan de raad. 3. Het college is gelet op de strijdigheid met het bestemmingsplan alleen bevoegd om een tijdelijke vergunning af te geven. Bij een vergunning met een permanent karakter is de raad bevoegd. In de aanvullende zienswijze wordt vervolgens ingebracht dat als er door de raad een verklaring van geen bezwaar (lees: bedenkingen) is afgegeven, het college het bevoegd gezag is om een besluit te nemen op de (ontwerp)vergunning. Hierdoor kan het eerder ingenomen standpunt buiten de zienswijze worden gehouden. 4. Het verzoek om het geldende “Horecabeleid buitengebied gemeente Krimpenerwaard, 2020” (hierna genoemd: horecabeleid) door te vertalen naar een paraplu-bestemmingsplan voor het buitengebied van de Krimpenerwaard. Hiermee wordt voorkomen dat iedere aanvraag middels een afzonderlijke afwijkingsprocedure of een bestemmingsplanprocedure moet worden behandeld. 5.

In het ontwerpbesluit zijn geen openingstijden dan wel sluitingstijden aangeven waardoor deze geen onderdeel lijken te zijn van het ontwerpbesluit. Verzocht wordt om dit alsnog te doen en waaruit blijkt dat deze overeenkomen met het horecabeleid.

SXO-20201289

pag. 4/12

6. De huidige vergunning is in strijd met het horecabeleid. Als ondergeschikte horeca is er alleen een lunchroomfunctie toegestaan met een openingstijd tot 22:00 uur. Een zaalaccommodatie als ondergeschikte horeca is, conform het geldende horecabeleid niet toegestaan. Een motivatie waarom hiervan wordt afgeweken ontbreekt en de hardheidsclausule die in het horecabeleid is opgenomen is niet van toepassing. 7. Enerzijds wordt verondersteld dat de toelichting met betrekking tot parkeren lijkt te zijn gewijzigd na de bespreking van de stukken in de raad. Hierbij wordt verwezen naar de volgende tekst “Zaalaccommodatie De zaalaccommodatie wordt buiten de kampeerperiode (van 31 oktober tot 1 april) gebruikt. De 28 parkeerplaatsen voor campinggasten kunnen hiervoor dan worden benut, zodat er altijd voldoende parkeergelegenheid kan worden gegarandeerd”. Verder wordt er vanuit gegaan dat in de vergunning of beter de bestemmingsplanwijziging is gewaarborgd dat hieraan wordt voldaan. Dit om parkeerproblemen te voorkomen en aan te sluiten bij de CROW normen. Anderzijds wordt gesteld dat er sprake is van te weinig parkeerplaatsen, hier in de vergunning niet op terug wordt gekomen, zaalverhuringen slechts buiten het seizoen mogen plaatsvinden en er een beperking van het aantal bezoekers moet worden opgenomen indien niet alle parkeerplaatsen voor de zaalaccommodatie beschikbaar zijn.

Beantwoording zienswijze 1. De positieve grondhouding is voor kennisgeving aangenomen. 2. Het publiceren van een ontwerpbesluit op www.ruimtelijkeplannen.nl is geen wettelijke verplichting, maar wordt normaliter als een extra service wel gedaan. In dit geval is dit per abuis achterwege gebleven. Wel heeft de indiener van de zienswijze, zoals hij zelf aangeeft, kennis kunnen nemen van het ontwerpbesluit dat is aangeboden aan de raad. Dit is tevens het ontwerpbesluit dat normaliter gepubliceerd was geworden. Dit ontwerpbesluit is, na de beëindiging van de termijn van terinzagelegging, alsnog toegezonden en tevens is de indiener van de zienswijze hierbij in de gelegenheid gesteld om binnen twee weken zijn eerder gedane zienswijze aan te vullen. Hiervan is gebruik gemaakt en beide zienswijzen worden hier als één zienswijze behandeld. 3. Door de raad op 16 maart 2021 de ontwerpverklaring van geen bedenkingen afgegeven en heeft het college het ontwerpbesluit met bijbehorende stukken voor een periode van zes weken ter inzage gelegd. Zoals de indiener van de zienswijze zelf aangeeft is een inhoudelijke reactie hierop verder niet meer van toepassing. 4. Zowel het vaststellen van het horecabeleid als een paraplu-bestemmingsplan is een bevoegdheid van de raad. De raad heeft en voor gekozen om op 15 december 2020 het horecabeleid vast te stellen.

Een inhoudelijke beoordeling van dit punt van zienswijze valt buiten het afwegingskader van deze vergunning en is verder niet inhoudelijk behandeld. 5. Voor de camping gelden de huidige openingstijden van de kantine tot 01:00 uur in het hoogseizoen. Deze openingstijden zijn gekoppeld aan de recreatiefunctie. Aanvullend is het horecabeleid van toepassing. Dit beleid maakt onderscheid tussen verschillende gebieden, te weten hoofdstructuur, dijklinten en veenweidegebieden. Het plangebied aan de N228 wordt beschouwd als 'hoofdstructuur'; het entreegebouw ligt binnen 300 m van deze Provincialeweg. De Horecavoorziening betreft een nevenfunctie, omdat de activiteit horeca wordt uitgevoerd naast het kampeerterrein in het entreegebouw. Dit wordt gereguleerd in het bouwplan door een maximale oppervlakte op te nemen voor de horecavoorziening. Deze voorziening valt onder categorie 2 (daghoreca met alcohol) met standaard openingstijden tussen 09:00 en 22:00 uur. 6. Het bouwplan is in strijd met het geldende bestemmingsplan. De strijdigheid ziet zowel op het bouwen buiten het daarvoor bedoelde bouwvlak alsmede op het gebruiken van het gebouw anders dan ten behoeve van de aan de grond gegeven enkelbestemming “Recreatie – Kampeerterrein.

Voor beide gevallen geldt dat de vergunning alleen kan worden verleend met toepassing van de uitgebreide voorbereidingsprocedure en dat er een verklaring van geen bedenkingen door de raad moet worden afgegeven. Voor het strijdig gebruiken van het gebouw inzake de horeca-activiteiten blijkt uit de bij de aanvraag omgevingsvergunning behorende ruimtelijke onderbouwing heel duidelijk dat het hier gaat om zogenaamde horeca als nevenfunctie in de categorie 2 met bijbehorende openingstijden, tussen 9:00 en 22:00 uur. In artikel 3.3.2 (pagina 25) van de ruimtelijke onderbouwing is dit expliciet aangegeven. Voor de in categorie 2 aangegeven gevallen geldt geen beperking met betrekking tot een bepaalde periode en mogen deze activiteiten daarom, met in achtneming van de verdere bepalingen, het gehele jaar door plaatsvinden. De stellingname dat de huidige vergunning in strijd is met het horecabeleid en medewerking aan deze vergunning nader onderbouwd moet worden is dan ook onjuist.

SXO-20201289

pag. 5/12

7. De tekst waar in de zienwijze naar wordt verwezen (hier cursief opgenomen) is een citaat uit de raadsvragen, gesteld door ProKrimpenerwaard (SV21-038, d.d. 16 maart 2021). Deze raadsvragen zijn verder separaat schriftelijke beantwoord en hebben niet geleid tot wijziging in de parkeerbehoefte. Het aantal parkeerplaatsen dat op basis de ingediende stukken kan en moet worden gerealiseerd is beoordeeld aan de hand van de geldende CROW richtlijnen (in de zienswijze CROW normen genoemd). De stellingname in de zienswijze dat er sprake is van te weinig parkeerplaatsen wordt verder niet onderbouwd of nader toegelicht. Gelet op het gestelde in de ruimtelijke onderbouwing (pagina 15 en 16), de beoordeling door een verkeersdeskundige en het positieve advies hierop is er geen reden om aan te nemen dat er sprake is van te weinig parkeerplaatsen. Beperkingen van het aantal bezoekers bij onvoldoende parkeergelegenheid wordt gelet op het positieve advies geacht niet aan de orde te zijn en wordt derhalve niet als restrictie in de vergunning opgenomen. Dit geldt eveneens voor het aantal parkeerplaatsen zelf. Dat zaalverhuringen alleen buiten het seizoen plaats mogen vinden wordt nader behandeld onder punt 6.

Brief ontvangen 6 juli 2021 met beantwoording Aan het verzoek in deze brief om binnen veertien dagen een inhoudelijke reactie van de zienswijze te ontvangen en vervolgens pas daarna een gesprek aan te gaan met de aanvrager kan niet worden voldaan. De zienswijze is gericht tegen diverse aspecten die onderdeel zijn van de afgegeven ontwerpverklaring van geen bedenking, welke is afgegeven door de raad op 16 maart 2021. Hierdoor is de behandeling van de zienswijze eveneens voorbehouden aan de raad.

Conclusie Na behandeling van de ingekomen zienswijze in de raadsvergadering van 16 november 2021, waarbij de wederzijdse belangen zijn afgewogen is de verklaring van geen bedenkingen afgegeven. Dit heeft vervolgens geleid tot het verlenen van de omgevingsvergunning. De aanvraag is beoordeeld voor: 1. het bouwen van een entreegebouw ten behoeve van de camping aan artikel 2.1, lid 1 onder a en 2.10 van de Wabo; 2. het gebruiken van dit entreegebouw in strijd met een bestemmingsplan aan artikel 2.1, lid 1 onder c en 2.10 alsmede artikel 2.12, lid 1 onder a onder 3° van de Wabo. Verder is de aanvraag getoetst aan het Bor en de Mor. Gebleken is dat de aanvraag voldoet en daarom verlenen wij u de gevraagde omgevingsvergunning.

SXO-20201289

pag. 6/12

Het (ver)bouwen van een bouwwerk (artikel 2.1, eerste lid, onder a van de Wabo) 1. Overwegingen Bij het nemen van het besluit hebben wij overwogen dat:  het voldoende aannemelijk gemaakt is dat deze activiteit zal voldoen aan de voorschriften van het Bouwbesluit 2012;  het voldoende aannemelijk gemaakt is dat deze activiteit zal voldoen aan de voorschriften van de Bouwverordening Krimpenerwaard 2020;  de opgegeven bouwkosten aanvaardbaar zijn;  het plan in overeenstemming is met het geldende bestemmingsplan “Parapluplan Parkeren”, vastgesteld op 29 januari 2019 en de gronden hierin de gebiedsaanduiding “overige zone – parkeren” hebben;  het plan in strijd is met het geldende bestemmingsplan “Landelijk Gebied (voormalige gemeente Vlist)”, maar niettemin kan worden verleend. Zie hiervoor Het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met het bestemmingsplan;  het plan is voorgelegd aan de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit (CRK) en deze, door middel van het advies, d.d.

6 januari 2020 en 4 mei 2020, heeft verklaard dat het plan niet in strijd is met redelijke eisen van welstand, zoals vastgelegd is in de Nota Ruimtelijke kwaliteit van de gemeente Krimpenerwaard, mits wordt voldaan een het gestelde onder het kopje “Specifieke voorschriften”;  het plan is voorgelegd aan het Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard en deze, door middel van het advies met het kenmerk D2020-02-004878, d.d. 28 februari 2020, heeft verklaard dat de waterstaatkundige belangen zich niet verzetten tegen het verlenen van de omgevingsvergunning;  het plan is voorgelegd aan de brandweer Hollands Midden en deze, door middel van het advies met het kenmerk UIT-2020-089475, d.d. 7 mei 2020, verklaard heeft dat het plan voldoet, mits wordt voldaan een het gestelde onder het kopje “Specifieke voorschriften”; het plan is voorgelegd aan Omgevingsdienst Midden-Holland en deze, door middel van het advies met het  kenmerk 2020115951, d.d. 8 juni 2020, aangevuld met een mailadvies, d.d. 30 november 2020 verklaard heeft dat er geen ecologische redenen zijn die een beletsel vormen ten aanzien van het bouwplan, mits wordt voldaan een het gestelde onder het kopje “Specifieke voorschriften”;  het plan is voorgelegd aan Omgevingsdienst Midden-Holland en deze, door middel van het advies met het kenmerk 2020073494, d.d.

13 maart 2020 verklaard heeft dat er inzake archeologie geen vervolgonderzoek nodig is, mits wordt voldaan een het gestelde onder het kopje “Specifieke voorschriften”;  het plan is voorgelegd aan Omgevingsdienst Midden-Holland en deze, door middel van het advies met het kenmerk 2020064110, d.d. 14 mei 2020 verklaard heeft dat er geen bodemhygiënische redenen zijn die een beletsel vormen ten aanzien van het bouwplan, mits wordt voldaan een het gestelde onder het kopje “Specifieke voorschriften”;  er voor het huidige entreegebouw op 4 mei 2020 een sloopmelding is ingediend en deze op is 12 mei 2020 is geaccepteerd.  er geen gronden zijn om de omgevingsvergunning te weigeren. 2. Voorschriften De volgende voorschriften zijn van toepassing:

Specifieke voorschriften -

Indien nodig moeten er tijdens de bouw maatregelen worden genomen om de kastanjeboom te beschermen. Hierbij dient een boomdeskundige te worden betrokken (advies CRK). Het advies van de brandweer Hollands Midden met kenmerk UIT-2020-089475, d.d. 7 mei 2020 maakt integraal onderdeel uit van deze omgevingsvergunning en de hierin gestelde voorwaarden dienen te worden opgevolgd. Om overtredingen van de Wet natuurbescherming tijdens de werkzaamheden te voorkomen moet voorafgaand aan de werkzaamheden een ecologisch werkprotocol worden opgesteld en ter goedkeuring worden voorgelegd aan het bevoegd gezag. In het ecologisch werkprotocol moet tenminste ingegaan worden op (foeragerende) vleermuizen, rugstreeppadden, ringslangen en algemene broedvogels.

SXO-20201289

pag. 7/12

-

Daarnaast moet de zorgplicht in acht genomen worden, door de op het terrein voorkomende algemene soorten de gelegenheid te geven om weg te vluchten, of deze te verplaatsen naar naastgelegen geschikt gebied waar geen werkzaamheden worden uitgevoerd. Als tijdens de werkzaamheden blijk dat (toch) archeologische resten aanwezig zijn, dan dient het bevoegd gezag meteen op de hoogte te worden gesteld en een beslissing te nemen over hoe om te gaan met de resten. Dit conform paragraaf 5.4, artikel 5.10 van de Erfgoedwet. Tijdens graafwerkzaamheden dient men verdacht te zijn op mogelijke ophoping van asbestverdacht materiaal. Als hiervan sprake is dient dit direct te worden gemeld bij het bevoegd gezag. In de huidige situatie is de kantine/bedrijfsruimte, onder vrijverval aangesloten op het rioolstelsel van de camping. Na/tijdens de verbouwing kan de nieuwbouw weer aangesloten worden op de bestaande aansluiting. Bij sloopwerkzaamheden of andere werkzaamheden op een op het openbaar riool aangesloten perceel, treft de rechthebbende zodanige voorzieningen aan de bestaande huisaansluiting(en) dat geen zand of grond instroomt in het gemeentelijke hoofdriool. De HWA dient te worden afgevoerd naar het oppervlaktewater. Het huidige campinggebouw dient uiterlijk 3 maanden na ingebruikname van het nieuwe entreegebouw te zijn verwijderd en verwijderd te worden gehouden.

Algemene voorschriften -

Gebouwd moet worden overeenkomstig het Bouwbesluit 2012 en de Bouwverordening Krimpenerwaard 2020; Gebouwd moet worden overeenkomstig het bij de omgevingsvergunning behorende bouwplan; Op het bouwterrein moet de omgevingsvergunning aanwezig zijn en op verzoek aan de gemeentelijke toezichthouder ter inzage worden gegeven; Met het bouwen van een bouwwerk wordt niet begonnen voordat:  de rooilijnen of bebouwingsgrenzen op het bouwterrein zijn gecontroleerd, en  het bouwpeil is gecontroleerd.

Uitvoeringsvoorschriften volgens bouwbesluit

Veiligheidsplan Een bouw-/sloopveiligheidsplan als bedoeld in artikel 8.7 van het Bouwbesluit 2012 kan worden verlangd door de toezichthouder, voor zover niet reeds bij de aanvraag overlegd of als uitgestelde indieningsvereiste is opgelegd.

Veiligheid op het bouwterrein Het bouwen en het verrichten van alles wat daarmee in verband staat, moet geschieden op veilige wijze, onder meer zodanig dat de nodige veiligheidsmaatregelen zijn genomen ten behoeve van de weg en de in de weg gelegen werken en de weggebruikers en ten behoeve van naburige bouwwerken, open erven en terreinen en hun gebruikers.

Veiligheid van hulpmiddelen en het voorkomen van hinder Om veiligheid van hulpmiddelen te waarborgen en hinder te voorkomen dient er rekening te worden gehouden met het volgende: 1. Afscheidingen, steigers, ladders, hijskranen, transportinrichtingen en ander hulpmateriaal moeten, wat kwaliteit en samenstelling betreft, voldoen aan de eis van goed en veilig werk en in goede staat van onderhoud verkeren. 2. Het is verboden bij de uitvoering van een bouwwerk een werktuig of een stof te gebruiken, indien daardoor gevaar voor de omgeving optreedt. 3. Het bevoegd gezag kan het gebruik van een werktuig, dat schade of ernstige hinder voor de omgeving veroorzaakt of kan veroorzaken, verbieden.

SXO-20201289

pag. 8/12

Veiligheid in de omgeving Bij het uitvoeren van bouw- of sloopwerkzaamheden worden maatregelen getroffen ter voorkoming van: 1. letsel van personen op een aangrenzend perceel of een aan het bouw- of sloopterrein grenzende openbare weg, openbaar water of openbaar groen; 2. letsel van personen die het bouw- of sloopterrein onbevoegd betreden, en 3. beschadiging of belemmering van wegen, van in de weg gelegen werken en van andere al dan niet roerende zaken op een aangrenzend perceel of op een aan het bouw- of sloopterrein grenzende openbare weg, openbaar water of openbaar groen.

Geluidhinder Bedrijfsmatige bouw- of sloopwerkzaamheden worden op werkdagen en op zaterdag tussen 7.00 uur en 19.00 uur uitgevoerd. Bij het uitvoeren van de werkzaamheden worden in onderstaande tabel aangegeven dagwaarden en de daarbij behorende maximale blootstellingsduur niet overschreden. Tabel geluidswaarden dagwaarde

≤ 60 dB(A)

> 60 dB(A)

> 65 dB(A)

> 70 dB(A)

> 75 – ≤ 80 dB(A)

maximale blootstellingsduur

onbeperkt

50 dagen

30 dagen

15 dagen

5 dagen

Het bevoegd gezag kan ontheffing verlenen. Onverkort het gestelde in de ontheffing, wordt bij het uitvoeren van bouw- of sloopwerkzaamheden gebruik gemaakt van de best beschikbare stille technieken.

Trillingshinder Trillingen veroorzaakt door het uitvoeren van bouw- of sloopwerkzaamheden bedragen in geluidsgevoelige ruimten als bedoeld in artikel 1 van de Wet geluidhinder en in verblijfsruimten als bedoeld in artikel 1.1, onderdeel e, van het Besluit geluidhinder niet meer dan de trilling sterkte, genoemd in tabel 4 van de Meet- en beoordelingsrichtlijn deel B “Hinder voor personen in gebouwen” 2006.

Stofhinder Tijdens het uitvoeren van bouw- en sloopwerkzaamheden worden maatregelen getroffen om visueel waarneembare stofverspreiding buiten het bouw- of sloopterrein te voorkomen.

Verbod tot ingebruikneming Het is verboden na de bouw van een bouwwerk, voor het bouwen waarvan een omgevingsvergunning is verleend, het bouwwerk in gebruik te geven of te nemen, indien het bouwwerk niet gereed is gemeld.

SXO-20201289

pag. 9/12

Het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met het bestemmingsplan (artikel 2.1, eerste lid, onder c van de Wabo) 1. Overwegingen Bij het nemen van het besluit hebben wij overwogen dat:

Geldend bestemmingsplan     

het plan is gelegen in het geldende bestemmingsplan “Landelijk Gebied (voormalige gemeente Vlist)”, vastgesteld op 15 december 2015; de grond(en) waarop het bouwplan is geprojecteerd hebben de enkelbestemming “Recreatie – Kampeerterrein” en de dubbelbestemming “Waarde – Archeologie 3”; het plan in strijd is met de volgende regels uit het bestemmingsplan: 1. het nieuwe entreegebouw is gesitueerd buiten het daarvoor bedoelde bouwvlak; 2. het gebruik van het entreegebouw als lunchroom en zaalaccommodatie is niet toegestaan. een omgevingsvergunning in beginsel moet worden geweigerd, omdat de activiteit in strijd is met het bestemmingsplan.

Planologische afwijkingsmogelijkheden Indien het bestemmingsplan dan wel artikel 4 van Bijlage II van het Bor niet voorziet in regels om voor een bouwplan van het bestemmingsplan af te wijken, kan een omgevingsvergunning voor een activiteit die in strijd is met het bestemmingsplan slechts worden verleend, indien de activiteit niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening en de motivering van het besluit een goede ruimtelijke onderbouwing bevat (artikel 2.12 lid 1 onder a onder 3° Wabo). De aanvraag is voorzien van een goede ruimtelijke onderbouwing. Medewerking aan de gevraagde vergunning wordt middels een afwijkingsprocedure ex artikel 2.12 lid 1 onder a onder 3° juncto artikel 3.10 Wabo mede gelet op de goede ruimtelijke onderbouwing niet bezwaarlijk geacht. Verklaring van geen bedenkingen (vvgb) Op basis van artikel 2.27 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht juncto art. 6.5 Besluit omgevingsrecht dient de gemeenteraad een (ontwerp)verklaring van geen bedenkingen af te geven. Bij raadsbesluit van 22 september 2015 heeft de gemeenteraad op basis van artikel 6.5 lid 3 Besluit omgevingsrecht een lijst met categorieën vastgesteld waarvoor geen verklaring van geen bedenkingen is vereist. Onderhavige aanvraag om omgevingsvergunning staat niet op de lijst van categorieën waarvoor een verklaring van geen bedenkingen is vereist.

Deze verklaring van geen bedenkingen is door de raad op 16 november 2021 afgegeven.

SXO-20201289

pag. 10/12

Intrekken vergunning Burgemeester en wethouders kunnen op grond van artikel 2.33 en 5.19 van de Wabo de omgevingsvergunning geheel of gedeeltelijk intrekken. Dit is onder andere mogelijk indien: 1. de vergunning of ontheffing ten gevolge van een onjuiste of onvolledige opgave is verleend; 2. niet overeenkomstig de vergunning of ontheffing is of wordt gehandeld; 3. de aan de vergunning of ontheffing verboden voorschriften of beperkingen niet zijn of worden nageleefd; 4. de voor de houder van de vergunning of ontheffing als zodanig geldende algemene regels niet zijn of worden nageleefd; 5. gedurende drie jaar, dan wel indien de vergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a (het bouwen van een bouwwerk*) onderscheidenlijk b (het uitvoeren van werken of werkzaamheden, geen bouwwerken zijnde) of g (het slopen van een bouwwerk), gedurende 26 weken onderscheidenlijk de in de vergunning bepaalde termijn, geen handelingen zijn verricht met gebruikmaking van de vergunning; 6. de vergunninghouder daarom verzoekt. *: in de “Beleidsregels intrekken omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen van een bouwwerk” (te raadplegen via de gemeentewebsite) leest u wanneer wij van deze bevoegdheid gebruik maken.

SXO-20201289

pag. 11/12

Overige regelgeving Toestemmingen en verplichtingen op grond van andere regelgeving

Algemene plaatselijke verordening (Apv) In de Algemene plaatselijke verordening zijn belangrijke bepalingen opgenomen over het veroorzaken van (geluid)hinder. Het is verboden buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer of het Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer (Activiteitenbesluit), toestellen of geluidsapparaten in werking te hebben of handelingen te verrichten op een zodanige wijze dat voor een omwonende of voor de omgeving geluidhinder wordt veroorzaakt.

Drank- en Horecawet Voor de verkoop van alcoholische dranken moet er een drank- en horecavergunning worden aangevraagd.

Burgerlijk wetboek In boek 5, titel 4, van het Burgerlijk Wetboek zijn de rechten en plichten van burgers ten opzichte van elkaar vermeld. Wij wijzen u erop dat u bij het uitvoering geven aan de omgevingsvergunning ook aan deze regels van het burenrecht moet kunnen voldoen. Dit is privaatrechtelijk en dient u dus zelf na te gaan.

Besluit bodemkwaliteit en Nota Bodembeheer Midden-Holland Indien vrijkomende grond op een andere locatie wordt toegepast kan deze mogelijk worden hergebruikt conform het gestelde in de Nota Bodembeheer Midden-Holland of dient deze te worden gekeurd conform het Besluit bodemkwaliteit. Hergebruik en opslag van grond dient in nagenoeg alle gevallen te worden gemeld bij de Omgevingsdienst Midden-Holland op de website van het meldpunt Bodemkwaliteit: www.meldgrond.nl. Voor nadere informatie over het keuren, het opslaan en het melden kunt u contact opnemen met de omgevingsdienst, telefoonnummer (088) 5450341 of de website www.odmh.nl raadplegen.

Waterwet en waterschapskeur Indien u activiteiten verricht aan, op of bij het water of bij een dijk of kade (zoals bouwen, oppervlakte verharden of dempen of graven van een watergang) die invloed hebben op de waterhuishouding bent u mogelijk vergunning- of melding plichtig. Meer informatie vindt u op de website www.schielandendekrimpenerwaard.nl of u kunt contact opnemen met de afdeling Vergunningverlening & Handhaving, telefoonnummer (010) 4537354, e-mail: postvh@hhsk.nl.

Wet informatie-uitwisseling ondergrondse netten (WION) Ter voorkoming van schade dient navraag te worden gedaan bij de eigenaren en beheerders van ondergrondse kabels en leidingen, zoals gemeentewerken, het waterleidingbedrijf, het gasbedrijf, het elektriciteitsbedrijf, defensie, de KPN en de CAI. Als u mechanische graafwerkzaamheden uitvoert, bent u verplicht informatie over de ligging van eventuele ondergrondse kabels en leidingen op de graaflocatie op te vragen bij het Kadaster. Elke ‘mechanische grondroering’ dient te worden gemeld op de website van het Kadaster: www.kadaster.nl. Via deze website kunnen ook tekeningen worden aangevraagd. Nadere informatie kunt u verkrijgen bij het klantcontactcenter KLIC, telefoonnummer (0800) 0080, e-mail: klic@kadaster.nl. Wanneer een afwijkende ligging wordt geconstateerd, circa één meter rechts of links, dient dit te worden gemeld bij de netbeheerder.

SXO-20201289

pag. 12/12

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Krimpenerwaard&id=0611b6e6-c8b3-4af7-b23f-2f340bb173e2